CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag raadsvergadering 3 november 2022

Raadsvergadering 2 februari 2023, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Verslagen28.443 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

U heeft het over de regenboogvlag als een kwetsend symbool en gebruikte de termen die uw fractievolger bekrachtigde in uw woorden. Dan heb ik het bijvoorbeeld over de term woke ideologie. Dat vind ik jammer. Kunt u daar enigszins licht op laten schijnen? De heer Tiemstra: Ik vind het jammer dat het debat op deze toon gaat waar we het hebben over de genderidentiteit of de seksuele oriëntatie. Een mens is voor mij meer dan zijn of haar geslacht en meer dan zijn of haar seksuele oriëntatie. Alle mensen zijn gelijkwaardig en ik weiger om mij in de hoek te laten drukken dat ik daar onderscheid in zou aanbrengen of dat ik waardeoordelen over mensen zou vellen. Dat heb ik niet gedaan, dat doe ik niet, dat ga ik ook niet doen en ik ga me dat niet door u in de mond laten leggen. Ten tweede heb ik het helemaal niet over woke ideologie gehad. Ik heb alleen gezegd hoe de SGP-fractie tegen de regenboog aankijk; als teken van Gods verbond. Dat heb ik gezegd. De voorzitter: De heer Den Braven krijgt het woord. Wilt u het in de breedte voor de SGP houden en niet op specifieke personen die zich niet kunnen verweren in deze raad? De heer Frank den Braven: Ik heb het nog helemaal niet over specifieke personen gehad. Ik heb het over een bijdrage van de SGP. De voorzitter: U noemde net de fractievolger. Ik wil dat u het aan de SGP adresseert. De heer Frank den Braven: Oké, voorzitter.

De partij SGP heeft deze groep en het willen helpen en het benaderen van deze groep betiteld als woke ideologie. Daar neem ik aanstoot aan. Ik hoor geen nuancering. Het wordt niet teruggenomen. Dat vind ik extreem pijnlijk en daar wil ik het bij laten. Mevrouw Klerks: Ik zou het graag willen hebben over een iets grotere groep, namelijk de vrouw, want die benoemde u ook. U heeft gelijk, we zijn niet gelijk. Vrouwen zijn over het algemeen intelligenter en hebben meer empathie dan mannen. Dat blijkt vanavond maar weer eens. Waar ik moeite mee heb, is dat de SGP stelt dat er geen glazen plafond is en dat vrouwen niet minder betaald krijgen dan mannen. Er is ongelijkwaardigheid in deze wereld, er is ongelijkwaardigheid in Nederland en er is ongelijkwaardigheid in Waalwijk. Als u stelt dat er geen ongelijkwaardigheid zou zijn tussen mannen en vrouwen en dat wij als gemeente niet het goede voorbeeld moeten geven in het net zo goed belonen van vrouwen en mannen, heeft u echt de verkeerde persoon voor u. Dan hebben wij nog een lang gevecht te vechten. Ik wil het statement hier gemaakt hebben. Ik ga geen debat met Notulen raadsvergadering 3 november 2022

18

u aan, maar wat u hier stelt, vind ik onacceptabel. Dat wil ik gezegd hebben. De heer Tiemstra: Daar wil ik graag op reageren. Ik heb zojuist geluisterd naar een van de sterkste raadsleden in deze raad. Ik heb niets gezegd over een glazen plafond. Ik kan alleen spreken voor de SGP. Ik kan niet spreken voor het personeelsbeleid van de organisatie van de gemeente Waalwijk en andere bedrijven. Wat ik heb gezegd, is dat mannen en vrouwen zeker gelijkwaardig zijn. Dat geldt voor de SGP en als we daar andere keuzes in maken, betreur ik dat met u, want dan kijken ze waarschijnlijk niet scherp genoeg naar de kwaliteit die vrouwen zeker bezitten. Anders denk ik dat we elkaar verkeerd begrepen hebben, maar dit zijn dingen die ik gezegd heb. Evenals bij de heer Den Braven krijg ik het gevoel dat u mij in een hoek probeert te drijven met uw statement en dat vind ik jammer want ik denk niet dat dat terecht is. De heer Bokšan: Ik wil ook nog even ingaan op het stukje LHBTI dat de SGP heeft ingebracht vanavond. Ik heb er ook een beetje moeite mee. De heer Tiemstra presenteert zijn betoog als zijn eigen visie en laat ons onze eigen visie hebben. Iedereen in deze raad accepteert ook dat u uw geloof kunt betuigen en u heeft ook gezegd dat we de sporen van het Christendom aan het wegvagen zijn. Maar iedereen in deze raadszaal heeft ontzettend veel respect voor u als u uw geloof wilt betuigen.

Waarom kunt u datzelfde respect niet opbrengen voor mensen uit de LHBTI-gemeenschap? De heer Tiemstra: Wanneer heb ik gezegd dat ik geen respect heb voor de mensen uit de LHBTI-gemeenschap? De heer Bokšan: Door heel uw bijdrage heen. Bij elk punt dat de SGP heeft ingebracht en dat ging over LHBTI’ers. De heer Tiemstra heeft het ook nog gehad over de overlast en de discriminatie die LHBTI’ers ervaren. En dat we ze, als we het hebben over de problemen in die gemeenschap, echt moeten aanpakken. Dat is dus niet met die LHBTIvlag waarover de heer Tiemstra stond te tieren, maar het gaat om het aanpakken van de problemen. Kunnen we de SGP aan onze zijde vinden als wij volgende week seksuele straatintimidatie willen aanpakken in de raad? Kunnen we dan steun verwachten van de SGP? De heer Tiemstra: Daar moet ik over nadenken, want in principe zijn wij tegen alle vormen van geweld en discriminatie tegen welke bevolkingsgroep dan ook. Stel dat we op een gegeven moment zouden beginnen met groepen, zoals u net aangeeft, en we zouden daarna meteen vervolgafspraken kunnen maken over een aantal andere groepen, zou dat prima zijn. Want wij sluiten niemand uit. Ik voelde me best goed bij de manier waarop u net aangaf waarom u het amendement niet kunt steunen, als dat een antwoord is. De heer Ottens: Het is bekend dat wij op een aantal principiële zaken lijnrecht tegenover elkaar staan.

Dat respecteren we ook van elkaar. Ik vind het ook jammer dat de discussie zich toespitst op de LHBTI-gemeenschap, want inclusie gaat over alle doelgroepen. Toch nog even vanuit mij een persoonlijke opmerking, voordat ik twee vragen aan u stel. Ik heb een neefje gehad dat veertien jaar lang uitermate ongelukkig is geweest. Vier jaar heeft hij in een transitie gezeten en nu heb ik een nichtje dat al vijf jaar lang enorm gelukkig is met zichzelf. Dit soort zaken, ook al bedoelt u dat in zijn algemeenheid, kan een persoon heel erg raken. Dat wil ik toch even meegeven, zonder dat wij een oordeel hebben, want we weten dat we daarin van mening verschillen. Ik was ook benieuwd naar twee uitspraken die u deed. In de eerste plaats gaf u aan dat de Nederlandse samenleving afrekent met de christelijke waarden. Ik zou graag willen weten wat u daarmee bedoelt. En aan het eind van uw betoog had u een zin waarvan het eerste gedeelte mij enorm aansprak: ‘Iedereen doet mee, behalve wie zichzelf uitsluit’. Wat bedoelt u met het laatste gedeelte van die zin? Notulen raadsvergadering 3 november 2022

19

De heer Tiemstra: Er zijn twee vragen gesteld. Als we kijken naar de wetten die landelijk worden aangenomen en de verordeningen, beleidsregels en besluiten die lokaal worden genomen, kan ik niet zeggen dat die het christendom bevorderen. Dat is ook een afspiegeling van de samenleving, het kerkbezoek neemt af en dat zien we ook terug in de samenstelling van de Tweede Kamer. We zien het in gemeenteraden terug. De SGP blijft constant, maar partijen die weinig met de Bijbel op hebben en dat ook in wetten laten merken, worden groter. Denk aan de koopzondagen om die maar weer eens aan te halen, maar er zijn ook andere voorbeelden te noemen. Dat is zichtbaar. Voor het tweede punt pak ik er even bij wat ik precies gezegd heb. Jezus gaf Zijn leven om uw en mijn leven te redden en gaf Zichzelf aan het kruis. Dat heb ik gezegd. Daarbij wordt niemand buitengesloten behalve degenen die zichzelf buitensluiten. Voor wie heeft Hij Zijn leven gegeven? Voor degenen die in Hem geloven. Voor degenen die niet in Hem geloven, wordt het heel moeilijk. Dat heb ik ermee bedoeld. De heer Ottens: Dat is duidelijk. Dat is vanuit uw christelijke achtergrond en geloof. Daar gelooft u in, maar ik vind het nogal zwaar aangezet als u zegt dat de samenleving een afrekening maakt met het christelijke geloof. Eigenlijk is het zo dat de samenleving zich ontwikkelt en daar andere inzichten over ontstaan.

