CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

RV2025-068-bijlage-preventie-en-handhavingsplan-middelengebruik-west-betuwe.pdf

Gemeenteraad 24 juni 2025, gemeente West BetuweBij agendapunt: 8: Vaststellen preventie- en handhavingsplan middelengebruik 2025 -202814.351 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

27 | 44

Signalering, advies en ondersteuning Het tijdig signaleren van (risicovol) middelengebruik is essentieel voor het effectief voorkomen van gezondheidsschade, verslaving, schooluitval en/of vroegtijdig schoolverlaters. Samenwerking tussen ouders, scholen, leerplicht en organisaties zoals IrisZorg is hierbij onmisbaar. Het is belangrijk dat er heldere afspraken worden gemaakt over hoe risicovol middelengebruik gesignaleerd kan worden en wie vervolgens deze signalen oppakt en welke inzet er plaatsvindt. De zorgcoördinator en de leerplichtambtenaar zijn onderdeel van de advies- en verwijsketen rondom problematisch middelengebruik van scholieren (en hun ouders). We zetten daarbij ook in op deskundigheidsbevordering van docenten en zorgcoördinatoren door het aanbieden van trainingen. Ook stimuleert de gemeente voorlichting aan ouders om signalen van risicovol middelengebruik te herkennen. Tijdens de voorlichting wordt ook benoemd waar ouders en docenten dan terecht kunnen. In het geval dat er signalen zijn van (risicovol) middelengebruik op het PO dan zullen we ook deze scholen ondersteunen. Omgeving Het uitgangspunt is dat de scholen middelenvrij zijn en een veilige, gezonde en positieve schoolomgeving bieden aan alle leerlingen/studenten.

Door de schoolomgeving en alle gerelateerde activiteiten middelenvrij te houden ondersteunt het onderwijs de norm dat middelengebruik onder de 18 jaar niet acceptabel is. Middelenvrij betekent ook dat in de omgeving van jongeren geen middelen worden gebruikt door volwassenen. Regelgeving, toezicht en handhaving We trekken samen met IrisZorg en de GGD op om scholen te ondersteunen in het opstellen van beleid en het inzetten op preventie. De gemeente stimuleert daarbij het gebruik van (onderdelen van) het programma Helder op School. De scholen de Lingeborgh en de Ida Gerhardt Academie zetten al onderdelen in van Helder op School. Als laatst kunnen docenten en personeel van scholen getraind worden om dealen van vapes of (soft)drugs te herkennen en wat zij vervolgens met deze signalen kunnen doen. Hierbij gaan we nauw samenwerken met handhavingsinstanties, zoals de politie en boa’s, om te zorgen dat overtreding adequaat worden aangepakt en vroegsignalering mogelijk is. Hiervoor is de behoefte vanuit scholen nodig en handhavingscapaciteit binnen onze gemeente. Ook kunnen we in samenwerking met de politie afspraken maken over de aanpak van het dealen van middelen rondom de scholen.

4.3.

Vrije tijd (sport, cultuur, keten)

Jongeren in West Betuwe moeten op een gezonde en veilige manier hun vrije tijd kunnen besteden en talenten kunnen ontwikkelen. We richten ons op het versterken van gezonde alternatieven voor middelengebruik zoals sport en cultuur en het voorkomen van risicovol gedrag zoals middelengebruik in keten. Dit sluit aan bij de omgevingsbenadering die centraal staat in dit P&H-plan. Een gezonde omgeving draagt bij aan een gezonde toekomst.

28 | 44

Educatie en bewustwording Georganiseerde vrijetijdsbesteding onder begeleiding van een volwassene is een beschermende factor voor middelengebruik. Daarvoor is het belangrijk dat volwassen professionals en vrijwilligers in de vrijetijdsomgeving zich bewust zijn van de risico’s van middelengebruik door jongeren. Voor trainers, (bar)vrijwilligers, bestuursleden, jongerenwerkers en andere begeleiders worden trainingen en voorlichting ingezet door IrisZorg. We stemmen met de verenigingen en JOGG-regisseur af waar de behoefte ligt als het gaat om voorlichting en ondersteuning. We stimuleren sportverenigingen om met JOGGTeamfit aan de slag te gaan, op gebied van alcoholbeleid en een rookvrije omgeving. Signalering, advies en ondersteuning Het vroegtijdig signaleren van risicogedrag is belangrijk om erger te voorkomen. Het is hiervoor belangrijk dat er samen wordt gewerkt tussen de verschillende partijen in de vrijetijdsomgeving. Het gaat dan om jongerenwerkers, de jeugdboa en de straathoekwerkers van IrisZorg, maar ook om sportverenigingen en ouders. We organiseren jaarlijks overleggen om de samenwerking en kennisuitwisseling tussen alle partijen mogelijk te maken. Omgeving In West Betuwe werken we aan het bereiken van een Rookvrije Generatie. Kinderen moeten rookvrij kunnen opgroeien. Daarom willen we dat vrijetijdsactiviteiten zo veel mogelijk in rookvrije omgevingen zijn.

