CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 4 rapport concept maatregelenpakket BBG

Besluitvormende raadsvergadering 15 december 2021, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: RV.RB. Maatregelenpakket Beter Bereikbaar Gouwe12.139 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Rapport Concept maatregelenpakket Beter Bereikbaar Gouwe Versie 1.0 (def.) 01-10-21 Juni 2020

1

Inhoudsopgave 0

Managementsamenvatting .................................................................................................................................................................................. 4

1. Inleiding .................................................................................................................................................................................................................... 9 1.1

Aanleiding: programma Beter Bereikbaar Gouwe ......................................................................................................................................... 9

1.2 Doel van dit rapport: voorstel voor maatregelenpakket voor de middellange termijn ................................................................................. 9 1.3 Processtappen tot op heden ........................................................................................................................................................................... 9 1.3 Leeswijzer: verwijzing naar bijlagen bij dit rapport....................................................................................................................................... 12 2.1 Knelpunten op (vaar)wegen, bij oeververbindingen en in dorpen ............................................................................................................... 14 2.2 Korte termijn: N207 Zuid en quick wins ........................................................................................................................................................ 16 2.3 Ladder van Verdaas ....................................................................................................................................................................................... 17 2.4 40 maatregelen als vertrekpunt ....................................................................................................................................................................

18 2.5 Ruimtelijk-economisch perspectief ............................................................................................................................................................... 20 2.6 Raakvlakken met andere studies en projecten ............................................................................................................................................. 22 3. Van vijf opties voor de middellange termijn naar één maatregelenpakket .......................................................................................................... 23 3.1 Maatregelenpakket voor middellange termijn ............................................................................................................................................. 25 3.2 Fietsmaatregelen en OV-bereikbaarheid ...................................................................................................................................................... 26 3.3 Scheepvaart Gouwe....................................................................................................................................................................................... 28 3.4 Bodegravenboog ...........................................................................................................................................................................................

29 3.5 Noordelijke ontsluitingsweg Boskoop – Alphen aan den Rijn....................................................................................................................... 30 3.6 Toelichting verkeerseffecten van Bodegravenboog en noordelijke ontsluitingsweg Boskoop – Alphen aan den Rijn................................ 33 3.7 Kosten concept maatregelenpakket.............................................................................................................................................................. 33 3.8 Draagvlak ....................................................................................................................................................................................................... 34 2

3.9 Blik op langere termijn: aquaduct en tunnel................................................................................................................................................. 36 3.10 Verkenning ontsluitingsweg Reeuwijk-Dorp ............................................................................................................................................... 36 4. Maatregelen die (nu) niet zijn meegenomen ........................................................................................................................................................ 37 5. Vervolgproces ......................................................................................................................................................................................................... 39 Bijlage 1 Verkeerseffecten van de opties voor W20 .................................................................................................................................................. 42 Bijlage 2 Moties en amendementen .......................................................................................................................................................................... 51

3

0

Managementsamenvatting

0.1

Aanleiding: programma Beter Bereikbaar Gouwe

Gemeenten Alphen aan den Rijn, Waddinxveen en BodegravenReeuwijk, de Regio Midden-Holland en de provincie Zuid-Holland werken samen in Beter Bereikbaar Gouwe. Het doel van dit programma is het verbeteren van de bereikbaarheid en leefbaarheid in het gebied rond de Gouwe en het versterken van de economie. 0.2

Doel van dit rapport

In een zorgvuldig gebiedsproces met veel omgevingspartijen werken de bestuurlijke partners samen om te komen tot een maatregelenpakket met oplossingen voor wegen, vaarwegen, fiets en openbaar vervoer. Dit eindrapport concept maatregelenpakket Beter Bereikbaar Gouwe is onderdeel van het advies van de Bestuurlijke Afstemgroep (BAG - 30 sept. 2021) van de samenwerkende partners voor een eenduidig maatregelenpakket voor de middellange termijn. Bij het samenstellen van dit pakket is rekening gehouden met de ruimtelijk-economische ontwikkelingen, effecten op verkeer en daarmee het oplossen van de in fase 1 vastgestelde knelpunten. Ook is rekening gehouden met uitbreidingsmogelijkheden op lange termijn, het beschikbare budget van € 53,84 miljoen en de relatie

met andere projecten. Ook de uitgebreide draagvlakanalyse op basis van de inbreng van belanghebbenden is meegewogen. Beter Bereikbaar Gouwe richt zich op maatregelen die op de middellange termijn (over 5 tot 15 jaar) uitgevoerd kunnen worden. Daarbij wordt rekening gehouden met maatregelen die op de korte termijn (binnen nu en 5 jaar) al worden uitgevoerd en met mogelijke maatregelen voor de lange termijn (over meer dan 15 jaar). 0.3

Processtappen tot nu toe en vervolgstappen

In verschillende stappen is toegewerkt naar het nu voorliggende maatregelenpakket: 1. Fase 1 (2018): In 2018 is samen met belangenorganisaties een gebiedsvisie opgesteld met vijf scenario’s. De partners hebben eind 2018 besloten om 26 maatregelen uit een aantal scenario’s verder uit te werken. 2. Fase 2 (2019-2021): huidige fase In de periode 2019 en 2020 hebben uitgebreide werksessies en tientallen bijeenkomsten met de samenwerkingspartners en de omgeving plaatsgevonden. Op basis daarvan is besloten om 40 maatregelen uitgebreid te onderzoeken en te beoordelen. Uit deze 40 maatregelen zijn halverwege 2020 vijf pakketten met maatregelen samengesteld. Eind 2020 hebben de Gemeenteraden, Provinciale Staten en de omgeving zich kunnen uitspreken over de 4

vijf pakketten. Deze signalen zijn begin 2021 uitgewerkt tot een concept-maatregelenpakket. Dit concept-maatregelenpakket is in juni en juli 2021 met bewoners, bedrijven en belangenorganisaties uit de omgeving besproken. Vervolgens zijn de individuele maatregelen verwerkt in situatieschetsen en zijn de effecten van deze maatregelen onderzocht. De reacties van belanghebbenden uit de omgeving zijn verwerkt in dit rapport waarmee de BAG een advies kan formuleren. Een volledig overzicht van de reacties uit de omgeving staat in de bijlage Draagvlakanalyse. Het BAG advies wordt eind 2021 voorgelegd aan de colleges van Burgemeester en Wethouders en Gedeputeerde Staten en vervolgens ter politieke besluitvorming aan de raden en Staten. De besluitvorming in fase 2 bestaat dus uit twee stappen. Na deze besluitvorming start fase 3 van Beter Bereikbaar Gouwe waarin de nadere uitwerking, planologische procedures en, waar mogelijk, de uitvoering start. 0.4

Voorstel voor maatregelenpakket

Uit het onderzoek naar de knelpunten, de langetermijnvisie voor het gebied, de invloed van de maatregelen op het verkeer en het draagvlak voor de maatregelen komen vijf hoofdpunten naar voren. De bereikbaarheid, leefbaarheid en economie in het gebied kan het beste worden verbeterd door: 1. Verkeer dat géén bestemming in het gebied heeft, rijdt om het gebied heen via de hoofdwegen. Hiervoor zijn goede verbindingen tussen de hoofdwegen nodig en dus ook een volledige aansluiting A12-N11 (de Bodegravenboog).

2. Verkeer dat wel in het gebied moet zijn, heeft op de lange termijn een extra noord-zuidverbinding nodig én een extra oostwest(oever)verbinding over de Gouwe. Vooral de noordzuidroute moet geen alternatief zijn voor doorgaand verkeer dat geen bestemming heeft in het gebied (zie bij punt 1). 3. Lokale maatregelen in/bij de Gouwe zorgen ook voor een betere doorstroming en veiligheid van de (recreatieve) scheepvaart. Een grote verbreding van de Gouwe, zoals in een eerdere maatregel beoogd, is dus niet nodig. 4. Door fietspaden en de bereikbaarheid van openbaar vervoer te verbeteren, nemen mensen sneller de fiets in plaats van de auto. Dat is dus altijd goed voor de bereikbaarheid, leefbaarheid en economie. 5. Nieuwe sloepenroutes aanleggen is goed voor recreatie, maar zorgt niet voor een betere doorstroming en vaarveiligheid op de Gouwe. Deze maatregelen zitten daarom niet in het pakket voor de middellange termijn. Op basis van deze vijf punten is het voorstel ontstaan voor de volgende mix van maatregelen over 5 tot 15 jaar: Twee regionale fietsroutes en OV-bereikbaarheid Routes verbeteren/realiseren in de volgende volgorde: a. één noord-zuidroute, van Alphen aan den Rijn naar Gouda langs het spoor en; b. één oost-westroute, van Gouda naar Bodegraven, inclusief ongelijkvloerse kruising bij de N11. Op deze route is een fietstunnel voorzien bij de Botrotonde.

