Verslag extra gespreksavond dd 29 oktober 2024
Tekst van het document
Beknopt verslag van de extra gespreksavond begroting 2025 gehouden op dinsdag 29 oktober 2024 Voorzitter: Griffier: Plv. griffier:
de heer A. van Belkom de heer J. Deneer mevrouw F. Opperman
Aanwezig:
de heer B. Bruurmijn de heer J. van Dijk de heer J. van Hest mevrouw B. Koptagel-Dermibas de heer W. Lodenstijn de heer N. van der Pluijm de heer J. Pulles mevrouw M. Verhagen-van Lier mevrouw M. Veraa de heer M. Bokšan de heer D. Dubbeldam de heer E. Knops de heer F. den Braven de heer G. den Braven mevrouw Y. van Laar mevrouw A. Wens de heer R. Frodyma de heer G. Kocken de heer H. de Vaan de heer R. Tiemstra mevrouw C. de Bruijn de heer R. Spohr de heer N. Kieboom de heer J. van Groos mevrouw Y. IJpelaar
Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang VVD VVD VVD GroenLinksaf GroenLinksaf GroenLinksaf GroenLinksaf Samen Waalwijk Samen Waalwijk Samen Waalwijk SGP CDA CDA D66 ChristenUnie Lijst IJpelaar
Afwezig m.k.
de heer T. Klerks de heer H. Metzke de heer H. van Zelst
VVD D66 SGP
Portefeuillehouders:
mevrouw S. Ausems de heer A. de Jong de heer T. Klerx mevrouw S. Schuijffel de heer S. Slaats de heer F. Spierings
Secretaris:
de heer M. Tromp
Notulen:
notulistenbureau Leeuwenburgh Vendrig
1. Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen harte welkom. Hij meldt het bericht van verhindering van de leden Klerks, Metzke en Van Zelst. De heer Tiemstra komt later.
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
1
Vanavond staat de behandeling van de programmabegroting 2025 centraal. De raadsvoorstellen komen op de agenda van 7 november a.s. De vergadering wordt via een livestream uitgezonden. 2.
Vaststellen van de agenda
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 3.
Presentatie wethouder over de programmabegroting 2025 op hoofdlijnen
Wethouder Klerx verzorgt een presentatie. In Q2 wordt bij de jaarrekening teruggekeken naar het voorgaande jaar. Het Voorjaarbericht is een tussenrapportage met de financiële afwijkingen voor het lopende jaar. De Nota van Uitgangspunten geeft het startpunt voor de Kadernota en de verwerking van indexaties in de programmabegroting. Bij de Kadernota volgen de algemene beschouwingen en uiteindelijk wordt gekomen tot het moment van voorleggen van de programmabegroting. In het auditcomité is het voorstel om de Nota van Uitgangspunten en de Kadernota te combineren besproken. De informatievoorziening blijft hetzelfde. Na accordering door de raad volgen de technische verwerkingen en het opstellen van de begroting. Bij het kaderstellend debat is een amendement aangenomen over de kostendekkendheid van de leges. Vervolgens is een aantal moties aangenomen: • Vaststellen nota parkeernormen Waalwijk (wensen en bedenkingen in december) • Bereikbaarheid van Haven 1 t/m 8 (voorbereidingskrediet verwerkt in actualisering) • Groot onderhoud Winterdijk Sprang-Capelle (voorbereid vanuit eerder IUP, kapitaallasten doorgevoerd vanwege investering € 9 mln.
voor 2027, gerealiseerd in 2026) • Integrale aanpak Zidewinde (onderzoekskosten vertaald in begroting) • Subsidie Schoenenkwartier (geschrapt in begroting komt terug bij de volgende Kadernota) • Baanbrekers / uitbreiding regeling IIT (raadsinformatiebrief verstuurd over kostenplaatjes, de raad is aan zet) • Sportcampus Waalwijk (medio november sessie met gebruikers) • Onderzoek innamepunt kringloop op milieustations (college deelt de ambitie, maar dit past niet op de huidige locaties, onderzoekbudget verwerkt in actualisatie) In de programmabegroting zijn twee wijzigingen aangebracht in het inhoudelijk beleidsdeel. De programma’s Jeugd en Binnenstad zijn niet meer als apart onderdeel opgenomen. Er wordt gestart met het programma duurzaamheid naast de 8 beleidsvelden conform de BBV richtlijnen. Aan het beleidsmatige deel wordt blijvend gewerkt. De verschillen ten opzichte van de vorige begroting zijn aangegeven en deze worden per beleidsveld toegelicht op hoofdlijnen. De doelstellingen per beleidsthema zijn zo veel mogelijk uit het beleid dat de raad heeft vastgesteld gehaald. Hier is nog ontwikkelpotentie en voor sommige beleidsvelden zijn de doelstellingen nog niet duidelijk genoeg.
Voorts zijn de activiteiten geduid, deze komen terug in Voorjaars- en Najaarsrapportages aangevuld met indicatoren, de belangrijkste kaders, wat mag het kosten en welke verbonden partijen hebben hiermee te maken. De 8 paragrafen geven inzicht in de financiële positie van de gemeente, de beheersmatige aspecten en de risico’s. De voortgang van de reeds ingevoerde ombuigingen is toegevoegd (met name in het Sociaal Domein).
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
2
De financiële begroting bestaat uit kerngegevens; de begroting 2025-2028 op hoofdlijnen, het raadsbesluit, de begroting per taakveld, overzicht lasten en baten, bezittingen en vermogen, EMU-gegevens. Over de Kadernota en de meicirculaire zijn raadsinformatiebrieven en raadsvoorstellen verschenen. Het startpunt voor de begroting 2025 was een voordeel van € 136.000, ruim € 4 mln. tekort in 2026, aflopend naar € 4 mln. in 2028. Naar aanleiding van de Kadernota, de Meicirculaire en raadsbesluiten is een aantal wijzigingen doorgevoerd. Een wat grotere wijziging voor het Schoenkwartier is doorgevoerd conform de aangenomen motie (voordeel € 200.000). De raad is eerder geïnformeerd over de reserve onderwijshuisvesting waarvan de systematiek is gewijzigd waardoor alle kapitaallasten volledig zijn geraamd. Bij het IUP heeft ook een actualisatie plaatsgevonden. De oude jaren zijn verwerkt, het nieuwe IUP is vastgesteld. Voorts zijn er renteramingen en vervangingsinvesteringen die invloed hebben op het financiële beeld. Vervallen lasten en baten begroting 2024 betreft de oude reeks inclusief het wegvallen van de grote post voor onderwijshuisvesting die nu in de begroting opgenomen wordt als reguliere kapitaallast. De nieuwe reeks incidentele baten en lasten betreft enkele nieuwe budgetten vanuit het collegewerkprogramma op basis van het coalitieakkoord.
De grootste correctie is een eenmalige onttrekking uit de algemene uitkering van het Rijk (€ 1,8 mln. minder voor Waalwijk). Dit mag aangemerkt wordt als eenmalige incidentele last daar de algemene uitkering normaliter een structurele doorwerking heeft. Het structurele begrotingssaldo voor 2025 is +€ 4,5 mln. In 2026 is het saldo -€ 2,5 mln. oplopend naar -€ 3,5 mln. in 2028. Een actualisatie van de eerste begrotingswijzigingen is als beslispunt opgenomen. De verwerking en het opstellen van de begroting is een technisch en uitvoerig traject. Moties en amendementen en eventuele nagekomen voorstellen worden verwerkt in de actualisatie. De reserve onderwijshuisvesting is volledig verwerkt. Onderzoek woonwagenplaatsen; de PM post bij de Kadernota is nu ingevuld. De projectleider wordt op dit moment ingehuurd. Na de onderzoeksfase wordt de besluitvorming voorbereid. Dit vraagt wellicht om aanvullende investeringen en daarom is een PM post voor 2026 en verder blijven staan. Voor 2025 gaat dit met name over capaciteit. Toekomst bibliotheek; € 100.000 is verwerkt in de meerjarenraming vanaf 2027. Voor gebiedsontwikkeling De Els verloopt op 5 december een belangrijke deadline. Dit subonderdeel lijkt de goede kant op te gaan. De raad wordt op de hoogte gehouden. Opstellen Vrijetijdsvisie; in eerste instantie is een PM post ingevuld, sport en cultuur staan onder druk.
