RV2021-045 Bijlage 2 Nota van Antwoord Dijkversterking Tiel-Waardenburg.pdf
Tekst van het document
72
2
Ophemert
DV 9, TG053
De woning wordt gespaard en na de uitvoering weer verkocht. De woonbestemming kan dus behouden blijven.
nee
72
3
Ophemert
DV 9, TG053
In principe wordt er teruggebracht wat er wordt weggehaald. De huidige bestrating is in klinkers, dus er wordt een klinkerbestrating teruggebracht.
nee
72
4
Ophemert
DV 9, TG053
Indiener constateert dat volgens de plannen Waalbandijk 61 wordt gesloopt, maar de woonbestemming niet wordt wegbestemd. Indiener verzoekt derhalve om de woonbestemming te laten vervallen. Bij de oprit van indiener wordt gesproken over het terugbrengen van materialisering, uitgevoerd in asfalt. In de huidige situatie is de materialisering geen asfalt maar klinkers. Indiener verzoekt om aanpassing naar klinkers. In de plannen is aangegeven dat de opritten niet of nauwelijks steiler terug komen. Wordt hier de aanleghoogte, opleverhoogte of ontwerphoogte aangehouden? Aangezien de ontwerphoogte pas over 75 jaar van toepassing is, kan dit wel degelijk betekenen dat de helling steiler is de komende 50 jaar. Indiener wil hierover duidelijkheid.
72
5
Ophemert
DV 9, TG053
73
1
Heesselt
DV 23, TG122
73
2
Heesselt
DV 23, TG122
Het uitgangspunt is dat steilheid van de stoepen op basis van de ontwerphoogte niet groter wordt. In het PPWW en kaarten nee is de ontwerphoogte de genoemde hoogte. In tekstvak 3.3 in hoofdstuk 3 van het PPWW staat hierover meer uitleg en staat ook vermeld wat het verschil zal zijn tussen ontwerphoogte, aanleghoogte en opleverhoogte per dijkversterkingsprincipe. De aanleghoogte of opleverhoogte kan dus leiden tot een iets steiler talud, wanneer de steilheid bij de ontwerphoogte gelijk blijft. Per locatie kan dit verschillen, i.v.m. verschillen in het dijkontwerp en of de as van de dijk op de huidige locatie blijft liggen of verschuift (i.v.m. effecten/hoeveelheid zetting na aanleg). De aannemer zal dit in het uitvoeringsontwerp uitwerken.
In de huidige situatie is de huidige aansluiting van de bovenzijde dijk en de oprit van o.a. Het dijkontwerp is zo gemaakt dat de situatie voor indiener niet verslechterd. perceel van indiener scherp. Indiener verzoekt om een veilige situatie terug te brengen, dit is niet zo opgenomen in de plannen. Indieners maken bezwaar tegen de heroverweging van het ontwerpprincipe van ruimte Het waterschap is hier inderdaad met indiener over in overleg. Op dit moment ligt er een conceptplan dat met kleine besparende oplossing naar grondoplossing. Indieners hebben bezwaar tegen de aanpassingen definitief gemaakt zal worden. Deze afspraken worden meegenomen in afspraken t.a.v. grondverwerving. grondoplossing, maar kunnen instemmen indien de boomgaard volledig intacht blijft en op het overige deel van dijkvak 23b een berm van maximaal 15 meter wordt aangelegd en het waterschap/bevoegd gezag zorg zal dragen voor de herinrichting van de volledige berm inclusief talud conform een vooraf vastgesteld gedetailleerd landschapsplan. De gesprekken hierover zijn gaande, maar nog niet afgerond. Indieners maken bezwaar tegen de conclusie dat de pipingopgave in dijkvak 23b niet urgent is. Voorts maken indieners bezwaar tegen het plan om geen pipingmaatregelen te treffen, maar wel een ruimtereservering te treffen.
In het ontwerprapport 6.3.3 (Heesselt), staat op pagina 54 aangegeven dat de hoogte- en pipingopgave ter plaatse van dijkvak 23 niet veranderd ten opzichte van het CVO. Dat is niet het geval, in het VKA en CVO is aangegeven dat er een urgente noodzaak is voor een pipingmaatregel over dijkvak 23a en 23b. In het Landschapsplan is ook aangegevne dat een pipingmaatregel nodig is. De documenten spreken elkaar dus tegen. Indieners vragen zich dan ook af of het niet nemen van maatregelen is gedreven door de wens tot een kostenbesparing. Is de voorgestelde maatregel wel veilig?
nee
nee
In de afgelopen jaren is een VKA gemaakt waarbij o.b.v. globale berekeningen een oordeel is gegeven over de noodzaak tot nee het nemen van maatregelen tegen piping. Daarna is meer gedetailleerd naar de kwaliteit van de dijk gekeken en is op deze locatie geconstateerd dat de urgentie voor het nemen van maatregelen tegen piping veel minder groot is. Daar komt bij dat ten aanzien van piping het waterschap een keuze heeft gemaakt om op dit moment geen maatregelen te nemen wanneer uit de beoordeling blijkt dat de kans dat de locaties echt een pipingprobleem heeft, klein is (beperkte urgentie). De beoordeling van piping vindt plaats door middel van een conservatieve ontwerpmethodiek. Dat betekent dat de kans groot is dat er uiteindelijk geen maatregelen nodig zijn. Mocht in de toekomst blijken dat toch beperkte maatregelen nodig zijn, dan er ruimte is voor een pipingmaatregel binnen de beheerstrook van 5 m, die in eigendom van het waterschap is of zal komen, waardoor er geringe impact op de omgeving wordt verwacht.
73
3
Heesselt
DV 23, TG122
Zie het antwoord op zienswijze 73-2. Indieners hebben bezwaar tegen de ruimtereservering voor pipingmaatregelen omdat de inhoud en mogelijke gevolgen onbekend zijn. Hoe lang duurt een ruimtereservering? Wanneer/onder welke omstandigheden zal er alsnog een maatregel genomen worden? Zijn de werkzaamheden en schade niet groter als er opnieuw werkzaamheden plaats moeten vinden? Hoe wordt eigenaren inspraak verleend en hoe wordt hun schade vergoed? Er is dan opnieuw sprake van overlast, dit is onwenselijk. Indieners leven gedurende de gehele looptijd van de ruimtereservering in onzekerheid en er rust een beperking op het eigendom. Indieners wensen dan ook dat de pipingmaatregel nu wordt getroffen, dan wel dat de voorwaarden voor de reservering, inspraak en compensatie worden vastgelegd.
nee
73
4
Heesselt
DV 23, TG122
Indieners wensen bevestiging dat het uiterste gedaan zal worden om alle bomen van de boomgaard te behouden en dat, mocht er door de werkzaamheden significante schade of verlies van 1 of meer bomen plaatsvinden, dat deze bomen zullen worden gecompenseerd (inclusief met vervanging gerelateerde kosten) door volgroeide, oude bomen met een verglijkbare stamdiameter (dan wel maximale stamdiameter voor verplaatsbare bomen).
nee
73
5
Heesselt
Indieners wensen bevestiging dat er geen beheerstrook zal zijn binnendijks.
73
6
Heesselt
DV 23, TG122 DV 23, TG122
Overeenkomstig beleid van het waterschap komt binnendijks een beheerstrook. De beheerstrook komt te liggen op gronden nee die van het waterschap zijn of worden. nee Indieners wensen duidelijkheid omtrent (mede)gebruik van het stuk binnenberm dat ontstaat Ten aanzien van medegebruik en beheer en onderhoud zullen afspraken gemaakt kunnen worden met het waterschap na als gevolg van de aansluiting op de buitenwaartse asverschuiving in dijkvak 22. afloop van de werkzaamheden. Die afspraken worden binnenkort afgerond en vastgelegd in de grondverwerving.
