CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2: Nota beantwoording inspraakreacties Geweld Thuis Samen Aanpakken (definitief bij opgemaakte versie)

Besluitvormende raadsvergadering 29 mei 2024, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Regiovisie Huiselijk Geweld Hollands Midden 2024-202811.318 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Nota beantwoording inspraakreacties Geweld Thuis Samen Aanpakken Regiovisie Huiselijk Geweld Hollands Midden 2024-2028 Het colleges van B&W van Leiden en van de gemeenten in Midden-Holland hebben de concept Regiovisie Huiselijk Geweld Hollands Midden 2024-2028 “Geweld Thuis Samen Aanpakken” vastgesteld voor inspraak. We hebben in totaal 17 reacties ontvangen. Onderstaand treft u de ingediende inspraakreacties aan met de voorgestelde reactie van de colleges en de gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”, de Regiovisie Huiselijk Geweld Hollands Midden 2024-2028.

Inspraak ontvangen uit Holland Rijnland Nr. 1

Gemeente Nieuwkoop Inspraak

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

1.1

“De data op de factsheet (en in de tekst) zijn echter niet met elkaar te vergelijken omdat ze gebaseerd zijn op een andere onderzoeksmethode”

De cijfers over ouderenmishandeling die in de factsheet waren opgenomen, kwamen inderdaad uit verschillende onderzoeken. Hierdoor komen ze niet overeen. Dit leidt inderdaad tot verwarring en is aangepast.

De factsheet is aangepast. Op pag. 2 van ‘omvang en aard van het probleem’ is de tekst “Jaarlijks wordt 1 op de 50 ouderen slachtoffer van Ouderenmishandeling geschrapt.”

1.2

“Na het benoemen van drie doelgroepen mist de structuur met een reflectie en uitvoeringsplan rondom preventie en vroegsignalering per thema, rekening houdend met de lokale diversiteit van de gemeenten. De raad van Nieuwkoop ziet dit graag terug in de regiovisie. In een regio waarin (sterk) verstedelijkt en landelijk gebied naast elkaar liggen is dit onderscheid zeer wenselijk om een zo goed mogelijk uitvoeringsplan op lokaal niveau uit te voeren”.

Paragraaf 5.3 is aangepast. Naast een beschrijving van de problematiek is de huidige en gewenste situatie beschreven. Hiermee volgt het de systematiek van de andere onderdelen in de regiovisie.

Paragraaf 5.3 is aangepast.

Er zal een apart uitvoeringsplan worden opgesteld. De lokale diversiteit zal daarin niet worden opgenomen, maar bij de uitvoering ervan is uiteraard ruimte om lokale nuances aan te brengen. Gendergerelateerd geweld komt overal voor. Hetzelfde geldt voor ouderenmishandeling en complexe scheidingen. Hier is geen significant verschil tussen verstedelijkt en landelijk

1

1.3

1.4

1.5

1.6

De regiovisie benoemt de wens om preventief en via vroegsignalering vormen van huiselijk geweld zo snel mogelijk te voorkomen of op te lossen. Deze wens en noodzaak komen echter niet terug in de regiovisie. Het is daarnaast onduidelijk wat de omvang van huiselijk geweld per thema is per gemeente in Hollands Midden. In de voorgelegde regiovisie wordt data gebruikt die door een verschillende rekenmethodiek tot stand gekomen is.

Om een goede visie te kunnen onderbouwen, verkrijgt de raad graag meer inzicht in de mogelijkheden om meer kwantitatieve informatie in te zien over de vijf voorgestelde thema’s (zie hieronder), rekening houdend met de geldende privacywetgeving. Deze data dienen reproduceerbaar te zijn en daarmee kunnen voorgaande en komende resultaten één op één met elkaar vergeleken worden. De voorgelegde regiovisie focust zich voornamelijk op huiselijk geweld bij kinderen en gendermishandeling. Ouderenmishandeling wordt genoemd maar hier wordt geen duidelijke visie op geformuleerd. Naast deze drie thema’s benoemt de raad van Nieuwkoop ook geweld bij migranten en bij mensen met een verstandelijke en/of fysieke beperking. De raad van Nieuwkoop ziet het als noodzakelijk dat deze vijf thema’s gescheiden behandeld worden rondom reflectie, prevalentie en aanpak.

gebied. Enkel als het gaat om eergerelateerd geweld en misschien vrouwelijke genitale verminking (VGV) is er een kans dat het in stedelijke gebieden iets meer voorkomt. Dit maakt echter een zeer klein deel van de totale groep uit. In de regiovisie gaat onderdeel 5.1 over preventie en vroegsignalering. Hierbij zijn ook doelen geformuleerd. Concrete acties die passen bij deze doelen zullen in het uitvoeringsplan worden opgenomen.

Geen gevolgen voor de tekst

Het voert te ver om per thema en per gemeente in Hollands Midden cijfers op te nemen. Gemeenten kunnen hiervoor de website eengezonderhollandsmidden.nl en Impactmonitor huiselijk geweld en kindermishandeling (cbs.nl) raadplegen.

Geen gevolgen voor de tekst

Het formuleren van resultaatmeting is niet gemakkelijk. Onderdeel van het uitvoeringsplan 2024 zal zijn om samen met onderzoekers te werken naar een goede manier van monitoren, waarbij het effect van maatregelen kan worden gemeten. Cijfers van meldingen zijn bijvoorbeeld geen goede indicator.

Geen gevolgen voor de tekst

De Regiovisie gaat over alle vormen van huiselijk geweld. Er is specifieke aandacht voor drie thema’s die vragen om een specifieke aanpak en kennis. Onderdeel 5.3 is herschreven, zodat er een duidelijkere visie wordt geformuleerd op deze thema’s. De raad van Nieuwkoop noemt een aantal andere uitgangspunten. Verstandelijke en/of fysieke beperking is een kenmerk dat moet worden meegenomen in de aanpak. In 5.2. hebben we daarom toegevoegd dat persoonlijke competenties, vaardigheden en overtuigingen van alle betrokkenen moeten worden

Paragraaf 5.3 is aangepast. Toevoeging 5.2 pag. 13: “In het gezinsplan worden prioriteiten gesteld met het meest passende gezinsprofiel in beeld, zodat het plan haalbaar en uitvoerbaar is voor het gezin. Er is daarbij aandacht voor persoonlijke competenties, vaardigheden en overtuigingen van alle betrokkenen.”

2

meegenomen en dat het plan haalbaar en uitvoerbaar moet zijn voor het gezin. We kiezen er niet voor om geweld bij migranten specifiek te benoemen in de regiovisie. Dit is een hele brede doelgroep. Huiselijk geweld komt overal voor. Wij vinden het niet gepast om migranten specifiek te benoemen. Uiteraard moet bij zowel de preventie als de aanpak aandacht zijn voor cultuursensitief werken. Jaarlijks wordt in samenwerking met alle betrokken beleidsambtenaren een uitvoeringsplan opgesteld voor de regio. In dit plan wordt onderscheid gemaakt tussen (boven)regionale en lokale actiepunten. Het staat gemeenten vrij om het uitvoeringsplan verder uit te breiden met lokale initiatieven als dat wenselijk is. Welke bestuurlijke route hiervoor wordt gevolgd is aan iedere gemeente afzonderlijk.

Geen gevolgen voor de tekst

Inspraak

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

2.1

Beeld van de knelpunten in de regio Wij missen in de Regiovisie een beschrijving van de belangrijkste knelpunten op dit moment in de regio, een analyse daarvan, en van daaruit een onderbouwing voor deze Regiovisie.

Geen gevolgen voor de tekst

2.2

Meer en specifiekere aandacht voor kindermishandeling Wij vragen ons af waarom in deze regiovisie geen specifieke aandacht is voor kindermishandeling. Terwijl de uitgangspunten in paragraaf 4.2 (die wij onderschrijven) expliciet worden gerelateerd aan zowel huiselijk geweld als kindermishandeling, wordt in er in de rest van de regiovisie inhoudelijk weinig gezegd over dit thema en ook de titel van de regiovisie reflecteert dit

Elke actielijn van de visie begint met een definitie gevolgd door een analyse van de huidige situatie in de regio met bijbehorende en knelpunten gevolgd door een schets van de gewenste situatie. Er is gekozen voor een analyse op onderdeel, zodat het verband direct zichtbaar is en het makkelijk te lezen blijft. Kindermishandeling is, net zoals o.a. oudermishandeling, ouderenmishandeling en (ex-)partnergeweld, een vorm van huiselijk geweld. Dit is de reden dat is gekozen voor de brede titel 'Regiovisie huiselijk geweld'. In gezinnen kunnen verschillende vormen van huiselijk geweld plaatsvinden, zoals kindermishandeling en partnergeweld. In de laatste cohortstudie van het Verwey Jonker instituut (2023) blijkt dat in het overgrote

1.7

In de voorliggende regiovisie wordt het belang van domeinoverstijgende preventie en vroegsignalering genoemd. De raad ziet graag dat in 2024 een concreet uitvoeringsplan wordt gepresenteerd waar de gemeente met lokale en regiopartners samen aan heeft gewerkt.

