Visiedocument maatschappelijke voorzieningen Waddinxveen- 2030
Tekst van het document
d
VISIE MAATSCHAPPELIJKE VOORZIENINGEN MAATSCHAPPELIJKE VOORZIENINGEN IN WADDINXVEEN IN 2030 BIJ 40.000 INWONERS
Inhoudsopgave 1
Inleiding ............................................................................................................................................ 5 1.1
2
Onderwijs ......................................................................................................................................... 7 2.1
Visie op onderwijsvoorzieningen ............................................................................................. 7
2.2
Huidige en toekomstige situatie............................................................................................... 7
2.2.1
Afbakening ........................................................................................................................... 7
2.2.2
Bestaand aanbod................................................................................................................. 8
2.2.3
Referentiekader ................................................................................................................... 8
2.2.4
Toekomstig benodigde aanbod ........................................................................................... 9
2.3 3
Visie op kinderopvang ........................................................................................................... 11
3.1.1
Professioneel en vertrouwd ............................................................................................... 11
3.1.2
Toegankelijk en dichtbij ..................................................................................................... 12
3.1.3
Samen ............................................................................................................................... 12
3.2
Huidige en toekomstige situatie............................................................................................. 12
3.2.1
Afbakening ......................................................................................................................... 12
3.2.2
Bestaand aanbod............................................................................................................... 13
3.2.3
Referentiekader ................................................................................................................. 13
3.2.4
Toekomstig benodigde aanbod ......................................................................................... 14
3.3
Scenario................................................................................................................................. 15
Zorg en Welzijn .............................................................................................................................. 16 4.1
Visie op Zorg- en Welzijnsvoorzieningen .............................................................................. 16
4.2
Huidige en toekomstige situatie............................................................................................. 17
4.2.1
Afbakening ..................................................................................................................... 17
4.2.2
Bestaand aanbod............................................................................................................... 17
4.2.3
Referentiekader ................................................................................................................. 19
4.2.4
Toekomstig benodigde aanbod ......................................................................................... 20
4.3 5
Scenario................................................................................................................................. 10
Kinderopvang ................................................................................................................................. 11 3.1
4
Leeswijzer ................................................................................................................................ 6
Scenario................................................................................................................................. 21
Sport en bewegen .......................................................................................................................... 23 5.1
Visie op sportvoorzieningen .................................................................................................. 23
5.2 Huidige en toekomstige situatie ................................................................................................... 23 5.2.1
Afbakening ..................................................................................................................... 23
5.2.2
Bestaand aanbod............................................................................................................... 24
5.2.3
Referentiekader ............................................................................................................. 25
5.2.4
Toekomstig benodigde aanbod ..................................................................................... 26
5.3
Scenario................................................................................................................................. 27 2
Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
6
Kunst en Cultuur ............................................................................................................................. 29 6.1
Visie op Kunst en Cultuur ...................................................................................................... 29
6.2
Huidige en toekomstige situatie............................................................................................. 30
6.2.1
Afbakening ......................................................................................................................... 30
6.2.2
Bestaand aanbod............................................................................................................... 30
6.2.3
Referentiekader ................................................................................................................. 31
6.2.4
Toekomstig benodigde aanbod ......................................................................................... 33
6.3
Scenario................................................................................................................................. 34
3 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
Voorwoord Het aantal inwoners van Waddinxveen groeit al 10 jaar en Waddinxveen telt anno 2023 ruim 33.000 inwoners. De verwachting is dat dit aantal nog verder zal toenemen tot wel 40.000 inwoners in 2030. Om ervoor te zorgen dat het in de toekomst ook nog prettig wonen en leven is in Waddinxveen is het van belang dat er bij een toenemend aantal inwoners ook een goed aanbod en gebruik is van de maatschappelijke voorzieningen. In het coalitieakkoord ‘Samen groeien aan de Gouwe’ heeft het college aangegeven een visie voor een toekomstbestendig aanbod van maatschappelijke voorzieningen te willen ontwikkelen. Het eindresultaat van dit ontwikkeltraject ligt nu voor u. Het visiedocument beschrijft voor de verschillende clusters van maatschappelijke voorzieningen de belangrijkste maatschappelijke trends, de uitkomsten van het participatietraject en de gewenste normen om mee te nemen bij nieuwe gebiedsontwikkeling in Waddinxveen. Het referentiekader dat is ontwikkeld is een belangrijk hulpmiddel waarmee we inzichtelijk kunnen maken welke maatschappelijke voorzieningen Waddinxveen in de toekomst benodigd heeft en met welke eisen en wensen er rekening gehouden moet worden bij de realisatie van nieuwe maatschappelijke voorzieningen. Dit visiedocument is een levend document dat gedurende de jaren op basis van nieuwe inzichten aangepast kan worden.
Op deze manier kunnen we het belang van goede maatschappelijke voorzieningen goed borgen in nieuwe projecten en zorgen we ervoor dat we als gemeente handvatten hebben om het belang van maatschappelijke voorzieningen onder de aandacht te brengen bij alle partijen met wie wij samenwerken. Het uiteindelijke doel van het in gebruik nemen van dit visiedocument is om Waddinxveen ook in de toekomst een gemeente te laten zijn waar je met veel plezier kunt wonen, werken en samenleven. Brigitte Leferink, Wethouder
4 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
1
Inleiding
Het doel van dit visiedocument is om antwoord te geven op de vraag: Hoe de maatschappelijke voorzieningen in Waddinxveen zich zouden moeten ontwikkelen rekening houdend met de groei van het aantal inwoners. Om deze vraag goed te beantwoorden is het visietraject opgebouwd uit zeven bouwblokken. De resultaten van deze zeven bouwblokken worden gebruikt om een referentiekader met bijbehorende scenario’s op te stellen. De precieze uitwerking van onderstaande bouwblokken is beschreven in bijlage I: ‘Werkwijze visiedocument.’ 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Afbakening. Vaststellen referentiegemeenten. Huidige situatie in beeld via interactieve kaart. Inwonersenquête opstellen en uitvragen. Externe participatiesessie (stakeholders voorzieningen Waddinxveen). Interne beleidssessie. Interne beleidsanalyse.
Aan de hand van bovenstaande bouwblokken is een referentiekader opgesteld. Een referentiekader is een hulpmiddel met normeringen om een beeld te krijgen of een gemeente voor haar bevolking voldoende ruimte voor (maatschappelijke) voorzieningen heeft. Het referentiekader geeft richting aan de hoeveelheid/aantal benodigde voorzieningen in een gemeente op basis van de bestaande beleidsdoelstellingen, wens van inwoners en stakeholders en op basis van de wettelijke taken van de gemeente. Voor nu en in de toekomst. Daarnaast hebben we als aanvulling op het referentiekader oog voor demografische ontwikkeling van Waddinxveen, omdat deze van belang is bij het op de juiste plek aanbieden van bepaalde voorzieningen. Onderstaande elementen zijn standaard in het referentiekader opgenomen. 1. De schaal: het verschilt op welke schaal een voorziening beschikbaar dient te zijn. Sommige voorzieningen zijn gemeente breed, andere hebben een buurtfunctie of zijn noodzakelijk voor de zelfredzaamheid van mensen of de sociale cohesie in de wijk. 2. Kwantitatieve norm: dit kwantitatieve getal is ofwel gebaseerd op de werkwijze met de tien referentiegemeenten (bijlage II- referentiegemeenten), ofwel op landelijke of gemeentelijke richtlijnen of wetten, ofwel op de huidige situatie in Waddinxveen. 3.