Ik ben zelf ook niet gelukkig met alle inzichten die de laatste tijd ontstaan, maar dat is nu eenmaal een gegeven. Ik vind dat niet echt het afrekenen ergens mee. Ik kan me voorstellen dat u dat zo ervaart, maar ik kijk er toch op een andere manier naar. De heer Timon Klerx: Begrijp ik het nu goed dat de heer Tiemstra zegt dat zij die niet in Hem geloven worden buitengesloten? De heer Tiemstra: Nee, meneer Klerx, gelukkig begrijpt u dat niet goed. Want het is niet aan ons om mensen buiten te sluiten. Dat heb ik nu vanavond een keer of zeven gezegd: wij sluiten niemand buiten. De heer Timon Klerx: Ik hoop dat u dan nog eens wilt uitleggen wat u met die laatste zin bedoelt. Ik ben echt even helemaal op een verkeerd been gezegd door het antwoord dat u gaf aan de heer Ottens. De heer Tiemstra: De Heere Jezus gaf Zijn leven. Rond de Paasdagen wordt daar veel over gesproken in kerken en daaromheen. Dat is de kern van het Evangelie, de Heere Jezus heeft Zijn leven gegeven voor degenen die in Hem geloven. Maar wat moet iemand met de Heere Jezus die niet in Hem gelooft? Iemand die niet in Hem gelooft, sluit zichzelf buiten. Dat is wat ik gezegd heb en anders toch bedoeld heb te zeggen. De heer Timon Klerx: En dit heeft niets met de hele Inclusie Agenda te maken? De heer Tiemstra: Zeer zeker wel. Absoluut wel. Ik heb de Heere Jezus gegeven als voorbeeld op het gebied van inclusie.

Hij zocht de zwakkeren in de samenleving op. Hij genas, Hij sprak, Hij deed wel, Hij riep mensen tot zich. Het beste voorbeeld van inclusie. Daar heb ik ook mijn betoog mee willen afronden. De heer Timon Klerx: Ik betreur het zeer dat je dus volgens de SGP jezelf buitensluit wanneer je niet in iemand gelooft. Ik begrijp deze zin echt anders. Als u hem nog eens zo uitlegt, vind ik het echt niet gepast als we het hier hebben over inclusie en exclusie en of je wel of niet de ander als volwaardig ziet. Ik vind het echt zorgelijk. De heer Tiemstra: Ik hoor wat u zegt. Volgens mij was u ook de persoon die zei dat geloof en politiek heel moeilijk samengaan. Die herinner ik me ook nog uit een eerder debat dat wij hierover gehad hebben, maar met alle vormen van genoegen wil ik u na de Notulen raadsvergadering 3 november 2022

20

raadsvergadering persoonlijk uitleggen wat ik hiermee bedoel en zal ik eventueel nog vragen beantwoorden. De voorzitter: Het lijkt me goed de discussie hier af te ronden en deze te vervolgen op een ander moment. Ik geef de heer Bruurmijn het woord voor zijn betoog. De heer Bruurmijn: Voorzitter. Vandaag dienen we als gemeenteraad te beslissen of we de Lokale Inclusie Agenda vaststellen. LokaalBelang zal dit raadsvoorstel steunen en zou graag zien dat de gemeente Waalwijk hier zo snel mogelijk mee aan de slag gaat. Hierbij vinden we het belangrijk dat de werkgroep Inclusief Waalwijk positief heeft gereageerd en gaan we er vanuit dat de werkgroep betrokken blijft bij het uitwerken van de agenda. Hierbij onderschrijven we de uitspraak ‘niets over ons zonder ons’. Sterker nog, van het VN-verdrag moeten bij het uitvoeren ervan ervaringsdeskundigen betrokken worden. De prioriteit in het activiteitenplan, zoals de wethouder het raadsvoorstel noemt, ligt bij de fysieke toegankelijkheid. Toch vragen we ook aandacht voor wat andere zaken. Neem bijvoorbeeld slechtziende en blinde mensen die nog steeds te maken hebben met stoplichten zonder piepjes. Of doven en slechthorenden die receptionisten achter glaswanden aantreffen, waardoor de communicatie bemoeilijkt wordt. Wat betreft de toegankelijkheid van gemeentelijk vastgoed hebben we nog wel een extra aandachtspunt.

Bij het kiezen voor het toegankelijk maken van de sportaccommodaties worden tot nu toe de buitensportaccommodaties niet meegenomen. Waar rekening mee gehouden dient te worden, is dat je niet alleen praat over volwassenen die een beperking hebben en willen sporten, maar ook over de vele mensen die maar wat graag de trainingen en wedstrijden van hun kinderen en kleinkinderen willen volgen. Als je een beperking hebt en niet in staat bent wedstrijdjes van je kind of kleinkind te bezoeken, omdat de accommodatie dat niet toelaat, is dat heel frustrerend. Ik hoop dat de wethouder daar iets aan kan doen. In de Inclusie Agenda wordt ook aandacht besteed aan het bevorderen van het meedoen door mensen die tot de LHBTI-gemeenschap behoren. We willen graag dat Waalwijk actief bijdraagt aan een veilige omgeving voor deze groep mensen. Vandaar dat we het amendement van D66 steunen. Iedereen dient elkaars cultuur, geloof en seksuele geaardheid te respecteren. De opmerking van de SGP om deze woke wind buiten het gemeentehuis te houden, vinden we dan ook totaal ongepast. Mevrouw IJpelaar: Voorzitter. Heb je een vraag, zoek dan niet naar het antwoord, maar kijk waar de vraag vandaan komt. Dit gezegde sluit uitstekend aan bij mijn pitch, waarin ik beloofd had met een motie te komen.

Deze Lokale Inclusie Agenda geeft de richting aan waarin wij, de gemeente Waalwijk, gaan werken aan een inclusief Waalwijk. Een agenda waarin wordt vastgesteld welke prioriteiten de komende twee jaar worden opgepakt. Top dat deze agenda opgesteld is in samenwerking met partners en inwoners die ervaringsdeskundig zijn. Zij konden aangeven waar bij de uitvoering winst kan worden behaald. Er is hierbij zo veel mogelijk rekening gehouden met de belangen en wensen van alle betrokkenen. Met gelijke kansen voor alle inwoners van Waalwijk, waar iedereen telt dus ook minderheden zoals de LHBTI-gemeenschap. Dat laat onverlet dat de agenda nog beter kan. Lijst IJpelaar mist dementie in deze agenda, want inclusie is ook voor alle zichtbare en onzichtbare handicaps. Net zoals kanker is dementie een ziekte. Een hersenziekte. Men heeft hierbij een eenduidig beeld, namelijk dat je niet zoveel meer kunt. Maar er zijn mensen met deze ziekte die nog volop in het leven staan. Zij sporten, wandelen en nemen deel aan de samenleving. Het is daarom wenselijk dat ook zij bij deze agenda betrokken worden. Ik had beloofd met een motie te komen om het college op te dragen uit te zoeken hoe inclusief wij zijn voor jongere mensen met dementie en voor mensen uit andere culturen. Maar na een vruchtbaar gesprek met portefeuillehouder Schuijffel zie ik er vanaf, want Notulen raadsvergadering 3 november 2022

21

tijdens zo’n gesprek kun je aangeven waar je vraag vandaan komt en voorbeelden aandragen die stof geven om dit inclusie- en dementiebeleid voor jonge dementerenden en allochtone ouderen nader onder het vergrootglas te leggen, en te bekijken of het wel of niet uitvoerbaar is. Want een mooie Inclusie Agenda moet voor iedereen uitvoerbaar en doelgericht zijn. Daar zijn we het toch allemaal over eens? Dan resten mij nog een paar vragen. Hoe dementievriendelijk is onze gemeente Waalwijk eigenlijk? Waarom zijn mensen met dementie en hun vertegenwoordigende organisaties niet betrokken bij het opstellen van deze agenda? Bent u het met Lijst IJpelaar eens dat we meer moeten inzetten op maatwerk en dat een Inclusie Agenda zonder aandacht voor dementie niet compleet is? Ik heb het amendement van D66 gesteund. Er is hier al heel veel over gezegd, dus ik heb dat stuk uit mijn betoog gelaten. Anders blijven we aan de gang. De heer Timon Klerx: Ik hoor mevrouw IJpelaar zeggen dat ze een heel constructief gesprek heeft gehad met de wethouder. Daardoor zijn er veel vragen niet gesteld op het moment, waarop we allemaal in gesprek zijn met het college, namelijk tijdens de gespreksavond of tijdens dit debat. We zouden hier juist onderling het debat willen voeren. Ik zou mevrouw IJpelaar daarom willen vragen haar vragen juist te stellen tijdens zo’n gespreksavond.

