Verslag Debat & Besluit (B) 16 en vervolg op 21-12-21
Tekst van het document
We zijn in de toekomst in staat arbeidsmigranten een plaats te geven in onze maatschappij. We hebben het al vaker gehad over de slechte arbeidscontracten en de combinatie van werk en wonen. Waalwijk scoort niet slecht maar het kan beter. We sluiten een convenant in de regio maar hoe het dan verder moet, en welke concrete acties we in Waalwijk of de regio gaan ondernemen, blijft vaak een vraagteken. Een belangrijkere vraag naar de toekomst is ook hoe we de arbeidsmigranten duurzaam kunnen inzetten in sectoren waar tekorten zijn. Denk aan de zorg. We vinden het te gek voor woorden dat tijdelijke krachten uit Indonesië worden ingevlogen, terwijl bij de distributiecentra mogelijk ook gediplomeerde verpleegkundigen rondlopen. Arbeid is geen wegwerpartikel maar een investering, ook in onze eigen toekomst. We willen dat de gemeente daar samen met de instellingen meer werk van maakt. We zijn ons er zeker van bewust dat het geen eenvoudige opgave is en blijft, maar de concrete stappen ontbreken. En de betrokkenheid van inwoners is ons nog niet geheel duidelijk. U vraagt ons met deze beleidsnotitie akkoord te gaan maar we willen dan wel meer duidelijkheid hebben over onze bedenkingen. Geen evaluatie na vier jaar. Nee, betrek ons als raad bij dit grote vraagstuk zodat we het samen maken.
Een evaluatie na vier jaar heeft dan weinig zin, want dan krijgen we de reactie dat de raad het zo heeft beslist. Mevrouw IJpelaar: Ik heb een vraag voor mevrouw De Jongste. Ik hoor u spreken over de betrokkenheid van buurtbewoners bij arbeidsmigranten. Dat is nog niet duidelijk, zegt u. Wat bedoelt u daar precies mee? Wat moet de buurt nog meer doen? Mevrouw De Jongste: Ik bedoel daar eigenlijk mee aan te geven dat als arbeidsmigranten zich niet welkom zullen voelen, als ze in een straat komen te wonen waarvan de bewoners van niets weten. Dan is er vaak een barrière, doordat er veel onregelmatige diensten zijn. Als je daar meer over zou communiceren, is de integratie ook makkelijker. Mevrouw IJpelaar: Dat is ook zo, maar ik heb laatst gezien dat er in Zanddonk een soort app is, waarin mensen die er komen wonen zich kunnen melden. Zo weet de buurt dat ze er zijn en kan men de nieuwe bewoners meenemen. Daarom vraag ik aan u wat we nog missen op dat gebied. Mevrouw De Jongste: Het gaat vooral om de taalbarrière. De heer Tiemstra: Voorzitter, geachte aanwezigen. De beleidsnotitie arbeidsmigratie 2021 ligt vanavond voor ons. Wanneer we deze notitie lezen, zien we een mooi verhaal. Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
49
Zelf zouden we echter niet voor de term beleidsnotitie hebben gekozen, maar voor startnotitie. Met hetgeen in de notitie staat, kunnen we het moeilijk oneens zijn. De problemen worden benoemd, het college geeft aan de dialoog aan te willen gaan en verschillende zaken worden zelfs op de agenda gezet. Prima natuurlijk, maar dat is geen beleid. Voor de genoemde problemen, denk aan huisvesting, uitbuiting, om thans niet meer te noemen, willen we oplossingen. Maatregelen, een stappenplan, tussentijdse evaluaties en toetsbare resultaten. Grip op de situatie, dat is wat wij missen in dit stuk. Hier heeft de arbeidsmigrant die zijn werk en daarmee zijn onderkomen kwijtraakt helemaal niets aan. Wie op maandag wordt ontslagen en op dinsdag op straat staat met een tas met bezittingen, heeft niets aan deze notitie. Deze mensen hebben bescherming nodig van de overheid die het prima vindt dat een migrant huis en haard verlaat om hier het werk te doen dat blijft liggen, maar wel gedaan moet worden. Wanneer een bedrijf als Bol.com één of twee cent per verkocht artikel in een fonds ter bestrijding van tijdelijke dakloosheid zou stoppen, zou het probleem in Waalwijk al opgelost zijn, denk ik. Op 6 december hebben wij het college nog eens hierover bevraagd, mede naar aanleiding van de beantwoording van de vragen van Lijst IJpelaar.
