Bijlage 1. Handboek Band I
Tekst van het document
[ 60 ]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
Band I
8
ZONWERING, ROL-/ SPIJLENHEK, LUIK OF ROLLUIK
Omschrijving
Zonweringen en markiezen zijn buiten de gevel boven een gevelopening aangebrachte, beweegbare voorzieningen om binnenvallend zonlicht te minderen (hieronder worden niet verstaan luifels). Rolhekken en rolluiken zijn binnen of buiten evenwijdig aan de gevel beweegbare voorzieningen voor inbraakwering en zonwering. Luiken zijn buiten de gevel naast een gevelopening aangebrachte, beweegbare voorzieningen voor inbraakwering en zonwering. Indien zonweringen of markiezen, rolhekken, luiken of rolluiken reclame-uitingen bevatten vallen ze onder de criteria voor gevelreclame.
Beoordelingsgrondslag
Zonweringen en markiezen, rolhekken, luiken of rolluiken dienen zo onopvallend mogelijk in het straatbeeld aanwezig te zijn, tenzij de architectuur van het gebouw het toelaat dat een markies of luik een bijzonder accent in de gevel vormt. Gesloten gevels aan de openbare weg of groen door geheel dichte rolhekken, luiken of rolluiken dienen zo veel mogelijk voorkomen te worden, temeer daar dit een gevoel van onveiligheid geeft aan passanten. Basis voor beoordeling van de aanvragen, is het uitgangspunt dat ze zo min mogelijk storend aanwezig zijn. De positie, omvang, en kleurstelling dienen aan te sluiten bij de bestaande karakteristiek van het gebouw en de omgeving.
Toetsingscriteria
A. Bij woning of woongebouw 1. Voorbeeldwerking: • Een reeds aanwezige en goedgekeurde zonwering of markies, rolhek, luik of rolluik binnen een straat of bouwblok van dezelfde architectuur dient als voorbeeld voor aanvragen binnen het blok. • Indien in de oorspronkelijk bouwtekening een voorstel voor een zonwering of markies, rolhek, luik of rolluik is gedaan, is deze maatgevend (het verdient de aanbeveling in voorkomende nieuwbouwgevallen reeds een standaard in de plantekening op te laten nemen).
2. Afmetingen, positie en materiaalgebruik en detaillering: Zonwering of markies: • Aan de voorzijde of openbare zijkant: ◦ vensterbreed of max 70% van de gevelbreedte indien aangebracht aan de eerste bouwlaag (Begane Grond); ◦ vensterbreed indien aangebracht aan de bovenliggende bouwlagen (Verdiepingen). • Aan de achterzijde of niet-openbare zijkant: ◦ vensterbreed of gevelbreed indien aangebracht aan de eerste ◦ bouwlaag (Begane Grond); ◦ vensterbreed indien aangebracht aan de bovenliggende bouwlagen (Verdiepingen). • Bij voorkeur een egale kleur voor een zonwering. Een bij de kleurstelling van het gebouw passende kleur voor een markies. Rolhekken of rolluiken: • Aan de voorzijde of openbare zijkant: ◦ bij voorkeur aan de binnenzijde van uitwendige scheidingsconstructie geplaatst, ◦ max. vensterbreed, ◦ bij voorkeur een neutrale donkere kleur passend bij de kleurstelling van het gebouw.
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
[ 61 ]
Band I
• Aan de achterzijde of niet-openbare zijkant: ◦ max. vensterbreed, ◦ bij voorkeur een neutrale donkere kleur passend bij de kleurstelling van het gebouw. Luiken: • Alleen toegestaan indien passend in de bouwstijl van het gebouw (evt. ter beoordeling aan de welstands- en monumentencommissie). • Kleurstelling overeenkomend met rest van het gebouw. • Afmetingen in relatie tot de gevelopeningen. B. Bij andere gebouwen dan woning of woongebouw 1. Voorbeeldwerking: • Een reeds aanwezige en goedgekeurde zonwering of markies, rolhek, luik of rolluik binnen een straat of bouwblok van dezelfde architectuur dient als voorbeeld voor aanvragen binnen het blok. • Indien in de oorspronkelijk bouwtekening een voorstel voor een zonwering of markies, rolhek, luik of rolluik is gedaan, is deze maatgevend (het verdient de aanbeveling in voorkomende nieuwbouwgevallen reeds een standaard in de plantekening op te laten nemen). 2. Afmetingen, positie en materiaalgebruik en detaillering: Zonwering of markies: • Aan de voorzijde of openbare zijkant: ◦ vensterbreed of max 70% van de gevelbreedte indien aangebracht aan de eerste bouwlaag (Begane Grond); ◦ vensterbreed indien aangebracht aan de bovenliggende bouwlagen (Verdiepingen).
