IBOR 2026-2030
Tekst van het document
4
Totaal
4.952
Tabel 1: Aantal meldingen
In 2024 scoorden we met onze servicenorm 91% (binnen 1 dag in behandeling genomen) en 71% (binnen 1 week een antwoord op de melding).
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 20 van 49 We zien deze cijfers als nulmeting. Met de inzet op planmatig beheer, een betere integrale samenwerking, duidelijk eigenaarschap en eenduidige sturing op de openbare ruimte hebben we de ambitie om het aantal meldingen te laten dalen en het aantal positieve meldingen te laten groeien. We willen de stap zetten van reactief beheer naar veel meer proactief beheer de komende jaren.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 21 van 49
3
Financiën
Het beheer en onderhoud valt binnen de programmabegroting 2026-2029 onder het thema Aantrekkelijke gemeente: We werken aan een leefomgeving waar het fijn wonen, leven en recreëren is. Waar ruimte is voor dieren, mensen en planten. Een leefomgeving die schoon en veilig is en waar het beheer en onderhoud op orde is. De financiële middelen voor het beheer en onderhoud bestaan uit: • Jaarlijks en groot onderhoud • Vervangingsinvesteringen • Advies en onderzoek Deze middelen zijn verwerkt in een exploitatiebudget, investeringen en een voorziening. In de exploitatiebudgetten zitten middelen voor bijvoorbeeld regulier onderhoud, energiekosten en afvalkosten. De investeringen worden ingezet voor eenmalige acties, zoals reconstructies of het vervangen van gewone verlichting naar LED-verlichting. De budgetten voor groot onderhoud zitten in de Voorziening onderhoud openbare ruimte. Het gaat hier om hier jaar overstijgende projecten die vaak niet binnen één begrotingsjaar gerealiseerd worden. De gemeenteraad heeft via de kaderbrief 2026 de extra financiële middelen voor het beheer en onderhoud voor de openbare ruimte tot en met 2035 vastgesteld. Het gaat hierbij om budgetten van jaarlijks en groot onderhoud, de vervangingsinvesteringen en de jaarlijkse kosten voor advies en onderzoek.
Het beschikbare budget is gestegen vanwege hogere energiekosten, kosten voor openbare verlichting, reiniging van de verharding, afval en onderhoud aan civieltechnische kunstwerken. Er is extra exploitatiebudget van €100.000,- toegekend. Per beheerdiscipline zijn er exploitatiebudgetten en investeringsbudgetten vastgesteld. De budgetten voor jaarlijks en groot onderhoud, evenals de vervangingsinvesteringen zijn gebaseerd op het vastgestelde kwaliteitsniveau. De budgetten worden jaarlijks geïndexeerd bij het vaststellen van de begroting. Kosten voor onderzoek en inspecties Naast exploitatie- en investeringsbudgetten is er ook budget beschikbaar voor onderzoek en inspecties. Deze vallen onder de post ‘ondersteunende kosten’ en bedragen in totaal voor de komende jaren: Ondersteunende Kosten (in euro) Wegbeheer
2026 110.119
2027 110.119
2028 110.119
2029 110.119
2030 110.119
Groenbeheer
40.676
40.676
40.676
40.676
40.676
Totaal
150.795
150.795
150.795
150.795
150.795
Tabel 2: Budget voor onderzoek en inspecties
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 22 van 49
3.1 Wegen en openbare verlichting Onder de beheerdiscipline Wegen vallen financieel gezien de disciplines wegen, civieltechnische kunstwerken, openbare verlichting en verkeersregelinstallaties. We beheren en onderhouden deze disciplines op basis van de gemeentelijke kaders en dit IBOR. De budgetten binnen Wegen bestaan uit een exploitatie, investering en een voorziening. De exploitatie 2026-2030 ziet er als volgt uit: Totale beschikbare gelden exploitatie Wegen 2026-2030 (in euro) Omschrijving Regulier onderhoud
2026 841.320
2027 841.320
2028 841.320
2029 841.320
2030 841.320
Onderhoud CTK
99.522
99.522
99.522
99.522
99.522
Afvalkosten
16.006
16.006
16.006
16.006
16.006
Reiniging verharding
573.534
573.534
573.534
573.534
573.534
Energiekosten Aanpassen straatnaamborden Ondersteunende kosten Totaal beschikbaar budget exploitatie
307.800
307.800
307.800
307.800
307.800
25.650
25.650
0
0
0
110.119
110.119
110.119
110.119
110.119
1.973.951
1.973.951
1.948.301
1.948.301
1.948.301
2030 1.619.000
Tabel 3: Exploitatie Wegen
De investeringen zijn als volgt opgebouwd: Totale beschikbare gelden investering Wegen 2026-2030 (in euro) Omschrijving 2026 2027 2028 473.100
473.100
1.619.000
2029 1.619.000
602.900
602.900
602.900
602.900
602.900
399.617
399.617
479.617
479.617
479.617
1.475.617
1.475.617
2.701.517
2.701.517
2.701.517
Totale voorziening wegen 2026-2030 (in euro) Omschrijving 2026 2027 Voorziening Wegen 1.256.926 1.256.926 Voorziening Wegen 1.256.926 1.256.926
2028 1.256.926 1.256.926
2029 1.256.926 1.256.926
2030 1.256.926 1.256.926
Reconstructie wegen Reconstructie civiel technische kunstwerken (bruggen, kademuren en beschoeiing) Aanleg beschoeiing, damwand. (projectmatig) Totaal beschikbaar budget investering Tabel 4: Investeringen Wegen
De voorziening voor Wegen ziet er zo uit:
Tabel 5: Voorzieningen Wegen
De kosten voor wegen bestaan uit: • Het beheer en onderhoud van de verhardingen • Het beheer en onderhoud van de belijningen en markeringen • Het beheer en onderhoud van straat- en verkeersmeubilair • Gladheidsbestrijding • Straatreiniging
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 23 van 49 Openbare verlichting Er is geen aparte exploitatie voor openbare verlichten. De investeringen 2026-2030 voor openbare verlichting (incl. kabels en kasten) ziet er als volgt uit: Totale beschikbare gelden investering openbare verlichting 2026-2030 (in euro) Omschrijving 2026 2027 2028 2029 Investering LED 771.570 571.560 754.560 754.560 Totaal beschikbaar budget 771.570 571.560 754.560 754.560 investering
2030 0 0
Tabel 6: Investeringen Openbare verlichting
Civieltechnische kunstwerken Hiervoor zijn geen aparte exploitatie en investeringen opgesteld, maar de kosten worden gedekt uit de beheerdiscipline Wegen. Onder het beheer en onderhoud van de Civieltechnische kunstwerken vallen de bruggen, steigers, keermuren en tunnels.
