CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2020 GA versie 2-4-21

Besluitvormende raadsvergadering 23 juni 2021, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Jaarstukken 2020 Groenalliantie21.423 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

4 alinea's met “financiën”: 667 681 828 928

De technische voorbereiding van het project Lansingh-Zuid is zo goed als gereed en er wordt nu een vergunningen traject doorlopen. Naar verwachting kan er eind tweede kwartaal worden aanbesteed en is de speelplek in de 2e helft van 2021 gereed.

24

Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording

Sanitaire voorzieningen Groenalliantie (planvorming fase 2) De definitieve locatie wordt nu bepaald en op basis daarvan wordt het ontwerp van de gebouwtjes ingepast in de omgeving en er wordt een uitvoeringsraming en beheer raming opgesteld. Conform voorgaande besluitvorming wordt het uitvoeringsontwerp ter goedkeuring voorgelegd aan het Dagelijks Bestuur, gebiedsadvies commissie en het Algemeen bestuur. Naar verwacht is de planvorming dan afgerond in juli 2021. Sanitaire voorzieningen Groenalliantie (uitvoering) Uit een eerste vergunning en bestemmingsplannen scan door Omgevingsdienst Midden Holland is gebleken dat in alle gebieden de voorzieningen niet passen in het bestemmingsplan en dat er RO procedures moeten worden doorlopen. Afhankelijk van de besluitvorming in het bestuur en de doorlooptijd van de procedures start de uitvoering eind 2021 en kunnen de sanitaire voorzieningen in mei 2022 in gebruik worden genomen. Mutaties in reserves Toevoegingen aan reserves - Dekking uit Investeringsreserve RP Conform begroting

- Dekking uit Algemene reserve Conform begroting Totaal

Onttrekkingen aan reserves

- Dekking uit Investeringsreserve RP Voorlopig Ontwerp Twaalfmorgen Voorlopig Ontwerp Hoofdentree 't Weegje Reeuwijkse Hout Avonturenroute Projecten Kwaliteitsimpuls RP

Rekening 2019

Primitieve begroting 2020

Begroting na wijziging 2020

Rekening 2020

Resultaat

426.322

0

334.958

334.958

0

0

0

143.000

143.000

0

426.322

0

477.958

477.958

0

Rekening 2019

Primitieve begroting 2020

Begroting na wijziging 2020

Rekening 2020

0 0 0 0

0 0 97.600 0

0 0 0 0

-43 -1.360 0 -80.673

148.700

0

0

Resultaat

43 1.360 0 80.673

- Dekking uit Investeringsreserve KW Verlichting Weidehoeck Kwaliteitsimp. Krimpenerhout-fase I Bijdrage fietspad F441 Verkenning horeca Loetbos

350.000 0

0

5.810

810

0 0 0 5.000

- Dekking uit Algemene reserve GA Kwaliteitsimpuls GA fase 2 en 3 Actualisatie Grondprijsbrief Gemarkeerde wandelroutes KW

0 0 13.854

0 0 0

0 600 0

-15.470 0 -6.927

15.470 600 6.927

- Dekking uit Investeringsreserve GA Hondenbeleid Verkennen prioritaire verbindingen

7.134 21.663

0 0

41.898 0

24.413 0

17.486 0

16.000

- Dekking uit Reserve afschrijvingen Conform begroting

426.322

0

334.958

334.958

0

Totaal

834.973

246.300

383.266

255.709

127.557

25

Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording

3.3

Programma 3: Algemene dekkingsmiddelen

Algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen

Rekening 2019

Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020

Resultaat

Lasten Deelnemersbijdrage Overige structurele lasten Totaal lasten

309 309

6.600 6.600

6.600 6.600

1.387 1.387

5.213 V 5.213 V

Baten Deelnemersbijdrage Overige structurele baten Totaal baten

1.377.300 1.869.274 3.246.574

1.407.500 1.869.300 3.276.800

1.407.500 1.869.300 3.276.800

1.407.500 1.869.274 3.276.774

26 N 26 N

Saldo gewone bedrijfsvoering

3.246.265

3.270.200

3.270.200

3.275.387

5.187 V

Kredieten Lasten kredieten Baten kredieten (bijdragen derden) Saldo kredieten Totaal saldo van baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo toevoegingen en ontrekkingen aan reserves

Gerealiseerd resultaat

3.246.265 -

3.246.265

3.270.200 -

3.270.200

-

-

-

3.270.200

3.275.387

5.187 V

504.940 (504.940)

2.222.631 1.717.693 (504.938)

1.717.691 N 1.717.693 V 2V

2.765.260

2.770.449

5.189 V

Toelichting: Deelnemersbijdragen Tijdens de werkconferentie op 18 februari 2019 hebben de leden van het Dagelijks en Algemeen Bestuur gesproken over de aangebrachte compartimenten in de begroting van Groenalliantie. Geconstateerd is dat zich sedert de oprichting van de Groenalliantie ingrijpende veranderingen hebben voorgedaan. Alles afwegende acht het bestuur het voor de bestuurlijke en financiële toekomstbestendigheid van de Groenalliantie belangrijk dat de vijf deelnemende gemeenten onder gelijke voorwaarden participeren in en profiteren van de samenwerking in de gemeenschappelijke regeling. Daarom is met ingang van het begrotingsjaar 2022 - bij gelijkblijvende omstandigheden en ongewijzigd beleid – besloten over te gaan tot een uniformering van de berekening van de deelnemersbijdragen per werkgebied, waarbij het bepaalde in artikel 33, lid 2 ad a van de gemeenschappelijke regeling voor het werkgebied Reeuwijkse Plassen e.o. ook gaat gelden voor het werkgebied Krimpenerwaard. Dit betekent een verdeling van het negatief exploitatiesaldo op basis van het inwoneraantal per gemeente, hetgeen voor alle deelnemers neerkomt op een deelnemersbijdrage van € 7 per inwoner (inclusief jaarlijkse indexatie). Dit heeft nog geen gevolgen voor de deelnemersbijdragen in de jaren 2019, 2020 en 2021.

26

Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording

Aandeel in nadelig exploitatiesaldo 209.300 211.900

Verdeling deelnemersbijdrage KW Gemeente Krimpen a/d IJssel Gemeente Krimpenerwaard TOTAAL

Percentage 49,7% 50,3%

421.200

Aandeel in nadelig exploitatiesaldo

Percentage

Gemeente Gouda Gemeente Bodegraven/Reeuwijk Gemeente Waddinxveen

539.600 252.000 194.700

55% 25% 20%

TOTAAL

986.300

Verdeling deelnemersbijdrage RP

De deelnemersbijdrage is conform de begroting 2020. Van de post onvoorzien is € 5.600 in 2020 niet benut. Mutaties in reserves Toevoegingen aan reserves

Rekening 2019

Primitieve begroting 2020

Begroting na wijziging 2020

Rekening 2020

Algemene reserve Conform begroting

0

0

294.240

294.238

2

Vervangingsinvesteringsreserve GA Conform begroting

0

0

210.700

210.700

0

Reserve afschrijvingen Kredieten gereed overgeheveld naar afschrijvingsreserve

0

0

0

1.717.693

-1.717.693

Totaal

0

0

504.940

2.222.631

-1.717.691

Rekening 2019

Primitieve begroting 2020

Begroting na wijziging 2020

Rekening 2020

- Dekking Algemene reserve Kredieten gereed overgeheveld naar afschrijvingsreserve

0

0

0

256.233

-256.233

- Dekking uit Reserve kwaliteitsimpuls Krimpenerwaard Kredieten gereed overgeheveld naar afschrijvingsreserve

0

0

0

534.806

-534.806

- Dekking uit Investeringsreserve RP Kredieten gereed overgeheveld naar afschrijvingsreserve

0

0

0

109.137

-109.137

- Dekking uit Investeringsreserve KW Kredieten gereed overgeheveld naar afschrijvingsreserve

