D07 Bijlage 2 Aanvullend onderzoek alternatieve locaties radarstation.pdf
Tekst van het document
Intensief gebruik van Wifi en mobiele telefonie verhoogt de belasting. De belasting is daardoor ook niet constant. In het memorandum is beschreven dat de gezamenlijke bijdrage van de overige relevante stralingsbronnen aan de belasting van een willekeurige locatie overal op gemiddeld 25% van de (als veilig beschouwde) IC NIRP-norm kan worden gesteld. Dat bepaalt hoeveel ‘ruimte’ de SMART-L radar beschikbaar zou hebben voordat de IC NIRP-norm wordt overschreden. Op basis van de sterkte van de (SMART-L) radar heeft TNO vervolgens berekend hoe groot de percentuele bijdrage van deze radar in de totale stralingsbelasting op de betreffende woningen is. Kortheidshalve wordt verwezen naar bijlage E. Uit het memorandum kunnen de volgende conclusies worden getrokken. De resultaten van de berekeningen van het blootstellingsniveau (op vier meter boven maaiveld) als percentage van de IC NIRP-limiet, zijn door TNO vervat in de volgende tabel.
Pagina 42 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
Er blijkt inderdaad een zeker verband te zijn tussen de afstand van de woningen tot de radar en de hoogte van de bijdrage van de stralingsbelasting afkomstig van de (SMART-L) radar. Echter, die relatie is niet lineair. Dat wil zeggen, de belasting neemt niet per definitie per meter extra afstand af. De hoogte waarop de radar is geplaatst speelt daarbij ook een rol 9. De totale (berekende) bijdrage van de SMART-L radar op de verschillende locaties blijft in de (‘dagelijkse’) roterende modus in alle gevallen onder de twee procent van de IC NIRP-norm. In de (incidentele) starende modus is die bijdrage hoger en loopt die uiteen van 8,9% (bij Nieuwpoort, Meerkerk en Polsbroek C abauw) tot 15,5% bij Herwijnen. De korte afstand van de bij Herwijnen aanwezige tijdelijke woning, lijkt hierbij een rol te spelen, al is het verschil met bijvoorbeeld Krimpenerwaard en Ottoland veel minder groot dan op grond van alleen afstand zou mogen worden verwacht. Ook bij de starende modus is de bijdrage van de SMART-L radar in de stralingsbelasting van de verschillende woningen relatief beperkt en blijft deze ver weg van de IC NIRP-norm. De percentages bij de afzonderlijke locaties zijn onderling niet onderscheidend. Zeker voor de radar in de roterende modus is er geen sprake van een relevant verschil tussen de locaties.
De tijdgemiddelde belasting in de starende modus geeft grotere onderlinge verschillen te zien, maar gelet op de lage bijdrage aan de totale stralingsbelasting van de locaties, is dit evenmin significant. Samenvattend kan worden gesteld dat er wel een zekere relatie bestaat tussen afstand van de radar naar woningen en de stralingsbelasting op die woningen, maar dat die belasting overal dermate laag is dat de bijdrage ver onder de veilig geachte IC NIRP-norm blijft. Tevens kan worden gesteld dat uit de berekeningsresultaten blijkt dat er geen locatie is aan te wijzen die significant beter scoort op een zo laag mogelijk blootstellingsniveau. 9
Uit he t TNO onderzoek ten behoeve van de Motie Belhaj is onder andere gebleken dat, vanwe ge de aard van de radarbundels, het hoger plaatsen van de radarantenne op k orte afstand soms juist tot een hogere stralingsbelasting k an leiden. Zie TNO-rapport 2021 R10627 Pagina 43 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
7.3.3.
Toegankelijkheid directe omgeving De motie Van Helvert c.s. verzoekt ook om aandacht te besteden aan de toegankelijkheid van de “directe omgeving” van het radarstation. Deze vraag ligt in het verlengde van het voorgaande onderwerp over de stralingsbelasting op de dichtstbijzijnde woning. De vraag is hier echter meer of het algemene publiek zonder gevaar voor de gezondheid op openbaar toegankelijke plekken in de directe omgeving kan komen. Te denken valt daarbij aan wegen en paden nabij het radarstation. Alles binnen 250 meter van het radarstation wordt in het navolgende als “directe omgeving” beschouwd. De in paragraaf 7.3.2. bedoelde door TNO uitgevoerde berekeningen hebben betrekking op de dichtstbijzijnde woningen en niet op de directe omgeving van het radarstation. Ongeacht de locatie van het radarstation, zal het blootstellingsniveau in de directe omgeving door de radarantenne gelijk zijn. Daarmee is dit geen criterium waarmee op voorhand een verschil tussen de potentiële alternatieve locaties kan worden gemaakt. Het beoordelen van locaties op basis van in de directe omgeving aanwezige openbare wegen en paden – met de gedachte dat hoe minder openbaar toegankelijke plekken, hoe beter het is – lijkt niet zinvol omdat openbaar toegankelijke locaties altijd IC NIRP-veilig moeten zijn. Eventueel niet veilige gebieden mogen niet voor het algemene publiek toegankelijk zijn.
