RV2025-068-bijlage-preventie-en-handhavingsplan-middelengebruik-west-betuwe.pdf
Tekst van het document
Preventie- en handhavingsplan 2025 – 2028 Middelengebruik
Inhoud Inleiding ............................................................................................................... 3 Wat ligt er voor u? .............................................................................................. 3 Tabaks- en rookwarenwet .................................................................................... 4 Tabaks- en rookwarenwet .................................................................................... 4 Opiumwet .......................................................................................................... 4 Samen werken aan preventie en handhaving ......................................................... 5 Leeswijzer ......................................................................................................... 5 Verklaring van begrippen ..................................................................................... 5 1. 1.1. 1.2. 1.3. 1.4. 1.5. 2. 2.1. 2.2. 2.3. 2.4. 2.5. 3. 3.1. 3.2. 3.3. 3.4. 3.5. 4. 4.1. 4.2. 4.3. 4.4. 4.2. 4.6. 5. 5.1. 5.2. 5.3. 5.4.
Probleemanalyse ......................................................................................... 6 De schadelijkheid van alcohol, drugs en tabak ............................................. 6 Middelengebruik onder jongeren (scholieren) ............................................... 6 Middelengebruik onder volwassenen ..........................................................11 Naleving ................................................................................................12 Informatie van samenwerkingspartners .....................................................13 Ambitie en doelstellingen .............................................................................17 Naleving ................................................................................................17 Doelstellingen afname middelengebruik onder de 18 jaar .............................17 Doelstellingen afname middelengebruik volwassenen ...................................18 Bewustwording over de effecten van middelengebruik ..........................................19 Doelstellingen verbeterde naleving ............................................................20 Uitgangspunten voor beleid .........................................................................21 Gezonde en kansrijke omgeving ................................................................21 Indelingen van preventie
..........................................................................23 Community building ................................................................................23 Omgevingsbenadering .............................................................................23 Integrale beleidsvisie ...............................................................................24 Activiteiten ................................................................................................25 Gezin .....................................................................................................25 Scholen ..................................................................................................27 Vrije tijd (sport, cultuur, keten) ................................................................28 Peergroep ..............................................................................................30 Werkomgeving ........................................................................................31 Middelenverstrekkers ...............................................................................32 Samenwerking, uitvoering, financiën en evaluatie ..........................................35 Samenwerking met externe partners .........................................................35 Organisatie en uitvoering
.........................................................................35 Financiën ...............................................................................................37 Evaluatie ................................................................................................38
Literatuur en bronnen ...........................................................................................39 Bijlage 1 Handhaving, toezicht en sanctiestrategie ....................................................41 Handhavingsprioriteiten ......................................................................................41 Toezichtcapaciteit ..............................................................................................42 Sanctiestrategie.................................................................................................42 Bijlage 2 Risicogestuurd toezicht en mysteryshoppers ...............................................44 Basiscontrole .....................................................................................................44 Controle op leeftijdsgrens en dronkenschap ..........................................................44
2 | 44
Inleiding In gemeente West Betuwe is het alcoholgebruik, roken van sigaretten en vapen door jongeren de afgelopen jaren toegenomen. Een aanzienlijk deel van de ouders/verzorgers (overal waar u ouders leest, kunt u ook verzorgers lezen) en volwassenen blijven het alcoholgebruik en het roken en vapen van jongeren accepteren. Daarbij komen jongeren makkelijk aan middelen (alcohol, tabak- en rookwaren en drugs). Vapes en (illegale) drugs zijn gemakkelijk online te verkrijgen, bijvoorbeeld via sociale media of online webshops. In het geval van alcohol en sigaretten verkrijgen jongeren ze ook van volwassenen in hun omgeving. In artikel 43a van de Alcoholwet staat, dat de gemeenteraad verplicht is om elke vier jaar een Preventie- en Handhavingsplan (P&H-plan) Alcohol vast te stellen. Het P&H-plan biedt gemeenten de mogelijkheid om de (soms nog) gescheiden werelden van preventie en handhaving dichter bij elkaar te brengen. Het P&H-plan is een integraal beleidsplan met één gezamenlijke missie: het voorkomen van alcohol gerelateerde schade, met name onder jongeren. De gemeente West Betuwe wil met dit P&H-plan preventie versterken en de basis op orde stellen voor de handhaving van de Alcoholwet. De vergunningen voor de horeca zijn in de gemeente West Betuwe onvoldoende geactualiseerd en de naleving van de alcoholwetgeving is laag.
We zien wel voldoende mogelijkheden en kansen om stappen te zetten in het middelenpreventiebeleid, inclusief de handhaving. Hiervoor zetten we in op: 1. het faciliteren van een fysieke gezonde omgeving die gezond gedrag van alle inwoners stimuleert, 2. het versterken van de sociale omgeving rondom jongeren waarbij geen middelengebruik onder de 18 de norm wordt, en 3. het naleven van de geldende wet- en regelgeving. We doen dit kerngericht zodat we werken aan de gezondheid en het welzijn van de inwoners van al onze 26 kernen. En we spelen daarbij in op de lokale behoeftes van de inwoners. Dit streven is voor West Betuwe ambitieus maar deze uitdaging gaan de gemeente en haar ketenpartners graag aan.
Wat ligt er voor u? Met dit P&H-plan middelengebruik werken we aan een positief en gezond West Betuwe. We focussen ons hierbij met name op jongeren (van 10 tot 18 jaar) en de volwassenen in hun omgeving. Door gestructureerd en in kleine, haalbare stappen te werken, willen we duurzame vooruitgang boeken op gebied van preventie en handhaving. Het P&H-plan is onderbouwd door relevante onderzoeken gebaseerd op wetenschappelijke literatuur en databronnen zoals de GGD Gezondheidsmonitor Jeugd. Gemeenten zijn verplicht, op grond van artikel 43a van de Alcoholwet, om een P&H-plan Alcohol op te stellen. Waarin in ieder geval terug moet komen hoe wordt ingezet op het
3 | 44
voorkomen van alcoholgebruik, met name onder jongeren tot 18 jaar, en op de handhaving van de Alcoholwet. We hebben er daarnaast voor gekozen om naast de inzet op alcoholpreventie- en handhaving dit P&H-plan uit te breiden naar andere middelen: roken, vapen en drugs. Hier is voor gekozen omdat er veel samenhang is in het aanpakken en voorkomen van het gebruik van de verschillende middelen. Hiermee is het middelenpreventiebeleid direct ook een integrale aanpak. Het P&H-plan middelengebruik staat niet op zichzelf en is onderdeel van en verbonden met landelijk middelenpreventiebeleid en wetgeving (Alcoholwet, Tabaks- en rookwarenwet, Opiumwet, Geneesmiddelenwet, Verkeerswet, de Wet Publieke Gezondheid, het Nationaal Preventieakkoord (NPA, 2018) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA, 2023)) en lokale wet- en regelgeving en beleidsplannen. We sluiten met onze doelen aan bij de doelstellingen die zijn opgenomen in het NPA en het GALA. Maatregelen gericht op middelenpreventie en -handhaving zijn ook te vinden in andere beleidsplannen. Met dit P&H-plan middelengebruik sluiten we bij deze beleidsplannen aan. Hierbij valt te denken aan het Integraal Veiligheidsplan, GALA West Betuwe en de Beleidsregel Bestuurlijke handhaving artikel 13b Opiumwet.
Tabaks- en rookwarenwet Het doel van de Alcoholwet is om de schadelijke gevolgen van alcoholgebruik tegen te gaan en alcohol gerelateerde overlast terug te dringen. De Alcoholwet is een bijzondere wet omdat het zowel gericht is op gezondheid, als op veiligheid. Het toezicht op de naleving van de Alcoholwet is sinds 2013 decentraal belegd en daarmee de verantwoordelijkheid van de gemeente. Het beperken van de beschikbaarheid van alcohol is één van de meest effectieve maatregelen om alcoholgebruik te verminderen en de daaraan gerelateerde schade te voorkomen. De Alcoholwet is een wet die de verstrekking van alcoholhoudende dranken en daarmee de beschikbaarheid van alcohol reguleert. Daarnaast richt de Alcoholwet zich op verantwoorde verstrekking.
