CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

BI7210 Fase II Klimaatadaptatie en Biodiversiteit eindrapport

Overige evenementen 10 mei 2023, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Klimaatadaptatie en Biodiversiteit19.290 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Ingrijpen voor het vertragen (bodemdaling is in dit deel van Nederland niet te voorkomen) van bodemdaling vraagt om samen op te trekken met gebiedspartners om bijvoorbeeld het waterpeil (gedeeltelijk) te verhogen of door innovatieve maatregelen toe te passen. Deze keuzes zullen moeten worden afgestemd met de omringende gebieden en gebiedspartners zodat de aanpak op elkaar aansluit. Voor nieuwe gebiedsontwikkelingen kan nu hier nu al rekening mee worden gehouden door de functies in het gebied aan te passen op de draagkracht van de bodem en het waterpeil. • Veldwerk habitats en omgevingskenmerken: Een aantal habitats en omgevingskenmerken zijn op basis van beschikbare data onvoldoende in beeld. Hiervoor is aanvullende informatie wenselijk, bijvoorbeeld door middel van gericht veldwerk. Het betreft hoofdzakelijk inzicht in aanwezigheid van (kunstmatige) nestruimte, de aanwezigheid van kale zandbodem, de geschiktheid van lijnvormige elementen in het gebied en de geschiktheid van de tuinen in verschillende wijken. • Kwaliteit habitats: De kwaliteit van een aantal habitats (voor specifieke doelsoorten) was onvoldoende in beeld op basis van beschikbare informatie. Het is wenselijk om hiervoor gerichte informatie te verzamelen om de huidige situatie en de potentie voor verbetering te kunnen duiden.

Het betreft hoofdzakelijk de bodemkwaliteit van veenweidegebied voor rietorchis, de sloten en

29 november 2022

BI7210-RHD-XX-XX-RP-EO-0001

66

Vertrouwelijk

•

•

vaarten en natuurvriendelijke oevers in veenweidegebied en in de waterrijke buurtclusters voor ringslang en glassnijder, en de rietkragen voor kleine karekiet. Waarden aangrenzende gemeenten: De potentie voor biodiversiteit wordt voor een aantal soorten mede bepaald door de natuurwaarden in aangrenzende gemeenten. Het betreft hoofdzakelijk de verbindende kwaliteit van lijnvormige elementen aan de gemeentegrens, de aanwezigheid van bijvoorbeeld (habitat voor) ringslang en steenuil en de aanwezigheid van geschikt en bereikbaar groot open water als foerageergebied voor meervleermuis. Uitwisseling met aangrenzende gemeenten verbetert het inzicht in en de beoordeling van deze onderdelen. Feitenanalyse gezondheid uitvoeren voor een betere samenhang met de andere thema’s.

Benoemde maatregelen per buurtcluster vertalen naar ontwerp en kosten De in Fase II van deze feitenstudie benoemde maatregelen per buurtcluster zijn het meest kansrijk als deze uitgevoerd kunnen worden via een onderhoudsproject of nog in beeld te brengen gebiedsontwikkeling (werk met werk). Het is raadzaam om ook alle geplande gebiedsontwikkelingen in beeld te hebben en de maatregelen concreet te vertalen naar ontwerp (en ontwerpprincipes hanteren) en een kostenrange te bepalen (of te agenderen als dit in de toekomst ligt). Formuleren ontwerpprincipes Zoals boven benoemd hieronder een aantal ontwerpprincipes waar mee gewerkt kan worden (of nader uitgewerkt kunnen worden): •

•

•

•

•

•

Vaste principes en doelen vastleggen en uitvoeren  altijd afkoppelen en infiltreren tenzij. Ecologisch beheer tenzij. Dergelijke principes kunnen voor verschillende werkvelden en planfases gemeente breed worden geïmplementeerd. Inrichten van koele plekken  voor verminderen hittestress, waarbij in het ontwerp rekening wordt gehouden met de habitatdoelen. Dit zijn in bebouwd gebied hoofdzakelijk schaduwvormers zoals struikvegetatie en bomen, (stads)bossen en bosschages, gecombineerd met parkgrasland, maar ook de combinatie van sloten en vaarten met natuurvriendelijke oevers en rietkragen. Inrichten van een ecologische verbindingszone  waarbij speelmogelijkheden voor kinderen worden gefaciliteerd en extra schaduwrijke langzaamverkeersroutes (fiets- en wandelpaden). Bij de integratie is vanuit biodiversiteit belangrijk dat er voldoende doorlopende luwe, structuurrijke elementen aanwezig zijn, en dat verlichting wordt ingericht zodat het ’snachts geen verstoring veroorzaakt. Tegengaan van eenzaamheid  door straten/pleinen in te richten waarin de mens centraal staat in plaats van de auto. In deze straten/pleinen is aanwezigheid van groen in de vorm van plantsoenen en bermen, parkgrasland, struikvegetatie en eventueel poelen, rietkragen en oevers, wenselijk vanuit alle drie thema’s.

