Bijlage 2: Wijzigingenoverzicht maart 2025
Tekst van het document
6.5.1 Eigen bijdrage en drempelbedrag 1.
6.5.1 Lid 1: De eigen bijdrage bedraagt €463,00. Deze is verlaagd omdat de kosten van een ov-jaarabonnement voor kinderen gedaald zijn.
6.5.1 Eigen bijdrage en drempelbedrag 1. Is het inkomen van de ouders hoger dan € 27.900,- dan trekt de gemeente per kind de kosten voor de eerste 6 kilometer met het OV af van de vergoeding aan de ouders. Het gaat om de kosten voor het gebruik van een OV-chipkaart of een andere OVbetaalmogelijkheid door het kind en een eventuele begeleider. Ook als er geen OV beschikbaar is of als er geen gebruik wordt gemaakt van het OV, trekt de gemeente dit bedrag af van de vergoeding. Bij aangepast vervoer moeten de ouders dit bedrag aan de gemeente betalen (eigen bijdrage). De eigen bijdrage bedraagt €590,00. 2. Is de reisafstand meer dan 20 kilometer? Dan betalen ouders per kind de reiskosten voor een deel zelf of helemaal zelf (eigen bijdrage). Als de gemeente zorgt voor aangepast vervoer, dan betalen de ouders de eigen bijdrage aan de gemeente. Als het kind op een andere manier wordt vervoerd, dan wordt de eigen bijdrage afgetrokken van de vergoeding die de ouders van de gemeente krijgen. De hoogte van de eigen bijdrage wordt per kind per schooljaar berekend en hangt af van het inkomen van de ouders.
3. De gemeente past de bedragen van de inkomensgrenzen jaarlijks aan. De gemeente volgt daarbij de wijzigingen die de VNG aan de gemeente doorgeeft.
4. De gemeente stopt de vervoersvoorziening als ouders de eigen bijdrage niet (langer) betalen aan de gemeente.
Is het inkomen van de ouders hoger dan het bedrag genoemd in het Tarievenoverzicht Sociaal Domein dan trekt de gemeente per kind de kosten voor de eerste 6 kilometer met het OV af van de vergoeding aan de ouders. Het gaat om de kosten voor het gebruik van een OV-chipkaart of een andere OVbetaalmogelijkheid door het kind en een eventuele begeleider. Bij aangepast vervoer moeten de ouders dit bedrag aan de gemeente betalen (eigen bijdrage).
2. Is de reisafstand meer dan 20 kilometer? Dan betalen ouders per kind de reiskosten voor een deel of helemaal zelf (eigen bijdrage). Als de gemeente zorgt voor aangepast vervoer, dan betalen de ouders de eigen bijdrage aan de gemeente. Als het kind op een andere manier wordt vervoerd, dan wordt de eigen bijdrage afgetrokken van de vergoeding die de ouders van de gemeente krijgen. De hoogte van de eigen bijdrage wordt per kind per schooljaar berekend en hangt af van het inkomen van de ouders. 3. De gemeente past de bedragen van de inkomensgrenzen jaarlijks aan.
4. De gemeente kan de vervoersvoorziening stoppen als ouders de eigen bijdrage niet (langer) betalen aan de gemeente.
5. De ouders van kinderen die naar het speciaal onderwijs gaan betalen geen eigen bijdrage.
6.1.5 Lid 4:Toegevoegd: het woord kan. We gaan niet per definitie het eigen vervoer stoppen als ouders de eigen bijdrage niet kunnen betalen. We bekijken per situatie wat mogelijk is en het beste voor het kind.
6.1.5 Lid 5: Tekst aangepast. Gespecificeerd dat ouders van kinderen naar het SO nooit een eigen bijdrage betalen. Bij kinderen die naar het SBO gaan geldt dit alleen indien ouders niet kunnen aantonen dat hun kind niet op termijn zelfstandig (of onder begeleiding) kan reizen.