Nr. 2

Gemeente Katwijk

Geen gevolgen voor de tekst

3

2.3

uitgangspunt niet. Wat ons betreft ten onrechte, gezien de ernst van de problematiek en de gevolgen voor de jeugdigen zelf en, met het oog op intergenerationele overdacht, hun kinderen. Maar bijvoorbeeld ook als het gaat om de samenloop van huiselijk geweld en kindermishandeling binnen gezinnen en recidive onder plegers van huiselijk geweld en kindermishandeling.

deel van de gezinnen waar geweld speelt, het gaat om een combinatie van kindermishandeling en partnergeweld. Dat kindermishandeling als aparte vorm van huiselijk geweld in deze regiovisie niet vaak specifiek wordt benoemd, betekent niet dat er geen aandacht is voor kindermishandeling en met name intergenerationeel geweld. Juist door in te zetten op een verklarende analyse gericht op het hele gezin en één contactpersoon die bij het gezin blijft zo lang als nodig, willen we dat er aandacht is voor alle vormen van geweld in gezinnen. Daarbij volgen we het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming, waar bescherming van kinderen en jongeren centraal staat, maar hebben we nadrukkelijk óók aandacht voor gezinnen zonder kinderen, of voor gezinnen met kinderen waar de geweldsdynamiek voornamelijk tussen de partners voorkomt (het is ook een vorm van kindermishandeling wanneer kinderen getuige hiervan zijn). Wel is de deskundigheidsbevordering die benoemd wordt in pijler 2 ook gericht op kindermishandeling. Bij de pijler preventie en vroegsignalering wordt benoemd dat er aandacht moet zijn voor voorlichting aan kinderen, jongeren en aan ouders over bv. opvoeden. Ook willen we het zogenaamde 'voorveld' meer betrekken, daarin noemen we ook het onderwijs, jeugdgezondheidszorg en kinderopvang.

Extra aandacht voor specifieke groepen Voor een aantal specifieke groepen met specifieke problemen is om verschillende redenen extra aandacht nodig. Soms is er specifieke expertise nodig over de doelgroep of om de problemen eerder in beeld te brengen. Het gaat om groepen die extra kwetsbaar zijn en niet altijd direct te herkennen zijn, zoals slachtoffers en plegers met een lichte verstandelijke beperking of bij slachtersoffers en plegers van ouderenmishandeling.

In 5.3 staan een aantal specifieke thema's benoemd met daarbij een schets van de huidige en gewenste situatie. In de huidige situatie wordt aangegeven welke knelpunten er zijn. Deze knelpunten zijn meegenomen in het creëren van de gewenste situatie.

Paragraaf 5.3 aangepast.

4

2.4

Duurzaam oplossen of stoppen vraagt soms om een andere aanpak met specifieke expertise of er moeten andere organisaties bij worden betrokken. Achteraf blijkt namelijk vaak dat signalen al langer zichtbaar waren, maar dat de ernst daarvan niet als zodanig werd waargenomen. Wij zouden niet alleen specifieke groepen benoemd willen zien, maar ook welke knelpunten er zijn bij die specifieke groepen zijn en hoe die worden aangepakt om sneller signaleren en melden. Omgang en plan van aanpak meldcode In de regiovisie wordt het probleem met betrekking tot de omgang met de meldcode geschetst. Het wordt echter niet duidelijk welk gevolg hieraan gegeven wordt. Graag willen wij weten wat we gezamenlijk gaan doen aan dit probleem, zodat het niet alleen bij een constatering blijft.

Zoals benoemd op pagina 9 van de regiovisie, willen we inzetten op de organisaties die gezinnen regelmatig zien en een signalerende rol kunnen vervullen. Het is van belang dat deze professionals de risicofactoren van huiselijk geweld en kindermishandeling kennen, dit kunnen signaleren en bespreekbaar kunnen maken. Daarnaast is ook de samenwerking tussen veiligheidspartners en lokale teams van belang. Deze moet goed zijn, zodat zij elkaar weten te vinden. Concrete acties om dit te bereiken volgen in het uitvoeringsplan.

Geen gevolgen voor de tekst

2.5

Meer aandacht regelgeving omtrent gegevensdeling – AVG Bestudering van andere regiovisies uit het land laat zien dat er vaak een stuk is opgenomen over het delen van gegevens volgens de AVG. Daaruit blijkt hoe problematisch het delen van gegevens is en wat het plan is om dit te verbeteren. Dit missen wij in onze regiovisie. Het lijkt ons een landelijk aandachtspunt, echter kunnen we er onzes inziens niet omheen om hier in onze regiovisie aandacht aan te besteden

Uit de interviews met organisaties komt dit knelpunt niet naar voren als prioriteit. Bij het melden aan Veilig Thuis gaat de Wet Meldcode voor de AVG. Veilig Thuis mag ook gegevens verzamelen zonder toestemming, als dit nodig is om de taak van veilig thuis uit te kunnen voeren. Er mag veel van de AVG, maar er is angst om de AVG te schenden. De WAMS, die hopelijk tussen 2024-2025 in werking treedt, moet onduidelijkheden hierover wegnemen.

5.2 pag. 13 toegevoegd: “Ze kennen de mogelijkheden die er zijn om samen te werken en gegevens te delen.”

2.6

Duidelijk beeld op de gevraagde capaciteit en financiën Momenteel staat er een kort stuk in de regiovisie betreffende de financiële mogelijkheden en beperkingen. Wij zouden dit graag nader uitgewerkt zien, in de regiovisie dan wel het uitvoeringsplan. We zien graag concreet uitgewerkt wat de inzet

De financiële paragraaf wordt wat uitgebreid, maar blijft overkoepelend. Een concrete begroting past niet in een meerjarige regionale visie. In het uitvoeringsplan, dat jaarlijks wordt geactualiseerd, zal aandacht zijn voor financiën.

Paragraaf 6.4 aangepast

5

in het kader van de regiovisie gaat kosten in capaciteit en financiën.

2.7

De druk en vraag naar kennis bij de wijkteams Wij maken ons zorgen over de belasting die deze zware problematiek legt op de medewerkers van ons Wijkteam. Onze wijkteams zijn op dit moment niet ingericht op de langdurige betrokkenheid zoals bedoeld in de regiovisie, Hoewel wij ons realiseren dat dit een gemeentelijke verantwoordelijkheid is, zou het ons goed lijken als we gezamenlijk kunnen werken aan de nodige ondersteuning en deskundigheidsbevordering van de Wijkteams. Hierin moeten ook de vragen “Wat is langdurig?” en “Wat is de rol van Veilig Thuis met betrekking tot de monitoring?” beantwoord worden.

2.8

In kaart brengen netwerk omtrent regiovisie- ketenbeschrijving […] We missen daarbij een taakomschrijving van andere partners die een rol hebben in de aanpak van deze problematiek. […] Wij hebben behoefte aan een ketenbeschrijving met daarin beschreven wie doet wat en wanneer, en het beleid bij herhaalmeldingen. Hoe vindt de overdracht plaats, en op welke momenten is er sprake van een wachttijd en wat wordt hieraan gedaan. Ook wordt er in 6.2 geschreven over regionale ondersteuning maar wat houdt dit precies in en wat levert het op?

