2025-266.2 Bijlage Bouwstenennotitie tbv RPW
Tekst van het document
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland Hub Ploem, Anneloes Bouma en Nina Dolsma 18 juni 2025
2
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Inhoudsopgave 1.
2.
3. 4.
Inleiding
3
1.1 1.2
3 3
Aanleiding Leeswijzer
Ruimtelijk-economische foto
4
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
4 5 14 25 30
Ruimtelijk-economische structuur – op hoofdlijnen Economische structuur regio Bedrijventerreinen in de regio Grootschalige kavels in beeld Toekomstbestendige bedrijventerreinen
Marktsituatie
33
3.1
33
Vraag en aanbod bedrijventerreinen
Trends en ontwikkelingen
42
4.1
42
Trends en ontwikkelingen
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
1. Inleiding 1.1 Aanleiding Het RPW is het regionale afsprakenkader over de planning en programmering van bedrijventerreinen in de regio. Ruim vier jaar geleden heeft de regio Rivierenland in opdracht van de provincie Gelderland een Regionaal Programma Werklocaties (RPW) opgesteld voor de periode 2019 t/m 2023. In 2023 is dit RPW geactualiseerd. De actualisatie van het RPW Rivierenland 2019-2024 is op 25 april 2023 door Gedeputeerde Staten van Gelderland vastgesteld. De vraagraming is geactualiseerd en er is meer aandacht voor de kwalitatieve opgaven. Inmiddels is het tijd voor een nieuw RPW. Een nieuwe RPW is hard nodig vanwege de hoger dan verwachte ruimtevraag (enerzijds vanuit lokale/regionale bedrijven en anderzijds van vanuit de landelijke druk op XXL-terreinen), de veranderende economie en de toenemende druk op de ruimte in de regio. Verderop in dit RPW wordt de marktsituatie zoals die zich op dit moment voordoet in de regio beschreven. De toenemende druk op de ruimte vanuit economie gaat hand in hand met belangrijk opgaven als het behouden en herstellen van natuur en klimaat, de energietransitie, bereikbaarheid en een toename van het aantal inwoners door de bouw van nieuwe woningen.
1.2 Leeswijzer Deze bouwstenennotitie bestaat uit twee inhoudelijke hoofdstukken. In hoofdstuk 2 brengen we de huidige (ruimtelijk economische) situatie in beeld. Daarbij gaan we eerst in op de ruimtelijkeconomische structuur van de regio, en zoomen we daarna in op de bedrijventerreinen. Vervolgens brengen we in hoofdstuk 3 de situatie op de bedrijventerreinenmarkt in beeld door de vraag- en aanbodsituatie te schetsen. De prognose voor de provincie Gelderland is hiervoor de basis. Tot slot gaan we in hoofdstuk 4 in op de trends en ontwikkelingen die afkomen op de regio Rivierenland en schetsen we wat deze trends betekenen voor de bedrijventerreinen.
3
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
2. Ruimtelijkeconomische foto 2.1 Ruimtelijk-economische structuur – op hoofdlijnen Figuur 1 toont een kaartbeeld van de ruimtelijk economische structuur van Regio Rivierenland. Onderstaand de belangrijkste aspecten die we meenemen vanuit de ruimtelijk economische structuur van de regio. • Regio Rivierenland bestaat uit acht gemeenten, namelijk Buren, Culemborg, Maasdriel, NederBetuwe, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal en Zaltbommel. • Twee autoverbindingen lopen dwars door de regio: de A2 (Amsterdam-Maastricht) en de A15 (Maasvlakte-Bemmel). Deze autosnelwegen zorgen voor uitstekende autoverbindingen in alle windrichtingen in een groot deel van de regio. Ook de provinciale wegen N320 en N322 zijn belangrijke vervoersaders. De ruimtelijke oriëntatie van bedrijven is ook voor een groot deel op deze twee assen (noord-zuid/west-oost) gericht. • De regio is goed ontsloten via water. De Waal, het Amsterdam-Rijnkanaal, de Nederrijn en de Lek zorgen voor bereikbaarheid over het water. Tiel heeft een industriehaven en ook een terminal voor containervervoer (Container Terminal Tiel). Op een aantal plekken in de regio is ook sprake van watergebonden bedrijvigheid (o.a. In Maasdriel, Neder-Betuwe, West-Betuwe en Zaltbommel). • Spoorverbindingen zorgen voor personenvervoer van en naar o.a. Amsterdam, Nijmegen, ’sHertogenbosch en Dordrecht. Goederenvervoer per spoor is niet mogelijk.
• De regio is gelegen aan het Europese TEN-T netwerk en aan de goederenvervoerscorridor Oost binnen het landelijk programma Topcorridors. Tiel (Medel) is aangewezen als knooppunt in het landelijke programma Topcorridors. • Het middelbaar beroepsonderwijs is geconcentreerd in Tiel en Geldermalsen. Hier bevinden zich locaties van het ROC Rivor 1. Daarnaast heeft de HAN in samenwerking met ROC Rivor een hub ingericht in Tiel waar wordt samengewerkt aan regionale opgaven.
1
ROC Rivor heeft recent aangekondigd dat het mogelijk stopt met haar logistieke opleidingen, vanwege beperkte studentenaantallen.
4
5
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Figuur 1: Ruimtelijk-economische structuur regio Rivierenland
Bron: IBIS (2023), bewerking Stec Groep (2025)
2.2 Economische structuur regio Totale werkgelegenheid toont een gemiddelde groei van 1,3% per jaar De werkgelegenheid in de regio Rivierenland bedraagt circa 126.900 banen. Sinds 2012 is de werkgelegenheid gegroeid met 15%. Dit betekent een gemiddelde groei van 1,3% per jaar, dit is iets onder het landelijk gemiddelde. Op de bedrijventerreinen is de werkgelegenheid vanaf 2012 met 16% gestegen tot circa 45.700 banen. Dit betekent eveneens een gemiddelde groei van 1,3%.
Figuur 2: Ontwikkeling banen in de regio Rivierenland afgelopen jaren 126.900
140.000 120.000
110.800
111.000
39.500
39.400
100.000 80.000 60.000
45.700
40.000 20.000 2012
2013
2014
2015
2016
Banen totaal
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
Banen op bedrijventerreinen
Bron: PWE (2012-2023), bewerking Stec Groep (2025)
Sectorverdeling Rivierenland laat divers palet zien; overheid, zorg en onderwijs het grootst De werkgelegenheid in de regio Rivierenland is verdeeld over diverse sectoren. Verreweg de meeste mensen werken in de sector “overheid, zorg en onderwijs” (21%). De subsectoren zorg en onderwijs nemen hierbij het grootste deel voor hun rekening, gevolgd door overheid. Voorbeelden uit deze sector zijn Ziekenhuis Rivierenland en ROC Rivor. Verder zijn de sectoren “dienstverlening & ICT”, “detailhandel”, en de logistieke sector (groothandel + vervoer & opslag) sectoren met relatief veel werkgelegenheid.
6
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Figuur 3: Sectorstructuur regio Rivierenland 1%
1% 4%
5%
4%
21%
2%
Landbouw Afval, energie en water Industrie - Chemie Industrie - Maakindustrie Industrie - Overig
8%
Industrie - Voedingsmiddelenindustrie
3%
17% 9% 8%
8%
9%
Bouwnijverheid Handel en reparatie Groothandel Detailhandel Vervoer en opslag Horeca, leisure en overige diensten Dienstverlening en ICT Overheid, zorg en onderwijs
Bron: PWE (2023), bewerking Stec Groep (2025)
Speerpuntsectoren Een aantal sectoren zijn kenmerkend voor de economie van de regio. Deze sectoren zijn door de regio aangestipt als ‘speerpuntsectoren’. Het gaat om agribusiness, recreatie & toerisme, logistiek en (maak)industrie 2. In deze paragraaf zoomen we in op deze speerpuntsectoren. Daarbij baseren we ons op het analysedocument van RHDHV/BCI (2020) en PWE data (2023). Agribusiness De agribusiness is een kenmerkende sector voor de regio. Deze sector bestaat uit verschillende typen bedrijvigheid. De melkveehouderij is qua oppervlakte en aantal vestigingen het grootst, maar Rivierenland onderscheidt zich door de fruit- en laanboomteelt. Met name de plantaardige ketens (groente, fruit, sierteelt) zijn sterk vertegenwoordigd in vergelijking met andere fruitregio’s als Foodvalley en Noordoost Brabant. Denk hierbij aan bedrijven als Fruitmasters/Fruity Line, The Greenery, Van Kessel Fruit, Damcon, Van Tuyl, Agro de Arend, Horti Robotics en Everest Fresh. Verder zijn ook de akkerbouw en glastuinbouw kenmerkend voor de regio. De afgelopen jaren zijn met name de voedingsindustrie, groothandel en diensten gegroeid. Verder werken verschillende overheden binnen en buiten de regio samen om de primaire productie te stimuleren en te ondersteunen, zoals het paddenstoelenpact, laanboompact, fruitpact en glastuinbouwpact.