5. Voor ouders van kinderen die vanwege een structurele beperking niet zelfstandig met het OV kunnen reizen geldt de regeling in dit artikel niet. Zij betalen geen eigen bijdrage
Kinderen van ouders die naar het speciaal basisonderwijs gaan betalen wel een eigen bijdrage, tenzij door de ouders kan worden aangetoond dat het kind niet naar verloop van tijd zelfstandig of onder begeleiding kan reizen.
6.5.2 Lid 1:Toegevoegd: met de fiets. We willen alle vormen van zelfstandig vervoer stimuleren, dus ook fietsen. Traject vervangen door route. 6.5.2 Zelfstandig leren reizen
6.5.2 Zelfstandig leren reizen 1. Via MEE op weg kan een kind zelfstandig leren reizen met het openbaar vervoer. De gemeente financiert dit traject ter bevordering van ze zelfstandigheid van kinderen.
2. Na certificatie betaald de gemeente de rest van de ov-reiskosten voor het lopende schooljaar.
1. Via MEE op weg kan een leerling zelfstandig leren reizen met de fiets of het openbaar vervoer. De gemeente financiert de route ter bevordering van ze zelfstandigheid van leerlingen.
2. Alle aanvragen voor MEE op weg moeten via het Sociaal Team lopen.
6.5.2 Lid 2: Toegevoegd: Alle aanvragen voor MEE op weg moeten via het Sociaal Team lopen. 6.5.2 Lid 1 in de oude verordening wordt 6.5.2 lid 3 in de nieuwe. Formulering vereenvoudigd. De beloning is nu voor een heel schooljaar.
3. Na het behalen van het zelfstandig reizen diploma betaald de gemeente de rest van de OV reiskosten voor een schooljaar.
6.6 Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer
6.6 Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer
1. Als aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening, kan de gemeente de ouders verzoeken of op aanvraag toestaan één of meer leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.
1. Als er recht bestaat op een vervoersvoorziening, kan de gemeente de ouders verzoeken of op aanvraag toestaan één of meer leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.
2. Als toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is verleend, bekostigd de gemeente aan de ouders die een leerling zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren:
2. Als toestemming als gevolg van het eerste lid aan de ouders is gegeven, zal de gemeente de kosten vergoeden voor het vervoer van de leerling door de ouders zelf of door derden:
6.6 lid 1: Aanspraak vervangen door recht op.
6.6 Lid 2: Taalgebruik versimpeld.
a)
een bedrag op basis van de kosten van het vervoer per fiets voor de leerling zonder begeleiding, als aanspraak zou bestaan op bekostiging op basis van de kosten van het vervoer per fiets al dan niet met begeleiding. De kilometervergoeding voor de fiets is € 0,44 per kilometer.
b)
een tegemoetkoming voor de aanschaf van een (elektrische) fiets, indien het verzamelinkomen lager is dan € 27.900.
c)
een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer voor de leerling zonder begeleiding, als aanspraak zou bestaan op bekostiging op basis van de kosten van het openbaar vervoer al dan niet met begeleiding; of
d)
een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto, als aanspraak zou bestaan op een voorziening in de vorm van aangepast vervoer, behoudens het bepaalde in het vierde lid. Deze vergoeding bedraagt € 0,39 per kilometer.
a)
b)
3. Als toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is verleend, bekostigd de gemeente aan de ouders die meer dan één leerling tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren, een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto.
c)
een bedrag op basis van de kosten van het vervoer per fiets voor de leerling zonder begeleiding, als er recht zou bestaan op een vergoeding op basis van de kosten van het vervoer per fiets met of zonder begeleiding. De kilometervergoeding voor de fiets opgenomen in het tarievenoverzicht Sociaal Domein. De vergoeding wordt berekend op basis van de kosten van het openbaar vervoer voor de leerling wanneer deze alleen reist, als er recht zou zijn op vergoeding gebaseerd op de kosten van het openbaar vervoer, met of zonder begeleiding; of Als er recht bestaat op speciaal vervoer, krijgen ouders normaal gesproken geld voor elke kilometer met de eigen auto gereden wordt. Dit bedrag is opgenomen in het tarievenoverzicht Sociaal Domein. Uitzonderingen op deze tarieven staan beschreven in artikel 6.4 van deze verordening.