In navolging van het NPA willen we dat zo veel mogelijk sportverenigingen rookvrij worden. Rookvrij betekent ook vapevrij. Naast rookvrije omgevingen moeten alle vrijetijdsactiviteiten voor jongeren ook drugsvrij zijn. Wij ondersteunen onze samenwerkingspartners bij het drugsvrij houden van hun locaties en het herkennen van signalen met betrekking tot drugsgebruik. We gaan meer inzetten op toezicht en handhaving op deze plekken (zie regelgeving, toezicht en handhaving). De vrijetijdsomgeving van jongeren is deels alcoholvrij, maar er zijn ook locaties waar wel alcohol wordt geschonken zoals in de sportkantine of in keten. Dit blijft mogelijk, maar er mag niet worden geschonken aan minderjarigen. Indien mogelijk wordt er geen alcohol geschonken wanneer het merendeel van de aanwezigen minderjarig is. De gemeente en haar ketenpartners zien dat de sportkantine en keten ook een belangrijke functie hebben als ontmoetingsplek. We vinden het belangrijk dat het veilig is in en om de keet en dat de keten aan bepaalde voorwaarden voldoen. Denk hierbij aan de brandveiligheid, voorlichting over middelen en de omgeving. Omdat keten veelal op privéterrein staan zijn ouders in principe verantwoordelijk. Met het jongerenwerk, de preventiewerker van IrisZorg en handhaving kunnen we ouders voorlichten over hun rol hierin.

Naast de regels voor middelengebruik is het belangrijk dat er voldoende georganiseerde vrijetijdsbesteding is die aansluit bij de behoefte van onze jongeren. Samen met de projectleider ontmoeten van de gemeente, het jongerenwerk en jongeren zelf blijven we inspelen op de behoeftes voor vrijetijdsbesteding onder jongeren en werken we samen met ketenpartners om in te spelen op deze behoeftes.

29 | 44

Regelgeving, toezicht en handhaving Heldere regels zijn belangrijk voor iedereen in de vrijetijdsomgeving. Zo moeten sportkantines een bestuursreglement alcohol hebben en moeten de verstrekkers van alcohol een alcoholwetvergunning hebben. Daarnaast is roken en vapen binnen verboden en mogen rookwaren niet meer worden verkocht in vrijetijdsomgevingen. De gemeente en haar ketenpartners informeren en ondersteunen partijen over het naleven van de regels. In de eerste plaats gaan we controleren of alle vergunningen en voorwaarden op orde zijn. En of vrijetijdsorganisaties kunnen worden ondersteund bij het opstellen van middelenpreventiebeleid door IrisZorg en JOGG-Teamfit. Na de check op de voorwaarden, de voorlichting over de wet- en regelgeving en het bieden van ondersteuning gaan we toezicht houden op de naleving van de wet- en regelgeving. Hierbij houden we toezicht op de leeftijdsgrens en op de aanwezigheid van zichtbaar dronken personen. We willen hierop periodieke controles gaan inzetten, ook met mysteryshoppers. Handhaving verwijst verenigingen bij constatering van een overtreding door naar IrisZorg, die passende trainingen kan bieden aan betreffende vereniging. Daarnaast wordt met de politie en handhaving samengewerkt om keten in kaart te brengen.

Het is van belang dat de gemeente op de hoogte is van de locaties van en activiteiten binnen de keten om de veiligheid van jongeren te waarborgen en om het middelengebruik onder jongeren te verminderen. Ook kunnen jongerenwerkers getraind worden om dealen van vapes of (soft)drugs in de openbare ruimte te herkennen en wat zij vervolgens met deze signalen kunnen doen. Hierbij gaan we nauw samenwerken met handhavingsinstanties, zoals de politie en boa’s, om te zorgen dat overtreding adequaat worden aangepakt en vroegsignalering mogelijk is. Hiervoor is het eerst nodig om de handhavingscapaciteit binnen onze gemeente op orde te krijgen.

4.4.

Peergroep

De peergroep heeft invloed op het middelengebruik van onze jongeren. Het hebben van vrienden die middelen gebruiken hangt samen met het middelengebruik van de jongere zelf. Wanneer jongeren daarbij laat buiten rondhangen en naar feestjes gaan zonder toezicht is er sprake van risico op middelengebruik. Onder de peergroep verstaan we naast vrienden van jongeren, ook de ouders van vrienden van jongeren. Ouders kunnen bijvoorbeeld onderling afspraken maken over het wel of niet schenken van alcohol op feestjes van hun minderjarige kinderen. Waarbij ons uitgangspunt NIX18 is. Educatie en bewustwording Via voorlichting maken we ouders/opvoeders bewust van de risico’s van het laat buiten rondhangen, feestjes zonder toezicht en de meerwaarde van het maken van onderlinge afspraken tussen ouders over middelengebruik. Dit doen we via ouderavonden en via onze opvoedondersteuning (zie: 4.1. gezin).

