CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

IN075-bijlage-1-RV2021-083 Bijlage participatiebeleid.pdf

Lijst ingekomen stukken 26 september 2023, gemeente West BetuweBij agendapunt: C: C Informatie vanuit het college van B&W12.224 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Komt terug in implementatie beleid als uitbouwen participatiekalender tot vindplaats informatie, kerngericht (incl. kernagenda’s) en de communicatiestrategie Komt terug in verbetering dienstverlening 25

Bestaande vormen zoals dorpsen stadsraden en burgerraadsleden werken goed Jongeren enthousiasmeren via scholen Meerdere onderwerpen behandelen op 1 avond om meer inwoners en menging te krijgen Participatie moet leuk en opbouwend zijn Inwoners kunnen vragen om overheidsparticipatie en faciliteren bij hun initiatieven Enthousiasme, betrokkenheid en inzet vasthouden met 2 x per jaar een participatiebijeenkomst Bijeenkomsten in dorpshuizen over kernontwikkelingen Gebiedsmakelaars doen het goed op verbinden en participatie maar communiceren soms te snel

Komt terug in onderdeel inwoners en lokale organisaties en worden genoemd als goede voorbeelden Komt terug in implementatie beleid als onderdeel communicatiestrategie en betrekken van jongerenraad Komt terug in implementatie participatiebeleid Komt terug in participatie als gesprek, experimenteren en vaardigheden Komt terug bij overheidsparticipatie

Komt terug in implementatie participatiebeleid Komt terug in implementatie participatiebeleid en aanpak kerngericht werken Gebiedsmakelaars komen terug in verschillende onderdelen beleid. Communicatie komt terug in oefenen implementatie beleid

26

Initiatief Naast gemeentelijke initiatieven die worden voorgelegd aan de samenleving, zijn er initiatieven uit de samenleving die over hun plannen in gesprek willen. Hiervoor gebruiken we het onderstaande stappenplan.

Heeft het initiatief behoefte aan een vorm van ondersteuning vanuit de gemeente? Inwoners nemen velerlei initiatieven. Het kan nuttig zijn dat de gemeente daar zicht op heeft, maar lang niet elk initiatief heeft behoefte aan ondersteuning vanuit de gemeente. Als die behoefte er niet is, is er geen rol voor de gemeente en kan de gemeente het initiatief loslaten.

1Inwonersinitiatief groot en 2 Inwonersinitiatief klein Wanneer inwoners ondersteuning vragen aan de gemeente en wanneer het initiatief andere inwoners raakt, kan de gemeente aan de initiatiefnemers vragen om het draagvlak in beeld te brengen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in een Breed Initiatief, dat het gemeentelijk beleid op meerdere vlakken raakt, bijvoorbeeld het oprichten van een zorgcoöperatie, en een Klein Initiatief dat weinig of geen invloed heeft op gemeentelijk beleid, bijvoorbeeld een buurt die vraagt om een beperkt bedrag om een bankje te plaatsen. In het laatste geval kan de gemeente voor een eenvoudige route kiezen: de buurt voert een gesprek met de directe omgeving (bijv. buurt, straat) om te peilen of er draagvlak is en meldt dat aan de gemeente. De gemeente hanteert vervolgens een korte afhandelingslijn (ambtelijk). Gaat het om een Breed Initiatief dan vraagt de gemeente de initiatiefnemers om het draagvlak aan te tonen, via een dialoog met de gemeenschap (en met de gemeente). Als dat draagvlak voldoende aangetoond is, kan de gemeente het initiatief de ruimte geven.

