Bijlage 3 VRHM ontwerp-Programmabegroting 2023-2026
Tekst van het document
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Flexibel én herkenbaar
29
Peter Kunnen, Brandveiligheid
Accounthouders
Nieuwe realiteit “Hoe vullen we onze toezichttaken zo goed mogelijk in, nu en in de toekomst? In een samenleving die continu aan verandering onderhevig is en steeds nieuwe eisen stelt? En met het oog op de nieuwe Omgevingswet, die later dit jaar mogelijk in werking treedt? Als afdelingsmanager Brandveiligheid houd ik me daar mee bezig. Anticiperend op de constant veranderende realiteit, maken we met ons toezicht al langer een beweging: van regelgericht naar risicogericht. Onze toezichthouders en adviseurs gaan met een andere opdracht op pad. In plaats van vertellen hoe iets moet en aan welke regels iemand moet voldoen, gaan zij het gesprek aan. Tijdens dit gesprek komen alle brandveiligheidsvraagstukken aan de orde en bespreken wij hoe de brandveiligheid binnen de organisatie is geborgd.”
In gesprek “Dat is goed te zien in hoe we dat met basisschool- en enkele zorgorganisaties oppakken. Dat zijn belangrijke gesprekspartners, want zij bezitten heel veel gebouwen in onze regio. Waar we vroeger eens per jaar langskwamen en onze controle deden, gaan we nu meer als partners het gesprek aan met een vertegenwoordiger van zo’n organisatie. Hiermee willen we bereiken dat brandveiligheid 365 dagen per jaar de aandacht heeft. Wij ondersteunen hen en adviseren op dilemma’s en bij problemen die zij tegenkomen. Zijn er nieuwbouwplannen? Dan kijken wij liefst al in de ontwerpfase mee.”
“Voor woningcorporaties, school- en zorgorganisaties hebben we accounthouders aangesteld, als vast aanspreekpunt. Is er iets aan de hand, dan is dát de persoon die hen verder kan helpen. En omgekeerd geeft deze accounthouder ook ongevraagde adviezen. Bijvoorbeeld aan woningbouworganisaties over de verplichting dat in iedere woning vanaf 1 juli 2022 rookmelders moeten hangen en wat daarvan mogelijke consequenties zijn. Iets vergelijkbaars doen we met zorgcomplexen in onze regio. Via zelfscans helpen we deze instellingen om hun brandveiligheid in kaart te brengen. Wij adviseren hen vervolgens om keuzes te maken en zijn beschikbaar om dilemma’s te bespreken.”
Meer veiligheidsbewustzijn “Partners worden zich zo veel bewuster van hun eigen handelen. Nadenken over brandveiligheid wordt voor hen bovendien iets natuurlijks. Niet meer alleen wanneer wij daarom vragen, maar omdat zij zelf de voordelen daarvan zien. Voor hen is de brandweer dan ook niet meer die partij van wie zij van alles moeten, maar een partner die kan helpen. Steeds vaker komt er zo een natuurlijke samenwerking op gang en ziet iedereen de voordelen daarvan in. Het effect is dat we zo gaandeweg het veiligheidsbewustzijn en de zelfredzaamheid in de samenleving vergroten.”
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
‘Samen het veiligheidsbewustzijn vergroten’
30
2.4.1
Wat doen we
Binnen de sector zijn de volgende taken/bedrijfsprocessen ondergebracht: Het uitvoeren van risicoanalyses over fysieke veiligheid in de openbare ruimte (risicoduiding, actueel regionaal risicobeeld). Het opstellen van adviezen voor de vergunningverlening en handhaving gericht op de fysieke veiligheid (risicoadvisering omgevingsvisies en -plannen, evenementenveiligheid, externe veiligheid, brandveiligheid). Het uitvoeren van toezicht gericht op fysieke veiligheid. Het coördineren en uitvoeren van de externe communicatie met burgers en bedrijven over risico’s en handelingsperspectief ten tijde van branden, incidenten of bij dreiging (risicocommunicatie, Veilig Leven: voorlichting, informatie en advies, nazorg). Het voorbereiden van de multidisciplinaire samenwerking/crisisorganisatie op een (dreiging op een) grootschalig incident door planvorming, opleidingen, trainingen en oefeningen: crisisbeheersing. Het inzetten van de multidisciplinaire samenwerking/crisisorganisatie door coördinatie en leiding van een (dreiging op een) grootschalig incident, inclusief informatiemanagement, de risico- en crisiscommunicatie aan burgers en crisisfaciliteiten (vergaderruimtes, voertuigen). Het evalueren van een brand/crisis/ramp (brandonderzoek en inzetevaluaties).
• • • • • • •
Ontwikkelingen
Naast de twee thema’s uit het interview is de sector RCB nadrukkelijk betrokken bij het behalen van de gezamenlijke doelen uit het Regionaal Beleidsplan. Zo wordt binnen de sector in gezamenlijk met onze partners risico’s geduid en vertaald naar concrete maatregelen. Ook wordt de nieuwe Omgevingswet binnen de sector voorbereid en burgers met behulp van onder andere Brandveilig Leven, Toezicht en risicocommunicatie meer zelfredzaam gemaakt. Tenslotte wordt er gewerkt aan het opbouwen van relevante data en netwerken.
Verstevigen adviseurschap en ontwikkeling werkwijze toezicht Binnen Toezicht en advisering is de afgelopen twee jaar de omslag van regelgericht naar risicogericht werken gemaakt. In plaats van de nadruk te leggen op het uitvoeren van jaarlijkse controles staat in onze contacten met organisaties als basisscholen en zorginstanties nu vooral het adviseurschap centraal.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Risico -en Crisisbeheersing
De uitvoering van de taak risico- en crisisbeheersing is ondergebracht bij de sector Risico- en Crisisbeheersing van de veiligheidsregio, onder de ambtelijke verantwoordelijkheid van de directeur Risico- en Crisisbeheersing. De ambtelijke eindverantwoordelijkheid is belegd bij de directeur Veiligheidsregio / commandant Brandweer.
2.4.2
31
Verdere ontwikkelingen binnen de sector zijn: Deze aanpak begint inmiddels zijn vruchten af te werpen; partners worden zich steeds bewuster van hun brandveiligheid en zien de adviseurs van de brandweer als belangrijke partner. In 2023 wordt deze aanpak doorgezet.
Aangezien de crisistypen waarmee wij geconfronteerd worden veranderen, moeten wij onze crisisorganisatie moderniseren. Hierbij komen verschillende vraagstukken aan de orde zoals verbreding netwerk, flexibele opschaling, zelfredzaamheid en het verbeteren van de informatiepositie van de veiligheidsregio. De ervaring van de coronacrisis en de uitkomsten van het evaluatierapport van de Wet veiligheidsregio’s worden hierin meegenomen.
Het programma klimaatadaptatie heeft in 2022 de inzichten uit de impactanalyse hoogwater regionale keringen vertaald naar planvorming en OTO-activiteiten. Voor de primaire keringen zijn de cascade effecten van overstromingen voor onze regio en bovenregionaal in kaart gebracht. Ook voor extreem weer is dit inzichtelijk gemaakt. Risicoadvisering neemt klimaatrisico’s zoals overstromingen, droogte, hitte en extreme wateroverlast standaard mee in de advisering. In 2023 staan twee grote hoogwater oefeningen gepland; één binnen de gemeente Gouda en de ander binnen het Samenwerkingsverband Crisisbeheersing Overstroming Randstad (SCOR). Risicomanagement is de afgelopen jaren nadrukkelijker in een cyclus proces gevat zodat er meer samenhang is tussen de verschillende schakels van de veiligheidsketen. Dit is vooral gedaan door binnen de sector te kijken naar een model voor cyclisch risicomanagement, het zoeken naar kansen en het delen van best practices. In 2023 blijft dit thema aandacht houden.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Risico -en Crisisbeheersing
Modernisering crisisorganisatie
Het interne sector ontwikkeltraject Expeditie RCB is in 2021 afgerond en onder de noemer “RCB beweegt!” in 2022 een nieuwe fase in gegaan. Tijdens periodieke bijeenkomsten worden sector brede experimenten en ervaringen actief met elkaar gedeeld.