73
7
Heesselt
DV 23, TG122
Indieners wensen defintieve schriftelijke afspraken over herinrichting van het deel van de binnendijkse dijkvak ten noorden van de boomgaard (dijkvak 23b), conform een gedetailleerd, overeengekomen landschapsplan. Indieners wensen tevens bevestiging dat bepaalde bomen, o.a. 2 kastanjebomen, behouden blijven en dat wordt afgezien van een binnendijkse beheerstrook.
Afspraken over de (her)inrichting worden gemaakt en vastgelegd. Dit zal in de overeenkomst met de grondverwerving worden meegenomen. In ieder geval kan één kastanje volgens de huidige tekeningen behouden blijven. Er wordt niet afgezien van een beheerstrook.
73
8
Heesselt
DV 23, TG122
Indieners maken bezwaar tegen het verkeersplateau ter hoogte van TG122, dit zal zorgen voor onnodig extra remmen optrekken van verkeer.
De locaties van verkeersdrempels worden in het uitvoeringsontwerp nader uitgewerkt. De gemeente is beheerder van de nee weg en bevoegd gezag als het gaat om de inrichting. Bij het lokaliseren van verkeersdrempels is gekeken naar de afstand tot woningen en op deze locatie lijkt dit een geschikte plek. Het waterschap zal in overleg met de gemeente als wegbeheerder de locatie van drempels bepalen en daarbij uw zienswijze ten aanzien van geluidoverlast meenemen.
73
9
Heesselt
DV 23, TG122
Indieners maken bezwaar tegen de onduidelijkheid ten aanzien van de beheerstrook en afrit naar een (eventuele) beheerstrook buitendijks. De documenten spreken elkaar tegen op de vraag of buitendijks een beheerstrook zal komen: - “Hier is buitendijks geen beheerstrook mogelijk.” (Hoofdrapport pagina 95, inzake dijkvak 23b) - Buitendijks kan vrijwel overal in een beheerstrook van 4 meter worden voorzien, met uitzondering van dijkvak 23c ter plaatse van de buitendijkse arbeiderswoningen. (pagina 96)
Zoals in de leeswijzer in het PPWW is vermeld, zijn enkele rapporten die als bijlage aan het PPWW zijn toegevoegd in de loop ja van 2020, of eerder, afgerond. Daarna heeft nog consultatie van het (vergunningen)ontwerp plaatsgevonden wat soms tot beperkte aanpassingen in het ontwerp heeft geleid. Het vergunningenontwerp zoals weergegeven in hoofdstuk 4 van het PPWW en bijlage 2 en 8 bij het PPWW zijn daarmee leidend. In die zinsnede ontbrak de verwijzing naar bijlage 8 van het PPWW, die heeft het waterschap n.a.v. deze zienswijze toegevoegd.
Indien er schade of verlies van 1 of meer bomen plaatsvindt dan zal de vergoeding worden gebaseerd op reconstructie van deze bomen op basis van de onteigeningssystemathiek en bijbehorende jurisprudentie.
nee
tekst in PPWW
Voorts is in het landschapsplan geen toegangsweg/afrit naar de beheerstrook aangegeven terwijl er op de basiskaart wel een toegangsweg/afrit is aangegeven. Indieners wensen verheldering van deze situatie. 73
10
Heesselt
DV 23, TG122
Op de basiskaart is een waterweg aangegeven langs de teen van de dijk. Indieners maken Het waterschap dankt indiener voor de opmerking. De voorgestelde wijziging zal worden overgenomen. De verlegde Cbezwaar tegen de ligging van de waterweg aan de teen van de dijk. Op perceel 244 is een watergang zullen wij naar de westelijke perceelsgrens verplaatsen, zodat de as van de watergang op de kadastrale grens deel omheind, dat wordt gebruikt als weide voor paarden. Door de voorziene verbreding van komt te liggen de dijk ter hoogte van de weide, blijft er, bij een waterweg langs de teen van de dijk, vrijwel geen effectieve ruimte over op ons buitendijks perceel, zodat de paarden hier niet meer kunnen staan. Door de waterweg iets te verplaatsen en de volledige westelijke grens van het perceel te volgen, blijft er meer effectieve ruimte over en hoeft de de functie van het perceel niet verloren te gaan. Bovendien heeft de waterweg dan 1 knik minder, hetgeen het beheer ten goede komt. Indieners verzoeken deze waterweg te verplaatsen en gelijk te laten lopen met de perceelsgrens.
ja
kaarten ppww
73
11
Heesselt
DV 23, TG122
Tot slot wijzen indieners op een aantal fouten en foutieve verwijzingen in de verschillende documenten. Ontwerprapport Dijkvak 23 - 6.3.3 “Deelvakken 2a, 2b, 2d en 2e is dijk niet urgent op piping beoordeeld, hierna dient een ruimtereservering getroffen te worden” (pagina 54). Dit moeten verwijzingen zijn naar 23a, 23b, 23d en 23e zijn.
Het waterschap dankt indiener voor de opmerkzaamheid. Omdat de verwijzingen zijn gemaakt over bijlagen bij het PPWW ja die in de loop van 2020 zijn afgerond, worden daar geen wijzigingen meer in verwerkt. Wel heeft het waterschap de teksten over het dijkontwerp van dijkvak 23 in hoofdstuk 4 van het PPWW gecontroleerd en daar de laatste foutieve verwijzing van indiener in teruggevonden. Deze wordt aangepast in de tekst van het PPWW.
Landschappelijke inpassing De bestaande binnenberm wordt behouden en voortgezet naar het noorden over een particulier perceel (behorende bij Kerklaan 19) …. (pagina 55). Dit moet zijn Kerklaan 17. Buitendijks kan vrijwel overal in een beheerstrook van 4 meter worden voorzien, met uitzondering van dijkvak 23c ter plaatse van de buitendijkse arbeiderswoningen. (pagina 96). Foutieve verwijzing. Dit moet zijn 23a 74
1
Varik
n.v.t.
Indiener heeft als voorstel om het dijkontwerp 'De Ideale Rivierdijk' toe te passen in heel Nederland, waarbij lokaal maatwerk nodig is. Het principe bestaat uit de volgende elementen: 1. Buitentalud - Bovenaan wordt een lange verticale wandconstructie tot in de ondergrond aangebracht. - Deze wordt verankerd aan de wand in de binnenteen - Kwel en piping worden tegengehouden - Verbreding naar een helling van 1:3 wordt onnodig - Waar nodig wordt de buitenteen versterkt tegen (dwerg)bevers - kostenbesparing - Bomen, natuur, dieren en andere waarden worden hierdoor ontzien 2. Binnentalud - Geen verbreding naar een helling van 1:3 - In de binnenteen een korte verticale wandconstructie 3. Golfremmende vegetatie in de uiterwaarden 4. Afwateringsslootje binnendijks (waar mogelijk) 5. Plas-dras 6. Uiterwaarden Consequentie van dit dijkontwerp is dat er minder 'mijnbouw' en maatregelen voor compensatie en herinrichting hoeven plaats te vinden in de uiterwaarden 7. Recreatief paadje voor langzaam verkeer (20 km/h) op de buitenteen 8. Gastvrije Waaldijk met vee-roosters voor verkeersremmend effect en landschappelijke beleving, minimale verlichting op de dijk
74
2
Varik
n.v.t.
Indiener geeft ter overweging een voorstel van George Remkes voor een goedkope en efficiente manier om de dijk te verhogen, zonder de gronddruk te vergroten. Het principe bestaat uit: - afgraven bovenstuk van de dijk - hierin en hierboven een 'blokvormige' verhoging aanbrengen met licht materiaal - hieronder een verticale verankering van een paar meter die tevens de lekstromen tegengaat
74
3
Varik
n.v.t.
