CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Transitievisie Warmte Waddinxveen

Besluitvormende raadsvergadering 13 oktober 2021, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: RV.RB Transitievisie Warmte Waddinxveen en Nota van beantwoording zienswijzen21.566 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Lo

Transitievisie Warmte Waddinxveen

Transitievisie Warmte Waddinxveen Datum: september 2021

2 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Transitie het moet anders het roer moet om het maakbaar denken het heeft zijn tijd gehad evenals het behalen van almaar rendementen het kost ons uiteindelijk de kop het breekt ons ten lange leste op het moet anders het kan niet langer zo het is moeder aarde zelf die het ons vertelt het misbruik niet meer accepteert – zie het vuur dat tot de dood verteert het water dat zij brakend kolken laat tot het ons aan de knieën staat het moet anders ook in ons dorp het vraagt ons om te denken transitie lijkt het toverwoord te zijn maar mag het ietsje meer zijn het is meer dan molens en wat wind ook is het meer dan zon en wat panelen het vraagt om wijs beleid van velen van het onderzoek naar de vele mogelijkheden ook van het dorpsbestuur dat onder druk het uur ziet naderen van de limiet – nee het is niet niks – daarom is het zaak dat burgers het kritisch positief benaderen en waar het kan bijdragen aan de transitie dan kost het ons in dit geval maar energie Piet Hardendood Augustus 2021, Waddinxveen

3 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Voorwoord - Waddinxveen aardgasvrij Voor u ligt de Transitievisie Warmte Waddinxveen. De Transitievisie Warmte in 2021 vaststellen is een wettelijke verplichting vanuit het Rijk. Deze visie heeft als doel om de bestaande woningen en gebouwen in Waddinxveen in 2050 aardgasvrij te hebben. Tussen nu en 2050 gaan wij het aardgas vervangen door duurzame energie. Buurt voor buurt en stap voor stap. En dat betekent voor ons Waddinxveners dat wij tussen nu en 2050 op een andere manier gaan koken, douchen en verwarmen. Maar hoe denkt u nu wellicht? En hoe zorgen we ervoor dat het betaalbaar, haalbaar en duurzaam blijft? Samen met inwoners, ondernemers, de woningcorporatie en met andere belanghebbende organisaties hebben wij gekeken wat de eventuele oplossingen zijn voor iedere buurt. Er is in deze visie in kaart gebracht in welke buurten wij het beste kunnen gaan starten. In deze bijzondere corona periode hebben wij deze visie gemaakt en dat was niet altijd gemakkelijk. Door de bijzondere omstandigheden konden we vaak alleen maar digitale bijeenkomsten organiseren. Verre van ideaal maar we hebben het toch samen voor elkaar gekregen Deze visie is nog maar het begin. Na het vaststellen van deze visie stellen we per buurt een uitvoeringsplan op. En daarna voeren we de plannen pas daadwerkelijk uit. Wij hebben nog even de tijd.

Maar om Waddinxveen in 2050 aardgasvrij te hebben moeten we blijven samenwerken en de eerste stappen zetten. Hierbij sluiten wij onze ogen niet voor nieuwe inzichten en ontwikkelingen. Samenwerking vind ik heel belangrijk. Wij moeten goed rekening houden met wat inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden belangrijk vinden in de uitvoeringsplannen op buurtniveau. In de tussentijd, tot de uitvoeringsplannen klaar zijn, kunnen we van alles doen. Inwoners en bedrijven kunnen bijvoorbeeld al beginnen met hun woningen of gebouwen goed te isoleren, of overstappen op inductie koken. De overgang van aardgas naar aardgasvrij doen we samen. Iedereen kan eraan bijdragen. Deze visie legt daarvoor de basis. Ik geloof erin dat wij, met de positieve energie van alle betrokken partijen, in 2050 kunnen zeggen: “Dit hebben wij mooi met zijn allen gedaan”. Brigitte Leferink

Wethouder Duurzaamheid

4 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Inhoudsopgave Voorwoord - Waddinxveen aardgasvrij .................................................................................. 4 Inhoudsopgave ......................................................................................................................... 5 Samenvatting ............................................................................................................................ 6 1

Inleiding ......................................................................................................................11

2

Wat verandert er als aardgas verdwijnt? ................................................................16

3

Hoe maken we keuzes? ............................................................................................19

4

Warmtevraag en warmtebronnen.............................................................................22

5

Kansrijke warmtevoorziening in 2050 .....................................................................41

6

Wanneer worden de buurten aardgasvrij? .............................................................49

7

Uitvoeringsstrategie en vervolgstappen .................................................................61

Begrippenlijst ..........................................................................................................................71 Colofon... .................................................................................................................................74

5 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Samenvatting Waarom een Transitievisie Warmte? Al sinds de jaren ‘60 gebruikt vrijwel iedereen in Nederland aardgas uit Groningen om zijn huis te verwarmen, te douchen en te koken. Maar dat gaat veranderen. Het klimaat verandert snel en de gevolgen daarvan zijn steeds meer te zien. Het is daarom noodzakelijk om de CO2uitstoot terug te dringen om de opwarming van de aarde te beperken tot maximaal 2 graden Celsius, met 1,5 graad als streefwaarde. Het nationale Klimaatakkoord stelt dat de hele gebouwde omgeving tegen 2050 goed geïsoleerd en aardgasvrij moet worden gemaakt. Dat gebeurt buurt voor buurt. Alle gemeenten moeten hiervoor plannen maken. Dat begint met een ‘Transitievisie Warmte’.

Wat staat er in de Transitievisie Warmte De Transitievisie Warmte beschrijft hoe alle gebouwen, buurten en bedrijventerreinen in de gemeente Waddinxveen tegen 2050 duurzaam verwarmd kunnen worden. Ook geeft de Transitievisie Warmte globaal inzicht in wanneer buurten aardgasvrij worden gemaakt. De Transitievisie Warmte bevat nog geen definitieve keuzes. Zodra de visie is vastgesteld door de gemeente, wordt voor de startbuurt een preciezer plan in samenwerking met alle betrokkenen gemaakt. Dit heet een Buurtuitvoeringsplan (BUP). Daarin worden plannen meer uitgewerkt. Ook wordt de Transitievisie Warmte elke 5 jaar aangepast, zodat we rekening kunnen houden met nieuwe ontwikkelingen.

Hoe maakt de gemeente keuzes? Het doel van de warmtetransitie is om in 2050 voor alle inwoners een betaalbare, betrouwbare en duurzame warmtevoorziening beschikbaar te hebben in de gemeente Waddinxveen. Dit vraagt om veranderingen en keuzes. Onderstaande uitgangspunten staan centraal en helpen richting te geven bij het maken van keuzes:  Woonlastenneutraliteit voor inwoners;  Lokaal eigendom van collectieve systemen;  Inwoners en ondernemers ontzorgen en overlast beperken;  Keuzevrijheid voor inwoners en bedrijven;  Inzetten op besparing en isolatie;  Zorgvuldig en transparant proces;  Kiezen voor duurzame en gezonde oplossingen;  Innovaties worden op de voet gevolgd.

Wat is de warmtevraag in de toekomst? In de zoektocht naar duurzame warmte voor Waddinxveen is aan de ene kant gekeken naar het verminderen van de vraag naar warmte door besparing/isoleren en aan de andere kant naar nieuwe duurzame warmtebronnen. Uit onderzoek (bouwjaren, energielabels, e.d.) lijkt een beperking van de warmtevraag van 22% voor bestaande woningen en 30% voor overige bestaande gebouwen realistisch te zijn tegen 2050.

Welke potentiële warmtebronnen geëxploiteerd kunnen worden?

zouden

er

in

Waddinxveen

De potentiële warmtebronnen die in Waddinxveen geëxploiteerd zouden kunnen worden, zijn:  Bodemenergie (warmte-koudeopslag in de bodem en bodemwarmtepompen);  Luchtwarmtepompen;  Zonnewarmte: op daken en in zonnevelden;  Aardwarmte (diep en ondiep);  Biogas;  Thermische energie uit oppervlaktewater (aquathermie);  Warmte uit koeling van gebouwen;  Restwarmte vanuit de glastuinbouw;  Restwarmte uit rioolzuiveringsinstallaties en – gemalen; 6 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Bovenregionale warmte-infrastructuur (warmte uit de Rotterdamse haven of andere regionale bronnen).