32
2.4.3
De website wordt op basis van ervaringen in 2023 verder ontwikkeld. Voor wat betreft advisering zien we dat we als veiligheidsregio steeds meer aan de ‘voorkant’ komen. Een goed voorbeeld hiervan is de ruimtelijke ontwikkelingen binnen de Zuidplaspolder waarbij we als adviespartner aan tafel zitten en meedenken over aspecten als veiligheid en gezondheid.
De evaluatiecommissie Wet veiligheidsregio’s concludeert dat het noodzakelijk is om de Wvr te vernieuwen. Grensoverschrijdende samenwerking is nodig gezien het steeds ingewikkelder worden van crises. Het kabinet onderschrijft de hoofdlijn van het rapport van de Commissie en geeft aan het rapport te gebruiken voor de totstandkoming van een integraal wettelijk kader dat betrekking heeft op de crisisbeheersing en brandweerzorg. Hoe dit er precies uit gaat zien is nu nog niet duidelijk. Wel wordt er in de tussentijd landelijk gewerkt aan een programma ‘versterking crisisbeheersing en brandweerzorg’. Eind 2022 verwacht dit programma een eindcontournota op te leveren die meer richting geeft. VRHM is nauw betrokken bij het programma en volgt de ontwikkelingen op de voet. Het nieuwe risicoprofiel laat zien dat risico’s veel samenhang kennen. Trends en ontwikkelingen zoals hyperconnectiviteit, energietransitie en verdichting kunnen de kans op of de gevolgen van bestaande risico’s binnen onze regio vergroten. Voor de komende jaren zullen we als veiligheidsregio een goede vertaalslag moeten (blijven) maken naar de gevolgen van deze risico’s op de fysieke veiligheid. Dit vraagt niet alleen de nodige advieskracht maar ook investering in kennis en kunde van onze adviseurs en crisisfunctionarissen. Wij verwachten dat deze investering in advieskracht en kennis extra capaciteit zal vragen.
De huidige krappe arbeidsmarkt kan daarbij, zeker voor wat betreft het aantrekken van nieuwe mensen met een technische achtergrond, een belemmerende factor vormen.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Risico -en Crisisbeheersing
De samenwerking met de cultureel erfgoed sector was door de Coronacrisis wat op een lager pitje komen te staan maar is in 2022 weer opgepakt. In 2023 wordt hiermee verder gegaan. Het opleiden, trainen en oefenen van onze multidisciplinaire partners is zoveel mogelijk doorgegaan. Waar mogelijk zijn nieuwe vormen ontwikkeld zoals webinars, online trainingen en e-learningmodules. De vier thema’s uit het regionaal risicoprofiel maken inmiddels vast onderdeel uit van het OTO-programma. De website hollandsmiddenveilig.nl is volop in gebruik zodat we zowel in de lauwe als warme situatie onze burgers kunnen informeren.
Risico’s
33
2.4.4
Raming van de baten en lasten Risico -en Crisisbeheersing
Risico -en Crisisbeheersing (bedragen x € 1.000,00)
Realisatie Begroting Begroting (in €) 2021
2022
2023
Meerjarenramingen 2024
2025
2026
5.696
5.391
6.249.000
6.249
6.249
6.249
Salarislasten
4.958
4.715
5.532.200
5.532
5.532
5.532
242.700
243
243
243
738
675
474.100
474
474
474
5.696
5.391
6.249.000
6.249
6.249
6.249
Onttrekking reserves
-
-
-
-
-
-
Storting reserves
-
-
-
-
-
-
5.696
5.391
6.249.000
6.249
6.249
6.249
Opleiden en oefenen Overige lasten Geraamde saldo baten en lasten
Geraamde resultaat
-
De introductie van de Omgevingswet die per 1 juli 2022 zou plaatsvinden is opnieuw uitgesteld. Ons personeel is reeds voldoende geïnformeerd en opgeleid om de invoering correct te laten verlopen. De website hollandsmiddenveilig.nl zal evenals in de voorgaande jaren verder worden ontwikkeld.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Risico -en Crisisbeheersing
Exploitatielasten
34
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
2.5 Programmataak GHOR
35
Esther Dekker en Messehm Kasim, GHOR Hollands Midden
Nieuwe inzichten “Tijdens de pandemie hebben we veel en intensief geschakeld met onze ketenpartners in de witte kolom. Zo kregen wij veel acute vragen op ons afgevuurd. Omgekeerd vroegen wij ook van alles van hen. Bijvoorbeeld om aan te schuiven tijdens overleggen, om in kaart te brengen wat er speelde, om cijfers op te halen over beddencapaciteit en de werkdruk van personeel. Dat leverde allerlei nieuwe inkijkjes op. Want waar we normaal gesproken twee keer per jaar met crisisfunctionarissen van partners om tafel zaten, kwamen we nu ook met andere vertegenwoordigers van diezelfde partners in contact. Met mensen die zorg op de werkvloer verlenen bijvoorbeeld. Zo ontdekten we dat er vaak meer speelt waar we eigenlijk van moeten weten, en dat we nog te veel gericht waren op die korte klap die nodig is bij flitsrampen.”
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
‘Leren van de pandemie en steeds op zoek naar verbeterpunten’
36
Relaties aanhalen
Veranderingen in het Zorglandschap “Onderdeel van relatiebeheer is dat we blijven onderzoeken of we al onze partners eigenlijk wel goed in beeld hebben. Want er zijn ook veel kleine zorginstellingen. Kennen we die al? Daar komt bij dat het zorglandschap in de komende jaren zal veranderen. Dat gaat reguliere zorginstellingen in de dagelijkse praktijk raken en ons wellicht ook. Om te kunnen bepalen of en hoe wij onze taak in opgeschaalde situaties kunnen uitvoeren, moeten we bovenop die veranderingen zitten en op tijd aangeven waar wij knelpunten voor de uitvoering van onze taak voorzien.”
Chaos verkorten “Voordat de pandemie uitbrak dachten we dat we het allemaal goed geregeld hadden. Maar vervolgens was er toch wat paniek, wisten partijen elkaar niet goed te vinden en was het zoeken naar structuur en afstemming. Elke crisis geeft een zekere chaos. Aan ons de taak de duur daarvan te verkorten, door eerder de juiste dingen te doen. Relatiebeheer gaat ons daarbij helpen.”
Kwaliteitsmanagement “Waar kunnen we nog iets verbeteren aan de kwaliteit van ons werk? Dat is waar ik me intensief mee bezig houd. Alle werkzaamheden die daarbij horen vatten we samen onder de noemer ‘kwaliteitsmanagement’. Ofwel: het continue monitoren of processen binnen de organisatie verbeterd kunnen worden. Doel is hiermee bovendien de kwaliteit van de werkzaamheden binnen de GHOR Hollands Midden te borgen.”
Hecht “GHOR Hollands Midden maakt enerzijds onderdeel uit van Hecht (voorheen RDOG Hollands Midden), samen met de GGD en RAV. Anderzijds zijn wij onderdeel van de Veiligheidsregio Hollands Midden. GHOR Hollands Midden is hiermee de schakel tussen zorg en veiligheid. De afgelopen jaren is het kwaliteitsmanagementsysteem van de GHOR Hollands Midden positief beoordeeld, dus we zijn goed op weg.”
Procesrapporten “Iedere werknemer die bij ons werkt heeft een eigen portefeuille, en heeft daarvoor ook met een aantal werkprocessen te maken. Daar maken zij procesrapporten van. Een procesrapport bestaat uit een stroomschema, doelen en toelichtingen van de genomen stappen. Doel is om via deze rapporten niet alleen het werk inzichtelijk te maken, maar ook waar nodig aan te passen en te verbeteren.”
Relatiebeheer verbeterd “Dat levert echt resultaat op. Om gecertificeerd te blijven en aan de kwaliteitsnormen te voldoen, wordt het GHOR-bureau ieder jaar geaudit. De afgelopen keer zijn de samenwerkingen met partners tijdens de Covid-19 crisis hier ook in meegenomen. Daaruit bleek dat wij meer uit onze relaties kunnen halen met zorginstellingen. Als gevolg daarvan hebben wij nu ons relatiebeheer met deze instellingen verbeterd en meer toegespitst op wederzijdse verwachtingen en behoeften.”