Tabaks- en rookwarenwet In de Tabaks- en rookwarenwet zijn maatregelen opgenomen om roken te ontmoedigen en om niet-rokers te beschermen tegen het meeroken. Het toezicht en handhaving op de naleving van de Tabaks- en rookwarenwet ligt bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). In deze wet staat onder andere: • Waar rookverboden van toepassing zijn • De leeftijdsgrens van 18 jaar bij verkoop aan jongeren • Verkoopverbod op afstand
Opiumwet In de Opiumwet zijn alle regels over drugs opgenomen. De Wet onderscheidt lijst 1 (harddrugs) en lijst 2 (softdrugs). De wet verbiedt bezit, de handel, de verkoop, het vervoer en de productie van de middelen in lijst 1 en lijst 2. Het toezicht en de handhaving van de
4 | 44
Opiumwet ligt grotendeels bij politie en justitie. De burgemeester heeft ook enkele toezichten handhavingstaken (Wet Victoria en Wet Damocles). Voor cannabis (lijst 2) is een gedoogbeleid voor verkoop via coffeeshop mogelijk. De gemeente West Betuwe hanteert een nuloptie-beleid ten aanzien van de vestiging van coffeeshops in de gemeente. De vestiging van een coffeeshops in de gemeente is dus niet toegestaan. Verder is een verbod van drugshandel en drugsgebruik op openbare plaatsen opgenomen in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Hierop houdt de gemeente toezicht.
Samen werken aan preventie en handhaving Dit P&H-plan is tot stand gekomen in samenwerking met verschillende partners binnen het sociaal domein en de domeinen gezondheid en veiligheid: GGD, IrisZorg, politie, handhaving, onderwijs, jongerenwerk, leerplicht, horecaondernemers en het gemeentelijk team Sociaal. Samen met deze en andere partijen wordt ook aan de uitvoering gewerkt. Meer informatie over de rolverdeling en invulling hiervan is te lezen in hoofdstuk 5 van dit plan.
Leeswijzer In dit P&H-plan leest u hoe de gemeente West Betuwe middelengebruik wil terugdringen en de naleving van wet- en regelgeving wil verbeteren. Na een korte inleiding volgt een analyse van het middelengebruik en nalevingscijfers in onze gemeente, ondersteund door informatie van ketenpartners. Vervolgens leest u over de ambities en doelstellingen van de gemeente en de uitgangspunten voor beleid. Het plan zet daarna in op stappen richting concrete preventieen handhavingsmaatregelen en activiteiten voor de volgende domeinen: het gezin, scholen, vrije tijd, peergroep, werkomgeving en middelenverstrekkers. Ten slotte wordt ingegaan op de samenwerking, uitvoering en evaluatie van de resultaten.
Verklaring van begrippen Middelen: Stoffen die het lichaam beïnvloeden, zoals alcohol, tabak, e-sigaretten en drugs. Deze stoffen kunnen verslavend en schadelijk voor de gezondheid zijn. Binge drinken: Minstens vijf glazen alcohol drinken tijdens één gelegenheid. Dit geldt voor zowel jongeren als volwassenen. Zwaar alcoholgebruik: Eén keer per week minstens vier glazen alcohol (voor vrouwen) of zes glazen alcohol (voor mannen) op één dag. Dit geldt voor zowel jongeren als volwassenen. Overmatig alcoholgebruik: Meer dan 14 glazen alcohol per week voor vrouwen of meer dan 21 glazen alcohol per week voor mannen. Dit geldt voor zowel jongeren als volwassenen. Vapen: Het roken van e-sigaretten. E-sigaretten verdampen vloeistof, vaak met nicotine. Esigaretten is de Nederlandse vertaling van vapes. Softdrugs: Drugs op lijst II van de Opiumwet, zoals cannabis en slaapmiddelen. Harddrugs: Drugs op lijst I van de Opiumwet, zoals cocaïne en GHB.
5 | 44
1.
Probleemanalyse
Dit hoofdstuk beschrijft de stand van zaken met betrekking tot middelengebruik van scholieren en volwassenen in de gemeente West Betuwe.
1.1.
De schadelijkheid van alcohol, drugs en tabak
Het gebruik van alcohol, tabak en drugs is nooit zonder risico’s. Op de websites alcoholinfo.nl, rokeninfo.nl en drugsinfo.nl zijn de risico’s en de gevolgen van het gebruik van deze middelen beschreven. De verschillende middelen brengen ook verschillende risico’s met zich mee, zowel voor de gebruiker zelf als voor de omgeving. Voor de gebruiker zelf is er bijvoorbeeld een verhoogd risico op verschillende kankersoorten door roken/vapen of door het drinken van alcohol. Voor de omgeving vormt bijvoorbeeld het rijden onder invloed van alcohol of drugs een risico. Jongeren zijn extra kwetsbaar voor de gevolgen van middelengebruik omdat hun brein nog niet volgroeid is. Hoe jonger jongeren beginnen met het gebruik van middelen, hoe groter de kans op schade en problemen met en door gebruik op latere leeftijd. Agressief- en asociaal gedrag en (kleine) wetsovertredingen komen bovendien vaker voor bij jongeren die alcohol drinken dan bij hun niet drinkende leeftijdgenoten. Daarom zetten we er ook op in om het middelengebruik onder jongeren te voorkomen en het eerste gebruik zo lang mogelijk uit te stellen.
1.2.
Middelengebruik onder jongeren (scholieren)
We schetsen een beeld van het middelengebruik van jongeren (scholieren in de 2e en 4e klas) aan de hand van cijfers. Daarbij zoomen we in op West Betuwe, en vullen deze aan met landelijke of regionale cijfers (Gelderland-Zuid) voor een vergelijking. De lokale en regionale cijfers komen van de Gezondheidsmonitor Jeugd van de GGD Gelderland-Zuid (2023). De landelijke cijfers komen van de (landelijke) Gezondheidsmonitor Jeugd van de GGD (2023). De monitors worden afgenomen bij leerlingen in de 2e en 4e klas van het vmbo, havo en vwo. Middelengebruik onder scholieren is gemeten in de Gezondheidsmonitors op basis van deelnemende VO-scholen en postcode. Het kan dus voorkomen dat leerlingen uit West Betuwe naar scholen (buiten de gemeente) gaan die niet meedoen met de monitors. In 2023 hebben 753 leerlingen uit West Betuwe deelgenomen aan de Gezondheidsmonitor Jeugd, waarvan 367 leerlingen uit klas 2 en 379 leerlingen uit klas 4. In totaal volgden 174 leerlingen vmbo-bk, 197 leerlingen vmbo-gt, 227 leerlingen havo en 123 leerlingen vwo (zie ook figuur 1.1 op pagina 7).
6 | 44
Figuur 1.1 Aantal leerlingen in verschillende klassen en onderwijsniveaus
Alcoholgebruik scholieren Het alcoholgebruik door scholieren uit West Betuwe van klas 2 en 4 in het voortgezet onderwijs is in 2023 hoger dan het regionaal en landelijke gemiddelde. Het alcoholgebruik is onder scholieren uit West Betuwe toegenomen ten opzichte van 2019. De stijging is hoger dan die van het regionale en het landelijk gemiddelde. Zie tabel 1.1 hieronder. Tabel 1.1 Alcoholgebruik scholieren klas 2 en 4 Alcoholgebruik klas 2 en 4
West Betuwe 2019
Regio 2019
NL 2019
West Betuwe 2023
Regio 2023
NL 2023
Ooit slokjes of een heel glas alcohol gedronken
54%
53%
52%
64%
56%
55%
Laatste 4 weken alcohol gedronken
31%
29%
26%
37%
30%
27%
Laatste 4 weken bingedrinken
21%
21%
18%
23%
19%
18%
Verschil alcoholgebruik klas 2 en 4 Het alcoholgebruik neemt zowel landelijk als in West Betuwe toe tussen klas 2 en klas 4. In klas 2 geeft 18% van de scholieren aan de laatste 4 weken alcohol te hebben gedronken. In klas 4 is dit toegenomen naar 54% van de scholieren die aangeven de laatste 4 weken alcohol te hebben gedronken. Ook het bingedrinken neemt toe tussen klas 2 en klas 4. Het verschil in alcoholgebruik tussen klas 2 en 4 is opgenomen in tabel 1.2 op de volgende pagina.