2
De afbakening van de speerpuntsectoren staat los van de sectorstructuur uit andere paragrafen in dit document. Voor de vergelijking hebben we in deze analyse ook de maakindustrie meegenomen als ‘speerpunt, ondanks dat deze sector niet als zodanig is benoemd in het Regionaal Economisch Ambitiedocument.
7
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Figuur 4: Ontwikkeling aantal banen agribusiness 2012-2023 in Rivierenland 16.000 14.000 12.000 10.000 8.000
700 610
450
3950
3320
3780
1900
2280
6390
6230
6550
2012
2017
2023
2990
6.000 4.000 2.000 0 Primaire productie
Voedingsmiddelenindustrie
Groothandel
Veiling
Bron: PWE, 2023, bewerking Stec groep
In Neder-Betuwe is een eerste fase van het Tree Valley Business Centre gerealiseerd. Het betreft een specifieke bedrijfslocatie voor agribusiness (en hoofzakelijk laanboomteelt gerelateerde) bedrijven. De locatie heeft een aparte status in het RPW en is geen bedrijventerrein als zodanig. Gemeente werkt aan tweede fase van deze bedrijfslocatie. Recreatie en toerisme De regio Rivierenland heeft een sterke recreatie- en toerismesector. De regio heeft een landelijke omgeving en het imago als fruitregio. De recreatie- en toerismesector is daarmee een belangrijke factor voor het aantrekken van bestedingen buiten de regio. Het kent een divers aanbod aan dagrecreatie (met name buitenrecreatie) en accommodaties. In 2023 was de sector goed voor circa 6.560 banen. Daarmee is de sector verantwoordelijk voor 5,2% van de totale werkgelegenheid in de regio. De afgelopen jaren groeit de recreatie- en toerismesector in Rivierenland op eenzelfde tempo vergeleken met andere regio’s in Gelderland, waarbij specifiek het aantal overnachtingen en toeristische bestedingen flink toeneemt.
Figuur 5: Ontwikkeling aantal banen recreatie en toerisme 2012-2023 in Rivierenland 8.000 6.000 4.000 2.000
5.500
5.820
2012
2017
6.560
-
Bron: Gelderland in cijfers, Provincie Gelderland (2023)
2023
8
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Logistiek De regio Rivierenland is centraal in het land gelegen en goed ontsloten. Dat maakt dat de regio een belangrijke locatie is voor logistieke bedrijven. De regio huisvest dan ook relatief veel bedrijven met een nationale oriëntatie en wordt erkent als nationale logistieke hotspot. Daarnaast maakt de logistieke sector circa 17% uit van de totale werkgelegenheid in de regio. De laatste jaren heeft de logistieke sector een harde groei meegemaakt: tussen 2017 en 2023 groeide de werkgelegenheid met 16%. Vooral banen in de groothandel zijn hard gegroeid. Kenmerkende voorbeelden van logistieke bedrijven zijn Mainfreight, Simon Loos, Hitachi, DHL en PostNL. De verwachting is dat de logistieke sector in Rivierenland ook nog groeit de komen jaren. We rekenen hier met cijfers uit 2023. We weten dat daarna ook op Medel Afronding en op Kellen distributiecentra gerealiseerd worden. Dit zorgt voor een verdere toename in logistieke banen.
Figuur 6: Ontwikkeling aantal banen logistieke sector 2012-2023 in Rivierenland 30.000 25.000 20.000 15.000
10.540 8.940
8.910
10.000 14.400 5.000
9.700
10.030
2012
2017
0 Groothandel
2023
Logistiek
Bron: PWE (2023), bewerking Stec Groep
(Maak)industrie De maakindustrie in een belangrijk onderdeel van de lokale economie. Sinds 2017 is de werkgelegenheid in deze sector gestegen van ruim 12.800 banen naar circa 14.200 banen. Op dit moment is dat goed voor 11% van de werkgelegenheid in de regio. Met name de (hoogwaardige) maakindustrie en de voedingsmiddelenindustrie zitten in de lift. Specifiek zit de grootste groei in de voedingsmiddelen en machines en apparaten. Enkele voorbeelden van bedrijven in deze thema’s zijn SAB Profiel, Fruitmasters, Go-Tan, Fruityline, Vlastuin, Interovo D-TEC en Damcon.
9
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Figuur 7: Ontwikkeling aantal banen industriesector 2012-2023 16.000 14.000 12.000 10.000 8.000 6.000 4.000
4.610 5.000
4.530
1.680
2.210
4.760
4.700
5.490
1.310
1.400
1.150
2012
2017
2023
2.990
2.000 0
Chemische industrie
Maakindustrie
Voedingsmiddelenindustrie
Overige industrie
Bron: PWE (2023), bewerking Stec Groep
Beroepsbevolking en werkloosheid De beroepsbevolking van de regio Rivierenland bestaat uit circa 148.000 mensen (Gelderland in cijfers, 2023). Met een netto arbeidsparticipatie van 75% werken momenteel 3 van de 4 mensen tussen de 15 en 75 jaar. Dit is in historisch perspectief een hoog aandeel en hoger dan het landelijk en Gelders gemiddelde (73,1%). Anderen zijn (tijdelijk) niet beschikbaar voor werk. Kwalitatieve mismatch kan er verder voor zorgen dat de mensen die nog wel beschikbaar zijn voor werk, niet meteen inzetbaar zijn voor de openstaande vacatures. Dit houdt in dat het aanbod van werkzoekenden niet altijd aansluit op de vraag van werkgevers. De krappe arbeidsmarkt drukt de werkgelegenheid, omdat bedrijven genoodzaakt zijn andere oplossingen te vinden dan het aantrekken van nieuw personeel om de productie te laten groeien. Zo zetten sectoren als industrie, groothandel en vervoer & opslag in op automatisering. De werkloosheid is in de regio Rivierenland laag. Circa 3% van de beroepsbevolking is momenteel werkloos (Gelderland in cijfers, 2023), wat neerkomt op circa 4.500 mensen. Naast dit (onbenut) potentieel zijn er mogelijk ook werknemers in Rivierenland die meer uren willen werken of langdurig werklozen of bijstandsgerechtigden die mogelijk wel inzetbaar zijn voor bedrijven op de arbeidsmarkt.
Ook langdurig zieken of mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt zijn mogelijk nog interessant voor werkgevers in Rivierenland. Ondanks de krapte en de beperkte werkloosheid zijn er dus nog wel mogelijkheden voor bedrijven om aan nieuwe werknemers te komen in Rivierenland. In de toekomst groeit de bevolking van Rivierenland met circa 40.000 inwoners, naar bijna 300.000 inwoners, zo is de verwachting (ABF, 2022). Rivierenland kent een hogere groene druk dan het provinciaal gemiddelde. Dit betekent dat er relatief veel jongeren in de regio wonen. Dit is ook deels terug te zien in de verwachte ontwikkeling van de (potentiële) beroepsbevolking. Die gaat volgens de prognose stijgen met circa 10.000 personen tot 2040. De leeftijdsgroep 15-65 jaar stijgt in diezelfde periode met 6.000 personen. De regio Rivierenland is – door haar centrale ligging tussen de Randstad, Groene Metropoolregio en Brainport Eindhoven - een woonregio (zie ook figuur 8). In totaal heeft ongeveer de helft van de beroepsbevolking een baan binnen de regio Rivierenland. Het opleidingsniveau van de beroepsbevolking wijkt enigszins af van die in Gelderland. In Rivierenland zijn relatief veel lager
10
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
en middelbaar opgeleiden onderdeel van de beroepsbevolking, terwijl het aantal hoger opgeleiden juist relatief laag ligt ten opzichte van het Gelders gemiddelde. We zien dat vooral hoogopgeleiden vaak een baan zoeken buiten de regio. Praktisch geschoolde mensen zoeken vaker binnen de regio een baan. Dit past bij de economische profiel van de regio met relatief veel praktijkgerichte banen. Zie ook onderstaande tabel met een vergelijking tussen Rivierenland en andere regio’s met betrekking tot het hoogst behaalde opleidingsniveau van de beroepsbevolking.