Indien zo’n situatie zich zou kunnen voordoen, moet de inrichting van dat gebied daarop worden aangepast. De vraag of nabijgelegen openbare wegen en paden zoveel niet-ioniserende straling kunnen ontvangen dat daar onveilige situaties uit kunnen ontstaan, is eerder in verschillende Kamervragen aan de orde geweest. Bij de beantwoording daarvan (zie brief BS2020019925 d.d. 17 november 2020, antwoord op de vragen 30 e.v.) is onder andere gewezen op het onderstaande kaartje dat afkomstig is uit de productspecificaties van Thales (Thales 950301268_EAR_715_NLD, 2019), de producent van de SMART-L radar. Uit deze diagrammen blijkt dat er in de ‘dagelijkse’ situatie met een roterende radar geen sprake kan zijn van een onveilige situatie voor het algemeen publiek in de directe omgeving van het radarstation als gevolg van straling. In de starende modus wordt de onveilige zone rond de radarantenne wel groter en komt deze aan de voet van de radar dichter bij de grond, echter zonder deze te raken. Daarbij wordt opgemerkt dat deze diagrammen uitgaan van een radarantenne op 24 meter boven maaiveld. Wanneer de radarantenne hoger wordt geplaatst (tot 34 meter zoals in dit onderzoek is aangenomen), dan gaat de onderzijde van de onveilige zone navenant omhoog.
Ervan uitgaande dat deze informatie van Thales klopt, kan redelijkerwijs worden uitgesloten dat het algemene publiek in een onveilige situatie kan belanden. Zowel bij een antenne op 24 meter hoogte, als op grotere hoogtes.
Pagina 44 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
Het meetinstituut DEKRA heeft (bij het radarstation Wier in Friesland) metingen verricht 10 om de door Thales aangegeven zoneringen te kunnen beoordelen. Men heeft daarbij in de directe omgeving, op afstanden van 35, 150 en 200 meter het blootstellingsniveau van de radar gemeten. Daaruit bleek dat de SMART-L radar op 2 meter en op 4 meter hoogte binnen de door IC NIRP gemotiveerde limietwaarde bleef. Hieruit kan worden afgeleid dat er geen redenen zijn om aan de informatie van Thales te twijfelen en dat openbaar toegankelijke plekken in de directe omgeving van het radarstation veilig zijn voor het algemene publiek. Om echter alle situaties uit te sluiten waarin het publiek toch per ongeluk in de onveilige zone zou kunnen terechtkomen, moet er wel sprake zijn van een voldoende groot terrein waarop het radarstation is gelegen. 7.3.4.
Geluidbelasting van de omgeving In de loop van dit onderzoek werd duidelijk dat bij het radarstation Wier in Friesland sprake was van de niet verwachte situatie dat het nieuw gebouwde radarstation meer geluidbelasting op de omgeving veroorzaakte dan bij de vergunningverlening was aangenomen. Dat betekent dat ook voor dit aanvullende locatieonderzoek (van een gelijksoortige radar) geluidbelasting van de omgeving mogelijk relevant is. Indien de geluidbelasting op de gevel van kwetsbare bestemmingen niet binnen de daarvoor geldende normen blijft, is het radarstation niet vergunbaar. Bij de opzet van dit onderzoek was geluid echter geen onderwerp van aandacht omdat bij de vergunningaanvraag voor de radar op de locatie Herwijnen de geluidsituatie daar geen aanleiding voor gaf. Er zijn dan ook geen onderzoekscriteria op geformuleerd. Omdat de geluidbelasting op de omgeving op elke potentiële locatie aan de wettelijke normen zal moeten voldoen, is het de vraag of het een onderscheidend criterium kan zijn. Wanneer de geluidbelasting van het radarstation op de omgeving te hoog is, zullen er aan de bron maatregelen nodig zijn om dit op een vergunbaar niveau te krijgen. Zo nodig kan dit worden aangevuld met maatregelen op de locatie waar het geluid wordt ontvangen. Per situatie kan dit dan ook verschillen.
Omdat het geluid naar alle kanten gelijkmatig uitstraalt, is de afstand tot kwetsbare bestemmingen ook bij dit criterium een relevant gegeven. Maar omdat op dit moment niet bekend is wat de 10
Zie rapport DEKR A no. 2251914.0501-RSM d.d. 7 juni 2021 Pagina 45 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
minimale afstand tot het radarstation moet zijn om een verantwoorde situatie zonder aanvullende geluidbeschermende maatregelen te creëren, kan slechts worden aangenomen dat hoe verder weg kwetsbare bestemmingen (i.c. woningen) zijn gelegen, hoe ‘beter’ het is. De invloed op de beoordeling van de geschiktheid van een locatie is met het oog op kwetsbare bestemmingen niet in te schatten, want afhankelijk van de mogelijk te treffen maatregelen en daardoor nu niet onderscheidend. Dit betekent ook dat in een latere fase het oordeel over de geschiktheid van een locatie wellicht zal moeten worden aangepast. Gelet op de ontwikkelingen in Wier mag worden aangenomen dat er los van kwetsbare bestemmingen wel enige impact van geluid op de omgeving zal zijn, al is onduidelijk of dit heel erg relevant zal zijn. Daaruit kan worden afgeleid dat de vestiging van het radarstation in een stiltegebied waarschijnlijk niet zonder meer mogelijk is. Het afkomende geluid van het radarstation zal niet snel als passend in een stiltegebied worden aangemerkt. Dit kan worden meegenomen in de beoordeling van de potentiële locaties. 7.3.5.