0

0

0

817.518

-817.518

Totaal

0

0

0

1.717.693

-1.717.693

Onttrekkingen aan reserves

Resultaat

Resultaat

27

Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording

3.4

Overzicht Overhead

Wat hebben we bereikt? Kwalitatief hoogwaardige bestuurlijke en juridische advisering aan het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur, over ten minste de volgende aandachtsgebieden: - lopende zaken, beleid, ontwikkelingen en toekomst van het schap; - nieuwe of gewijzigde wet- en regelgeving die van invloed zijn op het schap; - financieel beleid, begroting en verantwoording. Daarbij is rekening gehouden met wat er speelt op de betreffende beleidsvelden en met het netwerk binnen en buiten het schap. Dit netwerk bestaat uit schapsdeelnemers, ambtelijk apparaat, natuur- en milieuorganisaties en stakeholders in het schapsgebied. Tevens het voorbereiden van bestuursvergaderingen inclusief een verslaglegging van bestuursvergaderingen en het zorgdragen voor het uitvoeren van de actiepunten. Wat hebben we daarvoor gedaan en wat heeft het gekost? De ondersteuning van het Dagelijks en het Algemeen Bestuur vond plaats door het leveren van de volgende producten: 1. Bestuursproducten 2. Juridische ondersteuning en advisering 3.

Financiën Ad.1 Bestuursproducten De bestuursproducten omvatten: - Het voorbereiden en plannen van bestuursvergaderingen; - Het verslagleggen van bestuursvergaderingen en het (laten) uitvoeren wat afgesproken is; - Het signaleren van knelpunten in de uitvoering en het aandragen van oplossingen; - Eerste aanspreekpunt zijn voor schapsdeelnemers, ambtelijk apparaat en stakeholders voor alle zaken/ projecten die in schapsverband spelen; - Het vertegenwoordigen van de schapsbesturen in ambtelijke en bestuurlijke netwerken en gremia van de deelnemers; - De eindtoets op bestuursvoorstellen; - Het opstellen en uitvoeren van additionele opdrachten en beleidsadviezen waarmee het bestuur in staat wordt gesteld om richting en middelen vast te stellen. Het Dagelijks Bestuur heeft in 2020 zes keer vergaderd en het Algemeen Bestuur vier keer. Er waren meer vergaderingen nodig dan gepland: dit vanwege de benoeming van nieuwe bestuurders, een advies rondom de vennootschapsbelasting en de vaststelling van extra bestuursbesluiten. Voorts waren terugkerende agendapunten onder meer de jaarlijkse Producten Control Cyclus en de operationele uitwerking van reeds vastgestelde projecten. Nieuw dit jaar waren de gevolgen van Covid-19 en het beheer- en ontwikkelplan. Tevens is er een bestuurlijke werkconferentie geweest, waarbij een aantal gastsprekers zijn uitgenodigd.

Naast de bestuursvergaderingen is er ondersteuning verleend bij het informeren van de gemeenteraden. Dit is gebeurd door het toesturen van toelichtende brieven bij de financiële stukken in het kader van de Product- en Control Cyclus.

28

Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording

De gebiedsadviescommissies hebben in 2020 twee keer vergaderd. De inbreng van de gebiedsadviescommissies is gevraagd voor advisering van een aantal voorstellen en de hondenverordening. Product Bestuursproducten

Rekening 2019 Lasten Baten

Saldo

Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020 257.148 284.000 264.900 255.927 (257.148) (284.000) (264.900) (255.927)

Resultaat 8.973 V 8.973 V

De bestuurskosten zijn €8.973 lager dan begroot, met name door Corona. Ad.2 Juridische ondersteuning en advisering Dit product heeft betrekking op de (algemene) juridische advisering op het gebied van publiek- en privaatrecht en het implementeren, toepassen en evalueren van wet- en regelgeving relevant voor de gemeenschappelijke regeling (Wet gemeenschappelijke regelingen en Algemene wet bestuursrecht). Ook het behandelen van bezwaar- en beroepzaken en zaken op grond van de Wob (Wet openbaarheid van bestuur) en Wet Bibob (Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur), behoren tot de juridische ondersteuning en advisering. Product Juridische ondersteuning en advisering

Rekening 2019 Lasten Baten

Saldo

Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020 9.000 10.100 10.100 9.300 (9.000) (10.100) (10.100) (9.300)

Resultaat 800 V 800 V

Ad.3 Financiën In het kader van de financiële ondersteuning zijn de volgende activiteiten uitgevoerd: - Verzorgen van de financiële administratie van de gemeenschappelijke regeling: tijdige en systematische vastlegging van baten, lasten en in- en uitgaande geldstromen; - Incasseren van gelden als gevolg van verkoop, heffing en/of in privaatrechtelijke overeenkomsten overeengekomen vergoedingen; - Uitvoeren van de interne controle gericht op getrouwheid en rechtmatigheid op financieel gebied, waarbij de nadruk ligt op ‘inkoop en aanbestedingen’, het betalingsverkeer en de volledigheid van huur- en erfpachtopbrengsten; - Toetsen van bestuursvoorstellen op incidentele en/of structurele financiële consequenties; - Het voeren van periodieke budgetgesprekken met budgethouders en projectleiders; - opstellen van de planning & control producten, zoals begroting, najaarsrapportage en jaarstukken; - Begeleiden van de werkzaamheden van de accountant (interim controle, subsidiecontroles, jaarrekeningcontrole); - Werkzaamheden in het kader van de vennootschapsbelastingplicht. Product Financiën Saldo

Rekening 2019 Lasten Baten

Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020 119.027 114.000 121.000 120.508 (119.027) (114.000) (121.000) (120.508)

Resultaat 492 V 492 V

29

Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording

Kredieten N aam k rediet

Sluitdatum

Totaal krediet

Realisatie t/m 2019

(A)

(B)

Begroting na Rekening 2020 Realisatie t/m Restantkrediet % lasten t.o.v. wijziging 2020 2020 (per 31-12- totaal krediet 2020) (C) (B+C) (A-B-C)

Werkbudget Groenalliantie - Dekking uit Investeringsreserve RP - Dekking uit Investeringsreserve KW

2021

20.000 10.000 10.000

500 500 0

4.000 2.000 2.000

0 0 0

500 500 0

19.500 9.500 10.000

3%

Handelingskader energieopwek king - Dekking uit Investeringsreserve GA

2021

35.000 35.000

0 0

18.062 18.062

18.063 18.063

18.063 18.063

16.938 16.938

52%

Ontwik kel- en beheerplan Groenalliantie - Dekking uit Investeringsreserve GA

2021

151.000 151.000

0 0

84.338 84.338

50.303 50.303

50.303 50.303

100.698 100.698

33%

Totaal Overhead

206.000

500

106.400

68.365

68.865

137.135

- Dekking uit Investeringsreserve RP - Dekking uit Investeringsreserve KW - Dekking uit Investeringsreserve GA

10.000 10.000 186.000

500 0 0

2.000 2.000 102.400

0 0 68.365

500 0 68.365

9.500 10.000 117.635

Toelichting: Werkbudget Groenalliantie De gebiedsadviescommissies voor de Krimpenerwaard en Reeuwijkse Plassen e.o. zijn samengevoegd en vergaderen doorgaans 2 x per jaar voorafgaand aan het Algemeen Bestuur. Er wordt geadviseerd over nieuwe investeringen in de gebieden. Het krediet blijft in stand en wordt verlengd naar 2021. Handelingskader energieopwekking Het beleids- en handelingskader duurzaamheid dient ertoe om Groenalliantie in de rol van locatieverschaffer van grond beter gesteld te doen staan voor de beoordeling van kansen, ontwikkelingen en opgaven, die vanuit de landelijke, provinciale en regionale doelstellingen op Groenalliantie afkomen. Het project is gestart en loopt door in 2021. Opstellen Ontwikkel- en beheerplan Groenalliantie Een eerste concept is besproken in de bestuurlijke werkconferentie (december 2020). Het bestuur heeft opdracht gegeven tot een bestuurlijk vervolgtraject en participatietraject met gebiedspartners (2021). Mutaties in reserves Toevoegingen aan reserves