3. Welke rol kiest de gemeente? Stimuleren en faciliteren zijn de belangrijkste rollen van de gemeente bij inwonersinitiatieven. De gemeente kan bijvoorbeeld stimuleren dat inwoners zich rond een vraagstuk organiseren, door het gesprek op gang te brengen en samen te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn. Denk bijvoorbeeld aan de dialoog op gang brengen bij een kernagenda. De gemeente kan inwonerinitiatieven op vele manieren 27

faciliteren, met informatie en kennis, met ambtelijke ondersteuning, met een subsidie etc. Faciliteren hoeft de gemeente niet altijd zelf te doen, want de gemeente kan ook een welzijnswerker inschakelen om een initiatief te begeleiden. In bijzondere situatie kan sprake zijn van Regisseren of Reguleren. Het instrumentarium van reguleren is de meest verregaande rol van de gemeente. Daar waar het bijvoorbeeld gaat over vraagstukken van orde en veiligheid staat de gemeente altijd in een verticale verhouding tot haar inwoners. Voorbeeld: Gemeente ‘controleert’ of wet- en regelgeving wordt nageleefd (handhaving) bij een door inwoners georganiseerd evenement. Regisseren: hierbij gaat het in het algemeen over grote projecten, bijvoorbeeld een energiecoöperatie van bewoners die een zonneweide wil aanleggen. De gemeente houdt de regie, terwijl ook andere partijen een rol hebben. Dat betekent complexe aansturing van verschillende partners, waarbij de zeggenschap van de gemeente in meer of mindere mate beperkt is, onder andere door het inwonersinitiatief als gelijkwaardige partner te behandelen.

4. Welke gemeentelijke ondersteuning wordt gevraagd? Als inwoners een initiatief starten, lopen ze tegen vele vragen aan. Dat kunnen juridische vragen zijn (wettelijke kaders, vergunningen, bestemmingsplan..), financiële vragen (hoe vinden we de financiën die nodig zijn? Heeft de gemeente een subsidieregeling of andere financiële middelen die ingezet kunnen worden? Welke andere financiële bronnen kunnen we aanboren?), technische vragen etc. Vaak is er kennis bij de gemeente om dergelijke vragen te beantwoorden, maar de gemeente kan ook doorverwijzen naar organisaties die kunnen helpen.

5. Welke kaders hanteert de gemeente? Om inwonersinitiatieven te ondersteunen hebben we subsidieregelingen. Afhankelijk van het onderwerp kan de ene of de ander regeling – of een combinatie daarvan - van toepassing zijn. Dergelijke regelingen zijn altijd verbonden met subsidiekaders, waar aanvragers rekening mee moeten houden. Andere kaders kunnen meer juridisch van aard zijn bijvoorbeeld of iets wel of niet kan volgens het bestemmingsplan. Kaders zijn verder vaak besloten in gemeentelijke beleidsplannen. Bijvoorbeeld het beleid ten aanzien van cultureel erfgoed waarbij de gemeente onder bepaalde voorwaarden instemt met de herbestemming van een monument. Kennis van de gemeentelijke kaders is niet vanzelfsprekend aanwezig bij een inwonersinitiatief, terwijl die kennis wel van groot belang is om te voorkomen dat een initiatief na veel inspanning toch geblokkeerd wordt door die kaders. Voor inwonersinitiatieven kijken we naar de volgende vragen:

Waarde

Wat is belangrijk aan het idee, waardevol en misschien anders dan wat er al bestaat?

Draagkracht

Wie of wat zit er achter dit plan en op wie heeft het impact?

Wetten en regels

Moet je rekening houden met beleid, wetten of regels, wat moet en wat helpt?

Financiën

Is er een financiële vraag?

6. Hoe wordt verantwoording afgelegd? Bij inwonersinitiatieven is sprake van verantwoording afleggen naar twee zijden. Enerzijds gaat het om de gemeenschap of groep/wijk/straat, waarop het initiatief zich richt. De initiatiefgroep zal niet alleen aan de voorkant maar ook achteraf en bij de uitvoering van het initiatief, in gesprek moeten blijven met degenen waarvoor het initiatief bedoeld is. Onderlinge verantwoording van een inwonersinitiatief voorkomt dat het initiatief wordt losgezongen van de gemeenschap en een particulier karakter krijgt. Anderzijds zal het inwonersinitiatief verantwoording af moeten leggen naar de gemeente, afhankelijk van de aard en omvang van de ondersteuning die de gemeente heeft geleverd. Als er bijvoorbeeld subsidie verleend is, zal de gemeente inzicht willen hebben in de besteding en/of het doelbereik.