7 | 44
Tabel 1.2 Verschil alcoholgebruik scholieren klas 2 en 4 West Betuwe (2023) Alcoholgebruik klas 2 en 4 in 2023
Klas 2
Klas 4
Totaal klas 2 en 4
Ooit slokjes of een heel glas alcohol gedronken
50%
77%
64%
Laatste 4 weken alcohol gedronken
18%
54%
37%
Laatste 4 weken bingedrinken
8%
37%
23%
Alcoholgebruik naar schoolniveau Uit de Gezondheidsmonitor Jeugd (2023) valt op dat het percentage vmbo-scholieren in West Betuwe dat aangeeft de afgelopen maand te hebben gebinged substantieel hoger is dan het percentage havo- en vwo-scholieren. Dit beeld komt niet overeen met het landelijk alcoholgebruik onder scholieren. Landelijk zijn de verschillen tussen het alcoholgebruik onder scholieren minimaal (Rombouts et al., 2023). In andere gemeenten in de regio Gelderland-Zuid is het verschil in aantallen leerlingen tussen vmbo scholieren en havo/vwo scholieren die de Gezondheidsmonitor hebben ingevuld minder groot. Wel is in de hele regio Gelderland-Zuid het percentage vmbo-scholieren dat aangeeft de afgelopen maand gebinged heeft hoger dan voor havo- en vwo-scholieren. Tabel 1.3 Verschil alcoholgebruik naar schoolniveau in West Betuwe (2023) Alcoholgebruik klas 2 en 4 in 2023
Vmbo-bk
Vmbo-gt
Havo
Vwo
Ooit slokjes of een heel glas alcohol gedronken
66%
68%
63%
60%
Laatste 4 weken alcohol gedronken
38%
45%
34%
35%
Laatste 4 weken bingedrinken
27%
34%
16%
18%
Ouders en het alcoholgebruik van scholieren Hoewel de invloed van leeftijdgenoten en vrienden op het gedrag toeneemt naarmate kinderen vanaf de middelbare schoolleeftijd, blijven ouders invloed houden op het drinkgedrag van hun opgroeiende kind (Engels e.a., 2013; Smit e.a., 2020). Zij doen dat expliciet door de regels die ze stellen maar ook impliciet, bijvoorbeeld door hun eigen houding (positief of negatief) ten opzichte van alcohol en door hun eigen drinkgewoonten. Ouders die zelf regelmatig drinken, zijn bijvoorbeeld toleranter ten aanzien van alcoholgebruik bij hun kinderen (Engels e.a., 2013). Uit de Gezondheidsmonitor Jeugd (2023) blijkt dat 19% van de scholieren uit West Betuwe aangeeft dat hun ouders het goed vinden dat hun kinderen alcohol drinken (13% in klas 2,
8 | 44
27% in klas 4). Dit is vergelijkbaar met het regionaal gemiddelde waar 18% van de scholieren aangeeft dat hun ouders het goed vinden dat hun kinderen alcohol drinken. Rookgedrag scholieren Het aantal scholieren dat aangeeft te roken en het aantal scholieren dat aangeeft te vapen is in 2023 sterk toegenomen ten opzichte 2019. Het aantal jongeren in West Betuwe dat aangeeft sigaretten te roken is niet of nauwelijks veranderd. Deze trend zien we ook terug in de regionale en landelijke cijfers. Het aantal scholieren uit de gemeente West Betuwe dat aangeeft te vapen is hoger dan in de regionale en het landelijke gemiddelde. Tabel 1.4 bevat een overzicht van het percentage van de scholieren die aangeven te roken of vapen. Tabel 1.4 Rookgedrag scholieren klas 2 en 4 Rookgedrag klas 2 en 4
West Betuwe 2019
Regio 2019
NL 2019
West Betuwe 2023
Regio 2023
NL 2023
Ooit een hele sigaret of meer 12% gerookt
10%
10%
15%
12%
12%
Rookt tenminste wekelijks
7%
5%
4%
8%
7%
7%
Rookt elke dag
5%
3%
3%
4%
4%
4%
Ooit vape gebruikt
-%
-%
23%
37%
31%
30%
Vapet tenminste wekelijks
3%
2%
2%
13%
9%
9%
Vapet dagelijks
1%
1%
1%
7%
5%
5%
Verschil roken klas 2 en 4 Net als bij het drinken van alcohol neemt zowel landelijk als lokaal het roken toe van klas 2 naar 4. Zo geeft uit klas 2 nog 8% van de scholieren aan ooit een hele sigaret of meer te hebben gerookt. In klas 4 is dit percentage gestegen naar 21%. Wat verder opvalt is de sterke toename tussen klas 2 en 4 van het aantal scholieren wat aangeeft ooit een vape te hebben gebruikt, wekelijks te vapen of dagelijks te vapen. De verschillen in het rookgedrag zijn opgenomen in tabel 1.5 op de volgende pagina
9 | 44
Tabel 1.5 Verschil rookgedrag scholieren klas 2 en 4 (2023) Rookgedrag klas 2 en 4 in 2023
Klas 2
Klas 4
Totaal klas 2 en 4
Ooit een hele sigaret of meer gerookt
8%
21%
15%
Rookt tenminste wekelijks
3%
12%
8%
Rookt elke dag
2%
7%
4%
Ooit vape gebruikt
32%
43%
37%
Vapet tenminste wekelijks
10%
16%
13%
Vapet dagelijks
3%
12%
7%
Rookgedrag naar schoolniveau Het percentage vmbo-scholieren dat aangeeft ooit, ten minste wekelijks of dagelijks te roken is hoger dan het percentage havo- en vwo-leerlingen. Dit is ook zo bij vapen. Het beeld dat onder vmbo-scholieren meer wordt gerookt dan door havo- en vwo-scholieren zien we ook landelijk terug. Zie tabel 1.6 hieronder. Tabel 1.6 Verschil rookgedrag naar schoolniveau in West Betuwe (2023) Rookgedrag klas 2 en 4 in 2023
Vmbo-bk
Vmbo-gt
Havo
Vwo
Ooit gerookt, sigaretten
23%
16%
12%
9%
Rookt wekelijks, sigaretten
15%
11%
3%
3%
Rookt dagelijks, sigaretten
9%
7%
2%
0%
Ooit gerookt, vapes
50%
44%
34%
22%
Rookt wekelijks, vapes
22%
17%
10%
4%
Rookt dagelijks, vapes
13%
11%
5%
2%
Drugsgebruik scholieren In de Gezondheidsmonitor Jeugd wordt alleen het gebruik van wiet/hasj uitgevraagd. In 2023 gaf 8% van de scholieren in West Betuwe aan ooit wiet of hasj te hebben gebruikt. Dit is overeenkomend met het regionale (8%) en landelijke (9%) gemiddelde. Van de scholieren gaf 4% aan de laatste vier weken wiet of hasj te hebben gebruikt. Ook dit komt overeen met het regionale en landelijke (5%) gemiddelde. Zie tabel 1.7 (volgende pagina) voor een overzicht.
10 | 44
Tabel 1.7 Drugsgebruik scholieren (2023) Drugsgebruik scholieren 2023
West Betuwe
Regio
NL
Ooit wiet of hasj gebruikt
8%
8%
9%
Laatste maand wiet of hasj gebruikt
4%
5%
5%
Drugsgebruik 16- en 17-jarigen In de Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen (2024) worden cannabis en harddrugs uitgevraagd. Voor het recent gebruik onder 16- en 17-jarigen zijn enkel regionale cijfers beschikbaar. Van deze jongeren (16- en 17-jarigen) gaf 12% aan de laatste 4 weken cannabis te hebben gebruikt. Dit komt overeen met het landelijk gemiddelde recent gebruik van cannabis onder 16- en 17- jarigen (12%). Onder 16-17 jarigen in de regio Gelderland-Zuid zijn de aantallen voor het gebruik de laatste vier weken van andere drugs te laag om deze op te nemen in de rapportage. Gekeken naar het laatste jaargebruik zijn, na cannabis, 3MMC of 4MMC (4%) en xtc (3%) de meest gebruikte drugs. Het laatste jaar lachgasgebruik onder 1617-jarigen in de regio Gelderland-Zuid is 2%.
