Verslag raadsvergadering 11 december 2025
Tekst van het document
NOTULEN van de openbare vergadering van de raad der gemeente Waalwijk, gehouden op 11 december 2025 Aanwezigen raadsvergadering van 11 december 2025
Voorzitter:
mevrouw S. Ausems, burgemeester
Griffier: Plv. griffier:
de heer J. Deneer mevrouw F. Opperman, plv
Aanwezig de leden:
de heer A. van Belkom de heer M. Bokšan de heer F. den Braven de heer G. den Braven mevrouw C. de Bruijn de heer B. Bruurmijn de heer J. van Dijk de heer D. Dubbeldam (afwezig vanaf agendapunt 15) de heer R. Frodyma de heer J. van Groos de heer J. van Hest mevrouw Y. IJpelaar-Alias de heer N. Kieboom mevrouw I. Klerks de heer T. Klerks de heer G. Kocken mevrouw B. Koptagel-Demirbas mevrouw Y. van Laar de heer W. Lodenstijn de heer J. de Meijer de heer H. Metzke de heer N. van der Pluijm de heer J. Pulles de heer R. Spohr de heer R. Tiemstra mevrouw M. Veraa mevrouw M. Verhagen-van Lier de heer H. van Zelst (aanwezig vanaf agendapunt 13)
Afwezig: Tevens aanwezig:
de heer T. Klerx, wethouder de heer A. de Jong, wethouder mevrouw S. Schuijffel, wethouder de heer S. Slaats, wethouder de heer F. Spierings, wethouder
Tevens aanwezig: Aanvang: 19.00 uur Einde: 23:25 uur Notulen:
mevrouw E. van Asten (Notuleerservice Nederland)
De voorzitter: Het is 19.00 uur, wij gaan beginnen aan deze vergadering. Welkom, iedereen. We hebben vanavond een livestream. Dit betekent dat alles wordt opgenomen en uitgezonden. Dit extra moment voorafgaand aan de raadsvergadering is gecreëerd om vragen te stellen aan de portefeuillehouder, indien u dat wenst. We hebben de tijd tot uiterlijk 19.25 uur, daarna hebben we vijf minuten de tijd om ons klaar te maken voor de raadsvergadering. Wie kan ik noteren voor vragen aan de portefeuillehouder? De heer Frodyma. Dan vraag ik eerst of de portefeuillehouder naar voren wil komen. Meneer Frodyma, aan u het woord. De heer Frodyma: Voorzitter, dank u wel. Ik heb een vraagje met betrekking tot de bushalte. Die wordt nu gevestigd op een plaats waar wij van zeggen van, is dat wel functioneel, als je kijkt naar de rest van het bedrijventerrein? Met andere woorden, dan hebben we daar een bushalte staan en aan de overkant de retourdienst. Hoe functioneel is dat? De bus komt aan en dan ben je daar, hoe kom je dan verderop in het bedrijfsterrein? De voorzitter: Dank u wel. Het woord is aan de portefeuillehouder. Wethouder De Jong: Dank u wel, voorzitter. Deze bushalte, zoals beschreven in het raadsvoorstel, ligt op de positie aan de parallelweg met de A59, onderdeel van het GOL. Er is bewust voor gekozen voor de lijn 532, die het gaat worden.
Met betrekking tot de hele ontsluiting van de haven komen er nog een aantal bushaltes bij. Daar kan ik nog niet te veel over uitweiden. Het is wel de gedachte dat er meer bij komt. Dan weet u in ieder geval dat het een onderdeel vormt van de totale ontwikkeling en bereikbaarheid van bedrijventerrein Haven. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Frodyma. De heer Frodyma: Dank u wel. Daar kunnen we best mee leven, om dat te horen. Anders sta je daar in the middle of nowhere en waar moet je dan naartoe? De voorzitter: Nog meer vragen? Ik zie de heer Kocken. De heer Kocken: Aansluitend erop. Ik heb vragen gesteld rond de juridische kant van het verhaal, heb ik antwoord op gekregen. Dank u wel. Een van de punten waar ik naar gevraagd heb, is van, hoe zit het dan met halteaansluiting helemaal op het snelverkeer van de bushaltes? Aan de Taxandriaweg, zou daar nog een oversteek moeten komen waar Rijkswaterstaat grote problemen mee heeft. Aansluiten op het snelverkeer, sneldiensten, is belangrijk voor de bereikbaarheid van het industrieterrein. De halte waar we het nu over hebben, daar komt de sneldienst niet, dat is een normale dienst. Toch de sneldienst? Dan ben ik een beetje het spoor bijster, want dat vraag ik me af hoe dan heel het vervoersnet in Waalwijk georganiseerd wordt. Dat is wel de context waarin we dit moeten zien. De voorzitter: Dank u wel. Portefeuillehouder.
Wethouder De Jong: Die context was uw collega naar op zoek, dat met betrekking tot bushaltes en u heeft dat met betrekking tot de lijnen. Daar heeft u wel een punt. Waar het hier over gaat, is de ontsluiting voor de bussen die 100 kilometer per uur rijden en niet ieder dorp aandoen. Wij kunnen, wel met name Waalwijk, daar nog niet te veel over vertellen. Ik heb hier wel een kaart, maar die mag ik niet vertonen met betrekking tot de dienstregeling. Dat is een beetje de ellende met dat het nu openbaar is, want Arriva moet daar nog minimaal een half jaar of driekwart jaar op studeren. Die hebben wel de basisgedachte en de basislijn in hun hoofd. Dit is er een van en die wordt ook zo. Dat weten we. In welke frequentie, dat weten wij nog niet. Hoe hij gaat lopen, dat weten wij inmiddels ook al. Dat willen ze nog wel, en dat is heel begrijpelijk, voor zich houden. Ze moeten er nog aan werken. Misschien hier en daar nog wat kleine wijzigingen. Deze halte is goed. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kocken: Dat mag ik aannemen. Wethouder De Jong: Het voorstel. De heer Kocken: Een andere vraag die ik heb, hoe verhoudt zich dit met het aanbestedingsrecht? Dank u wel. De voorzitter: Portefeuillehouder. Wethouder De Jong: Aanbesteding. Dit gaat over werken en als ik dan nog graaf, historisch, dan lag er toen met betrekking tot Europese aanbestedingen meer dan 6 miljoen.
Daar zit je ver onder, met die 3,20. Wat dat betreft, daar hebben de mensen naar gekeken en dat was geen probleem. De heer Kocken: Het is niet zo dat, omdat een-op-een onder werk met werk gemaakt wordt, dit project niet in het GOL is opgenomen als een project dat onder de financiële kaders van het GOL geldt. Moeten we dit apart financieren? Is het een project dat daar los van staat, wel binnen dit past, maar daar los van staat. Mijn vraag, kunnen wij dan zomaar een-op-een werk met werk maken, zonder dat we daar een aanbestedingsprocedure opnieuw voor moeten voeren? De voorzitter: Vroeg de heer Kocken via de voorzitter. Het woord is aan de portefeuillehouder. Wethouder De Jong: Wij moeten hier additioneel zelf –, omdat het echt Waalwijk is, gaat het wel lastig; wat wij heel specifiek vinden wat voor ons zou moeten gebeuren, dat dat door het GOL bekostigd wordt. We liften wel mee op het hele GOL-project. We hebben die aanvraag tot de wijziging gedaan. Dat verzoek is ingewilligd door de provincie of de gemeenten die tot de GOL behoren, dan wel degenen die daarvoor zijn aangesteld om dat te kunnen bepalen. Dat betekent dat we daarmee voldoen aan de inkoopregelingen, omdat die onder die grote paraplu vallen.
De voorzitter: Dank u wel. Verder nog een vraag van de heer Kocken of meneer Frodyma. Verder nog vragen van andere raadsleden? Geen. Ik zie geen vragen. Dan dank ik de portefeuillehouder, dan dank ik u allen voor de inbreng en sluit ik dit informatiemoment af. We gaan om 19.30 verder met de raadsvergadering. Dank u wel. 1.