Nieuw systeem “Samen met Hecht en de VRHM probeert de GHOR Hollands Midden daarbij om zoveel mogelijk een uniforme werkwijze aan te houden. Hierdoor blijven we scherp op elkaars processen: is het logisch dat deze stappen worden genomen? Wat kunnen we verbeteren? Hoe pakken we dat dan aan? En wie is er dan aan zet? Op die manier proberen we zo efficiënt mogelijk te werk te gaan en een gezamenlijk beeld naar buiten uit te dragen.”
Samenwerking soepeler “Het kwaliteitsmagementsysteem is een doorlopend en dynamisch proces. Aankomende jaren blijft het een belangrijk onderwerp. Wij willen onszelf immers continu blijven verbeteren. Een goed ingericht kwaliteitsmangementsysteem komt bovendien de samenwerking met onze ketenpartners ten goede. Dit zal ons helpen om altijd goed voorbereid te zijn en te blijven op mogelijke rampen en crises.”
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
“Komende tijd gaan we de relaties daarom verder aanhalen. Hoe zorgen we ervoor dat we niet steeds incidenteel bij elkaar op de lijn komen, maar pakken we dat structureel aan? Zodat we meer samen optrekken. Zodat wij beter weten wat er speelt bij onze partners, waar ze mee bezig zijn, en hoe wij daarop kunnen anticiperen. Misschien staat er wel een verbouwing gepland, en heeft dat betrekking op de huidige planvorming. Of vindt er een reorganisatie plaats, waardoor we nieuwe contacten moeten leggen. Dat gaat ons bovendien helpen om met Opleiden, Trainen en Oefenen (OTO) beter aan te sluiten op wat onze partners echt nodig hebben.”
37
2.5.1
Wat doen we
Wij verbinden
Wij brengen informatie samen; wij organiseren regie Samenwerking en ieders taken zijn vastgelegd in overeenkomsten tussen de veiligheidsregio en zorgpartners. Wij onderhouden deze schriftelijke afspraken. Onze focus ligt op het bevorderen van de consistentie tussen de crisisvoorbereiding en -beheersing van de zorgpartners en de algemene crisisstructuur van de veiligheidsregio. Wij willen informatie hierover samenbrengen.
Crisisplannen van zorgpartners laten wij aansluiten op de operationele voorbereidingen van de veiligheidsregio. Wij bevorderen dat crisisfunctionarissen van zorgpartners samen met crisisfunctionarissen GHOR c.q. VRHM blijven leren. Wij hebben een crisisorganisatie GHOR die paraat en vakbekwaam is. Deze crisisorganisatie monitort en signaleert in crisissituaties knelpunten en dilemma’s in het zorgnetwerk en de veiligheidsregio en gevolgen ervan voor de regie op de geneeskundige hulpverlening. Voor 24/7 bereikbaarheid van crisisfunctionarissen van de zorginstellingen gebruiken wij GHOR4all met gegevens over alle zorginstellingen.
Wij adviseren Op het gebied van veiligheid en zorg maken wij de vertaling wat crises betekenen voor zorgcontinuïteit, zelfredzaamheid en fysieke veiligheid. Naar de veiligheidsregio adviseren wij over gezondheidskundige aspecten van omgevingsvisies en -plannen, evenementenveiligheid en fysieke veiligheid. Op het gebied van risico- en crisisbeheersing adviseren wij naar het zorgnetwerk en naar gemeenten samen met politie en brandweer. Wij geven hiermee invulling aan onze rol van adviseur met een overall blik op veiligheid, zorg, bestuur en bevoegd gezag. Wij leveren onze bijdragen en adviezen aan de multidisciplinaire werkgroepen van de veiligheidsregio op het gebied van risicobeheersing, evenementenveiligheid, planvorming, informatiemanagement, risicocommunicatie, strategie en beleid, en opleiden, trainen en oefenen
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak GHOR
Organisaties en netwerken in zorg, veiligheid en bestuur zijn verschillende werelden. Het is onze taak deze werelden te kennen en deze op elkaar te laten aansluiten. Dat doen wij door netwerksamenwerking. Hierin hebben wij aandacht voor inhoud, en ook voor onderliggende processen, dilemma’s, belangen, verwachtingen en conflicten van organisaties en personen in deze netwerken. Onze netwerken zijn dynamisch; afhankelijk van het onderwerp gaan wij nieuwe relaties met belanghebbende organisaties aan en investeren hierin. Wij netwerken vanuit het overstijgend belang en een gezamenlijke ambitie. Wij begrijpen dat keteneffecten optreden als één van de partners niet mee kan gaan in de samenwerking. Onze netwerksamenwerking heeft een stevige basis. Wij onderhouden individuele relaties door periodieke gesprekken met crisisfunctionarissen in het zorgnetwerk en door deel te nemen aan georganiseerde overleggen in de zorgketen waaronder het Regionaal Overleg Acute Zorg regio West. Wij organiseren netwerkbijeenkomsten waarbij wij de verbinding in samenwerking en inhoud zoeken.
38
• • Programmataak GHOR
• •
2.5.2
Ontwikkelingen
Vanwege de pandemie hebben een aantal zaken binnen het GHOR bureau stilgelegen, of hebben niet de aandacht gekregen die zij nodig hadden. Andere zaken hebben door nieuwe inzichten een andere invulling gekregen. Daarnaast zijn er nog veel onzekerheden rondom het Coronavirus en is er geen zicht op hoe die ontwikkelingen het GHOR bureau zullen gaan raken. Ontwikkelingen die in 2022 niet of niet goed uitgevoerd konden worden zullen meegenomen worden naar 2023. Dat betekent dat we in onderstaande ontwikkelingen vooral spreken over ‘de komende periode’.
Houtskoolschets acute zorg Door veranderingen in het acute zorglandschap door technologische en zorginhoudelijke ontwikkelingen moet dat zorglandschap meebewegen en mee-ontwikkelen. In juli 2020 heeft het Ministerie van VWS hiervoor de ‘Houtskoolschets’ gepresenteerd als antwoord op die ontwikkelingen. Door de pandemie heeft het proces rondom de ‘Houtskoolschets’ vertraging opgeleverd, maar GHOR HM verwacht dat er de komende jaren verdere stappen gezet zullen worden. GHOR HM is aangehaakt bij diverse overleggen om te monitoren wat de ontwikkelingen zullen betekenen voor de opgeschaalde zorg.
Crisisorganisatie GHOR HM In stand houden, Preparedness Om goed voorbereid te zijn op een ramp of een crisis is het belangrijk dat de verschillende aandachtsgebieden van de GHOR Hollands Midden zich blijven doorontwikkelen en blijven meebewegen met de ontwikkelingen in de zorg en de samenleving, maar ook dat er sprake is van goede samenhang en afstemming tussen die verschillende aandachtsgebieden. En daar wil de GHOR HM zich de komende periode op gaan richten, meer afstemming en samenwerking tussen de verschillende aandachtsgebieden. We hebben hiervoor de volgende aandachtsgebieden gedefinieerd waarmee we die afstemming willen starten: Relatiebeheer Planvorming Witte Keten Informatiemanagement: OTO
• • • •
Relatiebeheer Care en Cure De afgelopen twee jaar heeft het relatiebeheer onder druk gelegen. Door de pandemie heeft de focus vooral gelegen op het bestrijden van de crisis in de Care en Cure sector en oplossen van knelpunten. Hierdoor zijn sommige relaties ook onder druk komen te staan. De komende periode zal dan ook ingezet worden op herstel en het verbeteren van de relaties met de ketenpartners en de geleerde lessen uit de crisis een plek te geven in deze samenwerking.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Prestaties: >95% aan GHOR gevraagde adviezen over evenementenveiligheid zijn binnen 10 werkdagen verstrekt. >90% van GHOR-crisisfunctionarissen is op 31-12-2022 opgeleid, getraind en geoefend volgens de GHOR-jaarplanning 2022 OTO dat is afgestemd op het jaarplan 2022 VRHM OTO. >95% van het totaalaantal gealarmeerde crisisfunctionarissen GHOR bij GRIP-inzetten (vanaf GRIP 1) voldoen aan vastgestelde verplichte opkomsttijden. Alle GRIP-inzetten zijn door ons geanalyseerd.
39
Netwerk Acute Zorg Wet (NAZW) Ook de samenwerking met het NAZW is een lange termijn kwestie. En ook hier zal in 2023 verder vormgegeven en doorontwikkeld worden wat in 2022 is gestart. Hierin trekken de beide GHOR bureaus samen op en worden de ontwikkelingen rondom de versterking van de positie van het NAZW èn de afstemming en samenwerking tijdens een ramp of crisis meegenomen.