Ik snap dat de vragen nu prangend zijn en beantwoord moet worden. Ik was juist zo blij te horen dat u dat goede gesprek hebt gehad. Mevrouw IJpelaar: Daar ben ik het helemaal met u eens, maar de wethouder heeft zelf gezegd dat ze liever met mij in gesprek ging hierover. Daarom heb ik die vragen op die avond ook niet gesteld. En ook niet bij haar, want ik moet natuurlijk ook iets hebben om hier te vragen. De heer Timon Klerx: Dat ben ik niet met u eens. We hoeven geen vragen te bewaren voor deze raadsvergadering, zodat het college iets kan zeggen. Deze raadsvergadering is een vergadering met de raad. We proberen die constructief te maken en het debat te voeren. Het is geen overhoorshow of vragenvuur voor het college. Het is prima als we in gesprek gaan op de gespreksavond, maar deze avond is voor het onderlinge debat. Ik snap uw vragen, maar wil het u wel meegeven. Mevrouw IJpelaar: Dus de vragen die ik nu stel, mogen anderen niet beantwoorden? Of is het alleen maar voor het college bestemd? Als ik hier vragen stel, mogen ook andere raadsleden er antwoord op geven, dacht ik zo. De heer Timon Klerx: Ja. Dat klopt, maar het is wel lastig als er raadsleden moeten reageren op vragen die gesteld worden aan het college. Volgens mij is het punt duidelijk en anders kom ik na de vergadering wel naar mevrouw IJpelaar toe.

Ik wil het ook niet te groot maken en dat dreigt het nu wel te worden. De heer Spohr: Voorzitter. Sociale inclusie is een belangrijk onderwerp, misschien wel het belangrijkste van alle zaken die we in deze gemeente moeten regelen. Al was het alleen maar omdat het VN-verdrag dat daarover gaat al sinds 2006 bestaat en dat Nederland zich in 2016 heeft verplicht mensen met een beperking dezelfde kansen en mogelijkheden te bieden als mensen zonder beperking. Zolang doen we er dus over. Rijk, provincies en gemeenten hebben de belangrijke taak uitvoering aan dit verdrag te geven, samen met de mensen om wie het gaat: degenen die beperkingen ervaren bij het deelnemen aan onze samenleving. Dus is het juist dat er eindelijk op grotere schaal binnen de gemeente Waalwijk aandacht komt voor dit onderwerp. Prima, maar zoals ook al door de ChristenUnie is gemeld, zou je dus verwachten dat eerst de kaders van beleid worden afgesproken, voordat we invulling gaan geven aan dat beleid. Dat is niet negatief bedoeld, maar wel van belang omdat we het geld maar één keer kunnen uitgeven en om Notulen raadsvergadering 3 november 2022

22

grenzen te stellen aan wat we wel doen en wat niet. Wij vragen ons bijvoorbeeld af of het verstandig is geld uit te geven aan voorzieningen in de bibliotheek in Waalwijk, terwijl er tegelijkertijd plannen bestaan om die bibliotheek weer te verplaatsen. Ook vragen wij ons af waarom in deze plannen de toegankelijkheid van het oude gemeentehuis niet is meegenomen, terwijl juist dat het grote voorbeeld is van hoe je mensen kunt includeren of excluderen van deelname aan sociale activiteiten in Waalwijk. Vaak wordt er ook gesproken over sociale of financiële uitsluiting van inwoners. Zou je die dan ook willen meenemen in dit beleid, of verklaar je voor deze groep misschien het armoedebeleid van toepassing? Je zult het op z’n minst moeten regelen. In het voorliggende voorstel zijn die kaders er dus niet. Dat maakt ook dat we met elkaar, per fractie steeds over een ander onderwerp praten. Dat maakt dus ook dat deze discussie misschien wel verder uit de bocht vliegt dan het geval geweest was als we een kadernota hadden. Wel wordt aangegeven wat we voorlopig gaan doen om de meest voor de hand liggende maatregelen uit te voeren en snel grote stappen te maken. Dat maakt het best lastig voor het CDA, want eigenlijk vinden wij dit voorstel niet goed en dus een Tstuk. We hebben dat tijdens de gespreksavond niet zo benoemd, omdat we wel graag snel maatregelen willen.

Maar ook toen hebben we al gesteld dat de maatregelen toezien op personen met bijvoorbeeld alleen een lichamelijke handicap. Ze lijken vooral betrekking te hebben op mensen die gebruik maken van een rolstoel of ander hulpmiddel. Zoals duidelijk werd, zien ze niet op gehoorgestoorden, slechtzienden, et cetera. Verder stellen wij vast dat de voorgestelde maatregelen zijn gericht op voorzieningen in het centrum van de kernen. Zoals we ook al op de gespreksavond hebben betoogd, vergeet je dan juist de voetpaden, om maar eens een voorbeeld te benoemen, die voor mensen met een fysieke beperking juist zo belangrijk zijn. De wethouder gaf toen aan dat de voetpaden uiteraard gemonitord worden. Of dat zo is, kunnen wij niet controleren. Feit is dat veel voetpaden in de gemeente niet op orde zijn en dus een groot obstakel zijn voor mensen met een fysieke beperking. Wat is dan de afdronk van het CDA voor het voorliggend voorstel? Kort en goed: het is ad hoc-beleid. Het is een activiteitenplan en heeft niets van een kadernota. Niet goed voor de te besteden middelen en niet goed uitlegbaar aan de mensen om wie het gaat. Nogmaals, het zou een T-stuk moeten zijn. Toch zal het CDA dit voorstel noodgedwongen steunen, hoe gek het ook klinkt, omdat dit natuurlijk wel een plan is dat de groep mensen die het aangaat helpt. Maar daar houdt onze steun voor dit stuk dan ook op.

Dus zorg snel voor een fundamenteel beleidsstuk, waarin keuzes worden gemaakt en dit actieplan hopelijk past. Mevrouw De Jongste: De Inclusie Agenda geeft aan dat iedereen mee kan doen. Zoals gezegd zijn de intenties van dit voorstel heel goed en positief bedoeld. Maar het stuk is nog te algemeen om het goed te doorgronden. Het onderwerp inclusie staat al heel lang op de agenda. En toch slagen we er telkens niet in om het inclusievraagstuk te integreren in de uitvoering van het beleid. Het blijft steeds hangen op mooie woorden. Samen Waalwijk wil dat het college hier werk van gaat maken. De Inclusie Agenda blinkt uit in vage beloftes en is weinig concreet. Wat stelt de raad nu feitelijk vast en waar kunnen we het college op controleren? Het is te gek voor woorden dat bijvoorbeeld de toiletvoorziening die is toegezegd rondom het Krophollermuseum er nog steeds niet is. De inwoners met een beperking worden, zo lijkt het, nog steeds niet gehoord. Bij de inrichting van de stad en het openbaar gebied is nog veel te winnen. Het is goed dat er nu een brede groep ervaringsdeskundigen betrokken wordt bij dit onderwerp. Zo is immers ook al toegezegd dat er in het centrum rekening gehouden zou worden met slechtzienden. Wij stellen voor dat bij ieder voorstel nagedacht wordt over wat het betekent in het kader van de inclusieve samenleving en dat dit ook wordt opgeschreven.