Dit geldt ook voor toerisme en recreatie en cultureel erfgoed. Bij de Kadernota is een extra fte uitvoeringskracht toegekend voor het vrijetijdsveld, maar daarnaast is de inzet van een extern bureau nodig voor het participatietraject en het schrijven van de visie. Hij verwacht dat de sportnota, de cultuurnota en de evenementenvisie worden samengevoegd tot één vrijetijdsbeleidskader voor 2026 en verder. Lokale Inclusie Agenda; dit is helaas niet als PM post opgenomen in de Kadernota. Na de evaluatie is voorgesteld om door te gaan met de capaciteit die hiervoor ingehuurd wordt. Het andere deel van het budget is voor activiteiten. Het raadsvoorstel met het beleidskader is geagendeerd voor de raadsvergadering van december. Daarna volgt de uitvoeringsagenda. Onderzoek bereikbaarheid Havens 1 t/m 8; € 200.000 voor 2025 om het project voor te bereiden en tot een investeringsvoorstel te komen zodat dit bij de volgende Kadernota gepresenteerd kan worden. Groot onderhoud Winterdijk Sprang-Capelle; de jaarlijkse kapitaallasten van € 325.000 zijn verwerkt. Oplevering wordt verwacht in 2026.
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
3
Onderzoek aanpak Zidewinde; naar aanleiding van de motie wordt budget voor onderzoek aangevraagd omdat dit niet past binnen de huidige bezetting. Er worden scenario’s voorgelegd voor de integrale aanpak. Onderzoek innamepunt kringloop op milieustations; hoe kan circulariteit wel toegevoegd en gecombineerd worden dan wel op een andere plek. Dit wordt gedekt uit de voorziening afvalstoffenheffing. Dit alles zorgt voor een nieuw begrotingssaldo van +€ 4 mln. in 2025, in 2026 -€ 2 mln. oplopend naar een tekort van € bijna 4 mln. in 2028. Het financiële ravijn blijft zichtbaar. Daar is in de vorige raadsvergadering uitgebreid bij stilgestaan. De lijst van vervangingsinvesteringen is terug te vinden onder het kopje vermogen. De nieuwe investeringen zijn aangekondigd in de Kadernota (vervanging wachtgedeelte stadhuis, investeringen in vervanging speeltoestellen, investering vervangen en uitbreiden meubilair stadhuis). Deze kredieten worden voorgelegd bij de begroting. De overige investeringen (Renovatie zwembad Zidewinde, Geluidscherm A59, Sport en Cultuur in de openbare ruimte, Renovatie jachthaven Waspik, Renovatie grasvelden (2027), Renovatie Sporthal Waspik + beachsportfaciliteiten (voorbereidingskrediet, de sportverenigingen zijn uitgenodigd voor gesprek) en Verduurzaming Vastgoed) worden met separate raadsvoorstellen voorgelegd.
De stand van de Algemene Reserve is per 1 januari ruim € 30 mln. Daarbij komt het jaarrekeningresultaat 2023. De raad heeft zaken gelabeld voor overhevelingen. De Oekraïnegelden gaan naar de reserve integratie huisvesting van noodverblijfsituaties. De begrote mutaties tot juli 2024 worden afgetrokken. Ook voor de strategische visie wordt € 100.000 afgetrokken. De stand van de algemene reserve komt daardoor per 1 januari 2025 uit op € 22 mln. Eerder besloten onttrekkingen 2025 en 2026 (met name voeding beleidsreserve) zorgen voor een prognose van € 20 mln. De ondergrens van de algemene reserve bedraagt € 5 mln. Vrij te besteden € 15 mln. waarvan gelabeld € 13 mln. voor GOL en € 1 mln. voor eventuele tegenvallers van het Sociaal Domein. Bij belastingdruk: De woonlasten worden vergeleken met de woonlasten van omliggende gemeenten. Waalwijk doet het relatief goed (20e positie op de ranglijst goedkoopste gemeenten van Nederland). Voor de ontwikkeling van de woonlasten worden de indexatie aangehouden, behalve bij de rioolheffing meerpersoonshuishoudens. De grotere stijging wordt veroorzaakt door een indexatie naast een percentage dat wordt toegepast ter dekking van het integraal waterplan. Voor de lokale heffingen worden de indexaties aangehouden conform de Nota van Uitgangspunten met uitzondering van de parkeerbelasting.
Sinds de evaluatie van betaald parkeren is het tarief niet meer geïndexeerd. Het voorgestelde tarief bedraagt € 1,10 (net iets boven de indexatie). De dekking voor rioolheffing en afvalstoffenheffing is altijd 100%. Een aantal zaken is minder kostendekkend. Voor de aanpassing van de leges fysieke omgeving (bouw) volgt een raadsvoorstel in december waarbij naar 100% kostendekkendheid wordt gestreefd. De Top 10 van risico’s is uitgewerkt in de begroting. De belangrijkste toename komt uit het Gemeentefonds. De belangrijkste afnames zijn risico's bestemmingsplannen en bouwgrondexploitatie omdat daar vrij recent een actualisatie en correctie hebben plaatsgevonden. Het beeld voor 2025 is structureel sluitend, het meerjarig financieel beeld is nog niet stabiel. Het ravijnjaar blijft zichtbaar. Ambtelijke ombuigingsvoorstellen worden verder onderzocht en uitgewerkt. De presentatie aan de raad volgt op 13 maart 2025. Uiteindelijk komt het college met voorstellen zodat het meerjarenbeeld sluitend is bij de Kadernota 2026 (raadsbehandeling 3 juli 2025).
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
4
Bespreking raadsvoorstellen met college 4.
Begroting 2025 gemeente Waalwijk
De raad stelt ieder jaar een begroting voor het jaar daarop vast. De raad stelt het beleid voor 2025 vast en wat dit mag kosten. Dit agendapunt is geagendeerd door de fracties van ChristenUnie en Lokaal Belang. De voorzitter constateert dat ook de fracties van VVD en Samen Waalwijk vragen willen stellen. De heer Van Groos heeft een punt van orde. Fracties is gevraagd om zich van te voren aan te melden en de onderwerpen aan te geven zodat de beantwoording beter voorbereid kon worden, maar nu krijgen fracties toch gelegenheid om vragen te stellen zonder aanmelding en duiding van het onderwerp vooraf. De voorzitter heeft begrepen dat aanmelden niet verplicht was. De heer Van Groos geeft aan dat op pagina 5 onder het kopje dynamiek en onzekerheid de volgende zin staat: “Er ligt een opgave om de stad te versterken”. In de zin daarvoor wordt gesproken over onze stad en dorpen. Hij vraagt welke opgave hiermee wordt bedoeld en vraagt voorts of de dorpen geen versterking nodig hebben. Wethouder Klerx vermoedt dat met deze algemene tekst de gemeente in brede zin wordt bedoeld. Er is geen specifieke opgave voor de stad die anders is dan die bij de dorpen. In het kader van leesbaarheid wordt niet steeds de stad en de dorpen gebruikt. De heer Van Groos verzoekt de wethouder om nogmaals naar de tekst te kijken en is benieuwd welke opgave er wordt bedoeld omdat dit niet wordt aangegeven.
Er zijn altijd opgaven. Hij begrijpt dat de wethouder de tekst niet paraat heeft. Wethouder Klerx verduidelijkt dat het gaat om de fysieke structuur. Daarna gaat het om het vergroten van brede welvaart. Algemene teksten, algemene opgaven die jaarlijks terugkeren. De zin is een strategische inleiding op de dingen die daarna volgen. Er is absoluut geen intentie om de dorpen tekort te doen. De heer Van Groos heeft de geruststelling gekregen dat de dorpen niet tekort worden gedaan. Hij refereert aan de extra € 100.000 voor de vrijetijdsvisie waarover niets was opgenomen in de Kadernota en informeert naar de reden van opvoeren terwijl de gemeente al krap bij kas zit. Wethouder Klerx antwoordt dat in de Kadernota een PM post is opgenomen voor de vrijetijdsvisie. Toen was er nog geen beeld hoe dit eruit zou zien en wat het kostenplaatje zou zijn. Gehoopt werd dat intern het één en ander zou kunnen worden opgevangen, maar gezien de omvang en in het belang van participatie in deze brede doelgroep wordt een aantal visies die in de afgelopen jaren zijn vastgesteld gecombineerd in één visie waarbij de eindgebruikers betrokken worden (sporters, museumbezoekers, toeristen, inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties, bezoekers). Het gaat om veel geld binnen deze domeinen wat wellicht beter ingezet kan worden.
