Verslag raadsvergadering 04-07-24
Tekst van het document
Zonder te zeggen dat ik niet herken dat het zo kan voelen als wat u net verwoordde, zou ik graag van de heer van Groos horen of het zo is dat de coalities waar hij als wethouder deel van uitmaakte anders met de oppositie omging dan wat u nu zegt dat deze coalitie doet. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, ik merk dat ik de heer Den Braven geprikkeld heb. Hierover hebben we het weleens vaker. Ik erken dat de coalitie lang niet altijd de neiging heeft om op een goede manier om te gaan met de oppositie, ook niet in de tijd dat de ChristenUnie deel uitmaakte van de coalitie. Wat het grote verschil is naar mijn idee, is dominante positie van Lokaal Belang. Wij volgen de agenda van Lokaal Belang, de coalitie volgt de agenda van Lokaal Belang. Jee mag bij de coalitie als je maar instemt, als je met het akkoord instemt, als je in de raad niet te vaak erbuiten gaat. Moet u maar eens kijken hoeveel voorstellen- Er wordt verontwaardigd op gereageerd. Dan krijgen we misschien een keer een goede discussie. Zo ervaar ik dat in ieder geval wel. U kunt niks afdoen aan mijn ervaring. De voorzitter: Meneer Den Braven. De heer Den Braven: Nog een korte laatste reactie, voorzitter. Ik hoop ook dat de heer Van Groos even terugdenkt aan die tijd en zich dan herinnert hoe vaak wij exact dezelfde opmerking gemaakt hebben toen wij in de oppositie zaten.
Sterker nog, dat we een keer met de voltallige oppositie weggelopen zijn uit de raad, omdat wij vonden dat het veel en veel en veel te ver ging, de manier waarop de toenmalige coalitie met de oppositie omging. Er is niks nieuws aan. Dat gaat ook niet veranderen. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, daar wil ik wel op reageren. Volgens mij had dat te maken met het Schoenenkwartier. Volgens mij hebben we daar weer steeds discussie over, over de ellende van het Schoenenkwartier. Er is één partij al jaren verantwoordelijk voor. Ik hoef u niet te vertellen welke partij. U weet ook hoe het als kleine partij in de coalitie is. De ChristenUnie had daar weinig in te brengen, in al die jaren. De lijn werd bepaald door de grootste partijen, zoals dat nu nog steeds gebeurt. De voorzitter: Voldoende, zie ik. Maud. Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
77
Mevrouw Veraa: Dank u wel, voorzitter. Ik voel de noodzaak om te reageren op de heer Van Groos, op een aantal punten. Lokaal Belang is de grootste partij. Dat ligt feitelijk voor. Daar kunnen we met elkaar uren over debatteren. Daar kunnen wij in die zin niks aan doen. De kiezer heeft ervoor gekozen om ons te stemmen. In die situatie, wij zijn daar blij mee en tevreden. Laat ik dat vooropstellen. Daarna hebben we ervoor gekozen om daar invulling aan te geven. Dat hebben we op verschillende manieren gedaan. We met alle partijen in gesprek geweest. We hebben een coalitieakkoord met elkaar geschreven. Die is met 26 stemmen in deze raad aangenomen. Daarin hebben we het idee dat we draagvlak hebben gecreëerd om met elkaar het gesprek te voeren en met elkaar onze visie voor Waalwijk te bepalen. Los van de voorstellen die we tussentijds doen met moties of amendementen, proberen wij altijd draagvlak te creëren. Dat doen we door met anderen in gesprek te gaan, dat doen we met onze voorstellen te bespreken. Ik kan niet naar het verleden kijken, omdat ik toen überhaupt nog niet in deze raad zat. Ik sta ervoor dat we met elkaar het gesprek voeren en dat we met elkaar vooruitgaan.
Daarbij is het belangrijk, vinden wij als Lokaal Belang, dat we dat draagvlak in de raad creëren, omdat we dan ervoor kunnen zorgen dat vanuit onze visie wij het beste kunnen doen voor alle inwoners van de gemeente Waalwijk. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Veraa. Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, dank u wel. Ook alweer een non-verbale reactie, maar ik zal daar verder niet op reageren. Eén is, Lokaal Belang is wel de grootste fractie, maar heeft geen absolute meerderheid. Er zijn meer inwoners van Waalwijk die op Lokaal Belang hebben gestemd. Het mooie van politiek en van democratie is dat je met elkaar het gesprek aan kunt gaan, hoe kunnen we alle fracties en daarmee de inwoners van Waalwijk het beste bedienen? Dat is wat ik heb gezegd. Dat is één. Het tweede is, kijk eens naar besluitvorming over raadsvoorstellen, hoe vaak dat alleen de coalitie is, soms zit er een enkele oppositiepartij bij, maar die verschillen zijn wel heel groot. Ook moties die hier worden ingediend, worden dan al door voldoende coalitiepartijen, soms ook niet allemaal, gesteund. Dan is dat ook alweer geregeld. Dat is van tevoren al dichtgetimmerd. Zo ervaar ik de politiek in Waalwijk op dit moment, mevrouw Veraa. De voorzitter: Wilt u daar iets over zeggen, mevrouw Veraa? Mevrouw Veraa: Graag. Dank u wel, voorzitter. Uw ervaring kunnen we inderdaad niet van u wegnemen.
Ik wil wel onze kant van het verhaal hierbij belichten. Wij zijn zeker geen absolute meerderheid, dat weten we. Daarin hebben we ook elkaar nodig. Daarin gaan we ook met elkaar in gesprek, met verschillende fracties in gesprek. Zou u uw laatste punt nog even willen herhalen? Ik ben die even vergeten. De voorzitter: Ik moet ook even kijken naar meneer Van Groos. Meneer Van Groos zelf kijkt ook even, geloof ik. Van het voorlichten, heel goed. Dank u wel. Mevrouw Veraa: Dank u wel. Het is niet van tevoren dichtgetimmerd, want de afgelopen periodes en raadsvergaderingen, en ik denk dat de gehele gemeenteraad dat heeft ervaren, en misschien wel tot irritatie toe, zijn we steeds vaker gaan schorsen. Niet omdat wij graag pauzes willen, maar omdat we juist vanuit het debat met anderen in gesprek willen om daarin onze keuzes bij te stellen. Waar u nu misschien in het verleden het gevoel had dat alles aan de voorkant was dichtgetimmerd, zien we nu echt dat we in het debat gaan met elkaar, horen we wat er in de raadsvergadering wordt gezegd en met
Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
78
die informatie maken wij binnen de fractie, maar ook zoeken we samenwerking met andere fracties, om daarin tot een beter besluit te komen. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, daar wil ik wel op reageren. Ik zie soms de uitgestoken hand, maar meestal ontbreekt die. Het feit dat Lokaal Belang met een motie komt over de gezondheidscentra, dat is een punt dat de ChristenUnie heeft ingebracht. Dat steekt. Daarin merk ik geen samenwerking. Van Lokaal Belang krijg ik standaard op onze moties en amendementen die ik probeer een week van tevoren te sturen de mededeling, we hebben het er in de fractie over maandag. Vervolgens blijft het stil tot aan de raadsvergadering en dan wordt het afgewezen. Zo is hoe dat in de praktijk gaat. De coalitie komt op dinsdag met moties en amendementen, nadat het coalitieoverleg is geweest. Bij die moties en amendementen staan dan al de mede-indieners en dat zijn alleen maar coalitiepartijen, meestal allemaal. Dat bedoelde ik met dichttimmeren. Ik zeg niet dat alles is dichtgetimmerd. Als je een motie en een amendement indient waar al een meerderheid achterstaat, wat doe je hier dan nog? De voorzitter: Mevrouw Veraa. Mevrouw Veraa: Dank u wel, voorzitter. Dat is vaak het geval, als in de zin, vaak sturen we op dinsdag de moties of amendementen rond. Daarin is het echt niet altijd het geval dat dat geheel wordt gesteund.
