RV2021-045 Bijlage 1 Dijkversterking Tiel - Waardenburg_Bijlagen bij de toelichting.pdf
Tekst van het document
Het programma biedt subsidiemogelijkheden voor initiatieven voor verbetering van leefbaarheid en verbondenheid tussen mensen in de wijk of het dorp.
Beleid waterschap Rivierenland
Inhoud
Randvoorwaarden voor het project
Beleidskader Gastvrije Waaldijk
De intentieovereenkomst is getekend door Waterschap Rivierenland, Provincie Gelderland en de betrokken Waalgemeenten. De Gastvrije Waaldijk beoogd een eenduidige weginrichting van Nijmegen tot Gorinchem met een eenduidig beeld van ‘specials’/ rustpunten..
Bij de weginrichting van de weg op de dijk is rekening gehouden met de principes van de Gastvrije Waaldijk. Ook rustpunten zijn o.b.v. Gastvrije Waaldijk principes ontworpen.
Waterbeheerprogr amma 2016-2021 'Koers houden, kansen benutten' (2015)
In het waterbeheerprogramma geeft het waterschap de koers voor de langere termijn aan om doelen met betrekking tot waterveiligheid, het watersysteem en de waterketen te halen. Daarnaast wordt aangegeven wat het waterschap in de planperiode 2016 – 2021 wil bereiken en hoe ze dat wil doen.
In het waterbeheerprogramma is aangegeven dat de primaire waterkering in het plangebied grotendeels niet voldoet aan de normen. En dat de primaire waterkeringen onderdeel uitmaakt van het HWBP.
Keur Waterschap Rivierenland 2014
In de Keur heeft het waterschap regels opgenomen om te voorkomen dat dijken en oevers beschadigd raken en regels met betrekking tot onderhoud om de wateraanvoer en -afvoer in het oppervlaktewater (sloten, beken, rivieren en andere waterlopen) te borgen.
Voor de primaire waterkering zijn regels opgenomen. Hieruit blijkt welke werkzaamheden niet zijn toegestaan en voor welke werkzaamheden een watervergunning moet worden aangevraagd.
Legger waterkeringen en legger wateren
Op de legger staan de oppervlaktewateren en dijken die in beheer zijn bij het waterschap en waarop de Keur van toepassing is.
In de legger waterkeringen zijn voor de primaire waterkering de beschermingszones aangeduid. In de legger wateren zijn de profielen van de A-, B, en C-wateren opgenomen en is de onderhoudsplicht beschreven.
57 (400)
Waterplannen Tiel en Neerijnen (2010)
Ontwerpuitgangspunten primaire waterkeringen 2019 (OPW)
Het waterschap heeft samen met de gemeenten Tiel en destijds gemeente Neerijnen per gemeente een waterplan opgesteld. Dit is een plan waarbij alle aspecten van het water in een gemeente in samenhang worden bekeken. Het gaat daarbij om onder andere rivierwater, grondwater, de waterkwaliteit, de afvoer van regenwater, de riolering en het huishoudelijk water. Het doel is om de manier waarop we nu met water omgaan ervoor zorgt dat ook volgende generaties over voldoende water van een goede kwaliteit kunnen beschikken. Daarnaast maakt een uitvoeringsprogramma onderdeel uit van het waterplan.
In het waterplan Neerijnen zijn enkele maatregelen benoemd voor de kernen langs de dijk waaronder:
De nota beschrijft generieke ontwerpuitgangspunten voor primaire waterkeringen.
Geldt voor HWBP-projecten binnen het beheergebied van het waterschap Rivierenland.
· · ·
Het verbreden en herinrichten van watergangen ten behoeve van de waterkwaliteit bij Varik, Heesselt en Opijnen; Verbeteren onderhoudbaarheid waterlopen bij Opijnen en Neerijnen; Onderzoek waterkwaliteit kasteelvijver bij Neerijnen.
Het stedelijk gebied van Tiel maakt geen onderdeel uit van het plangebied.
Lokaal beleid
Inhoud
Randvoorwaarden voor het project
Diverse bestemmingsplan nen en beheersverordeningen Gemeente West Betuwe:
In de bestemmingsplannen en beheersverordeningen is de bestaande situatie vastgelegd, waaronder de bestaande waterkering.
Versterking van de dijk (ruimtebeslag) en meekoppelkansen zijn niet altijd mogelijk in de vigerende bestemmingsplannen. De bestemmingsplannen moeten worden herzien om de dijkversterking ruimtelijke mogelijk te maken.
·
· · · · · · · ·
Buitengebied Neerijnen, veegplan 2017 Heesseltsche uiterwaarden; Beschermd Dorpsgezicht Neerijnen; Standplaatsen ; Kern Varik; Kern Opijnen; Kern Heesselt Gemeente Tiel: Buitengebied
58 (400)
Lokaal beleid
Inhoud
Randvoorwaarden voor het project
Landschapsontwikkelingsplan Geldermalsen Neerijnen Lingewaal (2008)
In het landschapsontwikkelingsplan (LOP) is het gemeentelijke landschapsbeleid vastgelegd. Het LOP is een adviserend beleidsstuk dat kan worden gebruikt bij het opstellen van bestemmingsplannen.
In het LOP wordt voor het plangebied de ambitie uitgesproken om de dorpen aan het landschap te koppelen door ommetjes naar de uiterwaarden en het cultuurlandschap te realiseren. Er moet ruimte zijn voor de rivier maar ook voor de dorpen.
Uitvoeringsprogramma Landschap gemeente Neerijnen 20172021 (2017) Structuurvisie Tiel 2030 (gemeente Tiel, 2010)
In het uitvoeringsprogramma zijn projecten benoemd. Doel is om waardevolle landschappelijke elementen te beschermen en nieuwe kwaliteiten te ontwikkelen.
In de structuurvisie geeft de gemeente Tiel haar visie op het ruimtelijke beleid tot 2030. Uitgangspunt is het lopende gemeentelijke beleid dat wordt aangevuld met nieuwe projecten voor de korte en de lange termijn.
Projecten die benoemd zijn in het LOP zijn onder andere:
· · ·
De Visie Buitengebied dient als discussiestuk voor de structuurvisie van de gemeente Neerijnen. Ook diende de visie ter voorbereiding op het bestemmingsplan buitengebied dat inmiddels is vastgesteld. In de visie worden de mogelijkheden (en onmogelijkheden) voor het buitengebied van de gemeente Neerijnen geschetst.
Dag voor het Neerijnense Landschap; Cultuurhistorische fietstocht (Neerijnen).
Het plangebied is in de structuurvisie aangeduid voor:
· · ·
Structuurvisie Neerijnen 2020 (gemeente Neerijnen, 2010)
Ommetje Ophemert;
Ontwikkelen parklandschap Passewaaij (een combinatie van wonen, fruitteelt en groen); Landschapsontwikkeling (buitendijks); Versterken herkenbaarheid Inundatiekanaal.
De uiterwaarden zijn niet specifiek benoemd in de visie. Het binnendijkse gebied grenzend aan de dijk is benoemd als ‘rivieroeverwallen’. In dit gebied wordt gestreefd naar het behoud en versterking van het mozaïekachtige karakter van het landschap met afwisseling van functies. Het gebied waar de hoogwatergeul is voorzien is benoemd als ‘stroomruggen’. In dit gebied wordt gestreefd naar het behoud en de versterking van de fijnmazige gemengde structuur van het landschap.
4.3 Te nemen besluiten Om de dijkversterking Tiel-Waardenburg planologisch en juridisch mogelijk te maken, moeten de provincie Gelderland, de gemeenten West Betuwe en Tiel en het waterschap Rivierenland formele besluiten nemen. De dijkversterking wordt juridisch geborgd in een projectplan Waterwet en planologisch geregeld via een gemeentelijk bestemmingsplan. Waterschap Rivierenland stelt het projectplan vast. De provincie Gelderland neemt een besluit omtrent goedkeuring. De gemeenten West Betuwe en Tiel stellen de bestemmingsplannen vast. Daarnaast gaan verschillende omgevingsvergunningen en een ontheffing en een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming mee in een gecoördineerde projectprocedure. Het projectplan Waterwet en het bestemmingsplan zijn opgesteld conform de uitgebreide voorbereidingsprocedure (artikel 3.4 Awb). Dit betekent dat eenieder een zienswijze in kan dienen op de ontwerpbesluiten die meegaan in de gecoördineerde projectprocedure. Alleen een belanghebbende kan beroep indienen op de definitieve besluiten. De definitieve besluiten worden genomen aan het einde van de planuitwerkingsfase.