Bijvoorbeeld om bij te dragen aan enerzijds de koers Sociaal Domein en anderzijds aan de ambities in het Fysieke Domein bij de Omgevingsvisie. Er wordt een bureau betrokken dat gaat helpen bij het schrijven van de visie en het organiseren van de participatie.
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
5
De heer Van Groos komt terug op dit onderwerp in de raadsvergadering in het debat met de andere fracties. In besluit 3 van het raadsvoorstel staat dat de raad bij het instemmen met de begroting ook akkoord gaat met de lijst van vervangingsinvesteringen. In besluit 4b vraagt het college in totaal € 2.360.000 voor vervanging van speeltoestellen, maar het gaat hierbij om meer dan alleen vervanging. In de presentatie werd ook gesproken over nieuwe investeringen. Hij wijst op het goede gebruik dat nieuwe investeringen via een apart raadsvoorstel aan de raad worden voorgelegd en verzoekt om verduidelijking. Wethouder Klerx antwoordt dat het in de optiek van het college gaat om de vervanging van huidige speeltoestellen. Een aantal speeltoestellen wordt niet teruggeplaatst, dit worden plekken voor vrij spelen/natuurlijk spelen. De nieuwe speeltuin naast de kinderboerderij is een investering conform het speelruimtebeleidsplan. Voor achterstallig onderhoud aan speeltoestellen was al jaren veel te weinig budget en geen capaciteit om dit aan te pakken waardoor nu een inhaalslag wordt gemaakt. De heer Van Groos vervolgt dat dit onderwerp in de presentatie bij het onderdeel nieuwe investeringen stond, terwijl de wethouder nu aangeeft dat het om vervangingsinvesteringen gaat.
Wethouder Klerx verduidelijkt dat in een begroting een uitsplitsing is gemaakt omdat de vervangingsinvesteringen vanuit eerdere raadsbesluiten komen. Boven de drie andere zaken had wellicht nieuwe vervangingsinvesteringen moeten staan. Daarover moet besloten worden bij de begroting en daarom zijn deze expliciet opgenomen in het raadsvoorstel. Uitbreiding meubilair stadhuis is wel degelijk een nieuwe investering, maar dit gaat om een klein onderdeel van de investeringsvraag waardoor het college heeft gemeente gemeend om dit ook ter besluitvorming voor te leggen zodat het in één keer aangepakt kan worden. De overige investeringen komen via separate raadsvoorstellen naar de raad. Hij hoopt dat het nu duidelijk is. De voorzitter ziet de heer Van Groos knikken. De heer Van Groos vraagt welke betekenis aan deze begroting toegekend moet worden omdat nu al bekend is dat de bedragen van Baanbrekers (in januari volgt een gewijzigde begroting voor 2025), van GHOR-west, van de Veiligheidsregio (die komt ook altijd in de loop van het jaar met een begrotingsbijstelling) en van de commissie Jeugd (aangekondigd met een raadsinformatiebrief) niet kloppen. Waar zegt de raad eigenlijk ja tegen? Wethouder Klerx reageert dat duidelijk mag zijn dat de raad ja zegt tegen € 250 mln. Dat is een behoorlijk bedrag.
Het college onderschrijft dat het afhankelijk zijn van een aantal externe partners geen prettig gevoel is en bevestigt dat in de loop van jaren substantiële wijzigingen zullen plaatsvinden. De begroting is in het afgelopen jaar van € 190 mln. naar € 250 mln. gegroeid. Deze wijziging betreft niet alleen maar indexaties, maar is ook het gevolg van een heel jaar ontwikkelingen, verschuivingen, extra bijdragen van het Rijk en bijstellingen vanuit gemeenschappelijke regelingen. Hij bevestigt dat de begroting aan verandering onderhevig is. Geprobeerd wordt om dit te beperken. Gemeenschappelijke regelingen weten dat dit tot ongenoegen leidt bij raadsleden, maar de wereld verandert continu. Het is een utopie om te verwachten dat er een begroting kan worden vastgesteld in november die de rest van het jaar meegaat. De raad wordt zo goed mogelijk bediend, maar een dergelijke belofte kan hij absoluut niet doen. Het college is scherp op gemeenschappelijke regelingen. Een aantal wijzigingen is aangekondigd, dat zijn tegenvallers, maar af en toe zijn er ook meevallers. De Septembercirculaire valt positief uit en dat is nodig gezien alle nadelen. De informatie
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
6
volgt met het Najaarsbericht. De raad heeft een motie aangenomen om de broekriem aan te halen. Niet alles vanuit de gemeenschappelijke regelingen wordt zomaar goedgekeurd. De begroting is een belangrijk document. Hiermee geeft de raad goedkeuring aan de uitgaven en inkomsten. De heer Van Groos vervolgt dat er altijd veranderingen zullen zijn. De begroting is altijd een raming. Hij wijst op de goede gewoonte om realistisch te ramen. De bedragen in de begroting zijn volgens de inschatting die op dat moment gemaakt kan worden. Mar nu is voordat de begroting wordt behandeld en vastgesteld al bekend dat de bedragen niet kloppen. De gemeente kon zich dit in de afgelopen jaren met alle overschotten en plussen permitteren, maar straks in een tijd van krapte is dat wel heel vervelend. Dingen worden incidenteel opgelost en moeten vervolgens structureel ingebakken worden in de begroting voor het jaar daarop. Zo wordt blijvend achter de feiten aangelopen en gerepareerd. Als het nu al niet goed is, is hij van mening dat er een begroting aangeleverd moet worden met de juiste bedragen, afgezien van het feit dat er altijd wijzigingen zullen zijn. De raming klopt niet. Wethouder Klerx geeft aan dat geprobeerd wordt om zo goed mogelijk te ramen. De heer Van Groos weet hoe dit werkt. Het punt is duidelijk, maar het samenstellen van een begroting is heel veel werk.
Dit is een continu proces vanaf het vaststellen van de Kadernota bij het Team Financiën en alle beleidscollega’s. Het is een megaklus om uiteindelijk tot € 250 mln. met een uitsplitsing te komen. In de afgelopen maanden is kneiterhard gewerkt door alle collega’s om een begroting gereed te krijgen met een zo accuraat mogelijk beeld en juiste ramingen. Een begroting blijft altijd aan verandering onderhevig. Hoe graag hij het ook zou willen, het kan gewoon niet, de organisatie doet haar uiterste best om zo realistisch mogelijk te ramen. De heer Van Groos benadrukt dat hij niet heeft gezegd dat er niet kneiterhard is gewerkt. Hij weet hoe veel werk het maken van een begroting is dus daarom heeft hij verder geen opmerkingen, maar maakt hij wel een koppeling met zijn vijfde en laatste vraag. Hij vraagt of de organisatie wel in control is gezien het feit dat er in 2024 veel meer van inhuur gebruik is gemaakt dan begroot (+ € 700.000) aangezien dit geen openeindregeling is en vraagt nogmaals naar de betekenis van de bedragen die de raad met de begroting autoriseert. Wethouder Klerx antwoordt dat de organisatie uiteraard in control is. Het zou raar zijn als hij de organisatie niet met verve zou verdedigen. Hij probeert deze vraag te beantwoorden zonder het platte antwoord ja wij zijn in control te geven. Het piept en kraakt en dat betekent iets voor de organisatie.