1.3.
Middelengebruik onder volwassenen
Alcoholgebruik onder volwassenen In de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen (2022) wordt het gebruik van alcohol uitgevraagd. • In 2022 gaf 42% van de volwassenen in West Betuwe aan dat zij geen alcohol drinken of maximaal 1 glas per dag (conform de richtlijn van de Gezondheidsraad Advies alcoholgebruik volwassenen - ALCOHOLinfo.nl). Volwassenen die ouder zijn dan 65 jaar gaven dit vaker aan (53%) dan volwassenen tussen de 18 en 64 jaar (39%). • Wel is er een lichte afname van het aantal volwassenen in West Betuwe dat geen alcohol drinkt of maximaal 1 glas per dag, dit was namelijk 45% in 2020. Deze daling komt door de lichte afname onder de groep volwassenen in de leeftijd van 18-64 jaar: van 43% naar 39%. Onder volwassenen ouder dan 65 jaar bleef het aantal nagenoeg gelijk (52% in 2020 en 53% in 2022). In de regio Gelderland-Zuid is het aantal volwassenen dat aangeeft niet of max. 1 glas per dag te drinken niet verandert in de afgelopen jaren (41% in 2020). • In West Betuwe geeft 8% van de volwassenen aan een overmatige drinker te zijn, wat vergelijkbaar is met de regio (7%) en landelijk (8%). Onder 18-64-jarigen is het aantal dat aangeeft overmatig te drinken 7%, onder 65-plussers is dit 8%. • We zien een significante stijging van het aantal overmatige drinkers van 5% in 2020 naar 8% in West Betuwe.
In de regio Gelderland-Zuid was het aantal overmatige drinkers 6% in 2020 en 7% in 2022. • Opvallend is dat er geen grote verschillen zijn in overmatig drinken tussen mannen (8%) en vrouwen (7%) in de regio Gelderland-Zuid. In West Betuwe is dit wel zo (mannen 10%, vrouwen 5%), dit komt meer overeen met het landelijk beeld (mannen 9%, vrouwen 5%). • Het aantal volwassenen dat aangeeft een zware drinker te zijn ligt hoger dan het landelijk gemiddelde (8%), met in West Betuwe 10% en in de regio 11%. Onder volwassenen met een leeftijd tussen de 18 en 64 jaar is dit in de gemeente West Betuwe 11% en onder
11 | 44
65plussers is dit 6%. Zowel regionaal als landelijk is het aantal zware drinkers onder (jong)volwassenen ook hoger dan onder volwassenen ouder dan 65 jaar. Rookgedrag onder volwassenen In gemeente West Betuwe en de regio Gelderland-Zuid rookt 14% van de volwassenen wel eens. Dit is iets lager dan het landelijk gemiddelde (17%). • Er is de afgelopen jaren zowel lokaal als regionaal een afname van het aantal rokers te zien. • Meer inwoners in West Betuwe tussen de 18-64 jaar roken (16%) dan inwoners van 65 jaar en ouder (9%). • Vapen is niet uitgevraagd in de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen in 2022. Drugsgebruik onder volwassenen In de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen (2022) worden soft- en harddrugsgebruik uitgevraagd. • Het aantal volwassenen in West Betuwe die aangeven in 2022 cannabis te hebben gebruikt ligt op 4%, dat is lager dan het regionaal gemiddelde (7%). • Ook het gebruik van cocaïne, xtc, amfetamine, paddo’s, GHB, LSD of heroïne in 2022 is onder volwassenen in West Betuwe lager (3%) dan het regionaal gemiddelde (7%).
1.4.
Naleving
Nalevingsonderzoek leeftijdsgrens Met nalevingsonderzoek wordt onderzocht in hoeverre de leeftijdsgrens voor alcohol wordt nageleefd door alcoholverstrekkers. Als minderjarigen aan alcohol willen komen is dat nog steeds gemakkelijk in Nederland. Tussen 2018 (37,7%) en 2022 (39,4%) is de landelijke naleving van de leeftijdsgrens bij alcoholverkoop nauwelijks veranderd, en in 2024 is deze zelfs afgenomen (32,7%) (Bureau Objectief, 2024). De leeftijd wordt het beste gecontroleerd bij supermarkten en slijterijen. Bij het nalevingsonderzoek van Bureau Objectief (2023) in West Betuwe werd geconstateerd dat de gemiddelde naleving van de leeftijdsgrens met 43% ook laag was. Hierbij moet wel de kanttekening worden geplaatst dat er in te weinig verschillende horecazaken gecontroleerd is. Van de 110 horecazaken in West Betuwe hebben er bij 6 zaken controles plaatsgevonden, daardoor geeft de uitkomst geen representatief beeld van de naleving (0% naleving in de horeca). In de sportkantines (14%) en cafetaria’s (40%) is de naleving verder het laagst. Net als landelijk het geval is, is de naleving van de leeftijdsgrens ook in West Betuwe bij supermarkten (80%) en slijterijen (83%) het hoogst. Zowel landelijk als lokaal de is naleving van de leeftijdsgrens bij supermarkten en slijterijen hoger. Dit komt omdat zij vaak onderdeel zijn van een landelijke keten.
Deze ketens hebben vaak een duidelijk nalevingsbeleid en meer kennis en hulpmiddelen tot hun beschikking om het personeel te ondersteunen bij de naleving van de leeftijdsgrens. Op dit moment zijn de vergunningen van (para)commerciële horeca in West Betuwe nog niet allemaal op orde. De verklaringen hiervoor zijn het gebrek aan capaciteit bij de gemeente om
12 | 44
dit op te pakken en te controleren, de fusie tot de gemeente West Betuwe in 2019, en de invoering van de Alcoholwet in 2021, waarbij de vergunningen niet zijn geactualiseerd. Voordat de nalevingcontroles van de leeftijdsgrens worden uitgevoerd door boa’s is het zaak dat de vergunningen van de horeca in West Betuwe op orde zijn. Het is vervelend dat we op dit terrein nog achterlopen, maar we gaan de komende jaren hiermee een inhaalslag maken. Vervolgens gaat de gemeente de controle op de naleving van de leeftijdsgrens weer uitvoeren, waarbij wel voldoende handhavingscapaciteit nodig is. Op dit moment is deze niet voldoende om reguliere nalevingscontroles uit te kunnen voeren. De gemeente West Betuwe zet in 2025 in op twee nieuwe boa’s, waaronder een boa met taakaccent jeugd. De komende jaren verkent West Betuwe mogelijkheden om meer capaciteit op nalevingscontroles in te zetten. Wederverstrekking Naar wederverstrekking is landelijk en lokaal geen onderzoek gedaan. Wederverstrekking is het verstrekken van alcohol aan een persoon van wie is vastgesteld dat deze 18 jaar of ouder is, maar het product is bestemd voor iemand waarvan niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. De ondernemer, de minderjarige en degene die de drank koopt en doorgeeft kunnen beboet worden.
Dronkenschap en doorschenken Nalevingsonderzoek doorschenken geeft een beeld van de mate waarin aan personen onder invloed alcohol wordt geschonken in de (paracommerciële) horeca en of de toegang aan personen in kennelijke staat van dronkenschap wordt geweigerd. Horecapersoneel blijkt het lastig te vinden om dronkenschap te herkennen en om daar aansluitend op te acteren (Nijkamp e.a., 2020). Er is in 2024 voor het eerst landelijk onderzoek gedaan naar doorschenken bij dronkenschap in horeca, avondwinkels, slijterijen en paracommerciële instellingen (zoals sportkantines en buurthuizen). Hieruit blijkt dat de naleving van het verbod op toegang (3,2%) en doorschenken (16,8%) laag is (Bureau Objectief, 2024a). Lokaal is er geen onderzoek gedaan. Het toezicht (en handhaving) op de naleving van het niet toelaten van personen in kennelijke staat van dronkenschap is ook een wettelijke taak van de gemeente. Maar op dit moment is er geen capaciteit beschikbaar om hierop toe te zien en te handhaven.
1.5.