Welke warmtevoorziening is het meest kansrijk?

Figuur 0.1 Visie warmtevoorziening 2050 Waddinxveen. Warmtenet Een warmtenet is een leidingenstelsel dat warm water naar woningen vervoert. Een warmtenet kan gevoed worden door verschillende typen warmtebronnen (restwarmte, aardwarmte, e.d.). Individueel/ klein-collectieve oplossingen Hier zijn oplossingen per woning het meest aantrekkelijk. Bijvoorbeeld een warmtepomp, zonneboiler en/of infraroodpanelen. Individuele oplossingen of warmtenet In Vondelwijk, Groenswaard 2 en Zuidplas 80, is het nog onzeker welke oplossing het meeste oplevert en het minste kost: individuele oplossingen of een warmtenet.

7 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Individuele oplossingen of groen gas Deze oudere gebouwen zijn moeilijk te isoleren. Ze hebben daarom ook in de toekomst waarschijnlijk een hogere temperatuur warmte nodig. In deze buurten bekijken we of we kunnen inzetten op zware isolatie en warmtepompen, of op groen gas (biogas of op de langere termijn waterstof). Bedrijventerreinen Voor bedrijventerreinen en kantoorgebieden zijn aparte plannen nodig. Industrie en maakbedrijven gebruiken aardgas niet alleen om gebouwen te verwarmen. Maar soms ook in het bedrijfsproces. Tegelijk hoeft niet elk gebouw verwarmd te worden. Opslagloodsen hebben bijvoorbeeld meestal minder verwarming nodig. Kantoren hebben vaker een grotere vraag naar koeling. Daarom zijn activiteiten op maat nodig.

Wanneer worden de buurten aardgasvrij? Om in 2050 aardgasvrij te zijn, moeten we nu starten. We willen daarbij tot een logische volgorde komen om Waddinxveen buurt voor buurt te voorzien van duurzame warmte. We houden daarbij rekening met ontwikkelplannen en kansen die zich in een buurt voordoen. Om zo de kosten te verlagen en de overlast van werkzaamheden zo min mogelijk te maken. Bij de planning is gekeken naar:  Het aantal woningen in het bezit van de woningcorporatie (WoCo);  De hoeveelheid hoogbouw en Verenigingen van Eigenaren (VvE’s);  Sociale samenhang in de buurt en de houding ten opzichte van aardgasvrij (draagvlak);  Initiatieven van inwoners en bedrijfsleven;  Duidelijke richting voor een warmtealternatief;  Woningen die op dezelfde manier gebouwd zijn;  Combinatie met andere werkzaamheden in de openbare ruimte;  Buurtontwikkelingen en/of nieuwbouwprojecten;  Vervanging van elektra en/of het aardgasnet. Op basis van bovenstaande punten worden de buurten ingedeeld op het moment waarop gestart gaat worden: korte termijn (2022- 2035), middellange termijn (2025 – 2040), lange termijn (2035 – 2050) en natuurlijke tempo (2020 – 2050). Deze fasering is te zien op figuur 0.2. Buurten met een natuurlijk tempo hebben dus geen gefaseerde aanpak. De andere buurten wel.

8 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Figuur 0.2. Fasering voor het aardgasvrij maken van Waddinxveen.

Aanpak en volgende stappen De volledige overstap naar aardgasvrije buurten en bedrijventerreinen is een sociale en een technische opdracht. De gemeente heeft in deze overgang een regierol en werkt samen met andere partijen aan een gerichte aanpak. In de aanpak houden we rekening met aanpassingen aan gebouwen, sociale zaken in een buurt en de aanpassingen die nodig zijn aan het netwerk. Hierbij hebben we een aantal voorwaarden: 1. Een totale aanpak van de buurt: meenemen van sociale kansen om de buurt beter te maken; 2. Buurtplannen maken we samen met inwoners en betrokkenen; 3. Vrijheid in de keuze voor de warmteoplossing is verzekerd; 4. De gebouweigenaren weten wat ze nu al kunnen doen; 5. Brede communicatie en informatievoorziening door plannen te bespreken met alle betrokken partijen en inwoners. En door bedrijven op de hoogte te houden en tijdig te betrekken. Zo worden inwoners 8 jaar van tevoren geïnformeerd op welk moment zij worden afgesloten van het aardgas. Een gefaseerde aanpak per buurt Voor buurten met een gefaseerde aanpak maken we een Buurtuitvoeringsplan (BUP). Dit wil zeggen dat we samen met lokale partijen en inwoners alle kosten, baten, voor- en nadelen in kaart brengen. Ook is het belangrijk samen te bepalen hoe we besluiten voor de buurt nemen (met inspraak van inwoners).

Pas als de buurt het eens is met de nodige financiële, sociale, wettelijke en technische voorwaarden en de meeste mensen de overstap willen maken, kan de gemeente het besluit voor een overstap naar aardgasvrij nemen.

9 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Aanpak buurten met natuurlijk tempo In sommige buurten kiezen we voor een “natuurlijke tempo”. We ondersteunen individuele gebouweigenaren bij het verduurzamen van hun woning of bedrijfsgebouw op een voor hun geschikt moment aardgasvrij te maken. Hierbij worden inwoners begeleid bij het isoleren van de woning en op welk moment zij dit het beste kunnen doen. Aanpak bedrijventerreinen en utiliteitsbouw We bespreken de plannen met het ondernemersplatform Waddinxveen (OPW), Duurzaamheidsplatform Waddinxveen (DPW), de ondernemers en eigenaren van bedrijfsgebouwen. Hierbij kijken we naar de ontwikkelingen zoals de Warmte Samenwerking Oostland (WSO) of het energieonderzoek in Distripark Doelwijk. Regie op collectieve bronnen In Waddinxveen zijn genoeg lokale bronnen om de hele gemeente (op het glastuinbouwgebied na) te voorzien van duurzame warmte. Gemeente Waddinxveen houdt een regierol om kansen voor warmtenetten en collectieve (lokale en bovenregionale) warmtebronnen in te zetten en aan te jagen.

Wat betekent dit plan voor inwoners van Waddinxveen? Dit plan geeft een beeld van wat er binnen de hele gemeente gaat gebeuren in de komende dertig jaar. Inwoners kunnen zien in welke periode in hun buurt kansen zijn voor een overstap naar aardgasvrij. Voor alle buurten worden vervolgens specifieke ‘Buurtuitvoeringsplannen’ gemaakt samen met inwoners en andere betrokkenen. Het besluit om over te stappen naar een duurzame warmtevoorziening neemt de gemeente pas na een complete studie naar de haalbaarheid en als bekend is wat de gevolgen zijn voor inwoners. We geven ruim van tevoren aan, welke nieuwe warmtevoorzieningen worden uitgevoerd. Inwoners kunnen natuurlijke momenten zoals een verhuizing of verbouwing of een kapotte Cvketel (alvast) gebruiken om zich voor te bereiden op een aardgasvrije toekomst. In de bijlage van deze Transitievisie Warmte (Bijlage I – ‘Buurtoverzicht) staat wat er in elke buurt(inwoner) nu al kan worden gedaan. Nieuwe inzichten en ontwikkelingen nemen we mee door de Transitievisie Warmte iedere 5 jaar opnieuw te bekijken. In de loop van de tijd beschrijven de volgende versies van de Transitievisie steeds preciezer welke warmteoplossingen haalbaar zijn in de verschillende buurten van Waddinxveen. Deze eerste versie helpt alvast iedereen in Waddinxveen zich zo goed mogelijk voor te bereiden op een duurzame toekomst.

10 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

1 Inleiding Nederland stopt met het gebruik van aardgas. Tussen nu en 2050 vervangen we het aardgas door duurzame warmte, buurt voor buurt. Samen met inwoners, bedrijven en maatschappelijke partners zoeken we de beste oplossingen voor een duurzaam Waddinxveen. Eén waar onze én volgende generaties een prettige en leefbare toekomst hebben. In deze Transitievisie Warmte stippelen we het pad uit naar een duurzame en toekomstbestendige warmtevoorziening.