Wat we nogal eens horen, niet enkel in Waalwijk overigens, is dat een arbeidsmigrant die zijn baan verliest dezelfde dag of de dag erop op straat wordt gezet. Wat dit betekent, kunt u zich waarschijnlijk indenken. Zo niet: er zijn aansprekende voorbeelden. Wij zijn benieuwd hoe het college de huidige situatie rondom de huisvesting van arbeidsmigranten na ontbinding van de arbeidsovereenkomst beoordeelt. Op basis van welke informatie dit dan gebeurt, welke mogelijkheden er zijn om in schrijnende situaties voor opvang te zorgen en op welke wijze de gemeente bij de arbeidsmigranten in beeld tracht te komen, opdat arbeidsmigranten contact kunnen zoeken bij dreigende dakloosheid. Deze vragen waren vanmiddag om vier uur nog niet beantwoord. Via de griffie begreep ik dat die vanavond om zes uur beantwoord zijn. U begrijpt dat ik hier nog geen kennis van heb kunnen nemen. Ik vind het verschrikkelijk. Als dit aangeeft welke vragen en antwoorden van het college de prioriteit krijgen, zeker rondom dit onderwerp, mag ik daar toch wel mijn afkeuring over uitspreken? Tot zover. De heer Bögemann: Voorzitter. In navolging van de toezeggingen van het college op 21 april 2021 ligt hier de nieuwe herziening beleidsnotitie arbeidsmigratie ter besluitvorming.
We zijn verheugd om te zien dat besloten is de notitie niet alleen op de onderdelen huisvesting, mensenhandel en uitbuiting te herzien, maar dat het hele document is aangepast en deze is aangevuld met integratie, zorg en welzijn. Door de integraliteit van het beleid op deze manier vorm te geven, laat het college zien prioriteit te geven aan het welbevinden van onze nieuwe inwoners in samenwerking met alle betrokken partijen. Dat de betrokken partijen in het geheel, en de arbeidsmigranten in het bijzonder, actief benaderd zijn om mee te praten en te denken, laat naar onze mening zien dat er voldoende maatschappelijke betrokkenheid is om voortvarend aan de slag te gaan. In de notitie zien we dat er voor de aankomende jaren veel voornemens zijn om in Waalwijk een klimaat te creëren waarin de arbeidsmigranten kunnen meedoen en gaan meedoen in onze Waalwijkse samenleving. Ook zullen ze de bescherming en begeleiding krijgen die ze nodig hebben. De praktijk wijst uit dat, ondanks alle goede wil, inzet en bedoelingen, door allerlei oorzaken de gewenste vooruitgang niet altijd behaald wordt en dat doelen bijgesteld moeten worden. We vinden het als raad belangrijk in dit proces periodiek op de hoogte gesteld te worden van de vorderingen die op dit beleidsveld gemaakt worden.
Hierbij zijn wij niet op zoek naar specifieke cijfers en percentages op de puntkomma nauwkeurig, wel horen we graag wat de vooruitgang is op de verschillende onderwerpen. Lopen die volgens de verwachtingen of niet? Zitten we nog op de juiste weg of moeten er aanpassingen gemaakt worden op basis van nieuwe inzichten en ervaringen? De onderwerpen die hierin wat ons betreft specifieke aandacht mogen hebben, zijn de volgende. Wegwijzen in Waalwijk op het gebied van huisvesting, onderwijs, zorg en welNotulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
50
zijn en inzicht in de opbrengsten uit de klankbordoverleggen. Kunt u ons toezeggen dat u ons bij de kadernota expliciet informeert over de genoemde onderwerpen? Beantwoording college Wethouder Daandels: Voorzitter. Ik ben blij met de reacties en de alertheid van de raad, ook bij dit onderdeel. U weet dat de beleidsnotitie niet een notitie is met een eindevaluatie. We zijn pas net op weg. Ik ben heel blij dat we het een aantal jaren geleden mogelijk hebben gemaakt om arbeidsmigranten beter te huisvesten en de problematiek met elkaar te bespreken via klankbordgroepen en via de doelgroep zelf. Uiteindelijk konden we daardoor verbeterpunten aanbrengen in de notitie die voorligt. We leren nog elke dag, zo moet u die notitie ook lezen. Ik wil op hoofdlijnen een aantal vragen die ik van u heb gekregen beantwoorden. In eerste instantie had mevrouw Schuijffel het over uitbuiting en de krachtige bestrijding ervan. Wij onderschrijven dat. We geven dat in de documentatie ook aan. Uitbuiting is voor ons een belangrijk aandachtspunt en we hebben daar ook met verschillende actoren afspraken over gemaakt. Los van het feit dat we met uitzendbureaus zelf aan de slag gaan, merk ik dat dat met name best wel goed loopt met grote uitzendbureaus, maar met allerlei kleinere uitzendbureaus moeten we nog beter in gesprek proberen te komen. We doen daar ons best voor, want het begint met het gesprek.