Tabel 1: Hoogst behaalde onderwijsniveau beroepsbevolking 15-75 jaar in Rivierenland, Gelderland en Nederland (2022) Rivierenland
Gelderland
Nederland
Basisonderwijs (geen middelbare school)
9%
8%
9%
Lager opgeleid (mbo 1 of lager)
21%
18%
17%
Middelbaar opgeleid (mbo 2-4)
44%
43%
42%
Hoog opgeleid (hbo of wo)
25%
31%
32%
CBS, 2024, bewerking Stec Groep
De regio Rivierenland huisvest zelf vooral basis- en voortgezet onderwijs en MBO instellingen. Jongeren uit de regio zijn voor hoger onderwijs aangewezen op onderwijsinstellingen in steden in de bredere regio. Hier blijven zij vaak gehuisvest als ze afgestudeerd zijn. Onderwijsinstellingen voor speerpuntsectoren zijn in de regio en bredere omgeving goed vertegenwoordigd. De werkloosheid in de regio is relatief laag en daarmee is de druk op de arbeidsmarkt hoog. Deze druk op de arbeidsmarkt wordt verder versterkt door de vergrijzing, een trend die we door het hele land zien. Het CBS en het PBL verwachten na 2025 dan ook een krimp in de beroepsbevolking. Met name de logistiek, openbaar bestuur en onderwijs staan voor een uitdaging: in deze sectoren werken relatief veel zestigplussers. Wel is er nog onbenut arbeidspotentieel, met name door de mismatch tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Geconcludeerd kan worden dat de regio Rivierenland een regio is met veel praktisch- en middelbaar opgeleiden onder de beroepsbevolking. Het onderwijsaanbod sluit hierop aan. Ook de gevraagde arbeid vanuit bedrijven is praktisch van aard. Hoger opgeleiden zoeken voor werk vaak een baan buiten de regio. De ligging van Rivierenland – tussen grote(re) stedelijke concentraties en met een goede bereikbaarheid – maakt dat dit profiel is ontstaan.
Positief is dat de beroepsbevolking weliswaar vergrijst, maar relatief gezien jonger is dan elders in Gelderland en bovendien ook nog groeit de komende 15 jaar. Veel arbeidsmigranten werkzaam in de sectoren agribusiness en logistiek In de gehele provincie Gelderland maken arbeidsmigranten een significant onderdeel uit van de economie. In totaal waren er in 2020 ongeveer 62.300 arbeidsmigranten werkzaam in de provincie Gelderland (Decisio, 2022). Sinds 2010 is het aantal fors toegenomen en de verwachting is dat het aantal arbeidsmigranten zal blijven toenemen, in ieder geval tot 2030. Ook in de regio Rivierenland zijn arbeidsmigranten een belangrijk onderdeel van de economie: in 2020 waren er in totaal ongeveer 12.750 arbeidsmigranten werkzaam. Inschatting is dat dit aantal in de afgelopen periode (t/m 2024) is opgelopen tot circa 15.000 (circa 8-10% van de banen). Daarbij bevinden de grootste aantallen zich in Zaltbommel, West Betuwe, Tiel en Maasdriel. Deze gemeenten zaten dan ook in de top 10 van Gelderse gemeentes met de meeste arbeidsmigranten.
11
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Op basis van cijfers over arbeidsmigranten in de provincie kunnen we iets zeggen over de sectorale inzet van arbeidsmigranten in de regio Rivierenland. Dit is geen absoluut getal. Registratie van arbeidsmigranten gebeurt op basis van de inschrijving bij de werkgever. Omdat veel arbeidsmigranten werken bij uitzendbureaus en ingehuurd worden door diverse partijen, is onbekend hoeveel arbeidsmigranten er daadwerkelijk per sector werkzaam zijn. In totaal werken er circa 15.000 arbeidsmigranten in de regio. Van het totaal aantal arbeidsmigranten werkt circa 65% via een uitzendbureau. Om een beeld te krijgen van in welke sectoren deze uitzendkrachten werken, doen we aannames in welke sectoren de arbeidsmigranten via een uitzendconstructie werkzaam zijn. Een deel van de arbeidsmigranten werkt bij een directe werkgever, een ander deel werkt als uitzendkracht. Van de uitzendkrachten hebben we geen exacte data van waar deze werken. Om toch een indicatie te geven van in welke sectoren de arbeidsmigranten werken (zowel direct 3 als via uitzendbureaus), doen we een aanname van de verdeling van de arbeidsmigranten die als uitzendkracht werken. In onderstaande tabel doen we per kolom een aanname. Er zijn twee scenario’s, weergegeven in Kolom A en Kolom B. Dit resulteert in een verdeling van alle arbeidsmigranten (direct en uitzendkrachten) over alle sectoren in de regio.
De verdeling over arbeidsmigranten over de sectoren in Rivierenland zijn weergegeven als getallen in onderstaande tabel.
Tabel 2: Indicatieve sectorale verdeling arbeidsmigranten per sector in Rivierenland* Kolom A
Kolom B
Verdeling uitzendkrachten:
Verdeling uitzendkrachten:
- 30% logistiek
- 50% logistiek
- 20% maakindustrie/bouw
- 15% maakindustrie/bouw
- 30% landbouw
- 25% landbouw
- 20% overige sectoren
- 10% overige sectoren
Logistiek
4.000
5.500
(Maak)industrie & bouw
2.000
1.500
Landbouw
3.500
3.000
Overige sectoren
5.500
5.000
Totaal
15.000
15.000
Sector
Stec Groep 2025, op basis van Decisio 2022, cijfers zijn afgerond *Dit zijn cijfers van banen in de regio. Daarnaast zijn er ook arbeidsmigranten die wel in Rivierenland wonen, maar buiten de regio werken. Het is niet mogelijk om per bedrijventerrein een analyse te maken hoeveel arbeidsmigranten werkzaam zijn bij de verschillende gevestigde bedrijven.
Daily Urban Systems in Rivierenland Arbeidspendelstromen geven een goed inzicht in de Daily Urban Systems van mensen. Dit is het gebied waarin mensen zich dagelijks verplaatsen. Het gaat daarbij vanzelfsprekend vaak om woon-werkverkeer. Daily Urban Systems zijn daarmee logische samenwerkingsverbanden tussen 3
Bij de direct aan sectoren toegewezen banen in het onderzoek van Decisio (2022) gaan we uit van een verdeling: logistiek (7%), maakindustrie & bouw (5%), landbouw (6%) en overige sectoren (17%). Dit betekent in ons geval voor de berekening in kolom A dat van de 15.000 arbeidsmigranten 7% in dienst is bij logistieke bedrijven (=1.000 arbeidsmigranten). Bovendien is van de groep die werkzaam is via een uitzendbureau 30% werkzaam bij een logistiek bedrijf. Van de bijna 10.000 arbeidsmigranten (65% * 15.000), gaat het dan om circa 3.000 personen.
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
gemeenten op het gebied wonen, werken en mobiliteit. Figuur 8 toont de pendelstromen van de gemeenten in de regio. Op basis van de pendelstromen kunnen we vaststellen dat de regio Rivierenland te definiëren is als een eigen Daily Urban System. Tegelijkertijd zien we ook pendelstromen met buurgemeenten en grotere steden. De A2 vormt een corridor: vanuit gemeenten boven de Waal zien we pendelstromen richting Utrecht, ten zuiden van de Waal pendelstromen richting ’s-Hertogenbosch en Nijmegen. We constateren dat circa een derde van de beroepsbevolking van Rivierenland buiten de regio werkt, terwijl circa 20% van de banen in Rivierenland ingevuld wordt door mensen die buiten de regio woonachtig zijn. Op basis van pendelstromen (woon-werkverkeer) zien we dat Tiel en Zaltbommel een positief pendelsaldo hebben: dagelijks komen hier meer mensen naartoe dan er vertrekken naar een andere gemeente om te werken. Voor de andere gemeenten geldt dat hier juist dagelijks meer mensen vertrekken om te werken dan naartoe komen. Het overheersende uitgaande pendelstromen zijn te verklaren vanuit het soort banen dat in en buiten de regio te vinden zijn. Buiten de regio bevinden zich relatief meer hoogwaardige banen dan binnen de regio, wat werknemers uit de regio Rivierenland aantrekt.
Figuur 8: Totale pendel tussen gemeenten (van woon- naar werkgemeente)
Bron: CBS Statline, cijfers hebben betrekking op 2022, bewerking Stec Groep (2025). In de getoonde ‘pijlen’ zijn alleen pendelstromen vanaf 500 personen weergegeven. Hierdoor geeft de kaart enigszins een vertekend beeld. De daadwerkelijke pendelstromen tussen Rivierenland en Food Valley zijn bijvoorbeeld groter dan het kaartbeeld laat zien.
