RV2023-066-bijlage-Eerste-Bestuursrapportage-2023.pdf
Tekst van het document
Verbetering binnenklimaat & verduurzaming Eben Hazerschool, (Waardenburg) Project is afgerond. Het gebouw is gasloos geworden en wekt alle benodigde energie zelf op.
Verbetering binnenklimaat & verduurzaming CBS Klingelenburg, (Tuil) Het gebouw is nu ook voorzien van energiezuinige LED verlichting.
Afgerond
Afgerond
Afgerond
Nieuwbouw Kindcentrum De Plantage (Meteren) Het kindcentrum is in gebruik sinds schooljaar 2021/2022 en huisvest naast de school ook peuteropvang,
Afgerond
buitenschoolse opvang en een gymzaal. Het gebouw is gasloos en energieneutraal.
Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
62
Leeswijzer
Uitleg kleuren
Initiatieffase Samen met de betroken partners werken aan o.a. visie,- ideevorming, uitgangspunten formuleren. Definitiefase Het verder uitwerken (definiëren) van het project en de totale opgave op het gebied van de inhoud. O.a. (technisch)Programma van Eisen. Ontwerpfase In deze fase zal het ontwerpteam gevormd worden en adviseurs betrokken worden om tot een technische uitwerking van het project te komen.
= Gaat goed
Bouwvoorbereidingsfase
= Aandacht nodig
Deze fase bestaat uit de voorbereiding voor vergunningen, maar ook uit de aanbesteding van het werk om een geschikte
= Actie nodig
aannemer te vinden. Uitvoeringsfase Als alle voorbereidingen zijn getroffen, kan er gestart worden met de daadwerkelijke fysieke realisatie van het project. Nazorgfase Na realisatie is nazorg nodig, in deze fase wordt o.a. een goede overdracht georganiseerd.
Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
63
6.2. Toelichting Meicirculaire 2023 6.2.1. Samenvatting financiële effecten Meicirculaire 2023 voor West Betuwe
Jaarlijks verschijnen meestal drie circulaires. Mei geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid, september van de vertaling van de Miljoenennota, december is op basis van de Najaarsnota en rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. De meicirculaire 2023 is volgens planning op 31 mei verschenen. Deze circulaire bevat informatie over de actualisatie van het accres op basis van de Voorjaarsnota 2023 en een structurele rijksbijdrage vanaf 2027. Met behulp van de applicatie LIAS PAUW van Inergy en de door ons verzamelde en geëxtrapoleerde gegevens is de circulaire voor West Betuwe doorgerekend. De effecten hiervan zijn als volgt: Bedragen x 1.000 euro 2023
2024
2025
2026
2027
Stand algemene uitkering voor Meicirculaire 2023
83.980
89.855
90.431
84.885
84.291
Stand OZB-opbrengsten voor Meicirculaire 2023
14.976
15.638
15.698
15.757
15.816
Stand AU GF en OZB voor Meicirculaire 2023
98.956 105.494 106.129 100.642 100.107
Stand algemene uitkering bij Meicirculaire 2023
84.241
90.136
91.041
84.301
83.837
Stand OZB-opbrengsten bij Meicirculaire 2023
14.976
15.637
15.694
15.752
15.809
Stand AU GF en OZB bij Meicirculaire 2023
99.217 105.773 106.735 100.053
99.647
Bruto mutatie opbrengsten Meicirculaire 2023
261
279
606
-589
-460
Effect op begrotingsjaar
2023
2024
2025
2026
2027
Bruto mutatie algemene uitkering
261
281
610
-584
-453
0
-2
-3
-5
-7
Bedragen x 1.000 euro
Netto mutatie onroerende zaakbelastingen Bruto mutatie opbrengsten bij Meicirculaire 2023
261
279
606
-589
-460
Oormerken prijsontwikkelingen
-139
-580
-467
259
432
Oormerken areaalontwikkelingen
0
0
0
0
0
Oormerken taakmutaties
-188
201
-5
529
334
Totaal netto effect Meicirculaire 2023
-66
-100
134
199
307
Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
64
Bedragen x 1.000 euro Opbouw effect
2023
2024
2025
2026
2027
1. Hoeveelheidsverschillen/ ontwikkeling uitkeringsbasis
6
12
81
-17
-47
2. Netto accresontwikkeling
0
0
0
0
0
3. Afrekening BCF-plafond 2022