Er wordt kneiterhard gewerkt. Hij bevestigt dat op dat wanneer de werkdruk erg hoog en er veel ambities en veel projecten zijn er meer fouten worden gemaakt en er meer onzekerheid is dan wanneer de organisatie zich in rustig vaarwater bevindt, met veel voorspelbaarheid, een rustige economie en weinig onzekerheden in de wereld. De wereld is op dit moment onwijs aan verandering onderhevig. De werkdruk is enorm, er is krapte op de arbeidsmarkt. Alle zeilen moeten bijgezet worden, de organisatie staat onder druk, maar doet haar uiterste best om zo goed mogelijk werk af te leveren. Dagelijks werken 600 mensen hard om de service en dienstverlening met alle ambities die de raad heeft te verwerken en tot wasdom te brengen. Het is een ingewikkelde tijd. Hij begrijpt de bezorgdheid, maar dat wil niet zeggen dat de organisatie niet in control is. Er is juist heel hard gewerkt om de situatie transparanter en meer inzichtelijk te maken, de raad tijdig te informeren, op tijd in positie te brengen. Het college heeft alle vertrouwen in de organisatie. De heer Van Groos merkt op dat de wethouder steeds heel handig zijn vragen ontwijkt. Dat mag in de politiek, maar hij komt toch terug op zijn vraag omdat het niet gaat over
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
7
hard werken, krapte en dat soort dingen. Als in juni bij de Kadernota, die dan al enige tijd klaar is, een soort winstwaarschuwing wordt afgegeven maar op dat moment geen bedrag voor het tekort genoemd kan worden en vervolgens blijkt dat er € 700.000 extra is uitgegeven aan inhuur (dat hoort de raad een paar maanden later) kan hij dat niet volgen. Wethouder Klerx heeft zijn best gedaan om een algemeen antwoord te geven, maar als er echt diep wordt ingegaan op de portefeuille personeel en organisatie, zou hij graag het stokje willen doorgeven. De heer Van Groos benadrukt dat zijn vraag wel degelijk een financiële vraag is. Hij vraagt niet of het inhuren van personeel wel of niet nodig was. Er staat een bedrag in de begroting waarvoor het college kan inhuren. Het college mag ook inhuren vanuit het vacaturevoordeel, maar toch constateert hij dat er meer inhuur heeft plaatsgevonden waardoor het budget is overschreven. Het is dan heel normaal dat er voor extra budget naar de raad wordt gegaan. Dat is niet gebeurd. Wethouder Klerx reageert dat er dingen kunnen gebeuren waardoor het college denkt dat er een noodzaak is om extra uitgaven te doen. Dat was nu het geval waardoor er extra ingehuurd moest worden.
Dit was bij het Voorjaarsbericht nog niet in beeld en daarom heeft het college gemeend, afwijkend van informeren over afwijkingen en financiële wijzigingen bij het Najaarsbericht, vanwege de grootheid en importantie van dit bedrag de raad meteen willen informeren met een raadsinformatiebrief toen dit bekend was en ook de totale berekening duidelijk was. Het was nodig om deze uitgaven direct te doen omdat het ging om tegenvallers en het bijstellen op een aantal posten. Dit is zeer uitgebreid toegelicht in de raadsinformatiebrief. Als de raad van mening is dat het college haar boekje te buiten is gegaan is het aan de raad om het college op het matje te roepen. Het college heeft de raad zo snel mogelijk willen informeren. Het leek een juiste om gewoon te blijven doorwerken en een tandje bij te zetten. In een organisatie die piept en kraakt moet soms ondernemend gehandeld worden. Met elkaar wordt gewerkt aan de vele ambities en daarom werd dit als een juiste handelswijze aangemerkt. De voorzitter verzoekt de heer Van Groos om te reageren zonder in herhaling te vallen. De heer Van Groos verduidelijkt dat hij niet in herhaling vervalt, maar juist het college ter verantwoording roept. De raad heeft het budgetrecht. Als het college meent om voor € 700.000 extra uitgaven te kunnen en dat meent dat te kunnen repareren via het Najaarsbericht maakt hij daar bezwaar tegen.
De raad kan niet beslissen om het geld niet beschikbaar te stellen in december want het is al uitgegeven. Het budgetrecht wordt gewoon uitgehold. Wethouder Klerx gaat in herhaling vervallen als hij nu opnieuw gaat reageren. Hij is het niet eens met deze opmerking en heeft geprobeerd uit te leggen hoe hier zo goed mogelijk invulling aan gegeven is. In de ogen van het college is de raad juist zo snel mogelijk in positie gebracht. Het waren onvoorziene omstandigheden. Het college meende door te moeten. Als de raad een andere mening heeft dan is dat aan de raad. De heer Van Groos vraagt afsluitend hoe de wethouder het budgetrecht van de raad ziet en het niet budgetrecht van het college. Wethouder Klerx antwoordt dat het duidelijk is; de raad heeft het budgetrecht. Als het college investeringen doet dan wordt dit gedaan op de afgesproken momenten. Hij begrijpt dat zijn antwoord voor de heer Van Groos niet voldoende is. Hij heeft vanavond steeds verdedigd dat het college er alles aan doet om de informatie zo goed mogelijk bij
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
8
de raad te brengen. Als er iets gebeurt, moet er bijgestuurd worden. Het college is aangesteld als dagelijks bestuur. Als de heer Van Groos vindt dat het college haar werk niet goed doet dan is het aan hem om daar naar te handelen. Er wordt met eer en geweten gewerkt en sturing gegeven aan de organisatie. Met de gestelde doelen en beleidsambities wordt uitvoering gegeven aan de activiteiten. Soms moet er bijgestuurd worden in onzekere en roerige tijden en dat is wat het college heeft gedaan. Hij kan het niet mooier maken. De heer Van der Pluijm merkt op dat in de begroting voor de mobiliteitshub tweemaal € 175.000 is opgenomen en vraagt waarom deze flinke bedragen nodig zijn en wat hiervoor verwacht mag worden. Wethouder Klerx reageert dat dit een inhoudelijke vraag is en verzoekt toe te staan dat deze vraag door wethouder de Jong wordt beantwoord omdat mobiliteit onder zijn portefeuille valt. Of wordt er een financiële toelichting gewenst? De heer Van der Pluijm vervolgt dat zijn vraag vooral is wat er voor deze bedragen verwacht mag worden. Wethouder De Jong antwoordt dat er drie mogelijke locaties in beeld zijn. Het onderzoek moet aantonen of dit de juiste locaties zijn, wat de kosten bij benadering zijn en wat moet eerst. Als deze gegevens tijdig bekend is, kan mogelijk de eerste subsidie in het kader van de MIRT aangevraagd worden bij de Provincie.
De heer Van der Pluijm bedankt voor de toelichting. Hij refereert aan de wijzigingen in de begroting (a t/m j) waar bij extra woonwagenplaatsen een projectleider wordt ingehuurd. Hij vraagt wat er verwacht mag worden, waarom daar jaar na jaar € 50.000 aan besteed moet worden en waarom er niet gewoon een woonwagenlocatie wordt ingericht voor dit bedrag. Wethouder De Jong reageert dat het budget voor 2024 overloopt in het budget voor 2025. De gemeente moet voldoen aan de taakstelling met betrekking tot het in evenwicht brengen van de vraag naar woonwagens en het aanbod samen met de woningbouwcorporatie. Hiervoor is iemand ingehuurd om een quickscan te doen en daaruit is een aantal locaties naar voren gekomen die nader onderzocht moeten worden. Als het deze locaties er zijn moet gekeken worden wat het kost en hoe de omgevingsdialoog gedaan kan worden naast nader bekijken of één en ander op de locaties die in beeld zijn ook daadwerkelijk gerealiseerd kan worden. Op dit moment zijn er 15 inschrijvingen van tien jaar of langer. Het Ministerie geeft aan dat deze inschrijvingen gelijkwaardig dienen te zijn aan een inschrijving bij een woningbouwcorporatie en daarom worden deze inschrijvingen als zodanig behandeld. Dit houdt in dat de projectleider hiervoor tot aan de zomer volgend jaar wordt ingezet om vorderingen te kunnen maken op dit dossier.