Planvorming In 2022 wordt een begin gemaakt met de implementatie van het Zorgrisicoprofiel, dat samenhangt met het Regionaal Risico Profiel. Een profiel dat weergeeft welke crisistypen het meest relevant zijn voor de acute en publieke geneeskundige zorg. Het geeft tevens per crisistype weer welke knelpunten in de zorgketen de continuïteit van zorg begrenzen en onder druk zetten. Die implementatie zal tot in 2023 duren, waarna het gemonitord en geborgd moet worden in de andere processen van de GHOR HM. Daarnaast hebben de instellingen te maken met wettelijke thema’s in het kader van veiligheid en moeten voorbereid zijn op rampen en crises en zullen al deze zaken van invloed zijn op de planvorming van de instellingen individueel. Hierin zal ook informatiemanagement een belangrijkere positie innemen.
Informatiemanagement Landelijk Crisismanagement Systeem Geneeskundige Zorg (LCMS GZ) Op 13 juli 2021 heeft het Bestuurlijk ROAZ het voorstel tot implementatie LCMS GZ van GHOR Hollands Midden en GHOR Haaglanden goedgekeurd. De afgelopen maanden hebben beide GHOR bureaus afspraken gemaakt over de manier waarop samengewerkt zal worden gedurende het implementatietraject en op het moment dat het systeem ‘live’ gaat. In 2023 zullen steeds meer acute ketenpartners per sector worden aangesloten en zal onderzocht worden in hoeverre LCMS GZ ook voor de care sector interessant is. In verband met de onvoorspelbaarheid van het virus is er een duidelijke afspraak met de ketenpartners gemaakt dat dit implementatietraject ook meebeweegt met de ontwikkelingen in het zorglandschap, waardoor de implementatie langer kan duren dan gepland. Dat is een risico wat geaccepteerd wordt door zowel de Witte Keten, als door beide GHOR bureaus. LCMS GZ zal de komende jaren een belangrijke rol spelen gaan spelen in het relatiebeheer, de planvorming en OTO van de ketenpartners.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak GHOR
GHOR Haaglanden Eén van de belangrijkste lessen die we de afgelopen twee jaar geleerd hebben is dat we nauwer moeten gaan samenwerken met GHOR Haaglanden. Doordat veel sectoren zich niet aan veiligheidsregiogrenzen houden hebben beide GHOR bureaus binnen ROAZ West veel met elkaar te maken. Het is voor de ketenpartners niet duidelijk en zeker ook niet wenselijk om, afhankelijk van welk GHOR bureau zij benaderen, met andere afspraken rekening te moeten houden. Hiervoor zijn vorig jaar al de eerste stappen gezet, maar door de golfbewegingen van het virus heeft ook deze ontwikkeling vertraging opgelopen. In 2023 zullen de stappen die nu gezet worden in de samenwerking verder ontwikkeld en bestendigd worden.
40
OTO Bovengenoemde ontwikkelingen en implementaties zullen het OTOprogramma van de GHOR HM maar ook die van ketenpartners gaan beïnvloeden. Alle nieuwe ontwikkelingen en inzichten vanuit het Zorgrisicoprofiel en het nieuwe Regionaal Risico Profiel zullen moeten worden meegenomen en de nieuwe planvorming die de instellingen opstellen zal geoefend en geëvalueerd moeten worden.
2.5.3
Risico’s
Een langdurig incident of crisis zoals bijvoorbeeld de corona pandemie en/of gelijktijdige incidenten leggen een zware druk op de GHORcrisisorganisatie, die m.u.v. Officier van Dienst Geneeskundig (OvDG) en Operationeel Directeur Publieke Gezondheid (ODPG), bestaat uit bureaumedewerkers. Ook gelijktijdige uitstroom en/of langdurig zieken in de GHOR van twee of meer GHOR-medewerkers kan leiden tot verlies van specialistische dossierkennis en discontinuïteit in relatiemanagement in het GHOR-netwerk. We hopen in 2022 te kunnen concluderen dat Corona in het griepplan van ROAZ West kan worden weggeschreven. Mocht dat niet het geval zijn, dan zal elke nieuwe golf in de pandemie een risico voor de voortgang van de voorgenomen ontwikkelingen zijn.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak GHOR
GHOR4ALL De applicatie GHOR4ALL is in 2020 helemaal vernieuwd. Wederom is de pandemie de oorzaak van de vertraagde uitrol van het nieuwe GHOR4ALL, maar heeft er ook voor gezorgd dat GHOR HM zich daar niet goed op heeft voor kunnen bereiden (net als de andere GHOR bureaus in den lande overigens). Dat betekent dat er een heleboel velden in het systeem moeten worden aangepast en geschoond. In het relatiebeheer en de planvorming zal deze applicatie, naast LCMS GZ, de komende jaren een belangrijke rol gaan spelen.
41
2.5.4
Raming van de baten en lasten
GHOR
Realisatie Begroting Begroting (in €) 2021
Exploitatiebaten
-2.226 -2.224 -2
-2
Gemeentelijke bijdrage Derden
2022
2023
2024
2025
2026
2.256
-2.334.100
-2.334
-2.334
-2.334
-2.254
-2.331.600
-2.332
-2.332
-2.332
-2.500
-2
-2
-2
Exploitatielasten
1.990
2.296
2.374.100
2.374
2.374
2.374
Salarislasten
1.492
1.395
1.443.500
1.444
1.444
1.444
Overige personele lasten
66
247
255.000
255
255
255
Kapitaallasten
32
73
75.000
75
75
75
Huisvesting
49
49
50.300
50
0
0
Overige lasten Geraamde saldo baten en lasten Onttrekking reserves
352
532
550.300
550
0
50
-235
40
40
40
0
0
-
-40
-40.000
40
40
40
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Storting reserves Geraamde resultaat
-235
Voor de programmataak GHOR (onderdeel van de begroting RDOG Hollands Midden) is een gewogen indexering van 3.46% t.o.v. 2022 gehanteerd, gebaseerd op de verhouding bij de RDOG Hollands Midden van 80% personele kosten en 20% overige kosten.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak GHOR
(bedragen x € 1.000,00)
Meerjarenramingen
42
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
2.6 Programmataak Bevolkingszorg
43
Wijnie Prosman, Bevolkingszorg
Crises veranderen Doorontwikkeling Oranje Kolom “Hoe kunnen we bevolkingszorg in onze regio verder professionaliseren? Een werkgroep, samengesteld uit adviseurs crisisbeheersing van zes gemeenten, is daar plannen voor aan het ontwikkelen. ‘Werkgroep doorontwikkeling Oranje Kolom’: dat is de officiële naam van deze werkgroep. Ik ben secretaris van dit gezelschap en ben daarnaast als beleidsmedewerker werkzaam bij Bureau Gemeentelijke Crisisbeheersing (BGC).”
Forse niveauverschillen “De behoefte aan doorontwikkeling van de oranje kolom bestaat al langer. De achttien gemeenten werken nu samen in vier clusters op het gebied van crisisbeheersing. Die clusters verschillen, zowel in werkwijze als in het aantal crisisfunctionarissen. Waar sommige gemeenten het zoveel mogelijk zelf willen doen, kiezen anderen ervoor om meer samen te werken en alleen mensen aan te stellen met affiniteit voor crises. Tijdens trainingen van functionarissen uit al die gemeenten blijkt nu al dat er soms sprake is van forse niveauverschillen. Waar de ene deelnemer behoefte heeft aan kennis op basisniveau wil de ander juist meer verdieping. En waar de een het aanbod te mager vindt, komt de ander in verwarring terug.”
“Daar komt nog bij dat de crises die ons bedreigen niet statisch zijn. Er komen ook nieuwe typen crises bij, bijvoorbeeld als gevolg van cybercriminaliteit. En het is ook niet denkbeeldig dat crises zich op elkaar stapelen en elkaar versterken, omdat alles in onze huidige samenleving zo met elkaar verweven is. Ook die ontwikkelingen vragen om adequate antwoorden en professionalisering van de oranje kolom.”