Rekening 2019

Primitieve begroting 2020

Begroting na wijziging 2020

Rekening 2020

Resultaat

- Dekking uit Investeringsreserve GA Conform begroting

0

0

75.000

75.000

0

Totaal

0

0

75.000

75.000

0

30

Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording

Onttrekkingen aan reserves

Rekening 2019

Primitieve begroting 2020

Begroting na wijziging 2020

Rekening 2020

- Dekking uit Algemene reserve GA Conform begroting

0

0

75.000

75.000

0

- Dekking uit Investeringsreserve GA Ontwikkelingsplan GA Handelingskader energieopwekking

0 0

0 0

84.338 18.062

50.303 18.063

34.036 -1

- Dekking uit Investeringsreserve RP Werkbudget Groenalliantie

500

5.000

2.000

0

2.000

- Dekking uit Investeringsreserve KW Werkbudget Groenalliantie Totaal

Resultaat

0

5.000

2.000

0

2.000

500

10.000

181.400

143.365

38.035

31

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

4. Paragrafen 4.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Het weerstandsvermogen weerspiegelt de mate waarin het schap in staat is middelen vrij te maken om de risico's die zich in de praktijk voordoen op te vangen zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd/ingekrompen moet worden. Conform de nota weerstandsvermogen wordt de ratio weerstandsvermogen berekend om te bepalen of het schap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. Voor de waardering van de toereikendheid van het weerstandsvermogen wordt de volgende tabel gehanteerd. Ratio weerstandsvermogen Waarderingscijfer Ratio weerstandsvermogen A > 2,0 B 1,4 < x < 2,0 C 1,0 < x < 1,4 D 0,8 < x < 1,0 E 0,6 < x < 0,8 F < 0,6

Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

* De financiële impact wordt berekend door bij een hoog risico 80%, bij een gemiddeld risico 50% en bij een laag risico

20% van het bedrag van de financiële omvang te nemen.

Risico’s

Aard van het risico

Financiële omvang risico

Kans van optreden* H/M/L

Impact (uitgaande van vier jaar)

1.

Eindafrekening verstrekte subsidies

Bij de eindafrekening van een project worden door subsidiegever niet alle gemaakte kosten vergoed.

PM

L

PM

2.

Invoering vennootschapsbelasting voor overheidsondernemingen (VPB)per 1 januari 2016 Meerjarige dekking begroting na uittreding provincie Zuid-Holland

Verhoging incidentele en structurele lasten. Invoering VPB heffing

PM

L

PM

Financiering exploitatie tekort door uittreding provincie Zuid-Holland vanaf 2026;aanname is 25% of meer. Incidenteel & structureel

€ 456.857

H

PM

PM

M

PM

3.

4.

economisch grondzaken

32

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Risico1: Subsidietoekenningen en –afrekeningen De Groenalliantie heeft enkele projecten lopen die deels gefinancierd worden door subsidiebijdragen. Subsidieverstrekkers letten bij de aanvraag, voortgangsrapportages en bij de definitieve afwikkeling scherp op de motivatie en inhoudelijke toelichtingen en onderbouwingen. Door onvoorziene omstandigheden kan het voorkomen dat het niet mogelijk is om binnen het gestelde budget te blijven of dat er niet subsidiabele kosten gemaakt moeten worden om het project toch uit te kunnen voeren. Het verkrijgen van subsidies en het naleven van subsidievoorwaarden (inhoudelijk, financieel en naleving van termijnen) geeft een risico. De omvang van de uitvoeringsplannen van de kwaliteitsimpuls wordt deels bepaald door de toekenning van subsidies. Het subsidierisico wordt ingeschat met kans van optreden Laag. Risico 2: Invoering Vennootschapsbelasting (Vpb) voor overheidsondernemingen Per 01 januari 2016 is de Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen van kracht geworden. Hiermee zijn onder andere ook de gemeenschappelijke regelingen (Recreatieschappen) Vpb-plichtig voor zover een onderneming wordt gedreven. Hiertoe zijn “ondernemingstoetsen per cluster” aangemaakt voor de afzonderlijke Recreatieschappen waarmee geprobeerd wordt om aan te tonen dat er geen sprake is van een onderneming in fiscale zin.

In de Groen Alliantie trad een extra risico op voor deze heffing omdat over de jaren 2017, 2018 en 2019 sprake is/was van een aanzienlijke jaarlijkse jaarwinst vóór resultaatbestemming in de exploitatie/jaarrekening van de Groenalliantie. Vanuit afdeling Financiën van Staatsbosbeheer is dat risico onderkent en is er in samenwerking met de fiscalist actief afstemming gezocht is met de Belastingdienst en een beroep gedaan op de zogenaamde zgn. “samenwerkingsverbandvrijstelling”. Eind november 2020 heeft de Belastingdienst hier per brief een beslissing in genomen, dit heeft geresulteerd in een positieve uitkomst: er is terecht door SBB een beroep gedaan op de “samenwerkingsverband-vrijstelling” en aangifte VPB kan achterwege blijven. Dit betekent dat het risico op VPB heffing, mits aan de voorwaarden wordt voldaan, als nihil kan worden beschouwd. Risico 3: Meerjarige financiering na uittreding provincie Zuid-Holland De komende vijf jaar zijn er voor de dekking van de exploitatie van Groenalliantie geen financiële zorgen te verwachten. De financiële continuïteit voor de exploitatie is t/m 2021 voor 100% en daarna t/m 2025 voor 90% geborgd. Vanaf 2022 dient het bestuur van Groenalliantie rekening te houden met 10% kostenbesparing op de exploitatie.

Door de verhoging van de deelnemersbijdrage in 2022 wordt het begrotingstekort opgevangen dat met ingang van 2022 ontstaat, omdat ingevolge de Uittreedovereenkomst met de provincie de begrotingssubsidie in dat jaar structureel met 10% daalt (van 57 % naar 47%). Aan de hand van een monitoring en evaluatie van de beschikbare middelen wordt door de provincie in 2021 bepaald waarvoor en onder welke voorwaarden het flexibele deel van het budget per 2022 beschikbaar wordt gesteld. De eerste ambtelijke contacten zijn inmiddels gelegd. Dit wordt schapsbreed opgepakt. De periode na 2025 vraagt naar verwachting om meer keuzes en maatregelen. Het risico is vooralsnog hoog ingeschat en de aanname is dat er vanaf 2026 tenminste 25% minder structureel wordt ontvangen.

33

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Risico 4: Economische grondzaken Een algemeen risico van het zijn van grondeigenaar is bodemverontreiniging. Er kunnen milieuverontreinigingen aanwezig zijn die momenteel niet bij de Groenalliantie bekend zijn en waarvan de veroorzaker na ontdekking niet kan worden aangesproken. In een aantal gevallen kan het schap echter wel verantwoordelijk gehouden worden voor de kosten van sanering. De kosten hiervoor zullen pas bekend worden wanneer een dergelijke milieuverontreiniging wordt aangetroffen. Wanneer er nieuwe ontwikkelingen komen voor bestaande gebieden, zal nagegaan moeten worden of er vervuiling is. Indien er sprake is van vervuiling zal eerst een saneringsplan moeten worden opgesteld. Als gevolg van de eerdere economische crisis is het niet uitgesloten dat een van de relaties van het schap om een canonverlaging vraagt. Dit zou tot gevolg kunnen hebben dat de inkomsten naar beneden bij gesteld moeten worden of dat de overeenkomst ontbonden moet worden en zo wenselijk naar een nieuwe relatie gezocht moet worden. Op gronden die in erfpacht met accessoir opstalrecht zijn uitgegeven is het de erfpachter toegestaan een opstal te vestigen op de in de erfpacht opgenomen percelen.