Vergroenen openbare ruimte: Bij het klimaatadaptief vergroenen van de openbare ruimte rekening houden met de habitattypen voor de doelsoorten in het buurtcluster. Met name bij herinrichting van straten/wijken kan voor vergroening gericht worden ingezet op het toevoegen van gewenste habitats. Vergroenen bedrijventerreinen. Voor bestaande bedrijventerreinen zoals Mercuriusweg, Doelwijk en in Noordkade benutten van kansen om samen met bedrijven op te trekken. Samen verstening tegengaan met groen houdt de omgeving leefbaar, en bevordert ook de werkomstandigheden en arbeidsproductiviteit van medewerkers. Hierbij zijn denkbare richtingen de inzet van (lange, gebiedsdoorkruisende) bermen, vergroening van gevels en passeerbaarheid van hekwerken voor kleine tot middelgrote zoogdieren.

29 november 2022

BI7210-RHD-XX-XX-RP-EO-0001

67

Vertrouwelijk

Communicatie en participatie inwoners • Communicatie: op basis van deze feitenstudie heldere kernboodschap(pen) formuleren. Voor klimaatadaptatie gaat het om de inwoners mee te nemen in o.a.: wat is klimaatadaptatie? Wat gaat de gemeente doen en waarom is dat belangrijk voor mij? Wat kan ik zelf doen? Voor biodiversiteit kan ingegaan worden op de doelsoorten en waarom biodiversiteit voor ons als mens belangrijk is. • Participatie en restrisico: Het gesprek aangaan met inwoners en gebiedspartners; wat is het acceptabel en onacceptabel restrisico? Hierin kunnen de volgende acties uit worden gevoerd: o o o o

Samen met bedrijven vormgeven aanpak klimaatbestendige bedrijventerreinen. Met groenbeheerders (Groenalliantie Midden-Nederland en Staatsbosbeheer) samen optrekken om beleefgroen, ecologische en recreatiewaarde van natuur te verhogen. Gemeente brede campagnes om inwoners te informeren Promoten en ondersteunen van initiatieven door inwoners en organisaties.

Beleid en beleidsvorming • Omgevingsvisie van gemeente Waddinxveen: opgenomen dat er in 2025 waar nodig (aanvullend) beleid wordt geformuleerd om ervoor te zorgen dat de opgaven voor klimaat- en biodiversiteit worden verwerkt in gewone taken van de gemeente. Dit betekent dat in een volgende verkenning kan worden gekeken welke prioritering van toepassing is en welk deel van de ambities in regulier beheer opgelost kan worden, welk deel acceptabel risico wordt en welke deel dan overblijft als opgave. • Visie en beleid voor nieuwbouw: voor nieuwbouwprojecten moet er een visie en beleid komen wat stuurt op de thema’s biodiversiteit, klimaatadaptatie en gezondheid. Dit beleid zou kaderstellend moeten worden voor elk nieuwbouwproject. Er kan hierbij bijvoorbeeld gekeken worden naar natuur inclusief bouwen. Ook kan de gemeente mee doen aan het convenant klimaat adaptief bouwen. Ook kan bijvoorbeeld via het LIOR (Leidraad Inrichting Openbare Ruimte) meer sturing worden gegeven aan klimaatadaptieve en natuur inclusieve inrichting van de openbare ruimte. • Calamiteiten en evacuatieplan verbeteren: In samenwerking met veiligheidsregio evacuatieplannen verbeteren door route en hoogteligging van de calamiteitenroutes herijken.

Als evacuatie door bijvoorbeeld beperkt transportcapaciteit niet mogelijk is een plan maken voor- en bewustwording vergroten over de mogelijkheden van verticale (naar een hogere verdieping of droge plek in het overstroomde gebied) evacuatiemogelijkheden (resultaat risicodialoog); Implementeren en betrekken organisatie Binnen de gemeentelijke organisatie dienen er kartrekkers en aanjagers te zijn op deze thema ‘s, die hier ook verantwoordelijk voor zijn. Betrokken ambtenaren dienen voldoende tijd en ruimte te krijgen om mee te doen in projectgroepen zodat de resultaten en inspanningen gedragen worden. Aandachtspunten: • Stimuleren en faciliteren van de gemeentelijke organisatie; • Collega’s informeren en/of opleiden op deze thema’s; • Kennis delen en halen door middel van excursies en netwerken; • Participeren in het reguliere werk zoals het actief adviseren in RO-initiatieven en projecten (o.a. op het gebied van GREX).