De heer Van der Pluijm vraagt of er een concrete locatie verwacht wordt. Wethouder De Jong antwoordt dat het om locaties gaat. De heer Van der Pluijm geeft aan dat ook zijn fractie zich zorgen maakt dat de kosten voor inhuur stijgen en refereert eveneens aan de overschrijding voor dit jaar. Eerder is al aandacht besteed aan het bulldozeren zoals dat wordt ervaren bij het IUP. Ook in de nu voorgestelde begrotingswijziging gaat het veel om inhuur en adviesbureaus. Hij vraagt of er wellicht gekeken moet worden naar structurele uitbreiding van de organisatie of een
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
9
bijstelling van de ambities aangezien de wethouder aangaf dat het piept en kraakt. De Belastingdienst maakt lastiger met ingang van 1 januari. Wethouder Klerx antwoordt dat het duidelijk is dat inhuur duurder is. Er is ruimte binnen de structurele personeelsbudgetten om mensen aan te nemen, maar op sommige plekken worden de juiste mensen niet gevonden. Voor projecten en bepaalde onderzoeken kunnen geen mensen aangenomen worden omdat het incidentele gelden zijn. Idealiter zou hij de organisatie op sommige plekken graag iets uitbreiden zodat de organisatie robuuster wordt om de werkdruk wat te verminderen en beter uitvoering te kunnen geven aan de activiteiten. In de afgelopen jaren waren er veel plannen. Op een aantal majeure projecten is het bulldozereffect waarneembaar (insteekhaven, GOL, de noordelijke randweg op het industriegebied) waarbij alternatieven worden onderzocht. De organisatie staat klaar in de hoop dat er aan het einde van het jaar een positief besluit valt zodat aan de slag gegaan kan worden waardoor de bulldozer weg kan om de stratenmakers aan het werk te laten. De heer Van der Pluijm vraagt of het realistisch is, in navolging van het ETZ ziekenhuis en de zorg in Den Bosch, om de inhuur af te bouwen en daarmee te stoppen.
Wethouder Klerx vervolgt dat het gezond is om een flexibele schil te houden, maar geprobeerd wordt om inhuur te beperken en meer mensen aan te nemen. Dit lukt maar mondjesmaat en daarom deelt het college deze zorgen. Sinds covid is er sprake van enorme inhuur vanwege de krappe arbeidsmarkt. Portefeuillehouder Ausems vult aan dat inhuur soms nodig is, maar liever niet want je wilt een stabiele, structurele organisatie. Als mensen maar tijdelijk in de organisatie zijn geeft dat vaak onrust. Soms is het nodig om extra kennis te verkrijgen. Inhuur beperken is een doel, maar met incidentele gelden kunnen mensen niet structureel aangenomen worden. Gekeken wordt of een poule van projectmanagers structureel aangenomen kan worden voor incidentele projecten. De gemeente is een wervingscampagne gestart en dat heeft al veel opgeleverd waardoor enkele vacatures vervuld zijn, maar er blijven vacatures die ingewikkeld in te vullen zijn. Voorts wordt gekeken naar een meester/gezelstructuur waarbij degene die wordt ingehuurd (de meester) een jong iemand die het vak nog niet beheerst maar wel wordt aangenomen (de gezel) opleidt waardoor de afhankelijkheid van inhuur naar beneden wordt gebracht. Dit betekent wel dubbele lasten, maar daarmee wordt wel het kennisniveau van de organisatie opgebouwd. Voorts is een laatste optie natuurlijk ook het bijstellen van ambities.
Het voorbeeld van het ETZ is interessant, maar op dit moment geen optie voor de gemeente want dit houdt in dat er aan de noodrem getrokken moet worden. De heer Van der Pluijm refereert aan de kostendekkende tarieven en leges waarbij de wethouder aangaf dat de kostendekkendheid van een aantal onderdelen nog niet 100% is (grafrechten, haven- en kadegelden, marktgelden, leges bouw, leges publiek). Hij vraagt wat het college op dit moment doet aan het dekkend maken van deze tarieven of dat de raad het college moet helpen bij het knoppen doorhakken. Wethouder Klerx antwoordt dat conform het amendement bij bouwleges een grote inhaalslag naar 100% kostendekkendheid is gemaakt (op dit moment 96%). Voor de publieksleges geldt voor een groot deel een gemaximeerd wettelijk tarief. Eén van de ombuigingsvoorstellen besproken in de afgelopen maanden ging over de grafrechten. Bij het voorstel voor de verharding op de begraafplaatsen is gekeken of naar een iets ander percentage van kostendekkendheid toegewerkt kan worden als eerste stap. Verschillende partijen hebben kostendekkendheid in de afgelopen jaren tijdens de algemene beschouwingen naar voren gebracht, maar dit heeft nooit tot een raadsbesluit geleid,
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
10
behoudens een amendement van de ChristenUnie tijdens de Kadernota over bouwleges. Als hier sneller werk van gemaakt moet worden in het komende jaar (voor de aanstaande begroting lukt dat niet meer) moet hij wel de nuance maken dat bij de havengelden ook naar de omgeving gekeken moet worden (prijst Waalwijk zichzelf niet uit de markt). Dit geldt ook voor de marktgelden (wordt de weekmarkt daardoor leger). Het college ziet ruimte om meer stappen te zetten als de raad ook bereid is om stappen te zetten. Als de raad een uitspraak doet, is duidelijk voor het college of dit een knop is waar wellicht aan gedraaid moet worden. De heer Van der Pluijm merkt op dat in de presentatie voor bouwleges 55% werd genoemd in plaats van 96%. Wethouder Klerx verduidelijkt dat de presentatie is gebaseerd op de tarieven van het voorgaande jaar. Het percentage voor dit jaar is nog niet opgenomen omdat er een onbekende fase is vanwege de nieuwe Omgevingswet. Het ingeschatte percentage van 96% is geanalyseerd door een bureau omdat het ook belangrijk is dat niet boven 100% uitgekomen wordt. Als het onderzoek is afgerond komt dit terug naar de raad, hopelijk bij de vaststelling van de nieuwe tarieven in december. De heer Van der Pluijm vraagt of de raad met een motie moet komen. Het is goed om te onderzoeken welke tarieven reëel zijn.
Als de haven- en kadegelden worden verviervoudigd om tot 100% te komen zullen er wellicht wat schepen afhaken. Over grafrechten moet vermoedelijk een politieke discussie gevoerd worden. Wethouder Klerx bevestigt dat een motie absoluut helpend is omdat bij sommige categorieën een politieke gevoeligheid aan de orde kan zijn. Voor de grafrechten is gevraagd of naar 50% tot 60% gegaan kan worden. De maatregelen voor de verharding komen in december aan de orde in de raad en daarmee wordt al een aanzet gegeven. Als de raad bereid is om het hele pallet te onderzoeken en een ambitieniveau kan meegeven dan is dat enorm helpend in de analyse. De heer Van Dijk refereert aan het innamepunt voor kringloop op milieustations waarbij wordt verwezen naar een motie om onderzoek te doen naar de verplaatsing van het milieustation waarvoor € 50.000 wordt begroot. Deze motie heeft geen betrekking op de verplaatsing, maar op onderzoeken of op één van de milieustations een innamepunt gerealiseerd kan worden voor de kringloop. Hij vraagt waarom dit bedrag wordt geïnvesteerd in een onderzoek dat geen antwoord geeft op de vraag van de motie, maar iets doet voor een doel waarvan nog maar de vraag is of dit gewenst wordt en of daar überhaupt draagvlak voor is.