Informatie van samenwerkingspartners
Naast onderzoek leveren kennis, ervaringen en registraties van samenwerkingspartners in de gemeente informatie op over de stand van zaken. Op de volgende twee pagina’s wordt deze input beschreven. In tabel 1.8 (pagina 16) staat een samenvatting van de genoemde verbeterpunten. Evaluatie huidige situatie Met verschillende stakeholders (zie 5.1.) is de huidige situatie rond middelengebruik, preventie en naleving in West Betuwe geëvalueerd. Dit leverde voor de komende periode de volgende aandachtspunten op:
13 | 44
• In zowel lokale als regionale beleidsplannen en de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) zijn diverse maatregelen opgenomen om het alcohol- en drugsgebruik te beperken of te voorkomen, zoals het verbod op Happy Hours en het nuloptiebeleid ten aanzien van coffeeshops. • Het verstrekken van een gratis autorijbewijs na het volgen van de Alcohol Verkeer Cursus (AVC) verloopt succesvol, met 75 deelnemers tijdens het eerste jaar in 2024. De professionals opperen of de AVC uitgebreid kan worden naar bromfietsrijbewijs (rijbewijs AM) en trekkerrijbewijs (rijbewijs T). • We zien in de afgelopen jaren een toename van het aantal jongeren dat alcohol drinkt, sigaretten rookt en vapet. Ook zien we een toename van het aantal volwassenen dat overmatig drinkt in West Betuwe. • Op scholen wordt gesignaleerd dat scholieren vapen (bv. op het toilet) en handelen in vapes. • Er zijn signalen dat soft- en harddrugsgebruik onder enkele jongeren en (jong)volwassenen regelmatig voorkomt in West Betuwe, waarbij 3-MMC, xtc en cocaïne worden genoemd. Daarbij wordt aangegeven dat drugs gemakkelijk verkrijgbaar zijn, bijvoorbeeld online. Dit geldt ook voor alcohol en rookwaren. • Het is essentieel om de basis in de gemeente op orde te stellen. Door gestructureerd en in kleine, haalbare stappen te werken, willen we vooruitgang boeken met toezicht en handhaving.
De gemeente zet in op extra capaciteit door een boa met taakaccent jeugd op te leiden vanaf december 2024. • De motivatie om deze stappen te zetten en de uitdagingen samen aan te gaan is sterk aanwezig. Ook onder de professionals is er een breed draagvlak om gezamenlijk aan de slag te gaan. Registraties lokaal: politie en sportverenigingen Verschillende organisaties houden registraties bij van alcohol- en drugsgerelateerde incidenten of hulpverleningstrajecten. De beschikbare gegevens in onze gemeente staan hieronder. • Politieregistraties alcohol- en drugsgerelateerde incidenten en delicten o De aantallen openbaar dronkenschap zijn beperkt, met 4 meldingen in 2023. o In 2023 was 6% van de overlastincidenten in West Betuwe gerelateerd aan alcohol en/of drugs. o Er zijn 105 boetes uitgedeeld in 2023 voor rijden onder invloed, dat zijn er 28 meer dan in 2019. Dit is in lijn met de landelijke trend van de afgelopen jaren, waarin ook een toename is te zien van rijden onder invloed. • Verenigingsmonitor West Betuwe 2024 (Van Vught e.a. 2024): Gezonde kantine o Alle sportverenigingen in de gemeente die alcohol schenken geven aan een alcoholbeleid te hebben, waarin diverse maatregelen zijn opgenomen. Tweederde (66%) geeft aan de leeftijd de controleren bij de verkoop van alcohol en meer dan de helft (57%) verkoopt geen alcohol aan dronken mensen.
o 49% van de sportverenigingen in West Betuwe geeft aan geheel rookvrij te zijn en 40% zijn gedeeltelijk rookvrij. o In West Betuwe geeft 80% van de sportverenigingen aan nooit overlast te ervaren van middelengebruik, zoals drugs en lachgas. Uit de Verenigingsmonitor kon niet worden gehaald welk type drugsoverlast 20% van de sportverenigingen in West Betuwe ervaart. Wel dat dit uitsluitend plaatsvond bij bijna uitsluitend de grote sportverenigingen.
14 | 44
Ervaringen en bevindingen van ketenpartners Ter voorbereiding op dit P&H-plan middelengebruik spraken we met verschillende ketenpartners: de politie, handhaving, jongerenwerk, GGD, scholen, IrisZorg en beleidsadviseurs van de gemeente. Daarnaast heeft de gemeente een korte enquête uitgezet onder horecaondernemers in West Betuwe. De gemeente heeft hen gevraagd aan te geven wat zij als de belangrijkste problemen met betrekking tot middelengebruik en -handel en de naleving van de wet zien. En wat zij zien als verbeterpunten voor preventie en handhaving. Hun inzichten laten het volgende beeld zien: • Er is veel draagvlak voor middelenpreventie- en handhaving gericht op jongeren (en jongvolwassenen). In de gesprekken met de meeste ketenpartners is vooral ingegaan op de jongere doelgroep en minder op volwassenen of ouderen. • Jongeren en jongvolwassenen drinken veel en regelmatig alcohol, vooral in keten, thuis, na sport, in het openbaar (bijvoorbeeld Lingepark) en soms op werk. • Bij omgevingen zoals in de sportkantines, keten, werk en horeca heerst een ‘ons-kent-ons’cultuur, waardoor volwassenen ook alcohol schenken/meegeven aan minderjarigen wanneer zij deze minderjarigen kennen. • Veel ouders en volwassenen accepteren het alcoholgebruik en rookgedrag van jongeren.
• Op sommige plekken waar veel jongeren werken heerst een cultuur waarin alcohol en roken genormaliseerd is (bijvoorbeeld meerdere rookpauzes tijdens werktijd en een vrijdagmiddagborrel). Dit komt volgens de professionals met name in de agrarische sector voor, omdat daar de naborrel vaker voorkomt en er veel jongeren werken. • Het aantal jongeren dat sigaretten rookt is hoger in de dorpskernen, het vapen is vooral populair in Geldermalsen en Beesd. • Het gebruik van cannabis wordt met name gesignaleerd op bekende hangplekken (bijvoorbeeld onder de Lingebrug of in het Lingepark in Geldermalsen). • Er zijn signalen dat onder een aantal van de vroegtijdig schoolverlaters er sprake is van regelmatig blowen. • Veel ketenpartners geven aan dat jongeren makkelijk alcohol, sigaretten, vapes en drugs verkrijgen via sociale media. Alcohol, sigaretten en vapes worden ook verkregen via wederverstrekking (via volwassenen). • De heersende norm onder volwassenen over drugsgebruik is negatiever dan over alcoholgebruik. Terwijl het alcoholgebruik onder jongeren (en volwassenen) veel vaker voorkomt dan het drugsgebruik door jongeren (en volwassenen). De gesprekken met ketenpartners leverden input voor de verbetering van preventie en handhaving van het middelengebruik. Tabel 1.8 op de volgende bladzijde beschrijft de kernpunten van de input.
15 | 44
Tabel 1.8 Verbeterpunten preventie per setting volgens ketenpartners Domein
Voorgestelde verbeterpunten voor preventie volgens ketenpartners
Gezin
• Vergroten bewustwording van ouders over (de schadelijkheid van) het middelengebruik van hun kinderen • Vergroten betrokkenheid van ouders bij het beperken van het middelengebruik van hun kinderen • Opvoedondersteuning bieden aan ouders met betrekking tot middelengebruik en het voorbeeldgedrag
School
• Een gezamenlijk duidelijk middelenbeleid voor de middelbare scholen en mbo. • Voorlichting aan ouders en leraren bieden in groep 7 en 8 over middelengebruik • Inzetten op signaleren handelen vapes en terugdringen handel hierin • Verder inzetten op het programma Helder op School en voorlichting en deskundigheidsbevordering door IrisZorg
Vrije tijd
• Meer divers aanbod georganiseerde vrijetijdsbesteding voor minderjarigen in dorpskernen • Uitbreiden AVC naar bromfietsrijbewijs en trekker rijbewijs • Voorlichting over de alcoholwetgeving aan besturen en barvrijwilligers in sportkantines • Informeel toezicht op het middelengebruik in keten • Inzetten op een rookvrije sportomgeving
Peergroep
• Openstelling van plekken waar jongeren onder toezicht van een volwassene hun vrije tijd kunnen doorbrengen
Werk
• Vergroten bewustwording van werkgevers over (de schadelijkheid van) het middelengebruik van hun werknemers • Het opstellen van Alcohol-, Drugs- en medicijnenbeleid en rookbeleid en voorlichting over middelengebruik en werk
Middelenverstrekkers • Voorlichting over de alcoholwetgeving aan horecapersoneel • Samenwerking horecaondernemers met betrekking tot dronkenschap: ‘bij één geweigerd is overal geweigerd’ • Verbeteren van de naleving van de leeftijdsgrens en het toelaten van personen in kennelijke staat van dronkenschap en het verbod op doorschenken bij dronkenschap
16 | 44
2. 2.1.