Opening
De voorzitter: Het is precies 19.30 uur. Ik open de vergadering op de gebruikelijke wijze met een moment van stilte voor bezinning. Laten wij ons vanuit onze visie of geloofsovertuiging bij het begin van deze raadsvergadering bezinnen op onze gemeenschappelijke opdracht en verantwoordelijkheid om deze gemeente te besturen. De vergadering is geopend. Welkom allemaal, deze laatste raadsvergadering van 2025. Ik weet niet hoe het met u is, maar de laatste loodjes zijn soms best zwaar voor het eind van het jaar. Ik hoop dat u alles goed kunt afronden en van een fijn reces kan gaan genieten. Eerst gaan we vanavond nog eens deze vergadering met elkaar doen. Ook belangstellenden op de publieke tribune en de kijkers thuis, van harte welkom. We hebben een livestream. Dat betekent dat alles wordt opgenomen en uitgezonden. Rond 21.00 uur kijk ik of er behoefte is aan een pauze of waar we op dat moment aan toe zijn en rond 23.00 uur inventariseer ik waar we zijn in de agenda, als we dan nog niet gereed zijn. 2.
Mededelingen
De voorzitter: Nogmaals, fijn dat u er bent. Alleen de heer Van Zelst is wat later vanavond. Tom Klerks komt ook iets later. De heer Dubbeldam vertrekt iets eerder, lees ik. Dat waren de mededelingen. 3.
Vaststellen agenda
De voorzitter: Dan ben ik bij punt 3, het vaststellen van de agenda. Samen Waalwijk heeft een motie vreemd aan de orde aangekondigd. Ik wil voorstellen deze motie aansluitend aan de bespreekstukken te behandelen. Verzoek om verlenging van spreektijd tot drieënhalve minuut voor Samen Waalwijk bij deze motie vreemd aan de orde. Deze gaat over de parkeerproblemen bij de Leefdaelhof. Kunnen wij met deze aanpassingen de agenda vaststellen? Aldus besloten. 4.
Vragenronde
Er zijn geen aanmeldingen voor de vragenronde.
Ter vaststelling akkoordstukken 5.
Aansluitverordening riolering Waalwijk 2026
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt de Aansluitverordening riolering Waalwijk 2026 aangenomen.
6.
Belastingverordening OZB 2026 en Legesverordening 2026
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt de Belastingverordening OZB 2026 en Legesverordening 2026 aangenomen. 7.
Controleprotocol Waalwijk 2025
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt het controleprotocol Waalwijk 2025 aangenomen. 8. Suppletie-aanvraag 2025 opsporen en ruimen van ontplofbare oorlogsresten Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt de suppletieaanvraag 2025 opsporen en ruimen van ontplofbare oorlogsresten aangenomen. 9.
Nota Reserves en voorzieningen 2025
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt de nota Reserves en voorzieningen 2025 aangenomen.
Ter vaststelling lijst van ingekomen stukken en verslagen 10.
Lijst ingekomen stukken 10a. Ingekomen stukken 10b. Termijnagenda 10c. Raadsinformatiebrieven 10d. Beantwoording schriftelijke vragen (art. 47) 10e. VNG Ledenbrieven 10f. Links naar verslagen algemene besturen van gemeenschappelijke Regelingen
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt de lijst van ingekomen stukken en verslagen ongewijzigd vastgesteld. 11.
Verslagen en besluitenlijsten
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming worden de besluitenlijst begrotingsvergadering 6 november 2025, het verslag begrotingsvergadering 6 november 2025, de besluitenlijst raadsvergadering 13 november 2025, het verslag raadsvergadering 13 november 2025 en het verslag gespreksavond 27 november 2025 ongewijzigd vastgesteld.
Ter bespreking en vaststelling bespreekstukken 12.
Kredietvotering BRT-bushalte langs rondweg GOL
De voorzitter: Dan zijn we bij de bespreekstukken. Het eerste bespreekstuk, en daar heeft u al eerder met elkaar vanavond over van gedachten kunnen wisselen, dat is een ingelast bespreekstuk, en dat gaat over de kredietvotering van de BRT-bushalte langs rondweg GOL. Dit raadsvoorstel gaat over een investeringskrediet van 320.000 euro voor de realisatie van een bushalte in het Havengebied. De raad heeft de bevoegdheid om dit krediet beschikbaar te stellen. Het is geagendeerd als bespreekpunt voor eenieder die hier gebruik van wil maken, want dat hebben we niet eerder geïnventariseerd. Welke fractie kan ik noteren voor dit bespreekpunt? De heer Van Groos, ChristenUnie, CDA. Meneer Van Groos, geef ik u als eerste het woord. Spreektijd is tweeënhalve minuut. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. We hebben geen politieke vragen kunnen stellen aan de portefeuillehouder, dus ik maak daar nu toch gebruik van. Voorzitter, op 4 februari 2020 is de opdracht voor de realisatie van Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat gegund aan De Combinatie Mouric BESIX. Sinds september 2020 is de raad op de hoogte van het feit dat het college het verplaatsen van het busstation onderzoekt. Het college heeft vijf jaar de tijd gehad om met de aannemerscombinatie in gesprek te gaan over het realiseren van een halte langs de nieuwe rondweg.
Waarom is dat niet gebeurd, waardoor nu met stoom en kokend water aan de raad wordt gevraagd om een kredietbesluit te nemen? Vijf jaar is toch lang genoeg? Pas dit jaar heeft het college de gemeenteraad bijgepraat over de plannen voor het openbaar vervoer. Verschillende locaties voor een mobiliteitshub waren toen in beeld, ook het gebied ten noorden van de A59 kwam toen aan de orde. Zou het kunnen zijn dat de aan te leggen bushalte straks niet nodig is, omdat de raad een ander besluit neemt over de mobiliteitshubs? Dat zijn onze beide vragen aan de portefeuillehouder, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van Groos. Dan geef ik het woord aan meneer Spohr van CDA. De heer Spohr: Voorzitter, we hebben begrepen dat het college een kans ziet om industrieterrein en haven aan te sluiten op het ov. Dat was dan lijn 300, maar dat krijgt weer een mooi nieuw nummer. Dat op zichzelf is een kans om de werknemers van dit bedrijfsterrein een kans te bieden met het ov naar hun werk te gaan, en uiteraard naar huis, en om arbeidsmigranten die op dit bedrijfsterrein verblijven, de kans te geven om te kunnen reizen vanaf hun verblijfplaats. De busverbinding is zeer gewenst. De nu wel zeer snelle besluitvorming vanwege de waarschijnlijk werk-met-werkconstructie is riskant, nu we een aantal zaken nog niet weten en daarmee mogelijk een riskante investering zouden doen.
We begrijpen dat de verwachte kosten 320.000 euro zijn, waarvan de helft gedragen wordt door de provincie, dus de overige 160.000 euro plus meer wellicht door de gemeente. Dat zou dan in de meerjarenbegroting verder gedekt zijn. Betekent dit dat we deze uitgaven naar voren halen van een later jaar? Dit zijn echter verwachte kosten. We gaan er gemakshalve maar van uit, zoals het zo vaak gebeurt, dat deze straks hoger uitvallen. Daarnaast zijn er de onbekende grondsaneringskosten die nu nog niet duidelijk zijn. Onze vraag is, hoe worden deze ingeschat en hoe gaan deze worden gedekt? Ervan
uitgaande dat de kosten op een of andere manier kunnen worden gedekt uit de huidige begroting, voor zover die nu vallen, rijst direct daarna de vraag of de bushalte blijft gedurende deze concessie. En twee, of ook na deze concessie de bushalte niet zal worden opgeheven. Die vraag zouden we graag willen stellen om kapitaalvernietiging, en dat woord is in het voorstel eerder gebezigd, te voorkomen. Ten slotte zouden we graag duidelijk willen hebben wat de frequentie van de nieuwe buslijn 532 gaat zijn, om te beoordelen of dat de investering waard is en of de halte op de Taxandriastraat blijft gehandhaafd. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dank voor de bijdrage. Heeft u behoefte aan onderling debat? Nee. Dan ga ik de wethouder namens het college uitnodigen om de vragen te beantwoorden. Wethouder De Jong. Wethouder De Jong: Dank u wel, voorzitter. Met betrekking tot de vragen van de ChristenUnie, u wist al sinds lange tijd dat het GOL in de ontwikkeling was, waarom is deze halte niet meegenomen? In het kader van het openbaar vervoer weet u dat dat zeker de laatste twee jaar een vlucht heeft genomen in de support van zowel de provincie als het Rijk om Waalwijk beter bereikbaar te maken voor het openbaar vervoer. Dat is de reden waarom hier 50 procent subsidie op zit van de provincie met betrekking tot deze bushalte.
