CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

Raadsvergadering 27 februari 2025, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Verslagen en besluitenlijsten16.034 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

17

om de twee opties naast elkaar uit te werken en in een raadsvoorstel voor te leggen. Dit hoeft geen extra vertraging op te leveren voor de rest van het traject. Hij nodigt de andere fracties uit om mee te denken. De voorzitter bedankt de insprekers voor hun komst en schorst de vergadering tot 21.45 uur. (Schorsing) De voorzitter heropent de vergadering. Bespreking raadsvoorstellen met college 4. Vaststellen verordening Sociale Adviesraad Waalwijk 2025 In de bemensing van de Sociale Adviesraad (SAR) zijn in de afgelopen jaren vrij veel wisselingen geweest. Om de continuïteit bij de SAR te borgen ligt nu het voorstel voor om af te kunnen wijken van artikel 4 ’Benoeming voorzitter en leden’. De voorgestelde aanpassing is verwerkt in de nieuwe verordening. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos vraagt waarom het geven van meer bevoegdheden aan het college een oplossing is voor het grote verloop binnen de SAR. Voorts vraagt hij wat er bekend is over de redenen van het vroegtijdig vertrek van dit toegenomen verloop. Als het uit onvrede is zou eerder daar iets aan gedaan moeten worden dan het college nieuwe bevoegdheden geven. Wethouder Slaats antwoordt dat het college tevreden is over de huidige werkwijze en de samenwerking met de SAR.

Er zijn nu bepaalde kwaliteiten binnen de adviesraad waarvan afscheid genomen moet worden als de termijnen aangehouden moeten worden en daarom is gekozen om de bevoegdheden van het college uit te breiden zodat van deze termijnen afgeweken kan worden. De redenen voor het vroegtijdig vertrek zijn hem niet bekend, maar hij heeft niet de indruk dat dit uit onvrede is. De heer Van Groos begrijpt dat het college graag de termijnen wil verlengen als leden een goede bijdrage leveren, maar de SAR gaat zelf over het benoemen en aanwijzen van mensen. In het voorstel staat niet dat de SAR de mogelijkheid heeft om één van de leden voor een extra termijn te vragen. Het lijkt er nu op dat het college bepaalt wie blijft en wie niet terwijl het een onafhankelijk orgaan is. Wethouder Slaats vervolgt dat het college veel waarde hecht aan de onafhankelijkheid van de SAR dus hij begrijpt de opmerking, maar tegelijkertijd biedt de huidige verordening helemaal geen mogelijkheid om af te wijken van termijnen. Juridisch gezien lukte het niet om dit binnen de huidige verordening te regelen en daarom is ervoor gekozen het college de bevoegdheid te geven om van termijnen af te wijken. Mevrouw IJpelaar informeert naar de knelpunten in de huidige wervingsprocedure die naar de mening van de wethouder een snelle, goede invulling van de functies belemmeren.

Voorts vraagt zij hoe de wethouder denkt dit verder te kunnen uitvoeren met toepassing van de afwijking. Wethouder Slaats antwoordt dat er op dit moment redelijk wat nieuwe leden zijn, een mooie diversiteit en mix aan kwaliteiten. Tegelijkertijd kwam de structurele en brede kennis die past bij de voorzitter bij het aflopen van de termijn in het geding. In overleg

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

18

met de SAR wordt gekeken of gelegenheid geboden kan worden om op een wat langere termijn naar de vervanging van de voorzitter te kijken zodat dit op een goede en kwalitatieve manier geborgd kan worden. Mevrouw IJpelaar merkt op dat in het stuk staat dat het verlengen van een termijn mogelijk is en informeert of twee of vier jaar betreft. Wethouder Slaats antwoordt dat er twee termijnen kunnen plaatsvinden, na aanstelling kan er eenmaal verlengd worden. Op dit moment lopen sommige mensen uit die termijnen. Zoals de huidige verordening dat voorschrijft gaat het om een verlenging van vier jaar. De heer Kocken heeft schriftelijke vragen gesteld waarin is gewezen op de inmenging van het college op de benoemingsprocedure en informeert of de wethouder zich kan vinden in een amendement om de verordening op dit punt wat minder breed te maken dan nu wordt voorgesteld. Wethouder Slaats geeft aan dat het college zich kan vinden in de analyse die is gegeven bij de schriftelijke vragen en positief zal reageren op een amendement met die strekking. De voorzitter constateert dat er geen behoefte is om onderling standpunten uit te wisselen en inventariseert de standpunten. De heer Kocken geeft aan dat het een bespreekstuk is omdat zijn fractie met een amendement komt. De heer Spohr sluit zich aan bij de argumenten van Samen Waalwijk. Mevrouw IJpelaar sluit zich eveneens aan.

De heer Van Groos geeft aan dat zijn fractie het voorstel als T-stuk aanmerkt omdat wat voorligt slechter is dan de huidige verordening, maar het amendement biedt wellicht kansen. Hij ziet niet in waarom iemand niet een derde termijn zou kunnen zitten want daarmee is het probleem ook opgelost. Er zijn meer mogelijkheden dan artikel 4 in handen geven van het college, maar aangezien zijn fractie als enige voor een T-stuk kiest, sluit hij zich aan bij de fracties die hebben aangegeven dat het een bespreekstuk is. De voorzitter constateert dat de fracties van Samen Waalwijk, CDA, CU en Lijst IJpelaar het voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 30 januari a.s. 5.