59 (400)
Tabel 4-2: Overzicht bevoegde gezagen
Vergunning Projectplan Waterwet (incl. MER) Bestemmingsplan Tiel (incl. MER) Bestemmingsplan West Betuwe (incl. MER) Omgevingsvergunning Monumenten Omgevingsvergunning Bouw Omgevingsvergunning Bomen Omgevingsvergunning strijdigheid Omgevingsvergunning Monumenten Omgevingsvergunning Bouw Ontheffing soorten Wet natuurbescherming Vergunning beschermde gebieden Wet natuurbescherming
Bevoegd gezag Provincie Gelderland Gemeente Tiel Gemeente West Betuwe Gemeente West Betuwe Gemeente West Betuwe Gemeente West Betuwe Gemeente West Betuwe Gemeente Tiel Gemeente Tiel Provincie Gelderland Provincie Gelderland
60 (400)
5
Van Onderzoeksfase tot Planuitwerkingsfase
5.1 5.1.1
Voorgeschiedenis Dijkversterking om te voldoen aan nieuwe normering In Nederland is sinds 1 januari 2017 een nieuwe veiligheidsbenadering van kracht die gebaseerd is op een risicobenadering. Daarbij wordt niet alleen de kans op overstromen beschouwd, maar ook de gevolgen daarvan. In de afgelopen decennia zijn het aantal inwoners en de economische waarde flink toegenomen. In 2017 is met het meest recente beoordelingsinstrumentarium aangetoond dat de gehele dijk Tiel-Waardenburg voor meerdere faalmechanismen (zie hoofdstuk 2) niet voldoet aan de wettelijk bepaalde norm. En dus dat de waterkerende functie van de dijk onvoldoende is tijdens maatgevende omstandigheden en daarom moet worden versterkt. Vanwege het grote verschil tussen de uitkomst van de toetsronde en de geldende veiligheidsnorm heeft de dijkversterking TielWaardenburg (19,3 km) binnen het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) een hoge prioriteit gekregen. ‘Samenspel’ dijkversterking en rivierverruiming Het klimaat verandert en de prognose is dat hoge rivierafvoeren daardoor zullen toenemen in omvang en frequentie. In het Deltaprogramma maken overheden daarom plannen om Nederland te beschermen tegen overstromingen (Figuur 5-1).
De provincies Gelderland, Noord-Brabant en Zuid-Holland, de aangrenzende gemeenten en de waterschappen Rijn & IJssel en Rivierenland hebben samen met Rijkswaterstaat in 2014 de Voorkeursstrategie Waal en Merwedes opgesteld, waarin is ingezet op een ‘samenspel’ van dijkversterking en rivierverruiming. Dit samenspel is verankerd in het Deltaprogramma 2015 en het Nationaal Waterplan 2016-2021. Figuur 5-1: Globaal overzicht van de voorgeschiedenis met in oranje de regionale ontwikkelingen en in blauw de nationale ontwikkelingen (Sweco, 2018).
61 (400)
Eén geïntegreerde verkenning: dijkversterking en rivierverruiming, 2017-2018 Dit samenspel kwam samen in de verkenning dijkversterking Tiel-Waardenburg / rivierverruiming Varik-Heesselt. De HWBP-verkenning Tiel-Waardenburg was tot juni 2018 geïntegreerd in de MIRT-Verkenning Varik Heesselt. In deze verkenning is door Waterschap Rivierenland, provincie Gelderland, gemeente Neerijnen6, het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat het samenspel tussen dijkversterking en rivierverruiming onderzocht. Een dijkversterking is in ieder geval nodig. In de verkenning stond centraal of naast dijkversterking ook rivierverruiming tussen Varik en Heesselt onderdeel van de oplossing diende te zijn om aan de nieuwe normen van de waterveiligheid te voldoen. Hier maakt de Waal een scherpe bocht die belemmerend werkt in de waterafvoer. Gestreefd werd naar een waterstandsdaling van 40 cm. Ook zijn waterstandsverlagende maatregelen in de uiterwaarden onderzocht als onderdeel van de oplossing. In juni 2018 heeft de minister de voorkeursbeslissing genomen: ‘Dijkversterking met natuur- en watercompensatie in de uiterwaarden’. Daarmee viel de aanleg van een hoogwatergeul in het gebied af als oplossing voor de waterveiligheid. Het voorkeursalternatief op basis van deze geïntegreerde verkenning beantwoordt de vraag hoe de waterveiligheid tussen Tiel en Waardenburg moet worden geborgd.
Daarvoor zijn in de verkenning drie alternatieven in een Globaal MER onderzocht: 1. Alleen dijkversterking: zowel traditionele dijkversterking als de aanleg van een ‘dikke’ (extra brede) dijk. 2. Dijkversterking, gecombineerd met rivierverruiming door middel van een binnendijkse hoogwatergeul bij Varik en Heesselt. Voor de hoogwatergeul is daarbij gekeken naar een inrichting als natuurgebied of een herinrichting als agrarisch gebied. 3. Dijkversterking, gecombineerd met rivierverruimende maatregelen in de uiterwaarden. Voor de rivierverruimende maatregelen zijn twee varianten beschouwd: een maximaal rivierkundig effect, of een maximale bijdrage aan de ecologische kwaliteit. Verkenningenrapport Tiel-Waardenburg / Varik-Heesselt Het resultaat van de geïntegreerde verkenning is opgenomen in het Verkenningenrapport Tiel-Waardenburg / Varik Heesselt (Sweco, 2018). In het Verkenningenrapport is het voorkeursalternatief beschreven dat de basis is voor de nadere uitwerking in de Planuitwerkingsfase. Belangrijkste uitgangspunten voor de dijkversterking zijn dat deze goed wordt ingepast in de ruimte rond de bestaande waterkering: daar waar mogelijk binnenwaarts in grond en anders buitenwaarts in grond of met constructies. Belangrijk is dat een goede balans mogelijk is tussen ecologie, maatschappelijk draagvlak (kwaliteit woonen werkmilieu), en kosten (sober en doelmatig).
Een waterstand verhogend effect van de dijkversterking moet worden gecompenseerd (Waterwet) met buitendijkse rivierverruiming, wat gecombineerd wordt met natuurontwikkeling. Met betrekking tot de effecten op natuurwaarden moet worden voldaan aan de Wet natuurbescherming en het vigerend natuurbeleid. Besluit Stuurgroep, voorjaar 2018 Op 18 februari 2018 sprak de meerderheid van de stuurgroep een voorlopige voorkeur uit voor het alternatief ‘Dijkversterking met natuur- en watercompensatie in de uiterwaarden’. Dit alternatief lag van 15 maart tot 26 april 2018 ter inzage. De zienswijzen zijn meegewogen om tot een advies over het voorkeursalternatief te komen. Op 15 juni 2018 heeft de stuurgroep haar advies opgesteld en ter instemming voorgelegd aan Gedeputeerde Staten van provincie Gelderland, het college van Dijkgraaf en Heemraden van waterschap 6 Na herindeling sinds 1 januari 2019 gemeente West Betuwe.
62 (400)
Rivierenland en aan het college van Burgemeester en Wethouders van de (toenmalige) gemeente Neerijnen. De provincie Gelderland heeft, gesteund door de gemeente Tiel, in de Stuurgroep een minderheidstandpunt ingenomen voor het alternatief: dijkversterking met een binnendijkse natuurrijke hoogwatergeul (ruim 40 cm netto waterstandsdaling). Voorkeursbeslissing minister van Infrastructuur en Waterstaat, zomer 2018 De minister volgde in haar voorkeursbeslissing7 van juni 2018 de voorkeur van de meerderheid in de stuurgroep. De voorkeursbeslissing was het alternatief ‘Dijkversterking met natuur- en watercompensatie in de uiterwaarden’. De minister achtte dit de meest doelmatige maatregel om in het gebied aan de nieuwe normen te kunnen voldoen. De minister merkte op dat dit alternatief gunstig scoort in de MKBA en kon rekenen op draagvlak in de dorpen Varik en Heesselt. De bekostiging van de versterking is geregeld in het HWBP. Voorkeursalternatief dijkversterking, najaar 2018 De Nota Voorkeursvariant, onderbouwd met de Notitie Effectenstudie, beschrijft het gekozen Voorkeursalternatief en vormt het sluitstuk van de verkenningsfase. Planuitwerkingsfase, 2019-2020 Daarna is de Planuitwerkingsfase gestart om te komen tot een Vergunningenontwerp voor de dijk, waar onderhavig Specifiek MER een van de eindproducten van is.
