2024-221.1 Woonzorganalyse West Maas en Waal Geredigeerd
Tekst van het document
75
Nultredenwoningen: Companen baseert zich bij de inschatting van de vraag naar nultredenwoningen op een raming van de omvang van de groep ouderen met ADL-beperkingen. Die raming is gebaseerd op de huidige situatie, die wij hebben gecombineerd met de demografische prognose. De totale vraag naar ‘geschikte’ woningen zoals die volgt uit deze berekening valt uiteen in een vraag naar geschikte woningen binnen geclusterd wonen voor ouderen en een vraag naar nultredenwoningen. Het is niet bekend welke aannames ABF heeft gebruikt om te komen tot de opgave voor nultredenwoningen. Wel weten we dat ook hier het uitgangspunt is geweest om de landelijke inschatting (170.000 toe te voegen geclusterde woningen t/m 2030) te verdelen over alle gemeenten in Nederland. We kunnen niet achterhalen waar de soms grote verschillen tussen onze berekening en die van ABF voor de categorie nultredenwoningen vandaan komen. In.Fact heeft geen raming van het aantal benodigde nultredenwoningen. Wel geeft dit bureau aan dat er in de bestaande voorraad (mogelijk met wat woningaanpassingen) ruim voldoende aanbod is om in de door ABF geraamde behoefte te voorzien. Daarnaast zijn vrijwel alle nieuwbouwwoningen (los van de beoogde doelgroep) geschikt of aanpasbaar. Aandachtsgroepen: In.Fact. gebruikt bij jeugdzorg met verblijf CBS data waarbij Companen gebruikmaakt van de gemeentelijke registraties.
Voor een groot onderzoek binnen een provincie is het vanwege de schaalomvang vaak noodzakelijk om met openbare data van het CBS te werken. De gemeentelijke registraties zijn daarentegen gemeentespecifiek en nauwkeuriger.
Hoe om te gaan met de cijfers? De verschillende prognoses in deze rapportage geven alle informatie over in welke mate de vraag naar verschillende vormen van huisvesting in de verschillende gemeenten in regio Rivierenland in de komende jaren zal groeien. De cijfers lopen uiteen in vergelijking met andere onderzoeken, maar dat er sprake is van een stijging van de vraag is evident. Om aan de stijgende vraag te voldoen, zullen woningen moeten worden toegevoegd aan de voorraad. Daarnaast is het van belang om te benadrukken dat het hier niet alleen om een bouwopgave gaat: zorg en ondersteuning moeten geregeld en gegarandeerd worden – zowel in zorggeschikte woningen als in de andere woonvormen. Dit vraagt om samenwerking en afstemming tussen verschillende partijen.
Voorstel: werken met bandbreedte In verschillende regio’s in Nederland wordt op dit moment gewerkt aan een afsprakenkader ouderenhuisvesting, als invulling van de Woondeals. Regelmatig komt hierbij de vraag op tafel hoe om te gaan met verschillen tussen prognoses. Eén van de mogelijkheden die ook door het ministerie van BZK wordt omarmd, is om te werken met een bandbreedte in de afspraken. Daarbij geldt het adagium ‘doe meer met ongeveer’. De opgave is groot; het is belangrijker om vaart te maken met de realisatie dan om eindeloos te blijven hangen in het streven naar exactheid. Voor regio Rivierenland zijn verschillende onderzoeken beschikbaar. De cijfers in deze rapportage zijn gebaseerd op bestaande woonzorganalyses en eerdere besprekingen in de regio. Wij stellen voor om deze niet verder ter discussie te stellen, maar ze waar mogelijk als bandbreedte weer te geven zodat voor alle betrokken partijen de opgave goed in beeld is. De realisatie van de opgave kan hieraan worden getoetst.
76
Waar lokale of regionale prognoses voor ouderenhuisvesting beschikbaar zijn, is het voorstel om deze te laten prevaleren boven de landelijke cijfers van ABF. Voor zorggeschikte woningen / woonzorgcentra kunnen we voor alle gemeenten in de regio Rivierenland voor het bepalen van de bandbreedte
gebruik maken van de prognoses van In.Fact., en ook van prognoses van Companen. Voor geclusterd wonen nemen we in de tabellen de bandbreedte over tussen het basis- en trendscenario van Companen.
77