Bijlage 7 Gewijzigde planregels herstelbesluit Valkenhorst
Tekst van het document
70
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 22 Waterstaat - Waterkering 22.1
Functies en activiteiten
22.1.1
Toegelaten functies
De voor 'Waterstaat - Waterkering' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere voor deze regels toegelaten functies en activiteiten, mede aangewezen voor de aanleg, het behoud, het herstel en het beheer van waterstaatkundige werken, met dien verstande dat: a. als het belang van de bescherming van de waterstaatkundige werken zoals bedoeld in dit artikel strijdig is met het bepaalde in de overige regels in hoofdstuk 2 van dit bestemmingsplan, de regels uit dit artikel voor gaan op de regels die op grond van andere artikelen in hoofdstuk 2 van toepassing zijn; b. in uitzondering op het bepaalde onder a geldt dat voor zover deze dubbelbestemming samenvalt met de dubbelbestemmingen 'Leiding - Gas', 'Leiding - Water 2' en 'Leiding - Water 3' de dubbelbestemmingen ten opzichte van elkaar nevengeschikt zijn. Bij ruimtelijke ingrepen moet afhankelijk van de aard en effecten van de ingreep een belangafweging worden gemaakt. 22.1.2
Toegelaten activiteiten
Op gronden met de functie 'Waterstaat - Waterkering' zijn de volgende activiteiten toegestaan: a. het aanleggen; b. het bouwen; c. het gebruiken; d. beheer en onderhoud.
22.2
Regels voor activiteiten
22.2.1
Direct toegestane activiteiten
Op gronden met de functie 'Waterstaat - Waterkering' is zonder melding of vergunning het volgende gebruik toegestaan: a. het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mits voldaan wordt aan de volgende eisen: 1. de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn noodzakelijk voor het onderhoud, beheer en bescherming van de toegelaten functies en activiteiten; 2. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt niet meer dan 2 meter. b. activiteiten behorende bij het normale onderhoud, gebruik en beheer; c. activiteiten die op het moment van inwerkingtreding van het plan in uitvoering waren of konden worden uitgevoerd krachtens een vóór dat tijdstip geldende of aangevraagde vergunning. 22.2.2
Bouwactiviteiten
Ten aanzien van het bouwen op gronden met de functie 'Waterstaat - Waterkering' gelden de volgende regels: a. het bouwen van andere gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dan bedoeld in artikel 22.2.1 onder a is uitsluitend toegestaan met een omgevingsvergunning; b. de onder a bedoelde vergunning kan worden verleend indien en voor zover: 1. het bouwen aantoonbaar past in de in hoofdstuk 2 opgenomen regels; 2. door het college van burgemeester en wethouders advies is gevraagd aan de beheerder van de waterkering omtrent de vragen of door de voorgenomen bouwwerken de belangen in verband met de waterkering niet onevenredig worden geschaad en welke belangen moeten worden gesteld ter voorkoming van schade. 22.2.3
Aanlegactiviteiten
Ten aanzien van het aanleggen op gronden met de functie 'Waterstaat - Waterkering' gelden de volgende regels: a. het uitvoeren van de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden is verboden zonder vergunning voor de uitvoering van werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden: 1. het aanleggen van verharde wegen, paden, banen en/of het aanbrengen van andere gesloten
status: geconsolideerd
71
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
b.
oppervlakteverhardingen met een grotere plaatselijke oppervlakte dan 50 m2 ; 2. het ontginnen, bodem verlagen, afgraven, ophogen en egaliseren van gronden met een grotere hoogte dan 0,3 meter; 3. het aanbrengen van ondergrondse transport, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; 4. het aanbrengen van diepwortelende bomen en/of beplanting; 5. het in de bodem drijven van voorwerpen of delen van constructies. een omgevingsvergunning voor de uitvoering van werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden opgenomen in sub a wordt verleend, indien: 1. door de uitvoering van werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden geen schade aan de waterkering wordt of kan worden veroorzaakt; 2. door het college van burgemeester en wethouders advies is gevraagd aan de beheerder van de waterkering omtrent de vragen of door de voorgenomen bouwwerken de belangen in verband met de waterkering niet onevenredig worden geschaad en welke belangen moeten worden gesteld ter voorkoming van schade.
22.3
Nadere eisen
Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van de bepalingen van deze regels omtrent de volgende onderwerpen, indien na afweging van de in het geding zijnde belangen, zoals landschappelijke, natuurwetenschappelijke, ecologische, cultuurhistorische, stedenbouwkundige, verkeersbelangen en belangen die direct of indirect te maken hebben met de plan- doelstellingen of de bijzonder waarden van een gebied, het stellen van de hieronder genoemde eisen ten aanzien van de bebouwing redelijk gewenst of noodzakelijk is. Nadere eisen kunnen concreet worden gesteld ten aanzien van de terreininrichting en landschappelijke inpassing van de diverse functies binnen het plangebied.
72
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Hoofdstuk 3
Algemene regels
Artikel 23 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
status: geconsolideerd
73
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 24 Algemene zorgplicht a.
b.
74
eenieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat zijn activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de fysieke leefomgeving, is verplicht: 1. alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen; 2. voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen: die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; 3. als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt: die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van hem kan worden gevraagd. aan de verplichtingen, zoals bedoeld onder a, wordt in ieder geval voldaan, voor zover in het bestemmingsplan of een beleidsregel of een andere gemeentelijke verordening specifieke regels zijn gesteld met het oog op de leefomgeving, en die regels worden nageleefd.
