Verslag GEWIJZIGD raadsvergadering 240222
Tekst van het document
NOTULEN van de openbare vergadering van de raad der gemeente Waalwijk, gehouden op 24 februari 2022 Voorzitter:
mevrouw S.C.A.M. Ausems
Griffier: Plv. Griffier
mevrouw J.W.M. Louer mevrouw F.A. Opperman
Aanwezig de leden:
de heer J.M. van Baardwijk de heer B.C. Bögemann mevrouw F.I.H.M. de Bruijn de heer R.H.M. Frodyma de heer J. van Groos de heer A.A. van Hamond mevrouw E.Y. IJpelaar-Alias de heer D. Klapwijk mevrouw I.C. Klerks de heer T.A.B. Klerx de heer C.M.A. Kuijten de heer W.C.P.B. Lodenstijn de heer C. Metzke de heet L. Ottens mevrouw A.L. Pouw mevrouw C.G.W.M.C. Schuijffel de heer G.M.J. Slaats de heer T.F.J.H. Spierings de heer R.J.M. Spohr de heer R.A.A. Tiemstra de heer J.M.M. van Tuyl mevrouw A.J.A.M. van den Udenhout de heer J.M.C. de Vaan de heer J.J. van Zelst (vanaf 19:55 uur) de heer D.L.G.C. Zijlmans
Afwezig zijn de leden:
mevrouw E.A. de Jongste-Van Heijst de heer J.H.M. van den Meerendonk
Tevens aanwezig:
de heer H.A.W.M. Daandels, wethouder de heer R. Bakker, wethouder de heer M.J.C. van den Hoven, wethouder mevrouw R. Odabasi-Seker, wethouder
Notulen:
mevrouw I.C. Wendt-Kok
1.
Opening
De vergadering wordt geopend om 19.00 uur. De voorzitter: Laten wij ons vanuit onze eigen visie of geloofsovertuiging bij het begin van deze raadsvergadering bezinnen op onze gemeenschappelijke opdracht en verantwoordelijkheid om deze gemeente te besturen. 2.
Mededelingen
De voorzitter: Welkom aan iedereen, ook aan alle kijkers thuis. Deze vergadering wordt via een livestream uitgezonden. Dit is de laatste officiële raadsvergadering met deze raad. Voor ik met de verdere mededelingen begin, wil ik even stilstaan bij vandaag, want er zijn een paar trieste dingen gebeurd. Vanochtend werden we wakker met het schokkende nieuws dat Rusland in conflict met Oekraïne is en in de loop van de dag namen de verontrustende berichten over de situatie ter plaatse toe. Ik hoop en denk dat u met mij bent als ik zeg dat mijn gedachten bij de inwoners van Oekraïne zijn. Ik wil er toch even bij stilstaan. De heer Van Groos: Als ik daar op mag inhaken en een vraag mag stellen: ik weet dat er gemeenten in Nederland zijn die uit solidariteit de vlag van Oekraïne ophangen. Ik zou u dat ter overweging willen meegeven. De voorzitter: Het bericht had me nog niet bereikt, maar ik neem het mee en we overleggen het hier. Dan verder. Een van onze gewaardeerde raadsleden is niet aanwezig, mevrouw De Jongste. Vanochtend heeft zij afscheid moeten nemen van haar man, Ben, een bekende Waalwijker zoals ook in de krant stond. Wij zijn in gedachten ook bij mevrouw De Jongste. Verder heb ik een afmelding van de heer Van den Meerendonk. Mevrouw Schuijffel en de heer Van Zelst schuiven later aan.
Vannacht om 12 uur gaan er een heleboel maatregelen af, we gaan weer veel losser het leven in. En er is ook nog een andere heuglijke gebeurtenis: wethouder Daandels viert zijn verjaardag dus wij hebben zo direct gebak. Als we lang genoeg doorgaan vanavond kunnen we hem live feliciteren met zijn verjaardag. Om zoveel mogelijk loopbewegingen te voorkomen, hoeft het presentieboek niet getekend te worden. De Griffie maakt de presentielijst. In geval van hoofdelijke stemming zal nr. 19, de heer Klapwijk, als eerste zijn stem uitbrengen. De coronarichtlijnen versoepelen dus in hoog tempo, maar we hebben vandaag nog even te maken met de richtlijnen. Gelieve dus anderhalve meter afstand houden, na elk gebruik van de microfoons de katheter en de introductieplek schoon te maken en bij het lopen door de raadszaal een mondkapje te dragen. We zijn een halfuur eerder begonnen om de agenda vanavond hopelijk helemaal af te werken, want uitloop naar volgende week is lastig, vanwege de voorjaarsvakantie en carnaval. Er staan nog heel wat onderwerpen op de agenda dus ik wil uw aandacht graag voor het volgende. Ik wil u vragen de pitchtijd strak in acht te nemen. Uiteraard graag een scherp debat, maar vermijd herhalingen. Tijdens de reactie van het college zijn er geen interrupties.
De tweede termijn is alleen om te reageren als het college een nieuw gezichtspunt inbrengt of als u nog niet heeft gereageerd op een motie of amendement. Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
2
Kortom, ik wil u verzoeken zich te houden aan de afspraken die in het reglement van orde staan. Zoals u weet, wil ik u ook van harte vragen uw woorden goed te kiezen en daarbij niet op de man maar op de bal te spelen. Ik wens ons allen een goed gesprek en debat. Ik neem aan en hoop dat we vanavond alle onderwerpen kunnen afronden. 3.
Vaststelling agenda
De volgende fracties hebben een motie vreemd aan de orde aangekondigd: Lijst Pouw en Lijst IJpelaar over de telmethode van verkeersongevallen, en Samen Waalwijk en ChristenUnie over de snelfietsroute F59, een brug te ver. Ik wil voorstellen beide moties te behandelen aan het eind van het debatgedeelte, zoals we gewend zijn. Samen Waalwijk vraagt een verlenging van de pitchtijd tot vijf minuten bij agendapunt 9, de evenementenvisie, en tot vijf minuten bij de motie vreemd aan de orde over de snelfietsroute. De agenda wordt met deze wijzigingen en aanvullingen vastgesteld. 4.
Vragenronde
De voorzitter: Er zijn twee aanmeldingen voor de vragenronde. Het woord is aan de heer Van Groos over de raadsinformatiebrief 012-22, stedenbouwkundig plan slachthuisterrein en naast gelegen percelen. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Eerder deze week kreeg de gemeenteraad een brief van het college over de mogelijke ontwikkeling van het voormalig slachthuisterrein en aanpalende percelen. Dank daarvoor, want door die brief met bijlagen kreeg de gemeenteraad meer inzicht in de plannen. In dit schrijven werd melding gemaakt van het feit dat het college een positieve grondhouding aangenomen heeft ten aanzien van het bijgevoegde plan, omdat het ontwerp past binnen de structuurvisie en de visie Hoefsven/Groene Wig. Wat ons echter verbaast, en waarom wij ons vanavond melden, is dat met geen woord wordt gerept over de kaders die de raad heeft gesteld en waarbinnen dit plan absoluut niet past. Daarom stellen we u de volgende drie vragen. Hoe zit het met de monumentale waarde van de gebouwen? Het plan lijkt nu namelijk in te houden dat alles tegen de vlakte gaat. Op welke punten wijkt het plan van het vigerende bestemmingsplan? We nemen aan dat dit in ieder geval op de bestemming en de hoogte is, want het plan heeft het over zeven verdiepingen.