1.1 Doel van dit plan Het nationale Klimaatakkoord stelt dat de hele gebouwde omgeving tegen 2050 goed geïsoleerd en aardgasvrij moet worden gemaakt. Een tussendoel is gesteld voor 2030:  1,5 miljoen bestaande woningen moeten worden verduurzaamd. Dat is ongeveer 19% van de bestaande woningen in Nederland;  De CO2 in de bestaande utiliteitsbouw moet met 1 Mton1 worden teruggebracht;  In de gebouwde omgeving wordt in totaal 3,4 Mton minder CO2 uitgestoten. In het nationale Klimaatakkoord is bepaald dat elke gemeente uiterlijk in 2021 een plan maakt voor de overstap van aardgas op andere duurzame warmtebronnen. Dit plan is de Transitievisie Warmte (TVW). De TVW schetst de stappen naar een aardgasvrije gemeente in 2050. Er staat in beschreven: 1. De meest waarschijnlijke oplossingsrichtingen voor alle buurten in 2050. 2. Een realistisch tijdspad waarop Waddinxveense buurten van het aardgas gaan. 3. Voor de buurten waarvan de transitie vóór 2030 gepland is, zijn de potentiële alternatieve energie infrastructuren beschreven. De TVW van Waddinxveen gaat een stap verder. Dit doen we door een gedetailleerde kosteninschatting en een buurtuitvoeringstrategie toe te voegen.

1.2 Afbakening van dit plan De TVW richt zich op de verwarming van de gebouwde omgeving. Dit zijn zowel woningen als utiliteitsgebouwen2, inclusief nieuwbouw (voor zover bekend is). Dit betekent de verwarming van ruimtes en de productie van warm water voor alle gebouwen. De industrie gebruikt warmte ook in processen, zoals het smelten van materialen of het bereiden van producten. Dit noemen we proceswarmte. De proceswarmte is geen onderdeel van dit plan. Op het moment dat deze TVW is geschreven, is een aantal ontwikkelingen nog gaande. Zoals het Openingsbod van Stedin, de Leidraad van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en de onderzoeken naar de Proeftuinen Aardgasvrije Wijken. Al deze ontwikkelingen brengen mogelijk veranderingen met zich mee. Dit kan invloed hebben op wat is opgeschreven in deze TVW. De Transitievisie Warmte gaat onderdeel uitmaken van de duurzaamheidsvisie van de gemeente.

1.3 Waarom een Transitievisie Warmte? Tientallen jaren heeft de aardgasvoorraad in Groningen, Nederland voorzien van een goedkope manier om onze huizen te verwarmen, te douchen en te koken. Maar aardbevingen dwingen ons de aardgaswinning af te bouwen. De Nederlandse regering wil niet afhankelijk worden van buitenlands gas. Daarnaast verandert het klimaat snel en zijn de gevolgen steeds meer te zien. Het is daarom noodzakelijk om de CO2-uitstoot terug te dringen.

1

Mton = megaton = 1 miljoen ton. Utiliteitsbouw verwijst naar alle gebouwen met een andere functie dan een woonfunctie, dus alle gebouwen behalve woningen. 2

11 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Eind 2015 bereikten bijna 200 landen overeenstemming over een bindend klimaatakkoord. Dit gebeurde op de klimaatconferentie (COP21) van de Verenigde Naties in Parijs. Daar is afgesproken om de opwarming van de aarde te beperken tot maximaal 2 graden Celsius, met 1,5 graad als streefwaarde. In 2019 ondertekenden in Nederland vervolgens meer dan 100 partijen het nationale Klimaatakkoord. In 2050 moet de CO2-uitstoot met 95% verminderd zijn in vergelijking met de uitstoot in 1990. Dit vraagt om ingrijpende veranderingen in allerlei sectoren: industrie, landbouw, mobiliteit, de productie van elektriciteit en het verwarmen van gebouwen. Om de klimaatdoelen te behalen moet Nederland uiterlijk in 2050 stoppen met het gebruik van fossiele brandstoffen. En dus ook van het gebruik van aardgas voor koken, verwarming en warm water.

1.4 De situatie van Waddinxveen Waddinxveen is een gemeente met ruim 30.000 inwoners, verdeeld over 4 wijken en 22 buurten. Waddinxveen heeft veel voorzieningen met onder andere goede winkels, scholen, een bibliotheek en een zwembad. Er is een nieuw winkelcentrum dat meehelpt aan de kwaliteit van Waddinxveen: een aantrekkelijke plaats om te wonen. De gemeente Waddinxveen is meteen van start gegaan met de opgave uit het nationale Klimaatakkoord. In juni 2019 is het plan van aanpak TVW vastgesteld. De verandering naar een aardgasvrije gebouwde omgeving is een opdracht van verschillende belanghebbenden. Daarom heeft de gemeente Waddinxveen de belangrijkste belanghebbenden bij elkaar gebracht in de ‘Transitietafel’. Ook vormt een aantal geïnteresseerden en betrokken inwoners het ‘Kernteam inwoners’ en de ‘Koplopersgroep’. Samen bouwen wij het toekomstige beeld van onze gemeente op en schetsen wij het pad hiernaartoe. In figuur 1.1 zijn de 22 buurten van Waddinxveen op de kaart te zien.

12 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Figuur 1.1 De CBS buurten in de gemeente Waddinxveen.

1.5 Wie zijn betrokken bij het opstellen van deze visie? De gemeente is een participatietraject met veel aandacht gestart om tot een gedragen TVW te komen. De gemeente heeft inwoners, ondernemers, vastgoedeigenaren en een aantal maatschappelijke organisaties nauw betrokken. Dit traject is in lijn met de manier waarop gemeente Waddinxveen graag haar inwoners betrekt3. De visie is het resultaat van een gezamenlijke zoektocht naar passende oplossingen voor Waddinxveen. Dit deed de gemeente samen met de Transitietafel, die bestaat uit de woningcorporatie Woonpartners Midden-Holland, de netbeheerder Stedin, het ondernemersplatform van Waddinxveen (OPW), het inwonerscollectief WaddGroen en de hoogheemraadschappen (Rijnland en van Schieland en de Krimpenerwaard). Wij kijken ook buiten de gemeentegrenzen. De puzzel van warmte-opwekking, -opslag en gebruik maakt Waddinxveen samen met andere gemeenten in de regio. We werken samen met 4 andere gemeenten (Gouda, Zuidplas, Bodegraven-Reeuwijk en Krimpenerwaard) aan de Regionale Energie Strategie (RES) van regio Midden-Holland. In de RES kijken we naar regionale samenwerkingskansen in de verandering naar een duurzame energievoorziening. In

3

Zie: de Leidraad Samenlevingsparticipatie van de gemeente Waddinxveen.

13 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

dit traject werken we ook samen met de provincie Zuid-Holland en belanghebbenden, zoals de land- en tuinbouwsector, natuur- en milieuorganisaties, de waterschappen en de netbeheerders. De gemeente houdt in haar plan ook rekening met de plaats Boskoop (gemeente Alphen aan den Rijn) die aan de noordelijke rand van de gemeente ligt. Ten slotte staan de ontwikkelingen in de glastuinbouwsectoren niet stil. De Warmte Samenwerking Oostland (WSO) werkt aan een regionale samenwerking op dit gebied. In gesprek met inwoners en ondernemers De gemeente Waddinxveen betrekt inwoners vanaf het ontwikkelen van de TVW tot en met de uitvoering. Ideeën en zorgen van inwoners zijn opgehaald bij het Kernteam inwoners, de Koplopersgroep, door een vragenlijst en door informatieavonden voor alle inwoners. Dit is gecombineerd met goede onderzoeken, en technische en sociale verkenningen van de buurten. De discussietafels met het Kernteam inwoners en de Koplopersgroep lopen gelijk aan de Transitietafels. Deze discussietafels hebben als doel om een groep betrokken inwoners mee te laten denken en te laten reageren op het proces naar een TVW. Op die manier zijn het onderzoek, de analyse en de resultaten bekeken. En zo is de inbreng van inwoners meegenomen bij het vormen van de TVW voor Waddinxveen. Ook in de verkenningsbuurten zijn extra gesprekken met inwoners en betrokkenen gevoerd.

Daarnaast hebben we twee informatieavonden voor alle Waddinxveners georganiseerd: aan het begin en aan het einde van het proces.

Een compleet overzicht van het participatietraject is weergegeven in bijlage A.