De bushalte maakt qua infrastructuur deel uit van het GOL, een stuk meer werk daarvan, maar die wel op conto komt van de gemeente Waalwijk. De afdeling heeft, toen het groene licht kwam met betrekking tot het GOL, direct geacteerd om een ontwerp te maken, kijken wat het ontwerp is. Men ging er nog van uit dat dat wat later in de planhorizon dan nu dat aangelegd zou kunnen worden, dat het niet zoveel meerkosten op zou leveren. Toen het bericht, zo’n zes, zeven weken later kwam nadat zelf daarover gebeld was van, hoe staat het er nu mee, gaf de aannemer aan van, maar er moet veel meer gebeuren. We zijn nu met de inkoop bezig. Dan zou u op 5 december uitsluitsel moeten geven. Wij hebben dit in een portefeuillehouderoverleg op 4 december besproken en toen werd het ons duidelijk van, wij moeten nu acteren, want er is een duidelijke verbijzondering opgetreden dat de eerste vooronderstelling dat wij dit in het werk mee zouden kunnen nemen en wat later konden aanleggen, dat daar geen bezwaar tegen zat, dat er geen kapitaalvernietiging zou zijn, maar mooie aanvulling op het geheel en passend in het openbaarvervoernetwerk. De voorzitter: Wethouder, u bent op de helft van uw betoog en u heeft nog vijf vragen volgens mij te beantwoorden. Wethouder De Jong: Dat is de reden waarom wij op het laatst hebben geacteerd, om in ieder geval nog werk met werk te kunnen maken.
De andere, is het denkbaar dat bij het niet doorgaan van de hubs dit overbodig wordt? Niet in letterlijke zin, wellicht wel in figuurlijke zin. Op dit moment trekt de provincie daar alles uit vanuit de concessie. Op deze bushalte komt een 100 kilometer-bus te rijden, die anders van vorm, anders van model is, ook een heel ander traject aflegt, veel sneller in de verbinding tussen de Den
Bosch, Waalwijk en Tilburg. Dat betekent dat wij in deze concessietijd de bushalte, zoal het er nu uitziet, daadwerkelijk gaan handhaven. Dit is overlegd met de provincie en Arriva. De concessie gaat in op december 2026. Wat is de frequentie van de HOV? Dat kunnen we nog niet zeggen. We zijn nu met het grondmodel bezig. Daar hebben we al inzage in. We weten ongeveer wel hoe de lijnen gaan lopen en hoe de lijnen heten, maar nog niet in welke frequentie. Daar heeft Arriva dan nog wel bijna een jaar voor om dat verder uit te kristalliseren. Ik geloof dat ik er nu zo’n beetje doorheen ben. Taxandria. Bedoelt u de huidige Taxandriahalte? Dan moet ik kijken naar die dienstregeling van hoe die eruit komt te zien met betrekking tot december 2026. Nu nog wel. Daar doen zich bepaalde ontwikkelingen voor. Daar kan ik nog geen ja of nee op zeggen. Dat weten wij nu nog niet. De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting, wethouder. Ik zie meneer Spohr al opstaan om nog een vraag te stellen. Meneer Spohr. De heer Spohr: U zegt, ik weet nog niets van de frequentie, via de voorzitter dan even. Laat ik het zo zeggen, dat is voor ons wat lastig. We gaan ervan uit, als je investeert in een buslijn, want wij exporteren die buslijn niet zelf, dat we investeren in een buslijn die relevant is voor de gemeente.
Stel dat die frequentie, ik noem maar wat, een keer per dag zou zijn, dan zou het niet de moeite waard zijn om zo'n investering te doen, zeker niet een investering waarbij mogelijk nog heel veel extra kosten zouden kunnen komen. Die frequentie is wat ons betreft wel een belangrijke factor in dit besluit. Dan geeft u aan, de concessie, wat ons betreft blijft dit in concessie. Ik zou liever hebben gehoord dat partijen het erover eens zijn dat gedurende, de concessie gaat per 2026 in, die concessie dit gehandhaafd blijft. Via de voorzitter, als ik de portefeuillehouder hoor, dan kun je op elk moment zeggen, we vinden het niet meer zo nuttig, dus we halen hem eruit. Dat zou denk ik een hele slechte zaak zijn, als het zo onstabiel is. Op het moment dat je een investering doet, dan gaan wij ervan uit dat gedurende ten minste die concessie en hopelijk daarna ook er geen discussie is over het handhaven van de lijn en de bushalte. Ten slotte een vraag die nog niet beantwoord was, dat was de vraag over de grondsaneringskosten. Dat leek ons nog wel relevant voor dit hele verhaal. De voorzitter: Wethouder De Jong. Wethouder De Jong: Dank u wel, voorzitter. Met betrekking tot de frequentie. Die weten we niet, maar de bussen worden al besteld en dat zijn, zoals ik zei, 100 kilometer per uur-bussen, dus er zit het nodige comfort in.
Men probeert metro-achtig comfort te bieden en snelheid te bieden en daarbij een bepaalde frequentie aan te houden. Dat is zowel voor de 531 als 532 als combinatie op die lijnen.
Ten tweede is het zo dat ik aangaf van, de bushalte die blijft, omdat dit de bushalte is bij het nieuwe GOL, met betrekking tot de afslag van de A59 om richting Waalwijk te gaan. Die hebben ze nodig en ze zullen daar dan ook de Haven aan blijven doen. Die rijdt dan op die parallelweg, die behoort tot het GOL en verder met betrekking tot de dienstregeling hier in Waalwijk. Dat zijn twee antwoorden. De grondsaneringskosten, dat staat in het raadsvoorstel. Op deze wijze is het zo dat die kosten niet voor ons zijn, maar wordt dat gewoon meegenomen in het hele werk. Vandaar dat het een wijziging is op het GOL en door het GOL gedragen wordt. Dat risico is, in ieder geval wat onze kennis is, daarbij niet aanwezig, zoals je dat theoretisch zou kunnen zijn, zoals u stelt. Dat klopt. Dat is daarvan uitgesloten. De voorzitter: Voldoende, zie ik, meneer Spohr. Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, dank u wel. Dank aan de portefeuillehouder voor zijn reactie. Ik wil toch op beide punten terugkomen. Het eerste is, zeker sinds 2020 wordt er vanuit het college aangegeven dat openbaarvervoerverbinding van de gemeente Waalwijk naar andere steden en de ontsluiting van het bedrijventerrein Haven qua openbaar vervoer niet goed is.
Hier in huis werd gedacht van, we hebben nog wel de tijd, maar dan nog in die vijf jaar, waarom is er niet met de aannemerscombinatie gesproken? We hebben daar contact over gehad vanwege het uitstel op uitstel bij de Raad van State. Waarom is er niet met de combinatie gesproken? Je kunt wel ervan uitgaan van, we hebben nog tijd genoeg, maar de aannemerscombinatie moet het werk uitvoeren en heeft kennelijk, zoals nu blijkt, andere ideeën over wat er nodig is. De voorzitter: Meneer Van Groos, u stelt opnieuw uw vraag. Ik denk dat u niet tevreden was met het antwoord. Klopt dat? De heer Van Groos: Dat klopt. De voorzitter: Dan zullen we de wethouder vragen om nog een keer te antwoorden. Wilde u nog wat toevoegen? De heer Van Groos: Het antwoord is, er is een inschattingsfout gemaakt. Dat vind ik dan wel een hele rare inschattingsfout. Dat is dan mijn reactie, dan hoeft de wethouder niets te zeggen. Dan denk ik, hoe bestaat het dat je zoiets inschat en dat niet even test bij de aannemerscombinatie, daarover in gesprek gaat? Je hebt nu nog tijd om dat uit te zoeken. Het andere is, de zorg die ook door het CDA wordt uitgesproken, als raad moeten we nu een voorschot nemen op de discussie over hoe dat we om willen gaan met het openbaar vervoer in Waalwijk. Waar komen de mobiliteitshubs? Hoe gaan de routes lopen? Misschien willen we wel een hub in Haven 8 bij datzelfde gebied.
