RV2024-026-Bijlage-Achterweg-33-Rumpt-vastgesteld-1.pdf
Tekst van het document
(vastgesteld)
81
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
8.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden 8.5.1
Vergunningplicht
Het is verboden op of in de gronden met de bestemming Waarde - Nieuwe Hollandse Waterlinie zonder of in afwijking van een vergunning van het bevoegd gezag (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: Gebiedsaanduidingen / werken en werkzaamheden
a
b
c
d
e
f
g
h
overige zone - accessen
x
x
x
-
x
-
x
-
x omgevingsvergunningplichtig - niet omgevingsvergunningplichtig a. het ophogen van gronden; b. het verlagen van gronden; c. het afgraven, verleggen of ophogen van historische polderkades en/of natuurlijke reliëfranden; d. het aanplanten van permanente hoogopgaande beplanting, waaronder mede begrepen boomteelt en/of fruitteelt, met een (gezamenlijke) oppervlakte van meer dan 500 m²; e. het vellen of rooien van hoogopgaande beplanting, waaronder mede begrepen boomteelt en/of fruitteelt, met een (gezamenlijke) oppervlakte van meer dan 50 m²; f. het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, paden en parkeergelegenheden, alsmede het aanbrengen van oppervlakteverhardingen groter dan 100 m²; g. het verleggen of dempen van watergangen en/of waterpartijen; h. het aanleggen van bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur. 8.5.2 Uitzonderingen Het verbod als bedoeld in sublid 8.5.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. betrekking hebben op normaal onderhoud en beheer, waaronder mede wordt verstaan het vervangen of herbeplanten van bestaande fruitteelt of bestaande boomteelt in het kader van de agrarische bedrijfsvoering, alsmede het egaliseren van gronden; b. binnen een agrarisch bouwvlak of binnen een niet-agrarisch bestemmingsvlak waarin gebouwd mag worden plaatsvinden; c.
reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan; d. mogen worden uitgevoerd krachtens een op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan reeds verleende vergunning. 8.5.3 Toetsingscriteria a. een omgevingsvergunning als bedoeld in sublid 8.5.1 mag alleen worden verleend indien door de uitvoering van de werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen, geen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de waarden en/of functies die het plan beoogt te beschermen, tenzij hieraan door het stellen van voorwaarden voldoende tegemoet kan worden gekomen.
82
(vastgesteld)
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
Hoofdstuk 3 Artikel 9
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
(vastgesteld)
83
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
84
(vastgesteld)
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
Artikel 10 10.1
Algemene bouwregels
Ondergronds bouwen
Voor het bouwen van ondergrondse gebouwen geldt dat alleen ondergronds mag worden gebouwd waar bovengrondse gebouwen aanwezig zijn, met dien verstande dat: a. ondergronds bouwen niet is toegestaan onder vrijstaande bijbehorende bouwwerken; b. de verticale diepte maximaal 5 m mag bedragen.
(vastgesteld)
85
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
86
(vastgesteld)
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
Artikel 11 11.1
Algemene gebruiksregels
Strijdig gebruik
Onder het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan wordt in ieder geval begrepen het gebruiken of laten gebruiken: a. van vrijstaande bijgebouwen voor het zelfstandig bewonen; b. van aan-, uit- of bijgebouwen als afhankelijke woonruimte; c. van de gronden voor seksinrichtingen; d. het gebruiken, laten gebruiken of in gebruik geven van gronden en bebouwing als opslag- of bergplaats van gebruikte, afgedankte c.q. aan de oorspronkelijke bestemming onttrokken goederen, voorwerpen of materialen, behoudens voor zover noodzakelijk in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; e. het gebruiken, laten gebruiken of in gebruik geven van gronden voor het storten of lozen van vaste of vloeibare afval, behoudens voor zover dat noodzakelijk in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; f. voor kamerverhuur.