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 25 Maatwerkvoorschriften 25.1
Algemeen
Het college van burgemeester en wethouders kan met het oog op de doelstelling zoals genoemd in artikel 4 en de zorgplicht zoals genoemd in artikel 24, maatwerkvoorschriften stellen voor de activiteiten genoemd in artikelen in hoofdstuk 2 van deze regels ter verbetering van de sociale veiligheid, en/of de gezondheid en/of de verkeersveiligheid, waarbij het relevante gemeentelijke beleid wordt betrokken.
25.2
Herplant na kappen van een houtopstand
Het bevoegd gezag kan aan de omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 27.2 de voorwaarde verbinden dat binnen een bepaalde termijn en overeenkomstig de door het bevoegd gezag gestelde voorschriften moet worden herplant.
status: geconsolideerd
75
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 26 Slopen 26.1
Toepassingsbereik
Dit artikel is van toepassing op het slopen van bestaande bebouwing, ongeacht of dit plaatsvindt in het kader van bouwen, gebruiken en/of aanleggen, zoals bedoeld in artikel 5.2.4, 6.2.4, 7.2.4, 8.2.3, 9.2.3, 10.2.3, 11.2.4 en/of 12.2.4.
26.2
Vergunningplichtig
Het slopen van bestaande bebouwing die aangewezen is als rijksmonument of gemeentelijk monument, dan wel het zodanig veranderen van het uiterlijk van de als rijksmonument of gemeentelijk monument aangewezen bebouwing dat een aantasting ontstaat van het bestaande gevelbeeld/aanzicht, is slechts toegestaan na het verkrijgen van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag.
26.3
Uitzondering op de vergunningplicht
Het bepaaldein lid 26.2 is niet van toepassing op: a. sloopwerkzaamheden, die op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan in uitvoering zijn dan wel krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde vergunning afwijkend of anderszins worden uitgevoerd; b. inpandige sloopwerkzaamheden die geen betrekking hebben op de draagconstructie.
26.4
Weigeringsgrond omgevingsvergunning
De omgevingsvergunning wordt geweigerd als het bevoegd gezag, op basis van een advies van de Adviescommissie Omgevingskwaliteit gemeente Katwijk, van oordeel is dat het belang van de monumentenzorg zich daartegen verzet.
76
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 27 Kappen van een houtopstand 27.1
Toepassingsbereik
Dit artikel is van toepassing op het het kappen van een houtopstand, ongeacht of dit plaatsvindt in het kader van bouwen, gebruiken en/of aanleggen, zoals bedoeld in artikel 5.2.4, 6.2.4, 7.2.4, 8.2.3, 9.2.3, 10.2.3, 11.2.4 en/of 12.2.4.
27.2
Vergunningsplicht vellen houtopstand
Het vellen of het doen vellen van een houtopstand is slechts toegestaan na het verkrijgen van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag.
27.3
Uitzonderingen op het kapverbod
Het verbod zoals bedoeld in artikel 27.2 is niet van toepassing op: a. wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, beide voor zover bestaande uit niet-geknotte populieren of wilgen; b. vruchtbomen en windschermen om boomgaarden; c. fijnsparren, niet ouder dan twaalf jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen; d. kweekgoed; e. houtopstand die bij wijze van dunning moet worden geveld; f. houtopstand die deel uitmaakt van als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en gelegen is buiten een bebouwde kom zoals vastgesteld ingevolge artikel 4.1, aanhef en onder a van de Wet natuurbescherming, tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt die: 1. ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are; ofwel 2. bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 bomen, gerekend over het totaal aantal rijen. g. houtopstand die moet worden geveld krachtens de plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of op last van het bevoegd gezag; h. houtopstand bestaande uit de conifeer Cupresocyparis leylandii; i. haagbeplanting.
27.4
Weigeringsgronden omgevingsvergunning
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 27.2 kan door het bevoegd gezag worden geweigerd op grond van: a. de volksgezondheid; b. de bescherming van het milieu; c. registratie door het bevoegd gezag als waardevolle of monumentale boom; d. de houtopstand is onderdeel van de hoofdgroenstructuur; e. de natuurwaarde van de houtopstand; f. de landschappelijke en beeldbepalende waarde van de houtopstand; g. de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon; h. de cultuurhistorische waarde van de houtopstand; i. de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand.
status: geconsolideerd
77
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 28 Gedoogplicht 28.1
Onderhoud voorzieningen
De rechthebbende op een bouwwerk is verplicht toe te laten dat voorwerpen, borden of voorzieningen ten behoeve van het verkeer, de waterhuishouding of de openbare verlichting worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd op of aan het bouwwerk.
28.2
Uitzondering
Het bepaalde in artikel 28.1 geldt niet voor de gronden met de functie 'Leiding - Gas'.