Wethouder Schuijffel antwoordt dat naast de motie waarop gedoeld wordt nog een andere motie ligt (ingebracht in 2022) die gaat over het circulariteitscentrum. Dit was gekoppeld aan de gronden van Baanbrekers. In de kaderstellende vergadering van afgelopen juli is aangegeven dat op beide milieustraten geen ruimte is voor een innamepunt en daarom wordt in relatie tot deze gronden gekeken of verplaatsing aan de orde zou kunnen zijn of hoe op een andere manier voorkomen kan worden dat spullen die nog heel goed bruikbaar zijn op een milieustraat terechtkomen. Omdat het gaat om het afvangen van bruikbare spullen kan dit vanuit de reserve afvalvoorziening gedaan worden in de lijn van de bedoeling van beide moties. De heer Van Dijk heeft de motie aangaande het circulariteitscentrum er even bij genomen. In deze motie wordt niet gesproken over verplaatsing van het milieustation. Wat voorligt heeft te maken met de volgordelijkheid van zaken. De raad moet eerst kijken of er draagvlak is om het milieustation te verplaatsten naar een locatie aan de
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
11
zuidkant van de Maasroute. Daarna kan onderzocht worden of dit reëel is. Hij vraagt of de wethouder het daarmee eens is. Wethouder Schuijffel vervolgt dat het college deze kwestie juist andersom insteekt, niet zo zeer het verplaatsen van het milieustation, maar wel onderzoeken hoe aan de wens van de raad voldaan kan worden om enerzijds een circulair ambachtscentrum neer te zetten waarbij geprobeerd wordt om zo veel mogelijk materialen die herbruikbaar zijn af te vangen zodat deze hergebruikt kunnen worden, eventueel samen met Baanbrekers zodat daar een goede werkomgeving ontstaat. De milieustraat is de plek waar inwoners naartoe gaan om spullen weg te brengen. Er kan voor een andere oplossing gekozen worden, maar het begint wel bij wat wil je bereiken met de spullen waar mensen van af willen en hoe zorg je ervoor dat zo veel mogelijk herbruikbare spullen worden afgevangen. Of het daarbij zinvol is om de milieustraat te verplaatsen dat is een tweede vraag. Gekeken is of er fondsen zijn waar de gemeente uit kan putten om een deel van dit onderzoek te doen. Het college heeft met deze twee moties geïnterpreteerd dat de raad het belangrijk vindt dat inwoners hun spullen ergens kunnen brengen zodat deze hergebruikt kunnen worden. Wethouder Klerx geeft aan dat hij niet volledig is geweest in een eerdere beantwoording.
Hij heeft alleen gesproken over de grafrechten, maar ook de haven- en kadegelden en de marktgelden zijn onderdeel van de ombuigingsvoorstellen. De kostendekkendheid hierbij is 25% tot 30% en er wordt gestreefd naar een verdubbeling. Als de raad dit wil afwachten is er geen motie nodig. Als de raad wil dat inzichtelijk gemaakt wordt wat het betekent als er naar 100% kostendekkendheid wordt gestreefd, zoals dat bij de bouwleges is gedaan, is een motie wel van belang. De voorzitter ziet dat de heer Van der Pluijm instemmend knikt. De heer Frodyma begrijpt uit de presentatie van de wethouder van zojuist dat het meerjarig financieel beeld stabiel is. De inkomsten van de grondverkopen in 2025 (iets meer dan € 27 mln.) vallen weg met de laatste verkopen van Haven 8 Oost en dan ontstaat een groot gat. Hij vraagt hoe de wethouder denkt dit te compenseren. Wethouder Klerx antwoordt dat het wegvallen van grondverkopen geen structureel nadeel oplevert in de begroting. Het betekent wel iets voor de ‘rijke’ positie van de gemeente omdat zij veel grond heeft verkocht en incidentele winsten heeft behaald. Dit is eindig, maar dat wil niet zeggen dat daarmee het beeld voor daarna als de gronden zijn uitgegeven heel veel negatiever wordt en de jaarlijkse lasten wegvallen. De structurele inkomsten en uitgaven worden hierdoor niet aangetast.
Hij nuanceert zijn woorden, het beeld voor dit jaar en 2025 is stabiel is, maar het ravijnjaar vanaf 2026 is heel erg zichtbaar waar geen stabiliteit is waardoor nu iets gedaan moet worden. Hij heeft zich daarnet wellicht versproken of iets anders bedoeld; het beeld is stabiel tot 2025 en daarna is er veel onzekerheid over het Gemeentefonds en het nadelig saldo. De heer Frodyma vervolgt dat grondverkopen weliswaar incidenteel zijn, maar dit genereert jaarlijks een substantiële inkomstenstroom die opdroogt. De wethouder zei aan het begin van zijn presentatie dat er een stabiel uitzicht is, maar dat valt weg want hiermee zijn wel degelijk structurele middelen afgedekt. Wethouder Klerx herhaalt dat het om incidentele inkomsten gaat die geen consequenties hebben voor het meerjarig beeld. Hij is het eens dat je op deze manier geen incidentele uitgaven kunt blijven doen want dan ben je heel snel door de spaarpot heen vandaar de winstwaarschuwing vanuit de algemene reserve dat op een gegeven moment de spaarpot eindig is. Voor het structurele beeld zijn er geen consequenties.
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
12
De heer Bokšan bedankt de wethouder en zijn team voor de duidelijke presentatie. Het structurele tekort is hem het meest opgevallen. Een aantal maanden geleden ging dat om meer dan € 4 mln. in 2026. Hij begrijpt dat het nu om een tekort van € 2,5 mln. gaat. Dat is nog steeds een fors nadeel. Hij informeert of er een specifieke factor is die zorgt voor minder tekort in 2026 of dat het een opstapeling van meer dingen betreft. Wethouder Klerx antwoordt dat de grootste oorzaak de onderhandelingsuitkomst is die is verwerkt in de Voorjaarsnota van het Rijk. Het oude Kabinet heeft enigszins water bij de wijn gedaan. In de onderhandelingen met VNG is de opschalingskorting (€ 1,7 mln.) geschrapt. Voor de hervormingsagenda jeugd is een stelpost opgenomen (€ 1,4 mln.) Dit is via de meicirculaire formeel verwerkt in de begroting. De heer Bokšan complimenteert de portefeuillehouder Veiligheid en haar team dat er blijvend wordt ingespeeld op nieuwe ontwikkelingen zoals de aanpak van radicalisering en maatschappelijke onrust. Kijkend naar wat er in de afgelopen weken in de gemeente is gebeurd is dit meer dan terecht. In de begroting staat dat er een handelingskader voor mobiel cameratoezicht wordt opgesteld. Dit terwijl sinds 2023 in het coalitieakkoord is afgesproken dat hiervoor geld wordt uitgetrokken.
Hij vraagt of het mobiele cameratoezicht nog moet beginnen of er al dingen zijn gebeurd en is dit een herijking is hoe hiermee omgegaan wordt. Hij hoopt het tweede want de mobiele camera’s moeten wat zijn fractie betreft zo snel mogelijk ingezet worden omdat hiervoor niet voor niets geld is uitgetrokken. Het college is voornemens om de jonge harde kern van RKC in beeld te brengen. Hij vraagt of de portefeuillehouder daar iets meer over kan vertellen en of dat hij zich zorgen moet maken. Portefeuillehouder Ausems antwoordt dat de mobiele camera’s verouderd zijn waardoor herinvestering en aanpassing nodig waren uit bestaand budgetten. Vaak wordt gevraagd naar de inzet van mobiel cameratoezicht en dat is niet zo makkelijk vanwege wettelijke regels. Om dit voor eens en altijd duidelijk te maken wordt een handelingskader opgesteld. Camera’s voor verkeersveiligheid zijn niet toegestaan. Camera’s mogen alleen toegepast worden voor de openbare orde en veiligheid onder strikte regelgeving. De camera’s zijn zeker al eens ingezet, dit jaar bijvoorbeeld in een woonwijk waar echt wat zorgen waren. De gemeente hanteert bij de aanpak van jeugd een 7 stappen model. Er wordt samengewerkt om groepen in kaart te brengen, onder andere bij de jonge aanwas van RKC samen met RKC, de politie en het OM. Als het nodig is wordt er opgetreden. Dat was te zien bij de wedstrijd RKC – Ajax.
De heer Bokšan verwijst naar de aanstaande sessie over veiligheid en informeert of in deze sessie ook de inleiding voor de nieuwe dingen die in de begroting zijn opgenomen (bijvoorbeeld herziening coffeeshopbeleid) meegenomen kan worden. Portefeuillehouder Ausems hoort graag op welke specifieke onderwerpen wordt gedoeld. De zaken die nieuw zijn worden zeker meegenomen. Het afgelopen jaar wordt op 6 februari geëvalueerd en daarbij wordt vooruitgekeken naar het nieuwe jaar. Voor het coffeeshopbeleid wordt een aantal momenten afgewacht, onder andere een uitspraak van de Raad van State, alvorens het beleid wordt vernieuwd. Zij weet niet of dit al voor handen is op 6 februari. De voorzitter verzoekt de punten schriftelijk kenbaar te maken aan de portefeuillehouder en biedt vervolgens gelegenheid om vragen te stellen in tweede termijn.
