RV2023-098-bijlage-tweede-bestuursrapportage-2023.pdf
Tekst van het document
In deze periode kan het transport van de accu's niet kunnen plaatsvinden over de Esterweg en zullen via diverse woonkernen moeten plaatsvinden. Dit zijn 15 tot 20 verkeersbewegingen met zwaar materieel door de dorpen heen, waarbij veel trillingen zullen plaatsvinden. Dit is niet gewenst. Ook is het zware transport over een nieuwe weg niet bevorderlijk voor de levensduur van de weg. Door bovenstaande redenen hebben we besloten de werkzaamheden uit te stellen naar 2025. Om de weg in de periode tot aan de uitgestelde werkzaamheden veilig te houden, dienen een aantal reparaties uitgevoerd te worden. Hierdoor wordt een deel van het beschikbare budget ingezet om deze reparatiewerkzaamheden uit te voeren.
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
69
6. Bijlagen Toelichting Septembercirculaire 2023 SAMENVATTING FINANCIËLE EFFECTEN SEPTEMBERCIRCULAIRE 2023 VOOR WEST BETUWE Jaarlijks verschijnen meestal drie circulaires. Mei geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid, september van de vertaling van de Miljoenen-nota, december is op basis van de Najaarsnota en rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. De Septembercirculaire 2023 is volgens planning op Prinsjesdag verschenen. Deze circulaire bevat informatie over de nieuwe financieringssystematiek vanaf 2027 en een actualisatie van het LPO (loon- en prijsontwikkelingen) accres op basis van de Miljoenennota 2024. Met behulp van de applicatie LIAS PAUW van Inergy en de door ons verzamelde en geëxtrapoleerde gegevens is de circulaire voor West Betuwe doorgerekend. De effecten hiervan zijn als volgt: Bruto mutatie Septembercirculaire 2023
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Stand algemene uitkering voor Septembercirculaire 2023
84.241
90.487
91.405
84.450
83.970
83.626
Stand OZB-opbrengsten voor Septembercirculaire 2023
14.976
15.637
15.694
15.752
15.809
15.867
0
790
1.780
3.020
3.110
3.110
Stand voor Septembercirculaire 2023
99.217
106.914
108.879
103.222
102.890
102.603
Stand algemene uitkering bij Septembercirculaire 2023
84.286
91.135
92.050
85.070
86.271
87.551
Stand OZB-opbrengsten bij Septembercirculaire 2023
15.269
15.938
15.995
16.052
16.110
16.166
0
750
1.775
2.975
3.100
3.100
99.555
107.823
109.821
104.097
105.481
106.817
337
909
941
875
2.591
4.214
bedragen x 1.000 euro
Stand taakstellingen Jeugdzorg voor Septembercirculaire 2023
Stand taakstellingen Jeugdzorg bij Septembercirculaire 2023 Stand bij Septembercirculaire 2023 Bruto mutatie opbrengsten bij Septembercirculaire 2023
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
70
Effect op begrotingsjaar
2023
2024
2025
2026
2027
2028
bedragen x 1.000 euro Bruto mutatie algemene uitkering uit het gemeentefonds
45
648
645
619
2.301
3.925
Netto mutatie OZB-opbrengsten
293
302
301
301
300
299
Netto mutatie taakstellingen Jeugdzorg
0
-40
-5
-45
-10
-10
337
909
941
875
2.591
4.214
Oormerken prijsontwikkelingen (LPO)
0
-1.065
-921
-793
-1.237
-1.201
Oormerken areaalontwikkelingen (volume)
0
0
0
0
-1.450
-2.790
Oormerken taakmutaties
-58
-165
-89
-78
-76
-53
Bruto mutatie opbrengsten bij Septembercirculaire 2023
279
-321
-69
4
-171
171
Bruto mutatie opbrengsten
Opbouw effect
2023
2024
2025
2026
2027
2028
bedragen x 1.000 euro 1. Hoeveelheidsverschillen / ontwikkeling uitkeringsbasis
22
-176
-52
49
-51
74
2. WOZ-inkomstenmaatstaf
-327
-411
-411
-411
-411
-411
3. OZB-opbrengsten
293
302
301
301
300
299
4. Nominale ontwikkeling in de Septembercirculaire 2023
0
0
139
68
138
762
5. Wijzing LPO compensatie vanaf 2027
0
0
0
0
-234
-845
6. Areaalontwikkeling 2027/2028
0
0
0
0
200
400
7. Voorschot BCF-plafond 2023
282
0
0
0
0
0
8. Overige ontwikkelingen
10
4
-41
42
-103
-99
9. Taakstelling Jeugdzorg (dossiers met overeenstemming)
0
-40
-10
-10
-20
-20
Taakstelling Jeugdzorg (coalitieakkoord Rutte IV))
0
0
5
-35
10
10