Innovatieve bedrijven in de regio Innovatiemilieus zijn een belangrijk onderdeel van de economie van een regio. Innovatie stimuleert namelijk economische groei door kennisdeling en concurrentievoordeel. Bovendien bieden innovaties oplossingen voor hedendaagse uitdagingen. Om een beeld te krijgen van het innovatiemilieu van de regio Rivierenland maken we gebruik van onze kennispartner Innovatiespotter. Hiermee brengen we door middel van een AI-scan de innovatieve bedrijven op de bedrijventerreinen in beeld. In totaal zijn er 403 innovatieve bedrijven op de bedrijventerrein. Dit is circa 13% van alle bedrijven op de bedrijventerreinen. Gemeente West Betuwe huisvest met afstand de meeste innovatieve bedrijven. Deze liggen relatief verspreid over de gemeente. De
12
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
grootste concentraties van innovatie bedrijven bevinden zich op de grote bedrijventerreinen als Kellen, bedrijvenpark Medel Rivierenland, Pavijen I-IV en Hondsgemet Zuid. Zie figuur 9 voor de ruimtelijke spreiding van de innovatieve bedrijven.
Figuur 9: Clusters van innovatieve bedrijven in de regio Rivierenland
Bron: Innovatiespotter (2025), bewerking Stec Groep
De innovatieve bedrijven houden zich bezig met verschillende innovatiethema’s. Over het algemeen zijn de bedrijven in Rivierenland het sterkst gericht op de thema’s agrifood, bouw en hightech. Als we verder inzoomen op de samenstelling van innovatiethema’s per gemeente zien we dat iedere gemeente zijn eigen rol speelt in het innoverend vermogen van de regio, zie ook figuur 9 hieronder. In Buren zien we opvallend meer innovatie in het thema water en agrifood. Agrifood komt in Maasdriel ook sterk naar voren. Voor Culemborg, Neder-Betuwe en West Maas en Waal zien we en nadrukkelijke innovatie in hightech. Voor Maasdriel is dit thema juist opvallend ondervertegenwoordigd. In Maasdriel zien we een wel relatief sterke vertegenwoordiging van logistieke innovatie en ICT. Tiel, West Betuwe en Zaltbommel tonen een relatief evenwichtig palet aan innovatiethema’s.
13
14
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Figuur 10: Innovatiethema’s per gemeente 100% 80% 60% 40% 20% 0%
Agrifood Energie Logistiek
Bouw Hightech Sociale impact
Chemie Health Water
Circulair ICT
Bron: Innovatiespotter (2025), bewerking Stec Groep
Het grootste deel van de innovatieve bedrijven in Riviereland is meer dan 10 jaar geleden opgericht. Een substantieel deel is zelfs meer dan 25 jaar oud. Veel van de innovatieve bedrijven in Rivierenland zijn dus inmiddels gevestigde bedrijven binnen hun sector, dit in tegenstelling tot regio’s waar vooral door start- en scale-ups wordt geïnnoveerd, zie ook figuur hieronder.
Figuur 11: Aantal innovatieve bedrijven per leeftijdscategorie bedrijf 200 150 100 50 0 0 tot 5 jaar oud
5 tot 10 jaar oud
10 to 25 jaar oud
Meer dan 25 jaar oud
Bron: Innovatiespotter (2025), bewerking Stec Groep
2.3 Bedrijventerreinen in de regio In deze paragraaf zoomen we in op de ruimtelijk-economische kenmerken van bedrijventerreinen in de regio Rivierenland. Meer dan een derde van de werkgelegenheid bevindt zich op de bedrijventerreinen Het economisch belang van de bedrijventerreinen in regio Rivierenland is groot. In totaal huisvesten de bedrijventerreinen zo’n 3.000 bedrijven en circa 45.700 banen. Dit is meer dan een derde van de totale werkgelegenheid in de regio (36%), en daarmee boven het landelijk gemiddelde. De bedrijventerreinen zijn daarmee van groot belang voor de regionale economie. Naast deze directe werkgelegenheid zorgen de bedrijven ook voor spin-off en indirecte werkgelegenheid. Denk hierbij bijvoorbeeld aan dienstverlening zoals catering, schoonmaak, accountancy, onderhoud of beveiliging. Inclusief indirecte banen schatten we in dat bijna zo’n 58% van alle banen in de regio Rivierenland direct en indirect samenhangen met activiteiten op de bedrijventerreinen in de regio. Deze cijfers liggen hoger dan het landelijk gemiddelde.
15
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Naast de belangrijke bijdrage aan de werkgelegenheid, leveren de bedrijventerreinen een belangrijke bijdrage aan het Bruto Regionaal Product (BRP). De jaarlijkse toegevoegde waarde op bedrijventerreinen bedraagt circa € 4 miljard (exclusief indirecte werkgelegenheid). Dit is circa 45% van de totale toegevoegde waarde geproduceerd in de regio.
Tabel 3: Ruimtelijk-economisch belang bedrijventerreinen regio Rivierenland
3.000 bedrijfsvestigingen
45.700 banen
1.980 hectare bruto
Circa 10% van in totaal 29 duizend bedrijfsvestigingen
Circa 36% van in totaal 127 duizend banen
Circa 2,6% van de totale oppervlakte 4
Bron: IBIS Gelderland (2024), PWE (2023), bewerking Stec Groep (2024).
Sectorstructuur op bedrijventerreinen toont nuances per gemeente Regiobreed is de logistieke sector dominant op de bedrijventerreinen: de sector is verantwoordelijk voor 35% van de banen op de bedrijventerreinen. Per gemeente zien we echter verschillen in sectorstructuur. In Neder-Betuwe is de industriesector bijvoorbeeld veel sterker vertegenwoordigd dan in de andere gemeenten. Op de bedrijventerreinen in Tiel en Zaltbommel is de logistieke sector juist sterk vertegenwoordigd. De sectorstructuur op de bedrijventerreinen in Culemborg en West Betuwe zijn zeer vergelijkbaar met het gemiddelde van de regio en in Buren en West Maas en Waal zien we een juist evenwichtiger palet aan sectoren op de bedrijventerreinen, waarin ook sectoren als afval, energie en water en ede bouwsector sterker naar voren komen.
4
Landelijk gezien maken bedrijventerreinen zo’n 2,6% van het oppervlakte uit. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) heeft de ambitie dit aandeel te laten groeien naar 3%.
16
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Figuur 12: Werkgelegenheid op bedrijventerreinen naar sector in de regio Rivierenland 100% 80% 60% 40% 20% 0%
Afval, energie en water Detailhandel Groothandel en logistiek Industrie Landbouw
Bouwnijverheid Dienstverlening en ICT Handel en reparatie Horeca, leisure en overige diensten Overheid, zorg en onderwijs
Bron: PWE (2023), bewerking Stec Groep (2025)
Ontwikkeling banen afgelopen jaren Over de jaren is het aantal banen op de bedrijventerreinen positief ontwikkeld. Figuur 13 toont de ontwikkeling van de banen op de bedrijventerreinen. De linker as toont de absolute ontwikkeling per gemeente en de rechter as toont de procentuele ontwikkeling van alle gemeentes in totaal. In de gehele regio is sinds 2014 op de bedrijventerreinen de werkgelegenheid met ongeveer met 20% gegroeid. Wel is er in 2019 en 2020 kleine krimp te zien, gerelateerd aan de coronacrisis. Bij de afzonderlijke gemeentes is deze krimp ook te zien. We zien voor de meeste gemeenten vanaf 2020 een positieve ontwikkeling in het aantal banen. In West-Betuwe deze ontwikkeling het sterkst te zien. De overige gemeenten tonen een gematigde groei of een korte krimp. Vanaf 2022 nemen de banen op de bedrijventerreinen weer wat sterker toe.
17
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Figuur 13: Ontwikkeling aantal banen op bedrijventerreinen per gemeente (linker as) en procentuele groei gehele regio (rechter as, index = 2014) 16.000
1,4
14.000
1,2
12.000
1,0
10.000
0,8
8.000
0,6
6.000
0,4
4.000
0,2
2.000 -
2014
2015 2016 2017 Buren Maasdriel Tiel West Maas en Waal
2018
2019
2020 2021 2022 Culemborg Neder-Betuwe West Betuwe Zaltbommel
2023
Bron: PWE (2014-2023), bewerking Stec Groep (2025) Ontwikkeling arbeidsproductiviteit Op basis van data van het PWE (2014-2022) kunnen we een sectorale analyse maken van de toegevoegde waarde op bedrijventerreinen in Gelderland. De totale toegevoegde waarde die bedrijven realiseren in Rivierenland is in 2022 ruim 8,68 miljard euro. Op basis van de totale werkgelegenheid in Gelderland gaat het om een gemiddelde arbeidsproductiviteit van 68.500 euro per baan. Circa 42,5% van de toegevoegde waarde wordt op bedrijventerreinen gerealiseerd. Dit aandeel is sinds 2014 gestegen (van 40% naar 42,5%). Bedrijventerreinen zijn goed voor een toegevoegde waarde van 3,7 miljard euro. Bedrijventerreinen Pavijen, Kellen en Medel hebben de hoogste toegevoegde waarde in absolute zin. De arbeidsproductiviteit op bedrijventerreinen lag in 2022 op ruim 80.000 euro per baan. De arbeidsproductiviteit per baan op bedrijventerreinen verschilt per sector, zo laat onderstaande tabel zien.