Indiener heeft het ontwerp 'De Ideale Rivierdijk' vergeleken met de sobere en en doelmatige Zie ook het antwoord op zienswijze 74-1. In het ontwerp is rekening gehouden met duurzaamheid en hergebruik van nee dijk op de thema's veiligheid en duurzaamheid, duurzaamheidscriteria WSRL, kwel en piping, materialen. Daarnaast wordt bij de gunning aan een aannemer voor de uitvoering van het werk eisen gesteld aan ruimtebeslag en schade, aanwezige schadelijjke stoffen in de dijk, zoals PAKs, asbest en olie, ondermeer duurzaamheid, kwaliteit van de te gebruiken materialen, verkeersveiligheid en communicatie met de omgeving. milieukwaliteit zand, klei en grond, biodiversiteit, verkeersveiligheid, natuurbeleving en recreatie, sociaal draagvlak en kosten
nee Het waterschap dankt indiener voor het voorstel. Het voorstel van indiener is bekend en ook eerder met indiener besproken. Het waterschap heeft ook eerder al kennis genomen van de 8 elementen die indiener voorstelt. Delen daarvan zijn ook aan de orde gekomen in het reguliere ontwerpproces en de afwegingen die tot het ontwerp hebben geleid. Dan gaat het onder meer over het toepassen van verticale constructies (zowel binnen als buitendijks) en golfremmende vegetatie. Voor dat laatste is geconstateerd dat de effecten daarvan voor de hoge dijken van TiWa beperkt zijn, terwijl de negatieve effecten op de rivierafvoer juist hoog zijn. Voor het toepassen van constructies zijn, afhankelijk van de lokale situatie, keuzes gemaakt. Het uitgangspunt is steeds conform het beleid van het waterschap om binnendijks te versterken. Indien dit niet mogelijk is vanwege aanwezige waarden wordt bekeken of buitendijkse versterking mogelijk is. Indien ook dit niet mogelijk is vanwege aanwezige waarden wordt de mogelijkheid van constructies onderzocht. Op dit moment is een doorgaande constructie-oplossing over grote lengtes op grond van beleid, de landelijke kaders en beschikbare financiën niet toepasbaar. Voor afwateringsslootjes en plasdras situaties geldt dat waar nodig en mogelijk is deze zijn opgenomen in het ontwerp.
Recreatieve paden worden in het ontwerp niet direct gefaciliteerd maar beheerstroken buitendijks zijn wel als wandelroute beschikbaar. De kern van het voorstel valt echter buiten de beleidsregels en kaders van het waterschap. Het waterschap wil wel meegaan met indiener's verzoek om landelijk voor dit voorstel aandacht te vragen en bijvoorbeeld voor te dragen voor innovatief onderzoek. Bij de inrichting van de Gastvrije Waaldijk wordt rekening gehouden met het gebruik van de dijk voor verkeer waaronder ook doorgaand verkeer en wordt door de inrichting van de weg de snelheid van het verkeer geremd en tevens een veiligere situatie gerealiseerd. Voor de invulling van de weg hebben de provincie en gemeenten in overleg met het waterschap de keuze gemaakt om tot een gelijkvormig wegprofiel te komen genaamd Gastvrije Waaldijk. Dat ontwerp heeft de insteek om meer aandacht te geven aan verschillende gebruikers van de weg. Momenteel wordt dit nog nader uitgewerkt en het waterschap zal dat ontwerp dan in de uitvoering meenemen. Het waterschap dankt de indiener voor het voorstel. Een dergelijke oplossing is geen gangbare oplossing als het gaat om het nee hoogwaterveilig maken van primaire waterkeringen. Het waterschap zal de landelijke instanties vragen een dergelijke variant te onderzoeken en vast te laten stellen of en onder welke voorwaarden deze oplossing zou kunnen worden toegepast.
tekst in PPWW
74
4
Varik
n.v.t.
Indiener heeft bezwaren tegen het slopen van huizen in Varik, Heesselt en omliggende Indiener stelt dat hij bezwaren heeft tegen het slopen van woningen. Het waterschap gaat met het amoveren van panden nee dijkdorpen, het kappen van de bomen en het ruimen van de tuin bij het Veerhuis, het kappen zeer prudent om. Daar waar andere maatregelen mogelijk zijn om panden te handhaven, zal het waterschap dit doen. Daar van 16 meter bos, perceel Donkerstraat Heesselt en tegen het vernielen van tuinen en waar een dergelijke oplossing lastig of zeer moeilijk is, is het waterschap in gesprek (gegaan) met de bewoners. In die schuren van de arbeiderswoningen in Heesselt. Dit is slechts wat bekend is bij indiener, het gesprekken worden de alternatieven aan de orde gebracht. Dat leidde in een aantal gevallen tot het besluit om panden te waterschap biedt geen duidelijk overzicht van de schade die de sobere en doelmatige dijk amoveren. Ten aanzien van de impact op bomen en tuinen geldt dat binnen de reguliere dijkversterkingsoplossingen sprake gaat veroorzaken, zelfs niet in de klankbordgroep. Dit heeft te maken met de bilaterale is van dergelijke negatieve effecten die in de afweging als zodanig worden meegewogen. De beschouwing daarover is keukentafelgesprekken, waardoor de totale schade onduidelijk blijft.
De bezwaren van zichtbaar in de bij de vergunningaanvraag gevoegde documenten (MER, e.d.). Daarnaast geldt hiervoor compensatie- en indiener gelden ook voor het hele traject Tiel - Waardenburg en overal elders in Nederland en schaderegelingen. als er met eigenaren bilateraal overeenstemming is bereikt. De schade is te vermijden als voor een methode met constructies wordt gekozen. Voorts wordt bezwaar gemaakt tegen dijkverleggingen, hiervan is de noodzaak niet duidelijk, terwijl wel duidelijk is dat er op sommige locaties extra schade wordt aangericht. Het schrappen van sommige/alle dijkverleggingen zou een flinke bezuiniging kunnen opleveren.
75
1
Heesselt
DV 20, TG106
Indiener stelt dat een binnendijkse dijkverhoging niet noodzakelijk is, aangezien buitendijks meer winst te behalen is voor zowel stroom van de rivier als natuur. Er is meer onderzoek nodig naar de noodzaak om te verhogen en andere opties (versterken/verhogen). De keuze lijkt nu gestuurd op een tekort aan financiële middelen.
Het is van belang om de achtergronden van de gemaakte keuzes over het wel of niet plaatsen van een damwandconstructie nee iets verder te duiden. Dit betreft namelijk niet enkel een financiële, ruimtelijke of technische afweging, maar ziet eveneens op de balans tussen individueel en algemeen belang. In het PPWW wordt in paragraaf 3.4 een toelichting gegeven op de ontwerpprincipes voor de dijk. Bij de afwegingen is wel degelijk ook rekening gehouden met belangen van bewoners. Het is wel zo dat het waterschap een afweging moet maken tussen persoonlijk belang en maatschappelijk belang. Deze belangen kunnen tegenstrijdig zijn. Het waterschap is verantwoordelijk voor de uiteindelijke keuze, die altijd zeer zorgvuldig (en consequent) is gemaakt door alle belangen in de afweging mee te nemen. Ten aanzien van maatregelen in de uiterwaarden, zijn er maar beperkte mogelijkheden, omdat vergravingen in de uiterwaard, nabij de rivierbedding, bijvoorbeeld van invloed kunnen zijn op dwarsstromingen (effect op scheepvaart) of morfologie (aanzanding). In de Verkenningsfase is onderzocht of een hoogwatergeul Varik-Heesselt een bijdrage kon leveren aan waterstandsverlaging in de rivier en daarmee mogelijk een beperktere dijkversterking, maar daarvan is in 2018 besloten dat het project zou doorgaan als dijkversterkingsproject zonder hoogwatergeul.
75
2
Heesselt
DV 20, TG106
Indiener vindt het zinvoller om de dijk aan de buitenzijde geleidelijker te laten verlopen, waardoor er minder druk op de dijk zal ontstaan en de rivierstroom een vloeiendere beweging langs de dijk kan maken. Dit heeft minder negatieve impact op het leven langs de dijk, voor mens, dier en natuur.