Dan is de halte overbodig. Dat wordt wel heel lastig. De wethouder schudt nee, dus de raad heeft daar dan niets meer over te zeggen. Hoe moet ik dat dan zien? Als de wethouder zegt van, je loopt daarin geen enkel risico, we lopen geen risico als we daarin blindelings het college volgen, dat snap ik. Ik ben wel
benieuwd waarom de wethouder non-verbaal aangeeft dat we geen risico lopen dat de raad straks in alle wijsheid een ander besluit zou willen nemen. De voorzitter: Wethouder De Jong. Wethouder De Jong: Dank u wel, voorzitter. Om met dat laatste te beginnen, ik lachte omdat ik de associatie legde met de vraag van Samen Waalwijk in deze voorbespreking met betrekking tot de bezorgdheid van, als dit de enige bushalte is op de Haven, wat betekent dat dan? De Haven wordt ontsloten ook door andere bushaltes om die daar neer te zetten. We krijgen een goede ontsluiting van de Haven met het openbaar vervoer. Dan terugkomend op uw eerste vraag, nu kan ik hem hopelijk beter beantwoorden voor u. Tot heel laat is het adagium geweest bij Arriva, en daarmee ook de provincie, dat ontsluiting van bedrijventerreinen middels openbaar vervoer absoluut niet rendabel is en niet aantrekkelijk. Dan zie je wel dat er op enig moment men achter een visie en een plan gaat staan; ook na gesprekken hier op het gemeentehuis en op de Haven is men tot de conclusie gekomen dat het wellicht verstandig is om toch een bushalte te creëren op bedrijventerrein Haven. Dat is vanuit mijn geheugen niet ouder dan een jaar, dat we wisten en beseften dat we een kans hadden en die mogelijkheid kregen dat er een aansluiting op Haven zou komen.
Dat is een heel lang al nagestreefde wens van deze gemeente, dat we op de bedrijventerrein Haven een bushalte zouden krijgen. Dat is van zeer recente tijd. Vandaar dat men de uitspraak van het GOL heeft afgewacht en daarop gelijk heeft geacteerd en wij dat konden volgen, om op basis daarvan onze subsidieaanvraag al in te dienen. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, dank voor de reactie. Ik heb aangegeven waar voor ons de pijn zit. Daar laat ik het nu bij. De voorzitter: Dank u wel. Voldoende, zie ik, wethouder. Dank. Dan gaan we over tot een tweede termijn. Heeft iemand behoefte aan tweede termijn? Ik zie niemand. Dan is het debat afgesloten en gaan we over tot besluitvorming. We gaan het raadsvoorstel in stemming brengen. Wenst iemand een stemverklaring af te leggen? Ik zie er twee, meneer Van Groos en meneer Spohr. Meneer Spohr, ga uw gang. De heer Spohr: Voorzitter, het CDA zal alles afwegende voor dit voorstel stemmen, omdat we wel blij zijn dat er een ontsluiting is van het industrieterrein. Toch hebben we wel de nodige vraagtekens ten aanzien van de veronderstellingen, de voorwaarden, zo je wilt, die onder dit voorstel liggen. De wethouder heeft mij niet helemaal kunnen overtuigen hoe stabiel nu de lijn is. Dat betekent dat we naar ons idee toch met een zeker risico deze investeringen wel aangaan.
Alles afwegende, zullen we voor dit besluit stemmen. De voorzitter: Dank u wel, meneer Spohr. Meneer Van Groos, ChristenUnie. De heer Van Groos: Voorzitter, ondanks de gang van zaken willen we vanwege het feit dat het een kans biedt voor bedrijventerrein Haven en voor de mensen die daar willen
komen toch maar instemmen met dit voorstel en het risico nemen dat het mogelijk later niet meer nodig is. De voorzitter: Dank u wel. Dank voor de stemverklaringen. Ik zag de griffie al lopen vanwege de stemming. Die gaat nu klaargezet worden. U kunt gaan stemmen voor de kredietvotering BRT-bushalte langs rondweg GOL. De raad stemt digitaal over het raadsvoorstel. Met unanieme stemmen voor wordt het raadsvoorstel aangenomen. 13.
Najaarsbericht 2025
De voorzitter: Dan gaan we naar punt 13 op de agenda. Dat is het Najaarsbericht 2025. De raad ontvangt tweemaal per jaar informatie over afwijking op het beleid, middelen en bedrijfsvoering. De raad beslist over wijzigingen in de begroting en de reserves. Dit voorstel stelt bijsturing van de begroting 2025 voor. Het is een bespreekpunt voor Lokaal Belang, de VVD, Samen Waalwijk, SGP en de ChristenUnie. Spreektijd is tweeënhalve minuut. Ik wil als eerste mevrouw Klerks van de VVD het woord geven. De heer Kocken: Voorzitter, wij zien af van de spreektijd. De voorzitter: Dank u wel. Genoteerd. Mevrouw Klerks: Dank u wel, voorzitter. Met dank aan de organisatie ligt er een keurig Najaarsbericht voor. We zijn als VVD van mening dat de wijzigingen die erin verwerkt zijn duidelijk zijn verwoord en een duidelijke onderbouwing hebben. Tegelijkertijd heeft het Najaarsbericht wel een flink effect op de meerjarenbegroting en zover dat alle jaarschijven negatief worden. We zijn van mening dat wij vanuit een kaderstellende en toezichthoudende rol nooit kunnen accepteren dat de meerjarenraming in alle jaarschijven negatief is. Tegelijkertijd hebben we pas net een begroting vastgesteld en een politiek debat gehad. We zijn daarom op zoek gegaan naar een oplossing die meer technisch van aard is, en die hebben we gevonden in de 10 procentregeling.
Omdat het een technische aanpassing is, kun je je afvragen wat voor zin het heeft. Het gaat ons om het principe, we zijn als raad verantwoordelijk voor onze begroting, we zijn verantwoordelijk voor de richting van onze gemeente en de opdracht die we ons college meegeven. Die opdracht is vanuit de VVD glashelder. Zorg goed voor de centjes. Daarom hebben we een amendement opgesteld waarin we de 10 procentregeling toevoegen aan de begroting en daarmee de eerste twee jaarschijven positief maken. Daarnaast willen wij graag dat het college rekening houdt met de gevolgen van het Najaarsbericht wanneer de begroting wordt gemaakt. Ik weet uit ervaring dat deze producten vaak na elkaar worden gemaakt en dat dit lastig is. Tegelijkertijd waren er al wel een paar tegenvallers bekend in de organisatie en voor die bedragen geldt dat die al in ogenschouw genomen hadden kunnen worden bij de opstelling van de begroting.
Tegelijkertijd zien we dat er meer ruimte nodig is in de meerjarenraming en vragen we het college om goed te kijken naar onze investeringskredieten. Ook dit jaar wordt er weer veel overgeheveld en zijn er op sommige terreinen flinke meer- en minderkosten. Dit laat ons zien dat hier meer grip op mag zijn, zodat de begroting en de jaarrekening straks dichter bij elkaar liggen. Tot zover. Amendement: Sluitende meerjarenraming De fractie(s) stel(len) het volgende amendement voor: Constaterende dat: - Met het Najaarsbericht, de meerjarenraming voor elke jaarschijf negatief wordt; - De prognose voor het jaar 2025 laat zien dat gedurende het jaar het saldo stevig verbetert; - Dit al meerjarig het geval is; - Dit resulteert in een jaarlijkse toevoeging aan de Algemene Reserve; - De solvabiliteitsratio van de gemeente Waalwijk boven de 20% is en volgens de Begroting 2026 ruim voldoende blijft (29,8%).
Overwegende dat: - Het goedkeuren van een negatieve meerjarenraming voor elke jaarschijf, vanuit politieke en bestuurlijke overwegingen niet wenselijk is; - Er middels het toepassen van de 10% regeling (het surplus in de algemene reserve aanwenden voor het dekken van structurele exploitatielasten) een mogelijkheid is om een wijziging door te voeren; - Deze wijziging in normaal Nederlands toestemming geeft aan het college om de spaarpot deels te gebruiken voor de dagelijkse uitgaven (boodschappen, huur, verzekeringen) wanneer dit nodig mocht zijn. Besluit: Aan het dictum van het raadsvoorstel het volgende beslispunt toe te voegen: ➢ De 10% regeling toe te passen op de lopende meerjarenbegroting waardoor het saldo er als volgt uit komt te zien:
En daarnaast het college op te roepen om: 1. bij de komende begroting, ruimte te houden voor het verwachte saldo van het Najaarsbericht; 2. Te kijken naar het meerjareninvesteringsprogramma en hierbij de begroting dichter bij de uitgaven te brengen, zodat er begrotingsruimte wordt gecreëerd voor andere uitgaven.