29 november 2022

BI7210-RHD-XX-XX-RP-EO-0001

68

Vertrouwelijk

Overige (gesubsidieerde-) acties • Vergroenen door verharding te verwijderen: meedoen met het NK-tegelwippen, operatie steenbreek of een dergelijke actie en/of een subsidie (lokaal) op te zetten. Dit om te stimuleren dat verharding (tegels) worden verwijderd en worden vervangen door groen. Door de juiste beplanting toe te voegen heeft deze maatregel ook een positief effect op biodiversiteit. • Subsidie- of stimuleringsregeling voor klimaatadaptieve maatregelen bij particulieren: Maatregelen die vaak worden gestimuleerd via subsidies zijn het aanleggen van groen, regentonnen, afkoppeling van regenwater, aanleggen van waterberging, groene daken en geveltuinjes. Hierbij moet samenwerking met het waterschap worden onderzocht. • Slimme sturing op juiste watervoorraad: er kan door een slimmer waterbeheer en systeem aan te leggen nog slimmer gestuurd worden op de watervoorraad. Voor deze extra kans kunnen de DPRA-subsidiegelden/impulsgelden worden ingezet.

29 november 2022

BI7210-RHD-XX-XX-RP-EO-0001

69

Vertrouwelijk

Bijlage I – Gidssoorten en doelsoorten Doelsoort

Voorbeeld meeliftende soorten

Bruin blauwtje

Argusvlinder, verschillende en zweefvliegsoorten.

Weidehommel

Andere hommelsoorten, zoals de aardhommel, akkerhommel en steenhommel. Verschillende (inheemse) bijensoorten, zoals graafbijen en metselbijen, maar ook de honingbij.

Steenuil

Torenvalk, buizerd, sperwer, patrijs, veldleeuwerik, gele kwikstaart, graspieper,

Rietorchis

Ronde zonnedauw, moeraswespenorchis, bijenorchis

Grutto

Tureluur, kievit, veldleeuwerik, kemphaan, slobeend, wulp, scholekster

Merel

Groenling, gaai, vink, koolmees, pimpelmees, heggemus, boomklever, spreeuw, staartmees.

Egel

Zie soorten bunzing.

Glassnijder

Vroege glazenmaker, gewone oeverlibel, geelgerande waterroofkever, kleine watersalamander, meerkikker.

Meervleermuis

Verschillende vleermuissoorten, zoals de laatvlieger, gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, watervleermuis en rosse vleermuis.

Kleine karekiet

Rietgors, rietzanger, roerdomp, purperreiger.

Bunzing

Wezel, hermelijn, steenmarter, verschillende muizensoorten, zoals de gewone bosmuis, aardmuis en huisspitsmuis.

Huismus

Houtduif, kauw, vink, koolmees, pimpelmees

Ringslang

Groene glazenmaker, verschillende amfibiesoorten, zoals kleine watersalamander, meerkikker, bruine kikker, bastaardkikker en gewone pad. Maar ook vissoorten zoals de kleine modderkruiper, vetje en snoek.

29 november 2022

BI7210-RHD-XX-XX-RP-EO-0001

70

Vertrouwelijk

Bijlage II– Suggesties en vervolg gezondheid Zoals in Fase I vermeld is er nog veel te ontdekken en te ondernemen ter verbetering van gezondheid in de gemeente Waddinxveen. Zoals benoemd in de aanbevelingen dient het behalen van positieve gezondheidseffecten integraal onderdeel te zijn van de aanpak. In deze bijlage worden een aantal concrete suggesties benoemd rondom het thema, maar ook een concrete follow up. Deze vervolgstappen kunnen als onderdeel worden gezien van de aanbevelingen. Suggestie: meedoen aan positieve initiatieven als ‘rookvrije generatie’, ‘geen rommel in je trommel’ of ‘operatie steenbreek’ als voorwaarde stellen voor krijgen van subsidies (bij verenigingen, buurtcentra etc.).

Suggestie: bij de herinrichting van bijvoorbeeld wegen of de revitalisatie van wijken is er een uitgelezen kans om de leefomgeving groener in te richten. En daarbij mogen inwoners zelf ook bijdragen.

Conclusie: er zijn diverse methoden beschikbaar om de waarde van natuur of gezondheid te sturen en te berekenen. Methodisch werken wordt sterk aanbevolen, maar dit kan bijvoorbeeld ook worden toegepast door het eigen beleid te vertalen naar doelen en maatregelen.