5.1.2 Burgerparticipatie Voor de communicatie en participatie zijn in de planuitwerkingsfase verschillende methoden ingezet8. Het voorkeursalternatief voor de MIRT-verkenning Varik Heesselt betreft de dijkversterking gecombineerd met compenserende maatregelen in de uiterwaarden. Bij uitwerking van de dijkversterking is het proces er op gericht om door nauwe afstemming het draagvlak te behouden bij de bewoners en bedrijven langs de dijk en bij belangenorganisaties, bijvoorbeeld op gebied van natuur. Uit het onderzoek onder bewoners in de streek is gebleken dat ze sterke waarde hechten aan de volgende punten, die daarmee aandachtspunten zijn voor de planuitwerkingsfase: · Versterking van de leefbaarheid. · Ontwikkeling en versterking van landschap, natuur en recreatie, bij voorkeur in de uiterwaarden. · Verkeersveiligheid, met name voor fietsers. · Behoud van zoveel mogelijk woningen met een nadruk op karakteristieke woningen en cultuurhistorische elementen. · Nieuwbouwkansen op de dijk benutten. · Behoud van veeteelt in de uiterwaarden. In de planuitwerkingsfase is gekeken welke wensen meegenomen konden worden in het ontwerp. Daarnaast is ook gekeken naar de omgeving van de dijk. Hoe wordt ervoor gezorgd dat de dijk goed in de omgeving past? Hiervoor wordt een ‘landschapsplan’ gemaakt.
Over de resultaten van de verschillende onderzoeken, de berekeningen en het landschapsplan is ‘de omgeving’ op verschillende momenten betrokken. Zo is er per 7 https://vng.nl/files/vng/nieuws_attachments/2018/brief_voor_het_ao_water.pdf. 8 Voor toelichting over de participatie in de fasen voor de planuitwerkingsfase verwijzen wij u naar het
Verkenningsrapport.
63 (400)
dijkdeel een concept Vergunningenontwerp is opgesteld. Na het concept Vergunningenontwerp is er verder samen gewerkt aan een definitief Vergunningenontwerp. In dit proces zijn onderstaande communicatievormen ingezet: Dijkdagen Met de verschillende bevoegde gezagen, gemeenten West Betuwe en Tiel, provincie Gelderland en ook de interne organisatie van Waterschap Rivierenland zijn dijkdagen gehouden. Tijdens deze momenten is met specialisten op verschillende vlakken het dijkontwerp op verschillende momenten in het ontwerpproces besproken om de verschillende partijen mee te nemen in het proces en de ontwikkeling van het dijkontwerp. Dijkgesprekken Voor de perceeleigenaren direct aan de dijk zijn op verschillende momenten dijkgesprekken per dijkdeel gehouden. De gesprekken zijn gericht op deze groep eigenaren omdat zij direct belanghebbend zijn. Het gesprek is aangegaan over het dijkontwerp. Per deeltraject (dijkvakken) zijn de uitkomsten van de berekeningen en wat dit betekent voor de benodigde ruimte voor de dijkversterking besproken. Ook is gekeken waar het ontwerp verder verbeterd zou kunnen worden en hoe er voor gezorgd kan worden dat de dijk goed wordt ingepast. Met de resultaten van de dijkgesprekken heeft het waterschap verder gewerkt van het concept Vergunningenontwerp naar het Vergunningenontwerp.
Dijkbijeenkomsten In de Verkenningsfase zijn al verschillende bijeenkomsten voor ‘een ieder’ georganiseerd. Voor alle betrokkenen uit de dorpen langs de dijk zijn dijkbijeenkomsten georganiseerd (oktnov 2019) als vervolg op de dijkgesprekken met aanwonenden. Dit zijn bijeenkomsten die per dorp zijn gehouden. Daarin is het concept Vergunningenontwerp toegelicht en kon een ieder reageren op dit ontwerp. In juni 2020 zijn vervolgens dijkbijeenkomsten gehouden om het Vergunningenontwerp aan ‘een ieder’ te presenteren, vooruitlopend op de officiële ter inzage legging in de tweede helft van 2020. Keukentafelgesprekken De keukentafelgesprekken (persoonlijke gesprekken) vinden doorlopend plaats. De eerste gesprekken zijn al vanaf 2017 gehouden. Vanaf de dijkbijeenkomsten (okt-nov 2019) zijn er meer keukentafelgesprekken gehouden die vooral gaan over de individuele situatie en grondeigendommen. Vanaf zomer 2020 zijn in verband met de beperkingen door maatregelen tegen COVID19 ook veel brieven gestuurd aan aanwonenden aan de dijk om hen in tekst en beeld te informeren over het vergunningenontwerp. Waar nodig of gewenst zijn over het vergunningenontwerp ook keukentafelgesprekken en/of dijkgesprekken gehouden op de projectlocatie van Tiel-Waardenburg. Hierna een weergave van bovenstaande momenten.
64 (400)
Figuur: 5-2: Communicatiemomenten
Daarnaast is er gedurende de gehele planuitwerkingsfase, met uitzondering van de tijd waarin maatregelen tegen COVID19 gelden, een wekelijks inloopuur geweest. Een moment waarop ‘een ieder’ zonder afspraak langs kan komen voor vragen of opmerkingen. Naast uiteraard de mogelijkheid om telefonisch of per email een afspraak te maken. Er is geregeld een nieuwsbrief uitgebracht en op de website van Waterschap Rivierenland zijn updates op de pagina van dijkversterking Tiel-Waardenburg geplaatst. Ook zijn berichten op de Facebookpagina van versterking Tiel-Waardenburg gezet om ‘een ieder’ van de voortgang, lopende onderzoeken buiten in het veld of andere wetenswaardigheden op de hoogte te houden. 5.2 Voorkeursalternatief met een groot ruimtebeslag Tijdens de verkenningsfase werd duidelijk dat het ontwerp van de dijk een groot ruimtebeslag zou krijgen, daarmee een grote impact op de omgeving zou hebben en dat de kosten substantieel hoger zouden worden dan het bedrag oorspronkelijk begroot. De nieuwe veiligheidsnorm, die sinds 2017 landelijk geldt, speelt hierbij een belangrijke rol. Daarom is vanaf eind 2017 (grond)onderzoek opgestart om meer basisgegevens voor het ontwerp van de dijk te verkrijgen.
Vervolgens is de periode direct na het vaststellen van het voorkeursalternatief (VKA) gebruikt om kennis te ontwikkelen over het toepassen van de nieuwe rekenregels en de uitgangspunten voor het ontwerp van de dijk te verfijnen en deze bestuurlijk vast te stellen. Beide met als doel om het ontwerp van de dijk te optimaliseren tot een slankere maar toch veilige dijk. Vervolgens is het concept vergunningenontwerp (CVO) voor de dijk gemaakt waarin deze informatie is toegepast. Het ontwerp van de dijk is daarbij meer gedetailleerd.
65 (400)
Aanvullend grondonderzoek De grond onder en rond de dijk is heel divers van opbouw. Dit betekent dat de grond overal anders reageert en dat per locatie moet worden bekeken wat er nodig is om de dijk te versterken. Het ontwerpen van de dijk is in de verkenningsfase gestart met beperkte gegevens over de ondergrond. Vanwege deze lacunes in de gegevens moesten ‘voor de zekerheid’ grote zekerheidsmarges in het ontwerp worden verwerkt. Zodra eind 2017 duidelijk werd dat de afmetingen van de nieuwe dijk zeer groot zouden worden, is er opdracht gegeven voor een uitgebreid, aanvullend grondonderzoek. De verwachting was namelijk dat meer gegevens over de ondergrond ervoor konden zorgen dat het ontwerp van de dijk op veel locaties slanker zou kunnen worden. Bij dit grondonderzoek zijn diverse boringen en sonderingen op en rond de dijk uitgevoerd. Dit heeft geleid tot een beter inzicht in de bodemopbouw en de sterkte van grondlagen. Kennisontwikkeling Sinds 2017 moet een nieuwe rekensystematiek gebruikt worden. In de afgelopen twee jaar is in verschillende projecten veel kennis ontwikkeld over het ontwerpen van de dijk met de nieuwe rekenregels. Bijvoorbeeld bij het bepalen van de nieuwe sterkte is nieuwe kennis toegepast wat heeft geleid tot een onderbouwde hogere sterkte waardoor het ruimtebeslag van de dijk kleiner wordt.
Deze kennis wordt ook benut bij het ontwerpen van de andere komende dijkversterkingen van Waterschap Rivierenland en andere waterschappen. Aanscherping van uitgangspunten Waterschap Rivierenland In de periode december 2018-april 2019 is onderzocht of de uitgangspunten die Waterschap Rivierenland hanteert voor de dijken aangescherpt kunnen worden, zonder in te boeten op de waterveiligheid. De uitgangspunten zijn in samenwerking met diverse experts van het waterschap en van kennisinstituten onderzocht en onderbouwd. De aanscherping van de uitgangspunten heeft geleid tot optimalisaties van het ontwerp. Zo is bij de uitwerking tot het (concept)vergunningenontwerp gebruik gemaakt van de systematiek van de Beslisboom Piping die het waterschap in 2019 heeft vastgesteld. Deze beslisboom geeft meer ruimte voor een locatiespecifieke afweging van maatregelen tegen piping. Tevens sorteert de Beslisboom voor op nieuwe kennisontwikkelingen. Ook is het toegestane overslagdebiet is vergroot van 5 l/s/m naar 10 l/s/m. Dit betekent dat bij extreme hoogwatersituaties, die gemiddeld eens in de 10.000 jaar voorkomen, 10 liter per seconde per strekkende meter over de dijk stroomt.