Algemene plaatselijke verordening 2025

De algemene plaatselijke verordening, de APV, bevat lokale regels om onze gemeente voor iedereen leefbaar te houden. De raad stelt een nieuwe APV vast. De raad streeft nadrukkelijk naar deregulering; dit jaar zijn 15 artikelen geschrapt. Voorgesteld wordt om één artikel over ‘messenverbod’ toe te voegen. Het jaartal van de APV is gelijk aan het jaar waarin de APV wordt vastgesteld. Dit agendapunt is geagendeerd door de fracties van VVD, ChristenUnie en Lokaal Belang. De voorzitter inventariseert de standpunten.

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

19

De heer Bokšan geeft aan dat zijn fractie in december schriftelijke vragen heeft gesteld over een lokale messenverbod naar aanleiding van de zoveelste steekpartij in de gemeente. De portefeuillehouder heeft aangegeven dat er op dit moment geen noodzaak is om gebieden aan te wijzen omdat in de APV wordt opgenomen dat het college gebieden kan aanwijzen om een lokaal messenverbod in te voeren. De stijging van het messenbezit is een toenemend punt van zorg. Met een messenverbod kan de aantasting van de openbare orde preventief voorkomen worden en de veiligheid wordt bevorderd. In antwoord op vragen van Lokaal Belang geeft de portefeuillehouder aan dat er geen noodzaak is om gebieden aan te wijzen op dit moment. Hij heeft gesproken met ouders die zich zorgen maken over hun kinderen, jongeren geven zelf aan dat zij jongeren kennen die een mes dragen omdat zij zichzelf willen kunnen verdedigen. Hij vraagt wat er moet gebeuren, welke situatie zich moet voordoen voor het college om gebieden aan te wijzen. Portefeuillehouder Ausems reageert dat het toenemend aantal steekincidenten ook het college zorgen baart, maar er is geen sprake van een dramatische toename. In andere gemeenten gaat het om 70 steekincidenten in de openbare ruimte per jaar en dit aantal maakt dat deze gemeenten een algemeen messenverbod hebben ingesteld en gebieden hebben aangewezen.

Iedere steekincident is er één te veel, maar vanwege proportionaliteit en subsidiariteit moet goed ingeschat worden wat wanneer gedaan wordt. De incidenten van vorige jaren hebben allemaal plaatsgevonden in een gebouw, niet in de openbare ruimte. Dit soort plekken wordt nu veelvuldig bezocht door politie en boa’s. Er zijn afspraken gemaakt met eigenaren en er is een convenant met werkgevers in de maak. Gezien de proportionaliteit en subsidiariteit wordt het aanwijzen van een gebiedsverbod als niet passend gezien. Zorgen over het dragen van messen en de potentiele incidenten die dit met zich mee kan brengen zijn er wel degelijk en dit artikel biedt de mogelijkheid om daarop te acteren als er zorgen zijn over verdere verspreiding en gebieden om aan te wijzen. De heer Bokšan vindt het lastig om de beredenering te volgen die in de toelichting op het artikel staat omdat dit juist een argument is om dit artikel en dus ook gebieden aan te wijzen om verstoring van de openbare orde preventief te voorkomen. Er zijn gemeenten met minder incidenten die ook een algeheel verbod hebben ingevoerd. De bepaling toevoegen zonder deze daadwerkelijk te gebruiken hoewel gezien wordt dat dit plaatsvindt, talloze jongeren dragen messen op straat en op school. Gemeenten die een verbod hebben ingesteld hebben ook ondernemers opgeroepen om geen messen meer te verkopen aan jongeren.

Portefeuillehouder Ausems vervolgt dat in de APV heel veel artikelen zijn opgenomen die de mogelijkheid geven om op te treden. Het artikel geeft wel degelijk de mogelijkheid tot optreden op het moment dat dit nodig is. Zij onderschrijft de zorg, maar ziet nu geen noodzaak en proportionaliteit om een gebied aan te wijzen. Als ondernemers worden opgeroepen om geen messen aan jongeren te verkopen, wat wordt er dan bedoeld. Gaat het dan om aardappelschilmesjes, keukenmessen, waar wordt de grens gelegd? Onder de Wet wapens en munitie is het bij je hebben van een steekwapen sowieso verboden. Dit wordt gecontroleerd en bestraft. Zij wil pas overgaan tot inperking op het moment dat dit echt nodig en proportioneel is. Met vier incidenten in een gebouw en dit jaar één incident op straat wordt deze afweging gemaakt. Het artikel in de APV biedt de mogelijkheid om in te grijpen als het wel nodig is. De heer Bokšan concludeert dat hij de portefeuillehouder dit anders beoordelen. De heer Van Groos vraagt waarom het college niet kiest voor het actualiseren van de bomencatalogus, er wordt weer teruggegrepen op de oude regeling met de omtrek van

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

20

de stam. De huidige regeling is in de ogen van zijn fractie veel duidelijker. Gemeentelijke bomen mogen niet zonder vergunning geveld worden en dit geldt ook voor private bomen die in de catalogus zijn opgenomen. Hij vraagt voorts waarom artikel 2:65 over bedelarij niet is geschrapt in het kader van deregulering. In de APV staat iets over het weren van grote bestelbussen. Hij vraagt of het wenselijk en mogelijk is om ook kleinere bestelbussen te weren uit de woonstraten om daarmee de parkeerdruk te verkleinen en het uitzicht voor bewoners te verbeteren. Portefeuillehouder Ausems antwoordt dat het college lang heeft gesproken over de bomencatalogus. Deze catalogus werd niet bijgehouden en gaf te weinig bescherming en daarom wordt nu voorgesteld om een vergunningplicht in te voeren voor het kappen van bomen met een bepaalde omtrek die overal geldt. Zij vermoedt dat het artikel over bedelarij niet is geschrapt om te kunnen ingrijpen op het moment als dit overlast gevend wordt. In voorkomende gevallen wordt in gesprek gegaan en gezorgd voor een goede oplossing zodat er niet gebedeld hoeft te worden. De vraag wordt schriftelijk beantwoord. Zij kan ook geen antwoord geven op de vraag over het weren van kleine bestelbussen omdat het haar niet bekend is waarom er een grens is gesteld. Ook deze vraag wordt schriftelijk beantwoord.