De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Klerks. Ik ga eerst inventariseren wie het amendement ondersteunen. Samen Waalwijk ondersteunt het amendement. En D66 en Lokaal Belang waren de mede-indieners. Samen Waalwijk ondersteunt. Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan meneer Van Groos, ChristenUnie. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, bij elk Voorjaarsbericht en bij elk Najaarsbericht heeft de fractie van de ChristenUnie kritiek op in ieder geval twee zaken. Dat zijn het niet op de juiste wijze putten uit reserves en het plaatsen van nieuwe zaken op de begroting. Beide punten zijn op grond van de Financiële veroordeling niet toegestaan en zijn onrechtmatig, totdat de gemeenteraad achteraf groen licht heeft. Vorig jaar heb ik hiervoor de uitdrukking ‘onder het tapijt geveegd’ ingezet en dat heb ik geïllustreerd door onze bezwaren letterlijk onder het tapijt te leggen. Ik heb overwogen het tapijt dit jaar weer mee te nemen, maar heb dat niet gedaan omdat de fractievoorzitter van Lokaal Belang vorig jaar had aangegeven dit niet gepast te vinden. Tijdens de gespreksavond deed de wethouder deze kwestie af als ‘het is een andere invulling van de spelregels’, zonder dit nader toe te lichten. Het voortdurend in strijd met de spelregels handelen is toch niet een andere invulling.
Zo zien de fracties van SGP en ChristenUnie dit en daarom dienen zij een motie van treurnis in. Ik vraag de fracties die van plan zijn met dit Najaarsbericht in te stemmen of zij kunnen uitleggen waarom ze geen bezwaren hebben tegen deze onrechtmatige handelwijze van het college. Burgemeester en wethouders hebben zonder toestemming van de gemeenteraad tonnen uitgegeven. Immers, als het conform de regels was, dan was het niet nodig geweest om aan de raad te vragen om met de begrotingswijziging in te stemmen. Dank u wel. Motie: treurnis De raad, in vergadering bijeen op 11-12-2025, gehoord de beraadslaging, Constaterende dat: - In artikel 8 lid 2 van de Financiële verordening 2023 staat dat ‘Door middel van het Najaarsbericht geen nieuwe zaken op de Begroting kunnen worden gebracht’. - Het college in beslispunt 3 toch weer een krediet (houtwal A59) heeft opgenomen; - Artikel 16 lid 3 als volgt luidt: ‘Het college is bevoegd om ter dekking van niet begrote uitgaven, niet zijnde investeringskredieten, tot een bedrag van maximaal € 50.000 per bestemmingsreserve jaarlijks te beschikken over bestemmingsreserves. Het college informeert de raad door middel van een raadsinformatiebrief en draagt er zorg voor dat de mutatie in de eerstvolgende kwartaal wijziging van de begroting wordt verwerkt”. - Het college in beslispunt 2 vraagt met een viertal onttrekkingen (f.
€ 22.000 uit de reserve Automatisering zonder raadsinformatiebrief; h. € 65.000 uit de reserve Onderwijshuisvesting; i. € 91.000 uit de Algemene Reserve t.b.v. de sloop van het oude Schoenenmuseum; k. € 200.000 uit de reserve Sociaal Domein) in te stemmen.
Overwegende dat: - In deze bestuursperiode zowel elk Voorjaarsbericht als elk Najaarsbericht nieuwe kredieten plus niet geoorloofde onttrekkingen bevat; - De Financiële verordening 2025 geen aanpassingen van de artikelen 8 lid 2 en 16 lid 3 kent; - Het budgetrecht één van de belangrijkste rechten van de gemeenteraad betreft; - Het college hierop meer dan eens is gewezen. Spreekt over het niet houden aan de regels van de Financiële verordening zijn treurnis uit en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van Groos. Een motie van treurnis ingediend. Mag ik u vragen wie van u deze motie op voorhand mede ondersteunt? Het CDA. Dank u wel. Dan wil ik nu graag het woord geven aan Lokaal Belang. Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Bij de begroting 2025 was het begrote nadeel voor ravijnjaar 2026 maar liefst 2,6 miljoen. Bij het Voorjaarsbericht was dat nadeel 4,5 miljoen, bij de kadernota 3,7 miljoen. Bij de begroting in september was het een voordeel van 3 miljoen. Nu bij het Najaarsbericht zijn we weer terug op een nadeel van een 1,1 miljoen. Wat wij als Lokaal Belang hiermee willen aangeven, is dat onze begroting wispelturig is en dat we zomaar kunnen wisselen van tekorten naar positieve saldi.
Daarom, voorzitter, kon Lokaal Belang zich tijdens de gespreksavond vinden in het voorstel van de wethouder om de begrote tekorten bij het coalitieprogramma 2026 aan te pakken. Mogelijk kunnen we ook weer een voordeel verwachten bij het Voorjaarsbericht van 2026. Wij hadden dat geduld op kunnen brengen. De VVD stelde ombuigingen voor nu meteen bij het Najaarsbericht. Zoals aangegeven bij de gespreksavond, waren de plotselinge grote negatieve jaarresultaten ook onze zorgen. Daarom dienen we samen met de VVD het amendement in voor de inzet van het surplus van de algemene reserve. Een mooie technische maatregel die ons op korte termijn lucht geeft in de begroting, zolang de solvabiliteit dit toelaat. We snijden in eigen vlees in plaats van de inwoners met een wispelturige rijksoverheid op te zadelen. De verwachting is dat we dit jaar weer positief afsluiten met een batensaldo van 5,5 miljoen. De inzet van het surplus van de algemene reserve was bovendien een van de maatregelen uit het Financieel Robuust Perspectief, die we naar aanleiding van de positieve vooruitzichten bij de begroting in september nog er weer uit gehaald hebben. Voorzitter, afrondend, als Lokaal Belang kunnen we ons vinden in de aanpak van het college om 2029 nog niet sluitend te maken.
Dit is niet alleen in lijn met het VNG-advies, maar sluit aan bij de overtuiging dat het maken van pijnlijke keuzes, zoals het snijden in voorzieningen, niet makkelijk terug te draaien is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van der Pluijm. Als laatste op dit onderwerp de SGP, meneer Tiemstra.
De heer Tiemstra: We maken geen gebruik van onze spreektijd. Ik heb straks wel een vraag aan de heer Van der Pluijm. De voorzitter: Dank u wel. Welkom, meneer Van Zelst, die ook in de vergadering is gearriveerd. Dank u wel. Dan kunt u met elkaar in debat. Ik zie meneer Van der Pluijm al klaarstaan. Ga uw gang. Meneer Den Braven. De heer Den Braven: Excuses. Mijn zoon is wat ongeduldig, maar senior had zich bij de griffie aangemeld om hier een B-punt van te maken en ik stuur u net een appje. Ik begrijp dat u dat niet gezien heeft, maar voor ons is het een B-punt. Ik zou graag tijd en ruimte hebben om ons standpunt over het voetlicht te brengen. De voorzitter: Hartelijk dank. Dat is mij inderdaad niet bekend geweest. Ik heb het appje niet gezien, zoals u zult begrijpen tijdens de vergadering. Meneer Tiemstra, meneer Van der Pluijm, graag even geduld. Ik geef eerst GroenLinksaf het woord. Meneer Den Braven, ga uw gang. De heer Den Braven: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, wij hebben kennisgenomen van het raadsvoorstel over het Najaarsbericht. Het financieel perspectief ziet er niet fantastisch uit, maar met de herinnering aan de paniek over het ravijnjaar in het achterhoofd valt het allemaal best wel mee. Het ravijn is een onduidelijk greppeltje geworden, maar ook greppeltjes verdienen aandacht.
