Bijlage 2. Nota van Antwoord zienswijzen dijkversterking GoWa__100342__.pdf
Tekst van het document
66/319
Wijzigingen t.o.v. Nr. sub Dijk- Inhoud zienswijze Antwoord ontwerpbesluiten nr vak 31 3 13d Indiener begrijpt niet waarom Berekeningen hebben aangetoond dat een kleine greppel Geen de nieuwe watergang niet op van ca 30 cm diepte geen nadelig effect heeft op de de plaats van de geplande stabiliteit van de binnenberm. De berekeningen zijn op greppel kan worden verzoek van indiener beschikbaar. In tegenstelling tot wat aangelegd. De nieuwe wordt gesteld ligt de bodem van de geplande greppel watergang moet tientallen significant hoger (ca NAP+1,35m i.p.v. NAP +0.2m) dan de meters vanuit de teen van de bodem van de watergang. dijk worden aangelegd vanwege de stabiliteit van de dijk, maar de geplande greppel, direct bij de teen van de dijk, is slechts 20 cm minder diep. De vraag is of de watergang de stabiliteit van de dijk nog steeds in gevaar brengt indien de aanlegdiepte twintig centimeter wordt verhoogd, waardoor de bodem op dezelfde hoogte komt als de geplande greppel. 31 4 13d Indiener meent dat de Het gekozen tracé voor een nieuwe watergang is zorgvuldig Geen geplande watergang het door de Graaf Reinaldalliantie bepaald, waarbij vanaf de natuurschoon en de sloot van perceel Lingsesdijk 208 tot aan de watergang ten aanwezige fauna van het noorden van het landgoedperceel een watergang wordt landgoedperceel verstoort. gegraven.
Deze nieuwe watergang volgt het tracé van de Inclusief het onderhoudspad bestaande greppel. Op een hoogtekaart is duidelijk het tracé en de vrijwaringszone beslaat van de bestaande greppel te zien. Ook op historische hij ongeveer 2250 m2. Deze kaarten is te zien dat er in het verleden al een watergang oppervlakte is niet meer aanwezig is. Ten hoogte van de ingang wordt een korte beschikbaar voor duiker geplaatst om toegang naar het perceel mogelijk te natuurontwikkeling, omdat maken. De watergang krijgt een B-status conform het beleid de vegetatie regelmatig moet van het waterschap. worden verwijderd en de De afstand van insteek tot insteek van de ontgraving varieert oevers steil zijn. De natuur- tussen de circa 2,7 en 4 m. De bodembreedte van de en landschapswaarden zijn watergang is 0,5m. Wat betreft de landschappelijke beleving onvoldoende meegewogen. van het landgoed past de ligging van de watergang goed in het bestaande en historische landschapsbeeld. De ruimte die nodig is voor het onderhoud van de watergang kan de indiener naar eigen inzicht inrichten. 31 5 13d Het Waterschap heeft Het Waterschap maakt een projectplan in het kader van de Geen aangegeven dat de nieuwe Waterwet voor de dijkversterking. Dit omvat ook het watergang moet worden dempen van wateren en het compenseren hiervan.
Voor de aangelegd omdat de compensatiewatergangen wordt geen aparte doorstroomcapaciteit van de watervergunning aangevraagd, omdat dit onderdeel is van te dempen watergang moet het projectplan. Het projectplan dient aldus als worden gecompenseerd watervergunning voor het aanleggen van de volgens de beleidsregels bij compensatiewateren. Waterschap Rivierenland houdt zich de Keur. Deze gelden voor de hierbij wel aan de eigen regels voor watercompensatie. beoordeling van een aanvraag watervergunning. Volgens art. 3.11 van de Keur is voor het dempen geen watervergunning vereist als dit in opdracht van het Waterschap gebeurt. Het staat het Waterschap vrij om de doorstroomcapaciteit niet
Nota van Antwoord Dijkversterking Gorinchem-Waardenburg, Bijlage 1 Beantwoording zienswijzen 12 oktober 2020 - GO-WA-MAX-24782
67/319
Nr. sub Dijk- Inhoud zienswijze Antwoord nr vak te compenseren. Dit is overigens ook niet gebeurd bij de vorige dijkverzwaring. Daarom is er geen grond voor het opleggen van een gedoogplicht voor de aanleg en instandhouding van de nieuwe watergang.