Die nuance wil ik wel aanbrengen. Het is niet standaard dat de moties of amendementen van de coalitie volledig worden gesteund door de coalitie. Daarin zien we echt ruimte voor onze eigen standpunten binnen de fracties. De voorzitter: Laten we er geen wellesnietesspel van maken. Het gaat ook over belevingen, over ervaring. Meneer Van Groos, nog een laatste. De heer Van Groos: Voorzitter, het heeft met beleving en ervaring te maken. Op een gegeven moment zit die emmer vol, en die zit bij mij vol. Laat ik nog een voorbeeld noemen. Vorige week stond het Cruyff Court op de agenda. De eerste partij die er een Bpunt van maakte, was de ChristenUnie. De eerste partij die een amendement rondstuurde om de afmeting van het Cruyff Court te handhaven, was de ChristenUnie. Is er contact opgenomen van, kunnen we het misschien aanpassen? Nee. Je krijgt te horen, wij zijn er zelf ook mee bezig. Dan komt er een ander amendement. Wie staan er vandaag in weekblad Waalwijk van, wij zijn de redders van het Cruyff Court? Lokaal Belang en de VVD. Illustratief. De voorzitter: Mevrouw Veraa. Mevrouw Veraa: Dank u wel, voorzitter. Eens, er staat een artikel in de krant van Weekblad Waalwijk met de insteek van een andere motie. Wij wilden niet alleen maar, maar dat debat hebben we vorige week gevoerd, alleen maar rondom de afmeting. Wij wilden een aanvulling.
U kunt ons verwijten dat wij u niet de hand hebben uitgestoken om met u contact op te nemen. Daarin zou ik ook willen terugleggen, voorzitter, de toenadering van de ChristenUnie is er ook niet geweest. De voorzitter: Wilt u hier nog op reageren, de heer Van Groos? De heer Van Groos: Daar wil ik wel op reageren, voorzitter. Ik stuur altijd de moties en de amendementen, ik heb het vandaag expres niet gedaan, ik stuur ze altijd vooraf toe met de mogelijkheid om te reageren, om aan te passen. U ervaart dat niet als uitgestoken hand, maar ik zeg u, dat is elke keer een uitgestoken hand. Ik stuur die niet Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
79
alleen naar de oppositie, ik stuur die ook naar de coalitie. Als het om politiek gevoelige zaken gaat, richt ik me tegenwoordig tot mijn vrienden uit de oppositie en niet tot de coalitie. Zover is het al gekomen. Dat ik vandaag nog een amendement indien en een motie die ik van tevoren niet heb rondgestuurd, is wat mij betreft tekenend voor de situatie waarin de politiek in Waalwijk zich nu bevindt. De voorzitter: Voldoende? Meneer Metzke. De heer Metzke: Dank u wel, voorzitter. Ik ben me ervan bewust dat ik waarschijnlijk de heer Van Groos zijn perceptie niet ga veranderen. Maar ik wil wel gezegd hebben, voorzitter, dat de heer Van Groos de hele coalitie een beetje wegzet, en ons als kleine partij binnen de coalitie, als een soort van stemvee voor wat Lokaal Belang wil. Ik kan u verzekeren dat wij zelfs met onze twee zetels een rol kunnen spelen die wij willen spelen in de coalitie en dat onze wensen en ambities ook serieus worden meegenomen. De reden dat wij veel voor raadsvoorstellen steunen, is dat het gebaseerd is op het coalitieakkoord. Daar staat onze handtekening onder. Als u ons verkiezingsprogramma ziet naast het coalitieakkoord, is het niet zo heel gek dat wij met hun veel dingen eens zijn, dus dat wij ze dan ook steunen. De voorzitter: Meneer Van Groos.
De heer Van Groos: Voorzitter, dan gaat het ook over zaken als het aanvragen van een interpellatiedebat en dat niet door laten gaan. Daar heeft D66 ook in meegestemd. Dat zie ik dan gebeuren. Dan denk ik, staat dat in juli coalitieakkoord? Nee. Staat dat in jullie verkiezingsprogramma? Ook niet. D66 heeft altijd mooie woorden over democratie. De voorzitter: Meneer Metzke, gaat uw gang. De heer Metzke: Dank u, voorzitter. Dat hebben we zeker en die blijven houden. Op dat moment voor het interpellatiedebat is het er heel vaak overgegaan. Had dat toen anders moeten gaan? Ja, wellicht. Maar op dat moment waren wij er niet voor en dat hebben we laten weten. Klaar. Dat kan de heer Van Groos niet leuk vinden, maar dat is wat het is. De voorzitter: Ik denk dat we dat gesprek niet opnieuw over hoeven doen, maar meneer Van Groos geeft wel zijn eigen grenzen aan, geloof ik. Wilt u nog reageren hierop? Nee. Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Om toch nog even door te pakken op wat u zei, de eigen grenzen. Wij zijn ook niet hier met 28 om de persoonlijke problemen van de heer Van Groos op te lossen. De heer Van Groos heeft hier problemen mee, maar wij zitten er volgens mij met zijn al wat luchtiger in. Ik zie u moeilijk kijken, dus ik denk, u wil reageren, maar ik heb nog wat inhoudelijke punten. Dank u wel.
Dat gaat overDe voorzitter: Misschien kunt u meneer Van Groos even laten reageren hierop? Want u zag mij kijken omdat ik dacht, wat bedoelt u nu te zeggen? Misschien wil meneer Van Groos daar ook iets over zeggen. De heer Van Groos: Voorzitter, dank u wel. Ik stond er ook nog over na te denken, want u maakt er nu persoonlijke problemen van, alsof dat alleen van de ChristenUnie is, alsof het alleen mijn problemen zijn. Ik denk dat dat niet zo is. Ik denk dat dat breder ligt en dat anderen dat ook zien. Dat is uw beleving. Ik heb mijn beleving vandaag heel duidelijk gegeven en ook mijn grenzen aangegeven. Ook ik heb vorige week samengewerkt met Lokaal Belang toen het ging over de boot rondom gemeenschappelijke regelingen. Daar Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
80
geef ik vandaag een vervolg aan, of daar heb ik al een vervolg aan gegeven met wat er nu voorligt als het gaat over de broekriem aanhalen. De voorzitter: Wilt u daar nog op reageren, of wilt u inhoudelijke punten? De heer Van der Pluijm: Ik heb nog wat inhoudelijke punten. Dat gaat over het betoog van meneer Van Groos. Er is al eerder aan gerefereerd over dat de overheid iets zou moeten doen aan economisch kapitaal, sociaal kapitaal en ook cultureel kapitaal. U zegt daarbij, de gemeente Waalwijk zal moeten proberen tekorten van deze vier genoemde hulpbronnen aan te vullen. Een van die bronnen is cultureel kapitaal. U verwijt dat Lokaal Belang bijvoorbeeld het Schoenenkwartier steunt, maar u zegt ook in hetzelfde betoog, de gemeente Waalwijk zou daar wat aan moeten doen. Kunt u dan voorbeelden aangeven wat u dan wel bedoelt? Als dit niet goed is, wat bedoelt u dan wel? De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, als het gaat om cultureel kapitaal, gaat het niet om cultuur, maar gaat het om de afkomst van mensen en wat daarmee aan de hand is. Ik noem de groep, als voorbeeld, de groep Molukkers. Die mensen die met een hoop emotie hier een pleidooi hebben gehouden voor hun lastige situatie. Wat doen we daaraan? In eerste instantie heel weinig. Gelukkig heeft de raad ingegrepen. Er zijn meer groepen die het in Waalwijk moeilijk hebben.
Als je tot een bepaalde groep behoort, is het moeilijker om een huis te krijgen, is het moeilijker om een stageplek te vinden. Noem maar op. Dat heeft niet alleen met geld te maken, voor een deel wel, maar ook met die andere kapitalen. We zullen niet alleen mensen van meer geld moeten voorzien, maar ook aan die andere kapitalen moeten werken. Dat lukt niet. Als je kijkt naar Jongeren op gezond gewicht, landelijk was in het nieuws dat het helemaal niet goed uitpakt, vervolgens horen we niks, het nieuws was zelfs dat het erger wordt, dat is ook zo’n groep, die hoort daar ook bij. In dat geval nemen we een maatregel, maar die staat los van de rest. En nu? Zit het weer in de begroting straks voor 2025? Wanneer krijgen we te horen hoe dat het in Waalwijk is? Ik wacht er al zeker een maand op. Ik denk, ik zal geen schriftelijke vragen stellen, want daar krijg ik ook commentaar op. Ik krijg bijna op alles wat ik doe commentaar. We horen het niet. De voorzitter: Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Helder. Bedankt voor deze toelichting. Nu kan ik beter plaatsen hoe u dat bedoelt. Dan heb ik een tweede vraag. U gaf in uw betoog aan of stelde de vraag, waar moeten ze wonen, die nieuwe mensen? We hebben behoorlijk wat nieuwbouwprojecten, maar het is vooral vaak de ChristenUnie die tegenstemt.