Daarom klinkt het door een aantal partijen ingediende amendement over het sluitend maken van onze meerjarenbegroting met het overschot op onze AR weliswaar logisch, maar wat overbodig op dit moment. Waarom zouden wij nu een uitspraak doen over hoe om te gaan met financiën van een periode die na ons mandaat ligt? Het lijkt ons beter een nieuwe raad en de nieuwe coalitie hier een beslissing over te laten nemen. De begroting van 2026 is al door ons vastgesteld. Of wij daar nu of de nieuwe raad over een aantal maanden op gaat corrigeren, zal weinig verschil maken. Wie gaat dat merken? In het geleverde overzicht staat ruim 3,8 miljoen voorlopig resultaat, 2025, één keer als voordeel en twee regels verderop onopgemerkt als nadeel genoteerd. Zo snel kan dat gaan. Voordeel, nadeel, het is allemaal zo duidelijk niet. Graag overigens die fout wel gecorrigeerd. Inhoudelijk zijn we niet tegen. We verwachten zelfs veel meer ruimte in het surplus dan waarin het amendement mee gerekend wordt. Het probleem is gewoonweg niet nijpend genoeg om per se nu opgelost te worden. Daarnaast, in het kader van de cijfertjes, in de bijlage van een van de drie brieven van de minister van Binnenlandse zaken over dit onderwerp lazen wij dat slechts 7 van de 53 Brabantse gemeentes ervoor gekozen hebben hun begrotingen op deze manier sluitend te maken.
Het is een politieke keus die je kunt maken en die blijkbaar niet overal navolging vindt. Verder vinden we weinig spectaculairs in het bericht. Het ongeamendeerde voorstel kan op onze goedkeuring rekenen. Tot zover.
De voorzitter: Dank u wel, meneer Den Braven. Dan zie ik nu meneer Van der Pluijm opnieuw opstaan om in debat te gaan met elkaar. Meneer Van der Pluijm, geef ik u als eerste het woord. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Ik wil ingaan op de motie treurnis van de ChristenUnie. Ik citeer ook de ChristenUnie, want die geeft aan, ieder halfjaar komen wij met kritiek en ieder halfjaar hebben wij deze discussie. Voorzitter, de ChristenUnie weet hoe wij hier politiek in zitten. We mogen van u niet herhalen, dus bij dezen gaan we dat niet doen. Zoals gezegd, de ChristenUnie weet hoe we hierin zitten. Zolang de extern accountant en de provincie deze handelwijze van het college niet afkeuren, is het voor Lokaal Belang politiek gezien akkoord. De voorzitter: Dank u wel voor deze efficiënte bijdrage zonder herhalingen, meneer Van der Pluijm. Ik zie nu meneer Den Braven opstaan, net zoals meneer Van Groos. Maar meneer Den Braven is u voor, meneer Van Groos. Meneer Den Braven. De heer Den Braven: Dank u wel, voorzitter. Het klopt dat er een aantal zaken in het raadsvoorstel staan die afwijken van wat volgens de letter van de Financiële verordening mag, maar niet in een van de genoemde afwijkingen zit iets dat onoorbaar is of er stiekem op deze manier doorheen gejast wordt. Het is niet aan ons om de kritiekpunten te weerleggen. Dat kan de portefeuillehouder prima zelf.
Eigenlijk is het enige dat wij hebben gevonden dat niet zo gemogen had de iets te hoge onttrekking aan het krediet onderwijshuisvesting. Dat is niet van de orde van grootte dat wij dat zouden willen betreuren. Zoals al in uw motie en in uw bijdrage gezegd, meneer Van Groos, u komt elk voor- en najaar met soortgelijke conclusies en soortgelijke verwijten en er is nog niet een keer meerderheid gevonden die u hierin bijvalt. Ik heb sterk het idee dat dat vanavond weer niet gaat gebeuren. Het is uw goed recht om de motie in te dienen. Het is wellicht niet heel erg voor de hand liggend om te verwachten dat de uitkomst anders gaat zijn dan de vorige acht keer dat u dit gedaan heeft. Dan kan ik weinig anders dan constateren dat wellicht het moment leidend is geweest voor het indienen van deze motie. Dat betreur ik. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, ik zou graag op beide heren willen reageren van de coalitie. Eén is, zolang de raad de handelwijze van het college blijft goedkeuren en nu groen licht geeft door in te stemmen met het Najaarsbericht, is er geen onrechtmatigheid meer en het college en de coalitie blijven het budgetrecht van de raad uithollen. Daartegen blijf ik mij verzetten, ook als ik na de verkiezingen weer mag terugkomen.
Wat dan stoort, is dat in het raadsvoorstel en zelfs in het Najaarsbericht staat dat er geen nieuwe dingen op de begroting mogen komen. Er komen wel nieuwe dingen op de begroting. Dan denk ik van, wat moeten we met deze regels? Als we vinden dat dat wel kan, dan zou de verordening daarop moeten worden aangepast en ook dat gebeurt niet. Het heeft gewoon te maken met spelregels. Als de meerderheid van de raad blijft vinden dat deze handelwijze kan, dan blijft de minderheid roepen dat dat niet is toegestaan
volgens de regels en de instrumenten gebruiken die daarvoor beschikbaar zijn. Dan is na het tapijt een motie van treurnis nog een lichte, want het budgetrecht van de raad is een heel belangrijk recht en daar moeten we van afblijven. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van Groos. Ik zie dat mevrouw Klerks hierop wil reageren. Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Het meest praktische, voorzitter, lijkt me, als er een motie gaat komen waarin we de spelregels aanpassen, dus ik denk dat ik een motie vreemd ga voorbereiden voor de volgende keer. Volgens mij zijn we het allemaal eens dat het gaat over recht doen aan datgene wat we met elkaar goed vinden. Een ruime meerderheid vindt hier dat er niets verkeerd gaat. Laten we dan deze discussie beslechten door gewoon de regels aan te passen aan datgene wat we hier in meer meerderheid vinden. Ik ga niet nu schorsen om een motie te maken, dat lijkt me zonde van al onze tijd. Zou kunnen. Laat ik een motie vreemd maken voor de volgende keer. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Klerks. Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, mag ik dan de bijdrage van mevrouw Klerks als volgt uitleggen, dat de VVD vindt, en waarschijnlijk dan ook andere partijen en het college, dat bijvoorbeeld putten uit reserves is toegestaan, ongeacht het bedrag, of tot een bepaald bedrag moet het bedrag worden verhoogd.
We hebben ook een afspraak, dat is nog een reactie op de bijdrage van de heer Den Braven, dat het college mag putten uit reserves, reserves, dat is de bevoegdheid van de raad, tot een bepaald bedrag, onder voorwaarde dat de raad daarover meteen wordt geïnformeerd. Dat gebeurt elke keer niet. U kunt de Financiële verordening halen. Als het college de regels van de raad die de raad heeft vastgesteld, moet hanteren en dat wordt iedere keer aan de laars gelapt, dan blijven we daar wat van zeggen. Ik begrijp dat de VVD, die net de pleidooi hield voor gezonde en keurige financiën, dit geen enkel punt vindt. De voorzitter: Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Het enige wat ik dan denk ik voor ga stellen voor de verandering van de Financiële verordening, want ik vind daadwerkelijk wel dat we ons moeten houden aan regels, alleen als de regels niet meer passen bij datgene wat we willen, moeten we de regels aanpassen, volgens mij zou het woord meteen er dan uit moeten. Het college moet wel de raad informeren, als zij put uit de reserves, maar dan gaat het over de tijdigheid. Wij vinden oprecht dat het aangeven in het Najaarsbericht goed is. Dat moet niet tot overschrijdingen van tonnen gaan, maar in dezen vinden we dat goed. Daarnaast vinden we het prima als het nodig is om een krediet aan te kunnen vragen in zowel het Voorjaars- als het Najaarsbericht.
Daarvoor zou ik zeker een wijziging voorstellen. Soms is het voor de voortgang van bepaalde investeringen nodig om door te gaan en niet te wachten op de begroting. De voorzitter: Meneer Van Groos.