Concept verguningenontwerp naar vergunningenontwerp Bovengenoemde nieuwe kennis over de ondergrond en de aanscherpingen in de uitgangspunten zijn gebruikt om via een concept vergunningenontwerp (najaar 2019) te komen tot het vergunningenontwerp. Het vergunningenontwerp heeft daardoor aanzienlijk minder ruimtebeslag dan het VKA had.
66 (400)
Figuur 5-3: Verschillenkaart Voorkeursalternatief - Vergunningenontwerp
67 (400)
6
Vergunningenontwerp
In dit hoofdstuk wordt het dijkontwerp beschreven, zoals dat is uitgewerkt in het Vergunningenontwerp. 6.1 Detailniveau vergunningenontwerp Het detailniveau van het vergunningenontwerp is vergelijkbaar met dat van een Definitief Ontwerp voor zover het de oplossing in grond betreft. Voor de delen met een constructie is een Voorlopig Ontwerp opgesteld. In dit projectplan en in het contract met de aannemer worden de zones afgebakend waar deze verticale voorzieningen voor stabiliteit en/of piping gerealiseerd worden. Binnen de grenzen van deze constructiezone heeft de aannemer de vrijheid om de benodigde maatregelen te ontwerpen en realiseren (zie Tekstvak). Mogelijke maatregelen binnen een constructiezone Binnen constructiezones worden er om de macrostabiliteit te vergroten voornamelijk stabiliteitsschermen aan de binnenzijde gerealiseerd, in combinatie met een taludverflauwing. Bij verankering van deze stabiliteitsschermen kunnen de ankers ondergronds buiten de constructiezone of zelfs buiten het ruimtebeslag van de waterkering vallen. Wanneer een dijkvak met een stabiliteitsscherm ook een urgente pipingopgave heeft, wordt het scherm zodanig diep aangebracht dat hiermee gelijktijdig de pipingopgave wordt opgelost.
In een klein deel van de dijk, namelijk de landgoeddijk bij Waardenburg, is het realiseren van een stabiliteitsscherm aan de binnenzijde niet voldoende om de stabiliteit te garanderen. Hier wordt een zelfstandig waterkerende constructie gerealiseerd. Die zelfstandig waterkerende constructie zorgt voor stabiliteit aan de binnen- en de buitenzijde. 6.2 Dijkontwerp Deze paragraaf beschrijft per deelgebied de uitwerking van het vergunningenontwerp inclusief landschappelijke inpassing op hoofdlijnen. De beschrijvingen van het ontwerp per deelgebied worden afgesloten met een korte beschrijving van de verschillen met het eerder vastgestelde Voorkeursalternatief (Effectenstudie en Nota Voorkeursvariant). In Bijlage 1 zijn de complete technische overzichtstekeningen (bovenaanzicht) en de technische dwarsdoorsneden per dijkvak opgenomen. In bijlage 2 zijn Ontwerpnota’s per cluster opgenomen. De landschappelijke inpassing is uitgebreid beschreven in de landschapsplannen per deelgebied in Bijlage 3, met meerdere dwarsprofielen per deelgebied. In teksten wordt gesproken over een benodigde kruinhoogte aangegeven zoals die geldt voor het 2075. De opleverhoogte zal hoger liggen afhankelijk van de zetting en bodemdaling ter plaatse (zie ook hoofdstuk 3) De dijk en het watersysteem erachter zijn er na uitvoering van de dijkversterking op berekend om de overslag veilig te kunnen afvoeren.
Ook wordt een bermbreedte aangegeven. De bermbreedte (van de binnenberm) betreft de breedte tussen het binnentalud en het binnenbermtalud. De benodigde bermbreedte is afhankelijk van de locatie waar de berm komt te liggen en verschilt dus per dijkversterkingsvariant. Breedtes kunnen lokaal afwijken en bij detaillering wijzigen. Uit de stabiliteitsberekeningen is gebleken dat alleen een binnenberm noodzakelijk is, mits ten behoeve van de buitenwaartse stabiliteit lokaal het buitentalud wordt verflauwd of voorzien van steenbekleding.
68 (400)
Figuur 6-1. Principeprofiel van de toekomstige dijk (de constructiezone geeft aan waar in de dijk mogelijk constructie kan worden toegepast
Voor de technische informatie en tabellen wordt verwezen naar de ontwerptekeningen (bijlage 1) en ontwerpnota’s (bijlage 2 bij het MER) en het projectplan Waterwet behorende bij deze dijkversterking. Milieu-inclusief ontwerp Het instrument m.e.r. is gekomen om te borgen dat het milieu een volwaardige plaats krijgt in de besluitvorming over plannen en projecten. Initiatiefnemers beschrijven de verwachte effecten voor het milieu in een milieueffectrapport. Bij de ontwikkeling van het dijkontwerp voor Tiel-Waardenburg is in verschillende stappen aan het ontwerp gewerkt, waar bij elke ontwerpstap rekening is gehouden met verschillende milieuaspecten en waarden langs de dijk. Het ontwerp is daarom volgens het projectteam een ontwerp geworden waar milieu al een volwaardige plaats in heeft gekregen, verschillende aanvullende maatregelen om negatieve effecten te voorkomen al in meegenomen zijn. Hierna wordt per dijkvak het ontwerp toegelicht.
69 (400)
Figuur 6-2. Vergunningenontwerp
70 (400)
6.2.1 Vergunningenontwerp deelgebied 1 – Passewaaij Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.3 geeft een bovenaanzicht van het vergunningenontwerp in deelgebied Passewaaij.
Figuur 6-3. Overzichtskaart vergunningenontwerp deelgebied Passewaaij
6.2.1.1 Dijkvak 1 Dijkvak 1 is opgedeeld in dijkvak 1a (TG010+40 – TG013+50) en 1b (TG013+50 – TG014+75). Versterkingsopgave De ontwerphoogte is voor dijkvak 1 NAP +12,25 m. Dijkvak 1a heeft een hoogteopgave van 40 centimeter en dijkvak1b heeft een hoogteopgave van 35 centimeter. Er is een stabiliteitstekort binnenwaarts. De pipingopgave is voor dijkvak 1a niet urgent, voor dijkvak 1b is er geen opgave voor piping. Keuze vergunningenontwerp 1a Dijkvak 1a wordt versterkt door middel van een binnenwaartse asverschuiving. Hier is voldoende ruimte voor en een versterking binnenwaarts heeft de voorkeur van het waterschap. Tevens maken de aanwezigheid van woningen aan de buitenzijde van de dijk en de ligging dichtbij de rivier maken een buitenwaartse grondoplossing hier niet haalbaar.
71 (400)
Beschrijving vergunningenontwerp 1a Er wordt aan de binnenzijde een berm aangelegd met een breedte van circa 30 meter. De berm wordt ingestoken op circa 4/9e van de kruinhoogte, omdat een lagere insteek zou leiden tot een onevenredig lange berm. Het talud aan de binnenzijde wordt verflauwd tot circa 1:3. De binnenberm wordt van een beheerstrook van 5 meter breed voorzien. De dijk wordt opgebouwd vanaf de buitenkruinlijn. Het buitentalud blijft gehandhaafd (met een helling van circa 1:3) in verband met de aanwezige buitendijkse woningen. Omdat de pipingopgave niet urgent is wordt geen fysieke maatregel tegen piping getroffen, maar wel een ruimtereservering opgenomen. Keuze vergunningenontwerp 1b Vanaf TG013+50 ligt binnendijks de bebouwing van Sprokkelenburg met enkele monumentale panden, waardoor een binnenwaartse versterking niet haalbaar is. De dijk ligt hier dichtbij de rivier, waardoor een buitenwaartse versterking ook niet haalbaar is. Daarom is gekozen voor een ruimtebesparende oplossing. Beschrijving vergunningenontwerp 1b Het eerste deel van dijkvak 1b vormt de overgang tussen een dijkdeel met binnenbermen (circa 30 meter breed in 1a) naar het dijktalud van Sprokkelenburg (geen berm). Er wordt tot TG013+75 een buitenberm aangelegd van circa 23 meter breed, die wordt ingestoken op circa 1/2 van de kruinhoogte.
De binnenberm gaat geleidelijk in hoogte en breedte over in het maaiveld. De dijk wordt vanaf de perceelsgrens binnendijks opgebouwd met talud van circa 1:3. Het buitentalud wordt aangelegd met een helling van circa 1:3. Dit dijkvak voldoet aan de normen voor piping, waardoor geen pipingmaatregelen nodig zijn.