Meerdere contracten bevatten een clausule die bepaalt dat bij beëindiging van het erfpacht- opstalakte door het recreatieschap, het recreatieschap verplicht kan worden de opstal tegen de dan geldende waarde over te nemen van de erfpachter. Dat betekent dat het recreatieschap in de toekomst mogelijk verplicht zou kunnen worden om bij het opzeggen van de erfpachtakte de opstallen over te nemen. De hieruit voortvloeiende liquiditeitsbehoefte kan vooruitziend niet op redelijke wijze bepaald worden. COVID-19 (Corona) Zoals toegelicht in ‘Inleiding van de jaarrekening” hebben de Covid-19-uitbraak en maatregelen geleid tot een intensivering van het gebruik van de gebieden. Ook hebben veel ondernemers een beroep moeten doen op de steunmaatregelen van de overheid, omdat zij een groot deel van het jaar niet of bepekt open konden. Het is nog onbekend wat de gevolgen op de langere termijn zijn voor onze bedrijfsactiviteiten, maar de verwachting is dat de toenemende drukte en de daaruit voort vloeiende gevolgen ook in 2021 merkbaar is. De schaal en duur van deze pandemie blijven onzeker. De belangrijkste risico's zijn: 

  

Toeleveringsketen: Het risico op vertraging bij onze belangrijkste ketenpartners, de aannemers, is zeer beperkt. Zij kunnen de productiewerkzaamheden doorgang laten vinden. Voor de externe leveranciers geldt hetzelfde beeld. De aanbesteding van groot onderhoud asfalt heeft door capaciteitsproblemen bij het ingenieursbureau tot vertraging geleid. Omzet en resultaat: Vooralsnog wordt geen groot materieel effect op omzet en resultaat verwacht. Overheidssteun: De Groenalliantie valt – in tegenstelling tot haar deelnemers- vooralsnog niet onder de door de overheid aangekondigde steunmaatregelen. Financiering en liquiditeit: in de jaarrekening 2020is onze financierings- en liquiditeitspositie van de onderneming opgenomen. Hieruit blijkt dat het risico dat de Groenalliantie onvoldoende in staat zijn aan haar korte termijn verplichtingen te voldoen, ook als rekening gehouden wordt met de gevolgen van Covid-19, klein is. Interne beheersing: De bestaande autorisaties, mandaatstructuur in onze financiële processen blijft gecontinueerd en zorgt ervoor dat het risico op fouten of fraude hiervan geen gevolgen ondervindt.

34

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Continuïteit: Zoals toegelicht in de jaarrekening zijn wij op dit moment niet van mening dat de gevolgen van het Covid-19-virus een materieel negatief effect zullen hebben op onze financiële conditie of liquiditeit van de Groenalliantie i.c. er is geen sprake van een continuïteitsrisico.

Ratio Weerstandsvermogen De ratio weerstandsvermogen wordt berekend om te bepalen of het schap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. Rekening houdend met de resterende claims en het voordelig resultaat bedraagt de Algemene Reserve € 2 mln. De gekwantificeerde risico’s zijn niet te kwantificeren, maar zijn lager dan € 2 mln. Daarmee is de ratio van het Weerstandsvermogen uitstekend te noemen. Kengetallen BBV In het BBV (=financiële regelgeving voor gemeenten, provincies, gemeenschappelijke regelingen) staat dat er in de jaarstukken enkele kengetallen moeten worden opgenomen. De kengetallen staan in onderstaande tabel.

Kengetallen

netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte

Rekening Begroting Rekening 2019 2020 2020 -222% -222% 64% 11%

-147% -201% nb -201% 56% 71% 0% 12%

Deze kengetallen geven enig inzicht in de financiële positie en de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de organisatie. De netto schuldquote geeft een beeld van het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Bij de “netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen” worden ook de verstrekte leningen meegenomen. Een negatieve schuldquote geeft in feite aan dat er per saldo geen sprake is van een schuld. Ten opzichte van 2019 (-222%) is de positie verslechterd. De solvabiliteitsratio wordt berekend als het percentage van het totale eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen van het schap. Dit geeft inzicht in de mate waarin het schap in staat is om aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Ten opzichte van 2019 (64%) is de solvabiliteitsratio verbeterd. Het kengetal “structurele exploitatieruimte” geeft aan of de structurele baten groter zijn dan de structurele lasten. Dit wordt in het kengetal als percentage van de totale baten uitgedrukt. Dit kengetal zegt in feite iets over het structurele jaarrekeningsaldo, d.w.z. zonder alle incidentele baten en lasten. Het percentage is positief, wat betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken.

35

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

4.2

Onderhoud kapitaalgoederen

Het goed onderhouden van de gebieden is een belangrijke taak voor het schap om duurzaam gebruik mogelijk te maken. Als basis voor het plannen van regulier- en groot onderhoud en vervangingsinvesteringen wordt het Terrein Beheer Model (TBM) gehanteerd. Dit model is gebaseerd op zogenaamde doeltypen (bijvoorbeeld speel- en ligweide, strand, bos of grasland) waarvoor een gestandaardiseerde inrichting met daarbij behorende onderhoudscycli en normkosten zijn bepaald. Het totaal aan oppervlaktes, stuks en lengte van de aanwezige doeltypes bepaalt met de cycli en de normkosten de geplande lasten voor meerjarig duurzaam onderhoud. De geplande lasten van groot onderhoud fluctueren van jaar tot jaar. Dit kan een direct en groot effect hebben op het jaarresultaat en daarmee op de jaarlijkse deelnemersbijdrage. Om dit ongewenste effect zoveel mogelijk te voorkomen heeft het schap ervoor gekozen om een egalisatievoorziening groot onderhoud in te stellen. Jaarlijks wordt een vastgestelde dotatie ten laste van de exploitatie gebracht en de werkelijke onderhoudslasten worden ten laste van de voorziening verantwoord. Elk jaar worden de geplande lasten, de dotatie en de werkelijke kosten gemonitord. Ieder jaar wordt de dotatie opnieuw berekend en vastgesteld tenzij uit de monitoring volgt dat eerder een bijstelling nodig is.

In 2019 heeft een nieuwe herijking plaatsgevonden, welke 2020 doorgevoerd is. De onttrekking aan de voorziening Groot Onderhoud in 2020 bedraagt € 1.001.352 (incl. p) inclusief de doorgeschoven werkzaamheden uit 2019. De werkelijke lasten zijn verantwoord op de Voorziening Groot Onderhoud. De prognose van 2020 was € 2.372.903 (incl. p). Het verschil tussen de prognose en de werkelijke onttrekking is circa -/- € 1.124.222 (excl. p) en is veroorzaakt door de volgende redenen: 1. De beschikbare capaciteit is in 2020 ook ingezet is voor de + € 269.000 afronding van een aantal projecten Groot Onderhoud dat doorgeschoven was uit 2019 voor € 269.000. Het betrof het uitvoeren van groot onderhoud in 2020 aan asfalt, duikers, harde oevers, halfverharding en Bos en Beplanting 2. Van Bos en Beplanting en solitairen wordt € 575.000 -/- €575.000 doorgeschoven naar 2021, hier is rekening mee gehouden in de voorziening. Doordat pas bij de Najaarsrapportage 2020 budget beschikbaar kwam, zijn nog niet alle uitgaven in 2020 gedaan. 3. Minder lasten van €25.000 aan de categorie steigers door -/- € 25.000 aanbestedingsvoordeel. 4. Lagere lasten € 39.000 met betrekking tot harde oevers in -/- € 39.000 2020. Dit is veroorzaakt door aanbestedingsvoordelen. 5. Bij de categorie Asfalt lagere lasten van € 638.000.

Dit -/- € 638.000 wordt met name veroorzaakt doordat € 633.000 doorgeschoven is naar 2021.Zoals ook in de Najaarsrapportage 2020 vermeld staat, wordt dit werk grotendeels in 2021 uitgevoerd.

36

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

6.

7.