6.6 lid 2 onder c in de oude verordening wordt 6.6 lid 2 onder b in de nieuwe verordening. Weggehaald dat de gemeente een elektrische fiets vergoed. In de praktijk is dit niet voorgekomen. Mocht dit zich in de toekomst voordoen dan beoordelen we dit per casus.
6.6 lid 2 onder d in de oude verordening wordt 6.6 lid 2 onder c in de nieuwe. Aanspraak vervangen door recht op. Verduidelijkt dat de km vergoeding voor zowel de heenals de terugreis (dus ook zonder kind in de auto) geldt.
6.6. lid 3 in de oude verordening vervalt. We willen zelfredzaamheid stimuleren, dus ook het maken van een vervoerspoule met andere ouders. Km vergoeding wordt in dit geval dus betaald per gezin.
6.7 Ingangsdatum en duur van de vervoersvoorziening Een vervoersvoorziening gaat in op de door de ouders aangegeven datum. Deze datum mag niet liggen vóór de datum waarop de gemeente de aanvraag heeft ontvangen. Voor aangepast vervoer geldt dat de vervoersvoorziening zo snel mogelijk na het besluit van de gemeente ingaat.
6.8 Beslissing burgemeester en wethouders in gevallen waarin de regeling niet voorziet In gevallen, de uitvoering van het leerlingenvervoer betreffende, waarin deze verordening niet voorziet, beslissen burgemeester en wethouders.
6.7 Ingangsdatum en duur van de vervoersvoorziening Een vervoersvoorziening gaat in op de door de ouders aangegeven datum. Deze datum mag niet liggen vóór de datum waarop de gemeente de aanvraag heeft ontvangen. Voor aangepast vervoer geldt dat de vervoersvoorziening binnen 5 werkdagen na het besluit van de gemeente ingaat. De gemeente besluit binnen 6 weken nadat de aanvraag is ontvangen. Tot die tijd zijn ouders zelf verantwoordelijk voor het vervoer. 6.8 Beslissing burgemeester en wethouders in gevallen waarin de regeling niet voorziet
7.5.1
Bijdrage maatschappelijke kosten en schoolkosten
Een inwoner die valt onder de doelgroep kan een bijdrage krijgen als hij: a. bij de aanvraag in het kalenderjaar een inkomen heeft dat lager is dan 130% van de bijstandsnorm; b. geen goede financiële buffer heeft; c. kosten maakt op het gebied van sport, cultuur, recreatie of andere maatschappelijke activiteiten.
6.8. Tekst vereenvoudigd.
In gevallen, waar deze verordening geen regels bevat voor specifieke situaties met betrekking tot leerlingenvervoer, nemen de burgemeester en wethouders een besluit. 6.9 Nadere regels Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels stellen voor de uitvoering van het leerlingenvervoer.
Huidige verordening hoofdstuk 7
6.7. Beslistermijn van de gemeente toegevoegd. Vervoerder heeft vijf werkdagen nodig om de rit te plannen. Tot die tijd blijven de ouders zelf verantwoordelijk voor het vervoer.
Verordening sociaal domein 2024 hoofdstuk 7 7.5.1 Bijdrage maatschappelijke kosten en schoolkosten Een inwoner die valt onder de doelgroep kan een bijdrage krijgen als hij: a. bij de aanvraag in het kalenderjaar een inkomen heeft dat lager is dan 130% van de bijstandsnorm; b. geen goede financiële buffer heeft; c. kosten maakt op het gebied van sport, cultuur, recreatie of andere maatschappelijke activiteiten. d. Schoolkosten heeft voor minderjarige kinderen die basisonderwijs of voortgezet onderwijs volgen.
