CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

Raadsvergadering 2 februari 2023, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Terugkoppelingsformulier en verslag gespreksavond 19 januari 202314.138 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Beknopt verslag van de gespreksavond gehouden op donderdag 19 januari 2023 Voorzitter: Griffier: Plv. griffier:

mevrouw I. Klerks mevrouw J. Louer de heer T. Broeders

Aanwezig:

de heer J. van Baardwijk Lokaal Belang de heer A. van Belkom Lokaal Belang de heer B. Bruurmijn Lokaal Belang de heer J. van Dijk Lokaal Belang de heer A. van Hamond Lokaal Belang de heer T. Klerx (vanaf 20.00 uur) Lokaal Belang mevrouw B. Koptagel-Dermibas Lokaal Belang de heer W. Lodenstijn Lokaal Belang de heer N. van der Pluijm Lokaal Belang mevrouw M. Verhagen-van Lier Lokaal Belang de heer M. Bokšan VVD de heer D. Dubbeldam VVD de heer T. Klerks VVD de heer E. Knops VVD de heer F. den Braven GroenLinksaf de heer G. den Braven GroenLinksaf mevrouw Y. van Laar GroenLinksaf mevrouw A. Wens GroenLinksaf mevrouw B. de Jongste-van Heijst Samen Waalwijk de heer H. van Zelst (vanaf 19.40 uur) SGP mevrouw C. de Bruijn CDA de heer R. Spohr CDA de heer N. Kieboom D66 de heer H. Metzke D66 de heer J. van Groos ChristenUnie de heer W. van Veelen ChristenUnie mevrouw Y. IJpelaar Lijst IJpelaar mevrouw M. Schilders Sociaal Lokaal

Afwezig m.k.

mevrouw M. Veraa de heer L. Ottens de heer R. Tiemstra

Portefeuillehouders:

mevrouw S. Ausems de heer J. van den Hoven de heer A. de Jong mevrouw D. Odabasi-Seker mevrouw S. Schuijffel de heer F. Spierings (vanaf 22.00 uur)

Notulen:

notulistenbureau Leeuwenburgh Vendrig

Lokaal Belang Samen Waalwijk SGP

1. Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen harte welkom. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. Bespreking raadsvoorstellen met inwoners en daarna college

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

1

2.

Keuze inzet Ombudscommissie Waalwijk en Nationale ombudsman

De voorzitter biedt gelegenheid om in te spreken. Inspreker vraagt of de raad net als hij van het college wil weten waarom een gemeentelijke ombudsman niet in de keuze is meegenomen en of de portefeuillehouder dit alsnog zou willen onderzoeken. Hij vraagt voorts of de raad bereid is om een vacature voor de functie van gemeentelijke ombudsman uit te zetten, desnoods in regionaal verband (een ombudsteam in de Langstraat). Afsluitend vraagt hij of de raad bekend is met de mogelijkheid om de keuze bij de gemeenschap neer te leggen door een referendum uit te schrijven tijdens de provinciale verkiezingen. Hij stelt deze vragen om alle mogelijkheden aan te grijpen opdat er een gedegen besluitvorming plaatsvindt voor het realiseren van een zichtbare en duurzame tweedelijnsklachtenbehandeling voor de gemeenschap. De voorzitter merkt op dat deze bijdrage een korte, bondige aanvulling is op hetgeen inspreker reeds per mail aan de raad is gestuurd en biedt vervolgens gelegenheid om vragen te stellen aan inspreker. De heer Van Groos reageert op de vraag of de raad in overweging zou willen nemen om een lokale ombudsman aan te stellen. Zijn fractie is zeer te spreken over de ombudscommissie en vindt dit daarom niet nodig. Voorts is zijn fractie tegenstander van een referendum.

De heer Lodenstijn denkt dat de vragen die aan het college gesteld worden aan de raad gesteld zouden moeten worden, omdat de raad uiteindelijk beslist. Het college laat het aan de raad om een keuze te maken. Hij sluit zich aan bij de woorden van de heer Van Groos, ook zijn fractie is tevreden over de lokale ombudscommissie en heeft op dit moment geen behoefte om dit verder te onderzoeken. Mevrouw De Jongste geeft aan dat haar fractie er bewust voor heeft gekozen om akkoord te gaan met de plaatselijke ombudsman en sluit zich aan bij de voorgaande sprekers. De heer Spohr zegt dat ook zijn fractie op dit moment geen reden ziet om een andere keuze te maken dan de keuzes die zijn voorgelegd, waarbij zijn fractie een voorkeur heeft voor het voortzetten van de ombudscommissie. De voorzitter merkt op dat vier fracties inmiddels een reactie hebben gegeven waardoor een snelle rekensom leert wat de uitslag zal zijn als dit voorstel wordt behandeld op 2 februari a.s. en informeert of inspreker behoefte heeft om te reageren. Inspreker geeft aan dat hij teleurgesteld is. Deze reacties laten zien hoe begaan de raad is met zijn inwoners. Hij is benieuwd naar de beantwoording van de portefeuillehouder, maar verder is het helder. De voorzitter corrigeert dat het kiezen voor een lokale ombudscommissie niet betekent dat de raad niet begaan is met zijn inwoners.

Het is inspreker bekend dat de portefeuillehouder niet zal reageren op de gestelde vragen. Zij biedt de fracties vervolgens gelegenheid om vragen te stellen aan de portefeuillehouder. De heer Van Groos vraagt of de portefeuillehouder zou willen reageren op de vragen van inspreker. Portefeuillehouder Ausems reageert dat de raad er enige tijd geleden voor heeft gekozen om een lokale ombudscommissie in het leven te roepen. Op dit moment ligt de keuze voor of daarmee doorgegaan wordt waarbij al is gekeken naar een nationaal alternatief.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

2

Een ombudsman zou een alternatief zijn, maar dit is eigenlijk een accent van een lokale ombudscommissie. Een lokale ombudsman heeft een team van mensen om zich heen. Als het gaat om een onafhankelijke plek waar mensen terecht kunnen is een commissie een heel mooi systeem omdat hierin meerdere mensen vertegenwoordigd zijn vanuit verschillende hoeken die elkaar scherp houden op de beoordeling van een bezwaar of een klacht vanuit de inwoners. De raad heeft zich uitgesproken nu er een keuze gemaakt moet worden of de tweedelijnsklachtenvoorziening landelijk of lokaal ingevuld wordt. De heer Klerks vraagt wat de portefeuillehouder zou willen verbeteren aan in de procedure met de lokale ombudscommissie en wat de gedachte van de portefeuillehouder is over hiermee verdergaan. Portefeuillehouder Ausems antwoordt dat dit in het raadsvoorstel is beschreven. Ook in het rapport van de Rekenkamercommissie zijn aanbevelingen zijn opgenomen die in het afgelopen jaar zijn geïmplementeerd. Er waren zaken voor verbetering vatbaar. Dit ging over de afbakening van taken (wie doet wat en wanneer), over communicatie en samenwerking en iemand die zich fulltime met de klachten bezighoudt. Op al deze niveaus is wat gedaan in het afgelopen jaar en het is van belang om dit door te zetten. Het is altijd belangrijk om te blijven evalueren. De voorzitter inventariseert de standpunten.

De heer Van Groos meldt dat zijn fractie voornemens is om met een amendement te komen. De heer Klerks geeft aan dat ook zijn fractie voornemens is om met een amendement te komen. De voorzitter constateert dat alle fracties het stuk als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 2 februari a.s. Zij bedankt inspreker voor zijn bijdrage en sluit de bespreking over dit onderwerp. 3.