Kwalitatieve normen: zowel de inwonersenquête als de vertegenwoordigers uit het maatschappelijk veld hebben uitspraken gedaan over de schaal van de voorzieningen. Waar van toepassing zijn deze benoemd onder ‘schaal’ en indien de uitspraak concreter was staat die ook onder ‘kwalitatieve normen’. Daarnaast zijn er richtlijnen, streefcijfers of inzichten vanuit diverse instanties beschikbaar. Ook deze zijn benoemd waar beschikbaar. 4. Normen gebaseerd op: korte vermelding bronnen waarop de schaal, kwantitatieve en kwalitatieve norm gebaseerd zijn. Op basis van het referentiekader kan in iedere groeifase en bij iedere nieuwe gebiedsontwikkeling worden bezien hoe en waar de voorzieningen uitgebreid moeten worden. Dit betekent niet automatisch dat voorzieningen eindeloos meegroeien. Er kan ook een moment komen om opnieuw te bezien of de wijze van invulling nog mogelijk of passend is, en of het referentiekader nog bruikbaar is. Zo kan het bijvoorbeeld voorkomen dat er op basis van het referentiekader geconstateerd wordt dat er een tekort is aan een bepaald soort voorziening, maar dat we weten dat de betreffende voorziening kampt met personele tekorten of andere moeilijkheden waardoor het tekort optreedt.
Het referentiekader moet dus niet als een juridisch instrument gebruikt worden, maar als een hulpmiddel om inzicht te geven in het huidige en (potentieel) toekomstige aanbod van voorzieningen in Waddinxveen en duidelijke uitgangspunten te formuleren waarlangs die voorzieningen bij voorkeur tot stand moeten komen. Het is daarbij dus altijd verstandig om aan de hand van de algemene ontwikkelingen en nieuwe planvorming
5 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
in Waddinxveen te controleren of er per cluster maatschappelijke voorzieningen voldoende aanbod is en of de kwaliteit van de voorzieningen voldoende is. Beperkingen referentiekader In deze visie gebruiken we een (kwantitatieve) normering om aan te geven wat de ruimtevraag (in vierkante meters) van een bepaalde voorziening is. Hiermee willen we de vraag beantwoorden: ‘Hoeveel plek moeten we in de toekomst voor een bepaalde voorziening reserveren?’. Om die ruimtevraag te beantwoorden is een vergelijkende studie met de referentiegemeenten uitgevoerd. Deze analyse wordt aangevuld met (landelijke) maatschappelijke trends/ontwikkelingen die we zien en kritisch tegen het licht hebben gehouden. In de praktijk werkt het zo dat aan de hand van het referentiekader een inschatting kan worden gemaakt van het benodigd aantal vierkante meters voor de betreffende voorziening. Dit geeft houvast om te komen tot uitvoeringsplannen en dus een gedegen basis voor verdere analyse van de Waddinxveense situatie. Het kan voorkomen, zoals bijvoorbeeld bij de huisartsen in Waddinxveen, dat de ruimtevraag op basis van de vergelijkende studie uitkomt op een overschot aan vierkante meters en dat er geen toekomstige ruimtevraag wordt verwacht. Tegelijkertijd weten we echter dat er momenteel inwoners op een wachtlijst staan en geen huisarts kunnen vinden in Waddinxveen.
In dit soort situaties moet gesprek met de betrokken partijen en eventuele koepelorganisaties uitkomst bieden. Op basis van de ervaringen en de expertise van het cluster zelf en het kritisch kijken naar maatschappelijke trends kijken we bij het opstellen van de uitvoeringsplannen in hoeverre het nodig is de kwantitatieve normering te wijzigen. Met name het kijken naar de maatschappelijke trends is van belang om te bepalen in hoeverre de oorzaak van het tekort binnen de invloedsfeer ligt van de gemeente.
1.1 Leeswijzer Het visiedocument is opgebouwd aan de hand van de vijf vastgestelde clusters maatschappelijke voorzieningen. Deze clusters zijn beschreven in de startnotitie, die tijdens de raadsvergadering van 31 mei 2023, zijn vastgesteld. In ieder hoofdstuk wordt één cluster maatschappelijke voorzieningen nader uiteengezet. In totaal bestaat het visiedocument dus uit vijf hoofdstukken. Ieder hoofdstuk is opgebouwd aan de hand van drie paragrafen. Paragrafen In de eerste paragraaf van ieder hoofdstuk wordt per cluster de visie op hoofdlijnen beschreven. Hierin komen voornamelijk de uitkomsten uit de participatiesessies naar voren om aan te geven wat inwoners belangrijk vinden voor dit cluster. In de tweede paragraaf wordt inzicht gegeven in het bestaande aanbod van het betreffende cluster en wordt aan de hand van het referentiekader in beeld gebracht welk aanbod er in de toekomst nodig is. De laatste paragraaf beschrijft het voorkeursscenario waarin geschetst wordt hoe de voorzieningen voor het betreffende cluster zich moeten ontwikkelen en welke rol de gemeente daarin wil spelen. Om een goede afweging te kunnen maken zijn ook de financiële gevolgen op hoofdlijnen uiteengezet en als bijlage opgenomen.
6 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
2
Onderwijs
2.1 Visie op onderwijsvoorzieningen Waddinxveen is een gemeente met veel (jonge) gezinnen. We willen ieder kind in Waddinxveen het liefst een goede passende schoollocatie bieden zowel voor basisonderwijs als voortgezet onderwijs. Het is de wettelijke taak van de gemeente om te voorzien in onderwijshuisvesting voor het primair en voortgezet (speciaal) onderwijs. Uit onze inwonersenquête komt naar voren dat onze inwoners het belangrijk vinden dat basisscholen goed bereikbaar zijn in Waddinxveen en dat deze door ouders en kinderen bij voorkeur lopend of op de fiets bereikbaar moeten zijn. Daarnaast wordt aangegeven dat er voldoende aanbod van basisscholen beschikbaar zijn, maar dat er voor het voortgezet onderwijs geregeld wordt uitgeweken naar buurtgemeenten. Waddinxveen telt één locatie voor voortgezet onderwijs. We willen bij het opstellen van een nieuw integraal huisvestingsplan voor het onderwijs specifieke en in samenwerking met de regio kijken naar het benodigde aanbod voor het voortgezet onderwijs in Waddinxveen. We zoeken naar de afstemming en samenwerking met onze buurgemeenten om te bepalen welk onderwijsaanbod er voor het voortgezet onderwijs benodigd is. Uit onze gesprekken met de stakeholders en uit de inwonersenquête blijkt ook de voorkeur voor combinaties tussen onderwijs, kinderdagopvang en sport.
De gemeente gaf zelf ook de voorkeur aan het samenbrengen van deze functies en heeft deze ambitie voor brede scholen en integrale kindcentra opgenomen in het bestaande Integrale Huisvestingsplan Primair Onderwijs 2016-2023. Met het oog op het multifunctioneel gebruiken van maatschappelijke voorzieningen vinden wij dit ook een wenselijk uitgangspunt voor een nieuw te schrijven huisvestingsplan. Daarnaast is de gemeente verantwoordelijk voor het mogelijk maken van het bewegingsonderwijs voor scholen. Het primair onderwijs is verplicht om vanaf 1 augustus 2023 minimaal 2 (les)uren bewegingsonderwijs per week te geven. 1 De gemeente moet hiervoor zaaldelen (sportzalen) beschikbaar stellen om dit bewegingsonderwijs mogelijk te maken. Wij hanteren hierbij het uitgangspunt dat wij sportzalen (binnenzalen) multifunctioneel willen inzetten en dus bij de realisatie van sportzalen rekening houden met het toekomstig gebruik. We bouwen dus niet enkel voor het bewegingsonderwijs, maar ook voor de binnensport in Waddinxveen om het risico op leegstand te voorkomen. Samenwerking Voor de ontwikkeling van het onderwijs in Waddinxveen is de samenwerking met schoolbesturen van groot belang.
Het aantal toekomstig benodigde schoollocaties en de eventuele uitbreiding van bestaande locaties hangt altijd nauw samen met de prognosecijfers van de groei van het aantal kinderen in Nederland, maar in het bijzonder natuurlijk in Waddinxveen. Het is de wens en ambitie van de gemeente om de prognosecijfers van de gemeente te toetsen bij de schoolbesturen op basis van hun eigen gegevens, ervaringen en verwachtingen. Zo kan er het beste ingespeeld worden op veranderingen binnen het onderwijs en kan de gemeente goed inspelen op de toekomstig benodigde vraag naar onderwijshuisvesting. Dit doen we ook voor het bewegingsonderwijs.