-7
0
0
0
0
4. Stelpost BCF-plafond
-15
-15
-15
-15
-15
5. Extra gelden Jeugdzorg/hogere besparingen Jeugdzorg
0
-43
-115
116
95
6. Integraal zorgakkoord (compensatie hogere lasten Wmo)
0
0
227
219
216
7. Werkdrukverlaging jeugdbescherming 8. Lagere rijksbijdrage WSW/beschutwerk t.o.v. aanname Werkzaak 9. Financieringssystematiek
-22
0
0
0
0
0
-159
-163
-164
-167
0
0
0
0
42
10. Overige ontwikkelingen (o.a. afronding)
-28
105
118
60
183
Totaal netto effect Meicirculaire 2023
-66
-100
134
199
307
Toelichting op de verschillen 1. Hoeveelheidsverschillen/ontwikkeling (landelijke) uitkeringsbasis Naast de mutaties in de algemene uitkering die worden veroorzaakt door wijzigingen in de maatstafgewichten en de wegingsfactoren als gevolg van beleidsmatige maatregelen, wordt een deel van de mutatie veroorzaakt door mutaties in de basisgegevens (maatstaven). Dit zijn zowel de lokale en landelijke ontwikkelingen. Het gaat hier per saldo om kleine afwijkingen. 2. Accresontwikkeling In deze circulaire zijn de nieuwe accresramingen opgenomen voor het jaar 2023 en verder, berekend conform de systematiek zoals deze is vastgesteld in het coalitieakkoord en de daaruit volgende Startnota. Voor 2022 tot en met 2025 wordt de bestaande normeringssystematiek (nog) toegepast. Dit is de zogenaamde “samen de trap op en samen de trap af” methode waarbij de omvang van het gemeentefonds groeit c.q. krimpt in dezelfde mate als de rijksuitgaven zich ontwikkelen. In afwijking van deze systematiek heeft het kabinet, in overleg met de VNG, besloten om het accres te splitsen in een volume- en een nominaal deel, waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijging en het volumedeel ter compensatie van bevolkingstoename en reëel accres. Hierbij is het volumedeel vastgezet op het niveau van de Voorjaarsnota 2022 en zal dus niet wijzigen voor de jaren 2022 tot en met 2025.
Wel zal het nominale deel worden aangepast voor loon- en prijsontwikkelingen. Voor 2026 e.v. heeft het kabinet in het coalitieakkoord éénzijdig besloten om een nieuwe systematiek in te voeren, nl. alleen nog maar een compensatie voor loon- en prijsontwikkelingen. Gemeenten krijgen dus geen compensatie meer voor volume-toename. Stijgende lasten voor bijvoorbeeld de Wmo als gevolg van vergrijzing worden dus niet meer gecompenseerd Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
65
en moeten de gemeenten maar dekken uit de loon- en prijscompensatie. De netto besteedbare omvang van het gemeentefonds neemt hierdoor dus af. Vanaf 2026 is het accres vastgezet op een plus van € 840 miljoen bovenop de stand van de septembercirculaire 2021. Over dat bedrag vindt nog wel een indexatie plaats voor loon- en prijsontwikkelingen. Vanaf 2027 zou er dus volgens het coalitieakkoord geen volume-accres meer worden toegekend. Inmiddels is er besloten om het gemeentefonds te laten meegroeien met de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). Maar volgens de gemeenten stijgen de kosten van met name de zorg veel harder dan het bbp – en precies het sociale domein vormt een groot, zo niet het grootste, deel van de gemeentebegroting. Een stijgende zorgvraag kunnen gemeenten daardoor niet opvangen. 3. Afrekening BCF-plafond 2022 Het BCF-plafond bedraagt voor gemeenten € 3,7 miljard in 2022. Als de gezamenlijke declaraties onder het plafond blijven wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. Het plafond muteert jaarlijks met het accrespercentage, maar door de bevriezing van het accres in 2022 tot en met 2025 is het plafond in die jaren ook gefixeerd. In het systeem is opgenomen dat jaarlijks bij de septembercirculaire een voorschot wordt verstrekt op de verwachte onderschrijding van dat kalenderjaar.