• Aan de achterzijde of niet-openbare zijkant: ◦ vensterbreed of gevelbreed indien aangebracht aan de eerste bouwlaag (Begane Grond); ◦ vensterbreed indien aangebracht aan de bovenliggende bouwlagen (verdiepingen). • Bij voorkeur een egale kleur als rood/oranje voor een zonwering. Een bij de kleurstelling van het gebouw passende kleur voor een markies. Rolhekken, spijlenhekken of rolluiken: • Aan de voorzijde of openbare zijkant: ◦ rolhek of rolluik bij voorkeur aan de binnenzijde van uitwendige scheidingsconstructie geplaatst, of anders zoveel mogelijk achter de voorgevellijn; ◦ rolhek of rolluik minimaal 90% glasheldere doorkijkopeningen (m.u.v. het gedeelte tot 0,5 m. boven het maaiveld); ◦ rolhek of rolluik max. vensterbreed en de rolkast binnen de gevel en de geleidingsrail ingebouwd in de neggen; ◦ spijlenhek dat wegklapt tegen de neggen, gevel- of puibreed; ◦ bij voorkeur een neutrale donkere kleur passend bij de kleurstelling van het gebouw. • Aan de achterzijde of niet-openbare zijkant: ◦ max. vensterbreed, ◦ bij voorkeur een neutrale donkere kleur passend bij de kleurstelling van het gebouw.
Luiken:
[ 62 ]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
Band I
• Alleen indien passend in bouwstijl (evt. ter beoordeling aan de welstands- en monumentencommissie). • Kleurstelling overeenkomend met rest van het gebouw. • Afmetingen in relatie tot de gevelopeningen.
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
[ 63 ]
Band I
9
GEVELRECLAME
Omschrijving
Gevelreclame is iedere aanduiding van commerciële of niet- commerciële aard in de vorm van een opschrift, aankondiging, mededeling of beeld-symbool, aangebracht aan of op de gevel en zichtbaar vanaf de openbare weg of groen. Beoordelingsgrondslag Gevelreclames dienen terughoudend in het straatbeeld aanwezig te zijn. Bij de beoordeling wordt gelet of de reclame in maat, vorm, kleur, sfeer en plaats rekening houden met de stedebouwkundige situatie. Tevens wordt gelet op de ligging binnen Wassenaar en de aard van het betreffende gebied: woongebied, winkelgebied, bedrijfsterrein, of buitengebied. Gezien de impact van reclame- uitingen op het straatbeeld, zijn deze objectcriteria alleen van toepassing op de winkelgebieden en bedrijventerreinen. Voor de overige gebieden is een advies van de welstands- en monumenten- commissie vereist.
Toetsingscriteria
1. Ligging: • Gelegen in een van de winkelgebieden: Langstraat*-Luifelbaan; Stadhoudersplein. • Gelegen op een van de bedrijfsterreinen: Van Hallstraat; Maaldrift; Hoge Klei. • Gelegen westelijk van de Rijksstraatweg tussen Rozenplein en Lange Kerkdam; oostelijk van de Rijksstraatweg ter hoogte van Kerkehout. ◦ N.B. de objectcriteria zijn niet geldig voor gemeente-, provinciale of rijksmonumenten. Hiervoor dient altijd een advies van de welstands- en monumentencommissie gevraagd te worden.