1.6 Hoe gaat het hierna verder? Deze TVW benoemt buurten die kansrijk zijn om als eerste van het aardgas te gaan. Voor deze buurten worden vervolgens ‘buurtuitvoeringsplannen’ opgesteld. Deze uitvoeringsplannen maken we samen met inwoners en andere betrokkenen. Hiervoor volgt per buurt een uitgebreid participatietraject. Inwoners krijgen uiterlijk 8 jaar van tevoren te horen als het aardgas in hun buurt wordt afgesloten4. Het besluit om daadwerkelijk over te stappen naar een duurzame warmtevoorziening nemen we pas als bekend is wat de gevolgen zijn voor de woonlasten van inwoners.

1.7 Leeswijzer Hoofstuk 1 – Inleiding Doel en het proces van de Transitievisie Warmte. Hoofstuk 2 – Wat verandert als gas verdwijnt? Welke technische mogelijkheden er zijn en wat de keuze voor die technieken betekent.

4

De termijn van 8 jaar is voorlopig in het nationale Klimaatakkoord opgenomen en zal uiterlijk 2022 worden geëvalueerd. Dan wordt definitief vastgesteld wat een goed termijn is.

14 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Hoofstuk 3 – Hoe maken wij keuzes? Hoe worden keuzes gemaakt voor duurzame alternatieven en voor het goede moment. Hoofstuk 4 – Warmtevraag en warmtebronnen Warmtevraag, besparingsmogelijkheden, duurzame warmtebronnen beschikbaar. Hoofstuk 5 – Kansrijke warmtevoorziening in 2050 Koppeling tussen warmtevraag aan warmtebronnen. Hoofstuk 6 – Wanneer worden de buurten aardgasvrij? Waar wordt gestart met het maken van een uitvoeringsplan op welke termijn. Hoofstuk 7 – Uitvoeringstrategie en vervolgstappen Strategie en de aanpak die de gemeente in de komende jaren.

15 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

2 Wat verandert er als aardgas verdwijnt? Het omschakelen van verwarming met aardgas naar verwarming met een duurzame bron is ingewikkeld. Iedereen in Waddinxveen krijgt hiermee te maken. In dit hoofdstuk omschrijven we in het kort de gevolgen die we kunnen verwachten. We beschrijven ook welke technische mogelijkheden er zijn en wat de keuze voor die technieken betekent in het dagelijks leven van inwoners en ondernemers. Bijna alle huishoudens in de gemeente gebruiken aardgas. Inwoners gebruiken het om hun huis te verwarmen (via een Cv-ketel en radiatoren), om te koken en voor warm water uit de kraan. Ook de meeste bedrijven gebruiken aardgas. Soms alleen voor verwarming, maar soms ook in het bedrijfsproces. De belangrijkste aanpassingen die in woningen en andere gebouwen nodig zijn om over te stappen op een duurzame warmtebron zijn hieronder kort uitgelegd.

2.1 Koken Koken kan met een inductieplaat, elektrische kookplaat of keramische kookplaat. De meeste mensen kiezen voor inductie. Dat verbruikt minder stroom dan andere elektrische kookplaten, en het lijkt op koken op gas: je kunt de temperatuur snel regelen.

2.2 Verwarming en warm water Er zijn drie soorten oplossingen voor verwarmen in plaats van aardgas:  Individuele oplossing: een oplossing per woning, gebouw of woonblok. Bijvoorbeeld een warmtepomp, infraroodpanelen of een pelletkachel.  Warmtenet: dit is een collectieve oplossing voor een groter gebied. Warm water stroomt door leidingen onder de grond naar meerdere huizen.  Duurzaam gas: een ander type gas, zoals biogas of waterstof. Hiervoor gebruiken we de bestaande gasleidingen. Het hangt onder andere van het type woning en type buurt af, welke oplossing het meest geschikt is. Ook de aanpassingen die nodig zijn in de woning verschillen per oplossing. In de factsheet op volgende pagina is dit schematisch weergegeven. In hoofdstuk 4 en 5 komt aan bod welke oplossing het beste past bij de verschillende buurten in Waddinxveen.

2.3 Isoleren Om aan de klimaatdoelstellingen te voldoen, is energie besparen een belangrijke eerste stap. Veel duurzame warmtebronnen zijn schaars. Het is daarom goed om eerst het energiegebruik te verminderen, voordat op een duurzame warmtebron wordt overgestapt. Daarom is het belangrijk om huizen en andere gebouwen waar warmte nodig is, beter te isoleren. Dat is niet alleen goed voor het milieu, het verlaagt ook de energierekening en verbetert het comfort in de woning. Het isoleren van de buitenmuur, dak, vloer en het plaatsen van goed isolerend glas zijn effectieve maatregelen. Daarna kunnen we ook de temperatuur van het water dat door onze verwarmingen stroomt verlagen.

16 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

17 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Figuur 2.1 ‘Factsheets alternatieven voor aardgas’. Hierin staan de 3 groepen met oplossingen. In bijlage J zijn de uitgebreide versies van de factsheets te vinden.

18 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

3 Hoe maken we keuzes? In dit hoofdstuk lichten we toe hoe de gemeente Waddinxveen keuzes maakt voor duurzame alternatieven voor aardgas en het goede moment om de transitie in te gaan. De uitgangspunten vormen de basis om keuzes te maken tijdens het werken naar de TVW en de stappen die daarna worden genomen. Keuzes maak je niet zomaar, zeker niet keuzes die gevolgen hebben voor de woning van inwoners, het bedrijfsgebouw van ondernemers en het gebouw van maatschappelijke organisaties. Waar wordt er gestart en waarom? Welke alternatieve warmteoplossing past bij Waddinxveen? Dit zijn belangrijke beslissingen in de TVW en later ook in de buurtuitvoeringsplannen. Daarom zijn er uitgangspunten geformuleerd om onderbouwde keuzes in de warmtetransitie te maken. Er zijn 3 soorten uitgangspunten: 1. Algemeen: Overkoepelende uitgangspunten voor de warmtetransitie (ook na de TVW), die in het hele proces leidend zijn; 2. Verkenningsbuurten: Uitgangspunten voor het bepalen van de verkenningsbuurten en de startbuurt(en); 3. Technieken: Uitgangspunten voor het kiezen van aardgasvrije technieken: het afwegingskader warmteopties.

3.1 Algemene uitgangspunten Het nieuwe energiesysteem moet duurzaam, betrouwbaar en betaalbaar zijn.  Betrouwbaar: er is zekerheid en continuïteit van de warmtelevering;  Betaalbaar: de kosten moeten draagbaar zijn voor alle betrokkenen (eindgebruikers, gebouweigenaren, overheden, netbeheerders en warmteleveranciers);  Duurzaam: de warmtevoorziening moet duurzaam zijn: goed voor milieu en klimaat.

Betaalbaar

Duurzaam

Betrouwbaar

Figuur 3.1 Algemene uitgangspunten. In de Transitietafel zijn uitgangspunten voor Waddinxveen geformuleerd (figuur 3.2). Deze uitgangspunten zijn getoetst door de inwoners en de ondernemers van Waddinxveen tijdens een informatieavond, tijdens de discussietafels (Kernteam en Koplopers) en aan de hand van een vragenlijst voor alle Waddinxveners. 15

Figuur 3.2 Algemene uitgangspunten van de warmtetransitie Waddinxveen. In bijlage B is een nadere uitleg van de uitgangspunten te vinden. 19 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Figuur 3.3 Factsheet ‘De mening van de inwoners van Waddinxveen telt!’. 20 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

3.2

Selectiecriteria verkenningsbuurten en startbuurt

In het najaar van 2020 zijn de verkenningsbuurten gepresenteerd. Dit zijn gebieden met kansen om voor 2030 aan de slag te gaan met een aardgasvrije warmtevoorziening. Om de verkenningsbuurten te selecteren zijn onderstaande criteria gebruikt: Koppelkansen  Corporatiebezit  VvE & hoogbouw  Draagvlak & sociale cohesie  Inwoners initiatieven  Duidelijke oplossingsrichting  Gelijkvormigheid Natuurlijke momenten  Renovatieplan woningcorporatie  Werkzaamheden openbare ruimte  Transformatie & nieuwbouw  Investeringsmoment woningen  Werkzaamheden netten Figuur 3.4 Selectiecriteria verkenningsbuurten Waddinxveen. In bijlage H is een nadere uitleg van de uitgangspunten te vinden. De buurt waar we echt willen beginnen, de startbuurt, is gekozen op basis van dezelfde criteria, door een verdiepende analyse in de verkenningsbuurten.