Toegevoegd zodat er beleidsregels kunnen worden opgesteld
Minderjarige kinderen die in aanmerking komen voor een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten, of minderjarige kinderen die een beroepsopleiding als bedoeld in artikel 7.2.2, eerste lid, onderdelen a tot en met e, van de Wet educatie en beroepsonderwijs in de beroepsbegeleidende leerweg volgen komen niet in aanmerking. Huidige verordening Hoofdstuk 8 8.3.2 Hoogte PGB tarief Lid 3. De kostprijs mag niet hoger zijn dan wat gebruikelijk is voor de die dienst of dat product. De 6hoogte van het pgb...
Lid 6 . Als de dienstverlening wordt uitgevoerd door een niet gekwalificeerd persoon uit het sociale netwerk - geen onbetaalde vrijwilliger -, dan wordt een uurtarief gehanteerd dat gelijk is aan het wettelijk minimumloon en de minimumvakantiebijslag van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.
Sub d is toegevoegd om e.e.a. te verduidelijken. In de uitvoering was niet duidelijk voor welke doelgroep de schoolkosten zijn bedoeld.
Verordening Sociaal domein 2024 Hoofdstuk 8 8.3.2. Hoogte PGB tarief Lid 3 De kostprijs mag niet hoger zijn dan wat gebruikelijk is voor die dienst of dat product. De hoogte van het pgb...
Toelichting
Lid 6 Als de dienstverlening wordt uitgevoerd door een niet gekwalificeerde persoon uit het sociale netwerk -geen onbetaalde vrijwilliger- dan wordt een uurtarief gehanteerd dat gebaseerd is op CAO Verpleeg-, Verzorgingshuizen en Thuiszorg (CAO VVT) a. bij huishoudelijke hulp: het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij 'Hulp bij het huishouden' van de voor de betreffende periode geldende CAO VVT, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. b. bij begeleiding: het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij de FWG 30 van de voor de betreffende periode geldende CAO VVT, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van verlofuren. Met uitzondering van het pgb dat wordt afgegeven voor dienstverlening uitgevoerd door een niet gekwalificeerd persoon uit het sociale netwerk, blijft het pgb dat de gemeente heeft vastgesteld gelijk.
Wijziging naar aanleiding van een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep in augustus 2023. Dit is tevens aangepast in de tarievenlijst.
'de ‘en ‘6’ verwijderen.
Lid 7 Zolang de hulp duurt blijft het pgb-tarief dat de gemeente heeft vastgesteld blijft gelijk.
8.4. Bijdrage in de kosten 1. De inwoner betaalt een bijdrage in de kosten voor Wmo-hulp-op-maat (maatwerkvoorziening), zolang de inwoner gebruik maakt van die hulp of voor de periode waarvoor het pgb is verstrekt.
Huidige verordening hoofdstuk 12
Lid 7 Met uitzondering van het pgb dat wordt afgegeven voor dienstverlening uitgevoerd door een niet gekwalificeerd persoon uit het sociale netwerk, blijft het PGB dat de gemeente heeft vastgesteld gelijk 8.4. Bijdrage in de kosten 1.
De inwoner betaalt een bijdrage in de kosten voor Wmo-hulp-op-maat (maatwerkvoorziening), voor de duur van de beschikking of voor de periode waarvoor het pgb is verstrekt. Verordening Sociaal Domein 2024 Hoofdstuk 12 Abonnementstarief Het abonnementstarief is een vast bedrag aan eigen bedragen aan Wmomaatwerkvoorzieningen. Uitgezonderd zijn beschermd wonen en opvang. Aanvraag Met een aanvraag vraagt de inwoner toestemming voor een bepaalde handeling of activiteit. Hiervoor is goedkeuring van de gemeente nodig. Beoordeling van de gemeente van de aanvraag heeft als doel te bepalen of de gemeente hulp verleent en in welke vorm die zou moeten plaatsvinden. Zie ook artikel 1:3 lid 3 van de Algemene wet bestuursrecht.