Bruto mutatie opbrengsten bij Septembercirculaire 2023
279
-321
-69
4
-171
171
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
71
Toelichting op de verschillen 1. Hoeveelheidsverschillen/ontwikkeling (landelijke) uitkeringsbasis Naast de mutaties in de algemene uitkering die worden veroorzaakt door wijzigingen in de maatstafgewichten en de wegingsfactoren als gevolg van beleidsmatige maatregelen, wordt een deel van de mutatie veroorzaakt door mutaties in de basisgegevens (maatstaven). Dit zijn zowel de lokale en landelijke ontwikkelingen. Het gaat hier per saldo om (relatief) kleine afwijkingen. 2. WOZ-inkomstenmaatstaf Gemeenten krijgen minder geld uit het gemeentefonds als ze veel vermogen hebben om belastingen te heffen. Het vermogen bestaat uit de WOZ-waarde van onroerende zaken in de gemeente, berekend tegen een tarief dat voor alle gemeenten hetzelfde is. Bij de Septembercirculaire is de raming van de WOZwaarden om drie redenen bijgesteld. Dit komt doordat het CBS en het rijk de capaciteit voor 2021 definitief hebben vastgesteld. Daarnaast is rekening gehouden met de geactualiseerde prognose van BSR voor de opbrengsten 2023. Tot slot wordt voor 2024 een hogere (gemiddelde) stijging van de WOZwaarden voor woningen verwacht (vier procent in plaats van de eerdere aanname van drie procent bij de Meicirculaire 2023). 3. OZB-opbrengsten In de najaarsrapportage 2023 van BSR wordt voor West Betuwe rekening gehouden met een hogere OZB-opbrengst voor 2023. 4.
Wijziging LPO-compensatie vanaf 2027 In deze circulaire heeft het rijk besloten om vanaf 2027 het LPO accres te bepalen op basis van de ontwikkeling van het prijs Bbp van het lopende jaar, waardoor het gemeentefonds op een reëel ‘niveau’ blijft. De tranche van het lopend jaar wordt bij de Voorjaarsnota definitief. De bbp ontwikkeling is gebaseerd op de CEP-raming (Centraal Economisch Plan) van het CPB. Voor de jaren 2027 en 2028 was de indexatie eerder gebaseerd op de gecombineerde index. Vanaf de Septembercirculaire 2023 is de systematiek gewijzigd. De gewijzigde systematiek betekent een (aanzienlijke) verlaging ten opzichte van de Meicirculaire 2023. Deze verlaging bedraagt voor de jaren 2027 en 2028 -/- 100 miljoen euro respectievelijk -/- 362 miljoen euro (cumulatief). De jaarlijkse indexaties voor 2027 en 2028 zouden bij het hanteren van de oude systematiek stijgen van 3,2 procent (Meicirculaire 2023) naar 3,3 procent. Bij de nieuwe systematiek zijn de indexaties verlaagd naar respectievelijk 2,8 procent en 2,4 procent. Een deel van het LPO-accres verschuift naar het volume accres waarover nu meer bekend gemaakt is.
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
72
5. Nominale ontwikkelingen in de Septembercirculaire 2023 De rijksoverheid neemt in de meerjarenraming een loon/prijsontwikkeling (LPO) op en raamt dus inclusief inflatie (lopende prijzen). Voor alle gemeenten geldt dat de jaren t (2023) en t+1 (2024) worden geraamd op basis van deze lopende prijzen. Ongeveer twee derde van de gemeenten raamt vanaf t+2 (2025) echter tegen constante prijzen omdat ze een stabiel budgettair beeld willen creëren, lasten en baten houden hetzelfde niveau. Bij deze gemeenten wordt vanaf het jaar t+2 het effect van de inflatie uit de meerjarenramingen gehaald. Zoals hiervoor al aangegeven wordt vanaf 2027 door het rijk een andere methode voor het LPO accres gebruikt. Voorheen was dit een gecombineerde index gebaseerd op de loonontwikkeling overheid (60 procent), prijsontwikkeling consumptie (20 procent) en prijsontwikkeling overheidsinvesteringen (20 procent). De nominale ontwikkeling is - ten opzichte van voorgaande circulaires aangepast. De raming in de Miljoenennota 2024 ligt vanaf 2025 (aanzienlijk) lager dan in het Centraal Economisch Plan zoals die is gebruikt in de Meicirculaire 2023. Als er tegen constante prijzen wordt geraamd, wordt de aftrek in het gemeentefonds naar constante prijzen lager en de uitkering dus hoger. 6.