78
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 29 Verboden 29.1
Verboden gebruik
Het is verboden om gronden en bouwwerken te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze of tot een doel, strijdig met de toegelaten functies en activiteiten. Onder verboden gebruik zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval verstaan: a. het gebruik van onbebouwde gronden: 1. als staan- of ligplaats van onderkomens; 2. als staanplaats van voertuigen waarin (ambulante) detailhandel plaatsvindt; 3. als kampeer- of caravanterrein; 4. als opslag-, stort, of bergplaats van machines, voer- en vaartuigen en andere al dan niet afgedankte stoffen, voorwerpen en producten; 5. ten behoeve van lawaaisporten. b. het gebruiken en/of laten gebruiken van gronden en bouwwerken ten behoeve van: 1. een seksinrichting; 2. bedrijfsmatige opslag van vuurwerk. c. het permanent of tijdelijk bewonen van bijgebouwen, anders dan voor mantelzorg; d. het in gebruik nemen van (delen van) een woning voor bedrijfsmatige kamerverhuur; e. het gebruiken en/of het laten gebruiken van gronden en de daarop aanwezige bouwwerken ten behoeve van een risicovolle inrichting; f. het gebruik van voortuinen op een zodanige manier dat meer dan 30% van de oppervlakte van een voortuin met een minimale oppervlakte van 20 m2 uit verharding bestaat.
29.2
Uitzondering
Het verbod zoals bedoeld in artikel 29.1 is niet van toepassing op gebruik dat verband houdt met de op gronden toegelaten functies en activiteiten zoals bepaald in hoofdstuk 2 van deze regels.
29.3
Verbod in NGE-verdachte gebieden
Ten aanzien van het uitvoeren van bouwactiviteiten en het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden op gronden die verdacht zijn op het aantreffen van NGE gelden de volgende regels: a. het is verboden om werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren op de gronden die verdacht zijn op het aantreffen van niet-gesprongen explosieven zoals aangeduid in bijlage 6 met naam 'Verplichte onderzoeksgebieden niet-gesprongen explosieven'; b. in aanvulling op het bepaalde onder a is het verboden om werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren in gebieden die tot de invloedssfeer van de onder a bedoelde gronden gerekend worden; c. het is verboden om op de gronden die verdacht zijn op het aantreffen van niet-gesprongen explosieven zoals aangeduid in bijlage 6 met naam 'Verplichte onderzoeksgebieden niet-gesprongen explosieven' werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren; d. in aanvulling op het bepaalde onder c is het verboden om werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren in de invloedssfeer van de onder a bedoelde gronden.
29.4
Afwijking verbod in NGE-verdachte gebieden
In afwijking van het bepaalde in artikel 29.3 is het bouwen en het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden op gronden die verdacht zijn op het aantreffen van niet-gesprongen explosieven zoals aangeduid in bijlage 6 met naam 'Verplichte onderzoeksgebieden niet-gesprongen explosieven' en aangrenzende bouwvelden toegestaan indien: a. bij een aanvraag om een omgevingsvergunning de initiatiefnemer aan de hand van onderzoek naar niet gesprongen explosieven in de vorm van detectieonderzoek of benadering kan aantonen dat op of in het te ontwikkelen gebied alsmede in een radius van 500 meter rondom dat gebied geen niet-gesprongen explosieven aanwezig (meer) zijn. Van dit explosievenonderzoek moet een Proces Verbaal van Oplevering (PVO) aan de gemeente ter goedkeuring worden overgelegd, alvorens met de werkzaamheden kan worden aangevangen;
status: geconsolideerd
79
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
b.
c.
het gestelde in artikel 29.4 onder a geldt eveneens voor initiatieven waarvoor geen omgevingsvergunning vereist is. Hierbij valt te denken aan graafwerkzaamheden, het plaatsen van bovengrondse obstakels die deels in de bodem komen (lantaarnpalen, schuttingen, etc. etc.), het aanleggen van bodemenergiesystemen, etc.; voor de uitvoering van de explosievenonderzoeken moet conform de WS-CS-OCE een Projectplan worden opgesteld dat ter goedkeuring aan de gemeente wordt overgelegd. Het onderzoek mag pas na schriftelijke goedkeuring van de gemeente plaatsvinden.
29.5
Gebruik eerder onderzoek
Ten aanzien van de onderzoeken zoals genoemd in artikel 29.4 geldt dat het bevoegd gezag kan besluiten dat een onderzoek naar niet gesprongen explosieven niet overgelegd hoeft te worden als op basis van eerder onderzoek aannemelijk is dat er geen niet gesprongen explosieven meer aanwezig zijn in het te ontwikkelen gebied alsmede in een radius van 500 meter rondom dat gebied.
29.6
Verbod woningbouw bij in werking hebben stikstofemitterende installaties
Het is verboden om in de functies 'Gemengd', 'Woongebied - 1' en/of 'Woongebied - 2' woningen te bouwen ten behoeve van de in artikel 5.1, artikel 11.1, onder a en/of artikel 12.1, onder a toegelaten activiteiten tot het moment dat het gebruik van stikstofemitterende installaties ten behoeve van de bestaande bebouwing in de functie 'Gemengd' als bedoeld in artikel 5.1 onder e, permanent gestaakt is, met dien verstande dat dit verbod in werking treedt na de bouw van 4.100 woningen van het totale aantal woningen als bedoeld in artikel 5.2.1, onder b, artikel 11.2.1, onder b en 12.2.1, onder b.
29.7
Verbod gebruiken gebouwen met stikstofemitterende installaties
Het is verboden om in de functies 'Gemengd', 'Woongebied - 1' en/of 'Woongebied - 2' stikstofemitterende installaties ten behoeve van bestaande bebouwing conform artikel 5.1, 11.1 en/of artikel 12.1 te bouwen en/of te gebruiken vanaf het moment dat de gronden in deze functies bouwrijp worden gemaakt.
29.8
Verbod bouw meer dan 500 woningen per jaar
Het is verboden meer dan 500 woningen per kalenderjaar te bouwen.