Op dit moment wordt de begroting van de DUVO al jaarlijks gepresenteerd aan bestuurders. In het uitvoeringsplan is aandacht voor financiën en capaciteit. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat het uitvoeringsplan gaat over regionale projecten die gelden voor alle gemeenten. Sommige onderdelen van de aanpak zijn een lokale verantwoordelijkheid. In het uitvoeringsplan zullen op basis van de visie adviezen worden gegeven over lokale onderdelen van de aanpak, maar het is aan iedere gemeente zelf of ze dit advies volgt, op welke manier en hoe ze dit financiert. Dit probleem is bekend. De meeste wijkteams in de regio zijn hier niet op ingericht. Wel is dit het gewenste toekomstbeeld, zoals naar voren komt zowel uit interviews met partners, ervaringsdeskundigen, als het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming. Hoewel de wijkteams een lokale verantwoordelijkheid zijn, zal er zeker samen gekeken worden naar nodige ondersteuning en deskundigheidsbevordering, en naar de rolverdeling tussen wijkteam en andere partijen in de aanpak. Dit vraagstuk staat centraal bij de uitwerking van het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming in de regio. De keuze is gemaakt om niet de taken en rollen van andere partners op te schrijven in de Regiovisie. De aanpak van huiselijk geweld bestaat uit heel veel partijen, die allemaal hun eigen rol hebben.

Geen gevolgen voor de tekst

Geen gevolgen voor de tekst

De aanpak van huiselijk geweld is veelal maatwerk. Wel is het belangrijk dat organisaties van elkaar weten 'wie wat doet', en dat de verwachtingen over en weer realistisch zijn. Dit nemen we mee in het uitvoeringsplan.

6

2.9

Vergroten van bestuurlijke betrokkenheid in het proces [..] De procedure lijkt zich op dit moment op de achtergrond af te spelen en dat is wat ons betreft een onwenselijke situatie. Wij gaan daarom graag met u in gesprek over het organiseren van een werkbare manier om via de gemeenteraad de samenleving actiever te betrekken. [..] Daarbij vinden wij dat er een evaluatie moet plaatsvinden na afloop van de regio visie en de bijbehorende uitvoeringsagenda. In deze evaluatie moet er onder andere aandacht zijn voor de meldcode, 1 gezin 1 plan, privacy (het delen van gegevens) en de rol van de burgemeester. Ook willen we extra aandacht voor- en een terugkoppeling op of de ingezette methodieken, zoals 1 gezin-1-plan, werken om recidive te voorkomen.

Bestuurlijke betrokkenheid bij het onderwerp huiselijk geweld vinden wij zeer wenselijk. Wij presenteren daarom jaarlijks de begroting van de DUVO aan de bestuurders van de gemeenten. Daarnaast is er regelmatig afstemming met de beleidsmedewerkers uit alle gemeenten. Het actiever betrekken van de gemeenteraden is een keuze die gemeenten lokaal kunnen maken.

Paragraaf 6.5 ‘Evaluatie en terugkoppeling’ is toegevoegd aan de regiovisie.

Wel is er een stuk toegevoegd aan de Regiovisie (6.5) waarin er een evaluatie- en terugkoppelingsproces wordt beschreven. Hierin staat dat het jaarlijkse actualiseren van het uitvoeringsplan gelijk dient als evaluatie middel. Voor het einde van het jaar worden de resultaten van de projecten geëvalueerd door professionals en met de landelijke en regionale ontwikkelingen en inzichten. Dit gebeurt in samenspraak met alle beleidsmedewerkers van Hollands Midden, zij informeren hun eigen bestuurders hierover. Daarnaast wordt in 2028 de hele Regiovisie geëvalueerd. Hiervoor wordt er in de komende jaren gewerkt met onderzoekers om de daadwerkelijke effecten van de aanpak te kunnen meten.

Nr. 3

3.1

Adviesraad Oegstgeest Inspraak

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

Een financiële paragraaf wordt nog gemist.

De financiële paragraaf 6.4 is uitgebreid, maar blijft overkoepelend. Een concrete begroting past niet in een meerjarige regionale visie. In het uitvoeringsplan, dat jaarlijks wordt geactualiseerd, is aandacht voor financiën. Jaarlijks wordt de begroting van de DUVO al gepresenteerd aan bestuurders.

Uitbreiding paragraaf 6.4.

7

Meer specifieke aandacht is nodig voor (het faciliteren van) samenwerking, eenheid van taal, crisisopvang, de aanpak van plegers van geweld en cybercriminaliteit als groter wordende vorm van huiselijk geweld. Wij wachten het uitvoeringsplan af. Gemeente Alphen aan den Rijn

In de aanpak van huiselijk geweld staat samenwerking centraal. Daarbij is onder andere aandacht voor crisisopvang en voor plegers van geweld. Dit zal in de komende jaren terugkomen in de uitvoering.

Geen gevolgen voor de tekst

Inspraak

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

4.1

Wat ons betreft mogen de doelstellingen concreter worden geformuleerd: wat zetten we – regionaal of lokaal – in om de geformuleerde doelstellingen te behalen, hoe monitoren we en wanneer zijn we tevreden?

Paragraaf 6.5 ‘Evaluatie en terugkoppeling’ is toegevoegd aan de regiovisie.

4.2

Komt er een regionale werkgroep die uitvoering zal geven aan de regiovisie en hoe wordt hierover teruggekoppeld naar de regiogemeenten?

Er wordt gevraagd om aan te geven wat er wordt ingezet om doelstellingen te behalen, hoe er wordt gemonitord en wanneer we tevreden zijn. Het concretiseren van de doelstellingen vindt plaats in het uitvoeringsplan, daarin worden concrete activiteiten gekoppeld aan de doelstellingen uit de regiovisie. Onderdeel van het uitvoeringsplan 2024 zal zijn om samen met onderzoekers te werken naar een goede manier van monitoren, waarbij het effect van maatregelen kan worden gemeten. Cijfers van meldingen zijn bijvoorbeeld geen goede indicator. Per project zal ook aandacht zijn voor monitoring. In de regiovisie is onderdeel 6.5 Evaluatie en Terugkoppeling toegevoegd, waarin dit globaal aan de orde komt. De centrumgemeenten Leiden en Gouda nemen het voortouw bij de uitvoering van de regiovisie. De regionale werkgroep die de regiovisie heeft opgesteld, blijft bestaan. Met deze werkgroep wordt jaarlijks het uitvoeringsplan geactualiseerd. In de uitvoering worden beleidsmedewerkers uit de regio wel betrokken in projecten waar dat passend is. Via het Regionaal Beleidsoverleg Huiselijk Geweld wordt regelmatig teruggekoppeld over de uitvoering aan regiogemeenten. Lokale beleidsmedewerkers kunnen hun bestuurders hierover informeren.

3.2

Nr. 4

Paragraaf 6.5 ‘Evaluatie en terugkoppeling’ is toegevoegd aan de regiovisie.

8

4.3

We pleiten voor een financiële onderbouwing bij de uitwerking. Op welke manier worden bijvoorbeeld de DUVO-gelden ingezet voor het behalen van de doelstellingen in de regiovisie.

Daar waar DUVO gelden specifiek worden ingezet voor het behalen van doelen uit de regiovisie, zal dit opgenomen worden in het uitvoeringsplan.

Geen gevolgen voor de tekst

4.4

Er zijn zaken die zowel lokaal als regionaal spelen. Hoe borgen we de afstemming lokaal-regionaal? Wij gaan ervan uit dat bij de uitvoering van de regionale actiepunten rekening wordt gehouden met de lokale situatie van elke gemeente.

Geen gevolgen voor de tekst

4.5

Er wordt gesproken over regionale partners, maar wie is waarvoor verantwoordelijk in de uitvoering van de regiovisie?

4.6

Dat het gezin zoveel mogelijk de regie voert vinden wij een correct uitgangpunt. Echter, er zijn situaties waarbij regie door het gezin niet wenselijk is en er drang- of dwangmaatregelen nodig zijn. wij zouden graag zien dat dit in de regiovisie concreter benoemd wordt.

Om de afstemming lokaal-regionaal te borgen, is er vier keer per jaar een Regionaal Beleidsoverleg Huiselijk Geweld. Daarnaast wordt bij projecten waar ook de lokale situatie van belang is contact gezocht met zowel de regiogemeente als met de organisaties waar het om gaat, zoals wijkteams. Uiteraard wordt rekening gehouden met de lokale situatie. Bij de realisatie van het uitvoeringsplan is ruimte om lokale nuances aan te brengen. Wel kan het soms nodig zijn om samen te streven naar meer uniformiteit. Dit doen we in samenwerking. In onderdeel 6.2 staat benoemd wat lokale verantwoordelijkheden zijn en wat regionale verantwoordelijkheden zijn. Lokale gemeenten zijn verantwoordelijk voor alles omtrent de lokale teams. Samen dragen gemeenten een verantwoordelijkheid voor de financiering van Veilig Thuis. Alles wat regionaal is, wordt opgepakt als centrumtaak. In de regiovisie is met opzet gekozen voor de term ‘zoveel mogelijk’. Dit kan om allerlei uiteenlopende redenen niet geheel mogelijk zijn. Zelfs wanneer er dwang- of drangmaatregelen nodig zijn, moet de regie nog steeds zoveel als mogelijk bij het gezin liggen, al is het in die gevallen dan in beperkte mate. We kiezen er daarom voor dit niet concreter op te nemen.