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
13
Mevrouw Verhagen merkt op dat het Wmo team met een aantal fte’s wordt uitgebreid. Hier wordt behoorlijk wat geld voor uitgetrokken. In de doorkijk naar 2026 wordt het team gehalveerd. Een antwoord op haar vraag waarom dit voorstel zo aangenomen kan worden heeft zij gekregen, maar het is een vanzelfsprekendheid dat de raad wordt meegenomen in het beleid voor de Wmo. Bij Jeugdhulp heeft zij bij Hart van Brabant gezien dat gezamenlijke inkoop ervoor zorgt dat er behoorlijk wat geld bij moet. Voorgesteld wordt om ook hier in dit geval voor gezamenlijke inkoop te kiezen dit terwijl al wordt voorgesteld om het bedrag voor 2026 te halveren. Het voorstel voor gezamenlijke inkoop moet bovendien nog in de raad besproken worden en de ervaring met Jeugdhulp leert dat een gemeenschappelijke regeling heel veel geld kan gaan kosten. Zij vraagt daarom hoe verstandig het is om in de doorkijk naar 2026 dit bedrag al te halveren. Wethouder Slaats antwoordt dat het complexe materie betreft. Als aan hem wordt gevraagd of de bedragen kloppen en of het team gehalveerd wordt denkt hij dat dit niet het geval is. Het plan is om een team op te zetten en daar ook meer aan de slag te gaan. Een precieze detaillering op de vraag met betrekking tot de financiën kan hij niet geven. Deze vraag relateert aan de samenwerking in de Regio met betrekking tot Jeugdzorg.
Hij weet niet of er meer kosten zijn door de samenwerking, maar het is wel een feit dat er meer kosten zijn voor Jeugdzorg. Voor Wmo wordt dit vooralsnog niet gedaan. Intern wordt onderzocht wat samenwerken met de Regio betekent. Het college komt hier op terug en neemt de raad hierin mee. De heer Lodenstijn wijst op het systeem dat in Den Bosch wordt gehanteerd en verzoekt de wethouder om daar ook naar te kijken zodat er een vergelijking gemaakt kan worden. Wethouder Slaats weet dat het onderzoek loopt en bekijkt wat daarin meegenomen kan worden aangaande Den Bosch. De heer Dubbeldam merkt op dat in de begroting heel veel ambities voor het onderwijs staan (ontwikkeling rijke schooldagen, realisatie klimaatkwartier, project hemelwater, muziek in de klas). De schoolprestaties gaan de laatste jaren achteruit. Als de politiek iets van het onderwijs vraagt, gaat dat ten koste van iets anders. Veel van de genoemde taken zouden eigenlijk bij de ouders moeten liggen. Dat sommige ouders dit niet oppakken is heel triest, maar om dit nu bij de school leggen terwijl de school al veel problemen heeft. Hij vraagt zich af of het wijs is om te doen, misschien moeten ouders toch meer gepusht worden. Wethouder Slaats reageert dat scholen een belangrijke rol hebben in de samenleving bij het laten opgroeien van kinderen samen met ouders, buurt en andere partijen en groepen.
In de begroting staat inderdaad een aantal dingen die samen met scholen gedaan worden, maar dit gaat altijd in overleg. Er worden geen dingen opgelegd. De scholen zijn enthousiast over de samenwerking en de aanpak die wordt gehanteerd. In het regulier overleg wordt altijd afgestemd wat haalbaar is en op welke wijze de goede dingen gedaan kunnen worden. Tot nu toe heeft hij geen signalen gekregen van de scholen in Waalwijk. De heer Dubbeldam vervolgt dat het voornamelijk om primaire taken van het ouderschap gaat waaraan in sommige gezinnen niet voldaan wordt en vraagt of er een stimulans vanuit de gemeente gegeven kan worden aan ouders om ook te denken aan cultuur, sport en begeleiding bij schoolprestaties. Wethouder Slaats geeft aan dat de gemeente in brede zin best veel doet aan cultuur en sport. Ouders hebben de mogelijkheid om bij het Kunstencentrum allerlei trajecten met
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
14
hun kinderen te doen. Het Sport en Cultuurfonds biedt mensen die daarvoor in mindere mate zelf de mogelijkheid hebben gelegenheid om muziekonderwijs of toneellessen te volgen. Tot nu toe zijn er goede ervaringen met de dingen die samen met scholen worden gedaan. Mevrouw IJpelaar merkt op met betrekking tot de herstelvoorzieningen op dat mensen die overdag werken niet naar de Kazerne kunnen om workshops te volgen, aan cursussen en projecten deel te nemen en nieuwe mensen te ontmoeten en vraagt wat er gedaan kan worden om hen tegemoet te komen. Wethouder Schuijffel antwoordt dat dit niet binnen haar portefeuille valt maar in algemene zin begrijpt zij dat er van alles gebeurt in buurthuizen overdag en dat er ook mensen zijn die dit graag op een ander moment zouden willen zien. Dit is zeker een aandachtspunt binnen het Sociaal Domein, de herstelvoorzieningen en het buurtwerk; hoe kan ervoor gezorgd worden dat mensen die dat willen kunnen meedoen met de activiteiten in de buurt en wijk. Mevrouw IJpelaar verduidelijkt dat zij dit vroeg omdat dit in de lokale inclusie agenda staat. Zij begrijpt dat er een raadsinformatiebrief volgt en informeert wanneer deze volgt. Wethouder Schuijffel vervolgt dat in december een raadsvoorstel wordt besproken over inclusiebeleid. Een afgeleide daarvan is de lokale inclusie agenda die eind december, begin januari volgt.
Wethouder Slaats vult aan dat de Kazerne inderdaad meestal doordeweeks overdag open is, maar soms is er ook wat te doen op vrijdagavond en op één zondag in de maand. Wellicht dat de personen die mevrouw IJpelaar gesproken heeft kunnen aangeven welke behoeften zij hebben. Als deze behoefte breder leeft kan wellicht gekeken worden wat men hiermee kan in algemene zin. Mevrouw IJpelaar informeert hoeveel meldingen er bij Radar zijn gedaan en wat voor meldingen dit betreft. Wethouder Schuijffel antwoordt dat in juni is begonnen met de organisatie Radar die op dit moment analyseert wat voor meldingen binnenkomen. Aan de hand van de zaken die worden ingebracht wordt gekeken wat dit concreet betekent voor de aanpak voor 2025; hoe kunnen dingen die mensen meemaken verminderd worden. Mevrouw IJpelaar verwijst naar de website over het echtscheidingsloket en merkt op dat deze door het taalgebruik minder goed toegankelijk is. Wethouder Slaats reageert dat de website wellicht wat ingewikkeld kan zijn vanwege de veelheid aan informatie. Hier moet zeker rekening mee gehouden worden en in die zin neemt hij deze opmerking mee, maar de verwachting moet niet zijn dat er op korte termijn grote aanpassingen zullen volgen. Mevrouw IJpelaar bedankt de voorzitter dat zij toch de gelegenheid kreeg om technische vragen te stellen.
De voorzitter sluit de bespreking in tweede termijn en biedt gelegenheid om onderling het debat te voeren.
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
15
De heer Van der Pluijm reageert in de richting van de heer Van Groos dat de wethouder heeft aangegeven dat de visies over sport, cultuur, evenementen, toerisme en recreatie en erfgoed opnieuw vastgesteld moeten worden. Deels is er geen visie en deels lopen visies aan het einde van het jaar af. Zijn fractie vindt het goed dat er een nieuwe visie wordt opgesteld hoewel € 100.000 voor een onderzoek veel geld is. De raad heeft soms de neiging om het college te verwijten dat wordt gekomen met een visie of een richting waarbij de vraag wordt gesteld hoe het college daarbij is gekomen. Wat nu wordt voorgesteld is een instrument om daar invulling aan te geven. Zijn fractie denkt dat het onderzoek noodzakelijk is en vindt het goed dat het college dit zo aanpakt. De heer Van Groos verduidelijkt dat zijn vraag (hoe komt u daarbij?) voortkomt uit het feit dat het onderzoek niet in de Kadernota staat. Het is een aanvulling op de Kadernota. Voor de zomer was al bekend dat de sommige visies aflopen en daarom denkt hij dat zijn vraag gerechtvaardigd is. De heer Van der Pluijm constateert dat hij en de heer Van Groos van mening verschillen. Dit is ook het geval bij de vraag over het budgetrecht waar de ChristenUnie groot belang aan hecht en zijn fractie akkoord gaat met in de verwoording en verantwoording door het college.