3.2 Groen Onder de beheerdiscipline Groen valt het beheer en onderhoud van: • Bomen • Sierplantsoen • Bosplantsoen • Grasvelden, ruw gras en bloemrijk grasland • Begrazen De exploitatie is als volgt voor de komende jaren: Totale beschikbare gelden Exploitatie Groen 2026-2030 (in euro) Omschrijving Regulier onderhoud Regulier onderhoud water Regulier onderhoud (reiniging zwerfvuil in beplanting) Ondersteunende kosten Totaal beschikbaar budget exploitatie
2026 1.320.985 272.300
2027 1.320.985 272.300
2028 1.320.985 272.300
2029 1.320.985 272.300
2030 1.320.985 272.300
38.578
38.578
38.578
38.578
38.578
26.676
26.676
26.676
26.676
26.676
1.658.539
1.658.539
1.658.539
1.658.539
1.658.539
Tabel 7: Exploitatie Groen
Het budget voor groot onderhoud is verwerkt in de investeringen: Totale beschikbare gelden Investering Groen 2026-2030 (in euro) Omschrijving Investering groen 40 jaar Investering groen 20 jaar Investering ieder huishouden een boom Totaal beschikbaar budget investering
2026 475.400 452.000
2027 475.400 452.000
2028 475400 452.000
2029 475.400 452.000
2030 475.400 452.000
20.000
20.000
125.000
125.000
125.000
947.400
947.400
1.052.400
1.052.400
1.052.400
Tabel 8: Investeringen Groen
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 24 van 49
3.3 Spelen Het Beheerplan Spelen (Uitvoering en beheer speel-en sportplekken 2026-2030) is reeds vastgesteld en toegevoegd als bijlage aan dit IBOR. Voor de volledigheid geven we hierbij ook een overzicht van de exploitatiebudgetten en investeringen voor de komende jaren. De exploitatie is als volgt: Totale beschikbare gelden Exploitatie Spelen 2026-2030 (in euro) Omschrijving Regulier onderhoud Ondersteunende kosten Totaal beschikbaar budget exploitatie
2026 296.514 41.040
2027 296.514 41.040
2028 296.514 41.040
2029 296.514 41.040
2030 296.514 41.040
337.554
337.554
337.554
337.554
337.554
Tabel 9: Exploitatie Spelen
De investeringen geven het volgende beeld: Totale beschikbare gelden Investering Spelen 2026-2030 (in euro) Omschrijving 2026 2027 2028 Investering groen en spelen 15 jaar 322.000 322.000 322.000 Totaal beschikbaar 322.000 322.000 322.000 budget investering Tabel 10: Investeringen Spelen
IBOR 2026-2030 Definitief
2029
2030
322.000
322.000
322.000
322.000
Pagina 25 van 49
3.4 Personele inzet Binnen het beheer en onderhoud van de openbare ruimte hebben we een formatie van 10,89 fte (exclusief manager van 1 fte) binnen Beheer leefomgeving en een formatie van 31,13 fte (exclusief manager van 1 fte) voor het team onderhoud. Deze is als volgt opgebouwd: Beheer leefomgeving HR21 Mdw. ontwerp en voorber IV Mdw. beleidsuitvoering I Mdw. beleidsuitvoering I Mdw. beleidsuitvoering I Mdw. beleidsuitvoering I Mdw. ontwikkeling I Mdw. ontwikkeling I Projectleider III Mdw. beleidsuitvoering I Mdw. beleidsuitvoering I Mdw. ontwikkeling I Totaal
Medewerker Medewerker openbare ruimte Beheerder groen Beheerder riolering Wegbeheerder Ambassadeur leefbare stad Adviseur klimaatadaptatie en biodiversiteit Adviseur openbare ruimte Projectleider groen en spelen Beheerder spelen en buitensport Beheerder water en civiele kunstwerken Beleidsmedewerker water
fte 1 1 0,89 1 1 1 1 1 1 1 1 10,98
uren 1.500 1.500 1.335 1.500 1.500 1.500 1.500 1.500 1.500 1.500 1.500 16.335
Tabel 11: Personele inzet beheer leefomgeving
Team onderhoud HR 21
fte
uren
Mdw. bedrijfsvoering II Mdw. locatie II Mdw. locatie III Mdw. locatie IV Mdw. technische uitvoering IV Mdw. technische uitvoering V Mdw. toezicht II Mdw. toezicht III Overig
0,67 6 6,8 10,78 0,89 0,5 1 4 0,5
1.000 9.000 10.200 16.170 1.333 750 1.500 6000 750
Totaal
31,13
46.700
Garantiebaan Medewerker locatie V
3,69 1
5.535 1.500
Totaal
4,69
7.035
Tabel 12: Personele inzet team onderhoud
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 26 van 49
3.5 Financiële impact groei Waddinxveen Waddinxveen is een gemeente die nu en de komende jaren groeit en verder uit zal breiden. Dit heeft ook invloed op de omvang van ons areaal, de inzet van personeel en de kosten. We bepalen elk jaar welke areaaluitbreidingen er aankomen en wat dit betekent voor het budget dat nodig is. Dit vragen we aan via de gemeenteraad. We baseren ons hierbij op de gebiedsplanning. Dit koppelen we aan ons planmatig beheer, zodat het nieuwe areaal in de toekomst meegenomen wordt en onderdeel wordt van onze beheercyclus. Bij de ontwikkeling van nieuwe woningbouwlocaties sluiten we aan om voor de start het beheer en onderhoud goed te regelen. We leggen de eisen ten aanzien van het toekomstig beheer en onderhoud vast in een exploitatieovereenkomst. Dit doen we door het opleggen van onze Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR). Daarnaast geeft de ontwikkelaar een bankgarantie af. Deze kunnen we, als het noodzakelijk is, gebruiken om alle directe en indirecte schade te dekken.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 27 van 49
Beheerplan Wegen en Openbare Verlichting
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 28 van 49
Inleiding Beheer en onderhoud van de openbare ruimte is een kerntaak van de gemeente. Een kwalitatief goede infrastructuur draagt bij aan de mobiliteit, gezondheid en veiligheid van onze samenleving. Een functioneel en goed onderhouden wegennet is daarom van groot belang en zorgt voor een aantrekkelijke en veilige omgeving voor iedereen. Met dit plan borgen we het beheer en onderhoud van de openbare wegen en bijbehorende objecten – zoals borden en openbare verlichting (OV) – in Waddinxveen. Hiervoor zijn ook financiële middelen vastgesteld en gekoppeld aan de uit te voeren werkzaamheden.
Algemeen Belangrijk voor het beheer is dat de wegen en alle bijbehorende objecten niet sneller achteruitgaat qua kwaliteit dan op grond van de gemiddelde levensduur verwacht mag worden. Om die reden worden de kwaliteitswaarden aangehouden die besproken zijn in het algemene deel van het IBOR. Binnen het onderhoud wordt onderscheid gemaakt tussen dagelijks, jaarlijks, groot en ongepland onderhoud. De precieze onderverdeling hiertussen staat in paragraaf 2.4 van het algemene deel van het IBOR. In de twee voorgaande beheerplannen Wegen hebben we ons voor een groot deel gericht op de woonwijken. Voor dit beheerplan zullen we ons meer richten op de doorgaande wegen binnen onze gemeente. Hier is inmiddels extra aandacht voor nodig, gezien het intensieve bouwverkeer dat de afgelopen jaren door de gemeente heeft gereden en omdat in de vorige beheercyclus het onderhoud aan enkele doorgaande wegen is uitgesteld. Daarnaast is het voorheen losstaande beheerplan voor OV ook opgenomen in dit beheerplan 2026-2030. Alle beheermatige werkzaamheden worden daarbij integraal tussen de verschillende disciplines afgestemd.
1
Relevante kaders wegbeheer
In dit stuk worden de verschillende specifieke kaders benoemd die alleen gelden voor de beleidsdiscipline Wegen. Hierin is een onderverdeling gemaakt tussen fysieke kaders, aanvullende beleidskaders en overige wet- en regelgeving. Per beheerdiscipline wordt op deze manier een specifieke aanvulling gegeven bovenop wat al in het algemene deel van het IBOR wordt genoemd.
1.1 Fysieke kaders Het goed beheren en onderhouden van ons wegennet is een zeer omvangrijke taak. Het areaal in Waddinxveen aan openbare wegen gaat over een oppervlakte van bijna 1,6 miljoen m². Hier vallen naast de verderop benoemde objecten onder andere de wegen, straten, pleinen, parkeerplaatsen, fietspaden, trottoirs en halfverharde paden onder. De specifieke aantallen en hoeveelheden – samen met relevante aanvullingen – staan in de tabellen op de volgende pagina benoemd. Komende tijd vindt er wel nog een aanvullende inventarisatie plaats, waardoor deze aantallen ook weer veranderen. De genoemde aantallen zijn een momentopname en daardoor aan verandering onderhevig. De geactualiseerde cijfers worden jaarlijks verantwoord in paragraaf drie van de gemeentelijke begroting en zijn ook altijd terug te vinden in het integrale beheersysteem. Onderstaande hoeveelheden voor de tabellen in dit beheerplan hebben een peildatum van 1 december 2025.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 29 van 49
Soort verharding: GESLOTEN VERHARDING (m2) ↓ Asfaltbeton Ongewapend beton Gewapend beton Printbeton Oppervlakbehandeling beton Oppervlakbehandeling asfalt ELEMENTEN VERHARDING (m2) ↓ (Beton-)tegels Betonstraatstenen Betonelement (overig) Straatbakstenen Gebakken klinkers / sierbestrating Grasbetonsteen HALFVERHARDING (m2) ↓ Gravelpaden Grindpaden Overig Zandpaden Natuursteen Boomschors Houtsnippers BELIJNING EN MARKERING (m, m2 en stuks) ↓ Belijning Vlakken en symbolen
Totale hoeveelheid: Totaal: 389.711 m2 384.954 m2 3.081 m2 121 m2 410 m2 294 m2 851 m2 Totaal: 1.145.175 m2 325.122 m2 68.929 m2 2.171 m2 117.180 m2 5.093 m2 6.319 m2 Totaal: 32.957 m2 18.071 m2 3.929 m2 3.496 m2 5.532 m2 318 m2 580 m2 1.031 m2 74.169 m2 3.109 m2 / 2.661 tot.