Figuur 6-4. Dwarsprofiel dijkvak 1
Inpassingsopgave Aansluiting HWBP-project ‘Stad Tiel’ Dijkvak 1 grenst aan het HWBP-project ‘Stad Tiel’. Om het monumentale inundatiekanaal (incl. dijken en sluis) in zijn waarde te laten loopt de berm met een talud van circa 1:10 af naar de teen van de Inundatiedijk Zuid. Ontwerp, realisatie en afstemming met Unesco over het dijkontwerp en de raakvlakken met het inundatiekanaal wordt verricht door Dijkversterking Stad Tiel. Tot die tijd wordt het hiervoor genoemde inpassingsvoorstel gehanteerd, met de kanttekening dat de dijk hiermee constructief nog niet op orde is. Volgens de berekeningen moet de berm geheel doorlopen tot aan de Inundatiedijk Zuid. Momenteel wordt door Dijkversterking Stad Tiel uitgegaan van constructie voor de waterkerende dijk ten oosten van de sluis. Deze kan mogelijk worden doorgetrokken, waarmee het constructieve aandachtpunt is opgelost.
72 (400)
Verlenging van de berm Het verlengen van de berm heeft geen invloed op de woningen. De volkstuinen worden echter wel geraakt. Er is door de gemeente Tiel besloten om de geraakte volkstuinen niet te herstellen, waardoor er geen leeflaag nodig is. De overgang van het binnendijkse landschap naar de berm verloopt via een talud van circa 1:5. Te verwijderen bomen worden gecompenseerd langs de binnendijkse kavelgrenzen. Ophemertsedijk 5 Bij Ophemertsedijk 5, ter hoogte van TG011, gaat de dijk omhoog. De helling van de oprit zal hierdoor steiler worden. De enige optie om een steilere helling te voorkomen, is de helling te verlengen en de kruin van de dijk nog verder binnenwaarts te plaatsen. Dit heeft echter grote invloed op het verloop van de dijk en is ongewenst. In overleg met de eigenaren kan het versteilen van de oprit worden beperkt , door de oprit als geheel opnieuw aan te leggen. Door de ligging tegen de projectgrens en afstemming met Unesco over het inundatiekanaal kan de aanpassing van de inrit van Ophemertsedijk 5 pas kan worden gerealiseerd tijdens de aanleg van Dijkversterking Stad Tiel. Tot die tijd blijft de huidige inrit bestaan. Meekoppelkansen In het kader van de Gastvrije Waaldijk wordt ter hoogte van TG014 een recreatieve toegang naar de uiterwaarden gerealiseerd, door een dijktrap, een Waalzuil en een recreatief bankje te plaatsen.
Hiervoor wordt de Waalband verbreed naar circa 1,80 meter. 6.2.1.2 Dijkvak 2 Dijkvak 2 loopt van TG014+75 tot TG017+90. Versterkingsopgave Dijkvak 2 dient met 40 centimeter te worden opgehoogd tot NAP +12,26 m. Er is een stabiliteitstekort binnenwaarts. De pipingopgave is door de aanwezigheid van een dunne deklaag (<4,0 m) als urgent bestempeld. Keuze vergunningenontwerp De aanwezigheid van de bebouwingsdeeltraject Sprokkelenburg (deels monumentaal) binnendijks maakt een binnenwaartse asverschuiving niet haalbaar. Een buitenwaartse asverschuiving is door de ligging dichtbij de rivier (negatief rivierkundig effect bij verschuiving buitenwaarts) en de aantasting van de natuurwaarden in de uiterwaarden ook niet haalbaar. Daarom wordt de dijk versterkt door middel van een ruimtebesparende oplossing. Beschrijving vergunningenontwerp De ruimtebesparende oplossing lost zowel het stabiliteitstekort als de pipingopgave op. In verband met de woningen die deels in het talud staan wordt de constructie zo hoog mogelijk in het binnentalud aangebracht. De hoogteopgave wordt vanwege het gebrek aan ruimte aan weerszijden van de dijk opgelost door vanuit de binnenkruinlijn buitenwaarts te versterken. De as van de dijk verschuift daardoor licht buitenwaarts. Het huidige binnentalud blijft gehandhaafd.
Door het nieuwe buitentalud aan te leggen met een helling van circa 1:3 schuift de buitenteenlijn 3 meter op. In dit dijkvak ontbreekt de beheerstrook binnendijks.
73 (400)
Figuur 6-5. Dwarsprofiel dijkvak 2
Inpassing Opritten binnendijks De opritten staan haaks op de dijk en zijn relatief steil. De dijk gaat hier omhoog. Dit heeft effect op de helling van de opritten. De enige optie om steilere opritten te voorkomen is de helling te verlengen en de kruin van de dijk verder naar buiten te plaatsen dan noodzakelijk is voor de dijkversterking. De verlengde delen van de opritten worden in de huidige helling of flauwer doorgetrokken. Het extra naar buiten plaatsen van de dijk vergroot tevens de werkruimte voor het plaatsen van een constructie en creëert ruimte voor het goed inpassen van de bestaande parkeervoorzieningen in grasbetonsteen. 6.2.1.3 Dijkvak 3 Dijkvak 3 bestaat uit twee delen. Deel a loopt van TG017+90 tot TG020 en deel b loopt van TG020 tot TG021+80. Versterkingsopgave Dijkvak 3 dient met 40 centimeter te worden opgehoogd tot de ontwerphoogte NAP +12,24 m. Er is een stabiliteitstekort binnenwaarts. Er is geen opgave voor piping. Keuze vergunningenontwerp In dijkvak 3 is ruimte voor een lichte binnenwaartse asverschuiving, doordat er binnendijks geen woningen staan. Echter, vanwege de instabiele ondergrond zou enkel een oplossing in grond leiden tot een zeer brede binnenberm (circa 27 meter) in dijkvak 3a.
Er is daarom in dit subdijkvak gekozen voor een hybride oplossing: naast de grondoplossing wordt ook een constructie ingebracht, waardoor de binnenberm smaller kan zijn. In dijkvak 3b wordt enkel een binnenwaartse versterking toegepast. Beschrijving vergunningenontwerp Voor het gehele dijkvak is een binnenberm van circa 12 meter breed nodig. Deze wordt op circa 1/3e van de hoogte van de dijk ingestoken. De binnenberm wordt van een beheerstrook van 5 meter breed voorzien. Zowel het binnen- als het buitentalud worden verflauwd naar circa 1:3. Er is geen pipingmaatregel nodig.
Figuur 6-6. Dwarsprofiel dijkvak 3
74 (400)
Inpassing Ontwikkellocatie Ophemertsedijk Ten westen van Ophemertsedijk 54, ter hoogte van TG019, ligt de ontwikkellocatie Buitenplaats Kruisstraat. Op de binnenberm mag een huis worden gebouwd en tuin worden aangelegd. Deze moeten goed worden ingepast op de binnenberm of verder van de dijk af, het huis blijft daarbij buiten het profiel van vrije ruimte (PVVR). De oprit word gecombineerd met de oprit van Ophemertsedijk 54 om het aantal opritten aan de dijk te beperken. Aansluiting J.M. Den Uyllaan Bij de Doctor J.M. Den Uyllaan (TG022) slaat het doorgaand verkeer af van de dijk. De verkeersituatie is daarop ingericht. Om de dijk als doorgaand element te benadrukken wordt de vormgeving van Gastvrije Waaldijk doorgezet en benadrukt, en wordt de aansluiting van de Doctor J.M. Den Uyllaan zo veel mogelijk haaks op de dijk gelegd. Tevens wordt de weg verbreed om de afwikkeling van het vrachtverkeer vanuit de Steenfabriek goed te laten plaatsvinden. De eikenlaan langs de Doctor J.M. Den Uyllaan wordt doorgetrokken tot aan de kruin van de dijk, zodat het onderscheid tussen het doorgaande dijktrace en de afslag van de Doctor J.M. Den Uyllaan duidelijk wordt. Meekoppelkansen In het kader van de Gastvrije Waaldijk wordt ter hoogte van TG021 een recreatieve toegang naar de uiterwaarden gerealiseerd, door een dijktrap en een Waalzuil te plaatsen.
