CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag gespreksavond dd 260924

Raadsvergadering 12 december 2024, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Verslagen en besluitenlijsten11.940 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Beknopt verslag van de gespreksavond gehouden op donderdag 26 september 2024 Voorzitter: Griffier: Raadsadviseur:

de heer A. van Belkom de heer J. Deneer mevrouw M. Peters

Aanwezig:

de heer B. Bruurmijn de heer J. van Hest mevrouw B. Koptagel-Dermibas de heer W. Lodenstijn de heer N. van der Pluijm de heer J. Pulles mevrouw M. Verhagen-van Lier mevrouw M. Veraa de heer M. Bokšan de heer D. Dubbeldam de heer E. Knops de heer G. den Braven mevrouw Y. van Laar mevrouw A. Wens de heer R. Frodyma de heer G. Kocken mevrouw M. van Thielen de heer R. Tiemstra de heer H. van Zelst de heer R. Spohr (vanaf 20.15 uur) de heer N. Kieboom de heer H. Metzke de heer J. van Groos

Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang VVD VVD VVD GroenLinksaf GroenLinksaf GroenLinksaf Samen Waalwijk Samen Waalwijk Samen Waalwijk SGP SGP CDA D66 D66 ChristenUnie

Afwezig m.k.

de heer J. van Dijk mevrouw Y. IJpelaar de heer T. Klerks

Lokaal Belang Lijst IJpelaar VVD

Portefeuillehouders:

de heer T. Klerx mevrouw S. Schuijffel de heer F. Spierings

Secretaris:

de heer M. Tromp

Notulen:

notulistenbureau Leeuwenburgh Vendrig

1. Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen harte welkom. Hij richt een speciaal woord van welkom aan inspreker die aanwezig is vanwege agendapunt 3. Hij meldt het bericht van verhindering van de leden Van Dijk, IJpelaar en Klerks en feliciteert laatstgenoemde met zijn verjaardag. De raadsvoorstellen die vanavond worden besproken komen op de agenda van de raadsvergadering van 10 oktober a.s.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

1

De vergadering wordt via een livestream uitgezonden. 2.

Vaststellen van de agenda

De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. Bespreking raadsvoorstellen met inwoners en daarna college 3.

Principebesluit mogelijke verplaatsing bibliotheek Waalwijk

Een eventuele verplaatsing van de bibliotheek naar de voormalige St. Petrusschool maakt onderdeel uit van de ontwikkeling van De Els en omgeving. Het college heeft de raad een principebesluit over de verplaatsing toegezegd. Er zijn twee opties vergeleken. De raad wordt voorgesteld in te stemmen met de verplaatsing van de bibliotheek naar de voormalige St. Petrusschool. Dit agendapunt is geagendeerd door de fracties van Lokaal Belang, ChristenUnie en VVD. De heer Kok is directeur-bestuurder van de Bibliotheek Midden-Brabant en spreekt in. De bibliotheek ziet grote kansen in de voorgenomen verplaatsing, zowel voor de bibliotheek als voor de planontwikkeling van De Els en omgeving. De huidige bibliotheek is niet toekomstbestendig omdat het nog steeds een traditionele uitleenbibliotheek is zonder podium en werkplaatsfunctie. Inmiddels zijn allerlei nieuwe functies toegevoegd, ook vanuit het Rijk, waardoor de bibliotheek de huiskamer van de stad aan het worden is. Ontmoeten, samenkomen, werkplekken, studeren en lezen staan centraal, maar ook een digilab of een gamelab. De bibliotheek heeft een belangrijke rol als informatiepunt digitale overheid om inwoners te helpen bij de digitale communicatie met overheidsinstanties. Ook een leven lang ontwikkelen staat centraal, van 0 tot 99 jaar.

Er is een duidelijke verschuiving waarneembaar van een kort verblijf (20 min) in de traditionele uitleenbibliotheek naar een langer verblijf (2-3 uur of een halve dag) om te ontmoeten, werken, studeren in de nieuwe bibliotheek. De bibliotheek op de nieuwe locatie wordt kleiner, maar de dienstverlening vanaf een centrale plek gaat meer de wijk in (bij BaLaDe, Baanbrekers, in wijkcentra) met digispreekuren, Taalhuis, dicht bij de bewoner. Nabijheid voor kwetsbare groepen is belangrijk. Het wordt een laagdrempelige bibliotheekvoorziening waar iedereen zich welkom voelt. Een grote publiekstrekker, gastvrij, geen verplichte consumptie. Op de huidige locatie is geen sprake van toevallige bezoekers. Op de nieuwe locatie wordt veel meer spontane inloop verwacht. De bibliotheek is goed bereikbaar en gehoopt wordt dat er meer bezoekers zullen komen (op dit moment 80.000 per jaar). De bibliotheek zal voor meer reuring in het centrum zorgen. Het plan is om samen met Tavenu en jongeren een aantrekkelijke plek voor jongeren inrichten. Afsluitend geeft hij aan dat er wordt uitgekeken naar de aanstaande verhuizing. De voorzitter biedt gelegenheid om vragen te stellen aan inspreker. De heer Van der Pluijm geeft aan dat hij de huidige bibliotheek regelmatig heeft bezocht.

Hij kan zich de aantrekkingskracht van de nieuwe locatie voorstellen, maar denkt dat de huidige locatie ook aantrekkingskracht heeft en verzoekt inspreker om daarop te reflecteren. De heer Kok antwoordt dat bibliotheek in Tilburg destijds is verhuisd naar de LocHal op verzoek van de gemeente om een nieuwe bibliotheek met makersplaatsen te creëren. In andere steden wordt de bibliotheek vaak gevraagd om naar nieuwe stedenbouwkundige gebieden te trekken om een grote publiekstrekker te worden voor winkels, horeca en

Verslag gespreksavond 26 september 2024

2

bedrijven. Het gaat daarbij om 750.000 bezoekers op jaarbasis. Voor de wijk Groenewoud is een gebiedsvisie opgesteld met de woningbouwcorporatie, Contour/De Twern en andere partijen om een buurthuis/cultuurhuis te creëren voor talentontwikkeling en hulp aan kwetsbare groepen met de bibliotheek als publiekstrekker. De bibliotheek is laagdrempelig en kan inwoners trekken en daardoor aan de rest van het gebied reuring geven. De heer Frodyma vraagt hoe het participatietraject met de leden is doorlopen. Voorts vraagt hij of verhuizen naar het winkelcentrum de enige optie was. De heer Kok antwoordt dat het ontwikkelen van nieuwe plekken en innovaties niet samen met inwoners of leden wordt gedaan. Als de dienstverlening wordt ontwikkeld, worden samen met de inwoners activiteiten georganiseerd en maatschappelijke vraagstukken opgepakt. Over huisvesting wordt altijd in gesprek gegaan met de gemeente waarbij wordt gekeken naar de gebiedsontwikkeling en de nieuwe functie van de bibliotheek. Inwoners van Tilburg zien dat na de verandering van uitleenbibliotheek naar een meer programmerende bibliotheek met makersplaatsen dat de bibliotheek door veel meer doelgroepen gebruikt wordt. De bibliotheek wil zich juist richten op een veel bredere doelgroep en dat kan niet op de oude locatie.

De bibliotheek heeft zelf niet actief naar een nieuwe locatie gezocht, maar is in gesprek gegaan met de gemeente. De specifieke dienstverlening gaat steeds meer naar de wijkcentra en daarbij wordt wel actief op zoek gegaan. De heer Frodyma kwam tot zijn vraag over participatie omdat de fractie van de ChristenUnie in Tilburg onderhandse vragen heeft gesteld over het doorlopen participatietraject, maar begrijpt dat dit niet tot de werkwijze behoort. De heer Kieboom wijst op het doel voor de nieuwe locatie (100.000 bezoekers per jaar) en vraagt wat er wordt gedaan om dit aantal te bereiken. De heer Kok antwoordt dat er op de nieuwe plaats spontane toeloop wordt verwacht die er op de huidige locatie niet is. De ontmoetingsfunctie wordt uitgebreid met een coffeecorner. De programmering wordt ingevuld met verschillende organisaties en daarnaast is er een toename in het aantal werkplekken, studieplekken, ontmoetingsruimtes en een makersplaats. De heer Van Groos merkt op dat het huidige gebouw veel meer mogelijkheden biedt dan de nieuwe locatie vanwege de beschikbare ruimte en vraagt waarom de transformatie niet mogelijk is op de huidige locatie. Hij vraagt voorts of de gemeente niet extra hoeft te betalen voor de faciliteiten van het de wijk in gaan. Inspreker is positief over de bereikbaarheid.