Nr. 5

Gemeente Leiden Inspraak

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

Dierenmishandeling als mogelijke indicatie van huiselijk geweld op te nemen in de regiovisie en daarbij de focus te leggen op

Er is een duidelijke relatie tussen dierenmishandeling en huiselijk geweld. Bij onderdeel 5.1 Preventie en

Toevoeging paragraaf 5.1 pag. 12:

5.1

Geen gevolgen voor de tekst

Geen gevolgen voor de tekst

9

essentiële samenwerking tussen professionals (medische, sociale en dierenbeschermingssector), evenals het bewustmaken van de samenleving door middel van duidelijke externe communicatie over de Cirkel van Geweld en daarnaast op te nemen dat ook dierenartsen en de dierenbescherming dierenmishandeling kunnen aankaarten als mogelijke indicatie van huiselijk geweld.

vroegsignalering is in deze nieuwe versie onder vroegsignalering opgenomen dat hulpverleners en dierenartsen zich bewust zijn van deze relatie en weten welke stappen ze bij signalen moeten ondernemen. Ook kunnen zorgen over dieren ervoor zorgen dat mensen niet weg durven gaan uit het gezin. Hiervoor is aandacht in de uitvoering van de aanpak van huiselijk geweld.

“Ten slotte is dierenmishandeling een mogelijke indicatie van huiselijk geweld. Hulpverleners, dierenartsen en organisaties betrokken bij dierenwelzijn zijn zich hiervan bewust en weten welke stappen ze bij signalen moeten ondernemen.”

5.2

Aanvulling bij uitgangspunten: Educatie aan vrouwen en hun omgeving wat de signalen zijn die tot femicide kunnen leiden, zodat zij patronen (controle, dwang, vernederen, isolatie etc.) voortijdig herkennen en zich realiseren in welke situatie ze zich bevinden en waar dit toe kan leiden.

Paragraaf 5.3 is herschreven. Zie pagina 15 en 16 onder “gewenste situatie”.

5.3

Uitgangspunt “verantwoordelijkheid nemen: doen wat nodig is in samenwerking met andere domeinen” als volgt aan te passen: “Allen die betrokken zijn hebben de verantwoordelijkheid proactie op te treden en doen wat nodig is om ervoor te zorgen dat geweld stopt”

Educatie aan inwoners over signalen die tot femicide kunnen leiden zijn van belang. Onderdeel 5.3 van de regiovisie is herschreven. Bij het onderdeel ‘gendergerelateerd geweld’ is nu aandacht voor bewustzijn in de samenleving over vroege rode vlaggen in relaties en over hulpmogelijkheden. Het uitgangspunt ‘verantwoordelijkheid nemen: doen wat nodig is in samenwerking met andere domeinen’ gaat over samen verantwoordelijkheid nemen, samenwerken en verder kijken dan de eigen kaders en opdracht. Dit gaat verder dan alleen de eigen verantwoordelijkheid van betrokkenen. Wel is het woord proactief toegevoegd in het uitgangspunt: “verantwoordelijkheid nemen: doen wat nodig is, proactief en in samenwerking met andere domeinen”. Daarnaast is onderdeel 5.3 uitgebreid, waardoor meer aandacht is voor intieme terreur en het risico op femicide. Hierin is opgenomen dat partijen proactief moeten optreden en samenwerken om ervoor te zorgen dat geweld stopt.

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

Nr. 6

Toevoeging paragraaf 4.2 Uitgangspunten: “Verantwoordelijkheid nemen; doen wat nodig is, proactief en in samenwerking met andere domeinen”. Paragraaf 5.3 is herschreven. Zie pagina 15 en 16 onder “gewenste situatie”

Gemeente Kaag & Braassem Inspraak

10

6.1

Wat ons betreft mogen de doelstellingen concreter worden geformuleerd: wat zetten we -regionaal of lokaal- in om de geformuleerde doelstellingen te behalen, hoe monitoren we en wanneer zijn we tevreden?

Er wordt gevraagd om aan te geven wat er wordt ingezet om doelstellingen te behalen, hoe er wordt gemonitord en wanneer we tevreden zijn. Het concretiseren van de doelstellingen vindt plaats in het uitvoeringsplan, daarin worden concrete activiteiten gekoppeld aan de doelstellingen uit de regiovisie. Onderdeel van het uitvoeringsplan 2024 zal zijn om samen met onderzoekers te werken naar een goede manier van monitoren, waarbij het effect van maatregelen kan worden gemeten. Cijfers van meldingen zijn bijvoorbeeld geen goede indicator. Per project zal ook aandacht zijn voor monitoring. In de regiovisie is onderdeel 6.5 Evaluatie en Terugkoppeling toegevoegd, waarin dit globaal aan de orde komt.

Paragraaf 6.5 ‘Evaluatie en terugkoppeling’ is toegevoegd aan de regiovisie.

6.2

Hoe gaat het voornemen “1 gezin, 1 plan, 1 regisseur uitgevoerd worden gezien de hoge arbeidsdruk en personeelstekort”

Toevoeging paragraaf 5.2 pag. 13: “Ten slotte lopen professionals vaak tegen wachtlijsten aan wanneer zij specialistische zorg willen inzetten en hebben de meeste organisaties te maken met personele krapte. Dit zorgt ervoor dat niet altijd de juiste hulp op het gevraagde moment kan worden ingezet.”

6.3

Het bespreekbaar maken van signalen van huiselijk geweld wordt in de praktijk als moeilijk en eng ervaren. Het risico bestaat dat er daardoor niets met de signalen wordt gedaan. Ons advies is hier meer aandacht aan te besteden bij alle organisaties en hulpverleners.

De bedoeling van 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur is dat door deze aanpak gezinnen sneller en beter worden geholpen. Op dit moment komen veel casussen na een tijdje weer terug bij Veilig Thuis, omdat er opnieuw onveiligheid is. Daardoor is er veel inzet nodig. Op termijn zou de manier zoals omschreven in het Toekomstscenario en deze regiovisie moeten leiden tot minder arbeidsdruk. Tegelijkertijd realiseren we ons dat dit in eerste instantie vraagt om een investering. Arbeidsdruk en personeelstekort zijn knelpunten die bekend zijn, en niet gemakkelijk oplosbaar. Er wordt daarom nadrukkelijk samen met de partijen gewerkt aan o.a. een visie op regie en het toewerken naar het Toekomstscenario, zodat zij ook kunnen aangeven wat haalbaar is. Dit knelpunt is bekend. In de regiovisie staat onder 5.1. o.a. het volgende: “Deze professionals zijn deskundig om te signaleren, de stappen van de meldcode te volgen en het gesprek aan te gaan [..] Daarbij weten zij Veilig Thuis te vinden als adviesorgaan en voelen ze zich hierdoor gesteund”. Doelstelling 3 onder “preventie en

Geen gevolgen voor de tekst

11

6.4

6.5

Nr. 7

Nr. 8

Op pagina 10 wordt het volgende gemist: Het maken van een veiligheidsplan met bodemeisen en veiligheidsafspraken bij acute onveiligheid. Belangrijk is dit snel op te zetten om acute en onveilige situaties direct te stoppen. Op pagina 10 staat: “de regisseur en het gezin staan er niet alleen voor”. Veel partijen zijn betrokken. Maar wie is echt verantwoordelijk, zeker in het geval er iets toch niet goed gaat. Hier zien wij een groot risico.

vroegsignalering” past bij dit knelpunt. In de uitvoering de komende jaren zal hier zeker aandacht voor zijn. We hebben dit verwerkt op pagina 13.

Aanpassing van paragraaf 5.2, pag. 13

Dit is een lastig vraagstuk waar iedereen in het land mee worstelt. Niet voor niets is dit in het Toekomstscenario een heel belangrijk onderwerp om nader uit te werken. In de uitvoering van de regiovisie is aandacht voor de uitwerking van het begrip ‘regie’. Daarnaast wordt regiobreed momenteel het project ‘optimale ketensamenwerking’ uitgevoerd voor casuïstiek in het zorg- en veiligheidsdomein. Hierin heeft het regievraagstuk een belangrijke plek.