Aan welke kaders die de raad heeft vastgesteld voldoet dit plan ook niet? We denken ook nog eens aan de aardgasleiding die langs de percelen loopt. Beantwoording college Wethouder Daandels: Voorzitter. In het kader van het stedenbouwkundig plan slachthuisterrein is het een bevoegdheid van het college om met ontwikkelaars in gesprek te gaan en eventuele uitgangspunten mee te geven voor de verdere ontwikkeling. Dat betekent dat wij de kaders die de gemeenteraad heeft vastgesteld als leidraad nemen, maar daarnaast hebben we natuurlijk ook toezichtkaders vanuit onze organisatie voor stedenbouwkundige en andere aspecten. Uiteindelijk heeft het college in zijn totale afweging dit plan aanvaardbaar geacht, natuurlijk altijd onder de restrictie dat de gemeenteraad het goedkeurt. Dat betekent dat alle afwijkingen die nog in het plan aan de orde komen via een bestemmingsplanwijziging aan u worden voorgelegd. Zoals het er nu uitziet zal het plan niet volledig in het bestemmingsplan passen, maar de eerste signalen van externen en ook van de interne organisatie maken dat het college er positief over is. Er gaat een voorontwerp plaatsvinden en vervolgens een ontwerp. Daar zal een Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
3
aantal aspecten aan de orde zijn. Monumentale waardes worden altijd bekeken in het traject. We gaan niet rücksichtslos dat soort zaken afbreken. De bestemmingsplanafwijking wordt voorgelegd in een voorontwerp- en in een ontwerpbestemmingsplan. Dat komt ongetwijfeld bij de nieuwe raad aan de orde, ik denk pas na de zomer. Het is nog even afwachten welke procedure hierbij in werking treedt, omdat we ook met de nieuwe Omgevingswet zitten. Maar dat is op dit moment nog niet aan de hand. De reden dat we dit soort vraagstellingen vaak zien vanuit ontwikkelaars, is dat de ontwikkelaar wil gaan participeren in de omgeving. Daarom wil hij een beetje gevoel hebben bij de grondhouding van het college. Nogmaals, dat is altijd onder voorbehoud van goedkeuring door de raad. De vragen die u stelt over welke afwegingen er zijn gemaakt, krijgt u allemaal beantwoord in de bestemmingsprocedure. Als u mij nu vraagt of ik ze allemaal kan opsommen, moet ik u teleurstellen. Ik kan ze niet allemaal voor de dag halen, zo eerlijk moet ik ook zijn. De heer Van Groos: Ik dank wethouder Daandels voor zijn reactie.
Op dit moment neem ik er genoegen mee, maar wat me eerlijk gezegd wel stoort in de brief die het college heeft gestuurd, is dat wordt opgesomd waar het plan aan voldoet en dat het college op basis daarvan een positieve grondhouding inneemt, maar dat niet wordt vermeld waar het plan niet aan voldoet en dat u desondanks toch vindt dat het mag. Dat vind ik een vreemde manier om de raad te informeren, vandaar de vraag in deze ronde. Wethouder Daandels: Wij willen natuurlijk alle signalen van de raad meenemen, zodat we het in het vervolg beter kunnen doen. Het college meent overigens, los van zijn bevoegdheden, om de raad op deze manier aan de voorkant te informeren. En ja, we kunnen uitputtend zijn in het hele vraagstuk, maar ik denk dat met name de participatie en de hele bestemmingsplanprocedure en alle ins en outs van belang zijn. Wij hebben met name aangegeven waarom wij een positieve grondhouding aannemen. We kunnen ook andere aspecten benoemen, maar wij hebben de nadruk gelegd op de redenen waarom wat ons betreft op voorhand geen dilemma’s worden opgeworpen. Daar wil ik het bij laten. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we bij de tweede aanmelding van de vragenronde en dat is de heer Frodyma over de conceptnota Notitie Reikwijdte en Detailniveau grootschalige opwek duurzame energie. De heer Frodyma: Dank u wel, voorzitter.
Het is voor mij de eerste keer dat ik als raadslid van het vragenhalfuurtje gebruik moet maken. Voor ik mijn vragen aan het college ga stellen, wil ik even de term ‘framing’ toelichten, al is het alleen maar voor de kijkers thuis die dit volgen. Als je de definitie van ‘framing’ opzoekt, en opzoekt hoe je het slim gebruikt, kom je op het volgende. “Framing is een krachtige beïnvloedingstechniek, die wordt gebruikt om een boodschap te voorzien van de gewenste toon. Het doel van framing is om onze mening over een onderwerp te beïnvloeden en in een gewenste richting te sturen. Het is dus niet verwonderlijk dat framing vaak wordt toegepast in de politiek, de marketing en reclame-uitingen”. Dit wetende snel naar het onderwerp waarover ik vragen aan het college ga stellen, namelijk de conceptversie van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau, oftewel de NRD. In deze conceptversie valt op pagina 15 te lezen dat er, omdat de bandbreedte van mogelijke ontwikkelingen in beeld gebracht moet worden, in de MER de effecten van zowel lijnopstellingen als van clusters worden beoordeeld. Tegelijkertijd wordt op pagina 13 aangegeven dat in de kadernota is benoemd dat met een lijnopstelling een onevenredige inbreuk op de openheid van het landschap wordt gepleegd ten opzichte van clusters. Vervolgens wordt op dezelfde pagina het volgende aangegeven.
“De positionering van windturbines in de clusteropstelling heeft de voorkeur”. Weliswaar is Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
4
verderop in het document te lezen dat er nog geen besluitvorming over lijn- of clusteropstelling van windmolens heeft plaatsgevonden, maar de voorkeursoptie is hier overduidelijk in het document naar voren gebracht. Wij hebben in de gemeenteraad ellenlange discussies gehad over het feit dat er geen voorkeur mag worden uitgesproken over een lijn- of clusteropstelling van windmolens. Dit hebben we zelfs in een amendement laten vastleggen en dit zou worden verwerkt in de kadernota. Naar het amendement van de raad in de conceptvisie wordt echter nergens verwezen. De wethouder weet dit als geen ander. Toch heeft de wethouder gemeend het zogenaamde framing toe te moeten passen, waardoor de mening van de lezer gestuurd wordt naar de voorkeurskeuze voor de clusteropstelling van de windmolens. Sterker nog, je zou gek zijn als je als lezer voor een lijnopstelling van windmolens zou kiezen. Dan nu naar mijn vragen hierover.
Hoe denkt de wethouder dat de onafhankelijke commissie voor de milieueffectrapportage, waaraan de conceptversie van de NRD zal worden voorgelegd, dit zal gaan lezen? Waarom heeft de wethouder als opdrachtgever van het onafhankelijk bureau, dat het concept NRD heeft geschreven, het bureau er niet op gewezen dat de gemeenteraad van Waalwijk, het hoogste orgaan binnen de gemeente, expliciet niet wil dat er een voorkeur wordt uitgesproken over lijn- of clusteropstelling van windmolens? En waarom heeft de wethouder alsnog, tegen het advies van de raad in, een voorkeur laten uitspreken voor een clusteropstelling van windmolens in de concept NRD? Wat gaat de wethouder doen om haar voorkeur voor een clusteropstelling ten opzichte van een lijnopstelling van windmolens ongedaan te maken? Tot zover mijn vragen aan de wethouder hierover. Beantwoording college Wethouder Odabasi: Voorzitter. Interessante vragen, maar ik vraag mij af of de vragenronde bedoeld is voor dit soort vragen, want de conceptnotitie is al in de raad besproken. Volgens mij was dat het moment om dit soort vragen te stellen. De kadernota is ook in de raad besproken en de zienswijzeprocedure voor de NRD is deze of vorige week afgelopen. De opgehaalde zienswijzen en de NRD komen in de raad. Dit zijn vragen die ik op dit moment niet kan beantwoorden. Volgens mij is de vragenronde bedoeld voor actualiteiten.