3.3

Afwegingskader warmteopties

We gebruiken een gemeentelijk afwegingskader “warmteopties”. Dit afwegingskader is de basis om te komen tot een voorkeur voor de toekomstige warmtevoorziening. Als er meerdere oplossingsrichtingen zijn, helpt dit kader om een keuze te maken. Alle criteria spelen mee in de keuze. De onderbouwing is geen rekenkundige optelsom van plus- en minpunten, maar een kwalitatieve afweging.

Figuur 3.5 Het afwegingskader warmteopties. In bijlage C is een nadere uitleg van de criteria te vinden.

21 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

4 Warmtevraag en warmtebronnen Dit hoofdstuk gaat over de warmtevraag van woningen en bedrijven, nu en in de toekomst. Op basis van het aardgasverbruik is een inschatting gemaakt van de warmtevraag voor zowel woningen als utiliteit. Om in de toekomst op een duurzame manier in deze warmtevraag te kunnen voorzien, kijken we naar de besparingsmogelijkheden (om de warmtevraag te verlagen) en naar de duurzame warmtebronnen die beschikbaar zijn in en rondom de gemeente Waddinxveen.

4.1 Aardgasverbruik en warmtevraag in Waddinxveen Gegevens over de gebouwde omgeving zijn voor het grootste deel afkomstig uit openbare data en deels uit kengetallen van het adviesbureau De WarmteTransitieMakers5. In de gegevens maken we onderscheid tussen woningen en utiliteit. Hieronder staat een overzicht van het totale aardgasverbruik in Waddinxveen. 4.1.1 Huidig energieverbruik Waddinxveen In Waddinxveen staan in 2021 ongeveer 13.000 woningen en 2.500 bedrijven. Bedrijven zijn in verschillende sectoren ingedeeld. In tabel 4.1 staan de 4 sectoren waar de Klimaatmonitor onderscheid in maakt. Aardgasverbruik 2019 per categorie in Waddinxveen Categorie6

Aardgasverbruik [TJ] Woningen 440 Commerciële dienstverlening 115 Publieke dienstverlening 39 Industrie, Energie, Afval en Water 45 Landbouw, Bosbouw en Visserij 1317 Totaal 1956 Tabel 4.1 Aardgasverbruik 2019 per categorie in Waddinxveen. TJ of TeraJoule is een eenheid voor de hoeveelheid energie. 1 TJ = 1.000.000.000.000 joule. 1 TJ komt overeen met het gebruik van ongeveer 31.600 m3 aardgas, of de jaarlijkse hoeveelheid warmte-energie voor 21 gemiddelde Nederlandse woningen. In Waddinxveen wordt 1 TJ verbruikt voor de verwarming van gemiddeld 28 woningen.

De gemeente Waddinxveen produceert het grootste deel van de warmte met aardgas. De rest is afkomstig van warmtepompen, houtkachels of grotere biomassa installaties.

5

De openbare data zijn afkomstig van het RVO, de BAG-database, de Klimaatmonitor en het CBS. Bij commerciële dienstverlening gaat het om een organisatie die een dienst aanbiedt met een winstoogmerk. In het geval van publieke dienstverlening gaat het om diensten die worden aangeboden zonder winstoogmerk. Denk hierbij aan een buurthuis, sporthal of een gemeentehuis. Onder de categorie Landbouw, Bosbouw en Visserij valt de glastuinbouw. Bij Industrie, Energie, Afval en Water gaat het om alle activiteiten rondom de energievoorziening, afvalverwerking, waterhuishouding en productie. 6

22 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Figuur 4.1 Totaal energieverbruik (TJ) in Waddinxveen onderverdeeld in aardgas- en elektriciteitsverbruik op basis van de Klimaatmonitor data van 2019. In verhouding verbruiken huishoudens aanzienlijk meer energie uit aardgas dan elektriciteit (figuur 4.1)7. Huishoudens gebruiken het aardgas hoofdzakelijk voor verwarming (75%), een kleiner deel wordt gebruikt voor warm water (20%) en om te koken (5%). 4.1.2 Huidige woningvoorraad Waddinxveen heeft een klein aantal vooroorlogse gebouwen. Het grootste deel van Waddinxveense woningen is gebouwd na 1960. In bijlage D staat een kaart met de bouwjaren en de energielabels. Uit deze kaart zijn ook de uitbreidingen in de loop van de tijd te herleiden. Er is veel gebouwd na de oorlog in de Oranjewijk. Daarna is de gemeente uitgebreid richting het noordwesten in Vondelwijk en Groenswaard. Sinds de jaren ‘80 ontwikkelt Waddinxveen zich geleidelijk naar het zuiden, waar nog grond beschikbaar is voor verdere uitbreiding (park Triangel en ’t Suyt).

Figuur 4.2 Het aandeel woningen dat voorkomt in de verschillende bouwperiodes op basis van BAG-data uit 2020. In Waddinxveen staan meer koop- dan huurwoningen (62%). Van de woningen is 29% in het bezit van de woningcorporatie (Woonpartners Midden-Holland)8, voornamelijk in de buurten Peter Zuidlaan en Horstenbuurt, Groenswaard 3, Oranjewijk-Noord, Vondelwijk en Bomenwijk. Dit inzicht is belangrijk in de warmtetransitie, want het participatietraject ziet er anders uit voor:  Eigenaar-bewoners (die investeren in hun eigen woningen);  Verhuurders (die investeren in hun bezit en niet direct de baten van de energiebesparing terugkrijgen);  Huurders (die niet of beperkt bijdragen aan de investeringen, maar te maken hebben met de gevolgen van de keuzes van de pandeigenaar).

7

Gemiddeld energieverbruik volgens Milieucentraal Bron: CBS, 2018.

8

23 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

4.1.3 Utiliteitsgebouwen Naast woningen zijn er de utiliteitsgebouwen, bijvoorbeeld kantoren, bakkers, winkels, sporthallen, opslagloodsen, fabrieken en kassen. De meeste van de utiliteitsgebouwen in Waddinxveen staan op bedrijventerreinen en een deel is verspreid over de woonbuurten. In figuur 4.3 zijn deze gebouwen en gebieden op de kaart weergegeven. Wat opvalt is dat industrie en landbouw (waaronder ook de glastuinbouw) grote stukken van de gemeente zijn. Het glastuinbouwgebied is weergegeven in figuur 4.3, inclusief het uitbreidingsproject “Glasparel+”. In Waddinxveen gebruiken veel bedrijven uit de landbouw, bosbouw en visserij het grootste gedeelte van het aardgas. De glastuinbouw is hoofdverbruiker. In de glastuinbouw gebruiken ze aardgas niet alleen voor het verwarmen van de kassen. Met behulp van Warmte Kracht Koppeling (WKK) installaties kan je aardgas omzetten in warmte, elektriciteit en CO2. Tuinders kunnen deze eindproducten alle drie gebruiken: warmte voor het verwarmen van de kas, elektriciteit voor de verlichting van de kas en CO2 voor de groei van de planten. Ook het bedrijventerrein Distripark Doelwijk, ten zuiden van de A12, heeft een hoog energieverbruik. Hier staan grote distributie- en opslagcentra, die een grote koudevraag hebben.

24 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Figuur 4.3 Locatie utiliteitsgebouwen in Waddinxveen met de namen van de grootste bedrijventerreinen.

25 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

4.2 Energiebesparing Om de CO2-uitstoot terug te dringen en de gebouwde omgeving van het aardgas af te halen, is energiebesparing vaak de eerste en belangrijkste stap. Om een inschatting te geven van de mogelijke energiebesparing, kijken we naar de mogelijkheden om gebouwen te isoleren, op basis van de bouwjaren en de energielabels van gebouwen. In de komende jaren worden de besparingsdoelstellingen per gemeente regionaal gemonitord in de RES. 4.2.1 Woningen Sinds 2015 heeft vrijwel elke woning in Nederland een energielabel. Label A staat voor ‘goed geïsoleerde woningen’ en label G voor ‘slecht geïsoleerde woningen’. In figuur 4.4 is de verdeling van energielabels van de woningen in gemeente Waddinxveen te zien 9. In figuur 4.5 is te zien dat de verdeling van de energielabels in grote lijnen overeenkomt met de verdeling van de bouwperiodes in figuur 4.2. Op basis van het bouwjaar is een goede eerste schatting te geven voor een energielabel.