In de meicirculaire volgend op het kalenderjaar volgt dan de afrekening. In de septembercirculaire 2022 is een voorschot voor het jaar 2022 van € 320,9 miljoen verstrekt. Gemeenten hebben iets meer gedeclareerd bij het BCF, waardoor de ruimte onder het plafond voor 2022 € 318,0 miljoen bedraagt. Hierdoor bedraagt de afrekening voor het jaar 2022 van € 2,9 miljoen. In deze circulaire vindt de afrekening plaats in 2023 als incidentele onttrekking. 4. Stelpost BCF-plafond 2023 e.v. De afrekening van het BCF-plafond 2022 heeft ook structurele gevolgen. Voor de begroting 2023 en 2024 met bijbehorende meerjarenraming mag de raming maximaal gelijk zijn aan de afrekening van 2022, een macro bedrag van € 318 miljoen in alle jaren. De provinciaal toezichthouders adviseren om voorzichtig te zijn met het opnemen van een raming voor dit dekkingsmiddel. Om deze reden ramen we deze stelpost voor 75%. Ten opzichte van de eerste bestuursrapportage 2023 is dit € 15.000 lager (€ 560.000 in plaats van € 575.000). 5. Extra gelden Jeugdzorg/hogere besparingsmogelijkheden jeugdzorg Gemeenten en Rijk hebben een principeakkoord bereikt over het financiële kader voor de Hervormingsagenda Jeugd. Onderstaande tekst over de beschikbaarstelling van extra middelen en de verdeling is onder voorbehoud van de omzetting van het principeakkoord in een definitief akkoord op het geheel van de Hervormingsagenda.
In totaal wordt € 1,45 miljard in 2024 en € 954 miljoen in 2025 voor jeugdzorg beschikbaar gesteld, waarvan een deel (€ 91 miljoen in 2024 en € 95 miljoen in 2025) via de begroting van het ministerie van VWS. In totaal wordt dan ook € 1,36 miljard in 2024 en € 859 miljoen in 2025 aan de algemene uitkering van het gemeentefonds toegevoegd. In de rijksbegroting zijn middelen gereserveerd voor 2026 en verder. De beschikbaarstelling van deze middelen voor de jaren 2026 en verder vindt plaats na het advies van de deskundigencommissie en de besluitvorming daarover. Net als voor de middelen in 2024 en 2025 geldt dat deze beschikbaar worden gesteld aan gemeenten met uitzondering van de investeringen waarvan is afgesproken deze door het Rijk worden gedaan. In aanvulling hierop verzacht het kabinet het ingroeipad voor de besparingsopgave met € 285 miljoen (voor 2024 met € 89 miljoen en voor 2025 met € 196 miljoen) en laat daarnaast de extra besparing van € 100 miljoen in 2024 vervallen (de aanvullende besparing in het coalitieakkoord voor dat jaar). Ten opzichte van de inschattingen bij het opstellen van de eerste bestuursrapportage valt de Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
66
werkelijke compensatie iets lager uit door de hogere uitnamen ten behoeve van het ministerie van VWS. Vanaf 2026 verwachten we juist een iets hogere structurele bijdrage. 6. Integraal zorgakkoord Het kabinet stelt structureel extra middelen (€ 110 miljoen) beschikbaar aan gemeenten samenhangend met het Integraal Zorgakkoord, ter compensatie van gemeenten voor gestegen kosten als gevolg van de invoering van het abonnementstarief Wmo. 7. Werkdrukverlaging Jeugdbescherming Gezien de acute situatie - met de hoge werkdruk en wachtlijsten - in de jeugdbescherming is in overleg met de VNG besloten om voor het jaar 2023, eenmalig, € 10 miljoen aan het gemeentefonds te onttrekken voor de daling van de werkdruk. De middelen worden overgeheveld naar de begroting van het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) en daar toegevoegd aan het budget voor de subsidieregeling verlagen werkdruk gecertificeerde instellingen voor jeugdbescherming en jeugdreclassering die op 6 maart jl. is gepubliceerd. 8. Lagere bijdrage WSW/beschermd werken t.o.v. ramingen begroting 2024 Werkzaak De werkelijke compensatie via de integratieuitkering Participatie voor de WSW en beschermd werken vallen vanaf 2024 lager uit dan waar Werkzaak vanuit is gegaan in de aangeboden begroting 2024. 9.