Sleutelfunctionarissen “De gedachte in de werkgroep is dat we bevolkingszorg komende jaren in toenemende mate gaan uniformeren, en zo toekomstbestendig maken. Dat betekent concreet dat we de beoogde professionalisering gaan doen met een kleinere groep dan nu het geval is. Die kleinere groep sleutelfunctionarissen willen we verder opleiden, zodat zij in elke situatie, in elke gemeente hun taak goed kunnen uitvoeren.”
Hoogwaardige bevolkingszorg “Dit wordt al succesvol gedaan in andere veiligheidsregio’s, zoals Kennemerland. Het lonkende perspectief is dat we op die manier via uniforme vakbekwaamheidsopleidingen kwalitatief hoogwaardige bevolkingszorg leveren, uitgevoerd door een robuust aantal functionarissen, steeds passend bij de behoeften van onze gemeentes.”
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
‘Op weg naar toekomstbestendige bevolkingszorg’
44
2.6.1
Wat doen we
• Het borgen van de 24x7-inzetbaarheid van gemeentelijke crisis-
De taak bevolkingszorg is ondergebracht bij de veiligheidsregio en wordt uitgevoerd door het Bureau Gemeentelijke Crisisbeheersing (BGC) in nauwe samenwerking met de adviseurs crisisbeheersing (ACB-ers) van de achttien gemeenten en onder ambtelijke eindverantwoordelijkheid van de coördinerend functionaris. De coördinerend functionaris is belast met de coördinatie van de maatregelen en voorzieningen die de gemeenten treffen met het oog op een ramp of crisis. Binnen BGC zijn de volgende taken/processen ondergebracht: Het stimuleren van de samenwerking tussen gemeenten en clusters van gemeenten die de gemeentelijke crisisbeheersing uitvoeren door kennisdeling, toegang tot expertise en het faciliteren van gezamenlijke afspraken en processen; Het uitvoering geven aan het vakbekwaamheidsprogramma voor circa 1.500 gemeentelijke crisisfunctionarissen waarin de thema’s uit het risicoprofiel en de lessen uit evaluaties worden meegenomen. We onderhouden de examinering van zeven gemeentelijke crisisfuncties; Het, indien nodig, aanpassen van crisisplannen en uitvoeringsprocedures voor de gemeentelijke crisisorganisatie en het vertegenwoordigen van gemeenten (als crisispartner) binnen de veiligheidsregio bij het opstellen van multidisciplinaire plannen en programma’s zoals waterveiligheid en cybersecurity/ digitale weerbaarheid.
• • •
•
teams en -functionarissen (piketbeheer) door periodieke werving en selectie, het vakbekwaamheidsprogramma en het onderhoud van de crisisfaciliteiten. (piket app-groepen, beheer OOV-alert/gemeentelijke alarmering, crisisapp ‘Bevolkingszorg Hollands Midden’, piketcoördinatie van informatiecoördinatoren en crisiscommunicatiefunctionarissen). Het rapporteren op basis van de inzichten die ontstaan door de jaarlijkse evaluatie van het functioneren van de gemeentelijke crisisorganisatie (systeemtest) aan de Inspectie van Justitie en Veiligheid en waar nodig doorvoeren hiervan in de gemeentelijke crisisorganisatie.
Om een indruk te geven van onze prestaties: we verzorgen jaarlijks circa 50 opleidingen en trainingen, in de afgelopen beleidsplanperiode hebben 500 crisisfunctionarissen de basiscursus crisisbeheersing voor bevolkingszorg gevolgd. Voor zeven crisisfuncties binnen bevolkingszorg verzorgen wij een formele examinering. Ook organiseren we trainingen en examens voor de circa 50 communicatieadviseurs van de gemeenten die een rol in de taakorganisatie crisiscommunicatie vervullen.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Bevolkingszorg
Tijdens een ramp of crisis is de gemeente verantwoordelijk voor de bevolkingszorgtaken: crisiscommunicatie (voorlichting aan de bevolking), acute bevolkingszorg (voorzien in opvang/verzorging van de bevolking) en herstelzorg (nazorg).
45
2.6.2
Ontwikkelingen
Waar staan we op dit moment
Er is in 2020 een werkgroep opgericht voor de reorganisatie van de crisisorganisatie Bevolkingszorg. De werkgroep buigt zich over het verder regionaliseren van de relevante gemeentelijke crisisfuncties (sleutelfuncties). Er is een aanvang gemaakt met een nieuwe opzet voor de OVD-BZ, waarbij er wordt voorgesteld om in 3 subregionale teams te gaan werken. Dit komt de efficiency en effectiviteit ten goede en geeft de kwaliteit een impuls.
In 2021 is het bureau gemeentelijke crisisbeheersing gestart met het geven van scenario-uurtjes voor gemeentelijke crisisfunctionarissen. Deze scenario-uurtjes zijn vooral bedoeld om hen voor te bereiden op nieuwe crisistypen, zo zijn er in 2021 scenario-uurtjes geweest voor Cyber, Sociale Calamiteiten en boerenprotest. Er is veel animo voor deze laagdrempelige manier van leren. Ook is de cybergame voor bestuurders en CISO (Chief Information Security Officer) van de gemeente in een drietal gemeenten gegeven. In het voorjaar zijn de functies Informatie-Coordinator Team Bevolkingszorg (IC-TBz) en de functie Informatiemanager Beleidsteam (IM-BT) samengevoegd tot de rol Informatiecoördinator Bevolkingszorg (IC-Bz). Er was veel verloop in beide piketgroepen, wat resulteerde in een kostbaar en tijdsintensief proces om de piketpools functionerend te houden en een hogere belasting voor de functionarissen die over bleven. Omdat de functie van IM BT niet of nauwelijks wordt ingezet in de praktijk, de kosten voor piketvergoeding relatief hoog zijn en de rol van IM-BT grote overeenkomsten vertoont met de rol van IC-TBZ is in samenspraak met de regiegroep gemeentesecretarissen besloten beide functies samen te voegen. Er is een handboek opgesteld voor deze nieuwe functie en de functionarissen zijn opgeleid.
Ook is er vanuit Bevolkingszorg bijgedragen aan het verbeteren van de overdracht Nafase naar de gemeenten. Met betrekking tot de partnerprofielen zijn in 2021 de bevolkingszorgpartners en hun werkzaamheden geïnventariseerd. Met de meeste partners wordt al jaren samengewerkt, maar zijn al langere tijd geen gesprekken meer gevoerd over deze samenwerking. Nieuwe samenwerkingsafspraken zijn gemaakt met de reddingsbrigade (multi) en Slachtofferhulp Nederland. Ook zijn landelijk de werkafspraken met Salvage geactualiseerd.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Bevolkingszorg
In 2021 is het dashboard Bevolkingszorg voor gemeenten ontwikkeld. Dit dashboard is in eerste instantie bedoeld voor de gemeentesecretarissen en geeft hen inzicht in de organisatie van bevolkingszorg in de regio en de bijdrage van de clusters/gemeenten hieraan. Er staan zaken opgenomen als de levering van regionale piketfunctionarissen afgezet tegen de norm per cluster, de verdeling van de uitgaven voor bevolkingszorg (regionaal budget) en het aantal opkomstoefeningen per cluster van gemeenten afgezet tegen de norm. Dit dashboard zal in 2022-2023 verder worden aangevuld met in ieder geval de registratiegegevens van opleidingen, trainingen en oefeningen van gemeentelijke crisisfunctionarissen. Er is in 2021 veel aandacht geweest voor het invullen van de inzetrapportages door Officieren van Dienst Bevolkingszorg (OvD-Bz), deze rapportage zal in 2022 gebruiksvriendelijker worden gemaakt en verder worden ontwikkeld. Doel is om met elkaar te blijven evalueren en leren van de inzetten. Ook kan dit aanleiding bieden om onze planvorming aan te passen, nieuwe afspraken met partners te maken of onze opleidingen en trainingen accenten te geven. Er is een regiobreed jaarplan voor bevolkingszorg opgesteld in, met daarin een prioriteitenstelling voor 2022.
Het prestatiekader Bevolkingszorg is niet ontwikkeld in 2021, gezien alle landelijke ontwikkelingen op het gebied van Bevolkingszorg is besloten daarmee te wachten. In 2023 verwachten we dit weer op te pakken.