Figuur 4.4 Aandeel van alle energielabels bij woningen in Waddinxveen op basis van data van het RVO uit 2020. De verwachting is dat in de komende jaren woningeigenaren met isolatie aan de slag gaan (zie volgend kader). Hierdoor verbeteren de energielabels en wordt de warmtevraag lager10. Voor woningcorporaties geldt dat ze in 2021 hun bezit gemiddeld op energielabel B moeten hebben. Voor de particulieren woningen gelden sinds maart 2021 nieuwe standaarden 11. Deze worden toegelicht in volgend kader.

9

Bron: RVO. Milieucentraal – energie besparen In de kamerbrief 2021-0000125785 (d.d. 18 maart 2021) wordt vooruitgeblikt op de nieuwe standaard voor woningisolatie. 10 11

26 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Nieuwe streefwaarden voor particulieren woningen vanaf 2021 In maart 2021 heeft de Rijksoverheid nieuwe streefwaarden aangekondigd voor particulieren woningen. Uitgangspunt voor de nieuwe standaard voor woningisolatie is dat naoorlogse woningen geschikt te maken zijn voor lage-temperatuurverwarming. Daarbij werkt een verwarming van de woning met water van circa 50 graden Celsius (een Cv-ketel verwarmt woningen met maximaal 85 à 90 graden Celsius). Woningen van voor 1945 zijn lastiger te isoleren, waardoor verwarming op hogere temperaturen (70 graden Celsius of hoger) voor deze woningen nodig lijkt. De nieuwe woningstandaard wordt (op dit moment) niet verplicht gesteld. Toch is het raadzaam voor inwoners om rekening te houden met strengere isolatie-eisen voor de bestaande bouw in de toekomst. Het Rijk is voornemens het nieuwe standaard onderdeel uit te laten maken van het verplichte energielabel voor verkoop van woningen. Op het energielabel is dan te zien in hoeverre een naoorlogse woning reeds geschikt is voor verwarming op 50 graden Celsius. Zo kunnen kopers van de woning beter inschatten of er (en zo ja, welke) kosten nodig zijn om de woning geschikt te maken voor verwarming op 50 graden Celsius. Het idee is dat de benodigde investering direct impact heeft op de verkoopprijs van een woning.

27 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Figuur 4.5 Niet elke woning heeft dezelfde mogelijkheden voor isolatie12.

12

De afbeeldingen zijn beelden van Google Street view (© 2020 Google).

28 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Energiebesparing in de woning Een gemiddeld Nederlands huishouden gebruikte in 2019 per jaar 2.539 kWh elektriciteit en 1.220 m3 aardgas. De kosten hiervoor zijn ongeveer €1.690 per jaar. Door hogere belastingen zullen de kosten in de komende jaren naar verwachting snel stijgen. In Waddinxveen is het energieverbruik met 1.110 m 3 aardgas en 2.870 kWh elektriciteit per jaar in lijn met het landelijk gemiddelde. Voor woningeigenaren zijn verschillende redenen om energie te gaan besparen. Zo kun je hiermee de energierekening aanzienlijk verlagen. Een goed geïsoleerde woning is bovendien comfortabel en heeft een prettig binnenklimaat. Daarnaast zorgt een lager energiegebruik direct voor minder CO 2-uitstoot en dus minder milieu-impact. 4.2.2 Utiliteit Net als voor woningen is een analyse gemaakt van de energielabels en bouwjaren van de utiliteit. Deze gegevens zijn minder bruikbaar om de huidige warmtevraag en de potentiële energiebesparing in te schatten, omdat:  Voor utiliteit zijn minder energielabels bekend. Dat betekent dat minder goed in beeld is, welke utiliteitsgebouwen goed of slecht geïsoleerd zijn. En dus hoeveel warmte nodig is in deze gebouwen. Ook voor utiliteit is een inschatting gemaakt van het energielabel op basis van het bouwjaar. Hier gaan we in paragraaf 4.3 verder op in.

 De verschillen tussen utiliteitsgebouwen, bijvoorbeeld een lege loods en een veelgebruikt kantoorgebouw, maken het lastiger om de warmtevraag voor utiliteit in te schatten. In bijlage D staat meer uitleg over energielabels voor utiliteit.

4.3 Toekomstige warmtevraag 4.3.1 Besparingspotentie Om een inschatting te maken van de verwachte energiebesparing van woningen tot 2050 is een analyse gemaakt die rekening houdt met de woningvoorraad in Waddinxveen (bouwjaar, energielabel en oppervlakte van de woningen). In tabel 4.2 is opgenomen wat landelijk gezien de verwachte energiebesparing is voor een woning uit een bepaalde bouwperiode. Hierbij gaan we uit van de isolatiegraad die economisch rendabel is. Voor Waddinxveen heeft dit model als uitkomst: Een totale besparingspotentie van ongeveer 22% in de bestaande woningbouw. Het besparingspotentieel van bedrijven is ongeveer 30% in vergelijking met de huidige situatie van nu (het landelijk gemiddelde). Dat betekent ongeveer 1% besparing per jaar tussen 2020 en 2050. De warmtevraag in de glastuinbouw stijgt tussen nu en 2025 door het uitbreidingsproject ‘Glasparel+’13.

13

Bron: Inventarisatie gasverbruik in kassen op het ontwikkelgebied van gebiedsontwikkelaar Wayland Energy.

29 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Huidige en toekomstige warmtevraag in Waddinxveen Categorie gebouw

Huidige Warmtevraag (TJ)

Woningen 440 Utiliteit Commerciële dienstverlening 115 Publieke dienstverlening 39 Industrie, Energie, Afval en Water 45 Landbouw, Bosbouw en Visserij 1317 Totaal Waddinxveen 1955 Tabel 4.2 Huidige en toekomstige warmtevraag Waddinxveen 14.

Toekomstige warmtevraag in 2050 (TJ) 411 81 27 31 1294 1750

Een aanzienlijk deel van de toekomstige warmtevraag moet worden voorzien met extraelektriciteit (zowel voor een individuele oplossing als voor een warmtenet oplossing). Deze extra-elektriciteit zal op een duurzame manier geproduceerd moeten worden. 4.3.2 Hoge, midden of lage temperatuurverwarming Naast de vraag hoevéél warmte er nodig is per buurt of gebouw, is het van belang op welke temperatuur deze warmte beschikbaar moet zijn. Dit is het warmteprofiel. De temperatuur waarop de warmte in de woning wordt verspreid via de radiatoren of vloerverwarming (afgiftetemperatuur) moet passen bij de isolatiegraad van de woningen en het type installaties. Hoe beter de woning is geïsoleerd, hoe lager de afgifte-temperatuur kan zijn (tabel 4.3). Het verwarmen op lagere temperatuur heeft het voordeel dat er meer duurzame warmtebronnen geschikt zijn, en het systeemrendement vaak beter is. Woningen

Tabel 4.3 Voorspelde energiebesparing en verbetering van het energielabel door isolatie voor woningen. In bijlage E staat meer uitleg bij de methodiek achter deze tabel. Utiliteit Eerder is aangegeven dat de warmtevraag bij utiliteit moeilijker in te schatten is dan bij woningen. Wel kunnen we de bekende energielabels en de bouwjaren van bedrijfsgebouwen

14

De huidige warmtevraag is gebaseerd op data uit 2019. Voor de toekomstige warmtevraag van woningen is rekening gehouden met nieuwbouwplannen. Hierbij is aangenomen dat er ongeveer 3.750 nieuwbouwwoningen bijkomen in de periode 2020 – 2029, gebaseerd op de Trendraming van Provincie Zuid-Holland en de mate van zekerheid van deze plannen in de gemeente. Jaarlijks wordt de woningbouwprogrammering geactualiseerd en afgestemd met de regio Midden-Holland en de Provincie Zuid-Holland. De inschatting is dat alle nieuwbouwwoningen samen een warmtevraag van 68 TJ hebben (18 GJ/woning). Voor de toekomstige warmtevraag van utiliteit is naast de 30% besparing een extra warmtevraag gerekend voor het ontwikkelgebied van Glasparel+. Op basis van de inventarisatie van het gasverbruik in de bestaande kassen (ongeveer 30 m 3 per m2) en uitbreidingspotentie op 560.000 m 2, is de extra warmtevraag in de kassen geschat op 532 TJ. Als er voor de extra warmtevraag ook een besparingspotentie van 30% mee wordt genomen, komt dit neer op 372 TJ extra warmtevraag.

