RV2025-044-bijlage-9-archeologisch-bureau-en-verkennend-booronderzoek-geanonimiseerd.pdf
Tekst van het document
Bureau voor Archeologie Rapport 1414 Landgoed, Lingedijk, Buurmalsen, gemeente West Betuwe: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende fase
Colofon titel:
Bureau voor Archeologie Rapport 1414. Landgoed, Lingedijk, Buurmalsen, gemeente West Betuwe: bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende fase
auteur:
e
(KNA prospector)
autorisatie:
N
(KNA senior prospector)
datum:
8 augustus 2024
ISSN:
2214-6687
© Bureau voor Archeologie Koningsweg 244 Utrecht T
030
245
18 95
E info@bureauvoorarcheologie.nl |
https://www.bureauvoorarcheologie.nl
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
3
Administratieve gegevens Projectnummer
2023102001
Provincie
Gelderland
Gemeente
West Betuwe
Plaats
Buurmalsen
Toponiem
Lingedijk
Naam
Landgoed
‘Centrum locatie (m RD)
147.730; 433.070 (x; y)
Omvang plangebied
100.283 m (circa 10 ha)
Omvang onderzoeksgebied booronderzoek’
110.650 m?
Kadastrale gegevens
kadastrale gemeentenaam:
Geldermalsen, sectie: M,
nummer(s): 638, 659, 661, 686, 687
ARCHIS onderzoeksmeldingsnummer
5487243100 (ABU); 5487308100 (ABO)
Soort onderzoek
bureau- en inventariserend
veldonderzoek
van boringen in de verkennende
in de vorm
fase
Opdrachtgever
SAB
Uitvoerder
Bureau voor Archeologie
Kaartblad
38C
(RO) kader onderzoek
Bestemmingsplanwijziging
Periode van uitvoering veldwerk
23 en 24 januari 2024
Bevoegde overheid
Gemeente
Deskundige namens
(geanonimiseerd) (geanonimiserd) Omgevingsdienst Riviereniand
West
Betuwe
bevoegde overheid Versie van het rapport
3
Beheer en plaats van documentatie
Digitale documentatie: ARCHIS en E-Depot Vondstdocumentatie:
1
geen vondsten
Bij het booronderzoek is een groter onderzoeksgebied onderzocht dan het plangebied.
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
Figuur 1: Ligging van het plangebied (rode lijn; achtergrond: PDOK).
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
Inhoudsopgave Samenvatting. Inleiding.. 1.1 Doelstelling en vraagstelling.
1 2
Bureauonderzoek. 2.1 Method
2.2 Onderzoeksgebied
en
toekomstig gebruil
2.3 Huidige situatie.. 2.4 Aardwetenschappelijke waarden. 2.5 Historische
situati
2.6 Mogelijke verstoringen 2.7 Archeologische en bouwhistorische waarde! 2.8 Gespecificeerde verwachting 3
Booronderzoek..
3.1 Inleiding. 3.2 Method
3.3 Resultaten met geologische interpretati 3.4 Geologische synthese. 3.5 Archeologische interpretatie. 4
Conclusie 4.1
Conclusie
4.2 Conclusie
5
_
Bureauonderzoek.. Booronderzoek.
Advies...
5.1 Reactie bevoegde overheit 6
Literatuur.
Figuren. Bijlage 1: Boorbeschrijvingen..
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
Lijst met Figuren
arOnN—
: Ligging van het plangebied (rode lijn; achtergrond: PDOK). : Luchtfoto actueel (Nationaal Georegister)..
:
: onderzoeksgebied als straal van 250 meter om het plangebied (PDOK). : Beleidskaart van de gemeente West-Betuwe (RAAP 2021).
41
: Ontwerptekening van de nieuwe situatie (figuur verstrekt door opdrachtgever).…
E : Luchtfoto
detail (Nationaal Georegiste:
: Gerooide boomgaard in het oostelijk deel van het plangebied (foto genomen op 24 januari 2024).… : Gerooide boomgaard in het oostelijk genomen op 24 januari 2024).…
deel van het plangebied (foto
9:
Geologische overzichtskaart 2021 (TNO-GDN 2021).
10:
Beddinggordels Holoceen (Cohen e.a. 2012).
11:
Geomorfologische kaart (Maas e.a. 2019)..
12:
Zanddieptekaart provincie Gelderland (Cohen e.a. 2009)..
13:
Bodemkaart (Alterra 2014; Steur, Heijink, en Stichting voor Bodemkartering 1973)...
14:
Bodemkaart in gedetailleerd overzicht (Harbers, Jager, en Kleinsman 1966)..
15:
Hoogte-reliëfkaart (Actueel Hoogtebestand Nederland 2023). Hoogtewaarden in meters ten opzichte van N.A.P....
16:
Hoogte-reliëfkaart detail westelijke helft van het plangebied (Actueel Hoogtebestand Nederland 2023). Hoogtewaarden in meters ten opzichte van N.A.P.
17:
Hoogte-reliëfkaart detail oostelijke helft (Actueel Hoogtebestand Nederland 2023). Hoogtewaarden in meters ten opzichte van N.A.P.
18:
Getekende boorprofiel van een geologische boring in het westen van het plangebied (‘Ondergrondgegevens | DINOloket’ 2021
19:
Kaart van de graafschappen Buren en Culemborg uit 1761 (Perrenot en Punt 1761)...
20:
Tekening gemaakt in de 18e eeuw (Timmer 1750).
21:
Kadastrale Minuut uit het begin van de 19e eeuw (HISGIS Gelderland' 2019; ‘Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed’, MINO05031D02)...
22:
54
58
Topografisch militaire kaart 1850 (Bureau van de Militaire Verkenningen 59
23:
Bonneblad, 529-1753-ENSPIJK-1872 (Kadaster)
e
24:
Bonneblad, 529-1755-ENSPIJK-1894 (Kadaster)
60
25:
Bonneblad, 529-1757-ENSPIJK-1929 (Kadaster)
-60
26:
Luchtfoto genomen op 2 maart 1945 (RAF 1940-1945).
.61
27:
Luchtfoto genomen op 24 maart 1945 (RAF 1940-1945,
.62
28:
Topografische kaart, 39C-1957- (Topografische Dienst). Topografische kaart, 39C-1966- (Topografische Dienst).
.63 .64
29:
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
30: Topografische kaart, 39C-1977- (Topografische Dienst). 31: Topografische kaart, 39C-1985- (Topografische Dienst). 32: Topografische kaart 2012 (PDOK 2012). 33: Archeologische terreinen, vondstlocaties en onderzoeken uit ARCHIS (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 2021)..
34: Plangebied met aandachtspunten (achtergrond: 35: Boorpuntenkaart (achtergrond: PDOK)...
PDOK
36: Getekende weergave van boorprofielen 10 tot en met 21 (oost-west
.69
37: Getekende weergave van boorprofielen ter hoogte van De Koppel... 38: Getekende weergave van boorprofielen van west naar oost (van links naar rechts en van boven naar beneden). 39: Profieltypekaart (achtergrond: PDOK). 40: Advieszones ten opzichte van de huidige topografie (PDOK)..
41: Advieszones en boorpunten geprojecteerd op de toekomstige situati
Lijst met Tabellen 1: Aardwetenschappelijke waarden.. 2: Archeologische terreinen, onderzoeken en vondstlocaties tot ongeveer 250 m van het plangebied… i
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
Samenvatting Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor bouwwerkzaamheden en landschapsontwikkeling aan de Lingedijk te Buurmalsen. De vraagstelling van het onderzoek luidt: hoe kan rekening gehouden worden met eventuele archeologische resten bij de voorgenomen ontwikkeling? Het onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de KNA, protocollen 4002 en 4003. Voor het onderzoek zijn kaarten, databases en literatuur geraadpleegd om te komen tot een gespecificeerde archeologische verwachting van het gebied. In het plangebied worden zes gebouwen gerealiseerd en vindt
landschapsinrichting plaats. De precieze omvang en diepte van de graafwerkzaamheden zijn nog onbekend omdat het plan zich in de ontwerpfase bevindt.