Ik zie de actualiteitswaarde van deze vragen ook niet in en stel voor ze schriftelijk te laten beantwoorden. De heer Frodyma: Daar ben ik het totaal niet mee eens. Ik denk dat de vragenronde juist bedoeld is om zaken aan te kaarten die niet kloppen. Als dit het antwoord is van de wethouder, vraag ik mij af of ik geen ander middel moet gaan inzetten hiervoor. De voorzitter: Er worden vragen gesteld over inhoudelijke raadsvoorstellen en actualiteitenonderwerpen. U stelt vragen aan de wethouder en die geeft de procedure aan. De heer Frodyma: Maar dat is de procedure helemaal niet. Het is een actueel onderwerp. Volgens mij staat de agenda vol met zienswijzen die zijn ingediend. Wethouder Odabasi: Voorzitter, mag ik er even op reageren? De voorzitter: U mag reageren, terwijl ik even overleg met de griffier. Wethouder Odabasi: Ik wil met alle liefde en plezier de vragen beantwoorden, maar heb u vandaag nog een bericht gestuurd met de vraag of u mij de richting van de vragen die u ging stellen aan kon geven, zodat ik me erop kon voorbereiden. Ik verwacht bij een vragenronde vragen over een actualiteit die op dit moment speelt. De vragen die u stelt, gaan over stukken die allemaal in de raad behandeld zijn en waar een procedure op loopt. Ik heb de antwoorden niet paraat. Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
5
De heer Frodyma: Juist stel ik de vragen omdat de procedure loopt, dat klopt. Wethouder Odabasi: Maar die zienswijzeprocedure is afgelopen en u krijgt in april … De voorzitter: Er worden vragen gesteld door een raadslid. Het raadslid stelt de vragen vanuit de actualiteit rondom de zienswijze en de wethouder geeft aan dat zij deze vragen op dit moment niet kan beantwoorden en stelt voor om deze schriftelijk te beantwoorden. Wethouder Odabasi: De vragen die gesteld worden, gaan niet over de zienswijze maar over de kadernota die vastgesteld is en over de concept NRD die ook door de raad vrijgegeven is voor inspraak. Toen de raad de concept NRD kreeg, was dat het moment om deze vragen te stellen en niet nu, nu de zienswijzetermijn afgelopen is. Dat geef ik aan, en ik heb niets geframed. Wij hebben gehandeld volgens de procedures die wij met de raad gedeeld hebben. Als u daar opmerkingen over had, had u daar allerlei momenten voor. Volgens mij is de vragenronde daar niet voor bedoeld. De heer Frodyma: Daar ben ik het totaal niet mee eens. Het is echt een actueel onderwerp en ik verzoek u nu te zeggen dat de wethouder nu op de vragen ingaat. De voorzitter: De wethouder heeft aangegeven dat er stukken zijn geweest in de raad, en dat u daar reactie op kon geven.
U reageert nu vanuit de zienswijzen die heel actueel zijn, stelt de wethouder een aantal vragen en de wethouder geeft aan dat zij deze op dit moment niet kan beantwoorden. Ze stelt voor deze schriftelijk te beantwoorden. De heer Frodyma: Ik wil graag schorsen om te overleggen met mijn fractie. De vergadering wordt vijf minuten geschorst. De voorzitter: Ik heropen de vergadering. Ik heb het reglement van orde met betrekking tot de vragenronde erbij gezocht. De vragenronde betreft een onderwerp, waarvan uitstel van behandeling vanwege actualiteiten niet wenselijk is. Dat is de definitie van een onderwerp dat aan de orde is voor de vragenronde. Nu geeft dat natuurlijk wel ruimte voor interpretatie. We zijn ook nog even aan het opzoeken hoe de raad exact is geïnformeerd over de NRD. Ik heb ook begrepen dat de zienswijze en de conclusie rondom de NRD opnieuw in de raad gaan komen, waardoor er ook weer een reactiemogelijkheid voor de raad is. Tot zover het reglement van orde. Het woord is aan de heer Frodyma. De heer Frodyma: Dank u wel, voorzitter. De wethouder informeert onjuist. De concept NRD is niet aan de raad voorgelegd. Daarnaast gaat het over een politieke vraag die consequent niet wordt beantwoord. Een raadsbesluit wordt gewoon niet uitgevoerd. Ik vraag de wethouder nog een keer antwoord te geven op de vragen en anders moet ik andere raadsmiddelen inzetten.
Wethouder Odabasi: Ik vind het jammer dat de discussie op deze manier loopt. Ik ben bereid alle informatie te geven en alle vragen te beantwoorden, maar ben niet voorbereid op deze vragen. Wij hebben op geen enkele wijze iets willen framen of willen neerzetten. Ik kan het stuk even niet vinden, maar in de loop van de vergadering kan ik precies de heer Frodyma informeren over hoe wij de raad over het NRD-proces hebben geïnformeerd en over het feit dat we de zienswijzetermijn hebben opengesteld. Er wordt niets geframed en in de NRD-procedure wordt niet gesproken over clusters of lijnopstellingen. U heeft blijkbaar het concept wel gezien, want u lacht erom. Nou, dan had u waarschijnlijk ook op het moment dat u het concept zag, kunnen reageren. Ik kan uw vragen op dit moment niet beantwoorden en er is geen sprake van framing, als dat uw vraag is. Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
6
De voorzitter: En u gaf net de toezegging de vragen alsnog schriftelijk te beantwoorden. Wethouder Odabasi: Uiteraard. Als er vragen gesteld worden, zullen wij ze beantwoorden, maar niet op deze manier. Ik word geconfronteerd met vragen en weet niet waar het over gaat. Ik heb enorme twijfels bij de actualiteitswaarde, want volgens mij hadden deze vragen op allerlei andere momenten gesteld kunnen worden. En ik heb de antwoorden die de heer Frodyma vraagt nu niet paraat. De heer Frodyma: Ik ben erg teleurgesteld in dit antwoord van de wethouder. Ik kan niet anders zeggen. Ik wil u ook wel een Jip en Janneke-voorbeeldje geven van framing en hoe het in zijn gang gaat. In vijf minuten heb ik uitgelegd wat ik daarmee bedoel. De voorzitter: Daar is de vragenronde niet voor bedoeld, dus ik vraag u om af te ronden. U hebt gehoord dat de wethouder uw vragen graag wil beantwoorden maar dit schriftelijk zal doen, omdat zij de antwoorden nu niet paraat heeft. De heer Frodyma: Ik hoor het wel van de wethouder. De voorzitter: Dank u wel. We sluiten de vragenronde af en gaan naar de vaststelling van de akkoordstukken. Ter vaststelling akkoordstukken 5.
Voorstel coulance annuleringen sportverenigingen
De voorzitter: Wil iemand een stemverklaring afleggen? Het woord is aan de heer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Wij zullen akkoord gaan met dit voorstel met de volgende opmerking. De vaste afspraak is dat bij beroep op een reserve de actuele stand van die reserve van dat moment in het raadsvoorstel wordt vermeld. Verder is het handiger als in de communicatie wordt aangegeven dat dit voorstel de binnensport betreft en niet de buitensport. De voorzitter: Dank u wel, dan wil ik voorstellen zonder hoofdelijke stemming hiermee akkoord te gaan. Aldus besloten. Ter vaststelling lijst van ingekomen stukken en verslagen 6.
Lijst van ingekomen stukken
a. Ingekomen stukken De voorzitter: Met het aangepaste vergadermodel kunnen ingekomen stukken niet meer voor bespreking met inwoners worden geagendeerd. We nemen nu de lijst door, te beginnen met 6a, de ingekomen stukken. Het woord is aan de heer Van Groos. De heer Van Groos: Voor de nummers 71 en 72 vragen wij een andere afhandelingswijze. Er wordt verwezen naar een brief van 16 november 2021. Wij zouden graag de antwoorden op de vragen uit die brief willen hebben. De voorzitter: U wilt antwoord van het college en dat geldt voor 71 en 71a? De heer Van Groos: 71 is een brief en 71a is een bijlage. 72 is een brief en 72a is een bijlage. Het gaat over hetzelfde en de reactie is ook hetzelfde Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
7
De voorzitter: Bedankt, dan wordt de afhandelingswijze gewijzigd. b. c. d. e. f.
Overzicht van toezeggingen e.d. en besluitenlijsten raadsvergaderingen Raadsinformatiebrieven Bestuurdersbrieven Beantwoording schriftelijke vragen (art. 47) Ledenbrieven VNG/LOGA
De ingekomen stukken worden vastgesteld. 7.
Verslagen
De verslagen worden ongewijzigd vastgesteld.
Debat 8.
Verduurzaming sportpark De Gaard
De voorzitter: Dit agendapunt is een bespreekpunt voor de fracties van LokaalBelang, GroenLinksaf, SGP en de ChristenUnie. De pitchtijd is tweeënhalve minuut. Het woord is aan de heer Klerx. De heer Klerx: Dank u wel, voorzitter. LokaalBelang is erg blij met het voorstel verduurzaming sportpark De Gaard. Er blijkt een mooie ambitie uit en we hebben het hier al vaker over de verduurzaming gehad, dus daar zijn we eigenlijk alleen maar blij mee. We hebben ook gehoord dat de verenigingen voor het overgrote deel blij zijn met het feit dat ze deze pilot kunnen gaan doen. Ga zo door, zouden we kunnen zeggen. Er zijn echter ook twee punten van zorg bij de verenigingen en die willen we hier graag adresseren. Daarom hebben we ook een motie voorbereid. Mijn excuses voor het feit dat die wat laat is binnengekomen. Ik hoop in mijn bijdrage een duidelijke toelichting te geven. De verenigingen maken zich zorgen dat het voordeel van lagere energiekosten niet helemaal uitkomt met de stijging van de huurkosten. Ze verwachten namelijk meer energie te gaan gebruiken in de toekomst en daar hebben we ook vragen over gesteld. We hebben reeds van het college begrepen dat zij die zorgen niet hebben. Er zou ruimte genoeg zijn. Toch vragen wij het college een oplossing te bieden, mocht het onverhoopt toch een beetje nadelig uitpakken, misschien wel omdat er te weinig zonnepanelen op het dak liggen.