Areaalontwikkelingen 2027/2028 In de Voorjaarsnota 2023 is besloten om het gemeentefonds vanaf 2027 te indexeren op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product. Uitgangspunt is dat het gemeentefonds meerjarig de ontwikkeling van het nominaal bruto binnenlands product volgt. De volumeontwikkeling van de fondsen wordt gebaseerd op een 8-jaars (t-9 t/m t-2) historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bbp, waardoor het gemeentefonds minder schommelt. De cumulatieve mutatie voor het volume deel in de jaren 2027 en 2028 bedraagt 706 miljoen euro in 2027 en 1.373 miljoen euro in 2028. In de Meicirculaire 2023 was voor beide jaren al wel een jaarlijkse reservering van 150 miljoen euro aangekondigd, maar (nog) niet toegekend. Uit het volume deel vangt de gemeente de areaalontwikkelingen op. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de stijgende lasten als gevolg van toename van aantal inwoners, bijstandsontvangers, vergrijziging en de hoeveelheid te onderhouden groen en wegen. De stelpost Areaalontwikkelingen die in West Betuwe hiervoor wordt gebruikt is bij de Meicirculaires 2022 en 2023 ten laste van het resultaat van de circulaires gebracht. Nu het rijk alsnog een compensatie vanaf 2027 geeft, kan de eerder gevormde stelpost van 200 duizend euro per jaar vrijvallen. 7. Voorschot BCF-plafond 2023 Het BCF-plafond bedraagt voor gemeenten 3,9 miljard euro in 2023.
Als de gezamenlijke declaraties onder het plafond blijven wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. Het plafond muteert jaarlijks met het accrespercentage, maar door de bevriezing van het accres in 2022 tot en met 2025 is het plafond in die jaren ook gefixeerd. In het systeem is opgenomen dat jaarlijks bij de Septembercirculaire een voorschot wordt verstrekt op de verwachte onderschrijding van dat kalenderjaar. In de Meicirculaire volgend op het kalenderjaar volgt dan de afrekening. In deze circulaire bedraagt het voorschot voor het jaar 2023 359 miljoen euro. Het aandeel van West Betuwe hierin bedraagt 842.000 euro. We hielden overigens al rekening met een uitkering van 560.000 euro, zodat er per saldo sprake is van een (incidenteel) voordeel van 282.000 euro.
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
73
De provinciaal toezichthouder staat toe een meerjarige stelpost op te nemen als inschatting op de jaarlijkse onder- of overschrijding van het plafond. Dit op basis van de hoogte van de laatst bekende afrekening. In dit geval is dat 318 miljoen euro in 2022. Het gemeentelijk aandeel hierin mag structureel worden geraamd vanaf 2024. De provinciaal toezichthouders adviseren om voorzichtig te zijn met het opnemen van een raming voor dit dekkingsmiddel. Om deze reden ramen we deze stelpost voor 75%. De stelpost vanaf 2024 blijft onveranderd op 560.000 euro.
8. Overige ontwikkelingen De post overige ontwikkelingen is een optelsom van (relatief) kleine zaken, zoals afrondingen. 9. Extra gelden Jeugdzorg/hogere besparingsmogelijkheden jeugdzorg Gemeenten en rijk hebben een akkoord bereikt over het financiële kader voor de Hervormingsagenda Jeugd. In totaal wordt 1,36 miljard euro in 2024 en 859 miljoen euro in 2025 aan de algemene uitkering van het gemeentefonds toegevoegd. In de rijksbegroting zijn middelen gereserveerd voor 2026 en verder. De beschikbaarstelling van deze middelen voor de jaren 2026 en verder vindt plaats na het advies van de deskundigencommissie en de besluitvorming daarover. Net als voor de middelen in 2024 en 2025 geldt dat deze beschikbaar worden gesteld aan gemeenten met uitzondering van de investeringen waarvan is afgesproken deze door het rijk worden gedaan. Vanaf 2026 houden we (vooralsnog) rekening met de uitkering van de gereserveerde middelen (579.000 euro in 2026, 430.000 euro in 2027 en 510.000 euro in 2028). Voor de besparingen op de kosten als gevolg van de dossiers met maatregelen en de extra maatregelen uit het coalitieakkoord Rutte IV wordt nu rekening gehouden met een iets lager besparingspotentieel.
De taakstellende besparingen op de dossiers met overeenstemming kunnen (deels) overlappend zijn met de eerder door de raad vastgestelde taakstelling Wmo/Jeugd in het kader van Bouwen aan Sociale kracht. Hierdoor bestaat het risico dat de taakstelling vanuit de hervormings-agenda voor dit onderdeel niet volledig word behaald. Voor de extra maatregelen uit het coalitieakkoord is het rijk overigens verantwoordelijk. Het rijk is aan zet om deze besparingen te realiseren door het (tijdig) treffen van maatregelen en eventuele wetswijzigingen. Vinden de maatregelen geen of onvoldoende doorgang, en worden de kosten voor gemeenten daardoor niet lager, dan worden gemeenten daarvoor via het gemeentefonds gecompenseerd.