2. Algemeen: • Per pand zijn twee reclame-objecten toegestaan: één plat tegen de gevel, en één haaks op de gevel die verwant aan elkaar zijn (type, afmetingen, positie). • Panden behorend tot een (doorlopende) bouwblok van dezelfde architectuur hebben identieke reclame-objecten in type, afmetingen en positie. • Een reeds aanwezig en goedgekeurd reclame-object binnen een bouwblok van dezelfde architectuur dient als voorbeeld voor aanvragen binnen het blok. • Indien in de oorspronkelijk bouwtekening een voorstel voor een reclame-object is gedaan, is deze maatgevend (het verdient de aanbeveling in voorkomende nieuwbouwgevallen reeds een standaard in de plantekening op te laten nemen). 3. Afmetingen en positie • Reclame-uitingen vallen binnen het bouwsilhouet (dus staan ze niet op het dak of in de goot), met uitzondering van reclame- uitingen op gebouwen met een plat dak op de bedrijfsterreinen. • Reclame-uitingen mogen het verkeer niet belemmeren. • Het uitzicht op verkeersborden of straatnaamborden mag niet worden belemmerd door reclame-uitingen. Reclame plat tegen de gevel dient te voldoen aan de volgende eisen: • Indien de reclame wordt uitgevoerd in losse belettering: ◦ De reclame bestaat uit geschilderde, open (neon) of losse tekens. ◦ Verticaal bevindt de reclame zich op de borstwering van de eerste verdieping.
◦ Horizontaal bevindt de reclame zich ofwel in het midden van de gevel, ofwel gecentreerd boven de etalage. ◦ De reclame is niet breder dan 80% van de gevel en niet hoger dan 0,7 m. ◦ Indien de reclame verlichting bevat of wordt verlicht is dit een continue verlichting (geen veranderend of intermitterend licht). • Indien de reclame wordt uitgevoerd als lichtbak:
[ 64 ]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
Band I
◦ ◦
Alleen toegestaan indien het betreffende gebouw onderdeel is van een doorlopend bouwblok met dezelfde architectuur. Lichtbak niet dikker dan 0,15 m. of verzonken in de gevel.
Reclame haaks op de gevel dient te voldoen aan de volgende eisen: • Verticaal is de reclame aangebracht aan de borstwering van de eerste verdieping, doch minimaal op +2,40 m. vanaf maaiveld. • De reclame is verwant aan de reclame plat tegen de gevel (indien aanwezig) in type, afmetingen, en positie. • De reclame is niet groter dan 0,7 bij 0,7 m. en niet dikker dan 0,15 m. • De reclame vormt geen belemmering voor het verkeer. Reclame op een markies dient te voldoen aan de volgende eisen: • Markies toegestaan volgens de criteria van zonweringen en markiezen. • De reclame bestaat uit belettering die is aangebracht op de volant. 4. Overig: • Reclame-uitingen dienen gebonden te zijn aan de functie van het betreffende gebouw. • Lichtstrengen om een reclame-object en/of de contouren van een gebouw te accentueren zijn niet toegestaan, met uitzondering van bijzondere festiviteiten van beperkte duur. • Vlaggen en reclame-banieren zijn niet toegestaan, met uitzondering van bijzondere festiviteiten van beperkte duur.
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
[ 65 ]
Band I
[ 66 ]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
Band I
DEEL 5 BIJLAGEN
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
[ 67 ]
Band I
[ 68 ]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
Band I
Inhoudsopgave bijlagen
A B C
Lijst van termen Voor- en achterkantbenadering Literatuuroverzicht en Verantwoording
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
bijlage A-1 bijlage B-1 bijlage C-1
[ 69 ]
Band I
[ 70 ]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
Bijlage A
Lijst van termen (begrippen)
Aanbouw - grondgebonden toevoeging van één bouwlaag aan een gevel van een gebouw Achterkant - de achtergevel, het achtererf en het dakvlak aan de achterzijde van een gebouw-, de zijgevel, het zijerf en het dakvlak aan de zijkant van een gebouw voorzover die zijde niet direct grenst aan de weg of openbaar groen Afdak - dak dat is aangebracht tegen een muur of gebouw om tegen neerslag te beschermen Afvalcontainer - container voor het gescheiden inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer; Beschermd dorpsgezicht - gebied dat vanwege de ruimtelijke of cultuurhistorische waarde is aangewezen tot beschermd gebied krachtens de Monumentenwet Bestemmingsplan - door de gemeenteraad vastgesteld plan waarin gebruik van grond en bebouwingsvoorschriften zijn vastgelegd Bestrating - verharding van straatstenen of tegels Bijgebouw - grondgebonden gebouw van één bouwlaag dat bij een hoofdgebouw hoort en los van het hoofdgebouw op het erf of kavel staat,- meestal bedoeld als schuur, tuinhuis of garage Blinde muur of gevel - gevel of muur zonder raam, deur of andere opening Borstwering - lage muur of hekwerk langs balkon, galerij, dakrand etc.