Vaak stemt de ChristenUnie tegen, maar ook bij deze nieuwbouwprojecten. Wat doet de ChristenUnie dan om dan toch woningen mogelijk te maken? De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Van Groos: Voorzitter, wij zijn niet tegen het bouwen van woningen, verre van dat. We zouden het willen dat juist het woningtekort dat er op dit moment al is, dat we eerst dat oplossen voordat we het weer gaan vergroten. Ik heb ook aangegeven dat de toegenomen vraag naar woningen het probleem in Waalwijk heeft vergroot. Bouwplannen, en die worden vaak wel weer gesteund vanuit de coalitie, stel ik vast, bouwplannen die de grenzen opzoeken van wat acceptabel is voor de omgeving, die soms zelfs over die grens gaan met allerlei trucs rondom parkeren en noem maar op, daar stemmen wij dan tegen. Dat kunnen wij doen, omdat we weten dat de coalitie voorstemt. Laat ik daar ook eerlijk in zijn. We weten, die woningen komen er toch. Maar we vinden dat het op een andere manier zou moeten. Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
81
De voorzitter: Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Dank u wel. Ik heb geen vragen meer, maar ik ben blij dat de heer Van Groos het ons toch waardeert dat wij er dan toch voor zorgen dat we voor deze bouwplannen en voorstemmen. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, dat is toch te kort door de bocht geformuleerd. Ik zou liever willen dat Lokaal Belang en andere partijen dan de plannen aanpassen, zodat die draaglijker zijn voor de omgeving. Dan kost het misschien tien of twintig woningen, maar dan worden er wel tientallen gebouwd. Nu ontstaan er wellicht weer juridische procedures, zoals we bij heel veel projecten hebben gehad. Kijk naar Akkerlaan hoelang dat dat heeft geduurd, kijk naar Clemensstaete. De voorbeelden liggen er genoeg, want de rekening van de juridische ondersteuning die komt bij ons binnen. Dan denk ik, zoek niet de grens op, maar houd het ook redelijk voor de omgeving. De voorzitter: Meneer Van Zelst, u wil hierop reageren, zie ik. De heer Van Zelst: Ik wil even op het wonen reageren ook. Ik hoor meneer Van der Pluijm net het verwijt maken naar meneer Van Groos van, u stemt al tegen met woningplannen. Doen wij ook regelmatig, vaak met dezelfde redenen als meneer Van Groos. Wij praten hier elke maand over wonen. Er zijn afgelopen jaar iets meer dan 100 woningen toegevoegd aan het woningarsenaal.
Hoe blij is de coalitie met het resultaat qua bouwen, als we kijken hoeveel tijd wij eraan besteden? De voorzitter: Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Voorzitter, dank u wel. Dank ook voor deze toevoeging met de vraag. Wij zijn daar blij mee. Iedere woning is er een. Natuurlijk mogen het er meer zijn. Wat ik bedoel aan te geven, is dat het niet meehelpt om dan maar overal op tegen te zijn. U zegt van, wij zijn dat zelf ook vaak. Wat zijn dan de positieve dingen die u dan bijdraagt? Aan de ene kant wordt de coalitie of Lokaal Belang van alles verweten. Wat draagt dan SGP of ChristenUnie bij dat het dan wel meer woningen worden? De voorzitter: Meneer Van Zelst, u mag even reageren en daarna meneer Van Groos. Gaat uw gang. De heer Van Zelst: Dank. Het is echt niet dat we altijd tegen stemmen, maar als er een reden is om tegen te stemmen, doen we dat. Wat ik aan uw vraag van, die iets meer dan 100 woningen, kunt u daar trots op zijn? Ik denk dat we gewoon veel meer moeten bouwen. Een van uw fractiegenoten zegt altijd, niet mouwen, maar bouwen. Die man die heeft gewoon gelijk. We moeten aan de gang, maar er gebeurt niks. Wanneer komt er echt actie in de tent? De voorzitter: Meneer Van der Pluijm, wilt u daar nog op antwoorden? Dan kom ik zo bij meneer Van Groos. Of eerst meneer Van Groos? Gaat uw gang. De heer Van der Pluijm: Ik zal even kort antwoorden.
Ik beaam wat u zegt. Ik zou dat ook graag meer willen. U haalde al aan van, niet mouwen, maar bouwen. Mensen die hebben bezwaar, die maken zich zorgen over dingen. Dat is vaak de reden waarom het opgehouden wordt. Er werd Akkerlaan aangehaald. We hebben net al over GOL gehad. Er zijn heel veel externe factoren waardoor dit soort projecten vertragen. Ik denk niet dat dat bij het college ligt of bij ons dat we het kunnen versnellen. Ik denk dat dat te maken heeft met externe factoren. Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
82
De voorzitter: Meneer Van Zelst. De heer Van Zelst: Laatste reactie. Waar het aan ligt, ik denk wel dat wij als raad en als college een hele hoop dingen wel makkelijker kunnen maken en trajecten kunnen versnellen en procedures kunnen versnellen. Ik denk dat het goed is dat we daar eens een keer met elkaar goed over nadenken. Benen op tafel, niet politiek maken, maar met zijn allen, hoe kunnen we dit beter gaan doen? Daar moeten we het misschien nog een keer over hebben. De voorzitter: Dank. Volgens mij bent u daar allemaal over eens. Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, twee opmerkingen. Eén naar aanleiding van de discussie van zojuist. Dat is dat het niet alleen maar externe factoren zijn die zorgen voor vertraging. Het begint bij de gemeente zelf, het begint met een goed participatietraject. De participatie is in Waalwijk nog steeds niet in orde. Mensen voelen zich tekortgedaan, omdat het lijkt alsof het college de ontwikkelaar de maximale ruimte geeft ten koste van de omgeving. Dan komen mensen in het verweer. Dat is de ene opmerking. Tweede opmerking is, u vroeg van, wat doet u behalve tegenstemmen? Vorig jaar hadden we een motie over woningsplitsing. Ik denk dat die unaniem is gesteund door de raad. Kijk hoeveel van de bestaande woningen je zou kunnen splitsen in twee eenheden. Huishoudens worden toch steeds kleiner.
Kunt u mij vertellen wat er met de motie is gebeurd, wat het college daarover heeft laten weten? Een prachtig voorstel om in één woning twee huishoudens te huisvesten. Ik zag dat de heer Van der Pluijm zijn hoofd schudde. Voorzitter, ik kan me ook niet herinneren dat ik over de uitvoering van die motie maar iets heb gelezen of geleerd. Hoeveel woningen denkt meneer Van der Pluijm dat er in het afgelopen jaar inmiddels gesplitst zijn, zodat er weer iemand onderdak heeft gevonden? De voorzitter: Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: De heer Van Groos zei het al. Inderdaad, ik schudde nee. Ik weet het niet. Of ik heb de informatiebrief gemist of die is er niet of daar wordt geen gebruik van gemaakt. Dat kan ook. De voorzitter: Of u wilt een vraag stellen aan de wethouder. De heer Van der Pluijm: Goede toevoeging. Dat willen we graag weten. Misschien dat hij daarop reageert, maar ik vermoed dat er geen een woning is gesplitst. De voorzitter: Dank. Voldoende nu? Dan ga ik naar meneer Spohr. De heer Van Groos: Toch wil ik dan dat graag weten, want ik wil nog weten hoe dat dan komt. U constateert dat dat niet is, maar ik wil dan graag weten hoe dat komt.
Is er geen behoefte aan, of hebben wij als gemeente, dat is een beetje uw betoog, niet goed meegewerkt aan die mogelijkheid? De heer Van der Pluijm: Voorzitter, die vraag kan ik niet beantwoorden, want ik ben niet bezig met de uitvoering van die motie. Die ligt bij iemand anders. Die zal zo meteen reageren. De voorzitter: Volgens mij bedoelde meneer Van der Pluijm ook de vraag door te passen naar de wethouder net zoals u zei in uw hoop dat hij daar iets op zou zeggen. We gaan zien. Meneer Spohr, aan u.
Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
83
De heer Spohr: Dank u wel, voorzitter. Vandaar dat wij in ons betoog ook aan het college hebben gevraagd hoe het zit met de woningsplitsingen. Ook wij waren daar benieuwd naar. Nog even in reactie op wat de heer Van der Pluijm zei, externe factoren. Ik heb het net bij het GOL ook gezegd. Daar kun je inderdaad niet altijd wat aan doen. Zeker bij het GOL ligt het allemaal erg lastig. Ik ben het volledig met de heer Van Groos eens, het begint wel bij de gemeente, het begint bij een goed participatietraject en het begint ook bij het misschien wel bijna op overspannen wijze proberen om een project op een locatie te krijgen. De Gedempte Haven laat zien dat je zo op gespannen voet werkt met een beperkte locatie, waardoor je alles moet uitvinden om het maar gepast te krijgen, dat dat automatisch leidt tot problemen, vertragingen, weet ik veel. Ook de gemeente kan er wel degelijk wat aan doen. Dan even, voorzitter, waarvoor ik hier sta, dat is een hele simpele vragen aan de heer Van Groos over een van zijn moties. Dat was de legesmotie. In de legesmotie pleit de ChristenUnie voor een gefaseerde verhoging van de leges. De voorzitter: Een amendement. De heer Spohr: Neem me niet kwalijk. Amendement. Wat ik niet helemaal goed begrijp, is waarom daar een fasering moet plaatsvinden, terwijl de ChristenUnie, de heer Van Groos ook pleit voor adequaat financieel beleid.
Dan zou je zeggen, dan moet het niet gefaseerd zijn, dan moet het onmiddellijk zijn omdat we met elkaar nogal een gat hebben te dichten. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, ik bedoel dan twee fases, zeg ik tegen meneer Spohr. Een verhoging voor 2025 en een verhoging in 2026. Dat is al beter te slikken dan een verhoging ineens, een verdubbeling ineens, want dat houdt het in feite in, in 2026. Dat is dan gefaseerd. Nu is die zo'n 50 procent. Zorg dan dat het volgend jaar naar 75 procent gaat en het jaar daarop naar 100 procent. De voorzitter: Meneer Spohr. De heer Spohr: Voorzitter, één reactie daarop. Duidelijk zoals de heer Van Groos heeft bedoeld. Wat ik niet helemaal begreep, is dat de heer van Groos ook in zijn toelichting verwees naar de verkiezingen. Dat vond ik een beetje misplaatste verwijzing, want dat kan toch niet de bedoeling zijn voor het argument om leges te verhogen? De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, ik neem aan dat meneer Spohr weet dat in 2026 er verkiezingen zijn. Politiek gezien is het niet zo handig om vervelende maatregelen vlak voor de verkiezingen uit te voeren, per 1 januari 2026. Dan kun je beter de pijn verzachten dan dat op een andere manier te doen. Het risico wat ook nog is, is dat mensen pas na de verkiezingen ontdekken dat ze ineens veel meer moeten gaan betalen.
Dat hebben we ook weleens eerder meegemaakt. Dan voelen ze zich ook genomen van, als ik dat geweten had, dan had ik bij de verkiezingen wel iets anders gedaan. Dat zijn twee argumenten in relatie tot de verkiezingen. De voorzitter: Meneer Spohr.
Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
84
De heer Spohr: Voorzitter, ik begrijp het argument. Ik weet niet of ik het daarmee eens moet zijn. Laten we die discussie laten zitten. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Van Zelst . De heer Van Zelst: Voorzitter, dank u wel. Ik wilde even reageren op de motie die meneer Van Groos ingediend heeft. De voorzitter: Ongemerkt zijn we overgegaan naar het reageren op moties en amendementen. U heeft gelijk. Net werd er al gereageerd op het amendement rond de leges. U mag nu reageren op de motie. Dan ga ik wel even zo nog een rondje doen en kijken of er nog meer reacties zijn. Meneer Van Zelst. De heer Van Zelst: Voorzitter, dank u wel. Ik wilde graag even reageren op de motie Financiële mandaten. De SGP zou die best willen steunen, maar wij zouden toch in het dictum even iets willen wijzigen. U stelt daar het college zich voortaan beter aan de vastgelegde afspraken te houden. Wij zouden graag het woordje beter willen schrappen, want wij willen gewoon dat het college zich aan de afspraken gaat houden. Niet beter. Elke keer als ze dan weer naast potje pissen, dan kunnen we ze daar niet op aanpakken. Als het woordje beter eruit is, dan kan dat wel. Ik weet niet of u daarmee in kunt stemmen. Kunt u daarmee instemmen, dan willen wij deze motie graag steunen. De voorzitter: Meneer Van Groos.
De heer Van Groos: Voorzitter, bij de voorbereiding dacht ik, ik moet ook nog een vriendelijke motie of geformuleerd amendement indienen. Wat ons betreft, mag het woordje beter eruit per direct. Wij vinden ook dat iedereen zich aan de afspraak moet houden. Ook de organisatie en het college. De voorzitter: Dank u wel. Wilt u nog reageren, meneer Van Zelst, of was dat voldoende? De heer Van Zelst: Ik wilde zeggen, helder, dank u wel, meneer Van Groos, voorzitter. Dat wilde ik zeggen. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik meteen even het rondje maken wie deze motie, die blijkbaar niet vooraf is ingediend, maar die u nu wel heeft kunnen zien, wie deze motie wil steunen. Op wiens steun kan die rekenen? Meneer Spohr. De motie over financiële mandaat op de kadernota 2025. Ik zie Lijst IJpelaar, ik zie het CDA. Ik denk de SGP dus zojuist. En ik zie Samen Waalwijk. Ik heb de coalitie rondgekeken, maar ik heb geen reactie gezien. Dan is dat nu wat het is. We gaan straks nog schorsen, dus wie weet het? Het is de steun voor nu. Dan gaan we naar het amendement Broekriem aanhalen. Daar zit ook een bijlage bij met een aantal voorziene uitgaven waarvan het voorstel wordt gedaan om daar niet mee akkoord te gaan, om die af te wijzen. Kan dit amendement ook op het scherm? Dan kan iedereen die zien.
Er wordt een het voorstel gedaan voor nieuwe domeinstructuur organisatie, strategische communicatieadviseurs, tijdelijke capaciteit team Financiën, personeel facilitair catering, vervangen, uitbreiden meubilair stadhuis en werkbudget strategie. Daarvan wordt voorgesteld om dat af te wijzen. Heb ik dat correct verwoord, meneer Van Groos? Op wiens steun kan dit amendement voor nu rekenen? Ik zie daar geen steunbetuiging op voor nu. Dan is er nog een amendement rondom leges. Daar is net ook al even over gesproken. Daar waren wat vragen over. De tarieventabellen, heeft u deze allemaal kunnen lezen. Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
85
Op wiens steun kan deze rekenen? Ik zie het CDA en de SGP, Lijst IJpelaar, Samen Waalwijk. Lokaal Belang zegt, onder voorbehoud van het horen van de wethouder. U heeft nog een vraag. Gaat uw gang. Mevrouw Klerks: Ik vond deze nog een beetje moeilijk te lezen. Meneer Van Groos, ik denk niet dat u het antwoord- Misschien ook wel trouwens, want u weet heel veel. Dat is toch zo? Als ik hem goed begrijp, dan gaan we al naar 100 procent en dan gaat het over een vermindering van de snelheid waarmee we dat gaan doen. We hebben het wel gehad over naar 100 procent dekking te gaan, maar ik weet even niet of dat vaststaat in de plannen en dat het dan dus nu ineens gaat en dat u voorstaat om het in twee keer te doen, of dat het nog niet in de plannen zit. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, dank aan mevrouw Klerks voor de vraag. Ik denk dat ik weet waar het misverstand in zit. De uitspraak van de raad zoals hij op dit moment nog steeds geldt, is 100 procent kostendekkendheid om de leges waar dat mogelijk is. Ik stel vast al jaren dat we daar heel ver vandaan zitten. Ik heb in 2021, in 2022 daar aandacht voor gevraagd, want we zitten al jaren op de 50 procent of zelfs daaronder. Het college heeft toegezegd, we gaan omhoog. Kijk maar, in 2023 wordt het 77 procent.