Het plangebied ligt buitendijks op de noordoever van de Linge. Deze rivier wordt actief in de Late IJzertijd en de oevers zijn geschikt voor bewoning. Bedijking van de Linge vindt plaats in de 11° of 12° eeuw en de rivier wordt in 1307 na Christus afgedamd. In het zuidwesten van het plangebied staat in de 18° eeuw boerderij De Koppel die mogelijk oudere voorgangers heeft. De boerderij wordt in de tweede helft van de 19° eeuw gesloopt. Het plangebied heeft in de 19° en 20° eeuw een agrarische functie, en is voornamelijk in gebruik als boomgaard. Uit de hoogtekaarten blijkt dat delen van het plangebied zijn afgegraven, waarschijnlijk ten behoeve van kleiwinning. In het plangebied zijn 56 boringen gezet met einddieptes tussen 150 en
300 cm -mv Hieruit blijkt dat in het plangebied over het algemeen sprake is van oever- op beddingafzettingen. Langs de zuidwestelijke rand van het plangebied is sprake van de dichtgeslibde en gedempte (rest)geul van de Linge. In het verleden heeft afgraving plaatsgevonden maar in het noordwesten en oosten van het plangebied is het bodemprofiel nog grotendeels intact (zie zone 1 in de figuur achterin het rapport). In het zuidwesten van het plangebied zijn archeologische lagen aanwezig van boerderij De Koppel (zone 2). Tevens is in het (zuid)westelijk deel van het plangebied een restgeul aanwezig die resten van watergerelateerde archeologie kan bevatten (zoals deposities, afvaldump en scheepswrakken (zone 3).
Bureau voor Archeologie adviseert in het oostelijk deel van zone 1 waar huizen worden gebouwd een karterend booronderzoek uit te voeren om vast te stellen of archeologische resten aanwezig zijn. Ter hoogte van de te graven waterpartij in het zuidwesten van het plangebied ligt het erf van de voormalige 17°-eeuwse boerderij De Koppel (zone 2). Indien de waterpartij niet kan worden verplaatst adviseert Bureau voor Archeologie in deze zone een proefsleuvenonderzoek uit te voeren. De werkwijze van dit onderzoek dient vastgelegd te worden in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PVE). De waterpartij overlapt tevens met zone 3 waar restgeulafzettingen liggen. Deze resten hebben een lage trefkans maar kunnen wel zeer waardevol zijn. Bureau voor Archeologie adviseert daarom graafwerkzaamheden ter hoogte van de
restgeulafzettingen die dieper reiken dan 50 cm -mv archeologisch te begeleiden Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
9
(eventueel na uitvoering van het bovengenoemde proefsleuvenonderzoek). De werkwijze van het onderzoek dient vastgelegd te worden in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PVE).
Bureau voor Archeologie adviseert de rest van het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling (zone 4). Het potentieel archeologisch niveau is daar reeds verstoord of afgegraven. In het westelijk deel van zone 1 zal natuur worden ontwikkeld. Hier zal geen diepe bodemverstoring plaatsvinden en voor dit deel wordt daarom geen vervolgonderzoek geadviseerd. Dit onderzoek is met grote zorgvuldigheid uitgevoerd. Het is echter nooit uit te sluiten dat bij de graafwerkzaamheden toch archeologische resten worden aangetroffen op plaatsen en dieptes waar die niet worden verwacht. Eventuele archeologische resten is men verplicht te melden bij de Minister van OCW in overeenstemming met de Erfgoedwet. In dit geval wordt aangeraden om contact op te nemen met de gemeente West Betuwe.
Het rapport is getoetst door de deskundige namens het bevoegd gezag ( -van de Omgevingsdienst Rivierenland). Hij is akkoord met het gegeven advies met uitzondering van de begeleiding van de restgeul in zone 3. Deze kan gelijktijdig worden onderzocht met een proefsleuvenonderzoek in zone 2.
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
10
Inleiding Bureau voor Archeologie heeft een archeologisch onderzoek uitgevoerd voor bouwwerkzaamheden en landschapsontwikkeling aan de Lingedijk te Buurmalsen.
Het archeologisch onderzoek is uitgevoerd in het kader van een bestemmingsplanwijziging. De ligging van het plangebied is weergegeven in figuur 1. Vanwege het gemeentelijke archeologische beleid moet voor de beoogde ontwikkeling een archeologisch onderzoek worden uitgevoerd.
Het onderzoek is uitgevoerd onder certificaat BRL SIKB 4000,? in overeenstemming met de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA versie 4.1) en de richtlijnen van de Omgevingsdienst Rivierenland. Het onderzoek
bestaat uit een
bureauonderzoek
en een
booronderzoek
in de
verkennende fase. Met de bevindingen wordt aan het einde van het rapport een advies gegeven hoe bij het project rekening kan worden gehouden met archeologische waarden.
1.1
Doelstelling en vraagstelling Het doel van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting. Het doel van het veldonderzoek is het controleren en verfijnen van de archeologische verwachting zodat een beslissing genomen kan worden over hoe met eventuele archeologische waarden rekening moet worden gehouden bij de voorgenomen werkzaamheden. Het veldonderzoek is uitgevoerd als booronderzoek (IVO — O) en betreft de verkennende fase.
Tijdens de verkennende fase wordt de aard en intactheid van het bodemprofiel bepaald. Op basis daarvan kunnen kansarme zones worden uitgesloten en eventuele kansrijke zones worden geselecteerd voor eventueel vervolg onderzoek.
Voor het bureauonderzoek wordt gebruik gemaakt van de standaardvragen uit
het handboek archeologie van de Omgevingsdienst Rivierenland.* De volgende onderzoeksvragen zijn gebruikt:
2
htips://www.kiwa.nl/upload/eertificate/00094278.pdf
3
Stileren
Oort 2018
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
11 1.
Watis de ontstaansgeschiedenis, genese en diepteligging van de bodem en individuele bodemlagen? In hoeverre kan er sprake zijn van erosie of Juist afdekking door sedimentatie binnen het plangebied?
Welke (sub)recente (door de mens veroorzaakte) verstoringen hebben de bodem en tot welke diepte verstoord?
Wat is de bewoningsgeschiedenis van het plangebied en omgeving? Welke neerslag heeft dit in de bodem gehad? Is er mogelijk sprake van spoor- en vondstniveaus, ophogings- of leeflagen? Wat is de stratigrafie en diepteligging in of op de bodem? Indien sprake is van een (potentieel) bouwhistorisch component: welke ondergrondse bouwhistorische waarden kunnen aanwezig zijn en op welke wijze kunnen deze zich manifesteren (denk hierbij ook aan bijvoorbeeld na sloop achter gebleven uitbraaksleuven)? Op basis van bodem-, bewoningsgeschiedenis, stratigrafie en verstoringen: wat is per periode de verwachting met betrekking tot het aantreffen van
archeologische resten? Worden deze resten door de ontwikkeling bedreigd? Indien een verkennende onderzoeksfase geadviseerd wordt: Welke doelstelling heeft een verkennend onderzoek en welke methode en strategie is geschikt om de doelstelling te verwezenlijken? Welke onderzoeksmethoden zijn geschikt om eventuele te verwachten archeologische vindplaatsen en resten te inventariseren bij een karterende fase? Booronderzoek
8.
verkennende
fase:
Watis de aard (geologisch en bodemkundig) en intactheid (verstoringen) van het bodemprofiel?
9.
_ Zijn potentiële archeologische niveaus aanwezig, en zo ja, wat is de aard, diepteligging en verbreiding daarvan?
Eindoordeel:
10.
Indien (mogelijk) archeologische resten aanwezig zijn: a)
Worden deze archeologische resten verstoord door de voorgenomen
bodemingrepen? Zo ja, op welke wijze? b) 11.
Welke maatregelen kunnen worden genomen om voldoende rekening te houden met deze archeologische resten?
_ Indien vervolgonderzoek nodig is: Welke methode(n), techniek(en) en strategie(ën) van Inventariserend veldonderzoek zijn hiervoor geschikt?
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
12
Bureauonderzoek 21
Methode Het bureauonderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de
KNA 4.1, protocol 4002° Voor het onderzoek zijn kaarten, databases en literatuur geraadpleegd om tot
een gespecificeerde archeologische verwachting van het gebied te komen. In aanvulling hierop is contact geweest met het Historisch Genootschap Tricht en de Historische Kring West-Betuwe. Eerst wordt het plan- en onderzoeksgebied vastgesteld en het onderzoek gemeld bij ARCHIS. Daarna wordt achtereenvolgens de aardwetenschappelijke, archeologische en historische context van het te onderzoeken gebied bestudeerd. Deze gegevens leiden tot het opstellen van een gespecificeerde verwachting. In de gespecificeerde verwachting worden de mogelijk aanwezige archeologische resten beschreven in termen van onder meer diepteligging, omvang, ouderdom en conservering. De genoemde stappen leiden tot onderhavig rapport en het openbaar maken van
de resultaten bij Archis en het e-Depot voor de Nederlandse Archeologie.° In de hierna volgende hoofdstukken worden de belangrijkste onderzoeksgegevens gepresenteerd.