Daarnaast is ook de controle als het gaat om uitbuiting, huisvesting en allerlei andere zaken heel belangrijk. Die controle doen wij gemiddeld genomen 60 tot 90 keer per jaar als het gaat om dit soort huisvesting. Dat doen wij ook met verschillende instanties, niet alleen met energiebedrijven maar ook met allerlei andere instanties, om te kijken of de wet- en regelgeving voor zover ook worden uitgevoerd. Ik ben het met mevrouw IJpelaar eens dat een vergunningensysteem voor uitzendbureaus een heel goed systeem zou zijn. Wij juichen dat toe als gemeente, maar beseffen ook dat we daarvoor ook wat steun uit Den Haag moeten krijgen. Ik weet dat ook vanuit die gremia gekeken wordt naar een vergunningensystemen. Wat mij betreft wordt het een systeem waarin we de bad guys kunnen weren en keihard kunnen aanpakken, zoals mevrouw Schuijffel ook zegt. Want daar staan wij voor: rechtvaardigheid, maar ook een harde aanpak waar nodig. Ik moet wel erkennen dat we er met deze beleidsnotitie, waarin we alleen allerlei dingen opschrijven, nog niet zijn. De signalen van ons en van u zijn daar zeer hard bij nodig. Structurele aanpak van de versterking van de positie van onze arbeidsmigranten is noodzakelijk en dat betekent ook dat we wederzijds, zoals we ook in de klankbordgroepen doen, in gesprek moeten gaan met die arbeidsmigranten en ook informatie moeten uitwisselen.
Informatie over huisartsen, over waar men terecht kan. Dat was ook de doelstelling die we middels een app probeerden te behalen. Nu is een app maar een van die elementen, maar het heeft in ieder geval wel een versterkende werking in het vinden van die informatie. En ja, dan nog is het helaas zo dat we soms arbeidsmigranten zien die een zwervend bestaan hebben, wat wij niet willen. Als we dat zien, verzorgen wij overigens wel opvang en daar hebben we ook met onze regionale partners, zoals de gemeente Tilburg, afspraken over, maar we willen dat liever aan de voorkant voorkomen. Wat dat betreft zijn tips altijd welkom. Dan vraagt u naar de informatievoorziening: hoe het ermee staat en of we op de goede weg zijn waar het gaat om mensenhandel, uitbuiting en al dat soort zaken. Ik kan u vertellen dat de beleidsnotitie wat het college betreft in ieder geval een integrale aanpak voorstaat, voor al die disciplines die wij benoemen. Dat staat los van de informatie aan uw raad. Die behoefte proefde ik onder andere bij de heer Bögemann en mevrouw De Bruijn en de heer Van Groos had het zelfs over meer prestatieafspraken en duidelijkere doelstellingen in het geheel. Ik moet zeggen dat wij daar in de beginfase best wel mee Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
51
worstelen, maar ik juich het wel toe en ik ben ook bezig om te kijken of we wat dat betreft de prestatieafspraken in het vervolg wat concreter kunnen maken, zodat we ook wat meer tastbaar kunnen controleren of we op de juiste weg zijn. Qua informatievoorziening: niet één keer in de vier jaar, zoals sommigen van u zeggen en wat hierin ook is opgenomen. Het voorstel is de beleidsnotitie die hier voorligt één keer in de vier jaar grondig te herzien. Tussentijds wil ik u zeker informeren. Dat kan via de P&C-cyclus zoals de heer Bögemann ook aangeeft. Dat lijkt mij een heel goede, maar ik ben ook bereid om jaarlijks een raadsinformatiebrief daarover te sturen en met elkaar in debat te gaan als dat noodzakelijk is. Mevrouw Pouw had het nog over goed verhuurschap. Als dat er landelijk komt, is het college er sterk voorstander van die landelijke beleidslijn in te voeren. Het punt dat u aankaart, juichen wij dus toe en wij kijken met aandacht naar wat er landelijk voor op touw wordt gezet. De heer Van Hamond geeft aan dat we eigenlijk alles op adresniveau zouden moeten hebben qua gegevens. Dat geldt ook voor signalen over koop en allerlei zaken. Ik snap dat u de controle van huur en koop goed inzichtelijk wilt hebben.