Aangepast vervoer: vervoer met een besloten (school)bus, taxi, treintaxi of bustaxi; Basisschool: basisschool of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs.
N.a.v. een casus blijkt dat dit onvoldoende duidelijkheid biedt. Wat als hulp niet wordt geboden vanwege uitval of vakantie? Nieuwe tekst biedt verduidelijking.
Toelichting Ter wordt genoemd in 8.4 maar niet toegelicht.
Term wordt regelmatig gebruikt in verordening maar niet toegelicht.
Eerste definitie verwijderd. Staat dubbel in de begrippenlijst.
school: 1°. Basisschool of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs; 2°. School voor speciaal onderwijs, voor voortgezet speciaal onderwijs of voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra; of 3°. School voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet voortgezet onderwijs 2020;
Definitie VNG-verordening overgenomen.
Beperking: de vermindering van mogelijkheden als gevolg van een lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke, psychische of psychosociale handicap, waardoor een belemmering ontstaat in het sociaal-maatschappelijk functioneren, of, als het om vervoer naar school gaat, het vervoer naar school.
Verwijderd, definitie opgenomen in het desbetreffende hoofdstuk.
Gezamenlijke Inschatting Zorgbehoefte (GIZ): Met de GIZmethodiek kan een gezamenlijke, brede gezinsgerichte, gestructureerde inschatting en beslissing gemaakt worden over de krachten, zorgbehoeften en ondersteuning van kinderen, jongeren en (aanstaande) ouders.
Llv : de wetten die regelen dat gemeenten leerlingenvervoer aanbieden, dwz. de Wet op het primair onderwijs, de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet op de expertisecentra.
Reistijd: reistijd: totale tijdsduur die ligt tussen het verlaten van de woning en de aanvang van de schooldag volgens de schoolgids, minus maximaal 10 minuten, indien en voor zover de leerling het schoolgebouw met bijbehorend terrein gewoonlijk eerder bereikt dan de schoolgids aangeeft, dan wel de totale tijdsduur die ligt tussen het einde van de schooldag
Melding Een melding stelt de gemeente op de hoogte van een activiteit, probleem of situatie. Naar aanleiding van een melding neemt de gemeente contact om de activiteit, het probleem of de situatie met de inwoner te bespreken en te onderzoeken of er hulp nodig is. Leefgebieden De term leefgebieden verwijst naar de verschillende aspecten van het dagelijks leven waarin mensen functioneren en waarin ze ondersteuning of zorg kunnen nodig hebben. Llv : de wetten die regelen dat gemeenten leerlingenvervoer aanbieden, dwz. de Wet op het primair onderwijs, de Wet voortgezet onderwijs 2020 en de Wet op de expertisecentra. Leerling: de leerling die is ingeschreven bij een school;
Reistijd: reistijd: totale tijdsduur die ligt tussen het verlaten van de woning en de aanvang van de schooldag volgens de schoolgids, minus maximaal 10 minuten.
Term wordt regelmatig gebruikt in verordening maar niet toegelicht.
Wet op het voortgezet onderwijs is Wet op voortgezet onderwijs 2020 geworden.