Vaststelling bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle

De voorzitter geeft aan dat dit onderwerp voor de tweede maal wordt besproken en verzoekt de insprekers daarom om enkel met nieuwe inzichten te komen. Er wordt ingesproken door een belanghebbende. Zij komt toch nog kort even terug op hetgeen de vorige keer aan de orde is geweest, omdat het inmiddels vier maanden verder in de tijd is. Zij verzet zich tegen het gewijzigde bestemmingsplan aan de 1e Wittedijk omdat dit een verstoring veroorzaakt aan de lintbebouwing en een aanzet geeft voor nieuwe lintbebouwing aan de noordzijde. Voorts is aangegeven dat er sprake lijkt te zijn van willekeur bij het toekennen van de compensatie. De omvang hiervan lijkt niet op enig beleid gestoeld. Het is sowieso een vraag of de gemeente initiatiefnemer moet compenseren. Zij gaat er vanuit dat de gemeente een bestemmingsplan beoordeelt vanuit het algemeen, maatschappelijk belang. De bestemmingsplanwijziging heeft vanuit algemeen belang geen enkele betekenis omdat er geen aanleiding is voor een wijziging in het algemeen belang. Enkel de initiatiefnemer heeft een belang. De betekenis voor het algemeen belang betreft louter het verkrijgen van de stikstofrechten. De gemeente betoogt dat dit los van de bestemmingsplanwijziging staat, maar het is overduidelijk dat deze zaken aan elkaar gekoppeld zijn.

Het woord compensatie in de anterieure overeenkomst is hiervan het bewijs, want waarom zou de gemeente anders willen meewerken aan een plan dat het belang van de ene burger dient maar ten koste gaat van het belang van een andere burger? Dit feit werd helder tijdens de vorige behandeling omdat enkele raadsleden letterlijk aangaven dat zij zich met de rug tegen de muur geplaatst voelden. Zij wijst er nogmaals op dat onduidelijk is en blijft in welk licht er sprake zou zijn van compensatiewoningen en wat daarvan de juridische grondslag is.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

3

Aanvullend op de zienswijze geeft zij aan dat nog duidelijker is geworden dat deze bestemmingsplanwijziging in strijd is met het gemeentelijk beleid. Op grond van eigen ervaringen uit het verleden bij het realiseren van een bouwplan aan het perceel Nieuwe Vaart 109 (wat ambtelijk werd besproken maar niet haalbaar werd geacht) heeft zij een Woo-verzoek gedaan naar alle verzoeken om een bestemming te wijzigen van agrarisch naar wonen in het buitengebied van Sprang-Capelle van de afgelopen 15 jaar. Van de 15 verzoeken die dit betreft zijn 9 verzoeken afgewezen met als argument geen verstening in het buitengebied, doorbreekt het lint, of eenvoudigweg de bestemming agrarisch staat geen burgerwoningen toe. Van de 6 toegestane verzoeken hadden er 2 betrekking op het omzetten van de bestemming agrarisch naar tuin en daardoor zijn deze niet vergelijkbaar met onderhavige casus. De resterende 4 werden alleen toegestaan onder de voorwaarde dat voldaan zou worden aan de provinciale ruimte-voor-ruimte-regeling. Deze regeling stelt strikte eisen aan de verhouding tussen de hoeveelheid stalruimte die gesloopt wordt en de hoeveelheid woningbouw die daarvoor terug mag komen, bovendien moet er € 125.000 exclusief btw per bouwtitel betaald worden.

Haar juridisch adviseur heeft erop gewezen dat in het bijzonder dit bestemmingsplan niet aan de regels van ruimte-voor-ruimte is getoetst zoals artikel 3.79 van de interimomgevingsvisie (IOV). Zij informeert waarom dit niet is gedaan en waarom er met dit initiatief anders wordt omgegaan dan met de andere verzoeken tot 15 jaar terug. Het bestemmingsplan past om diverse redenen niet in de structuurvisie van Waalwijk. Ambtelijk is uitgesproken dat een solitaire aanvraag voor de omzetting van een agrarische bestemming naar een woonbestemming voor een kavel aan de 1 e Wittedijk op die plek nooit zou worden gehonoreerd. Dit geeft aan dat de gemeente in strijd met haar eigen beleid handelt. Afsluitend geeft zij aan dat er bevindingen zijn met betrekking tot de huurwetgeving. Omwille van de tijd gaat zij daar niet verder op in, maar zij zal de raad de details schriftelijk doen toekomen. Het mag duidelijk zijn dat de gemeente met dit bestemmingsplan geheel aan haar belang en dat van haar gezin voorbij gaat. Zij verzet zich daartegen nu op deze gespreksavond en zo nodig via de bestuursrechter. Het gevolg hiervan is dat initiatiefnemer voorlopig niet kan bouwen. Zij vindt dit vervelend, maar is van mening dat zij er alles aan gedaan heeft om via een dialoog tot een oplossing te komen.

Door de afwachtende houding van de gemeente en de onwil van initiatiefnemer en zijn adviseur om met haar naar een alternatief te zoeken voelt zij zich niet gehoord. Zij roept daarom de raad op om tegen deze bestemmingsplanwijziging te stemmen. De voorzitter biedt gelegenheid om vragen te stellen aan inspreker. De heer Metzke begrijpt dat inspreker er alles aan gedaan heeft om in gesprek te komen met initiatiefnemer en vraagt of er een gesprek heeft plaatsgevonden na de vorige inspaakronde. Inspreker geeft aan dat zij geprobeerd heeft om contact te krijgen met de adviseur van initiatiefnemer via het bureau waar deze werkzaam is, maar daar is geen reactie op gekomen. De heer Spohr constateert dat inspreker van mening is dat de gemeente afwachtend is geweest. Zijn ervaring is dat het college een voorstel heeft ingediend, dit heeft ingetrokken en dit nu opnieuw presenteert waaruit hij concludeert dat er kennelijk op de achtergrond het één en ander gebeurd is wat lijkt op een actieve houding. Hij vraagt hoe inspreker dit ziet. Inspreker antwoordt dat dit zich richt op het bezwaar tegen de huur. Haar bezwaar richt zich op andere zaken. Gevraagd is of het mogelijk is om samen met de gemeente naar alternatieve kavels te kijken waarop gebouwd zou kunnen worden, maar hier is niet op ingegaan, noch door de adviseur, noch door de gemeente.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

4

De heer Spohr vervolgt dat aangegeven wordt dat het belang niet het algemeen belang betreft en verzoekt om nadere duiding. Inspreker verduidelijkt dat er geen reden is voor een bestemmingsplanwijziging op die plek omdat de omgeving hier niet om vraagt. Initiatiefnemer vraagt hier om en daarom ziet zij dit als een privaat belang en daarnaast wijst zij nog op de koppeling van de compensatie met de anterieure overeenkomst en het inleveren van de stikstofrechten. De heer Van Groos merkt op dat wanneer een privépersoon iets vraagt dit ook in het algemeen belang kan zijn. Er is nu één woning, straks komen er meerdere woningen, de woningnood is vrij hoog op dit moment. Daarnaast wordt er nadrukkelijk gesproken over het inkrimpen van de veestapel. Stikstofrechten kunnen altijd verkocht worden. Als deze aan een ander waren verkocht, had dit ook het algemeen belang kunnen dienen. Hij kan de stelling dat het enkel om een privé belang gaat niet helemaal volgen. Inspreker benadrukt dat het gaat om de wijziging van het bestemmingsplan. Er komen twee bouwkavels waarvan één kavel op een plek die normaal gesproken niet aangewezen zou worden als in ogenschouw genomen wordt hoe hier in de afgelopen 15 jaar mee omgegaan is. Zij begrijpt dat er ontwikkelingen nodig zijn met betrekking tot woningnood, maar kan zich niet voorstellen dat één woning daar heel veel aan gaat toevoegen.

Conform de structuurvisie zou de gemeente daar op een andere manier naar moeten kijken. Zij vindt het een gezocht argument. Een vertegenwoordiger van ABAB Legal spreekt in. Bij de vorige bespreking kwam een verschil van inzicht naar voren over het aantal stieren op de vergunning van de buurman. Achteraf bleek dat er met de stieren rekening gehouden moet worden omdat de vertaling van het hebben gedaan van een melding dat er geen stieren meer worden gehouden juridisch niet wordt onderkend door de Raad van State. In het nieuwe geurrapport is een berekening gemaakt voor alleen de stieren en daarnaast is een berekening gemaakt waarbij uitgegaan wordt van de kalverhandel. De kalverhandel is gelimiteerd op 14 uur. De berekening wijst uit dat er op de piek sprake is van overbelasting. Er is bewust niet getracht om dit anders te formuleren (14 uur op basis van een week is 8,5%) omdat één en ander zo transparant mogelijk in te brengen. Hij gaat nader in op enkele elementen die zojuist naar voren zijn gebracht. In de beantwoording van het college wordt het onderscheid gemaakt dat er sprake is van verstedelijk gebied. Dit is een keiharde voorwaarde hoe omgegaan wordt met een ruimtelijke invulling. De raad heeft hier beleidsvrijheid in. Dit is iets anders dan ruimte-voor-ruimte. Dat is een aparte provinciale regeling die kaders kent.