Bij het ontwerp van de dijk worden diverse aspecten in de afweging meegenomen. Zo ook de effecten op de afvoer van de nee rivier. Op de betreffende locatie is sprake van een relatief beperkte doorstroomruimte in de Waal. Dat betekent dat het naar buiten toe leggen van de dijk op deze locatie een beperkende invloed heeft op het afstromen van water in de Waal en daarmee op de waterhoogten.
75
3
Heesselt
DV 20, TG106
Indiener vindt de lengte van 16 tot 25 meter grond dat uit de tuin van indiener gebruikt zal worden totaal uit verhouding tot het aantal centimeters dat de dijk verhoogt zou gaan worden. Indiener vindt dit onacceptabel.
Indiener maakt een koppeling tussen de hoogteopgave voor de dijk en de verbreding van de dijk (met name steunbermen). nee Deze koppeling is echter niet een op een te maken. Bij dijkversterking wordt gekeken naar verschillende mogelijke oorzaken van het overstromen van het achterland. Voor al die oorzaken moeten dan maatregelen genomen worden. Bij de dijk ter plaatse van het perceel van indiener is sprake van een beperkte benodigde ophoging om te voldoen aan de benodigde dijkhoogte. Uit onderzoek naar de stabiliteit van de dijktaluds blijkt echter dat er een steunberm nodig is om de stabiliteit van het binnentalud te garanderen.
75
4
Heesselt
DV 20, TG106
Na de dijkverhoging wordt over een lengte van 16 tot 25 meter een verhoogde aflopende De steunberm aan de dijk is nodig om o.a. de stabiliteit van de dijk ter plaatse te garanderen. Op de steunberm (buiten de nee strook op het perceel van indiener teruggebracht. Dit is feitelijk niet nodig op het perceel van beheerstrook) op indiener's eigen terrein, is medegebruik van toepassing. Dit medegebruik betekent dat bewoners dit deel indiener maar wordt gedaan om gelijkheid over de hele dijk te creëren. Indiener vindt deze van hun tuin toch in gebruik kunnen nemen, ondanks dat het deel uitmaakt van de primaire waterkering. Het waterschap optische gelijkheid niet opwegen tegen de in meer dan 40 jaar opgebouwde biodiversiteit in wenst wel een zakelijk recht (erfdienstbaarheid) te vestigen op dit stuk grond, maar het is dus niet zo dat indiener deze de tuin. Indieners wensen de opgebouwde biodiversiteit in de tuin te behouden. Dit kan het ruimte op het perceel moet afstaan voor de dijkversterking. beste door geen verhoging van de dijk te laten plaatsvinden. Anders kan een damwand of Het waterschap begrijpt dat de kwaliteit van de huidige grond en de opgebouwde biodiversiteit belangrijk is voor indiener.
andere technische oplossing plaatshebben, waardoor de natuur gerespecteerd en gespaard Indiener's zorg voor de kwaliteit van de toplaag kan voor een belangrijk deel worden opgelost door de toplaag eerst te blijft. verwijderen en deze apart op te slaan. Nadat de verhoging is aangebracht kan de oude toplagen dan teruggebracht worden. Hierover kunnen afspraken gemaakt worden in gesprek met de grondverwervers.
75
5
Heesselt
DV 20, TG106
Indiener acht het zeer aannemelijik dat de bodem van de rivier is uitgehold, waardoor een dijkverhoging niet meer nodig is. Indiener stelt daarom voor om onderzoek te doen naar hoeveel dieper de rivier is komen te liggen.
Indiener geeft aan het aannemelijk te vinden dat de bodem van de rivier is verdiept en dat derhalve geen dijkverhoging nee meer nodig is. Wij gaan er vanuit dat indiener daarmee doelt op bodemerosie. Gedurende de voorbereiding van de dijkversterking is Rijkswaterstaat (RWS) als beheerder van de rivier betrokken geweest. De uitgangspunten zoals die door het Rijk aan de waterschappen zijn meegegeven ten behoeve van alle dijkversterkingen geven niet aan dat sprake is van een zodanige verlaging van de bodem van de Waal dat een dijkversterking niet meer nodig is. RWS heeft een opgave om de Waal op diepte te houden. Daarbij richt RWS zich op plaatselijke ondieptes in de vaarweg. Bodemerosie kan voordelig zijn voor de dijkopgave. Immers, extreme hoogwaterstanden komen door een lager zomerbed minder hoog. Maar en zijn daarnaast ook andere faalmechanismen, zoals piping en stabiliteit, die noodzaken tot dijkversterking.
75
6
Heesselt
DV 20, TG106
De grond komt terug in eigendom van de huidige eigenaren, met gebruiksrechten voor het Het waterschap heeft, in tegenstelling tot eerder beleid, de mogelijkheid geopend om de gronden waarop een deel van de nee waterschap. Indiener ziet dit als een voorstel dat niet ten goede komt aan de eigenaren maar primaire waterkering ligt, niet aan te kopen, maar in zogenaamd medegebruik te geven. In het verleden werden de gronden gekozen is vanuit een tekort aan economische middelen. Indiener ziet liever dat er uitsluitend aangekocht en was er geen gebruik van die gronden meer toegestaan. Hetgeen betekende dat tuinen kleiner werden. Dit noodzakelijke meters van de tuin of helemaal geen gebruik van de tuin gemaakt wordt. Als medegebruik betekent dat bewoners grote delen van hun tuin toch in gebruik kunnen nemen, ondanks dat ze deel uitmaken dat toch nodig is, wordt de huidige bovenste 50 tot 100 cm bodemlaag weer teruggeplaatst. van de primaire waterkering. In de meeste gevallen liggen deze gronden ook op dit moment al in de zogenaamde beschermingszone. Daar zijn dus al formele beperkingen aanwezig op het gebruik van die gronden. Ook wil indiener de grond in eigendom behouden zonder rechten voor het waterschap.
76
1
Heesselt
DV 21b, TG114
Indiener heeft begrip voor de noodzaak van de dijkversterking. Indiener wil graag dat zijn talud wordt verflaud met een helling van 1:10 en niet 1:5. Hierdoor kan de nu vlakke paardenwei nog enigszins gebruikt worden. Dit is ook aangegeven door indiener op de informatiebijeenkomst.
Het dijkversterkingsontwerp is voor Donkerstraat 29 t/m 55 nogmaals beoordeeld in het licht van de ingebrachte zienswijzen. Dit heeft er toe geleid dat het waterschap heeft geoordeeld voor die locatie toch een constructie in de dijk te moeten toepassen. Het ontwerp is hierop aangepast. Deze ontwerpwijziging heeft tot gevolg dat ook van het perceel van indiener minder ruimtebeslag nodig is. Met het aanbrengen van een constructie langs de adressen Donkerstraat 29 t/m 55 blijft het huidig gebruik van de paardenwei zoveel mogelijk behouden.
nee
77
1
Ophemert
DV 16, TG083
Indiener kan zich niet vinden in het besluit om een A-watergang te realiseren. Het realiseren Het besluit over de ligging van de watergang is vanwege de waterberging genomen en zal worden uitgevoerd op de van de A-watergang heeft gevolgen voor de bedrijfsvoering, doordat het bewerken van het aangegeven locatie. Voor de nadelige effecten hiervan zal indiener worden gecompenseerd. Indiener kan dit aangeven in perceel extra kosten met zich mee zal brengen. Tevens kan niet meer worden voldaan aan gesprekken met de grondverwerver. huidige wetgeving, indiener heeft alle grond nodig om aan de eisen te kunnen voldoen. Indiener is niet betrokken geweest bij dit besluit.