2.2 Huidige en toekomstige situatie 2.2.1 Afbakening Het cluster onderwijs is afgebakend in drie subclusters. Primair onderwijs, voortgezet onderwijs en speciaal onderwijs. Het speciaal onderwijs laten we in dit visiedocument buiten beschouwing, omdat er
1
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/brochures/2023/08/01/norm-twee-les-uren-bewegingsonderwijs-vanaf-schooljaar2023-2024
7 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
in Waddinxveen momenteel geen locaties zijn voor speciaal onderwijs en het niet de verwachting is dat hier op korte termijn verandering in komt. Het aantal kinderen uit Waddinxveen dat gebruik maakt van speciaal onderwijs ligt tussen de 150-200 en daarvoor kan goed gebruik gemaakt worden van het aanbod in Gouda. 2.2.2 Bestaand aanbod Onderstaande overzicht toont het aantal basisscholen en middelbare scholen in Waddinxveen. Soort
Oppervlakte in m2
Aantal leerlingen
Basisscholen
Aantal scholen 92
12.224
2.5163
Middelbare scholen
1
7.100
970
Spreiding: Wanneer we kijken naar de zogenaamde: ‘Heat maps’ (Bijlage VIII: ‘Heat maps maatschappelijke voorzieningen) dan zie we dat er in Waddinxveen in de huidige situatie met name in het oosten en zuiden van het dorp te weinig spreiding is van basisscholen. De grootste kans op een eventueel tekort is daar te verwachten. Dit ligt ook in lijn met de kennis die we hebben over het tekort aan aanbod van primair onderwijs in de wijk Triangel. Kijkend naar de nieuw te bouwen school in deze wijk zien we op de ´Heat maps’ de spreiding in Waddinxveen verbeteren. 2.2.3 Referentiekader Het referentiekader voor het cluster onderwijs richt zich op de basisscholen en de middelbare scholen in Waddinxveen. Onderstaande referentienormen zijn opgenomen voor het cluster Onderwijs. Onderwijs Voorziening
Schaal
Primair onderwijs Buurt
Kwantitatieve Kwalitatieve normen norm
Normen gebaseerd op
2.573 m2 per 1.000 gezinnen*
*Integraal Huisvestingsplan primair onderwijs (gemeente Waddinxveen, 2016) (IHP)
InwQ: Loop- of fietsafstand VVHO: 5,03 m2 per kindplaats
Inwonerenquête (InwQ) IHP: 12.224 m2 / 5.561 gezinnen = 2.57 m2 BVO Verordening voorzieningen primair onderwijs per huisvesting onderwijs gezin in Waddinxveen (gemeente Waddinxveen, 2017) (VVHO) Voortgezet onderwijs
Gemeente 2.990 m2 per / regio 1.000 gezinnen*
InwQ: Inwoners *Op basis van Waddinxveen zoeken ook referentiegemeenten in andere gemeenten naar middelbare scholen Inwonersenquête (InwQ) VVHO: Tussen de 4,41 Verordening voorzieningen en 7,07 m2 per kindplaats huisvesting onderwijs afhankelijk van het soort (gemeente Waddinxveen, onderwijs 2017) (VVHO)
2 3
Dit is exclusief dislocaties. We gebruiken hiervoor het bestaande dashboard onderwijs van de gemeente Waddinxveen.
8 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
Onderwijs Speciaal onderwijs
Regio
262 m2 per 1.000 gezinnen*
Op dit moment maken *Op basis van bewoners van referentiegemeenten Waddinxveen gebruik van speciaal onderwijs in Ministerie van Onderwijs, omliggende gemeenten. Cultuur en Wetenschap (OCW) OCW: 6,6 - 15,3 m2 per kindplaats, afhankelijk van schoolsoort
Aandachtspunten Aanvullend op het referentiekader zijn er ook nog specifieke aandachtspunten die naar aanleiding van de stakeholderbijeenkomst en de inwonersenquête naar voren zijn gekomen. Kijk naar de mate waarin onderwijsvoorzieningen met het openbaar vervoer bereikbaar zijn. Maak concrete afspraken met scholen over de toetsing van de prognosecijfers. Bij de realisatie van sportzalen ten behoeve van het bewegingsonderwijs moet het multifunctioneel gebruik en een positieve exploitatie van de sportzalen zwaarder wegen dan de loopafstand tot de sportzaal. 2.2.4 Toekomstig benodigde aanbod In het integraal huisvestingsplan (IHP), dat in 2024 geschreven zal worden, zal aan de hand van het bestaande aantal vierkante meters, de kengetallen uit het referentiekader en de leerlingenprognoses bepaald worden hoeveel extra basisscholen en middelbare scholen er in de toekomst benodigd zijn. Wanneer we op dit moment aan de hand van de kengetallen van het referentiekader zouden kijken naar het benodigde aanbod van onderwijsvoorzieningen in Waddinxveen zien we dat er in 2030 voldoende vierkante meters aan basisscholen in Waddinxveen beschikbaar zijn. Echter we weten ook dat er momenteel al op meerdere scholen een wachtlijst is of wordt verwacht. Die cijfers lijken dus op het eerste gezicht tegenstrijdig te zijn.
Het vervolgtraject van het IHP moet aantonen wat werkelijk benodigd is ten aanzien van de onderwijshuisvesting. We willen ten aanzien van dit traject vanuit dit visiedocument onderstaande kanttekeningen meegeven als aandachtspunten voor het opstellen van een nieuwe IHP en het bepalen van het benodigde aanbod van basis en voortgezet onderwijs. Kanttekeningen bij onderwijshuisvesting Er zijn drie belangrijke elementen die meegenomen moeten worden als aandachtspunten bij het bepalen van het benodigde aanbod aan onderwijshuisvesting in Waddinxveen. 1. Het aantal beschikbare vierkante meters dat een school tot zijn beschikking moet optimaal omgezet worden naar klaslokalen. Alleen het aantal beschikbare vierkante meters voor een school in het basisonderwijs zegt onvoldoende over de hoeveelheid leerlingen die op de betreffende school geplaatst kunnen worden. Wees kritisch bij het indelen en inrichten van de school en zorg voor het efficiënt gebruiken van de ruimte. 2. De spreiding van basisscholen in Waddinxveen kan ervoor zorgen dat het beschikbare aanbod als onvoldoende wordt beschouwd. Zo zijn er in het noorden van Waddinxveen basisscholen waar (nu) nog plek is voor leerlingen, maar deze zijn voor de gezinnen in de wijk Triangel (mogelijk) al snel te ver weg. 3. De school past niet altijd bij de (geloofs)overtuiging van de verschillende gezinnen in Waddinxveen.
Het gevolg is dat er mogelijk plek is op een school, maar dat ouders liever hun kind niet daar de betreffende school toesturen vanwege principiële overwegingen. Bij het bepalen van het toekomstig benodigde aanbod van scholen in Waddinxveen is het raadzaam het totaal aantal type scholen en de behoefte van de gezinnen in Waddinxveen tegen elkaar af te zetten en mee te nemen in het totaal aantal benodigde aanbod van onderwijshuisvesting in Waddinxveen.
9 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
4. Als laatste benadrukken we dat het van belang is om bij de bouw van nieuwe scholen conservatief in te richten en ruim en flexibel te bouwen zodat we in de toekomst makkelijker scholen kunnen uitbreiden of efficiënter kunnen inrichten.