Voor het onderdeel bruggen is ongeveer € 55.000 minder uitgegeven Dit is veroorzaakt door aanbestedingsvoordelen. Diverse posten Groot onderhoud van € 61.000 lagere lasten in 2020. Er wordt € 44.000 doorgeschoven naar 2021, hier is rekening mee gehouden in de voorziening.

-/- € 55.000

-/- € 61.000

Onderstaande tabel laat het verwachte verloop van de voorziening Groot Onderhoud zien (incl p) voor de komende jaren. STAND VOORZIENING Stand voorziening 1 januari Dotatie Onttrekking Stand voorziening 31 december

2020 3.034.622

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2.874.770 1.754.913 2.039.573 1.868.371 1.916.735 1.460.244 1.705.973

841.500

853.300

1.001.352

1.973.157

862.700

862.700

2.874.770

1.754.913 2.039.573 1.868.371 1.916.735 1.460.244 1.705.973 1.626.981

578.041 1.033.902

862.700

862.700

862.700

862.700

814.337 1.319.191

616.971

941.692

Nb: De onttrekking 2020 is inclusief de vanuit 2019 doorgeschoven GO werken, de onttrekking 2021 is inclusief de vanuit 2020 doorgeschoven GO werken. Het meerjarig onderhoudsplan is gerelateerd aan het Terrein Beheer Model en de daarin opgenomen doeltypes. Sommige doeltypes kennen fluctuaties in de lasten en vragen een planning met een meerjarenperspectief. Deze doeltypes zijn ondergebracht in specifieke categorieën, zoals baggeren of asfalt. In onderstaande staafdiagrammen zijn de geplande lasten (alleen de materiële lasten) op de verschillende categorieën weergegeven.

37

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

De meerjarenplanning Groot Onderhoud laat voor de komende jaren (2020-2027) enkele grote pieken zien in de geplande lasten. Dit inzicht in de werkvoorraad stelt de organisatie in staat ruim op tijd op de benodigde capaciteit te sturen. Daarnaast zijn grote delen van dit werk uitbesteed aan derden en wordt goed gekeken of werkzaamheden kunnen worden gebundeld. Deze maatregelen minimaliseren de kans op capaciteitsproblemen.

38

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

4.3 Financiering Kasgeldlimiet Tot het kasgeld behoren alle vlottende schulden < 1 jaar, de contante gelden in kas, de uitgaande gelden < 1 jaar en de tegoeden/schulden rekening-courant. Doel van de kasgeldlimiet is het beperken van de renterisico’s op de korte schuld. De korte schuld is bedoeld voor de lopende uitgaven en zodoende is de limiet gekoppeld aan het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is bij ministeriele regeling vastgesteld op 8,5% van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar. Er is voldaan aan de kasgeldlimiet, aangezien er per saldo geen sprake is van een kortlopende schuld. Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een limiet aan het renterisico over de lange termijn financiering. Het renterisico is het geldbedrag aan leningen dat in een bepaald jaar aan renteherziening en herfinanciering onderhevig is. Het renterisico mag maximaal 20% van het begrotingstotaal per 1 januari van het betreffende kalenderjaar bedragen. De renterisiconorm benadrukt het belang van een goede spreiding van de leningenportefeuille en de renterisico’s. De renterisiconorm is voor de Groenalliantie niet van toepassing, aangezien er geen sprake is van opgenomen geldleningen, ook voor de komende 4 jaren zijn geen geldleningen verwacht.

Schatkistbankieren Bij het schatkistbankieren wordt dagelijks het saldo bij een vastgesteld drempelbedrag overgeboekt op een bankrekening ten gunste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Omgekeerd kan het saldo ook worden aangevuld ten laste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Voor het schap zijn de benodigde overeenkomsten met het Rijk afgesloten. In 2020 is de drempel van € 250.000 niet overschreden. Zie verder het overzicht in de toelichting op de balans, onderdeel Schatkistbankieren. EMU saldo De berekening van het EMU-saldo is op transactiebasis. Dit betekent dat de daadwerkelijke betaling van belang is. De berekeningswijze is vergelijkbaar met het kasstelsel, dat voor het Rijk van toepassing is. De decentrale overheden, waaronder gemeenschappelijke regelingen, voeren echter een administratie uit op basis van het baten-lastenstelsel. Dit stelsel is voor de decentrale overheden verplicht op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten). Het EMUsaldo wordt berekend door, afhankelijk van de kasmutatie, bij het exploitatiesaldo enkele posten op te tellen of af te trekken.

39

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Berekening EMU-saldo 2020 (X 1.000) Om sch r i jv i n g T ell i n g

Ja a r st u kken

Ex ploit a t iesa ldo v óór t oev oeg in g a a n c.q. on t t r ekk in g u it r eser v es A fsch r ijv in g en t lv de ex ploit a t ie

+/+

835

+/+

64

Br u t o dota t ies a a n de post v oor zien in g en t en la st e v a n de ex ploit a t ie

+/+

-1 6 7

In v est er in g en in (im )m a t er iële v a st e a ct iv a die op de ba la n s w or den g ea ct iv eer d Ba t en u it bijdr a g en v a n a n der e ov er h eden , de Eu r opese Un ie en ov er ig en , die n iet op de ex ploit a t ie zijn v er a n t w oor d en n iet a l in m in der in g zijn g ebr a c h t op in v est er in g en in (im )m a t er iële v a st e a ct iv a A a n k oop v a n g r on d en u it g a v en a a n bou w -, w oon r ijp m a ken La st en op ba la n spost V oor zien in g en v oor zov er deze t r a n sa ct ies m et der den bet r effen V er w a ch t e boek w in st bij v er koop effect en en v er w a ch t e boek w in st bij v er k oop (im )m a t er iële v a st e a ct iv a A a n deel i n EMU-sa l do

-/-

622

+/+

0

-/-

0

-/-

0

-/-

294

-185

40

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

4.4

Grondbeleid

Binnen het bestaande grondbeleid staan de volgende uitgangspunten centraal: - Grond is een middel en geen doel; - Bij en met de inzet van grond wordt financiële optimalisatie nagestreefd; - Bij en met de inzet van grond wordt samenwerking met gebiedspartijen gezocht; - Hoewel de Groenalliantie zelf geen grond- of opstalexploitaties voert, heeft zij in haar aanpak een actieve houding. Hierbij stuurt zij – in samenwerking met de andere gebiedspartijen – actief op programmering, kostenbeheersing en opbrengstoptimalisatie; - De Groenalliantie werkt innovatief en extern gericht, zoekt naar nieuwe verbanden en geeft waar mogelijk ruimte aan nieuwe technologieën en duurzame toepassingen; - De Groenalliantie zet in op risicomanagement dat past bij het specifieke risicoprofiel. Daarbij geldt dat de Groenalliantie in beginsel niet risicodragend deelneemt in gebieds- en vastgoed)ontwikkelingen en niet zelf grond- of opstalexploitaties voert, en - Bij de inzet van grond en vastgoed werkt het schap transparant en marktconform. Financieel Naast het algemene uitgangspunt van financiële optimalisatie is de inzet vooral gericht geweest op het behoud van het huidige niveau van inkomsten in de schapsbegroting. Ten aanzien van de financiële positie van de op schapsgronden gevestigde ondernemingen wordt verwezen naar hetgeen onder Covid-19 is vermeld in paragraaf 3.1

4.5

Bedrijfsvoering

Groenalliantie is een bestuurlijke organisatie en heeft geen eigen personeel in dienst. Uitvoering van de eigen kerntaken vereist derhalve een derde uitvoerende partij. Dit is Staatsbosbeheer. De samenwerking is eind 2018 verlengd tot en met 2025. Bij de samenwerkingsovereenkomst hoort een volmacht- en mandaatlijst. In het afgelopen jaar heeft de professionalisering van het opleidingstraject zich voornamelijk gericht op de regelgeving omtrent BTW en VPB. Hiervoor zijn door een extern deskundige partij cursussen gegeven om het kennisniveau van de medewerkers te vergroten. Zodoende wordt geborgd dat de kennis en kunde binnen de organisatie up to date blijft. Verder is er door het aantrekken van een aparte projectcontroller een kwaliteitsimpuls gegeven aan projectcontrol. De personele component van de dienstverlening door Staatsbosbeheer in 2020 blijkt uit de volgende tabel. Productomschrijving