Ik stel vast dat in de jaarrekening van 2023 is aangegeven dat de kostendekking verre van 77 procent is. nou weet ik dat de discussie rondom, hoe gaan we het in 2026 op orde krijgen, dan zijn de leges ook een instrument, maar zouden we willen voorkomen dat die verhoging naar bijna 100 procent, want sommige tarieven worden door het Rijk vastgesteld. Daar gaan wij niet over, niet in één klap worden gedaan, maar dat we onze inwoners, en dan is het nog twee keer 25 procent, daar wat geleidelijker naartoe brengen. Dat is het antwoord volgens mij op uw vraag. De voorzitter: Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Dan snap ik het in ieder van nu wel. Dan is mijn reactie wel van, het gemiddeld is 42. Er zullen nu ook leges zijn die misschien maar op 20 procent zitten. Dan gaan we die opeens vervijfvoudigen. Dat vind ik vrij heftig. Los van het feit dat ik wel snap dat u zegt van, we moeten eigenlijk verhogen. Ik wil eerst van het college dan graag dadelijk weten hoe zij dat voor zich zien en op welk jaar we 100 procent hebben, zoals de uitspraak van de raad gewenst is. Als het college duidelijk zegt van, we gaan dat in vier stappen doen, dan sluit dat iets beter aan bij waar we als VVD denk ik het liefst onze inwoners mee belaste dan uw motie. Ik ben wel blij dat dit oproept om het er nog even over te hebben vandaag. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel.
Ik snap het standpunt van mevrouw Klerks en misschien gaat het ook in vier stappen dat we dat op langere termijn dan doen. Ik zou haar wel willen vragen wat ze ervan vindt dat voor de leges een dekkingsgraad voor een deel van 18 procent geldt, terwijl de raad heeft gezegd, het zou 100 procent moeten zijn. De voorzitter: Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Ik weet niet meer uit mijn hoofd wat ik daar in voorgaande keer over heb gezegd. Ik vind het lastig, want in principe hebben we het standpunt dat degene die gebruikt betaald. In die zin zou ik zeggen, ik ben het helemaal eens met 100 procent. Aan de andere kant, misschien dat het op sommige leges gewoon nog niet wenselijk is, maar dan zouden we het bijna per lege moeten bekijken. In principe ben ik het eens met standpunt, de gebruiker betaalt, maar ik denk niet dat het altijd mogelijk is. Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
86
Als je bijvoorbeeld kijkt naar bouwvergunningen, daar doen ze hier vrij lang over soms in dit huis, dan zouden die leges ook heel duur worden omdat de ambtenaren er heel erg lang over doen. Dan zit ik een beetje klem in, wat kunnen we dan van onze inwoners vragen? Ik denk dat we elkaar daar wel gaan vinden. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, ik dank mevrouw Klerks voor de reactie. We stellen vandaag niet de Legesverordening vast en ook niet de tarieventabel die daarbij hoort. Dat doet de raad altijd in december. Voor die tijd hebben we nog het debat over de bezuinigingen op 5 september en de begrotingsbehandeling in november. Onze gedachte was, laten we tijdig dit signaal afgeven, dan kunnen we er als raad nog wat mee. De voorzitter: Voldoende? Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Voorzitter, dank u wel. Inderdaad, eigenlijk zijn we geacht tegen te zijn, want we zijn Lokaal Belang. Maar ik wil toch een poging wagen. Misschien dat we toch voor zijn. Ook wij zijn voor 100 procent dekking. Nou heb ik begrepen dat de omgevingsleges al 100 procent zijn, de bouwleges die al aan het stijgen zijn en de publieksleges gemaximeerd. Dan is de vraag, om welke leges hebben we het nog? Dat is vraag één. Vraag twee, wilt u voor 100 procent dekking per thema of over de hele breedte? Dat is vraag twee. De voorzitter: Meneer Van Groos.
De heer Van Groos: Voorzitter, het ontbreekt aan een heleboel informatie, omdat de toelichting in de jaarrekeningen er niet bijstond bij het lagere dekkingspercentage. Het gaat over alle dieven in de bijlagen behorend bij de Legesverordening. Waar dat 100 procent kan zijn, dan zou dat 100 procent kunnen zijn of je zou misschien net iets daaronder moeten zitten, maar daar moet de raad dan een uitspraak over doen om de organisatie te prikkelen om er niet te lang over te doen en de kosten niet op te laten lopen, want dan worden de tarieven veel te hoog. In principe gaat het over alles waar wij over gaan. Bijvoorbeeld reisdocumenten die worden in Den Haag vastgesteld, paspoorten, rijbewijzen. Dan zouden we, als we daarnaar kijken, moeten zeggen van, zouden we dat als organisatie niet goedkoper worden? Als we dit in rekening mogen brengen terwijl het ons veel meer kost, zouden we niet de kosten meer overeen moeten laten komen met de baten? Die berekening maken ze in Den Haag ook niet op een bierviltje, denk ik. De voorzitter: Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Koptagel had al gezegd, wij overwegen voor te zijn, maar we willen ook even luisteren naar het antwoord van de wethouder. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Laatste, voorzitter. Volgens mij heb ik niet gezegd dat de coalitie of Lokaal Belang standaard tegen is.
Vorig jaar heb ik meerdere moties ingediend en ook twee jaar geleden. Die zijn soms ook door Lokaal Belang gelukkig gesteund. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van Groos. Volgens mij als ik rondkijk, zijn wij aan het einde van deze eerste termijn gekomen. Dan gaan wij nu de dinerpauze in. Ik wil u complimenteren met het debat. Volgens mij heeft er, hoewel soms best ook gevoelig, een Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
87
goed gesprek onderling, een goed debat plaatsgevonden. Dat is de bedoeling volgens mij van vanavond. Dank u wel daarvoor. We zaten net te kijken of wij korter zouden pauzeren. Ik denk, gezien de moties, dat er tijd nodig is om ook te overleggen als ik dit zou hoor. Die tijd wil ik u ook geven. Ik stel voor dat we toch gewoon een uur gaan pauzeren tot 19:45 uur en dat om 19:45 uur wel echt weer gaan starten. Ik wil u ook vragen om dan uw klok erbij te houden en ook goed op uw klok te kijken, zodat we om 19:45 uur weer kunnen starten. Ik wens u heel smakelijk eten. De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. De voorzitter: Het is de derde keer dat ik het zeg, nu gaan we echt starten. Meneer Ottens, welkom. Meneer Van Hamont, welkom. Fijn dat u er ook bent. Ik open de vergadering. De dertien moties staan op volgorde van indiening en genummerd op het RIS. Ik weet niet of al iets is aangepast, maar in ieder geval staan ze nu op het RIS. We zijn nu op punt 7 van de agenda. Dat is de reactie van het college op algemene beschouwingen. We starten met wethouder Klerx, dan methode Spierings, wethouder Odabasi. Wethouder Schuijffel is er niet, zal waargenomen worden door wethouder Klerx. Wethouder De Jong en daarna nog een reactie van mijzelf als portefeuillehouder. Na elke reactie van de portefeuillehouder mag u reageren op het college.
Even een puntje van orde, u ziet mij af en toe gapen of naar lucht happen. Dat is niet omdat ik u vervelend vind of dat ik me verveel, maar ik ben nog een beetje ziek en ik huisartsenpraktijk af en toe naar adem. Dan weten jullie dat dat de reden is. Ik hoop op uw coulance en begrip. Dan beginnen we nu met de reactie van wethouder Klerx op de eerste termijn. Wethouder Klerx, mag ik u uitnodigen? 7.
Reactie college op algemene beschouwingen
Beantwoording college Wethouder Klerx: Voorzitter, dank u wel. De doelstelling van het college is een goede balans tussen onze ambities en onze financiële middelen. In het coalitieakkoord stond niet voor niets het uitgangspunt, een structurele sluitende meerjarenbegroting. Dat vindt het college ook nog steeds het uitgangspunt uiteraard. We kunnen niet vaak genoeg onderstrepen dat er echt gigantische maatschappelijke opgaven zijn, zowel in de fysieke leefomgeving als in onze samenleving. Dat zijn soms ook twee kanten van diezelfde medaille. Investeringen in de fysieke leefomgeving en investering in sociaal domein versterkt elkaar. Samen zorgen zij ervoor dat we Waalwijk, Sprang-Capelle en Waspik leefbaar en aantrekkelijk houden voor onze inwoners. Soms schuren de belangen. Wij proberen daar met voldoende participatie te zorgen dat we met al die inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers en andere bestuurlijke partners continu in gesprek blijven. U refereerde daaraan, participatie, maar die staat echt bij ons hoog in het voorstel. We proberen die belangen steeds goed af te wegen. Dat is wat we doen. Ja, die opgaven nemen dus toe. Vanaf het ravijnjaar 2026 nemen helaas de middelen af. Daar refereren veel raadsleden aan. De raad geeft ook een duidelijk signaal. We moeten hier iets mee. Ook het college wil hier iets mee.