2. OPSCHALINGSKORTING (LAGERE APPARAATSKOSTEN) In het regeerakkoord van Rutte II is een opschalingskorting opgenomen die opliep van 60 miljoen euro landelijk in 2015 tot 975 miljoen euro vanaf 2025. In het kader van het coalitieakkoord Rutte IV is de geplande opschalingskorting gedurende de jaren 2023, 2024 en 2025 geschrapt. De bedragen die er bij horen zijn cumulatief 400, 535 en 675 miljoen euro. Dat laatste bedrag wordt in 2026 alsnog gekort, zoals eerder al verwerkt in de circulaires en ook in onze begroting.
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
74
Nadelig effect voor West Betuwe Ons structurele aandeel in deze landelijke korting van 975 miljoen euro bedraagt ongeveer 2,25 miljoen euro (dit is exclusief de gemiste accresgroei vanaf 2015).
3.
NIEUWE FINANCIERINGSYSTEMATIEK
Tot en met 2025 wordt de bestaande normeringssystematiek (nog) toegepast. Dit is de zogenaamde “samen de trap op en samen de trap af” methode waarbij de omvang van het gemeentefonds groeit c.q. krimpt in dezelfde mate als de rijksuitgaven zich ontwikkelen. In het coalitieakkoord van Rutte IV is (éénzijdig) besloten deze systematiek vanaf 2026 stop te zetten. Vooruitlopend op een nieuwe financieringssytematiek heeft het kabinet in de Septembercirculaire 2022 in 2026 eenmalig 1 miljard euro beschikbaar gesteld. Dit bedrag is in de Meicirculaire 2023 vanaf 2027 structureel opgenomen. In deze circulaire wordt de aangekondigde uitname voor het BTW-compensatiefonds (BCF) gerealiseerd. Hiermee is bij de Meicirculaire 2023 al door ons rekening gehouden. Het kabinet heeft besloten om het gemeentefonds voor de volume-ontwikkeling vanaf 2027 te indexeren op basis van de ontwikkeling (groei) van het bruto binnenlands product. In de Meicirculaire 2023 is een beschrijving van de hoofdlijnen van een nieuwe financieringssystematiek opgenomen. De nieuwe financieringssystematiek houdt in dat de volumeontwikkeling van het gemeentefonds vanaf 2027 wordt gebaseerd op een historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). Hiervoor is in de Voorjaarsnota 2023 een budget gereserveerd van 150 miljoen euro in 2027 en 300 miljoen euro (cumulatief) in 2028.
In de Meicirculaire 2023 was de nieuwe financieringssystematiek nog niet verwerkt. In deze circulaire worden de definitieve bedragen bekend gemaakt en toegekend. Landelijk gaat het om respectievelijk om 706 miljoen euro in 2027 en 1,37 miljard euro (cumulatief) in 2028.
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
75
4.
TAAKMUTATIES
Taakmutaties (inclusief LPO en volume accres)
2023
2024
2025
2026
2027
2028
-1.237
-1.201
bedragen x 1.000 euro 1. LPO ontwikkelingen (o.b.v. gecombineerde index)
0
-966
-864
-793
2. Loon- en prijsbijstelling Jeugdzorg
0
-100
-58
0
0
0
3. Areaalontwikkeling 2027/2028
0
0
0
0
-1.450
-2.790
4. Doordecentralisatie Ida Gerhardt Academie
1
-27
-23
-15
-22
-24
5. Impulsgelden Weerbaar Bestuur (incidenteel 2023-26)
-7
-7
-7
-7
0
0
6. Hulpmiddelen thuis laten staan
0
-1
-2
-2
-2
-2
7. Wet visueel beperkten
0
1
1
1
1
2
0
-71
0
0
0
0
-42
-40
-39
-37
-34
-34
8. Bijzondere bijstand en vroegsignalering (incidenteel 2024) 9. Participatie/WSW en beschermd wonen 10. Re-integratie
0
0
0
0
0
25
11. RVP/maternale kinkhoestvaccinatie
0
-10
-10
-9
-9
-9
12. Europese richtlijn energieprestatie gebouwen/EPBD III
-10
-11
-11
-10
-10
-10
Bruto mutatie opbrengsten bij Septembercirculaire 2023
-58
-1.230
-1.011
-871
-2.762
-4.043