Op dit moment kunnen bezoekers de fiets op 5 meter afstand van de ingang plaatsen, bezoekers die slecht er been zijn kunnen voor de deur afgezet worden. Dat is op de nieuwe locatie niet het geval. Hij vraagt waarom dit niet als probleem gezien wordt. De heer Kok antwoordt dat onderzoek is gedaan op welke manier bezoekers naar de bibliotheek komen. Dat is voornamelijk met de fiets en daarom is de wens voor een mogelijkheid om de fiets zo dicht bij mogelijk bij de bibliotheek te parkeren uitgesproken. De gemeente hoeft niet extra te betalen voor de dienstverlening in de wijken. Over de nieuwe maatschappelijke opgaven van de bibliotheek zijn afspraken gemaakt in een convenant en daarvoor zijn rijksmiddelen beschikbaar gesteld. Er volgt een wijziging in de Bibliotheekwet waardoor een verandering plaatsvindt van het zorgen voor een bibliotheek naar een verplichting om een bibliotheek te ondersteunen (structureel € 54 mln. per jaar, voor Waalwijk € 2,95 per inwoner). De functieverandering kan ook

Verslag gespreksavond 26 september 2024

3

plaatsvinden op de huidige locatie, maar de gemeente wil het pand verduurzamen wat maakt dat er een stevige verbouwing nodig is. De locatie en spontane toeloop in het centrum worden groter geacht dan voor een verbouwde bibliotheek waardoor de kans voor de bibliotheek van de toekomst (jongeren aantrekken) meer kans van slagen heeft op de nieuwe locatie. De heer Van Groos begrijpt niet waarom het argument van de wijk in gaan vanavond wordt gebruikt als argument om naar de nieuwe locatie te gaan terwijl deze middelen ook bedoeld zijn om vanuit de huidige locatie de wijk in te gaan. Er vindt transport van boeken plaats en de bibliotheek wordt ook bevoorraad. Dat gaat makkelijker op de huidige locatie dan straks in het centrum van de stad. Inspreker heeft een beeld over hoe het in het centrum zal gaan met spontane bezoekers, maar die zijn er niet op maandag en dinsdag, op woensdag en zaterdag waarschijnlijk wel want dan is het markt, maar op heel veel dagen is het daar een uitgestorven hoekje. De heer Kok denkt dat de aantrekkingskracht van de bibliotheek wordt onderschat. De bibliotheek kan voor reuring zorgen. Het is noodzakelijk om meer de wijk in te trekken. De huidige bibliotheek is wat aan de ruime kant. De functies die van belang zijn kunnen met minder vierkante meters ingevuld worden.

Deze beweging wordt in gang gezet voor de kwetsbare groepen en daardoor is het mogelijk dat delen van de locatie leeg komen te staan. Hij sprak vooral over de nieuwe, extra functies van de bibliotheek. Lezen blijft de belangrijkste functie gezien de ontlezing in de samenleving. Samen met de scholen wordt het leesplezier gestimuleerd. De heer Dubbeldam betwijfelt de aantrekkingskracht van een bibliotheek voor het centrum gezien de ervaringen in andere gemeenten. Aangegeven wordt dat het huidige pand niet toekomstbestendig is (geen podium). Hij vraagt welke functies nu nog niet in het plaatje passen op de huidige locatie ten opzichte van de nieuwe locatie. Hij informeert wie de toevallige bezoekers zijn (jongeren, niet Nederlanders). Hij vraagt zich af of een coffeecorner in een gesubsidieerd pand wel eerlijk is qua concurrentie. Het Schoenenkwartier, het Raadhuisplein en de Kazerne noemen zichzelf ook de woonkamer van de stad. Hij vraagt of de bibliotheek een concurrent wordt van deze maatschappelijke functies. De heer Kok denkt dat er meerdere huiskamers van de stad kunnen zijn. Mensen zoeken een plek op waar zij zich thuis voelen, Waalwijk is groot genoeg om die functie op meerdere plekken te creëren. Eenzaamheid is een vrij groot vraagstuk onder een bepaalde doelgroep. De bibliotheek is voor deze doelgroep laagdrempelig om een kop koffie te gaan drinken.

Hij sprak ooit iemand die aangaf vrienden te hebben gemaakt door elke week naar de bibliotheek te komen. Hij veronderstelt dat de bibliotheek commercieel gezien niet interessant is voor partijen en beaamt dat er meerdere koffiepunten in de stad zijn. Bij de LocHal werd ook de vraag gesteld waarom er een stadscafé zou moeten komen, maar sinds de komst van de bibliotheek hebben de omliggende partijen hun omzet zien groeien. Bezoekers verspreiden zich vanzelf. Het is goed voor de gemeente om inwoners naar de binnenstad te trekken. Toevallige bezoekers zijn mensen die op een andere plek in de stad moeten zijn. Hij heeft de indruk dat toekomstbestendig voldoende is toegelicht en vraagt wat de heer Dubbeldam daar nog specifiek over wil weten. De heer Dubbeldam refereert aan de vijf punten van de wet (kennis en informatie, ontwikkeling en educatie, stimuleren om de lezen, ontmoeting en debat, kennis maken met kunst en cultuur).

Verslag gespreksavond 26 september 2024

4

De heer Kok vervolgt dat deze functies in meerdere en mindere mate worden uitgevoerd in alle vestigingen. Met nieuwe functies doelt hij op verandering die worden gezien in de innovatie van de bibliotheek van de toekomst, activiteiten op een podium (kennis en verhalen delen, in dialoog gaan over maatschappelijke vraagstukken) en de werkplaatsfunctie waar nieuwe kennis en verhalen worden gecreëerd. De heer Dubbeldam is van mening dat wordt voldaan aan de gestelde eisen waardoor de bibliotheek in principe toekomstbestendig is, maar begrijpt dat er iets meer wordt gewenst. De heer Kok benadrukt dat zeker wordt voldaan aan de eisen van de wet, maar de functies van de bibliotheek veranderen continu, de taken nemen toe om steeds meer doelgroepen te bereiken. De functies worden al sinds 2015 genoemd, maar dat wil niet zeggen dat de dienstverlening niet verandert en daarom wordt innovatie gewenst. De heer Kocken worstelt met de noodzaak om de bibliotheek te verplaatsen en de aantrekkingskracht die de bibliotheek in het centrum zou hebben (100.000 bezoekers). Ook voor het Schoenenkwartier werd een fors bezoekersaantal verwacht, maar dat loopt toch net iets anders. De functies van de bibliotheek moeten ook op wijkniveau gestalte krijgen en daarom vraagt hij zich af of er voldoende mensen overblijven om naar het centrum te gaan. Verhuizen kost veel geld.

Hij vraagt of de bibliotheek over reserves beschikt of een bijdrage vanuit de gemeente verwacht. Afsluitend merkt hij op dat wanneer het Rijk met een zorgplicht komt er altijd geld tekort gekomen wordt en daarom moet dit voorstel goed afgewogen worden. De heer Kok verwijst voor de kosten van de verhuizing naar het kostenplaatje van het college. Hij denkt dat heel veel inwoners die naar de wijkcentra gaan behoren tot kwetsbare doelgroepen die niet vanzelfsprekend naar de bibliotheek gaan. Er kunnen nieuwe doelgroepen aangeboord worden, mensen die voorheen dachten de bibliotheek is niets voor mij. Mensen die het gevoel dat zij niet mee kunnen in de digitale samenleving worden bereikt. De voorzitter biedt gelegenheid om vragen te stellen aan de wethouder. De heer Van der Pluijm geeft aan dat zijn fractie positief tegenover het voorstel staat. Persoonlijk is hij erg enthousiast over de huidige locatie van de bibliotheek vanwege de laagdrempeligheid. In samenhang met de vernieuwing van De Els zou de bibliotheek een mooie combinatie kunnen vormen. De raad wordt gevraagd om een principebesluit te nemen maar het is nog niet zeker of De Els herontwikkeld wordt. Hij hoort graag of de raad nog terug kan in het geval de herontwikkeling er niet komt.