30 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

gebruiken om een inschatting te maken. Er is hierin onderscheid tussen gemaakt tussen kantoren en overige utiliteitsfuncties.

Tabel 4.4 Voorspelde temperatuurniveau door isolatie, grondige renovatie of herbouwen van utiliteit. In bijlage E staat meer uitleg bij de methodiek van deze tabel. Vanaf 2023 is energielabel C het minimale vereiste voor grotere kantoren. De verwachting is dat de eisen voor utiliteitsbouw en kantoren binnen de Europese Unie (EU) verder aangescherpt gaan worden. Om aan strengere eisen te kunnen voldoen, is de verwachting dat veel oude kantoren heel grondig gerenoveerd of gesloopt moeten worden als ze aan het eind van hun economische levenscyclus zitten. De gerenoveerde of nieuwbouw kantoren kunnen direct geschikt worden gemaakt voor lage temperatuur. Voor de iets minder oude kantoren is het de vraag of grondig renoveren gewenst is en kan midden temperatuur wenselijk zijn. 4.3.3 Warmteprofielen In figuur 4.6 laten we voor de clusters woningen, kantoren en overige utiliteit het warmteprofiel zien. Het warmteprofiel is de afgifte-temperatuur die op termijn haalbaar is na toepassing van isolatie. Het grootste gedeelte van de gemeente zal met midden- tot lage temperatuur kunnen worden verwarmd. De meest nieuw gebouwde buurten zijn al geschikt voor een lage temperatuurverwarming: Park Triangel, winkelcentrum GouwePlein en een deel van Zuidplas 90. Tabel 4.5 geeft een overzicht van het toekomstige temperatuurniveau voor de woningen.

Bij utiliteit zien we dat ze alleen midden temperatuur tot lage temperatuur vragen in de geclusterde gebieden. Deze zijn aangegeven in figuur 4.6. Overzicht temperatuurniveau van de woningen in Waddinxveen in 2050 Temperatuurniveau in 2050

Warmtevraag woningen 2050 [TJ/jaar]

Aandeel woningen in 2050

Lage temperatuur

139

39%

Midden- tot lage temperatuur

228

54%

Hogere temperatuur

45

7%

Totaal

411

100%

Tabel 4.5 Overzicht temperatuurniveau van de woningen in Waddinxveen in 2050.

31 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

Figuur 4.6 Warmteprofielen in de gemeente Waddinxveen.

32 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

4.3.4

Concentratie van de toekomstige warmtevraag

Figuur 4.7 Verwachte toekomstige warmtevraagdichtheid van woningen in gemeente Waddinxveen in 2050. Hoe de warmtevraag over de gemeente verdeeld is, is van belang voor de mogelijke alternatieven voor aardgas. Gebieden met een geconcentreerde warmtevraag (veel gebouwen bij elkaar en/of gebouwen met een hoge warmtevraag) kunnen geschikt zijn voor de aanleg van een warmtenet. Bij een lage concentratie van de warmtevraag liggen individuele oplossingen, zoals een warmtepomp, meer voor de hand. Vanaf 1000 GJ/ha is een warmtenet het overwegen waard (afhankelijk van een minimumaantal afnemers en afhankelijk van de warmtebron). Onder de 500 GJ/ha is een warmtenet bijna nooit een realistische oplossing. Tussen 500 en 1000 GJ/ha hangt de haalbaarheid meer af van de 33 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

omstandigheden. Het type warmtebron, de afstand tussen de gebouwen en de warmtebron en de gewenste afgifte-temperatuur zijn allemaal zaken die invloed hebben. In figuur 4.7 is de warmtevraagdichtheid van woningen na besparingsmaatregelen weergegeven. Voor woningen is de warmtevraag beter in te schatten dan voor utiliteit. De warmtevraag van utiliteit is in bijlage D te zien.

4.4 Warmtebronnen In deze paragraaf benoemen we welke potentiële warmtebronnen er in Waddinxveen geëxploiteerd zouden kunnen worden om in 2050 de warmtevraag te leveren. We gaan vooral in op de warmtebronnen die individueel (per woning of appartementencomplex) in te zetten zijn en de bronnen die collectief (samen) in te zetten zijn en daarmee geschikt zijn voor een warmtenet. 4.4.1

Mogelijk beschikbare individuele warmteoplossingen

Bodemenergie (bodemwarmtepomp) Omdat de bodem bijna altijd dezelfde temperatuur heeft, kan in de zomer koude en in de winter warmte gewonnen worden uit de bodem. Er bestaan individuele en collectieve vormen van bodemenergie. Ze gebruiken de bovenste laag van de bodem, tussen de 20 en 300 meter diep. Op deze diepte kan warmte op lage temperatuur gewonnen worden (< 20 graden Celsius). Om de bodem in evenwicht te houden, moet je het te veel aan warmte – die je in de winter uit de bodem haalt - in de zomer weer toevoegen. Dit heet regeneratie van de bron. In een groot deel van Waddinxveen is de inzet van bodemenergie mogelijk. In Waddinxveen zijn geen boringrestricties voor het boren naar bodemwarmte15. Lokaal bodemonderzoek is nodig op het moment dat je deze manier wilt gebruiken.

Luchtwarmtepomp Luchtwarmtepompen halen warmte uit de buitenlucht om de woning te verwarmen. Ze gebruiken hiervoor elektriciteit. Het is een individuele oplossing, die je per woning of per appartementencomplex kan gebruiken. De standaard luchtwarmtepomp geeft warmte op lage temperatuur. Een woning moet dan – net als voor andere lage temperatuur-oplossingen – goed geïsoleerd zijn. Er is daarbij een passend warmte-afgiftesysteem nodig, zoals vloerverwarming of lage temperatuur radiatoren. Er zijn ook midden en hoge temperatuur warmtepompen op de markt. Deze hebben wel een hoger elektriciteitsverbruik. Luchtwarmtepompen zijn op heel veel plekken te gebruiken in de hele gemeente.

Zonnewarmte op dak Warmte uit zonnecollectoren kan voor zowel grootschalige als kleinschalige oplossingen worden ingezet. Er bestaan gecombineerde panelen die elektriciteit en ook warmte leveren. Deze worden PVT-panelen genoemd (fotovoltaïsch-thermisch). Bij gebruik op daken combineren we de zonthermische panelen met een warmtepomp in de woning. Het maximaal potentieel voor zonnewarmte is ongeveer 2 GJ per vierkante meter in een dakopstelling16.

15 16

Bron: NP RES viewer. Bron: Berenschot position paper: Kansen voor zonnewarmte in het hart van de energietransitie.

34 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

4.4.2

Mogelijk beschikbare collectieve warmteoplossingen en duurzaam gas

Aardwarmte (ondiep en diep) Aardwarmte of geothermie is het winnen van de warmte uit de aarde, vanaf 500 m tot 1 km (ondiep, tot 50 graden Celsius) en van 1 tot 7 kilometer diep (diep/ultradiep, tot > 100 graden Celsius). Tot nu toe is een opbrengst van 215 TJ ingeschat voor geothermie in de gemeente Waddinxveen17. Deze potentie is aanwezig in het westen van Waddinxveen, waar de bodem het meest geschikt lijkt voor geothermie. Momenteel loopt op landelijke niveau het project SCAN waar de potentie van aardwarmte in kaart wordt gebracht.