Ambitie en doelstellingen
Naleving
Een P&H-plan dient aan te geven wat de doelstellingen van het beleid zijn. Dit is zo opgenomen in Artikel 43a van de Alcoholwet. Op basis van de wet- en regelgeving voor middelengebruik en de eerder vastgestelde beleidsplannen formuleren de gemeente en haar ketenpartners de volgende hoofddoelstelling voor dit P&H-plan: Afname van het middelengebruik en de schadelijke gevolgen van middelengebruik onder alle inwoners van West Betuwe, maar met name onder jongeren tot 18 jaar West Betuwe streeft ernaar dat haar inwoners gezond, veilig en kansrijk kunnen opgroeien. Middelengebruik hoort daar niet bij, vooral niet onder jongere inwoners. Voor (jong)volwassenen zetten we in op een afname van middelengebruik. Bovendien zetten we erop in dat volwassenen niet roken, geen drugs gebruiken en geen alcohol drinken in de omgeving van jongeren. Dit is belangrijk omdat kinderen het gedrag en gebruik van hun ouders kunnen overnemen. Een sociale en fysieke omgeving die uitnodigt en stimuleert tot het gewenste gezonde gedrag is dan ook ondersteunend aan deze ambitie. Daarom zetten de gemeente en haar ketenpartners in op het versterken van de sociale omgeving rondom jongeren, het faciliteren van een fysieke gezonde omgeving die gezond gedrag van alle inwoners stimuleert en het naleven van de geldende wet- en regelgeving.
In de volgende paragrafen formuleert West Betuwe voor de komende jaren een aantal concrete doelstellingen, op basis van de probleemanalyse. Met deze getalsmatige doelstellingen wordt richting gegeven aan de beschreven ambities.
2.2.
Doelstellingen afname middelengebruik onder de 18 jaar
De doelstellingen die in dit P&H-plan worden opgenomen zijn afgeleid van hiervoor beschreven ontwikkelingen in het middelengebruik. Daarbij wil West Betuwe de ambities uit het Nationaal Preventieakkoord (NPA) en het landelijke Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) bereiken: • 0% van de jongeren onder 18 jaar rookt in 2040; en • het aantal jongeren dat alcohol drinkt is substantieel afgenomen in 2040. Dit zijn erg ambitieuze doelstellingen om na te streven, maar op deze wijze heeft West Betuwe concrete doelen om naar toe te werken. De gemeente en haar ketenpartners werken hier stapsgewijs naartoe (zie tabel 2.1 op pagina 18). De doelstellingen die voor 2028 zijn opgenomen, zijn teruggerekend van de doelstelling uit het NPA voor 2040 naar een tussendoel in 2028. Voor het behalen van de doelstellingen is de gemeente naast haar lokale inzet ook afhankelijk van landelijke ontwikkelingen, zoals de beschikbaarheid van middelen voor preventie. Op dit moment worden de doelstellingen uit het NPA in bijna alle gemeenten
17 | 44
nog niet gehaald (RIVM, 2024). West Betuwe loopt echter nog achter op de landelijke resultaten en streeft een verbetering na met dit P&H-plan middelengebruik. Tabel 2.1 Doelstellingen middelengebruik scholieren klas 2 en 4 Doelstellingen middelengebruik scholieren klas 2 en 4
West Betuwe 2023
West Betuwe 2028
NPA 2040
Ooit slokjes of een heel glas alcohol gedronken
64%
53%
25%
Laatste 4 weken alcohol gedronken
37%
31%
15%
Laatste 4 weken bingedrinken
23%
18%
7%
Rookt tenminste wekelijks
8%
6%
0%
Rookt elke dag
4%
3%
0%
Vapet tenminste wekelijks
13%
9%
0%
Vapet dagelijks
7%
5%
0%
Met betrekking tot drugs zijn er geen ambities in het NPA opgenomen. Aangezien het cannabisgebruik onder scholieren in West Betuwe en het xtc-gebruik onder 16- en 17-jarigen in Gelderland-Zuid lager vergelijkbaar zijn met de landelijke gemiddeldes, neemt de gemeente een beschrijvende doelstelling op in dit P&H-plan. In 2028 ziet West Betuwe graag een lager percentage van de jongeren tot 18 jaar dat aangeeft soft- en/of harddrugs te gebruiken.
2.3.
Doelstellingen afname middelengebruik volwassenen
De doelstellingen die we hier opnemen zijn afgeleid van eerder beschreven ontwikkelingen (zie 1.3) in het middelengebruik onder volwassenen en geformuleerd met de ambities uit het NPA en het GALA voor ogen. De gemeente streeft er naar deze doelstellingen te behalen (zie tabel 2.2). Voor het behalen van de doelstellingen is West Betuwe naast haar lokale inzet ook afhankelijk van landelijke ontwikkelingen. Op dit moment worden de doelstellingen uit het NPA landelijk nog niet gehaald (RIVM, 2024). De gemeente loopt echter nog achter op de landelijke resultaten en doelstellingen, en streeft een verbetering na met dit P&H-plan middelengebruik.
18 | 44
Tabel 2.2 Doelstellingen middelengebruik volwassenen Doelstellingen middelengebruik volwassenen
West Betuwe
West Betuwe
NPA
2023
2028
2040
Overmatig drinkt
8%
7%
5%
Zwaar drinkt
10%
8%
5%
Rookt (wel eens)
14%
11%
5%
Met betrekking tot drugs zijn er geen ambities in het NPA opgenomen. Aangezien drugsgebruik onder volwassenen lager ligt in West Betuwe (4%) dan de regionale en landelijke cijfers, neemt de gemeente een beschrijvende doelstelling op in dit P&H-plan. Ons doel omtrent drugsgebruik onder volwassenen in West Betuwe betreft een dalende trend van drugsgebruik. In 2028 zien de gemeente en haar ketenpartners graag een lager percentage volwassenen dat aangeeft soft- en/of harddrugs te gebruiken.
2.4.
Bewustwording over de effecten van middelengebruik
De gemeente West Betuwe wil samen met haar ketenpartners de kennis over de schadelijke effecten van het middelengebruik vergroten bij personen die een belangrijke rol spelen in de omgeving van jongeren. Hierbij denken de gemeente en ketenpartners aan ouders, leraren, trainers en andere rolmodellen voor jongeren. Het is belangrijk dat de omgeving bewust wordt gemaakt van de impact van middelengebruik op jongeren. Tot nu toe schatten volwassenen de schadelijkheid van alcohol vaak lager in dan de reële schade van alcohol (Rombouts e.a., 2023). Daarnaast is het van belang dat de omgeving bewust wordt gemaakt dat het eigen middelengebruik van volwassenen ook impact heeft op het middelengebruik van jongeren. Niet alleen directe impact zoals de schadelijkheid van meeroken, maar ook indirecte impact. Zo blijkt uit onderzoek dat jongeren op jongere leeftijd alcohol gaan drinken als hun ouders in de buurt van hun kinderen drinken, aangeschoten zijn of dronken zijn (Smit e.a., 2020). Als kinderen opgroeien in een klimaat waar alcohol en drugs de norm zijn, nemen zij dat ook vaak over in hun volwassen leven. Kinderen die opgroeien in een omgeving waar drugsgebruik plaatsvindt, hebben zelf meer kans hebben om op latere leeftijd problematisch drugs te gaan gebruiken (van Wamel e.a., 2023).
Bewustwording over de effecten van middelengebruik gaat verder dan kennis over gezondheid gerelateerde effecten. De gemeente en haar ketenpartners willen een gezonde leefstijl stimuleren én ordeverstoringen en ondermijning als gevolg van middelengebruik voorkomen. Daarom schenken wij allen ook aandacht aan het vergroten van kennis over de effecten van middelengebruik op veiligheid.