Als er sprake is van bestaand stedelijk gebied, is dat een eigen bevoegdheid van de gemeente. De kapitaalvernietiging van het beëindigen van het bedrijf gaat over de kostenpost voor twee bouwtitels heen. De saneringskosten liegen er niet om en daarnaast verdwijnt een agrarisch bouwvlak van 1,5 hectare. Destijds is aangegeven dat wanneer er niet meer dan één woning zou kunnen komen, er niet aan dit plan begonnen zou zijn. Hij kiest ervoor om niet in te gaan op het algemeen belang, dat is aan de raad. Het gaat hier om het saneren van een milieuhinderlijk bedrijf. Het is niet wenselijk om dit bedrijf te behouden in de bebouwde kom en daarom wordt gezamenlijk naar een oplossing gekeken. Hij verwijst ter illustratie naar een glastuinbouwbedrijf verderop in de straat dat is verdwenen enige jaren geleden en woningen voor in de plaats gekomen zijn. De raad heeft deze vrijheid in bestaand stedelijk gebied. Hij vindt het jammer dat het element stikstof naar voren gebracht wordt. De overeenkomst over de stikstof staat los van deze invulling en is een jaar eerder al afgesproken. De gemeente wilde graag stikstofruimte voor bepaalde projecten en vroeg of er bereidheid was om ruimte te verkopen. Zijn cliënt was hiertoe bereid. Het college heeft uitgesproken in beginsel medewerking te willen verlenen aan de realisering van twee woningen zoals vermeld in het principeverzoek.

Hij benadrukt dat dit aan de verkoop van de stikstofrechten voorafging, maar nu wordt naar voren gebracht dat dit de drijfveer zou zijn. De vergunning is ingetrokken, de stikstofrechten zijn verhandeld en

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

5

daardoor kan er niet opnieuw een vergunning afgegeven worden. Hij betreurt het dat de discussie zo loopt. Hij kan zich voorstellen dat er weerstand is tegen het realiseren van een woning op 50 meter afstand van de achtergevel, maar het gaat wel om de sanering van een bedrijf waarvoor naar locaties gezocht wordt. De reden waarom er geen contact is gezocht, is omdat er geen mogelijkheid is om een bouwtitel af te geven die op een andere plaats ingevuld kan worden omdat het om sanering gaat. Het heeft geen enkele zin om hier tijd in te steken en kosten voor te maken, want de locatie die inspreker in gedachten heeft ligt buiten het bestaande stedelijke gebied. De voorzitter biedt gelegenheid om vragen te stellen aan inspreker. De heer Van Groos merkt op dat de opmerking ‘met de rug tegen de muur staan’ geen verwijt was in de richting van de vertegenwoordiger van het bureau en zijn cliënt, maar in de richting van het college omdat de raad gevraagd wordt om in te stemmen met het bestemmingsplan terwijl bekend is dat iemand juist om die reden zijn bedrijf heeft beëindigd en de stikstofrechten aan de gemeente heeft verkocht. Dit maakt het voor de raad lastig om nee te zeggen omdat betrokkenen hiermee ernstig gedupeerd worden. Hij vraagt of inspreker dit met hem eens is. Inspreker begrijpt de reactie, maar heeft daar geen invloed op omdat dit niet aan hem is.

Mevrouw Schilders vraagt of aangegeven kan worden wat de aangekondigde procedures betekenen voor cliënt. Inspreker antwoordt dat op het moment de raad het voorliggende plan vaststelt er in beroep gegaan kan worden. Hierbij moet een voorlopige voorziening aangevraagd worden. Als dit niet wordt gedaan, treedt het bestemmingsplan in werking. Dit houdt in dat wanneer er een omgevingsvergunning wordt aangevraagd om te bouwen deze binnen de vastgestelde termijn afgegeven moet worden. De vergunning moet afgegeven worden omdat er enkel wordt getoetst aan het bestemmingsplan. Als het bestemmingsplan niet van kracht mag worden, wordt de voorlopige voorziening behandeld. Hierbij zou sprake kunnen zijn van een spoedeisend belang omdat er een bouwaanvraag is ingediend. De zaak wordt in dat geval binnen vier maanden behandeld bij de Raad van State. De mogelijkheid bestaat dat er een uitspraak in hoofdzaak gedaan wordt. Dit betekent dat de bodemprocedure gelijktijdig wordt afgerond en daarmee wordt één en ander vervolgens positief of negatief beslecht. Hij heeft zijn cliënt geadviseerd om met een omgevingsvergunning verder te gaan, maar daaraan is een eigen risico gekoppeld. Mevrouw Schilders begrijpt hieruit dat uitstel voor een periode van minimaal zes maanden ontstaat afhankelijk van wat er gebeurt.

De voorzitter vult aan dat terwijl het beroep bij de Raad van State loopt de omgevingsvergunning voorbereid kan worden waardoor de verloren tijd minder zou kunnen zijn. Het risico bestaat wel dat de Raad van State er langer dan vier maanden over doet. De voorzitter biedt gelegenheid om vragen te stellen aan het college. Mevrouw De Jongste zou graag een reactie van de wethouder horen op het betoog van de eerste inspreker. Wethouder De Jong geeft aan dat hetgeen door de tweede inspreker is aangehaald correct is. De vier woningen staan in een stedelijk gebied. Ook de Wittedijk is als één perceel stedelijk gebied aangemerkt en daar mag een woning gebouwd worden. Dit maakt dat er geen sprake is van willekeur. De Provincie heeft haar fiat gegeven. Een voorlopige herziening (kort geding) duurt korter dan andere procedures. Dit maakt dat er

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

6

een uitspraak gedaan kan worden in de bodemprocedure, maar er kan ook een knip gelegd worden. Het is duidelijk dat inspreekster zich richt op de Wittedijk in plaats van de Nieuwe Vaart, maar het is aan de rechter om daarover te oordelen. Mevrouw De Jongste wijst op de genoemde periode van 15 jaar waarin anders is omgegaan met vergunningen en verzoekt om verduidelijking. Wethouder De Jong vervolgt dat het hier zoals al aangegeven om stedelijk gebied gaat. Er wordt een agrarisch bedrijf ontmanteld. Het is de vraag of de genoemde aanvragen zich richten op ontwikkelingen voor het stedelijk gebied of het agrarisch gebied en of de oppervlakte in het kader van ruimte-voor-ruimte te klein is om daar een, twee of drie woningen te realiseren. Hij heeft vanmiddag pas kennis genomen van deze casussen uit het verleden, maar nog geen gelegenheid gehad om deze te bestuderen. De heer Van Groos refereert aan de compensatie waarbij hij zich kan voorstellen dat deze voor buitenstaanders niet te volgen is omdat deze niet inzichtelijk is. Hij begrijpt dat het hier om bedrijfsgegevens gaat en vraagt wat er gedaan kan worden om duidelijk te maken dat er niet naar willekeur is gehandeld, maar in redelijkheid is opgetreden door het college. Wethouder De Jong geeft aan dat hij na zal gaan of het mogelijk is om de raad deze informatie vertrouwelijk te verstrekken.