Biomassa (houtachtig) Biomassa is de verzamelnaam voor verschillende soorten organisch materiaal, zoals voedselresten, snoeihout, meststromen en productiebossen. Het gaat om een hoge temperatuur-warmtebron (> 70 graden Celsius). Biomassa kan mee gestookt worden in grote energiecentrales en op kleinere schaal worden ingezet met pelletkachels. De opbrengst van warmte uit resthout op het grondgebied van Waddinxveen is geschat op 13 TJ per jaar18. Er zijn in de gemeente Waddinxveen twee projecten van biomassacentrales beoogd naast het glastuinbouwgebied, maar voor deze centrales zijn niet alle vergunningen verleend 19. In de toekomst wordt de grootschalige toepassing van biomassa als warmtebron in Waddinxveen niet meer gewenst. In oktober 2020 heeft de gemeenteraad van Waddinxveen het parapluplan biomassa installaties vastgesteld. Hierdoor zijn nieuwe biomassa installaties met een nominaal thermisch vermogen boven 130 kWh verboden. We onderzoeken deze mogelijkheid dus niet verder.

Biogas Biomassa kan ook ingezet worden om biogas van te maken. Biogas maak je door organisch materiaal (biomassa) te vergisten. Verschillende vormen van biomassa gebruik je als grondstof voor het maken van biogas, waaronder vloeibare mest, gft-afval en de bio restfractie van akkerbouw en grasland. In Waddinxveen is de geschatte opbrengst van biogas ongeveer 110 TJ per jaar20. De opbrengst is vooral afkomstig van reststromen uit de akkerbouw. Biogas kan je ook importeren uit andere gebieden, maar binnen Nederland is de beschikbaarheid erg klein.

Thermische energie uit oppervlaktewater (aquathermie) Uit oppervlaktewater is warmte te winnen met een warmtewisselaar. Deze warmte kan je in de bodem opslaan en in de winter gebruiken. Met een warmtenet komt de warmte bij de gebruikers. Waddinxveen is gelegen aan de oever van de Gouwe, een rivier met goede eigenschappen voor aquathermie. De Gouwe heeft ten noorden van de hefbrug een mogelijke opbrengst van 475 TJ per jaar en ten zuiden een mogelijke opbrengst van 365

17

Bron: IF Technology – Potentiestudie Geothermie Midden-Holland. Bron: Warmteatlas. Bron: Artikel biomassacenrales waddinxveen.nl 20 Bron: Warmteatlas. 18 19

35 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

TJ per jaar. Er is ook een oppervlaktewatergemaal gevestigd naast Park Triangel. Uit deze voorziening kan naar inschatting van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard een mogelijke opbrengst van 30 TJ21 warmte worden getrokken. Daarnaast hebben de vijvers bij het Zuiveringspad en de Petteplas een mogelijke opbrengst van 5 en 7 TJ per jaar22.

Zonnewarmte op grote schaal (zonthermie) Warmte uit zonnecollectoren kan in zowel grootschalige als kleinschalige oplossingen worden ingezet. Bij een veldopstelling verspreid je de warmte via een warmtenet. De maximale opbrengst voor zonnewarmte is ongeveer 10 TJ per hectare in een veldopstelling23. De techniek is nog niet op grote schaal ingezet voor het verwarmen van de gebouwde omgeving. Maar de geschatte opbrengst maakt dit interessant om te onderzoeken. Zonnewarmte wordt al wel grootschalig ingezet in de glastuinbouwsector in combinatie met seizoensopslag.

Warmte door koeling van gebouwen Dit is kleinschalige restwarmte die komt uit de koeling van kantoren, supermarkten, woningen, e.d. Dit is vooral interessant in combinatie met WKO: warmte die je in de zomer aan het gebouw wordt onttrokken om te koelen, wordt in de winter weer ingezet voor verwarming. Er zijn toepassingen te bedenken per gebouw, met warmte- en koude-uitwisseling tussen enkele gebouwen en per buurt. De opbrengst hiervan is ca. 77 TJ24 verspreid over de gemeente. 4.4.3

Mogelijk beschikbare lokale warmteoplossingen

Restwarmte glastuinbouw Een deel van de glastuinbouw in het zuidwesten van Waddinxveen gebruikt WKK-installaties voor hun elektriciteit-, warmte- en CO2-verbruik. In de zomermaanden is deze warmte niet nodig, terwijl de WKK-installaties wel aan staan. Ongeveer 50% van het aardgasverbruik in de zomermaanden kan hierdoor als warmte ingezet worden in de nabijgelegen woningen. Woningen hebben de grootste warmtevraag in de winter. De warmte die in de zomer beschikbaar is kan je opslaan, bijvoorbeeld in de bodem, en in de winter gebruiken. Dit is een koppelkans die we verder moeten onderzoeken. Grotere glastuinbouwbedrijven kunnen zo een rol spelen in de collectieve warmtevoorzieningen voor nabijgelegen woningen. De glastuinbouw zelf heeft een grote warmtevraag, naar verwachting 1.000 TJ per jaar in 2025. De inzetbare restwarmte is ingeschat op 39 TJ25.

Restwarmte uit de rioolwaterzuiveringsinstallatie (riothermie) In Waddinxveen is één rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI). De RWZI Randenburg ligt in het noordoosten van Waddinxveen. De restwarmte opbrengst is 76 TJ.

21

Bron: Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard voor de potentie van het oppervlaktewatergemaal en de STOWA Aquathermie Potentiekaart voor de potentie uit oppervlaktewater. 22 Bron: STOWA Aquathermie Potentiekaart. 23 Bron: Berenschot position paper: Kansen voor zonnewarmte in het hart van de energietransitie. 24 Gemodelleerd op basis van kengetallen per utiliteitsfunctie. 25 Bron: Wayland Energy – 39 TJ is gebaseerd op 25% van de warmtevraag in kassen die een WKK-installatie hebben én die ook gebruiken in de zomermaanden voor hun elektriciteitsvoorziening.

36 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

4.4.4

Bovenregionale warmte-infrastructuur

Integraal Warmtetransportsysteem provincie Zuid-Holland en RoCa-leiding Het Integraal Warmtetransportsysteem van de provincie Zuid-Holland is een breed warmtenet dat in ontwikkeling is en is gebaseerd op restwarmte van de industrie uit de Rotterdamse haven. Andere zeer grootschalige bronnen zoals diepe geothermie of restwarmte uit andere industriegebieden in provincie Zuid-Holland worden ook onderzocht. Onder andere bedrijventerreinen met een hoge vraag naar proceswarmte op hoge temperatuur kunnen restwarmte overhouden. Momenteel wordt gewerkt aan een integraal ontwerp van dit warmtetransportsysteem. Het is nog onzeker of er warmte beschikbaar komt voor de gemeente Waddinxveen en hoeveel warmte dan beschikbaar komt. Parallel aan deze ontwikkeling wordt onderzocht of de Zuidplaspolder aangesloten kan worden op de B3-hoekleiding, een midden temperatuur warmtenet gevoed door de RoCa-centrale (zogenoemd ‘RoCa-leiding’). Deze twee trajecten hangen met elkaar samen, aangezien de RoCa-leiding bedoeld is om uiteindelijk onderdeel van het Warmtetransportsysteem Zuid-Holland te worden (zie onderstaand kader). Deze bovenregionale ontwikkelingen kunnen een belangrijke rol spelen in de toekomstige warmtevoorziening van de gemeente Waddinxveen. De ontwikkelingen houden we dan ook goed in de gaten. En we kijken naar kansrijke afzetgebieden voor warmtenetten.

Op dit moment is er geen voorkeur voor een regionaal of lokaal gevoed warmtenet. Vandaar dat alle mogelijkheden nog open staan en worden verkend. 4.4.5

Opslag van warmte en koude

Warmte-koudeopslag (WKO) WKO is bruikbaar in combinatie met andere technieken, zoals zonnewarmte, extra koeling van gebouwen, dry-coolers26 of thermische energie uit oppervlaktewater (TEO). Een eerste inschatting van de totale opslagcapaciteit van de bodem in Waddinxveen is 500 - 1500 TJ per jaar voor gesloten en open systemen27. WKO kan je ook goed inzetten bij kantoren met een grote koudevraag; wanneer de vraag naar koeling ongeveer even groot is als de vraag naar warmte kan de WKO-bron makkelijker geregenereerd worden.

26 27

Dry-coolers zijn installaties waarin omgevingslucht gebruikt wordt om koeling te realiseren. Bron: Warmteatlas.

37 Transitievisie Warmte Waddinxveen – september 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10579734/1