Een simpele oplossing als het bijplaatsen van zonnepanelen zou dan al voor de verenigingen een zorg zijn. Wilt u dat blijven doen, is de vraag die we hebben. Al gaat dit voorstel niet in op ledverlichting, speelt dat vraagstuk wel en we lezen het zelfs in het raadsvoorstel. In het voorjaar wordt de ledverlichting namelijk vervangen. Uit de beantwoording van onze technische vragen blijkt dat het college nog bezig gaat met het actualiseren van een beleid hieromtrent. Eigenlijk is onze vraag simpel. Mocht nu blijken dat op basis van nieuw beleid beide verenigingen toch recht zouden hebben gehad op wat dan ook, bijvoorbeeld op standaard ledverlichting – nu wordt er op ledverlichting een bijdrage van € 1000 per ledmast gevraagd voor gemeentelijke verlichting – willen wij graag de toezegging dat zij hiervoor met terugwerkende kracht worden gecompenseerd en worden gelijkgesteld aan het nieuwe beleid. We zijn nu de spelregels aan het veranderen. Dat willen we ook, we willen graag voortvarend aan de slag. We willen in één keer werk met werk maken en zorgen dat we het hele sportpark kunnen verduurzamen. Daar hoort ledverlichting wat ons betreft bij. Vandaar dat wij
Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
8
samen met de SGP een motie indienen om deze twee punten mee te geven aan het college. MOTIE 1: Verduurzaming De Gaard De raad, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: • er geen 100% garantie kan worden gegeven aan NEO’25 en RWB dat de huurkostenstijging lager uitvalt ten opzichte van het voordeel aan energiekostenverlaging, omdat er onder andere plannen zijn bij de verenigingen om het gebruik van de accommodaties te intensiveren; • ledverlichting niet wordt meegenomen in dit voorstel; • er toch in het voorstel staat vermeld dat in het voorjaar de gemeentelijke armaturen worden vervangen; overwegende dat: • de verenigingen onzeker zijn of energiekostenverlaging groter is dan de huurverhoging; • deze verduurzamingsmaatregelen niet in hun nadeel mogen uitpakken, omdat we de kosten voor verduurzaming niet bij de verenigingen moeten leggen; • het niet wenselijk is om verenigingen nu nog een extra bijdrage te vragen voor ledten opzichte van conventionele verlichting; • ledverlichting namelijk reeds de norm is gelet op de uitgangspunten in het plan van aanpak verduurzaming gemeentelijk vastgoed (vastgesteld op 20 oktober 2020) en dat het oude (sportaccommodatie)beleid uit 1976 daarom zal worden aangepast; • mocht er gelet op het nieuwe beleid eigenlijk onterecht een eigen bijdrage zijn gevraagd (bijvoorbeeld met betrekking tot led- in plaats van conventionele verlichting) het
rechtvaardig is om in ieder geval deze twee verenigingen met terugwerkende kracht te compenseren, omdat we nu al weten dat led de norm is en het oude beleid zal worden aangepast; • het zonde is om vertraging op te lopen als nu werk met werk kan worden gemaakt, het financieel voordeliger is om nu de investeringen te doen in verband met subsidies en we als gemeente sowieso zo snel mogelijk het goede voorbeeld willen geven qua verduurzaming; draagt het college op: 1. een oplossing te bieden aan de verenigingen als de huurverhoging hoger is dan de energiekostenverlaging, zodat we de kosten van verduurzamen niet bij onze verenigingen leggen; 2. in ieder geval NEO’25 en RWB met terugwerkende kracht te compenseren als uit het nieuwe beleid blijkt dat de gemeente voortaan de volledige kosten voor gemeentelijke ledverlichting voor haar rekening neemt. 3. naar aanleiding van het nieuwe beleid te bekijken welke verenigingen mogelijk ook onterecht een eigen bijdrage voor ledverlichting hebben betaald, terwijl led de norm is sinds oktober 2020 en dit te betrekken bij de vaststelling van het nieuwe beleid, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Dank u wel. De motie is ingediend door LokaalBelang en SGP.
De heer Van Groos: De heer Klerx zei in zijn pitch -- en zo staat het ook bij de eerste constatering -- dat beide verenigingen plannen hebben om het energieverbruik op te voeren, want het gebruik van de accommodaties wordt geïntensiveerd en dat betekent Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
9
meer energie. Betekent de garantie ook dat de gemeente instaat voor de extra kosten, vanwege het extra energieverbruik? Of komt de garantie waar u om vraagt alleen maar bij gelijkblijvend energieverbruik? Eigenlijk moeten we namelijk toe naar minder energieverbruik, dus dat maakt voor ons wel uit of we deze motie ondersteunen of niet. De heer Klerx: Een terechte vraag van de heer Van Groos. Het doel moet absoluut zijn om minder energie te verbruiken. Er zijn natuurlijk ook maatregelen denkbaar om echt gasloos te worden. Stel dat je de frituur van gas omzet in elektriciteit, waardoor je fors meer elektriciteit gaat gebruiken, omdat we de accommodatie zoveel mogelijk willen gebruiken. Al zal dat, verwacht ik, vooral overdag de energiekosten doen stijgen. De incentive moet wat ons betreft niet wegnemen dat we minder energie moeten gebruiken. We vragen alleen om in een oplossing te denken, mocht het zo zijn dat daar één of twee zonnepanelen te weinig liggen, zodat we daar voortvarend mee aan de slag kunnen gaan. De heer Ottens: Ik heb twee vragen aan de heer Klerx. U gaf in uw betoog aan dat de sportverenigingen hun zorgen hebben geuit. Uit de reactie van sportverenigingen aan de raad, schriftelijk of wat dan ook, wordt mij niet duidelijk wat die zorgen precies zijn, dus daar hoor ik graag nog even een toelichting op. De tweede vraag is inherent aan die van de heer Van Groos.
De energieprijzen zijn afhankelijk van heel veel factoren. Neem alleen al de vrees voor de energieprijzen door de gebeurtenissen van vandaag. Welke factoren mogen wat u betreft wel en niet daarin meetellen? De heer Klerx: De eerste vraag is vrij simpel. Ik heb de verenigingen meerdere keren gevraagd of ze het met de raad konden delen. Het is hun overweging geweest om het niet te doen. Ze hebben die zorgen wel gehad. Ik heb daarover met de heer Van Zelst van de SGP meerdere keren gesproken. Zij hebben signalen van N.E.O. ’25 en wij van RWB. Dus de signalen zijn er wel. We hebben allebei gevraagd om die ook met de raad te delen. Dat is helaas niet gebeurd en in mijn ogen is dat een gemiste kans. Maar ze zijn er daarmee alsnog. De tweede vraag is wat lastiger. Welke factoren moeten meetellen? Ik heb het geprobeerd te verduidelijken in mijn antwoorden aan de heer Van Groos. Het zit op het randje van wel en niet, want je wilt natuurlijk die incentive houden dat er minder energieverbruik komt. We willen verduurzamen en dat is niet alleen om weer lekker overal elektriciteit te kunnen gebruiken en niet-duurzaam gedrag te vertonen. Dus die incentive moet er zeker blijven. Ik kan me echter wel voorstellen dat die ruimte voor extra energieverbruik er op de een of andere manier toch moet zijn bij de verenigingen, want zij hebben die zorgen nu eenmaal. Ik noemde net een voorbeeld.