Wij vragen het college om het onderwerp inclusie niet uit te werken aan de tekentafel, Notulen raadsvergadering 3 november 2022

23

maar de samenleving hier actief bij te betrekken. Dat hoeft niet veel geld te kosten, het is een kwestie van mentaliteit. Laat zien dat participatie en meedoen voor iedereen in de samenleving serieus genomen wordt. Zeker in deze tijd waarin we van de ene crisis naar de andere gaan, is het zaak om iedereen te laten meedoen. Daar staat Samen Waalwijk voor. We verwachten dat de wethouder de raad periodiek informeert over de stand van zaken. De heer Bokšan: In de gemeente Waalwijk hoort iedereen mee te kunnen doen. De VVD is daarom blij met een hoop nieuwe dingen om mee aan de slag te gaan en zo onze gemeente inclusiever te maken. We vinden het goed om draagvlak te zien bij de onmisbare ervaringsdeskundigen die nog dag in dag uit ervaren hoe het is om met een beperking te leven. Betekent dit dat we uitsluitend positieve dingen te melden hebben over dit raadsvoorstel? Nee, dat niet. Door het stuk heen lezen we veel dingen die we al doen. Bestaand beleid dus. Van het meenemen van de werkgroep Inclusief Waalwijk en het toegankelijker maken van onze accommodaties tot de aandacht die we eraan in de krant besteden. Dat we die dingen doen is goed, dat ondersteunen we uiteraard. Maar we willen het college wel meegeven dat het verzamelen van dingen die we al doen met aanvullende maatregelen presenteren in de beleidsnota, niet iets is dat voor de VVD voor herhaling vatbaar is.

Ook de meetbaarheid in de SMART-benadering van de doelstellingen in de uitvoeringsagenda is voor de VVD niet duidelijk. Want wanneer is de toegankelijkheid verbeterd? Of wanneer is het streefniveau van bewustwording bereikt? Ik weet het niet. Graag hoor ik daarom een toezegging van de wethouder dat zij aan de slag gaat met het meetbaarder maken van alle doelstellingen in de uitvoeringsagenda en deze meeneemt naar de evaluatie die gepland staat voor de eerste helft van 2024. We willen weten of hetgeen we doen om onze gemeente inclusiever te maken ook effectief is. Ondanks de kritische noot hechten we veel waarde aan de dingen die nieuw zijn en waarmee we het verschil in onze ogen kunnen maken. We steunen daarom het raadsvoorstel, want op veel vlakken laten we hier aan onze inwoners zien dat we doen wat nodig is om onze gemeente een stukje inclusiever te maken. Mevrouw Schilders: Duidelijk verhaal. Maar inclusie is wel van ons allemaal, niet alleen van de gemeente. Daar zit nog een aandachtspunt voor mij. Het doen kan de gemeente niemand opleggen. Het doen vraagt een alertheid van ons allemaal. De gemeente kan faciliteren, maar het moet wel door ons allemaal gedragen worden. De heer Bokšan: Ik heb in mijn betoog een aantal keer gezegd dat we als gemeente moeten laten zien dat we ermee aan de slag gaan en dat is wat ik ook bedoelde met mijn woorden.

Wat ik bedoel te zeggen, is dat we als gemeente beleid moeten maken en moeten laten zien dat we maatregelen treffen om onze samenleving inclusiever te maken. De heer Van Groos: Voor de fractie van de ChristenUnie is het onderwerp inclusie te belangrijk om vanavond in te stemmen met de voorliggende Lokale Inclusie Agenda, die als titel ‘Iedereen doet mee’ heeft gekregen. Want geldt dit ook voor de kortverblijvende arbeidsmigranten die op bedrijventerreinen zijn weggezet, soms op grote afstand van de bewoonde wereld? Geldt dit ook voor de groep uitkeringsgerechtigden die sinds 2018 niet meer door Baanbrekers worden bemiddeld naar werk en ook nog niet allemaal zijn benaderd door de gemeente in het kader van maatschappelijke activering? De praktijk op de arbeidsmarkt is helaas dat er nog steeds wordt gediscrimineerd en dat kwetsbare mensen worden buitengesloten. Mensen die zingeving van werk ervaren, voelen zich minder eenzaam, hebben minder last van chronische ziektes, eten gezonder, enzovoorts. In de ogen van de ChristenUnie ontbreekt het in de agenda dus aan duidelijke kaders. Aan concrete, meetbare doelstellingen in plaats van ‘vergroten, verbeteren, stimuleren, bevorderen’ en de juiste prioriteiten. Het college geeft slechts prioriteit aan mensen met een fysieke mobiele beperking en verwijst daarvoor naar het VN-verdrag uit 2015.

Notulen raadsvergadering 3 november 2022

24

In antwoord op de expliciete vraag van de SGP stelt het college dat “we als gemeente geen apart inclusiebeleid willen – wie is ‘we’? -, maar ervoor zorgen dat elk beleidsplan inclusief is of wordt”. Als dit het geval is, spreekt men van facetbeleid, waarmee het een vast onderdeel is van alle hierop betrekking hebbende beleidsvelden. De term ‘facetbeleid’ wordt echter in het raadsvoorstel noch de agenda genoemd. Het is niet gebaseerd op een raadsbesluit. Daarom vragen wij de coalitiepartijen wie er besloten heeft dat wij als gemeente geen apart inclusiebeleid willen. De gemeente kent nog te veel andere groepen van mensen die niet goed meekunnen. Verwarde mensen, statushouders, vluchtelingen, dementerenden, enzovoorts. Hoe kun je nu prioriteiten stellen als het probleem van ontbreken aan inclusie onvoldoende is uitgewerkt? Het college is bijvoorbeeld van plan de oude brandweerkazerne aan de Hertog Janstraat te gebruiken als herstelvoorziening voor mensen met een psychische kwetsbaarheid. Is dit gebouw voldoende toegankelijk? Nee. En dat zegt wat ons betreft genoeg. Dit voorstel is wat de ChristenUnie betreft niet rijp voor besluitvorming. Dan nog een opmerking over het amendement en ook over het feit dat ik niet applaudisseerde na de maiden speech van de heer Kieboom en de speech van de heer Bruurmijn. Dat heeft te maken met de laatste constatering.

De ChristenUnie vindt het prima als Waalwijk een regenbooggemeente wordt en we zouden het amendement ook willen steunen, ondanks het feit dat er weer € 25.000 uit de AR wordt gehaald, waar we altijd principieel op tegen zijn. Gehoord de discussie willen wij zo ver gaan. Als die zinsnede eruit gaat, want dat is op de man spelen en daar hebben we een hekel aan. Dat is vanavond al te veel gebeurd. In eerste instantie vond ik het jammer dat de regenboog werd gebruikt door een bepaalde groep mensen, omdat de regenboog wat mij betreft door God gegeven is met een bepaalde doelstelling en bepaalde beloften, die overigens voor iedereen gelden. Later bedacht ik me dat het eigenlijk juist heel mooi is dat de regenboog is gebruikt, want het is een teken van veelkleurigheid en van het feit dat God heel veel verschillende mensen heeft geschapen. Iedereen, en wat dat betreft zou ik ons allemaal een regenbooggemeente willen toewensen. Mevrouw Klerks: Als de coalitie iets wordt gevraagd, zal ik reageren. Ik weet niet wie er heeft vastgesteld dat we geen inclusiebeleid gaan maken. Op zich is de VVD daar wel voor. Ik heb liever dat het onderdeel wordt van al onze individuele beleidsstukken, omdat mij dat veel efficiënter lijkt dan dat we weer een los beleidsstuk hebben dat ergens in de la verdwijnt. U hebt het betoog van mijn collega, de heer Bokšan, gehoord.

We vinden het nogal een papieren tijger, waarvan we een deel al doen. Er zitten maar een paar nieuwe dingen bij. In die zin vinden we het dus niet zo erg, maar u vroeg wie het heeft besloten en dat weet ik niet. Verder vind ik het fijn dat u nog even toelicht hoe u tegen het amendement en de regenboog aankijkt. Ik hoop wel dat u in het vervolg inhoud en proces wat loslaat, want het is wel fatsoenlijk om te klappen, ook al bent u het niet met de inhoud eens. Ik denk dat u dat ook wel vindt als u daarop terugkijkt. Ik ken u namelijk als een heel fatsoenlijk man en ik wil toch uitspreken dat u dit op dit moment niet kunt loslaten. De heer Van Groos: Ik wil in ieder geval op het laatste punt reageren. Het had niet te maken met het proces en ook niet met de inhoud, maar met het op de persoon spelen. Men had vanavond de discussie over deze gemeenschap op een hele andere manier kunnen voeren, ook met de SGP. Ik heb er moeite mee dat daarin zo op elkaar wordt afgegeven, daar komen we ook niet verder mee. Mevrouw Klerks: Maar de heer Bruurmijn had maar één zin, waarin hij iets afkeurde. Om daar vervolgens niet voor te klappen, gaat bepaalde normen en waarden te buiten. Zo gaan we niet met elkaar om, vind ik. U heeft daar uw redenen voor en misschien moeten we dat gesprek bij de borrel voortzetten.