nee
78
1
Heesselt
DV 20b, TG113
Indieners hebben gezamenlijk met de buren een zienswijze ingediend, waarin verschillende Het dijkversterkingsontwerp is voor de genoemde locatie nogmaals beoordeeld in het licht van de ingebrachte zienswijzen. Dit heeft er toe geleid dat het waterschap heeft geoordeeld voor deze locatie toch een constructie in de dijk te moeten alternatieven worden aangedragen voor een binnendijkse verzwaring. De voorkeur van toepassen. Het ontwerp is hierop aangepast. indieners ligt bij een damwand, zoals in 2018 in het conceptplan is aangedragen. Indieners zijn tegen een binnendijkse verzwaring. Indieners willen gelijk behandeld worden als andere inwoners van traject Tiel - Waardenburg, voor andere inwoners zijn alternatieve oplossingen gekomen. De tuin van indieners is zowal de voor- als achtertuin. De dijkverzwaring zorgt ervoor dat indieners onevenredig benadeeld worden, door het zakelijk recht dat op de tuinen komt en de consequenties van de Profiel van de Vrije Ruimte. Tevens wordt het uitzicht van indieners belemmerd, doordat de schuren en tuinhuizen dichterbij de woonkamerramen moeten worden teruggebouwd. Ook als de schuren/tuinhuizen niet achter de PvvR teruggebouwd moeten worden, is er sprake van verlies van uitzicht. Indieners vermoeden dat de huizen minder waard zullen worden door het plan dat nu is voorgelegd. Tot slot kan de kastanjeboom van 110 jaar oud niet blijven.
ja
79
1
Ophemert
DV 11, TG059
Indieners sturen een advies van Veilig Verkeer Nederland in met betrekking tot de In het algemeen geldt dat bij dijkversterking de weg wordt teruggebracht naar het niveau van voor de dijkversterking. Dat nee voorgenomen inrichting van de weg na de dijkverzwaring. Indieners zijn ervan op de hoogte geldt t.a.v. de uitgangspunten, maar wel met inachtneming van nieuwe ontwerpcriteria. Voor de invulling van de weg dat de weginrichting de verantwoordelijkheid is van de gemeente. Echter, naar onze mening hebben de provincie en gemeenten in overleg met het waterschap de keuze gemaakt om tot een gelijkvormig wegprofiel te gaat dit uitgebreidde VVN rapport ook in op een aantal zaken die onder de komen genaamd Gastvrije Waaldijk. Dat ontwerp heeft de insteek om meer aandacht te geven aan verschillende gebruikers verantwoordelijkheid van de andere partners vallen. Aangezien de inrichting van de weg van van de weg. Momenteel wordt dit nog nader uitgewerkt en het waterschap zal dat ontwerp dan in de uitvoering van de directe invloed is op de leefomgeving, gaan indieners ervan uit nauw betrokken te worden bij dijkversterking meenemen. De weg op de dijk is in beheer en eigendom van de gemeente West Betuwe. De gemeente is de definitieve besluitvorming bijvoorbeeld door middel van een aantal bijeenkomsten. daarmee ook de partij die metingen op een dergelijk traject kan opzetten.
Snelheidsmeting worden bepaald op basis van de database 'viastat'. Hierin is af te lezen dat op het wegdeel voor indieners In de optiek van indieners is er voldoende tijd om (bijvoorbeeld in de komende periode locatie een snelheid van max. 30 km/ uur is toegestaan en dat de gemiddelde snelheid 26 km/uur en 31km/uur is, (voorjaar, najaar, zomer) om: afhankelijk van welke kant je op rijdt. Uit deze databse blijkt ook dat 85% van het verkeer onder de 44km/uur rijdt. De •Een aantal proeven uit te voeren met verschillende varianten genoemd in het rapport; gemiddelde snelheid lijkt dis conform wat is toegestaan, maar er zijn ook enkele (extreme) uitschieters die te hard rijden. De •Verschillende geluids- en snelheidsme ngen uit te voeren gedurende langere periode met verwachting is dat het nieuwe wegontwerp een positieve bijdrage zal leveren aan het beperken van de uitschieters, dit door name in het voor- en najaar; bijvoorbeeld het aanbrengen van een plateau ter hoogte van stoepen. •De uitkomsten van de geluids- en snelheidme ngen te toetsen aan de geldende wet- en regelgeving(en); •Gesprekken te voeren, bijeenkomst te organiseren met de direct omwonende.
80
1
Opijnen
DV 31, TG166
Indieners geven aan dat volgens het ontwerp projectplan een gedeelte van het perceel, kadastraal gem. Est, sectie C, nr. 2485, benodigd is voor verbreding van het dijklichaam. Het benodigde oppervlakte is onderdeel van de tuin van de pastorie. Volgens indieners zijn er technische mogelijkheden zoals het gebruik van damwandprofielen op de grens van de tuin van de pastorie en het dijkichaam. Hierdoor kan de dijk op gewenst niveau worden gebracht zonder dat daarvoor eigendom van de kerk benodigd is. De tuin vormt een afgeschermd eenheid en zorgt voor de benodigde privacy. De voorgestelde beplantingen en inrichtingselementen zijn in het kader van het projectplan fraai en aanbevelingswaardig, echter zijn deze voor eigenaar belastend en zorgen voor blijvend onderhoud en hinder. Indiener verzoekt om een oplossing waardoor de tuin van de pastorie behouden kan blijven.
Ter plaatse van het genoemde perceel wordt de dijk versterkt d.m.v. een hybride-oplossing met een constructie en een nee beperkte steunberm. Op de kaart in bijlage 2 bij het PPWW is te zien dat het waterschap voornemens is verschillende waardevolle bomen uit de tuin van de pastorie, die eigenlijk binnen het nieuwe dijkprofiel komen te liggen, te behouden. Deze bomen zijn op de kaart weergegeven, als zijnde te behouden. Zij worden ingepast in een talud met een helling van 1:5. Daarmee wordt aan de genoemde zorgen ten aanzien van de eenheid van de tuin en de privacy zoveel als mogelijk tegemoet gekomen. En door het talud van 1:5 zou de tuin daar onderhoudbaar moeten zijn. Mocht er sprake zijn van planschade of nadeelcompensatie, dan kunt u zich wenden tot het waterschap. De verordening schadevergoeding waterschap Rivierenland is van toepassing.
tekst en kaarten ppww + bp WB + vergunning bouwen WB
81
1
Haaften
n.v.t.
Indiener woont niet aan het dijktraject Tiel Waardenburg, maar komt in de stukken het Inhoudelijk wordt op deze zienswijze ingegaan door collega's van het waterschap van het dijkversterkingsproject Gorinchem- nee ontwerpbesluit “ontwerpbesluit – activiteiten bouwen, monumenten en kappen op grond Waardenburg, omdat de zienswijze ingaat op een locatie die binnen dat project valt. van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van gemeente West Betuwe” tegen. In dit stuk zijn omvattende 'waarderingscriteria' van de gemeente West Betuwe opgenomen aangaande verzoeken tot het verlenen van kapvergunningen. Deze kennen geen beperking tot het 'traject Tiel - Waardenburg'. Indiener neemt aan dat de notenboom voldoet aan de weigeringsnorm in het document. Indiener gaat er dan ook vanuit dat de werkzaamheden zo zullen worden uitgevoerd dat de boom conform de geuite verwachtingen en de nu gedane toezeggingen gespaard zal blijven en beschermd zal worden tegen schade gedurende en als gevolg van de werkzaamheden aan de dijk en dat nog komende besluitvorming zal plaatsvinden met instandlating van deze toezeggingen (door de heer van den Heuvel, omgevingsmanager GraafReinaldalliantie).