De heer Van Groos merkt op dat het voordeel van de bomencatalogus is dat er een kaart is waarop de beschermde bomen staan. Bomen die beschermd zijn, blijven beschermd. Het zou mooi zijn om jaarlijks met inwoners de bomencatalogus aan te vullen omdat deze prima werkt. In het verleden was er een regeling met de omtrek van een boom die niemand kende. Enerzijds werden vergunningen aangevraagd en verleend voor bomen met dunnen stammen, anderzijds werden bomen gekapt omdat niet bekend was dat er een kapvergunning aangevraagd moest worden. Portefeuillehouder Ausems reageert dat iedere boom met een bepaalde omtrek vergunningplichtig is. Aan de hand van de stronk kan gecontroleerd worden of er een overtreding heeft plaatsgevonden. Het is de bedoeling om niet alleen de bomen uit de catalogus te beschermen, maar alle bomen vanaf een bepaalde omtrek. De heer Van Groos denkt dat het wellicht raar klinkt als hij zegt dat het niet gaat om het kunnen constateren van overtredingen, want in dat geval zijn de bomen al gekapt. Het gaat er juist om dat de bomen niet gekapt worden en dan is achteraf constateren dat de boom niet gekapt had mogen worden niet zinvol. Portefeuillehouder Ausems herhaalt dat de bomencatalogus onvoldoende werd bijgehouden en geen veiligheid bood. Het college wil voor de hele gemeente een eenduidig beleid; bij deze omtrek is een boom vergunningplichtig.

Door het instellen van een vergunningplicht kan veel werk ontstaan, dat wordt nog nader gemonitord. Als blijkt dat ook kleinere bomen beschermd kunnen worden via de vergunningplicht volgt wellicht een aanvullend voorstel voor een uitbreiding van de vergunningplicht met een kleinere omtrek van de stam. De heer Van Groos komt hier in de raad op terug. De heer Van der Pluijm begrijpt dat het handhaven van een messenverbod lastig is en vraagt of het een optie is om meer in te zetten op preventie bij de jeugd (het programma Preventie met Gezag dat al bij meerdere Brabantse gemeenten loopt). Portefeuillehouder Ausems antwoordt dat het college heeft inzet op deelname aan Preventie met Gezag, maar hiervoor zijn 7 grote steden en 20 wat kleinere steden

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

21

geselecteerd. Waalwijk is niet geselecteerd. De lessen die uit het programma geleerd worden, zullen wel geïmplementeerd worden. Het goede nieuws is wellicht dat Waalwijk blijkbaar geen grote jeugdproblemen heeft anders zou zij wel uitgenodigd zijn. Bij VNG is een motie binnengekomen om een apart programma neer te zetten voor de kleinere gemeenten. VNG bekijkt of hiervoor gelobbyd gaat worden bij het Ministerie. De heer Van der Pluijm wijst op de mogelijkheid om preventief fouilleren in te zetten. Zijn fractie maakt zich zorgen over mogelijk etnisch profileren. Hij informeert hoe de portefeuillehouder dit ziet. Portefeuillehouder Ausems reageert dat etnisch profileren niet toegestaan is. Als zij daar iets over hoort, heeft zij daar problemen mee. Preventief fouilleren wordt ingezet als daar reden toe is en daarom wijst zij opnieuw op het ontbreken van proportionaliteit en subsidiariteit waardoor dit nu wordt gedaan. De heer Van der Pluijm refereert aan het project ‘Brabantse norm weerbare overheid’ waar alle Brabantse gemeenten mee aan de slag moeten en vraagt of de raad het college behulpzaam kan zijn met een integrale aanpak, bijvoorbeeld door middelen beschikbaar te stellen bij de Voorjaarsnota. Portefeuillehouder Ausems is blij met de steun van de raad op het gebied van openbare orde en veiligheid.

In het focusblad van 2025 wordt de Brabantse norm weerbare overheid genoemd als aandachtspunt. Er is een enorm goed team en er is ook uitbreiding gekomen op onder andere wijk GGZ dus op dit moment zijn er geen aanvullende middelen nodig. De heer Van der Pluijm wijst op de bevoegdheid om panden te kunnen sluiten en vraagt of daarbij gekeken wordt naar bepaalde branches. Portefeuillehouder Ausems antwoordt dat ook dit artikel preventief is bedoeld en verwijst naar de dakdekkersoorlog zoals deze in de media wordt genoemd waarbij zij niet iedereen over één kam wil scheren. In het geval van malafide ondernemingen of ondernemingen met risico biedt dit artikel mogelijkheden wat niet hoeft te betekenen dat deze ook ingezet worden. Inzet volgt bij aanwezig of als dit proportioneel wordt geacht. De heer Van der Pluijm vervolgt dat ‘als er een bepaald risico is’ een bepaalde subjectiviteit en objectiviteit in zich heeft want in het voorstel wordt geen beleid uitgewerkt op basis waarvan dit wordt bepaald. Bijvoorbeeld is er sprake van ernstige en langdurige overlast, zijn er strafbare feiten (witwassen) of zijn er signalen van ondermijnende criminaliteit. Hij verwijst in dit kader naar coffeeshop Caza in Tilburg. Deze coffeeshop werd bekogeld met bommen en vervolgens besloot de burgemeester om de zaak te sluiten. De coffeeshop heeft hier zelf geen schuld aan.