31 6
31 7
31 8
Wijzigingen t.o.v. ontwerpbesluiten
13d Indiener geeft aan dat het op Dit is correct. Het is niet noodzakelijk om de Geen zich juist is dat de bergingscompensatie op hetzelfde perceel te laten bergingscapaciteit van de te plaatsvinden, wel moet de bergingscompensatie in hetzelfde dempen watergang moet peilgebied plaatsvinden. Het voorgestelde ontwerp is worden gecompenseerd, primair opgesteld om de waterafvoer te garanderen. Dat maar het is niet noodzakelijk door deze oplossing tevens aan de dat dit op het bergingscompensatieplicht wordt voldaan is gunstig, maar landgoedperceel gebeurt. Dit dit is geen leidend argument geweest in de keuze voor deze kan worden gedaan op elke oplossing. willekeurige plaats die hiervoor geschikt is. Daarom is de vereiste compensatie geen grond voor het opleggen van een gedoogplicht. 13d Indiener geeft aan dat de Op dit moment is er een watergang vanaf de percelen naar Geen nieuwe watergang niet nodig het westen langs, parallel aan de dijk. Door de is voor de afwatering van het dijkversterking is het nodig om deze watergang te dempen, zuidelijke deel van het zodat de dijk voldoet aan de eisen voor binnenwaartse landgoedperceel. De toename stabiliteit.
Daarnaast is het waterschap verplicht om de van kwelwater is een kans huidige waterafvoer voor alle aanliggende percelen te voor de ontwikkeling van garanderen en daarom is een nieuwe B-watergang nodig, die natuur richting een vochtig in contact staat met het bestaande watersysteem van dit schraalgrasland (N10). Het gebied. Ondanks dat de afwatering niet nodig is voor het noordelijke deel van het zuidelijke deel van het landgoedperceel is dit wel nodig voor perceel mag niet veel natter de tuinen die grenzen aan de huidige watergang. De worden vanwege de bestaande greppel op het landgoedperceel voldoet niet aan bomengroep. Beoordeeld de eisen die het waterschap aan een B-watergang stelt. moet worden of de Daarom is in het ontwerp een watergang met een groter bestaande greppel voldoende profiel opgenomen. Het alternatieve voorstel voor de afvoercapaciteit heeft. watergang (zie 33.15), dat in het projectplan wordt opgenomen, komt tegemoet aan de wens voor extra vernatting in het zuidelijk deel van het landgoedperceel. 13d Indiener vindt dat niet Als uitgangspunt voor het project dient dezelfde Geen duidelijk is welke afvoercapaciteit als in de huidige situatie te behouden. Het afvoercapaciteit is vereist waterschap heeft in de beleidsregels minimale afmetingen voor de terreinafwatering van voor watergangen vastgelegd en normen waar de Lingsesdijk 208 en 210.
Zolang watergangen aan getoetst moeten worden. De deze gegevens niet bekend ontwerpafvoer voor landelijk gebied 1,5 l/s/ha, wat voor het zijn, staat niet vast dat de afwateringsgebied van de desbetreffende watergang leidt afwatering van deze percelen tot een afvoer van 3,6 l/s. Hier is het kweldebiet bij opgeteld op de nieuwe watergang wat leidt tot een ontwerpafvoer van 6,7 l/s. Dit is nader noodzakelijk is. onderbouwd in het document 'Ontwerp watersysteem dv13d Lingsesdijk' (GO-WA-NTT-23874).
Nota van Antwoord Dijkversterking Gorinchem-Waardenburg, Bijlage 1 Beantwoording zienswijzen 12 oktober 2020 - GO-WA-MAX-24782
68/319