(vastgesteld)
87
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
88
(vastgesteld)
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
Artikel 12 12.1
Algemene afwijkingsregels
Omgevingsvergunning bouwvlak
Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning in geringe mate ofwel maximaal 5% afwijken binnen de bestemming 'Wonen' van de plaats en richting van de grenzen van bouwvlakken indien dit noodzakelijk is in verband met afwijkingen of onnauwkeurigheden ten opzichte van de feitelijke situaties, mits daardoor geen belangen van derden onevenredig worden geschaad. 12.2
Omgevingsvergunning kleine gebouwen
Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van de regels van dit plan ten behoeve van het bouwen van kleine, niet voor bewoning bestemde gebouwen en andere bouwwerken ten openbare nutte, het openbaar vervoer of het wegverkeer, zoals gemaalgebouwtjes, transformatorhuisjes, reduceerstations, c.a.i.-kastjes, abri's e.d., met dien verstande dat: a. de bebouwde oppervlakte niet meer mag bedragen dan 25 m2; b. de goothoogte van deze gebouwen niet meer mag bedragen dan 3 m; c. de bouwhoogte van deze gebouwen niet meer mag bedragen dan 6 m.
(vastgesteld)
89
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
90
(vastgesteld)
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
Artikel 13 13.1
Overige regels
Parkeren
13.1.1 Algemeen a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen of uitbreiden van een gebouw wordt slechts verleend, indien is aangetoond dat wordt of zal worden voldaan aan de maximum parkeernormen, zoals opgenomen in publicatie 317 "Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie" van CROW, met dien verstande dat het totale aantal benodigde parkeerplaatsen wordt afgerond op het dichtstbijzijnde hele getal; b. Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen of uitbreiden van een gebouw en/of voor de verandering van de functie van een bouwperceel met een behoefte voor het laden en lossen van goederen bepaalt bevoegd gezag een behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen voor dat gebouw. c. Parkeerplaatsen dienen aangelegd te worden op het eigen terrein, waarbij de afmetingen per parkeerplaats ten minste voldoen aan de volgende maatvoering: 1. Haaksparkeren: lengte 5,0 m, breedte 2,5m; 2. Langsparkeren: vaklengte 6 m, breedte 2,5m. d.
Het onder a bepaalde is niet van toepassing ingeval een bouwwerk ten gevolge van een calamiteit geheel verloren is gegaan en dit bouwwerk, indien en voor zover sprake is van dezelfde functie en omvang, wordt herbouwd en op gelijke wijze in de parkeerbehoefte wordt voorzien als voor de calamiteit feitelijk het geval was, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk teniet is gegaan. 13.1.2 Afwijken 1. Parkeernorm Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 13.1.1 onder a, mits: a. ten minste wordt voldaan aan de minimum parkeernormen, zoals opgenomen in publicatie 317 "Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie" van CROW, met dien verstande dat het totale aantal benodigde parkeerplaatsen wordt afgerond op het dichtstbijzijnde hele getal; b. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; c. het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig worden geschaad. 2. Ruimte voor laden of lossen Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 13.1.1 onder b, indien en voor zover op andere wijze in de benodigde ruimte voor het laden of lossen van goederen wordt voorzien. 3. Eigen terrein Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 13.1.1 onder c., mits: a.
de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; b. het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig worden geschaad.
(vastgesteld)
91
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
92
(vastgesteld)
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
Hoofdstuk 4 Artikel 14 14.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
14.1.1 Algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 14.1.2 Uitzondering Het bepaalde in 14.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 14.2
Overgangsrecht gebruik
14.2.1 Algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 14.2.2 Strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in 14.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 14.2.3 Onderbroken gebruik Indien het gebruik, bedoeld in 14.2.1, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 14.2.4 Uitzondering Het bepaalde in 14.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
(vastgesteld)
93
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
94
(vastgesteld)
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
Artikel 15
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt.
(vastgesteld)
95
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
96
(vastgesteld)
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
Bijlagen
(vastgesteld)
97
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
98
(vastgesteld)
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
Bijlage 1
(vastgesteld)
Universele waarden Hollandsche Waterlinie
99
bestemmingsplan Achterweg 33, Rumpt
100
(vastgesteld)