Toelichting op de taakmutaties 1. Nominale ontwikkelingen (loon- en prijsontwikkelingen) Uit de toename (accres) van het gemeentefonds moeten ook de loon- en prijsontwikkelingen worden opgevangen. Deze ramen we binnen West Betuwe op een afzonderlijke stelpost. Deze zogeheten nominale ontwikkelingen zijn in deze circulaire toegenomen. Ten opzichte van de inschattingen bij de Meicirculaire 2023 vallen deze hoger uit. 2. Loon- en prijsbijstelling Jeugdzorg In de Meicirculaire 2023 is de loon- en prijsbijstelling 2023 voor jeugdzorg aan het gemeentefonds toegevoegd voor de jaren 2024 en 2025. In deze circulaire worden de middelen voor de loon- en prijsbijstelling 2022 die nog op de rijksbegroting waren gereserveerd toegekend. Ook deze overboeking heeft nu betrekking op 2024 (45,2 miljoen euro) en 2025 (27,1 miljoen euro), omdat voor die jaren de gereserveerde middelen zijn vrijgegeven. 3. Areaalontwikkeling 2027/2028 Bij de toelichting op de verschillen is al aangegeven dat vanaf 2027 de volume ontwikkeling op een andere wijze zal worden berekend. Niet meer volgens de systematiek van samen de trap op en af, maar met afzonderlijke compensaties voor lpo en volume ontwikkelingen. De cumulatieve mutatie voor het volume Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
76
deel in de jaren 2027 en 2028 bedraagt 706 miljoen euro in 2027 en 1.373 miljoen euro in 2028. In de Meicirculaire 2023 was voor beide jaren al wel een jaarlijkse reservering van 150 miljoen euro op de rijksbegroting aangekondigd, maar (nog) niet aan de gemeenten toegekend. Uit het volume deel vangt de gemeente de areaalontwikkelingen op. Het aandeel van West Betuwe in het volume deel is 1,65 miljoen euro in 2027 en 3,19 miljoen euro (cumulatief) in 2028. In de gemeentelijke stelpost is al rekening gehouden met een bedrag van respectievelijk 200 duizend euro in 2027 en 400 duizend euro (cumulatief) in 2028. Per saldo resteert er als taakmutatie een bedrag van respectievelijk 1,45 miljoen euro in 2027 en 2,79 miljoen euro (cumulatief) in 2028. 4. Doordecentralisatie Ida Gerhardt Academie Het schoolbestuur van de Ida Gerhardt Academie heeft gekozen voor een volledige doordecentralisatie. Hierbij komen grond en gebouwen op de balans van de school en de daarmee gepaard gaande kapitaallasten lopen via de resultatenrekening van de school. De scholen worden hiermee zelfstandig verantwoordelijk voor bouw, onderhoud en financiering van schoolgebouwen. De scholen krijgen van de gemeente gelijktijdig jaarlijks een vergoeding voor de benodigde kapitaallasten. Op basis van het werkelijke leerlingenaantal per 1 oktober van het voorgaande jaar wordt jaarlijkse de vergoeding bepaald. 5.
Impulsgelden Weerbaar Bestuur De veiligheid van decentrale bestuurders is een vereiste voor het goed functioneren van het openbaar bestuur. Per 1 oktober 2023 wordt de werkgeversverantwoordelijkheid voor hun veiligheid daarom geëxpliciteerd met een wijziging van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers. Vanuit het programma Weerbaar Bestuur wordt hier een jaarlijkse tegemoetkoming van 7.062 euro per gemeente per jaar tegenover gesteld voor 2023-2026. 6. Hulpmiddelen thuis laten De motie Westerveld (GroenLinks) en Bikker (Christen-Unie) verzoekt de regering om met betrokken partijen landelijke afspraken te maken over het behoud van hulpmiddelen thuis voor cliënten die verhuizen naar een instelling in de zin van de Wet langdurige zorg (Wlz) en aangeven thuis te willen logeren. Naar aanleiding van deze motie heeft het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) bestuurlijke afspraken gemaakt betrokken partijen. Onderdeel van deze bestuurlijke afspraken is dat de hulpmiddelen die vanuit de Wmo zijn verstrekt thuis blijven staan en gemeenten de financiering daarvan voortzetten. Gemeenten worden hiervoor gecompenseerd. 7.
Wet visueel beperkten De Tweede Kamer heeft het wetsvoorstel aangenomen dat tot doel heeft om de uitvoering van technische werkvoorzieningen voor mensen uit de doelgroep Participatiewet met een visuele beperking over te dragen aan het UWV. Op dit moment ligt het wetsvoorstel bij de Eerste Kamer. Als het wetsvoorstel ook door de Eerste Kamer wordt aangenomen is het de bedoeling dat de middelen voor de werkvoorzieningen en de structurele uitvoeringskosten budgettair neutraal worden overgeheveld van het cluster Participatie in het gemeentefonds naar de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Gemeenten worden hiervoor gekort in het gemeentefonds.