82
1
Neerijnen
DV 37, TG188
82
2
Neerijnen
DV 37, TG188
In het Rijksmonumentenregister staan beide woningen (Waalbandijk 15 en 16) geregistreerd. Omdat de woning Waalbandijk nee Ten aanzien van pag. 167 (PPWW): Er zijn enkele monumenten die deels binnen het ruimtebeslag van de nieuwe dijk liggen. Dit zijn de Waalbandijk 8 te Varik, Waalbandijk 78 te 15 niet geraakt wordt door de dijkversterking, is deze op de genoemde pagina in het PPWW niet opgenomen. De Heesselt, Waalbandijk 32, 33 en 16 bij Neerijnen, en Gasthuisstraat 24 bij Waardenburg. Dit bescherming van de woningen zal met zorg worden uitgevoerd. Ter plaatse zal in het kader van de dijkversterking de taludhelling niet wijzigen. Binnendijks zal de grasmat op het talud worden hersteld, indien de huidige kleibekleding van het ruimtebeslag is niet groot en mogelijk overkomelijk met maatregelen die in een volgende talud niet voldoet. De grasmat is namelijk een essentieel onderdeel van de dijk. fase door de aannemer genomen kunnen worden. Aangezien er slechts een beperkt Ten aanzien van de sterk ruimtebesparende oplossing, deze wordt in enkele gevallen toegepast wanneer aanpassingen aan negatieve beïnvloeding is van de cultuurhistorisch waardevolle monumenten wordt het de dijk nodig zijn voor zowel de binnenwaartse als buitenwaartse stabiliteit. Op de genoemde locatie is een locatie nodig effect op de historische bebouwing (monumenten) beoordeeld als beperkt negatief (0/-).
melden indieners dat Waalbandijk 15 te Neerijnen ook een rijksmonument is. Deze is echter voor de binnenwaartse stabiliteit. nergens benoemd in de plannen en wordt ook niet genoemd in de tabel van (rijks)monumenten. Hiermee is het plan onvoldoende uitgewerkt en kan geen inschatting worden gemaakt van de effecten op deze locatie. Ook is de juiste behandeling en bescherming van deze locatie is hiermee onvoldoende geborgd. Indieners verzoeken u Waalbandijk 15 te Neerijnen op te nemen in de plannen gelijk Waalbandijk 16 te Neerijnen. Ten aanzien van de rijksmonumenten Waalbandijk 15 en 16 te Neerijnen wijzen indieners erop dat deze woningen in de dijk liggen en gezien hun bouwperiode zeer kwetsbaar zijn. Zelfs een beperkt negatieve beïnvloeding kan ernstige gevolgen hebben voor deze monumenten. Indieners dringen aan op extra voorzorgsmaatregelen in de vorm van het doortrekken van de sterk ruimtebesparende oplossing voor dijkvlak 38 en deze ook toe te passen op het dijkstuk tussen de punten TG188 en TG187 in ieder geval tot aan de waalmatten dan wel de as van de dijk buitendijks te verleggen. Negatieve effecten ten aanzien van de kwetsbare monumenten kunnen ook optreden door werkverkeer. In het plan wordt in algemene bewoordingen ingegaan op werkverkeer.
Ter voorkoming van schade aan rijksmonumenten verzoeken indieners om het werkverkeer voor dijkvlakken 37 t/m 40 buitendijks te leiden dan wel vanuit de richting Waardenburg de werkzaamheden uit te voeren. Ten aanzien van pag 126 (PPWW): "Stoep Voorstraat (TG187) De dijk wordt hoger. Dit heeft Het buitendijks talud blijft daar nagenoeg behouden als bestaand. Als de dijk verder naar buiten gaat, komt die in de nee effect op de helling van de stoep van de Voorstraat. Binnendijks is geen ruimte om de huidige kil/visplas terecht en daar is op die locatie geen ruimte voor. helling van 11% te behouden. Daarom wordt de as van de dijk iets naar buiten verschoven en Momenteel loopt er een aanbestedingsprocedure t.b.v. de keuze van de aannemer die het werk mag uitvoeren. Een de stoep met gelijke helling verlengd. De gevels van de dijkhuizen langs het grondlichaam van belangrijk criterium daarbij is de ervaring van de aannemer en de aanvullende maatregelen die hij neemt om de risico's op de stoep worden dan niet geraakt." melden indieners dat reeds meerdere malen is met de schade te verkleinen. Aan de aannemer is uiteraard meegegeven zorgvuldig om te gaan met panden langs de dijk.
De projectgroep besproken dat de as verlegging van de dijk bij de poort van Neerijnen niet aannamer is ook verantwoordelijk voor een vervoersplan voor de aanvoer van materiaal en materieel, wat met het beperkt dient te worden tot de huizen bij de stoep van de Poort, maar zich moet uitstrekken waterschap en de gemeenten besproken zal worden. Indieners verzoek te kijken naar routes buitendijks zal het waterschap tot voorbij de Waalbandijk 15 en 16 te Neerijnen. Daarop heeft de projectgroep aangegeven met de aannemer delen. dit niet expliciet te kunnen maken in de plannen maar dit te zijner tijd te willen bespreken met de aannemer. Naar nu blijkt is de explicitering van een en ander klaarblijkelijk wel noodzakelijk en als zodanig opgenomen voor hetzelfde dijkvlak ter hoogte van stoep Voorstraat. Dit moet ook gelden voor de dijk ter hoogte van de rijksmonumenten Waalbandijk 15 en 16 te Neerijnen. Deze huizen liggen immers nog meer in het talud dan de huizen ter hoogte van de stoep Voorstraat en ook bij deze rijksmonumenten is geen ruimte om de helling van 11% te behouden. Het risico op schade aan de huizen is daarmee te groot. Indieners verzoeken om de as verlegging zoals bedoeld ook toe te passen op het dijkdeel tot voorbij de woningen waalbandijk 15 en 16 te Neerijnen. Dit moet mogelijk zijn, gezien het feit dat er nog ruimte buitendijks beschikbaar is.
82
3
Neerijnen
DV 37, TG188
Ten aanzien van pag. 184 (PPWW): "In het vergunningenontwerp zijn de volgende In de bijlage landschapsplan ‘Rijswaard’ is de inpassing verder uitgewerkt (zie pagina’s 40 t/m 55 van dat rapport). Het nee uitgangspunten gehanteerd: Het uitgangspunt is dat de beheerstrook aan de binnenzijde van landgoed aan de dijk is uniek en loopt door tot aan de dijk. Hier worden geen binnenbermen gemaakt. De dijk wordt hoger de waterkering 5 meter breed is indien een steunberm aanwezig. Tevens is een beheerstrook en versterkt met een constructie. Het binnentalud van de dijk wordt grotendeels verflauwd. voorzien van 5 meter langs de binnenteen. De beheerstrook aan de buitenzijde is 4 meter De inpassing is er op gericht het landgoed en de dijk sterk te verweven en op zijn minst door te laten lopen tot de breed en is gesitueerd aan de buitenteen van de dijk. Het binnen- en buitentalud hebben in binnenteen van de dijk. Het grasland loopt dus ook door. De beheerstrook is daarin niet een onderbreking. Er wordt geen principe een helling van 1:3 hek geplaatst en geen verharding aangelegd. Waar op deze locatie huizen staan, wordt geen beheerstrook toegevoegd.
Ook Uitgangspunt in het ontwerp is dat medegebruik op de steunbermen wordt gefaciliteerd, bij de Dreef, waar nu het bos aansluit op de dijk en waar bomen in het binnentalud staan, wordt geen beheerstrook onder voorwaarden en in nader overleg met de eigenaar. Verwachting is dat medegebruik aangebracht. Deze inpassing geeft aan dat de bomen in het binnentalud tussen de Dreef en het Tulpenlaantje worden qua investeringskosten kostenneutraal zal uitwerken ten opzichte van een traditionele behouden. Tussen de Dreef en het kasteel Waardenburg is nu een getrapt talud met daarop esdoorn. Dit wordt door het berm." melden indieners: Een bijzonder en zeldzaam kenmerk van landgoed Neerijnen is dat Geldersch Landschap en Kastelen als niet-passend gezien. Om een samenhangende dijk voor het hele landgoed te maken het kasteelbos zich uitstrekt tot in de teen van de dijk. Hiermee is het landgoed uniek. wordt hier het binnentalud verflauwd net als ten oosten van het bos aan de dijk. Daarnaast hebben indieners meermaals aangegeven dat kleinschaligheid een uniek kenmerk Op het (verflauwde) binnentalud is bij het landgoed de mogelijkheid om een rijke grasvegetatie te laten groeien, anders dan is van het landgoed Neerijnen en Waardenburg en dat deze kleinschaligheid behouden dient in andere delen van de dijkversterking.