Boeibord - opstaande kant van een dakgoot of dakrand, meestal uitgevoerd in hout of plaatmateriaal Boerderij - gebouw of gebouwen op een erf met een (oorspronkelijk) agrarische functie en het daarbij horende woonhuis Bouwblok - een aan alle zijden door straten, wegen of groen begrensde groep gebouwen, die een stedebouwkundige eenheid vormt Bouwlaag - begane grond of verdieping van een gebouw Bouwvergunning - vergunning als bedoeld in artikel 40, eerste lid, van de wet Buitengebied - zie landelijk gebied Bungalow - meestal vrijstaande woning waarvan alle vertrekken op de begane grond zijn gesitueerd buurtschap - een aantal bijelkaar staande woningen C2000-antennemast - antennemast die onderdeel uitmaakt van de landelijke C2000-infrastructuur voor de mobiele communicatie van niet-commerciële hulpverleningsdiensten Carport - afdak om de auto onder te stallen bij een woning
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
[ Bijlage A-1 ]
Dak - afdekking (vlak of hellend) van een gebouw Dakhelling - de hoek van een hellend dak Dakkapel - uitbouw op een hellend dakvlak Dakopbouw - een toevoeging aan de bouwmassa door het verhogen van de nok van het dak, die het silhouet van het oorspronkelijke dak verandert Dakraam - raam in een hellend dak Detail - ontmoeting van verschillende bouwdelen zoals gevel en dak of gevel en raam Elektronische sirene - elektronische sirene ten behoeve van het waarschuwen van de bevolking bij calamiteiten of de dreiging daarvan, alsmede de daarbij behorende bevestigingsconstructie Ensemble - architectonisch of stedebouwkundige compositie van meerdere panden Erf - al dan niet omheind onbebouwd stuk grond dat in ruimtelijk opzicht direct behoort bij, in functioneel opzicht ten dienste staat van, en in feitelijk opzicht direct aansluit aan een gebouw Erker - kleine uitbouw (meestal van één bouwlaag) aan een kamer waardoor deze uitspringt uit de gevel Flat - groot kantoor- of woongebouw met meerdere verdiepingen Galerij - gang aan de buitenkant van een (flat)gebouw die toegang verschaft tot de afzonderlijke woningen Geleding - verticale of horizontale indeling van de gevel Gevel - buitenmuur van een gebouw (voor-, zij- of achtergevel) Hoogbouw - gebouwen van meer dan vier lagen Individueel gebouw - zelfstandig, op zichzelf staand gebouw Kavel - grondstuk, kadastrale eenheid Laag - zie
bouwlaag Laagbouw - gebouwen van één of twee lagen Landelijk gebied - buiten de bebouwde kom gelegen gebied, ook wel buitengebied genoemd Lessenaarsdak - dak met één hellend, niet onderbroken, dakvlak Lichtkoepel - constructie in een plat dak met als doel daglicht toe te laten in de onderliggende ruimte Lijst - een meestal versierde en geprofileerde rand als bekroning van de bovenzijde van een gevel,
[ Bijlage A-2 ]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
raam of deur Lint - langgerekte weg met daarlangs bebouwing Luifel - een uitgebouwd afdak, vaak boven een deur Maaiveld - bovenzijde van een terrein Mansardekap - dakvorm waarbij het onderste deel van het dak steiler is dan het bovenste deel waardoor een geknikte vorm ontstaat Massa - volume van een gebouw of bouwdeel Metselverband - het zichtbare patroon van metselwerk Nok - de hoogste lijn van het dak waar twee dakvlakken samenkomen Ondergeschikt - voert niet de boventoon Ontsluiting - de toegang tot een terrein of een gebouw Oriëntatie - de richting van een gebouw Overstek - bouwdeel dat vooruitsteekt ten opzichte van het eronder gelegen deel Parcellering - indeling in percelen Planmatige bebouwing - groep gebouwen herkenbaar uitgevoerd volgens een vooraf opgesteld plan Plint - een duidelijk te onderscheiden horizontale lijn aan de onderzijde van een gebouw Portiek - ingebouwde ruimte voor de voordeur; bij meergezinswoningen vaak gecombineerd met een gemeenschappelijk trappenhuis Renovatie - vernieuwing van een gebouw Rijtjeshuis - huis als onderdeel van een reeks aaneengebouwde, gelijkende woningen Rooilijn - lijn, die de grens aangeeft waarbinnen gebouwd mag worden Schilddak - dak met vier hellende vlakken waarvan twee grote en twee kleine vlakken Schuur - bijgebouw en behoeve van opslag Situering- de plaats van een bouwwerk in zijn omgeving Speeltoestel - speeltoestel