Wethouder Klerx reageert dat wanneer de gebiedsontwikkeling van De Els doorgaat het college deze ambitie heeft en daarom wordt een principe-uitspraak van de raad gevraagd omdat deze essentieel is voor een anterieure overeenkomst en de uiteindelijke invulling van de gebiedsontwikkeling. Er zijn veel afhankelijkheid en de invulling van de jongensschool is cruciaal voor de subsidieaanvraag bij het Rijk. Als de gebiedsontwikkeling onverhoopt niet doorgaat, heeft de gemeente een groot probleem en dan komt hij zeker terug bij de raad over de bibliotheek omdat op de huidige locatie niet verder gegaan kan worden. Hij hoopt dat dit niet aan de orde zal komen. De heer Van Groos wijst op de poging om de nieuwe locatie te vergelijken met de huidige locatie. Aangegeven wordt dat het niet duurder is, maar zijn fractie is niet overtuigd. Inspreker is enthousiast over de bibliotheek de wijk in, maar dat staat los van hetgeen nu op de agenda staat. Hij vraagt waarom de nadelen niet worden genoemd

Verslag gespreksavond 26 september 2024

5

(verslechtering van de (fiets)bereikbaarheid, verlies van eigendom van het pand, verkeersinfarct Mr. van Coothstraat door concentratie van bezoekers van het centrum). Wethouder Klerx heeft geen vraag gehoord. De heer Van Groos vraagt nogmaals waarom in het voorstel de nadelen van de nieuwe locatie in vergelijking tot de huidige locatie niet worden genoemd. Uit het antwoord van inspreker in de richting van Lokaal Belang begreep hij dat de nieuwe functies ook mogelijk zijn op de huidige locatie. Hij begrijpt niet dat het college niet zelf met de nadelen van de nieuwe locatie komt aangezien aan de raad wordt gevraagd om een evenwichtige afweging te maken. Wethouder Klerx vervolgt dat de iets mindere bereikbaarheid met het OV aan de orde is geweest, maar dit is te overzien. Terecht wordt geconstateerd dat het niet meer eigenaar zijn van het gebouw mogelijk een nadeel kan zijn, maar meerdere maatschappelijke organisaties (zoals de Voedselbank) huren bij een commerciële partij. Dit is wellicht niet ideaal, maar op deze manier kan wel iets toegevoegd worden aan de stad en kan met langjarige afspraken voldoende zekerheid worden geboden aan de bibliotheek. De heer Dubbeldam ziet de risico’s met betrekking tot het financiële plaatje niet terug in de stukken. Scenario 1 brengt meer risico’s met zich mee plus het feit dat de bibliotheek eigenlijk de enige invulling is in het huidige pand.

Aangaande de toekomstbestendigheid hoort hij dat wordt voldaan aan de wettelijke taken. Hij vraagt welke ambities de gemeente heeft voor de bibliotheek ter aanvulling daarop. Er zijn organisaties die zich huiskamers van de binnenstad noemen en de coffeecorner is in zijn optiek een beetje oneerlijke concurrent. Hij vraagt hoe het college dit ziet. Wethouder Klerx antwoordt dat één van de benoemde risico’s is dat er geen financiële ruimte is in de meerjarenbegroting. Bij de Kadernota is de wens geuit om te blijven investeren om het voorzieningenniveau op peil te houden en te blijven werken aan de toekomst van de gemeente. Er moet geïnvesteerd worden in de bibliotheek om te kunnen voldoen aan de toekomstige bibliotheek en het invullen van alle functies en daarvoor is een uitwerking opgenomen in de Kadernota. Het risico dat wordt genoemd is geschetst in het raadsvoorstel, het is niet zeker wat de gemeente op de achterblijvende locatie kan doen, maar er worden wel degelijk mogelijkheden gezien (woningbouw hoewel dit niet de voorkeur van de huidige bewoners heeft of wellicht een maatschappelijke functie). Na de principe-uitspraak wordt het gesprek gevoerd met de bewoners van Janspoort.

Oneerlijke concurrentie merkt hij als een terecht punt aan omdat het gaat om een maatschappelijke organisatie, maar voor de ontmoetingsfunctie en trainingen van de bibliotheek zijn een kop koffie of thee essentieel. Als het verder gaat dan een automaat moeten daar eerlijke prijzen voor gerekend worden. Hij veronderstelt dat daar in overleg met de bibliotheek uitgekomen kan worden. De samenleving hecht veel waarde aan de bibliotheek met de ontmoetingsfunctie, veel inwoners maken gebruik van het informatiepunt digitale overheid, de bibliotheek heeft vaak een spilfunctie in het maatschappelijk debat, taallessen, stimuleren leesvaardigheid. De bibliotheek kan ook een stevige rol spelen bij kunst en cultuur op een aantrekkelijke locatie conform de nieuwe wet voor het bibliotheekstelsel. De heer Dubbeldam heeft van de bewoners van Janspoort begrepen dat in het splitsingsdocument de bibliotheekfunctie wordt genoemd en daar ligt de moeilijkheid. Wethouder Klerx antwoordt bevestigend. Samen met de bewoners zal worden geprobeerd om afspraken te maken over bijvoorbeeld een maatschappelijke invulling

Verslag gespreksavond 26 september 2024

6

waarvoor de splitsingsakte inderdaad gewijzigd zal moeten worden. De VvE zal hiermee moeten instemmen. De heer Dubbeldam informeert wanneer er een definitief akkoord met de VvE wordt verwacht. Wethouder Klerx kan daar geen uitspraak over doen. De herontwikkeling van De Els is een randvoorwaarde voor het principebesluit. Hij denkt dat er pas over een half jaar of een jaar meer zekerheid zal zijn over het schoolkwartier. Hij hoopt dat in de tussentijd de gesprekken opgepakt kunnen worden waarvoor waarschijnlijk ook een jaar nodig is om tot goede afspraken te kunnen komen. De heer Tiemstra merkt op dat over 14 dagen in de raad wordt besloten over de mogelijke verplaatsing van de bibliotheek en vraagt hoever het raadsbesluit strekt. Wethouder Klerx antwoordt dat op het moment dat de gebiedsontwikkeling niet plaatsvindt het college terugkomt bij de raad. In het geval er afspraken gemaakt kunnen worden met de ontwikkelaar ontstaat er mogelijk een financieel tekort waarop voorgesorteerd zal worden in de begroting. Na het principebesluit komt dit onderwerp terug bij de begroting. Als de gebiedsontwikkeling en de plannen voor de jongensschool tot een einde zijn gebracht verhuist de bibliotheek. De raad is over twee weken aan zet en daarna is de verwachting dat wanneer er geen financiële investeringsvraag meer is het college niet bij de raad terug hoeft te komen. De heer G.

den Braven vraagt of het mogelijk is om mensen met een lichamelijke beperking een andere mogelijkheid te bieden om bij de nieuwe locatie te komen (voor de deur afzetten). Wethouder Klerx denkt dat het lastig is om een mogelijkheid te bieden om mindervaliden voor de deur af te zetten met de auto, nog los van precedentwerking. Er komen wel mindervalide parkeerplaatsen in de nabijheid van de bibliotheek, dicht bij de doorgang bij de parkeergarage. De heer G. den Braven wijst op de oneerlijke concurrentie. Inspreker gaf aan dat de aanwezigheid van de bibliotheek juist versterkend werkt. Hij informeert of daar onderzoek naar gedaan is. Hij vraagt voorts of er van oneerlijke concurrentie gesproken kan worden als het verhuizen van de bibliotheek zorgt voor een boost voor de Waalwijkse inwoners op het gebied van cultuur en ontwikkeling. Wethouder Klerx antwoordt dat het college op werkbezoek is geweest bij diverse bibliotheken die recent of eerder naar het centrum zijn verhuisd die allemaal aangeven dat dit een boost is voor met name de omliggende functies vanwege de wisselwerking. In de algemene literatuur wordt hier ook over geschreven, dit zijn geen wetenschappelijke onderzoeken, maar het biedt wel voldoende onderbouwing om de meerwaarde aan te tonen. De oneerlijke concurrentie richt zich met name op de coffeecorner, dit is een belangrijk onderwerp om verder uit te werken.