Het zou goed zijn als er beleid wordt uitgeschreven waarop een zaak gesloten kan worden. Portefeuillehouder Ausems verwijst naar het Damoclesbeleid dat nodig is voor het sluiten van drugspanden waarvoor het noodzakelijk is om beleid te hebben. In het genoemde voorbeelden worden geen redenen gezien. Er is een aantal criteria gedefinieerd waarop sluiting goed onderbouwd moet worden zodat de sluiting standhoudt bij de rechter. Als tot sluiting overgegaan wordt vanuit dit artikel dan wordt dit scherp gesteld net zoals bij het Damoclesbeleid (verstoring van de openbare orde, proportioneel). De heer Van der Pluijm geeft aan dat dit nog nader in de fractie besproken wordt vanwege de zorgen over willekeur door het ontbreken van beleid.

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

22

Portefeuillehouder Ausems reageert dat er geen beleid nodig is om tot sluiting over te gaan. Eventuele sluiting moet goed gemotiveerd worden op basis van de criteria. In het Damoclesbeleid is één en ander beschreven voor een specifieke sector, maar dat is in haar optiek in dit geval niet nodig. Mevrouw IJpelaar heeft enkele jaren geleden aandacht gevraagd voor containers die dagenlang op straat blijven staan. Vervolgens is er beleid geformuleerd om dit aan te pakken. Zij informeert of dit beleid vergeten is, want zij ziet nog steeds wekenlang volle containers staan. Het enige dat nog ontbreekt is dat deze in brand worden gestoken. Zij vraagt wanneer er gehandhaafd wordt. Portefeuillehouder Ausems zegt schriftelijke beantwoording toe. Het kan zijn dat er andere prioriteiten worden gesteld binnen de handhaving, maar als het de spuigaten uitloopt en risico’s oplevert moet dit voorkomen worden. De heer G. den Braven merkt op dat de aanpassing over de bomen een beetje onduidelijk is. De regeling voor particulieren wordt eigenlijk verruimd. De portefeuillehouder gaf in eerdere beantwoording aan dat de gemeente juist meer wil doen om bomen te beschermen.

Portefeuillehouder Ausems bevestigt dat dunne bomen minder goed beschermd worden omdat diameter en omtrek zijn vergroot, maar met een vergunningplicht voor elke boom met een bepaalde diameter wordt in de praktijk strakker gehandhaafd op het kappen van bomen. Zij herhaalt dat er in de toekomst wellicht een extra stap gedaan wordt voor verdere bescherming van dunnere bomen. De heer G. den Braven refereert aan het softdrugsgebruik waaraan is toegevoegd dat het verboden is om softdrugs te gebruiken op een openbare plaats en in een voor het publiek toegankelijk gebouw binnen een door het college aangewezen gebied. Hij vraagt wanneer het college een gebied gaat aanwijzen en wanneer het zo is dat in de gehele openbare ruimte geen softdrugs gebruikt mogen worden volgens de APV. Portefeuillehouder Ausems reageert dat er niets wijzigt aan de huidige situatie in de gemeente. Er zijn nu twee gebieden aangewezen: het centrum van Waalwijk en rondom het Raadhuisplein in Sprang-Capelle. Er worden geen extra gebieden aangewezen. De heer Kocken wijst op de uitspraak van de Raad van State over een kwestie in Waalwijk, de sluiting van een inrichting op grond van de APV. Hij vindt het jammer dat de portefeuillehouder niet is ingegaan op deze casuïstiek en de restrictie op de mogelijkheden om van die bepaling gebruik te maken.

Het betreft een zaak die in het verleden heeft plaatsgevonden waarbij de bezwaren gegrond zijn verklaard en de gemeente is veroordeeld tot behoorlijke kosten. Hij verzoekt de portefeuillehouder om de raad via een raadsinformatiebrief over deze situatie te informeren. Portefeuillehouder Ausems gaat de raad informeren, maar weet nog niet of dat via een raadsinformatiebrief zal zijn. De voorzitter bedankt de portefeuillehouder voor de beantwoording en biedt gelegenheid om onderling standpunten uit te wisselen. Mevrouw IJpelaar merkt op dat de heer Van der Pluijm bij de bespreking over het messenverbod wees op etnisch profileren en informeert waarom deze vraag werd gesteld.