Uitwerking, definitief ontwerp en kosten zijn sterk afhankelijk van de uiteindelijke invulling van de Bodegravenboog ter plaatse. 5

c. optimalisatie van de bereikbaarheid van de R-Net haltes langs de spoorlijn Alphen aan den Rijn – Gouda.

waarbij er tevens twee spoor-onderdoorgangen worden gerealiseerd.

Scheepvaart Geen verbreding van de totale Gouwe, maar lokale maatregelen om de doorstroming en veiligheid te verbeteren op de Gouwe en op de weg. Het gaat om wachtplaatsen voor recreatieboten en verkeerslichten die beter zijn afgestemd op zowel het verkeer dat de hefbruggen passeert als op de scheepvaart. Ook komt er een ontheffingsbesluit voor schepen tot 10,5 meter.

Binnen de geldende randvoorwaarden van beschikbaar budget van € 53,84 miljoen politieke kaders (waaronder moties van bijvoorbeeld gemeenten) draagt het voorgestelde pakket zo veel als mogelijk bij aan de gestelde doelen voor bereikbaarheid, leefbaarheid en economie. Het pakket is niet toereikend om alle knelpunten volledig op te lossen.

Wegen Twee wegverkeersmaatregelen zijn: a. directe aansluiting van de N11 op de A12, de Bodegravenboog; b. noordelijke ontsluitingsroute voor Boskoop, een nieuwe 60 km/uur route tussen het noordelijke deel van Boskoop en het zuidelijke deel van Alphen aan den Rijn. Dit is de eerste fase om in het gebied eventueel op lange termijn een extra oeververbinding te kunnen realiseren. Pakket binnen budget maar met beperkt doelbereik De geraamde kosten van bovenstaand pakket bedragen tussen de € 51,1 en € 53,9 miljoen1 afhankelijk van de gekozen optie voor W20. De goedkoopste variant voor W20-1 is in deze fase begroot op € 23,6 miljoen. Dit betreft dan de optie met een nieuwe weg tussen het Jagerspad in Boskoop en De Schans in Alphen aan den Rijn. In Alphen aan den Rijn worden in dat geval bestaande wegen gevolgd, 1

Een beperkte aanpassing van het huidige voorgesteld pakket betreft de keuze voor W20-2 (met zuidelijke aansluiting op de N11) waarbij de spoor-onderdoorgang meer op het tracé van een toekomstige oost-westverbinding komt te liggen (oorspronkelijke W12/O3 uit fase 1 van BBG) . Deze optie is thans op € 26,4 miljoen begroot. Om op de langere termijn een groter doelbereik te realiseren bevat het voorgestelde maatregelenpakket twee onderzoeksmaatregelen. Eén naar een extra oeververbinding en een naar een onderdoorgang van de N209 in Hazerswoude-Dorp. Uitvoering van deze onderzoeksmaatregelen passen niet binnen het beschikbare budget van 53,84 miljoen euro. Veel draagvlak voor het pakket, behalve voor W20 Uit het participatietraject blijkt dat er veel draagvlak is voor de aanleg van de Bodegravenboog, de twee fietsroutes en de

De opgestelde raming voor het pakket komt uit op minimaal € 51,1 miljoen met in deze fase een

gebruikelijke bandbreedte van +/- 30%..

6

maatregelen op de Gouwe. Er is echter nauwelijks draagvlak aanwezig voor welke W20-variant dan ook. W20 wordt door belanghebbenden vooral gezien als een noordelijke route naar Alphen terwijl in dit gebied met name Oost-West als knelpunt wordt ervaren. Noord-Zuid problematiek wordt vooral ervaren in Hazerswoude-Dorp, maar daarvoor wordt W20 niet gezien als een oplossing. Doorkijk naar een extra oeververbinding Zowel de omgeving als de gemeenteraad van Alphen aan den Rijn hebben de wens uitgesproken om direct toe te werken naar een nieuwe oeververbinding over de Gouwe. Een dergelijke volledig nieuwe oeververbinding, inclusief toeleidende wegen en ontworpen als aquaduct met de mogelijkheid van 80km/uur, is volgens de aangereikte uitgangspunten geraamd op € 84,7 miljoen en past dus niet binnen het budget van € 53,84 miljoen dat beschikbaar is voor de middellange termijn. Over de beste locatie voor een toekomstige oeververbinding verschillen overigens de meningen. Een aanzienlijk deel van bedrijven en bewoners stelt bijvoorbeeld een tunnel voor onder het Gouwebos. Voor de gemeente Waddinxveen is dit onbespreekbaar. Het voorgestelde tracé voor W20 zou als aanrijroute voor een toekomstige (noordelijke) oeververbinding kunnen gelden, maar dan willen belanghebbenden wel een helder bestuurlijk perspectief op een dergelijke oeververbinding in dit noordelijke gebied.

Breed gedeeld is in ieder geval de wens dat een eventuele W20 geen spijtmaatregel mag zijn voor een toekomstige oeververbinding. De omgeving ziet veel nadelige effecten van een W20 voor leefbaarheid, veiligheid, natuur en recreatie.

Doorkijk naar ongelijkvloerse kruising van de N209 De omgeving en de gemeenteraad van Alphen hebben, naast de ambitie voor de nieuwe oeververbinding, tevens de wens uitgesproken voor een ongelijkvloerse kruising van de N209 met de Dorpsstraat in Hazerswoude-Dorp. Dit sluit aan op de wens tot een verbeterde Noord-Zuid ontsluiting. Enkele lokale wegaanpassingen Een investering in de noordelijke ontsluiting van Boskoop richting Alphen aan den Rijn (W20) biedt de mogelijkheid tot afsluiten van de Zijde voor vrachtverkeer. Bedrijven vinden deze afsluiting voor vrachtverkeer uitsluitend acceptabel na realisatie van een nieuwe oeververbinding. De gemeenten Waddinxveen en Bodegraven-Reeuwijk hebben, als uitvloeisel van het BBG traject, afgesproken om samen de verkeerssituatie in het gebied nabij de Brugweg en Reeuwijk-Dorp in beschouwing te nemen door een gerichte analyse van het gebied, samen met belanghebbenden, met gebruikmaking van de inzet en gegevens tot nu toe.

7

0.5

Onderdeel van breder regionaal pakket

Het maatregelenpakket voor de middellange termijn is onderdeel van een langjarige en brede regionale inspanning om de bereikbaarheid en leefbaarheid in het gebied te verbeteren. Eerder is met de introductie van R-net de spoorverbinding van Alphen aan den Rijn naar Gouda flink verbeterd. Onder de naam Parallelstructuur A12 met onder meer de extra Gouwekruising met de Amaliabrug (N451) en de Moordrechtboog (N457) is een uitbreiding van het wegennet rond Gouda gerealiseerd. Aansluitend is op 21 april 2021 de nieuwe Vredenburghlaan in gebruik genomen. Dit als eerste realisatie van het project N207 Zuid. De vervolgplannen van het project N207 Zuid, waaronder de lokale maatregelen bij Hazerswoude-Dorp, zijn maatregelen die van 2023 tot 2025 worden gerealiseerd. De mogelijke maatregelen voor de middellange termijn, die onderzocht zijn binnen het programma Beter Bereikbaar Gouwe, zijn aanvullend op al deze regionale maatregelen. 0.6

El Figuur 1 Voorstel maatregelenpakket voor middellange termijn

Transparantie en navolgbaarheid

Elke stap in het BBG proces is gedocumenteerd. Dit rapport en alle bijbehorende documenten zijn vindbaar onder “documenten” op de website www.beterbereikbaargouwe.nl . Dat geldt ook voor ingezonden brieven en mails met ingebrachte expertise, vragen en meningen uit de omgeving.