Notulen raadsvergadering 3 november 2022

25

De heer Van Groos: Het wordt druk bij de borrel, ik weet niet hoe laat het wordt. Ik voel me in deze zaal ook gediscrimineerd en dat heeft niet te maken met inhoud maar met proces. En met dingen die gezegd worden en de manier waarop geluisterd wordt. Daar moeten we het misschien op 19 november over hebben. Deze pijn raakt dus aan veel meer en ik kan mezelf niet verloochenen hoe graag ik ook voor iedereen die zijn maiden speech houdt, zou willen applaudisseren. Ik weiger ook om ertoe gedwongen te worden. De heer Kieboom: Ik wil u ten eerste bedanken voor het feit dat u het een sympathiek amendement vindt. U gaf aan moeite te hebben met de laatste zin van ons amendement. Deze zin is niet bedoeld als aanval op de persoon. Het maakt niet uit wat er gezegd is en door wie. Dat is de reden waarom we deze zin laten staan. De heer Timon Klerx: Ik zou graag willen reageren op de oproep die de heer Van Groos doet, maar dan wil ik wel even de context van die zin weten. Waar stond die zin dat we geen inclusiebeleid willen? Ik heb net gezocht en overlegd. Een klein beetje context graag, dan probeer ik de vraag naar eer en geweten te beantwoorden. De heer Van Groos: Dat heb ik gezegd, maar u was op dit moment geloof ik met iets anders bezig. Het was een antwoord op de vraag van de SGP. Over iets dat in het coalitieakkoord stond geloof ik.

U kunt het in ieder geval vinden bij de antwoorden aan de SGP. “We willen als gemeente geen apart inclusiebeleid”. In mijn beleving heeft de raad dat nooit besloten dus ik vraag me af wie die ‘we’ is. Is dat het college? Het college is daar niet toe bevoegd. Is dat de coalitie? De coalitie is daar ook niet toe bevoegd. Is het college en coalitie samen, zoals wel vaker iets wordt besloten? Daarom stel ik die vraag, want ik hoor te vaak het woord ‘we’, terwijl wij daar niet bij horen. Terwijl wij ervan worden buitengesloten en worden gediscrimineerd. Daarom stel ik u die vraag, dus ik hoop dat u die vraag kunt beantwoorden. De heer Timon Klerx: Ik denk dat ‘we’ het college is wanneer er ‘we’ staat in een antwoord van het college. De heer Van Groos: Wat vindt u er dan van dat het college daartoe besluit en daar verder geen mededeling over doet in het voorstel, terwijl het aan de raad is? Wij zijn het hoogste orgaan, mijnheer Klerx, daar gaat het iedere keer over. De gemeenteraad, alle 29 mensen die hier zitten! De heer Timon Klerx: Dat klopt, en ‘we’, als in deze gemeenteraad, kunnen nu besluiten niet met dit voorstel akkoord te gaan en te zeggen dat het college eerst beleid moet maken. Wij hebben een andere afweging gemaakt dan de heer Van Groos en dat is hoe het werkt.

Ik ben het met de heer Van Groos eens: als we als gemeenteraad vinden dat hier een beleid moet komen, en we besluiten daartoe, dan komt er een beleid, daar ben ik van overtuigd. De heer Metzke: We hebben het zojuist even gehad over de suggestie van de heer Van Groos om deze zinsnede uit het amendement te halen. Wat ik erover wil zeggen, is dat het niet bedoeld is als aanval op een persoon of partij. Eerlijk gezegd maakt het me niet zo veel uit waar het vandaan komt. Het is gezegd en het was voor ons de reden om nu met dit amendement te komen, want heel veel andere punten die erin staan, hadden wellicht ook ingediend kunnen worden met een motie vreemd. Die zinsnede is vandaag al een paar keer de revue gepasseerd. Alles is er al over gezegd en ik vind het eigenlijk ook wel mooi dat de heer Van Groos de hand reikt. Die neem ik graag aan en dit alles horende zijn wij bereid die laatste zin te schrappen uit het amendement. De heer Van Groos: Dan zijn wij bereid het amendement te steunen, dat heb ik ook aangegeven en ik houd me aan mijn afspraken.

Notulen raadsvergadering 3 november 2022

26

De voorzitter: Dank u wel, het amendement wordt aangepast. Beantwoording college Wethouder Schuijffel: De afgelopen periode heeft het college kunnen constateren dat het onderwerp inclusie in deze raad enorm leeft en dat we met elkaar streven naar een duurzame en inclusieve samenleving, waarin iedereen mee kan doen. Dat zie ik en mijn collega’s zien dat ook. Ik heb geprobeerd de vragen mee te schrijven en zal ook proberen ze zo goed mogelijk te beantwoorden. Mocht ik er onverhoopt één vergeten, ga ik er vanuit dat u mij er straks op zult wijzen. Graag trap ik af door te benadrukken dat deze Lokale Inclusie Agenda geen beleidsnotitie is. De agenda onderstreept de noodzaak van inclusie in onze gemeente en geeft richting aan de uitvoering ervan. Een inclusiebeleidsstuk zou feitelijk ook een contradictie op zichzelf zijn. Inclusie betreft juist inclusief beleid op alle beleidsterreinen. Inclusief denken en doen moet het nieuwe normaal worden. Denk aan cultuur, sport, zorg, ruimtelijke ordening of arbeid. In al deze aspecten moet dat een vanzelfsprekend onderdeel gaan vormen. Waar er euro’s mee gemoeid zijn, zal er ook inclusief begroot moeten gaan worden. Bewustwording hiervan is dan ook een van de belangrijke doelen. Gelukkig beginnen we niet from scratch; sommige groepen inwoners zijn wellicht minder nadrukkelijk genoemd, maar ze worden niet vergeten.

Zie onder meer de opsomming in bijlage A en B. Wel is het een feit dat in deze LIA een grote nadruk op de uitvoering van het VN-verdrag handicap ligt. Om ervoor te zorgen dat mensen met een beperking kunnen meedoen. Dit is voor nu een keuze, ook financieel. Overigens zijn bewust niet alle groepen of aandoeningen specifiek benoemd. Je vergeet er nogal gemakkelijk één en we richten ons daarentegen op het vergroten van het bewustzijn in het algemeen en het stimuleren van overleg met ervaringsdeskundigen. Dan ga ik nog even langs de vragen die ik in mijn intro niet beantwoord heb. De SGP heeft een vraag gesteld over de speelplekken. Volgens mij heb ik op de informatieavond op 13 oktober aangegeven dat bekeken wordt hoe de speelplekken aangepast kunnen worden, opdat kinderen met een fysieke beperking daar kunnen spelen. Ik kan u niet toezeggen dat alle speelplaatsen voor kinderen met een fysieke beperking volledig toegankelijk zullen worden. Dat is naast een kwestie van budget ook zeker een kwestie van ruimte, maar we richten ons tenminste op één toegankelijke speelplek voor kinderen met een fysieke beperking in elke kern, en waar mogelijk meer. Op dit moment is ook helemaal nog niet bepaald om hoeveel speelplekken het gaat. Dan over diversiteit in de gemeentelijke organisatie.

Ik wil nogmaals benadrukken dat het fijn is als de eigen organisatie een afspiegeling is van de lokale samenleving. Het gaat hierbij om mensen van kleur, met een fysieke of verstandelijke beperking, mensen met een andere seksuele voorkeur en zowel mannen als vrouwen. Een goede vertegenwoordiging van onze bevolking helpt om inclusie verder vorm te geven in onze samenleving. LokaalBelang vraagt ook aandacht voor blinden, slechtzienden, doven en slechthorenden, en heeft het over de toegankelijkheid van buitensportlocaties. Heel terecht vragen zij ons rekening te houden met de ouders en grootouders die naar de sportprestaties van hun kinderen en kleinkinderen willen gaan kijken. De aanpassing van buitensportlocaties zit in de tweede fase van de aanpak. Dat hebben we de vorige keer gemeld. We hebben nu een aantal accommodaties geschouwd. Er ligt nu een plan om die allemaal aan te passen en de buitensportlocaties zijn dus een onderdeel van de volgende fase. Ik vind het heel goed dat u ook aandacht vraagt voor de ouders en de grootouders. Blinden, slechtzienden, doven en slechthorenden zijn deels al meegenomen in de eerste fase. Die zullen ook meegenomen worden in de tweede fase en we hebben ook – en dat heb ik de vorige keer ook verteld – Inclusief Waalwijk, dat ook betrokken is bij die uitvoering in de eerste fase.