als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van het Besluit veiligheid attractie- en speeltoestellen. Uitbouw - aan het gebouw vastzittend bouwwerk van één bouwlaag dat rechtstreeks vanuit het gebouw toegankelijk is
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
[ Bijlage A-3 ]
volant - strook doek aan markies of kleed Voorgevellijn - denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een bouwwerk Voorkant - de voorgevel, het voorerf en het dakvlak aan de voorzijde van een gebouw-, de zijgevel, het zijerf en het dakvlak aan de zijkant van een gebouw voorzover die zijde direct grenst aan de weg of openbaar groen Weg - weg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994 Wet - in deze nota wordt met de wet bedoeld de Woningwet Welstandsnota - welstandsnota als bedoeld in artikel 12a, eerste lid, van de wet Zadeldak - dak met twee tegenoverliggende dakvlakken die bij de nok samenkomen Zonnecollector - collector voor warmte-opwekking ter gehele of gedeeltelijke voorziening in de warmtebehoefte ten behoeve van het bouwwerk waarop of waaraan de collector is geplaatst Zonnepaneel - paneel voor de opwekking van elektriciteit uit daglicht Zij-erf - erf gelegen tussen de zijgevellijn en de erfgrens met de openbare ruimte (straat, openbaar groen) langs het desbetreffende perceel Zijgevellijn - denkbeeldige lijn die strak loopt langs de zijgevel van een bouwwerk
[ Bijlage A-4 ]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
Bijlage B
Voor- en achterkant-benadering
Een deel van het vergunningenstelsel en het welstandsbeleid wordt bepaald door de positie van het bouwwerk ten opzichte van de openbare ruimte, i.c. de ligging aan de voorkant, achterkant, of (openbare) zijkant van het hoofdgebouw. In deze bijlage is een gedeelte van de Nota van Toelichting bij het Besluit bouwvergunningsvrije en licht-bouwvergunningplichtige bouwwerken en welstandscriteria (voortvloeiend uit de wet tot wijziging van de Woningwet) opgenomen waarin e.e.a. verduidelijkt wordt:
CONCEPT februari 2001 Besluit van … houdende voorschriften omtrent het bouwen waarvoor het vereiste van een bouwvergunning niet geldt, en omtrent het bouwen waarvoor een lichte bouwvergunning vereist is, en voorschriften omtrent welstandscriteria (Besluit bouwvergunningsvrije en licht-bouwvergunningplichtige bouwwerken en welstandscriteria) (…) Nota van toelichting (…) De randvoorwaarden met betrekking tot de plaats van het bouwwerk zijn ingegeven door de zogenaamde “voor- en achterkant-benadering” en het belang van buren. “Voor- en achterkant-benadering”. Deze benadering houdt in dat er met het oog op stedebouw en welstand in een aantal gevallen verschil moet worden gemaakt tussen het bouwen aan de voorkant of aan de achterkant van een bouwwerk. Vanuit welstandsoptiek is het bouwen aan “de voorkant” in het algemeen kwetsbaarder dan het bouwen aan “de achterkant”. Onder “voorkant” wordt in dit verband verstaan de voorgevel, het voorerf en het dakvlak aan de voorzijde van een gebouw, en de zijgevel, het zijerf en het dakvlak aan de zijkant van een gebouw voorzover die zijde direct grenst aan de weg of het openbaar groen. Eén en ander komt erop neer dat het vergunningsvrije bouwen met betrekking tot een aantal typen bouwwerken alleen betrekking zal hebben op “de achterkant” en dat het bouwen aan “de voorkant” vergunningplichtig is.