29.9 Verbod bouwrijp maken van gronden voor, bouwen van en gebruiken van woningen 29.9.1
Verbod
Het is verboden de gronden van het plangebied van dit bestemmingsplan 'Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst' bouwrijp te maken, te bebouwen en te gebruiken overeenkomstig de artikelen 5, 11 en 12, indien en zolang activiteiten waarmee in de berekening van de emissie van stikstof zoals opgenomen in het 'Onderzoek stikstofdepositie' ten behoeve van bestemmingsplan 'Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst' die als bijlage 7 onderdeel uitmaakt van de regels van dit bestemmingsplan, rekening is gehouden, niet feitelijk zijn beëindigd en, voor zover nodig, alle omgevingsvergunningen voor de activiteit milieu, Hinderwetvergunningen en of Wet natuurbeschermingsvergunningen zijn ingetrokken. 29.9.2
Uitzondering op het verbod
Het verbod als bedoeld in artikel 29.9.1 is niet van toepassing op:: a. bestaand gebruik, met dien verstande dat: 1. het bestaand gebruik als bedoeld in artikel 5.1, onder e alleen uitgezonderd is als voldaan wordt aan het bepaalde in artikel 29.6; 2. het bestaande gebruik van bebouwing ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van woongebied handhaven' alleen uitgezonderd is als voldaan wordt aan het bepaalde in dat artikel 29.7. b. werkzaamheden die plaatsvinden met machines en voertuigen die geen stikstof uitstoten of voor activiteiten waarvan is aangetoond dat die niet leiden tot depositie van stikstof op daarvoor gevoelige Natura 2000-gebieden.
80
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 30 Beleidsregels 30.1
Beoordeling beleidsregels
Bij de beoordeling van de aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikelen 5, 6, 8, 9, 10, 11 en/of 12 van dit plan, en voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1 eerste lid onder c of artikel 2.12 eerste lid onder a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, maakt de bij de (rand)voorwaarden genoemde beleidsregel onderdeel uit van het beoordelingskader.
30.2
Relevante beleidsregels
Tot de beleidsregels, zoals bedoeld in artikel 30.1, behoren de bij dit bestemmingsplan behorende beleidsregels zoals vervat in de beleidsregel 'Beeldkwaliteit', beleidsregel 'Inrichting openbare ruimte', beleidsregel 'Duurzaamheid' en/of de beleidsregel 'Evenwichtig woningaanbod' die onderdeel uitmaken van de 'Beleidsregels (herziening) Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst'.
30.3 a.
b.
Bevoegd gezag
De beleidsregels 'Beeldkwaliteit' en 'Inrichting openbare ruimte' die onderdeel uitmaken van de 'Beleidsregels (herziening) Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst' kunnen na de vaststelling van dit plan uitsluitend door de gemeenteraad worden gewijzigd, ingetrokken of herzien. De beleidsregels 'Duurzaamheid' en 'Evenwichtig woningaanbod' die onderdeel uitmaken van de 'Beleidsregels (herziening) Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst' kunnen na de vaststelling van dit plan uitsluitend door het college van burgemeester en wethouders worden gewijzigd, ingetrokken of herzien.
status: geconsolideerd
81
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 31 Algemene bouwregels 31.1
Overschrijding functiegrenzen
Functiegrenzen mogen worden overschreden door tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, funderingen, balkons, serres, entreeportalen, veranda's, overstekken, luifels en afdaken en andere ondergeschikte onderdelen van gebouwen, mits de overschrijding niet meer dan 3 meter bedraagt, met dien verstande dat: a. voor stoepen, stoeptreden, galerijen, hellingbanen, funderingen, luifels, afdaken en overstekken overschrijding over de volledige gevelbreedte is toegestaan; b. voor andere overschrijdingen dan bedoeld onder a geldt dat zij maximaal 50% van de gevelbreedte mogen beslaan; c. waar de in de aanhef genoemde elementen onderdeel zijn van een kwetsbaar object, zij niet toegelaten zijn op gronden met de functie 'Leiding - Gas'.
31.2
Ondergronds bouwen
31.2.1
Ondergrondse werken
Voor het uitvoeren van ondergrondse werken, geen bouwwerk zijnde en voor het uitvoeren van werkzaamheden gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, geen beperkingen. 31.2.2
Ondergrondse bouwwerken
Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken, gelden de volgende bepalingen, tenzij in de regels anders is opgenomen: a. ondergrondse bouwwerken zijn verboden op gronden met de functie 'Leiding - Gas'; b. ondergrondse bouwwerken op gronden met andere functies dan bedoeld onder a zijn toegestaan onder gebouwen en daarbuiten tot een maximum van 50% van het achtererf; c. in afwijking van het bepaalde onder b mogen ondergrondse of halfverdiepte parkeergarages inclusief ontsluitingen ondergronds gebouwd worden, mits zij niet gelegen zijn in de functie 'Groen' of de functie 'Leiding - Gas'; d. ondergrondse bouwwerken zijn toegestaan onder nutsvoorzieningen en ten behoeve van nutsvoorzieningen; e. ondergrondse bouwwerken zijn toegestaan ten behoeve van de opwekking en distributie van duurzame energie; f. de ondergrondse bouwdiepte van de ondergrondse bouwwerken bedraagt maximaal 4 meter onder peil; g. in afwijking van het bepaalde onder e mogen ondergrondse bouwwerken met een ondergrondse bouwdiepte van maximaal 7 meter onder peil worden gebouwd mits de waterhuishouding niet wordt verstoord.