Dit kan vanwege de aanwezige constructie en het is passend om daarmee de sfeer te worden. Door het aanbrengen van een 5 meter lange onderhoudsstrook in op het en natuurkwaliteit van het landgoed ook mee te nemen op het dijklichaam zelf. landgoed tussen dijkvlakken 38 en 39 gaat dit unieke kenmerk verloren. Hiertegen maken indieners bezwaar en verzoeken de 5 meter onderhoudsstrook binnendijks niet toe te passen voor deze locatie. Zoals aangegeven ondersteunen indieners in actieve samenwerking met het Waterschap als bewoners graag in het onderhoud van de dijk teneinde de kleinschaligheid in stand te kunnen houden. Indieners verzoeken u om kleinschaligheid als uniek gebiedskenmerk voor het landgoed Neerijnen en Waardenburg ook expliciet op te nemen in de plannen.
83
1
Varik
DV 16, TG086
Het is van belang om de achtergronden van de gemaakte keuzes over het wel of niet plaatsen van een damwandconstructie nee Indieners hebben 15 jaar aan de tuin gewerkt om het tot een permacultuurtuin annex voedslebos te maken. Het plan is om de bodem te verhogen met 30 a 60 cm in verband met iets verder te duiden. Dit betreft namelijk niet enkel een financiële, ruimtelijke of technische afweging, maar ziet eveneens op de balans tussen individueel en algemeen belang. De grondoplossing was in het VKA de standaard oplossingsrichting, de dijkversterking. Indieners wensen de opgebouwde biodiversiteit te behouden. Dit kan omdat deze als het meest duurzaam en robuust is beoordeeld en daarbij ook aansloot op de mogelijkheden om gegarandeerd worden door geen verhoging plaats te laten vinden. Dit is te realiseren met een damwand, indieners is niet duidelijk waarom op deze plek geen damwand gerealiseerd nieuwbouwlocatie Molenblok richting de dijk uit te breiden. De grondoplossing is daarom als uitgangspunt gekozen voor dit project waarbij de financiële of ruimtelijke overweging niet alleen doorslaggevend is geweest. Wanneer de gekozen kan worden.
Indieners stellen het volgende voor: 1.Het hee de voorkeur dat er grondoplossing op locaties niet past, is gekeken naar andere mogelijkheden, zoals het optimaliseren van de grondoplossing damwanden tot aan het einde van onze tuin worden geplaatst. Dit bespaart voor het of het plaatsen van constructies. Het plaatsen van een damwand is daarmee een uitzondering op het uitgangspunt en is dan Waterschap de kosten die het met zich meebrengt die samenhangen met ondergenoemd punt 2 en verderop genoemde zienswijze nummer 2. Er zijn ook nieuwe doorlatende verticale ook niet aan de orde als de grondoplossing past en andere omstandigheden dit niet vereisen. oplossingen die water doorlaten maar de grond en het zand tegen houden Het aanbrengen van doorlatende oplossingen zijn niet mogelijk omdat daarmee de stabiliteit van het talud niet wordt 2.Bij onverhoopt toch verhogen van de toplaag wensen we na afloop de bovenlaag (40cm), verbeterd. de stenen en de kleine verplaatsbare bomen en struiken terug op hun plek. Dit is immers het Het waterschap begrijpt dat de kwaliteit van de huidige grond belangrijk is. Uw zorg voor de kwaliteit van de toplaag kan belangrijkste goud van deze plek. Het kan voor het Waterschap een voorbeeld project zijn om voor een belangrijk deel worden opgelost door de toplaag eerst te verwijderen en, nadat de verhoging is aangebracht, de biodiversiteit prioriteit te geven.
oude toplagen terug te brengen. Hierover kunnen afspraken gemaakt worden in gesprek met de grondverwervers.
83
2
Varik
DV 16, TG086
Ook bij de parkeerplaatsen moet de grond opgehoogd worden. Volgens indieners zijn De onderbouwing van de noodzaak tot aanpassen van de dijk ter plaatse van het veerhuis is in de verschillende documenten nee straatstenen genoeg voor de stabiliteit van de dijken als je dat ziet in verhouding de geringe beschreven. De consequenties van de te nemen maatregelen (bijvoorbeeld voor het parkeren en de waterhuishouding en voorgestelde verhoging. Indieners maken zich zorgen dat de aansluiting van parkeerplaats op wateroverlast) zullen nadrukkelijk onderdeel zijn van de nadere detaillering van het ontwerp dat in de komende jaar zal het Veerhuis en de verhoging van de tuin. Voorkomen moet worden dat bij veel regen er plaatsvinden i.o.m. de eigenaar/bewoners. Het uitgangspunt van het waterschap is dat op het gebied van waterafvoer er geen stroom water naar het Veerhuis loopt, immers de onderkant van de Veerhuis muur geen verslechtering zal mogen plaatsvinden na de dijkversterking. komt dan lager te liggen dan de parkeerplaats. Indieners stellen voor de bestrating te laten liggen of dat er goed alternatieven worden aangereikt. Indieners wensen graag een onderbouwing waarom verhoging nodig is op die plek.
83
3
Varik
DV 16, TG086
Door de verhoging van de dijk zal het uitzicht op het water verdwijnen vanaf de serre van het De benodigde verhoging van de dijk is gebaseerd op de eisen zoals die door het Rijk zijn vastgesteld. Er wordt uitgegaan van nee Veerhuis. Indieners zijn benieuwd naar hoogtemetingen van de afgelopen 20 jaar waarop de een overstromingsriscicobenadering. Op basis van deze benadering wordt het ontwerp en dus ook de hoogte van de voorgestelde extra verhoging is gebaseerd. Indieners vragen de dijk max. 20 cm te verhogen. versterkte dijk bepaald. Indien er sprake van is schade door beperking van het uitzicht, kan eenieder een schadevergoeding Het Waterschap / dan wel gekozen aannemer voor de dijkverhoging zullen indieners bij meer aanvragen i.v.m. planschade. verhoging vragen om de Serre te herbouwen op de gewenst uitzicht hoogte. Het Veerhuis in namelijk speciaal aantrekkelijk voor gasten door het huidige uitzicht. Dat uitzicht was toen precies de bedoeling van de bouw van de Serre. Is onderzocht of de dijkdaling sneller gaat dan de rivierbodem daling? Een gelijk daling zou immers die extra dijkverhoging overbodig maken.
nee Op basis van het eigendommenbeleid van Waterschap Rivierenland zal er tot en met de beheerstrook op de steunberm aangekocht worden. Voor de resterende grond van de steunberm wenst het waterschap een zakelijk recht te vestigen. Daarnaast kan het zijn dat het waterschap voor de uitvoering van het werk een tijdelijke werkstrook wil huren. De vertaling van het eigendommenbeleid is inzichtelijk in het grondverwervingsplan (zie bijlage 8 bij het PPWW) en zal toegelicht worden door de taxateur/grondverwerver die met u in gesprek zal gaan.