Ik ondersteun wel de woorden van de heer Bögemann: laten we het wel zodanig op hoofdlijnen doen zodat we de rapportages die u ook verlangt, met elkaar duiden via prestatieafspraken en verwachtingsmanagement. Dan wil ik daar best met u over spreken. De heer Van Groos had op zich een compliment voor het stuk. Dat waarderen wij. Ik heb net aangegeven dat hij een terechte opmerking maakte over de prestatie-indicatoren. Ik kan zeggen dat de app waar u naar vraagt en waarmee we in oktober van start wilden gaan, volgend jaar op twee locaties gaat draaien. We rollen daar een QR-code uit, dus vanaf volgende week gaan we die app verder uitrollen en wordt die gelukkig ook daadwerkelijk actief. De heer Spierings heeft het over een hele discussie over de huisvesting van niet alleen arbeidsmigranten, die we hier grootschalig hebben geregeld, maar ook van de statushouders. Ik kan me voorstellen dat hij doelt op aandacht voor die doelgroep. Als dat zijn intentie is, juich ik dat toe. Het college vindt het dat we wel reëel moeten zijn. Ik zeg overigens niet dat de heer Spierings dat niet is, ik vind het een heel goede suggestie. De huisvesting van de arbeidsmigrant, waarbij we het hebben over campussen waar de arbeidsmigrant kort verblijft, is iets anders dan de huisvesting van statushouders.
Statushouders zie ik toch meer als nieuwe Waalwijkers die we langdurig binnen onze gemeenschap opvangen. Ze hebben een verblijfsvergunning. Die zou ik ook heel graag een goede huisvesting willen geven, maar dan juich ik meer de inzet van flexwoningen of een combinatie met spoedzoekers toe, zodat de integratie ook beter is. Ik wil toch wat waken voor de aparte huisvesting per doelgroep. De arbeidsmigrant in relatie tot werkgelegenheid en kort verblijf zie ik iets anders dan statushouders, maar ik ben het er wel mee eens dat we die azc’s zeker moeten ontlasten en ruimte moeten bieden voor statushouders. Wat mij betreft doen we dat in combinatie met andere doelgroepen die het moeilijk hebben in onze maatschappij, zoals spoedzoekers. Daarmee ben ik ook bezig in samenwerking met Casade. De voorzitter: Wethouder, ik heb u even laten doorpraten want u heeft ook erg veel vragen op u afgevuurd gekregen, van verschillende fracties. Maar kunt u proberen het toch wat te beperken, gezien de tijd? Wethouder Daandels: Dat is prima. Heel kort nog. De heer Ottens gaf terecht aan dat de noordzijde verblijf is en niet gezien mag worden als huisvesting. Mevrouw De Jongste, wij praten al met arbeidsmigranten en dat geeft u aan. Het kan altijd beter natuurlijk, maar we hebben klankbordgroepen en we willen daar ook een terugkoppeling over doen. Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
52
Dat is ook iets wat de raad vraagt. Dus zowel de terugkoppeling van de klankbordgesprekken als informatie over huisvesting en onderwijs gaan wij wat mij betreft periodiek via de P&C-cycli doen. Dan vragen nog meerdere partijen, waaronder de SGP, terecht hoe we omgaan met die arbeidsmigrant als hij zijn baan verliest. Dat is best een heel moeilijk traject. Daar proberen wij afspraken over te maken, dat ziet u ook in de notitie, maar als u er suggesties voor hebt, horen we dat graag. Het voorstel is wel daarin, als het gaat over dit soort zaken, in ieder geval met uitzendbureaus in gesprek te blijven. Maar in gesprek blijven alleen zal niet voldoende zijn, dus wij zijn echt nog zoekende om op een andere manier dat beeld beter te krijgen en ook aan te pakken. Dus als u daar nog suggesties voor hebt, hoor ik dat graag. Tot slot. Per uitzendbureau wisselen de contacten die we hebben natuurlijk ook. We kunnen ze niet altijd verplichten met ons in gesprek te gaan, maar we doen ons best. Met de grote uitzendbureaus hebben we gelukkig goede contacten en we spreken, zoals mevrouw De Jongste zegt, het liefst met de arbeidsmigranten daarbij. Daar zijn die klankbordsessies heel goed voor. Daar wil ik het bij laten. Mevrouw IJpelaar: Wethouder Daandels, allereerst bedankt voor uw beantwoording. Ik ben blij te horen dat u die vergunningensystemen omarmt en uw best ervoor wilt doen.