Geen gevolgen voor de tekst

Inspraak

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

Wij verzoeken in de aanpak huiselijk geweld aandacht te hebben voor de oorzaak van het hoge aantal Veilig Thuismeldingen kindermishandeling (in Voorschoten) ten opzichte van het Nederlandse aantal.

De aandacht voor de lokale situatie van gemeenten ligt vooral bij gemeenten zelf, bijvoorbeeld in afspraken met lokale teams. Het is in de regionale aanpak niet mogelijk om voor alle 18 gemeenten apart aandacht te hebben. Het is daarnaast niet mogelijk om conclusies te trekken uit het aantal meldingen bij Veilig Thuis. Een hoog aantal meldingen hoeft geen slecht teken te zijn. We weten dat huiselijk geweld heel veel voorkomt en lang niet altijd in beeld komt. Het kan zijn dat er in Voorschoten meer zaken gesignaleerd worden dan elders. Het kan ook zijn dat lokale partijen eerder (terug)melden bij Veilig Thuis.

Geen gevolgen voor de tekst

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

Raadslid gemeente Voorschoten

Adviesraad Leiderdorp Inspraak

12

8.1

Pagina 4, paragraaf 2.1 De zin ‘Ook online misbruik kan onder de noemer…’ aanvullen met het benoemen van online misbruik zoals cyberpesten en kinderporno, en ook het seksueel misbruik via internet zoals grooming/sexting/shamesexting. Vraag: is er wat dit betreft al ervaring opgedaan met ervaringsdeskundigen?

Een deel van de genoemde vormen is niet altijd een vorm van huiselijk geweld. Het kan wel huiselijk geweld zijn, dat is afhankelijk van de situatie. De definitie is geconcretiseerd, en een aantal vormen van digitaal huiselijk geweld zijn toegevoegd. Er is nog geen ervaring opgedaan met ervaringsdeskundigen op het gebied van digitaal huiselijk geweld in onze regio.

Aanpassing van paragraaf 2.1, pag. 5: “Huiselijk geweld kan digitaal plaatsvinden, bijvoorbeeld door online lastigvallen, afluisteren, (digitale) stalking, grooming, sextortion, shame sexting, identiteitsfraude, wraakporno en financieel misbruik.”

8.2

Pagina 6, 2e alinea Naar aanleiding van de laatste zin graag ter verduidelijking het antwoord op de volgende vragen opnemen: Welke zijn de belemmeringen die ervaren worden bij het werken met de meldcode? Is het angst om een gesprek aan te gaan of is het een gebrek aan kennis? Wat wordt daarmee gedaan? Training bv? Pagina 6, laatste alinea Naar aanleiding van de zinsnede ‘Beide regio’s volgen eigen pad’, de volgende vragen: Waarom een eigen pad? Wat is het verschil, historisch gegroeid of een bewuste keuze? Is er ook de wens om tot één visie en aanpak te komen en op welke termijn?

De belemmeringen die worden ervaren met het werken met de meldcode kunnen verschillen per professional. Het aangaan van een gesprek over onveiligheid met betrokkenen is moeilijk. Daarnaast kan een gebrek aan kennis ook meespelen, bijvoorbeeld hoe signalen van huiselijk geweld goed te duiden. Er is aandacht voor de meldcode op verschillende manieren, onder andere door training en voorlichting. Beide regio’s zijn gestart met een ander uitgangspunt. In Midden-Holland was is er vanuit de uitvoering gestart op kleine schaal. In deze regio is het Toekomstscenario in eerste instantie alleen gericht op gezinnen met kinderen, met de intentie om later uit te breiden. In Holland Rijnland is gestart met een inventarisatie van de huidige situatie, om vanuit daar te werken naar de praktijk. Er is veel uitwisseling tussen de beide regio’s. Zo is samengewerkt aan visievorming op de thema’s regie, gezinsgericht werken, verklarende analyse en ‘wanneer is het veilig’. Het is de bedoeling om op termijn te komen tot een gezamenlijke aanpak, hoewel lokale verschillen mogelijk blijven. De termijn is onbekend en zal ook afhangen van het tempo van landelijke ontwikkelingen. Op dit moment maken we in de regio gebruik van ervaringsdeskundigen die landelijk actief zijn. Ook is er bijvoorbeeld ExpEx: jongeren met ervaring in de

Geen gevolgen voor de tekst

8.3

8.4

Pagina’s 7. 5e alinea en 10, onderaan de pagina.

Geen gevolgen voor de tekst

Geen gevolgen voor de tekst

13

8.5

8.6

8.7

Er wordt gesproken over ervaringsdeskundigen. Zij zouden een taak krijgen bij het adviseren van organisaties. Hierbij de volgende vragen: Hoe maak je daar gebruik van? Melden zij zich? Hoe heb/ krijg je ze in beeld? Pagina 8, paragraaf 5.1 en laatste alinea pagina 13 Het gaat over preventie. Maak hierbij onderscheid tussen primaire en secundaire preventie en benoem dit.

Pagina 8, voorlaatste alinea Graag de zin: ‘er is een maatschappelijk gesprek gaande over hoe we met elkaar samengaan in de samenleving’ duidelijker maken: wat wordt hiermee bedoeld? In deze alinea staat ook dat gemeenten werken aan het voorkomen van financieel misbruik bij kinderen en ouderen. De vraag die hierbij hoort is: Hoe wordt gewerkt aan het voorkomen hiervan.

Pagina 9, paragraaf Vroeg signalering De zin die begint met ‘Denk aan onderwijs….’ Aanvullen met verloskundigen, gynaecologen, acute hulp enzovoort.

jeugdzorg. In andere regio’s wordt al gewerkt met ervaringsdeskundigen. Werving blijkt moeilijk, maar niet onmogelijk. Ervaringsdeskundigen kunnen verschillende rollen vervullen. Het inzetten van ervaringsdeskundigen pakken we samen met organisaties op. In de regiovisie hebben we aandacht voor beide vormen van preventie, maar noemen we het ‘preventie’ en ‘vroegsignalering’. We kiezen niet voor het toevoegen van de begrippen ‘primaire preventie’ en ‘secundaire preventie’, omdat deze begrippen niet voor iedereen herkenbaar zijn. Het maatschappelijk gesprek gaat over ‘hoe we met elkaar omgaan’. Dit is een breed maatschappelijk gesprek, bijvoorbeeld over ‘wat is seksueel grensoverschrijdend gedrag’. De tekst is aangepast. Het voorkomen van financieel misbruik gaat hier over ouderen. Dit is een vorm van ouderenmishandeling (wanneer het in een afhankelijkheidsrelatie voorkomt). Naast bewustwording, zijn er in de regio verschillende ‘Allianties Financieel Veilig Ouder Worden’, waarin verschillende organisaties in de publieke en private sector samenwerken om financieel misbruik te voorkomen.

We hebben ‘geboortezorg’ toegevoegd aan de opsomming.

Geen gevolgen voor de tekst

Paragraaf 5.1, pag. 11: “Momenteel is er in de samenleving een gesprek gaande over 'hoe we met elkaar omgaan'. Vragen zoals 'wat is acceptabel gedrag en wat niet' en 'wat is grensoverschrijdend gedrag' zijn actueel door onder andere de #MeToo bewegingen en onthullingen. Deze vragen raken ook aan hoe er binnen een relatie met elkaar wordt omgegaan.” Paragraaf 5.1, pag. 12: Toevoeging: “Denk aan lokale teams, onderwijs, geboortezorg, jeugdgezondheidszorg, huisartsen, kinderopvang en de welzijnssector.”

14

8.8

Pagina 9, paragraaf Doelstellingen De volgende vraag; Is er een plaats voor het signaleren bij bijvoorbeeld sportclubs, voedselbank, buren etc. Weten zij bijvoorbeeld de weg naar het Advies en Meldpunt Kindermishandeling (AMK) voor een anonieme melding?

8.9

Pagina 13, paragraaf 6.2, derde punt De zin ‘om de cirkel etc. bij onderliggende problematiek’ aanvullen met ‘psychiatrische problematiek.