Nieuwe financieringssystematiek Bij de septembercirculaire 2022 is aanvullend eenmalig € 1 miljard voor gemeenten beschikbaar gesteld voor 2026, vooruitlopend op de nieuwe financieringssystematiek. Dit bedrag komt vanaf 2027 structureel beschikbaar. Ons aandeel in deze bijdrage is in de begroting al structureel opgenomen vanaf 2026. Ten opzichte van de eerdere inschattingen is er sprake van een voordeel van respectievelijk € 42.000 en € 29.000 voor 2027 en 2028. 10. Overige ontwikkelingen De post overige ontwikkelingen is een optelsom van (relatief) kleine zaken, zoals afrondingen. 6.2.2. Opschalingskorting (lagere apparaatskosten)
In het regeerakkoord van Rutte II is een opschalingskorting opgenomen die opliep van € 60 miljoen landelijk in 2015 tot € 975 miljoen vanaf 2025. In het kader van het coalitieakkoord Rutte IV is de geplande opschalingskorting gedurende de jaren 2023, 2024 en 2025 geschrapt. De bedragen die er bij horen zijn cumulatief € 400, € 535 en € 675 miljoen. Dat laatste bedrag wordt in 2026 alsnog gekort, zoals eerder al verwerkt in de circulaires en ook in onze begroting.
Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
67
Nadelig effect voor West Betuwe Ons structurele aandeel in deze landelijke korting van € 975 miljoen bedraagt ongeveer € 2,3 miljoen (dit is exclusief de gemiste accresgroei vanaf 2015). 6.2.3. Nieuwe financieringssystematiek
Tot en met 2025 wordt de bestaande normeringssystematiek (nog) toegepast. Dit is de zogenaamde “samen de trap op en samen de trap af” methode waarbij de omvang van het gemeentefonds groeit c.q. krimpt in dezelfde mate als de rijksuitgaven zich ontwikkelen. In het coalitieakkoord van Rutte IV is (éénzijdig) besloten deze systematiek vanaf 2026 stop te zetten. Vooruitlopend op een nieuwe financieringssytematiek heeft het kabinet in de septembercirculaire 2022 in 2026 eenmalig € 1 miljard beschikbaar gesteld. Dit bedrag is in de meicirculaire 2023 vanaf 2027 structureel opgenomen. Later dit jaar, in de septembercirculaire, wordt van dit bedrag nog een deel in het BTW-compensatiefonds (BCF) gestort. We schatten in dat hierdoor per saldo via de algemene uitkering € 924 miljoen beschikbaar blijft en € 76 miljoen aan het BTW-compensatiefonds wordt toegevoegd. Het kabinet heeft besloten om het gemeentefonds voor de volume-ontwikkeling vanaf 2027 te indexeren op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product. In de meicirculaire 2023 is een beschrijving van de hoofdlijnen van een nieuwe financieringssystematiek opgenomen. De nieuwe financieringssystematiek houdt in dat de volumeontwikkeling van het gemeentefonds vanaf 2027 wordt gebaseerd op een historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp).
Hiervoor is in de Voorjaarsnota 2023 een budget gereserveerd van € 150 miljoen in 2027 en € 300 miljoen in 2028. In de meicirculaire 2023 is de nieuwe financieringssystematiek nog niet verwerkt. Bij de beantwoording door minister Kaag op vragen van de Tweede Kamer over de Voorjaarsnota 2023 zijn de volgende antwoorden gegeven (vragen 63 en 64): •
Het klopt dat de fondsen (gemeente- en provinciefonds) vanaf 2026 lager zijn dan wanneer deze waren geïndexeerd op basis van de huidige normeringssystematiek ‘trap-op-trap-af’. In het coalitieakkoord heeft het kabinet aangekondigd een nieuwe financieringssystematiek voor medeoverheden voor de periode na 2025 uit te werken. Dit met als doel een stabiele(re) financiering en meer autonomie voor medeoverheden. De normeringssystematiek ‘trap-op-trap-of’ kent een (te) hoge mate van instabiliteit en een beperkte koppeling met de uitgavenontwikkeling bij gemeenten en provincies. Wel blijft van belang dat er een goede balans is tussen opgaven, taken en middelen. Als aanvulling op de nieuwe systematiek komt de € 1,1 miljard die reeds bij de Miljoenennota 2023 beschikbaar is gesteld in 2026, vanaf 2027 structureel beschikbaar. Daarnaast worden de fondsen vanaf 2027 geïndexeerd op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product. In het coalitieakkoord is opgenomen dat bij het uitwerken van een nieuwe financieringssystematiek, de mogelijkheid voor een groter eigen belastinggebied wordt betrokken. De komende periode wordt het overleg met de koepels (als vertegenwoordigers van de medeoverheden) voortgezet om verder vorm te geven aan dit voornemen van het kabinet.