30 | 44

Signalering, advies en ondersteuning Ouders/opvoeders, jongerenwerkers en andere professionals in de omgeving van jongeren hebben vaak (snel) in de gaten dat er mogelijk iets aan de hand is met een jongere. Een signaleringsketen maakt dat degenen die zoiets opmerken terecht kunnen bij de juiste professional. Professionals in de omgeving van jongeren zoals de leerplichtambtenaar, schoolmaatschappelijk werkers, jeugdconsulenten en andere zorgprofessionals (denk aan: huisartsen en jeugdconsulenten) willen wij meer informeren en trainen hoe zij het gesprek aan kunnen gaan met ouders of de jongere zelf over het stoppen met roken en de verwijzing hiervoor, en het herkennen van problematisch alcohol- en drugsgebruik. Hiervoor zijn erkende methoden beschikbaar zoals de VeryBriefAdvicePlus-methode (VBA+) en de Audit-C. Omgeving We zetten ons er voor in dat er alternatieven zijn voor het laat buiten rondhangen of het gaan naar feestjes zonder toezicht. Regelgeving, toezicht en handhaving Ouders/opvoeders, jongerenwerkers, preventiewerkers van IrisZorg en boa’s/politie kunnen allen (informeel) toezicht houden op het (voorkomen van het) laat buiten rondhangen van jongeren en feestjes. Ouders kunnen bijvoorbeeld afspraken maken met hun kinderen over wanneer zij thuis zijn en regels stellen over het middelengebruik (zie: 4.1. gezin).

Gezamenlijk kunnen de verschillende partners en ouders monitoren waar jongeren zijn en afspraken maken hoe ze voorkomen dat jongeren middelen gaan gebruiken. Onze inzet is om ouders en professionals hierover voor te lichten, en met hen het gesprek aan te gaan welke rol zij hierin hebben. Hierbij maken we gebruik van de expertise van IrisZorg.

4.2.

Werkomgeving

Een deel van de jongeren (en jongvolwassen) heeft een (bij)baan waarin zij in aanraking komen met normen en gedragen die anders kunnen zijn dan wat ze thuis of op school gewend zijn. Dit geldt ook voor middelengebruik wanneer er aan het einde van de werkdag/werkweek een borrel is waar alcohol wordt gedronken en wordt gerookt. Het doel van middelenpreventie in de werkomgeving is om een gezonde, veilige en middelenvrije omgeving voor (minderjarige) werknemers te bevorderen. Werkgevers hebben een zorgplicht en de verantwoordelijkheid om een gezonde werkomgeving te creëren. Educatie en bewustwording Voor de ambtelijke organisatie van de gemeente nemen we een verscherpt ADM-beleid en rookbeleid op in ons arbobeleid. In samenwerking met de GGD, IrisZorg en JOGG gaan we verkennen hoe en of werkgevers ondersteund willen worden bij hun rol als het gaat om middelengebruik en het effect op hun (jongere) medewerkers. Wanneer we hiermee starten focussen we ons op werkgevers met een intrinsieke motivatie. We hopen dat bij deze werkgevers ook (relatief) veel jongeren werken.

31 | 44

Signalering, advies en ondersteuning Het tijdig signaleren van (risicovol) middelengebruik onder werknemers is essentieel voor het effectief voorkomen van gezondheidsschade, verslaving en (ziekte)verzuim. Het is belangrijk dat werkgevers en collega’s onderling heldere afspraken maken over hoe zij middelengebruik signaleren en aanpakken. De gemeente stimuleert werkgevers om heldere afspraken te maken met arbodiensten, bedrijfsartsen en/of preventiemedewerkers over middelengebruik onder werknemers. Daarbij worden werkgevers ingelicht wat mogelijke maatregelen en oplossingen kunnen zijn wanneer middelengebruik plaatsvindt bij werknemers onder de 18 jaar. En hoe ze werknemers kunnen ondersteunen bij het stoppen of minderen van middelengebruik (bijvoorbeeld stoppen met roken ondersteuning). Voor de ambtelijke organisatie gaan we verkennen wat onze rol als werkgever hierin kan zijn en nemen we dit op in het arbobeleid. Omgeving De werkplek moet een rookvrije werkplek zijn voor alle werknemers. Binnen moeten alle werkplekken wettelijk gezien al rookvrij zijn. De gemeente en haar ketenpartners willen werkgevers ook stimuleren om van de buitenterreinen zoveel als mogelijk ook een rookvrije omgeving te maken. West Betuwe wil de komende jaren als gemeente daarin het goede voorbeeld door onze terreinen volledig rookvrij te maken.

Regelgeving, toezicht en handhaving De gemeente en haar ketenpartners stimuleren dat werkgevers, waar veel jongeren werken, een ADM-beleid op te stellen. Beleid dient op maat te worden gemaakt, passend bij het type werkgever en sector. Vanwege de prioritering en de beschikbare middelen zijn de activiteiten voor dit domein beperkt in dit P&H-plan.

4.6.

Middelenverstrekkers

Verstrekkers van alcohol zijn verantwoordelijk voor de naleving van de Alcoholwet en aanvullende lokale regelgeving. Van hen wordt verwacht dat ze de leeftijdsgrens voor de verstrekking van alcohol kennen en naleven, net als de verboden op wederverstrekking, het verbod op doorschenken bij dronkenschap en het toelaten van personen in kennelijke staat van dronkenschap in de horeca of slijterij. Verstrekkers van tabak zijn verantwoordelijk voor de naleving van de Tabaks- en rookwarenwet en aanvullende lokale regelgeving. Van hen wordt verwacht dat ze de leeftijdsgrens voor de verstrekking van tabak- en rookwaren kennen en naleven, net als het verkoopverbod op afstand (bijv. online verkopen). Verstrekkers van drugs zijn verantwoordelijk voor de naleving van de Opiumwet en aanvullende lokale regelgeving, zoals het integraal veiligheidsplan (drugsoverlast) en de APV (nuloptiebeleid coffeeshops).