Van alle afgebeelde kaarten is het noorden boven, tenzij anders aangegeven.
2.2
Onderzoeksgebied
en toekomstig gebruik
Afbakening plan- en onderzoeksgebied De ligging van het plangebied staat afgebeeld in figuur 1. Het plangebied ligt in de gemeente West Betuwe in de plaats Buurmalsen. De locatie ligt aan de
Lingedijk. Het plangebied is op het langste punt ongeveer 650 m lang en op het breedste punt 245 m breed en heeft een omvang van ongeveer 10 hectare. Het plangebied wordt begrensd door de rivier de Linge in het zuiden en de Lingedijk in het noorden (figuur 2). Om voldoende informatie over aardwetenschappelijke, historische en archeologische gegevens te verzamelen wordt een onderzoeksgebied gebruikt dat groter is dan het plangebied. Het onderzoeksgebied voor het bureauonderzoek is een zone met straal van circa 250 m om de ontwikkeling heen (figuur 3). Overheidsbeleid
In het gebied geldt een vastgesteld gemeentelijk archeologisch beleid (figuur 4). Op de gemeentelijke archeologische beleidskaart uit 2021 ligt het plangebied voor het grootste deel in een zone met een hoge archeologische verwachting.
Het beleid is dat bij ingrepen van meer dan 500 m? en waarbij dieper wordt gegraven dan 30 cm onder maaiveld rekening gehouden moet worden met archeologische resten. 4
SIKB
5
Riijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en Data Archiving and Networking Services
2018
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
13
Centraal in het plangebied staat een terrein van archeologisch belang. De
vrijstellingsgrenzen voor deze zone liggen op 100 m? en 30 cm -mv. Langs de zuidgrens van het plangebied ligt de restgeul van de Linge. Deze heeft een lage verwachting en de vrijstellingsgrenzen voor deze zone liggen op 2.500 m? en 50 cm -mv.
De verwachting moet mogelijk naar beneden worden afgesteld gezien een vlak met arcering met aanduiding “OZK en/of afgraving” is ingetekend. Het lijkt om een afgraving te gaan (zie hoofdstuk 2.4). Ontwerp c.q. inrichtingsplan De beoogde ingreep bestaat uit het aanleggen van zes woonpercelen, waaronder één werkschuur met bovenwoning (figuur 5). Buiten de woonpercelen zal landschapsontwikkeling plaatsvinden. In het westen van het plangebied zal een waterlichaam worden aangelegd. Aard en omvang van de toekomstige verstoring Het plan bevindt zich nog in de ontwerpfase. De precieze omvang en diepte van
de bodemverstoringen is daarom nog onbekend. Milieutechnische condities
In het plangebied zijn geen milieutechnische bodemonderzoeken geregistreerd. In het plangebied hebben in de 20° eeuw boomgaarden gestaan. Het is daarom mogelijk dat de bovenste 30 cm van het bodemprofiel vervuild is met
bestrijdingsmiddelen.® Op de bodemkwaliteitskaart van de regio rivierenland ligt het plangebied in de zone “B6/06. Buitengebied”. Van geen van deze stoffen wordt de 90P-waarde overschreden. Dat betekent dat de kans klein is dat van één of meerdere stoffen de interventiewaarde wordt overschreden. Alleen van de stof nikkel is van nature
een licht verhoogde waarde aanwezig. Wel is nabij het plangebied (aan de
noordzijde van de Lingedijk) een vermoede stortlocatie met PFAS aanwezig.” Grondwaterpeil
De actuele grondwaterstand in het plangebied is niet bekend. Informatie over de grondwaterstanden kan worden afgeleid uit de grondwatertrap op de bodemkaart. De grondwatertrap is VII. Dit betekent dat de gemiddeld hoogste grondwaterstand ondieper staat dan 80 cm onder maaiveld en dat de gemiddeld laagste grondwaterstand dieper staat dan 80 cm onder maaiveld. De grondwaterstand zal door de beoogde ingrepen waarschijnlijk niet veranderen.
Consequentie van de ingrepen Door uitvoeren van graafwerkzaamheden kunnen archeologische resten worden vergraven.
6 7
Riijkswaterstaat Ministerie van Infrastructuur en Milieu; Provincie Gelderland Spronk 2019
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
14
2.3
Huidige situatie Bebouwing en functie In het plangebied staat geen bebouwing.
Bodemgebruik Het plangebied is grotendeels in gebruik als boomgaard (figuur 6). Het midden van het plangebied is in gebruik als weiland. De boomgaarden in het oostelijk deel van het plangebied zijn gerooid (figuren 7 en 8). In het oosten is tevens baksteenpuin gestort. Bestemmingsplan
Het plangebied ligt in bestemmingsplan “Buitengebied 2022".* Sinds 22 november 2023 is het “Veegplan Archeologie West Betuwe” in voorbereiding. Hierop is een dubbelbestemming voor archeologie opgenomen. Het plangebied ligt in een zone met Waarde - Archeologie 3. Dit betekent dat bij werkzaamheden
over een gebied van meer dan 500 m? waarbij dieper wordt gegraven dan 30 cm -mv een rapport moet worden overlegd waaruit blijkt dat de archeologische waarde van het plangebied voldoende is vastgesteld.
24
Aardwetenschappelijke waarden De aardwetenschappelijke gegevens staan samengevat in tabel 1. Het plangebied ligt in het archeologisch landschap 'Rijn-Maasdelta', in de
landschapszones restgeulen en stroom- en crevasseruggen.° De bodem in het plangebied is ontstaan doordat rivieren afzettingen hebben gevormd in het Holoceen (figuur 9). De top van het Pleistocene niveau is daarbij waarschijnlijk geërodeerd. De rivierafzettingen worden tot de Formatie van Echteld gerekend. In het plangebied is alleen de Linge beddinggordel actief (figuur 10). Deze beddinggordel wordt ongeveer 200 voor Christus actief en stroomt door het plangebied. De Linge is actief tot afdamming bij Tiel in 1307 na Christus. De actieve periode omvat de Late IJzertijd en loopt door tot in de Late Middeleeuwen
(2160 tot 643 BP).’° De Linge wordt aan het begin van de Late Middeleeuwen bedijkt en is nog steeds watervoerend. Nabij het plangebied zijn tevens de oudere Deil, Schaik en Gellicum beddinggordels actief geweest. De afzettingen van deze beddinggordels zijn waarschijnlijk geërodeerd door de Linge beddinggordel. Volgens de geomorfologische kaart bevindt het plangebied zich deels ter hoogte van de restgeul en deels op de fossiele stroomrug van de Linge (figuur 11). Het is echter waarschijnlijk dat de restgeul kleiner is dan aangegeven en voornamelijk sprake is van oever- op beddingafzettingen. De top van het beddingzand van de Linge ligt waarschijnlijk tussen één en twee meter onder het maaiveld (figuur 12). In het plangebied zijn kalkhoudende polder- of ooivaaggronden gevormd in zware
zavel en lichte klei (figuren 13 en 14).”’ Dit zijn waarschijnlijk oeverafzettingen. 8
NL.IMRO.1960.BpBuitenGDM2022-VSG1
9
Rensinke.a.
2015
10 De dateringen Cohen e.a. (2012) zijn in ongekalibreerde “C jaren Before Present (BP). 11
'Zware zavel en lichte klei kunnen worden geïnterpreteerd als sterk silige tot (zwak) zandige klei.
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
15
Langs de Linge aan de zuidwestelijke rand van het plangebied liggen ongerijpte nesvaaggronden. Dit zijn waarschijnlijk ‘nieuwe’ afzettingen die zijn gevormd door overstromingen van de Linge. De bodemkaart uit 1966 (1 : 25 000) geeft aan dat
centraal in het plangebied een afgegraven zone ligt waar ten minste de bovenste 20 cm is verwijderd. De jongere bodemkaart is een generalisatie waar dit detail niet in is opgenomen. Tevens is ten zuidwesten van de afgegraven zone een vlak aanwezig dat is aangeduid als “vergraven”. De afgegraven zone is herkenbaar op de hoogte-reliëfkaart (figuren 15, 16 en 17). Het hoogteverschil is ongeveer 50 cm. Ter hoogte van het weiland in het midden van het plangebied loopt het verschil op tot meer dan een meter. Het maaiveld in de afgegraven zone loopt geleidelijk op richting het zuiden. Het hoogteverschil nabij de Linge is beperkt tot 30 cm ten opzichte van het maaiveld van de onvergraven zone. Ter hoogte van de ‘vergraven’ zone heeft een historisch erf gestaan (zie hoofdstuk 2.5). Het maaiveld op deze plek ligt minstens 50 cm hoger dan de ‘afgegraven’ zone en ligt bijna even hoog als het
onvergraven deel van het plangebied. Op deze plek is daarom waarschijnlijk geen grond verwijderd. De contour van het historische erf is nog zichtbaar op luchtfoto's uit 1945 (figuren 26 en 27). Ten westen van het plangebied is een geologische boring uitgevoerd (figuur 18). Deze boring ligt ter hoogte van een nesvaaggrond. De bovenste 50 cm -mv van het bodemprofiel bestaat uit (matig) fijn zand. Onder het zand bevindt zich een laag klei waarvan de bovenste 40 cm humeus is. De top van het beddingzand ligt op 260 cm -mv.