Beschouwing van de geselecteerde locaties Niet alle locaties lijken bij nadere beschouwing even realistisch om te ontwikkelen als radarlocatie. Als ‘realitycheck’ volgt hieronder een korte beschouwing van de locaties uit dit aanvullende onderzoek. Voor de volledigheid volgt eerst de beschrijving van de locaties Herwijnen, Nieuwpoort, Goudriaan en Meerkerk. De locatie “Herwijnen” is eerder vele jaren als radarstation in gebruik geweest. Het betreft een apart met bomen omzoomd perceel tussen de kern Herwijnen en de A15. Het heeft thans een bedrijfsbestemming. Op zichzelf gezien is dit een kansrijke locatie. De locatie “Nieuwpoort” ligt oostelijk van Nieuwpoort en ten zuiden van het dorpje Waal nabij de Tiendweg. Er is sprake van een agrarische bestemming met de aanduiding stiltegebied. Hoewel de verkaveling kleinschalig is, lijkt er veel ruimte aanwezig om hier fysiek een goede inpassing te realiseren. Dat het ook een stiltegebied is, doet echter wel weer enige afbreuk aan die kansen. De locatie “Goudriaan” ligt midden in de polder tussen Goudriaan en Nieuwpoort. Vanwege de gewenste afstanden ver van doorgaande wegen. De bestemming is agrarisch met waarden en de aanduiding stiltegebied. Landschappelijk niet eenvoudig om in te passen. Evenmin helpt hier de status stiltegebied. De locatie “Meerkerk” ligt in het open en laag gelegen weidegebied ten westen van Meerkerk en de A27.
Bestemming is agrarisch. Ondanks de openheid lijkt het hier bouwen van een radarstation een grote ingreep mede vanwege de afgelegen ligging. De locatie “Krimpenerwaard” is gesitueerd op een kade van ongeveer 40 meter breed tussen de Ringsloot en de Reevliet tussen de kernen Koolwijk en Kadijk. De kade heeft evenals de ten zuiden daarvan gelegen polder een natuurbestemming (weidevogelgebied). Het realiseren van een radarstation op zo’n 800 meter van de doorgaande weg is hier een grote ingreep. Door de kade loopt een gasleiding. De haalbaarheid van deze locatie lijkt al met al niet groot. De locatie “Lopikerwaard-zuid” is gelegen in de polder Willige Langerak ten zuiden van de N210 tussen Schoonhoven en Lopik. De bestemming van het gebied is
Pagina 46 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
agrarisch waarbij landschappelijke openheid als kwaliteit wordt genoemd. De locatie is gelegen in een vrijwaringsgebied van een (KNMI) onderzoekstation. Onoverkomelijke bezwaren lijken hier echter niet aanwezig. De locatie “Polsbroek C abauw” is halverwege deze kernen in de polder Polsbroek geprojecteerd nabij de centrale onverharde kade. Er geldt een agrarische bestemming met landschappelijke openheid als waarde. Ook hier ligt de vrijwaringszone van het KNMI onderzoeksstation. Een radarstation is hier een grote inbreuk in het open landschap en zal daarom mogelijk bezwaren oproepen. De locatie “Polsbroek Vlist” is een laaggelegen veenweidegebied en ligt in de polder Vlist-Oostzijde nabij de provinciegrens tussen Zuid-Holland en Utrecht. De bestemming is agrarisch waarbij landschappelijke en archeologische waarden worden onderkend. Het is tevens een weidevogelgebied. De locatie ligt ongeveer even ver van Vlist als van Polsbroek vandaan. Ook hier geldt dat een radarstation een grote inbreuk is in het landschap en bezwaren niet ondenkbaar zijn. De locatie “Hoenkoop” ligt in de gelijknamige polder in de gemeente Oudewater nabij de Benschopper Molenvliet. De bestemming is agrarisch met landschappelijke waarden. Daar gaat een zekere terughoudendheid ten aanzien van bouwontwikkelingen vanuit.
De locatie “Snelrewaard” ligt vrijwel op de grens van de gemeenten Oudewater en Montfoort in het midden van de polder Snelrewaard en Zuid-Linschoten. Aan beide zijden van de grens is de bestemming agrarisch met waarden, waarbij de openheid van het landschap centraal staat. Het is een kleinschalig verkaveld gebied. Op het eerste oog geen erg kansrijke locatie. De locatie “Montfoort” ligt in het open gebied tussen Montfoort en IJsselstein. De aangewezen plek ligt op een oude stroomrug waardoor het waarschijnlijk iets minder nat is dan op de andere locaties in dit gebied. De bestemming is volledig agrarisch (fruitteelt). Er is sprake van een stiltegebied en er ligt een vrij te houden (optisch) straalpad op 54 meter boven het maaiveld. De locatie “Ottoland” ligt ten oosten van de Peursumsche Vliet waar deze de N214 kruist (polder De Hei). Het betreft een weidegebied met een enkelvoudige agrarische bestemming. Vlak langs de N214 is dit een uitgesproken ‘zichtlocatie’. Op zichzelf lijkt dit geen kansloze locatie. Oostelijker langs de N214 ligt tussen Noordeloos en de A27 de locatie “Noordeloos” (polder Botersloot). Ook hier is sprake van een enkelvoudige agrarische bestemming. Ook deze locatie ligt sterk in het zicht (ook vanaf de A27). Er lijken geen onoverkomelijke hindernissen aanwezig.