32 | 44

Educatie en bewustwording Het is belangrijk dat de verstrekkers van alcohol (en tabak) kennis hebben van de geldende wet- en regelgeving. En dat zij materialen beschikbaar hebben om te communiceren over bijvoorbeeld de leeftijdsgrens voor de verkoop van alcohol en tabak. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van NIX18-materiaal voor verstrekkers. Daarbij informeren we de horeca, slijterijen en paracommercie dat het belangrijk is dat barmedewerkers/-vrijwilligers een Elearning Verantwoord Alcohol Verkopen volgen. In samenwerking met de horeca, sportverenigingen & JOGG-Teamfit willen we nadat de barmedewerkers/-vrijwilligers de Elearning gevolgd hebben, starten met live trainingen (IVA-training voor sportverenigingen en training Barcode voor Horeca). Hierin komt ook terug hoe de verstrekkers om kunnen gaan met weerstand van klanten als zij de verkoop weigeren, en hoe leidinggevenden hun medewerkers hierin kunnen steunen. Signalering, advies en ondersteuning We ondersteunen onze samenwerkingspartners bij het naleven van de wet- en regelgeving en ondersteunen hun hierbij (zie ‘educatie en bewustwording’ en ‘omgeving’). Omgeving Een gezonde omgeving stimuleert op een weloverwogen en verstandige wijze omgaan met alcohol, tabak en drugs. Qua omgeving is voor het verstrekken van tabak al veel wettelijk geregeld.

Op plekken waar alcohol verstrekt wordt, is vaker sprake van een alcoholrijke omgeving. Voor organisaties die hier iets aan willen doen, bieden JOGG-Teamfit en IrisZorg advies en ondersteuning. De gemeente stimuleert ook overal een drugsvrije omgeving. Organisaties die vragen hebben over het gebruik of dealen van drugs kunnen met vragen terecht bij IrisZorg. Regelgeving, toezicht en handhaving De gemeente is verantwoordelijk voor de naleving van de Alcoholwet en onze Algemene Plaatselijke Verordening (APV). De gemeente wil de naleving weer gaan opbouwen en starten met het op orde brengen van alle horeca en Alcoholwetvergunningen van de alcoholverstrekkers in West Betuwe. Tegelijkertijd zullen de gemeente en haar ketenpartners hen informeren over de geldende wet- en regelgeving en stellen we NIX18-materiaal beschikbaar. Nadat we de basis op orde hebben gebracht starten we met de inzet van mysteryshoppers met directe feedback, zodat de verstrekkers van alcohol eerst de kans krijgen om de naleving te verbeteren. Hierna zetten we weer een nalevingsonderzoek uit om inzicht te krijgen wat deze inzet heeft opgeleverd. Tijdens de eerste jaren zullen we boa’s moeten werven en ervoor moeten zorgen dat zij de opleiding Alcoholwet behaald hebben. Op dit moment is te weinig capaciteit beschikbaar.

We gaan de komende jaren vergunningsverlening prioriteren en stapsgewijs opbouwen in toezichthouden en handhaven op geldende wet- en regelgeving. Om verstrekkers die de Alcoholwet goed naleven te belonen en om de beperkte capaciteit zo efficiënt mogelijk in te

33 | 44

zetten werken we risicogestuurd. Dit gaan we doen door de inzet met mysteryshoppers, hierover kunt u meer lezen in bijlage II. De in onze APV opgenomen bepalingen met betrekking het beperken van happy hours (artikel 2:34d) blijft onverminderd van kracht. We gaan de komende periode de schenk- en sluitingstijden van paracommerciële inrichtingen (o.a. sportkantines en dorpshuizen) evalueren. Een beschermende maatregel om (problematisch) alcoholgebruik tegen te gaan is namelijk het beperken van de beschikbaarheid van alcohol. Bij deze evaluatie worden de verstrekkers van alcohol, IrisZorg en handhaving betrokken. Naast de alcoholverkooppunten waar we, op grond van de Alcoholwet, als gemeente verantwoordelijk zijn voor de handhaving willen we ook dat de naleving op andere plekken verbeterd. Supermarkten, slijterijen, webwinkels en online eetbezorgdiensten kunnen alcohol ook verkopen op afstand. Bij de verkoop en het afleveren moeten deze partijen de leeftijdsgrens ook controleren. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) voert hierop de controles uit. Bij de NVWA kan een melding worden gedaan wanneer een online winkel drank verkoopt aan jongeren onder de 18 jaar. We informeren partners hoe zij hiervan een melding kunnen maken bij de NVWA. Tabak- en rookwaren De NVWA houdt toezicht op de tabaks- en rookwarenwet.

Daarmee is het geen gemeentelijke taak om de verstrekkers van tabak in onze gemeente te controleren. Wel kunnen professionals en inwoners een melding doen bij de NVWA wanneer er sprake is van een overtreding van de Tabaks- en rookwarenwet. We informeren onze ketenpartners hoe zij een melding kunnen doen over tabak en rookwaren bij de NVWA. Drugs We zetten het nuloptiebeleid ten aanzien van coffeeshops voort. In de APV is opgenomen dat drugshandel op straat en openlijk drugsgebruik in de openbare ruimte of in een publiek toegankelijk gebouw verboden is. Hierop blijven we streng toezien en handhaven. Daarbij wil de gemeente bij het aantreffen van drugs dealen een waarschuwing afgeven en/of dwangsommen opleggen aan drugsdealers. Hiermee wordt het signaal afgegeven dat dealen niet wordt getolereerd in West Betuwe.