Ik blijf het monitoren. Twee dingen ben ik vergeten te noemen. U bent eigenlijk ook verantwoordelijk voor de veiligheid van de arbeidsmigranten en als ik ze wel eens spreek, merk ik dat ze bijna nergens rookmelders hebben. Dus we hebben het over huisvesting, maar dit is ook een van de dingen waar wij oog voor moeten hebben. De arbeidsmigranten moeten ook weten waar de vluchtroute is in de woning waarin ze verblijven. Dan heb ik het niet over de campus, maar meer over de woningen buiten de campus. Ook wil ik uw aandacht vragen voor jonge arbeidsmigranten die ik ’s morgens vroeg wel eens in het park tegenkom. Dan zijn ze al behoorlijk onder de olie, zoals wij dat noemen. Misschien moet u het daar ook eens over hebben met de uitzendbureaus, want dat is ook een van de zorgen die Lijst IJpelaar heeft. De heer Van Hamond: Wethouder, bedankt voor de antwoorden. De vragen die ik had met betrekking tot het totaaloverzicht waarbij vergunningen zijn verleend voor kamerverhuur, respectievelijk grotere projecten, zijn toch heel makkelijk te beantwoorden? Ze worden soms gepubliceerd in De Waalwijker dus wij kunnen het wel volgen, maar we zijn het totaaloverzicht kwijt. Daarbij komt nog – en die vraag heb ik ook gesteld – dat bij koop- en huurwoningen in de directe omgeving van waar ik zelf woon inmiddels vijf woningen zijn verkocht. Of aan de arbeidsmigranten zelf of aan een huisjesmelker.
Als ik kijk naar het aantal auto’s heb ik een heel sterk vermoeden. Dat is ook niet alleen bij ons maar in meerdere wijken, want ik heb signalen gekregen dat er onderverhuur plaatsvindt, niet zijnde kamerverhuur. Mijn vraag is wat voor controle daar nu op wordt uitgevoerd. U zegt dat u geen signalen krijgt, maar als wij ze wel hebben, zou ik u vragen er iemand achteraan te sturen. U weet precies waar ze wonen. Als het goed is, is dat duidelijk, zodra ze worden ingeschreven in Waalwijk. Het adres is dan bekend. Misschien kunt u daar kort even een antwoord op geven. De heer Spierings: Hartelijk dank voor de beantwoording. Wat ik eigenlijk wilde doen, is de problematiek adresseren. De heer Daandels weet ook nog heel goed dat we acht jaar geleden met wat mensen van Hart van Brabant in Goirle zaten. Er waren al jaren mensen aan het spreken over de problematiek van arbeidsmigranten en toen hebben wij gezegd dat Waalwijk er iets aan zou gaan doen. Dan zie je wat er in acht jaar tijd in Waalwijk is bewerkstelligd. Ik wil niet zeggen dat het met statushouders ook zo gemakkelijk is, maar het is een kwestie van anders denken. Misschien is de statushouder wel de arbeidsmigrant van morgen. En dan is het geen migrant meer, dan is het gewoon een medewerker Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
53
die we een vast contract kunnen bieden. Dat wilde de VVD graag adresseren. Niet weglopen voor de problemen, maar proberen de dingen aan te pakken en op te lossen. Mevrouw De Bruijn: Ten eerste bedankt voor alle antwoorden die u heeft gegeven, wethouder. Toch mis ik nog een antwoord. Ik wil graag een antwoord hebben op mijn vraag om sneller met het Taalhuis en de werkgevers naar die taal te gaan kijken, want dat geeft snellere integratie. Ik heb zelf gezien hoe moeilijk onze arbeidsmigranten het hebben wanneer ze in de straten komen wonen, hoe ze eigenlijk afgezonderd worden. Als zij de taal een klein beetje kennen, zullen ze beter ontvangen worden in de straten en zich meer thuis voelen in Nederland. De heer Tiemstra: Dank u wel, voorzitter. Ik wil allereerst de wethouder bedanken voor alle antwoorden die hij op de vragen van de andere fracties heeft gegeven. Ik wil graag nog even aandacht vragen voor de dingen die wij naar voren gebracht hebben. Allereerst de wijze waarop onze onderhandse vragen zijn beantwoord, of liever gezegd niet beantwoord. Ik had het gewaardeerd als hij daar in de eerste termijn toch nog even een reactie op had gegeven. Daar vraag ik nu nog een keer om. We hebben de suggestie gedaan om niet alleen bij uitzendbureaus maar ook bij de bedrijven langs te gaan. Ik heb Bol.com als voorbeeld genoemd.