28

Uitdaagrecht In West Betuwe kennen we al voorbeelden waar dit aan de orde is, zoals het beheer en onderhoud van speeltuinen en dorpshuizen. Het uitdaagrecht is ook opgenomen in het beleidsplan Bouwen aan Sociale Kracht. We willen inwoners stimuleren en uitdagen om via het uitdaagrecht taken over te nemen omdat het beter, slimmer en goedkoper kan. Voor het verder oefenen met uitdaagrecht inventariseren we het komende half jaar in de samenleving waar kansen liggen om te oefenen met het uitdaagrecht. Kansen kunnen voortkomen uit de kernagenda’s of bijvoorbeeld het Sportbeleid. Deze uitnodiging aan de samenleving communiceren we actief en vullen een eventuele pilot samen met de samenleving in. Voor het uitdaagrecht zijn er voorwaarden waaraan voldaan moet worden. Het is van belang dat een initiatief van voldoende kwaliteit is.

Om dit te waarborgen zijn de volgende voorwaarden opgesteld: • Het initiatief heeft een maatschappelijke meerwaarde; • Er is draagvlak voor het initiatief buiten de initiatiefnemer om; • De initiatiefnemer is in staat om de uitdaging te volbrengen of geeft de opdracht aan een partij die hiertoe in staat is; • De initiatiefnemer maakt het aannemelijk dat hij de uitdaging structureel kan uitvoeren; • De initiatiefnemer kan de uitdaging binnen de gestelde kaders van de gemeente uitvoeren; • Er is geen conflict met het gemeentelijke inkoopbeleid, zoals een bestaand contract voor die taak; • De initiatiefnemer is georganiseerd in een rechtsvorm, zoals een stichting; • De uitdaging gaat in op de uitvoerende taken van de gemeente, waarvoor budget is opgenomen in de begroting.

Voorbeelden Uitdaagrecht: • • • • • •

Welzijnswerk in de wijk Elsrijk in Amstelveen Verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit van de openbare ruimte langs de IJssel in Deventer Herinrichting Schepenstraat in Rotterdam Energietransitie in Zutphen Openluchtzwembad in Zwolle Sporthal Lunetten in Utrecht

29

3. Participatiemeter Omgevingswet Door de participatiemeter in te vullen krijgen zowel de initiatiefnemer als de gemeente een beeld van de aard en omvang van het initiatief en wat het effect hiervan kan zijn op de omgeving. Zo ontstaat maatwerk voor participatie. De meter is opgesteld voor participatie binnen de Omgevingswet maar kan ook van andere participatievraagstukken ter inspiratie worden gebruikt. Geef per onderwerp een cijfer dat het beste bij het initiatief past. Tel de punten bij elkaar op. De uitkomst geeft aan welke mate van participatie nodig is. Categorie Initiatief

Wat voor initiatief ligt er voor? Hoe een initiatief als groot of klein moet worden gekwalificeerd, is maar ten dele af te meten aan de aard en omvang. Het is vaak ook een (politiek/maatschappelijk) gevoel en heeft te maken met de context van de omgeving (een woning in een natuurgebied heeft een andere ruimtelijke context dan een woning in een woonwijk).

Voorbeelden: 7. Grootschalige ingreep: windturbines, IKEA, vliegveld, rondweg, station, snelweg 6. Zware herstructurering: omzetten kantoren naar woningen, asielzoekerscentrum 5. Lichte herstructurering: woningbouw, bedrijventerrein 4. Zware functiewijziging: zonnevelden, onderwijsinstelling, inbreidingslocatie 3. Lichte functiewijziging: detailhandel, boekwinkel met horeca nevenfunctie 2. Aan huis gebonden bedrijf: hondentrimsalon, yogastudio, catering, tandarts 1. Aan huis gebonden beroep: administratiekantoor

30

Algemeen Belang

Heef het een positieve invloed op de samenleving? Ga na of het initiatief bijdraagt aan de afspraken en doelen in het coalitieakkoord, de omgevingsvisie, (beleids-)doelen van de gemeente en/of aansluit bij al bestaande projecten. Ga ook na of er binnen het initiatief elementen zitten die bijdragen aan het algemeen belang. Maatschappelijk effect is hierbij mede bepalend.