Als dat de duurzaamheidsmaatregel is, dus het gas van de frituurinstallatie vervangen door elektriciteit bijvoorbeeld, kan ik me goed voorstellen dat we daar blij mee zijn en dat we dan bijvoorbeeld twee of drie zonnepanelen extra op het dak leggen. De heer Slaats: Ik had ook de eerste vraag van de heer Van Groos en de tweede van de heer Ottens. Ik vind het antwoord nog steeds niet heel concreet, maar ik ga niet meer proberen om een concreter antwoord te krijgen. Dus we doen het er maar mee. Ik heb wel twee andere vragen. Als de wethouder zou kunnen toezeggen dat er op een maatwerkmanier gekeken wordt naar hetgeen u eigenlijk beoogt te vragen met uw motie, zou dat dan ook een goed onderdeel zijn? En die andere twee beslispunten gaan heel erg over ledverlichting, die, zoals u aangaf, eigenlijk niets met het voorstel te maken hebben en vooruitlopen op beleid dat waarschijnlijk in ontwikkeling is. Zou het niet veel logischer zijn om te wachten op het beleid en daarna te bekijken wat we kunnen doen? U geeft in uw motie aan dat we werk met werk kunnen maken, maar ik zie het vervangen van zonnepanelen voor ledverlichting niet als werk met werk. Maar misschien heeft u daar anders over nagedacht.
Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
10
De heer Klerx: Veel concreter kan ik het voorlopig niet maken. Als er geïnvesteerd wordt in de overgang van gasverwarming naar elektriciteitsverwarming, kan ik me goed voorstellen dat er exponentieel meer elektriciteitsverbruik is en daar hebben we misschien geen rekening mee gehouden. Die zorg leeft in ieder geval bij de verenigingen. Concreter kan ik het niet maken, want ik denk dat alle andere kleine dingen niet noemenswaardig zijn. Het college heeft bevestigd dat dit in onze berekening en business case past. Als het college de punten 2 en 3 kan toezeggen? Ja, dan is het wat mij betreft prima. Het gaat ons erom dat we het college die opdracht geven, dus met die toezegging zouden we heel blij zijn. En dan het derde punt. Er staat in het voorstel dat het niet over ledverlichting gaat en in hetzelfde voorstel staat dat ledverlichting toch vervangen wordt. Daarmee is het wel op tafel in onze ogen, want als we de verlichting volgens het huidige of oude beleid uit 1976 zouden vervangen, zou het conventionele verlichting worden. Wij vinden dat dat in deze tijd niet meer kan. Volgens mij heeft het college ook gezegd dat we daarvoor nieuw beleid gaan maken. In mijn ogen is de kans dan heel groot dat led de norm wordt. Dat hebben we immers in de raad al bekrachtigd.
Als ze die ledverlichting nu al willen aanbrengen – het college heeft gezegd dat het van het voorjaar wordt vervangen, dus eerder dan de afschrijving die pas over drie jaar is – dan zou het gek zijn als ze toch nog € 1.000 per lichtmast moeten betalen om er led van te maken, terwijl we die spelregels al aan het veranderen zijn. Want dat is het beleid op dit moment terwijl we allemaal weten dat dat over een halfjaar niet meer zo is. De heer Klapwijk: Ik vind het een best interessant idee en volgens mij is led zeker de toekomst. Ik mis echter een financiële onderbouwing. Betekent dat dat die er niet is? Zit dat in dezelfde orde van grootte als de bedragen waar het oorspronkelijke voorstel nu vanuit gaat? Of moeten we toch met bepaalde investeringskosten rekening houden? De heer Klerx: Daar zullen wel kosten aan verbonden zijn. Ik hoop dat die gewoon in de reguliere budgetten zitten, die we eerder hebben vastgesteld bij de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed. Toen we met een plan van aanpak € 100.000 beschikbaar hebben gesteld voor hopelijk ook dit soort interventies die we dan iets naar voren halen. Ik kan me echter ook voorstellen dat het nu al in de begroting zit, omdat we daar vervanging van verlichting in hebben opgenomen. Daar hebben we geld voor gereserveerd. Hoe die business case precies in elkaar zit, durf ik niet te zeggen.
We vragen waarschijnlijk ook niet voor niks € 1.000 per armatuur. Als je dat over vijftien jaar verspreidt, betekent dat dus wel iets extra’s. De heer Klapwijk: Zou dat in lijn met het voorstel zijn? Zou het betekenen dat wij als gemeente de investering doen en dat de verenigingen de huuropbrengsten weer terugbetalen? Is dat ook het idee met de verlichting? Als wij nu naar led schakelen, scheelt dat voor hen ook in de energiekosten en daar houd je in de exploitatie rekening mee. Is dat ook het beeld dat u heeft? De heer Klerx: Het zou wat ons betreft zeker een optie zijn om te overwegen. Ik kan me ook voorstellen dat we sowieso al naar de integrale huurprijs moeten kijken wanneer led standaard wordt, omdat het misschien ook wel iets betekent voor alle andere verenigingen. We zullen daar wat langer naar moeten kijken en dan kunnen we het op diezelfde manier berekenen als nu. Misschien zien we na deze pilot wel dat er nog veel meer ruimte is door de verduurzaming die we in het algemeen hebben gedaan, maar dan wordt het heel gedetailleerd en we moeten het denk ik aan het college overlaten om met een goed voorstel te komen als het beleid geactualiseerd wordt. De voorzitter: Tot zover, dank u wel. Dan wil ik graag de SGP het woord geven. Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
11
De heer Tiemstra: Dank u wel, voorzitter. Wat betreft de motivatie en argumentatie rondom de motie heeft de heer Klerx ook namens de SGP gesproken. De heer Slaats: Voorzitter. Wij kunnen ook heel kort zijn over dit onderwerp. Wij zijn heel blij dat we samen met sportverenigingen kunnen werken aan de verduurzaming van Waalwijk en daarom zullen wij het voorstel steunen. De heer Van Groos: Voorzitter. Het is mooi dat voetbalverenigingen N.E.O. ’25 en RWB zich bij de gemeente hebben gemeld voor de verduurzaming van sportpark De Gaard. Eigenlijk zouden andere verenigingen eerder in aanmerking moeten komen, omdat de gebouwen die zij gebruiken energetisch veel slechter zijn. Daar valt meer milieuwinst en financieel voordeel te behalen. Zij hebben echter, voor zover wij weten, geen initiatief hiertoe genomen. De ChristenUnie vindt het prima dat de gemeente deze plannen van N.E.O. ’25 en RWB faciliteert door expertise aan te bieden en als goedkope bank op te treden. Als alles goed gaat, kan de gemeente de extra kapitaallasten via een hogere huur terugontvangen en houden beide verenigingen door de lagere energielasten geld over. Wel kunnen wij ons voorstellen dat de verenigingen de gemeente vragen garant te staan voor een voordeel op de energie dat minimaal hoger is dan de extra huur die moet worden betaald, dus uitgaande van hetzelfde gebruik en verbruik.
Als dat door eigen keuzes van de vereniging anders wordt, nemen wij aan dat zij voor eenzelfde regeling bij de gemeente kunnen aankloppen voor meer zonnepanelen. Verder lijkt het milieu de grote winnaar, maar volgens ons zit er een flinke adder onder het gras. In de risicoparagraaf staat dat de gemeente Waalwijk streeft naar 95% CO 2reductie in 2043. Het is in korte tijd al de tweede keer dat dit college -- de eerste keer was bij de energietransitie warmte -- de door de raad vastgestelde norm van klimaatneutraal in 2043 loslaat, terwijl het pretendeert zo duurzaam bezig te zijn. In het antwoord op onze vraag wordt geprobeerd ons gerust te stellen dat 100% klimaatneutraal in 2043 nog steeds mogelijk is. Maar dat staat niet in het raadsvoorstel. De landelijke klimaatdoelstellingen worden wel genoemd, maar de door de gemeenteraad van Waalwijk vastgestelde norm niet. Dit college stelt eigen normen en gaat voort met het ondermijnen van de raad. Voordat u iets zegt over het gebruik van de term ‘ondermijnen’ kan ik u het volgende melden. De betekenis van ondermijnen is ‘iemands positie, gezag of invloed verzwakken’. Dat is wat hier voortdurend gebeurt. De heer Slaats: Ik heb een korte vraag aan de heer Van Groos.