2.3 Scenario Op basis van de genoemde maatschappelijke ontwikkelingen, het bestaande en toekomstige aanbod en het referentiekader is er gekozen om voor het cluster onderwijs te kiezen voor het eerste scenario. De overige scenario’s voor dit cluster zijn te vinden in de bijlage (Bijlage X- Scenario’s). Scenario 1 (wettelijk/basis) 1) We blijven ons houden aan onze wettelijke taak ten aanzien van onderwijs. We realiseren, overeenkomstig onze verordening onderwijshuisvesting, nieuwe scholen in Waddinxveen op het moment dat dit noodzakelijk is en houden daarbij rekening met genoemde trends, ontwikkelingen en aandachtspunten uit het referentiekader. Toelichting Scenario 1 Dit scenario beschrijft grotendeels de bestaande situatie ten aanzien van het onderwijs op dit moment. De gemeente neemt geen regierol wat betreft onderwijs, maar laat het initiatief voor het realiseren van nieuwe scholen bij onderwijsinstanties die zich willen vestigen in Waddinxveen. Argumentatie scenario 1 De gemeente heeft ten aanzien van het onderwijs een wettelijke taak om de onderwijshuisvesting te faciliteren en voldoende openbaar onderwijs te faciliteren (artikel 23 grondwet). In ons integraal huisvestingsplan willen we samen met de schoolbesturen inzetten op voldoende onderwijsaanbod voor de komende jaren.
In die samenwerking en met het oog op de uitgangspunten en aandachtspunten uit het referentiekader denken wij dat het eerste scenario het beste past bij onze gemeentelijke positie en rol. Het is niet noodzakelijk om onze positie ten aanzien van de onderwijshuisvesting te veranderen, omdat de huidige situatie van het onderwijs niet vraagt om een meer faciliterende of regisserende rol, uitgaande van onze bestaande inzet rondom onderwijshuisvesting. Met de bouw van nieuwe basisscholen en het uitwerken van een nieuw integraal huisvestingsplan is het niet noodzakelijk een grotere rol in te nemen.
10 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
3
Kinderopvang
3.1 Visie op kinderopvang De kinderopvang in Nederland groeit al sinds 2015 en het is de verwachting dat deze groei ook in de komende jaren nog zal doorzetten.4 Er is ook een aantal ontwikkelingen die deze groei stimuleert. We benoemen daarbij als eerste het coalitieakkoord: ‘Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst’, waarin is opgenomen dat er een nieuw stelsel voor kinderopvang is beoogd dat vanaf 2027 in werking zou moeten treden. De insteek van dit nieuwe stelsel is om de kinderopvang eenvoudiger en betaalbaarder te maken. De verwachting is dat dit ook onder een nieuw kabinet een vervolg zal krijgen. Dit zal de vraag naar kinderopvang verder doen stijgen. Daarnaast wordt duidelijk dat de invoering van de zogenaamde: ‘Wet invoering extra geboorteverlof (WIEG)5 er tot op heden niet toe leidt dat kinderen later naar de kinderopvang gaan, en dat daardoor de druk op de kinderopvang zou afnemen. Echter de evaluatie van deze wet benadrukt het volgende: “Door de inzet van aanvullend geboorteverlof zouden kinderen mogelijk gemiddeld later of gemiddeld minder dagen per week naar de opvang hoeven. Kinderen geboren in het WIEG-cohort lijken gemiddeld iets later naar de formele opvang te gaan.
De invoering van het aanvullend geboorteverlof is echter geen significante verklarende variabele voor het aantal dagdelen kinderopvang of de leeftijd waarop het kind voor het eerst naar formele opvang gaat” Figuur X: 'Evaluatie WIEG (uitgevoerd door Regioplan in opdracht van het Ministerie van SZW)'
Een andere belangrijke trend ten aanzien van de kinderopvang is dat het personeelstekort in deze sector naar verwachting verder zal toenemen.6 De arbeidsvraag vanuit deze sector is groot en de verwachting is dat deze tot en met het jaar 2031 in ieder geval nog verder zal toenemen. Gekeken naar de demografische ontwikkeling van Nederland zien we dat het aantal kinderen dat geboren wordt al enige tijd afneemt, maar in Waddinxveen blijft het aantal geboortes groeien. Wat betreft het gebruik van de kinderopvang zien we dat op dit moment circa 50 procent van de kinderen in de leeftijdscategorie van 0-4 jaar gebruik maakt van kinderopvang. De verwachting is, mede op basis van bovenstaande trends, dat het aantal kinderen dat gebruik zal maken van kinderopvang verder zal groeien. Uitgaande van deze ontwikkelingen is er samen met stakeholders gewerkt aan een visie op kinderopvang. De visie op kinderopvang is als volgt samen te vatten: De gemeente Waddinxveen wil in samenwerking met alle betrokken partijen en organisaties goede kinderopvang mogelijk maken voor al haar inwoners. Deze kinderopvang moet toegankelijk zijn, dichtbij zijn en bijdragen aan de optimale ontwikkeling van kinderen. Vanuit deze visie zijn de volgende thema’s afgeleid: 1. Professioneel en vertrouwd. 2. Toegankelijk en dichtbij. 3. Samen.
3.1.1 Professioneel en vertrouwd Professionele kinderopvang is een voorwaarde voor een goede ontwikkeling van kinderen van 0 tot 12 jaar. De in Waddinxveen gevestigde kinderopvangorganisaties, waaronder ook de buitenschoolse opvang en gastouders, werken vanuit een pedagogische visie, waarbij een veilige ontwikkeling van het kind centraal staat. Voor alle ouders moet kinderopvang een veilige en vertrouwde omgeving zijn waarin alle kinderen gelijk zijn. De kwaliteit van kinderopvang is geborgd in de Wet Kinderopvang. De gemeente bewaakt de kwaliteit van de kinderopvang. De inspecteurs van de GGD toetsen jaarlijks de kwaliteit van kinderdagverblijven, organisatie voor buitenschoolse opvang en (steekproefsgewijs) de gastouderopvang. De kwaliteit is in Waddinxveen op orde; Waddinxveen heeft de hoogste status. 4
https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2022/28/ruim-1-miljoen-kinderen-met-kinderopvangtoeslag https://open.overheid.nl/documenten/ronl-0692237f7cac997ca0d9fed7bb8e28b55b97c904/pdf 6 https://www.kinderopvang-werkt.nl/sites/fcb_kinderopvang/files/2022-04/Verkenning-arbeidsmarkt-en-trends-kinderopvangapril-2022_1.pdf 5
11 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) Kinderen moeten gelijke ontwikkelkansen krijgen. Kinderen vanaf 2,5 jaar met een (dreigende) onderwijsachterstand kunnen voorschoolse educatie volgen. De gemeente Waddinxveen ziet vanuit haar verantwoordelijkheid toe op goed en voldoende aanbod van deze VVE-plaatsen en het afgeven van VVE-indicaties. De capaciteit van deze VVE-plaatsen in Waddinxveen is op dit moment aan de lage kant. Naast de groep kinderen die nu gebruik maakt van de VVE-plaatsen is er ook aandacht voor andere doelgroepen, zoals bijvoorbeeld de opvang van kinderen van vluchtelingen en arbeidsmigranten. Integrale kindcentra (IKC’s) Door de integratie van kinderopvang en onderwijs ontstaan steeds meer Integrale Kindcentra. Deze IKC’s dragen bij aan een doorgaande ontwikkellijn voor kinderen van 0 tot 12 jaar en zijn daarmee goed voor de ontwikkeling van het kind. Interprofessionele teams borgen een brede (talent)ontwikkeling van kinderen. Waddinxveen stimuleert deze ontwikkeling en faciliteert de samenwerking tussen de kinderopvangorganisaties en het onderwijs. Het is in de praktijk echter niet altijd haalbaar om kinderopvang en onderwijs in hetzelfde pand te huisvesten. Wel wordt er altijd gestreefd naar nauwe samenwerking tussen kinderopvang en onderwijs. 3.1.2 Toegankelijk en dichtbij Waddinxveen is een gemeente waarin jonge gezinnen uit de Randstad graag komen wonen.