8.10

Bronnen, onder Alink etc. Er is een nieuwe studie. Hier staat nog 2010, maar genoemd moet worden de studie van NPM-2017. Deze staat voor Nationale preventiestudie mishandeling van kinderen en jeugdigen Pagina 17, bijlage 1, Begrippenlijst Het is zonder meer zinvol om deze aan te vullen met het uitleggen wat bedoeld wordt met bijvoorbeeld: Gefaseerd samenwerken aan veiligheid/ gefaseerde ketenzorg AMK Meldcode Kwaliteitskader Werken aan Veiligheid voor lokale teams 1 Gezin, 1 Plan, 1 Regisseur

8.11

Iedereen in de maatschappij kan huiselijk geweld signaleren. Landelijke campagnes hebben bijvoorbeeld tot doel dat inwoners mogelijke signalen van huiselijk geweld herkennen. Ook wordt gewerkt aan de bekendheid van Veilig Thuis. Het AMK bestaat niet meer en is opgegaan in Veilig Thuis. Hier kunnen mensen advies vragen of een anonieme melding maken. Dit is een goede toevoeging.

Geen gevolgen voor de tekst

Deze bron is aangepast naar de meest recente bron. De cijfers blijven correct.

De bronnenlijst is aangepast.

De begrippenlijst is aangevuld met ‘gefaseerd samenwerken aan veiligheid’ en ‘Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling’. Het AMK bestaat niet meer en is dus ook niet opgenomen. Het Kwaliteitskader Werken aan Veiligheid voor lokale teams is geen begrip dat centraal staat in de regiovisie. 1 Gezin, 1 plan, 1 regisseur is een werkwijze die in onze regio wordt onderschreven. We kiezen ervoor deze niet op te nemen in de begrippenlijst. Wel wordt de werkwijze benoemd in de tekst.

Bijlage 1: Begrippenlijst Toevoeging van de begrippen ‘Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling’ en ‘Visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid’.

Paragraaf 6.2, pag. 18 Toevoeging: “Om de cirkel van geweld duurzaam te doorbreken is het van belang om onderliggende problematiek als armoede, verslaving, trauma, psychiatrische problematiek en dergelijke aan te pakken”.

15

8.12

Wordt er gebruik gemaakt van kennis van de nationaal rapporteur mensenhandel bijvoorbeeld over jeugdprostitutie en loverboys?

8.13

Zijn de professionals bekend met het Augeo Foundation Kenniscentrum? Dit centrum heeft onlangs nieuw materiaal voor professionals uitgebracht, mede in het kader van de week tegen kindermishandeling. Is er ook gedacht aan bijvoorbeeld meisjes die niet terugkomen van vakantie, zoals Somalische meisjes en besnijdenis, of Marokkaanse meisjes die een traditionele opvoeding moeten krijgen? Dit is ook kindermishandeling.

8.14

Nr. 9

9.1

Deze regiovisie gaat niet in op mensenhandel. Gemeenten zijn verplicht een eigen aanpak te hebben gericht op mensenhandel. Sommige vormen van mensenhandel raken aan huiselijk geweld. Hierin wordt uiteraard gebruik gemaakt van de kennis van de nationaal rapporteur. Beleidsmedewerkers zijn bekend met de Augeo Foundation en verspreiden regelmatig informatie en instrumenten onder organisaties.

Geen gevolgen voor de tekst

Dit past inderdaad onder de noemer kindermishandeling en hoort dus bij de aanpak van huiselijk geweld. Er is aandacht voor cultuursensitief handelen. Ook is er onder 5.3 specifiek aandacht voor bepaalde vormen van gendergerelateerd geweld, onder andere vrouwelijke genitale verminking (vaak meisjesbesnijdenis genoemd) en achterlating. Gemeenten Lisse, Hillegom, Teylingen en Noordwijk (identieke reactie)

Geen gevolgen voor de tekst

Inspraak

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

De terugblik naar de regiovisie 2019-2023 moet uitgebreider en concreter worden opgenomen in de regiovisie. Uit de terugblik moet duidelijk blijken wat er in de vorige regiovisie is bereikt en waar nog gaten zitten waar de regiovisie 2024-2028 moet voorzien. Bij voorkeur wordt dit ondersteund door cijfers of concrete voorbeelden. Er moet beter duidelijk worden welke ambities uit regiovisie 2019-2023 wel en niet zijn overgenomen, en waarom. Daarnaast moet in het visie document zelf meer aandacht worden besteed aan waar deze regiovisie voortbouwt op de ambities uit de regiovisie ‘Geweld hoort nergens thuis’ en andere eerdere doelstellingen.

In de bijlage van de regiovisie is een terugblik op de regiovisie 2019-2023 opgenomen. Daarin staat kort beschreven welke ambities zijn gerealiseerd en wat nog aandachtspunten zijn. Bij het opstellen van de visie is gesproken met alle belangrijke samenwerkingspartners, die hun aandachtspunten voor de aanpak van huiselijk geweld hebben benoemd. Deze hebben we meegenomen in de beschrijving van de ‘huidige situatie’ in deze visie. Bepaalde onderdelen van de vorige visie komen hier daarom in terug. Het is moeilijk om het effect van de aanpak van huiselijk geweld goed te meten in cijfers. In het uitvoeringsplan doen we voorstellen hoe dit beter te doen, o.a. door

Geen gevolgen voor de tekst

Geen gevolgen voor de tekst

16

9.2

9.3

9.4

In de regiovisie 2024-2028 moet aandacht besteed worden om het gebruik van de meldcode onder huisartsen te bevorderen. In bijlage 2: “Terugblik Regiovisie geweld hoort nergens thuis 20292023” wordt beschreven dat het werken met de meldcode achterblijft bij huisartsen. In het huidige visie document wordt erkend dat huisartsen een signalerende rol vervullen maar er zou ook aandacht moeten zijn om het gebruik van de meldcode onder huisartsen op hetzelfde niveau te brengen als andere signalerende organisaties. Er moet meer aandacht besteed worden aan het voorkomen van intergenerationele overdracht van huiselijk geweld. Nadat huiselijk geweld of kindermishandeling heeft plaatsgevonden, is er groot risico op herhaling van geweld en op intergenerationele overdracht. Er moet meer nagedacht zijn voor het aanpakken van intergenerationele overdracht van huiselijk geweld en kindermishandeling in plaats van het alleen te zien als een mogelijk effect dat voorkomen kan worden wanneer huiselijk geweld wordt aangepakt.

Enkele voorbeelden en termen behoeven extra toelichting. Op pagina 8 bij 5.1 Preventie en vroegsignalering onder huidige situatie wordt ‘Kansrijke Start’ als voorbeeld gegeven voor opvoedondersteuning en voorlichting aan ouders waarmee onveiligheid mogelijk wordt voorkomen. Er moet meer ingegaan worden op waarom dit programma daar een goed voorbeeld van is. In diezelfde alinea wordt gezegd dat het maatschappelijk gesprek over ‘hoe we met elkaar omgaan’ nog gaande is, er moet meer op ingegaan worden wat dit precies inhoudt en hoe dit zich tot de regiovisie verhoudt. In doelstelling 4 bij Preventie en vroegsignalering: “Mensen weten bij problemen de weg te vinden en voelen zich veilig genoeg om dit te doen” moet de

onderzoek te doen hoe resultaten beter gemeten kunnen worden. In de regiovisie is er gekozen om aandacht te hebben voor alle beroepsgroepen waar het werken met de meldcode nog aandacht vraagt. In het uitvoeringsplan zal aandacht zijn voor hoe we dit verwezenlijken in specifieke groepen. Daarnaast kunnen gemeenten zelf ook het werken met de meldcode promoten, o.a. bij huisartsen.

Geen gevolgen voor de tekst

Bij het maken van een analyse wordt het thema intergenerationele overdracht zeker meegenomen. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan eerder trauma van ouders, generationeel overdraagbaar stress en het leren omgaan met emoties. Het is een belangrijk thema dat invloed heeft op de huidige situatie. Daarom benoemen we op pagina 13 dat duurzaam oplossen van huiselijk geweld nodig is om intergenerationeel geweld te voorkomen en is in het onderdeel 'preventie' aandacht voor eerdere ervaringen met huiselijk geweld en trauma.

Geen gevolgen voor de tekst

De zin over het maatschappelijk gesprek is uitgebreid in de tekst. Hierin wordt nu ook aangegeven wat dit gesprek inhoudt en hoe dit zich verhoudt tot huiselijk geweld.