De locatie “Schoonrewoerd” is gelegen in de polder Hoogeind nabij de Middelwetering langs het fietspad tussen Middelkoop en de Huibertweg. De bestemming is agrarisch met waarden. Het is een stiltegebied en een weidevogelgebied. De locatie ligt ook relatief dichtbij het geplande windpark “C ulemborg”. Het lijkt geen erg kansrijke locatie voor een radarstation. Het bij Houten gelegen “Schalkwijk” is gelegen in de polder Blokhoven. De aangegeven locatie ligt op korte afstand van de spoorlijn Utrecht – ’sHertogenbosch. Er geldt een eenvoudige agrarische bestemming, maar de polder maakt wel deel uit van het open te houden gebied van de Nieuwe Hollandse
Pagina 47 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
Waterlinie (UNESC O werelderfgoedstatus). In de directe omgeving is voorts een bestemming voor paragliden opgenomen. Een gebouw van ca. 35 meter hoog zal hier daarom mogelijk op verzet stuiten. Met de UNESC O-status erbij lijken er genoeg redenen aanwezig om deze locatie als niet erg kansrijk in te schatten. De locatie “Tricht” ligt op een akkercomplex ten noorden van Tricht en Geldermalsen, oostelijk van de spoorlijn Utrecht – ’s-Hertogenbosch nabij de Ganzepanweg. Er geldt een agrarische bestemming met enkele grote agrarische bedrijven in de directe omgeving. Als er een landschappelijk goede inpassing kan worden bereikt, is Tricht op zichzelf geen ondenkbare locatie. De locatie “Nederhemert” ligt buitendijks 11 in de uiterwaarden van de Afgedamde Maas. Dit gebied heeft tevens een EHS natuurstatus. De hoofdbestemming is agrarisch met waarden. Deze combinatie van omstandigheden maakt een snelle realisatie van een radarstation niet eenvoudiger. Wanneer vooralsnog wordt afgezien van de onderwerpen ‘politiek draagvlak’ en ‘verwervingsmogelijkheden’, kan de volgende inschatting worden gemaakt van het realiteitsgehalte van de verschillende locaties. De positief ingeschatte locaties zijn die waar – op het oog – de minste ruimtelijk relevante belemmeringen aanwezig lijken en/of waar de ruimte aanwezig lijkt om een goede landschappelijke inpassing te realiseren. Locatie
Gemeente
Inpasbaarheid
Herwijnen Nieuwpoort Goudriaan Meerkerk Krimpenerwaard Lopikerwaard-zuid Polsbroek C abauw Polsbroek Vlist Hoenkoop Snelrewaard Montfoort Ottoland Noordeloos Schoonrewoerd Schalkwijk Tricht Nederhemert
West Betuwe Molenlanden Molenlanden Vijfheerenlanden Krimpenerwaard Lopik Lopik Krimpenerwaard Oudewater Oudewater/Montfoort Montfoort Molenlanden Molenlanden Vijfheerenlanden Houten West Betuwe Zaltbommel
+ ++++ +++++ + +-
De locaties “Noordeloos” en “Ottoland” liggen in de gemeente Molenlanden. Evenals de alternatieve locaties “Nieuwpoort” en “Goudriaan”. De gemeente heeft in 2020 11
In stap 2 van het onderzoek is aangegeven dat buitendijk se gebieden in beginsel we rden uitge sloten. Door de definiëring van de rivie ren in het k aartmateriaal is dit gebied e r e chter ‘doorheen geglipt’. Bij de handmatige selectie van de precieze locatie is vervolgens vooral ge k eken naar e en optimale afstand tot woningen waardoor deze locatie zo is vastgesteld (zie figuur 29). Om alsnog binnendijk s tere cht te komen zou het middelpunt van de locatie ca. 170 m e te r naar het zuiden moeten worden ve rlegd. De afstanden naar woningen en de bebouwde k om zouden dan navenant veranderen (woningen naar het zuiden dichterbij, bebouwde kom ve rde r we g). Pagina 48 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
duidelijk stelling genomen tegen de eventuele komst van de radar wanneer deze niet in Herwijnen zou kunnen komen. Op grond hiervan mag worden aangenomen dat een eventuele realisatie van een radar in de gemeente Molenlanden niet zonder coördinatieregeling tot stand kan komen. De locatie “Schoonrewoerd” ligt evenals “Meerkerk” in de gemeente Vijfheerenlanden welke zich in 2020 ook heeft uitgesproken tegen de eventuele komst van de radar. De locatie “Tricht” is gelegen in de gemeente West Betuwe, waar ook “Herwijnen” is gelegen. Het lijkt daarom waarschijnlijk dat ook de locatie “Tricht” niet zonder aanvullende procedures tot stand zou kunnen komen. 7.3.6.