Om die balans terug te brengen, gaan we met uw raad het gesprek aan over mogelijke bezuinigingen, ombuigingen. Dat doen we wel verstandig en verantwoord, met het advies van de VNG wat ons betreft in het achterhoofd. We gaan niet bezuinigen als we nog niet precies weten wat we moeten doen.
Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
88
We komen dus wel met concrete voorstellen richting de kadernota, ter voorbereiding van volgend jaar, dus richting de kadernota van 2026. Ter voorbereiding spreken we elkaar in september informeel. Dan gaan we u toelichten welke resultaten er zijn naar aanleiding van die uitspraak die wij hebben gedaan aan de directie, ga inventariseren aan welke knoppen we kunnen draaien. Dat wordt aan u toegelicht. We gaan zelfs in oktober met een voorstel komen om u ook aan zet te zetten. We willen juist u ook in positie brengen. Dan willen we mogelijk nog een keer in het voorjaar van 2025 met u het gesprek aan over, dan zijn dit de uitkomsten. Dan gaan we in het kadernota van 2026, rond de zomer, nu over een jaar, uiteindelijk die knopen doorhakken. Dan hebben we denk ik dat volledige beeld. De VVD sprak nog over het advies van de provincie. Dit is in onze ogen echt anders. In de brief van april van dit jaar staat volgens de provincie, is uw begroting in 2025 niet structureel en reëel in evenwicht, dan dient u ervoor te zorgen dat het evenwicht tijdig wordt hersteld in de meerjarenraming uiterlijk in 2028. Er werd net al aan gerefereerd. Ik hecht er toch waarde aan om dat nogmaals te zeggen. Dat is nog steeds het uitgangspunt. Uiteindelijk vinden we het belangrijk om dan te kijken naar die andere brief.
Die gaat heel specifiek, en ik pak hem er even bij, over, dan moet ik het goed zeggen, we kunnen eventueel aan de knop draaien over de eenmalige korting van 675 miljoen in het gemeentefonds. Hierover wordt gezegd, gemeenten kunnen die eenmalige daling van het gemeentefonds aanmerken als negatieve incidentele baat. Zij zijn hiertoe niet verplicht. Wanneer gemeenten hiervoor kiezen, moet in ieder geval rekening worden gehouden met de volgende punten, en dat zijn, en dan is als derde punt, voor het financieel toezicht gelden onverminderd de uitgangspunten voor het gemeentelijk toezicht. Dat gaat dus over, wil je die incidentele baat ook daadwerkelijk zo bestemmen? Dat gaat niet over het volledige kader zoals dat normaal is. Ik ben het met mevrouw Klerks eens, normaal gesproken beoordeelt de provincie op ons op en het huidige jaar en het meerjarenbeeld. Zij hebben heel specifiek in april gezegd, voor nu, omdat we met dat ravijnjaar te maken hebben, is het akkoord als u geen evenwichtige begroting heeft in 2025, om dan het vierde jaar niet sluitend te hebben. Dan moet of het eerste jaar of het vierde jaar wel positief zijn. Daar rekent het college mee. Ik hoopte met deze context dat u dit voor uw besluitvorming zo meteen ook nuttig acht. U roept ook op als raad, en dat horen wij als college, om keuzes te maken. Dat willen we op inhoud zeker gaan doen. Dat vraagt u.
Dat willen we en daar gaan we dus ook mee aan de slag. We nemen daar wel die grote maatschappelijke opgaven in het achterhoofd. De motie van de SGP over de generieke bezuiniging van 5 procent, die ontraadt het college dan ook. Punt één, u had het over een opdracht geven aan de directie, maar ik zou u willen benadrukken, dat heeft het college gedaan. Daar hebben we u over geïnformeerd met het robuust financieel perspectief. Alleen de tijdslijn die de heer Tiemstra net schetst, voorzitter, helaas, was het maar zo'n feest dat we dit allemaal in één maand zouden kunnen doen. U vraagt iets gigantisch. We hebben een begroting van bijna 200 miljoen euro, we hebben vijftien teams. Dat kunnen we niet zomaar even op een bierviltje kijken van, hier is er nog wel iets en daar, en hup, raad, maak maar een keuze. Dat willen we zorgvuldig doen en dat kost tijd. Dat zijn we aan het doen. Dat proces hebben we u net uitgelegd. Ik heb daar net al aan gerefereerd. Punt twee tot en met vier betreft dus de kaasschaafmethode. U had het er zelf al over en. Wij willen echt keuzes maken op inhoud. Dat gaan we dus ook niet wat ons betreft meenemen in ons onderzoek, vandaar dat wij de motie ontraden. Dan de kostendekkendheid van de leges, het amendement van de ChristenUnie. Ik denk, formeel gezien is dit gewoon een opdracht aan het college, dus lezen wij het ook een Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
89
beetje als een motie, maar het is verder aan u hoe u daarmee omgaat. Ik wil benadrukken, daar werd net ook al aan gerefereerd, dat de Legeverordening voor de bouw, dus in de fysieke omgeving, u heeft die uitspraak in december al gedaan, die zijn 100 procent. Het klopt wat de heer Van Groos zegt, dat was de afgelopen jaren niet het geval, maar we hebben een hele grote stap gemaakt. Het klopt, het gat is groot. U heeft als raad in december op voorstel van ons de uitspraak gedaan, we willen naar 100 procent kostendekkendheid voor de leges in de bouw, in de fysieke omgeving. Ik moet daar wel bij de kanttekening maken, dit is het eerste jaar van de Omgevingswet, dat heb ik toen ook gezegd, dit is een enorme operatie en biedt heel veel onzekerheid. Ja, wij hebben gerekend op 100 procent. Daar zit een hele berekening achter, die blijven we monitoren en we komen bij u erop terug, als we zien van, dit gaat niet goed, we hebben te veel geregend of te weinig of we lopen achter. We hebben dus wel al die hele grote stap gemaakt. De pleister hebben we er in december in één keer afgetrokken, we willen naar 100 procent. Dat is een grote stap, maar die is al gezet. Er zijn nog meer leges. Een aantal zijn een besloten systeem, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing, dus dat heeft geen invloed op de kostendekkendheid, die moet al maximaal 100 procent zijn. Daar zitten we redelijk op.
Daar kijken we altijd goed naar. We hebben ook nog, en daar refereert de motie ook volgens mij aan, de publieke leges. Daar zitten een aantal knoppen aan waar we zouden kunnen draaien. Een heleboel van deze leges zijn ook wettelijk gemaximeerd. Denk aan rijbewijzen, paspoorten. Waar we bijvoorbeeld wel aan zouden kunnen draaien, is trouwen, het opvragen van bestuurlijke documenten, het aanpassen van de BRP, de basisadministratie. Er zijn een paar knoppen aan te draaien, maar ik kan u verzekeren, dat gaat ons gat niet geheel dichten. Wellicht is het toch een van die enkele duizenden euro's waar we het over hebben en alle kleine beetjes helpen. Deze nemen we zeker mee in ons robuust financieel perspectief. Wat mij betreft, u heeft het nu alleen over leges in dit amendement, maar kijken wij ook naar alle andere inkomstenbronnen en dus de belastingen, de tarieven die we hebben. Daar gaan we allemaal kijken of dat we die richting kostendekkendheid kunnen werken. U heeft het net zelf ook al in debat benadrukt, wel in ons achterhoofd met, is dit een in reëel tarief, is dit een reële prijs die we vragen, omdat we daar ook gewoon onszelf niet helemaal uit de markt willen prijzen of dingen onmogelijk maken. Dat vraagt dus wat meer uitzoekwerk en daar komen wij op terug. U zult het niet verrassen dat wij de motie over de financiële mandaten ontraden.