De Waalband wordt naar circa 1,20 meter verbreed voor het plaatsen van een Waalzuil. 6.2.1.4 Dijkvak 4 Dijkvak 4 is onderverdeeld in dijkvak 4a (TG021+80 – TG024+30) en 4b (TG024+30 – TG026+50). Versterkingsopgave Dijkvak 4 dient met 50 centimeter te worden opgehoogd tot NAP +12,17 m. Er is een stabiliteitstekort binnenwaarts. In dijkvak 4a is de pipingopgave niet urgent, in dijkvak 4b is door de afwezigheid van een deklaag of een dunne deklaag (<4,0 m) de pipingopgave wel urgent. Keuze vergunningenontwerp 4a In dijkvak 4a is een binnenwaartse asverschuiving mogelijk. Het ruimtebeslag van een binnenwaartse versterking blijft relatief beperkt, waardoor er geen woningen worden geraakt. Beschrijving vergunningenontwerp 4a Er wordt aan de binnenzijde een berm aangelegd met een breedte van 10 meter. De berm wordt ingestoken op circa 1/3e van de kruinhoogte. De binnenberm wordt van een beheerstrook van 5 meter breed voorzien. Het binnentalud en het buitentalud worden verflauwd tot circa 1:3. Hierdoor verschuift de buitenteen circa 1 meter naar buiten. Als gevolg daarvan wordt er natuur (Natura2000 en GNN) en KRW geraakt, dit dient te worden gecompenseerd. De berm en dijk worden vanaf de Zennewijnenseweg opgebouwd. Hiermee blijft het archeologische monument (Romeinse Villa) buiten het ruimtebeslag.
Omdat de pipingopgave niet urgent is, wordt hier geen maatregel getroffen, maar een ruimtereservering opgenomen.
75 (400)
Figuur 6-7. Dwarsprofiel dijkvak 4a
Keuze vergunningenontwerp 4b In dijkvak 4b is in verband met woningen binnendijks en natuurwaarden (GNN en Vogelrichtlijngebied) buitendijks gekozen voor een ruimtebesparende oplossing, in combinatie met een lichte asverschuiving buitenwaarts. Beschrijving vergunningenontwerp 4b De ruimtebesparende oplossing lost zowel het stabiliteitstekort als de pipingopgave op. De hoogteopgave wordt opgelost door vanuit de binnenkruinlijn buitenwaarts te versterken. Het nieuwe buitentalud wordt aangelegd met een helling van circa 1:3. Dit betekent dat de buitenteen circa 3 meter opschuift naar buiten. De smalle tuinen van Zennewijnenseweg 6, 7 en 18 binnendijks worden hierdoor gespaard. Hier ontbreekt de beheerstrook.
Figuur 6-8. Dwarsprofiel dijkvak 4b
Meekoppelkansen Het kunstwerk Huizen aan de dijk, ter hoogte van TG022, wordt verplaatst en markeert de locatie waar de Doctor J.M. Den Uyllaan over gaat op de dijk. Wanneer men de dijk op rijdt, kijkt men onder de boog door het landschap in. Het kunstwerk komt in het gras te staan en wordt gecombineerd met een rust- en uitzichtpunt. Het kunstwerk met uitzichtpunt ligt dicht bij de bocht in de dijk die een voormalige dijkdoorbraak markeert. Tevens is vanaf dit punt een mooi uitzicht over de nevengeul in Wetland Passewaaij. Er worden bankjes geplaatst en een Waalstop gerealiseerd. Hiervoor wordt de Waalband verbreed naar circa 1,80 meter. 6.2.1.5 Dijkvak 5 Dijkvak 5 is onderverdeeld in dijkvak 5a (TG026+50 – TG028), 5b (TG028 – TG030) en 5c (TG030 – TG031+30). Versterkingsopgave De ontwerphoogte is voor het gehele dijkvak NAP +12,18 m. Dit betekent dat de dijkvakken 5a en 5b een hoogteopgave van 60 centimeter hebben en dijkvak 5c heeft een
76 (400)
hoogteopgave van 55 centimeter. Er is een stabiliteitstekort binnenwaarts. In dijkvak 5a is de pipingopgave urgent, in dijkvakken 5b en 5c is er geen pipingopgave. Keuze vergunningenontwerp 5a Dijkvak 5a wordt versterkt door middel van een ruimtebesparende oplossing. De reden hiervoor is de buitendijks gelegen steenfabriek en de binnendijks gelegen bebouwing, waaronder een gemeentelijk monument. Een grondoplossing is hier ruimtelijk mogelijk, maar de overgang tussen de ruimtebesparende oplossing van dijkvak 4b en 5b is relatief kort, waardoor het het meest kosteneffectief is om de constructie door te trekken. Beschrijving vergunningenontwerp 5a De ruimtebesparende oplossing lost zowel het stabiliteitstekort als de pipingopgave op. De as van de verschuift niet. De taluds krijgen een helling van circa 1:3.
Figuur 6-9. Dwarsprofiel dijkvak 5a
Keuze vergunningenontwerp 5b Dijkvak 5b wordt versterkt door middel van een ruimtebesparende oplossing. Redenen hiervoor zijn de buitendijks gelegen steenfabriek en de binnendijks gelegen bebouwing, waaronder een gemeentelijk monument. Een ruimtebesparende oplossing maakt het ook mogelijk om de stoep van de Zennewijnenseweg in te passen. Om de ruimtebesparende oplossing te realiseren is de woning aan de Zennewijnenseweg 24 aangekocht door het waterschap. Beschrijving vergunningenontwerp 5b De dijk wordt opgebouwd vanuit de buitenteenlijn. Het binnen- en buitentalud worden hier versteild naar circa 1:2,5 zodat er ruimte ontstaat om aan de binnenzijde een beheerstrook te hebben. Aan de buitenzijde is het niet mogelijk een beheerstrook in te passen.
Figuur 6-10. Dwarsprofiel dijkvak 5b en 5c
77 (400)
Keuze vergunningenontwerp 5c Dijkvak 5c wordt versterkt met een ruimtebesparende oplossing om de woning en de boomgaard aan de Zennewijnenseweg 25 binnendijks in te passen. Daardoor is het ook verkeerskundig mogelijk om de aansluiting met het Roeierspad te maken. Een buitendijkse versterking is niet haalbaar vanwege de ligging van de steenfabriek. Beschrijving vergunningenontwerp 5c Het binnen- en buitentalud worden hier versteild naar circa 1:2,5, zodat er ruimte ontstaat om aan de binnenzijde een beheerstrook in te passen. Omdat de pipingopgave niet urgent is, wordt hier geen maatregel opgenomen, maar wel een ruimtereservering getroffen. Meekoppelkansen In het kader van de Gastvrije Waaldijk wordt ten noorden van de steenfabriek (ter hoogte van TG026) een rust-/uitkijkpunt gerealiseerd, gecombineerd met het bestaande kunstwerk “Vuurtempel”. Het kunstwerk en het uitzichtpunt liggen verder van steenfabriek dan in de huidige situatie. Hierdoor wordt het kunstwerk beter zichtbaar en is vanaf het rustpunt een mooi uitzicht over de nevengeul in Wetland Passewaaij. 6.2.1.6 Wijzigingen vergunningenontwerp ten opzichte van het voorkeursalternatief Voor het ontwerp van dijkvak 1a zijn geen wijzigingen ten opzichte van het voorkeursalternatief. In dijkvak 1b ligt binnenwaarts de bebouwing van Sprokkelenburg met enkele monumentale panden.
In het voorkeursalternatief was gekozen voor een binnenwaarts versterking te ontzien, maar om deze bebouwing te ontzien en om aan te sluiten bij de oplossing in dijkvak 2 wordt hier de binnenwaartse versterking verricht met een ruimtebesparende oplossing. Dit vormt de overgang tussen de grondop-lossing van dijkvak 1a en de ruimtebesparende oplossing in dijkvak 2. In dijkvak 2 zijn er geen wijzigingen ten opzichte van het voorkeursalternatief. In dijkvak 3 is nog steeds sprake van een binnenwaartse asverschuiving, zoals in het voorkeursalterna-tief was bedacht, maar in het vergunningenontwerp is dit in deel a gecombineerd met een constructie tot een hybride oplossing, om een zeer brede binnenberm te voorkomen. Vanuit kostenoverwegingen en vanuit landschappelijk oogpunt is gekozen voor een binnenwaartse versterking, maar met smallere binnenbermen dan eigenlijk nodig zouden zijn. Daar zorgt de constructie voor. Ook in dijkvak 4b is een wijziging opgetreden. In het voorkeursalternatief was gekozen voor een bin-nenwaartse asverschuiving in combinatie met een ruimtebesparende oplossing. In de heroverweging van het ontwerp bleken de bermen breder te moeten zijn dan in het voorkeursalternatief werd ge-dacht en dat de woningen daardoor niet behouden zouden kunnen blijven.
Voor de woningen aan de Zennewijnenseweg 6, 7 en 18 is daarom een businesscase uitgevoerd, waarbij de kosten voor een grondoplossing waarbij de woningen dienen te worden geamoveerd afgewogen zijn tegen de kosten voor een constructie en behoud van de woningen. Daaruit is gebleken dat het plaatsen van een ruim-tebesparende oplossing het meest kosteneffectief is. Op basis daarvan is het ontwerp gewijzigd.
78 (400)
Figuur 6-2. Vergelijkingskaart VKA-VO deelgebied Passewaaij
79 (400)
6.2.2 Vergunningenontwerp deelgebied 2 – Zennewijnen In Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. is overzicht gegeven van het vergunningenontwerp in deelgebied Zennewijnen. In bijlage 1 vindt u een meer gedetailleerde kaart van het vergunningenontwerp.