Ontsluiting van de locaties Sommige locaties zijn door hun ligging eenvoudiger te ontsluiten dan andere. Enkele liggen direct aan de openbare weg of kunnen eenvoudig daar vandaan worden ontsloten. De meeste locaties liggen evenwel ver van elke bestaande ontsluiting vandaan. Dat is een direct gevolg van de keuze om zo groot mogelijke afstanden van bebouwing aan te houden. Uit de luchtfoto’s met de geprojecteerde afstanden tot bebouwing kan worden geconcludeerd dat veel locaties centraal in open weidegebieden zijn geprojecteerd. Dat is daarmee ook vaak in het laagste en natste deel van een polder of waard. Daar waar de afstanden tot de bebouwing groot zijn, zijn ook overal nieuwe wegen aan te leggen. Tevens ook energie- en databekabelingen. Dat maakt deze locaties mede relatief duur. In veel gevallen betekent een afgelegen locatie ook dat er met veel eigenaren zal moeten worden gesproken om een project te kunnen realiseren. De locatie Herwijnen betreft een ‘bouwrijp’ en reeds optimaal ontsloten perceel. Hier zullen geen grote extra (financiële) inspanningen nodig zijn. De locatie “Nieuwpoort” kan op verschillende wegen worden aangesloten. Ontsluiting zal hier in beginsel geen groot probleem hoeven te zijn, al blijft het afhankelijk van de definitieve locatiekeuze. “Goudriaan” en “Meerkerk” liggen minimaal 600 meter van openbare wegen vandaan.
Dit vergt een flinke ingreep die ten koste gaat van agrarische grond. De locatie “Krimpenerwaard” ligt bijna 900 meter van de provinciale weg vandaan (vanwege de aanwezigheid van woningen) waardoor de kade tussen de beide polders deels permanent zal moeten worden verhard om de locatie te kunnen bereiken. Gelet op de natuurbestemming is dat niet eenvoudig, maar ook vanwege de te verwachten draagkracht van de venige ondergrond, lijkt het geen aantrekkelijke projectlocatie. De locaties rond Polsbroek, Hoenkoop en Snelrewaard laten een vergelijkbaar beeld zien. Omwille van de gewenste afstand tot woningen, zijn de locaties in het midden van de polders gelegen. In alle gevallen is sprake van veengebieden waarbij op sommige locaties nog een (dunne) kleilaag aanwezig is. Deze gronden zijn voor de aanleg van een groot gebouw niet aantrekkelijk, maar ook voor de aanleg van wegen een uitdaging. Daar komt bij dat bij sommige locaties de verkaveling ertoe leidt dat er met meerdere eigenaren tot afstemming moet worden gekomen. Bij Schoonrewoerd, Schalkwijk en Nederhemert is weliswaar sprake van een (deels) andere ondergrond, maar moeten ook grote afstanden worden overbrugd bij gebrek aan bestaande wegen en zal ook met meerdere eigenaren moeten worden afgestemd. Wat betreft ontsluiting zijn ze daarom alle niet gunstiger dan de Krimpenerwaard.
Pagina 49 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
De locatie “Montfoort” zal ook een nieuwe en lange ontsluitingsweg vergen, maar de ondergrond lijkt wat beter te zijn en waarschijnlijk is er geen sprake van meerdere eigenaren zodat deze locatie in dit opzicht minder ongunstig oogt. De locaties nabij Lopik, Ottoland, Noordeloos en Tricht zijn wel direct nabij (doorgaande) wegen gesitueerd en scoren daarmee een stuk beter dan de andere locaties. Er zullen geen lange nieuwe ontsluitingswegen nodig zijn, al liggen Ottoland en Noordeloos nog altijd in venig polderland wat eisen aan de fundering zal stellen. Ook bij Lopik stelt de ondergrond zeker nadere eisen. Bij Tricht lijkt de ondergrond veel minder problematisch te zijn. De conclusies kunnen worden samengevat in de volgende tabel: Locatie
Gemeente
Ontsluiting
Herwijnen Nieuwpoort Goudriaan Meerkerk Krimpenerwaard Lopikerwaard-zuid Polsbroek C abauw Polsbroek Vlist Hoenkoop Snelrewaard Montfoort Ottoland Noordeloos Schoonrewoerd Schalkwijk Tricht Nederhemert
West Betuwe Molenlanden Molenlanden Vijfheerenlanden Krimpenerwaard Lopik Lopik Krimpenerwaard Oudewater Oudewater/Montfoort Montfoort Molenlanden Molenlanden Vijfheerenlanden Houten West Betuwe Zaltbommel
++ +---+----+++--+ --
7.3.7.
Eigendomssituatie Met uitzondering van de locatie Herwijnen kan worden vastgesteld dat geen van de geselecteerde locaties, dan wel de directe omgeving daarvan, in eigendom is van het ministerie van Defensie of een andere rijksdienst. Evenmin lijken andere overheden er een grondpositie te hebben. Dat betekent dat bij een eventuele realisatie, naast de planologische inpassing, ook altijd met particuliere eigenaren tot een vergelijk moet worden gekomen. Omdat het zonder uitzondering om agrarische percelen gaat, zullen bedrijfsmatige afwegingen daarbij een grote rol spelen.
7.3.8.
Realisatietijd Omdat buiten Herwijnen bij geen enkele locatie sprake is van eigendom, een passende bestemming of bouwruimte 12, zal rekening gehouden moeten worden met extra procestijd voordat de situatie wordt bereikt die thans bij Herwijnen bestaat.