Voorbeelden: 7. Zeer groot: het initiatief draagt breed bij aan de samenleving (gemeente, regio, land) 6. Groot: het initiatief draagt breed bij aan de samenleving (gemeente/regionaal) 5. Behoorlijk: anderen dan de initiatiefnemer zullen profijt ervaren (gemeente) 4. Enigszins: enkele anderen dan de initiatiefnemer zullen enig profijt ervaren (kern) 3. Weinig: enkele anderen dan de initiatiefnemer zullen beperkt profijt ervaren (buurt) 2. Nauwelijks: mogelijk dat anderen dan de initiatiefnemer enig profijt ervaren (straat) 1. Niet: niemand anders dan de initiatiefnemer ervaart profijt.

31

Maatschappelijke aandacht

Krijgt het initiatief veel aandacht in politiek, pers of sociale media? Bepaal dit door gesprekken met griffier, portefeuillehouder, gebiedsmakelaar en door een omgevings- of issueanalyse.

Voorbeelden: 7.

Zeer groot: het initiatief heeft al geleid tot politieke of maatschappelijke spanning.

6.

Groot: maatschappelijke aandacht heeft zich al duidelijk getoond en geeft spanning.

5.

Behoorlijk: maatschappelijke aandacht heeft zich al duidelijk getoond

4.

Enigszins: duidelijk dat er aandacht uitgaat naar het initiatief

3.

Weinig: enige aandacht gaat uit naar het initiatief

2.

Nauwelijks: theoretische mogelijkheid dat er aandacht uitgaat naar het initiatief

1.

Niet: geen aandacht voor het initiatief

32

Hinder Initiatief

Is er hinder van het initiatief voor de omgeving tijdens of na realisatie? We bedoelen met omgeving hier niet de doelgroep van het initiatief, maar de mensen en partijen die hier buiten staan, en eventueel hinder ondervinden van het initiatief. Bij het bepalen van deze parameter is de hamvraag, hoeveel belanghebbenden zijn er die nadelige effecten ondervinden en hoe heftig zijn deze effecten?

Voorbeelden: stank, trillingen, rumoer of het ontnemen van licht.

33

In dit voorbeeld tellen de punten op tot 19 (4 + 5 + 5 + 5) Het aantal punten geeft aan in welke mate participatie nodig is. Hoe meer impact het initiatief heeft op de omgeving, hoe meer participatie nodig is. Welke mate van participatie is nodig? Level 0 (4 punten): Level 1 (5 – 12 punten):

Informeren: Geen participatie (de samenleving heeft geen invloed) Inventariseren: Beperkte participatie (de samenleving heeft enige

invloed)

Level 2 (13 – 20 punten): Verdiepen: Participatie (de samenleving heeft invloed) Level 3 (21 punten of meer): Samen doen: intensieve participatie (de samenleving heeft veel invloed) De figuur hieronder geeft inzicht in de mate van participatie. De cirkels laten zien wie er betrokken moeten worden. Op level 1 zijn dat de direct betrokkenen, op level 2 de directe omgeving en op level 3 de hele omgeving.

Beoordelen van de participatie Bij een aanvraag omgevingsvergunning weegt de gemeente ook de gehouden participatie mee, rekening houdend met de omvang van een initiatief. Wanneer de participatie onvoldoende is kan het college er voor kiezen de aanvraag buiten behandeling te stellen. De gemeente kijkt naar: A. Wie is er betrokken? B. Hoe zijn zij betrokken? C. Wat is er gedaan met de resultaten van de participatie?