8

1. Inleiding 1.1

Aanleiding: programma Beter Bereikbaar Gouwe

Provincie Zuid-Holland, gemeenten Alphen aan den Rijn, Waddinxveen, Bodegraven-Reeuwijk en de Regio Midden-Holland werken samen aan een programma met als doel de bereikbaarheid, de leefbaarheid en de economie in het gebied rondom de Gouwe te verbeteren.

1.2 Doel van dit rapport: voorstel voor maatregelenpakket voor de middellange termijn In een integraal gebiedsproces met veel omgevingspartijen werken de bestuurlijke partners samen om te komen tot een goed onderbouwd en breed gedragen kwalitatief hoogwaardig maatregelenpakket met oplossingen voor wegen, vaarwegen, fiets en bereikbaarheid openbaar vervoer. Beter Bereikbaar Gouwe is gericht op realisatie van maatregelen voor de middellange termijn. Hierbij wordt rekening gehouden met korte termijnmaatregelen, ofwel maatregelen die de komende vijf jaren kunnen worden gerealiseerd, en maatregelen die denkbaar zijn voor de langere termijn. Dit rapport bevat mogelijke maatregelen voor de middellange termijn. Dit maatregelenpakket treft u aan in hoofdstuk 3. In dit

rapport staan ook de gevolgde processtappen, de kaders en overwegingen en de mate van draagvlak voor de genoemde maatregelen. Het rapport beperkt zich tot de inhoudelijke hoofdlijnen van het maatregelenpakket en biedt inzicht in de grote lijnen van het draagvlak voor de maatregelen. Voor nadere details verwijzen wij u per onderdeel naar de bijbehorende bijlage.

1.3

Processtappen tot op heden

In diverse stappen is toegewerkt naar het voorliggende samenhangend maatregelenpakket voor de middellange termijn (zie ook hoofdstuk 5): In Fase 1 (2018) zijn knelpunten in het gebied vastgesteld, is een lange termijn gebiedsvisie opgesteld en zijn verschillende scenario’s ontwikkeld om de knelpunten in het gebied op te lossen. De scenario’s zijn besproken met belangenorganisaties. De gemeenten, Provinciale Staten en het algemeen bestuur van het Hoogheemraadschap Rijnland hebben eind 2018 besloten om de maatregelen uit drie scenario’s (Sterke Gouwe, Oeververbinding Noord en Ringwegen) verder uit te werken, inclusief sterke punten uit de andere scenario’s. Dit resulteerde in 26 mogelijke maatregelen voor wegverkeer, scheepvaart, recreatievaart, fietsers en bereikbaarheid openbaar vervoer. Fase 2 (medio 2019-2021): huidige fase Tussen medio 2019 en het uiteindelijke besluit in 2021 zijn de 26 maatregelen uit fase 1 stapsgewijs verder uitgewerkt en beoordeeld. In een open gebiedsproces met werksessies en gesprekken met kernpartners en de omgeving zijn in totaal 77 9

nieuwe ideeën aangereikt. Na zorgvuldige afweging zijn hiervan 14 ideeën als nieuw te onderzoeken maatregel toegevoegd aan de 26 maatregelen uit Fase 1. Dit leidde medio 2020 tot een onderzoekspakket van 40 maatregelen. Daarnaast is de lange termijn gebiedsvisie uit fase 1, mede op advies van de provinciaal adviseur ruimtelijke kwaliteit (PARKadvies) nader uitgewerkt tot een ruimtelijk economische toekomstverkenning. Niet alle 40 maatregelen zijn nodig. En er is een budgetplafond van € 53,84 miljoen voor het pakket voor de middellange termijn. Daarom moeten er keuzes gemaakt worden. Hiertoe is elke maatregel op basis van vooraf vastgestelde criteria gewogen. Vervolgens zijn de maatregelen beschouwd in samenhang met de ruimtelijk economische verkenning en met mogelijke korte termijnmaatregelen. Vervolgens is ook gekeken naar logisch samenhangende maatregelen en het draagvlak daarvoor. De ambtelijke voorbereidingsgroep heeft in 2020 vijf opties uitgewerkt met middellange termijn maatregelen om de programmadoelen te bereiken (te realiseren in 5-15 jaar). Al deze opties bevatten maatregelen voor de fietsinfrastructuur, de bereikbaarheid van het OV en voor de vaarweg Gouwe.

Daarnaast zijn de volgende combinaties van wegmaatregelen voorgelegd: 1) Boog en Noord: Bodegravenboog (W9) en noordelijke verbinding Boskoop (W20) 2) Boog en West: Bodegravenboog (W9) en een westelijke randweg bij Hazerswoude-Dorp (W22)

3) Noord-zuidroute en Reeuwijk-Dorp: alternatieve N209 (W18) en extra ontsluiting van Reeuwijk-Dorp (W24) 4) Boog, Noord-zuidroute en Reeuwijk-Dorp: Bodegravenboog (W9) en een oostelijke randweg bij Hazerswoude-Dorp (W18b) en een extra ontsluiting Reeuwijk Dorp (W24) 5) Boog en Parallelstructuur A12: Bodegravenboog (W9) + parallelstructuur A12 (W21) In het najaar 2020 hebben bewoners, bedrijven en belangenorganisaties hun belangen en reacties op deze opties aangegeven. Met inzicht in deze reflecties spraken de volksvertegenwoordigers van de betrokken overheden zich vervolgens uit over de vijf opties. Hieronder zijn de conclusies van deze gespreksrondes van het najaar van 2020 samengevat per optie of onderdeel daarvan (zoals de fietsroutes). Groen staat voor (zeer) veel draagvlak, rood voor (nagenoeg) geen draagvlak, geel laat zien dat meer groepen of voor of tegen zijn. In de draagvlakanalyse (zie bijlage) zijn de kleuren voorzien van de ingebrachte argumentatie van belanghebbenden (aanwonenden en organisaties). De draagvlakanalyse in de bijlage geeft een inkijk in de opbrengst uit het participatieproces. Draagvlak (groen/oranje/rood) Fietsroutes/OV Lokale maatregelen Gouwe Bodegravenboog Pakket 1 Boog en Noord Pakket 2 Boog en West

richting rood 10

Pakket 3 Noord-zuidroute en Reeuwijk-Dorp Pakket 4 Boog, Noord-zuidroute en Reeuwijk-Dorp Pakket 5 Boog en Parallelstructuur A12 Uit de consultatie eind 2020 over de vijf optiepakketten is gebleken dat er geen unaniem positief draagvlak is aan te wijzen voor één van de vijf pakketten. Voor de Bodegravenboog, fietsroutes en lokale maatregelen Gouwe is er veel draagvlak. De omgeving ziet graag dat er, in lijn met de langetermijnvisie vanuit ruimtelijke economische oogpunt, voorstellen komen die structurele lange termijn oplossingen bieden met een noord-zuid- en een oostwestverbinding. Daarom stelt men voor Hazerswoude-Dorp en Boskoop respectievelijk een tunnel en een aquaduct voor. Duidelijk is dat er geen draagvlak is voor beide randwegen rond Hazerswoude-Dorp. Voor Boskoop is eind 2020 gebleken dat er alleen draagvlak is voor de noordelijke ontsluitingsweg Boskoop (W20) als er een directe aansluiting op de N11 wordt gerealiseerd. Ook dan is dit ‘second best’, want men prefereert direct een aquaduct op middellange termijn. Verder is er veel weerstand bij omwonenden tegen het voorgestelde tracé in noord-west Boskoop en in Alphen (de Schans). Voor de zuidoostelijke hoek van het totale plangebied was er eind 2020 geen eenduidigheid, niet over de probleemstelling en niet over de oplossingen. Dit geldt met name voor de extra ontsluiting Reeuwijk Dorp (W24).