Figuur 6-3. Overzicht vergunningenontwerp deelgebied Zennewijnen
6.2.2.1 Dijkvak 6 Dijkvak 6 loopt van TG031+30 tot TG035. Versterkingsopgave De dijk dient met 40 centimeter te worden opgehoogd tot NAP +12,00 m. Er is een stabiliteitstekort binnenwaarts en er is geen pipingopgave. Keuze vergunningenontwerp De dijk wordt versterkt door middel van een binnenwaartse asverschuiving. Daar is ruimte voor omdat er aan de binnenzijde geen bebouwing of andere specifieke waarden aanwezig zijn. Tevens heeft een versterking binnenwaarts heeft de voorkeur van het waterschap. Een buitenwaartse versterking zou tot verslechtering van het rivierkundig knelpunt leiden, wamt de dijk ligt hier dicht op de rivier. Beschrijving vergunningenontwerp Er wordt aan de binnenzijde een berm aangelegd met een breedte van circa 10 meter. De berm wordt ingestoken op circa 1/3e van de kruinhoogte. De taluds aan weerszijden van de dijk worden verflauwd tot circa 1:3. Aan de binnenzijde worden een beheerstrook
80 (400)
gerealiseerd. Aan de buitenzijde ligt grotendeels al een beheerpad met uitzondering van het stuk tussen TG030+75 - TG032+50. Hier wordt een beheerstrook gerealiseerd en ingepast ter plaatse van het kleidepot van de steenfabriek. Landschappelijke inpassing Overgang dijkvak 5-6 De dijk in dijkvak 5 wordt versterkt door middel van een ruimtebesparende oplossing en dijkvak 6 wordt versterkt door middel van een binnenwaartse asverschuiving met een binnenberm. De overgang wordt vloeiend ingepast door hoogteverschillen op te vangen in het grondlichaam van de verkeerstoep Zennewijnenseweg en door de berm tussen de dijk en Zennewijnenseweg 25 smal te houden. Daarbij wordt geleidelijk in bermbreedte naar de stoep toegewerkt. De overgang wordt tevens ingepast in combinatie met beplanting op de berm en de aansluiting op het Roeierspad. De kavel van de Zennewijnenseweg wordt hierbij enkele meters geraakt. Fietspad Binnendijks ligt parallel aan de dijk het Roeierspad. Dit pad wordt teruggebracht ter plaatse van de beheerstrook op de binnenberm. Hierdoor schuift het pad licht naar binnen t.o.v. de huidige situatie. Het pad sluit op hoogte aan op de vleugelstoep Zennewijnenseweg ter hoogte van TG031. 6.2.2.2 Dijkvak 7 Dijkvak 7 is onderverdeeld in dijkvak 7a (TG035 – TG037) en 7b (TG037 – TG037+15). Versterkingsopgave De dijk dient met 50 centimeter opgehoogd te worden tot NAP +12,00 m.
Er is een stabiliteitstekort binnenwaarts en buitenwaarts en er is geen pipingopgave. Keuze vergunningenontwerp 7a Dijkvak 7a sluit aan op dijkvak 6 en wordt versterkt door middel van een binnenwaartse asverschuiving. Daar is ruimte voor omdat er aan de binnenzijde geen bebouwing of andere specifieke waarden aanwezig zijn. Tevens heeft een versterking binnenwaarts heeft de voorkeur van het waterschap. Beschrijving vergunningenontwerp 7a Er wordt aan de binnenzijde een berm aangelegd met een breedte van circa 15 meter. De berm wordt ingestoken op circa 1/3e van de kruinhoogte. Daar bovenop wordt deels een leeflaag van circa 0,5 meter gerealiseerd om de notenbomen aan de Bredestraat te compenseren. Deze bomen worden aangeplant in de oksel van de stoep. De binnenberm wordt voorzien van een beheerstrook. De taluds aan weerszijden worden verflauwd tot circa 1:3.
Figuur 6-4. Dwarsprofiel Dijkvak 7a
81 (400)
Keuze vergunningenontwerp 7b Vanwege bebouwing (het Buurthuis) binnendijks en een negatief rivierkundig effect buitendijks wordt in dijkvak 7b een ruimtebesparende oplossing toegepast. Beschrijving vergunningenontwerp 7b Dit dijkvak wordt vanuit de buitenkruinlijn binnenwaarts versterkt. De constructie wordt in de kruin van de dijk geplaatst. Bij de binnendijkse dijkwoning wordt de dijk vanuit de binnenkruinlijn buitenwaarts opgebouwd om de woning niet te raken. Het huidige binnentalud blijft gehandhaafd. Het buitentalud wordt verflauwd naar circa 1:3. Landschappelijke inpassing Stoep Bredestraat (TG036+50) De verhoging van de dijk heeft effect op de helling van de stoep van de Bredestraat. Binnendijks is geen ruimte om de huidige helling van 12% te behouden. Daarom wordt de as van de dijk naar buiten verschoven en de stoep met gelijke helling verlengd. Met het aanpassen van de stoep worden de tevens de bochtstralen verruimd ten behoeven van de verkeersveiligheid en zodat grote voertuigen beter de bochten kunnen maken. De rivierkundige impact van het buitenwaarts verplaatsen wordt beperkt in combinatie met de inpassing van vleugelstoep naar de uiterwaard. Fietspad Binnendijks ligt een fietspad, deze wordt teruggebracht op de beheerstrook op de binnenberm. Dit fietspad dient vloeiend aan te sluiten op de Bredestraat ter hoogte van TG037.
Meekoppelkansen De toerit bij de Bredestraat (TG036+50) naar de uiterwaarden wordt als vleugelstoep met de stroom mee gelegd, uitgevoerd conform de huidige materialisering. De bol wordt beter toegankelijk gemaakt door een dijktrap, een Waalzuil en een recreatief bankje te plaatsen. De Waalband wordt verbreed naar circa 1,80 meter. Om de bol exclusief als recreatieplek te behouden voor de bewoners van Zennewijnen is besloten geen recreatieve voorzieningen te plaatsen op de dijk. 6.2.2.3 Dijkvak 8 Dijkvak 8 is onderverdeeld in dijkvak 8a (TG037+15 – TG038+50), 8b (TG038+50 – TG040+20), 8c (TG040+20 – TG041+50) en 8d (TG041+50 – TG045). Versterkingsopgave In dijkvak 8 wordt de dijk met 30-70 centimeter opgehoogd tot NAP +11,80 m. Er is een stabiliteitstekort binnenwaarts. De pipingopgave is in deel a, c en d urgent en in deel b is er geen pipingopgave. Keuze vergunningenontwerp Binnendijks ligt de dorpskern Zennewijnen en buitendijks ligt de Waal op geringe afstand van de dijk waardoor een eventuele buitenwaartse versterking nadelig zou zijn voor de opstuwing van het rivierwater. Daarom is gekozen voor een ruimtebesparende oplossing. Beschrijving vergunningenontwerp Dit dijkvak wordt vanuit de buitenkruinlijn binnenwaarts versterkt. Tenzij anders aangegeven wordt de dijk versterkt vanuit de buitenkruinlijn naar binnen toe. In dijkvak 8a wordt de dijk met 30 centimeter opgehoogd.
De ruimtebesparende oplossing lost zowel het stabiliteitstekort als de pipingopgave op. De aanwezige taluds worden
82 (400)
gehandhaafd op circa 1:2,8. Bij de binnendijkse dijkwoning wordt de dijk vanuit de binnenkruinlijn buitenwaarts opgebouwd om de woning niet te raken.
Figuur 6-5. Dwarsprofiel dijkvak 8a
In dijkvak 8b wordt de dijk met 45 centimeter opgehoogd. Het binnentalud wordt hier versteild naar circa 1:2,5, en het buitentalud wordt gehandhaafd op circa 1:2,8. Er is geen pipingopgave, dus hier hoeft geen pipingmaatregel te worden getroffen. In dijkvak 8c wordt de dijk met 70 centimeter opgehoogd . De ruimtebesparende oplossing lost zowel het stabiliteitstekort als de pipingopgave op. Het binnentalud wordt hier versteild naar circa 1:2,5, en het buitentalud wordt gehandhaafd op circa 1:2,8. In dijkvakdelen a tot en met c wordt de binnenberm voorzien van een beheerstrook. Tevens is buitendijks voldoende ruimte voor een beheerstrook. In dijkvak 8d wordt de dijk met 55 centimeter opgehoogd. De ruimtebesparende oplossing lost zowel het stabiliteitstekort als de pipingopgave op. Het binnentalud wordt hier verflauwd naar circa 1:3, en het buitentalud wordt gehandhaafd op circa 1:2,8. In dit deel is onvoldoende ruimte voor een beheerstrook aan de binnenzijde.