34

A: Wie is er betrokken? Hoe hoger het participatieniveau, hoe meer mensen er betrokken moeten worden. Denk bijvoorbeeld aan buurtbewoners, buren en weggebruikers. Of aan partijen die vanuit een bepaalde positie een rol spelen, zoals belangengroepen of media. Hierbij kun je ook denken aan partijen die kennis leveren of betrokken zijn bij de uitvoering van het initiatief. En bedenk wie een besluit neemt over het initiatief. Voor het antwoord op de vraag ‘wie is er betrokken?’ kan gebruik worden gemaakt van de volgende deelvragen: • Zijn belanghebbenden betrokken? • Is er betrokken vanuit een geografische afbakening van inwoners, ondernemers en andere groepen? • Zijn er inhoudelijke deskundigen betrokken? • Zijn er volwassen inwoners (18+) betrokken? • Zijn er inwoners onder de 18 betrokken? • Zijn er naast inwoners ook lokale ondernemers betrokken? • Zijn individuele inwoners op persoonlijke titel betrokken? • Zijn georganiseerde verbanden/belangengroepen betrokken?

Ken de participanten. Denk hieraan • • •

Spreken zij namens zichzelf, of vertegenwoordigen ze een groep? Bijvoorbeeld een belangengroep, een buurt of straat. Weet ook hoe zij zelf onderling de afstemming hebben geregeld Stem de manier van communiceren en de werkvorm af op je participanten. Zo loopt het proces prettig en soepel Houd presentielijsten en verslagen bij

B. Hoe zijn zij betrokken? Hoe is de participatie ingericht? De rollen zijn duidelijk aangegeven: Wat is de rol van de initiatiefnemer en wat is de rol van de gemeente? Denk bijvoorbeeld aan: beslissen, regisseren, sturen, kaders stellen, toetsen en organiseren. Ook de rollen van de andere participanten zijn duidelijk en met hen afgestemd. Hoe hoger het participatieniveau, hoe hoger de trede op de participatietrap en hoe meer invloed participanten hebben. De hamvraag daarbij is wat je wil ophalen in de participatie. Soms volstaat het als participanten worden geïnformeerd. Anderen kunnen vanuit hun rol meedenken en concrete inbreng leveren. Tot slot zijn er altijd belanghebbenden die nodig zijn om het initiatief mogelijk te maken. Zij hebben in meer of mindere mate een beslissende stem. Een grondeigenaar is hiervan een voorbeeld.

Duidelijke kaders

Duidelijk is wat het doel is van het initiatief en de participatie en aangegeven is, wat er al vast ligt en waarover overleg mogelijk is. Vaak ligt bijvoorbeeld het budget al vast, zijn er al eerder besluiten genomen, of is zijn er wetten en regels. Licht toe over welke onderwerpen de participanten wel kunnen meepraten en over de speelruimte per onderwerp.

Communiceer

Blijf communiceren tijdens het proces. Doe dat open, eerlijk en transparant. Dus niet alleen voorafgaand aan de vergunningaanvraag, maar ook tijdens de uitvoering van je initiatief. Leg informatie vast en deel het met de deelnemers. Evalueer tijdens het proces en leg ook de evaluaties vast. C. Wat is er gedaan met de resultaten van de participatie? Deel de resultaten van de participatie met alle belanghebbenden. Geef een inschatting of er sprake is van groot draagvlak, beperkt draagvlak of geen draagvlak voor je initiatief. Geef aan wat er is gedaan met de opbrengsten van de participatie. Heeft de participatie bijvoorbeeld geleid tot aanpassing van het initiatief?