Voor minder bedeelden moet het mogelijk zijn om een simpele kop koffie tegen een geringe prijs aan te bieden. Het moet wel in lijn blijven met de horeca of wellicht in een samenwerking met de tegenoverliggende horecazaak mogelijk (lunch, gebak). De heer Frodyma vraagt wat de wethouder vindt van het participatieproces met inwoners en leden van de bibliotheek. Hij vraagt voorts of de jongensschool de enige optie is in het centrum.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

7

Wethouder Klerx antwoordt dat het in dit soort gebiedsontwikkelingsvraagstukken moeilijk is om het vraagstuk over wel of niet verhuizen met de achterban (leden) te doen. Het is gebeurd op basis van de expertise van de bibliotheek en de gemeente. De participatie zit straks veel meer in de invulling van de dienstverlening en inrichting van bibliotheek. Ter illustratie noemt hij de investering in een voetbalveld waarbij met het bestuur het gesprek wordt aangegaan, niet met leden of bewoners. De bibliotheek is een grote speler die veel ruimte vraagt en daarom is gekeken naar de huidige locatie en de jongensschool. Dit is een langjarige verkenning. Enige tijd geleden was ook het Krophollerensemble in beeld, maar de invulling vraagt te veel ruimte en te veel investeringen voor de toegankelijkheid. Er zullen in de toekomst mogelijk locaties opkomen die kansrijk zijn, maar op dit moment is deze locatie de beste optie zodat de bibliotheek een impuls kan zijn voor de gemeenschap. De heer Frodyma is verheugd dat ook het Krophollerensemble onderzocht is want dat is the place to be; midden in het centrum en goed bereikbaar. Wethouder Klerx verduidelijkt dat er gesprekken zijn gevoerd, geen onderzoek.

De heer Kocken begrijpt dat de ontmoetingsfunctie in de wijken beter tot zijn recht moet gaan komen, maar dat lijkt wat tegenstrijdig met de ambitie om 100.000 bezoekers naar de bibliotheek in het centrum te krijgen. Mindervaliden zullen eerder naar BaLaDe gaan omdat zij daar voor de deur kunnen parkeren. Hij vraagt zich daarom af of de ambitie realistisch is. Inspreker gaf aan dat de bibliotheek geen budget heeft voor de verhuizing en de inrichting. Hij vraagt zich af wat het straks gaat kosten als de raad hier in principe ja tegen het voorstel zegt en waarom dit besluit op dit moment genomen moet worden. Bij de begroting volgt een raming, hij vermoedt dat de begroting al bijna klaar is en kan zich niet voorstellen dat er nog geen doorkijkje is wat de verhuizing mogelijk gaat kosten. Hij heeft behoefte aan een indicatie van de kosten voor de gemeentelijke begroting. Wethouder Klerx ondersteunt de ambitie van de bibliotheek om naar 100.000 bezoekers te streven, maar voor het college staat de impact die de bibliotheek op de samenleving maakt voorop. Hij is niet bang dat de satellietfunctie een concurrent gaat zijn omdat het om een andere doelgroep en andere activiteiten in het centrum gaat. Veel meer kunst en cultuur, verdieping, debat naast laagdrempeligheid in de wijken om de meest kwetsbare doelgroepen te begeleiden bij de digitalisering en de leesvaardigheid.

Voor alle functies vanuit het Rijk in de nieuwe wet gaat een locatie zoals in de jongensschool op termijn een plus genereren. Het botst niet omdat het aanvullend en versterkend is op elkaar. In het raadsvoorstel is aangegeven dat de structurele kapitaallasten in beide scenario’s € 100.000 bedragen. Dit bedrag staat in de begroting. De bibliotheek is één van de drie partijen binnen de gemeente naast het Schoenkwartier en theater De Leest waarbij de inventaris een verantwoordelijkheid is van de gemeente. Deze investering gebeurt in samenspraak. Het college heeft de ambitie om de inventaris naar de partijen over te hevelen en daarover worden gesprekken gevoerd omdat het daarbij over financiële consequenties en administratie gaat. Met de nieuwe pandeigenaar wordt het gesprek gevoerd over de precieze uitwerking van de inventaris en welke investeringen de ontwikkelaar doet voor het pand en de gebouw vaste inventaris. Als hier niet uitgekomen wordt, volgt een separaat raadsvoorstel. Het is nu heel moeilijk om in te schatten of et bedrag van € 100.000 voldoende is. De voorzitter bedankt de wethouder voor de beantwoording en biedt gelegenheid om onderling debat te voeren.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

8

De heer Van Groos zegt dat de raad wordt gevraagd om een principebesluit te nemen, de VVD verwees zojuist naar de splitsingsakte waarin staat dat de gemeente de bibliotheek huisvest in een deel van het gebouw. De wethouder gaf aan dat daar op korte termijn nog geen verandering in zal komen. Hij vraagt zich af hoe zwaar de principeafspraak met de VvE is voor de VVD. De heer Dubbeldam gaat daar op dit moment nog specifiek op in omdat hij het antwoord dat hij kreeg van de wethouder graag binnen de fractie wil bespreken. Het is wel een belangrijk punt voor zijn fractie. De heer Van Groos zal deze vraag nogmaals stellen in de raadsvergadering. De voorzitter biedt inspreker gelegenheid om een slotwoord te spreken. De heer Kok is enorm blij dat vanavond dit gesprek is gevoerd en dat hij heeft kunnen vertellen over de toekomst van de bibliotheek en de veranderende functies. De bibliotheek blijft zich met betrokken medewerkers inzetten voor kwetsbare inwoners en mensen die hun talent willen ontwikkelen. De voorzitter bedankt inspreker voor zijn bijdrage en inventariseert de standpunten. De heer Tiemstra geeft aan dat het voorlopig een bespreekstuk is omdat er vanavond heel wat is gewisseld. Zijn fractie is op voorhand niet positief over het voorstel maar gaat nog wat zaken tegen elkaar afwegen. De heer Van Groos zegt dat het ook voor zijn fractie een bespreekstuk is.

Zijn fractie is voor handhaving op de huidige locatie en hij heeft in de raad meer ruimte nodig dan alleen het afleggen van een stemverklaring. De heer Spohr kiest ook voor een bespreekstuk omdat zijn fractie niet positief is want vanavond is duidelijk geworden dat er nog veel onduidelijkheden zijn. De heer Kieboom wil een positief pleidooi houden over het principebesluit. De heer G. den Braven vindt het geen goed plan om alleen de nee stemmers aan het woord te laten. De heer Dubbeldam heeft vanavond veel gehoord en daarover wordt nog gesproken binnen de fractie. De heer Frodyma gaat zeker een bijdrage leveren aan het debat gezien hetgeen er vanavond is gewisseld met betrekking tot het participatietraject, enzovoorts. De voorzitter constateert dat de fracties van VVD, GroenLinksaf, Samen Waalwijk, SGP, CDA, D66, ChristenUnie het voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 10 oktober a.s. Bespreking raadsvoorstellen met college 4.