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
77
8. Bijzondere bijstand en vroegsignalering Het kabinet stelt in totaal incidenteel 200 miljoen euro voor de jaren 2022 tot en met 2024 beschikbaar om een stapeling van sociale en maatschappelijke problemen als gevolg van de hoge inflatie te voorkomen. Van dit bedrag is in 2023 in totaal 50 miljoen euro via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld (zie Meicirculaire 2023). Voor 2024 wordt ook in totaal 50 miljoen euro via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld. Dit is bedoeld voor de verwachte extra inzet op het gebied van vroegsignalering, en om gemeenten tegemoet te komen in het verwachte extra beroep op bijzondere bijstand. 9. Participatie WSW en beschermd wonen De werkelijke compensatie via de integratieuitkering Participatie voor de WSW en beschermd werken valt vanaf 2023 hoger uit dan de bestaande ramingen. Bij de Voorjaarsnota heeft het kabinet besloten om gemeenten te compenseren voor de bijzondere verhoging van het wettelijk minimumloon voor medewerkers in de Wet sociale werkvoorziening (Wsw). Dit betreft een meerjarige reeks die wordt toegevoegd aan het Wsw-onderdeel in deze integratieuitkering. De bedragen in de reeks lopen af met de afbouw van de Wsw tot 2048. 10. Re-integratie Bij de Voorjaarsnota 2023 heeft het kabinet besloten om vanaf 2028 het re-integratiebudget structureel met 20 miljoen euro te verlagen.
Deze maatregel is onderdeel van de ombuigingen die op de rijksbegroting zijn doorgevoerd. Gemeenten kunnen hierdoor mogelijk minder bijstandsgerechtigden ondersteunen. 11. Rijksvaccinatieprogramma/maternale kinkhoestvaccinatie Vanaf december 2019 krijgen zwangere vrouwen maternale kinkhoestvaccinatie aangeboden door de rijksoverheid. Vanaf 1 januari 2024 wordt de uitvoering van deze maternale kinkhoestvaccinatie formeel overgedragen aan de gemeenten. Deze vaccinatie wordt dan toegevoegd aan de opsomming van vaccinaties in het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) zoals genoemd in artikel 11, tweede lid, in het Besluit publieke gezondheid. Bij deze septembercirculaire worden de bijbehorende middelen, ongeveer 4 miljoen euro per jaar aan het gemeentefonds toegevoegd aan het cluster Sociale basisvoorzieningen. 12. Europese richtlijn energieprestatie gebouwen (EPBD III) De algemene uitkering wordt vanaf 2023 structureel met circa 1,8 miljoen euro verhoogd in verband met de tweede herziening van de Europese richtlijn energieprestatie van gebouwen (EPBD III). De regeling is op 10 maart 2020 geïmplementeerd en heeft als doel om de energie-efficiëntie van gebouwen te verbeteren.
Naar aanleiding van EPBD III is er een verplichting geïntroduceerd voor het documenteren van de energieprestatie van een installatie, voor het installeren van zelfregulerende apparatuur per verblijfsruimte en voor laadinfrastructuur voor elektrische auto’s. Ook zijn de eisen voor de energieprestatie van technische bouwsystemen en de keuring van verwarmingsinstallaties en airconditioningssystemen aangepast. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het toezicht en de handhaving.
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
78
5.
UITGEBREIDE ANALYSE/TOELICHTING
Loon- en prijscompensatie Sinds de meicirculaire 2022 is het accres gesplitst in een volume- en een nominaal deel, waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijging (LPO). In de Meicirculaire 2023 was de LPO compensatie structureel nog gebaseerd op basis van de CPB-raming van de loonvoet sector overheid, index materiele overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen. Hierbij wordt een verdeling van 60% loonontwikkeling, 20% consumptie en 20% investeringen aangehouden. Het rijk heeft in deze circulaire echter besloten om vanaf 2027 het LPO accres te bepalen op basis van de ontwikkeling van het prijs Bbp. De effecten voor de jaren 2023 tot en met 2027 zijn opgenomen in onderstaande tabel.