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

23

De heer Van der Pluijm verduidelijkt dat dit gebeurt in Nederland en vast ook wel in Waalwijk en daar maakt zijn fractie zich zorgen over. Bij het invoeren van een messenverbod en zeker bij het aanwijzen van een gebied hoort ook preventief fouilleren. Zijn fractie wil waakzaam zijn dat daarbij geen sprake is van etnisch profileren. Mevrouw IJpelaar vraagt zich af of dit gebeurt in Waalwijk. De heer Van der Pluijm kan dit niet bevestigen, hij heeft niemand gesproken die daar last van heeft, maar hij heeft binnen de fractie wel signalen gekregen dat dit gebeurt en dat was aanleiding om deze vraag te stellen. Mevrouw IJpelaar komt hier nog op terug. De heer Bokšan vindt het zorglijk dat uitgesproken wordt dat dit in Waalwijk voorkomt. Preventief fouilleren gebeurt vaak in steden waar grote problemen zijn aan de hand van steekproeven op willekeurige locaties. Dat deze uitspraak over politieagenten wordt gezegd is zorglijk en daar gaat hij nog over nadenken. De heer Van der Pluijm begint te twijfelen aan hetgeen hij heeft gezegd, er wordt juist aandacht gevraagd voor het voorkomen van etnisch profileren, maar de discussie gaat nu een heel andere kant op. Dat het gebeurt is algemeen bekend, de oproep was juist laten wij voorkomen dat dit gebeurt.

Mevrouw IJpelaar benadrukt dat de APV over Waalwijk gaat, niet over een andere stad en dan moet er met bewijzen gekomen worden als dit gebeurt. En als het gebeurt, moeten daar maatregelen voor getroffen worden. Er worden geen voorbeelden genoemd en daarom kan dit niet zo naar voren gebracht worden. Mevrouw Koptagel vult aan dat de politieagenten in Waalwijk een afspiegeling zijn van de grote maatschappij Nederland dus uitsluiten dat het in Waalwijk niet gebeurt is een aanname. De bedoeling is voorkomen dat dit gebeurt door daar goed beleid voor te formuleren. Mevrouw IJpelaar is van mening dat dit niet zo gesteld kan worden. Dat dit in Nederland gebeurt en dat er opgelet moet worden dat het niet in Waalwijk gebeurt onderschrijft zij, maar als dit zo gezegd wordt denkt zij dat het in Waalwijk gebeurt. Etnisch profileren is niet goed. Deze vraag wordt aan de burgemeester gesteld. Zij herkent dit niet en daarom gaat zij daar toch op in. Etnisch profileren is discriminatie. Mevrouw Koptagel verduidelijkt dat in het gesprek met de portefeuillehouder is aangegeven dat haar fractie dit wil voorkomen. Gereageerd werd dat dit inderdaad niet mag gebeuren. Ook bij de andere wijzigingen gaf de portefeuillehouder aan dat gehoopt wordt dat artikelen niet gebruik hoeven te worden, maar als er een inzet is, moet dat proportioneel zijn.

Alles wat bedacht wordt is het hebben van een middel om dingen te voorkomen. Ook bij een beladen onderwerp moet daar uit voorzorg over nagedacht worden, niet meer en niet minder. De heer G. den Braven sluit zich aan bij deze woorden. Voorkomen is beter dan genezen, er wordt niet gezegd dat dit speelt. Gesteld wordt dat voorkomen moet worden dat dit in Waalwijk gebeurt. Het is beter om een instrument te hebben om dit te voorkomen dan handelen nadat iets is gebeurd. De heer Bokšan merkt op dat gevraagd werd aan de portefeuillehouder of zij zich zorgen maakt over etnisch profileren. Vervolgens werd aan Lokaal Belang gevraagd of dit

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

24

gebeurt in Waalwijk. Daarop werd geantwoord in Nederland en ook in Waalwijk gebeurt dit. Als er signalen zijn moeten deze gemeld worden, anders kan niet gezegd worden dat politieagenten etnisch profileren als daarvoor geen bewijzen aangeleverd worden. Hij denkt dat iedereen in de zaal het ermee eens is dat etnisch profileren voorkomen moet worden, maar zojuist werd wel gezegd dat er signalen zijn dat politieagenten etnisch profileren. De voorzitter sluit de bespreking en inventariseert de standpunten. De heer Van Groos geeft aan dat het een bespreekstuk is om terug te kunnen komen op de bomen en afhankelijk van de beantwoording door de portefeuillehouder ook op bedelarij en grote bestelbussen. Mevrouw IJpelaar zegt dat het voor haar ook een bespreekstuk is omdat zij vragen heeft gesteld over containers. Mevrouw Van Laar kiest ook voor een bespreekstuk om terug te kunnen komen op de bomen. De heer Van der Pluijm wil graag dingen voorkomen, bij ondermijning en sluitingsbevoegdheid wordt nog bekeken of er beleid wordt gevraagd aan de portefeuillehouder. De heer Bokšan zegt dat het voorlopig een bespreekstuk is in afwachting van de schriftelijke beantwoording. De voorzitter constateert dat de fracties van Lokaal Belang, VVD, ChristenUnie, Lijst IJpelaar het voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 30 januari a.s. 6.

Nota grondbeleid 2025-2030

Herziening van het gemeentelijk grondbeleid is noodzakelijk door maatschappelijke, economische en juridische ontwikkelingen en verplichtingen vanuit de financiële verordening. Met het vaststellen van de Nota grondbeleid wil de gemeente op transparante wijze duidelijk maken hoe de beleidskeuzes worden afgewogen en hoe het grondbeleid wordt uitgevoerd. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos vraagt waarom het college de nota niet eerst heeft voorgelegd aan het auditcomité. In de nota komt de term maatschappelijk rendement geregeld voor. Hij vraagt waarom het begrip brede welvaart niet tegen wordt gekomen. De nota spreekt wel over sociale koop, maar biedt niet echt handvatten om meer sociale koopwoningen te realiseren. Hij vraagt of het mogelijk is om voor sociale koopwoningen te denken aan tiny houses of flexwoningen met erfpacht. Dit past prima bij circulair werken want grondposities kunnen circulair ingezet worden. Bijvoorbeeld gronden die tijdelijk aan de agrarische sector onttrokken worden kunnen als deze terugkomen (als de erfpacht stopt) weer ingezet worden voor agrarisch gebruik of natuurgebruik. De stukken wekken de indruk dat in de nota grondbeleid 2019 beleidsuitgangspunten zijn vastgelegd die nu voor een deel worden aangepast, maar in deze nota staan helemaal geen beleidsuitgangspunten genoteerd.