Paragraaf 5.1, pag. 11: “Momenteel is er in de samenleving een gesprek gaande over 'hoe we met elkaar omgaan'. Vragen zoals 'wat is acceptabel gedrag en wat niet' en 'wat is grensoverschrijdend gedrag' zijn actueel door onder andere de #MeToo bewegingen en onthullingen. Deze vragen raken ook aan hoe er binnen een

De zin bedoeld in doel 4 Preventie en vroegsignalering gaat specifiek over bewoners. Voor hen is de meldcode niet van toepassing. Om dit duidelijker aan te geven hebben wij de verwoording aangepast. In doel 3 is dit echter wel van toepassing. Daarom is er een stuk over de meldcode toegevoegd onder doel 3.

17

meldcode expliciet genoemd worden. Aangezien de meldcode een belangrijk middel hiervoor is, moet deze ook in de doelstellingen terugkomen. Tenslotte moet onder 5.4 Specifieke aandacht naast de aanpak van ouderenmishandeling ook ingegaan worden op de aanpak van gendergerelateerd geweld en complexe scheidingen, deze toelichting mist nu.

Onderdeel 5.3 is uitgebreid en er is een korte uitleg toegevoegd.

relatie met elkaar wordt omgegaan.” Paragraaf 5.1 doel 3 is aangevuld: “Professionals met direct gezinscontact kennen de risicofactoren van huiselijk geweld en kindermishandeling. Zij kunnen dit signaleren en bespreekbaar maken voordat de problematiek escaleert. Ze gebruiken hierbij de meldcode.” Paragraaf 5.1 doel 4 is aangepast: “Inwoners weten bij problemen en signalen de weg te vinden en voelen zich veilig genoeg om dit te doen”. Paragraaf 5.3 is uitgebreid

Nr. 10

10.1

Gemeente Teylingen, aanvullend op nr. 9 Inspraak

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

Femicide is een van de meest voorspelbare vormen van moord, omdat er sprake is van een patroon door o.a. een bekend gewelddadig verleden van de dader, overtreden van contactverboden, (dreiging met) geweld, mishandeling, en er daardoor i.h.a. ruimschoots indicaties zijn om tijdig ingrijpen te rechtvaardigen. Daarom verzoeken wij u in de definitieve versie

Het uitgangspunt ‘verantwoordelijkheid nemen: doen wat nodig is in samenwerking met andere domeinen’ gaat over samen verantwoordelijkheid nemen, samenwerken en verder kijken dan de eigen kaders en opdracht. Dit gaat verder dan alleen de eigen verantwoordelijkheid van betrokkenen.

Toevoeging onderdeel 4.2 Uitgangspunten: “Verantwoordelijkheid nemen; doen wat nodig is, proactief en in

18

op pagina 8 bij “paragraaf 4.2. Verantwoordelijkheid nemen, samen doen wat nodig is in samenwerking met andere domeinen” aan te vullen met: “Allen die betrokken zijn, hebben de verantwoordelijkheid pro-actief op te treden om ervoor te zorgen dat geweld stopt.

Nr. 11

samenwerking met andere domeinen”.

Reactie College

Gevolgen voor “Geweld Thuis Samen Aanpakken”.

Paragraaf 5.3 is herschreven. Zie pagina 15 en 16 onder “gewenste situatie”

Gemeente Leiderdorp Inspraak

11.1

Wel is het woord proactief toegevoegd in het uitgangspunt: “verantwoordelijkheid nemen: doen wat nodig is, proactief en in samenwerking met andere domeinen”. Daarnaast is onderdeel 5.3 uitgebreid, waardoor meer aandacht is voor intieme terreur en het risico op femicide. Hierin is opgenomen dat partijen proactief moeten optreden en samenwerken om ervoor te zorgen dat geweld stopt.

Wij zien geen belemmeringen ten aanzien van het vaststellen van de Regiovisie Aanpak Huiselijk Geweld Hollands Midden 20242028.

Geen gevolgen voor de tekst

19

Inspraak ontvangen uit Midden-Holland. Nr 12

12.1

12.2

Adviesraad Gemeente Gouda Advies

Reactie

De GASD constateert dat er weinig georganiseerd gesprek is over hoe we met elkaar zouden moeten omgaan, wat normaal is, wat je rechten zijn als kind.  Breng bewustwording op gang, te beginnen bij kinderen. Jeugdgezondheidszorg kan hierin een rol spelen, zij hebben al een vertrouwde positie op scholen en ze hebben gezondheidsbevordering en preventie in hun pakket.  Communiceer regelmatig waar men met zorgen, vragen en meldingen over verwaarlozing en huiselijk geweld terecht kan, zet in op het verminderen van handelingsverlegenheid.  Zorg voor effectmonitoring als onderdeel van het communicatieplan. En betrek JeugdMatch bij het preventieve proces. Deze speelt een belangrijke rol in preventie en vroegsignalering.

We onderschrijven het uitgangspunt dat er meer aandacht besteed dient te worden aan gezonde omgang in gezinnen en relaties. Hiertoe behoort ook informatieverstrekking over de rechten van een kind en de plekken waar iemand zich kan melden voor hulp.  Het voorstel om met Jeugdgezondheidszorg in gesprek te gaan over hun rol in preventie, nemen we mee in het uitvoeringsplan.  We hebben opgenomen in de regiovisie deel te nemen aan landelijke publiekscampagnes. Het lokaal inzetten op het verminderen van handelingsverlegenheid willen we concretiseren in het uitvoeringsplan.  Jeugdmatch is gecontinueerd en wordt actief onder de aandacht gebracht. Deze is niet specifiek vermeld in de regiovisie, maar past wel als actie in het uitvoeringsplan. We hebben monitoring op de actielijnen opgenomen. Het effect meten specifiek van de communicatie zien we niet als meerwaarde, uitgaande van het feit dat de advies-en meldingsbereidheid dan toeneemt en zichtbaar is in de cijfers.  Deze is nadrukkelijk opgenomen en wordt nader gespecificeerd door in deze regiovisie de focus te leggen op de uitwerking van regie.  Het gesprek met de uitvoerende partijen is, zoals u aangeeft, essentieel om nader invulling te geven aan regie en hoe deze in de praktijk moet werken. We zullen dit nadrukkelijk vermelden in het uitvoeringsplan.

 

Werk, net zoals geadviseerd in 2018, aan 1 Gemeente, 1 Plan 1 Regisseur. Bevraag als gemeente de ‘markt’ over hoe zij een ideale oplossing ziet ten aanzien van het aanpakken van huiselijk geweld in de ketensamenwerking. Wie zou de rol van contactpersoon/regisseur op zich moeten en kunnen nemen? Hoe kom je tot een werkbare

Gevolgen voor “Geweld thuis samen aanpakken” Paragraaf 5.1 pag.11-12: “Daarbij is nadrukkelijk aandacht voor voorlichting aan kinderen en jongeren. Ook is duidelijk belegd welke organisaties voorlichting geven aan inwoners over bijvoorbeeld opvoeden. Ten slotte is aandacht voor bewustwording over wat ‘gezonde relaties’ zijn. Belangrijk is dat inwoners zich veilig genoeg voelen om contact te leggen met Veilig Thuis of een hulpverlenende organisatie.”

Geen gevolgen voor de tekst

20

12.3

12.4

samenwerking? Immers de deskundige uitvoerders staan iedere dag met hun ‘poten in de klei’. De GASD adviseert ook in deze om meer te investeren in preventie en in duidelijke proceslijnen voor escalatie. Ook hier geldt dat er een duidelijke werkwijze moet zijn voor alle betrokken partijen en een regiefunctie voor de gemeente zodat slachtoffers niet buiten de boot vallen of de weg niet kunnen vinden naar hulp.

De GASD adviseert om in het kader van samenwerking ook te kijken in de regie- of coördinerende rol van de gemeente hoe instellingen zoals Veilig Thuis, MDA++, Jeugdmatch en andere partners informatie centraal en veilig kunnen delen.  Zorg voor generieke (voor hen die betrokken en bevoegd zijn) en beveiligde toegang tot cliënt informatie. Dit zal veel ruis en dubbel werk schelen. Hiervoor kan de gemeente als host dienen bijvoorbeeld.  Zorg voor zorgvuldigheid in de informatieoverdracht (zie Zeer persoonlijke informatie openbaar via jeugdbescherming | Binnenland | AD.nl)  Werk met een duidelijk stroomschema. Dit zal zowel de cliënt, de hulpverlener en de gemeente een duidelijk beeld geven waar het proces zich bevindt en waar actie op moet worden ondernomen om de beoogde doelen te bereiken.  Wij hebben signalen gekregen dat Veilig Thuis te weinig capaciteit heeft en onvoldoende toekomt aan triage, geef voorrang aan het oplossen van dit probleem.