Er zijn dan minder functionarissen die opgeleid en getraind hoeven worden en functionarissen worden geselecteerd op intrinsieke motivatie om een crisisrol te vervullen.
46
Crisiscommunicatie In 2022 zal de online leeromgeving voor de multi-crisisfunctionarissen gevuld worden, zo ook voor een aantal bevolkingszorg-rollen. Dit geeft meer inzicht in de mate van vakbekwaamheid en een laagdrempelige manier om inzicht te krijgen in relevante opleidingen, trainingen en oefeningen. De werkgroep Doorontwikkeling Oranje Kolom (DOK) zal de nieuwe opzet voor de OVD-BZ verder uitwerken en vorm gaan geven, ook zal zij zich gaan buigen op andere bevolkingszorg-rollen en hier voorstellen voor doen, hoe deze efficiënter en effectiever te organiseren. De behaalde resultaten van het project Doorontwikkeling Crisiscommunicatie in het Eerste Uur worden geëvalueerd. Ook wordt de verbinding tussen risico- en crisiscommunicatie verder versterkt, in samenwerking met de gemeenten en partners. De Cybergame voor gemeenten zal in die gemeenten worden gegeven, waar dit nog niet gebeurd is in 2021 en 2022. Er vindt een evaluatie plaats van de crisisapp bevolkingszorg inclusief een verbetervoorstel. Ook evalueren we of onze kennisplatforms aan de behoefte vanuit de gemeenten voldoen en passen wij zonodig onze werkwijze op gebied van informatiedelen aan. Daarnaast wordt er een planvormingsproduct ontwikkeld voor sociale calamiteiten, een nieuw crisistype waar bevolkingszorg-processen in toenemende mate bij betrokken zijn.
Tevens monitoren wij de inzetten van bevolkingszorg bij niet opgeschaalde incidenten. De Online Leeromgeving zal verder gevuld worden en opengesteld voor alle gemeentelijke crisisfunctionarissen. De gemeentelijke crisisorganisatie zal verder omgevormd worden op basis van de besluitvorming over de voorstellen van werkgroep DOK. Ook zal het ons vakbekwaamheid aanbod frequentere trainingen en meer verdieping gaan aanbieden voor sleutelfunctionarissen. De uitkomsten van het landelijk traject uniform kwaliteitsniveau Bevolkingszorg zullen waar nodig geïmplementeerd worden in onze regio.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Bevolkingszorg
In 2021 is de doorontwikkeling en verdere professionalisering van de crisiscommunicatie binnen de keten verder opgepakt (in 2020 is hiermee gestart). Resultaat hiervan is dat de positie van het Hoofd Taakorganisatie Crisiscommunicatie (HTo-C) is verstevigd. De HTo-C komt voortaan op vanaf Grip1 en heeft nauw contact met onder meer de communicatieadviseur Copi. Al vroeg in het gouden uur wordt de communicatie inzet daardoor afgestemd, gecoördineerd en gemonitord. Ook zijn de omgevingsanalisten in 2021 op hard piket gezet, omdat er regelmatig een beroep wordt gedaan op deze functionarissen. Bovendien is de nieuwe crisiswebsite Hollandsmiddenveilig.nl gelanceerd. Deze website is 24/7 te bezoeken door inwoners. In de koude fase kunnen bezoekers informatie vinden over risico’s, handelingsperspectieven en risicocommunicatiecampagnes aansluitend op het regionaal risicoprofiel. In de warme fase (vanaf classificatie ‘middelincident’) is de crisiswebsite het knooppunt van incidentinformatie met: handelingsperspectieven, een locatieweergave, Q&A’s en een liveblog. In dit nieuwe systeem start publieksinformatie al direct vanaf de incidentkwalificatie “middel”. De woordvoerder brandweer/ communicatieadviseur CoPI organiseert zelfstandig via een tablet de publiekscommunicatie via het meldingssysteem op de crisiswebsite.
Daarmee zijn incidenten op de crisiswebsite actief bij de feitelijke start van het proces crisiscommunicatie. De crisiswebsite loopt hierdoor per definitie in 95% van de situaties voor op het proces NL-Alert. De meeste gemeentelijke websites hebben inmiddels RSS-code waarmee incidenten vanaf GRIP1 door de VRHM via een push-up button geactiveerd worden met daarop een directe doorverwijzing naar de incidentpagina op hollandsmiddenveilig.nl.
47
2.6.3
Risico’s
Een ander risico is dat de landelijke ontwikkelingen onze regionale ontwikkelingen inhalen en we opnieuw moeten aanpassen. Er is meer samenwerking nodig met omliggende veiligheidsregio’s. Voor wat betreft de Crisisapp Bevolkingszorg bestaat het risico dat het gebruik beperkt blijft, door een te laag vertrouwen, omdat binnen ons huidige contract de mogelijkheden tot verbetering beperkt zijn. Als we echt significante verbeteringen willen boeken en systemen (kennisbank en crisisapp) aan elkaar willen linken, zijn we daarin afhankelijk van IM (met beperkte capaciteit). Daarnaast zijn we heel erg afhankelijk van de bereidheid van de clusters/functionarissen om de crisisapp te willen gebruiken.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Bevolkingszorg
Omdat de Online Leeromgeving (OLO) nog in de ontwikkelfase is, is de kans aanwezig dat het nieuwe platform voor gemeentelijke crisisfunctionarissen nog niet goed toegankelijk of gebruiksvriendelijk is. Hierdoor zouden zij ervoor kunnen kiezen geen gebruik te maken van het systeem. De voortgang op de geplande doorontwikkeling Bevolkingszorg is in hoge mate afhankelijk van het vertrouwen dat de bestuurders en gemeentelijke functionarissen in de beoogde kwaliteitsverbetering hebben. Zeker wanneer functies verder geregionaliseerd worden is de kans op weerstand reëel. Door alle betrokkenen vroegtijdig in het proces mee te nemen wordt dit zoveel mogelijk ondervangen.
48
2.6.4
Raming van de baten en lasten
Bevolkingszorg (bedragen x € 1.000,00)
2021
2022
2023
Meerjarenramingen 2024
2025
2026
-694
-702
-723.044
-724
-724
-724
Gemeentelijke bijdrage
-628
-636
-656.544
-657
-657
-657
Rijksbijdrage (BDUR)
-66
-66
-66.500
-67
-67
-67
Exploitatielasten
637
702
675.844
676
676
676
Salarislasten
315
324
321.900
322
322
322
Opleiden en oefenen
136
116
108.200
108
108
108
Overige lasten
186
262
245.744
246
246
246
-57
0
-47.200
-48
-48
-48
-57
0
-47.200
-48
-48
-48
Geraamde saldo baten en lasten Onttrekking reserves Storting reserves Geraamde resultaat
Het Opleiden en oefenen programma binnen de programmataak Bevolkingszorg wordt begroot op een totaal bedrag van € 108.200, onderverdeeld naar de onderstaande componenten:
De begrotingspost Overige lasten bestaat uit de navolgende onderdelen waarbij het leeuwendeel is begroot voor de vergoeding van de piketdiensten Bevolkingszorg.
Opleiden, Trainen en Oefenen Coaching60.000 Realistisch oefenen 47.100 Catering1.100
Piket Bevolkingszorg142.700 Afdrachten Bovenregionale crisiscommunicatie 4.200 GROOTER8.000 Slachtofferregistratiesysteem20.000 Bevolkingszorg op orde 4.300 Nederlandse Rode Kruis 25.000 Organisatie & Coördinatie41.600
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Bevolkingszorg
Exploitatiebaten
Realisatie Begroting Begroting (in €)
49
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
2.7 Programmataak Brandweerzorg
50
Mark Helmig en Roland Verhagen, Brandweerzorg:
Storingen voorkomen “Hoe houden we ons wagenpark bedrijfszeker en betrouwbaar? Ofwel: hoe houden we de kwaliteit op orde? Dat is een belangrijk aandachtspunt in ons werk. We hebben namelijk een achterstand opgelopen in het vervangen van verouderde voertuigen. Er komt weliswaar veel nieuw materieel aan – maar liefst driekwart van de totale voertuigcapaciteit in onze regio wordt vernieuwd -, maar de levering daarvan wordt uitgesmeerd over meerdere jaren. Tot dat moment moeten we dus technische storingen voorkomen en ervoor zorgen dat de huidige voertuigen in bedrijf blijven.”