Figuur 6-6. Dwarsprofiel dijkvak 8d
Doordat het binnentalud wordt versteild naar circa 1:2,5 is het mogelijk om vanaf dijkpaal TG039+20 (in dijkvak 8b) een beheerstrook te realiseren van 5 meter breed waarmee het ruimtebeslag in de tuinen zoveel mogelijk wordt beperkt. Ter plaatse van de beheerstrook is een klei-ingraving nodig om schade achter de dijk door overslag bij maatgevend hoogwater te voorkomen. Het buitentalud is voldoende flauw (ca. 1:3) en blijft grotendeels gehandhaafd. Aan de buitenzijde komt een beheerstrook van 4 meter breed. Landschappelijke inpassing Stoep Hermoesestraat (TG043) De verhoging van de dijk heeft effect op de helling van de stoep van de Hermoesestraat. Binnendijks is geen ruimte om de huidige helling van 10% te behouden. Daarom wordt de as van de dijk naar buiten verschoven en de stoep met gelijke helling verlengd. Met het aanpassen van de stoep worden de tevens de bochtstralen verruimd, zodat campinggasten met caravans en campers beter de bochten kunnen maken. De rivierkundige impact van de licht buitenwaarts verschoven dijk, wordt gecompenseerd door de toerit naar de
83 (400)
uiterwaarden als vleugelstoep met de stroom mee te leggen. Deze is nu haaks aangesloten. Op de aansluiting van de stoep met de weg op de dijk wordt een plateau aangebracht om het verkeer te remmen. Meekoppelkansen In het kader van de Gastvrije Waaldijk wordt bij de stoep Hermoesestraat (TG043) een rustpunt toegevoegd met een bankje en dijktrap naar het pad de Stiftsche Uiterwaarden in. De toerit naar de uiterwaarden wordt als vleugelstoep met de stroom mee gelegd, uitgevoerd conform de huidige materialisering. Hiervoor wordt de Waalband verbreed tot circa 1,80 meter. De recreatieve toegang tot de uiterwaard wordt tevens herkenbaar en toegankelijk door het aanbrengen van een Waalzuil, een bankje en een dijktrap. De markering van de bushalte (Waalstop) wordt geplaatst op de verbrede Waalband. 6.2.2.4 Dijkvak 9 Dijkvak 9 is onderverdeeld in zes dijkvakken: 9a (TG045 – TG045+30), 9b (TG045+30 – TG046+50), 9c (TG046+50 – TG047+10), 9d (TG047+10 – TG049+40), 9e (TG049+40 – TG051) en 9f (TG051 – TG053+60). Versterkingsopgave Voor dit dijkvak geldt een hoogteopgave variërend van 20 – 45 centimeter. De dijk dient opgehoogd te worden tot NAP +11,82 m. In alle dijkvakken is er een stabiliteitstekort binnenwaarts (in deel f ook buitenwaarts) en is de pipingopgave beoordeeld als urgent.
Keuze vergunningenontwerp 9a Dijkvak 9a wordt met 30 centimeter opgehoogd en versterkt door middel van een ruimtebesparende oplossing. Hiermee kunnen de binnendijkse woningen aan de Waalbandijk 77 en 79 worden behouden en wordt buitendijkse KRW-waarden zo veel mogelijk ontzien. Beschrijving vergunningenontwerp 9a De ruimtebesparende oplossing lost zowel het stabiliteitstekort als de pipingopgave op en wordt aan de binnenzijde van de dijk ingebracht. De oplossing van dijkvak 8 wordt doorgetrokken.
Figuur 6-7. Dwarsprofiel dijkvak 9a
Keuze vergunningenontwerp 9b Op subdijkvak 9a wordt in verband met de woningen gekozen voor een ruimtebesparende oplossing. Op subdijkvak 9c is in verband met hoog maaiveld in het achterland geen stabiliteitsmaatregel nodig, maar wel een pipingmaatregel. Subdijkvak 9b ligt daarmee tussen twee constructies. Het maaiveld in het achterland bij dijkvak 9b ligt iets lager dan bij 9c. Om de stabiliteit te borgen zou daarom een geringe ophoging in grond nodig zijn over een aanzienlijke lengte (12m), waarmee de fruitboomgaard geraakt zou worden. Ophoging
84 (400)
in grond zou voor een grote impact op de omgeving zorgen met hoge kosten in vergelijking tot een ruimtebesparende oplossing. Aanleg van een ruimtebesparende oplossing is bovendien logisch omdat voor de aangrenzende subdijkvakken ook wordt gekozen voor een constructie. Daarom wordt subdijkvak 9b voor een ruimtebesparende oplossing gekozen. Beschrijving vergunningenontwerp 9b Er wordt gekozen voor een gecombineerd stabiliteits- en pipingscherm, waardoor de huidige binnenteen van de dijk min of meer gehandhaafd blijft. Hier wordt wel een beheerstrook voorzien van 5 meter breed. Keuze vergunningenontwerp 9c Dijkvak 9c wordt versterkt door middel van een binnenwaartse asverschuiving. Hier is voldoende ruimte voor en een versterking binnenwaarts heeft de voorkeur van het waterschap. Beschrijving vergunningenontwerp 9c De dijk wordt opgebouwd vanaf de buitenkruinlijn. De dijk wordt met 20 centimeter opgehoogd. In dit dijkvak is geen binnenberm nodig, omdat het maaiveld hier hoger ligt dan in de nabije omgeving. De stabiliteit van de dijk kan daardoor worden geborgd. De aanwezige taluds blijven gehandhaafd. Er wordt een verticale pipingmaatregel getroffen, omdat dat in de toekomst niet gemakkelijk meer kan vanwege de aanwezigheid van de Gasleiding. Ter plaatse van de gasleiding (TG046+80) wordt de pipingmaatregel uitgewerkt door de aannemer in overleg met Gasunie.
Deze maatregel moet zodanig worden gerealiseerd dat de gasleiding niet uit bedrijf genomen moet worden. Aan de binnenzijde worden beheerstroken gerealiseerd van 5 meter breed en aan de buitenzijde wordt een beheerstrook gerealiseerd van 4 meter breed. Keuze vergunningenontwerp 9d Dijkvak 9d wordt versterkt door middel van een binnenwaartse asverschuiving. Hier is voldoende ruimte voor en een versterking binnenwaarts heeft de voorkeur van het waterschap. Het landbouwperceel aan de binnenzijde wordt hierdoor geraakt, maar de berm wordt ingericht voor medegebruik, zodat deze weer in gebruik genomen kan worden als weidegrond. Beschrijving vergunningenontwerp 9d De dijk wordt met 30 centimeter opgehoogd. Er is een binnenberm nodig van 20 meter breed. Deze berm wordt ingestoken op circa 1/3e van de kruinhoogte. De aanwezige steenbekleding voldoet aan de norm en wordt gehandhaafd. Omdat de pipingopgave niet urgent is, wordt hier nog geen maatregel opgenomen, maar wel een ruimtereservering getroffen
Figuur 6-8. Dwarsprofiel dijkvak 9d
Keuze vergunningenontwerp 9e Voor dijkvak 9e is gekozen voor een ruimtebesparende oplossing (tot dijkpaal TG52) om de woning bij Waalbandijk 65 binnendijks en de kil buitendijks te ontzien.
85 (400)
Beschrijving vergunningenontwerp 9e De ruimtebesparende oplossing lost zowel het stabiliteitstekort als de pipingopgave op. De dijk wordt vanuit de buitenkruinlijn binnenwaarts opgebouwd om opstuwing van de rivier te vermijden. De aanwezige steenbekleding voldoet aan de norm en wordt gehandhaafd. In dit dijkvakdeel is onvoldoende ruimte voor een beheerstrook binnendijks
Figuur 6-9. Dwarsprofiel 9e
Keuze vergunningenontwerp 9f In dijkvak 9f is voldoende ruimte voor een binnenwaartse versterking, Beschrijving vergunningenontwerp 9f Dit dijkvak wordt opgebouwd vanaf de buitenkruinlijn. Er is een binnenberm nodig van circa 10 meter breed om de stabiliteit te borgen. Deze berm wordt ingestoken op circa 1/2e van de kruinhoogte. De berm komt hierbij op 1 meter afstand van de gevel van Waalbandijk 61 te liggen. Deze woning is aangekocht door Waterschap Rivierenland, waarbij gestreefd wordt de woning te handhaven. De grondoplossing met relatief hoge insteek sluit goed aan op de grondoplossing bij dijkvak 10, waar voor medegebruik van de boomgaard op de berm een extra leeflaag wordt aangebracht, dus de insteek op ongeveer dezelfde hoogte ligt. De aanwezige steenbekleding voldoet aan de norm en wordt gehandhaafd. Omdat de pipingopgave niet urgent is, wordt hier nog geen maatregel opgenomen, maar wel een ruimtereservering getroffen.