19 | 44
2.5.
Doelstellingen verbeterde naleving
Zowel preventie als handhaving van middelengebruik is een proces van de lange adem, omdat blijvende gedragsverandering en het verminderen van middelengebruik tijd en consistente inspanning vereisen. Vanwege de vele interventies en de beperkte tijd en budget, moeten er prioriteiten worden gesteld in dit P&H-plan. Het verbeteren van de naleving van doorschenken en dronkenschap is een ambitie die verder in de toekomst ligt. De gemeente en haar ketenpartners focussen in dit P&H-plan op het versterken en uitbreiden van preventieactiviteiten, de basis op orde stellen voor handhaving en het verbeteren van de naleving van de leeftijdsgrens. De doelstellingen van West Betuwe met betrekking tot de naleving van de leeftijdsgrens zijn afgeleid van de probleemanalyse en de ambities van het NPA. Op dit moment worden de doelstellingen uit het NPA voor de naleving van de Alcoholwet ook landelijk nog niet gehaald (Bureau Objectief, 2024). Daarom gaat de gemeente uit van de stand van de naleving op dit moment lokaal en streven een stijging na die overeenkomt met de opgenomen stijgingen in het NPA. In tabel 2.3 (hieronder) staat per setting de huidige naleving en het ambitieniveau voor de komende jaren vermeld. Tabel 2.3 Doelstellingen naleving leeftijdsgrens Naleving leeftijdsgrens
West Betuwe 2023
West Betuwe 2028
West Betuwe 2030
Supermarkten
80%
94%
100%
Slijterijen/winkels
83%
95%
100%
Cafetaria’s
40%
64,3%
76,2%
Sportkantines
14%
44,5%
58,4%
Horeca
0%*
51%
63,2%
*Van de 110 horecazaken in West Betuwe hebben er bij 6 zaken controles plaatsgevonden, daardoor geeft deze uitkomst geen representatief beeld
20 | 44
3. Uitgangspunten voor beleid 3.1.
Gezonde en kansrijke omgeving
Het uitgangspunt van ons middelenpreventiebeleid is om te werken aan een gezonde, kansrijke en veilige omgeving voor iedereen, zodat het gezonde gedrag wordt gestimuleerd voor jong en oud. Hierbij zetten we er op in om middelengebruik te voorkomen, te verminderen en het eerste gebruik zo lang mogelijk uit te stellen. Hierbij streven we ernaar dat de omgeving van jongeren zoveel mogelijk middelenvrij is. Dit doen we door maatregelen in te zetten die direct invloed hebben op het middelengebruik: • • •
het beperken van het aanbod van middelen, bijvoorbeeld door het verbod op drugshandel op straat; het beperken van de vraag naar middelen, bijvoorbeeld door voorlichting aan ouders over de schadelijkheid van middelen; het minimaliseren van de schade van alcohol, drugs, roken en vapen. Bijvoorbeeld door het voorkomen van blootstelling aan tabaksrook.
En dit doen we ook door maatregelen en interventies in te zetten die ook (in)direct invloed hebben op het middelengebruik onder inwoners. Er zijn verschillende risicofactoren (zie figuur 3.1 op de volgende bladzijde) die kunnen leiden tot (problematisch) middelengebruik. Met dit P&H-plan richten we met name op het terugdringen van factoren op microniveau. Vanuit andere beleidsterreinen en landelijk beleid wordt ook ingezet op factoren van andere niveaus.
21 | 44
Figuur 3.1 Risicofactoren voor (problematisch) middelengebruik
Bron: EU Prevention Curriculum (EUPC), EUDA, 2019.
Omdat we met dit P&H-plan met name inzetten op jongeren en hun omgeving zetten we in op de beschermende- en risicofactoren die van invloed zijn op het middelengebruik van jongeren in hun directe omgeving. Waarbij we in ieder geval inzetten op de beschermende- en risicofactoren waarop wordt ingezet met het programma Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (zie figuur 3.2). Hierbij werken we samen met de gemeenschap (community building) en zetten we in op een gezonde en kansrijke omgeving (omgevingsbenadering). Figuur 3.2 Beschermende- en risicofactoren middelengebruik Opgroeien in een Kansrijke Omgeving
*Factoren met een groene V zijn beschermende factoren en factoren met een rood X zijn risicofactoren.
22 | 44
3.2.
Indelingen van preventie
Als we preventie indelen dan is dit met name universele en selectieve preventie (zie figuur 3.3 op de volgende pagina). We hebben samen met onze directe samenwerkingspartners bij middelenpreventie ook de grootste rol bij universele preventie (gericht op de gehele bevolking) en selectieve preventie (gericht op de bevolking met verhoogd risico). Voor inwoners met beginnende klachten (geïndiceerde preventie) als gevolg van hun middelengebruik hebben we met onze partners uit het sociaal domein en de gezondheidszorg een signalerende en verwijzende functie. Onze samenwerkingspartners zoals de huisartsen en IrisZorg zijn voor individuen met beginnende klachten belangrijke organisaties. Figuur 3.3 Indelingen van preventie
3.3.
Community building
Om resultaat te bereiken is de bijdrage van iedereen in de gemeenschap nodig: scholen, sportverenigingen, ouders, kerken, ondernemers, et cetera. En uiteraard ook van de jongeren zelf. Daarom betrekken we deze partijen bij de beleidsontwikkeling en de uitvoering. Zo werken we samen aan een leefomgeving voor jongeren waarin ze gelukkig en gezond kunnen opgroeien.
3.4.
Omgevingsbenadering
Omgevingsfactoren (op macro- en microniveau) en persoonlijke kenmerken zijn belangrijke bepalende factoren bij de vraag of iemand met middelengebruik experimenteert of begint (zie figuur 3.4 op de volgende bladzijde). Het gaat hierbij om directe factoren zoals de beschikbaarheid van middelen. Bijvoorbeeld het aantal verkooppunten van alcohol en tabak. Daarnaast gaat het ook om beschermende factoren die middelengebruik kunnen voorkomen, dan wel risicofactoren die een risico vormen voor het gebruik (Coone et al, 2020). Voor het versterken van de beschermingsfactoren en het verkleinen van de risicofactoren in de leefomgeving starten we in 2025 met het integrale programma Opgroeien in een Kansrijke Omgeving.
23 | 44
Figuur 3.4 Beïnvloede factoren voor middelengebruik
Bron: Europees preventiehandboek 2020
3.5.
Integrale beleidsvisie
Om middelengebruik effectief en preventief aan te pakken werken we integraal. Dit betekent dat we verschillende maatregelen en interventies in samenhang inzetten voor de verschillende groepen inwoners en hun omgeving. Voor de integrale aanpak van (het voorkomen van) middelengebruik maken we gebruik van de integrale Aanpak Gezonde Gemeente van het RIVM. Deze integrale aanpak is gebaseerd op vier pijlers: I. II. III. IV.
educatie en bewustwording, signalering, advies en ondersteuning, omgeving, en regelgeving en handhaving.
Een combinatie van maatregelen en interventies binnen alle vier de pijlers geeft hierbij de grootste kans op gezondheidswinst. Daarbij werken we intern integraal samen vanuit de domeinen (gezondheids)preventie, sociaal domein en toezicht en handhaving aan middelenpreventie. De preventieve en de handhavende activiteiten stemmen we hierbij steeds met elkaar af. Hiervoor werken we ook integraal samen met onze samenwerkingspartners.
24 | 44
4. Activiteiten Dit hoofdstuk bevat de aanpakken en interventies die de gemeente en haar ketenpartners (kunnen) gaan inzetten om de doelstellingen te realiseren. Het is ingedeeld op verschillende settingen/domeinen op het gebied van educatie en bewustwording, signalering en ondersteuning, de omgeving en regelgeving, toezicht en handhaving. Om het effect van afzonderlijke handhavings- of preventieve interventies te versterken worden deze zoveel mogelijk in samenhang ingezet. De gemeente kiest voor het inzetten van op wetenschappelijke inzichten gebaseerde integrale aanpakken. De handhavingsprioriteiten vanuit de Alcoholwet, de benodigde toezichtcapaciteit en de sanctiestrategie zijn gedetailleerd uitgewerkt in bijlage 1. Verschillende domeinen in de omgeving van jongeren hebben invloed op het middelengebruik. In dit P&H-plan wordt uitgegaan van de volgende domeinen: • • • • • •
4.1.