Deze “voor- en achterkant-benadering” zal worden toegepast op aan- en uitbouwen, bijgebouwen, overkappingen, dakkapellen, kozijn- en gevelwijzigingen en op meer dan één meter hoge erfafscheidingen. Concreet is in artikel 2 op de volgende wijze uitwerking aan die “voor- en achterkant-benadering” gegeven: • aan- of uitbouwen: bouwvergunningsvrij mits a) 3 m achter de voorgevellijn, en b) 3 m achter de zijgevellijn wanneer die zijkant van het gebouw of erf direct grenst aan de weg of openbaar groen • bijgebouwen en overkappingen: bouwvergunningsvrij mits a) 3 m achter de voorgevellijn, b) 3 m achter de zijgevellijn wanneer dat zij-erf direct grenst aan de weg of openbaar groen, en c) op het achtererf op minstens 1 m afstand van de weg of het openbaar groen wanneer dat achtererf direct grenst aan de weg of het openbaar groen • dakkapellen: bouwvergunningsvrij mits a) niet op het voordakvlak, b) niet op een
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
[ Bijlage B-1]
zijdakvlak wanneer die zijkant van het gebouw/erf direct grenst aan de weg of openbaar groen, c) 3 m achter voorgevellijn, en d) 3 m achter zijgevellijn indien die zijgevel ligt op een erf dat direct grenst aan de weg of het openbaar groen • kozijn-gevelwijzigingen: bouwvergunningsvrij mits a) niet aan de voorgevel, en b) niet aan een zijgevel wanneer die zijkant van het gebouw/erf direct grenst aan de weg of openbaar groen 4 erf of perceelafscheidingen van meer dan 1 m hoog: bouwvergunningsvrij mits a) 3 meter achter de voorgevellijn, b) 3 m achter de zijgevellijn wanneer het zij-erf direct grenst aan de weg of openbaar groen, en c) op het achtererf op minstens 1 m afstand van de weg of het openbaar groen wanneer dat achtererf direct grenst aan de weg of het openbaar groen. Belangen van buren. Met het oog op de bescherming van de belangen van degenen die als directe buur met een bouwwerk op het erf worden geconfronteerd, mogen aan- en uitbouwen aan een zijgevel en bijgebouwen en overkappingen op grond van artikel 2 alleen bouwvergunningsvrij worden gerealiseerd wanneer de afstand van het bouwwerk tot het erf van de buren 1,5 meter of meer is.
[ Bijlage B-2]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
De voor- en achterkant-benadering wordt geïllustreerd in onderstaande figuur.
openbaar groen groen Openbaar
G Gebouw ebouw vrijstaand
vrijstaand
voorkant voorkant
rijtjeswoningen Rijtjeswoningen rijtjeswoningen
G Gebouw ebouw vrijstaand
vrijstaand
voorkant voorkant
straat Straat
bouwenaan aan voorkant” ( aan/ uitbouwen, carports, dakkapellen, bouwen ‘de “de voorkant’(aanbouwen, bijgebouwen,bijgebouwen, carports, dakkapellen, kozijn/gevelwijzigingen en erfafscheidingen > 1 m) licht kozijn/ gevelwijzigingen envergunningsplichtig erfafscheidingen > 1 m): licht-vergunningplichtig bouwenaan aan achterkant” ( aan/ uitbouwen, carports, dakkapellen, bouwen ‘de “de achterkant’(aanbouwen, bijgebouwen, bijgebouwen, carports, dakkapellen, kozijn/gevelwijzigingen kozijn/ gevelwijzigingen en erfafscheidingen > 1 m): vergunningsvrij en erfafscheidingen > 1 m) vergunningsvrij bouwenbinnen binnen m grens van grens privé weg c.q groen . openbaar groen( carports bijgebouwen, bouwen 1 m1van privé-weg c.q. -openbaar (bijgebouwen, en erfafscheidingen > 1 m) vergunningsplichtig carports en licht erfafscheidingen > 1 m): licht-vergunningplichtig bouwenbinnen binnen mgrens van met grens met burenerf ( aan/ aan bijgebouwen zijgevel en bouwen 1,5 1,5 m van burenerf (aanbouwen aanuitbouwen zijgevel alsmede alsmedelicht bijgebouwen en carports): licht-vergunningplichtig carports) vergunningsplichtig Los van de voor- en achterkant-benadering zijn in artikel 2 nog de volgende plaatsgebonden randvoorwaarden opgenomen:
• Anticumulatieregeling. Met het oog op ongewenste dichtslibbing van zij- en achtererven en opeenstapeling van bouwwerken is de randvoorwaarde opgenomen dat het bouwen van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen niet tot gevolg mag hebben dat het oorspronkelijk bij het gebouw aansluitend zij- of achtererf voor meer dan 50% is bebouwd. Dakkapellen (en dakramen, zie artikel 3, onderdeel a) mogen alleen maar bouwvergunningsvrij worden gebouwd wanneer dat niet tot gevolg heeft dat het betreffende dakvlak voor meer dan de helft in beslag wordt genomen door dakkapellen of dakramen. • Recreatiewoningen en tijdelijke bouwwerken. Met name vanuit planologisch oogpunt is het ongewenst dat aan, bij of op recreatiewoningen en tijdelijke bouwwerken als bedoeld in artikel 45 van de Woningwet (bijvoorbeeld een tijdelijke woonkeet) bouwvergunningsvrij aan- en uitbouwen, bijgebouwen, overkappingen en dakkapellen zouden kunnen worden gerealiseerd. Wanneer dat wel het geval zou zijn, zouden onbedoeld namelijk voorwaarden kunnen worden geschapen voor het zonder
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
[ Bijlage B-3]
voorafgaande overheidsbemoeienis omzetten van het recreatief gebruik van een recreatiewoning in permanent gebruik of het omzetten van het tijdelijk gebruik van bijvoorbeeld een woonkeet in langdurig gebruik. Met het oog daarop is het bouwen van de in artikel 2, eerste lid, van het besluit genoemde bouwwerken niet bouwvergunningsvrij maar licht-vergunningplichtig wanneer dat bouwen plaatsvindt aan, bij of op recreatiewoningen of bedoelde tijdelijke bouwwerken.”