De heer Van Groos: Voorzitter, toch nog een ander gezichtspunt dan in deze discussie. We lopen dan vooruit op de motie of het amendement waar de VVD mee komt. De reden waarom zaken die leiden tot een verandering of een aanvulling op de begroting niet in het Voor- en Najaarsbericht mogen worden opgenomen, is dat de politiek graag wil discussiëren over de zaak in kwestie. Nu staat er een bedrag voor de houtwal langs de A59 in het Najaarsbericht en we hebben daar geen enkele discussie over, terwijl er wel misschien heel veel vragen zijn. Als het via een ordentelijk raadsvoorstel, een kredietaanvraag, bij ons was terechtgekomen, dan hadden wij, ook GroenLinksaf, daar iets over kunnen zeggen, want dat is een zaak die sommige fracties enorm bezighoudt. Ik zal maar zeggen dat de inwoners van Waalwijk Oost daar wakker van liggen. Als je toestaat om zaken die invloed hebben op de begroting op deze manier te behandelen, dan maken we onszelf als raad belachelijk, want de dingen waar we over gaan, waar we over iets te zeggen hebben, dat laten we over aan het college en we tekenen achteraf bij het kruisje. Dat is toch niet een manier van politiek bedrijven die bij de VVD past, zou ik zeggen. De voorzitter: Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Dat ben ik met de heer Van Groos van harte eens.
Volgens mij hebben we hier een aantal jaar geleden al een flinke discussie gehad over de, het was geen houtwal toen, maar de geluidswal rondom de A59. Daarvan was toen bekend dat het veel te duur zou worden. Dit is nu de oplossing. Ik denk dat het college daarbij handelt in de geest van wat toen de discussie was in de raad. Dan staat het u nog steeds vrij om middels dit Najaarsbericht het opnieuw te agenderen. Het geld is nog niet volledig uitgegeven, het is alleen gevoteerd in een krediet. Ook al staat er iets in het Najaarsbericht, staat het iedere partij vrij om dat hier opnieuw ter discussie te stellen. Natuurlijk zou het fout zijn, als het moment dat we het Najaarsbericht hier behandelen, het volledige bedrag al uitgegeven zou zijn. Dat ben ik helemaal met u eens. Volgens mij gebeurt hier echt niets ordentelijks. We hebben hierover een uitvoerige discussie gehad in deze raad. Daarin was ook de VVD betrokken, de VVD heeft toen zelfs verdeeld gestemd over dat raadsvoorstel. Dat kunnen wij ons prima herinneren. De volledige uitvoering is in lijn met wat er toen is besproken. Oprecht snap ik het probleem niet. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Omdat het in strijd is met wat we afgesproken hebben en daar hadden we goede redenen voor.
Wellicht kan ik wat met de suggestie van mevrouw Klerks en zal ik vaker dingen op de agenda zetten en niet vertrouwen op het college van, daar komen ze wel een keer mee. Want ze komen er niet mee. In het vorige Najaarsbericht, en dat is niet het geschikte moment. Ik zal zelf eigen momenten creëren, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Den Braven.
De heer Den Braven: Dank u wel, voorzitter. Een hele korte reactie, want die werd mij gevraagd, waar het gaat over de houtwal. Ik heb daar voorafgaand aan de begrotingsvergadering een gesprekje over gehad met de heer Van Groos waarbij het notabene de heer Van Groos zelf was die mij liet weten waar ik het voorbereidingskrediet kon vinden in de begroting voor volgend jaar. Het nu opgenomen bedrag in het Najaarsbericht loopt slechts vooruit deels op het gevoteerde krediet. Dat is allemaal niet zo'n enorm probleem, lijkt mij. Het gaat over de te hoge onttrekking aan de reserve huisvesting onderwijs. Die is in september, meen ik, gemeld in een raadsinformatiebrief, dus ook dat is niet nieuw. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, meneer Den Braven noemt maar twee voorbeelden. Er zijn er meer. De voorzitter: Ik zie dat meneer Den Braven toch weer terugloopt om nog één kort dingetje te zeggen. De heer Den Braven: Altijd twee. Het noemen van de reserve richting GroenLinksaf kwam van de heer Van Groos. U zei: de heer Den Braven heeft dat zelf genoemd. Inderdaad, dat heb ik genoemd in deze context. Ik geef u nu de context. Dat is ten onrechte door u genoemd, want het is aangekondigd. De houtwal, hetzelfde laken een pak, de houtwal is, staat in de begroting, aangekondigd, is niet nieuw.
Er wordt nu slechts vooruitgelopen op de onttrekking die in de begroting voorzien is. Is niet nieuw. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Volgens mij is dit verspilling van tijd verder, voorzitter. Ik dank de heer Den Braven voor zijn reactie. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Van der Pluijm, u bent aan het zwaaien naar de overkant. Ga uw gang. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Ik heb het idee dat dit onderwerp is afgesloten. Ik wil een vraag stellen aan GroenLinksaf. De voorzitter: Ga uw gang. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, GroenLinksaf heeft betoogd dat men wil wachten op het coalitieprogramma en niet nu al actie wil ondernemen. Zoals GroenLinksaf weet, wij dienen het amendement mee in om nu bij het Najaarsbericht toch al actie te ondernemen. Ik wil toch betogen waarom we dat doen. We zitten op de lijn waarvan u zegt: dat zou prima kunnen bij het coalitieprogramma. We hebben nu die mogelijkheid. Het inzetten van surplus van de AR is een technische mogelijkheid waar we in ieder geval snel mee kunnen schakelen. Die mogelijkheid hebben we nu en die willen we graag benutten.
Daar komt bij, als we kijken naar wanneer we een coalitie gevormd hebben, dan leven we waarschijnlijk pas weer in de zomer van volgend jaar. Dat is de reden dat Lokaal Belang ervoor heeft gekozen om nu toch deze actie te ondernemen, omdat we daarmee comfort geven in onze begroting en geen negatief saldo voor volgend jaar hebben staan. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Den Braven. De heer Den Braven: Dank u wel, voorzitter. Ik begrijp wat de heer Van der Pluijm zegt. Het is wel ongeveer de reactie die ik verwacht had, dus ik had toch wel iets opgeschreven. Dit is gebaseerd op iets wat sinds kort mag. Dit mag nog niet zo heel erg lang en sinds kort mag dat. De minister heeft daar een aantal brieven over geschreven, maar in alle brieven zegt hij ongeveer hetzelfde over de manier waarop je hiermee om moet gaan. De minister laat namelijk in zijn brieven weten dat deze oplossing een tijdelijke oplossing is en dat het vinden van structurele oplossingen voor structurele tekorten op deze manier maar beperkt uitgesteld kan worden. Daarom lijkt het ons dat deze keuze nu niet aan ons is, maar aan de volgende raad. Als we dit nu doen, laten we die nieuwe raad starten op basis van een onrealistisch financieel beeld. Dat is niet goed. Wie weet wat voor creatieve oplossingen zij voor de te verwachten tekorten kunnen vinden. En zo niet, dan kan deze maatregel alsnog van stal worden gehaald.
Daar kan je van mening over verschillen. De voorzitter: Dat kan in deze zaal überhaupt. Ik denk dat meneer Van der Pluijm daar iets over wil zeggen. Meneer Van der Pluijm, ga uw gang. De heer Van der Pluijm: Dat klopt. Dank u wel, voorzitter. Ik ben blij met uw betoog, want wij verschillen niet van mening. Deze maatregel is bedacht in 2023. 2024 was het eerste jaar waarin het ingezet mocht worden, 2025 ook. We zetten het in voor 2026. Ja, we kunnen het voor meerdere jaren inzetten, maar dat is nog geen begroting, dat is een meerjarenperspectief. Dan zitten we als Lokaal Belang precies op de lijn zoals u. We willen het inzetten voor 2026, en terecht, het meerjarenperspectief moeten we straks bij het coalitieprogramma verder invullen Dan kunnen we besluiten om niet meer het surplus van de AR in te zetten, maar structurele oplossingen te vinden. Daarin ben ik het helemaal met u eens. Zo kijken wij er ook naar. De voorzitter: Meneer Den Braven. De heer Den Braven: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat ik mijn punt gemaakt heb. Wij staan daar anders in, zal ik voorzichtig zeggen. De voorzitter: Mevrouw Klerks, op dit punt? Mevrouw Klerks, ga uw gang. Mevrouw Klerks: Dank u wel, voorzitter. Ik zou nog graag willen reageren op de heer Den Braven. Ik ben benieuwd of die voor mij al een stukje heeft voorbereid, of ik het voorspelbare ga zeggen.