Tabel 13: Areaal wegen en paden (Peildatum: 1/12/2025)
Aanvullend zijn er ook verschillende andere objecten in beheer. Het gaat hierbij om onder andere OV, straatmeubilair, palen en borden. Deze worden ook vanuit het budget voor beheerdiscipline Wegen beheerd. Soort object: STRAATMEUBILAIR (stuks) ↓ Afvalbakken Zitbanken VERKEERSMEUBILAIR (stuks) ↓ Verkeersborden Dragers Stoplichten (VRI’s) KABELS EN KASTEN (km & stuks) ↓ Kabels Kasten OPENBARE VERLICHTING (OV) (stuks) ↓ Lampen Armaturen Masten Tabel 14: Areaal straat-/verkeersmeubilair, Kabels/kasten en OV (Peildatum: 1/12/2025)
IBOR 2026-2030 Definitief
Totaal aantal: 430 320 3.056 2.212 6 220 km 68 7.100 7.100 6.608
Pagina 30 van 49 De hierboven genoemde aantallen zijn een momentopname (november 2025). De gemeente Waddinxveen groeit gestaag, waardoor ook het te onderhouden areaal aan wegverhardingen en straatmeubilair toeneemt. In de afgelopen periode zijn bijvoorbeeld meerdere nieuwe wegen en fiets/voetpaden gerealiseerd in de nieuwbouwwijken en is de OV voor bijna geheel aangepast naar LEDverlichting. Zodoende zal het gehele areaal de komende jaren door nieuwe reconstructies en projectontwikkelingen ook weer veranderen. Niet alle objecten binnen onze gemeente staan in de tabellen. Deze worden namelijk niet door de gemeente zelf beheerd, maar door instanties zoals ProRail (zoals de spoorwegovergangen) en de Provincie Zuid-Holland (provinciale wegen). We delen hiervoor wel gezamenlijk in de kosten voor het onderhoud van deze objecten maar we zijn hierdoor alleen budgettair verantwoordelijk. Deze constructie geldt bijvoorbeeld ook voor de VRI’s op de kruispunten Kanaaldijk-Coenecoop en HefbrugBrugweg, en voor de spoorwegovergangen aan de Zuidelijke rondweg en in het centrum.
1.2 Aanvullende wettelijke kaders Dit beheerplan is een vertaling van het algehele beleid en de planning binnen Waddinxveen. Op basis hiervan worden de kaders bepaald voor aankomende werkzaamheden en projecten. Dit vertaalt zich naar één werkwijze met overkoepelende wet- en regelgeving, waarbij er integraal aan de openbare ruimte wordt gewerkt. Al deze zaken (bijvoorbeeld dat verlichting niet mag leiden tot lichtvervuiling of het verstoren van fauna) worden verder besproken in hoofdstuk twee van het algemene deel van het IBOR en gelden natuurlijk ook voor de beheerdiscipline wegen. Dit betekent dat alle relevante wettelijke kaders – zowel de Europese als landelijke wet- en regelgeving – daar terug te vinden zijn.
1.3 Aanvullende beleidsmatige kaders Naast geldende wettelijke kaders sluiten we ook aan op specifieke landelijke en gemeentelijke beleidskaders. Waar nodig houden we daarmee rekening bij het aanpassen van onze infrastructuur. Zo vinden we het bijvoorbeeld belangrijk voor het beheer van onze wegen om ons te houden aan het beleid van ‘Duurzaam Veilig Wegverkeer’. Hiermee streven we naar slachtoffervrij verkeer, waarbij we gebruik maken van de vijf voorgeschreven principes voor de beheerdiscipline Wegen: Functionaliteit Dit principe gaat uit van het toepassen van één specifieke functie voor iedere weg. Op die manier is het routestelsel voor iedereen overzichtelijk en duidelijk. Gelijkvormigheid Dit principe schrijft voor dat de verschillen tussen massa, richting en snelheid worden beperkt. Bij lage snelheden kunnen auto's en fietsers hierdoor veilig van dezelfde weg gebruikmaken, maar bij hogere snelheden moeten motorvoertuigen gebruikmaken van een andere rijbaan dan het langzaam-rijdend verkeer. Herkenbaarheid Het derde principe is herkenbaarheid, wat betekent dat het wegverloop en wegbeeld herkenbaar moet zijn voor de gebruiker en mag het wegontwerp geen verrassingen bevatten.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 31 van 49 Vergevingsgezindheid Bij het vierde principe wordt een onderscheid gemaakt tussen fysieke en sociale vergevingsgezindheid. De eerste schrijft voor dat de weg-omgeving zo ontworpen is dat deze de gevolgen van kleine fouten beperkt. Aanvullend onderschrijft de sociale kant dat weggebruikers rekening kunnen houden met elkaars tekortkomingen. Op die manier kunnen minder bekwame weggebruikers (al dan niet per ongeluk) fouten maken zonder direct gevaar te lopen. Statusonderkenning Het laatste principe beschrijft dat de status (of functie) van een weg bepaalt hoe deze moet worden ingericht om de veiligheid te maximaliseren. Het doel daarbij is om de verschillende wegcategorieën duidelijk te onderscheiden. De inrichting van elke categorie moet daarbij worden afgestemd op de functie en het verwachte verkeersgedrag om zo ernstige ongevallen te voorkomen. Aanvullend werden in het voorgaande IBOR ook nog beleidskaders gesteld aan openbare verlichting. Die richtlijn had oorspronkelijk vooral de insteek van ‘donker waar het kan, verlichten waar het moet’. Begin 2025 is deze NPR 13201 geüpdate en betrekt nu enkele belangrijke zaken die eerder nog onderbelicht bleven. Voor het IBOR 2026-2030 wordt daarom deze nieuwe versie van de richtlijn aangehouden. NPR 13201-1 De NSVV heeft in samenwerking met NEN de Nederlandse Praktijkrichtlijn 13201-1 opgesteld.
Dit is vanaf januari 2025 de algemeen geaccepteerde richtlijn voor de kwaliteitscriteria van openbare verlichting. Deze richtlijn maakt uitzonderingen op het oorspronkelijke uitgangspunt van het standaard verlichten van de openbare ruimte. Naast de afwegingen over waar verlichting wel en niet past, wordt nu ook voor het eerst ook aandacht besteed aan het effect van reflectie van wegdekken en de relatie tot sociale veiligheid.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 32 van 49
2
Onderhoud en beheer
Zoals ook al is beschreven in paragraaf 2.3 in het algemene deel van het IBOR, is het onderhoud en beheer binnen de gemeente Waddinxveen voor een groot deel gebaseerd op de gemeentelijk vastgestelde beeldkwaliteitsniveaus (A, B & C). Op basis hiervan wordt bepaald of dat er onderhoud nodig is en ook daadwerkelijk (integraal) ingepland moet gaan worden. Dit heeft betrekking op zowel de wegen en paden zelf, maar ook op het gerelateerde straatmeubilair of om de noodzaak te bepalen voor het strooien tijdens vriesperiodes. In dit hoofdstuk lichten we de verschillende taken verder toe.
2.1 Waarborgen van de kwaliteit Naast de vastgestelde beeldkwaliteitsniveaus wordt er voor het beheer van de wegen ook gestuurd op de technische conditie ervan. De uitvoering van de benodigde beheerwerkzaamheden kan zowel door de gemeente zelf worden gedaan, als door externe partijen. Dit laatste gebeurt dan meestal via een raamcontract, zoals het momenteel onder andere is geregeld voor bijvoorbeeld elementenverharding (opp. onder de 250m2), VRI’s, klein asfaltonderhoud en belijning. We toetsen daarbij of onze aannemers voldoen aan de gewenste kwaliteit. Voor het doorlopend monitoren hiervan, laten we metingen uitvoeren door een eigen medewerker die hiervoor gecertificeerd is. Deze voert twaalf schouwrondes per jaar uit op willekeurig gekozen locaties, één controle per jaargetijde. Op die manier – in combinatie met het toetsen van onze aannemers – wordt inzichtelijk gemaakt of dat we aan de vastgestelde kwaliteit voldoen. De inspecties worden uitgevoerd voor zowel verhardingen als het straatmeubilair. Daarnaast maken we ook gebruik van de volgende aanvullende inspectiemethodes voor specifiek de wegen en paden: Visuele inspecties De kwaliteit van de bovengrondse situatie van wegen en paden wordt bepaald door een visuele inspectie. Zo worden eventuele schades aan verhardingen vastgesteld. Dit gebeurt op basis van textuur, vlakheid, samenhang, waterdichtheid en de randstrook.