Tabel 4: Ontwikkeling sectorale arbeidsproductiviteit in Rivierenland, 2014-2022 (in € en voor sectoren met meer dan 2.000 banen op bedrijventerreinen) 2014
2019
2022
Ontwikkeling 2014-2022*
Maakindustrie
93.820
93.310
107.122
114
Voedingsmiddelenindustrie
93.765
79.705
96.924
103
Overige industrie
51.815
52.829
52.073
100
Bouw
58.057
63.644
66.967
115
Handel en reparatie
64.967
73.607
64.261
99
Logistiek en groothandel
80.300
86.500
89.500
112
Dienstverlening en ICT
107.405
100.671
104.461
97
Alle sectoren
79.016
80.837
84.447
107
Bron: PWE 2014-2022 *Index 2014 = 100
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
We constateren dat de industriële bedrijfstakken een relatief hoge toegevoegde waarde per baan laten zien. Dit betekent dat de meerwaarde van deze sectoren relatief hoog is. Dit komt overeen met het landelijke beeld, waarbij industriële en productiebedrijven een hoge multiplier en toegevoegde waarde realiseren voor de gehele economie. Logistiek en groothandel hebben – naast een sterke bijdrage in de werkgelegenheid op bedrijventerreinen in Rivierenland – ook een gemiddelde toegevoegde waarde per baan. Sectoren als bouw en handel hebben een lagere toegevoegde waarde en arbeidsproductiviteit. Qua ontwikkeling zien we dat de toegevoegde waarde en arbeidsproductiviteit een stijgende tendens laat zien. Mede als gevolg van een groeiende economie op bedrijventerreinen is de toegevoegde waarde in de afgelopen periode sterk gestegen. Ook de arbeidsproductiviteit per baan is toegenomen. Dit duidt op een verdere efficiëntie van bedrijfsprocessen. Op de bedrijventerreinen zien we een stabiele ontwikkeling van de toegevoegde waarde. De toename in de periode 2014-2022 bedroeg 26%. De grote bedrijventerreinen in de regio (Pavijen, Kellen, Bedrijvenpark Medel, Slimwei, Bonegraaf, Wildeman) kennen allen een bovengemiddelde ontwikkeling in toegevoegde waarde (range 25-80% toenamen). Een deel van deze bedrijventerreinen was nog in uitgifte in deze periode.
Ook nieuwe ontwikkellocaties (Hondsgemet Zuid, Pavijen V, Wildeman 2) scoren relatief goed op de ranglijst. Een aantal oudere locaties kent een negatieve ontwikkeling in de toegevoegde waarde (Van Voordenpark, Latenstein, Buren III). Ook het vertrek van enkele bedrijven kan invloed hebben op de cijfers over toegevoegde waarde. Regio Rivierenland hoge specialisatiegraad in logistiek en groothandel De logistiek en groothandel (35%), industriesector (23%) en dienstverlening en ICT (17%) zijn qua werkgelegenheid verreweg de grootste sectoren op de bedrijventerreinen. Regio Rivierenland is ten opzichte van de gehele provincie Gelderland dan ook sterk gespecialiseerd in logistiek en groothandel (zie figuur 14). Hetzelfde geldt voor de sectoren handel en reparatie en horeca, leisure en overige diensten. Verder zien we een sterkte toename in banen voor de voedingsmiddelenindustrie en overige industrie: deze sectoren zitten in de lift. De groei van overige industrie komt met name door de groei van bewerking en vervaardiging van hout. Een belangrijke nuance is dat onderstaand figuur een gemiddelde is van de gehele regio. Op gemeenteniveau kan het beeld van de sectoren afwijken. In Neder-Betuwe zijn we bijvoorbeeld een sterkere specialisatie in (maak)industrie en juist minder in de logistieke sector.
18
Figuur 14: Ontwikkeling banen (2019-2023) en specialisatiegraad bedrijventerreinsectoren regio Rivierenland
Ontwikkeling banen 2019-2023
45%
Overheid, zorg en onderwijs
Afval, energie 35% en water
25%
Voedingsmiddelenindustrie
Industrie - Overig
15% Bouwnijverheid Maakindustrie Dienstverlening en ICT
5%
Logistiek en groothandel Horeca, leisure en overige diensten Handel en reparatie
Detailhandel
-5% Landbouw -15%
Chemische industrie -25% 25%
45%
65%
85%
105% Specialisatiegraad
125%
145%
Bron: PWE (2019 en 2023), bewerking Stec Groep (2025) * Uitleg: een hoge specialisatiegraad (horizontale as) betekent dat de regio in deze sector relatief (ten opzichte van andere Gelderse regio’s) banen heeft op bedrijventerreinen. De ontwikkeling van de banen (verticale as) laat zien of de sector gegroeid of juist gekrompen is. De omvang van de bol laat zien hoe groot de sector in absolute zin is in de regio.
Als we dieper inzoomen op sectoren die op bedrijventerreinen groeien in de periode 2014-2023 dan zien we dat met name de logistieke sector (vervoer & opslag en groothandel) een sterke groei heeft doorgemaakt. In de afgelopen 10 jaar groeide het aantal banen op bedrijventerreinen in deze sector met ruim 3.500 banen. Verdeeld over de periode zien we een vergelijkbaar beeld tussen de eerste en de tweede periode. In heel Rivierenland groeide de werkgelegenheid in diezelfde periode met ruim 8.500 banen. Dienstverlening & ICT en de voedingsmiddelenindustrie groeide daarnaast ook sterk, met circa 1.000 banen in 10 jaar tijd.
Figuur 15: Top-10 groeisectoren op bedrijventerreinen in Rivierenland (2014-2023) 1400 1200 1000
Absolute groei 2014-2019 Absolute groei 2019-2023
800 600 400 200 0 -200
Bron: PWE (2014-2019-2023) Gelderland, bewerking Stec Groep, 2024
Verhuisdynamiek bedrijven voornamelijk regionaal georiënteerd De verhuisdynamiek van bedrijven kenmerkt zich door een regionale oriëntatie. Er is veel onderlinge dynamiek zichtbaar tussen bedrijventerreinen in de regio: van alle inkomende verhuizingen op de bedrijventerreinen is circa driekwart van de vestigingen afkomstig uit eigen regio. Daarnaast trekken de bedrijventerreinen enkele bedrijven vanuit omliggende gemeenten, zoals ’s-Hertogenbosch, Vijfheerenlanden en Gorinchem. Een groot deel van de dynamiek betreft bedrijven uit de logistieke sector en/of met hoofdactiviteit distributie. Het gaat om bedrijven in groothandel of vervoer en opslag. Een aanzienlijk kleiner deel van de dynamiek komt van productie- en bouwbedrijven. Ruim de helft van de dynamiek vindt plaats in de bestaande voorraad. De andere helft had betrekking op een nieuwe kavel (uitgifte). Ook als het gaat om logistieke activiteiten, dan is driekwart van de dynamiek afkomstig van bedrijven met een bestaande vestiging in Rivierenland (verplaatsing van die vestiging of een uitbreiding met een nieuwe vestiging). Negatieve vraag naar kantoorlocaties In de regio Rivierenland bestaat de kantoormarkt vooral uit lokaal en regionaal georiënteerde kantoorgebruikers. De regio bevindt zich dan ook tussen twee sterke kantoorsteden in: Utrecht en ‘s Hertogenbosch.
Voor de komende jaren verwachte we een licht negatieve uitbreidingsvraag voor kantoorlocaties in de regio (Behoefteraming werklocaties Gelderland, 2023). Gezien de al bestaande leegstand van circa 12%, kan hiermee richting 2030 een opgave voor de regio ontstaan. Het grootste deel van de kantoorlocaties in de regio staat langs de snelweg of op bedrijventerreinen. Het ontbreekt aan stedelijke OV-locaties. Daarom verwachten we ook de grootste krimp op de snelweglocaties en bedrijventerreinen.