De heer Van Groos merkt op dat nog geen drie weken geleden een besluit is genomen over de ombuigingen voor de Kadernota 2025 en dingen die onderzocht moeten worden waaronder het eventueel verhogen van marktgelden, haven- en kadegelden en grafrechten. Vanavond zag hij een één-tweetje tussen de fractie van Lokaal Belang en de wethouder om bij de begrotingsbehandeling, zonder dat dit is onderzocht, al tot verhoging over te gaan. Hij informeert daarom hoeveel waarde Lokaal Belang aan raadsbesluiten hecht. De heer Van der Pluijm antwoordt dat de gedachte van de ChristenUnie wordt gedeeld, ook zijn fractie heeft vraagtekens bij de kostendekkendheid van de tarieven en zou daar graag richting voor willen bepalen. Hij nodigt de raad nogmaals uit om daar een mening over te vormen. Het college stelt voor om bepaalde tarieven te verdubbelen, maar daarmee is het tarief nog steeds maar 50% kostendekkend. Hij is zich niet bewust van het één-tweetje, maar zou dit graag raadsbreed willen oppakken. De heer Van Groos merkt op dat het absoluut een misverstand is bij zowel de woordvoerder en als de portefeuillehouder van Lokaal Belang dat zijn fractie ervoor pleit om alle tarieven 100% kostendekkend te maken. In de afgelopen jaren is aandacht gevraagd voor de leges waarbij de raad heeft uitgesproken dat deze kostendekkend zouden moeten zijn. Dat is al jaren niet het geval.
Voor grafrechten, haven- en kadegelden en marktgelden heeft de raad eerder besloten dat deze niet kostendekkend hoeven te zijn. Als de grafrechten worden verhoogd met als gevolg dat er minder op de begraafplaatsen wordt begraven, omdat men kiest voor cremeren, uitwijkt naar een natuurbegraafplaats of besluit om de grafrechten niet te verlengen dan moet de gemeente kosten maken voor onderhoud maar ontvangt zij onvoldoende inkomsten ondanks 100% kostendekkende tarieven. Hij is benieuwd naar het financiële effect van deze verhoging los van de discussie over allerlei politieke zaken. De heer Van der Pluijm corrigeert dat hij niet stelt dat de ChristenUnie streeft naar 100% kostendekkend, zijn fractie is vooral benieuwd waar de raad naar streeft. Hierbij moet, zoals de heer Van Groos al aangeeft, een aantal overwegingen gemaakt worden. Zijn fractie is benieuwd naar de input vanuit het onderzoek, is de gemeente marktconform en wat vindt de raad hiervan.
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
16
De voorzitter sluit de bespreking over de programmabegroting 2025 en concludeert dat het voorstel unaniem als bespreekstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 7 november a.s. 5.
Belastingverordening 2025 excl. OZB en leges
De belastingtarieven worden jaarlijks aan de begroting aangepast. Hiervoor moeten nieuwe begrotingsverordeningen worden vastgesteld. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van ChristenUnie. De heer Van Groos informeert naar de reden waarom de overhead voor de inningen is toegerekend aan de diverse belastingen. Een reden zou kunnen zijn dat dit leidt tot lagere dekkingspercentages waardoor de tarieven in 2026 extra verhoogd zouden kunnen worden. Wethouder Klerx vermoedt dat er gekeken is in hoeverre de overheadkosten bij de tarieven horen omdat het reëel is om deze door te berekenen en dat is wat nu wordt gedaan. Er is geen achterliggende gedachte om de tarieven nog meer te verhogen, het is gewoon eerlijker om dit door te berekenen en daarom wordt dit zo voorgesteld. De heer Van Groos vervolgt dat dit al jaren niet wordt doorberekend. De reden daarvoor is wellicht dat de gemeente van het Rijk jaarlijks een zak met geld krijgt vanuit het Gemeentefonds om de primaire zaken op orde te hebben. Het is heel vreemd dat inwoners die belasting moeten betalen ook opdraaien voor de kosten van het innen van die belasting. Dit valt onder de normale bedrijfsvoering. De gemeente ontvangt geld van het Rijk om de inning van te kunnen betalen, maar vervolgens wordt dit ook nog eens doorberekend aan de inwoners.
Wethouder Klerx reageert dat sinds de wijziging in het BBV de kosten extracapabel worden toegerekend waardoor ook de kosten die worden gemaakt voor de inning van belasting worden toegerekend aan het tarief. Dit wordt al een aantal jaren gedaan, maar is in het verleden anders geweest. Het wordt nu mogelijk nog net iets meer gedaan. De heer Van Groos twijfelt of het zo in de stukken staat, maar gaat het nalezen. In de stukken wordt namelijk de indruk gewekt dat dit nieuw is. Hij wil andere fracties niet op een slecht idee brengen, zijn fractie vindt dit namelijk een slecht idee, maar vraagt toch waarom het tarief voor GFT en het bedrag voor de lediging van de GFT nog niet op nul wordt gezet conform het raadsbesluit van enige tijd geleden omdat dit stimuleert om beter te scheiden en ruimte creëert in de grijzer container (van groot naar klein). Wethouder Schuijffel antwoordt dat het grondstoffenbeleidsplan fase 2 onlangs in de raad aan de orde is geweest. Het besluit gaat in het voorjaar van 2026 in. De heer Van Groos vraagt waarom het college niet aan de raad heeft voorgesteld om de GFT tarieven meteen te verlagen conform de wens voor een beter scheidingspercentage en minder GFT afval in de container voor restafval. Dit is volgens het college een wondermiddel en daarom is het raar om nog een jaar te wachten met de inzet.
Wethouder Schuijffel vervolgt dat zij blij is dat de heer Van Groos dit nu zo zegt omdat dit in lijn is met wat het college heeft voorgesteld. Het college kiest ervoor om alle veranderingen in één keer door te voeren in plaats van in stapjes. In de wijken waar de afvalproeven zijn gedaan wordt de methodiek van de proef doorgezet tot het voorjaar
Verslag extra gespreksavond begroting 2025 – 29 oktober 2024
17
van 2026 om inwoners niet steeds met veranderingen te confronteren. Minder verwarring. De heer Van Groos vermoedt dat inwoners geen bezwaar zullen hebben tegen een verlaging van het tarief, deze verwarring kan wel gehandeld worden. In het raadsvoorstel staat dat om uitvoeringstechnische redenen geen indexering van de parkeertarieven van 5% heeft plaatsgevonden en dat die indexering dit jaar samen met de reguliere indexering van 3,5% wordt toegepast. Deze opmerking wekt niet alleen verbazing op, maar leidt ook tot enkele vragen. De tekst wekt de indruk dat het om alle parkeertarieven gaat, maar zijn fractie vermoedt dat het alleen het tarief voor de parkeerapparatuur betreft. Hij vraagt of dit correct is. Er wordt gezegd dat het tarief al een aantal jaren niet is geïndexeerd, maar dat is niet juist. De tarieven worden steeds op vijf cent afgerond en dat kan betekenen dat ondanks een indexering het tarief niet wordt verhoogd omdat dit afgerond op hetzelfde bedrag uitgekomen wordt. Daarom moet altijd met geïndexeerde eindbedragen gerekend worden omdat haven- en kadegelden anders nooit omhoog zouden gaan. De raad heeft uitgesproken dat de automobilist geen melkkoe is en dat de tarieven voor parkeren kostendekkend moeten zijn. Zijn fractie constateert echter dat sprake is van overdekking.