34 | 44

5.Samenwerking, uitvoering, financiën en evaluatie Bij het tot stand komen van het P&H-plan middelengebruik zijn verschillende gemeentelijke afdelingen betrokken, evenals externe samenwerkingspartners. Ook bij de uitvoering van het P&H-plan zijn verschillende partners betrokken. Hieronder hebben we een beschrijving opgenomen van de samenwerking, rolverdeling, overlegstructuur, organisatie, financiën en evaluatie van het uitvoeren van dit P&H-plan.

5.1.

Samenwerking met externe partners

De gemeente heeft een coördinerende en deels uitvoerende rol. Op een integraal dossier als het middelenpreventiebeleid is betrokkenheid en samenwerking essentieel voor een goede uitvoering. De volgende externe partners zijn daarbij concreet in beeld. Zij zijn allen gesprekspartner bij de probleemanalyse, evaluatie, planvorming en uitvoering. Daarnaast kunnen zij specifieke rollen hebben, zoals: Politie

Hotspots (keten) in kaart brengen, veiligheid tijdens inspecties, fysieke en online drugsbestrijding, jongeren vragen naar ID en eventuele samenwerking met betrekking tot de aanpak van doorschenken vanuit het Wetboek van Strafrecht en openbare dronkenschap (artikel 151f resp. 430b).

Bedrijven/(sport)verenigingen

Nalevingsommunicatie, meedenken over ontwikkeling van systeem ter bevordering van naleving, training personeel/vrijwilligers.

Scholen

(Half)jaarlijks overleg over integraal schoolbeleid (schoolleiders en/of zorgcoördinatoren van alle VO scholen en MBO-scholen in West Betuwe) en over betrekken van ouders.

Maatschappelijke organisaties

Partners als de GGD, IrisZorg en het jongerenwerk dragen bij aan de ontwikkeling en uitvoering van verschillende interventies.

5.2.

Organisatie en uitvoering

Om uitvoering te geven aan de activiteiten uit dit plan werkt de gemeente met haar samenwerkingspartners jaarlijks aan het uitvoeringsplan. In het uitvoeringsplan zijn de voornemens concreet gemaakt.

35 | 44

Communicatie De betrokken beleidsadviseur maatschappelijke ontwikkeling stemt regelmatig af met de afdeling communicatie. Deze afstemming gaat over de nalevings- en publiekscommunicatie en over het gezamenlijk opstellen van een jaarlijks communicatieplan, aansluitend op het uitvoeringsplan. Bijvoorbeeld op welke momenten we communiceren over de verschillende campagnes. Coördinatie De gemeente heeft een coördinerende en deels uitvoerende rol. Bij de uitvoering betrekt de gemeente het kernteam middelenpreventie en andere partijen zoals sportorganisaties, kerken en de horeca. De coördinatie ligt bij de beleidsadviseur maatschappelijke ontwikkeling, met een verantwoordelijkheid voor middelenpreventie, en de Regisseur Vergunningen, toezicht en handhaving (VTH) APV en bijzondere wetten. Zij initiëren het de uitvoeringsplann in samenhang met de bestaande beleidsplannen (gezondheidsbeleid en het integrale veiligheidsbeleid). Overlegstructuur Om de voortgang van de uitvoering te monitoren en voor het bijstellen het de uitvoeringsplan, wordt de volgende overlegstructuur opgezet: Niveau

Leden

Taken

Vergaderfrequentie

Coördinatie

• Beleidsadviseur maatschappelijke ontwikkeling, in samenwerking met regisseur VTH APV en bijzondere wetten

• College van B&W informeren over de voortgang en eventuele knelpunten • Initiëren van het uitvoeringsplan en zorgen dat het uitvoeringsplan wordt uitgevoerd • Voortgang coördineren en monitoren • Initiëren van evaluaties

• Een keer per jaar

36 | 44

Niveau

Leden

Taken

Vergaderfrequentie

Kernteam middelenpreventie

• Beleidsadviseur maatschappelijke ontwikkeling • Regisseur VTH APV en bijzondere wetten • Toezichthouder(s) Alcoholwet • GGD gezondheidsmakela ars jeugd & school en volwassenen • IrisZorg • Politie • Jongerenwerkers • Vertegenwoordigers van PO, VO en MBO scholen

• Uitvoeringsplan uitvoeren • Bespreken van nieuwe ontwikkelingen en zo nodig hierop aansluiten • Evalueren en de voortgang monitoren •

• Een a twee keer per jaar

Stakeholder groep

• Leden kernteam aangevuld met vertegenwoordigers van kerken, horeca, sportverenigingen, Team sociaal en andere bij de uitvoering betrokken partijen.

• Bijdrage aan evaluatie van het uitvoeringsplan • Bespreken ontwikkelingen •

• Een keer per jaar

5.3.