21
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Markt voor perifere en volumineuze detailhandel Perifere en volumineuze detailhandel 5 zijn winkelvestigingen die zich aan de rand van steden of op specifieke locaties buiten traditionele winkelgebieden bevinden. Op bedrijventerreinen zijn veelvuldig ook perifere en volumineuze winkels gevestigd. Deze winkels verkopen vaak grote of moeilijk te vervoeren producten, zoals meubels, auto's, bouwmaterialen en tuinartikelen. Binnen de kaders van het RPW gaan we uit van de branche in en om huis 6 op basis van de Locatus database voor Rivierenland. Hieruit blijkt dat er ruim 205.000 vierkante meter aan winkelvloeroppervlak binnen deze branche gevestigd is binnen de regio. Circa 80% (ruim 160.000 m2 wvo is gevestigd in een pand groter dan 500 m2 wvo). In 2015 betrof de omvang van de perifere en volumineuze detailhandel in Rivierenland nog 225.000 m2 wvo. Er is dus sprake van een krimpende markt. Er zijn drie concentraties op bedrijventerreinen die worden aangemerkt als concentratie. Het gaat om Latenstein in Tiel (ruim 20.000 m2 wvo), Anthony van Diemenstraat in Culemborg (ruim 20.000 m2 wvo) en Van Voordenpark in Zalbommel (ruim 15.000 m2). In Zaltbommel (Wildeman I) is een strook van circa 3 hectare beschikbaar met volgens het bestemmingsplan een mogelijkheid voor vestiging van onder andere perifere detailhandel (naast bestaande Gamma vestiging).
Op Latenstein in Tiel zijn ook nog mogelijkheden voor uitbreiding van het areaal, hetzij op bestaande bebouwde kavels. De markt voor perifere en volumineuze detailhandel is geen groeimarkt. Er is in de regio Rivierenland geen marktpotentie voor verdere uitbreiding van het bestaande aanbod. Dit betekent dat nieuwe vierkante meters ten koste gaan van bestaande vierkante meters, tenzij deze voortkomen uit verplaatsing en/of concentratie van bestaande activiteiten. Door het concentreren van bestaande activiteiten op bepaalde plekken kan de regio haar aanbod in perifere en volumineuze detailhandel kwalitatief versterken. Bovenregionale aantrekkingskracht vanuit logistiek is sterk De regio is aantrekkelijk voor organisaties/bedrijven die bovenregionaal zoeken naar vestigingslocaties. Concrete voorbeelden van bovenregionale locatiedynamiek (> 50 banen en verhuizing over minimaal 25 km) van de afgelopen tien jaar zijn:
Naam bedrijf
Bedrijventerrein
Type
Jaar
Mainfreight
De Wildeman (Zaltbommel)
Distributie
2018
DHL Parcel
De Wildeman II (Zaltbommel)
Distributie
2018
SAB-Profiel (TATA Steel)
Hondsgemet Zuid (Geldermalsen)
Productie
2018
PostNL
De Wildeman (Zaltbommel)
Distributie
2020
Katun
Bedrijvenpark Medel (Tiel)
Distributie
2021
Rituals*
Bedrijvenpark Medel (Tiel)
Distributie
2024
Picnic*
Hooge Weide III (Geldermalsen)
Distributie
2024
Bron: Database Locatiebeslissingen Nederland (Stec Groep, 2025). In onze database houden wij sinds 2000 locatiebeslissingen van bedrijven door heel Nederland bij. *aankondiging
5
Perifere detailhandel: Winkels die vanwege hun aard en ruimtebehoefte niet in stadscentra of binnenstedelijke winkelgebieden passen. Dit zijn bijvoorbeeld meubelzaken, bouwmarkten en tuincentra. Volumineuze detailhandel: Detailhandel waarbij de producten groot of lastig te vervoeren zijn, zoals keukens, badkamers en auto’s. Dit soort winkels heeft vaak veel showroomruimte nodig. 6 Binnen deze afbakening vallen onder andere de branches tuin, doe-het-zelf en wonen. Het gaat naast grootschalige vestigingen (>500 m2 wvo) ook om kleinere vestigingen (bv bloemist etc.).
22
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Zes van deze bovenstaande voorbeelden hebben distributie als belangrijkste bedrijfsactiviteit. Deze bedrijven zijn geland op een regionaal terrein in Geldermalsen, Tiel of Zaltbommel. Hieruit maken we op dat de aantrekkingskracht van de regio op de logistieke sector sterk is. Bovendien is de regio, vanwege haar ligging, aantrekkelijk voor partijen die op een bovenregionaal schaalniveau zoeken naar een strategische locatie, bijvoorbeeld PostNL en DHL. Diverse andere bedrijven vonden al in de periode voor 2018 de weg naar Rivierenland. In totaal in de periode 2010-2024 circa 300 hectare uitgegeven, jaarlijks gemiddeld 18 hectare In de periode 2010 tot en met 2025 is er in totaal in de regio Rivierenland circa 300 hectare bedrijventerrein uitgegeven. Het merendeel van de uitgiftes (60%) vond plaats op een klein aantal bedrijventerreinen: Bedrijvenpark Medel (Afronding) (73 hectare), De Wildeman I + II (43 hectare), Hondsgemet Zuid (22 hectare) en Doejenburg II (13 hectare). Als we kijken naar de sectorale verdeling van de uitgifte, dan constateren we dat circa 50% van de uitgifte (in omvang) voor rekening is gekomen van logistieke bedrijven en/of groothandel. Een kleine 15% kwam voor rekening van maakindustrie en overige uitgifte vond plaats in diverse MKB-sectoren (bouw, handel, reparatie).
Over de periode 2010 tot en met 2024 is er gemiddeld per jaar 18 hectare aan bedrijventerrein uitgegeven. Wel zien we grote verschillen tussen de jaren. Zo is er in de jaren 2017, 2018 en 2024 meer dan 35 hectare uitgegeven. Dat de uitgifte in deze jaren boven de gemiddelde verwachte jaarlijkse vraag ligt, lijkt gezien de hoogconjunctuur logisch. Opvallend is echter ook dat met name in de laatste periode de ontwikkeling van Bedrijvenpark Medel vertraagde, waardoor de grote ruimtevragers niet hier gefaciliteerd konden worden. Een deel van de vraag week uit naar West-Betuwe en Zaltbommel, maar ook naar locaties buiten de regio. Naar verwachting zal de hoge uitgifte zich nog enkele jaren doorzetten en mogelijk daarna op termijn weer wat dalen (richting laagconjunctuur). De geprognosticeerde 16 tot 16,5 hectare per jaar voor de periode 2016 t/m 2025 lijkt daarmee (vooralsnog) goed aan te sluiten op de praktijk.
Figuur 16: Uitgifte bedrijventerreinen 2010 tot en met 2024 in hectare
50 40 30 20 10 0 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 Uitgifte per jaar
Gemiddelde uitgifte
Bron: IBIS Gelderland (2010-2024), peilmoment januari 2025
Wat heeft de ontwikkeling van bedrijventerreinen Rivierenland opgeleverd? Vooropgesteld: het is lastig om de bijdrage van de uitgifte voor de regionale economie te bepalen op basis van de algemene beschikbare statistieken. Dit omdat we geen gegevens per bedrijf op kavelniveau hebben. Wel kunnen we op basis van de ontwikkeling van relevante indicatoren gevoel geven bij de (economische) meerwaarde van kaveluitgifte. Omdat er een vertraging zit tussen de uitgifte van terrein en de bouw/vestiging van een bedrijf beschouwen we niet de laatste 2 jaar.
23
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Op hoog abstractieniveau kunnen we stellen dat de uitgifte van bedrijventerreinen sinds 2014 heeft geleid tot een toename in banen op bedrijventerreinen in Rivierenland. We zien bijvoorbeeld dat de werkgelegenheid op bedrijventerreinen in de regio met 20% (+8.500 banen) is toegenomen. Op locaties met een hoge uitgifte in de afgelopen periode (Bedrijvenpark Medel, Hondsgemet Zuid en Wildeman I en II) nam de werkgelegenheid bijvoorbeeld met 2.000 banen toe (+40%, circa 80-90 hectare uitgifte op deze locaties tot en met 2022). De toegevoegde waarde nam met 1,4 miljard euro toe in de periode 2014-2022 7. Op de drie genoemde locaties betrof de toename in toegevoegde waarde circa 250 miljoen euro. Deze toename kwam niet uitsluitend voor rekening van bedrijven die zich hier nieuw vestigden, maar werd ook gerealiseerd bij gevestigde ondernemers. Inschatting is dat de uitgifte heeft geleid tot 175-200 miljoen aan extra toegevoegde waarde op de drie genoemde locaties.