Nieuwe kijk op beheer “Voor de regionalisering van de brandweer was elke gemeente zelf verantwoordelijk voor het aanschaffen van het eigen brandweermaterieel. Dat leverende veel verschillende soorten voertuigen met afwijkende specificaties op. En dus ook na de regionalisering allerlei uitdagingen om al deze typen op een efficiënte manier bedrijfszeker te houden. Nu we komende jaren zoveel voertuigen tegelijk vervangen, met op alle voertuigen dezelfde bepakkingen, gaan we een nieuwe kijk op beheer en onderhoud ontwikkelen. Daarmee breekt dus een volgende fase aan.”
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
‘Bedrijfszekerheid staat voorop en Steeds meer naar één type voertuig’
51
Uitwisselbare voertuigen
Minder schadelijke uitstoot “Alle nieuwe voertuigen voldoen straks ook meteen aan de laatste milieu-emissienormen. Met zuinigere motoren die minder schadelijke stoffen uitstoten. Grote merken zijn momenteel druk bezig met manieren om hun producten duurzamer te maken. Voor ons is dat weliswaar interessant, maar bedrijfszekerheid staat bij ons voorop. Zolang deze nieuwe technologieën nog niet geschikt zijn voor massaproductie, gaan wij geen risico’s lopen. Met de aanschaf van het nieuwe materieel, dat aan alle huidige milieu-eisen voldoet, kopen we als het ware vijftien jaar tijd. Intussen houden we de ontwikkelingen in de markt uiteraard nauwlettend in de gaten.”
Bedrijfszekere voertuigen “Alles wat ik de komende jaren ga doen dient uiteraard dat ene hogere doel: dat elke burger in nood altijd op ons kan rekenen. Dat begint met bedrijfszekere voertuigen. En dus juiste beheer- en onderhoudsprocessen achter de schermen om dat te kunnen garanderen.”
Veel nieuw materieel “Hoe gaan we al het nieuwe materieel voor Brandweerzorg de komende jaren zorgvuldig in gebruik nemen? Want iets aanschaffen is één ding. Dat vervolgens goed inpassen in de organisatie is een tweede. Als projectleiders zijn we verantwoordelijk voor de implementatie van de nieuwe
autoladders. Deze voertuigen gaan de komende jaren gefaseerd de oude, afgeschreven exemplaren vervangen. Tegelijkertijd komen er ook nog eens 45 nieuwe Tankautospuiten en drie WTS500-voertuigen onze kant op. Best veel nieuw materieel dus, in een relatief korte tijd.”
Conservatieve uitrol “Je zou zeggen: rijden maar, en aan de slag met al dat nieuwe materieel. Maar zo eenvoudig is dat niet. Nieuwe voertuigen betekenen namelijk ook van alles voor onze processen. Bij vakbekwaamheid bijvoorbeeld, de operationele dienst en bij beheer en onderhoud. Ook daar moet iedereen er klaar voor zijn. Het is belangrijk daar genoeg tijd en ruimte voor te nemen en dat goed in te regelen. Vandaar dat wij bij de vervanging van de autoladders gekozen hebben voor een conservatieve uitrol. We maken liever een behoudende start en dat we later in het proces versnellen, dan dat we alles en iedereen over de kling jagen.”
Optimaal geïnformeerd “In al dat nieuwe materiaal moet de repressieve operationele informatievoorziening (ROIV) straks uiteraard tiptop in orde zijn. Denk aan de navigatie in de voertuigen, incidentinformatie, meldkamerinformatie en relevante informatie over objecten en gebouwen: iedereen die met PRIO1 op pad gaat moet altijd optimaal geïnformeerd op pad worden gestuurd. Dat vereist continu aanpassingen aan de hardware en software die we daarvoor gebruiken en de implementatie daarvan, ook in al het nieuwe materieel. En tegelijkertijd is het zaak allerlei nieuwe (technische) ontwikkelingen in de gaten te houden die onze informatiepositie verder kunnen versterken. Ook dat is iets waar ik me komende tijd mee blijf bezighouden.”
Steeds meer één bedrijf “Sinds de regionalisering van de brandweer, in 2011, worden we steeds meer één ‘bedrijf’. Met op alle locaties dezelfde typen voertuigen. Dus ook met autoladders die straks overal gelijk zijn, ondersteund door uniforme processen en (informatie)systemen. Met al het nieuwe materieel dat nog in aantocht is, zet deze ontwikkeling komende jaren alleen maar verder door.”
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
“Interessant is bijvoorbeeld dat we in de toekomst van kazernevoertuigen naar regiovoertuigen gaan die we onderling kunnen gaan uitwisselen. Zo zijn er kazernes waar het gebruik intensiever is als op andere kazernes. Door voertuigen regelmatig te laten rouleren, gaat slijtage straks gelijk op. Dat biedt allerlei nieuwe mogelijkheden om onze onderhoudsconcepten nog slimmer en efficiënter in te richten.”
52
2.7.1
Wat doen we
De regie op de meerjarige ambities voor de sector Brandweerzorg vindt plaats vanuit dit deelprogramma. Dit betreft onder meer uitvoerende, voorbereidende en ondersteunende taken ten behoeve van brandbestrijding, hulpverlening, waterongevallen en incidentbestrijding gevaarlijke stoffen. Daarnaast is er aandacht voor nieuwe ontwikkelingen. Dit geldt zowel voor vaktechnische als organisatorische vernieuwingen. Samen met de hieronder genoemde wettelijke taken is doorontwikkeling, voorbereiding en bewaking van het operationeel optreden een belangrijke ontwikkelopgave. Hierbij gaat het om het doorontwikkelen van het brandweervak. Daarmee is er binnen het deelprogramma Brandweerzorg aandacht voor de taken waarmee de sector brandweerzorg werkt aan een robuuste organisatie die onderweg is naar de toekomst. De wettelijke taak in het deelprogramma Brandweerzorg heeft artikel 25 uit de Wet veiligheidsregio’s als basis. Daarmee dragen we verantwoording voor de volgende wettelijke taken: Het redden van slachtoffers en het beperken van schade bij branden (brandbestrijding). Het opsporen en bevrijden van slachtoffers en het verlenen van levensreddende en technische hulp bij ongevallen anders dan brand (technische hulpverlening waaronder begrepen waterongevallenbestrijding, incidentbestrijding gevaarlijke stoffen).
• •
• Het verlenen van diensten, anders dan de wettelijke taken brand• • • • • •
bestrijding en technische hulpverlening (bijv. first responder taken bij reanimaties) (dienstverlening). Het bewaken van de inzetbaarheid van de operationele brandweereenheden ten behoeve van de brandbestrijdings-, technische hulpverlenings- en dienstverleningstaken. (Bewaken operationele inzetbaarheid). Het opleiden, trainen en oefenen van brandweereenheden en leidinggevenden /piketfunctionarissen, dusdanig dat zij bij een inzet in staat zijn effectief het incident te bestrijden respectievelijk te coördineren en leiding te geven (vakbekwaam worden en blijven). Het opstellen en actueel houden van operationele plannen en procedures (operationele planvorming). Het beheren en onderhouden van materieel en materialen voor brandbestrijding en hulpverlening dusdanig dat inzetbaarheid is gegarandeerd (beheer en onderhoud materieel). Het plannen van de beschikbaarheid van medewerkers, brandweereenheden, materieel en materiaal ten behoeve van brandbestrijding en hulpverlening, vakbekwaamheids-momenten, keuringen en onderhoud (planning operationele beschikbaarheid). Het leren van incidenten doormiddel van brandonderzoek en het evalueren van incidenten bij brand en hulpverlening.
Ten slotte voert de brandweer ook taken uit bij rampen en crises in het kader van de Rampenbestrijding en Crisisbeheersing. Zij staan hierbij onder leiding van de regionaal commandant.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Brandweerzorg
Het deelprogramma Brandweerzorg voor 2023 is gebaseerd op het VRHM Beleidsplan 2020-2023. In het beleidsplan zijn de meerjaren ontwikkelingen op het gebied van brandweerzorg opgenomen. We bereiken nu het laatste jaar van het huidige plan. Onderstaande ontwikkelingen, doelen en ambities sluiten hierop aan.