82
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 32 Geboden 32.1
Voorwaardelijke verplichting ecologische waarden
Bij het beginnen of veranderen van activiteiten zoals bedoeld in artikel 2.1, lid 1 onder a en b van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht moet aangetoond worden dat de ecologische waarden niet onevenredig worden aangetast.
32.2 1.
2.
Voorwaardelijke verplichting uitvoering maatregelen recreatiedruk
Tot een met de functies 'Gemengd', 'Woongebied - 1' en 'Woongebied - 2' strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig die in artikelen 5.1, sub a, 11.1, sub a en 12.1, sub a toegelaten activiteiten, tenzij op dat moment de van toepassing zijnde maatregelen zoals vervat in het document 'Maatregelen recreatiedruk' dat als bijlage 8 onderdeel uitmaakt van deze regels uitgevoerd zijn en in stand worden gehouden. In afwijking van het bepaalde onder 1 mogen gronden en bouwwerken overeenkomstig de in artikelen 5.1 sub a, 11.1 sub a en 12.1 sub a toegelaten activiteiten gebruikt worden onder de voorwaarde dat in het plangebied van dit bestemmingsplan een tijdelijk wandelpad zoals bedoeld onder 2 in het document 'Maatregelen recreatiedruk' dat als bijlage 8 onderdeel uitmaakt van deze regels aangelegd wordt dat voldoet aan de van toepassing zijnde voorwaarden zoals vervat in de eerdergenoemde bijlage 8.
32.3
Voorwaardelijke verplichting bodemkwaliteit
Tot een met de functies 'Gemengd', 'Woongebied - 1' en 'Woongebied - 2' strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig die in artikel 5.1, 11.1 en 12.1 toegelaten functies en activiteiten zonder dat door middel van (nader) onderzoek is vast komen te staan dat de bodemkwaliteit voldoet aan de beoogde functie dan wel zonder het uitvoeren van de noodzakelijke (sanerings)maatregelen om te kunnen voldoen aan de vereiste bodemkwaliteit ten aanzien van de beoogde functie (wonen).
32.4
Voorwaardelijke verplichting watercompensatie 1
Bij een toename van het verhard oppervlak binnen het plangebied, dient binnen de aanduiding 'overige zone watercompensatie' nieuw oppervlaktewater te worden aangelegd met een omvang van ten minste 15% van die toename van het verhard oppervlak, waarbij: a. voor de gronden in de functie 'Woongebied - 1' voldaan moet worden aan het bepaalde in artikel 11.2.1 onder m; b. bestaand oppervlaktewater moet behouden blijven; c. als niet voldaan kan worden aan het bepaalde in sub b, moeten dempingen van bestaand oppervlaktewater een-op-een gecompenseerd worden in hetzelfde peilgebied; d. er geen ontoelaatbare peilstijgingen plaatsvinden; e. compensatie buiten het plangebied op een afstand van maximaal 5 kilometer van de plangrens gerealiseerd moet worden.
32.5
Voorwaardelijke verplichting watercompensatie 2
In het plangebied dient op alle gronden, anders dan omschreven in artikel 32.4, watercompensatie plaats te vinden in de vorm van de aanleg van minimaal 17 hectare nieuw oppervlaktewater waarbij: a. voor de gronden in de functie 'Woongebied - 1' voldaan moet worden aan het bepaalde in artikel 11.2.1 onder m; b. ten aanzien van de gronden in de functies 'Gemengd' en 'Woongebied - 2' de ligging en dimensionering van de (hoofd)waterstructuur uitgewerkt moet worden in de stedenbouwkundige raamwerken zoals bedoeld in artikelen 5.2.1 en 12.2.1, met dien verstande dat het oppervlaktewater evenredig verdeeld moet worden over de te ontwikkelen gebieden; c. bestaand oppervlaktewater moet behouden blijven; d. als niet voldaan kan worden aan het bepaalde in sub c, moeten dempingen van bestaand oppervlaktewater een-op-een gecompenseerd worden in hetzelfde peilgebied; e. er geen ontoelaatbare peilstijgingen plaatsenvinden;
status: geconsolideerd
83
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
f.
compensatie buiten het plangebied op een afstand van maximaal 5 kilometer van de plangrens gerealiseerd moet worden.
32.6
Inrichting openbare ruimte
De inrichting van de openbare ruimte dient te voldoen aan de vigerende Visie Openbare Ruimte Katwijk (VORK) en de Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (de DALI/LIOR) zoals deze gelden op het moment van de aanvraag van een omgevingsvergunning.
32.7
Geluidwerende maatregelen
Als verkeersbewegingen op wegen nabij geluidgevoelige gebouwen leiden tot een geluidbelasting op de gevel van deze gebouwen die hoger is dan de daarvoor geldende grenswaarde uit de Wet geluidhinder of de vastgestelde hogere grenswaarde, moeten daar waar geluidgevoelige gebouwen niet direct langs in de aanhef bedoelde wegen gesitueerd zijn, maatregelen die de geluidbelasting in de overdracht verminderen genomen worden.
32.8
Aanbrengen geluidreducerend asfalt
De deklaag van wegen zoals aangegeven op de kaart 'Wegdekverharding' die als bijlage 9 onderdeel uitmaakt van deze regels en de wegen in de functies 'Verkeer' en 'Verkeer - Verblijfsgebied' moet bestaan uit geluidreducerend asfalt van het type SMA NL5 of een asfalttype met een grotere geluidreductie, met uitzondering van de deklaag ter plaatse van: a. rotondes; b. met verkeersregelinstallaties geregelde kruispunten; c. maximaal de eerste 40 meter deklaag van wegen gerekend vanaf de onder a en b bedoelde rotondes en kruispunten.