De heer Spohr begrijpt uit de inspraak dat er bij dit dossier discussie is over het belang dat hiermee gemoeid is. Aangegeven wordt dat er geen sprake is van een algemeen belang. De discussie die met de gemeente loopt dateert van enige tijd geleden. Opgemerkt wordt dat het met name te maken zou hebben met stikstofreductie. Als tegenargument wordt gegeven dat dit helemaal niet aan de orde is omdat het gaat om een bedrijfssanering. In het eerste voorstel legt het college de nadruk op de stikstofreductie, want daarmee zou je kunnen denken dat het dossier is gebouwd op het beleid van de stikstofreductie. Hij vraagt of het klopt dat er vanuit een ander motief dan stikstof is gehandeld in eerste instantie en waarom de gemeente stikstof überhaupt aan de orde heeft gesteld omdat dit kennelijk een ondergeschikt belang speelt. Hij vraagt voorts welke impact de stikstofreductie heeft op lopende projecten. Wethouder De Jong antwoordt dat het initiële voorstel is opgenomen in de anterieure overeenkomst. Voor de volledigheid en transparantie is de stikstof daar benoemd. De insteekhaven is een project dat een ieder aangaat en daarvoor werd in deze een mogelijkheid voor de compensatie van stikstof gezien. De stikstofruimte is pas aan de orde gekomen toen duidelijk werd dat dit na bedrijfsbeëindiging aan de orde zou zijn.

Als er een mogelijkheid wordt gezien om een tekort te compenseren, is de gemeente bereid om daar een prijs voor te betalen opdat andere ontwikkelingen door kunnen gaan. De stikstofruimte moet direct aan een project gekoppeld wordt. De heer Spohr vraagt welke betekenis het vervallen van de stikstofrechten heeft voor de insteekhaven. Voorts vraagt hij of er op dit moment sprake is van stikstofbeleid, omdat dit van betekenis zou kunnen zijn bij andere bedrijfsbeëindigingen die de gemeente wellicht zou willen stimuleren om stikstof te laten vervallen. Wethouder De Jong geeft aan dat dit zich na de insteekhaven niet meer zo voordoet. De gemeente wil voor de woningbouw ook naar een aantal ontwikkelingen en daarom wordt dit in kaart gebracht. De raad wordt geïnformeerd welke procedures daarvoor gevolgd gaan worden. De voorzitter inventariseert de standpunten.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

7

Mevrouw De Jongste geeft aan dat haar fractie voornemens is om een amendement in te dienen. De heer Bokšan geeft aan dat zijn fractie die inzichten die vanavond naar voren zijn gekomen nog wil wegen. De heer Van Belkom merkt op dat dit ook voor zijn fractie geldt. De heer G. den Braven is benieuwd hoe het zit met de stikstofrechten en of er nu wel of niet sprake is van compensatie. De heer Spohr wil nader ingaan op het stikstofbeleid en het algemeen belang. Mevrouw IJpelaar gaat de visie van haar fractie en hetgeen naar voren is gebracht wegen. De heer Van Groos gaat iets zeggen over het opkopen van de stikstofrechten door de gemeente in deze fase. De voorzitter constateert dat de fracties van Lokaal Belang, VVD, CDA, GroenLinksaf, Samen Waalwijk, ChristenUnie en Lijst IJpelaar het stuk als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 2 februari a.s. Zij bedankt de insprekers voor hun toelichting en sluit de bespreking over dit onderwerp. 4.

Incidenteel tekort Schoenenkwartier/onttrekking reserve

Dit agendapunt is geagendeerd door de fracties van ChristenUnie en Lokaal Belang. Een vertegenwoordiger van het bestuur van het Schoenenmuseum verzorgt een toelichting. De bestuurlijke verantwoordelijkheid van het bestuur richt zich met name op de continuïteit van het Schoenenkwartier. Hij gaat nader in op de context van de aanvraag. Vijf jaar geleden is gevraagd om te werken aan het nieuwe museum. Vervolgens is door veel mensen hard gewerkt aan de vernieuwing (concept, outlook, museale inrichting, organisatie). Hij wijst in dit kader op de positieve reacties, het aantal van 16.000 betalende bezoekers in 2022 en de commentaren in het gastenboek. Het museumkwartier is tot publiek gebouw van het jaar gekozen. Het bestuur is daar trots op. De exploitatie was steeds sluitend en het lijkt erop dat ook 2022 break-even afgesloten kan worden. In augustus 2022 is een crisissituatie ontstaan doordat er namens de directeur een voortdurend escalerend mediaspektakel werd opgezet toen duidelijk werd dat haar contract niet zou worden verlengd. Er werd gedreigd met gerechtelijke procedures voor het bestuur van het Schoenenkwartier, maar ook voor individuele bestuursleden. De beoogde leden voor de Raad van Toezicht hebben verzocht om voor hun aantreden schoon schip te maken.

Hoewel de juridische situatie duidelijk was (een tijdelijk arbeidscontract dat van rechtswege eindigt) werd het bestuur gedwongen om een advocaat, een communicatiedeskundige en een interim-directeur te betrekken. Vervolgens volgde een tsunami van ongenuanceerde berichtgeving, agressief en op de persoon gericht. Begin oktober werd de directeur uit haar functie ontheven. Eind november hebben partijen (bestuur en directeur) een vaststellingsovereenkomst getekend waarbij is afgesproken dat partijen geen gerechtelijke procedures zouden starten, geen negatieve uitlatingen meer zouden doen in de ruimste zin van het woord en geheimhouding zouden betrachten. De directeur is vervolgens met ingang van 1 december uit dienst gegaan. In het crisismanagement kon niet voorzien worden en de kosten daarvoor zijn niet opgenomen in de reguliere begroting, maar voor de continuïteit van het Schoenenkwartier was deze actie wel nodig. Het grootste gedeelte van het bedrag betreft eenmalige, incidentele kosten. Omdat er in de afgelopen jaren geen reserves zijn opgebouwd, wordt de gemeente gevraagd om dit bedrag als extra subsidie beschikbaar te stellen. Als hiertoe besloten wordt, zal de Raad van Toezicht onmiddellijk

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

8

aantreden en kan iedereen zonder de last uit het verleden verder. Het proces van werving en selectie voor een nieuwe directeur kan voortgezet worden. Afsluitend geeft hij aan trots te zijn op hetgeen is bereikt met het Schoenenkwartier en het aantal bezoekers dat is aangetrokken. De culturele omgeving is positief, de buren zijn positief en daarom is het belangrijk dat het Schoenenkwartier verder kan gaan met een mooie toekomst. De voorzitter biedt gelegenheid om vragen te stellen aan inspreker. Mevrouw IJpelaar begrijpt dat het bestuur veel over zich heen gekregen heeft en vraagt of het bestuur van mening is dat er iets gecommuniceerd had moeten worden richting de inwoners van Waalwijk. Inspreker antwoordt dat er niet gesproken kan worden over het waarom van een tijdelijk arbeidscontract dat niet wordt verlengd. De reactie die hierop ontstond was niet te beheersen. Er is gesproken met medewerkers en vrijwilligers. Bemerkt is dat wanneer mensen niet te horen krijgen wat zij graag willen horen zaken onmiddellijk voor waarheid gehouden worden. Het bestuur wilde deze discussie niet in de openbaarheid voeren, ondanks het feit dat er onterechte zaken, onwaarheden en ongenuanceerde zaken zijn verkondigd. Het is moeilijk om te reageren op iets waar je eigenlijk niet over kunt praten.

De voorzitter begrijpt dat eigenlijk gevraagd wordt of inspreker van mening is dat het Schoenenkwartier in algemene zin verantwoording dient af te leggen aan de Waalwijkse samenleving, los van het incident. Mevrouw IJpelaar vervolgt dat de raad ook van alles over zich heen heeft gekregen. Inspreker reageert dat er bereidheid is om in een vertrouwelijke setting meer informatie te geven, maar zover is het nog niet gekomen. Natuurlijk dient het bestuur verantwoording af te leggen want het gaat om gemeenschapsgeld. Het bestuur voelt zich bezwaard, maar kon daar tegelijkertijd weinig mee. Hij weet niet hoe men dit had moeten doen, ook de pers was niet altijd even genuanceerd. De heer Van Groos bedankt inspreker voor zijn komst terwijl deze weet dat hij zich niet kan uitspreken. Dit geldt ook voor de raad. Hij begrijpt dat dit niet voorzien was, maar vraagt of toen de begroting werd opgesteld al bekend was dat het contract niet zou worden verlengd. Mevrouw De Jongste vindt het ook lastig dat er geen vragen gesteld mogen worden over hetgeen onderliggend is gebeurd. Eigenlijk kan de raad enkel bij het kruisje tekenen omdat er een belang is dat het Schoenenkwartier verder gaat in positieve zin. Haar fractie heeft er veel moeite mee dat er een waas blijft hangen en hoopt dat dit toch glad gestreken kan worden. Inspreker denkt dat tijd hierbij belangrijk is.