De gemeente groeit, mede omdat veel van deze jonge gezinnen ook niet meer weggaan. Daarmee groeit ook de vraag naar kinderopvangplaatsen. Door de huidige tekorten wijken ouders voor kinderopvang soms uit naar buurgemeenten, wat extra druk op de voorzieningen daar legt. Dit staat ook haaks op de wens van de gemeente om integrale kindcentra te realiseren. De gemeente Waddinxveen streeft er dan ook naar om de kinderopvang zoveel mogelijk in Waddinxveen te organiseren. Daarnaast willen we dat het de norm is dat de kinderopvang in Waddinxveen te voet of op de fiets bereikbaar is, mits dit ook ruimtelijk inpasbaar is. We willen zo min mogelijk autoverkeer rondom kinderopvang om de (verkeers)veiligheid van de kinderen zoveel mogelijk te waarborgen en overlast voor de buurt te beperken. In de inwonersenquête geven inwoners ook aan dat het de voorkeur heeft om kinderopvang te voet of per fiets bereikbaar te maken en dat de kinderopvang goed verspreid over Waddinxveen beschikbaar is. 3.1.3 Samen Bij de ontwikkeling van kinderen zijn veel partijen en organisaties betrokken. Naast de kinderopvang zelf spelen bijvoorbeeld onderwijs, consultatiebureaus, jeugdhulp, bibliotheken en sportverenigingen een belangrijke rol (‘it takes a village to raise a child’). Om de ambities van de gemeente te kunnen waarmaken is een structurele samenwerking tussen genoemde partijen van wezenlijk belang.
Vanuit een gedeelde visie en commitment.
3.2
Huidige en toekomstige situatie
Om goed richting te kunnen geven aan het cluster Kinderopvang als een maatschappelijke voorziening is er gekeken hoe het er op dit moment voorstaat met de kinderopvang in Waddinxveen. 3.2.1 Afbakening Het cluster kinderopvang is afgebakend in vier subclusters, namelijk dagopvang, buitenschoolse opvang (BSO), Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) en gastouderopvang.
12 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
Het laatste subclusters is van belang voor het totale aanbod van kinderopvang in Waddinxveen, maar valt buiten het bereik en invloedsfeer van de gemeente en wordt zodoende enkel meegenomen in het bestaande aanbod van het cluster kinderopvang, maar niet verder behandeld, omdat het voor de gemeente zeer beperkt mogelijk is invloed uit te oefenen op de gastouderopvang. De voorschoolse en vroegschoolse educatie vindt plaats op locaties van de dagopvang en levert zodoende geen ‘nieuwe’ ruimtevraag op en wordt dus ook niet opgenomen als voorziening waarvan uitgerekend moet worden hoe groot de toekomstige ruimtevraag zal zijn. 3.2.2 Bestaand aanbod Onderstaande tabel laat zien wat het bestaande aanbod is van de dagopvang, de buitenschoolse opvang en het aantal locaties voor gastouderopvang. Eveneens is daarbij het aantal kindplaatsen genoemd dat deze locaties gezamenlijk vertegenwoordigen. De data zijn afkomstig van ons eigen dashboard onderwijs.7 Soort Aantal locaties Aantal kindplaatsen Kinderdagverblijven (KDV) 0-4 jaar
11
532
Buitenschoolse opvang (BSO) 4-12 jaar
8
477
Gastouderopvang
52
1568
Spreiding: Bij het in beeld brengen van het bestaande aanbod van kinderdagverblijven, buitenschoolse opvang en gastouderopvang is ook gekeken naar de specifieke locaties van deze voorzieningen en is daarbij rekening gehouden met voorzieningen waarvan we al weten dat deze in de toekomst gerealiseerd gaan worden (denk aan de voorzieningen bij de Noordkade). Vervolgens is een zogenaamde: ‘Heat map’ gemaakt die laat zien waar er de meeste behoefte is aan dagopvang of buitenschoolse opvang. Hieruit blijkt dat met name in het zuiden van Waddinxveen er een grotere behoefte aan dagopvang is dan in het noorden. Voor de buitenschoolse opvang is geen grotere vraag naar buitenschoolse opvang in het zuiden of noorden van Waddinxveen, maar lijkt het erop dat dit aanbod voldoende verspreid is. In de bijlage VIII: (‘Heat maps maatschappelijke voorzieningen’) zijn beide: ‘heat maps’ opgenomen. 3.2.3 Referentiekader Het referentiekader voor het cluster kinderopvang richt zich op de dagopvang van ‘0-4-jarigen’ in Waddinxveen en de buitenschoolse opvang (BSO) voor 4-12-jarige. Onderstaande referentienormen zijn opgenomen voor het cluster kinderopvang. Cluster kinderopvang Voorziening
Schaal
Dagopvang Buurt (0-4 jaar) en peuterspeelzaal (2-4 jaar)
Kwantitatieve norm
Kwalitatieve normen
Normen gebaseerd op
980 m2 per 1.000 gezinnen*
KHK: 9 tot 10 m2 per kindplaats 0-3 jaar, 6 tot 7 m2 per kindplaats 3-4 jaar, gemiddeld 0,98 m2 per gezin.
*Kwaliteitskader Huisvesting voor Kinderopvang (KHK), Het Waarborgfonds Kinderopvang
3.576 m2 BVO per 1.000 0- tot 4-jarigen*
InwQ: Voorkeur Loop- of fietsafstand, Voorkeur aanbod verspreid over Waddinxveen.
Inwonersenquête (InwQ)
Wet Kinderopvang (WKO) Wet Kinderopvang:3,5 m2 binnenspeelplaats en 3 m2 Stakeholdersessie (SHS) buitenspeelplaats per kindplaats
7 8
https://waddinxveen.incijfers.nl/dashboard/onderwijs Hierbij wordt er uitgegaan van 1-6 kinderen per gastouderplek en dus een gemiddelde van 3 kindplaatsen per gastouderplek.
13 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
Cluster kinderopvang Buitenschoolse Buurt opvang (4-12 jaar)
1.070 m2 per 1.000 gezinnen*
KHK: 8 m2 per kindplaats 4-12 jaar, 1,07 m2 per gezin
1.661 m2 BVO per 1.000 4- t/m 12jarigen*
InwQ: Loop- of fietsafstand, verspreid over Waddinxveen SHS: Groot tekort aan ruimte dagopvang
*Kwaliteitskader Huisvesting voor Kinderopvang (KHK), Het Waarborgfonds Kinderopvang Inwonersenquête (InwQ) Stakeholdersessie (SHS)
Aandachtspunten De genoemde kwantitatieve en kwalitatieve normen zijn de belangrijkste normen die richting zouden moeten geven voor het cluster kinderopvang bij nieuwe gebiedsontwikkeling in Waddinxveen. Naast deze referentienormen voor dit cluster zijn er ook nog belangrijke aanvullende aandachtspunten. Deze aandachtspunten zijn met name aangedragen tijdens de participatiebijeenkomst van 28 juni jl. en door middel van de inwonersenquête die in Waddinxveen is afgenomen. Voldoende aanbod is belangrijker dan de specifieke locaties waar kinderopvang wordt aangeboden. Bij een nieuw te realiseren school moet altijd de mogelijkheid onderzocht worden tot de realisatie van een integraal kindcentrum. Denk bij nieuwe locaties voor dagopvang ook aan de demografische ontwikkeling van een wijk. Onderzoek en waar mogelijk stimuleer een combinatie tussen (sport)verenigingen, ouderen en buitenschoolse opvang. Bijvoorbeeld een sport BSO bij een voetbalclub. 3.2.4 Toekomstig benodigde aanbod Op basis van bovenstaande referentiekader is er aan de hand van twee rekenmethodes (zie bijlage IIIberekening kinderopvang) gekeken wat er bij een inwoneraantal van 40.000 aan kinderopvang in Waddinxveen benodigd is. Soort
Aantal m2
Aantal locaties
Kinderdagverblijven (KDV) 0-4 jaar Buitenschoolse opvang (BSO) 4-12 jaar
1650- 2420 1760- 2560
5-8 6-8
Aantal benodigde kindplaatsen Tussen 744- en 850 Tussen 720- en 820
14 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
3.3
Scenario
Op basis van de genoemde maatschappelijke ontwikkelingen, het bestaande en toekomstige aanbod en het referentiekader is er gekozen om voor het cluster kinderopvang te kiezen voor het tweede scenario. De overige scenario’s zijn te vinden in de bijlage (Bijlage X- Scenario’s). Wanneer er gesproken wordt over kinderopvang in de scenario’s dan gaat het altijd over het gehele cluster kinderopvang, dus inclusief de voorzieningen voor Buitenschoolse opvang (BSO). Scenario 1+ (wettelijk, tenzij) 1) De gemeente vervult ten aanzien van het cluster kinderopvang haar wettelijke taak, namelijk het uitvoeren van een kwaliteitstoets. Indien het noodzakelijk blijkt zal de gemeente extra faciliteren bij het zoeken naar geschikte locaties voor de realisatie van nieuwe voorzieningen voor kinderopvang. Toelichting Scenario 1+ Naast dat de gemeente zich richt op de wettelijke taak om de kwaliteitstoets uit te voeren kan het nodig zijn om in gesprek te gaan met de aanbieders van Kinderopvang in Waddinxveen om te kijken hoe het aanbod van kinderopvang versneld verhoogd kan worden. Indien dit noodzakelijk blijkt, bovenop de voorgenomen en geplande uitbreiding, maakt de gemeente extra ambtelijke capaciteit beschikbaar om invulling te geven aan een haalbaarheidsstudie en locatiestudie. Hiermee krijgt de gemeente inzicht in potentiele nieuwe locaties voor de realisatie van kinderopvang in Waddinxveen.