Financiën

Voor de uitvoering van de activiteiten en maatregelen van dit P&H-plan middelengebruik zijn middelen nodig. De uitvoering van het preventieve gedeelte past binnen de huidige middelen voor de ketenpartners. Voor het toezicht en handhaven van de Alcoholwet komen middelen uit VTH. Budget In het onderstaande tabel is te lezen waar de komende 4 jaar incidenteel financiering voor nodig is. Inzet

2025

2026

2027

2028

Nalevingsonderzoek

-

-

€ 25.000

-

Opstellen nieuw P&H-plan

-

-

-

€ 25.000

37 | 44

De kosten voor de uitvoering van een nieuw nalevingsonderzoek worden gefinancierd vanuit team VTH. In 2027 of 2028 zullen wij beslissen of wij de opdracht voor het schrijven van een nieuw P&Hplan opnieuw bij het Trimbos Instituut beleggen. De verwachte kosten hiervoor bedragen 25.000 euro. Momenteel is er nog geen beslissing genomen over de financiering van deze kosten.

5.4.

Evaluatie

Kritisch evalueren is een belangrijk onderdeel van dit P&H-plan. Om de kwaliteit van onze aanpak hoog te houden en waar nodig tijdig bij te stellen, gebruikt de gemeente de volgende evaluatiecyclus: • Elk jaar wordt in overleg met de samenwerkingspartners het uitvoeringsplan geëvalueerd. Het jaarlijks evalueren van het uitvoeringsplan zorgt voor flexibiliteit en relevantie, door het kunnen inspelen op nieuwe uitdagingen en kansen. Waar nodig wordt er een nieuwe probleemanalyse gemaakt, bijvoorbeeld als de monitoringscijfers veranderen of er duidelijke signalen/zorgen zijn vanuit onze partners. Als wijzigingen aan het uitvoeringsplan wenselijk zijn wordt dit voorgesteld aan het college van burgemeester en wethouders. Elke vier jaar worden de nalevingscijfers geëvalueerd uit nalevingsonderzoek naar de leeftijdsgrens. Voor West Betuwe vindt het volgende nalevingsonderzoek in 2027 plaats.

Na vier jaar (einde looptijd van dit plan) vindt een uitgebreide evaluatie plaats op basis van beschikbare cijfers, onderzoek en input van ketenpartners. Hierbij worden de realisatie van activiteiten, effecten van beleid en achterliggende verklaringen op een rij gezet. Op basis hiervan kan vastgesteld worden in hoeverre het beleid de gewenste uitkomsten heeft opgeleverd en op welke punten het beleid bijgesteld dient te worden.

38 | 44

Literatuur en bronnen Babor, T., Caetano, R., Casswell, S., Edwards, G. & Giesbrecht, N. (2010). Alcohol: no ordinary commodity: Research and public policy. Oxford, United Kingdom: Oxford University Press. Bureau Objectief. (2023). Nalevingsonderzoek alcoholverkoop gemeente West Betuwe. Leeftijdsgrens. Nijmegen. Bureau Objectief (2024). Landelijk onderzoek naar de naleving van de leeftijdsgrens bij alcohol- en tabaksverkoop in 2024. Nijmegen. Bureau Objectief (2024a). Landelijk onderzoek naar de naleving van de regels rondom dronkenschap en doorschenken in 2024. Nijmegen. Burton, R., Henn, C., Lavoie, D., O'Connor, R., Perkins, C., Sweeney, K., Greaves F., Ferguson B., Beynon C., Belloni A., Musto V, Marsden J. & Sheron, N. (2017). A rapid evidence review of the effectiveness and cost-effectiveness of alcohol control policies: an English perspective. The Lancet, 389(10078), 1558-1580. Coone, A., Jongbloet, J., van der Kreeft, P. (2020). Europees Preventiehandboek. Een leidraad voor wetenschappelijk onderbouwde preventie in de praktijk, vertaling van European Prevention Curriculum (EMCDDA), uitgave Politeia, ISBN: 978-2-509-03707-7 Engels, R., Kleinjan, M. & Otten, R. (2013) De rol van ouders bij alcoholgebruik van adolescenten: Stand van zaken. Nijmegen: Behavioural Science Institute Radboud Universiteit Nijmegen GALA (2023). Gezond en Actief Leven Akkoord.

’s-Gravenhage: Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. GGD (2022). Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen, Gelderland-Zuid. Geraadpleegd van Dashboard - Gezondheidsmonitor Volwassenen en ouderen - West Betuwe. GGD (2023). Gezondheidsmonitor Jeugd, Gelderland-Zuid. Geraadpleegd van Dashboard Leefstijl - West Betuwe. GGD GHOR (2023). Gezondheidsmonitor Jeugd, landelijk. Geraadpleegd van https://ggdghor.nl/wp-content/uploads/2024/05/Landelijk-rapport-GezondheidsmonitorJeugd-2023.pdf. GGD (2024). Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen, Gelderland-Zuid. Geraadpleegd van Dashboard - Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen - West Betuwe. Nationaal Preventieakkoord (2018). Nationaal Preventieakkoord. Naar een gezonder Nederland. ’s-Gravenhage: Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