De voorzitter biedt gelegenheid om vragen te stellen aan het college. Mevrouw IJpelaar geeft aan dat de raad stukken heeft gekregen waar niet openlijk over gesproken kan worden, maar zag dat er op Facebook wel vragen worden gesteld en informeert waar het misgegaan is. Wethouder Van den Hoven antwoordt dat dit voor het college ook een raadsel is, maar de conclusie dat er een lek binnen de organisatie is, is voorbarig. Informatie kan vanuit verschillende vlakken naar voren komen. Hij is van mening dat mensen hierin een verantwoordelijkheid moeten nemen. Maar als er iets gelekt is, heeft hij daar ook ernstige zorgen over.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

9

Mevrouw IJpelaar vervolgt dat dit een dilemma is voor de raad. Zij mag geen vragen stellen, terwijl zij wel vragen heeft die zij graag zou willen stellen. Ook haar fractie is voor continuïteit, maar het gaat wel een om flink bedrag. Als je niet weet waarom dit bedrag uitgegeven moet worden, is dat heel lastig. Er is wel informatie verstrekt, maar dat mag zij hier niet bespreken. De heer Van Groos vraagt wat het voor het optreden van het college betekent dat zij niet verantwoordelijk is voor personele problemen van gesubsidieerde organisaties en zich daar ook niet mee bemoeit, althans niet zichtbaar, maar dat de financiële gevolgen van die problemen wel op de gemeente worden afgewenteld, waarna aan de raad zonder tekst en uitleg over het waarom wordt gevraagd de benodigde middelen ter beschikking te stellen. De raad mag zich er niet mee bemoeien, maar mag wel de rekening betalen. In het raadsvoorstel staat onder punt 5 dat er geen risico’s zijn verbonden aan dit besluit ten aanzien van het Schoenenkwartier. Hij vraagt zich af of dat wel zo is omdat dit wellicht een precedent schept voor andere partijen om rekeningen bij de gemeente neer te leggen, bijvoorbeeld vanuit het openbaar onderwijs. Het college wil een beroep doen op de reserve Schoenenkwartier. De inkomsten en uitgaven ten aanzien van het Schoenenkwartier in brede zin zijn nog niet erg transparant.

De Elzenweg en het depot vormen nog steeds losse einden. Hij vraagt zich af of alles wel vanuit de beschikbare middelen betaald kan worden en waarom er dan nog stortingen in de reserve nodig zijn. Hij vraagt voorts of het college bereid is om voordat de jaarrekening gepubliceerd wordt op dit punt voor meer duidelijkheid te zorgen. Wethouder Van den Hoven antwoordt dat de gemeente niet aan zet is als het gaat om arbeidsconflicten bij gesubsidieerde instellingen. Als een contract van rechtswege eindigt, is het normaal gesproken zo dat iemand anders wordt aangesteld en dat wellicht achter de schermen nog het één en ander geregeld wordt. Dit was het uitgangspunt toen het bestuur met deze mededeling is gekomen. Het bestuur houdt het college regelmatig op de hoogte over het reilen en zeilen van het Schoenenkwartier. Het college werd niet direct betrokken toen het een arbeidsconflict werd. De vervelende situatie die ontstond is zojuist toegelicht. Net als het bestuur is het college gebaat bij een functionerend Schoenenkwartier waardoor enkele malen overleg is gevoerd over de stappen die zijn gezet. Vervolgens is één en ander ontploft, dat is enorm spijtig en dit draagt bij aan de kostenpost die is ontstaan. Er zijn twee partijen betrokken als het gaat om beëindiging van een contract van rechtswege en dat is in dit geval niet gelukt.

Gaandeweg zijn kosten ontstaan die ook hij liever niet had gezien, maar die in verband met de continuïteit van het museum gemaakt moesten worden. Hij benadrukt dat de kostenpost die is opgenomen het worst case scenario betreft. Kosten die niet gemaakt worden, worden in mindering gebracht. Als bijvoorbeeld de nieuwe directeur al in mei benoemd wordt, worden de salariskosten van de interim-directeur in mindering gebracht. Ten aanzien van de vraag over de risico’s hoopt hij dat er ook normale contractbeëindigingen zullen plaatsvinden en dat besturen daarover in goed overleg gaan en blijven. Hij herhaalt dat iets dergelijks een zaak is tussen werkgever en werknemer en niet direct een aangelegenheid voor de gemeente, maar dat er naar aanleiding van dit geval wel wat zorgen zijn. Het college denkt na of signalen vanuit het college richting andere besturen op zijn plaats zijn om te voorkomen dat iets dergelijks zich nogmaals voordoet. Hij gaat hierbij ook uit van het gezond verstand van betrokkenen. De raad gaat over de reserve Schoenenkwartier. Hij is zeker bereid om dit nader met de raad te bespreken. De heer Van Groos zou graag willen horen hoe het staat met het oude gebouw aan de Elzenweg en het depot, omdat dit om grote bedragen gaat. Hij heeft dan niets aan een stand van zaken. Indien nodig, kan hij schriftelijk vragen stellen hierover.

Het gaat niet alleen om problemen met een financieel gevolg of arbeidsconflicten, er kunnen ook andere dingen gebeuren bij gesubsidieerde instellingen of organisaties waarvan uiteindelijk de rekening bij de gemeente terechtkomt. Hij kan voorbeelden uit de afgelopen tijd noemen, maar denkt dat de wethouder dit zelf ook kan bedenken.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

10

Op de eerste vraag heeft hij nog niet voldoende reactie gekregen, maar dat kan ook liggen aan de manier waarop hij de vraag heeft gesteld. Stel dat de raad gehoord de signalen vanuit de samenleving, vrijwilligers, andere directbetrokkenen bij het Schoenenkwartier en het personeel had gezegd zich zorgen te baren dat de directeur blijft had het zo kunnen zijn dat twee bestuursleden waren opgestapt, dan had de raad een nieuw bestuur moeten zoeken en geen twee ton hoeven betalen. Hij vraagt waarom hetgeen nu voorgesteld wordt dan toch de goede route is. Wethouder Van den Hoven vindt dit een lastige vraag omdat gesuggereerd wordt dat deze geluiden er zijn. Hij heeft andere geluiden gehoord. Op de dag dat de voormalig directeur afscheid nam van het Schoenenkwartier zijn vrijwilligers en medewerkers juist teruggekomen. Het ligt lastig en hij kan daar niet veel over vertellen, maar de geluiden die hij heeft gehoord zijn contrair. Hij heeft vijf jaar met dit bestuur mogen werken en heeft diep respect voor hen dat zij met alle obstakels een bijzonder mooi Schoenenkwartier hebben weggezet.

Naast de verschillende onderscheidingen die de gemeente ten deel zijn gevallen, staat het concept als een huis en is er door de tsunami aan negativiteit en publiciteit die niet vanuit het bestuur is gekomen duidelijk een beeld ontstaan waarbij hij andere gedachten krijgt dan de gedachten die nu naar voren worden gebracht. Hij is absoluut niet blij met de manier waarop dit bestuur opzij gezet wordt door te zeggen had het college niet beter het bestuur kunnen wegsturen, een ander bestuur moeten zoeken om vervolgens door te gaan met de directeur. De voorzitter veronderstelt dat de heer Van Groos het niet zo heeft bedoeld. Er zijn zowel positieve als negatieve geluiden naar voren gekomen. Het is meer hypothetisch bedoeld en daarom verzoekt zij de wethouder om de vraag hypothetisch te beantwoorden. Als een bestuur een directeur wegstuurt, zou de raad dan mogen beslissen dat de directeur moet blijven. Wethouder Van den Hoven vervolgt dat de raad in theorie het hoogste bestuursorgaan is. Omdat het een gesubsidieerde instelling betreft is het logisch dat de raad uiteindelijk het laatste woord heeft. Hij vindt het lastig om een hypothetisch antwoord te geven. In dergelijke gevallen spelen heel veel factoren die lastig te interpreteren zijn door de raad, maar in theorie heeft de raad altijd het laatste woord.