12
O ok bij Herwijne n is de bestemming nog niet onherroepelijk , maar is het Rijk s Inpassingsplan (bestemmingsplan) we l nagenoeg gereed e n daarom is die locatie procedureel al ve e l verder. Pagina 50 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
In het locatieonderzoek uit 2020 is aangenomen dat daarvoor minimaal 18 á 24 maanden moet worden uitgetrokken. Er lijkt geen reden aanwezig om aan te nemen dat dit bij de aanvullende locaties uit het voorliggend onderzoek wezenlijk anders zal liggen. Een meer precieze tijdsaanduiding valt niet te geven omdat daarvoor eerst ter plaatse specifiek zal moeten worden onderzocht of er bereidheid bestaat bij de huidige grondeigenaar (of –eigenaren) tot verkoop van de grond en of er draagvlak is binnen de gemeente om medewerking te verlenen aan de noodzakelijke procedures. In alle gevallen zal onderzocht moeten worden of een nieuwe radarlocatie op de gebruikelijke manier kan worden gerealiseerd. Dat wil zeggen met behulp van een gemeentelijke procedure teneinde het bestemmingsplan aan te passen. Pas wanneer blijkt dat daar geen draagvlak voor bestaat, zal een beroep kunnen worden gedaan op een procedure waarbij het rijk zelf het initiatief neemt, bijvoorbeeld met behulp van de rijkscoördinatieregeling. Niet kan worden uitgesloten dat er een gemeente is die zal willen meewerken aan een dergelijk project. De reacties op het locatieonderzoek uit 2020 geven echter niet de verwachting dat dit snel het geval zal zijn. Uitsluitend nader onderzoek en overleg kan hier meer zicht op geven.
7.4.
Een shortlist van alternatieve locaties In de voorgaande alinea’s zijn de geselecteerde locaties op verschillende criteria beschouwd. Sommige locaties zijn daarbij afgevallen omdat ze niet aan vooraf gestelde (operationele) eisen kunnen voldoen. Er zijn echter meerdere locaties die op het ene aspect positief en een ander aspect min of meer negatief scoren. Omdat het daarbij vaak om waarderingen of inschattingen gaat en niet om ‘harde’ conclusies, kunnen deze beoordelingen ook niet als absolute waarheden worden gezien. Wel geven ze bij elkaar genomen een beeld van de mate waarin de locaties meer of minder kansrijk zijn. Het maken van keuzes met welke locatie(s) verder moet worden gegaan, is meer een kwestie van afwegen, dan van het aflezen van een score. De beoordelingen gaan over operationele aspecten, inpassing in de omgeving en over realisatiemogelijkheden. Om te komen tot een lijst met een overzichtelijk aantal als realistisch te beoordelen locaties, is het maken van een tussenstap behulpzaam. Daartoe moet een samenvattend oordeel over de operationele geschiktheid enerzijds en een waardering van de niet-operationele aspecten anderzijds worden gemaakt. Omdat hierbij verschillende grootheden worden vergeleken, is het resultaat per definitie enigszins arbitrair. De operationele waardering van de geselecteerde locaties staat voorop. De tabel in paragraaf 7.2.
vat samen hoe de locaties scoren op het aantal vierkante kilometers dat wordt gezien van de Randstad en van de rest van Nederland. Ook staat in die tabel een waardering van de locaties ten aanzien van de mate van verstoring (van de radarbeelden) die daar is te verwachten. De mate van verstoring telt in de totale waardering iets zwaarder dan het aantal (in theorie) zichtbare vierkante kilometers. Deze waardering is ‘vertaald’ naar de tabel hieronder.