39 | 44

Nijkamp. L., Smeets, L., Greeff, J. de, Scholten, K. & Voorham, L. (2020). Dronkenschap en doorschenken. De impact en aanpak van dronkenschap en doorschenken in het uitgaansleven. Factsheet. Utrecht: Trimbos-instituut. RIVM (2024). Impact van het Nationaal Preventieakkoord voor roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik. Geraadpleegd van Samenvatting van de resultaten van de doorrekening.pdf Rombouts, M., Morren, K., van Dorsselaer, S., Tuithof, M., Monshouwer, K. (2023). Peilstationsonderzoek Scholieren. Alcohol. Geraadpleegd van https://cijfers.trimbos.nl/scholierenmonitor/alcohol/samenvatting-alcohol/. Trimbos-instituut, Utrecht. Smit. K., Monshouwer. K., Leeuwen, L. van, & Voogt, C. (2020) – Zien drinken doet drinken. De invloed van de zichtbaarheid van alcohol in de sociale omgeving op kennis, opvattingen en gebruik van alcohol door jongeren. Literatuuroverzicht. Utrecht: Trimbos-instituut. Van Vught, H., Van Kalmthout, J. en Meulenbroeks, N. (2024). Verenigingsmonitor West Betuwe 2024. Utrecht: Mulier Instituut. Van Wamel, A., Spronk, D., Sannen, A., Lemmers, L., van Gelder, N. (2023). Drugspreventie bij jongeren en jongvolwassenen. Geraadpleegd van AF2073-Drugspreventie-bij-jongeren-enjongvolwassenen.pdf. Trimbos-instituut, Utrecht. Wagenaar, A.C., Toomey, T.L. & Erickson, D.J. (2005).

Complying with the minimum drinking age: effects of enforcement and training interventions. Alcoholism: Clinical and Experimental Research, 29, 2, 255-262

40 | 44

Bijlage 1 Handhaving, toezicht en sanctiestrategie In deze bijlage leest u meer over de handhavingsprioriteiten vanuit de Alcoholwet, de benodigde toezichtcapaciteit en de sanctiestrategie binnen de gemeente West Betuwe. De Alcoholwet heeft zowel een gezondheids- als een openbare orde en veiligheidsperspectief. Het doel van de gemeente is om door middel van naleving van de wet bij te dragen aan het voorkomen van gezondheidsschade en verstoringen van de openbare orde. De gemeente is verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de wet en heeft daarmee een belangrijk instrument in handen. Onderzoek laat zien dat handhaving noodzakelijk is om het gewenste effect te bereiken van maatregelen zoals de leeftijdsgrens voor alcohol en het verbod op doorschenken.

Handhavingsprioriteiten De focus van het toezicht in West Betuwe ligt op de leeftijdsgrens en het beheersen van de beschikbaarheid. Het betreft de volgende bepalingen: 1. Leeftijdsgrens 18 jaar a. Artikel 20, lid 1 Alcoholwet. Oftewel het bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken van alcoholhoudende drank aan een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. Eveneens wordt begrepen het verstrekken van alcoholhoudende drank aan een persoon van 18 jaar of ouder, welke kennelijk bestemd is voor een persoon van wie de leeftijd niet is vastgesteld. b. Artikel 45 Alcoholwet. Het verbod op het aanwezig hebben van alcohol onder de 18 jaar op voor publiek toegankelijke plaatsen. c. Artikel 45a, lid 1 Alcoholwet. Het verbod voor volwassenen om op publiek toegankelijke plaatsen anders dan bedrijfsmatig alcohol te verstrekken aan een persoon die de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, ook bekend als wederverstrekking 2. Beheersen beschikbaarheid/voorkomen blurring a. Art. 25 lid 1 van de Alcoholwet. Verbod op het aanwezig hebben van alcoholhoudende drank in een voor het publiek (niet) toegankelijke ruimte, niet zijnde een slijtersbedrijf, horecabedrijf of een ruimte waarin rechtmatig alcohol aan particulieren wordt verstrekt voor gebruik elders dan ter plaatse. b. Art. 25 lid 2 van de Alcoholwet.

Verbod op het toelaten dat alcoholhoudende drank wordt genuttigd in een voor het publiek toegankelijke ruimte, niet zijnde een horecabedrijf of het laten proeven in een slijtersbedrijf op verzoek van een klant. Voor de dronkenschap controles wordt actief samengewerkt met de politie. De burgemeester kan op basis van bevindingen van de gemeentelijke boa handhavend op te treden op basis

41 | 44

van artikel 20 lid 4 en 5 (aanwezigheid toestaan aan dronken personen en dronken dienstdoen in horecalokaliteit). Handhaving met betrekking tot het doorschenken aan dronken personen en dronkenschap in de openbare ruimte is voorbehouden aan de politie. Voor de veiligheid van de boa maakt de gemeente afspraken met de politie over gezamenlijke controles en ondersteuning op afroep bij risicovolle situaties. Vanwege het gebrek aan capaciteit heeft toezicht op doorschenken bij dronkenschap op dit moment niet de eerste prioriteit. Wel zullen we hierop handhaven indien dit noodzakelijk is. 3. Dronkenschap/doorschenken a. Artikel 20, lid 4 Alcoholwet. Het verbod om personen in kennelijke staat van dronkenschap toe te laten in een horecazaak, op het terras of in een slijterij. b. Artikel 20, lid 5 van de Alcoholwet. Het verbod om in kennelijke staat dienst te doen in een horecazaak, op het terras of in een slijterij. c. Artikel 151f Wetboek van Strafrecht (in samenwerking met de politie). Verbod om personen in kennelijke staat van dronkenschap bedwelmende dranken te verkopen of toe te dienen en om iemand beneden de leeftijd van achttien jaren dronken te maken. d. Artikel 430b Wetboek van Strafrecht (in samenwerking met de politie). Verbod om zich in kennelijke staat van dronkenschap op de openbare weg te bevinden.