Mede op basis van de consultatie van eind 2020 is er begin 2021 een concept maatregelenpakket opgesteld dat bestaat uit de Bodegravenboog, twee fietsroutes, lokale maatregelen op de Gouwe en een noordelijke ontsluitingsroute voor Boskoop (W20). Voor deze laatste zijn, mede op basis van de consultatie eind 2020, drie mogelijke tracés uitgewerkt (W20-1, W20-2 en W20-3) inclusief verschillende aansluitingsmogelijkheden op de N11 bij Alphen aan den Rijn. Deze drie opties zijn in mei-juni 2021 aan de omgeving gepresenteerd tijdens webinars en met de omgeving besproken tijdens online werksessies. Ook zijn het doelbereik, verkeerseffecten en effecten op onder andere leefbaarheid en natuur onderzocht voor de drie W20 opties. Waar staan we nu? Op basis van alle beschikbare informatie is er een realistisch en samenhangend concept maatregelenpakket opgesteld voor de middellange termijn met daarin drie mogelijke tracés voor maatregel W20. Dit pakket past binnen de vooraf vastgestelde randvoorwaarden: - een budget van op dit moment maximaal € 53,84 miljoen; - een keuze maken uit de bestaande 40 maatregelen; - de vastgestelde knelpunten uit fase 1 zoveel mogelijk oplossen; - benut de ladder van Verdaas; - passend binnen de ruimtelijk economische visie. Ook is rekening gehouden met de ingediende raadsmoties (zie bijlage 2 voor een overzicht met alle aangenomen moties en amendementen).

Korte en langere termijnmaatregelen 11

Het maatregelenpakket voor de middellange termijn is onderdeel van een langjarige en brede regionale inspanning om bereikbaarheid en leefbaarheid in het gebied te verbeteren. Eerder is met de introductie van R-net de spoorverbinding van Alphen aan den Rijn naar Gouda flink verbeterd. Onder de naam Parallelstructuur A12 met onder meer de extra Gouwekruising met de Amaliabrug (N451) en de Moordrechtboog (N457) is een uitbreiding van het wegennet rond Gouda gerealiseerd.

Het Hoogheemraadschap van Rijnland heeft in de bestuurlijke afstemgroep van april 2021 aangegeven een voorkeur te hebben voor agendalidmaatschap en geen kernpartner meer te willen zijn. Het waterschap heeft minder belangen in het voorliggende concept maatregelenpakket. De bestuurlijke en ambtelijke samenwerking wordt voortgezet in de volgende fase van Beter Bereikbaar Gouwe.

Daarnaast wordt van de realisatie van de volgende maatregelen in de komende jaren voorbereid: Vredenburghlaan, de (Verlengde) Bentwoudlaan en Verlengde Beethovenlaan, inclusief maatregelen in Hazerswoude-Dorp. Dit gebeurt in het project N207 Zuid. Korte termijnmaatregelen zijn apart geduid in paragraaf 2.2. Ook is in hoofdstuk 4 inzicht gegeven in enkele langere termijn maatregelen, waarvoor het nu niet haalbaar wordt geacht deze tot realisatie te brengen, maar die in de toekomst wel denkbaar zijn. In de afweging voor de opties voor de middellange termijn zal rekening gehouden worden met de mogelijkheid om deze maatregelen zonder al te veel extra belemmeringen en kosten (no regret) op te schalen naar oplossingen voor de langere termijn. In hoofdstuk 4 is tevens aangegeven voor welke maatregelen de BAG het nu niet nuttig acht deze verder in beschouwing te nemen. De planning is om het samenhangend maatregelenpakket in het najaar van 2021 aan te bieden aan de partners voor politieke besluitvorming. Zie de fasering in hoofdstuk 5 Vervolgproces.

Hefbrug Waddinxveen

1.3

Leeswijzer: verwijzing naar bijlagen bij dit rapport

In hoofdstuk 2 beschrijven we kort de relevante context zoals de knelpunten, raakvlakken, het ruimtelijk economisch perspectief en de 40 maatregelen die als vertrekpunt gelden. Het maatregelenpakket voor de middellange termijn is uitgewerkt in hoofdstuk 3. Inzicht in wat te doen met maatregelen die nu niet in dit voorstel zijn opgenomen, bieden we in hoofdstuk 4. Het beoogde vervolgproces staat in hoofdstuk 5.

12

Dit rapport is nadrukkelijk een samenvatting van alle conceptonderzoeken naar de verkeers- en vele andere effecten, de draagvlakanalyse, de kosten, et cetera. Het is kort gehouden omwille van de leesbaarheid. Diepgaande onderbouwing en detailinformatie zijn te vinden in afzonderlijke onderliggende rapporten/bijlagen, te weten: Effectenrapport inclusief ontwerpdetail(s) en doorwerking PARKadvies (bijlage) De 40 maatregelen zijn beoordeeld op 13 criteria met 46 indicatoren voor onder meer doelbereik, effecten en haalbaarheid. Bij de beoordeling zijn kwantitatieve onderzoeksmethoden (verkeersmodel) ingezet en kwalitatieve onderzoeksmethoden, zoals expert judgement door meerdere onafhankelijke deskundigen. De drie opties voor maatregel W20 zijn op dezelfde manier als de 40 maatregelen beoordeeld op 13 criteria met 46 indicatoren voor onder meer doelbereik, verkeerseffecten en technische haalbaarheid. Draagvlakanalyse (bijlage) De draagvlakanalyse biedt inzicht in het participatieproces dat is doorlopen met de omgeving en in het draagvlak voor het voorgestelde maatregelenpakket, inclusief inzicht in het draagvlak voor de drie W20 opties. Verkeersmodellering (zie bij documenten op www.beterbereikbaargouwe.nl) Het doel van deze bijlage is om de wegmaatregelen binnen het programma Beter Bereikbaar Gouwe te beoordelen op bereikbaarheid en verkeersveiligheid. Het betreft een technisch

achtergrondrapport. Hiertoe zijn met de partners afgestemde verkeersmodellen gebruikt. Situatieschetsen (bijlage) Van de fietsroutes en de drie mogelijk tracés voor W20 zijn situatieschetsen gemaakt. Daarmee ontstaat inzicht in de ligging van deze routes en kunnen de kosten nauwkeuriger worden bepaald. Kostenraming (bijlage, niet openbaar) Inzicht in alle kosten van de 40 maatregelen. Factsheets voor alle 40 maatregelen ((zie bij documenten op www.beterbereikbaargouwe.nl) Van alle maatregelen is een factsheet opgesteld voor communicatie met de omgeving, met kernachtig inzicht in ligging, inhoud, risico’s en draagvlak. Rapportage BBG Verkenning Ruimte en Economie (bijlage) Dit rapport biedt het ruimtelijk kader. Het is gebaseerd op de lange termijn gebiedsvisie die is opgesteld in fase 1 van het programma, en op het advies van de Provinciaal Adviseur Ruimtelijke Kwaliteit (PARK) in fase 2. Dat advies, getiteld Advies projectmatige aanpak beter bereikbaar Gouwe, is opgesteld op verzoek van het provinciebestuur in samenspraak met de Bestuurlijke Afstemgroep (BAG).

13

2. Kaders en vertrekpunten In dit hoofdstuk staan de bestuurlijk vastgestelde knelpunten beschreven, de korte termijnmaatregelen, de basis van veertig maatregelen voor de middellange termijn en het ruimtelijk economisch kader.

2.1 Knelpunten op (vaar)wegen, bij oeververbindingen en in dorpen Het kerngebied voor het programma Beter Bereikbaar Gouwe is het gebied tussen Alphen aan den Rijn, Gouda en Bodegraven en Hazerswoude-Dorp. De effecten van de ontwikkelingen en de relaties ertussen strekken zich echter uit tot een groter gebied, te weten langs de N11, tussen de Greenports, de Gouwe tot en met Rotterdam, de Rotte-Rijn-IJssel (recreatieve vaart) en richting Zoetermeer en Woerden (A12 en spoor).