Pagina 51 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
De niet-operationele aspecten kunnen worden samengevat als de mate waarin het radarstation valt in te passen in zijn omgeving. Daarbij spelen zowel de impact van de radar op zijn omgeving door middel van geluid en straling een rol, als ook de landschappelijke waardering van een dergelijk bouwwerk en de aanleg van de ontsluiting. Een derde waardering is mogelijk aan de hand van de vraag of het radarstation op een redelijke termijn is te realiseren. Elementen van de niet-operationele waarderingen werken daar in door. De onderstaande tabel geeft de bovenbeschreven waarderingen weer. De drie kolommen staan op zichzelf; de kolom “realisatiewaardering” is geen optelsom van de twee andere. Locatie
Gemeente
Herwijnen Nieuwpoort Goudriaan Meerkerk Krimpenerwaard Lopikerwaardzuid Polsbroek C abauw Polsbroek Vlist Hoenkoop Snelrewaard Montfoort Ottoland Noordeloos Schoonrewoerd Schalkwijk Tricht Nederhemert
Operationele waardering
Omgevingswaardering
Realisatiewaardering
West Betuwe Molenlanden Molenlanden Vijfheerenlanden Krimpenerwaard Lopik
++ +++++
+ ++
++ ++
Lopik
++
-
-
Krimpenerwaard Oudewater Oudewater/ Montfoort Montfoort Molenlanden Molenlanden Vijfheerenlanden Houten West Betuwe Zaltbommel
+ ++ +-
-
-
++++-
++ + +-
++-
De bovenstaande waardering kan wijzigen wanneer bijvoorbeeld zou blijken dat een negatieve impact op de operationele geschiktheid is te verwachten van toekomstige windparken in de omgeving (denk aan bijvoorbeeld de ontwikkeling van windpark “C ulemborg”). Omgekeerd kan een locatie een meer positieve beoordeling krijgen wanneer een gemeente aangeeft dat er lokaal voldoende draagvlak is voor een radarstation. De positieve waardering van de locatie Herwijnen is tegelijkertijd onder de voorwaarde dat een redelijke oplossing voor de geluidbelasting op de directe omgeving kan worden gevonden (indachtig de recente ervaringen in Wier). Samenvattend komen aan de hand van de bovenstaande tabel de locaties Herwijnen en Lopikerwaard-zuid 13 als meest realistisch naar voren. De locaties Nieuwpoort en 13
De ze locatie ligt buiten het oorspronkelijke zoekgebied. Dat betekent dat de radarantenne hie r in be ginsel op een hoger niveau dan 24 meter boven het maaiveld moet worden geplaatst om e en vergelijkbare pre statie als bij He rwijne n te kunnen garanderen. Pagina 52 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
Noordeloos volgen daarna. Ottoland scoort operationeel minder en hoort daarom niet bij de ‘beste’ locaties. Definitief afschrijven van andere locaties is in deze fase niet verstandig, maar voor het vaststellen van voorkeursopties biedt deze benadering houvast. De genoemde locaties zijn voor een radarstation operationeel robuust en lijken geen op voorhand onoverkomelijke bezwaren op te roepen ten aanzien van de mogelijkheid om goed te worden ingepast in hun omgeving. Over lokaal draagvlak zeggen deze conclusies echter niets. Een nader onderzoek naar concrete realisatiemogelijkheden kan met deze shortlist desgewenst gericht worden opgezet.
Pagina 53 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
8.
Samenvatting en conclusies (stap 6)
Begin 2020 heeft het Rijksvastgoedbedrijf op verzoek van het ministerie van Defensie een onderzoek gedaan naar mogelijke locaties voor een gevechtsleidingsradar als alternatief voor de locatie Herwijnen. De uitkomst van dat onderzoek was dat er enkele alternatieve locaties denkbaar zijn, maar dat de realisatie daarvan veel langer op zich zou laten wachten dan wanneer men door zou gaan bij Herwijnen. In november 2020 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen waarin de staatssecretaris van Defensie wordt verzocht meer alternatieve locaties te zoeken. Daarbij zijn twee te onderzoeken locaties genoemd, is aangegeven dat gekeken moet worden naar een andere hoogte waarop de radarantenne geplaatst kan worden en zijn enkele te beoordelen aspecten aangegeven. Doel van het aanvullende onderzoek Het aanvullende locatieonderzoek geeft invulling aan de betreffende motie door in een groter zoekgebied (als gevolg van een eventueel hogere plaatsing van de radarantenne) te onderzoeken of er meer locaties zijn die een alternatief kunnen bieden voor de locatie Herwijnen. Uitgangspunt daarbij is dat een radar op een alternatieve locatie minimaal dezelfde prestaties kan leveren dan op de locatie Herwijnen. Opzet van het onderzoek Het aanvullende locatieonderzoek heeft in beginsel dezelfde opzet als het in 2020 opgeleverde locatieonderzoek.
Met behulp van een rekenmodel van TNO is een zoekgebied vastgesteld dat vervolgens is ingeperkt door daarbinnen gebieden uit te sluiten waar te grote belemmeringen bestaan voor het goed functioneren van een radar. Aanvullend zijn gebieden uitgesloten die minder dan 400 meter van woningen vandaan liggen. Binnen de overgebleven gebieden zijn locaties geselecteerd die vervolgens vanuit verschillende invalshoeken zijn beoordeeld op operationele en niet-operationele criteria. De geselecteerde locaties zijn daarna, samen met de alternatieve locaties uit het onderzoek van 2020 en de locatie Herwijnen, met elkaar vergeleken. Bevindingen In het aanvullende locatieonderzoek zijn op basis van een groter zoekgebied (dat is ontstaan door een hogere plaatsing van de radarantenne) 14 nieuwe potentiële alternatieve locaties geselecteerd. 11 daarvan zijn door de Koninklijke Luchtmacht als operationeel acceptabel geoordeeld. In totaal zijn, inclusief de drie locaties uit het locatieonderzoek van 2020, 16 alternatieve locaties voor Herwijnen in beeld gebracht 14. De toenemende hoogbouw in de agglomeraties Utrecht en Rotterdam geeft, gelet op de resultaten van de verstoringsberekeningen door TNO, aanleiding om vraagtekens 14