Bron
Situatie plangebied, omschrijving
Geologie (figuren 9, 10 en
Geologische Overzichtskaart 1 : 250 000:'?
12)
* _ Ec1: Formatie van Echteid; rivierklei op rivierzand (Ec1) Beddinggordel in het plangebied: +
_ 97: Linge beddinggordel, actief tussen 2160 en 643 BP (circa 200 voor Christus tot 1307 na Christus). De top van het ‘beddingzand ligt tussen 4,6 en -0,2 m NAP. Afzettingen van de beddinggordel bevatten archeologische resten uit de Romeinse tijd en Middeleeuwen. Deze zijn (nog) niet in het
plangebied gevonden. De rivier is in 1307 na Christus ‘bovenstrooms afgedamd bij Tiel, ongeveer één of twee eeuwen na bedijking. De Linge wordt gebruikt voor wateropslag waardoor het wateriveau bijna horizontaal staat. De hoogte van de dijken nemen toe in benedenstroomse richting. Beddinggordels in de omgeving van het plangebied:
+ _ 36: Deil beddinggordel. Deze beddinggordel ligt ongeveer 50 meter ten westen van het plangebied en is actief tussen 5788 en 5360 BP (circa 4500 tot 4400 voor Christus). Afzettingen van de beddinggordel bevatten archeologische resten uit het Neolithicum en de Bronstijd. De top van het beddingzand ligt tussen 0 en 0,3 meter NAP.
+ _ 150: Schaik beddinggordel. Deze beddinggordel ligt ongeveer 300 meter ten noordoosten van het plangebied en is actief tussen 5285 en 4240 BP (circa 4300 tot 2550 voor Christus). Deze beddinggordel is ingesneden tot in het Pleistocene niveau. De afzettingen bevatten archeologische resten uit het Mesolithicum
tot en met de Middeleeuwen.
De mesolithische
resten liggen op een rivierduin naast de beddinggordel. +
12
_ 51: Gellicum beddinggordel. Deze beddinggordel ligt ongeveer 50 meter ten noorden van het plangebied en is actief tussen
De Mulder 2003; Cohen e.a. 2009; Cohen e.a. 2012
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
16 2.580 en 2.200 BP (circa 700 tot 250 voor Christus). De top van het beddingzand ligt tussen 0,7 en -0,5 meter NAP. In afzettingen van deze beddinggordel zijn (nog) geen archeologische resten gevonden. De beddinggordel eindigt als een reeks smalle crevasses in moerassig gebied. De Gellicum is grotendeels geërodeerd door de Linge beddinggordel
Zanddieptekaart: + _ Zand van bedijkte rivieren, top tussen 1,0 en 2,0 meter onder maaiveld.
+ _ Beddingzand onbedijkte rivieren, top binnen 1,0 meter onder maaiveld
Bodemkunde (figuren 13
Bodemkaart 1 : 50 000:
en14)
+ _ Rd90A-VIl: Vaaggronden, kalkhoudende ooivaaggronden; zware
+ _
Alu:
zavel en ichte klei.
Linge-uiterwaardgronden
Detail bodemkaart 1 : 25 000:
+ _ Rd35A: kalkhoudende ooïvaaggronden n zware zavel. * _ Rn35A:
kalkhoudende poldervaaggronden in zware zavel.
+ _ Rn32bA: kalkhoudende poldervaaggronden in zware zavel met een zandondergrond beginnend tussen 40 en 80 cm -mv. + _ Rd32bA: kalkhoudende ooivaaggronden in zware zavel met een zandondergrond beginnend tussen 40 en 80 cm -mv. + _ Ro50A: kalkloze nesvaaggronden met een niet-gerijpte ondergrond, beginnend ondieper dan 80 cm -my. +
Geomorfologie (guur 11)
_ moeras
en onland.
Geomorfologische kaart 1 : 50 000: +
R43:
+
B44: stroomrug of stroomgordel.
Restgeul.
+ _ N94: laagte ontstaan door afgraving. AHN (figuur 16 & 22)
Het maaiveld in het plangebied ligt tussen 0,9 en 3,5 m N.A.P.
Tabel 1: Aardwetenschappelijke waarden.
2.5
Historische
situatie
In het plangebied kan bewoning hebben plaatsgevonden op oevers van de Linge nadat deze actief wordt in de Late IJzertijd. Hoewel eerder bewoning kan hebben plaatsgevonden op oudere afzettingen zijn deze waarschijnlijk geërodeerd (of liggen op grote diepte) en worden daarom niet nader behandeld. Ten oosten van het plangebied bevindt zich een nederzettingsterrein en grafveld uit de Middeleeuwen (zie hoofdstuk 2.7). De eerste verwijzing naar de naam Buurmalsen dateert uit de 11° eeuw, Uberna Malsna. Malsna is een oude waternaam met een onduidelijke herkomst. De heerlijkheid Malsen omvatte oorspronkelijk beide oevers van de Linge en werd circa 1253 na Christus gesplitst in Buurmalsen (op de noordoever) en
Geldermalsen (op de zuidoever). De Linge wordt waarschijnlijk aan het begin van de Late Middeleeuwen bedijkt. Het plangebied ligt buitendijks in de uiterwaarden
en is overstromingsgevoelig tot de Linge wordt afgedamd in 1307 na Christus. ' Het overstromingsgevaar neemt dusdanig af dat bewoning in het plangebied mogelijk is. Op een kaart uit 1761 is in het zuidwesten van het plangebied figuratief bebouwing ingetekend (figuur 19). De bebouwing is via een pad 13 Berkel en Samplonius 2006 Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
17
verbonden met de Lingedijk. Een tekening uit het midden van de 18° eeuw geeft een beeld van de situatie in deze periode (figuur 20). Op de tekening staat boerderij “De Koppel” gezien vanaf de Koppelsedijk op de noordoever van de
Linge. De boerderij heeft een groot hoofdgebouw dat drie of vier verdiepingen lijkt te hebben met links (ten westen) daarvan een lagere aanbouw. Los van deze bebouwing en links op de tekening staat een duiventil. Een klein bijgebouw steekt uit in de Linge. Wellicht is het een aanlegplaats, paviljoen of toiletgebouw. De weergave van De Koppel op de tekening komt goed overeen met de plattegrond van het erf zoals dat op het 19°-eeuwse kadastraal minuutplan is
afgebeeld (figuur 21). Het grote hoofdgebouw (circa 450 m?) en duiventil zijn duidelijk herkenbaar. Het bijgebouw dat uitstak in de Linge is echter afwezig. Tevens staat ten noorden van het hoofdgebouw een schuur die niet op de tekening is weergegeven. Het plangebied is grotendeels in gebruik als boomgaard. Ten zuiden van de boerderij liggen tuinen. Langs de oever van de Linge, de dijk en het pad naar de boerderij staat “bos”. Vanaf de boerderij loopt
een strook landbouwgrond van ongeveer 20 meter breed in oostelijke richting tot aan de Linge. Boerderij De Koppel en alle percelen in het plangebied zijn eigendom van de landeigenaar Simon Monhemius, tevens burgemeester van Tricht.'
Tussen 1850 en 1872 worden het huis en de bijgebouwen gesloopt (figuren 22 en 23). Mogelijk is dit gerelateerd aan de vergraving en afgravingen die (toen) in het plangebied hebben plaatsgevonden. Op basis van de Bonnebladen heeft het een agrarische functie waarbij het gevarieerd is ingericht als bouwland, weiland en boomgaard. Aan het begin van de 20° eeuw wordt het plangebied voornamelijk als weiland afgebeeld (figuren 24 en 25). In het zuidwesten van het plangebied ligt een strook bos langs de Linge. Parallel aan de Lingedijk langs de noordelijke rand van het plangebied staat een bomenrij.