Figuur 2. Kerngebied programma Beter Bereikbaar Gouwe

14

In de eerste fase van Beter Bereikbaar Gouwe (2018) zijn tien knelpunten in het gebied benoemd: bereikbaarheid op de weg en leefbaarheid in de dorpen (in figuur 3a en 3b aangeduid met KW: Knelpunt Wegen), bij oeververbindingen (KO: Knelpunt Oeververbinding) en op de vaarweg (KV: Knelpunt Vaarwegen). Hieraan is in 2019 het elfde knelpunt van de bereikbaarheid van Reeuwijk-Dorp (KW5) toegevoegd. Figuur 3a. Geïnventariseerde knelpunten

Figuur 3: bestaande situatie en knelpunten

15

Voorafgaand aan het programma zijn ook al veel knelpunten in het gebied benoemd. In de periode tussen 2006 en 2017 liepen diverse regionale studies waarbij in samenspraak met de belanghebbenden oplossingen zijn verkend om de doorstroming, bereikbaarheid en leefbaarheid in de regio te verbeteren. Het gaat onder meer om een Corridorstudie (2006-2008), een MER Zuidplas Regionale Infrastructuur (2009), een Verkenning (2010), een Quick-scan (2013) en een planstudie N207 Zuid inclusief MER en twee fases (2015-2017). Voor een onderbouwing van de genoemde knelpunten verwijzen wij u naar de website www.beterbereikbaargouwe.nl. Zie onder Documenten/Fase 1 bestuurlijke documenten/Deel F – Bijlagen (31 oktober 2018).

2.2

Korte termijn: N207 Zuid en quick wins

Op basis van de regionale studies die genoemd zijn in paragaaf 2.1, en enkele meer lokale onderzoeken, hebben de provincie ZuidHolland en de gemeenten Alphen aan den Rijn en Waddinxveen besloten om de Vredenburghlaan aan te leggen, en zijn ook de (Verlengde) Bentwoudlaan en Verlengde Beethovenlaan inclusief maatregelen in Hazerswoude-Dorp in voorbereiding. Dit gebeurt in het project N207 Zuid. Legenda bij figuur 4. Nr 1: Vredenburghlaan Nr 2,3 en 4: (Verlengde) Bentwoudlaan, verlengde Beethovenlaan Nr 5 en 6: Natuur, recreatie Nr 7: Aanpassingen in Hazerswoude-Dorp (HWD)

Figuur 4: Het project N207 Zuid

16

Het project N207 Zuid is een actuele stap in een brede regionale inzet om de bereikbaarheid, leefbaarheid en economie in en om het gebied te versterken. Onderdeel van het project N207 Zuid is ook het afwaarderen van enkele bestaande wegen om hiermee in te spelen op de nieuwe verkeerssituatie. Bij het vaststellen van het uitvoeringsbesluit N207 Zuid is besloten om aanvullend onderzoek te doen naar de ontsluiting van het gebied. Voor deze opgave is het programma Beter Bereikbaar Gouwe (BBG) opgestart. Voor een toelichting op het project N207 Zuid verwijzen wij u naar de website www.zuid-holland.nl/onderwerpen/verkeervervoer/wegverkeer/alle-n-wegen/wegen/n207/N207 Zuid/

1. Ruimtelijke ordening: als onderdeel van BBG zijn er ruimtelijk economische visies opgesteld waarbij ruimtelijke ontwikkeling en infrastructuur in samenhang zijn beschouwd. Er vindt doorwerking plaats van deze binnen BBG opgestelde visies naar gemeentelijke (omgevings)visies. 2. Anders betalen is geen optie, omdat een vorm van rekeningrijden niet praktisch toepasbaar is op de regionale schaal van BBG. Wel kunnen toekomstige beprijzingsmaatregelen vanuit de landelijke overheid lokaal doorwerken. De impact daarvan is nu nog niet te duiden.

Een aantal quick wins zijn al gerealiseerd, te weten het aanpassen van bewegwijzering voor met name buitenlandse vrachtwagens is verbeterd in het gebied Alphen / Bodegraven - Reeuwijk waardoor deze beter naar hun bestemmingen kunnen rijden en daarbij minder gebruik maken van kortste routes die veelal via de smallere wegen in het gebied leiden. Een andere maatregel is het plaatsen van attentie verhogende bebording voor het fietsverkeer op de hefbrug bij Boskoop. Ook is geclusterd varen op de Gouwe ingevoerd.

2.3

Ladder van Verdaas

Het principe van de Ladder van Verdaas is tijdens de verkenning van Beter Bereikbaar Gouwe benut om te bezien welke andere maatregelen mogelijk zijn dan het toevoegen van nieuwe infrastructuur. Het gaat om overwegingen in de volgende volgorde per trede:

3. Mobiliteitsmanagement: als onderdeel van BBG zijn er onder meer borden geplaatst met gewenste routes en zal waar mogelijk worden ingezet op nieuwe vormen van dynamisch verkeersmanagement voor vaar- en wegverkeer. 4. OV en fiets: maatregelen om OV en fietsgebruik te versterken maken expliciet onderdeel uit van BBG. 17

5. Beter benutten: een voorbeeld is het plaatsen van borden en Dynamisch Route-informatiepanelen (DRIP) om vaarverkeer beter te begeleiden. Dit leidt ook tot verkorten van wachttijden dan wel vergroten van voorspelbaarheid van wachttijden bij bruggen voor wegverkeer. Een deel is hiervan als quick win al doorgevoerd. 6. Aanpassen infrastructuur: de binnen BBG voorgestelde maatregelen maken zoveel als mogelijk gebruik van bestaande infrastructuur waaronder de huidige aansluiting A12-N11 en de huidige wegen in Boskoop en Alphen aan den Rijn. 7. Nieuwe infrastructuur: zeer beperkt. Het betreft vooral een korte verbinding (W20) tussen het noorden van Boskoop en het zuiden van Alphen aan den Rijn. Daarbij wordt zoveel als mogelijk gebruik gemaakt van bestaande wegen waardoor de korte verbinding door sommigen ook als trede 6 (aanpassen infrastuctuur) wordt beschouwd.

2.4

toegevoegd. In figuur 5 staan alle 40 maatregelen weergegeven. (Zie ook de bijlage Effectenrapport inclusief ontwerpdetail(s) en doorwerking PARK-advies) (Zoom in om de figuur en de legenda te lezen - tevens aan het einde van dit document op A4-formaat toegevoegd.)

40 maatregelen als vertrekpunt

Om de knelpunten voor de middellange en langere termijn op te lossen hebben de partners in de eerste fase van BBG 26 maatregelen vastgesteld. Dat zijn infrastructurele maatregelen voor fiets, openbaar vervoer, wegen en de vaarwegen. In het eerste jaar (2019) van fase 2 zijn deze maatregelen inhoudelijk nader uitgewerkt. Daarnaast zijn na een intensief participatieproces met partners, belangenvertegenwoordigers en bewoners 14 nieuwe potentiële maatregelen aan het pakket 18

Figuur 5. De 40 maatregelen die inhoudelijk zijn uitgewerkt (zie einde van dit document voor een grotere weergave)

19

2.5

Ruimtelijk-economisch perspectief

Om te komen tot een samenhangend maatregelenpakket voor zowel de korte als de middellange termijn met perspectief op de lange termijn is het gebied geanalyseerd vanuit ruimtelijkeconomisch perspectief. Zie ook het rapport Ruimtelijkeconomische verkenning (bijlage). Deze Langetermijnvisie vanuit ruimtelijk economisch perspectief is ontstaan uit de gebiedsvisie Beter Bereikbaar Gouwe en het advies van de Provinciaal Adviseur Ruimtelijke Kwaliteit (PARK). De Langetermijnvisie benoemt de grote rol van bedrijvigheid in het gebied en de grote druk op de wegen, vaarweg en het spoor. Aan de westkant van de Gouwe is en blijft landbouw, tuinbouw, handel en logistiek van belang en er zijn veel woningen. Ook is er plek voor recreatie en natuur. Aan de oostkant is meer ruimte voor rust en openheid: er zijn minder bedrijven dan aan de westkant, met name

teeltbedrijven, en het is een waterrijk recreatiegebied. De samenhang in de verbinding tussen de west- en oostkant, de handel en de teelt is groot. Langs en op de Gouwe is veel bedrijvigheid die afhankelijk is van water, weg en spoor. De opgaven vragen om een noord-zuid- én een oostwestverbinding De hoofdlijn van deze ruimtelijk economische opgave, vertaald naar verkeersbehoefte, is dat vanuit ruimtelijk-economisch perspectief zowel een noord-zuidverbinding als een oost-westverbinding nodig zijn. Ook als de N207 Zuid er eenmaal is, ontbreekt voor het (boven)regionaal functioneren een goede noord-zuidverbinding tussen N11 en N455. En voor het ontlasten van bestaande oostwestroutes én voor een goede bereikbaarheid voor onder meer bedrijven ontbreekt een nieuwe, alternatieve oost-westroute over de Gouwe. (zie kaart, figuur 6, op volgende pagina)

20

Figuur 6 21

2.6

Raakvlakken met andere studies en projecten

De maatregelen uit het programma Beter Bereikbaar Gouwe raken inhoudelijk sterk aan andere studies, projecten en besluiten. Die zijn dan ook in samenhang bekeken. Naast het eerder beschreven project N207 Zuid, gaat het om: - De studie N206/N209: hierin is verkend welke maatregelen het doorgaand verkeer kunnen verminderen over de N206 en N209 ter hoogte van de kernen. Deze studie zal als onderlegger benut worden als in de toekomst de tunnel in Hazerswoude-Dorp nader wordt onderzocht (zie paragraaf 3.8) - De Bodegravenboog: hiernaar wordt onderzoek gedaan vanuit het BO MIRT (het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport).