Tenderstrategie voor de verkoop van oostzijde Kropholler met erfpacht

Het oostelijke deel van het Kropholler ensemble wordt verkocht. Om een koper te vinden die deze plek een geschikte, haalbare en succesvolle invulling weet te geven, wordt een

Verslag gespreksavond 26 september 2024

9

tenderstrategie voorgesteld. Deze tender bevat eisen waaraan het plan van de geïnteresseerde kopers moet voldoen. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos vraagt waarom de kosten van de noodzakelijke investeringen voor het verplaatsen van het parkeerbeheersysteem en de systemen van cameratoezicht nog niet bekend zijn. Hij vraagt voorts waarom niet de moeite wordt genomen om op zijn minst een indicatie af te geven. Deze informatie is ook nodig om een goede afweging te kunnen maken. Wethouder Klerx antwoordt dat de kosten nog niet helder zijn, dit wordt nog onderzocht. Het college brengt eerst het onderzoekbudget in de raad waarna heel veel zaken onder uitvoering vallen. Deze kosten gaan uiteindelijk van de verkoopprijs af waardoor wellicht een iets kleinere opbrengst ontstaat, maar het is noodzakelijk om dit te doen. De raad heeft aangegeven invloed te willen houden op de panden en daarom wordt de tenderstrategie voorgelegd, maar uiteindelijk is het uitvoering. In de ogen van het college is dit minder relevant omdat het gaat om € 10.000, € 50.000 of € 100.000, maar het zijn noodzakelijke kosten. Het blijven van de functie in het pand heeft geen meerwaarde voor de gemeenschap. Deze functie kan ook achter de schermen plaatsvinden waardoor verplaatsing sowieso een goede zet is.

De heer Van Groos kan enerzijds de reactie van de wethouder volgen, maar anderzijds heeft hij vraagtekens of het ensemble wel in de markt gezet moet worden. Nog niet zo lang geleden is bewust gekozen voor alle voorzieningen die daar nu weg moeten. De wethouder geeft aan dat hij niet snapt waarom de voorzieningen daar nu zijn omdat zij ook op een andere plek hadden kunnen zijn. Het was ook bedoeld als aanspreekpunt voor de bezoekers die daar parkeren, maar dat is inmiddels niet meer het geval. Als het in de markt gezet wordt is de vraag of dit moet worden gedaan wel relevant. De wethouder gaat er vanuit dat er partijen zullen komen en dan staat het college te juichen. Wethouder Klerx vervolgt dat hij begrijpt dat er toen een inloopfunctie was, maar de huidige inzet van het college is dat deze functie met name intern gericht is en dat hoeft niet noodzakelijk op een vrij pontificale plek in het centrum. Het kan goed achter de schermen, intern in het gemeentehuis of in de directe omgeving. Voortschrijdend inzicht maakt dat het wellicht beter was geweest om die functie toen al elders onder te brengen. Hij begrijpt dat de raad invloed wil houden op de invulling van het pand, maar gezien de kaderstellende rol is het een detail dat de uiteindelijke kosten straks gedekt worden uit de verkoopopbrengsten.

Voordat het traject onherroepelijk is, zullen de kosten bekend zijn en dan wordt daar zorgvuldig mee omgegaan in de afweging van het college. Als er een partij komt die daar een mooie publieksfunctie wil ontwikkelen staat het college inderdaad te juichen. De heer Kocken vindt het jammer dat wanneer een bibliotheek 100.000 bezoekers trekt de synergie tussen het museum en de bibliotheek maar vluchtig is onderzocht. Dit was een goede invulling voor het Kropholler ensemble. Hij heeft vragen gesteld over de erfpachtconstructie en het recht van opstal vanwege de voor- en nadelen. In het geval de erfpachter failliet gaat en de curator tot executie overgaat, hebben preferente schuldeisers voorrang boven concurrente schuldeisers. Het is hem niet duidelijk of de gemeente een preferente of concurrente schuldeiser is. In het laatste geval vreest hij dat de gemeente de grip op het gebouw toch een beetje kwijtraakt. Hij verzoekt de wethouder dit vraagstuk juridisch te toetsen voordat de tender uitgeschreven wordt om problemen te voorkomen.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

10

Wethouder Klerx geeft dit mee om aandacht voor te hebben in de tenderstrategie. De heer Knops merkt op dat de wethouder sprak over de verkoopopbrengst terwijl het voorstel is om niet te verkopen, maar te verpachten en vraagt of hij dat goed heeft begrepen. Wethouder Klerx antwoordt dat het voorstel is om de opstallen te verkopen en de grond in erfpacht uit te geven. Daarmee houdt de gemeente invloed op de bestemming en de invulling. De heer Knops informeert naar het voordeel daarvan ten opzichte van volledig verkopen. Zijn fractie maakt zich zorgen dat er in de toekomst wat met de opstallen gebeurt aangezien het een rijksmonument betreft dat beeldbepalend is voor het centrum. Wethouder Klerx vervolgt dat de raad nadrukkelijk invloed wil houden op wat er met het ensemble gebeurt bij een mogelijke verkoop. Deze bescherming is er nog steeds. Een ontwikkelaar kan niet zomaar iets doen. Het voordeel van erfpacht is dat op het moment dat er nieuwe ontwikkelingen plaatsvinden, bijvoorbeeld verkoop aan een nieuwe partij, de gemeente wederom invloed heeft op de invulling (een eventuele ongewenste bestemming). Het gebouw wordt voldoende beschermd door de rijksmonumentale status. De heer Knops vraagt of het dan niet meer voor de hand ligt om het gebouw ook te verpachten/verhuren. Wethouder Klerx zegt dat het nadeel van verhuren is dat de gemeente moet investeren in de ontwikkeling.

Marktpartijen zijn juist nodig voor de beste ontwikkeling en de meest passende functie. Er zijn wel ideeën over een mogelijk invulling (visie Hart van de Stad) maar ontwikkelende partijen hebben meer expertise en creativiteit waardoor er een nog mooiere publieksaantrekkelijke functie en invulling van het gebouw zal volgen. Voorts vraagt verkopen een veel minder grote investering in toegankelijk maken, verduurzaming en onderhoudskosten. De heer Knops refereert aan de motie van december die opriep om onderzoek te doen naar een invulling van het pand en een verkoopvoorstel. De conclusie van het onderzoek is blijkbaar niet verkopen waarmee niet wordt voldaan aan de vraag van de motie; verkopen en toch invloed houden. Wethouder Klerx heeft juist zo goed mogelijk invulling willen geven aan de motie door het behouden van invloed met de erfpachtconstructie op de gronden, maar de opstallen verkopen. Het adviesbureau adviseerde dit vanaf het begin vanwege de allure van het pand. Met de voorgestelde constructie heeft de gemeente grip op de invulling, maar krijgt de markt de mogelijkheid om tot de beste, aantrekkelijke functie te komen. De heer Van Zelst merkt op dat eerder is afgesproken dat er ook gekeken zou worden wat de gemeente zelf met het gebouw zou kunnen doen en wijst op een rapport met plannen voor commercieel exploiteren.

De ChristenUnie heeft hiernaar verwezen in vragen en daarop wordt gereageerd dat in het vastgoedbeleid commerciële verhuur of ontwikkelen van commercieel vastgoed geen gemeentelijke taak is. Hij benadrukt dat besloten is om het zelf in de hand te houden en commercieel uit te baten en vraagt zich af wat de waarde van een raadsbesluit is als daar helemaal niets van terug te vinden is in de stukken, ook niet de afweging waarom er anders gekozen wordt.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

11

Wethouder Klerx is van mening dat de discussie die is gevoerd bij het vorige raadsvoorstel over het onderzoeksbudget om dit traject te starten deels wordt herhaald. Het college is zich bewust van het feit dat de raad zich hierover uitgesproken heeft, maar in de loop der tijd veranderen dingen waardoor in voortschrijdend inzicht tot ander besluiten gekomen wordt. Het college stelt daarom voor om met de verkoop en ontwikkeling aan de slag te gaan. De raad wil invloed blijven houden voor het vervolg als er iets gebeurt waar de raad zich niet in kan vinden en daarvoor is een constructie verzonnen. Het mag duidelijk zijn dat het college deze afweging wel degelijk heeft gemaakt en nu voor deze strategie kiest. De heer Van Zelst benadrukt dat het college in de vorige discussie niet op de hoogte was van het raadsbesluit dat de gemeente dit zelf zou gaan doen en daarom had hij verwacht dat dit meegenomen zou worden in dit voorstel. Hij heeft niet teruggevonden waarom het college van mening is veranderd toen zij achteraf ontdekte dat de raad een ander besluit had genomen. Daar wordt eigenlijk aan voorbij gegaan. Wethouder Klerx reageert dat het college een bewuste keuze heeft gemaakt om invulling te geven aan het hogere doel van het vastgoedbeleid; de gemeente wil geen commerciële verhuurder zijn.