Argumentatie scenario 1+ We willen als gemeente niet zelfstandig nieuwe locaties voor kinderopvang realiseren. We denken dat dit onverstandig is, omdat kinderopvang een commerciële voorziening betreft waarbij de betreffende commerciële partijen zelfstandig in staat moeten zijn om tot een gezonde exploitatie van een locatie voor kinderopvang te komen. Daarnaast is ook het personeelstekort in deze sector een belangrijke reden om niet zelf als gemeente voorzieningen voor dit cluster te gaan realiseren met het risico dat de gerealiseerde voorzieningen leeg blijven staan. Het blijft onze wettelijke taak om de kinderopvang in Waddinxveen te toetsen op kwaliteit. Dit blijven we doen als gemeente. Indien het noodzakelijk is willen we wel inzetten op het in beeld brengen van nieuwe potentiele locaties voor de realisatie van nieuwe kinderopvang. In de komende jaren realiseren we reeds nieuwe locaties voor kinderopvang en het zal moeten blijken of extra onderzoek en een meer faciliterende rol vanuit de gemeente noodzakelijk is. Vooralsnog zeggen we daarom dat we bij het eerste scenario de voorkeur geven waarbij we wel benadrukken dat een meer faciliterende rol ingevuld kan worden op het moment dat dit nodig blijkt.
15 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
4
Zorg en Welzijn
4.1
Visie op Zorg- en Welzijnsvoorzieningen
Zorg- en Welzijnsvoorzieningen zijn van groot belang voor onze gezondheid en welzijn. Het zijn voorzieningen die noodzakelijk zijn voor het behoud van een goede fysieke en mentale gezondheid, maar die ook een bijdrage leveren onze positieve gezondheid: ons vermogen om ons aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht van de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven. Deze voorzieningen in Waddinxveen zijn er dan ook voor bedoelt om inwoners een rustig en gezond leven te kunnen bieden, ieder op zijn eigen plek. Zorg en Welzijnsvoorzieningen, zoals deze nu gedefinieerd zijn voor Waddinxveen, vormen een breed palet aan voorzieningen, er moet niet alleen gedacht worden aan eerstelijns medische voorzieningen, zoals de huisarts en de tandarts, maar ook aan voorzieningen ter bevordering van de ontmoeting en hulp en informatie bij het vinden van een oplossing voor een hulpvraag. Het is belangrijk om met het oog op onze Zorg- en Welzijnsvoorzieningen te kijken naar de maatschappelijke trends die van invloed zijn op het toekomstig benodigde aanbod en de wijze waarop we Zorg- en welzijnsvoorzieningen willen aanbieden in Waddinxveen. We hebben in de eerste plaats rekening te houden met het gegeven dat inwoners langer zelfstandig thuis blijven wonen.
9 Langer zelfstandig thuis wonen betekent dat het nodig is om onze Zorg- en welzijnsvoorzieningen goed en dichtbij huis te organiseren zodat inwoners de regie over het eigen leven zo lang mogelijk kunnen behouden. Daarnaast zien we landelijke en lokaal gevoelens van eenzaamheid toenemen.10 Als laatste willen we benadrukken dat het onze wens en ambitie is om met de Zorg- en welzijnsvoorzieningen inwoners samen te brengen zonder daarbij onderscheid te maken tussen groepen. Het coalitieakkoord: ‘Groeien aan de Gouwe’, benadrukt dat inwoners op gelijke voet moeten kunnen deelhebben aan het maatschappelijk leven. Dit betekent dat we oog hebben voor iedereen en in aanbod, bereikbaarheid en gebruik scherp kijken of de Zorg- en welzijnsvoorzieningen nog voldoende beschikbaar zijn voor iedereen. Eerstelijns gezondheidsvoorzieningen Zo willen we benadrukken dat Zorg- en welzijnsvoorzieningen, in het bijzonder de eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen, dichtbij de woon- en leefomgeving van onze inwoners beschikbaar moeten zijn. Hierbij streven we ernaar om zorgvoorzieningen en zorginitiatieven goed te laten samenwerken door op meerdere plaatsen in Waddinxveen, en goed verspreid over het dorp, gezondheidscentra te realiseren waar verschillende zorgpartners nauw kunnen samenwerken doordat zij vanuit dezelfde locatie werkzaam zijn.
Het is onze wens dat eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen in principe op loop- of fietsafstand beschikbaar zijn. Het Planbureau voor de leefomgeving stelt dat de nabijheid van zorgvoorzieningen bijdraagt aan langer veilig thuis wonen op hoge leeftijd. Voor ouderen is het gebruik van auto en fiets vaak moeilijk. Voorzieningen die veel door ouderen gebruikt worden, zoals de huisarts, apotheek en fysiotherapie, worden daarom geadviseerd in elke buurt van Waddinxveen. Hierbij is het wel belangrijk om te benoemen dat wanneer inwoners binnen Waddinxveen verhuizen zij ook op zoek zouden gaan naar een nieuwe huisarts bij hen in de buurt. Zo blijft dit uitgangspunt het best behouden. Het realiseren van de verschillende dagelijkse gezondheidsvoorzieningen in buurten kan in de vorm van aparte praktijken, maar ook door middel van inloopspreekuren bij gezondheidscentra, buurthuizen, scholen of andere openbare plekken, of door middel van (bel)afspraken aan huis. De gemeente kan een regierol nemen als het gaat om het organiseren van afstemming tussen de voorzieningen. Regionale samenwerking Een groot deel van onze Zorg- en welzijnsvoorzieningen worden in de regio aangeboden. Het grootste onderdeel van de ondersteuning van kwetsbare groepen in de samenleving betreft maatschappelijke 9
https://www.scp.nl/publicaties/publicaties/2017/02/10/langer-zelfstandig Corona Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2022 GGD'en, CBS en RIVM
10
16 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
opvang. Onder maatschappelijke opvang wordt verstaan: daklozenopvang, verslaafdenopvang, vrouwenopvang en opvang voor mensen met psychische problematiek. De verantwoordelijkheid voor maatschappelijke opvang ligt bij de gemeente. Voor Waddinxveen geldt dat de meeste van deze voorzieningen zich in de regio bevinden. Zo is bijvoorbeeld de verslaafdenopvang gevestigd in Gouda. We vinden het van belang om deze regionale samenwerking te versterken.