Luchtfoto's uit 1945 tonen dat het oosten van het plangebied grotendeels als boomgaard is ingericht, vergelijkbaar met de huidige situatie (figuren 26 en 27). Het plangebied staat begin maart van dat jaar onder water. Vermoedelijk is dit door het Duitse leger gedaan als verdedigingsmaatregel. De weergave van de luchtfoto's komt overeen met de topografische kaart van 1957 (figuur 28). In de loop van de tweede helft van de 20° eeuw wordt een steeds groter deel van het plangebied ingericht als boomgaard (figuren 29 tot en met 32).
2.6
Mogelijke verstoringen Centraal in het plangebied ligt een zone die tot minimaal 20 cm is afgegraven (figuur 14). Uitgaande van het AHN, en veronderstellend dat de hoogst liggende terreindelen (in het westen en oosten van het plangebied) de oorspronkelijke situatie weergeven, kan een inschatting worden gemaakt van de mate van afgraving. Hieruit blijkt dat het hoogteverschil tussen de ‘afgraven’ en ‘onvergraven’ zone 30 tot meer dan 100 cm is, gemiddeld ongeveer 50 cm (figuren 16 en 17). Ter hoogte van de voormalige boerderij De Koppel is op de bodemkaart uit 1966 een vergraven zone weergegeven (figuur 14). De vergraven zone heeft een beperkt hoogteverschil met de ‘onvergraven’ zone. De precieze mate van 14 ‘Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, oorspronkelijke aanwijzende tafels van Buurmalsen, sectie D blad 010,
OATO5031D010.
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
18
vergraving is daarom onzeker.
27
Archeologische en bouwhistorische waarden Archeologische terreinen, vondstlocaties en onderzoeken staan weergegeven in figuur 33 en staan toegelicht in tabel 2. De belangrijkste bevindingen worden in de lopende tekst samengevat. Het plangebied is eerder onderzocht door middel van een bureauonderzoek (zaak 2229560100). Dit rapport is echter niet beschikbaar. In het oosten van het plangebied staat een vondstmelding geregistreerd (1028286). Deze vondst staat op een administratieve coördinaat en het is dus onzeker of de vondst nabij het plangebied is gedaan. Het betreft een lanspunt die
bij grindwinning uit de Linge is opgebaggerd. De ouderdom is onbekend, aan de lanspunt is een brede datering toegekend van de Vroege Bronstijd tot en met de nieuwe tijd. Ongeveer 170 meter ten oosten van het plangebied ligt een middeleeuws grafveld (AMK terrein 3725). Dit ligt in een vergelijkbare landschappelijke context als het plangebied (in de uiterwaarden van de Linge). In 1940 zijn bij nietarcheologisch graafwerk twee schedels, een vroegmiddeleeuwse bronzen mes, koperen pot en een “Frankische” speerpunt gevonden (vondstlocaties 1105241 en 1105242). Mogelijk ligt deze locatie in de periferie van de nederzetting Buurmalsen. Op deze locatie is in 2015 tevens een laatmiddeleeuwse munt gevonden (vondstlocatie 1102374). De overige onderzoeken zijn voornamelijk op de zuidoever van de Linge uitgevoerd.
Aan de overzijde van de Linge, ongeveer 100 meter ten westen van het plangebied, stond een middeleeuwse nederzetting. Op deze plek zijn meerdere onderzoeken uitgevoerd waarbij materiaal uit de Romeinse tijd en Middeleeuwen is gevonden. In 2012 is een opgraving uitgevoerd (zaak 2365438100). Op de oever van de Linge zijn twee vondstiagen uit respectievelijk de Vroege en Volle Middeleeuwen aanwezig. Tevens zijn restanten van de voorlopers van de Lingedijk uit de 12° en 13° eeuw aanwezig. Ongeveer 200 meter ten zuiden van het plangebied stond kasteel Kraaijenstein of Ravenstein.
Het kasteelterrein
is in 2006 onderzocht door middel van een
booronderzoek (zaak 2135924100). Resten van muurwerk zijn in 2008 blootgelegd bij een proefsleuf (zaak 2181535100). De resten zijn gedateerd in de 16° tot en
met
de
18° eeuw.
In het plangebied staan geen bekende (ondergrondse) bouwhistorische waarden
geregistreerd.' Archeologische terreinen 3725: Geldermalsen, Buurmalsen, Rijksstraatweg, Terrein van archeologische waarde Dit AMK terrein ligt circa 170 m ten oosten van het plangebied. Terrein, gelegen op een oeverwal aan de Linge, met daarin sporen van bewoning en mogelijk ook begraving uit de Vroege en Late Middeleeuwen. In 1940 zijn hier een paar schedels en een Frankische speerpunt gevonden. Ten noorden van het terrein ligt het Laatmiddeleeuwse kerkterrein van Buurmalsen. Het uiterste noorden van het terrein ligt in de zone met bebouwing in 1850. Mogelijk
ligt het terrein in de perifere zone van het Oude Buurmalsen.
15 Heunks 2006; Rijksdienst voor het Cultureel Erígoed 2017 Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
19 Onderzoeken
(inclusief eventuele vondsten)
2069634100: West Betuwe, Geldermalsen,
Stationslocatie, booronderzoek
Onderzoek 60 m ten zuidwesten van het plangebied, uitgevoerd in 2004. Het onderzoek bestaat uit twee deellocaties. Deellocatie 1 ligt ten oosten van station Geldermalsen ‚en omvat ongeveer 13,5 ha. Deellocatie 2 loopt paralle! aan het spoor ten zuiden van het station en ligt buiten het onderzoeksgebied voor het huidige plangebied. In deellocatie 1 is de natuurlijke bodemopbouw ongeroerd, met uitzondering van een bouwvoor van 30 tot 50 cm dik. Archeologisch materiaal bevindt zich aan het maaiveld of op maximaal 130 cm -my. Hierbij zijn in totaal 52 vondsten verzameld die dateren vanaf de Romeinse Tijd tot en met de Nieuwe tijd. De gevonden aardewerkfragmenten zijn voomamelijk geconcentreerd in de zuidoosthoek van deellocatie
1. Er is geadviseerd een proefsleuvenonderzoek uit te voeren.’® 2105654100: West Betuwe, Geldermalsen, Herman Kuijkstraat, bureauonderzoek en booronderzoek
Onderzoek 240 m ten zuiden van het plangebied, uitgevoerd n 2006. In het bureauonderzoek is vermeld dat een hoge archeologische verwachtingswaarde aan het onderzochte gebied wordt toegerekend voor vondsten daterend uit de periode van de Middeleeuwen en de Nieuwe tijd. Tijdens het booronderzoek i is geconcludeerd dat zich in de bodem een woonplaats bevind die gedateerd kan worden op de periode van de Volle/Late Middeleeuwen en/of de Nieuwe tijd. Er is geadviseerd bij
bodemverstoringen een proefsleuvenonderzoek uit te voeren.” 2130172100: West Betuwe, Geldermalsen, trichsevoetpad, bureauonderzoek en booronderzoek Onderzoek 160 m ten westen van het plangebied, uitgevoerd in 2006. Gebaseerd op het bureauonderzoek kunnen archeologische resten aanwezig zijn uit de Romeinse Tijd en later. Archeologische resten uit periodes van voor de Romeinse Tijd zijn waarschijnlijk door de Linge verspoeld. Uit het booronderzoek blijkt dat de oorspronkelijke toplaag tot een diepte van 70 cm -mv is
verwijderd en is aangevuld met filtratiezand.
In geen van de boringen zijn archeologische indicatoren
aangetroffen. Er s geen vervolgonderzoek geadviseerd.’* 2130748100: West Betuwe, Geldermalsen,
RWZI, bureauonderzoek
Onderzoek 160 m ten westen van het plangebied, uitgevoerd in 2006. Het onderzochte gebied bestaat uit meerdere locaties waarin archeologische resten uit de Bronstijd tot en met de (Late) Middeleeuwen aanwezig kunnen zijn. Bij sommige locaties kunnen naar verwachting ook
archeologische resten aangetroffen worden uit het Paleolithicum en Mesolithicum.
Er is geadviseerd
om een inventariserend booronderzoek uit te voeren (zaak 2130764100).'* 2130764100:
West Betuwe, Geldermalsen,
RWZI, booronderzoek
Onderzoek 50 m ten westen van het plangebied, uitgevoerd in 2009. In twee locaties zijn bewoningssporen
het plangebied.
uit de Romeinse Tijd en de Late Middeleeuwen
gevonden.