Kunt u aangeven wat de definitie is van ‘klimaatneutraal’, die destijds door de raad als norm is vastgesteld? De heer Van Groos: Dat alle gassen die slecht zijn voor het klimaat, waaronder CO 2, niet meer worden uitgestoten. Dat is klimaatneutraal. De heer Slaats: Waar kan ik dat in een raadsbesluit terugvinden? De heer Van Groos: In het voorstel, waarmee de raad heeft ingestemd met klimaatneutraliteit. Er wordt gesproken over CO2 en andere klimaatgassen. Beantwoording college Wethouder Daandels: Voorzitter. We hebben al vaak gesproken over de materie dus ik kan daar voor mijn doen vrij kort over zijn. Het is een pilot en die komt er omdat de verenigingen zichzelf hebben aangemeld om met duurzaamheid aan de slag te gaan. Dat juichen wij toe en dat is ook in het voorstel neergezet. Het is een voorstel op basis van de kapitaalslasten die we doorberekenen en een voorstel waarin we de vervanging door ledverlichting aankondigen. Als we bezig zijn met een voorstel op een sportpark en we Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
12
weten dat we binnen afzienbare tijd, ik denk het tweede kwartaal van volgend jaar, vind ik dat we dat best in het voorstel kunnen meenemen. Er staat wel in het voorstel dat we op dit moment geen enkel investeringsvraagstuk met betrekking tot ledverlichting bij de vereniging neerleggen, dus investeringen zitten er niet in. Als het gaat om ledverlichting kan ik u erop wijzen dat de verenigingen ook met betrekking tot dit voorstel meegenomen willen worden in de verduurzaming van De Gaard zelf. Omdat ze met het voorstel hebben ingestemd en er blij mee zijn, zullen ze waarschijnlijk ook niet inspreken. De motie gaat hoofdzakelijk over ledverlichting. Ik constateer dat het heel goed is dat men daarover spreekt, dat we op dit moment nog uitgaan van investeringen en een beleid dat dadelijk na de herziening bij de raad wordt voorgelegd. Op dit moment geldt dat nog voor de oude regeling, de 1/3-1/3-1/3-regeling. Het college heeft echter aangegeven zich te kunnen voorstellen dat led als uitgangspunt wordt genomen, al regeren wij niet over ons graf heen, dus de nieuwe raad en het nieuwe college zullen hier een besluit over moeten nemen. Alleen moet dat beleid nog herijkt worden. In die tussentijd zijn de vereniging ontzettend blij dat we met duurzaamheid aan de slag gaan.
Elke dag waarop de prijzen omhooggaan – we zien nu al wat er gebeurt met Oekraïne en de prijzen die ineens omhoogschieten – is het alleen nog maar een extra reden om te gaan verduurzamen. Want dat levert uiteindelijk geld op. Als de gasprijs of de elektriciteitsprijs omhooggaat, levert het alleen maar extra geld op. Wat dat betreft zijn wij blij met het voorstel dat er ligt. Ik pak de motie er even bij. Toen ik de motie las, dacht ik: de heer Van Groos stelt eigenlijk wel de juiste vraag. Wij hebben 2019 genomen voor het sportpark in werking, 2020 en 2021 vonden we gezien de corona wel een heel raar jaar. We hebben daarom de energieprijzen van 2021 aangehouden. En we hebben de kapitaallasten en de besparingen berekend. Alleen al voor RWB zitten we op grofweg € 3.200 besparing, vanwege het verschil tussen die twee. Dus er zitten forse besparingsmogelijkheden in dat verhaal. Het college vindt dat je die verantwoordelijkheid moet delen. Ook verenigingen zijn verantwoordelijk voor goed gedrag en moeten geen deuren en ramen openzetten. Als er andere evenementen plaatsvinden, dus als men wil uitbreiden op dat vraagstuk, dan is het de vraag of je dat met gemeenschapsgeld moet honoreren. Dat kan een afweging zijn, maar ik wil u erop wijzen dat u het om veel geld gaat.
Als wij het maatschappelijk vastgoed dat ik in mijn portefeuille heb CO2-neutraal gaan maken, moet u denken aan een investering van 15 miljoen. U schept een precedent als we niet alleen naar deze situatie kijken, maar elke vereniging over één kam scheren. In de motie komen twee dingen naar voren. Ten eerste vind ik de motie heel sympathiek. Ik begrijp uw bezorgdheid en ik denk dat heel de raad die voelt. Daarom zou ik aanraden om de motie aan te houden tot het moment dat de ledverlichting daadwerkelijk op de agenda staat. Wij kunnen wel toezeggen dat de investering die we nu doen een positieve berekening laat zien. Mocht het anders uitvallen, dan willen we zeker kijken naar mogelijkheden om te optimaliseren. Wij zijn er niet op uit die verenigingen alsmaar te belasten, maar wij vinden het wel reëel om maatschappelijk geld op deze manier, via kapitaallasten en huurverhoging, door te berekenen. Per saldo is het gewoon een voordeel voor verenigingen. Dus de motie zou ik willen aanhouden tot de ledverlichting aan de orde is. Ook omdat u zegt dat u het gebruik van de accommodaties wilt intensiveren als het gaat om energielasten. Ik vind dat daar een wederzijdse verantwoordelijkheid ligt en daarover heeft de heer Van Groos terecht een punt aangehaald.
De raad heeft wat dat betreft een goed voorstel liggen, dat op draagvlak van de verenigingen kan rekenen en waar geen enkele extra belasting aan de verenigingen wordt opgelegd. De heer Klerx: Ik heb twee verduidelijkende vragen voor de wethouder. Misschien is het een verspreking, maar nu werd gesuggereerd dat de verlichting helemaal niet in het voorjaar wordt vervangen voor ledverlichting. Dat is iets anders dan in het raadsvoorstel Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
13
staat, maar de wethouder had het over Q1 en Q2 van volgend jaar. Dan snap ik dat we nu wel erg vooruitlopen op de feiten, want in die tussentijd zou je het beleid inderdaad wel kunnen aanpassen. Maar zoals ik het van de verenigingen heb begrepen en zoals het in het voorstel staat, is dat we op vrij korte termijn, voordat we het beleid geactualiseerd hebben, die verlichting gaan vervangen. Als dat zo is, heb ik nog een vraag. Kunt u toezeggen dat u voor de verenigingen die nu nog een eigen bijdrage moeten leveren omdat het oud beleid is, een speciale regeling treft? In dat geval kunnen we zeggen dat we ze met terugwerkende kracht gaan compenseren, als de regels veranderen, kort nadat we die ledverlichting bij ze hebben opgehangen. Wethouder Daandels: In het voorstel vragen we geen geld voor verenigingen voor ledverlichting. Dat is punt één. Punt twee. Na het invoeren van nieuw beleid kan ik me voorstellen dat we met terugwerkende kracht gaan compenseren. Op dit moment vallen ze gewoon nog onder het huidige beleid, maar ik besef wel dat ik dan wel over mijn graf heen ga regeren. Dit college wenst dat en het is bestuurlijke continuïteit, dus dit college zou kunnen toezeggen dat er gecompenseerd wordt als het beleid verandert.
Het lijkt mij echter verstandig dat het voorstel aan de raad en aan het nieuwe college wordt voorgelegd en dat u op dat moment definitieve besluitvorming heeft. In die zin ben ik het met u eens op punt twee. Ik juich het zelfs toe, maar wie ben ik? Ik hoop dat dat voldoende antwoord is op uw vraag. De heer Klerx: Wie bent u? U bent de wethouder die nu over deze materie gaat en dit kan toezeggen. Er zijn net ook allerlei toezeggingen gedaan. Als u niets meer kunt toezeggen omdat u niet weet of u er over een maand nog bent, kunnen we deze vergadering wel stoppen. Dat wordt ingewikkeld. We hebben het er nu over, twee partijen stellen dit voor. Als u het er ook mee eens bent, wordt het een stuk simpeler. Daar had de heer Slaats het net ook over, dan zitten we op dezelfde lijn. Als dat zo is, kunnen we hier toch een besluit nemen? Als de raad over anderhalve maand vindt dat het allemaal anders moet met de wereld, dan besluit die raad in al zijn wijsheid maar wat anders. Wethouder Daandels: Een kleine correctie. De portefeuillehouder legt een voorstel voor, zonder investeringen in ledverlichting. U legt een motie voor, waarin u het heeft over ledverlichting en investeringen. Ik heb dat met mijn collega van sport besproken, want het is terecht dat u ernaar kijkt en wij spreken ook het liefst over de aanpak van ledverlichting voor het gemeentelijk gedeelte.