De locaties Drunen Nie uwk uijk, Tricht e n Schalkwijk zijn operationeel niet acceptabel ge oordeeld. Tricht en Schalkwijk zijn, in tegenstelling tot Drunen Nie uwk uijk, in het rapport ve rde r we l be schouwd. De re den daarvoor is dat de Koninklijke Luchtmacht deze locaties pas in de loop van het onderzoek definitief onvoldoende beoordeelde. De locaties Vrachelse Heide en vlie gbasis Gilze-Rije n zijn, conform de Motie Van Helvert, we l beschreven e n beoordeeld, maar nie t in de uiteindelijk e beoordelingsoverzichten opgenomen omdat ze buiten het aanvullende zoe kgebied vallen en ook niet voldoende scoorden in de bere keningen van te verwachten ve rstoringen e n te ve rwachten dekkingsgebied. Pagina 54 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
te plaatsen bij de blijvende operationele geschiktheid van de meer westelijk en oostelijk gelegen locaties. De minst verstoorde locaties bevinden zich in een ‘band’ lopende van de omgeving Lopik via de oostelijke Alblasserwaard naar de westelijke Betuwe en mogelijk nog iets zuidelijker. Omdat ook de ontwikkelingen rond windparken zeer dynamisch zijn en gelet op het grote belang dat aan de energietransitie moet worden gehecht, mag de besluitvorming over de locatie van de zuidelijke gevechtsleidingsradar niet te lang uitblijven. Een andere locatie dan Herwijnen kan negatieve consequenties hebben voor verschillende nieuwe windparkprojecten (die zelf ook zelden geheel onomstreden zijn), zie het voorbeeld van windpark C ulemborg. Met de locatie Herwijnen moet al sinds 2016 rekening worden gehouden. Het is de vraag of de energiesector een nieuwe locatie waar beperkingen vanuit gaan, zonder meer zal accepteren. Vanuit het operationele perspectief om meer vierkante kilometers te kunnen ‘zien’ en ook minder last te hebben van bestaande verstoringen, is het interessant om de radarantenne hoger te plaatsen dan 24 meter boven maaiveld. De locatie Herwijnen scoort op de operationele criteria iets bovengemiddeld. Er is in ieder geval geen alternatieve locatie die significant beter scoort.
Vanuit operationele invalshoek is er dan ook geen dringende reden om naar een andere locatie om te zien. Bij alle geselecteerde locaties is de dichtstbijzijnde woning verder weg gelegen dan bij de locatie Herwijnen 15. Uit berekeningen van TNO is gebleken dat de (bijdrage aan de) stralingsbelasting op elke dichtstbijzijnde woning echter ver weg blijft van de IC NIRP-limietwaarde. Ook is niet gebleken dat er relevante verschillen in (bijdrage aan de) belasting tussen de alternatieve locaties bestaan. Het aspect straling is daarmee niet onderscheidend. Als gevolg van de ontwikkelingen rond het radarstation Wier, blijkt het onderwerp geluidbelasting wel relevant te zijn. Dit kan de beoordeling van Herwijnen alsnog doen veranderen wanneer hiervoor geen goede oplossing mogelijk blijkt. Wanneer de verschillende alternatieve locaties vanuit meer planologische optiek worden beschouwd, dan lijken niet alle locaties even eenvoudig te realiseren indien ervoor zou worden gekozen. Voorts zijn alle alternatieve locaties in particulier eigendom, kennen ze geen passende bestemmingen en geen actuele bouwruimte. De tijd die gemoeid zal zijn met het realiseren van een alternatieve locatie zal naar verwachting daarom flink meer zijn dan wanneer zou worden gekozen om door te gaan met de locatie Herwijnen.
Als indicatie kunnen de extra 18 á 24 maanden (ten opzichte van Herwijnen) die ook in het locatieonderzoek uit 2020 naar voren kwamen, worden aangehouden. Omdat lokaal draagvlak daarvoor echter bepalend is, kan hier pas meer over worden gezegd wanneer dit verder wordt onderzocht. Samengevat kan worden gesteld dat er meerdere alternatieve locaties denkbaar zijn waar de SMART-L radar vergelijkbare prestaties zou moeten kunnen leveren als in 15
W anneer de betre ffende boerderij nabij de locatie Herwijne n (met twe e woningen) buiten be schouwing zou worden gelaten, dan wijk t het beeld van het aantal woningen in de omgeving van he t radarstation niet veel af van de alternatieve locaties. Alle woningen liggen dan op afstanden groter dan 600 m eter. Pagina 55 van 56
Definitief | Aanvullend locatieonderzoek zuidelijke SMART-L radar | 19 november 2021
Herwijnen. Er zijn echter geen locaties waar een radar significant beter zal presteren dan Herwijnen. Wat betreft het onderwerp straling zijn er geen locaties die significant beter scoren op een zo laag mogelijke stralingsbelasting op de omgeving. Tegelijkertijd blijft de bijdrage aan de stralingsbelasting op de omgeving in alle gevallen ver weg van de IC NIRP-limietwaarde. Verder zijn verschillende alternatieve locaties vanuit planologisch perspectief naar verwachting niet eenvoudig om te realiseren. De waarschijnlijk benodigde tijd om de alternatieve locaties te realiseren zal flink meer zijn dan bij de locatie Herwijnen. Lokaal draagvlak zal hierbij bepalend zijn. Op basis van een totaal-waardering van de bevindingen uit dit onderzoek komt naar voren dat de locatie Herwijnen in beginsel de voorkeur blijft houden om te dienen als vestigingsplaats voor de zuidelijke SMART-L radar. De locatie Lopikerwaard-zuid biedt een interessant perspectief om als eerste alternatieve locatie desgewenst nader te worden onderzocht.
Pagina 56 van 56