De voorzitter begrijpt hieruit dat de raad in theorie zou kunnen beslissen om een directeur aan te laten blijven, maar of dit verstandig is, is een tweede punt. Wethouder Van den Hoven verduidelijkt dat wanneer het zo ver komt dat de raad hierover een beslissing neemt dat het geval is. Het college is verantwoordelijk voor de uitvoering, de raad heeft de zeggenschap, maar dit moet wel puur hypothetisch bezien worden. De voorzitter vervolgt dat een Raad van Toezicht zelfstandig bevoegd is om een bestuurder te ontslaan. Zij informeert of de vraag van de heer Van Groos hiermee beantwoord is. De heer Van Groos geeft aan dat dit niet het geval is, maar weet niet of het veel zin heeft om hier zo nadrukkelijk mee door te gaan. Hij vindt het jammer dat de indruk werd gewekt dat er een bepaalde suggestie werd opgeworpen, terwijl de gemeente een petitie met duizenden handtekeningen heeft ontvangen. De raad krijgt de vraag wat hij daar eigenlijk doet. Er mag gesproken worden vanuit het budgetrecht, maar het feit is dat de voormalig directeur weg is en ook niet meer terugkomt als hij het goed inschat. Hij vraagt zich af wat dit recht dan nog inhoudt als het alleen nog gaat over het wel of niet beschikbaar stellen van geld als daardoor de continuïteit van het Schoenenkwartier in het geding komt.

De Raad van Toezicht heeft aangegeven niet te willen starten met een schuld, maar met een blanco lei.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

11

De heer Van Zelst hoort dat er op social media zaken naar voren zijn gekomen, mogelijk gelekt. De wethouder weet hiervan. Hij zou graag weten waar dit over gaat want hij vindt het niet fijn dat er in raadselen gesproken wordt. Hij heeft geen oordeel over het bestuur en de voormalig directeur, maar in de beantwoording van de wethouder richting de heer Van Groos werd lovend over het bestuur gesproken. Hij zou graag willen weten hoe de relatie van de wethouder met de voormalig directeur was omdat hij veronderstelt dat de wethouder geen partij wil kiezen. Wethouder Van den Hoven kijkt zelden op social media, kreeg van mevrouw IJpelaar te horen dat er posts zijn verschenen op diverse media, maar hij is niet bekend met de inhoud. Ook op LinkedIn kwamen bijzondere zaken voorbij, maar dat laat hij voor rekening van degene die dat heeft gepost. De woorden die hij over het bestuur heeft gesproken nuanceert hij niet. Hij heeft bijna twee jaar samengewerkt met de voormalig directeur. Dit waren constructieve overleggen waarbij het vaak schuurde als het ging over financiën. Dit is logisch, want het concept was al ontwikkeld en het is vervolgens begrijpelijk dat er wensen zijn die een directeur graag gerealiseerd zou willen zien. Daar zijn pittige discussies over gevoerd, maar daar kwam de stuurgroep altijd uit. Verder kan hij er niets over zeggen.

Mevrouw IJpelaar reageert in de richting van de heer Van Zelst dat zij niet in raadselen spreekt. Er is gevraagd om geheimhouding met betrekking tot de kosten. Zij las gisteren iets dat haar de indruk gaf dat mensen op de hoogte zijn van de kosten. Zij kan daar geen vragen over stellen aan de wethouder. Het is lastig om iets niet te kunnen vragen terwijl mensen buiten deze zaal wel op de hoogte zijn van wat er speelt. De heer Van Zelst verduidelijkt dat hij het niet zo bedoelde, doordat mevrouw IJpelaar zich niet kan uitspreken is het onduidelijk en worden het raadselen voor hem. De voorzitter vult aan dat mevrouw IJpelaar schriftelijke vragen kan stellen of de wethouder kan uitnodigen voor een kop koffie. De heer Klerx geeft aan dat de raad privacygevoelige informatie vertrouwelijk heeft gekregen. In de krant werd geschreven over de kosten voor de juridisch adviseur, de communicatieadviseur, de inhuur van een interim-bestuurder en nog een aantal andere incidentele kosten. Hij denkt dat hier geen vertrouwelijkheid voor geldt waardoor daar gewoon vragen over gesteld kunnen worden. Hij denkt dat de specifieke hoogte van de bedragen wel vertrouwelijk is. Wethouder Van den Hoven bevestigt dat dit het geval is. Mevrouw Schilders begrijpt van de wethouder dat het teveel terugkomt als de interimbestuurder vertrekt op het moment dat de nieuwe directeur wordt aangesteld.

Zij informeert of er ook een mogelijkheid is dat het meer wordt. Wethouder Van den Hoven verduidelijkt dat het om een worst case berekening gaat. Er wordt niet meer dan € 180.000 aan de raad gevraagd. Mevrouw Van Laar verzoekt de wethouder te schetsen wat er gebeurt als de raad nee zegt tegen dit krediet. Wethouder Van den Hoven antwoordt dat de Raad van Toezicht dan niet aantreedt. Dit houdt in dat de continuïteit in het gedrang komt en dat zou hij jammer vinden. Hij heeft maandag kennis gemaakt met de Raad van Toezicht, zijn eerste indruk van hen is positief en daadkrachtig. Het is erg vervelend dat dit nu gebeurt en dat dit bedrag betaald moet worden. Aangegeven is dat wanneer de raad positief besluit er op 3 februari aan de slag gegaan wordt. Als de raad nee zegt ontstaat er een andere situatie. Hij vermoedt dat de Raad van Toezicht dan niet zal starten.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

12

Mevrouw De Jongste vindt het fijn dat er in ieder geval al gekeken wordt naar een nieuwe Raad van Toezicht en vraagt of er vrees is dat hetzelfde gebeurt als met de oude directeur. Zij krijgt het gevoel dat het allemaal naar één persoon wordt gericht. Wethouder Van den Hoven benadrukt dat er een Raad van Toezicht is die op de achtergrond actief is. Er wordt intensief overlegd met het bestuur. Als de raad positief besluit gaat men formeel aan de slag. Het risico dat een zelfde situatie ontstaat bestaat altijd, maar zijn eerste indruk is dat het een zeer bekwame Raad van Toezicht is die bekend is met het metier. Ook financieel gezien is er expertise. De Raad van Toezicht is verantwoordelijk voor het aanstellen van een nieuwe directeur en daarna ontstaat een andere situatie. Het wordt niet onvoorspelbaar als de Raad van Toezicht aantreedt. De voorzitter vult aan dat er een directeur-bestuurder wordt aangesteld waarna het bestuur stopt. De heer Van Zelst begrijpt dat de leden van de Raad van Toezicht al aanwezig zijn op de achtergrond en informeert of de huidige communicatieadviseur lid van de Raad van Toezicht is of wordt. Wethouder Van den Hoven antwoordt dat dit hem niet bekend is. De voorzitter inventariseert de standpunten. Mevrouw De Jongste wil graag overleg voeren met de fractie naar aanleiding van de beantwoording en kiest daarom voor een B-punt.

De heer Bokšan geeft aan dat het een B-punt is omdat de fractie nog wil ingaan op de keuzes die het bestuur heeft gemaakt en wat er in de toekomst van de wethouder wordt verwacht ten aanzien van het Schoenenkwartier. De heer Metzke zegt dat het ook voor zijn fractie een B-punt is omdat de fractie wil ingaan op de manier waarop publiek geld wordt aangesproken. Mevrouw IJpelaar wil ingaan op het gemeenschapsgeld en zij gaat in de tussentijd nog even met de wethouder praten. De heer Van Zelst sluit zich aan bij de woorden van Samen Waalwijk. De voorzitter constateert dat de fracties van VVD, D66, Samen Waalwijk, SGP en Lijst IJpelaar het stuk als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 2 februari a.s. Bespreking raadsvoorstellen met college 5.