35

4. Gereedschapskist

DoeMee app

Uitdaagrecht

Motiemarkt

Kernbudgetten

Dorps- of kernplatform

Kernagenda

Thema- of kerngesprek

Schouw

Steekproefmethode

Ontwerpatelier of tekensessie

Netwerken benaderen

Klankbordgroep

Online stemtool

Online enquête of opiniepeiling

Online discussie- en ideeënplatform

Gesprek op voeten

Focusgroep

Experts invliegen

Digitale interactie tijdens sessie

Debat en dialoog

Brainstorm met post-its

Inwonerspanel

Er zijn meer dan 100 verschillende participatie-instrumenten. Voor deze gereedschapskist is hieruit een handzame selectie gemaakt. De gereedschapskist is ter inspiratie. Hieronder staan de instrumenten met daarbij aangegeven waar de instrumenten geschikt voor zijn. Na de tabel volgt een beschrijving van de instrumenten. Meer inspiratie voor instrumenten is te vinden op Instrumenten burgerparticipatie | Loketgezondleven.nl

Raadplegen Adviseren Coproduceren Meebeslissen

Gemeente Kern Straat

Mensen komen naar gemeente Naar de mensen toe Online benaderen Specifieke groepen benaderen Individueel Groepsgewijs

18+ 18-

Inwoners Gemeenteraad College

36

Inwonerspanel Inwonerspanel waarin inwoners online vragen worden voorgelegd en zij hun interesses, expertise en kennis kunnen aangeven voor onderwerpen om op mee te denken. Brainstorm met post-its Techniek om veel ideeën te verzamelen, ideeën te kiezen en uit te werken. Door met post-its te werken worden alle ideeën vastgelegd. De groep kiest vervolgens de belangrijkste ideeën om uit te werken. Debat en dialoog Publiek gesprek met toegang tot informatie gericht op begrip en weerspiegelen. Voorafgaand wordt informatie gedeeld over het onderwerp waarna het gesprek gericht is op het begrijpen van de verschillende gezichtspunten en in het gesprek elkaar en zichzelf te spiegelen op de gezichtspunten. Digitale interactie tijdens sessie Instrument om tijdens een sessie digitaal meningen te peilen door middel van vragen zodat alle meningen bekend zijn en het gesprek voortgezet kan worden aan de hand van de resultaten. Door corona wordt veel gebruik gemaakt van digitale interactie. Experts invliegen Instrument dat expertise benut voor een gezamenlijke waardedeling door de deelnemers. Een expert informeert deelnemers over relevante inzichten, kennis (uit de praktijk) en activiteiten. Focusgroep Instrument gericht op een specifiek onderwerp. Bevindingen worden voorgelegd aan een groep om te bevragen.

In het gesprek wordt gewerkt met een topiclijst maar is vooral gericht op het geven van de gelegenheid aan deelnemers om zelf met ideeën te komen over het vraagstuk. Gesprek op voeten Actieve gespreksvorm waarbij je al lopend door een ruimte in gesprek gaat. Iedereen staat in een kring, de gespreksleider stelt een vraag en deelnemers doen een stap naar voren om hun mening te geven. Mensen die het met de spreker eens zijn gaan achter deze deelnemer staan. Online discussie- en ideeënplatform Instrument om samen te werken aan ideeën en initiatieven via een digitaal platform. Op dit platform kunnen inwoners meepraten, suggesties aandragen en kunnen digitale enquêtes worden ingezet. Online enquête of opiniepeiling flexibel en laagdrempelig instrument voor aanvullend inzicht om kern- of themagericht via vragen informatie op te halen. Online stemtool Instrument voor het stemmen op voorstellen. Stemmen kan via een smartphone of op een computer. Klankbordgroep Instrument om een specifieke doelgroep actief in een proces te betrekken. De eerste stap is het bepalen van de specifieke doelgroep om onderzoeksuitkomsten of mogelijke gevolgen van beleidsvoornemens te duiden. Netwerken benaderen Gemeente en samenleving gebruiken elkaars netwerken voor meer bereik. Deze netwerken hebben inzicht op de behoefte van de samenleving.

Door deze netwerken te benaderen wordt de (praktijk)kennis voor het vraagstuk gevonden.