Beheer, onderhoud en exploitatie gebieden

Gebiedsbeheer Economisch beheer Regelgeving & handhaving Communicatie Planvorming & gebiedsontwikkeling Marketing & productontwikkeling Bestuursproducten Juridische ondersteuning & advisering Financiën

583.900 24.400 154.000 56.700

Subtotaal

819.000

Dienstverlening in uitgaven voorziening Groot Onderhoud Dienstverlening in uitgaven kredieten

180.571

Totaal

Ontwikkeling

Algemene dekkingsmiddelen

Overhead

254.900 9.300 100.400

583.900 24.400 154.000 56.700 194.000 15.800 254.900 9.300 100.400

364.600

1.393.400

53.865

180.571 252.124

194.000 15.800

209.800

198.259

-

Totaal

1.826.095

41

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

JAARREKENING 2020

42

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

5.1

Balans per 31 december 2020

ACTIVA

31 december 2020

31 december 2019

Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut

3.611.937 3.611.937

3.053.521 3.053.521

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd < dan 1 jaar Overige vorderingen

9.008.205 290.592 8.707.213 10.400

9.078.608 15.209 8.956.663 106.736

Liquide middelen Banksaldi

71.860 71.860

189.673 189.673

Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

28.503

513.056

-

265.228

28.503

247.828

12.720.505

12.834.858

31 december 2020

31 december 2019

9.036.890 2.790.149 6.067.495 179.246

8.201.750 2.758.011 5.044.172 399.567

2.983.925 2.874.771

3.151.053 3.034.622

109.154

116.431

64.288 64.288

102.012 102.012

635.402

1.380.043

24.065

403.666

610.615

975.419

722

958

12.720.505

12.834.858

Totaal

PASSIVA

Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat Voorzieningen Onderhoudsegalisatievoorzieningen Voorzieningen van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden Vlottende passiva Netto-vlottende schulden rentetypische looptijd < 1 jaar Overige schulden Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen Totaal

43

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

4.2

Overzicht van baten en lasten 2020

Programma

Rekening 2019

Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020

Resultaat

Lasten Programma Beheer, Onderhoud en Exploitatie Programma Ontwikkelingen Algemene dekkingsmiddelen Overhead Totaal lasten

2.767.934 203.300 309 385.175 3.356.718

3.110.700 209.800 6.600 408.100 3.735.200

2.798.340 214.700 6.600 396.000 3.415.640

2.640.210 214.700 1.387 385.735 3.242.032

158.130 V 5.213 V 10.265 V 173.608 V

Baten Programma Beheer, Onderhoud en Exploitatie Programma Ontwikkelingen Algemene dekkingsmiddelen Overhead Totaal baten

489.034 3.246.574 3.735.608

458.400 3.276.800 3.735.200

786.780 3.276.800 4.063.580

792.443 3.276.774 4.069.217

5.663 V 26 N 5.637 V

Saldo gewone bedrijfsvoering

378.890

-

647.940

827.185

179.245 V

Kredieten Lasten kredieten Baten kredieten (bijdragen derden) Saldo kredieten

410.456 3.000 (407.456)

342.795 79.000 (263.795)

158.208 (158.208)

96.518 104.472 7.954

61.691 V 104.472 V 166.162 V

Totaal saldo van baten en lasten

(28.566)

(263.795)

489.732

835.139

345.407 V

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo toevoegingen en ontrekkingen aan reserves

426.322 854.455 428.133

263.795 263.795

1.057.898 568.166 (489.732)

2.775.589 2.119.697 (655.893)

1.717.691 N 1.551.531 V 166.161 N

Gerealiseerd resultaat

399.567

-

-

179.246

179.246 V

Het overzicht van lasten en baten is als volgt opgebouwd: Reguliere lasten en baten bedrijfsvoering Dit onderdeel betreft de exploitatielasten en –baten van de structurele activiteiten. Dit zijn de jaarlijks min of meer in dezelfde vorm terugkerende activiteiten. Op basis van deze informatie kunnen meerjarige trends en ontwikkelingen worden geschetst. Diverse lasten en baten bedrijfsvoering In tegenstelling tot de reguliere lasten en baten komen deze exploitatielasten en -baten slechts incidenteel voor door de aard hiervan en/of de oorzaak. Het gaat hierbij om o.a. de effecten van periodieke herzieningen van voorzieningen, de financiële consequenties van uitspraken op beroeps- en bezwaarschriften die niet voorzien kunnen worden en terugontvangen bedragen. Deze zaken, welke niet zijn begroot, worden separaat gepresenteerd om de vergelijkbaarheid over de jaren heen eenvoudiger te maken. Kredieten De kredieten hebben betrekking op uitgaven gerelateerd aan activiteiten die zorgen voor veranderingen in de natuur- en recreatiegebieden, zoals investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte. Deze uitgaven worden gedekt vanuit bijdragen derden (subsidies, bijdragen) en/of onttrekkingen aan de algemene of bestemmingsreserves.

44

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Dit onderdeel omvat alle mutaties (stortingen en onttrekkingen) in de reserves.

45

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

5.3

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften, die het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en de wet Normering, bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector daarvoor geven. Voor zover niet anders vermeld, worden de activa en passiva gepresenteerd in afgeronde bedragen van € 1 . Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Baten en lasten worden verantwoord tot hun brutobedrag. Balans Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de daarop verrichte lineaire afschrijvingen. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht.

De afschrijvingen geschieden op basis van de verkrijgings- of aanschaffingsprijs en de geschatte economische levensduur. De afschrijving op het actief start per 1 januari van het kalenderjaar volgend op het jaar van aanschaf c.q. volledige egalisatie van de investering. De volgende richtlijnen zijn grotendeels gehanteerd voor de afschrijvingstermijnen: - gronden en terreinen geen afschrijving - bedrijfsgebouwen 25, 30 of 35 jaar - grond- weg- en waterbouwkundige werken 10-35 jaar - machines, apparaten en installaties 4,5,6,7,10 of 15 jaar - overige materiele vaste activa afhankelijk van de gebruiksduur Het BBV onderscheidt de navolgende investeringen: - Investeringen met economisch nut - Investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte

46

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Investeringen met economisch nut Investeringen hebben een economisch nut wanneer ze verhandelbaar zijn en/of indien ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen. Investeringen met economisch nut boven € 25.000 worden geactiveerd. Investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut moeten door gewijzigde regelgeving per 1 januari 2018 worden geactiveerd. De richtlijn is dat Investeringen met maatschappelijk nut boven € 25.000 per component worden geactiveerd. Indien investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut worden geactiveerd, vindt de afschrijving hiervan eveneens lineair plaats. Door de invoering van de nieuwe systematiek blijven verschillen bestaan in de wijze waarop mag worden afgeschreven op investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut die voor het begrotingsjaar 2019 zijn gedaan. Om inzicht te geven in het deel van de activa dat wel vergelijkbaar is qua systematiek is in het verloopoverzicht in de toelichting op de balans aangegeven welk bedrag volgens de nieuwe systematiek is verantwoord en welk deel volgens een andere systematiek. In 2020 zijn er nog geen maatschappelijk nut investeringen afgeschreven. Gronden uitgegeven in erfpacht Voor de in erfpacht uitgegeven gronden geldt de uitgifteprijs van eerste uitgifte als verkrijgingsprijs.