Nieuwe toevoeging uit de VNGmodelverordening. Leerling hadden we nog niet nader gedefinieerd. Definitie vereenvoudigd
volgens de schoolgids en de aankomst bij de woning, plus een eventuele wachttijd voor het openbaar vervoer of maximaal 10 minuten bij gebruikmaking van aangepast vervoer Samenwerkingsverband: 1. voor het primair onderwijs: samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a, tweede en vijftiende lid, van de Wet op het primair onderwijs; of 2. voor het voortgezet onderwijs: samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 17a, tweede en zestiende lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs; School die bij het kind past: school die past bij de levensovertuiging of godsdienst van de ouders dan wel openbaar onderwijs en het soort onderwijs geeft dat het kind nodig heeft in verband met zijn talenten en mogelijkheden.
samenwerkingsverband: 1°. Samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a van de Wet op het primair onderwijs; 2°. Samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 28a van de Wet op de expertisecentra; of 3°. Samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 2.47 van de Wet voortgezet onderwijs 2020;
Geactualiseerd
Dichtstbijzijnde toegankelijke school:
School die bij het kind past: school die past bij de levensovertuiging of godsdienst van de ouders dan wel openbaar onderwijs en het soort onderwijs geeft dat het kind nodig heeft in verband met zijn talenten en mogelijkheden.
Toegankelijke school als bedoeld in artikel 4, vijfde lid, onder a, van de Wet op het primair onderwijs, artikel 8.29, vierde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 en artikel 4, vijfde lid, van de Wet op de expertisecentra, waar plaats is en waarbij de op godsdienst of levensbeschouwing van de ouders of de meerderjarige leerling berustende keuze van een school geëerbiedigd wordt; Dichtstbijzijnde school: de dichtstbijzijnde school waar de leerling past en waar plek is. De afstand wordt altijd gemeten vanaf de woning tot aan het aan de BRIN-registratie van de school gekoppelde adres. Structurele handicap: een beperking die langer duurt dan drie maanden en niet met medicijnen te verbeteren valt.
Voortgezet onderwijs: onderwijs als bedoeld in de Wet op het Voortgezet Onderwijs. Vervoersvoorziening: 1°. bekostiging van de goedkoopst mogelijke wijze van openbaar vervoer voor de leerling en zo nodig diens begeleider;
Hoort bij artikel 6.4 lid 2.
Kan verwijderd, is reeds bij school gedefinieerd. - vervoersvoorziening: 1°. Vergoeding van fietsvervoer voor de leerling en zo nodig van diens begeleider; 2°. Vergoeding van openbaar vervoer voor de leerling en zo nodig van diens begeleider;
Geactualiseerd conform nieuwe VNG-modelverordening, uitsplitsing gemaakt tussen OV en fiets.
2°. aanbieding van aangepast vervoer dat de gemeente verzorgt of doet verzorgen; of 3°. gehele of gedeeltelijke bekostiging van de door burgemeester en wethouders noodzakelijk geachte vervoerkosten van de leerling en zo nodig diens begeleider;
3°. Aanbieding van aangepast vervoer voor de leerling en zo nodig voor diens begeleider; of 4°. Gehele of gedeeltelijke vergoeding van de vervoerkosten van de leerling en zo nodig van diens begeleider;
ZelfredzaamheidsMatrix (ZRM): de Zelfredzaamheid-Matrix (ZRM) toetst de zelfredzaamheid op de leefgebieden inkomen, werk & opleiding, tijdsbesteding, huisvesting, huiselijke relaties, geestelijke gezondheid, lichamelijke gezondheid, middelengebruik, vaardigheden bij activiteiten van het dagelijks leven (ADL), sociaal netwerk, maatschappelijke participatie en justitie. Per leefgebied is aangegeven welke feitelijke omstandigheden bij welk niveau van zelfredzaamheid horen.
Op Advies van de PAR toegevoegd
Overzicht bij artikel 6.5.1 lid 3 huidige verordening (wordt in tarievenoverzicht opgenomen en komt niet in de nieuwe verordening)
Inkomen in euro’s
Eigen bijdragen in euro’s per gezin
0-36.900
Nihil
36.900-43.650
170
43.650-50.400
750
50.400-56.700
1.390
56.700-64.800
2.035
64.800-71.100
2.730
€ 71.100-
Voor elke extra € 5.000: € 655 erbij