Deze liggen niet nabij
Op alle andere locaties zijn geen aanwijzingen voor archeologische resten aanwezig
Het advies is om werkzaamheden op de plekken met archeologische resten archeologisch te
begeleiden.” 2135924100: West Betuwe, Geldermalsen, Plangebied Zwartekamp, booronderzoek Onderzoek 190 m ten zuiden van het plangebied, uitgevoerd in 2006 Het onderzochte gebied strekt zich uit over het voorplein van het kasteelcomplex en mogelijk over al dan niet stenen bijgebouwen en een deel van de opgevulde omgrachting. Van de oorspronkelijk bebouwing rest tegenwoordig niets meer, maar buiten het plangebied zijn delen van de omgrachting nog steeds zichtbaar. Tijdens het
veldonderzoek zijn in de 6 boringen archeologische indicatoren waargenomen in de oeverafzettingen tussen 50 en 185 cm -my. In de boorprofielen zijn resten van steenbouw aangetroffen; mogelijk zijn deze afkomstig van de eerdergenoemde bijgebouwen of een oudere fase van het kasteel. Diepe bodemverstoringen zijn niet aangetroffen. Gezien de aanwezigheid van de archeologische resten tussen 50 en 185 cm -mv worden ingrepen in de bodem dieper dan 30 cm -mv afgeraden. Wanneer planaanpassing niet mogelijk of wenselijk wordt geacht, dient de kwaliteit (gaafheid en conservering), aard, datering, omvang en diepteligging nader vast te worden gesteld door middel van een waarderend proefsleuvenonderzoek. Behoud van de archeologische vindplaats bij een nietaangepaste uitvoering van de huidige plannen is gezien de geringe diepteligging en de kwetsbaarheid
van de archeologische resten niet mogelijk.2* Bij deze zaak is vondstlocatie 1083496 geregistreerd.
16
Emaus,
Helmich, en Kremer 2005
17 Van Kampen en Verhelst 2006 18
Kremer
19 20
Wullink 2006 Wullink 2006
2006
21
Smal
2006
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
20 2147012100: West Betuwe, Geldermalsen stationsomgeving, proefputten\proefsleuven Onderzoek 100 m ten zuidwesten van het plangebied, uitgevoerd in 2007. Vanaf de Volle Middeleeuwen is de hoog gelegen kronkelwaard, in het zuidelijke deel van het terrein, bewoond.
Door
de bedijking uit de 12° eeuw na Christus worden delen van de kronkelwaard geërodeerd. Hierdoor zijn wellicht vol middeleeuwse bewoningsresten verspoeld geraakt, waarbij grindig materiaal in het onderzoeksgebied is afgezet. De erosieve periode liep op zijn einde tussen 1259 en circa 1500 na Christus. Menselijke activiteiten hebben plaats gevonden binnen het gebied tot circa 1500 na
Christus. Het advies wordt gegeven om over te gaan op een archeologische opgraving.? 2148399100: West Betuwe, Geldermalsen, Rijksstraatweg, Marktplein, Kostverlorenkade, bureauonderzoek
en booronderzoek
Onderzoek 10 m ten zuiden van het plangebied, uitgevoerd in 2007. Geldermalsen is waarschijnlijk ontstaan in de 10° tot en met de 12° eeuw. Vanaf de 13° eeuw werd bewoning van de oevers in de uiterwaarden onmogelijk omdat deze door bedijking regelmatig overstromen. Een van de oudste aanwijzingen voor menselijk aanwezigheid in het gebied is gebaseerd op een stenen bijl gedateerd in de periode Laat Neolithicum tot en met de Midden Bronstijd. Tijdens het booronderzoek is geconstateerd dat het bodemprofiel een variabele verstoringsdiepte heeft van 30 cm -mv tot meer ‘dan 300 cm -mv. Onder de verstoorde laag liggen oever- op beddingafzettingen. Bij drie boringen zijn archeologische indicatoren aangetroffen. Het advies wordt gegeven om de geplande werkzaamheden
archeologisch te begeleiden.> Op de locatie zijn de volgende vondsten geregistreerd: *
2 stuks, verbrand leem, diepte 50-90 cm -mv.
* *
4 stuks, fragment gedraaid aardewerk, diepte 60 cm -mv. 35 stuks, houtskool, onverbrand bot, archeologisch puin, fosfaat, diepte 80-230 cm -mv.
2150406100:
West Betuwe, Geldermalsen,
Herman Kuiijkstraat 28-32, booronderzoek
Onderzoek 230 m ten zuiden van het plangebied, uitgevoerd in 2007. Uit het booronderzoek is gebleken dat sprake is van bodemlagen die geïnterpreteerd kunnen worden als cultuurlaag,
vondstlaag, ophogingslaag of als sporen. middeleeuws dijklichaam.
De ophogingslaag is mogelijk een deel van een
Er zijn aanwijzingen voor een datering uit de Volle Middeleeuwen tot en
met de Nieuwe tijd. Op basis van de geschiedenis van het dorp Geldermalsen dient rekening gehouden te worden met lagen en sporen daterend uit de Vroege Middeleeuwen. Het advies wordt
gegeven om een proefsleuvenonderzoek uit te laten voeren.2 2154262100: West Betuwe, Geldermalsen Herman Kuijkstraat, proefputten\proefsleuven Onderzoek 230 m ten zuiden van het plangebied, uitgevoerd in 2007. Binnen de proefsleuf zijn middeleeuwse bewoningssporen aangetroffen uit de 13° eeuw en Volle Middeleeuwen, het betreft de gracht van de voormalige burcht van Geldermalsen. Deze gracht is opgevuld met tufsteenpuin en
mortel. Het advies wordt gegeven om over te gaan op het opgraven van de vindplaats.2= 2174691100:
West Betuwe, Geldermalsen, Kerkstraat 27, bureauonderzoek en booronderzoek
Onderzoek 230 m ten zuiden van het plangebied, uitgevoerd in 2007. Tijdens het booronderzoek is een vegetatieniveau aangetroffen die ontstaan is vóór de Volle Middeleeuwen. Hier zouden archeologische resten aanwezig kunnen zijn die gedateerd kunnen worden in de periodes van de
IJzertijd tot en met de Vroege Middeleeuwen. Hier overheen ligt een ophogingslaag die gelinkt wordt aan het mogelijke burchtterrein uit de Volle Middeleeuwen. Tevens zijn sporen en lagen gedateerd uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Zo wordt vermoed dat het dijklichaam van de Lingedijk is
aangeboord. Het advies wordt gegeven om een proefsleuvenonderzoek uit e laten voeren.® 2181535100: West Betuwe, Geldermalsen, Zwarte Kamp, proefputten\proefsleuven Onderzoek 190 m ten zuiden van het plangebied, uitgevoerd in 2008. Het onderzochte gebied staat bekend als kasteelterrein uit de Middeleeuwen/Nieuwe Tijd. Op oude kaarten heeft dit kasteel (of landhuis) de naam Kraaijenstein of Ravestein. Bij een eerder uitgevoerd booronderzoek werd baksteenpuin en een puinpakket aangetroffen. Tijdens het onderzoek zijn muurresten aangetroffen van de voorburcht
van
kasteel Ravestein.
Deze
bevinden
zich in de noordoosthoek van
het
kasteelterrein. Het betreft een hoekpunt van een gebouw. Ook werden resten van een mogelijk oudere voorganger van het gebouw met een iets andere oriëntatie gevonden. De functie van het gebouw is niet te achterhalen. Op basis van het baksteenmateriaal en gevonden aardewerk wordt het tussen de 16°en 18 eeuw gedateerd. De overige sporen bestaan uit kuilen en uitbraaksleuven, die wijzen op de sloop van structuren. In deze sporen is afval in de vorm van mortel, spijkers, houtskool en baksteen aangetroffen. Op basis van het aardewerk worden ook deze sporen tussen de 16°en 18° 22
Van Renswoude en Tops 2007
23
Heunks en Schuurman
24 25
Boreel 2007 Van Renswoude
26
Boreel 2008
2007
2007
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
21 eeuw gedateerd. Het advies is om de archeologische site in situ te bewaren. Indien dit niet mogelijk is
wordt geadviseerd om een archeologische opgraving uit te voeren.”” Bij deze zaak is vondstlocatie 1086587 geregistreerd.