32.9 1.
2.
84
Geluidbelasting
Woningen waarvoor een hogere waarde geldt zoals bedoeld in artikel 37.1.2 mogen pas voor wonen gebruikt worden indien per geluidbron: a. met akoestisch onderzoek is aangetoond dat aan de voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder wordt voldaan, of b. met akoestisch onderzoek is aangetoond dat aan een vastgestelde hogere waarde, zoals bepaald in artikel 37.1.2, wordt voldaan. Als voldaan is aan het bepaalde in lid 1, sub a, of lid 1, sub b, moet voldaan worden aan de volgende eisen: a. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van woongebied - geluidwerende voorziening' een geluidscherm met een minimale hoogte van 2 meter en een maximale hoogte van 4 meter wordt gerealiseerd, mits dit nodig is om te voldoen aan het bepaalde onder a of b; b. de gevels van de woningen uitgevoerd worden als een dove gevel, met dien verstande dat: dove gevels uitsluitend toegestaan zijn voor de eerstelijnsbebouwing gezien vanaf de N206; indien de geluidbelaste gevels van de eerstelijnsbebouwing langs de N206 uitgevoerd worden als dove gevel, afgeweken mag worden van het bepaalde onder a tot en met c. c. de gecumuleerde geluidbelasting van het wegverkeer in een woning niet meer dan 33 dB bedraagt, met dien verstande dat bij het bepalen van de gecumuleerde geluidbelasting tevens de geluidbelasting van niet-gezoneerde wegen betrokken wordt; d.
de woning ten minste één gevel heeft met een geluidbelasting die niet hoger is dan de voorkeursgrenswaarde voor elk van de te onderscheiden geluidbronnen; e. ten minste 30% van het aantal verblijfsruimten of ten minste 30% van het totale oppervlak van het verblijfsgebied een geluidluwe gevel heeft; f. de geluidbelasting in een eventuele geluidluwe buitenruimte niet meer dan 5 dB hoger is dan de geluidbelasting op de geluidluwe gevel; g. de woningen, voor zover nodig, door de gekozen situering of bouwvorm een akoestisch afschermende functie voor andere woningen of voor andere gebouwen of geluidgevoelige objecten vervullen; h. met akoestisch onderzoek wordt aangetoond dat voldaan wordt aan het bepaalde in lid 2, onder a tot en met g.
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 33 Algemene aanduidingsregels 33.1
Overige zone - bestaand
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - bestaand' mogen geen nieuwe woningen gebouwd worden.
33.2
Overige zone - zoekgebied testveld
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - zoekgebied testveld' mag tot mei 2028 geen nieuwe bebouwing opgericht worden teneinde ruimte vrij te waren voor een testveld met een maximale omvang van 500 bij 500 meter ten behoeve van activiteiten gericht op het uitoefenen van onderzoek en ontwikkeling van RPAS, sensorbased technologie, unmanned systems, en sensorbased bedrijvigheid, tenzij: a. een testveld ten behoeve van de in de aanhef genoemde activiteiten elders gerealiseerd is; b. een definitief testveld ten behoeve van de in de aanhef genoemde activiteiten wordt aangewezen binnen de aanduiding 'overige zone - zoekgebied testveld'; c. uit een evaluatie van de in de aanhef genoemde activiteiten blijkt dat deze activiteiten geen stabiele, duurzame en in de toekomst financieel haalbare ontwikkeling vormen en beëindigd zijn.
status: geconsolideerd
85
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 34 Algemene afwijkingsregels 34.1
Afwijkingsmogelijkheden
Mits voldaan wordt aan het bepaalde in 34.2 kan het bevoegd gezag bij omgevingsvergunning afwijken van: a. de bij recht in de regels gegeven maten, afmetingen, percentages voor zover deze noodzakelijk zijn voor een correcte technische uitvoering en/of om te voldoen aan wettelijke regelingen tot niet meer dan 10% van die maten, afmetingen en percentages; b. de bepalingen ten aanzien van de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de hoogte van de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot tot: 1. voor kunstwerken: 40 meter; 2. voor overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde: 10 meter; c. het bepaalde ten aanzien van de maximale (bouw)hoogte van gebouwen en toestaan dat de (bouw)hoogte van de gebouwen ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers en lichtkappen, mits: 1. de oppervlakte van de vergroting niet meer dan 5 m² bedraagt; 2. de hoogte niet meer dan 1,25 maal de maximale (bouw)hoogte van het betreffende gebouw bedraagt tot een maximum van 2 meter boven de maximale (bouw)hoogte. d. de bouw van niet voor bewoning bestemde gebouwen en andere bouwwerken met een inhoud van ten hoogste 50 m3 en een goothoogte van niet meer dan 4 meter (ten dienste van het openbaar nut), zoals schakelhuisjes, transformatorhuisjes, wachthuisjes, telefooncellen, muurtjes, standbeelden en straatmeubilair.
34.2
Voorwaarden voor afwijking
Het afwijken zoals bedoeld in 34.1 is uitsluitend toegestaan als: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; b. het overig bepaalde in deze regels in acht wordt genomen; c. de belangen van derden niet onevenredig geschaad worden; d. de afwijking past binnen het stedenbouwkundig beeld van de omgeving.