53
2.7.2
Ontwikkelingen
We werken met paraatheid op maat Een van de belangrijkste doelen voor Brandweerzorg in deze planperiode zijn de grootschalige materieelvervangingen. De aanbestedingen en afnamen zijn in voorliggende jaren afgerond en 2023 is een jaar van implementatie. Daarbij wordt ouder materieel vervangen door nieuw. Het oude wordt afgestoten en de nieuwe voertuigconcepten worden een onderdeel van de nieuwe bedrijfsvoering. De implementatie van nieuwe materieel vormt het moment waarbij verschillende sporen samenvallen. In 2023 worden nieuwe vakinhoudelijke ontwikkelingen zoals de basisprincipes voor brandbestrijding, gebiedsgerichte opkomsttijden en een veranderende bluswatervoorziening verbonden aan de dag dagelijkse praktijk. De brandweer ontwikkelt zich meer een meer van een ervaring gedreven- naar een kennis gedreven organisatie. Een eerder ingezet traject om vakbekwaamheid door te ontwikkelen van een kwantitatief naar een kwalitatief programma sluit hier naadloos op aan. Deze ontwikkelingen leiden tot een nieuwe schets over de toekomst van vakbekwaamheid.
Een ontwikkeling die in 2023 en in de daaropvolgende planperiode zal worden gecontinueerd is het versterken van de robuustheid van de organisatie. Dit bestaat niet alleen uit het eerdere genoemde materieel maar ook uit de robuustheid en betrouwbaarheid van processen. Dit geldt bijvoorbeeld voor onderwerpen als informatie gestuurd werken, het brandweerrisicoprofiel en paraatheid op maat.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Brandweerzorg
Programmabegroting 2023 vormt het laatste jaar van de beleidsplanperiode 2020-2023. Daarmee lopen een aantal ingezette doelen en ontwikkelingen op z’n eind. Het is echter ook het jaar waarover in 2020 de minste zekerheid bestond. Ontwikkelingen zijn een continu proces waarbij er verwachtte en nieuwe ontwikkelingen met elkaar verweven raken. De afgelopen jaren werken we vanuit drie strategische doelstellingen en dit continueren we in 2023 waarbij er per strategisch doel wordt vermeld wat de ontwikkelingen en de verwachte werkzaamheden zijn.
Bovenstaande ontwikkelingen maken onderdeel uit van een groter geheel en dat is het programma ‘’De Brandweer 2030”. Dit toekomstbeeld is opgesteld onder de vlag van Brandweer Nederland. De sector heeft dit verwoord in het visiedocument Paraatheid op maat en regionale vertaling van de landelijke visie op de Brandweer van 2030. Het ene document beschrijft de visie op de middellange termijn en het andere betreft een toekomstbeeld. In 2023 brengen we beide visies bij elkaar.
54
We vergroten onze inbreng in de veiligheidsketen
Een van deze randvoorwaarden om dit te bereiken is het krijgen van een beter inzicht in onze prestatie. Hier is een slag gemaakt doordat projecten als informatie gestuurd werken, gebiedsgerichte opkomsttijden en business intelligence vorm hebben gekregen. Een tweede randvoorwaarde is het beter kennen van onze risico’s doordat we beschikken over een brandweerrisicoprofiel. En tenslotte hebben we in voorliggende jaren een toekomstbeeld voor de brandweer ontwikkeld. Deze, deels separate ontwikkelingen, willen we in 2023 bij elkaar brengen door de eerste aanzet te geven voor risicogerichte slagkracht. Hiermee bedoelen we de het verbinden van de inzet van mens en materieel aan het soort risico. Op die manier is Brandweerzorg in staat de inbreng in de veiligheidsketen te vergroten doordat we beter kunnen aangeven wat er wel- en niet geleverd kan worden. Hierdoor kan de repressieve inspanning beter worden verbonden aan preventieve maatregelen. Het goed vormgeven van deze verbinding vergt een cyclisch risicomanagementsysteem waarbij repressieve kennis wordt ingebracht om preventieve maatregelen en repressieve inspanning beter op elkaar af te stemmen.
Dit betreft dan de brandkenmerken en de gebouwkenmerken. Tenslotte worden ook de menskenmerken in het cyclische proces ingebracht. Dit gaat onder meer over gedragsbeïnvloeding, risicobewustzijn en zelfredzaamheid. Door het vergroten van de inbreng in de veiligheidsketen starten we in 2023 de transitie waarbij we van uitvoering langs het werk gaan naar visie- en informatie gestuurd werken. Deze transitie kent een open eind doordat het een cyclisch proces betreft waarin we onszelf steeds opnieuw willen verbeteren.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Brandweerzorg
De basis van het tweede strategische doel is het versterken van de verbinding tussen de sector Risico- en Crisisbeheersing en de sector Brandweerzorg. Ofwel het verbinden van de voor- en de achterkant van het brandweerproces. Om dit te bereiken is de afgelopen jaren gewerkt aan het vormgeven van meer cyclische risicomanagement.
55
2.7.3
Risico’s
In 2023 worden de werkzaamheden die voortkomen uit dit strategisch doel ondergebracht in de lijn. Daarmee wordt het regulier werk. Dit doordat we in de praktijk merken dat juist één centrale aanpak van lokale diversiteit minder goed werkt. Hiermee verleggen we de focus naar een werkwijze waarbij er lokaal invulling wordt gegeven aan dit belangrijke thema.
In de achterliggende planperiode heeft Covid-19 een zware wissel op onze organisatie getrokken. Op het moment van schrijven is het nog niet duidelijk hoe deze situatie er in 2023 uit zal zien. Een aantal ontwikkelingen die we in 2023 aan elkaar willen verbinden dienen in 2022 vorm te krijgen. De verwachting is dat deze werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd. Dit geldt bijvoorbeeld voor taakdifferentiatie en het vormgeven aan visie en randvoorwaarden. Er bestaat een sterke externe afhankelijkheid van beleidsontwikkelingen als ‘Brandweer 2030’ en bluswatervoorziening omdat diverse regionale ontwikkelingen hierop aansluiten. En tenslotte vormen de druk op de beschikbaarheid van grondstoffen, langere levertijden van diensten en producten, stijgende prijzen en verminderde personele capaciteit van onszelf en partners als gevolg van de druk op de arbeidsmarkt een risico.
Programma Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 tm 2026
Programmataak Brandweerzorg
Wij staan in de (lokale) gemeenschap
56
2.7.4
Raming van de baten en lasten Brandweerzorg
Brandweerzorg (bedragen x € 1.000,00)
Meerjarenramingen
2021
2022
2023
2024
2025
2026
-56.828
-57.379
-59.182.361
-59.182
-59.182
-59.182
Gemeentelijke bijdrage
-49.402
-50.120
-51.764.223
-51.764
-51.764
-51.764
Rijksbijdrage (BDUR)
-6.462
-6.320
-6.473.338
-6.473
-6.473
-6.473
-964
-939
-944.800
-945
-945
-945
Exploitatielasten
28.946
29.107
32.683.051
32.682
32.682
32.682
Salarislasten
22.006
19.531
22.726.200
22.726
22.726
22.726
Opleiden en Oefenen
1.900
1.966
2.476.325
2.476
2.476
2.476
Subsidies en Overige bijdragen
Mobiliteit
3.206
3.767
4.527.226
4.527
4.527
4.527
Personele Functionele Uitrusting
1.108
2.090
1.975.958
1.976
1.976
1.976
726
1.753
977.342
977
977
977
-27.882
-28.272
-26.499.310
-26.500
-26.500
-26.500
616
-259
-150.000
-150
-150
-150
-27.266
-28.531
-26.649.310
-26.650
-26.650
-26.650
Overige lasten Geraamde saldo baten en lasten Onttrekking reserves Storting reserves Geraamde resultaat
Het budget voor opleiden en oefenen is verhoogd t.o.v. voorgaande jaren. Dit is gebaseerd op het nieuwe vakbekwaamheidsprogramma, waarin meer aandacht is voor realistisch oefenen. Verder zijn ook de effecten van gewijzigde eisen en regelgeving hierin verwerkt. Voor de nieuwe beleidsplanperiode zal het structureel benodigd budget voor vakbekwaamheid inzichtelijk worden gemaakt. De stijging van de lasten voor mobiliteit is het gevolg van de diverse vervangingsinvesteringen. Met name de versnelling in de levering van de tankautospuiten is hierop van invloed.