Op deze locatie zijn de volgende vondsten
geregistreerd
*
3 stuks, gekleurd glas, Nieuwe Tijd
+
22 stuks, aardewerk, gedraaid, Nieuwe Tijd: grijs- en roodbakkend aardewerk, pijp, nederrijns bord, roompot, plavuis, bakpan; ook baksteen en plavuizen 34 stuks, ijzer, spijker, Nieuwe Tijd
*
2229560100: West Betuwe, Geldermalsen,
bureauonderzoek
Onderzoek uitgevoerd in 2009 ter hoogte van het plangebied. Het rapport is niet beschikbaar. Er is geen naam van het onderzoek of rapportnummer geregistreerd. 2233812100: West Betuwe, Geldermalsen, Centrumplan, booronderzoek Onderzoek 30 m ten zuiden van het plangebied, uitgevoerd in 2009. Binnen het dal van de Linge zouden archeologische resten verspoeld zijn door de rivier, dit heeft geleid tot een lage verwachtingswaarde voor archeologische resten binnen dit deel van het onderzochte gebied. Evengoed kunnen in het dal van de Linge sporen van activiteiten daterend uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd aangetroffen worden, net als verspoelde sporen uit verschillende periodes. In de rest van het onderzochte gebied kunnen archeologische resten worden aangetroffen die dateren vanafde IJzertijd. Het advies wordt gegeven om het burchtterrein met de omringende gracht, het kerkhof en de aansluitende centrale tak van de Linge ín situ te bewaren, indien dit niet mogelijk is volgt het advies om via proefsleuven te achterhalen waar opgegraven dient te worden. Voor het dal van de Linge wordt het advies gegeven om het vrij te geven voor verdere ontwikkelingen. Voor de rest
van het onderzochte gebied wordt het advies gegeven om een bureauonderzoek uit te voeren.= 2313727100: West Betuwe, Geldermalsen, Marktplein, begeleiding Onderzoek 250 m ten zuidoosten van het plangebied, uitgevoerd in 2011. Tijdens de begeleiding zijn in het onderzochte gebied sporen uit de Late Middeleeuwen of Vroege Nieuwe tijd aangetroffen. Tevens zijn er aanwijzingen voor bewoning daterend uit de prehistorie of de Romeinse Tijd. Hoewel de gracht van de burcht van Geldermalsen niet aangetroffen is, zijn de oeverafzettingen van de geul teruggevonden die de gracht met de Linge verbond. Bij deze zaak i vondstlocatie 1144361 geregistreerd. Bij een eerdere begeleiding van een rioolsleuf langs de zuidelijker gelegen Herman Kuijkstraat zijn onverstoorde lagen uit de Middeleeuwen en de Nieuwe tijd aangetroffen. Het is mogelijk dat hier restanten van de gracht van de burcht van Geldermalsen zijn aangetroffen. Dit kon
echter niet met zekerheid vastgesteld worden.> Bij deze vondstlocatie zijn geen vondsten geregistreerd
2365438100: West Betuwe, De Gentel, Geldermalsen stationslocatie, opgraving Onderzoek 75 m ten zuidwesten van het plangebied, uitgevoerd in 2012. De opgraving heeft plaats gevonden nadat uit het vooronderzoek heeft aangetoond dat een Vroeg Middeleeuwse vindplaats aanwezig is binnen het onderzochte gebied. De opgraving heeft plaats gevonden op de oeverafzettingen over zandige beddingafzettingen. Hier waren vier verschilende fases in te herkennen. De eerste en tweede fase zijn gelegen onder de vondstiagen uit de periode 850 tot en met 1050 na Christus. De vondstlaag wordt afgedekt door de derde fase, hierin bevind zich vondsthoudende afzettingen gedateerd uit de 11° eeuw. Binnen de vierde fase wordt het gebied afgeviakt door overstromingen van de Linge. Binnen deze afzetting zijn ook de een greppel gedateerd uit het midden van de 12 eeuw en aanwijzingen voor de aanleg van de Lingedijk gedateerd uit het late 12° of 13° eeuw-®
Bij dit onderzoek zijn vondstiocaties 1127141 en 1142121 geregistreerd. 2397636100: West Betuwe, Culemborg, Rijksstraatweg bureauonderzoek Onderzoek 150 m ten oosten van het plangebied, uitgevoerd in 2013. Het onderzochte gebied omvat een tracé van bijna tien kilometer en heeft in het verleden grotendeels een agrarische functie gehad. Hierdoor is de verwachting dat de bodem niet dieper verstoord is dan de bouwvoor. Stroomgordels en crevasses kunnen archeologische resten bevatten uit het Neolithicum en later. Het advies is een
verkennend booronderzoek uit te voeren (zaak 2409664100)" 2409664100: West Betuwe, Culemborg, Rijksstraatweg, booronderzoek Onderzoek 150 m ten oosten van het plangebied, uitgevoerd in 2013. Tijdens het booronderzoek aan de Rijksstraatweg is bevestigd dat de verwachte stroomgordels en crevasses grotendeels ongeroerd 27
Verniers 2008
28
Boreel 2009
29 30
Van Van
31
Spanjaard en Stiekema 2013
den Brink 20144 Renswoude en Schurmans
2015
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
22 zijn. Het advies is op deze plekken een karterend booronderzoek. Voor het deel tussen de Hooglandsche Wetering en de Haagse Uitweg, ongeveer twee kilometer ten noorden van het plangebied, wordt geadviseerd de geplande werkzaam heden archeologisch te begeleiden. De rest
van het onderzochte gebied wordt geadviseerd om vrij te geven voor de geplande werkzaamheden.? 2431793100: West Betuwe, Tricht, Lingedijk, Onderdoorgang Lingedijk, bureauonderzoek Onderzoek 220 m ten noordwesten van het plangebied, uitgevoerd in 2013. Binnen het onderzochte gebied vallen drie soortengebieden. De historische dorpskem van Tricht, de delen in het zuiden en oosten die gelegen zijn op de stroomgordel van Linge liggen en in het noorden en westen die op de stroomgordel van de Schaike, in het centrale deel van het onderzochte gebied geldt een hoge archeologische verwachtingswaarde. Voor het uiterste zuiden van het onderzochte gebied wordt het advies gegeven om het terrein vrij te stellen van een archeologisch vervolgonderzoek. In de gebieden ten hoogte van de Lingedijk en de Nieuwsteeg wordt geadviseerd een vervolgonderzoek uit te voeren
in de vorm van een proefsleuvenonderzoek.
Voor het spoorgedeelte wordt het advies gegeven om
een verkennend booronderzoek uit te voeren, waar definitieve bodemingrepen plaats vinden.’3 2443684100: West Betuwe, Tricht, Merwedelingelijn, booronderzoek Onderzoek 220 m ten noordwesten van het plangebied, uitgevoerd in 2014. Het booronderzoek is uit gevoerd om te achterhalen of een vegetatiehorizont, die bewoonbaar is, aanwezig is in de bodem die gedateerd wordt op de Late Bronstijd en/of Vroege IJzertijd. Tijdens het booronderzoek zijn drie van deze locaties aangetroffen. Het zijn locaties met een hoog gelegen vegetatiehorizont en/of waar in gebieden deze heeft gelegen op bedding- of oeverafzettingen. Het advies wordt gegeven om n de gebieden waar een hoge archeologische verwachtingswaarde voor i gegeven, een inventariserend veldonderzoek n de vorm van een proefsleuvenonderzoek uit te voeren, voor de rest van het
onderzochte gebied wordt het advies gegeven om het vrij te geven.* 2461114100: West Betuwe, Geldermalsen, Geldermalsen-Rijksstraatweg, begeleiding Onderzoek 230 m ten zuidoosten van het plangebied, uitgevoerd in 2014. Tijdens de archeologische begeleiding zijn verschillende vindplaatsen aangetroffen. Het gat hierbij om vindplaatsen daterend uit de Middeleeuwen en de Nieuwe tijd. Uit de informatie verkregen met de archeologische begeleiding is de locatie van de noordelijke dijk vast gesteld. Twee grote dijkdoorbraken, de in de 18° eeuw hebben
plaatsgevonden zijn aangetoond, tijdens de begeleiding.= 3980910100: West Betuwe, Geldermalsen,
bureauonderzoek en Booronderzoek
Onderzoek 300 m ten noordwesten van het plangebied, uitgevoerd in 2015. Uit het bureauonderzoek is gebleken dat een middelhoge verwachting geld voor archeologische vondsten daterend uit de Romeinse Tijd en een hoge verwachting voor archeologische resten daterend uit de Middeleeuwen n de Nieuwe tjd. Gebaseerd op de aanwezigheid van een restgeul, binnen het onderzochte gebied, hier zouden zeer goed geconserveerde nederzettingen. Tijdens het booronderzoek is geconstateerd dat het gehele onderzochte gebied onderdeel uit maakt van een restgeul van de Linge stroomgordel; er zijn verder geen oever afzettingen gevonden. In de slappe grond zijn archeologische resten in de vorm van puin, een diepte tot onder de 4 m -my. in het bodemprofiel zijn geen aanwijzing opgemerkt die duiden op een verstoring van de bodem. Mogelijke archeologische niveaus zouden om die reden intact n de bodem aanwezig zijn. Het advies wordt gegeven om de geplande werkzaamheden
archeologisch te laten begeleiden.* 4701323100: West Betuwe, Geldermalsen, NH-centrumkerk, proefputten\proefsleuven Onderzoek 200 m ten zuiden van het plangebied, uitgevoerd in 2019. Vooronderzoek heeft aangetoond dat zich op de betreffende locatie mogelijk resten van de laatmiddeleeuwse burcht van de Heren van Malsen bevinden. De burcht is vermoedelijk ver voor de tweede helft van de 13° eeuw afgebroken. In latere perioden i het burchtterrein vermoedelijk geëgaliseerd. De achterhaalde bouwgeschiedenis van de kerk gaat terug tot het midden van de 15° eeuw.