86
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 35 Algemene procedureregels 35.1
Melding
Ten aanzien van de melding dat een activiteit aanvangt of verandert zoals bedoeld in artikel 5.3, 6.3, 11.3 en/of 12.3 gelden de volgende regels: a. voorafgaand aan het uitoefenen van een activiteit moet een melding gedaan worden waarbij onderstaande regels in acht genomen moeten worden: 1. een melding moet ten minste 4 weken voorafgaand aan het uitvoeren of veranderen van de desbetreffende activiteit worden ingediend bij het college van burgemeester en wethouders; 2. als de melding incompleet of onjuist is dan wel niet voldoet aan de indieningsvereisten zoals bedoeld in artikel 5.3, 6.3, 11.3 en/of 12.3, wordt de melding geacht niet te zijn gedaan. b. een melding zoals bedoeld onder a wordt door de indiener van de melding ondertekend en bevat tenminste: 1. een omschrijving van de aard en omvang van de activiteit die zal worden verricht; 2. een aanduiding, inclusief begrenzing, van de locatie waar de activiteit zal worden verricht; 3. een beschrijving van de wijze waarop, voor zover vereist, invulling gegeven wordt aan de randvoorwaarden die gelden ten aanzien van de meldingsplichtige activiteit; 4. de naam en het adres van de indiener van de melding; 5. de dagtekening. c. bij het indienen van een melding wordt aangetoond hoe voldaan wordt aan de relevante indieningsvereisten zoals bedoeld in artikel 5.3, 6.3, 11.3 en/of 12.3.
35.2
Aanvraag omgevingsvergunning voor het kappen van een houtopstand
Ten aanzien van de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de kap van een houtopstand zoals bedoeld in artikel 27 gelden de volgende regels: a. de vergunning moet worden aangevraagd door of namens dan wel met toestemming van degene die krachtens zakelijk recht of door degene die krachtens publiekrechtelijke bevoegdheid gerechtigd is over de houtopstand te beschikken; b. als de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) aan het bevoegd gezag een afschrift heeft gezonden van de ontvangstbevestiging als bedoeld in artikel 7.1 van de Verordening uitvoering Wet natuurbescherming Zuid-Holland, beschouwt het bevoegd gezag dit afschrift mede als een vergunningaanvraag.
35.3
Beleidsregels
35.3.1
Geldende beleidsregels op beoordelingsmoment
Toetsing aan de beleidsregels 'Beeldkwaliteit', 'Inrichting openbare ruimte', 'Duurzaamheid' en/of 'Evenwichtig woningaanbod' die onderdeel uitmaken van de 'Beleidsregels (herziening) Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst' door het bevoegd gezag plaats op basis van de beleidsregels zoals die gelden op het tijdstip van het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning.
status: geconsolideerd
87
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 36 Parkeren 36.1
Beoordeling Parkeerbeleid
Bij de beoordeling van de aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.2, 5.3, 5.4, 6.2, 6.3, 6.4, 11.2, 11.3, 11.4, 12.2, 12.3 en 12.4 van dit plan, en artikel 2.1 eerste lid onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, maakt het bij de voorwaarden genoemde Parkeerbeleid onderdeel uit van het beoordelingskader.
36.2
bevoegd gezag
Het Parkeerbeleid kan door het college van burgemeester en wethouders worden gewijzigd, ingetrokken of herzien.
88
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 37 Geluid 37.1
Regels vanwege wegverkeerslawaai
Voor het realiseren van nieuwe geluidgevoelige objecten en functies in de zin van de Wet geluidhinder gelden de volgende regels: a. voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarde dan wel aan de hogere waarden, zoals opgenomen in artikel 37.1.2; b. wanneer niet kan worden voldaan aan het vereiste, zoals bedoeld onder a, dient de gevel van het gebouw waar sprake is van een te hoge geluidbelasting als dove gevel, dan wel als geluidwerend vlies, te worden uitgevoerd, met dien verstande dat dit uitsluitend van toepassing is op (delen van de) gevel(s) waarachter sprake is van het vestigen van een activiteit welke is aan te merken als gevoelig in de zin van de Wet geluidhinder. 37.1.1
Strijdig gebruik
Bij het bouwen op dan wel in en het gebruiken van gronden is het verboden om: a. geluidsgevoelige objecten en functies te realiseren, te verbouwen, te herstellen of te vervangen op een manier waardoor de geluidsbelasting vanwege wegverkeerslawaai op een geluidsgevoelig object hoger wordt dan de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde of de hogere waarden, zoals bepaald in artikel 37.1.2; b. het ongedaan maken van geluidsmaatregelen die zijn gerealiseerd om te voldoen aan de in artikel 37.1.2 bepaalde hogere waarden, tenzij via een gelijkwaardige maatregel minimaal hetzelfde geluidsreducerend effect wordt bereikt voor de betreffende gevoelige objecten en functie(s). Onder de geluidsmaatregel wordt tevens verstaan het situeren van niet geluidgevoelige functies achter een geluidbelaste gevel; c. niet-geluidsgevoelige objecten als geluidsgevoelige functie te gebruiken. 37.1.2
Hogere waarden
In aanvulling op het bepaalde in hoofdstuk 2 moeten de hogere grenswaarden zoals genoemd in tabellen 36.1.2.1 en 36.1.2.2 in acht genomen worden vanwege wegverkeerslawaai, met dien verstande dat voor de nieuwbouwwoningen zoals genoemd in tabel 36.1.2.1 geldt dat de bouwvlakken waarin deze woningen gelegen zijn getoond worden op de kaart 'Bouwvelden hogere waarden' die als bijlage 10 onderdeel uitmaakt van deze regels.