Juist het onderdeel blinden, slechtzienden, doven en slechthorenden komt daar nog extra aan de orde. Notulen raadsvergadering 3 november 2022

27

De rateltikkers, die tikkers bij de verkeerslichten, worden meegenomen in de schouw en de projecten over openbare ruimte. We hebben ook afgesproken dat we daarbij Inclusief Waalwijk veel vaker gaan betrekken, in ieder geval bij de schouw maar ook bij nieuwe ontwikkelingen. Daar zitten dus ook de rateltikkers in. Lijst IJpelaar heeft het gehad over mensen met dementie. Zoals ik al zei, hebben we niet alle doelgroepen expliciet benoemd. Ik ben het helemaal eens met mevrouw IJpelaar dat mensen met dementie ook moeten kunnen meedoen in onze samenleving. Zij horen erbij en dan gaat het inderdaad om jong en oud, of autochtoon en allochtoon. Voor al die groepen moet goed bekeken worden hoe zij mee kunnen doen. Dat is maatwerk. Binnen het beleidsterrein sociaal domein is daar ook zeker aandacht voor. Voor mensen met dementie is dat nu al in de vorm van geheugencafés, mantelzorgcoaches en dergelijke. Kan dat meer zijn? Jazeker, en dat nemen we ook steeds mee. Aan het oude gemeentehuis wordt gewerkt, zoals ik al heb laten weten op 13 oktober. Hetzelfde geldt voor de bibliotheek in Waalwijk, want de aanpassingen die we daar doen, zijn niet weggegooid als er een andere huurder in komt. Samen Waalwijk zegt dat de plannen niet van aan de tekentafel gemaakt moeten worden. Nee, zeker niet.

Dat is ook waarom wij bij de samenstelling van de LIA heel serieus in gesprek zijn geweest met ervaringsdeskundigen, mensen van Inclusief Waalwijk en partners. Ook hebben we online nog allerlei mensen bevraagd. Wij vinden het juist heel erg belangrijk om het niet aan de tekentafel te doen. De VVD heeft het over het meetbaar maken van alle doelstellingen voor de evaluatie van 2024. We hebben volgens mij in de beantwoording van vragen van de ChristenUnie al verwoord dat we bij de start van de uitvoering een aantal zaken nog verder gaan concretiseren. Dat moeten we nog uitwerken en dat willen we ook doen in samenspraak met ervaringsdeskundigen en betrokken partijen. Overigens hebben we – en dan vind je ook terug in de introductie bij de LIA – bij de samenstelling van de LIA input gehaald uit interviews met ervaringsdeskundigen en partners maar ook uit een online enquête. In zekere zin kunnen we die ook voor een aantal punten gebruiken als een soort nulmeting. De term ‘facetbeleid’ van de ChristenUnie vind ik heel mooi en die neem ik graag mee. Tot slot nog het amendement van D66, Lijst IJpelaar, GroenLinksaf, LokaalBelang, ChristenUnie en CDA, over het inzetten op Waalwijk als regenbooggemeente en ontwikkeling van actief beleid op het gebied van LHBTIQA+-acceptatie. Het college staat achter dit amendement. Tot zover.

Mevrouw De Jongste: De wethouder gaf aan dat de blinden bij het beleid betrokken worden, maar we hebben al in de vorige raadsperiode afgesproken dat we rekening zouden houden met blinden en slechtzienden bij het benaderen van de horeca. We hebben zelfs afgesproken dat we een meter zouden vrijhouden, zodat die mensen een vrije doorloop zouden hebben. Dat is niet gebeurd. Door wethouder Van den Hoven is destijds toegezegd dat de hoogte van verkeersborden meegenomen zouden worden om ervoor te zorgen dat die mensen nergens tegenaan lopen. Dat is ook toegezegd. Ik zou dus graag gelijk een antwoord ontvangen hierover. We hebben u namelijk ook gevraagd of u ons periodiek kunt informeren over de stand van zaken. Daar krijg ik nog graag een toezegging van. Wethouder Schuijffel: Bij het eerste deel heb ik niet helemaal een vraag meegekregen, maar ik wil u uiteraard toezeggen dat u regelmatig van mij hoort wat de stand van zaken is met betrekking tot de projecten waar we mee bezig zijn. Dat lijkt me fijn voor u en ook voor de mensen om wie het gaat.

Notulen raadsvergadering 3 november 2022

28

De heer Bokšan: Ik hoor de wethouder een aantal dingen zeggen over dat er interviews zijn gehouden en dat we dat zien als nulmeting. Maar waar ik concreet op inging in mijn betoog, is dat bij alle doelen in de uitvoeringsagenda, of het nu gaat over het stimuleren van bewustwording of het vergroten van toegankelijkheid, meetbaarheid mist en dat de doelstellingen niet SMART zijn. Ik heb niet de concrete toezegging gehoord dat die dingen meetbaarder worden gemaakt en meegenomen worden, want in de LIA hebben we wel kunnen lezen dat er een evaluatie gaat komen in de eerste helft van 2024. Ik wil nog graag de concrete toezegging horen dat die meetbaarheid meegenomen gaat worden in de evaluatie. Wethouder Schuijffel: Voor mijn gevoel val ik nu in herhaling, maar wat ik heb toegezegd is volgens mij dat wij zeker op een aantal punten die doelstellingen nog verder moeten uitwerken. Dat zullen we ook doen wanneer we daarmee aan de slag gaan. Dat willen we ook graag doen samen met die ervaringsdeskundigen; kijken hoe we ze SMART kunnen maken, zodat ze straks ook goed te evalueren zijn. Ik ben daar zelf heel erg voor, maar dat heb ik net volgens mij al gezegd. De heer Van Groos: Ik heb twee met elkaar samenhangende vragen. De eerste vraag zal iedereen wel verwachten.

Wat wordt bedoeld met de zinsnede in het antwoord aan de SGP dat we als gemeente geen apart inclusiebeleid willen? Er staat niet als college, niet als gemeenteraad, maar als gemeente. Wat bedoelt u daarmee? Ten tweede vinden wij het jammer dat er geen apart inclusiebeleid is, want dat leidt tot praktische problemen. Wat heeft de hoogste prioriteit? Wat is het grootste probleem? Moet de raad elke raadsvergadering met moties vreemd komen om aandacht te vragen voor een bepaalde groep? In dit voorstel ging het vanavond over mensen die fysiek en mobiel beperkt zijn. Tijdens de discussie vanavond is er terecht aandacht gevraagd voor een andere groep. Er zijn nog meer groepen genoemd. Wat heeft dan de hoogste prioriteit? Wat vinden we als raad op dat moment het belangrijkst? Hoeveel geld trekken we waarvoor uit? Die problematiek weigert u in beeld te brengen. Hoe stelt u zich dan het vervolg voor? Wethouder Schuijffel: Over de laatste vraag. Volgens mij is in de LIA een duidelijke prioriteit gelegd bij de fysieke toegankelijkheid voor mensen met een fysieke beperking. Dat heb ik ook in mijn introductie gezegd. Dan komt ook zo’n evaluatie om de hoek kijken. Ik kan me heel goed voorstellen dat we dan bekijken waar we staan en hoe we verder moeten. Dan kan het zijn dat je nog een andere doelgroep naar voren schuift en zegt dat dit nu prioriteit heeft. De eerste vraag.

U haalt iets aan over een antwoord op de SGP, maar ik ben even kwijt waar dat staat en wanneer het genoemd zou zijn. Ik weet het dus niet. Ik ken het stuk niet waar u naar verwijst. De heer Van Groos: Ik heb het al in mijn betoog gezegd en ook in antwoord op de heer Klerx. Het is in antwoord op de vraag van de SGP bij dit voorstel. Ik mag toch aannemen dat de portefeuillehouder de antwoorden die naar de raad gaan van tevoren ziet, maar ook dat weet ik niet meer zeker. Ik weet niets meer zeker inmiddels. Wethouder Schuijffel: Ik zie de laatste weken zo’n beetje elke dag hele ladingen vragen voorbij komen. Neemt u het mij niet kwalijk dat ik precies deze zinsnede even niet zo uit mijn geheugen kan oplepelen. De antwoorden, alsmede de LIA, komen van het college in het algemeen. Het is dus de mening van het college. Als u een andere mening bent toegedaan, horen wij dat graag. De heer Van Groos: Dat mevrouw Schuijffel zich dat niet kan herinneren, vergeef ik haar graag. Ik onthoud ook niet alles. Maar u schrijft wel op ‘wij als gemeente’. Niet ‘wij als college’. Ik merk bij mezelf dat ik steeds allergischer word voor het woord ‘we’. Ik vraag