Gronden in eeuwig durende erfpacht worden gewaardeerd tegen registratiewaarde. Eventuele afkoopsommen voor voortdurende contracten zijn verwerkt onder de langlopende schulden en vervallen naar rato van afkoopperiode vrij ten gunste van het resultaat. Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen De banksaldi worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Overlopende activa De overlopende activa (nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen) worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Eigen vermogen Dit betreft de Algemene Reserve, de bestemmingsreserves en het gerealiseerde resultaat. Voorzieningen De onderhoudsegalisatievoorzieningen zijn gebaseerd op een meerjarenraming van het uit te voeren grootonderhoud aan de kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen die is opgenomen in het jaarverslag is het beleid ter zake nader uiteengezet. De voorzieningen van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden, worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

47

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer, de netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar en de overlopende passiva Deze posten worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

48

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

5.4

Toelichting op de balans

Vaste activa Materiële vaste activa  Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut De boekwaarde van de investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut had het volgende verloop: Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut

Boekwaarde 1-1-2020

Investeringen

Extra afschrijvingen

Afschrijvingen

Bijdrage van derden

Afwaarderingen

Afgeronde activa

Boekwaarde 31-12-2020

Gronden en Terreinen Krimpenerwaard Gronden en Terreinen Reeuwijkse Plassen

643.784 372.969

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

643.784 372.969

Grond- weg- en waterbouwkundige werken KW Grond- weg- en waterbouwkundige werken RP

239.915 87.961

0 0

0 0

50.494 13.196

0 0

0 0

189.421 74.765

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

1.399.866 4.286 313.542

1.399.866 4.286 313.542

74.298 1.282.033 352.560

61.998 168.547 660.184

0 0 0

0 0 0

30.459 13.483 224.681

0 0 0

-1.404.152 -313.542

105.837 32.946 474.521

3.053.521

890.729

0

63.690

268.623

0

0

3.611.937

Afgeronde activa

Boekwaarde 31-12-2020

Ten laste van Afschrijvingsreserve: Grond- weg- en waterbouwkundige werken KW Overige materiële activa KW Grond- weg- en waterbouwkundige werken RP activa in bewerking: Grond- weg- en waterbouwkundige werken GA Grond- weg- en waterbouwkundige werken KW Grond- weg- en waterbouwkundige werken RP

Waarvan: Krimpenerwaard

Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut

Boekwaarde 1-1-2020

Investeringen

Extra afschrijvingen

Afschrijvingen

Bijdrage van derden

Afwaarderingen

Gronden en Terreinen

643.784

0

0

0

0

0

643.784

Grond- weg- en waterbouwkundige werken

239.915

0

0

50.494

0

0

189.421

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

1.399.866 4.286

1.399.866 4.286

1.282.033

168.547

0

0

13.483

0

-1.404.152

32.946

2.165.733

168.547

0

50.494

13.483

0

0

2.270.303

Afgeronde activa

Boekwaarde 31-12-2020

Ten laste van Afschrijvingsreserve: Grond- weg- en waterbouwkundige werken Overige materiële activa Activa in bewerking: Grond- weg- en waterbouwkundige werken

Reeuwijkse Plassen Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut

Boekwaarde 1-1-2020

Investeringen

Extra afschrijvingen

Afschrijvingen

Bijdrage van derden

Afwaarderingen

Gronden en Terreinen

372.969

0

0

0

0

0

372.969

Grond- weg- en waterbouwkundige werken

87.961

0

0

13.196

0

0

74.765

0

0

0

0

0

0

313.542

352.560

660.184

0

0

224.681

0

-313.542

813.490

660.184

0

13.196

224.681

0

Ten laste van Afschrijvingsreserve: Grond- weg- en waterbouwkundige werken activa in bewerking: Grond- weg- en waterbouwkundige werken

313.542 474.521 1.235.797

49

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Van de gronden die in eigendom zijn van de Groenalliantie (totaal 772,89 hectaren) is een deel uitgegeven in erfpacht, met name aan exploitanten. Dit leidt jaarlijks tot erfpachtopbrengsten. Met deze exploitanten zijn langdurige erfpachtcontracten afgesloten. Activa in bewerking waarvan de bewerking is afgerond en welke in gebruik wordt genomen, wordt gepresenteerd naar de categorie Grond-, weg- en waterbouwkundige werken en overige activa. Deze presentatie is te zien in de kolom “afgeronde activa”. De afschrijving op het afgeronde actief start per 1 januari van het kalenderjaar volgend op het jaar van afronding bewerking en ingebruikname. Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan een jaar  Vorderingen op openbare lichamen 2020 290.592 290.592

Debiteuren Totaal

2019 15.209 15.209

De vorderingen in 2020 zijn vooral de doorbelasting van het 4e kwartaal 2020 aan de deelnemers in het schap. Een voorziening voor dubieuze debiteuren – op openbare lichamen of regulier – werd niet nodig geacht.  Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan 1 jaar. 2020 8.707.213 8.707.213

Uitzettingen in 's Rijks schatkist < 1 jaar

2019 8.956.663 8.956.663

Sinds 2014 is het schatkistbankieren van toepassing. Hieronder zijn de bedragen weergegeven die op kwartaalbasis in de schatkist zijn aangehouden en de drempel die van toepassing is. De drempel is in 2020 niet overschreden. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar Drempelbedrag

250 Kwartaal 1

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

171

150

143

107

79

100

107

143

-

-

-

-

In de loop van 2015 is geregeld dat op de bankrekening van het schap niet meer saldo kan staan dan het drempelbedrag. Dagelijks wordt het saldo bij een vooraf vastgesteld bedrag automatisch overgeboekt (afroming) naar de rekening-courant die het schap heeft bij ’s Rijks schatkist.

50

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

 Overige vorderingen 2020 10.400 10.400

Debiteuren Per saldo

2019 106.736 106.736

Een voorziening voor dubieuze debiteuren – op openbare lichamen of regulier – werd niet nodig geacht. Liquide middelen  Banksaldi 2020 71.860 71.860

Bank Nederlandse Gemeente

2019 189.673 189.673

Het banksaldo is de stand ultimo van het jaar. Overlopende activa  Van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkering met een specifiek bestedingsdoel. Ontvangen van Overige Nederlandse overheidslichamen Project

Saldo 1-1-2020

Toevoegingen

Ontvangen bedragen

Saldo 31-12-2020

Kwaliteitsimpuls Loetbos Kwaliteitsimpuls Krimpenerhout Quick Wins speelplaatsen GH, Gouwebos en RP Staatsbosbeheer proceskosten

29.200 100.063 26.300 109.665

0 0 0 0

29.200 100.063 26.300 109.665

0 0 0 0

Totaal

265.228

0

265.228

0

 Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Door te berekenen kosten SBB Nog te ontvangen bedragen - dienstverlening Nog te ontvangen bedragen - zakelijke lasten BCF Totaal

2020 258 15.419 589 12.237 28.503

2019 406 1.324 0 246.098 247.828

De post BCF betreft de nog door te belasten compensabele btw aan de deelnemers in het schap.