Het college heeft wel invulling willen geven aan de visie Hart voor de Stad omdat in verkennende gesprekken altijd wordt gevraagd om zelf te kunnen investeren en aan de touwtjes te kunnen trekken in plaats van alleen maar een partij te zijn die huurt. Het college heeft toen een voorstel ingediend en dat doet zij nu in het vervolg daarop weer. De voorzitter veronderstelt dat de vraag hiermee is beantwoord. De heer Van Zelst zegt dat de vraag absoluut niet is beantwoord, maar zijn fractie gaat kiest straks voor een akkoordstuk omdat zij er geen tijd meer wil insteken, dat is zinloos. De voorzitter bedankt de wethouder voor de beantwoording en biedt gelegenheid om onderling het debat te voeren. De heer Van Groos merkt op dat zijn beeld van het voorstel van december 2023 was verkopen en daarbij werd geen onderscheid gemaakt tussen het gebouw en de grond. De wethouder zegt nu dat het niet om zomaar verkopen gaat. Hij vraagt of de VVD dit ook zo heeft gelezen in het raadsvoorstel en hoe gedacht wordt over de reactie van de wethouder. De heer Knops is teleurgesteld in de reactie van de wethouder want hij leest inderdaad dat het om een gedeeltelijke verkoop gaat terwijl in de motie is gevraagd om te verkopen en te onderzoeken hoe de raad toch invloed kan houden. Wat nu voorligt, is een voorstel waarbij de hoofdvoorwaarde wordt losgelaten.

De heer Van Groos begrijpt dat het antwoord van de wethouder niet overeenkomt met hoe de VVD toen en ook nu de situatie heeft gelezen. De heer Knops antwoordt bevestigend. De heer Van der Pluijm geeft aan dat de raad heeft ingestemd met de verkoop van de panden en zorgen heeft geuit over de toekomstige bestemming omdat de raad daarop invloed wil houden. Met dit voorstel waarin de grond en de opstallen worden gescheiden is zijn fractie tevreden omdat daarmee wordt voldaan aan de wens van de raad.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

12

De heer Van Zelst begrijpt dat de VVD liever zou willen verhuren dan verkopen. Hij staat daar volledig achter en roept op om daar steun voor te zoeken. Hij is het absoluut oneens met het voorstel, maar moet toegeven dat de wethouder wel heeft gezocht naar een oplossing waarin de raad grip houdt op de invulling en het behoud van het rijksmonument. De heer Knops benadrukt dat hij de optie verhuur heeft genoemd in de discussie met de wethouder, de initiële voorkeur van zijn fractie is verkoop waarbij de rijksmonumentenwet en het feit dat de gemeente de bestemming bepaalt voldoende borging bieden voor de toekomst. Zijn fractie is meegegaan met de motie omdat deze zou onderzoeken of er nog andere mogelijkheden waren om invloed te houden gegeven het feit dat de panden verkocht zouden worden. Nu wordt een halve verkoop voorgesteld en daarin zit de teleurstelling. Er zijn geen voorwaarden gevonden om te verkopen en toch invloed te houden. De heer Spohr merkt op dat het erom gaat of erfpacht wel of niet geschikt is om voorwaarden te stellen. Met de motie is destijds gekeken naar een kettingbeding of kwalitatieve verplichtingen en daarop had hij vanuit het college een toelichting verwacht. Er is meteen gekozen voor een erfpachtovereenkomst die op zichzelf een middel kan zijn. Hij begrijpt nu dat de VVD bezwaar maakt omdat het niet om volledig verkoop gaat.

De heer Knops reageert dat wanneer de conclusie getrokken wordt dat het niet in het gemeentelijk vastgoedbeleid past om commercieel vastgoed te exploiteren er verkocht moet worden. Nu worden kronkelwegen gezocht om invloed te houden op iets waarop de gemeente in zijn ogen ook na verkoop nog voldoende invloed heeft. De voorzitter inventariseert de standpunten. De heer Kocken geeft aan dat het een bespreekstuk is omdat zijn fractie destijds al tegen het afstoten van het monumentale pand was. De wethouder komt nu met een erfpachtconstructie om grip te houden en daarom zijn er twijfels of de motie die destijds is vastgesteld op een ordentelijke manier is uitgevoerd. Het standpunt van de fractie volgt in de raadsvergadering. De heer Knops heeft zijn twijfels ruimschoots geuit; bespreekstuk. De heer Spohr zegt dat het een bespreekstuk is en dat heeft te maken met het uitvoeren van de motie, de motivering van de keuze en de onderhoudsverplichting die onvoldoende vermeld is. De heer Van Groos merkt op dat het voor zijn fractie geen akkoordstuk is, maar wel een A-punt. De heer Van Zelst herhaalt dat hij heeft aangegeven geen energie meer in dit voorstel te willen steken. In het geval de VVD met een voorstel wil komen wijst hij op een kettingbeding met kwalitatieve verplichtingen en dan kan de grond ook verkocht worden. Het is een akkoordstuk met een tegenstem.

De voorzitter constateert dat de fracties van VVD, Samen Waalwijk, CDA het voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 10 oktober a.s.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

13

5.

IUP 2025-2028

Het Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP) bundelt maatregelen op het gebied van wegen, riolering, verkeer, groen en mogelijke aanvullende maatregelen. Het IUP beslaat 4 jaar en voor de periode 2025-2028 ligt het nu aan de raad voor ter vaststelling. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos vraagt waarom bij het ene project binnen de bebouwde kom staat dat het om een maximale snelheid van 30km gaat, bij het andere maximaal 50km en bij een andere straat wordt met belanghebbenden gediscussieerd over 30km of 50km terwijl de standaard binnen de bebouwde kom maximaal 30km is. Het is gebruikelijk om bij elk nieuw IUP terug te blikken op de uitvoering van de voorgaande twee jaar. In antwoord op vragen wordt verwezen naar het Najaarsbericht waarin een overzicht van de stand van zaken wordt gegeven. Dat is per project, niet per IUP. Er werd ook altijd aangegeven waarom er wordt afgeweken van de doorkijk die twee jaar daarvoor werd gegeven. Hij heeft daar vragen over gesteld en als antwoord gekregen aangaande de Winterdijk, Spoorstraat en Schotse Hooglandersstraat dat deze minder prioriteit hebben gekregen. Dat was niet de vraag, hij wil weten waarom deze projecten minder prioriteit hebben gekregen. De raad heeft een motie aangenomen voor een oversteekvoorziening bij de Bachlaan.

Daar wordt op dit moment hard gewerkt aan een nieuwe locatie voor Baanbrekers. Het zou mooi zijn als bij het betrekken van het pand ook de oversteekvoorziening goed is geregeld. Het wordt nu apart gedaan en dat houdt in een aparte financiering terwijl naar een periode gegaan wordt waarin het heel moeilijk is om dingen apart te financieren. Wethouder Klerx antwoordt dat 30km binnen de bebouwde kom nog niet de standaard is. Dat heeft de raad niet meegegeven in het mobiliteitsplan. De gemeente Amsterdam heeft de standaard wel op 30km gesteld. De discussie speelt wel waaraan het college richting heeft willen geven bij het mobiliteitsplan en eerder is bij het beleidsplan onderhoud wegen een toelichting gegeven. De discussie over 30km/50km in den lande wordt gevolgd want de voordelen van 30km in de bebouwde kom worden zeker gezien. Voor uitvalswegen en ontsluitingswegen wordt gekeken wat het meest gewenst is, 30km of 50km. In het mobiliteitsplan zijn twee discussiestraten genoemd die zijn opgenomen in het IUP en daaraan wordt in de participatie aandacht gegeven als onderdeel van de besluitvorming. Daarbij wordt gekeken naar ontwikkelingen en het verkeersstructuurplan als uitwerking van het mobiliteitsplan. Als het binnen de kaders past is het college voornemens om dit als een collegebevoegdheid te zien. Als de kaders aangepast moeten worden wordt teruggekomen bij de raad.