Figuur 7: Schematische weergave van de Bodegravenboog (bron: Studio Alphen).

22

3. Van vijf opties voor de middellange termijn naar één maatregelenpakket In dit hoofdstuk treft u het voorgestelde concept-maatregelenpakket aan. Vooraf wordt kort de stap in beeld gebracht die vanaf het najaar van 2020 tot medio 2021 is gezet: van vijf opties naar één maatregelenpakket. Eind 2020 zijn vijf opties voor de gecombineerde wegmaatregelen voor middellange termijn voorgelegd met als doel een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de voor- en nadelen van elke optie: 1) Boog en Noord: Bodegravenboog (W9) en noordelijke verbinding Boskoop (W20) 2) Boog en West: Bodegravenboog (W9) en een westelijke randweg bij Hazerswoude-Dorp (W22) 3) Noord-zuidroute en Reeuwijk-Dorp: alternatieve N209 (W18) en extra ontsluiting van Reeuwijk-Dorp (W24) 4) Boog en Noord-zuidroute en Reeuwijk-Dorp: Bodegravenboog (W9) en een oostelijke randweg bij Hazerswoude-Dorp (W18b) en een extra ontsluiting Reeuwijk Dorp (W24) 5) Boog en Parallelstructuur A12: Bodegravenboog (W9) + parallelstructuur A12 (W21)

1. Boog en Noord

3. NZ Route en RWDroute

2. Boog en West

4. Boog en NZ en RWD-route

5. Boog en Parallel

Figuur 8: Vijf opties 23

Elk van deze opties kent ook fiets-, OV- en vaarwegmaatregelen. Uit het onderzoek naar de knelpunten, de langetermijnvisie voor het gebied, de invloed van de maatregelen op het verkeer en het draagvlak voor de maatregelen komen vijf hoofdpunten naar voren. De bereikbaarheid, leefbaarheid en economie in het gebied kan het beste worden verbeterd door: 1.

2.

3.

4.

5.

Verkeer dat géén bestemming in het gebied heeft, rijdt om het gebied heen via de hoofdwegen. Hiervoor zijn goede verbindingen tussen de hoofdwegen nodig en dus ook een volledige aansluiting A12-N11 (de Bodegravenboog). Verkeer dat wel in het gebied moet zijn, heeft op de lange termijn een extra noord-zuidverbinding nodig én een extra oost-west(oever)verbinding. Vooral de noordzuidroute moet geen alternatief zijn voor doorgaand verkeer dat geen bestemming heeft in het gebied (zie bij punt 1). Lokale maatregelen in/bij de Gouwe zorgen ook voor een betere doorstroming en veiligheid van de (recreatieve) scheepvaart. Hiervoor is geen grote verbreding van de Gouwe nodig. Door fietspaden en de bereikbaarheid van openbaar vervoer te verbeteren, verwachten we dat mensen sneller de fiets pakken in plaats van de auto. Dat is dus altijd goed voor de bereikbaarheid, leefbaarheid en economie. Nieuwe sloepenroutes aanleggen is goed voor recreatie, maar zorgt niet voor een betere doorstroming en

vaarveiligheid op de Gouwe. Deze maatregelen zitten daarom niet in het pakket voor de middellange termijn. Tijdens de consultatie in Gemeenteraden en Provinciale Staten bleek tevens dat er weinig politiek-bestuurlijk draagvlak is voor;  De alternatieve N209, waartegen een motie uit 2019 is herbevestigd (optie 3).  De parallelstructuur A12 (via een motie van Waddinxveen (optie 5)).  De westelijke randweg rondom Hazerswoude-Dorp (van optie 2). Vanuit bedrijven en bewoners in Alphen aan den Rijn bleek veel interesse in een extra oeververbinding en de raad van Alphen aan den Rijn heeft door middel van een motie aangedrongen op een onderzoek naar een tunnel(bak) door Hazerswoude-Dorp en een extra oeververbinding. De BAG heeft in haar vergadering van april 2021 de stap gezet om voor de middellange termijn voorstellen uit te werken zoals verwoord in het volgende hoofdstuk. Een combinatie van fiets- en vaarwegmaatregelen, gecombineerd met de wegmaatregelen de Bodegravenboog en het nader onderzoeken van mogelijke tracés en het draagvlak daarvan voor een W20 verbinding tussen het noordelijke deel van Boskoop en het zuidelijke deel van Alphen aan den Rijn. Een W20 kan, aldus de BAG, dienen als eerste stap naar een mogelijke oeververbinding in de toekomst.

24

3.1

Maatregelenpakket voor middellange termijn

Het onderstaande maatregelenpakket is in april 2021 door de BAG voorgesteld en vervolgens toegelicht en besproken tijdens drie online webinars in mei-juni 2021 en tijdens werkbijeenkomsten met omwonenden en andere belanghebbenden. Fietsverbindingen en OV-bereikbaarheid: prioritair inzetten op: a. één noord-zuidroute, van Alphen aan den Rijn naar Gouda langs het spoor; b. één oost-westverbinding, van Gouda naar Bodegraven inclusief ongelijkvloerse kruising bij de N11; c. optimalisatie van bereikbaarheid van R-Net haltes langs de spoorlijn Alphen aan den Rijn – Gouda.

Enkele lokale aanpassingen: De gemeenten Waddinxveen en Bodegraven-Reeuwijk zijn gestart om samen lokale maatregelen uit te werken die onder meer de verkeersintensiteit op de Brugweg verminderen en in de omgeving van Reeuwijk-Dorp het sluipverkeer verminderen. Ook wordt bezien op welke wijze eventuele toename van verkeer op Noordeinde en Kerkweg-Oost voorkomen kan worden.

Maatregelen Gouwe: inzetten op lokale maatregelen in en bij de Gouwe gericht op een betere doorstroming en vooral veiligheid van de (recreatieve) scheepvaart. Hiervoor is geen verbreding over de gehele lengte van de Gouwe nodig. Door verkeersregelinstallaties te verbeteren kan de overlast van brugopeningen voor het wegverkeer beperkt worden. Wegverbindingen: inzetten op: a. het volledig maken van de aansluiting van de N11 op de A12, de Bodegravenboog; b. een noordelijke ontsluitingsweg van Boskoop richting Alphen aan den Rijn, als 60 km-weg. Voor deze route in Boskoop wordt zoveel mogelijk ingezet op no-regret ingrepen gericht op een oeververbinding voor de lange termijn (zie paragraaf 3.5).

Figuur 9 25

In de volgende paragrafen zijn de maatregelen per modaliteit nader uitgewerkt.