Het kabinet is ervan overtuigd dat gemeenten en provincies hiermee een stabiele, solide en duurzame financiële basis wordt geboden;
Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
68
•
Per saldo zou het gemeentefonds op basis van de huidig geraamde groei van rijksuitgaven circa € 1,9 miljard hoger zijn in 2026 en circa € 2,7 miljard hoger vanaf 2027 t.o.v. de Voorjaarsnota als de koppeling met de rijksuitgaven in deze jaren voorgezet zou worden. Deze inschatting is op basis van de huidig geraamde Rijksuitgaven. De ervaring uit het verleden is dat realisatie vaak lager uitvalt.
Accres Gemeentefonds in miljoenen
2023
2024
2025
2026
2027
Cumulatief accres Voorjaarsnota
2.946
5.673
8.214
7.391
8.440
Cumulatief accres o.b.v. trap op trap af
2.946
5.673
8.214
10.323
12.315
Subtotaal
0
0
0
-2.932
-3.875
Structureel € 1 miljard
0
0
0
1.000
1.000
Schatting bbp-indexatie Voorjaarsnota
0
0
0
0
150
Verschil landelijk
0
0
0
-1.932
-2.725
Nadelig effect voor West Betuwe Als de bestaande systematiek van “trap-op-trap-af” zou zijn gehandhaafd, dan was de algemene uitkering in 2026 € 4,5 miljoen hoger geweest en vanaf 2027 structureel € 6,3 miljoen hoger. We ontvangen nu dus een lagere algemene uitkering van respectievelijk 5% en 7% ten opzichte van de oude systematiek.
Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
69
6.2.4. Taakmutaties Bedragen x 1.000 euro Taakmutaties
2023 2024 2025 2026 2027
1. Stelpost Loon- en prijsontwikkelingen (LPO)
-139
-580
-467
259
432
0
0
0
0
0
2. Stelpost Areaalontwikkelingen 3. Financieringssystematiek - deel BCF
0
0
0
0
-178
4. Wet nieuwe procedure vaststelling verkiezingsuitslag
-9
-10
-10
-9
-9
5. Flankerend beleid energiearmoede
-70
0
0
0
0
6. Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden
-56
0
0
0
0
7. Compensatieregeling Voogdij 18+
68
0
0
0
0
8. Voorschoolse educatie
-4
-2
-2
-2
-2
9. Wet Goed Verhuurderschap
-12
-0
-0
-1
-1
10. Leerlingenvervoer Oekraïne
-117
0
0
0
0
11. Taal voor ontheemden uit Oekraïne
-61
0
0
0
0
12. Maatschappelijke begeleiding
-40
0
0
0
0
13. Einde lening Inburgeringsplicht (ELIP)
-3
0
0
0
0
14. Handhaving energielabel C kantoren
-3
-3
-3
1
1
169
169
169
169
169
2
2
2
2
2
0
7
7
7
7
-52
0
0
0
0
15. Brede impuls combinatiefuncties/buurtsportcoaches 16. Voorschoolse voorziening peuters 17. Armoedebestrijding kinderen 18. Hogere rijksbijdrage WSW/beschutwerk 19. Herinvoering eigen bijdrage WMO
0
0
-206
263
260
20. Hogere besparing Jeugdzorg (dossiers met overeenstemming)
0
37
37
38
24
21. Hogere besparing Jeugdzorg (aanv. maatregelen CA Rutte IV)
0
0
0
60
60
22. Overgangsrecht levenslang
0
0
0
0
0
-327
-379
-472
788
767
Totaal netto effect meicirculaire 2023
Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
70
Toelichting op de taakmutaties > € 50.000 1. Nominale ontwikkelingen (loon- en prijsontwikkelingen) Uit de toename (accres) van het gemeentefonds moeten ook de loon- en prijsontwikkelingen worden opgevangen. Deze ramen we binnen West Betuwe op een afzonderlijke stelpost. Deze zogeheten nominale ontwikkelingen zijn in deze circulaire toegenomen. Ten opzichte van de inschattingen bij de eerste bestuursrapportage 2023 vallen deze iets hoger uit. Door de lagere stand van het gemeentefonds vanaf 2026 vallen de nominale ontwikkelingen vanaf dat jaar iets lager uit. 3. Nieuwe financieringssystematiek – BCF-deel Vooruitlopend op een nieuwe financieringssytematiek heeft het kabinet € 1 miljard beschikbaar gesteld. Later dit jaar, in de septembercirculaire, wordt van dit bedrag nog een deel in het BTWcompensatiefonds (BCF) gestort. We schatten dat € 76 miljoen aan het BCF wordt toegevoegd (aandeel West Betuwe ongeveer € 178.000) 5. Flankerend beleid energiearmoede Het kabinet stelt in totaal incidenteel € 200 miljoen voor de jaren 2022 tot en met 2024 beschikbaar om een stapeling van sociale en maatschappelijke problemen als gevolg van de hoge inflatie te voorkomen.