We inspecteren ons wegennet daarnaast ook op vorstschade om het jaarlijks onderhoud te bepalen. Bij de visuele inspectie voor wegoppervlaktes onderscheiden we drie ernstklassen en drie omvangklassen. Een combinatie van deze vastgestelde waardes geeft de algehele kwaliteit van de verharding weer. Deze visuele inspectie wordt gedaan door een externe gespecialiseerde en onafhankelijke partij. Aanvullend onderzoek naar aanleiding van inspecties Op basis van de visuele inspectie kan het ook nodig zijn om verdere onderzoeken te verrichten. Dit wordt onder andere gedaan door het uitvoeren van asfalt- of constructie-boringen en valgewicht deflectiemetingen. Daarmee kan de aanwezigheid van ongewenste bouwstoffen – zoals asbest in het asfalt – of bijvoorbeeld mogelijke zwakke plekken die zijn veroorzaakt door een verzakt riool worden geconstateerd. In combinatie met de visuele inspectie en de beschikbare kennis van Team Leefomgeving kan daarmee de noodzaak tot werkzaamheden worden aangescherpt.
2.2 Uitvoeren beheer wegen In deze paragraaf beschrijven we de verschillende verhardingen (benoemd in Tabel 10) en welke vormen van beheer daarvoor nodig zijn. Op basis daarvan wordt het planmatig onderhoud voor het areaal ingevuld in de jaarplanning, aangevuld met het reactieve onderhoud op basis van Fixi-meldingen. De algehele levensduur van een weg is ook afhankelijk van de specifieke soort verharding, de
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 33 van 49 ondergrond, de belasting van de weg en het opgelegde kwaliteitsniveau. Aanvullend valt de jaarlijkse bijdrage aan ProRail voor het onderhoud aan de spoorovergangen ook onder groot onderhoud voor de beheerdiscipline Wegen. De verdere verdeling voor de soorten onderhoud is ook te vinden in het algemene deel van het IBOR. Ongeacht de keuze voor een bepaalde onderhouds- of beheermaatregel wordt deze zo integraal mogelijk uitgevoerd. Op die manier kunnen andere beheerdisciplines en teams hier ook van profiteren. We kennen binnen de beheerdiscipline Wegen daarbij de volgende type objecten als het gaat om specifiek verharding: Gesloten verharding Onze gesloten verharding kunnen we verdelen onder wegen van asfalt en beton. Hiervoor wordt jaarlijks kleinschalig onderhoud uitgevoerd, zoals het vullen van scheuren en het repareren van gaten. Het gedeeltelijk frezen van een rijbaan en het aanbrengen van (warm) asfalt op gerichte locaties valt ook onder kleinschalig onderhoud. Als het nodig is om de herstelwerkzaamheden over een groter oppervlak uit te voeren, wordt er (gedeeltelijk) groot onderhoud ingepland.
Afbeelding 5: Gedeeltelijk frezen van de deklaag
Dit wordt sowieso gedaan om het algehele kwaliteitsniveau en de verwachte levensduur te waarborgen. Dit gebeurt onder andere door te conserveren, waarbij een dunne laag gebroken steenslag wordt aangebracht in een vooraf aangebrachte kleeflaag, ter verbetering van de algehele deklaag. Bovendien kan deze geheel worden verwijderd en vervangen voor een nieuwe deklaag waarmee onder andere ook de vlakheid van de weg wordt verbeterd. Pas wanneer zowel kleinschalig als groot onderhoud niet voldoende is, wordt er overgegaan op een algehele reconstructie. Open verharding De open verharding in Waddinxveen bestaat over het algemeen uit betontegels, beton- of gebakken klinkers, en grasbetonstenen. De werkzaamheden hiervoor bestaan veelal uit het herstellen van elementenverharding, het wegwerken van oneffenheden of te grote voegbreedtes die vaak optreden door zettingen en het bijhouden van de groene parkeerplaatsen. Het soort onderhoud (kleinschalig, groot of vervangend) wordt bepaald door het totale oppervlak van de werkzaamheden (zie paragraaf 2.4 van het algemene deel van het IBOR). Voor klein onderhoud hebben we een raamovereenkomst en overige werkzaamheden worden aanbesteed. Meldingen door bewoners en bedrijven kunnen in de meeste gevallen opgelost worden binnen het kleinschalig onderhoud.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 34 van 49 Halfverharding Buiten open en gesloten verharding om, wordt er ook halfverharding toegepast in Waddinxveen. Dit is onder andere terug te vinden op paden en bij speeltoestellen en bestaat bijvoorbeeld uit schelpen, houtsnippers en gravel. Het onderhoud bestaat grotendeels uit het harken om de toplaag, het opnieuw aanbrengen van de toplaag, het verwijderen van onkruid en het bijvullen van ingezakte plekken om verdere verzakking te voorkomen. Belijning en markering De belijning en markering worden binnen de gemeente Waddinxveen door een externe partij aangebracht en gemanaged op basis van een raamcontract. Deze partij zorgt voor het onderhoud en het duidelijk zichtbaar houden van alle belijning en markeringen. Aansturing en constatering van de werkzaamheden hiervoor gebeuren op aanwijzen van de gemeente. Hierbij houden we ook rekening met een integrale aanpak en stemmen we werkzaamheden af met het oog op andere beheerdisciplines.
2.3 Uitvoeren beheer straat-, verkeersmeubilair, kabels, kasten en OV Naast verhardingen en belijning zijn er nog andere objecten binnen de gemeente waar de beheerdiscipline Wegen verantwoordelijk voor is. De openbare ruimte wordt als plezierig ervaren wanneer er ook voldoende faciliteiten zijn, zoals zitbanken en afvalbakken. Bovendien draagt duidelijke en eenduidige bewegwijzering hier ook aan bij. Daarom is het van belang dat al deze voorzieningen schoon, heel en veilig zijn. Binnen het onderhoud gebruiken we hiervoor de volgende indeling: Straat- en verkeersmeubilair Objecten zoals palen, afvalbakken, borden, VRI’s en fietsenrekken vallen onder de inventaris van de beheerdiscipline Wegen. Omdat de werkzaamheden hiervoor grotendeels overeenkomen, zijn straaten verkeersmeubilair hier gezamenlijk benoemd. Het belangrijkste is het schoonhouden ervan, zodat er geen verloedering kan optreden. Het onderhoud van het straatmeubilair in Waddinxveen is gericht op het in stand houden van beeldkwaliteitsniveau B. Aanvullend vindt er ook kleinschalig beheer plaats, waarbij tijdelijke bebording geplaatst, onderhouden en na afloop verwijderd wordt. Dit gebeurt bijvoorbeeld voor evenementen of tijdelijke wijzigingen in verband met bereikbaarheid. Het beheer wordt voor een groot gedeelte door de gemeente zelf uitgevoerd.
Voor bijvoorbeeld de samenwerking met externe partijen voor onze VRI’s, hebben we vier doorlopende onderhoudscontracten die jaarlijks worden verlengd. Wanneer bovenstaande werkzaamheden niet meer voldoende zijn, worden de objecten vervangen.
Afbeelding 6: Integraal beheer, VRI en fietspad gelijktijdige vervanging
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 35 van 49 Kabels en kasten De gemeente Waddinxveen voert een opleveringscontrole uit op kwaliteit en vergunningen voor werkzaamheden aan kabels die worden beheerd door het beheerdiscipline Wegen. Voorafgaand aan de heropening na een herinrichting worden deze herstelwerkzaamheden beoordeeld. Binnen het eerste jaar geldt een garantietermijn; daarna worden de meerkosten verhaald via een degeneratievergoeding op de uitvoerende aannemer. Bovendien herstellen we zelf jaarlijks incidenteel circa 1% van ons areaal aan bekabeling door bijvoorbeeld kabelbreuk. Naast kabels vallen ook verschillende kasten onder de verantwoordelijkheid van de beheerdiscipline Wegen. Deze worden met name gebruikt als schakelkasten voor OV en VRI's of bijvoorbeeld om marktkramen van energie te voorzien. In ieder geval plegen we 1 keer per jaar elektronisch onderhoud aan deze kasten en worden ze eens in de 10 jaar geïnspecteerd volgens NEN-normering. Openbare verlichting (OV) Het jaarlijks onderhoud aan de openbare verlichting wordt volledig uitbesteed aan derden via een raamcontract. Deze aannemer is daarbij ook verantwoordelijk voor het signaleren van afwijkingen van het gewenste kwaliteitsniveau. Daarom wordt de kwaliteit van de openbare verlichting 2 keer per jaar gecontroleerd tijdens een schouw.