Aanvullend krediet t.b.v. realisering veilige fietsoversteken

Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos geeft aan dat wordt gevraagd om een extra krediet van € 86.750. Bij punt 4 financiën wordt aangegeven dat er voor dit werk sprake is van een te grote kredietoverschrijding. Hij vraagt hoe het mogelijk is dat het college dit werk, afgezien van de knipperbollen, al ten uitvoer heeft laten brengen. Voorts vraagt hij wat het college doet als de raad dit krediet niet toekent en waarom de raad niet eerder is geïnformeerd over de problemen aangezien in het raadsvoorstel stond dat naar verwachting de drempels, die onlangs pas zijn aangelegd, in het voorjaar van 2022 zouden worden gerealiseerd.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

13

Wethouder De Jong antwoordt dat er € 60.000 aan subsidie wordt ontvangen. Dit heeft even geduurd, maar de eerste fase stond vast. Deze fase is via een amendement verrijkt met de knipperbollen. In 2022 zijn de prijzen gestegen en is er haast gemaakt met de uitvoering. De daadwerkelijke kosten zijn hoger uitgevallen (kosten aannemer en kosten bouwmaterialen). Met het bedrag van € 30.000 is het niet goed gegaan omdat dit wel in de overwegingen van het amendement stond, maar niet in het besluit. Dit is nu gerepareerd. Hij beaamt dat dit eerder gedaan had moeten worden. De heer Van Groos vervolgt dat het bijzonder is dat aan de raad wordt gevraagd om buiten het IPH vanwege de ernst van de situatie € 100.000 beschikbaar te stellen. Het krediet is op een vreemde manier in de boeken verwerkt, want het wordt afgedekt uit reguliere budgetten waar normaliter kapitaallasten niet op afgeschreven worden, waardoor het nu alleen maar hoger wordt. Hij had verwacht dat één en ander in de zomervakantie aangelegd zou worden zodat de scholieren hier geen last van zouden hebben. Het werk is nu gedaan in december, qua verkeersveiligheid niet de meest handige periode. Als het zo belangrijk was om een krediet aan te vragen had het ook zo belangrijk kunnen zijn om een extra aanvulling aan de raad te vragen zodat dit in de zomervakantie aangelegd had kunnen worden.

Wethouder De Jong weet niet of dit laatste mogelijk zou zijn geweest qua offerte, opdrachtverstrekking en uitvoering. Op de vraag of het qua procedure eerder had gekund heeft hij al ja geantwoord. De heer Klerx begrijpt van de wethouder dat één en ander niet juist in het amendement was weergegeven, terwijl de raad de begroting met de beste bedoelingen naar aanleiding van heeft willen aanpassen. Als het niet juist in het amendement heeft gestaan zou hij daar graag van leren, maar wellicht was het een omissie. De voorzitter geeft aan dat in antwoord op schriftelijke vragen van de ChristenUnie is aangegeven dat dit een menselijke fout betreft. Wethouder De Jong vult aan dat er naar aanleiding van het amendement een gewijzigd raadsvoorstel is opgesteld waarin de letterlijke tekst van het besluit van het amendement is opgenomen. In het raadsvoorstel is verzuimd om het bedrag daadwerkelijk te verhogen. Omdat dit niet is gebeurd, is vervolgens de begrotingswijziging niet aangepast. De voorzitter inventariseert de standpunten. Mevrouw De Jongste geeft aan dat het voor haar fractie voorlopig nog een B-punt is omdat zij de beantwoording wil terugkoppelen naar de fractie. De voorzitter constateert dat de fractie van Samen Waalwijk het stuk als bespreekstuk agendeert voor de raadsvergadering van 2 februari a.s. 6.

Bedenkingen raad ten aanzien van voorgenomen beslissing college op bezwaar tegen verkeersbesluit ‘toestaan fietsers in Promenadegebied'

Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos geeft aan dat de raad op 19 november 2020 unaniem een motie heeft aangenomen om het fietsen op de promenade in stand te houden en zo mogelijk zelfs uit te breiden tot 24 uur per dag, 7 dagen in de week. Op 14 december 2022 verwees het college op de vraag waarom de herinrichting van de promenade geen rekening is gehouden met de motie naar raadsinformatiebrief 024-21 getiteld Bordensanering centrum en afsluiting Markt. In deze raadsinformatiebrief staat niets vermeld over een fietsverbod in de Stationsstraat. Hij nodigt de raad uit mee te kijken naar het bordenplan

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

14

zoals dit als bijlage 2 is meegezonden en toont vervolgens vijf dia’s. Aan beide zijden van de Markt staat een verbodsbord C12. Dit houdt in verboden voor alle motorvoertuigen. Op het bordenplan staat geen verbodsbord voor de Stationsstraat. Er staat wel een bord om aan te geven dat het om een voetgangerszone gaat. Hij stelt wederom en hopelijk voor de laatste keer de vraag waarom het college de motie niet heeft uitgevoerd. Wethouder De Jong reageert dat het college op 28 april 2021 na een intensief participatietraject heeft besloten om fietsen in de Stationsstraat, op de Markt en het promenadegebied niet langer toe te staan tijdens de winkel- en horecatijden. Daar is geen bezwaar tegen ingediend. Op 7 juli 2021 is een krediet verstrekt met betrekking tot de herinrichting van de Markt en het Raadshuisplein. Het verkeersbesluit van 28 april 2021 is de basis voor het definitieve ontwerp; een fietsverbod van de Julianastraat tot aan de Grotestraat, dus zowel de Markt als de Stationsstraat. In september/oktober is men gestart met de uitvoering. In het bestek met de aannemer is er vanuit gegaan dat fietsen verboden is, het is een wandelgebied (dit wordt aangegeven met een blauw bord met daarop een volwassene en een kind). In februari 2022 volgde de motie afhandeling fietsen op de promenade die door de raad werd geamendeerd.

Hij wijst op het causaal verband van het verkeersbesluit en het gemaakte ontwerp waarna een krediet is verstrekt door de raad wat vervolgens is uitgevoerd onder auspiciën dat er niet gefietst mag worden op de Stationsstraat en de Markt. Dat is reden waarom nu in het kader van de uitspraak van de Bezwarencommissie het college niets anders rest dan het overnemen van dit advies. In de afwegingen wordt aangegeven waarom hiervoor wordt gekozen. Dit is de reden waarom één en ander tot op heden niet is uitgevoerd. De heer Van Groos kent het dossier heel goed en dankt de wethouder, die niet vanaf het begin betrokken is geweest, voor zijn reactie. Op 19 november 2020 heeft de voltallige raad het college gevraagd om het fietsen op de promenade in stand te houden en zo mogelijk uit te breiden. Toen gold fietsen door de Grotestraat 24/7 en op de Markt en de Stationsstraat alleen ’s ochtends. Op 28 april 2021 heeft het college een besluit genomen om het fietsen op de Markt en in de Stationsstraat niet meer toe te staan. Hij vraagt waarom het college dit heeft besloten terwijl de raad unaniem heeft gevraagd om het fietsen uit te breiden in plaats van te beperken. Deze vraag heeft hij keer op keer gesteld en stelt hij vanavond weer. Wethouder De Jong kent het verzoek van 19 november 2020 niet.

Op 28 april 2021 werd het verstandiger geacht om het anders te doen na een stevig en intensief participatietraject. De uitkomst daarvan was om het fietsen te verbieden en dit is vervolgens procedureel afgewerkt. Het college heeft consequent geacteerd, tegen het verkeersbesluit is geen bezwaar ingediend. Bij het voorstel voor de herinrichting van de Markt op 7 juli 2021 is het krediet door de raad verstrekt. Hierna is met de uitvoering begonnen. Pas in februari 2022 kwam er een andere reactie van de raad. Hij is niet betrokken geweest bij de afweging waarom het toch beter is om het fietsen te verbieden, maar hij veronderstelt dat dit vanuit de samenleving is gekomen. Inwoners en stakeholders hebben hun mening gegeven in het participatietraject en dit heeft het college ertoe gebracht om één en ander in heroverweging te nemen en als zodanig dat besluit te nemen. Vervolgens is alles in proces gezet met de raad. De heer Van Groos merkt op dat de raad op 19 november 2020 een motie heeft aangenomen zoals hij zojuist heeft aangeduid. Op 11 november 2021 heeft de raad in meerderheid een motie vreemd aangenomen die hetzelfde verzoek had (houd het fietsen op zijn minst in stand en breid dit waar mogelijk uit). In februari 2022 is een amendement aangenomen op het raadsvoorstel dat toen voorlag over de alternatieve route.