Tabel 36.1.2.1 Hogere waarden nieuwbouwwoningen
status: geconsolideerd
89
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
90
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Tabel 36.1.2.2 Hogere waarden bestaande woningen
37.1.3
Situering bouwvelden
De situering en begrenzing van de bouwvelden zoals bedoeld in artikel 37.1.2 zijn aangegeven op de kaart 'Bouwvelden hogere waarden' die als bijlage 10 onderdeel uitmaakt van deze regels. 37.1.4
Eisen geluidscherm
Geluidschermen zoals bedoeld in artikel 32.9 moeten voldoen aan de volgende eisen: a. de eisen zoals genoemd in de CROW-publicatie 298 'Richtlijnen Geluidbeperkende Constructies langs Wegen'; b. geluidschermen worden aborberend uitgevoerd voor zover zij gelegen zijn binnen de aanduiding 'specifieke vorm van woongebied - geluidwerende voorziening'. 37.1.5
Voorwaarden woningen met dove gevel
De voorwaarden zoals benoemd in artikel 32.9 zijn ook van toepassing op woningen met een of meerdere dove gevels, dan wel delen van gevels die als dove gevel uitgevoerd zijn, met dient verstande dat dit uitsluitend van toepassing is op (delen van de) gevel(s) waarachter sprake is van het vestigen van een activiteit welke is aan te merken als gevoelig in de zin van de Wet geluidhinder.
37.2
Regels vanwege industrielawaai
Ten aanzien van industrielawaai gelden de volgende regels: a. bij aanvraag om een omgevingsvergunning voor het oprichten, veranderen en uitbreiden van een geluidgevoelige objecten zoals bedoeld in de Wet geluidhinder en het Activiteitenbesluit milieubeheer, moet aangetoond worden dat voldaan wordt aan de bepalingen ten aanzien van de geluidproductie voor bedrijfsactiviteiten uit afdeling 2.8 van het Activiteitenbesluit milieubeheer; b. het bepaalde onder a geldt ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - milieuzone'; c. bij de aanvraag om een omgevingsvergunning zoals bedoeld onder a moet door middel van een akoestisch onderzoek aangetoond worden dat voldaan wordt aan de normen bedoeld onder a. Het bevoegd gezag kan besluiten dat het overgeleggen van een akoestisch onderzoek niet noodzakelijk is als: 1. op basis van de afstanden tussen een geluidgevoelig object en een geluidbron aannemelijk is dat voldaan wordt aan de voorschriften uit het Activiteitenbesluit milieubeheer; 2. met akoestisch onderzoek wordt aangetoond dat voldaan wordt aan het bepaalde in artikel 2.17 van het Activiteitenbesluit milieubeheer.
37.3
Beoordelingsregels geluid
Bij de oprichten, uitbreiden en veranderen van woningen dient per geluidbron zoals bedoeld in 37.1 en 37.2 voldaan te worden aan de volgende eisen: a. de geluidbelasting op de gevels van woningen als gevolg van verkeer op 30-km/uurwegen in het plangebied mag niet leiden tot een aantasting van het akoestisch aanvaardbaar leefmilieu; b. de geluidwering van de gevel wordt berekend op basis van de gecumuleerde geluidbelasting van alle bronnen volgens de Wet geluidhinder, de Luchtvaartwet en de Wet milieubeheer.
status: geconsolideerd
91
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 38 Overige regels 38.1
Samenloopregeling
Waar in dit bestemmingsplan gronden zijn aangewezen voor de functies 'Leiding - Gas', 'Leiding - Water 1', 'Leiding - Water 2', 'Leiding - Water 3', 'Waarde - Archeologie terrein van hoge archeologische waarde', 'Waarde Archeologie', 'Waarde - Archeologisch verwachtingsgebied - 1', 'Waarde - Archeologisch verwachtingsgebied 2', 'Waarde - Cultuurhistorie' en/of 'Waterstaat - Waterkering', mogen daar waar deze functies samenvallen op grond van de regels voor de ene functie geen bouwwerken, werken of werkzaamheden worden toegelaten indien deze op grond van de regels van een andere functie niet toelaatbaar zijn.
92
status: geconsolideerd
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
Artikel 39 Overgangsrecht 39.1 a.
b. c.
39.2 a.
b. c.
Overgangsrecht bouwwerken
een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een bouw- dan wel een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen, wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan; burgemeester en wethouders kunnen eenmalig afwijken van het bepaalde onder lid a voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%; het onder lid a bepaalde is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
Overgangsrecht gebruik
het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, als bedoeld in lid 39.2 onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; indien het gebruik, bedoeld in dit lid onder a, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; het onder a bepaalde is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsregeling van dat plan.
39.3
Hardheidsclausule
Indien toepassing van het overgangsrecht voor bouwwerken of gebruik leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard jegens een of meer natuurlijke personen kunnen burgemeester en wethouders ten behoeve van die persoon of personen dat overgangsrecht buiten toepassing laten.
status: geconsolideerd
93
Regels behorende bij bestemmingsplan "Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst"
Artikel 40 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het Chw-bestemmingsplan 'Herstelbesluit Woongebied Valkenhorst'.
94
status: geconsolideerd