Gezin (4.1) Scholen (4.2) Vrije tijd (o.a. sport, cultuur en keten, 4.3) Peergroep (4.4) Werkomgeving (4.5) Middelenverstrekkers (4.6)
Gezin
De ouders spelen een belangrijke rol in het voorkomen van middelengebruik van hun kinderen. Zij hebben een grotere invloed op het middelengebruik van hun kinderen dan zij zelf vaak denken. We willen ouders en opvoeders hiervan bewustmaken en hun ondersteuning bieden bij wat werkt als het gaat om middelenopvoeding. Verschillende beschermende- en risicofactoren in het gezin hebben invloed op het middelengebruik van kinderen. Zo hebben ouders een voorbeeldrol voor hun kinderen en is het belangrijk dat zij regels stellen voor hun kinderen als het gaat om het gebruik van middelen. Educatie en bewustwording Om de bewustwording over het middelengebruik onder ouders te vergroten zet West Betuwe in op voorlichting van ouders over middelen. Dit doen de gemeente en haar ketenpartners onder andere door ouderavonden te organiseren via school. Ook informeren de ketenpartners ouders hoe zij het gesprek over middelengebruik van hun kinderen aan te gaan. Daarbij verstrekken de gemeente en haar ketenpartners informatie aan ouders via landelijke websites als helderopvoeden.nl. De gemeente en haar ketenpartners zetten vooral in op betrekken van en voorlichting aan ouders van kinderen die bezig gaan met de overgang van primair onderwijs naar voortgezet onderwijs.
De overgang wordt op dit moment vaak aangegrepen om ouders te informeren over het voortgezet onderwijs, sociale media en opvoedondersteuning. De overgang is een
25 | 44
fase waarin er veel ouderbetrokkenheid is. Gemeente West Betuwe en haar ketenpartners zien een kans deze fase te gebruiken om te informeren over middelengebruik, (vroeg)signalering en hulpbronnen. Signalering, advies en ondersteuning De ondersteuning door ouders en een goede emotionele band tussen ouders en kind is een beschermende factor voor het voorkomen van middelengebruik door hun kinderen. Het is daarbij belangrijk dat ouders tijd doorbrengen met hun kinderen. Dit kan een positieve invloed hebben op het voorkomen van middelengebruik en het verbeteren van de mentale gezondheid. Het opvoeden van kinderen en pubers kan soms lastig zijn voor ouders, ook als het gaat om middelengebruik. Wanneer ouders/opvoeders ondersteuning nodig hebben bij vraagstukken rondom middelengebruik kunnen ze terecht bij IrisZorg, team sociaal en/of online informatie vinden via helderopvoeden.nl. Omgeving De thuisomgeving van kinderen en jongeren speelt een belangrijke rol bij het voorkomen en uitstellen van (het eerste) middelengebruik. Wanneer kinderen zien dat hun ouders roken, drinken of andere middelen gebruiken, is de kans groter dat zij dit ook gaan doen. Daarom zetten de gemeente en haar ketenpartners naast de voorlichting van ouders over de risico’s van middelen ook in op voorlichting over hun voorbeeldgedrag.
Daarbij kan gebruik worden gemaakt van het lokaal doorvertalen van de campagne de ‘zien drinken, doet drinken’ en de ‘NIX18’-campagne. Verder ondersteunen de gemeente en haar ketenpartners ouders die vanuit hun voorbeeldrol willen stoppen of minderen met roken, het gebruik van drugs of het drinken van alcohol. Via de website Wegwijs in West Betuwe vinden ouders meer informatie over stoppen met roken, drugs en alcohol drinken, zoals de stoppen-met-roken-coach. Daarbij wordt vanuit IrisZorg motiverende gespreksvoering ingezet om inwoners te ondersteunen bij het stoppen of minderen met het gebruiken van middelen. Verder kunnen de gemeente samen met o.a. de GGD inzetten op de lokale doorvertaling van landelijke campagnes als Stoptober en IkPas om stoppen met roken/vapen en minderen met alcohol drinken extra onder de aandacht te brengen. Ook informeren de gemeente en haar ketenpartners ouders over zelfhulpapps voor (jong)volwassenen zoals Maxx, Quiddy, en ICan. Daarbij is ondersteuning aan kinderen en ouders beschikbaar die zelf problemen hebben met middelengebruik via Help, mijn kind kan niet zonder en KOP/KOVV groepen. Kinderen uit deze gezinnen lopen een groter risico om zelf problemen met middelen of psychische problemen te ontwikkelen. Deze ondersteuning wordt ingezet door IrisZorg en Pro Persona en zet West Betuwe de komende jaren voort.
26 | 44
Regelgeving, toezicht en handhaving Het is van belang dat ouders regels afspreken over middelengebruik met hun kinderen. Het stellen van duidelijke regels over alcohol, drugs, sigaretten roken en vapen is een beschermende factor om middelengebruik te voorkomen. Daarbij is het belangrijk dat ouders monitoren waar hun kinderen zijn, met wie en wat ze aan het doen zijn. Zodat ze ook hierover regels kunnen afspreken als het gaat over middelengebruik. Tijdens de voorlichting aan ouders over middelengebruik zal hier ook aandacht aan worden geschonken.
4.2.
Scholen
Met meer dan 30 basisscholen, 2 middelbare scholen (de Lingeborgh en de Ida Gerhardt Academie) en 2 MBO’s (Yuverta en ROC Rivor) heeft West Betuwe verschillende scholen die een rol kunnen spelen bij middelenpreventie. Scholen zijn de plek waar preventieve interventies kunnen worden geïmplementeerd en waar vroegtijdige signalering (van risicogedrag) mogelijk is. Het creëren van een veilige en gezonde leeromgeving valt binnen de pedagogische opdracht van scholen, en middelenpreventie maakt daar deel van uit. De Lingeborgh en de Ida Gerhardt Academie zetten al onderdelen in van het integrale programma Helder op School. De gemeente en haar ketenpartners gaan verkennen of dit verder kan worden uitgebreid, aansluitend op de vragen vanuit de scholen. Educatie en bewustwording Hoewel de meeste kinderen in het primair onderwijs (PO) nog weinig interesse in alcohol en roken, wordt al wel gezien dat sommige jongeren in groep 7 en 8 beginnen met vapen. Daarnaast is de overgang van PO naar VO een spannend moment, zowel voor kinderen als voor de ouders. Dit geldt ook als het gaat om middelengebruik. Daarom wil de gemeente met IrisZorg, GGD en de scholen meer betekenen voor de ouders uit groep 7 en 8. Dit is in lijn met de Richtlijnen verslavingspreventie in het onderwijs.
Samen met IrisZorg, de GGD en onze VO scholen zet West Betuwe in op educatie en bewustwording onder ouders over de schadelijkheid van middelen en over hun rol hierbij. Hiervoor worden Frisse Start en Samen Fris (onderdelen van Helder op School) ingezet, worden ouderavonden georganiseerd en ondersteunt IrisZorg scholen bij hun (middelenvrij)beleid en het trainen van personeel. Vanwege de toename van het roken van sigaretten en vapes willen we vanaf schooljaar 2025/2026 meer inzetten op voorlichting over vapen en roken, dit kan middels de Smokefree challenge en/of Vapen #jouwkeuze. Op de MBO scholen wordt ook voorlichting gegeven over middelen, bijvoorbeeld binnen het burgerschapsonderwijs. Met IrisZorg verkennen we in 2025 of ondersteuning van de MBO scholen nodig is, bijvoorbeeld door het inzetten van Helder op School. Om rijden onder invloed terug te dringen zet de gemeente reeds de Alcohol Verkeer Cursus (AVC) in. West Betuwe wil verkennen of vanaf 2026 ook voor de VO- en MBO scholen een aanbod gereed is om deze cursus aan te bieden tijdens een lesuur. Zodat we meer scholieren en studenten kunnen bereiken en hun bewust kunnen maken van de gevolgen van rijden onder invloed.