Van dit bedrag wordt in 2023 in totaal € 50 miljoen via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld voor de verwachte extra inzet die nodig zal zijn op het gebied van vroegsignalering en om gemeenten tegemoet te komen in het verwachte extra beroep op bijzondere bijstand. 6. Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden Voor de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden, die in juli 2022 aan de Tweede Kamer is gepresenteerd, heeft het kabinet in 2023 in totaal € 118 miljoen beschikbaar gesteld. Van deze middelen wordt € 40 miljoen via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld als investering in betere dienstverlening door gemeenten op het gebied van armoede en schulden. Gemeenten kunnen deze middelen inzetten om aan de slag te gaan met de prioriteiten van de Aanpak geldzorgen, armoede en schulden, zoals het verdubbelen van het gebruik van de schuld-hulpverlening en het tegengaan van kinderarmoede. 7. Compensatieregeling Voogdij 18+ De inventarisatie van de compensatieregeling ‘Onderbreking financieringssystematiek voogdij en 18+’ over 2020 en 2021 kon, zoals in de decembercirculaire 2022 vermeld, niet tijdig worden afgerond. Het gereserveerde budget voor 2022 van € 30 miljoen is toen vrijgevallen ten gunste van de algemene uitkering.
Daarbij is toen aangegeven dat in de meicirculaire 2023 de verrekening van de bedragen voor de compensatieregeling met de algemene uitkering zal plaatsvinden. Gelet op de hoogte van de goedgekeurde aanvragen en dat er twee jaren in één keer worden afgehandeld, is het bedrag verhoogd naar € 59,5 miljoen. Daartoe wordt nu € 29,5 miljoen overgeboekt van de algemene uitkering naar de integratie-uitkering. De verlaging die nu plaatsvindt wordt gecompenseerd door het bedrag dat we bij de decembercirculaire 2022 hebben gereserveerd. Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
71
10. Leerlingenvervoer Oekraïne De decentralisatie-uitkering Leerlingenvervoer Oekraïne is een tegemoetkoming aan gemeenten voor de kosten die zij gemaakt hebben en maken voor het vervoer van Oekraïners naar scholen. De decentralisatie-uitkering ziet toe op de periode van januari 2023 tot en met 31 juli 2023. 11. Taal voor ontheemden uit Oekraïne Ontheemden uit Oekraïne hebben nu beperkte mogelijkheden om de Nederlandse taal op vrijwillige basis te leren. Dit is wel noodzakelijk om een hogere arbeidsparticipatie te realiseren. De gemeenten ontvangen in 2023 € 15 miljoen om het gemeentelijke aanbod van taalonderwijs aan volwassenen ontheemden uit Oekraïne te stimuleren. 15. Brede impuls combinatiefuncties/buurtsportcoaches Op 8 februari 2023 is de Regeling specifieke uitkering voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en sociale basis 2023-2026 (SPUK-SGCS, ook wel ‘brede SPUK”) gepubliceerd. Voor de bestaande Brede Regeling Combinatiefuncties betekent dit een wijziging van het type uitkering van een decentralisatie uitkering in het gemeentefonds naar een specifieke uitkering. Vanwege deze wijziging is in de meicirculaire 2023 de Brede impuls combinatiefuncties/buurtsportcoaches met ingang van uitkeringsjaar 2023 en verder komen te vervallen.