Dit vindt plaats op basis van een steekproef, waarbij in totaal ongeveer 200 lichtmasten worden geïnspecteerd volgens de NEN-normering. Op basis van de geconstateerde gebreken doet de aannemer een onderhoudsvoorstel dat na akkoord van de gemeente wordt uitgevoerd. Doordat de daadwerkelijke kwaliteit dermate dynamisch is, wordt deze niet apart per lichtmast vastgelegd in ons beheersysteem. Wel werken we met een servicelevel, waarin vastligt wanneer de uit te voeren werkzaamheden (uiterlijk) moeten hebben plaatsgevonden. Op die manier repareren we jaarlijks incidenteel ongeveer 1% van ons areaal aan lichtmasten en armaturen. Bovendien vallen hier ook schoonmaakwerkzaamheden onder, waarbij ook individuele componenten zoals LED-drivers worden meegenomen. Die LED-drivers vervangen we eens in de 10 jaar, naast dat standaardverlichting actief vervangen wordt door LED. Daarbij wordt ook een verlichtingsplan gemaakt in combinatie met het implementeren van een dimregime. Het vervangen van openbare verlichting wordt in ieder geval waar mogelijk opgenomen in integrale reconstructies. Bovendien worden armaturen en masten ook buiten de integrale projecten om vanaf 2026 versneld vervangen. Dit doen we omdat de energiekosten de laatste jaren enorm gestegen zijn en we hiermee deze toegenomen kosten kunnen vermijden.
2.4 Overige werkzaamheden beheerdiscipline Wegen We hebben binnen Wegen ook nog een aantal andere verantwoordelijkheden ten aanzien van beheer. Hiervoor is apart budget beschikbaar gesteld en omvat de volgende taken: Gladheidsbestrijding In winterse omstandigheden zijn we verantwoordelijk voor een zo goed mogelijke begaanbaarheid van ons wegennet. Naast de verschillende autoroutes besteden we veel aandacht aan de begaanbaarheid van fietspaden en oversteekplaatsen. Ook de trottoirs in winkelgebieden behandelen we met meer urgentie. Daarvoor passen we zowel preventieve als curatieve maatregelen toe. We stellen hier jaarlijks een Actieplan Gladheidbestrijding voor op, waarin we alle werkzaamheden vastleggen die ermee te maken hebben. Er wordt expliciet op straatniveau aangegeven welke verhardingen prioriteit hebben bij de gladheidsbestrijding. Aanvullend krijgen ook maatschappelijk betrokken inwoners die een looproute begaanbaar willen houden materialen en strooizout ter beschikking gesteld.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 36 van 49 Onkruidbeheersing en straatreiniging met betrekking tot verhardingen Bij onkruidbeheersing op verharding gaan we uit van een gifvrije behandeling op gedifferentieerde kwaliteitsniveaus. De aannemers mogen grotendeels zelf de methode hiervoor bepalen. Hierbij is het wel van belang dat het resultaat voldoet aan de vastgestelde beeldkwaliteit voor die locatie én er geen gebruik wordt gemaakt van gifstoffen of chemische bestrijdingsmiddelen. Voor het behouden van de levensduur van gebakken of natuursteen klinkers mogen de aannemers in de gebieden waar die worden toegepast ook niet borstelen. Bovendien wordt – om de beeldkwaliteit verder te kunnen verhogen en de onderhoudskosten te verlagen – waar mogelijk gebruik gemaakt van voegvrije verhardingen. Aanvullend valt straatreiniging ook onder de werkzaamheden van de beheerdiscipline Wegen. Veelal wordt daarbij gebruik gemaakt van borstelmachines en bosmaaiers, naast toegewijde schoonmaakteams. Op die manier wordt er voorkomen dat het kwaliteitsbeeld van de openbare ruimte afneemt. Waar vuil zich ophoopt, wordt namelijk ook meer vuil weggegooid. Wanneer we hier tijdig voor optreden, kunnen we dit voorkomen en verloedert het straatbeeld zo min mogelijk.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 37 van 49
Beheerplan groen
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 38 van 49
Inleiding Het beheer en onderhoud van het groen in de openbare ruimte is een kerntaak van de gemeente. Openbaar groen faciliteert namelijk verschillende functies, zoals ruimte voor wandelroutes en geleiding van verkeers-routes. Het bepaalt daarmee grotendeels de uitstraling, sfeer en aantrekkelijkheid van de openbare ruimte. Met een kwalitatief goede groene openbare ruimte willen we bijdragen aan het welzijn, gezondheid en de veiligheid van onze inwoners. Dit doen we door goed beheer en uitvoeren van functioneel onderhoud. Deze beheermatige werkzaamheden worden ook integraal tussen de verschillende disciplines afgestemd. Bovendien zijn hier financiële middelen voor vastgesteld en gekoppeld aan de uit te voeren werkzaamheden.
Algemeen Vanuit de beheerdiscipline Groen is het belangrijk dat het groen niet sneller achteruitgaat qua kwaliteit dan op grond van de gemiddelde levensduur verwacht mag worden. Zoals ook bij de overige beheerdisciplines gebeurt, wordt het groen binnen de gemeente Waddinxveen op basis van beeldkwaliteitsniveaus beheerd (zie ook paragraaf 2.4 van het algemene deel van het IBOR). Aanvullend wordt er ook onderscheid gemaakt tussen dagelijks, jaarlijks, groot en ongepland onderhoud. De precieze kwalificering wat hieronder valt wordt beschreven in paragraaf 3.4 van het algemene deel van het IBOR. Voor specifiek bomen worden naast de geplande onderhouds- en beheermaatregelen ook werkzaamheden ingepland gericht op veiligheid op basis van de technische conditie. Afgelopen jaren zijn we vooral bezig geweest met het behoud van bestaand groen. Daarnaast hebben we ook de eerste stappen gezet om meer te doen voor leefgebieden van dieren en planten. Dit doen we door het toepassen van ecologisch beheer van de bermen en watergangen wat we bovendien de komende jaren nog verder gaan uitbreiden. Dit gebeurt in combinatie met de uitgangspunten vanuit het omgevingsprogramma Duurzame Leefomgeving en betere afstemming van het beheer zelf.
1
Relevante kaders groenbeheer
In dit stuk worden de verschillende specifieke kaders benoemd die alleen gelden voor de beheerdiscipline Groen. Hierin is een onderverdeling gemaakt tussen fysieke kaders, aanvullende beleidskaders en overige wet- en regelgeving. Per beheerdiscipline geven we op daarmee een specifieke aanvulling op hoofdstuk 1 van het algemene deel van het IBOR.
1.1 Fysieke kaders Het door ons beheerde areaal aan openbaar groen beslaat 1,7 miljoen m² en bevat meer dan 14.000 bomen die onderverdeeld zijn in meer dan 120 verschillende soorten. De categorie openbaar groen omvat onder andere vaste beplanting, gazons en natuurvriendelijke oevers; wat nog wordt aangevuld met bomen. De specifieke aantallen en hoeveelheden – samen met relevante aanvullingen – staan hieronder in de tabel benoemd. Er vindt de komende tijd wel nog een aanvullende inventarisatie plaats, waardoor deze aantallen weer zullen veranderen. De genoemde aantallen zijn een momentopname en aan verandering onderhevig. De geactualiseerde cijfers worden jaarlijks verantwoord in paragraaf drie van de gemeentelijke begroting en zijn ook altijd terug te vinden in het integrale beheersysteem. Onderstaande cijfers in dit beheerplan hebben een peildatum van 1 december 2025. Daarnaast is niet al het openbaar groen en bomen in eigendom en
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 39 van 49 beheer van de gemeente. Het beheer kan door eigendom ook gedeeltelijk bij de provincie Zuid-Holland of Rijkswaterstaat liggen. Deze specifieke stukken groen worden om die reden buiten beschouwing gelaten in dit beheerplan. Soorten openbaar groen:
Totaal aantal:
BOMEN (stuks) ↓ Bomen
14.046 2
BEPLANTING (m ) ↓ Bodembedekkers
124.061 m2
Struweel
63.456 m2
Vaste planten
13.790 m2
Haag
7.849 m2
Gemengde beplanting
3.923 m2
Houtwal
820 m2
Ruigte
113 m2
Wisselperken
50 m2
GRASVEGETATIE (m2) ↓ Gazons
538.668 m2
Bloemrijk gras / bijenlint
458.096 m2
Ruw gras
279.758 m2
Grasveld
26.627 m2
Natuurvriendelijke oevers
26.080 m2
Weide
14.328 m2
Plasdras
87.490 m2
Natuurlijke grasvegetatie
4.688 m2
Ruig gras
101 m2
Tabel 15: Areaal bomen en openbaar groen (Peildatum: 1/12/2025)
1.2 Aanvullende wettelijke kaders Dit beheerplan is een vertaling van het algehele beleid en de planning binnen Waddinxveen. Op basis hiervan worden de kaders bepaald voor aankomende werkzaamheden en projecten. Dit vertaalt zich naar één werkwijze met overkoepelende wet- en regelgeving, waarbij er integraal aan de openbare ruimte wordt gewerkt. In het geval van het beheerdiscipline Groen betekent het dat alle relevante wettelijke kaders terug te vinden zijn in hoofdstuk 1 het algemene deel van het IBOR. Het gaat dan om zowel de Europese als landelijke wet-/regelgeving en beleidskaders.