83
4
Varik
DV 16, TG086
Het waterschap wil heel kadastraal perceelnummer 2001 kopen en een deel van kadastraal perceelnummer 500. Indieners onderkennen de taak van het Waterschap voor het zorgen voor een veilige situatie achter de dijken (maatschappelijk belang). De opzet om de genoemde stukken in eigendom te verkrijgen heeft een achterliggende gedachte voor het Waterschap om een volledige zeggenschap te verwerven. Indieners delen de visie dat de veiligheid van de gemeenschap geborgd wordt met een dijk die ons beschermd tegen het hoge water. Het waterschap is de overheidsinstanties met de kennis, ervaring en bevoegdheden om dit te realiseren. Indieners stellen voor de genoemde stukken grond een eeuwigdurend gebruiksrecht of zakelijkrecht te schenken aan het Waterschap. Het schenken is mogelijk gemaakt omdat 253 mensen en organisaties deze genoemde stukken grond (evenals de rest van onze grond) vrij gekocht hebben met schenkgeld. De genoemde 253 mensen zijn graag bereid om het genoemde gebruiksrecht in goed overleg vorm te geven en onder welke voorwaarden dat kan. Indieners verwijzen naar ander Waterschappen die ook niet perse iets in eigendom wensen te hebben. Denk bijvoorbeeld aan Drents Overijsselse Delta.
84
1
Ophemert
DV 11, TG060
Indieners verzoeken duidelijkheid over de toekomstige bestemming van de (met de dijk mee Het waterschap wenst, net als de indieners, de overtuinen met de dijk mee te verplaatsen. Echter, dit kan het waterschap nee te verplaatsen) overtuinen. In het vigerende bestemmingsplan is dat 'Agrarisch met waarden' niet afdwingen. Het waterschap kan dit niet afdwingen, omdat de overtuinen/overhoogte in de berekeningen niet bijdragen en indieners willen die bestemming behouden. Daarnaast willen indieners de overtuin ook na aan de dijkveiligheid en zij geen beschermde status hebben. Het waterschap is momenteel nog in gesprek met de de uitvoering op dezelfde wijze gebruiken en wensen duidelijkheid van het waterschap t.a.v. grondeigenaar waarvan gronden verworven zouden moeten worden, om de overtuinen met de dijk mee naar het zuiden te behoud van de overtuinen, waarvan het waterschap aangeeft dat het waterschap dat ook verplaatsen. Dit kan enkel in minnelijke overeenstemming worden bereikt. Omdat gronden niet in bezit zijn, is dit nu geen zou willen, maar waarvoor eerste met andere betrokken grondeigenaren contact gezocht mogelijkheid of zekerheid om deze in te zetten voor de dijkversterking. In het voorliggende ontwerp en bestemmingsplan moet worden. zijn deze gronden daarom niet als zodanig bestemd. Het waterschap zal met indiener contact houden over de ontwikkeling van dit proces.
Mochten de gronden in de nabije toekomst alsnog beschikbaar komen dan bepaalt het waterschap in overleg met indiener en de andere eigenaren van de overtuinen of verplaatsing alsnog mogelijk is. De dijk heeft ter plaatse een asverschuiving naar buiten/rivierzijde. De dijk komt in de toekomst dus deel over de overtuinen heen te liggen. Het buitentalud van de dijk, dat in eigendom bij het waterschap zal moeten komen, krijgt de bestemming 'Natuur' i.v.m. compensatie van GNN. Het deel van de overtuinen dat over blijft, blijft de bestemming 'Agrarisch met waarden' behouden, omdat de bestemming hier ongewijzigd is. Het vigerende bestemmingsplan kan daar immers blijven gelden en dit deel is daarom ook niet herhaald in het bestemmingsplan voor de dijkversterking. Indien de overtuinen met de dijk mee verplaatst kunnen worden, zal het gebruik mogelijk in overeenstemming gebracht moeten worden met de toekomstige bestemming.
84
2
Ophemert
DV 11, TG060
Het is gezien de wet en regelgeving tav N2000 niet mogelijk om een stuk beschermde natuur dat niet wordt aangetast, weg nee Indieners constateren dat het wegdek na de werkzaamheden dichter bij het beschermde te halen om het elders te compenseren. natuurgebied zal komen te liggen, wat volgens indieners tot gevolg zal hebben dat er een toename van stikstof zal zijn, wat de stikstofgevoelige dieren niet zullen waarderen. Indieners stellen voor om een comenpensatie toe te passen op een locatie die hier geen last mee heeft of krijgt.
84
3
Ophemert
DV 11, TG060
Indieners willen hun zorgen kenbaar maken over de toekomst van hun woning, welke Indiener's zorg is bekend bij het waterschap. De woning zal met zorg worden gemonitord tijdens de uitvoering. Hoe letterlijk in de dijk staat. Indieners wensen hierover individueel contact met het waterschap, dijkversterking uitgevoerd wordt, is aan de aannemer. Nog niet bekend is wanneer de werkzaamheden bij indiener plaats zoals zij aangeven, zij al eerder hebben aangevraagd. Omdat de uitvoering van dijkvak gaan vinden. Er wordt vooraf tijdig contact met indiener opgenomen om over de wijze van uitvoering te spreken. Waardenburg-Gorinchem al bekend is, maken indieners zich zorgen dat het een 'last minute' gesprek wordt waar indieners geen kant meer op kunnen en indieners vrezen dat zij geen zeggenschap hebben over hun eigendom.
nee
85
1
n.v.t.
De bestaande gastransportleiding A-555 is in het ontwerp bestemmingsplan niet geheel bestemd met de dubbelbestemming 'Leiding - Gas'. Indiener verzoekt om de dubbelbestemming aan te passen zodat de gehele transportleiding binnen het plangebied bestemd is.
ja
bp WB
85
2
n.v.t.
Indiener verzoekt om het toetsingskader in artikel 7.3 met de volgende punten uit te breiden: In overleg met Gasunie is besloten om dezelfde regeling toe te passen als bij het bestemmingsplan 'Dijkversterking - dat de veiligheid van de gasleiding mag niet worden geschaad; Gorinchem - Waardenburg' van de gemeente West Betuwe, zodat uniformiteit is geborgd. De aangedragen punten uit de - dat er geen kwetsbare objecten worden toegelaten. zienswijze worden daarmee conform verzoek verwerkt.
ja
bp WB
85
3
n.v.t.
Indiener verzoekt om artikel 7.4.1 aan te vullen/uit te breiden met de volgende werkzaamheden: - het rooien van diepgewortelende beplantingen en bomen; - het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren.
ja
bp WB
85
4
n.v.t.
Indiener merkt op dat uit de verbeelding blijkt dat het dijkversterkingsproject samenvalt met Indiener heeft deze zienswijze naderhand schriftelijk ingetrokken, waarmee deze zienswijze vervalt. de gastransportleiding. Deze ontwikkeling heeft mogelijk gevolgen voor de veilige ligging van de gastransportleiding. Indiener verzoekt derhalve om over de mogelijke consequenties in contact te gaan met de tracébeheerder.
De dubbelbestemming 'Leiding - Gas' is per abuis niet correct overgenomen. Deze zal aangepast worden.
In overleg met Gasunie is besloten om dezelfde regeling toe te passen als bij het bestemmingsplan 'Dijkversterking Gorinchem - Waardenburg' van de gemeente West Betuwe, zodat uniformiteit is geborgd. De aangedragen punten uit de zienswijze worden daarmee conform verzoek verwerkt.
nee
86
1
Opijnen
DV 3334a
Indiener geeft aan verbaasd en teleurgesteld te zijn nu zij hebben gezien dat er een ontwerp- De zienswijze is buiten de zienswijzeperiode verstuurd en daarom niet-ontvankelijk verklaard. bestemmingsplan voor de dijkversterking ter inzage heeft gegegen, waar indiener niets over Het waterschap wel zal over de inhoud van de zienswijze met indiener in gesprek treden. had gehoord. Ook is indiener verbaasd over de natuurbestemming op een deel van het bedrijfsterrein. Indiener wil graag in overleg treden.
nee
BIJLAGE II Tekeningen bij bijlage I
19
BIJLAGE II Tekeningen bij individuele beantwoording zienswijzen Tekening behorende bij zienswijze 25 – 5
Tekening behorende bij zienswijze 39 - 7
Tekening behorende bij zienswijze 72 – 1