Loon- en prijsontwikkelingen
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Loonvoet sector overheid (60%) Index prijs materiële overheidsconsumptie (IMOC, 20%) Index prijs overheidsinvesteringen (IBOI, 20%)
5,00% 4,80% 4,10%
6,70% 3,50% 3,00%
5,30% 2,00% 1,90%
4,70% 2,00% 1,90%
4,20% 2,00% 1,90%
4,20% 2,00% 1,90%
Gecombineerde LPO index tot en met 2026 Prijs bbp (Bruto binnenlands product) vanaf 2027 CPB-raming meicirculaire (LPO)
4,78% 6,60% 4,54%
5,32% 3,30% 4,22%
3,96% 2,40% 4,18%
3,60% 2,90% 3,58%
3,30% 2,80% 3,21%
3,30% 2,40% 3,21%
Mutatie t.o.v. meicirculaire 2023
0,24%
1,10%
-0,22%
0,02%
-0,41%
-0,81%
w/v LPO (gecombineerde index) Cumulatief
0,24% 0,24%
1,10% 1,34%
-0,22% 1,12%
0,02% 1,14%
0,09% 1,23%
0,09% 1,32%
w/v wijziging LPO-systematiek Cumulatief
0,00% 0,00%
0,00% 0,00%
0,00% 0,00%
0,00% 0,00%
-0,50% -0,50%
-0,90% -1,40%
Door de gewijzigde systematiek krijgen de gemeenten vanaf 2027 minder compensatie voor het opvangen van de loon- en prijsontwikkelingen. Er is sprake van een verschuiving van de LPO compensatie naar volume compensatie. Accressen Het accres is gesplitst in een volume- en een nominaal deel, waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijging en het volumedeel ter compensatie van o.a. de bevolkingstoename. In de onderstaande tabellen is de splitsing tussen het volume accres en het LPO accres in beeld gebracht. Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
79
Volume deel Sinds de Meicirculaire 2022 is het volume deel bevroren tot en met 2025. Vooruitlopend op een nieuwe financieringssystematiek heeft het kabinet in de Septembercirculaire 2022 eenmalig 1 miljard euro extra beschikbaar gesteld in 2026. Het volumedeel staat hierdoor vast tot en met 2026. Bij de Voorjaarsnota 2023 is dit bedrag vanaf 2027 structureel gemaakt en is besloten om de volumeontwikkeling vanaf 2027 te indexeren op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product. De nieuwe financieringssystematiek is, zoals aangekondigd in de Meicirculaire 2023, in de Miljoenennota 2024 uitgewerkt. De indexatie voor het volumedeel wordt vanaf 2027 gebaseerd op een 8-jaars (t-9 t/m t-2) historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). Volume
accres
Septembercirculaire
2023
2023
2024
2025
2026
2027
2028
bedragen in miljoenen euro Volume accres (vastgezet deel) Tranche 2023
1.221
Tranche 2024
1.221
1.221
1.135
1.135
Tranche 2025
920
Tranche 2026
1.464
1.464
1.464
706
703
Volume accres (historische groei Bbp) Tranche 2027 Tranche 2028
670
Totaal volume accres Septembercirculaire 2023
1.221
2.356
3.276
1.464
2.170
2.837
Totaal volume accres Meicirculaire 2023
1.221
2.356
3.276
1.464
1.464
1.464
0
0
0
0
706
1.373
Toename accres
In de tabel is een van de voornaamste redenen van het ravijnjaar 2026 te zien, namelijk het niet structureel doortrekken van de volume tranches 2022-2025. Loon- en prijsdeel Voor de jaren tot en met 2026 geschiedt de index voor loon-prijsontwikkeling op basis van de CPB-raming van de loonvoet sector overheid, index materiele overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen. Hierbij wordt een verdeling van 60% loonontwikkeling, 20% consumptie en 20% investeringen aangehouden. Vanaf 2027 volgt de indexatie voor inflatie de prijs bbp van het lopend jaar. In de Septembercirculaire 2023 zijn de LPO accressen voor de jaren 2024 tot en met 2028 bijgewerkt.
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
80
LPO accres Septembercirculaire 2023
2023
2024
2025
2026
2027
2028
bedragen in miljoenen euro LPO accres (gecombineerde index) Nabetaling tranche 202 Tranche 2023
127
127
127
119
115
115
1.598
1.598
1.598
1.498
1.455
1.455
2.026
2.026
1.842
1.838
1.832
1.557
1.444
1.441
1.436
1.365
1.362
1.358
1.117
1.114
Tranche 2024 Tranche 2025 Tranche 2026 LPO accres (prijs Bbp) Tranche 2027 Tranche 2028
997
Totaal LPO accres Septembercirculaire 2023
1.725
3.751
5.308
6.268
7.328
8.307
Totaal LPO accres Meicirculaire 2023
1.725
3.317
4.937
5.929
6.975
8.231
0
434
371
339
353
76
Toename accres
Opvallend is dat vanaf 2027 een deel van het LPO accres verschuift naar het volume accres. In de Miljoenennota 2024 is toegelicht dat dit een gevolg is van de uitwerking van de bbp-indexatie. Hierdoor zijn de bedragen in de Septembercirculaire 2023 ten opzichte van de Meicirculaire 2023 verlaagd. Voor het jaar 2027 van 1,217 miljard euro naar 1,117 miljard euro en voor 2028 van 1,256 miljard euro naar 997 miljoen euro. Opschalingskorting De opschalingskorting wordt door gemeenten als zeer oneerlijk ervaren omdat het principe van herindelen van bovenaf opgelegd is. De opschalingskorting heeft de gemeenten in de jaren 2015 tot en met 2021 cumulatief al 1,5 miljard euro gekost en daarnaast 150 miljoen euro als gemist accres over de opschalings-korting. De oploop van de opschalingskorting is geschrapt voor de duur van de kabinetsperiode. Het betreft een reeks die oploopt van 400 miljoen euro in 2023 naar 675 miljoen euro in 2025. Eerder was de oploop van de opschalingskorting al bevroren voor de jaren 2020 tot en met 2022. Dit betekent dat de stand van de opschalingskorting zoals bereikt in 2019 (300 miljoen euro) wordt bevroren tot en met 2025. Incidenteel wil zeggen dat de korting in de betreffende jaren wordt teruggeboekt, maar de reeks eindigt wel in een korting van 975 miljoen euro cumulatief vanaf 2026.