Ik denk dat wij daar gewoon echt fundamenteel van mening over verschillen. In onze ogen houdt het college zich altijd aan afspraken. U mag dat van mij aannemen, daar doen wij echt ons alleruiterste best voor. Ik sluit niet uit dat er ergens een keer iets tussendoor slipt. U mag mij daar. en ook mijn collega's, u mag daar het college op aanspreken, uiteraard. Maar met dit zet u volgens mij een heel stevig signaal op papier. In onze ogen zouden we dat willen ontraden. Dan gaat het nog over de min of meer toezegging waar Lokaal Belang om vraagt rondom de motie over GR’en, waar we het vorige week over hebben gehad. Volgens mij is het dictum van toen hartstikke helder. Dat ging over alle GR’en. U heeft daar een hele duidelijke uitspraak gedaan als raad, u heeft die motie unaniem aangenomen. Die gaan wij dan ook zo uitvoeren. Dat geldt dus dan voor alle GR’en. U hoeft daar volgens mij helemaal geen toezegging van mij te krijgen. U mag gewoon van mij aannemen dat we dat besluit gaan uitvoeren. Let wel, Waalwijk is vaak slechts een van die vele deelnemers aan de GR. Hiermee wil niet zeggen dat we hier nooit meer terug zullen komen, maar uw opdracht was glashelder. Dan de sportcampus van GroenLinksaf.
Als ik hem uit mag leggen, en dat gebeurt een beetje in het debat, dat ik als portefeuillehouder het gesprek kan faciliteren, wat mensen met elkaar in contact brengen, een keer een vergadering beleggen, uiteraard. Maar ik wil Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
90
u benadrukken, als wij er een beleidsmedewerker Sport op moeten zetten, die tijd hebben we niet. In de presentatie rondom het robuust financieel perspectief waren er niet voor niets in het cluster Vrije tijd alleen maar rode vlaggen. Dat wil niet zeggen dat we er, en dit is geen klein project, dat er even bij kunnen doen. Dan vallen er gewoon echt vele projecten af. Ik heb u ook andere vragen horen stellen, bijvoorbeeld de sporthal Waspik, dat we daar onverminderd, misschien zelfs wel sneller, want u had allang een oplossing van ons gewild, mee door moeten gaan. Wat mij betreft staat die zeker als een paal boven water. U mag van mij daar een oplossing van verwachten. We zijn er helaas nog niet uit, die locatie. Daar wordt keihard aan gewerkt. Als ik hem zo mag lezen, die motie van de sportcampus, dan denk ik dat ik dat in ieder geval zeker bereid bent als portefeuillehouder, maar wel met die kanttekening. Dan hebben we dus de andere partijen ook zeker nodig. Dan hebben we het nog over de integrale aanpak van Zidewinde. We hebben daarover uw raad geïnformeerd middels de raadsinformatiebrief. Het zit nu niet in de kadernota. Daar was gewoon toen de informatie nog niet voor gereed.
Als u die integrale afweging wilt, we hebben het daar ook eerder over gehad, de heer van Groos en ik, dan lijkt het ons logisch dat, hoe jammer misschien ook, want we onderschrijven deze ambitie, dat we daar in de volgende kadernota op terugkomen. Tenzij u nu in uw wijsheid zegt, we willen hier wel mee aan de slag en kom er maar in de begroting op terug, want wij willen een plan ook volgend jaar al, dan is dit het moment en dan is het oordeel aan uw raad. Dan hebben we nog de motie van het Schoenenkwartier. Daarvan zou ik toch wel echt willen zeggen, ik snap dat u een plan wil, zoals de provincie een plan verwacht bij de subsidieaanvraag, zoals het Rijk en een plan verwacht bij de subsidieaanvraag. Maar het plan van gemeente is wel dermate afhankelijk van die twee subsidies. Daar hebben we gisteren en vandaag uitsluitsel over gekregen. Helaas gaat het Rijk niet subsidiëren. De provincie heeft gezegd, dit ambitieniveau willen wij onderschrijven, wij gaan jaarlijks de komende vier jaar 100.000 euro subsidiëren Dat is wel het ambitieniveau dat aansluit bij het beleidskader van de provincie Levendig Brabant en dat het cultureel erfgoed van het Schoenenkwartier daarmee echt op een voetstuk wordt geplaatst. Dat is niet alleen maar het lokale museum dat het Schoenenkwartier gaat zijn, als we in mijn ogen de subsidie nu terug gaan draaien. Daar maak ik me ernstig zorgen om.
Ik snap dat u een plan wil. Daar ga ik uiteraard samen met het Schoenenkwartier knijterhard mijn best voor doen dat het een prachtig plan wordt. Ik heb het plan hier van de provincie liggen. Ik denk dat u daar echt mee geholpen zou zijn als dat geschreven zou zijn naar de gemeente. Ik vind het volkomen logisch dat u daarom vraagt. Maar nu al zo'n stevig signaal afgeven van, hij gaat er daaruit, dat kan wellicht iets betekenen voor de provincie, want die gaat niet zijn subsidie geven om ons gat te vullen. Die gaat het Schoenenkwartier niet subsidiëren als daar een lager ambitieniveau komt omdat we gewoon simpelweg, en dat moet het Schoenenkwartier dan gaan doen, gaan bezuinigen. Ja, ze hebben nu een fikse subsidie, dus die 1,1 miljoen euro plus die 200.000 euro waar we om vragen. Let wel, van die 1,1 miljoen euro vaste subsidie gaat bijna zes ton terug naar ons als gemeente voor de huur van het gebouw. Ik vrees dat van die vijf ton die overblijft voor het personeel, daar kun je niet de fte van betalen zoals we hem willen, zoals die nodig is voor de ambities die het Schoenenkwartier heeft.
Dan ga je, vrees ik, en ik kan niet in de toekomst kijken, het plan om uit te werken om het alternatief van die 1,1 miljoen euro en de consequenties van als we dit besluit nemen om het niet te verhogen met die twee ton, of eigenlijk het structureel te maken van die twee ton, dan zal het Schoenenkwartier daar bij u op terugkomen en laten zien en inzichtelijk maken wat dat dan betekent. Ik verwacht dat dan de directeur zegt, dat gaat niet. Dan moet u een ander concept- Dan kunt u niet het ambitieniveau najagen dat u nu heeft, namelijk een bovenregionaal wat het voor de provincie van waarde is Schoenenkwartier met een maaklab, met het schoenenlab, met een kenniskwartier over ons verleden, heden en de toekomst, maar Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
91
ook dus over die museumfunctie. Ik vrees dat het dan gewoon het openhouden wordt van het gebouw en het onderhouden van onze collectie. Dat zou ik echt een enorme stap terug vinden. Dan de motie over groot onderhoud Winterdijk in Sprang-Capelle. Deze motie is een beetje in lijn van het integrale voorstel rond Zidewinde. Ook dit is gewoon weer een groot project met vele financiële consequenties. U heeft u heeft nog een motie waar dadelijk de heer De Jong op zal reageren rondom de mobiliteit op ov, maar dat zijn allemaal moties die fikse projecten zijn. U roept terecht op om keuzes te maken. Wij onderschrijven volledig het belang van deze Winterdijk en het groot onderhoud daarvoor, alleen uit het reguliere budget Onderhoud dat we voor wegen nu hebben aangevraagd, daar kan niet dit van worden betaald. Het onderhoudbudget voor wegen gaat over het repareren van het dak als het lek is, maar het onderhoudsbudget waar we het hier over hebben, is geen onderhoudsbudget meer. Dat is echt het groot onderhoud. Dat betekent het dak vernieuwen als het na 40 jaar op is. Dat is wat hier gevraagd wordt bij de Winterdijk. Daar moet substantieel worden geïnvesteerd. Het college vindt het aan u als raad om te oordelen of dat dit in uw algemene integrale afweging vindt dat dit nu dan op tafel moet komen. Wij onderschrijven het belang, maar het is aan u als raad om daarover te oordelen.