Notulen raadsvergadering 3 november 2022

29

me steeds af wie dan ‘we’ is, maar ik begrijp dat dat dus het college is. Het college wil geen beleid. Wethouder Schuijffel: Dit is geen vraag en ik geef dus ook geen antwoord, maar ik herhaal nog een klein stukje uit mijn inleiding. Ik wil het toch even doen en misschien is het goed om het nog even te laten bezinken. Wanneer wij een lokaal inclusiebeleidsstuk maken, is dat feitelijk een contradictie in zichzelf. Want inclusiebeleid maakt dat je een apart stuk gaat maken, terwijl je eigenlijk zegt een inclusieve samenleving te willen. Wij willen er dus eigenlijk in onze samenleving voor zorgen dat inclusie op alle beleidsterreinen vanzelfsprekend is. De keuze van het college om een LIA te maken in plaats van een beleidsnotitie is dus wel heel bewust. Dat wil ik in ieder geval nog even herhaald hebben. De heer Van Groos: Twee dingen. De wethouder heeft er niet op gereageerd en dat hoeft nu ook niet meer, maar ik heb het voorstel genoemd van de brandweerkazerne die naar ons idee niet toegankelijk is. Wij zouden dus ook graag willen dat we er niet over zouden hoeven praten, omdat er echt sprake is van inclusie. Ten tweede worstelen we nog steeds met wat de hoogste prioriteit moet hebben. Hoeveel geld is er nodig en waar zetten we dat voor in? Maar dat is niet het grootste probleem dat ik heb als raadslid. Tweede termijn Mevrouw IJpelaar: Voorzitter.

Ik wil de wethouder bedanken voor het feit dat ze toch naar mijn vragen heeft geluisterd en die ook heeft beantwoord. Mijnheer Klerx, ik kom toch even op u terug. Ik heb gezegd dat ik een motie zou indienen. Als ik dat had gedaan, had ik mijn vragen in de motie verwerkt. Echter heb ik er na het gesprek met mevrouw Schuijffel gekozen niet met een motie te komen. Ergens moet ik dus toch mijn vragen stellen. Het kan niet zo zijn dat wij als raadslid dadelijk worden verboden in deze raadszaal vragen te stellen. Daar ga ik nog altijd zelf over. 12. Koersbepaling sociaal domein De heer Tom Klerks: Voorzitter. Laten we op zijn VVD’s maar gelijk met de deur in huis vallen: we gaan dit raadsvoorstel steunen. Er leven echter wel zorgen. Zorgen die ook na onze vragen niet geheel zijn weggenomen. We hebben daarvoor een amendement klaarliggen en die staat als het goed is op het RIS. Laat ik het even kort toelichten. Op de inhoud begrijpen we dat deze beweging op de lange termijn nodig is. Op lange termijn steunen we dit ook. Laat daar geen enkel misverstand over bestaan. We maken ons echter wel zorgen over het open einde karakter van deze koers en het signaal dat we afgeven, dat er jaarlijks 2,5 miljoen uitgegeven kan worden. Het komende jaar worden we als raad overspoeld met beleids- en uitvoeringsvoorstellen, elk voorzien van een financieel plaatje.

Maar het totale bedrag is tot eind 2023 nog steeds een enigma. Hoe gaan we daar samen grip op houden? In alle eerlijkheid hadden we als VVD gehoopt dat er een mate van focus en fasering in het stuk zou staan. Dit is namelijk nogal een verandertraject, met directe en indirecte impact op onze begroting. Een derde van onze begroting: laten we ook niet de illusie hebben dat we dit in één bestuursperiode geregeld hebben. Misschien zelfs niet in twee. Ik hoop dat het er geen drie gaan worden. We voorzien, mede ook vanuit mijn ervaring elders, dat zonder fasering en focus op maatschappelijke uitdagingen de uitvoering gaat haperen en successen zullen uitblijven. Laten we dat voorkomen. In ons amendement kiezen we ervoor de komende jaren een accent te leggen op kwetsbare gezinnen en daar structureel aandacht aan te besteden. Dat leg ik zo kort uit. Voor de aandachtige luisteraar: we stellen dus niet voor om scenario 2 in te voeren. Dat was wel ons startpunt, maar door deze nuance te maken, geeft het college de volledige ruimte om zijn beleid breder in te steken. Ik geef een voorbeeld. We voorzien, door deze Notulen raadsvergadering 3 november 2022

30

nieuwe koers maar ook door brede maatschappelijke ontwikkelingen zoals personeelstekort, dat de komende jaren meer zorg voor naasten op de schouders van toekomstige volwassenen en ouderen gaat vallen. Dat komt neer op veel gezinnen van vandaag de dag. Als we die hierop willen voorbereiden in de komende jaren, moeten we ze in staat stellen dit op te pakken. Dan snijdt het mes op de langere termijn aan meerdere kanten, ook voor onze ouderen. We zijn ons er terdege van bewust dat heel veel afhangt van de beleids- en uitvoeringsvoorstellen die in 2023 worden klaargezet. We gaan deze dan ook stuk voor stuk op hun merites te beoordelen. Als laatste willen we de portefeuillehouder vragen of ze bereid is te kijken of het aantal aandachtswijken uitgebreid kan worden en of er experimenten mogelijk zijn in wijken en buurten. Laten we ons niet blindstaren op alleen Waalwijk, maar ook Sprang-Capelle en Waspik voldoende aandacht geven.

AMENDEMENT C: Koersbepaling sociaal domein Ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende amendement voor: Constaterende dat: • het college de raad adviseert om te kiezen voor scenario 3; • het college aangeeft dat de raad de volledige vrijheid heeft om één van de scenario’s te kiezen; • het college aangeeft een positieve grondhouding te hebben ten aanzien van scenario 2 (kwetsbare gezinnen); • het college impliciet aangeeft dat de koersbepaling loopt tot 2030; • het college open staat voor fasering van de koersbepaling; • de beleids- en uitvoeringsprogramma’s pas gedurende 2023 worden opgesteld en/of aangepast; overwegende dat: • in het collegeprogramma 2022-2026 er accenten zijn gelegd op o.a. jongeren én preventie; • scenario 3 een stevig intern én maatschappelijk verandertraject betekent; • de effectiviteit van beleids- en uitvoeringsprogramma’s mede afhankelijk is van beschikbare middelen, capaciteit en (borging van) kennis; • de kosten van de beleids- en uitvoeringsprogramma’s, die vallen onder de koersbepaling, pas in het laatste kwartaal van 2023 zijn uitgekristalliseerd; • het college door focus en fasering beter de verwachtingen (bij) kan sturen richting raad en samenleving; • een fasering de brede beleidsontwikkeling niet in de weg hoeft te staan; besluit: het dictum van het besluit als volgt te wijzigen: 1.

De uitgangspunten van de koers sociaal domein vast te stellen en het geadviseerde scenario (3) gefaseerd in te voeren tot en met 2030. 2. De komende vier jaar (2023-2026), voor de uitwerking van de nieuwe koers, een accent te leggen op kwetsbare gezinnen. 3. Voor de begrotingsbehandeling 2024 de (financiële) uitwerking van de fasering aan de raad voor te leggen. 4. Aan het jaarlijkse evaluatiemoment een uitvoeringsagenda voor het daaropvolgende jaar toe te voegen. De voorzitter: Het amendement is ingediend door de VVD. Mevrouw De Bruijn: Op dit moment staat de maatschappij onder enorme druk. Niets is meer zeker. Mede door de snelle, vaak dagelijkse, veranderingen in communicatievormen Notulen raadsvergadering 3 november 2022

31

ontstaat er veel onrust bij onze inwoners. Steeds meer inwoners komen in de knel en doen een beroep op ondersteuning en zorg. Tot op heden was dit beleid gericht op eigen verantwoordelijkheid. We zien dat er een tweedeling is ontstaan. We gaan na de ondervonden ervaringen uit het verleden het roer omgooien. We gaan het omzetten in samenlevingsopbouw. Het college stelt ons de keuzerichting al voor: kies voor scenario 3. De kwetsbare mensen in de kwetsbare wijken. De opgedane ervaringen worden hierna breder uitgezet in alle wijken. De raad kiest vandaag uit vier scenario’s en kan haar voorkeur aangeven. De fractie van het CDA kiest er na intensief lezen, wikken en wegen voor om scenario 3 en 4, kwetsbare mensen en samenlevingsopbouw gelijktijdig in te zetten. Wijkgericht in alle wijken. We starten met het investeren in buurt- en samenlevingsopbouw en het faciliteren van initiatieven voor inwoners om elkaar te helpen en ondersteunen. De SAR omschrijft dit als ‘durf te experimenteren’. Er zijn al gemeenten die dit opgepakt hebben, met uiterst goede resultaten. Zoek hierbij aansluiting, vraag naar hun opgedane ervaringen. Wat werkt en wat werkt niet? Waarom wel en waarom niet? Leg dit profiel op de situatie van Waalwijk.