Zoals in Fase 1 al besproken is een gezonde inrichting van Waddinxveen (en de samenhang met klimaatadaptatie en natuurontwikkeling) nog maar net begonnen. Voor het vervolggesprek kunnen de volgende uitgangspunten worden gehanteerd: Stap 1: Bepaal de opgave door inzicht 2 te krijgen in huidige stand van zaken in Waddinxveen en de opgave die er ligt om de gezondheid van de inwoners te verbeteren. Dit kan bijvoorbeeld door klimaatstresstesten, monitoring door de GGD, evaluatie van beleid, inzicht in de aanwezige infrastructuur, analyse van de knelpunten en demografische ontwikkelingen. Het verkrijgen van meer inzicht kan bijvoorbeeld op buurtniveau (zelfde indeling als voor klimaat en natuur). Binnen de gemeente wordt onderzoek gedaan naar het opzetten van een richtlijn voor sociale en maatschappelijke voorzieningen. Hiervoor is inzicht wenselijk op wijk- of buurtniveau. Het doel van de richtlijn is onder meer een investeringsplanning voor meerdere jaren. Stap 2: Aan de slag met het beschermen en bevorderen van gezondheid: • Beschermen tegen ongezonde invloeden. Bijvoorbeeld door de emissie van geluid, fijnstof en schadelijke stoffen of hitte te verminderen. Maar ook door bijvoorbeeld het aanbod van ongezonde voeding, drank en rookwaren te verminderen. • Stimuleren tot gezond leven.

Bijvoorbeeld door een aantrekkelijke leefomgeving in te richten waardoor de sociale cohesie versterkt wordt. Maar ook door stilte- en koelteplaatsen te creëren, bewegen te bevorderen en natuur beter toegankelijk te maken. • Faciliteren van de juiste omstandigheden. Gezond leven en gezond zijn kunnen niet afgedwongen, maar wel mogelijk gemaakt worden. De gemeente heeft hierin een sterk faciliterende rol. Door het 2

Voor gezondheid in relatie tot het fysieke domein zijn nog geen concrete protocollen opgezet. Aanbevolen wordt de opzet van het RIVM te volgen waarin 88 kenmerken van een gezonde stad zijn samengebracht tot 12 clusters en 4 hoofdclusters (http://previewsite.eu/rivm/concept-mapping/). Deze methode is echter nog niet geconcretiseerd naar indicatoren.

29 november 2022

BI7210-RHD-XX-XX-RP-EO-0001

71

Vertrouwelijk

•

creëren van de juiste omstandigheden of randvoorwaarden wordt gezond leven dichterbij gebracht. Daarbij dient rekening gehouden te worden met de aspecten tijd en ruimte. Gezondheidseffecten ontstaan niet altijd op de plaats waar de ingreep plaatsvindt en hoeven ook niet te ontstaan direct na de ingreep. Sturen op gedragsverandering. Door middel van voornoemde stappen wordt gestuurd op gedragsverandering. Het is van groot belang om inzicht te hebben in gedrag en de veranderingen die ontstaan door een ingreep.

Stap 3: Werken aan een gezonde leefomgeving kent diverse uitdagingen, onder andere: • Het sociale en fysieke domein moeten voldoende samenwerken. Gezondheid is niet iets van de zorgsector alleen, maar ook juist iets dat door de inrichting van de gebouwde omgeving gefaciliteerd wordt. • Natuur is van groot belang voor gezond leven, maar heeft zelf ook ruimte en rust nodig. De belangen van de natuur en de waarde van natuur voor de gezondheid van mensen moeten doorlopend worden afgewogen. • Het betrekken van de privéruimte bij woningen is van belang voor de samenhang in de gezonde impact van natuur en klimaatadaptieve maatregelen. • Een grote uitdaging is het gesprek over ‘investeren en renderen’. Maatregelen die de natuur bevorderen, klimaatadaptief zijn of gezond leven mogelijk maken, zijn waardevol. Maar degene die de investering doet, is lang niet altijd degene die het rendement ontvangt. Hierin heeft de gemeente een belangrijke rol om deze ‘split incentive’ weg te nemen, maar ook door haar eigen mogelijkheden te benutten om de gebouwde omgeving gezonder in te richten. • Tenslotte is voor veel ruimtelijke ingrepen nog niet duidelijk vastgelegd welke voordelen zij hebben voor de gezondheid van de inwoners van een buurt of wijk.

29 november 2022

BI7210-RHD-XX-XX-RP-EO-0001

72

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12705924/1