Verder kan ik me voorstellen dat je met terugwerkende kracht een compensatie doet als er een nieuw beleid komt dat voor alle verenigingen geldt. Dus voorkomt namelijk dat men nu niet iets omdat er over drie maanden nieuw beleid komt. Wat ik u meegaf, is dat het mij wijs lijkt om de motie aan te houden en er later nog eens op terug te komen, als het beleid daadwerkelijk in de raad komt. Maar het huidige college is bereid om verenigingen te compenseren. De heer Klerx: Als dat gewoon als toezegging wordt opgeschreven, denk ik dat dat voor ons in ieder geval fijn is. Maar ik ga het nog even overleggen. Wethouder Daandels: Dan is het geen algehele compensatie, maar een compensatie op basis van de uitgangspunten die in dit voorstel staan. Dat begrijpt u, he? Wij vinden dat er bij nieuwe energiebehoeftes of nieuwe activiteiten een wederzijdse verantwoordelijkheid is. De heer Van Groos: De wethouder stelt dat ledverlichting niet in het voorstel zit, maar dit voorstel heet verduurzaming en naar het oordeel van de ChristenUnie hoort overgaan op ledverlichting bij verduurzaming. Het is dus maar net hoe je het bekijkt. Ten tweede proef ik uit de motie dat de raad het heel erg ongelukkig zou vinden als de verlichting volgens de oude regeling bij de verenigingen wordt vervangen, terwijl kort daarna een nieuwe regeling wordt vastgesteld, die voor de verenigingen gunstiger is. Als dat aan de
Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
14
orde is, zal de raad zelf met terugwerkende kracht daarop reageren. Die ruimte kunnen we ons ook zelf verschaffen; daar hebben we het college niet voor nodig. Dan nog een vraag. U had het over 15 miljoen en het hele vastgoed, dus ik krijg nu ineens de indruk dat u alleen deze twee verenigingen wilt helpen met verduurzamen en alle andere verenigingen niet. Als dat de intentie is van dit college, zal de ChristenUnie tegenstemmen. Wij gaan ervan uit dat u dit als pilot ziet en dat het de bedoeling is dat alle verenigingen op den duur gaan verduurzamen en dat de gemeente daar op vergelijkbare wijze mee helpt. Bovendien wordt die 15 miljoen teruggebracht via de huur en de kapitaallasten kunnen op die manier worden betaald. Dus heeft u zich ongelukkig uitgedrukt of heb ik u verkeerd begrepen? Wat is nu de intentie? Wethouder Daandels: Als u goed hebt opgelet, zag u een kleine glimlach op mijn mond. Die is gewoon positief, omdat u een vraag stelt waarop u het antwoord gedeeltelijk wel weet. Dit college gaat natuurlijk voor verduurzaming van het vastgoed en ook van verenigingen in de breedste zin van het woord. Dat is overigens ook een opdracht die vanuit de raad komt. Wij voeren uit wat uw raad wenst en uw raad heeft eerder al ambities uitgesproken. Wat dat betreft dus geen enkel misverstand. Ook geen misspraak van mij.
Wat ik heb willen aangeven, is dat er grofweg voor 15 miljoen aan gemeenschapsgeld in zou zitten als we al het vastgoed zouden verduurzamen. Dat betekent dat wij in het kader van precedentwerking zorgvuldig willen omgaan met maatschappelijk geld. Als je dat toezegt in een voorstel als dit, en in de discussie over ledverlichting, moet je wel even goed met elkaar bedenken wat dat betekent. Dat heb ik geprobeerd aan te geven. Je kunt een precedentwerking scheppen en dat kost dan veel maatschappelijk gewoon geld, dat kan, maar wij vinden dan de wederkerigheid ook heel belangrijk. Dat was de bedoeling van mijn opmerking. De heer Van Groos: Mij wordt wel vaker verweten dat ik dingen vraag waar ik het antwoord al op weet, maar de vragen komen voort uit het feit dat de antwoorden die ik krijg later nog wel eens anders blijken te zijn. Het is dus gewoon ter verificatie. Daarnaast spreekt u over gemeenschapsgeld dat erin gaat zitten, maar het enige dat gebeurt is dat u geld leent bij een bank – de Bank Nederlandse Gemeenten of de Waterschapsbank – en dat daarmee de investering wordt betaald, dus daar gaat geen gemeenschapsgeld inzitten. Wethouder Daandels: We kunnen elkaar gaan vangen op details maar uiteindelijk investeren we binnen de gemeente en dat heeft linksom of rechtsom altijd te maken met gemeenschapsgeld.
Het geld op de begroting kan maar één keer uitgegeven worden en dat betekent dat je prioriteiten stelt. Natuurlijk kun je dat via banken investeren, maar dan kan ik op een ander moment hetzelfde geld niet kapitaliseren binnen onze gemeente. Het is dus maar net hoe je het bekijkt. Die woordenwisseling lijkt me overbodig. Het college is blij met dit voorstel. De verenigingen zijn blij en hebben het geaccordeerd. Laten we aan de slag gaan en laten we elkaar ook in de toekomst kritisch bevragen opdat we onze doelstellingen kunnen behalen. De heer Ottens: Nog even ter verduidelijking over de precedentwerking. Ik heb het hele voorstel gelezen en volgens mij willen de verenigingen een pilot en maatregelen om te verduurzamen. Vervolgens gaat de gemeente daarin mee en dan zegt de gemeente ook nog iets extra’s te gaan doen. Ze gaat namelijk armaturen die nog lang niet afgeschreven zijn en die het op zich nog goed doen, vervroegd vervangen voor ledverlichting, zodat we de verenigingen daar ook nog een extra besparing in KWh kunnen geven. Begrijp ik het op deze manier goed? Zo heb ik het voorstel gelezen en als dat klopt, zegt dat natuurlijk ook iets over wat we met deze motie moeten. Wethouder Daandels: Even los van de casus geldt het verhaal over ledverlichting voor alle verenigingen. Ook de uitgangspunten in het kader van de financiering zitten erbij.
Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
15
Het is inderdaad zo dat we de gemeentelijke ledverlichting meteen willen aanpakken en de verenigingen met terugwerkende kracht compenseren, als er een andere regeling komen. Dan is het terecht dat u daar nog eens naar kijkt. Maar op dit moment gaat het gewoon om het uitvoeren van de ledverlichting, op basis van de oude regeling en op basis van de investering die uit sport komt en niet die uit het voorstel verduurzaming van De Gaard, zoals het hier nu voorligt. De heer Ottens: Dit is cruciaal. De huidige armaturen worden voortijdig vervangen, vóór de afschrijvingstermijn. Dat is het gebaar dat het college richting de sportverenigingen maakt in deze pilot? Dat vind ik cruciaal. Wethouder Daandels: Ja, als het uitgevoerd wordt, is de afsluitingstermijn nog niet afgelopen. Ik meen dat dat nog een jaar of drie is. De heer Klerx: Ik wil even overleggen met de mede-indiener van de motie. Ik zou graag een paar minuten schorsing willen om te kijken wat we doen met de motie. De vergadering wordt enkele minuten geschorst. De voorzitter: De vergadering is heropend. Het woord is aan de heer Klerx. De heer Klerx: Dank u wel, voorzitter. We zijn voornemens de motie aan te houden. We zullen het nog even aankijken, zoals de wethouder verzocht. Dat is wel met het oog op de toezegging die hij deed. Er was even een misverstand over het punt dat we maakten over de compensatie.
Mocht het beleid veranderen, dan staat volgens mij de toezegging genoteerd dat RWB en N.E.O. ’25 worden gecompenseerd. Dat is voor ons het allerbelangrijkste. De voorzitter: Prima, dank u wel. Het woord is aan de heer Slaats in de tweede termijn. Tweede termijn De heer Slaats: Dank u wel, voorzitter. Ik wil toch nog heel even terugkomen op wat er in de eerste termijn is besproken, met name over de stevige woorden van de heer Van Groos over het ondermijnen van de raad. Hij gaf aan dat de doelstelling om klimaatneutraal te zijn, betekent dat er geen broeikasgassen meer uitgestoten mogen worden. Dat zou blijken uit documenten die de raad heeft vastgesteld. Hij was er enigszins cryptisch over waar dat precies te vinden was, maar ik heb het milieubeleidsplan uit 2010 gevonden. Hierin wordt voor het eerst over klimaatneutraliteit gesproken en dit is een document dat door de raad is vastgesteld. Daar staat letterlijk in dat de eindsituatie is dat we netto geen broeikasgassen uitstoten om te voldoen aan de lokale energievraag en dat eventuele uitstoot gecompenseerd moet worden. Dat is volgens mij het plan waar de heer Van Groos op doelt. Als dat niet zo is, heb ik ook nog een visie op duurzaamheid in Waalwijk gevonden. Volgens mij is die vastgesteld in 2020. Hierin staat dat klimaatneutraliteit zoiets is als dat er nagenoeg geen broeikasgassen kunnen worden uitgestoten.