Toezichtcapaciteit Op basis van de risicoanalyse is vastgesteld dat er jaarlijks circa 110 reguliere controles worden uitgevoerd. Waarbij de eerste stap is om bij alle horeca de Alcoholwetvergunning en horecavergunning op orde te brengen, alvorens we aan de slag gaan met naleving van de Alcoholwet. Daarnaast worden er ad-hoc zaken uitgevoerd. Voor het uitvoeren van de reguliere controles, werkzaamheden eromheen en de ad-hoc zaken is ten minste 500 uur nodig. Dit betekent dat er meer capaciteit beschikbaar moet komen voor de naleving van de Alcoholwet dan op dit moment mogelijk is. We zetten er daarbij in om de benodigde toezichtcapaciteit te verdelen over meerdere boa’s. De toezichtcapaciteit wordt in samenwerking met externe toezichthouders en specialisten georganiseerd. Ad hoc zaken behelzen onder meer controles bij voor publiek toegankelijke ruimten zonder alcoholvergunning (waar geen alcohol aanwezig mag zijn), in de openbare ruimte (bekende locaties waar jeugd elkaar ontmoet) en bij de keten (privéterrein).

Sanctiestrategie Voor de opbouw van de sanctiestrategie is zowel het gezondheidsperspectief als het openbare orde en veiligheidsperspectief van de Alcoholwet leidend. Op basis hiervan zijn de bepalingen uit de Alcoholwet ingedeeld in drie risico-categorieën:

42 | 44

Categorie A

Overtredingen van bepalingen in deze categorie zijn van minder ernstige aard. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om administratieve vereisten.

Categorie B

Overtredingen van bepalingen in deze categorie zijn ernstige overtredingen, maar er is geen sprake van een acute (gevaar)situatie.

Categorie C

Overtredingen van bepalingen in deze categorie zijn ernstige overtredingen, die direct van invloed zijn op de gezondheid (van jongeren) en/of openbare orde.

Bij iedere categorie hoort een bepaald sanctiestappenplan. Dat wil zeggen dat elke categorie een eigen sanctieopbouw (1e, 2e, 3e overtreding) heeft, waarbij de overtredingen van bepalingen in een hogere categorie zwaarder bestraft worden. Kortom, op overtredingen die direct van invloed zijn op de gezondheid of de openbare orde (zoals de leeftijdsgrens en dronkenschap) wordt zwaarder ingezet dan administratieve overtredingen. Het sanctiestappenplan en de categorisering per artikel is opgenomen in de interventiematrix op pagina 30 van het VTH-beleid Rivierenland 2022/2025. Na het opleggen van een sanctie volgt op korte termijn een herinspectie.

43 | 44

Bijlage 2 Risicogestuurd toezicht en mysteryshoppers De gemeente investeert in toezicht en handhaving bij alcoholverstrekkers via risicogestuurd toezicht en mysteryshoppers. Het doel is niet beboeten, maar signaleren en gezamenlijk naar oplossingen zoeken. In deze bijlage leest u meer over risicogestuurd toezicht en mysteryshoppers. De toezichtcapaciteit van de gemeente wordt zo efficiënt mogelijk ingezet. Risicogestuurd toezicht vormt daarbij het uitgangspunt. Op basis van een jaarlijkse risicoanalyse wordt voor elk verkooppunt van alcoholhoudende drank een risicoscore bepaald. Deze score is gebaseerd op het type bedrijf, risico’s voor de omgeving, meldingen, naleving en gedrag van de ondernemer. Bedrijven met nagenoeg geen risico worden minder gecontroleerd. Bedrijven met een hogere risicoscore worden vaker gecontroleerd.

Basiscontrole Voordat de leeftijdsgrens/dronkenschap inspecties worden uitgevoerd is het zaak de vergunningen van in ieder geval de hotspots (locaties met permanent een beperkt risico) actueel te hebben. Met een basiscontrole wordt jaarlijks vastgesteld of de vergunning nog op orde is en of de leidinggevende aanwezig is. Basiscontroles worden uitgevoerd in uniform.

Controle op leeftijdsgrens en dronkenschap Op dit moment laten de middelen het niet toe om de gewenste controlefrequentie uit te voeren. Gestreefd wordt naar op ter mijn een controlefrequentie van minimaal 6 keer per jaar voor de hotspots met een hoge risicoscore. Voor de hotspots met een beperkt risico zijn 4 inspecties per jaar noodzakelijk om de naleving effectief te beïnvloeden (Wagenaar e.a., 2005). Voor de groene categorie met een beperkt risico volstaat 1 controle per jaar. De controles zullen met name in de weekenden plaatsvinden, tenzij de risicoanalyse anders bepaalt. De controles worden uitgevoerd in burgerkleding. Voor de controles op de leeftijdsgrens zet de gemeente de testkopermethode in. Bij de testkopermethode worden jongeren (minderjarig of meerderjarig) die niet onmiskenbaar 18 jaar of ouder zijn, ingezet om te constateren of de leeftijd goed wordt vastgesteld en of er al dan niet aan hen alcohol wordt verkocht of verstrekt. De boa van de gemeente neemt de testkoper(s) mee en laat deze een aankooppoging doen. De boa observeert de aankooppoging en wanneer hij of zij constateert dat de leeftijd niet op de juiste manier wordt vastgesteld, treedt de gemeente handhavend op volgens de sanctiestrategie.

44 | 44

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/901/documents/18324