[ Bijlage B-4]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
Bijlage C
Literatuuroverzicht
• Welstand op een nieuwe leest; project in opdracht van de Rijksbouwmeester prof. ir. W.Patijn; ISBN 9012088364, 1999 • Naar een gemeentelijke welstandsnota; werkdocument, Marijke Beek, José van Campen, ISBN 90-322-7749-9, 2000 • Nota Belverdere, beleidsnota over de relatie cultuurhistorie en ruimtelijke inrichting; Fred Feddes, redactie.; ISBN 90 322 7615 8, 1999 • Spelregels voor bouwen en verbouwen volgens de Woningwet per 1 januari 2003; publicatie Ministerie van VROM • Gewijzigde Woningwet, meer vrijheden, nieuwe procedures; brochures, informatiebladen, praktijkboek; ministerie van VROM, 2002 • Welstandsnota’s; de eerste oogst; projectbureau Welstand op een nieuwe leest en de Federatie Welstand, 2003 • Landschappen in Zuid-Holland; Hans Oerlemans; ISBN 90 399 01872, 1992 • Landgoederenzone Wassenaar-Voorschoten-Leidschendam; Rijksdienst voor de Monumentenzorg, concept besluit, toelichting en begrenzingskaart MSP/35/01. najaar 2002 • Welstandsnota Voorschoten; gemeente Voorschoten
concept april 2002
• Cultuurhistorische verkenning Wassenaar centrum; Mattie & De Moor, 2002 • Monumentaal groen in Wassenaar; Frans Micklinghoff; ISBN 90-76330-03-4, 1999 • Een eeuw Wassenaar; Frans Micklinghoff; ISBN 90-76330-04-2, 1999 • Het dorpscentrum van Wassenaar; Frans Micklinghoff; ISBN 90-76330-05-0, 2000 • Kastelen, buytenplaetsen en landgoederen in Wassenaar; Frans Micklinghoff; ISBN 90-76330-01-8, 1998 • Jong Monumentaal Wassenaar; Robert van Lit, Carla Scheffer, TasT; gemeente Wassenaar, ISBN 90-80-6942-1; 2002 • Jongere bouwkunst en stedebouw 1800-1945 Wassenaar, deel 1 en 2; Monumenten Inventarisatie Project (MIP), Provinciaal Bestuur van Zuid-Holland, Den Haag, 1994
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
[ Bijlage C-1 ]
Verantwoording december 2003 WELSTANDSNOTA WASSENAAR samenstelling CH & PARTNERS stedebouw en landschap, Den Haag i.s.m. SEVENHILL urban producers, Rotterdam VOLTA 43 procesmanagement, Rotterdam in opdracht van Gemeentebestuur Wassenaar 2010
HERZIENING WELSTANDSNOTA WASSENAAR redactie: M&MD architectuurhistorisch en stedenbouwkundig adviesbureau digitalisering: Crotec wijzigen lay-out: NieuwBlauw Stedenbouw en landschapsarchitectuur
[ Bijlage C-2 ]
Handboek Welstand & Beeldkwaliteit
H a n dbo e k Welstand & B ee ldkwalite it
[ Bijlage C-3 ]