Bredere motieven voor de ontwikkeling en uitgifte van bedrijventerreinen zijn (naast banen voor inwoners van Rivierenland en economische groei) bijvoorbeeld ruimte bieden voor doorgroei van lokale bedrijven, het versterken van bestaande clusters/speerpuntsectoren, efficiënt gebruik van bestaande infrastructuur, voorkomen mobiliteit en pendel naar andere regio’s en indirecte effecten die leiden tot het behoud van voorzieningen. Nog circa 65 hectare uitgeefbaar In de regio is er in totaal circa 65 hectare bedrijventerrein nog uitgeefbaar 8. Hiervan zijn slechts nog enkele hectaren direct uitgeefbaar: het gaat om circa 7 hectare. Daarnaast is er nog een deel van het aanbod niet direct uitgeefbaar (circa 26 hectare) en een deel onder optie (circa 34 hectare). Bekend gemaakt is dat Bedrijvenpark Medel medio januari 2025 optieovereenkomsten heeft getekend voor ruim 11,5 hectare. Deze opties zijn – bij definitieve verkoop van de kavels – een invulling van de vraag die geprognosticeerd is.
Figuur 17: Uitgeefbaar aanbod per gemeente in hectare 25 20 13,3
15
10,1
10 5 0
5
Direct uitgeefbaar
10 1,8
9 2
Niet direct uitgeefbaar
6
5 0 4
Onder optie
Bron: IBIS Gelderland (2025), input gemeenten, bewerking Stec Groep (2025), peilmoment januari 2025.
7
Toegevoegde waarde is de waarde die wordt gecreëerd tijdens het productieproces. Het heeft geen directe relatie met loon van werknemers. 8 Peilmoment: januari 2025.
24
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Dynamiek op solitaire bedrijfslocaties Verspreid over het buitengebied in Rivierenland bestaan verschillende solitaire niet-agrarische bedrijven. Kenmerk van deze bedrijven is dat ze vaak geen of nauwelijks relatie hebben met of bijdrage leveren aan het buitengebied. Vaak passen ze qua schaalgrootte, bedrijfsgroei of verkeerstechnisch beter op een bedrijventerrein. In toenemende mate komen bij gemeenten verzoeken binnen voor de uitbreiding van dergelijke bedrijven. Daarnaast willen bedrijven zich vestigen in vrijkomende agrarische bebouwing (VAB). Voor gemeentes ligt hier de afweging of de betreffende uitbreiding of vestiging van het bedrijf passend is en of een wijziging van de bestemming voor de betreffende locatie wenselijk is. Wanneer een ontwikkeling niet past binnen bestemmingsplan, dient de ontwikkeling regionaal te worden afgestemd via het Regionaal Acquisitie Platform. Dit komt met enige regelmaat voor. Voorbeelden van ontwikkelingen op solitaire bedrijfslocaties de afgelopen jaren:
Gemeente
Beweging
Bedrijf
Oppervlakte ontwikkeling
Neder-Betuwe
Uitbreiding
NOESK
3.300 m2
Maasdriel
Verplaatsing
Baveck Machines
25.000 m2
Maasdriel
Vestiging
Stalling landbouwmachines
34.000 m²
Tiel
Vestiging
GPX Solutions
24.300 m2
Naast deze ontwikkelingen waarover het RAP goedkeuring heeft gegeven, zijn er een aantal cases die nog nader uitgewerkt worden. Meest in het oog springend daarbij is de verplaatsing van twee watergebonden bedrijven in Maasdriel naar een nieuwe locatie. Hierover moet een extra onderbouwing opgesteld worden en bovendien in afwachting van besluit door Rijkswaterstaat. Vestiging in VAB Op sommige plekken kan – indien gewenst – transformatie van een agrarische functie naar een bedrijfsfunctie aan de orde zijn. Op deze plekken kan zich dan reguliere bedrijvigheid vestigen. Voor een vestiging in VAB moeten duidelijke regels voor worden vastgelegd. Het is van belang dat er een bovengrens is voor de omvang en het moet klip en klaar zijn dat uitbreiding daarboven niet op een VAB-locatie mogelijk is. Een uitbreiding van de hoeveelheid bedrijfsbebouwing op een VAB-locatie is sowieso niet gewenst. Voor een bedrijf betekent dit concreet dat bij groei van het bedrijf, verplaatsing naar een bedrijventerrein moet plaatsvinden. Vanwege het ontstaan van extra vervoersbewegingen en het behouden van natuurwaarden zijn grotere uitbreidingen in het buitengebied vaak niet wenselijk (denk hierbij aan ongewenste vervoersbewegingen door kleine kernen of over smalle wegen). Kortom, de opname/in gebruik name van VAB-locaties door bedrijven is doorgaans ongewenst.
In het RPW dient hier rekening mee gehouden te worden.
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
2.4 Grootschalige kavels in beeld In totaal circa 50 XXL-kavels in de regio We brengen de XXL-kavels van de regio Rivierenland in beeld. Hieronder verstaan we kavels groter dan 4 hectare. Deze kavels zijn samen goed voor circa 360 hectare (20-25% van de totale uitgegeven voorraad bedrijventerreinen in de regio. In totaal zijn er circa 50 XXL-kavels in de regio aanwezig. Verreweg het grootste aandeel aan XXL-kavels bevindt zich in de gemeente Tiel (35%), West-Betuwe (30%) en Zaltbommel (20%). Dit komt voornamelijk door de grotere regionale bedrijventerreinen in deze gemeenten, die relatief veel grote kavels hebben. Met name op bedrijventerreinen De Wildeman en Bedrijvenpark Medel Riverenland zien we de grootste concentratie aan en ontwikkeling van XXL-kavels.
Figuur 18: Grootschalige bedrijven (> 4 hectare) in de regio Rivierenland
Bron: Stec Groep (2025)
Op het merendeel van de grootschalige kavels is logistiek gevestigd Op de XXL-kavels is van 43 kavels de eindgebruiker bekend. Op deze kavels zijn bedrijven uit de logistieke sector het sterkst vertegenwoordigd: op circa 60% van de uitgegeven ruimte is een logistiek bedrijf gevestigd. Voorbeelden van grote, kenmerkende logistieke bedrijven in de regio zijn het distributiecentrum van Albert Heijn (Hooge Weide II) en Kuehne + Nagel (bedrijvenpark Medel fase 1a). Daarnaast is op 30% van de uitgegeven XXL-kavels in gebruik door een bedrijf uit de industrie. Het overige deel van de XXL-kavels in gebruik door bouwbedrijven, en water- en afvalvoorzieningen. We zien echter verschillen wanneer we de kavels uitsplitsen naar verschillende grootteklassen (zie ook figuur 19). Op de kavels tussen de 4 en 8 hectare zien we bijvoorbeeld ook bedrijven terug uit de sector ‘afval, energie en water’ en de bouw. Opvallend is dat de bouwbedrijven, kijkend naar kavels groter dan 4 hectare, enkel op kavels tussen de 5 en 8 hectare aanwezig zijn
25
26
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
en niet op kavels tussen 4 en 5 hectare. Op de kavels groter dan 8 hectare zijn er nog maar twee sectoren aanwezig: logistiek en industrie.
Figuur 19: Aandeel van sectoren op de XXL-kavels per grootteklasse 100% 80% 60% 40% 20% 0% 4 tot 5 ha
5 tot 8 ha
> 8 ha
Bouwnijverheid
Logistiek en groothandel
Industrie
Afval.energie en water
Bron: Stec Groep (2025)
Logistiek voornamelijk regionaal of nationaal georiënteerd Voor de grootschalige logistieke bedrijven onderzoeken we de marktoriëntatie. We zien dat meer dan de helft (54%) van de XXL-logistiek regionaal georiënteerd is. Circa 39% is nationaal georiënteerd: deze bedrijven houden zich bezig met het vervoeren en distribueren van goederen op nationaal niveau. Vanuit Rivierenland voert maar een enkel bedrijf haar Europese distributie uit.
Figuur 20: Marktoriëntatie van de XXL-logistiek in regio Rivierenland
4%
Europees 39%
Nationaal
54% Lokaal/regionaal
Kavels met potentie tot uitgroeien tot grootschalig De regio kent een groot aantal kavels tussen 2 en 4 hectare. In totaal gaat het om 82 kavels, goed voor circa 230 hectare. Deze bedrijven worden officieel niet onder ‘grootschalig’ geschaard, maar hebben wel potentie om bij uitbreiding te belanden op een kavel groter dan 4 hectare. Daarom is het voor de regio relevant om deze kavels in het vizier te hebben. Ook op deze kavels zijn logistieke- en industriebedrijven dominant, maar op deze relatief kleinere kavels zien we ook
27
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
andere sectoren terug, zoals zakelijke dienstverlening. Deze kavels bevinden zich op verschillende bedrijventerreinen verspreid door de regio.