3.2

Fietsmaatregelen en OV-bereikbaarheid

In lijn met de Ladder van Verdaas wordt ingezet op meerdere fietsen OV-bereikbaarheidsmaatregelen. Het doel van deze maatregelen is om het aandeel fietsers en OV-gebruikers te vergroten door de realisatie van snelle en veilige fietsverbindingen van en naar populaire bestemmingen. Dit is niet alleen gericht op het verminderen van huidige autoverkeer (de zogenaamde modal shift), maar ook om (toekomstige) bewoners een goed alternatief te bieden voor autoverkeer, waardoor het woon- en leefklimaat aantrekkelijk wordt voor meer mensen die graag een vervoerskeuze maken. Mede op basis van het grote draagvlak voor fietsmaatregelen zouden, zo mogelijk, alle fietsverbindingen op de langere termijn aangelegd kunnen worden. Op basis van effect, doelmatigheid, trajecten die al lopen in het kader van bestaande fietsprogramma’s en eventuele samenhang met toekomstige wegwerkzaamheden is een eerste prioriteringsvoorstel gedaan. Het streven is in ieder geval twee fietsmaatregelen voor de middellange termijn te realiseren. Geadviseerd wordt om prioritair in te zetten op de noord-zuidroute van Alphen aan den Rijn naar Gouda langs het spoor (Fietsroute OVF 1c) en op de oost-westverbinding Gouda-Bodegraven (Fietsroute OVF 1 d).

De noord-zuidroute (OVF-1c) heeft een goede verbinding met de stations, loopt door Waddinxveen en Boskoop, is gevarieerd, loopt veelal via vrij liggende fietspaden en deels via een groenzone en ligt deels los van het autoverkeer. Onderdeel van deze fietsroute zijn een aantal maatregelen opgenomen die de bereikbaarheid van de stations verbeteren. Binnen het programma Fiets van de provincie Zuid-Holland wordt maatregel OVF1c als voorkeursmaatregel op dit moment al verder uitgewerkt. De oost-west fietsverbinding Gouda-Bodegraven inclusief ongelijkvloerse kruising bij Bodegraven bij de kruising met de N11 (Fietsroute OVF 1d) loopt langs de A12 tussen Bodegraven en de kruising Bloemendaalseweg en Otweg. In afstemming tussen de gemeente Bodegraven-Reeuwijk en het programma Fiets van de Provincie wordt de exacte ligging van het fietspad nader onderzocht. De route is gevarieerd en betreft vrij liggende fietspaden. Het belangrijkste knelpunt van deze maatregel is het deel ter hoogte van de Bodegravenboog en de huidige botrotonde. Bij de botrotonde heeft het fietsverkeer nu geen voorrang: het fietsverkeer kan hierdoor niet doorfietsen. Daarnaast ervaren de fietsers de oversteek als onveilig. De gemeente zou hier dan ook bij voorkeur een fietstunnel zien. Totaalkosten voor een fietstunnel zijn inmiddels geraamd op € 15 miljoen.

Vanuit BBG is een bijdrage van ca € 5 miljoen berekend voor de tunnel. Definitieve uitwerking, ontwerp en kosten van deze fietstunnel hangen sterk samen met het definitieve ontwerp voor de Bodegravenboog.

26

De overige fietsroutes die beschouwd zijn in het kader van BBG worden, uitgaande van het beschikbare budget, naar alle waarschijnlijkheid pas op de langere termijn gerealiseerd. Indien er financiering beschikbaar is, kunnen deze routes relatief eenvoudig eerder worden gerealiseerd. De prioritaire twee fietsmaatregelen zijn geraamd op: Investeringskosten Maatregelen (miljoen euro) Fietspad OVF-1c 6,8 Fietspad OVF-1d (inclusief gedeeltelijke financiering van fietstunnel botrotonde) 8,3 Over het algemeen is de bereikbaarheid van de vijf R-net stations in Waddinxveen en Boskoop goed geregeld. Recentelijk zijn veel voorzieningen gerealiseerd. Het comfort en in een aantal gevallen de veiligheid van de gebruiker kan met enkele extra inspanningen evenwel verbeterd worden, zodat de aansluiting van de nieuwe fietsroute nog gebruiksvriendelijker wordt. De aanpassingen van de fietsroutes en OV-bereikbaarheid zouden ook gefaseerd kunnen worden uitgevoerd, mede afhankelijk van beschikbaarheid van het budget. De kosten (met name een deel van de onderdoorgang van de botronde) zijn momenteel niet volledig gedekt. De gemeente Gouda heeft toegezegd een nader te bepalen bijdrage te willen leveren. In de bijlage treft u een voorlopige situatieschets aan van beide voorgestelde fietsroutes. 27

3.3

Scheepvaart Gouwe

Ook de veiligheid en doorstroming van de Gouwe voor de scheepvaart krijgt aandacht in dit concept-maatregelenpakket.

de scheepvaart. (V4). Deze laatste kunnen tevens ingezet worden als korte termijnmaatregelen. De geraamde kosten van de vaarwegmaatregelen in het concept maatregelenpakket zijn € 2,1 miljoen.

Voor de middellange termijn wordt niet ingezet op een algehele verbreding van de Gouwe. Een verbreding over de gehele lengte van de Gouwe met meerdere meters, brengt namelijk een forse investering met zich mee. Naast kosten voor verwerving en werkzaamheden van de verbreding zelf, treft dit deels ook de naastgelegen N207, die in dat geval mogelijk moet worden verplaatst om plaats te maken voor de verbreding. Naast deze consequenties blijkt uit de huidige onderzoeksresultaten dat de meerwaarde van een grootschalige verbreding voor een vlotte en veilige doorstroming relatief beperkt is, juist vanwege het feit dat enkele knelpunten rond de bruggen en het nauw van Boskoop niet kunnen worden opgelost. Ook is gebleken dat het niet strikt noodzakelijk is om vergunning/ontheffingsvrij te varen met de schepen die er nu varen met een maximale breedte van 10,5 meter. Dit vergunning/ontheffingsvrij varen voor de huidige schepen van maximaal 10,5 meter kan kosten-effectiever worden bereikt door aanpassing van het afmetingenbesluit voor bepaalde schepen, waardoor vergunningverlening voor de bestaande zes tot zeven schepen die nu met een ontheffing varen niet meer nodig is.

Daarnaast wordt ingezet op relatief kleine lokale, deels fysieke, maatregelen om doorstroming en veiligheid op de Gouwe te bevorderen, zoals wachtplaatsen voor recreatie vaarverkeer en bij de hefbruggen worden de wegverkeerslichten beter afgestemd op

Figuur 10 Maatregelen Gouwe 28

3.4

Bodegravenboog

De Bodegravenboog (W9) is een zeer geschikte maatregel met een groot verkeerseffect en oplossend vermogen en waarvoor zeer groot draagvlak bestaat. Voor de Bodegravenboog zijn er veel verschillende mogelijkheden, vooral voor het type aansluitingen. In het BO-MIRT-traject wordt hier onder regie van het Rijk momenteel nader onderzoek naar gedaan. De betere aansluiting van de A12 op de N11 (de Bodegravenboog) lost de problemen in het gebied voor een groot deel op.

sluipverkeer van de regionale ontsluitingswegen af. Momenteel wordt binnen het MIRT A12 project onderzocht welk pakket aan maatregelen mogelijk is voor het traject A12 Gouda-De Meern. Mede afhankelijk hiervan wordt mogelijk in 2022 door het Rijk een besluit genomen om de zogenaamde MIRT Verkenningsfase te starten. Voor een zo groot mogelijke effectiviteit van BBG is de realisatie van de volledige aansluiting A12-N11 dus van groot belang. Derhalve zit in het voorgestelde pakket BBG een substantiële regionale bijdrage (€ 10 miljoen) aan de realisatie door RWS en I&W van de Bodegravenboog.

Met de Bodegravenboog gaat het regionale doorgaande verkeer meer gebruik maken van de hoofdwegen. Door deze nieuwe verbinding neemt het verkeer af op onder meer de N207 nabij Waddinxveen en Boskoop, en op de N209 bij Hazerswoude-Dorp. Het sluipverkeer op andere wegen wordt ook minder. Bovendien wordt de directe omgeving beter bereikbaar, zoals nabijgelegen woningen en bedrijventerreinen in Bodegraven. De Bodegravenboog maakt deel uit van het MIRT project A12 (Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport). BBG is de aanpalende regionale opgave waarbinnen de Bodegravenboog een wezenlijke maatregel is. Vanuit BBG perspectief is het verbeteren van de doorstroming op de N11 en A12 een rijksopgave en geeft de aanleg van deze boog daar invulling aan. Door het verbeteren van de doorstroming op het rijkswegennet neemt het 29

3.5 Rijn

Noordelijke ontsluitingsweg Boskoop – Alphen aan den

Voor de noordelijke ontsluiting van Boskoop richting Alphen aan den Rijn (W20) zijn op basis van de consultatiefase drie opties uitgewerkt voor een 60km/uur weg. In dit rapport treft u de opties op hoofdlijnen aan. Ook is er een rapport beschikbaar waarin het doelbereik en de effecten van de drie opties zijn beschreven (Effectenrapport W20).