Het duurt zeker nog een half jaar tot een jaar voordat het verkeersstructuurplan helemaal is uitgewerkt. De behoefte zo veel mogelijk 30km wordt onderschreven door het college. Hij begrijpt dat een terugblik belangrijk is voor de raad in de afweging en zegt toe dat dit de volgende keer wel wordt gedaan. Daarnaast denkt hij na hoe de raad tussendoor meer inhoudelijk meer inzicht geboden kan worden in de voortgang van het IUP want het Voorjaars- en Najaarsbericht zijn financieel technisch van aard. Hij noemt er illustratie overzicht in de nieuwsbrief Wonen. De Bachlaan krijgt op termijn een groter onderhoud. Als de gebiedsontwikkeling van De Els doorgaat moet veel (bouw)verkeer over de Bachlaan plaatsvinden waardoor nu overgaan tot reconstructie kapitaalvernietiging zou zijn. Er wordt wel gekeken hoe de oversteek veiliger gemaakt kan worden omdat het nu met de tijdelijke bushalte geen optimale situatie is. Ook vanuit Baanbrekers is hier aandacht voor. Op dit moment wordt de Bachlaan nog niet integraal aangepakt, er wordt nog teruggekomen op de motie.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

14

De heer Van Groos vervolgt dat in de tijd dat hij verantwoordelijk was voor het IUP wel werd teruggeblikt op de uitvoering en de doorkijk, maar daar komt hij nog op terug. Hij kan niet begrijpen dat wanneer er bij twee straten een discussie is over 30km of 50km dat deze discussie wordt overgelaten aan de mensen die aan de betreffende straat wonen. Het gaat om doorgaande wegen die een belangrijke functie hebben en dan is er maar één gremium waar een besluit genomen kan; in de raad. De wethouder geeft aan zolang binnen het kader van het mobiliteitsplan gewerkt wordt het college niet naar de raad hoeft. In zijn optiek is er geen wegencategorisering in het mobiliteitsplan opgenomen. Wethouder Klerx heeft het ontbreken van een doorkijk niet kunnen vaststellen voor het vorige IUP, voor de andere IUP’s vertrouwt hij op de ambtelijke informatie, maar hij heeft zijn voornemen al kenbaar gemaakt. Hij benadrukt dat het college waarde hecht aan de inspraak van bewoners van een straat, maar juist ook aan inspraak van de gebruikers en de adviezen van landelijke expertisebureaus die naast de eigen afwegingen gelegd worden. In het mobiliteitsplan is een wegencategoriseringskaart opgenomen, bijna alles is 30km op een paar uitvalswegen na die expliciet op 50km worden gehouden.

Bij het lint en de Ambrosiusweg staat een stippellijn omdat het daar afhankelijk is van de uitkomst van het participatietraject of het 30km of 50km wordt. Het lint wordt zo veel mogelijk 30km om gehoor te geven aan de oproep van de raad, voor de Ambrosiusweg gaat het met name om de inrichting en de parallelstructuur van de aangrenzende straten. Als er een afwijkend standpunt volgt, wordt de raad geïnformeerd. De heer Van Groos is het eens met de wethouder dat in het vorige IUP geen terugblik is opgenomen, maar daarmee is het niet zo dat dit nooit werd gedaan. De heer Van Hest merkt op dat nergens in het IUP melding wordt gemaakt van het tekort aan parkeermogelijkheden in het lint van Sprang-Capelle en de bijbehorende veiligheidsproblemen en zelfs ongevallen omdat voertuigen half of helemaal op het trottoir geparkeerd worden. Meerdere partijen, waaronder zijn fractie, hebben de wethouder gevraagd om een oplossing voor dit probleem. De wethouder antwoordt slechts dat het probleem de aandacht heeft. Hij vraagt hoe de wethouder de ernst van de reeds jarenlange verkeersonveiligheid van het lint beoordeeld en welke toezegging hij kan doen buiten ‘het heeft onze aandacht’. Wethouder Klerx erkent dat het lint door de parkeerproblematiek op sommige plekken voor onveilige situaties zorgt. Als het een 30km gebied wordt moeten er parkeervoorzieningen aangelegd worden.

Dit wordt zeker gedaan, maar dat heeft consequenties voor de totale inrichting van de straat. Veiligheid voor fietsers en voetgangers is een zeer belangrijk uitgangpunt. Dit is wellicht onvoldoende beschreven in de projectomschrijving maar het realiseren van parkeervoorzieningen en een veiligere verkeerssituatie worden nagestreefd. De heer Van Hest had de extra parkeervoorzieningen graag opgenomen gezien in het IUP. De intentie is duidelijk, maar verkeersveiligheid staat hoog in het vaandel bij zijn fractie en daarom zou hij daar graag meer aandacht voor willen zien. Wethouder Klerx benadrukt dat hij niet heeft gesproken over extra parkeervoorzieningen, maar het realiseren van veilige parkeervoorzieningen, die er nu nauwelijks zijn, om de verkeersveiligheid te verbeteren. Er mag nu geparkeerd worden, maar dat zorgt voor onveilige situaties. Het participatietraject staat op het punt van beginnen en daar komt dit aan de orde omdat de buurt graag parkeervakken wil.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

15

De heer Van der Pluijm heeft vorig jaar aandacht gevraagd voor bulldozeren en doet nu dat opnieuw omdat er wat teleurstelling is over de beantwoording op vragen. In het Voorjaars- en Najaarsbericht worden ieder jaar flinke budgetten begroot voor IUPprojecten, maar er wordt cijfermatig weinig gerealiseerd. Hij vraagt hoe de wethouder dit ziet. Wethouder Klerx onderkent dat het gaat om voornemens om vele miljoenen te investeren waarin soms onbenutte kapitaallasten te zien zijn die wel degelijk nodig zijn als de werken gerealiseerd worden. Een heleboel projecten zijn in een later stadium aan de orde gekomen en staan op het punt van afronding. In beantwoording richting de ChristenUnie is aangegeven dat het college voornemens is om zo veel mogelijk projecten dit jaar af te ronden omdat veel kredieten al langere tijd openstaan. Een aantal projecten van het vorige IUP worden niet gehaald in 2024 en die krijgen een doorloop in 2025. De voorbereidingen zijn wel afgerond en sommige dingen zijn volgordelijk. Gevraagd is of er wel zo veel grote wegen tegelijkertijd onder handen genomen kunnen worden en daarbij wordt geprobeerd om niet over de grenzen van het bereikbaar houden van de stad heen te gaan. Soms duurt de participatie langer, zijn er tegenvallers in de uitvoering, is er aanvullend onderzoek nodig waardoor projecten langer duren.

Het college onderschrijft dat dit in de afgelopen jaren meer is gebeurd dan gewenst, maar er wordt gewerkt aan een inhaalslag. De komende projecten zijn scope-uitbreidingen waarmee net wat meer tempo gemaakt kan worden waardoor er met dit IUP wat meer voortgang zal zijn dan in de afgelopen jaren het geval was. De heer Van der Pluijm vervolgt dat zijn fractie graag zou zien dat het niet bij hopen blijft, maar dat er ook echt mooie projecten gerealiseerd worden. In de vorige raadsvergadering is het beleidsplan onderhoud wegen vastgesteld. Als er een IUP-project gepland staat voor een bepaald gebied worden er geen onderhoud meer uitgevoerd. Op het moment dat IUP-projecten vooruitgeschoven worden, wordt de termijn dat er geen onderhoud wordt uitgevoerd ook opgerekt. Geantwoord werd dat daarover geïnformeerd wordt op de vaste momenten van de planning & control cyclus. Hij verzoekt de wethouder te duiden waar staat dat het onderhoud van wegen achterloopt omdat IUPprojecten vooruitgeschoven worden. Wethouder Klerx reageert dat er altijd wordt gestreefd naar het kwaliteitsniveau basis vanuit het beleidsplan onderhoud wegen. Soms wordt afgewogen of het de investering nog waard is als er binnen afzienbare tijd een totale reconstructie volgt. Elke twee jaar worden de wegen geïnspecteerd zodat wanneer de grens is bereikt er alsnog noodmaatregelen getroffen worden.