We onderschrijven dat de uitvoerende partijen helderheid moeten krijgen over werkprocessen en regie. In de komende jaren zullen we in de uitwerking daar aandacht aan besteden. De meldcode fungeert als een escalatieladder, doordat het nadrukkelijk aandacht besteedt aan de stappen die genomen moeten worden indien een professional signalen van geweld heeft opgevangen.

Aandacht voor het delen van informatie, als basis voor de samenwerking hebben we niet als zodanig in de visie opgenomen, maar bij de onderdelen in het uitvoeringsplan zullen we deze meenemen als aandachtspunt, inclusief de zorgvuldigheid daarvan.  Het werken met één gezinsplan, wordt nader uitgewerkt, onder andere in het kader van het Toekomstscenario. Hierdoor zal de informatie en helderheid in het proces over wie doet wat wanneer, moeten toenemen. Uit het proces van uitwerking zal blijken op welke wijze dit het best georganiseerd moeten worden.  Een stroomschema werkt wanneer de stappen in een proces eenduidig en helder zijn. Veelal werken we bij huiselijk geweld op basis van een op maat gemaakt gezinsplan. Hoe meer maatwerk we wensen in een proces, des te minder een stroomschema uit te werken is.  Er is druk op de capaciteit van Veilig Thuis. Veilig Thuis heeft, ook in samenwerking met het Landelijk Netwerk hierop actie ondernomen. We achten het niet passend om een organisatie eigen doelstelling en plannen separaat te vermelden in een regiovisie.

Paragraaf 5.1 pag.12: Doel: “Professionals met direct gezinscontact kennen de risicofactoren van huiselijk geweld en kindermishandeling. Zij kunnen dit signaleren en bespreekbaar maken voordat de problematiek escaleert. Ze gebruiken hierbij de meldcode.” Paragraaf 5.2 pag.13: “Gemeenten faciliteren organisaties om deze ruimte te creëren en maken gezinsgericht beleid. Organisaties en professionals kennen elkaar, leren van en met elkaar, werken vanuit dezelfde uitgangspunten en hebben eenzelfde begrippenkader. Ze kennen de mogelijkheden die er zijn om samen te werken en gegevens te delen.”

21

Advies Waddinxveen Advies

Reactie

13.1

Maak inzichtelijk wat er op dit moment gebeurt.

13.2

Maak inzichtelijk wat er op basis van het beleidsplan “Geweld hoort nergens thuis”, concreet gebeurt.

13.3

Sluit aan bij de ervaringen van de instellingen, de trends die zij zien.

De regiovisie is geschreven met als doel om met elkaar te formuleren waar we naar toe willen werken in de komende vijf jaar. Een dergelijke toekomstvisie, laat weinig ruimte om te beschrijven wat er nu aan werk wordt verzet. Bij de actielijnen hebben we getracht te benoemen waar we nu staan en daar waar we naar toe willen. In de bijlage is een uiteenzetting toegevoegd over de activiteiten en plannen die zijn uitgevoerd in lijn met de regiovisie 2019-2023. Voor de leesbaarheid van de regiovisie gaan we niet nader in op de uitwerking van de vorige regiovisie. In het proces richting een nieuwe regiovisie zijn we gestart met een evaluatie met beleidsadviseurs en uitvoeringspartners, zijn er interviews afgenomen om bij hen de trends en belangrijke doelstellingen op te halen. Die informatie is verwerkt in een 1e versie, die nog een keer aan alle beleidsadviseurs en de uitvoerende partners is voorgelegd voor feedback. Alle reacties zijn verwerkt in deze versie.

Gevolgen voor “Geweld thuis samen aanpakken” Geen gevolgen voor de tekst

Geen gevolgen voor de tekst

Hoofdstuk 1 pag. 4: “De visie is opgesteld door een regionale werkgroep bestaande uit een ambtelijke vertegenwoordiging uit Hollands Midden. Als voorbereiding is door de werkgroep gesproken met de belangrijkste partners in de regio. De concepttekst is aan alle organisaties die een rol hebben in de aanpak van huiselijk geweld en aan beleidsambtenaren uit de regio voorgelegd om reacties op te halen. Ook hebben twee ervaringsdeskundigen vanuit het perspectief van slachtoffer en vanuit het perspectief van pleger meegelezen. Alle

22

13.4

Maak een analyse van de oorzaken van huiselijk geweld en kindermishandeling en baseer daar de acties op.

Over de omvang en aard van het probleem hebben we getracht in de infographic een goede weergave te geven. We hebben de oorzaken niet specifiek/ apart opgenomen in de regiovisie. Uiteraard bouwen we voort op de kennis over de oorzaken zoals de onderzoekers zoals Verwey Jonker hebben aangegeven.

reacties zijn verwerkt in deze versie.” Paragraaf 5.2 pag.13-14: “Met het gezin samen wordt aan het begin van een traject een brede verklarende analyse gemaakt van de geweldsdynamiek en onderliggende problematiek. Een goede analyse en het aanpakken van de oorzaken van geweld vormen de rode draad in het oplossen ervan.[..] Op basis van de analyse wordt met het gezin een plan opgesteld met voorwaarden en veiligheidsafspraken om het geweld te stoppen en duurzaam op te lossen. De analyse zorgt ervoor dat we bepaalde geweldspatronen of profielen van geweld herkennen. Zo wordt duidelijk welk van de vijf gezinsprofielen bij huiselijk geweld het meest van toepassing is: intiem terreur, gezin in de stress, langdurige zorg, kindgedrag en opvoedstress en complexe conflictscheidingen (Steketee et al, 2020). [..] Om een goede aansluiting te vinden in het hulpaanbod van verschillende organisaties is het van belang dat de organisaties werken met het model van gefaseerd

23

13.5

Geef aan hoe de samenwerking tussen zorg- en veiligheidsdomein concreet gestalte kan worden gegeven.

De samenwerking tussen zorg- en veiligheidsdomein zal in het uitvoeringsplan verder uitgewerkt worden. Een mooi voorbeeld is de aanpak van stalking waaraan wordt gewerkt en waarbij het proces van de politie en het proces van Veilig Thuis en de hulporganisaties worden aangesloten.

13.6

Vat ontwikkelingen kort samen en baseer daar de activiteiten op. Voor de praktische uitvoering is dit van belang.

13.7

Zet in op actieve bekendheid met de meldcode en neem drempels die daarbij gevoeld worden zo veel mogelijk weg.

13.8

Breng de achtervangfunctie waar ieder voor adviezen en tips terecht kan duidelijk onder bij een instelling en stel daarvoor de benodigde middelen beschikbaar.

Wat u opmerkt is precies de context waar we mee te maken hebben, namelijk verschillende programma’s en tijdlijnen die op elkaar inwerken. Het is een uitdaging voor ons samen met het veld om hier een goede uitwerking aan te geven. We hebben getracht dit zo kort en helder mogelijk weer te geven. Door met elkaar heldere actielijnen en doelen te volgen en deze nader uit te werken in een uitvoeringsplan, achten wij het voldoende helder en duidelijk beschreven. Het werken met de meldcode is een wettelijke verplichting voor alle professionals in de zorg, welzijn en op scholen en kinderopvang. Er wordt lokaal ingezet op de meldcode en het werken met aandacht functionarissen. Bovenstaande komt terug in het uitvoeringsplan. Deze adviesfunctie ligt officieel bij Veilig Thuis. Hier kan (anoniem) een casus besproken worden. Vanuit het landelijk programma Toekomstscenario (in de regio:

samenwerken aan veiligheid en kunnen duiden in welke fase van het proces zij zich bevinden. Het duiden van de fases is relevant voor het bepalen van de volgende stappen in het proces van het gezin en met elkaar overeenstemming vinden over de prioriteiten.” Geen gevolgen voor de tekst

Geen gevolgen voor de tekst

Geen gevolgen voor de tekst

Geen gevolgen voor de tekst

24

13.9

Zorg voor een duidelijke structuur tussen instellingen in hun taak huiselijk geweld en kindermishandeling aan te pakken zonder ieders taak over te nemen.

13.10

Zorg in de onderlinge afstemming dat deze frustraties zo veel mogelijk worden weggenomen. Ik mis de regie • Ik weet niet wat mijn partners doen • Ik vertrouw er niet op dat ik zaken aan (externe) collega’s kan overlaten • Ik mis kennis bij mezelf of anderen over huiselijk geweld en kindermishandeling • Ik reflecteer niet met collega’s, en al helemaal niet met netwerkpartners.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13934732/2