Hij vraagt waarom het college deze indruk wekt.

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

25

In antwoord op technische vragen om uitgangspunt 4 te herformuleren meldt het college dit niet te willen doen omdat deze formulering de meest geschikte is. Hij vraagt of het gewenst, mogelijk of noodzakelijk is en hoe wordt bepaald of onteigening dan wel kavelruil wordt ingezet. Hij vraagt waarom de gemeente kosten ten behoeve van een andere partij die iets wil ontwikkelen voor eigen rekening neemt. Afsluitend vraagt hij waarom het goed is voor de raad om het college meer vrijheden te geven. Wethouder Klerx antwoordt dat het auditcomité niet is geraadpleegd omdat het college van mening is dat het voornamelijk politieke bespreekpunten zijn, het auditcomité is een neutrale commissie. Delen van de nota hadden op het gebied van financiën in het auditcomité besproken kunnen worden, maar het college heeft daar nu niet voor gekozen. Dit kan een aandachtspunt zijn voor een volgende keer. De suggestie over brede welvaart past prima in de lijn van maatschappelijk rendement. In de strategische visie wordt als het aan het college ligt nog meer nadruk op brede welvaart gelegd en dan is het in een volgende nota grondbeleid logisch om op basis daarvan te gaan sturen. Sociale koop en erfpacht; het college heeft extra nadruk gelegd op het eventuele gebruik van erfpacht in deze vorm omdat gezien wordt dat dit kansen biedt. In eerdere nota’s werd dit niet vermeld.

Als er specifieke aandachtspunten zijn hoort hij dat graag. Hij vermoedt dat de vraag over de beleidsuitgangspunten verkeerd is begrepen. Gedacht werd dat de vraag ging over moeilijke termen en ingewikkelde woordkeuzes in de beleidsuitgangspunten en daarop is geantwoord. Hij begrijpt nu dat er iets anders wordt bedoeld. Hij kan de vraag beantwoorden, maar daarvoor moet hij wel even schorsen om te overleggen met de ambtelijke ondersteuning. Het was juist de bedoeling om duidelijkere spelregels af te spreken met deze nota grondbeleid. Een aantal beleidsuitgangspunten is gewijzigd omdat deze impliciet wel zijn opgenomen, maar hiervoor waren geen spelregels afgesproken. Een aantal zaken betreft uitvoering en dat is aan het college, maar hij kan zich voorstellen dat fracties daar anders over denken. Dit wordt beoordeeld als een werkbare situatie gelet op het feit dat dit in de afgelopen jaren altijd zo werd gedaan hoewel dat formeel niet de werkwijze was. De heer Van Groos bedankt de wethouder voor de antwoorden. Hij gaat niet om een schorsing vragen. Het antwoord waarom de nota niet is voorgelegd aan het auditcomité snapt hij als deze breed wordt bezien, maar de financieel-technische aspecten hadden wel voorgelegd kunnen worden.

De suggestie die als uitgangspunt is geformuleerd om de reserve grondexploitatie samen te voegen met de algemene reserve lijkt hem bij uitstek een onderwerp voor het auditcomité, maar dit kan alsnog gebeuren. De vraag waarom de gemeente kosten ten behoeve van een andere partij voor andere rekening zou nemen is niet beantwoord. Er worden kosten betaald omdat er een ontwikkeling gaande is, de ontwikkeling gaat niet door waardoor de kosten kennelijk niet op de initiatiefnemer verhaald kunnen worden en dan neemt de gemeente die voor haar rekening. Hij vraagt waarom niet afgesproken wordt dat wanneer een initiatiefnemer iets onderzocht wil hebben hij daar zelf voor moet betalen. Wethouder Klerx antwoordt dat als nog geen afspraken gemaakt zijn, maar de gemeente wel kosten heeft gemaakt zij nog niet heeft kunnen afspreken dat die kosten verhaald worden. Hierbij wordt het risico gelopen dat de gemeente een aantal kosten zelf moet betalen. Hij is het eens dat deze kosten eigenlijk verhaald zouden moeten worden op de ontwikkelaar, maar voor kosten gemaakt in de fase voor de afspraken is dat niet mogelijk.

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

26

De heer Van Groos vindt het fijn om vast te stellen dat hij het een keer eens is met de wethouder, maar vervolgens gebeurt niet wat eigenlijk wordt gewenst. Hij begrijpt dat dit niet in een anterieure overeenkomst kan of in een later stadium, maar stelt voor om dit op een andere, creatieve manier te regelen. De gemeente moet geen kosten van een commerciële partij voor haar rekening nemen. Wethouder Klerx ziet deze opmerking als een aanbeveling. De voorzitter bedankt de wethouder voor de beantwoording en constateert dat er geen behoefte is om onderling standpunten uit te wisselen. Hij inventariseert de standpunten. De heer Van Groos geeft aan dat dit wat zijn fractie betreft een bespreekstuk is ondanks dat de andere fracties kiezen voor een akkoordstuk. Hij wil ingaan op de uitgangspunten 2, 3, 9, 10, 11, 12 en 17. De voorzitter constateert dat de fractie van de ChristenUnie het voorstel als bespreekstuk agendeert voor de raadsvergadering van 30 januari a.s. 7.