In de Septembercirculaire 2023 wordt de kortingsreek uit de Meicirculaire 2022 nog steeds gehandhaafd.
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
81
6.
PROCESMELDING ENERGIETOESLAG 2023
De eerder toegezegde resterende middelen voor de energietoelage 2023 kunnen nog niet worden uitgekeerd, omdat de noodzakelijke wijziging van de Participatiewet nog niet is goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer. Voor 2023 is besloten om in 2023 nogmaals 1.300 euro aan de mensen met een laag inkomen uit te keren om hen te ondersteunen bij het voldoen van de energierekening. Om huishoudens in 2022 nog beter te ondersteunen, heeft het kabinet gemeenten de mogelijkheid gegeven om 500 euro hiervan al in 2022 uit te keren en is in de Decembercirculaire 2022 een compensatie verstrekt. West Betuwe heeft hiervoor gekozen. De resterende compensatie zou in deze circulaire bekend worden gemaakt, maar dit is helaas niet gelukt. Wel zijn de cijfers bekend geworden die waarschijnlijk in de Decembercirculaire 2023 zullen worden gepubliceerd. Per huishouden tot 120 procent van het sociaal minimum wordt een compensatie van € 1.390,78 verstrekt (landelijk gaat het om 1,35 miljard euro, waarvan 500 miljoen euro in 2022 beschikbaar is gesteld). Voor 2023 ontvangen we in principe 2,2 miljoen euro, waarvan 683.000 euro al in 2022 is verstrekt (en door ons uitgegeven). We krijgen in 2023 dus nog 1,5 miljoen euro. Ook is een correctie bekend gemaakt van de verdeling 2022.
119 gemeenten krijgen extra geld, omdat ze veel ‘huishoudens tot 120% van het sociaal minimum’ hebben, gerelateerd aan de eerdere verdeelmaatstaven. West Betuwe krijgt over 2022 aanvullend 95.361 euro. Niet als aandeel in een tekort (want dat is veel hoger), maar omdat we veel ‘huishoudens tot 120% van het sociaal minimum’ hebben.
7.
HERVERDELING GEMEENTEFONDS
Met ingang van 2023 is de herverdeling van het gemeentefonds van kracht. De Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) en de VNG hebben aangegeven dat het nieuwe model weliswaar een verbetering is ten opzichte van het oude model, maar dat verder onderzoek nodig is. Onderzoek naar de stapelingsproblematiek in het sociaal domein, naar de overige eigen middelen/OEM (gemeentelijke inkomsten uit bezittingen (bijvoorbeeld aandelen en onroerende zaken) en opbrengsten uit verkopen)) en naar de maatstaf eenpersoonshuishoudens. De eerste twee onderzoeken zijn inmiddels opgestart en de uitkomsten worden in 2024 verwacht. Bij het onderzoek naar de stapeling van de problematiek in het sociaal domein zal expliciet aandacht zijn voor het feit dat deze stapeling ook in niet-stedelijke gebieden voorkomt.
8.
TEKORTEN VANAF 2026
De VNG heeft berekend dat door allerlei aanpassingen van de financieringssystematiek de gemeenten vanaf 2026 te maken gaan krijgen met een korting van ongeveer 3 miljard euro. Zo is ook in 2026 de opschalingskorting van 675 miljoen euro weer van kracht, nadat deze een aantal jaren is uitgesteld. De VNG heeft gemeenten geadviseerd om voor 2024 en 2025 een structureel sluitende begroting te presenteren en vanaf 2026 de reële tekorten zichtbaar te maken. Het extra volumeaccres voor 2027 van 700 miljoen euro is daarom niet meer dan een pleister op de wonde.
Tweede Bestuursrapportage 2023 - Gemeente West Betuwe
82