We kunnen dus stellen dat de definitie van de zin in het raadsvoorstel van De Gaard een verbijzondering is van de huidige doelstelling, of dat het gewoon de huidige doelstelling is. Ik vind het wel goed om dat even recht te zetten. De heer Van Groos: Helaas reikt het digitale archief niet zo ver terug dat het document helemaal te herleiden is, maar ik weet nog wie in die periode portefeuillehouder is geweest en dat het ging over de vraag of het CO 2-neutraal of klimaatneutraal moest worden. Er is toen heel nadrukkelijk gekozen voor klimaatneutraal. Nu wordt er zonder overleg met de raad een bepaalde inkleuring aan gegeven. Als je vraagt hoe dat zit, kun je zeggen dat het allemaal wel goed zal komen, maar we hebben toch te maken met verschuivende panelen, terwijl de raad die heeft vastgesteld. Als men meent dat op een bepaalde manier te moeten invullen, dan lijkt het me logisch dat met de raad te Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
16
bespreken en daar niet in verschillende raadsvoorstellen alvast een voorschot op te nemen. De heer Slaats: Ik dacht dat ik net duidelijk heb uitgelegd dat dat niet het geval is, maar blijkbaar verschillen we van mening. Dat is dan maar zo. De heer Van Groos: Het gaat om een principieel punt dus ik wil er toch nog even op door. Tot een jaar geleden werd er in dit soort stukken altijd alleen maar gesproken over klimaatneutraliteit. En nooit over 95% CO2-reductie. Dat is echt pas iets van de laatste tijd van dit college. Ik vind dat een bijzondere wending en vind dat we daar met elkaar over moeten praten. Waarom wordt er voor een andere gekozen? U kunt het invullen zoals u wilt, dat mag en dat kan ik me ook goed voorstellen, maar het gaat om een raadsbesluit. De heer Slaats: Volgens mij gaf ik zojuist aan dat er een raadsvoorstel uit 2010 ligt, waarin voor het eerst over klimaatneutraliteit wordt gesproken. Daarin wordt heel duidelijk aangegeven dat het over een netto uitstoot gaat en dat die eveneens gecompenseerd kan worden. Dus volgens mij klopt het gewoon niet wat u zegt. Maar wij zijn het niet met elkaar eens en dat kan. De voorzitter: Dank u wel. U heeft uw punten voldoende gewisseld. Ik sluit de bespreking van dit onderwerp af. 9.
Evenementenvisie Duurzaam, Dynamisch, Divers
De voorzitter: Samen Waalwijk heeft een pitchtijd van vijf minuten verzocht. Dit agendapunt is een bespreekpunt voor Samen Waalwijk, GroenLinksaf, D66, SGP, ChristenUnie en Lijst Pouw. Het woord is aan de heer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Op 24 november 2016 heeft de ChristenUnie bij het vaststellen van het evenementenbeleid ingestemd met een in eerste instantie eenmalige verhoging van het evenementenbudget van € 35.000 naar € 65.000. Dat was omdat volgens het raadsvoorstel evenementen een aanjager voor de Waalwijkse economie zouden zijn en zouden zorgen voor werkgelegenheid. Bovendien zouden bezoekers na een positieve ervaring eerder geneigd zijn de stad op een ander moment te bezoeken. En dat zou gunstig zijn voor de winkels in het centrum van Waalwijk. In 2016 heeft het college beloofd eind 2017 te evalueren. In juni 2018 heeft onze fractie door middel van schriftelijke vragen naar die evaluatie geïnformeerd. In augustus 2019 hebben we er nogmaals naar gevraagd en in maart 2020 nog een keer. Toen kregen we excuses met de mededeling dat de evaluatie erbij in was geschoten. En ook nu, bijna twee jaar later, zit er nog geen evaluatie bij de stukken. Zo is de gemeenteraad vier jaar lang aan het lijntje gehouden. En waarom, vragen wij ons af? Misschien wil de wethouder hierop reageren.
Wij gaan ervan uit dat dit is omdat de genoemde doelstellingen niet zijn gerealiseerd. Wel ligt er weer een nota, waarin staat dat de doelstellingen van 2016 overeind zijn gebleven, aangevuld met nieuwe ambities, waarvoor natuurlijk extra geld nodig is. Prestatie-indicatoren worden echter niet aangereikt, terwijl in het raadsvoorstel wel weer wordt gesproken over een evaluatie, dit keer in 2024. Wij kunnen wel raden hoe het in 2024 zal gaan. Onze fractie heeft ook moeite met het feit dat de gemeente activiteiten mogelijk maakt en zelfs financieel ondersteunt, waarbij alcohol aan minderjarigen wordt geschonken, en drugs worden gebruikt, terwijl een sportvereniging voor een dergelijke misser een hoge boete ontvangt. Notulen raadsvergadering 24 februari 2022
17
We hebben ook nog enkele vragen aan de portefeuillehouder financiën. Hoe zou hij het vinden als beleidsmedewerkers aan het eind van een jaar bij dreigende overschotten voorstellen doen voor nieuwe activiteiten, voor nieuw beleid, om daarmee de eigen middelen veilig te stellen? Is dan het risico niet groot dat op die manier alle meevallers naar het volgende jaar worden doorgeschoven en de tegenvallers op een andere manier moeten worden opgevangen? Omdat wij dat niet wenselijk vinden, hebben we een amendement voorbereid. AMENDEMENT A: Financiële besluiten Ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende amendement voor: constaterende dat: • het college voorstelt de reeds beschikbaar gestelde middelen ad € 33.000 (voor 2021 en 2022) in de kadernota 2021 in te zetten voor de doelen zoals beschreven in de evenementenvisie, met dien verstande dat de beschikbaar gestelde middelen worden ingezet in 2022 en 2023; • het college hiertoe van plan is in het Najaarsbericht 2022 een voorstel op te nemen om de beschikbaar gestelde middelen voor 2022 in te zetten in 2023; • het college aan de raad ter afweging bij de kaderstelling 2023 meegeeft om structureel € 50.000 extra beschikbaar te stellen ten behoeve van het subsidiëren van evenementen; overwegende dat: • het college in het Najaarsbericht 2021 op pagina 225 bevestigt dat een voorwaarde voor overheveling is dat “De uitvoering van de
activiteit (waarvoor het budget moet worden overgeheveld) in het nieuwe begrotingsjaar mogelijk is zonder de reeds voor dat jaar geplande activiteiten en bestedingen door te schuiven naar een volgend begrotingsjaar”; • eind maart 2022 een nieuwe gemeenteraad aantreedt; • de nieuwe raad gaat over de kaderstelling voor de begroting 2023 en aan het eind van het jaar besluiten neemt over de overhevelingen naar 2023; • het een goede gewoonte is om als gemeenteraad en college geen besluiten te nemen die de nieuwe raad en college aangaan; de gemeenteraad stelt vast dat: de overheveling van €33.000 vanuit 2021 niet nodig was, omdat voor de evenementen in 2022 kennelijk voldoende middelen beschikbaar zijn; en besluit: het dictum van het besluit als volgt te wijzigen: De besluitpunten 2 en 3 te laten vervallen en te vervangen door: 2. Het nieuwe college in overweging te geven om bij de Kaderstelling 2023 een extra structureel bedrag op te nemen ten behoeve van het subsidiëren van evenementen, zodat claims op garantstellingen het subsidiëren van kleine evenementen niet in de weg staan. De voorzitter: Dank u wel. Het amendement wordt ingediend door de ChristenUnie en ondersteund door de fracties van D66, Lijst IJpelaar, Samen Waalwijk en Lijst Pouw. Zijn er vragen aan de heer Van Groos? Dat is niet het geval. Dan is het woord aan mevrouw Schuijffel voor haar bijdrage.