De drie opties zijn met kleurtjes weergegeven in figuur 11 en toegelicht tijdens bijeenkomsten met omwonenden en Raads- en Statenleden in juni en juli 2021. In augustus 2021 is mede op basis van input vanuit de omgeving een eerste situatieschets opgesteld voor de drie W20 opties om een eerste indruk te krijgen van de ruimtelijke impact. Deze treft u als bijlage aan. Nadrukkelijk moet hierbij worden vermeld dat dit eerste schetsen zijn om het ruimtebeslag van maatregelen in beeld te brengen. Deze kunnen in een volgende fase als discussiestuk worden gebruikt bij nader onderzoek en het participatieproces. Bij optie W20-1 (donkerrood met lichtrode, paarse of gele aansluiting op de N11) komt er een nieuwe weg tussen het Jagerspad in Boskoop en De Schans in Alphen aan den Rijn (donkerrood). In Alphen aan den Rijn worden bestaande wegen gevolgd (lichtrood) waarbij er twee spoor-onderdoorgangen worden gerealiseerd. Dit is het tracé dat ook als een van de initiële 40 maatregelen is onderzocht en onderdeel uitmaakte van keuzepakket 1. Andere mogelijkheden bij deze optie zijn een directere aansluiting op de N11 (paars of geel tracé, zie figuur 11).

Figuur 11: Opties voor een noordelijke ontsluitingsweg BoskoopAlphen aan den Rijn (W20)

Bij optie W20-2 (groen met lichtrode, paarse of gele aansluiting op de N11) wordt er een nieuwe weg aangelegd vanaf de Burgemeester Smitweg en/of Compierekade naar het oosten, onder het spoor door en dan met afbuiging naar het noorden (groen). Nabij de N11 loopt de route vervolgens langs de N11 (geel inclusief spoor-onderdoorgang) of gaat via een bestaande brug over de N11 en sluit vervolgens via een nieuwe weg aan op de Gouwelandenlaan 30

(paars inclusief spooronderdoorgang). Ook is de lichtrode aansluitingsoptie via de bestaande wegen nog een mogelijkheid. De achterliggende gedachte bij het tracé W20-2 is dat hiermee zoveel als mogelijk wordt voorgesorteerd op een toekomstige extra oeverververbinding. Het oost-west gedeelte van W20-2 volgt namelijk zoveel mogelijk de beoogde route van een extra oeververbinding W12/O3. De tunnel onder het spoor wordt bij deze optie dan ook ontworpen voor een snelheid van 80 km/uur omdat de extra oeververbinding in deze fase is voorzien als 80 km/uur route. Optie W20-3 (blauw) is door de omgeving ingebracht en start eveneens vanaf de Burgemeester Smitweg en/of Compierekade, maar buigt ver voor het spoor en het Zaans Rietveld af richting de N11. De achterliggende gedachte bij deze route is een directe aansluiting op de N11 (aansluiting 9 Alphen aan den Rijn centrum). Voor deze westelijke route is bestuurlijk geen draagvlak in Alphen vanwege een passage door kwetsbaar gebied. De variant sorteert minimaal voor op een toekomstige oeververbinding W12/O3 zoals onderzocht in fase 1 van BBG. Voor alle drie de W20 opties geldt dat er verschillende mogelijkheden zijn voor de aanrijroutes vanuit Boskoop. Daar kan het verkeer, afhankelijk van de gekozen route voor de nieuwe weg, bijvoorbeeld rijden via de Loeteweg, Burgemeester Smitweg, Paddegat en de Roemer.

Ook Laag Boskoop en Spoorhaven zijn in beeld. Ruimtebeslag In de bijlage zijn situatieschetsen opgenomen met mogelijke routes voor de drie W20 opties. Hieruit blijkt dat alle drie de opties technisch mogelijk zijn maar ontwerptechnisch niet ideaal zijn. Het

deels bochtige verloop kan, ondanks de ontwerpkwalificaties voor een 60km/uur weg, soms remmend werken op de doorstroming. Ook zijn enkele ingrepen nodig die kostenverhogend werken zoals de passage van een ecologische verbindingszone. Hiermee is in het budget voor W20 opties rekening gehouden. Inzicht in het draagvlak voor W20 Vooropgesteld moet worden dat het draagvlak voor elke variant van de zogenaamde W20 zeer gering is. De voorkeur van nagenoeg alle omgevingspartijen gaat namelijk uit naar een definitieve oplossing voor een oost-westverbinding die de knelpunten rond met name Boskoop oplost. W20 wordt vooral gezien als een noordzuid route en kent om die reden geen voorstanders. Bij de bezwaren van de omgeving spelen ook de afnemende verkeersveiligheid een rol vanwege de toename en menging van snel- en langzaam verkeer. Ook natuur- en recreatiebelangen in en om het Zaans Rietveld en de ecologische verbindingszones zorgen voor veel weerstand tegen W20. Tot slot vinden veel aanwonenden dat de leefbaarheidsproblemen langs de Zijde niet worden opgelost door W20 maar worden verplaatst en vergroot op de voorgestelde (aanrij)routes naar W20. W20 is wel denkbaar voor sommige partijen (zoals Stichting Belangenbehartiging Greenport Boskoop en Dorpsoverleg Boskoop) indien bestuurlijk een helder perspectief wordt afgegeven op een oeververbinding op lange termijn in dit gebied.

In het rapport Draagvlakanalyse is de argumentatie nader uitgewerkt waarom W20 niet kan rekenen op draagvlak.

31

Figuur 12: Verkeerseffecten (concept) van de combinatie van de Bodegravenboog én de noordelijke ontsluitingsweg van Boskoop naar Alphen aan de Rijn. Overeenkomstig pakket 1 Boog en Noord is daarbij voor de nieuwe ontsluitingsweg uitgegaan van W20-1 waarbij in Alphen gebruik wordt gemaakt van bestaande wegen (donker- en lichtrode tracé in figuur 11). De percentages in de figuur geven de verandering aan van de verkeersintensiteit (etmaalintensiteit) door het maatregelenpakket voor een situatie in 2030 waarbij is uitgegaan van vastgestelde plannen tussen nu en 2030.

32

3.6 Toelichting verkeerseffecten van Bodegravenboog en noordelijke ontsluitingsweg Boskoop – Alphen aan den Rijn Figuur 12 bevat de cumulatieve effecten van de Bodegravenboog èn de W20-1 maatregel. Uit het intensiteitenverschil met maatregel W20-1 (zie bijlage) is te herleiden dat de Bodegravenboog effect heeft op met name de hoofdwegen binnen het plangebied waaronder de N207 en N209. De Bodegravenboog (W9) resulteert in een afname van (doorgaand) verkeer op de regionale en lokale wegen in het studiegebied omdat dit verkeer meer gebruik maakt van de A12 en N11. Het resultaat is een afname van het verkeer op onder meer de N207 en de N209. De effecten van de noordelijke ontsluitingsweg Boskoop - Alphen (W20) zijn met name zichtbaar in Boskoop en directe omgeving (zie ook figuur B2 op pagina 43). De nieuwe weg wordt ingericht als een 60km/uur weg; een erftoegangsweg en niet als een gebiedsontsluitingsweg (met 80 km/uur). Bij de oorspronkelijke ligging van de ontsluitingsweg rijdt het verkeer in Alphen aan de Rijn via bestaande wegen (optie W20-1 via de donker- en lichtrode route). Deze relatief grote omweg betekent dat de route minder aantrekkelijk is. Daarnaast geldt bij de oorspronkelijke ligging als aandachtspunt dat er sprake is van een toename van verkeer op bestaande wegen, waaronder het Noordeinde.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10801929/1