We hoeven toch niet zelf het wiel uit te vinden? In de gemeente hebben we indertijd niet gekozen voor wijkgericht werken, maar via een centraal informatiepunt, Team WijZ, de vragen te stellen. Nu blijkt dat dit niet de meest effectieve werkwijze is geweest. In het verleden was er met ondersteuning van maatschappelijk werk een informatiewinkel bemand door vrijwilligers en stagiaires van een mbo-opleiding, waarbij alle inwoners vrijblijvend met allerlei vragen onder het genot van een kopje koffie en thee binnenliepen. Vaak kon de vraag na een begrijpelijke uitleg opgelost worden. Indien verdere verwijzing noodzakelijk bleek, werd samen met de inwoner met de beoogde organisatie professioneel een afspraak gemaakt. Later is het niet meer verder opgepakt en uitgewerkt. De financiering en subsidie werden niet meer verleend. Deze werkwijze kan nu weer opgepakt worden in alle wijken. Gezamenlijk met de participatie van onze inwoners en dialoog tussen onze inwoners. Onze fractie heeft gekeken naar de genoemde bandbreedte van de investeringen in scenario 3 en 4. De investering kost meer, maar verdient zich terug. Aanpak generatieproblematiek heeft op lange termijn meerwaarde voor de samenleving. Versterkte gezondheidsvaardigheden en een breed netwerk van laagdrempelige voorzieningen worden als voordelen aangegeven.

In de komende drie jaren zien we een positieve financiële positie binnen onze gemeente, kunnen we ons meer richten op het welzijn van onze inwoners en in hen investeren. In 2026 komt de gemeente terecht in negatieve cijfers. We lopen de kans dat de ingezette acties vanuit scenario 3, beperkt kwetsbaren, niet meer verder uitgewerkt worden en niet meer ingezet kunnen worden voor alle wijken. Wij willen de wethouder het volgende voorleggen. Aanvullend noemen we wat zaken die al eerder bij de wethouder zijn voorgesteld. Bent u bereid de al eerder geopperde dagopvang in Waalwijk mee te ontwikkelen in deze voorgestelde scenario’s? Bent u bereid te experimenteren met verschillende woonvormexperimenten, te denken aan hofjes waar ouderen, jongeren en mensen met een fysieke of psychische beperking samenwonen? En dit te bespreken met de woningstichting of particuliere initiatieven en dit positief te ondersteunen? Tijdens de gespreksavond heeft het CDA erop gewezen dat de plannen met betrekking tot scenario 3 ook tot gevolg hebben dat de gemeente weinig aandacht heeft voor individuele gevallen die zich buiten het geschetste kader bevinden. Dat heeft een schijn van ongelijke behandeling. We noemen dat soms discriminatie. U heeft aangegeven dat individuele gevallen op het wettelijk minimum kunnen terugvallen.

Maar wat betekent dat voor deze groep mensen? Dat zij teruggaan in voorzieningen of voorzieningen niet meer Notulen raadsvergadering 3 november 2022

32

ontvangen, waarop ze in het verleden volgens het gemeentelijk beleid recht hadden? Met andere woorden, wat mogen de mensen die in deze gemeente reeds aan voorzieningen hebben, of willen aanvragen, en niet meer onder scenario 3 vallen, van de gemeente eigenlijk nog verwachten? Is het niet zo dat deze vorm van selectie zou kunnen leiden tot meer bezwaarzaken en zelfs tot meer rechtszaken tegen de gemeente? Wij zijn benieuwd naar uw reactie. Laten we leren van fouten uit het verleden, laten we werken aan hedendaagse verbeteringen en bepaal daarbij de voordelen voor de toekomst. Start zo snel mogelijk met de uitwerking van deze doelen en evalueer ieder jaar of de ingezette werkwijze bijstellingen behoeven. Hoe denkt u dit uit te gaan werken en bent u bereid mee te starten? Aan alle raadsleden vraag ik ons te volgen in onze keuze. Hiervoor hebben we een amendement.

AMENDEMENT B: Keuze scenario’s 3 en 4 Ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende amendement voor: constaterende dat: • het college de raad voorstelt te kiezen voor scenario 3 (kwetsbare inwoners) voor de uitwerking van de nieuwe koers sociaal domein; • door te kiezen voor scenario 3 het een lange weg wordt om de ervaringen verder uit te zetten in alle wijken, waar ook kwetsbare mensen kunnen wonen; overwegende dat: • als in alle wijken zowel scenario 3 en 4 worden ingezet, gemeentebreed een netwerk van voorzieningen ontstaat, dat laagdrempelig bereikbaar is; • met scenario 4 de gezondheidsvaardigheden van inwoners worden versterkt; • als inwoners niet meer bezig zijn hun basisbehoeften veilig te stellen dit een ontlasting geeft zodat zij hun eigen regie weer in handen kunnen nemen en bij werkloosheid weer kunnen investeren in het vinden van een baan; • bij keuze 4 de generatieproblematiek eerder doorbroken wordt, wat op langere termijn een positief effect op de samenleving geeft; • keuze 4 hiermee uiteindelijk ook kostenbesparend is; • in de begroting aangegeven wordt dat er de komende drie jaar een overschot is. • Team WijZ ontlast kan worden door het inzetten van stagiaires, die moeilijk aan een stageplaats komen, om laagdrempelige zorgvragen in wijken te beantwoorden; besluit: het dictum van het besluit als volgt te wijzigen: 1.

De uitgangspunten van de koers sociaal domein vast te stellen en te kiezen voor de uitwerking van de nieuwe koers door middel van scenario 3 en 4 gelijktijdig in alle wijken in te zetten. 2. Het college te vragen het inzetten van stagiaires voor het ontlasten van team Wijz te onderzoeken. 3. De raad vóór 1 mei 2023 te informeren over de resultaten van dit onderzoek. De voorzitter: Dank u wel. Het amendement van het CDA kan niet rekenen op verdere steun. De heer Ottens: We hebben het amendement erg laat gekregen en dat vind ik heel jammer. We hebben het niet uitgebreid in de fractie kunnen bespreken, maar wat mij triggert, is dat u eigenlijk geen keuze maakt tussen 3 en 4, terwijl 4 het meest verregaande is. U geeft ook niet de financiële consequenties aan die het zou moeten hebben, maar ik lees in uw amendement wel dat het deels gerealiseerd zou kunnen worden door de inzet van stagiaires, waardoor Team WijZ ontlast zou worden. Ik ben Notulen raadsvergadering 3 november 2022

33

altijd heel erg voor de inzet van stagiaires, juist ook om hen een leertraject te bieden, maar ik zie niet in hoe Team WijZ daardoor ontlast wordt, laat staan hoe uw scenario daarmee gerealiseerd kan worden. Uiteindelijk moet je ook investeren in stagiaires en laat duidelijk zijn: ik ben daar erg voor, maar het brengt niet de oplossing die u beoogt. Mevrouw De Bruijn: Wat betreft de financiële onderbouwing denk ik dat we heel eerlijk moeten zijn dat geen van de vier scenario’s financieel onderbouwd is. In de toekomst krijgen wij te horen wat het gaat kosten en hoe ver het is. Daarom krijgen we ook steeds die evaluaties. Antwoord op uw tweede vraag: inderdaad, die stagiaires zitten in de wijkgebouwen. Die krijgen de eenvoudige vragen. Als zij wat moeilijkere vragen krijgen, gaan ze inderdaad naar Team WijZ. Het ontlast dus heel veel, want het gaat alleen om de eenvoudige vragen waar direct een antwoord op kan komen. En ja, ze hebben inderdaad wat leiding nodig, maar daarvoor kan dan een professional uit Team WijZ eens in de zoveel tijd een stuk opnemen. Zo kijken wij er tegenaan. De heer Ottens: Ik snap dat u daar op die manier tegenaan kijkt maar ik blijf daar erg veel moeite mee hebben. Nogmaals, ik vind het enorm belangrijk te investeren in stagiaires. Die hebben tenslotte de toekomst. Ook bij eenvoudige vragen zullen zij echter begeleiding nodig hebben.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12109957/2