Vaststelling Algemene Subsidieverordening Waalwijk 2025

De nieuwe Algemene Subsidieverordening 2025 sluit aan bij de huidige behoeften en ontwikkelingen. De regels voor het aanvragen en verantwoorden van subsidies worden eenvoudiger en gelijkgetrokken. Dit maakt het voor iedereen duidelijker hoe subsidies worden toegekend. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos geeft aan dat in het raadsvoorstel staat dat alle subsidiepartners een email hebben ontvangen om hen op de hoogte te stellen van de plannen ten aanzien van het wijzigen van de verordening. Hij heeft begrepen dat die informatie zo algemeen was dat het bericht niet leidde tot concrete vragen. Hij vraagt waarom de subsidiepartners niet zijn betrokken bij de concrete maatregelen en waarom het college ervoor kiest om de verordening eerst te laten vaststellen door de raad en vervolgens alle verenigingen te confronteren met de gewijzigde verordening.

Op zich juicht zijn fractie het toe dat het college de gemeentelijke doelen beter wil verankeren in de subsidiebeoordeling en –toekenning, maar daarvoor moeten de gemeentelijke doelen wel meer smart geformuleerd worden en mogen er voortaan beleidsvoorstellen met scherpere doelen verwacht worden (niet zoals bij de nota inclusie) en moet het college voortaan minder terughoudend zijn bij het vaststellen van doelstellingen zoals bijvoorbeeld weleens gebeurt bij het verhogen van de subsidie voor het Regionaal Bureau voor Toerisme. Afsluitend vraagt hij of de doelstellingen op output of op outcome geformuleerd worden. Wethouder Klerx reageert dat geprobeerd is om dit te bespreken met de grotere subsidiepartners, maar in hun ogen gaat dit voorstel veel meer over het proces, zij zijn meer benieuwd naar de inhoud. Het gaat om de beleidsregels, de subsidieregeling en de maatschappelijke ontwikkelingen die jaarlijks vastgesteld worden. Hierbij is aangekondigd dat het college voornemens is om daarop bij te sturen. De partners zijn geïnformeerd en geprobeerd is om zo goed mogelijk te vertalen naar hen dat het redelijk hetzelfde blijft, met iets ruimere mogelijkheden en hier en daar op punten wat wijzigingen. Dat gaat over de accountantsverklaring, de manier van verantwoorden, de manier van aanvragen bij activiteitenplannen en hoe dit gefinancierd wordt.

Het college merkt dit als acceptabel aan voor de subsidiepartners.

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

27

Hij kan zich vinden in het formuleren van smartere doelstellingen. Daar is in de raad al veelvuldig over gesproken. Hij wil daarbij wel aangeven dat het college voornemens is om meer op impact te gaan sturen. Dat maakt smart formuleren soms wat lastiger omdat niet altijd een precies concreet is wat er gedaan gaat worden. Het college is voornemens om zowel op input als outcome te sturen, maar meer op outcome omdat het belangrijk is om te weten welke impact de subsidiepartners maken in de samenleving. Met de koers Sociaal Domein is een belangrijke stip op de horizon gezet, maar dit vraagt nog veel uitwerking in alle beleidsvelden (sport, cultuur, ontmoeten). Dit vraagt veel van de ambtelijke organisatie en het kan niet allemaal tegelijkertijd. De subsidiepartners worden meegenomen in dit proces, met name op de inhoudelijke wijzigingen, door te kijken hoe meer op impact gericht kan worden. De heer Van Dijk werd getriggerd door de woorden ‘de gemeentelijke doelen als prominentere leidraad in het subsidieproces’. Verenigingen hebben leden uit Waalwijk, maar ook van buiten de gemeente. Cultuur moet mensen verbinden, zorgen voor een verhoging van de aantrekkelijkheid van een stad en zorgen voor zelfontplooiing van inwoners. Leden van buiten de gemeente dragen ook bij aan het in stand houden van een vereniging en de gemeentelijke doelen.

De subsidieregeling wordt bepaald op basis van het aantal leden dat uit Waalwijk komt, terwijl misschien de levensvatbaarheid van zo’n vereniging wegvalt zonder leden van buiten de gemeente. Hij vraagt hoe de wethouder hier tegenaan kijkt. Voorts vraagt hij of er kansen worden gezien om aanpassingen te doen en op welke manier dat zou kunnen. Wethouder Klerx benadrukt dat impactgericht subsidiëren een uitwerking is van de algemene subsidieverordening. De verordening gaat veel meer over de procedure, keuzes in beleid en daarmee de subsidieregeling die het college vaststelt. Het college is niet voornemens om daarvan af te wijken. De koers voor het Sociaal Domein is gemaakt voor de inwoners van Waalwijk en dus gaat het ook om de impact op de inwoners van Waalwijk. Vitale verenigingen en partners dragen bij aan die doelen en kunnen die impact maken. Het hebben van voldoende leden is van essentieel belang voor het zijn van een vitale vereniging, maar het is ingewikkeld om het breder te trekken naar inwoners uit andere gemeenten. De eis van woonplaats kan losgelaten worden, maar daarvoor is wel een politieke uitspraak van de raad nodig. Dit is niet aan de orde bij dit voorstel, maar de raad kan het college een opdracht daartoe geven.