1.3 Aanvullende beleidsmatige kaders Voor het beheer van groen binnen Waddinxveen sluiten we uiteraard ook aan op specifieke landelijke en gemeentelijke beleidskaders. Naast dat het al uitgebreid beschreven wordt in hoofdstuk 1 van het algemene deel van het IBOR is het Omgevingsprogramma Duurzame Leefomgeving nog eens extra belangrijk voor het beheerplan Groen. Vanuit dit programma worden de volgende bepalingen meegegeven (ook gebaseerd op landelijke beleidskaders):
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 40 van 49 Algemene plaatselijke verordening (APV) voor bomenkap Hierin is de gemeentelijke regelgeving over het kappen van bomen opgenomen. Deze schrijft voor dat bomen niet zonder reden gekapt mogen worden. Om hier toch een uitzondering voor te maken, moet een omgevingsvergunning worden aangevraagd. Er geldt zelfs een strengere regelgeving als het gaat om bomen met een verhoogde beschermingsstatus. Bomen die geen onderdeel zijn van de hoofdgroenstructuur, geen andere verhoogde beschermingsstatus hebben en een kleinere stamdiameter dan 1,00 meter, hebben geen vergunningsplicht. Bij voorkeur geen verkoop van snippergroen In het vorige IBOR werd nog het beleid aangehouden dat het geen probleem was om snippergroen aan te kopen als inwoner van de gemeente. Het stuk snippergroen mocht wel maar maximaal 150 m2 groot zijn en zoveel mogelijk grenzen aan de eigen perceelgrens. Inmiddels is duidelijk geworden dat de buitenruimte meer uitdagingen kent en de algehele ruimte schaars is. Uitdagingen op het gebied van klimaatadaptie en biodiversiteit – in combinatie met de toenemende druk op zowel de boven- als ondergrondse infrastructuur – hebben doen inzien dat deze restkavels beter in eigendom van de gemeente kunnen blijven.
Verkoop van snippergroen is daarom alleen mogelijk als aangetoond is dat dit strategische, tactische of planologische voordelen heeft voor de gemeente én direct aanliggend aan het perceel van de nieuwe eigenaar is. Adoptiegroen is gewenst In tegenstelling tot het snippergroen, staat de gemeente Waddinxveen wel positief tegenover ‘adoptie’ van openbaar groen door bewoners. Het gaat dan om een stuk openbaar groen of een boomspiegel dat in overleg wordt opgeknapt en waarvan inwoners daarna het onderhoud overnemen van de gemeente. Dit kunnen buurtbewoners zijn, maar ook verenigingen, scholen, bedrijven en overige instanties. Hiervoor sluiten we een overeenkomst af zodat de afspraken vastliggen en schrijven we een lijst voor met geschikte planten. Het Handboek Bomen Het Norminstituut Bomen beschikt over een zeer uitgebreide kennisbank en allerlei instrumenten waarmee de kwaliteitszorg rond bomen wordt gewaarborgd. Al deze zaken staan beschreven in Handboek Bomen. We gebruiken altijd de meest actuele versie van dit handboek. Met dit handboek wordt onder andere bepaald in welke mate bomen nog veilig zijn en welke standaardprincipes moeten worden aangehouden voor het aanleggen van een groeiplaats. Deze gestandaardiseerde kwaliteitseisen, richtlijnen en normen zijn in alle gevallen van toepassing op de uitvoering van werkzaamheden in, rond en met bomen binnen de gemeente Waddinxveen.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 41 van 49
2
Onderhoud en beheer
Zoals eerder is beschreven in paragraaf 1.3 van het algemene deel van het IBOR, is het onderhoud en beheer binnen de gemeente Waddinxveen voor een groot deel gebaseerd op de gemeentelijk vastgestelde beeldkwaliteitsniveaus (A, B & C). Dit heeft betrekking op alle soorten groen met uitzondering van bomen en bermen. In dit hoofdstuk lichten we de verschillende taken verder toe.
2.1 Waarborgen van de kwaliteit Naast de vastgestelde beeldkwaliteitsniveaus wordt er voor het beheer van het openbaar groen ook gestuurd op de technische conditie ervan. Er wordt daarbij wel een onderscheid gemaakt tussen de kwaliteitsborging van het openbare groen en specifiek die van bomen. In aanvulling op de kwaliteitsniveaus wordt er ook onderscheid gemaakt in het soort groen (hoogwaardig, cultuurlijk en ecologisch). Veel van het groenwerk wordt uitgevoerd door derden. Door regelmatig zelf controles uit te voeren, zorgen we er voor dat het onderhoud tijdig uitgevoerd wordt en houden we grip op de kwaliteit van het beheer. Zo worden eventuele overschrijdingen ervan zoveel mogelijk vermeden. Deze combinatie van inspecties en kwalificaties voor het groenonderhoud borgen de algehele kwaliteit van het openbaar groen binnen Waddinxveen. Hieronder wordt dit verder toegelicht: Aanvullende categorisering openbaar groen binnen Waddinxveen De aanvullende onderverdeling van het groen binnen de gemeente gaat uit van het principe ‘hoogwaardig waar het moet, cultuurlijk waar het past en ecologisch waar het kan’. In combinatie met de kwaliteitsniveaus worden daar de beheer- en onderhoudsmaatregelen aan gekoppeld. Voor ‘Hoogwaardig groen’ betekent dat intensief onderhoud. Dit is met name in de centra, begraafplaatsen en in accent-gebieden te vinden.
‘Cultuurlijk groen’ is juist gecultiveerd en komt voornamelijk voor in woonwijken, op bedrijventerreinen of in parken. ‘Ecologisch groen’ wordt dan weer over het algemeen toegepast in het buitengebied en bij de robuustere plekken met openbaar groen binnen de gemeente. Inspectie gericht op de conditie van de gemeentelijke bomen De kwaliteit van ons bomenbestand wordt inzichtelijk gemaakt door een visuele boomveiligheidscontrole, op basis van de ‘Boomveiligheidsonderzoek (BVO) methodiek’. Met deze methodiek wordt een boom als geheel en per onderdeel beoordeeld om zo een beeld te krijgen van de stabiliteit en breukveiligheid. Daarbij wegen we zowel de conditie als de veiligheidsklasse van de boom mee. De algehele conditie van bomen is belangrijk voor het voldoen aan de gemeentelijke zorgplicht. We streven naar een bomenbestand met zo veel mogelijk bomen die in voldoende tot goede conditie zijn. Uit de inspecties blijkt dat het grootste deel van ons bomenbestand geen noemenswaardige afwijkingen vertoont. De conditie van een boom heeft vooral te maken met de groeikracht van een boom en niet zozeer met de technische staat. Deze wordt namelijk al negatief beïnvloed als een boom wordt geplant in de verharding. Mocht dit in bepaalde situaties toch niet anders kunnen, spannen we ons in om de groeiplaats zo optimaal mogelijk in te richten.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 42 van 49 Inspecties gericht op de conditie van het openbaar groen De kwaliteit van het openbaar groen wordt maandelijks gecontroleerd. Op die manier wordt de kwaliteit van het openbaar groen geborgd. De uitgangspositie daarbij is dat het openbaar groen een verzorgd uiterlijk heeft, voldoet aan haar functie en te allen tijde veilig is. Daar waar openbaar groen is beschadigd, wordt het groen daar waar kan hersteld en zo nodig aangepast.