4.2
Huidige en toekomstige situatie
4.2.1 Afbakening Het cluster Zorg en Welzijn is afgebakend in zes subclusters. Het grootste betreft de eerstelijns gezondheidsvoorzieningen waar 10 voorzieningen onder vallen. Binnen het cluster Zorg en Welzijn is er ook een aantal voorzieningen die regionaal invulling krijgen. Dit zijn voornamelijk het subcluster: Werk en Armoede en Opvang/begeleid wonen. Waar nodig zullen deze voorzieningen benoemd worden in het totale aanbod Zorg- en welzijnsvoorzieningen, maar het aanbod is mede afhankelijk van regionaal beleid en veel functies zijn ook niet in Waddinxveen aanwezig. Zodoende zullen we de subclusters Werk en Armoede en Opvang en begeleid wonen in beperkte mate duiding geven voor de toekomst, omdat deze op regionaal niveau invulling krijgen.
4.2.2 Bestaand aanbod Bij het bestaande aanbod wordt er gekeken naar de voorzieningen, zoals deze in de vorige paragraaf zijn toegelicht. Dus zonder de zorg en welzijn voorzieningen die regionaal worden ingevuld. Eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen Aantal m2 Aantal locaties Huisartsen
1900
10
Diëtisten
220
4
Verloskundigen
540
2
Tandartsen
2200
10
Fysiotherapeuten
4800
16
Apotheken
500
3
Hospice
260
1
17 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
Wijkverpleging
2000
5
Verpleeghuis11
0
0
Logopedie
350
3
Wadwijzer
Aantal m2
Aantal locaties
Centrum Jeugd en Gezin
660
1
Werk en Armoede Voedselbank
Aantal m2 550
Aantal locaties 1
Jeugd Jeugdhonk
Aantal m2 0
Aantal locaties 0
JOP’s (jongerenontmoetingsplaatsen)
590
2
Vrij toegankelijke welzijnsvoorzieningen Ontmoetings-dagbesteding-en ontwikkelactiviteiten
Aantal m2 9500
Aantal locaties 11
Spreiding: Wanneer we kijken naar de spreiding van Zorg- en welzijnsvoorzieningen dan valt op dat bij de eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen de huisartsen en apotheken het best gesitueerd zijn rondom het centrum, maar minder goed in het noorden en zuiden en dat met het oog op 2030 de spreiding van huisartsen in het zuiden verbetert. Voor apotheken verslechtert de spreiding met het oog op 2030. De tandartsen zijn voornamelijk in het noorden van Waddinxveen vertegenwoordigd en beperkt aanwezig in het zuiden. De wijkverpleging is oververtegenwoordigd in het noorden van Waddinxveen en richting 2030 ontstaat er zowel in het noorden als zuiden een grotere krapte. De overige eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen zijn gelijkmatiger over Waddinxveen verdeeld. De voorzieningen vanuit Wadwijzer kennen slechts één fysieke locatie, net zoals bij de voedselbank. De vrij toegankelijke welzijnsvoorzieningen zijn goed verspreid over Waddinxveen.
11 De bouw van het nieuwe Souburgh start in 2024.
18 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
4.2.3 Referentiekader Het referentiekader voor bovenstaande subclusters Zorg en Welzijn is hieronder opgenomen. Voor de in de vorige paragraaf beschreven subclusters zijn referentienormen opgesteld. Op basis van die normering kan de toekomstig benodigde situatie worden weergegeven met daarbij oog voor de belangrijkste kwantitatieve en kwalitatieve vereisten.
Dagelijkse gezondheid Voorziening
Schaal
Kwantitatieve norm Kwalitatieve normen
Normen gebaseerd op
Huisartsenpraktijk
Buurt
80 m2 per 1.000 woningen*
InwQ: Loopafstand *Op basis van bereikbaar, verspreid over referentiegemeenten Waddinxveen Inwonersenquête SHS: Groot tekort aan (InwQ) huisartsen in Waddinxveen Stakeholdersessie LHV: 2.100 patiënten per 1 (SHS) fte huisarts, doelstelling 1.800 per 1 fte huisarts Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) PBL: Nabijheid zorgvoorzieningen voor Onderzoek: zelfstandig thuis wonen op Zelfstandig thuis op hoge leeftijd, loopafstand is hoge leeftijd (PBL) max. 500 meter
Apotheek
Buurt
44 m2 per 1.000 woningen*
InwQ: Loopafstand bereikbaar
*Op basis van referentiegemeenten
FBA: 0,05 m2 BVO per woning, 1 apotheek per 3.000 woningen (150 m2 BVO)
Inwonersenquête (InwQ) Farmaceutisch Bureau Amsterdam (FBA)
PBL: Nabijheid Onderzoek: zorgvoorzieningen voor Zelfstandig thuis op zelfstandig thuis wonen op hoge leeftijd (PBL) hoge leeftijd, loopafstand is max. 500 meter Tandartsen en Buurt mondhygiënistenpraktijk
97 m2 per 1.000 woningen*
SHS: Groot tekort aan *Op basis van huisartsen in Waddinxveen referentiegemeenten Stakeholdersessie (SHS)
Psychologische Buurt ondersteuning en GGZ
54 m2 per 1.000 woningen*
*Op basis van referentiegemeenten
Fysiotherapiepraktijk
255 m2 per 1.000 woningen*
InwQ: Loopafstand *Op basis van bereikbaar, verspreid over referentiegemeenten Waddinxveen Inwonersenquête (InwQ) PBL: Nabijheid Onderzoek: zorgvoorzieningen voor Zelfstandig thuis op zelfstandig thuis wonen op hoge leeftijd (PBL) hoge leeftijd, loopafstand is max. 500 meter
Buurt
19 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
Zorg- en welzijnsvoorzieningen Voorziening
Schaal
Kwantitatieve Kwalitatieve normen norm
Centrum jeugd Gemeente 144 m2 per en gezin en + 1.000 consultatieambulant gezinnen* bureau buurt
Normen gebaseerd op
BSD: Visie: Laagdrempelige, toegankelijke en herkenbare plekken voor ouders en jeugdigen in Waddinxveen + aandacht voor preventie en vroegsignalering + professionals in de buurten
*Op basis van referentiegemeenten Beleidskader Sociaal Domein (BSD): 2019-2023, gemeente Waddinxveen Inwonersenquête (InwQ)
InwQ: Niet alle bewoners weten niet waarvoor ze terecht kunnen bij het CJG Aandachtspunten De genoemde kwantitatieve en kwalitatieve normen zijn de belangrijkste normen die richting zouden moeten geven voor het cluster Zorg en Welzijn bij nieuwe gebiedsontwikkeling in Waddinxveen. Naast deze referentienormen voor dit cluster zijn er ook nog belangrijke aanvullende aandachtspunten. Deze aandachtspunten zijn met name aangedragen tijdens de participatiebijeenkomst van 28 juni jl. en door middel van de inwonersenquête die in Waddinxveen is afgenomen. Nieuwe eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen moeten kwalitatief aantrekkelijk zijn voor toekomstige praktijkhouders, de kwaliteit bepaalt mede of bijvoorbeeld nieuwe huisartsen zich in Waddinxveen vestigen. Realiseer ontmoetingscentra (buurthuizen) op wijkniveau. Deze plekken moeten openstaan voor meerdere functies. Verbind het Centrum voor Jeugd en Gezin ook aan scholen zodat problematiek vroegtijdig herkend kan worden. Scholen kunnen een belangrijke rol spelen in de preventie. Neem de vraag naar het benodigde aanbod voor maatschappelijke opvang mee bij nieuwe gebiedsontwikkeling. Zodat altijd de mogelijkheid tot nieuwe locaties voor deze opvang verkend kan worden en niet vergeten wordt.