Uit deze periode worden
ophogingslagen en/of dempingslagen verwacht die verband houden met de burchtgracht of de oude Lingeloop.
Tijdens de voorgenomen
plannen voor de herinrichting van het terrein zullen eventueel
:aanwezige archeologische resten worden vernietigd of emstig beschadigd. Daarom heeft het bevoegd gezag bepaald dat een proefsleuvenonderzoek moest worden uitgevoerd. Doel van het onderzoek was om nader inzicht te verschaffen in de aanwezige archeologische waarden in het plangebied, het komen tot een goedgekeurd selectiebesluit door het bevoegd gezag, en het opleveren van voldoende gegevens om op basis daarvan eventueel vervolgonderzoek effectief, nuttig n kostenefficiënt te kunnen uitvoeren. Tijdens het onderzoek is slechts een geringe hoeveelheid aan archeologische resten aangetroffen. Aan de noordzijde van het terrein is een deel van een oost-west georiënteerde muur gevonden. Vermoedelijk betreft het de voormalige afscheiding van het 32 Spanjaard en Stiekema 2013 33
Van
34
Huizer 2015
den
Brink 2014b
35 Van Kampen 2016 36
Van
de Geer 2015
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
23 kerkterrein. De datering van de muur ligt op basis van de machinaal vervaardigde bakstenen in de late 19° of 20° eeuw. Verder zin tijdens het onderzoek drie knekelkuilen en wat Ios menselijk botmateriaal aangetroffen. Het betreft secundaire deposities van materiaal dat vermoedelijk in de jaren 60 van de 20° eeuw tijdens werkzaamheden aan de zuidzijde van de kerk is opgediept en vervolgens aan de noordzijde is herbegraven. De datering van het botmateriaal zelf s onduidelijk. Op basis van de conserveringstoestand is het echter aannemelijk dat de resten niet heel oud zijn.
Het
kerkhof is in gebruik geweest tot medio 19° eeuw. Ook qua vondstmateriaal heeft het onderzoek slechts een beperkt aantal opgeleverd. In totaal zijn er zeven aardewerkscherven aangetroffen uit de 18°/19° eeuw, alsmede tien metaalvondsten, waaronder drie munten uit de 17° tot begin 19° eeuw. De verwachtingen die op grond van het vooronderzoek zijn gesteld, kunnen op basis van het huidige onderzoek niet worden bevestigd, omdat op de maximale ontgravingsdiepte tot 2,93 m +NAP de laatmiddeleeuwse bewoningslagen niet zijn bereikt. Tijdens het onderzoek zijn geen resten gevonden die te maken hebben met de burcht. Wel is er een hoeveelheid aan antropogene lagen aangetroffen Of het dempings- of ophogingslagen betreft kan niet met zekerheid worden gesteld, omdat met de maximale ontgravingsdiepte de natuurljke ondergrond niet is bereikt en de aanwezigheid van de gracht niet kan worden aangetoond. Het vondstmateriaal uit de lagen duidt op een datering in de 17° tot 19° eeuw.
De verwachte laatmiddeleeuwse lagen bevinden zich op grotere diepte.
Wegens de lage
archeologie waarde van de aangetroffen vindplaats wordt het advies gegeven om het terrein vrij te
geven voor de geplande werkzaamheden.” Bij deze zaak is vondstlocatie 1194757 geregistreerd. geregistreerd
Op deze locatie zijn de volgende vondsten
+
1 stuks, daklei, Nieuwe Tijd
+
3 stuks, munt, Nieuwe Tijd: Een cent en een koperen duit
+
7 stuks, aardewerk, vaatwerk, Nieuwe Tijd
+
1 stuks, metaal, hark, onbekend
+
2 stuks, lood, onbekend, onbekend
+
1 stuks, menselijk bot, NieuweTijd: Concentratie menselijk botmateriaal
+
1 stuks, menselijk bot, Nieuwe Tijd: Schedel
4765152100: West Betuwe, Geldermalsen,
Bureauonderzoek + IVO Geldermalsen,
booronderzoek
Onderzoek 275 m ten noordwesten van het plangebied, uitgevoerd in 2020. Uit het bureauonderzoek was een middelhoge verwachting voor het onderzochte gebied geconstateerd. Deze verwachting was op basis van de ligging van het onderzochte gebied, de verwachting is dat archeologische resten daterend uit de Romeinse Tijd tot en met de Late Middeleeuwen. Voor het aantreffen van archeologische resten daterend uit de Nieuwe tid is een lage verwachting gegeven. Tijdens het booronderzoek is vastgesteld dat het gebied tot dusverre verstoord is dat de archeologische middelhoge verwachtingswaarde naar laag dient te worden bijgesteld. Wegens de lage
archeologische verwachting wordt geadviseerd om het gebied geen aanvullende maatregelen te nemen.”®
$089.71100: West Betuwe, Geldermalsen, Kerkstraat 25, proefputten\proefsleuven Onderzoek 230 m ten zuiden van het plangebied, uitgevoerd in 2021. Tijdens het aanleggen van de proefsleuven is in vindplaats, gedateerd uit de Nieuwe tijd, aangetroffen. De vindplaats bestond uit muurresten en ophogingslagen. Deze vindplaats werd niet als behoudens waardig geacht. Onder de ophogingslagen bevinden zich resten uit de Middeleeuwen. Deze zullen echter niet verstoord worden door de geplande werkzaamheden. Het advies wordt
gegeven om het gebied vrij te geven voor ingrepen tot een diepte van 60 cm -mv.* Vondsten overig 1027175: West Betuwe, Geldermalsen, Uiterwaard Van De Linge Vondstlocatie 80 m ten zuiden van het plangebied. Vondst uit 1958. Gevonden in uiterwaard van de Linge. Gelegen tussen Linge enerzijds en Koppelsedijk en Kerkstraat anderzijds. In dit gebied is een vrij goed begrensde zandpiek waarneembaar. Op deze locatie is de volgende vondst geregistreerd: 1 stuks, steen, bijl, Laat Neolithicum - Midden Bronstijd A: Tussen 2500 en 1700 voor Christus 1028286: West Betuwe, Buurmalsen
Vondstlocatie in het oosten van het plangebied. Vondst uit 1940. Opgebaggerd uit de Linge bij 37
Van
Boekel
2019
38 Hartog 2020 39
Maas 2021, 25
Bureau voor Archeologie Rapport 1414
Buurmalsen Lingedijk
24 grindwinning. Door plundering in 1944/45 is de inventaris van de Oudheidkamer te Tiel verloren gegaan waardoor nadere gegevens niet meer te achterhalen zijn. Op deze locatie is de volgende vondst geregistreerd: 1 metalen lanspunt uit de Vroege Bronstijd tot ‚en met de Nieuwe Tijd 1046641: West Betuwe, Geldermalsen, Groot Ravenstein
Vondstlocatie 210 m ten zuiden van het plangebied. Vondst uit 1984. Bij deze vondstlocatie zijn geen vondsten geregistreerd
1053216: West Betuwe, Geldermalsen, Zwarte Kamp Vondstlocatie 230 m ten zuiden van het plangebied. Vondst uit 1984. Op deze locatie zijn de volgende vondsten geregistreerd: + Onbekend aantal, Pingsdorf geelwitbakkend, Vroege Middeleeuwen D - Late Middeleeuwen A
*
Onbekend aantal, Badorf aardewerk, Vroege Middeleeuwen C - Vroege Middeleeuwen D
1053219: West Betuwe, Geldermalsen, Zwarte Kamp
Vondstlocatie 220 m ten zuiden van het plangebied. Vondst uit 1984. Op deze locatie zijn de volgende vondsten geregistreerd: * *
Onbekend aantal, Badorf aardewerk, Vroege Middeleeuwen C - Vroege Middeleeuwen D Onbekend aantal, hutteleem, Vroege Middeleeuwen C
*
Onbekend aantal, Badorf aardewerk, Vroege Middeleeuwen C - Vroege Middeleeuwen D