De heer Van Dijk vervolgt dat de verenigingen die in Waalwijk gevestigd zijn bijdragen aan de doelen van Waalwijk, maar daarvoor wellicht leden van buiten de gemeente gebruiken. Het gaat om het in stand houden van deze verengingen zodat zij kunnen blijven bijdragen aan de doelen van de gemeente Waalwijk eventueel met gebruikmaking van leden die van buiten Waalwijk komen. Wethouder Klerx beaamt dat het verhaal twee kanten heeft, maar het is aan de raad om aan te geven of er een beleidswijziging wordt gewenst. De heer Spohr vraagt zich af wanneer er wordt voldaan aan de gemeentelijke doelen. De vraag is of het college met deze wijziging een verbetering of juist een meer onduidelijke situatie creëert. In het verleden werden prestatiecriteria gehanteerd waarbij de gemeente duidelijk maakte hoe de bijdrage aan het gemeentelijke doel werd gezien. Nu moet de subsidieaanvrager zelf bedenken hoe aan het gemeentelijke doel kan worden voldaan. In de woorden van de wethouder; hoe impact kan worden gemaakt. Het lijkt erop dat deze bepaling een onduidelijke situatie creëert. Hij informeert wat de gemeentelijke doelen zijn en waaraan getoetst wordt.

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

28

Wethouder Klerx reageert dat het essentieel is om als gemeente aan de voorkant te bepalen waar de impact moet worden gemaakt en vervolgens wordt daar mogelijk subsidie op gegeven en op beoordeeld. Het betreft een uitwerking die niet relevant is voor de verordening, dit is uiteindelijk een beleidsuitwerking in de subsidieregeling. Hij begrijpt dat dit een belangrijk punt is voor de raad omdat impact gericht subsidiëren iets nieuws is. De heer Spohr denkt dat een stukje toelichting behulpzaam zal zijn want dat is met name waar de subsidieontvangers naar uitkijken; hoe verwacht de gemeente dat zij impact maken op de gemeentelijke doelen. De gemeente geeft straks per subsidieontvanger aan wat de impact moet zijn op het gemeentelijk beleid en vervolgens wordt van de subsidieontvanger verwacht dat daar een onderbouwing op gegeven wordt. Het wordt op deze manier heel onzeker voor elke subsidieontvanger hoe de toekomst eruit ziet. Als het stelsel verandert, kan het zijn dat je als subsidieontvanger met deze verordening minder subsidie krijgt. Wethouder Klerx verduidelijkt dat er na het aanpassen van de subsidieverordening voor niemand iets verandert aan de inhoudelijke beoordeling over de subsidie. Er verandert iets qua procedures, aanvraagtermijnen, onderbouwing, op de inhoud die aangeleverd moet worden.

De subsidiepartners zijn geïnformeerd, er worden nog gesprekken en inloopavonden georganiseerd om hen daarin mee te nemen. Pas bij enkele subsidiepartners is het al zo ver dat de gemeente het voor zichzelf scherp heeft waardoor nu de eerste gesprekken met de betreffende partner gevoerd kunnen worden hoe zij het zouden willen doen. Elke subsidiepartner wil impact maken. Het is best spannend om dit aan te geven omdat daar dan ook op afgerekend wordt. Als voorbeeld Theater De Leest moest 100.000 bezoekers binnenhalen en dat is gelukt. Nu wordt aan het Theater gevraagd om cultuurparticipatie te stimuleren, om te kijken hoe doelgroepen die niet zo makkelijk naar het Theater komen bereikt kunnen worden. Er wordt op een heel andere manier gekeken naar de impact van het Theater in plaats van alleen maar het aantal mensen dat een voorstelling heeft bezocht. De gemeente staat aan de vooravond van dit hele traject dat nog heel veel begeleiding nodig heeft. Het gaat nu alleen over de procedures die in de verordening staan. De voorzitter bedankt de wethouder voor de beantwoording en constateert dat er geen behoefte is om onderling standpunten uit te wisselen. Hij inventariseert de standpunten. De heer Dubbeldam geeft aan dat het vooralsnog een bespreekstuk is omdat er nog vragen beantwoord moeten worden.

De heer Van Dijk zegt dat het een bespreekstuk is omdat gekeken wordt hoe bijgestuurd kan worden op de regeling. De heer Spohr sluit zich aan bij de voorgaande spreker. De voorzitter constateert dat de fracties van Lokaal Belang, VVD en CDA het voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 30 januari a.s. Inventarisatie A- of B-stukken niet besproken raadsvoorstellen 8.

1e wijziging begroting 2025 Regio Hart van Brabant

De voorzitter inventariseert de standpunten en constateert dat het voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 30 januari a.s.

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

29

9.

Mandatering c.q. machtiging college tot het voeren van overleg over begroting en jaarrekening samenwerkingsstichting Floriander

De voorzitter inventariseert de standpunten en constateert dat het voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 30 januari a.s. Mededelingen over gemeenschappelijke regelingen Er zijn geen verzoeken om mededelingen te delen ontvangen. 10.

Sluiting

De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering om 23.05 uur. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van gemeente Waalwijk van 27 februari 2025.

De griffier,

De voorzitter,

Jeroen Deneer

Sacha Ausems

Verslag gespreksavond 16 januari 2025

30

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15074610/1