37

Ontwerpatelier of tekensessie Mensen denken en tekenen mee aan de invulling van een ontwerp. De tekeningen worden gebruikt om nader op het vraagstuk in te gaan. Van de tekeningen wordt een collage gemaakt zodat iedereen het resultaat kan zien. Steekproefmethode Instrument waarbij aselect deelnemers worden geselecteerd voor participatie. De deelnemers ontvangen informatie over het vraagstuk en vormen een oordeel door middel van onderling gesprek. Een voorbeeld is G1000. Schouw Instrument in de vorm van een gezamenlijke wandeling waar ter plekke problemen en ideeën worden geïnventariseerd en geanalyseerd en oplossingen worden opgehaald. Thema- of kerngesprek Instrument voor ophalen van verhalen, ervaringen, kennis en intenties en ideeën worden geclusterd binnen een breed gesprek. Kernagenda In alle kernen worden met inwoners de ambities en vraagstukken waar aan gewerkt gaat worden opgehaald. De kernagenda’s komen tot stand door kernavonden en met de input van het Bidbook. Dorps- of kernplatform Instrument dat een belangrijke netwerkfunctie vervult in de kern. Door te luisteren naar wat er in de kern speelt, vragen en ideeën bij elkaar te brengen en mensen aan elkaar te verbinden waarbij gemeente flexibel en op maat inspeelt op ideeën. Kernbudgetten inwoners dienen digitaal plannen in binnen een budget en verzamelen likes.

Plannen met meer dan 25 likes worden getoetst op haalbaarheid. De kern stemt vervolgens op de haalbare plannen om het budget te verdelen waarna de plannen worden uitgevoerd. Motiemarkt Tijdens een 'markt' met kramen worden ideeën van inwoners ter adoptie aan raadsleden en fracties aangeboden. Raadsleden kunnen langs de kramen 'shoppen' en de inwoners kunnen hun ideeën uitleggen en toelichten. Als raadsleden het een goed idee vinden dan kunnen zij dit als motie adopteren. Samen met de initiatiefnemer van het idee wordt een motie opgesteld. Uitdaagrecht Inwoners nemen gemeentetaken over als zij het slimmer, beter en goedkoper kunnen. Inwoners kunnen bijvoorbeeld zelf een kernagenda maken, groenonderhoud of sportveldbeheer overnemen met de bijbehorende gelden. Het uitdaagrecht is opgenomen in de participatieverordening. Doe Mee app App waarin inwoners vragen kunnen stellen, voor- en nadelen indienen op verschillende scenario’s en stemmen op hun voorkeursscenario.

38

Bijlage 1: Visual Participatie 1. Wat is het?

4. Samenspel De samenleving gaat in gesprek met de gemeente

De gemeente heeft een

Inleiding optimistische, open en geïnteresseerde houding

De gemeente geeft vooraf

6. Participatiemeter Omgevingswet Categorie Initiatief

Algemeen belang

Maatschappelijke aandacht

Hinder initiatief

De gemeente levert

aan het gesprek

maatwerk bij

duidelijkheid over doel,

participatietrajecten

participatieniveau en rollen

2. Hoe werkt het? Samenleving

Gemeente Dialoog

Omgevingswet, Kernagenda’s Adviesraden, Jongerenraad, Harmonisaties beleid, Zwerfvuilgroepen, Dorps- en stadsraden, Speeltuinen, etc.

5. Stappenplan

Elk open gesprek met inwoners, Informatie-avond, Enquêtes, Inwonerspanel, Leefbaarheidsbudget, etc.

Uitbouwen

Evaluatie

Wat werkt goed?

Wat werkt niet goed? Stoppen

3. Typen participatie

Groen is overheidsparticipatie

Blauw is inwonersparticipatie

7. Gereedschapskist 7. Gereedschapskist

7. Gereedschapskist

Voorbeeld: Overheidsparticipatie (groen) Een buurt organiseert een buurtbarbecue

Rood is geen participatie

Inwonersparticipatie (blauw) Gemeente knapt straat op en vraagt aan bewoners om mee te denken

Geen participatie (rood) Gemeente behandelt een vergunningaanvraag voor een buurtfeest

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/647/documents/13458