Ik denk dat ik dan alles gehad heb van mijn portefeuille, voorzitter. Wilt u dat ik meteen ook de portefeuille van mevrouw Schuijffel oppak, of zegt u, zet maar daar maar eens een punt. De voorzitter: Die punt mag u zetten op uw eigen portefeuille, maar ik denk dat het handig is als u dan nu de portefeuille van wethouder Schuijffel erbij pakt. Dan hoeft u niet te wisselen. Wat mij betreft kunt u meteen doorgaan. Dan houden we die volgorde aan. Wethouder Klerx: Helemaal goed. Dat gaat dan over in ieder geval de motie van Samen Waalwijk over het onderzoek van het innamepunt kringloop de milieustations. Die moeten het college helaas ontraden, omdat er, één, simpelweg geen ruimte is op deze milieustations, en twee, het ook op dit moment met de huidige afspraken die we hebben op de milieustations niet mag. Ik moet u eerlijk zeggen, dat doet soms echt pijn in het hart bij de medewerkers die daar staan. Die zien spullen daar bij het restafval of bij waar dan ook worden ingeleverd, waarvan ze zeggen, mevrouw, meneer, doe het niet, breng dit naar de kringloopwinkel.
Dat mag gewoon simpelweg niet, want zodra de mensen daar zijn, hebben wij afspraken met de inzamelaars dat dan, want daar zitten vaak waardevolle spullen in, waardevolle grondstoffen, die dus voor de inzamelaars van de grondstoffen van het afval zijn, waar zij uiteindelijk hun businesscase in de afspraken met ons hebben gemaakt. U vraagt daarin helaas te veel. We onderschrijven wel het belang van een versterking van die circulariteit en het verminderen van de grondstoffen. We hebben in de visie Duurzaam Waalwijk ook echt gezegd dat we aan de slag willen met zo’n circulariteitscentrum. U heeft daar ook een motie voor aangenomen twee jaar geleden volgens mij, of anderhalf jaar geleden. Het status ook in onze visie Duurzaam Waalwijk. Daar willen we op terug. We zijn daarover ook met Baanbrekers in gesprek, maar het vraagt echt nog wel wat werk, communicatie en uitwerking. Daar zijn we dus al mee bezig, zij het niet voor nu op de huidige milieustations. Dan over de motie van D66 over een boom planten voor nieuw leven. Het gaat ons even over het woordje extra. Dat zit hem alleen in het dictum punt 2, omdat daar staat, een extra boom. We plaatsen in Waalwijk de afgelopen jaren, hebben we even opgezocht, zo'n 200, en in de goede jaren zo’n 800, bomen per jaar. Daar is dus ook budget voor in de reguliere begrotingen. Dat zit dan echt verspreid tussen het reguliere groenbudget.
Dat zit hem in de projecten die die we doen waarbij we met ontwikkelaars bijvoorbeeld 5 procent meer groen hebben afgesproken, in die groennorm. Dat zit hem bijvoorbeeld ook Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
92
in alle IUP-projecten die we doen. Ook daar planten we veel nieuwe bomen aan. Dat is dus een beetje wisselend en afhankelijk van. Ook in de kadernota hebben wij een voorstel gedaan om aan de slag te gaan met de houtwal. Daar worden heel veel bomen geplant. Dus we gaan het zeker op gezette momenten zeker halen, ook binnen de begroting. Als het nu echt extra 500 bomen moeten, zijn dan moeten we helaas ontraden, want dat gaat ons niet lukken zonder financiële middelen en die middelen gaan we ook niet vinden in de bureau in 2025 en 2026. Als het dat niet is en het gaat u om de waarde dat we daar onze inwoners van bewust maken, de zeer symbolische waarde van een nieuw leven en een nieuw leven van de mensen, nieuw leven van een boom, dan kunnen wij die zeer onderschrijven. Dan willen we daar ook ons best voor doen om te kijken, hoe kunnen we daar binnen onze huidige bomenbeleid en huidige budgetten invulling aan geven? Dan vroeg D66 nog de status en de toezegging over de regenbooggemeente. Helaas, en ook dat kwam vorige week al ter sprake toen we het hadden over de integrale afweging op een moment, dat ik zei, shit, er is al iets doorheen geschoten, dat was die lokale inclusieagenda. We hadden aangegeven dat we die wilden evalueren en bij de kadernota vandaag op terug zouden komen, om daar dan de middelen eventueel voor te verlengen. Dat hebben we niet opgenomen in de kadernota.
Die zit er niet in. Als we met ons beleid door willen gaan zoals we gedaan hebben met de lokale inclusieagenda, dan zullen we, en dat is ook wat u in de brief heeft kunnen lezen, daar heel graag in de begroting op terugkomen. In principe is het nu aan u om daar wel die integrale afweging over te nemen, dus u heeft denk ik kunnen lezen dat het college voornemens is om daar in de begroting op terug te komen, ondanks het feit dat we dat dus niet willen, want het integrale afwegingsmoment is nu. Ik heb daar al mijn eerdere excuses voor gemaakt vorige week dat we dat gemist hebben nu. Dit is ook essentieel voor die regenbooggemeente. Als we die middelen de komende twee jaar niet hebben, dus als dit het laatste jaar is van de middelen, dan gaat ons die regenbooggemeente niet lukken. Als u het wel oké vindt dat we daarop terugkomen in de begroting, en u hoeft daar nu niet per se een uitspraak over te doen. wij hebben al gezegd dat we er in de begroting op terugkomen, als u het niet wil, dan zou ik wel een uitspraak doen, want dan kunnen we het beter nu weten dan straks in de begroting. Anders, en ook dan, dus als u in de begroting van 2025 daar de gelden voor beschikbaar stelt, kunnen we daar ook toezeggen dat die regenbooggemeente gaat lukken binnen deze bestuursperiode. De voorzitter: Twee punten achter twee portefeuilles.
Aan de raad, zijn er zaken nog onduidelijk, heeft u nog verhelderende vragen voor de portefeuillehouder? Meneer Kieboom. De heer Kieboom: Voorzitter, bedankt. Ik wil de heer Klerx bedanken voor zijn toelichting op ons betoog. U gaf aan net dat er ongeveer tussen de 200 en in goede jaren 800 bomen geplant worden. Kunt u ons ook vertellen hoeveel bomen er gekapt worden? De voorzitter: Ik denk niet dat u dat uit uw hoofd kunt op de portefeuille van iemand anders. Dat denk ik niet. Aan u. Wethouder Klerx: Als het goed is, maar dit is een klein voorbehoud, ik heb specifiek gevraagd om de netto toevoeging, dus ik had deze vraag enigszins verwacht. Ik moet zeggen dat dit echt onder stoom en kokend water allemaal is gebeurd de afgelopen dagen en dat we best in elk project letterlijk ongeveer zijn gaan tellen tot hoeveel bomen we kwamen. Dat was best een exercitie. Toen vroeg ik ook nog, is dit dan de netto
Notulen raadsvergadering 4 juli 2024
93
toevoeging of moeten we hier de kap nog van afhalen? Maar de voorzichtige inschatting was dat we dat het om de netto toevoeging ging. De voorzitter: Deze vraag kan dus nu niet verder beantwoord worden, behalve dan op de manier van nu. Wethouder Klerx: Een klein voorbehoud, maar ik probeerde het zo goed mogelijk. De voorzitter: Prima. Meneer Tiemstra. De heer Tiemstra: Voorzitter, dank u wel. Allereerst een vraag die buiten de orde is, denk ik. Wie heeft hier zijn koek laten liggen? Frank? De voorzitter: Meneer Tiemstra, gaat u verder. De heer Tiemstra: Dank u, voorzitter. Wethouder, vier vragen, als u het goed vindt. Als eerste, u had een van de hoofdlijnen uit ons betoog weggezet als van, dat lukt ons niet om binnen een maand door de verschillende afdelingen de suggesties, de signalen, de mogelijkheden op te trekken van wat er allemaal mogelijk is. Ik heb daarnaast gezet, naast de tien maanden waarmee u de eerste uit vraag hebt gedaan, we zijn bijna een jaar onderweg en er ligt nog geen voorstel, dat vind ik ernstig, dat vinden wij ernstig. Dan zouden we graag nog een reactie op hebben van, wat is er dan de afgelopen tienmaanden rond dit dossier gebeurd? Tweede vraag die ik in onze bijdrage heb gesteld, we spreken vandaag over een kadernota, die staat vol met pro-memorieposten. Daar valt onder andere het IUP onder. U kondigt aan met maatregelen te komen in september.