51

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Vaste passiva Eigen vermogen Het verloop van de reserves in 2020 wordt in het hierna volgende overzicht weergegeven. Stand per 01-01-2020

Bestemming Toevoegingen Onttrekkingen Resultaat 2019 in 2020 in 2020

Stand per 31-12-2020

Claims na 2020

Algemene Reserve

2.758.011

0

437.238

405.100

2.790.149

931.830

Bestemmingsreserves Provinciale reserves Investeringsreserve GA Investeringsreserve compartiment RP Investeringsreserve compartiment KW Reserve kwaliteitsimpuls recreatiegebieden KW Vervangingsinvesteringen Reserve GA Vervangingsinvesteringen Reserve RP Vervangingsinvesteringen Reserve KW Afschrijvingsreserve totaal bestemmingsreserves Totaal

0 393.125 706.439 2.707.109 795.141 0 22.000 85.400 334.958 5.044.172 7.802.183

230.070 169.497 0 0 0 0 0 0 0 399.567 399.567

96.265 75.000 334.958 0 0 210.700 0 0 1.717.693 2.434.616 2.871.854

92.777 0 27.061 821.258 534.806 0 0 0 334.958 1.810.860 2.215.960

233.558 637.622 1.014.336 1.885.851 260.335 210.700 22.000 85.400 1.717.693 6.067.495 8.857.644

0 450.889 581.240 413.480 0 0 0 0 1.717.693 3.163.302 4.095.132

 ALGEMENE RESERVE GA De algemene reserve heeft als belangrijkste functie het vormen van een buffer voor financiële tegenvallers. 2020 2.758.011 437.238 405.100 2.790.149

Saldo 1 januari Bij: Toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december Specificatie toevoegingen: a. conform programma begroting b. conform AB besluit - verkoop Wilhelminakade 88 c. conform 2e begrotingswijziging, resultaat najaarsnota

294.238 143.000

Totaal toevoegingen

437.238

Specificatie onttrekkingen: a. conform AB besluit b. provinciale reserve Kredieten - Kwaliteitsimpuls GA fase 2 en 3 - Gemarkeerde wandelroutes KW - Kwaliteitsimp. Krimpenerhout-fase I - Goudse Hout en Gouwebos, Qwins Speel - Opwaarderen speelvoorz. Boskoopzijde

-15.470 -6.927 179.397 51.828 25.007

Totaal onttrekkingen

405.100

2019 2.771.865 0 13.854 2.758.011

75.000 96.265

52

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

 BESTEMMINGSRESERVES Provinciale reserve a) Vanuit de boekjaarsubsidie is vanuit PZH vastgesteld dat van het positieve resultaat een deel naar de reserve Provinciale gelden gaat.

Saldo 1 januari Bij: Bestemming resultaat Bij: Toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december

2020 0 230.070 96.265 92.777 233.558

Specificatie toevoegingen Bestemming resultaat Investeringsreserve PZH Bestemming resultaat Risicoreserve PZH Bestemming resultaat Risicoreserve PZH 2019

186.927 43.143 96.265

Totaal toevoegingen

326.335

Specificatie onttrekkingen: Kredieten (zie investeringsreserve GA) - Hondenbeleid - Ontwikkelplan Groenalliantie - GA Handelingskader Energieopwekking

24.412 50.303 18.062

Totaal onttrekkingen

92.777

b) Investeringsreserve GA Het doel van de investeringsreserve is het dekken van de kosten van de afschrijvingen van nieuwe investeringen. Saldo 1 januari Bij: Bestemming resultaat Bij: Toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december

2020 393.125 169.497 75.000 0 637.622

Specificatie toevoegingen a. conform AB besluit

75.000

Totaal toevoegingen

75.000

Specificatie onttrekkingen: Kredieten - Hondenbeleid - Ontwikkelplan Groenalliantie - GA Handelingskader Energieopwekking Ten laste van de provinciale reserve

24.412 50.303 18.062 -92.777

Totaal onttrekkingen

2019 250.021 171.901 0 28.797 393.125

0

53

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Van de bestemming van het jaarresultaat 2019 van € 399.567 is € 230.070 bij de provinciale reserve toegevoegd. Het restant van € 169.497 is aan de investeringsreserve GA toegevoegd. c) Investeringsreserve compartiment RP Het doel van de investeringsreserve is het dekken van de kosten van de afschrijvingen van nieuwe investeringen.

Saldo 1 januari Bij: Toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december

2020 706.440 334.958 27.062 1.014.336

Specificatie toevoegingen : a. conform 2e begrotingswijziging

334.958

Totaal toevoegingen

334.958

2019 280.618 426.322 500 706.440

Specificatie onttrekkingen: Gereed Goudse Hout en Gouwebos naar afschr. Res. - Projecten kwaliteitsimpuls RP - Voorlopig Ontwerp Twaalfmorgen - Voorlopig Ontw. Hoofdentree t Weegje

109.136 -80.672 -42 -1.360

Totaal onttrekkingen

27.062

d) Investeringsreserve compartiment KW Het doel van de investeringsreserve is het dekken van de kosten van de afschrijvingen van nieuwe investeringen.

Saldo 1 januari Bij: Toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december Specificatie onttrekkingen: Gereed Kwaliteitsimpuls Krimpenerhout/Loetbos naar afschr. Res Kredieten - Groene Hart promotie/Krimpenerwrd - Verkenning horeca Loetbos Totaal onttrekkingen

2020 2.707.109 0 821.258 1.885.851

2019 3.092.091 0 384.982 2.707.109

817.518 810 2.930 821.258

54

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

e) Reserve Kwaliteitsimpuls KW Het doel van deze reserve is het dekken van kosten voor Kwaliteitsimpuls in het recreatiegebied Krimpenerwaard. Saldo 1 januari Bij: Toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december

2020 795.141 0 534.806 260.335

2019 795.141 0 0 795.141

Specificatie onttrekkingen: Kredieten - Kwaliteitsimpuls GA fase 2 en 3

534.806

Totaal onttrekkingen

534.806

f) Reserve vervangingsinvesteringen GA Het doel van deze reserve is het dekken van de kosten van vervangingsinvesteringen.

Saldo 1 januari Bij: Toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december

2020 0 210.700 0 210.700

Specificatie toevoegingen: a. conform 2e begrotingswijziging

210.700

Totaal toevoegingen

210.700

2019 0 0 0 0

g) Reserve vervangingsinvesteringen compartiment RP Het doel van deze reserve is het dekken van de kosten van vervangingsinvesteringen. Saldo 1 januari Bij: Toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december

2020 22.000 0 0 22.000

2019 22.000 0 0 22.000

a) Reserve vervangingsinvesteringen compartiment KW Het doel van deze reserve is het dekken van de kosten van vervangingsinvesteringen. Saldo 1 januari Bij: Toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december

2020 85.400 0 0 85.400

2019 85.400 0 0 85.400

h) Afschrijvingsreserve Deze reserve is ingesteld ter dekking van de toekomstige afschrijvingslasten van de investeringen met maatschappelijk nut.

55

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Saldo 1 januari Bij: Toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december

2020 334.958 1.717.693 334.958 1.717.693

Specificatie toevoegingen: Gereed Kwaliteitsimpuls Krimpenerhout en Loetbos Gereed speelvoorz. Boskoopzijde

1.692.685 25.008

Totaal toevoegingen

1.717.693

Specificatie onttrekkingen a. conform 2e begrotingswijziging

334.958

Totaal onttrekkingen

334.958

2019 761.280 0 426.322 334.958

HET GEREALISEERDE RESULTAAT Het gerealiseerde resultaat

2020 179.246 179.246

2019 399.567 399.567

56

Jaarstukken 2020 |Jaarrekening

Voorzieningen Het verloop van de voorzieningen in 2020 wordt in het hierna volgende overzicht weergegeven. Stand per 01-01-2020

Toevoegingen Onttrekkingen in 2020 in 2020

Stand per 31-12-2020

Voorziening Groot onderhoud Voorziening Afkoopsommen

3.034.622 116.431

841.500 0

1.001.351 7.277

2.874.771 109.154

Totaal

3.151.053

841.500

1.008.628

2.983.925

a) ONDERHOUDSEGALISATIEVOORZIENINGEN a) Voorziening Groot onderhoud Het doel van deze voorziening is het gelijkmatig verdelen van de lasten van groot onderhoud over de jaren. Hiertoe wordt jaarlijks een gelijkblijvende dotatie ten laste van de exploitatie gebracht. De werkelijke Groot onderhoudskosten worden direct ten laste van de voorziening verantwoord.

Saldo 1 januari Bij: Toevoegingen Af: Aanwendingen Saldo 31 december

2020 3.034.622 841.500 1.001.351 2.874.771

Specificatie toevoegingen: dotatie conform primaire programmabegroting

841.500

Totaal toevoegingen

841.500

Specificatie aanwendingen: - Groot onderhoud

1.001.351

Totaal aanwendingen

1.001.351

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10076910/1