Als voorbeeld noemt hij de Taxandriaweg waar de grens van de kwaliteit van het riool wordt bereikt waar actie op ondernomen moet worden. Dit is in de afgelopen jaren niet gedaan omdat er een reconstructie volgt in het IUP. Als de ondergrens wordt bereikt, worden er noodmaatregelen getroffen. De wegen worden hierdoor iets slechter, maar de ondergrens mag niet bereikt worden. De heer Van Zelst roept op het lint 50km te houden. De buurt is voor 30km, de achterliggende wijken zijn niet bevraagd, maar die maken wel gebruiken van de gebiedsontsluitingsweg het lint. Hij vraagt of deze mensen alsnog bevraagd worden of dat achteraf geconstateerd moet worden dat het participatietraject niet goed is verlopen. Dat laatste zou hij jammer vinden. Parkeren in het lint is nu inderdaad dramatisch omdat overal geparkeerd mag worden, maar het remt een beetje de snelheid en het is makkelijk. Straks wordt aan één zijde van de straat geparkeerd waarbij ook nog veel groen toegevoegd wordt waardoor alle auto’s van de straat gaan, ongeveer 20% van de parkeerruimte overblijft en het een grote racebaan wordt (verkeersonveiliger). Hij is blij dat Lokaal Belang hier ook aandacht voor heeft.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

16

Het afkoppelen van de hemelwaterafvoer bij de constructie van het lint gebeurt aan de voorkant. Hij vraagt waar het water blijft. Wethouder Klerx antwoordt dat de nadruk wordt gelegd op participatie van bewoners die aan deze straat wonen. Zij worden schriftelijk uitgenodigd. Het college is zich bewust van de achterliggende wijken, maar iedereen kan zien wat er in het lint ontwikkeld wordt en is welkom op de participatieavonden. Het tweede punt onderschrijft hij niet volledig, maar hij kan nog niet op alles duidelijkheid geven omdat dit raakt aan de uiteindelijke uitwerking en inrichting. De keuze voor 30km of 50km betekent heel veel voor vrijliggende fietspaden en er zijn vergaande consequenties door de nieuwe CROWnormen. Bij 30km moet de inrichting ook conform zijn aan andere voorrangssituaties en verkeersremmende maatregelen. De opmerkingen worden betrokken bij de afwegingen over de uitvoering. Als uit onderzoek blijkt dat er ruimte is wordt een gescheiden riolering aangebracht. Als dat niet het geval is, wordt gekeken of er toch maatregelen voor afkoppeling getroffen kunnen worden. Het lint heeft veel ondergrondse infrastructuur waarbij op voorhand niet duidelijk is of gescheiden riolering mogelijk is. De voorzitter bedankt de wethouder voor de beantwoording en biedt mogelijkheid om onderling het debat te voeren.

De heer Van Groos merkt op dat het lint in de wegcategorisering voor 2006 op 30km stond als erftoegangsweg ook voor de achterliggende wijken. SGP en Lokaal Belang hebben destijds gezorgd voor een aanpassing naar 50km en daarom vraagt hij waarom Lokaal Belang nu over verkeersveiligheid begint terwijl dat dit een gevolg is van een besluit dat mede door deze fractie is geïnitieerd. De heer Van der Pluijm heeft behoefte aan onderlinge afstemming over het verleden en het huidige standpunt voordat deze vraag beantwoord kan worden en komt hierop terug. De heer Van Groos verduidelijkt dat wijlen Jan van Baardwijk zich voor 50km heeft ingezet terwijl het 30km was gezien de signalen vanuit Sprang-Capelle en de achterliggende wijken. De heer Van Hest is van mening dat twee verschillende zaken aan elkaar gekoppeld worden in de overtuiging dat 30km bijdraagt aan de verkeersveiligheid. Het gaat met name om de bijdrage aan de verkeers(on)veiligheid aangezien het aantal ongevallen aanwijsbaar een direct gevolg is van op het trottoir geparkeerde auto’s los van de maximum snelheid. De heer Van Groos reageert dat bewoners van het lint half op de stoep parkeren omdat auto’s aan de straatzijde met 50km voorbij rijden. Een straat met 30km inrichting kent een smaller wegprofiel omdat er minder hard gereden mag worden waardoor er meer ruimte is om te parkeren.

De voorzitter inventariseert de standpunten. De heer Van Zelst wil iets zeggen over parkeren en de Winterdijk; bespreekstuk. De heer Van Groos gaat het hebben over 30km of 50km per uur en broedt nog op een eventueel voorstel voor de Bachlaan. De heer Spohr geeft aan dat het een bespreekstuk is omdat er nog schriftelijke vragen openstaan.

Verslag gespreksavond 26 september 2024

17

De heer Van der Pluijm komt terug op de veiligheid en snelheid in het lint, de kruising bij Baanbrekers en hetgeen vanavond allemaal aan de orde is geweest. De heer Bokšan zegt dat het voorlopig een bespreekstuk is. Het lint en de parkeervoorzieningen daar zijn veel aan de orde geweest. Zijn fractie heeft vragen gesteld over parkeervoorzieningen in het algemeen als inwoners in participatietrajecten aangeven dat er onvoldoende parkeerplaatsen zijn. Hierbij werd gerefereerd aan het onderzoek naar de parkeerdruk. De voorzitter constateert dat de fracties van Lokaal Belang, VVD, SGP, CDA en ChristenUnie, het voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 10 oktober a.s. 6.

Ombuigingen ter voorbereiding van kadernota 2026

Vanaf 2026 heeft de gemeente een structureel negatief begrotingssaldo. Om de begroting sluitend te krijgen zijn voorstellen gedaan om te bezuinigen. Sommige voorstellen zijn volgens het college echt niet wenselijk en hebben ‘rode vlaggen’ gekregen. De raad kan beslissen welke voorstellen niet verder onderzocht hoeven te worden. Dit agendapunt is geagendeerd door de fracties van ChristenUnie, VVD en Lokaal Belang. De heer Van Groos vraagt waarom afgezien van de rode vlaggen van het college wordt gedaan alsof dit de enige opties voor ombuigingen zijn. In antwoord op vraag 2 over een bezuiniging op het subsidiëren van evenementen is aangegeven dat dit technisch mogelijk is, maar dat dit haaks staat op de ambitie van het college en het coalitieakkoord. Bij het coalitieakkoord is verzuimd om de bezuinigingen aan te geven voor het jaar 2026, onderdeel van deze bestuursperiode, toen het ravijnjaar al bekend was. Een oplossing voor het probleem is iets doen aan de ambities want dat levert ook bezuinigingen op. Om de ambities van de coalitie te kunnen realiseren moeten pijnlijke bezuinigingen doorgevoerd worden terwijl bekeken kan worden of deze bezuinigingen niet nodig zijn door ambities te schrappen of uit te stellen. Vraag 3 gaat over het toerekenen van BTW aan afval en riool.

Bij de invoering van het BTW compensatiefonds hebben gemeenten toestemming gekregen om het bedrag aan BTW dat toen in de boeken stond alvast op te nemen. Dat is een vast bedrag. Het kan niet zijn dat dit elk jaar verandert. Aangegeven wordt dat er ruimte is om meer BTW toe te rekenen, maar dat is in strijd met de wet. Hij vraagt waarom de BTW die de gemeente heeft betaald wordt doorbelast aan inwoners terwijl de gemeente zelf met het Rijk afrekent waardoor deze twee keer verrekend wordt. Wethouder Klerx antwoordt dat het college voorstellen voor ombuigingen heeft gedaan, maar dit zijn niet alle denkbare ombuigingen op alle beleidsvelden, ambities en projecten. Het is een eerste inventarisatie om uiteindelijk het gat van het ravijnjaar te dichten. De potentiele opbrengst wordt voldoende geacht, maar als de raad wil dat de consequenties van andere zaken in beeld gebracht worden nodigt het college de raad van harte uit om met moties en amendementen te komen op de voorgestelde lijst. Het college kiest niet voor het bijstellen van ambities. In de Kadernota is aangegeven waarom dit niet wordt gewenst. Het college wil blijven investeren in de stad, maar er moeten wel oplossingen gevonden en daarom worden deze voorstellen gedaan. Aangaande de BTW, uiteindelijk is het geen vast bedrag en daarover zijn afspraken gemaakt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14595849/1