4.2.4 Toekomstig benodigde aanbod Op basis van bovenstaande referentiekader is er gekeken wat er in de toekomst aan voorzieningen benodigd zou moeten zijn in Waddinxveen. (Zie bijlage IV- berekeningen Zorg en Welzijn). De geplande voorzieningen in Park Triangel zijn hierbij reeds in de berekening meegenomen. Eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen Extra aantal m2 Aantal extra locaties Huisartsen
0
0
Diëtisten
1113
8
Verloskundigen
0
0
Tandartsen
0
0
Fysiotherapeuten
0
0
Apotheken
252
1
Hospice
0
0
Wijkverpleging
0
0
Verpleeghuis12
2000
0-113
Logopedie
333
2
12 13
Bouw van het nieuwe complex Souburgh start in 2024. Het is lastig uit te drukken in extra benodigde locaties. Er kan ook sprake zijn van uitbreiding elders.
20 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
Wadwijzer
Extra aantal m2
Aantal locaties
Centrum Jeugd en Gezin14
218
1
Werk en Armoede
Extra aantal m2
Aantal locaties
Voedselbank
0
0
Jeugd
Extra aantal m2
Aantal locaties
Jeugdhonk
615
1-2
JOP’s (Jongerenontmoetingsplaatsen)
180
1
Vrij toegankelijke welzijnsvoorzieningen Ontmoetings-dagbesteding- en ontwikkelactiviteiten
4.3
Extra aantal m2 2800
Aantal locaties 11
Scenario
Voor het cluster Zorg en Welzijn is een aangepast scenario-voorstel opgenomen. Het cluster Zorg en Welzijn omvat dusdanig voor verschillende soorten voorzieningen dat het niet mogelijk is voor dit cluster één scenario op te nemen als voorkeurscenario waarmee ieder sub-cluster recht gedaan wordt. Zodoende is ervoor gekozen om voor een aantal sub-clusters een apart scenario aan te bevelen. Onderstaande verdeling is aangehouden. I. II. III.
- Eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen: - Jeugd: - Welzijnsvoorzieningen:
scenario 2 + scenario 3 ++ scenario 2 +
(faciliterend) (regisserend) (faciliterend)
Eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen -Scenario 2 + (faciliterend) De eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen hebben een spilfunctie in het Nederlandse zorgsysteem. Zo is de huisarts is de meest laagdrempelige toegang tot professionele zorg, die vroegtijdig medische problemen kan oplossen. Ook is de huisarts is in veel gevallen de toegang naar meer specialistische zorg. De huisarts signaleert ook (vroegtijdig) niet medische problemen (bijvoorbeeld financieel) waar een inwoner aanvankelijk niet voor naar de huisarts kwam. De aanwezigheid van voldoende huisartsenzorg in de directe nabijheid is daarnaast een noodzakelijk om ervoor te zorgen dat het groeiende aantal ouderen langer thuis kan blijven wonen. Maar ook de door de overheid gewenste beweging naar meer preventie om zo de toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid van de zorg te waarborgen vraagt dat huisartsenzorg toegankelijk en nabij is. De aanwezigheid van huisartsenzorg is een basisvereiste voor de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van wijken. Dit geldt ook voor overige eerstelijns gezondheidsvoorzieningen, zoals tandartsen, fysiotherapeuten, apotheken en diëtisten. Samen zorgen deze voorzieningen voor het waarborgen van de leefbaarheid van wijken en de gezondheid van inwoners. Tegelijkertijd zien we dat de huisartsenpraktijken geen patiënten meer aannemen.
Aangezien de leefbaarheid en de aantrekkelijkheid van wijken en het bevorderen van de gezondheid van inwoners de verantwoordelijkheid is van de gemeente, en de aanwezigheid van eerstelijns gezondheidsvoorzieningen onder druk staat is het wenselijk dat de gemeente een meer actieve rol op zicht neemt dan scenario 1 (wettelijk/basis). De gemeente kan het meest van betekenis zijn door referentiewaarden vast te stellen en deze te in bestemmingsplannen te vertalen. Bij deze rol past scenario 2 (faciliterend). Op die manier kan ook gestuurd worden op de spreiding en clustering van eerstelijnsgezondheidsvoorzieningen.
14
Dit betekent concreet dat het Centrum Jeugd en Gezin, gekeken naar de toekomstig benodigde capaciteit een tweede locatie zal moeten openen of dat de huidige locatie ruim uitgebreid zal moeten worden.
21 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
De rol van de gemeente wordt echter ook begrensd. De eindverantwoordelijkheid voor het realiseren of vinden van huisvesting ligt namelijk bij de huisartsen en de andere aanbieders van eerstelijns gezondheidsvoorzieningen zelfstandige ondernemers. Zorgverzekeraars zijn daarnaast (mede) verantwoordelijk voor het bekostigen van de huisvesting. Het zelf, op eigen initiatief, realiseren van huisvesting voor dergelijke partijen is daarnaast niet in lijn met het gemeentelijk beleid voor maatschappelijk vastgoed en zou aanzienlijke kosten en risico’s voor de gemeente betekenen. Scenario 3 (regisserend/realiserend) wordt daarom afgeraden. Jeugd- Scenario 3 ++ (regisserend) Voor de voorzieningen binnen het subcluster jeugd wordt voorgesteld om scenario 3 ++(regisserend) te hanteren voor wat betreft Jeugdhonken en de Jongerenontmoetingsplaatsen. De JOP’s bevinden zich in de openbare ruimte en zijn het eigendom zijn van de gemeente en het doel is dat deze voorzieningen bijdragen aan het gemeentelijk veiligheids- en jeugdbeleid is het verstandig om hier een meer regisserende rol te kiezen. Tegelijkertijd is het verbeteren van de voorzieningen voor de jeugd in Waddinxveen ook afhankelijk van aanbieders van activiteiten voor jeugd.
Het advies is om samen op te trekken met aanbieders van activiteiten voor jeugd, omdat deze organisaties ook ervaring hebben met deze doelgroep die de gemeente zelf niet heeft. Welzijnsvoorzieningen- scenario 2 + (faciliterend) Hierbij adviseren we om voor scenario 2 te kiezen. Veel van deze voorzieningen hebben een preventieve functie, maar worden niet direct door de gemeente aangestuurd. Wij vervullen hier geen regierol en we adviseren om de organisaties met wie we reeds samenwerken zoveel mogelijk te blijven ondersteunen, maar niet zelf meer regie te nemen bij deze voorzieningen.
22 Visiedocument maatschappelijke voorzieningen gemeente Waddinxveen 2030
5
Sport en bewegen
5.1
Visie op sportvoorzieningen
In de eerste plaats streven we ernaar om onze inwoners een goed en gevarieerd sportaanbod te kunnen doen, dit is overeenkomstig de afspraken in het Sportakkoord Waddinxveen (2020). Dit betekent dat we inzetten op breedtesport. Een rijk aanbod van verschillende sporten binnen de gemeentegrens van Waddinxveen. In de tweede plaats wil de gemeente er samen met lokale partners voor zorgen dat er door meer mensen en met meer regelmaat gesport en bewogen wordt. Het uiteindelijk doel is om meer mensen in Waddinxveen te laten voldoen aan de beweegnorm.15 Hiervoor willen we nieuwe aantrekkelijke (sport)activiteiten mogelijk maken en het bestaande aanbod van sportactiviteiten versterken en verbreden. In samenwerking met de sportclubs willen we inzetten op een betere promotie van de sportactiviteiten. Om iedereen in Waddinxveen te kunnen laten sporten willen we als gemeente ook voldoende oog hebben voor het beweegvriendelijk inrichten van de openbare ruimte. Dit noemen we informeel sporten. Sport die niet gebonden is aan een locatie en niet gebonden is aan een vereniging. We zien ook dat in de laatste jaren het aantal inwoners dat op individueel niveau sport aan het toenemen is. 16 Dit is ook een landelijke trend die gedurende de coronaperiode is versterkt.