2.2 Uitvoer beheer groen In deze paragraaf beschrijven we de verschillende objecten (benoemd in Tabel 12) en welke vormen van beheer daarvoor nodig zijn. Op basis daarvan wordt planmatig onderhoud voor het areaal ingevuld in de jaarplanning, aangevuld met het reactieve onderhoud op basis van Fixi-meldingen. De precieze verdeling voor de soorten onderhoud is ook te vinden in hoofdstuk 2 van het algemene deel van het IBOR. Het jaarlijks onderhoud van openbaar groen is grotendeels uitbesteed aan derden. Het gaat hierbij om werkzaamheden zoals aanplant, schoffelwerk of het maaien van de bermen en watergangen. De aannemer moet zich houden aan de door de gemeente vastgestelde kwaliteitsniveaus. De daadwerkelijke kwaliteit op basis van de controles is dermate dynamisch dat deze niet apart per groenvak wordt vastgelegd in het beheersysteem. Waar mogelijk wordt ecologisch beheer toegepast, omdat extensief beheer bijdraagt aan de biodiversiteit. Denk hierbij bijvoorbeeld aan alle bermen en oevers in de gemeente (zie paragraaf 1.3 in het algemene deel van het IBOR).
Afbeelding 7: Ecologisch oeverbeheer
Vervanging van al het groen vindt planmatig plaats. Onder vervangingen verstaan we het volledig of gedeeltelijk vervangen van het openbaar groen en van bomen. Voor al het groen is een gemiddelde levensduur van tevoren vastgesteld, maar deze verschilt per groentype. Bomen gaan bijvoorbeeld gemiddeld langer mee dan een vak met bodembedekkers of vaste beplanting. Op basis van deze gemiddelde levensduur wordt bepaald welke maatregelen noodzakelijk zijn om ons groenareaal duurzaam in stand te houden. Hiervoor worden de volgende werkzaamheden uitgevoerd voor de verschillende groentypes binnen de gemeente. Aangezien werkzaamheden voor openbaar groen en bomen afwijken van elkaar, hebben we die apart van elkaar benoemd.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 43 van 49 Werkzaamheden voor bomen De jaarlijkse onderhouds- en veiligheidsmaatregelen met betrekking tot bomen worden gepland op basis van de eerdergenoemde BVO. Deze BVO wordt jaarlijks uitgevoerd en per keer wordt een derde van ons bomenbestand beoordeeld. Zo wordt elke drie jaar de kwaliteit van elke algemene boom binnen de gemeente beoordeeld. Voor risico- en attentiebomen voeren we daarnaast jaarlijkse BVO-inspecties uit om de ontwikkeling rond de geconstateerde afwijkingen goed te kunnen monitoren. Wanneer een boom wordt aangemerkt als risicoboom, nemen we maatregelen om de veiligheidsrisico’s voor inwoners en materiële goederen te minimaliseren. Deze maatregelen richten zich onder andere op het verwijderen van grof dood hout en het voorkomen van dierlijke aantasting door bijvoorbeeld de eikenprocessierups. Wanneer het nodig is, worden risicobomen op basis van veiligheid gekapt. Attentiebomen met bepaalde vastgestelde afwijkingen hoeven alleen extra gemonitord te worden. Op die manier hopen we dat we bepaalde zaken zoals ziektes, plakoksels of aantastingen weer onder controle krijgen of te houden. Daarmee proberen we te voorkomen dat deze bomen geen risicoboom worden.
Afbeelding 8: Grote variëteit aan planten en bomen ten behoeve van ecologie
Wanneer een boom toch is gekapt of bij nieuwe ontwikkelingen, moeten er nieuwe bomen worden gepland. Hierbij gaan we uit van het principe ‘het juiste groen op de juiste plek’. Zo creëren we de juiste leefomstandigheden voor optimale groei, zodat bomen volledig tot ontwikkeling kunnen komen. Op die manier worden de gemeentelijke bomen in goede gezondheid oud en worden onnodige beheer- en onderhoudskosten in de toekomst voorkomen. We vervangen bij voorkeur bomen pas als ze het einde van de levensduur hebben bereikt of wanneer ze een risico vormen voor de omgeving. Binnen integrale projecten kan hier daarentegen wel van worden afgeweken. Bij integraal werken kan bepaald worden dat bomen een knelpunt vormen voor een passende en toekomstbestendige inrichting van de openbare ruimte. Het is het dan wel de afspraak dat het gevelde groen weer op een andere plek wordt gecompenseerd.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 44 van 49 Werkzaamheden voor openbaar groen Net zoals bij bomen, wordt het openbaar groen binnen de gemeente Waddinxveen beheerd volgens planmatig onderhoud. Doordat ons areaal aan openbaar groen zeer omvangrijk is, vallen hier vele werkzaamheden onder. Het gaat hierbij onder andere om werkzaamheden zoals het snoeien van hagen, het maaien van gazons en onkruidbeheersing in groenvakken. Er wordt hierbij geen gebruik gemaakt van bestrijdingsmiddelen. Bij integrale projecten en ontwikkellocaties wordt daarnaast ook kritisch gekeken naar de toekomstige beheer- en onderhoudskosten van het openbaar groen. Aanvullend werken we samen met wijkregie om groenadoptie door bewoners te stimuleren, waardoor lokaal een hogere kwaliteit groen ontstaat dan waar de gemeente samen met de externe partners alleen toe in staat is. Doordat deze groene gebieden door bewoners wordt beheerd en onderhouden – zoals plantvakken en boomspiegels – zijn er ook uitgebreidere mogelijkheden voor de invulling ervan.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 45 van 49
Beheerplan Civieltechnische kunstwerken
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 46 van 49
Inleiding Het beheer en onderhoud van Civieltechnische kunstwerken is één van de kerntaken van de gemeente. Deze zijn een belangrijk onderdeel van de infrastructuur binnen Waddinxveen. Een kwalitatief goede infrastructuur draagt namelijk bij aan de mobiliteit, gezondheid en veiligheid van onze samenleving. De bruggen zijn bijvoorbeeld van essentieel belang voor de doorstroming van het verkeer. Met dit plan borgen we het beheer en onderhoud van alle bruggen, tunnels, steigers en keermuren die in het bezit zijn van de gemeente Waddinxveen. Hiervoor zijn ook financiële middelen vastgesteld en gekoppeld aan de uit te voeren werkzaamheden.
Algemeen Het is belangrijk voor het beheer dat de kwaliteit van de Civieltechnische kunstwerken niet sneller achteruitgaat dan op grond van de gemiddelde levensduur verwacht mag worden. Om die reden worden de kwaliteitswaarden aangehouden die besproken zijn in het algemene deel van het IBOR, om daarmee ook aan onze zorgplicht te voldoen. Werkzaamheden rond de spoorwegonderdoorgangen en advies en onderzoek vallen ook onder dit beheerplan. Binnen het onderhoud wordt onderscheid gemaakt tussen dagelijks, jaarlijks, groot en ongepland onderhoud. De precieze onderverdeling hiertussen staat in paragraaf 2.4 van het algemene deel van het IBOR. Alle beheermatige werkzaamheden worden daarbij integraal tussen de verschillende disciplines afgestemd. Hier zijn ook financiële middelen voor vastgesteld en gekoppeld aan de uit te voeren werkzaamheden. Onze Civieltechnische kunstwerken worden beheerd en onderhouden ten laste van het product wegen in de gemeentebegroting.
1
Relevante kaders beheer Civieltechnische kunstwerken
In dit stuk worden de verschillende specifieke kaders benoemd die alleen gelden voor de beheerdiscipline Civieltechnische kunstwerken. Hierin is een onderverdeling gemaakt tussen fysieke kaders, aanvullende beleidskaders en overige wet- en regelgeving. Per beheerdiscipline wordt op deze manier een specifieke aanvulling gegeven bovenop wat al in het algemene deel van het IBOR wordt benoemd.