Ik ben het op bepaalde fronten oneens met de heer Den Braven. Als eerste wil ik graag zeggen, er wordt aangehaald dat wij dit niet moeten doen, over ons graf heen moeten regeren, maar volgens mij zijn wij gekozen voor vier jaar en hebben wij gewoon mandaat tot en met 18 of 19 maart. Ik vind het heel
gevaarlijk om als politiek orgaan, bestuurlijk orgaan, te zeggen, we gaan niet over ons graf heen regeren. De inwoner heeft juist baat bij gewoon een doorlopend bestuur. Dat zien we al in Den Haag, dat dat misgaat, dat ze jarenlang niets doen, dat ze de hele tijd liggen te rollebollen. Dat moeten we hier in Waalwijk vooral niet gaan doen, zou ik zeggen, en ons gekozen recht hanteren en tot die datum een besluit te nemen. Daarnaast geeft de heer Den Braven ook aan dat we dit meerjarig zouden beslissen. Op het moment dat je een nieuwe begroting gaat maken, boek je als eerste die 10 procent terug en ga je een nieuwe begroting opbouwen. In die zin is het niet iets wat we vastzetten voor de nieuwe raad of voor de nieuwe coalitie, maar wat we nu doen om duidelijkheid te scheppen over wat is onze financiële ruimte. Zeker op het moment dat de begroting vanuit een nieuwe coalitie opgebouwd gaat worden, haal je die 10 procentregeling als eerste eruit, omdat je anders mogelijk hem dubbel op gaat nemen. Dat wil je zeer zeker niet. Tot slot, voorzitter, als het nog mag, haalde de heer Den Braven aan dat slechts 7 van de 53 gemeenten dit hebben toegepast. Ik kan de heer Den Braven in ieder geval één voorbeeld geven van een gemeenteraad die gewoon bij de begroting drie jaarschrijven sluitend had en met het Najaarsbericht vier jaarschijven sluitend. Dan hoeft het ook niet.
Het is niet zo dat dit wordt gezien als iets wat niet not done is of wat ter discussie zou staan onder die 53 gemeenten, zoals het misschien zou lijken door deze opmerking, maar wat misschien in de verschillende gemeenten niet nodig was. Hier is het wel nodig, hier moeten we het toepassen. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Den Braven, ga uw gang. De heer Den Braven: Dank u wel, voorzitter. Ik heb de woorden ‘not done’ niet in mijn mond genomen. Ik heb dat niet willen impliceren. Ik heb alleen maar gezegd dat het een keuze is. Het is een keuze, het is niet een technisch verhaal, het is een politieke keuze. Wij gaan geld uit het overschot van onze AR inzetten om virtueel onze begroting op te schonen. En het eerste wat wij gaan doen in de nieuwe periode, is dat geld er weer uit halen. Ik kan er niet bij waarom dat een oplossing zou zijn. Als dat nodig zou zijn, kan de nieuwe raad dat ook doen. De voorzitter: Laten we niet gaan herhalen. De heer Den Braven: Waarom moeten wij dat voor die drie maanden doen? Ik vind het echt onzin. De voorzitter: Helder. Laten we niet gaan herhalen. Voldoende. Meneer Van Groos, een ander punt. De heer Van Groos: Ook wel over de 10 procentregeling, voorzitter, maar niet over deze discussie. Ik wil er wel op aansluiten.
Volgens mij is de enige reden waarom die er is gekomen, dat de gemeenten bij Den Haag de deur platliepen, omdat ze zeiden: we hebben in 2026 een ravijnjaar en dat komt door het optreden van Den Haag. Den Haag heeft toestemming gegeven om dat ravijn voor een stukje te dichten met incidentele
middelen. Dat is wat in feite gebeurt. Onze begroting is structureel niet sluitend. Ik ben blij dat Lokaal Belang en de VVD zich daar zorgen over maken. Je krijgt hem ook niet structureel sluitend door incidentele middelen. AR is incidenteel, dat zijn incidentele middelen. Door daarvoor incidentele middelen in te zetten, blijft het structureel niet sluitend en is er sprake van windowdressing. Als je dan praat, dat was een woord van de VVD, dat we verantwoordelijkheid voor de richting van de gemeente moeten nemen, dan denk ik, hoe bestaat het dat mevrouw Klerks zoiets kan zeggen? Je neemt geen enkele verantwoordelijkheid. Als je niets zou doen en we hebben in 2026 een tekort, dan wordt het tekort ten laste gebracht van de algemene reserve. Als we in 2027 een tekort hebben, dan komt het ten laste van de algemene reserve. Per saldo maakt het nog eens helemaal niets uit. De voorzitter: Laten we wederom niet gaan herhalen. Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Ik wilde de heer Van Groos herinneren aan punt 3 van het amendement. Dat vraagt namelijk aan het college om te gaan kijken naar de investeringskredieten om zo structurele ruimte te maken. Als wij geen gemeente waren geweest maar een huishouden, dan hadden we nu geconstateerd dat we te weinig inkomsten hebben en te veel uitgeven. We hebben nog wel een dikke spaarrekening.
Wat we nu zeggen, is, we reserveren wat geld van die spaarrekening om het verschil tussen onze inkomsten en uitgaven te dekken. Tegelijkertijd zeggen we, we moeten iets doen aan die uitgaven, want moeten we een sluitende begroting krijgen. Dat is wat punt 3 zegt. Dit is een tijdelijke oplossing, een tijdelijke reservering van onze spaarrekening, om uiteindelijk onze inkomsten en uitgaven in balans te brengen. Wij willen ook dat het college ervoor zorgt dat het sluitend wordt. Daarin vinden wij elkaar, denk ik. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Zeker, voorzitter. Het is grappig dat als ik bezwaar maak tegen het amendement van de VVD en Lokaal Belang op het eerste punt, dat er dan wordt gezegd, het derde punt staat er ook in. Mevrouw Klerks heeft niet gereageerd op onze bezwaren tegen het eerste punt dat het windowdressing is om 10 procent uit de AR te halen, om een tekort af te dekken. Waar wij wel volledig achter staan, maar dat hadden we wat ons betreft al in november moeten doen, is zorgen dat de begroting structureel sluitend was. De voorzitter: Volgens mij heeft u daar net al met elkaar over gesproken. Ik had namelijk aangegeven niet te gaan herhalen. Ik vul het nu in voor mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks heeft net gereageerd op dit eerste punt. De heer Van Groos: Ik ben het niet eens met u, voorzitter, maar ik accepteer uw leiding en ik ga zitten.
De voorzitter: Dank u wel. U heeft geen behoefte meer aan verder onderling debat, als ik dit zo inschat. Dan ga ik de wethouder namens het college vragen om een reactie te geven. Wethouder Klerx.
Wethouder Klerx: Voorzitter, dank u wel. Ik zou bijna willen vragen of ik ook spreektijdverlenging zou mogen voor het goed beantwoorden en politieke verantwoording afleggen over de motie van treurnis. Ik ga het proberen. Anders hoop ik dat u me toestaat. Kort over het amendement van VVD en Lokaal Belang. Het stelt voor om de 10 procentregeling toe te passen voor de komende vier jaren. Het was een ombuiging die al eerder is besproken, ook voorgesteld door het college in eerdere voorstellen en dat is goedgekeurd door uw raad. Het college heeft echter met de begroting gemeend dat deze regeling niet meer nodig was, gelet op het sluitende saldo wat we voor 2026 en 2027 hadden. Daar staan we nog steeds achter. Vandaar dat we deze ombuiging toen niet hebben doorgevoerd in de begroting, zoals die in november recent is vastgesteld. Uiteraard kan het nu technisch zo dat we in het Najaarsbericht deze ombuiging toch weer invoeren. Feitelijk gebeurt er niet zoveel. Mevrouw Klerks refereerde daar zelf ook aan. Het heeft weinig effect voor onze toezichthouder, niet voor ons als gemeente of voor onze inwoners. Uiteindelijk is het wel echt een politieke afweging of u dit wil doen en dat deze wijziging nog op dit moment door de raad wordt doorgevoerd. Het hoeft voor het college niet, maar wij laten het aan uw raad, omdat dit in onze ogen echt een politieke afweging is.