De inkomensoverdracht vindt tenslotte niet meer plaats via het gemeentefonds, maar zal via de specifieke uitkering plaatsvinden. 18. Hogere rijksbijdrage WSW/beschutwerk De werkelijke compensatie via de integratieuitkering Participatie voor de WSW en beschermd werken valt voor 2023 hoger uit dan de bestaande ramingen. 19. Herinvoering eigen bijdrage WMO In het Coalitieakkoord was opgenomen dat dit kabinet werkt aan een aanpassing van de eigen bijdrage voor de huishoudelijke hulp in de Wmo. De aanpassing zou vanaf 2025 leiden tot een taakstellende besparing van € 95 miljoen landelijk en een verlaging van de algemene uitkering vanaf 2025 met dit bedrag. Deze maatregel wordt teruggedraaid en in plaats daarvan wordt de inkomensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo 2015 heringevoerd (geraamde opbrengst (en korting) € 225 miljoen vanaf 2026). Daarbij is het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt aangesloten bij de vormgeving zoals die voorheen was met oog voor inkomenseffecten en het beroep dat wordt gedaan op de Wmo.
Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
72
6.2.5 Uitgebreide analyse/toelichting
Accressen Sinds de meicirculaire 2022 is het accres gesplitst in een volume- en een nominaal deel, waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijging en het volumedeel ter compensatie van bevolkingstoename en reëel accres. In de meicirculaire 2023 zijn de LPO-accressen voor de jaren 2023 tot en met 2027 bijgewerkt en is sprake van een opwaartse bijstelling voor alle jaren. De index voor loon-prijsontwikkeling geschiedt op basis van de CPB-raming van de loonvoet sector overheid, index materiele overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen. Hierbij wordt een verdeling van 60% loonontwikkeling, 20% consumptie en 20% investeringen aangehouden. We hebben die voor de jaren 2023 tot en met 2027 opgenomen in onderstaande tabel. Tabel 1 Loon- en prijsstijging CEP 2023 Loon- en prijsstijging CEP 2023
Gewicht
2022
2023
2024
2025
2026
2027
Loonvoet sector overheid
60%
4,3%
4,0%
5,2%
5,8%
4,8%
4,2%
Prijzen netto materiele consumptie
20%
5,1%
5,9%
3,9%
1,6%
1,6%
1,6%
Prijzen overheidsinvesteringen
20%
6,0%
4,8%
1,6%
1,9%
1,9%
1,9%
Totaal
100%
4,80%
4,54%
4,22%
4,18%
3,58%
3,22%
Vervolgens wordt de splitsing tussen volume accres en LPO-accres in beeld gebracht in onderstaande tabel. Tabel 2 Splitsing accres 2023 – 2027 in volume accres en LPO-accresl Gemeentefonds stand meicirculaire 2023
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Accres in %
8,12%
7,51%
6,79%
-1,47%
3,22%
3,22%
LPO-accres in %
4,54%
4,22%
4,18%
3,58%
3,22%
3,22%
Volume deel accres in %
3,58%
3,29%
2,61%
-5,05%
0,00%
0,00%
Opschalingskorting De opschalingskorting wordt door gemeenten als zeer oneerlijk ervaren omdat het principe van herindelen van bovenaf opgelegd is. De opschalingskorting heeft de gemeenten in de jaren 2015 tot en met 2021 cumulatief al € 1,5 miljard gekost en daarnaast € 150 miljoen als gemist accres over de opschalingskorting. De oploop van de opschalingskorting is geschrapt voor de duur van de kabinetsperiode. Het betreft een reeks die oploopt van € 400 miljoen in 2023 naar € 675 miljoen in 2025. Eerder was de oploop van de opschalingskorting al bevroren voor de jaren 2020 tot en met 2022. Dit betekent dat de stand van de opschalingskorting zoals bereikt in 2019 (€ 300 miljoen) wordt bevroren tot en met 2025. Incidenteel wil zeggen dat de korting in de
Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
73
betreffende jaren wordt teruggeboekt, maar de reeks eindigt wel in een korting van € 975 cumulatief vanaf 2026. In de meicirculaire 2023 wordt de kortingsreek uit de meicirculaire 2022 nog steeds gehandhaafd.
6.2.6. Procesmelding Energietoeslag 2023
Voor 2023 is besloten om in 2023 nogmaals € 1.300 aan de mensen met een laag inkomen uit te keren om hen te ondersteunen bij het voldoen van de energierekening. Om huishoudens in 2022 nog beter te ondersteunen, heeft het kabinet gemeenten de mogelijkheid gegeven om € 500 miljoen hiervan al in 2022 uit te keren. De resterende € 875 miljoen zal in de septembercirculaire 2023 via een decentralisatie-uitkering worden verdeeld en niet via de algemene uitkering.
Eerste bestuursrapportage 2023 West Betuwe
74