Figuur 21: Aantal kavels groter dan 2 hectare onderverdeeld naar gemeente 90 80 Zaltbommel
70
West Maas en Waal
60
West Betuwe
50
Tiel
40
Neder-Betuwe
30
Maasdriel
20
Culemborg
10
Buren
0 2 tot 4 ha
4 tot 5 ha
5 tot 8 ha
> 8 ha
Bron: Stec Groep (2025)
Arbeid bij XXL-bedrijven Om een goed beeld te schetsen van het type werkgelegenheid bij XXL-bedrijven, is het van belang onderscheid te maken tussen de verschillende typen banen. Binnen de logistieke sector (dominant in de ruimtevraag van XXL-bedrijven) onderscheiden we drie typen banen; operationele, tactische en strategische banen. • De operationele banen, zijn functies met een uitvoerend karakter zoals logistiek/warehouse medewerker, vrachtwagenchauffeurs, inpakkers, orderpickers en dergelijke, waarbij fysiek werk vaak een rol speelt. Personen met een opleiding tot en met MBO-2 vervullen deze banen. • De tactische beroepen betreffen functies met een controlerend en organiserend karakter (leidinggevenden, planners, technisch personeel). Deze functies worden ingevuld vanaf MBO 3. Overigens zien we ook ‘doorgroei’ van mensen met een MBO-2 niveau naar MBO-3 of 4 functies. • Tot slot zijn er de strategische banen. Dit zijn banen op een hoger abstractieniveau, zoals managers, analisten en directie). Hierbij is het opleidingsniveau van HBO of WO-niveau. Als we kijken naar de functies in een distributie-/logistieke vestiging, dan gaat het onder andere om logistiek medewerkers en orderpickers (van laagopgeleid tot MBO-2 niveau), administratief medewerkers (MBO 4 en HBO-niveau), supervisors/teamleiders (MBO-4 en HBO-niveau) en management (HBO en WO niveau).
Dit beeld vertekend enigszins op de werkvloer. Immers, een logistiek medewerker kan doorgroeien tot teamleider zonder dat hij of zij een hoger opleidingsniveau heeft behaald. Wel stimuleren werkgevers een leven lang leren en/of cursusaanbod. Op basis van diverse businesscases en eerder advieswerk schatten we dat 70 – 80% van het personeel bij een logistiek bedrijf een operationeel werkniveau heeft. Het aandeel tactisch personeel ligt op circa 15 tot 20% en het aandeel strategisch personeel ligt op circa 5 tot 10%. Deze verdeling in werkniveau is afhankelijk van meerdere indicatoren. We zien dat bedrijven met een sterke backoffice of hoofdkantoorfunctie een hoger aandeel tactisch personeel bedrijven. Verder zien we dat de toenemende complexiteit in de supply chain (lees: robotisering / automatisering) en daarmee ook in de warehouses gepaard gaan met een hoger (gewenst)
28
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
opleidingsniveau. Hier ligt daarmee ook een zekere sturing voor de hand. De maakbaarheid is echter vaak weerbarstig omdat bedrijven zich niet tegelijkertijd aanmelden voor vestiging, maar juist per bedrijf een afweging gemaakt moet worden. De impact van automatisering en robotisering op werkgelegenheid is een veelbesproken thema als het gaat om de ontwikkeling van de arbeidsmarkt. Automatisering en robotisering kan plaatsvinden in diverse operationele processen in een distributiecentrum, namelijk pallet picking, case picking, item picking en het packing proces. De verwachting is dat met name in de item picking en het packing proces de grootste impact zal zijn voor de hoeveelheid banen in een distributiecentrum, maar is sterk afhankelijk van de producten die in een distributiecentrum opgeslagen liggen (en de doorloop van die goederen). Waarom investeren bedrijven in automatisering en robotisering? We zien hiervoor een vijftal dominante redenen, namelijk: 1. Groei van e-commerce (er moet veel meer kleine pakketjes gehandeld worden ten opzichte van de filiaalbelevering) 2. Tekort aan arbeidskrachten (er zijn veel meer mensen nodig dan er beschikbaar zijn) 3. Reductie van operationele kosten (er is simpelweg de noodzaak kosten te reduceren in een distributiecentrum) 4. De productiviteit gaat omhoog (snelheid, betrouwbaarheid, consistentie) 5.
De belasting van werknemers wordt beter (minder vaak bukken en tillen). Robotisering zorgt voor een verschuiving in het gevraagde opleidingsniveau. De verschuiving zal voltrekken in een scenario waarin laagwaardige functies verdwijnen, maar juist meer behoefte is aan hogere functies om de logistieke processen en systemen (ICT) te bewaken en goed te laten functioneren. We hebben het dan bijvoorbeeld over de hogere MBO-niveaus (MBO4), maar ook HBO en WO functies. Ten aanzien van de ‘dichtheid’ in banen zien we een sterke variatie tussen bedrijven. Het verschil wordt met name verklaard door de waarde van het opgeslagen product en de omloopsnelheid in het distributiecentrum. Grof gezegd: hoe hoger de waarde van het product, des te meer arbeid. Met name e-commerce, medtech, high-tech logistieke activiteiten hebben gemiddeld genomen meer arbeidsplaatsen per hectare. Hier dwars doorheen loopt dan of bedrijven wel of niet automatiseren/robotiseren. Ook hier geldt dat de waarde van het opgeslagen product vaak doorslaggevend is in die keuze. Tegelijkertijd zijn er koplopers en volgers binnen de logistieke sector. Onderstaande tabel geeft een aantal dominante kenmerken per logistiek segment (functionele benadering). Let wel: het betreft hier gemiddelden. Per bedrijf en per vestiging kan dit verschillen.
Segment
Logistiek dienstverleners
Retailers
E-commerce
Producenten en verladers
L: 70%
L: 60%
L: 50%
L: 50%
M: 20%
M: 25%
M: 35%
M: 40%
H: 10%
H: 15%
H: 15%
H: 10%
Aandeel arbeidsmigranten op totaal
20-40%
30-60%
20-40%
10-40%
Indirect (werkgelegenheids) effect
0,35
0,40
0,25
0,45
Gemiddeld
Gemiddeld
Hoog
Hoog
Verdeling arbeid naar functieniveau
Mate van automatisering
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
Logistiek vastgoed in Rivierenland Rivierenland heeft zich afgelopen jaren sterk ontwikkeld als logistieke regio. De logistieke vastgoedvoorraad is gegroeid van circa 1 miljoen vierkante meter in 2014 naar 1,5 miljoen vierkante meter in 2023. Gelet op recente ontwikkelingen is de verwachting dat deze voorraad nog door zal groeien tot een krappe 2 miljoen vierkante meter zodra alle nieuwbouwplannen (op Medel, Kellen, Haaften en elders in de regio). Niet alle logistiek vastgoed is gebouwd op een XXL kavel (>4 hectare). Tweederde van het logistiek vastgoed (in omvang) is wel gevestigd op een kavel groter dan 4 hectare, terwijl dus 1/3e van de vastgoedvoorraad niet op een XXL kavel gebouwd is. Logistiek vastgoed is daarmee niet alleen maar grootschalig en op een XXL kavel gebouwd. Er is ook nog een grote groep DC’s die gebouwd zijn op kleinere kavels en die kleiner van omvang zijn. In paragraaf 3.1 zoomen we nader in op de ruimtevraag die we verwachten vanuit XXL-kavels.
29
Bouwstenennotitie RPW Rivierenland
2.5 Toekomstbestendige bedrijventerreinen Toekomstbestendigheid van bedrijventerreinen Rivierenland Toekomstbestendige werklocaties zijn van cruciaal belang voor de economische en sociale vitaliteit van de regio. Toekomstbestendige werklocaties dragen onder andere bij aan een prettige werkomgeving, weerbaarheid tegen extremere weersomstandigheden en meer biodiversiteit. Over het algemeen is de toekomstbestendigheid van de bedrijventerreinen in Rivierenland vergelijkbaar met andere regio’s in de provincie: Rivierenland scoort net wat lager dan het Gelderse gemiddelde 9. Vooral op sociaaleconomisch vlak lopen de bedrijventerreinen wat achter. Dit komt voornamelijk doordat en groot deel van de bedrijventerreinen geen organisatiegraad heeft. Wel valt op dat de terreinen in Riviereland relatief weinig veroudering kennen: het vastgoed is nog relatief ‘jong’ en kan met enkele lichte maatregelen op peil blijven. Werken aan toekomstbestendige bedrijventerreinen Gemeenten en regio hechten groot belang aan het bieden van toekomstbestendige werklocaties. Binnen de regio wordt daarom gewerkt aan de toekomstbestendigheid. • Via de Regio Deal Fruitdelta Rivierenland draagt het Rijk middelen bij voor het investeren in de toekomstbestendigheid van wonen, ondernemen en leven. Dit heeft het Rijk begin 2025 bekend gemaakt.