Hij vraagt of het college de raad volgt als hij na een breed gelopen participatietraject, waar heel veel Waalwijkers zich over hebben uitgelaten, besluit iets anders te doen dan bij meerderheid uit het participatietraject is gekomen.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

15

Wethouder De Jong geeft aan dat de bevoegdheid tot het nemen van een verkeersbesluit bij het college ligt. Het college heeft een afweging gemaakt en een besluit genomen. Het is een controversieel dossier waarin eerder uitspraken zijn gedaan waarna uitvoering heeft plaatsgevonden, maar de Bezwarencommissie wijst op een gebrek aan motivering. Als hij nu een specifieke reden moet geven, zal hij dat eerst even moeten terugkoppelen en afstemmen. De heer Van Groos bestrijdt dat de raad verkeersbesluiten heeft genomen, zeker niet in de motie, want daar horen hele andere dingen bij dan de raad tijdens de raadsvergadering heeft vastgesteld. Het argument verkeersveiligheid dat nu wordt ingebracht is het gevolg van het feit dat de Markt anders is ingericht. De doorgang voor de voetganger is veel smaller geworden en daardoor is er in de ogen van het college geen ruimte meer voor de fietser. Het probleem is veroorzaakt door de manier waarop het marktplein is heringericht door het college. Als de doorgang hetzelfde was gebleven, had de motie wel opgevolgd kunnen worden. De heer Van Zelst merkt op dat er wordt gesproken over een verkeersbesluit, een raadsbesluit, een collegebesluit. Een zelfde discussie vond plaats tijdens de hoorzitting bij de Bezwarencommissie. Het werd een politiek dingetje, want als het een raadsbesluit is, gaat de Bezwarencommissie daar natuurlijk niet over.

Na een kwartier heen en weer praten tussen de juristen en de Bezwarencommissie kwam men er achter dat er wel degelijk een collegebesluit was en dus kon het bezwaar in behandeling genomen worden. Er ligt nu een raadsvoorstel voor en eigenlijk komt het erop neer dat in het advies van de Bezwarencommissie wordt gesteld dat er te weinig onderzoek is gedaan naar de verkeersveiligheid. In het raadsvoorstel zijn vier opties opgenomen. De eerste optie is ongegrond verklaren. Hij adviseert het college om het bezwaarschrift ongegrond te verklaren. De politie heeft onderzoek gedaan naar wetmatigheid, rechtmatigheid, handhaafbaarheid, verkeerstechnische en infrastructurele inrichtingen, het wegontwerp naar aanleiding van het CROW, de doorstroming van het verkeer en comptabiliteit met betrekking tot de Nederlandse verkeersveiligheidsvisie duurzaam veilig van het SWOV. Er is voldaan aan artikel 21 BAWB en ex artikel 2 van de Wegenverkeerswet. De conclusie is dat er geen redenen zijn die het voorgenomen verkeersbesluit in de weg staan. Hij vraagt hoezo de Bezwaarcommissie kan stellen dat er geen onderzoek is gedaan naar de verkeersveiligheid. Hij herhaalt zijn oproep om het bezwaarschrift ongegrond te verklaren opdat de BIZ in beroep kan gaan. De gemeente gaat deze zaak gewoon winnen. Het is ook nog mogelijk om het bezwaar niet ontvankelijk te verklaren.

Hij wil geen juridisch advies geven, maar verzoekt het college om de juristen nogmaals de statuten van de BIZ te laten lezen alvorens er een beslissing wordt genomen over dit bezwaar. De BIZ is naar zijn mening op basis van de staturen niet bevoegd om bezwaar te maken. De wethouder gaf aan dat de Bezwarencommissie het bezwaar heeft erkend, maar dat had men niet moeten doen. Hij informeert welke waarde de wethouder toekent aan het advies van de politie en voort hoort hij graag de visie van de wethouder op dit betoog. Wethouder De Jong reageert dat wanneer op de politie in algemeenheid wordt gedoeld hij niet weet met welke autoriteit de politie dit doet. De Bezwarencommissie heeft één en ander juridisch doorgelicht, ook in het kader van de ontvankelijkheid van de BIZ. De standpunten van de politie zijn door de Bezwarencommissie meegenomen in de afweging, maar uiteindelijk is men niet tot een ander advies gekomen dan het advies dat is afgegeven. De heer Van Zelst vervolgt dat de politie-eenheid Zeeland-West Brabant, district De Baronie het advies heeft opgesteld. Dit rapport is onderdeel van het dossier, maar ter zitting is er met geen letter over dit rapport gesproken. Hij was aanwezig als toehoorder en maar kon daar niet spreken. Het advies van de politie komt niet naar voren in het verslag.

Verslag gespreksavond 19 januari 2023

16

Wethouder De Jong reageert dat wanneer de juridische insteek wordt genomen dit tot het dossier behoort. De Bezwarencommissie neemt in de regel alles van A tot Z door. Hij veronderstelt dat men als zodanig geen reden heeft gezien om daar tijdens de zitting vragen over te stellen of geen behoefte heeft gehad aan een nadere toelichting. Hij kan niet anders dan concluderen dat dit zo is, dat het tot het dossier behoort en onderdeel is van het advies van de Bezwarencommissie. De heer Van Zelst rondt af dat het rapport inderdaad een onderdeel is van de op de zaak betrekking hebbende stukken, maar het is niet besproken en er wordt als het over verkeersveiligheid gaat in het advies dat de Bezwarencommissie geeft niet op ingegaan hoe dit is afgewogen. Hij vraagt of de wethouder bereid is om de juristen hier nog eens naar te laten kijken voordat de beslissing op bezwaar wordt verzonden. Wethouder De Jong antwoordt dat hij denkt het college niet ingaat op de zaak zelf door een bepaalde lijn juridisch te waarderen terwijl zij al een advies heeft van een commissie die daarvoor is aangesteld en omdat dit onderdeel tot het dossier behoorde. Het onderdeel wordt niet overgedaan. De Bezwarencommissie is aangesteld om dit soort zaken goed af te wegen. Het college beweegt zich niet in de juridische legitimiteit van de overwegingen van de Bezwarencommissie.

De leden zijn gekozen op hun deskundigheid en professie. Omdat het onderdeel was van de zitting acht hij het niet wijs om dit met de juristen van de gemeente nog een keer na te kijken. De heer Bokšan vraagt of de wethouder kan aangeven welke stakeholders zijn gevraagd voor het participatietraject omdat hij heeft begrepen dat de gebruikers niet zijn gevraagd. Wethouder De Jong antwoordt dat het participatietraject breed en intensief is geweest en zegt nadere schriftelijke beantwoording toe over de stakeholders. Mevrouw De Jongste vraagt hoe er verder wordt gedaan met de Centrumvisie. In 2017 is een Centrumvisie vastgesteld en daarin staat dat de raad grote voorstander is van het toelaten van fietsers. Er zijn geen harde feiten dat dit niet zou kunnen. Zij vraagt hoe er straks gehandhaafd wordt als fietsers niet toegelaten worden aangezien dit al jaren geleden is vastgelegd omdat er gekozen is om het centrum meer toegankelijkheid te maken voor fietsers en de auto te weren uit het centrum. Dit wordt teruggedraaid als fietsers niet meer welkom zijn. Zij vraagt zich af wat de waarde van een centrumvisie is als er steeds opnieuw over zaken gesteggeld wordt. Wethouder De Jong antwoordt dat de visie enige abstractie heeft, hierin wordt de bedoeling weergegeven en ook de kansen. De visie is zo bedoeld dat het centrum verkeersluw wordt, maar ook duidelijk toegankelijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12352804/6