1.1 Fysieke kaders Het goed beheren en onderhouden van onze Civieltechnische kunstwerken is een zeer omvangrijke taak. De specifieke aantallen en hoeveelheden die worden beheerd door de gemeente staan in de tabel op de volgende pagina benoemd. Komende tijd vindt ook nog een aanvullende inspectie en inventarisatie plaats, waardoor deze aantallen nog zullen wijzigen. De genoemde aantallen zijn dan ook een momentopname en inherent onderhevig aan verandering. De geactualiseerde cijfers worden jaarlijks verantwoord in paragraaf drie van de gemeentelijke begroting en zijn daarnaast ook altijd terug te vinden in het integrale beheersysteem.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 47 van 49
Soorten civieltechnische kunstwerken: BRUGGEN (stuks) ↓ Beton Staal/composiet Hout OVERIG (stuks) ↓ Steigers Keermuren Tunnels (materiaal beton) Damwanden, totale lengte in m
Totaal aantal: Totaal: 163 57 73 33 9 2 4 455
Tabel 16: Areaal Civieltechnische kunstwerken (Peildatum: 1/12/2025)
1.2 Aanvullende wettelijke kaders Dit beheerplan is een concrete uitwerking van het algehele beleid en de planning van aankomende werkzaamheden en projecten in Waddinxveen. Dit vertaalt zich naar één werkwijze met overkoepelende wet- en regelgeving, waarbij er integraal aan de openbare ruimte wordt gewerkt. Waar al deze zaken ook worden besproken in hoofdstuk 1 van het algemene deel van het IBOR, zijn er ook nog enkele kaders die specifiek betrekking hebben op alleen het beheerdiscipline Civieltechnische kunstwerken. Met betrekking tot landelijke wetgeving gaat het dan om: Woningwet/Besluit Bouwwerken Leefomgeving 2025 De verplichtingen voor een civieltechnisch kunstwerk hebben betrekking op het uitvoeren van onderhoud en het voorkomen van oneigenlijk gebruik. Voor de Civieltechnische kunstwerken in ons beheer geldt dat we ervoor moeten zorgen dat de kwaliteit boven het vastgestelde afkeurniveau blijft. De constructieve veiligheid van de Civieltechnische kunstwerken in het beheer van de gemeente moeten voldoen aan het wettelijke veiligheids- en kwaliteitsniveau.
1.3 Aanvullende beleidsmatige kaders Voor de beheerdiscipline Civieltechnische kunstwerken zijn geen afwijkende aanvullende beleidsmatige kaders naast die zijn benoemd in hoofdstuk 1 van het algemene deel van het IBOR. Bovendien gelden voor Civieltechnische kunstwerken grotendeels ook de beleidskaders die worden besproken in het beheerplan voor Wegen. Civieltechnische kunstwerken zijn namelijk onderdeel van de infrastructuur en bevatten zowel paden/wegen als OV. Daarom zijn de beleidsmatige kaders van ‘Duurzaam Veilig Wegverkeer’ en de NPR 13201-01 – zoals benoemd worden in paragraaf 1.3 van het beheerplan Wegen – ook hier relevant.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 48 van 49
2
Onderhoud en beheer
Zoals ook al is beschreven in paragraaf 1.3 van het algemene deel van het IBOR, is het onderhoud en beheer binnen de gemeente Waddinxveen voor een groot deel gebaseerd op de gemeentelijk vastgestelde beeldkwaliteitsniveaus (A, B & C). Over het algemeen is het gewenste kwaliteitsniveau voor Civieltechnische kunstwerken vastgesteld op beeldkwaliteitsniveau B. Er zijn wel enkele uitzonderingslocaties waar juist uitgegaan wordt van beeldkwaliteitsniveau A. Naast de beeldkwaliteit van Civieltechnische kunstwerken wordt er ook gekeken naar de technische kwaliteit ervan.
2.1 Waarborgen van de kwaliteit Bij het beoordelen van de beeldkwaliteit voor Civieltechnische kunstwerken wordt er gekeken naar zichtbare schades, het aantal scheuren en gaten, het percentage rotting en de wijdte van voegovergangen. Wanneer de beeldkwaliteit onvoldoende is, kan de technische kwaliteit van het kunstwerk bijvoorbeeld wel alsnog voldoen. In de praktijk betekent beeldkwaliteitsniveau B dat de toestand van onze bruggen geen aanleiding geven tot ongelukken, schades, niet leiden tot degeneratie, geen overlast veroorzaken en slechts geringe technische schade vertonen. Aan de andere kant kan een civieltechnisch kunstwerk juist wel aan het vastgestelde beeldkwaliteitsniveau voldoen, terwijl er tegelijkertijd groot onderhoud of vervanging noodzakelijk is. Dit komt dan omdat de technische kwaliteit niet meer voldoende is om de constructieve veiligheid van het kunstwerk te waarborgen. Zeker voor het voldoen aan de gemeentelijke zorgplicht is het belangrijk om dit goed in de gaten te houden. Dit doen we door middel van inspecties en op basis van categorisering. Inspecties Om inzicht te krijgen in de staat van de objecten worden deze geïnspecteerd om vast te stellen welk onderhoud in de komende tien jaar nodig is en welk cyclisch onderhoud tot aan het einde van de levensduur moet worden uitgevoerd.
Dit doen we door een inspectie conform CUR 117 B2 uit te laten voeren, aangevuld met een conditiemeting volgens NEN 2767-4. Deze methode beoordeelt drie aspecten: ernst, omvang en intensiteit. De uitkomst hiervan is een score die de kwaliteit per bouwdeel weergeeft: de conditiescore. Conditiescore & -oordeel: 1 Uitstekende conditie
Toelichting: Incidenteel geringe gebreken
2
Goede conditie
Incidenteel beginnende veroudering
3
Redelijke conditie
4
Matige conditie
5
Slechte conditie
Plaatselijk zichtbare veroudering Functievervulling van bouw- en installatiedelen incidenteel in gevaar De veroudering is onomkeerbaar
6
Zeer slechte conditie
Technisch rijp voor sloop
Tabel 17: Onderbouwing conditiebepaling civieltechnische kunstwerken
Het hersteladvies en de meerjarenonderhoudsplanning die daaruit volgen, worden opgesteld volgens CUR 117 B5 en C2. Daarnaast wordt de beeldkwaliteit per kunstwerk vastgelegd volgens de CROWsystematiek. De werkzaamheden worden uitgevoerd door een inspectiebureau met gespecialiseerde en gecertificeerde inspecteurs. Geconstateerde gebreken die een gevaar kunnen opleveren, worden direct vertaald naar een passende onderhoudsmaatregel.
IBOR 2026-2030 Definitief
Pagina 49 van 49 Categorisering Aanvullend is het voor het beheer van de Civieltechnische kunstwerken ook belangrijk te weten om welke soort kunstwerken het gaat en wat de functie ervan is. Een (fiets-)tunnel kent bijvoorbeeld andere vereisten en voorschriften dan een brug waar zwaar gemotoriseerd verkeer overheen rijdt. Door die verschillen is het goed om te weten welke categorieën het meest voorkomen binnen de gemeente. Met betrekking tot onze bruggen zijn voetgangers de grootste categorie weggebruikers, gevolgd door de gemengde categorieën van fiets- en voetgangers en daarna pas gemengd verkeer. Onder gemengd verkeer verstaan we een combinatie van voetgangers, fietsers en gemotoriseerd verkeer. Twee bruggen worden enkel gebruikt door gemotoriseerd verkeer – dus geen fietsers of voetgangers – en de brug ten zuiden van de Winterdijk is alleen bestemd voor landbouwverkeer. Al deze kwalificaties geven inzicht in de gebruiksbelastingen van de verschillende kunstwerken en met name bruggen. Omdat kunstwerken een relatief lange levensduur hebben, is het van belang inzicht te houden in deze gebruiksbelastingen. Deze belastingen kunnen in de loop der tijd namelijk veranderen door zwaarder verkeer, een hogere verkeersintensiteit of door een veranderend klimaat. Dit wordt doorvertaald in de afschrijvingstermijn en de vervangingskosten van onze kunstwerken.
Deze kunnen door deze mogelijke ontwikkelingen variëren ten opzichte van de eerste realisatie.
Afbeelding 9: Civieltechnisch kunstwerk, plaatsen van een loopbrug
2.2 Uitvoeren beheer civieltechnische kunstwerken Eens in de 4 tot 5 jaar wordt de onderhoudsbehoefte van de Civieltechnische kunstwerken geïnventariseerd en vertaald naar een 10-jarige onderhoudsplanning. Deze planning ligt voor de eerste 4 jaar vast. Daarna dient de planning als een indicatie voor het verwachte onderhoud. Dit wordt vertaald naar jaarlijks en groot onderhoud en moet vroegtijdige vervanging voorkomen. Deze werkzaamheden zijn gelijk voor alle verschillende objecten die onder de beheerdiscipline Civieltechnische kunstwerken vallen. Jaarlijks onderhoud richt zich op het weer in veilige staat brengen van de civieltechnisch kunstwerken door gebruik te maken van betrekkelijk eenvoudige en goedkope handelingen. Bij grote objectonderdelen gaat het dan bijvoorbeeld om plaatselijk onderhoud van circa 1-10% van het oppervlak ervan. Het bestaat ook uit kleinere werkzaamheden zoals vervanging van bevestigingsbouten aan