Als die per pakketje één of twee cent apart leggen, kunnen we een heel eind komen om het probleem van tijdelijke dakloosheid op te lossen. Dat zou een begin kunnen zijn. Prima natuurlijk dat wij worden gevraagd om met oplossingen te komen, maar het zou ook aardig zijn als het college zelf eens in andere gemeentes ging kijken. Hoe pakken die dit nu aan? Het speelt niet alleen in Waalwijk, het speelt landelijk. En het is ook een probleem waar men landelijk aandacht voor moeten hebben. Ik wil best meedenken. Als ik dingen hoor, zal ik ze zeker aandragen, maar die houding verwacht ik absoluut ook van het college. Dat zijn dingen die wij hebben aangedragen. Ik zou er toch graag een korte reactie op willen hebben. Tot zover. Mevrouw IJpelaar: Ik wilde even reageren op mevrouw De Bruijn. We kunnen wel zeggen dat arbeidsmigranten die in de wijk komen wonen het moeilijk hebben en zich alleen en verloren voelen, maar het is aan de wijkbewoners om die arbeidsmigranten welkom te heten en ze mee te nemen in de wijk. Dan kunnen we wel zeggen dat de gemeente of wie dan ook het moet doen, maar het zijn de bewoners die het moeten doen. Mevrouw De Bruijn: Ik denk, mevrouw IJpelaar, dat dat niet de inhoud van mijn vragen en antwoorden was. Ik moet zeker zeggen dat ze in sommige straten buitengewoon goed ontvangen worden.
Echter spreken zij de taal niet en heel veel mensen kunnen dan ook geen contact krijgen, anders dan met handen en voeten. Daarom zeg ik dat het belangrijk is dat ze de taal vooraf leren. De voorzitter: Dank u wel. Ik heb het idee dat u dezelfde kant op kijkt en dat u er nog wat taal bij legt. Het woord is aan mevrouw Pouw. Mevrouw Pouw: Ik hoorde de wethouder zeggen dat hij eigenlijk openstaat voor het traject naar de verhuurvergunningen, maar dan heb je ook een goede informatievoorziening nodig. Bij andere gemeenten zien wij dat huurteams veel informatie ophalen, ook over het gedrag van verhuurders, over misstanden in huis of over onderhoudstoestanden in huis en over onwettige teksten die door verhuurders in contracten wordt opgenomen. Ik heb de wethouder al vaker bevraagd over een huurteam en de laatste informatie die ik van hem heb gehad is dat Waalwijk inmiddels contact heeft gelegd met Tilburg om te verkennen in hoeverre aansluiting bij het huurteam daar mogelijk is en wat dat zou kunnen betekenen voor de kosten en capaciteiten voor Waalwijk. Mijn vraag is of de raad hierover nog een voorstel of update kan verwachten.
Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
54
Wethouder Daandels: Mevrouw IJpelaar begon over rookmelders en vluchtroutes in woningen. Sowieso zit dat in de vergunningsvoorwaarden die wij hebben. Bij de vergunningsafgifte kijken we daarnaar, dus ik ben het met haar eens dat de woningen gewoon veilig en goed moeten zijn. Zo vindt de controle ook plaats. Waar het gaat over zorgelijk drankgebruik heeft dat toch vooral te maken met signaalfuncties en hulporganisaties en wegwijs qua informatie. Daar doen wij alles aan, ook via een app en via onze andere instanties, om het in ieder geval te signaleren. Ook hebben wij verwijsfuncties naar de desbetreffende instanties toe. De heer Van Hamond zegt dat het overzicht van koop- en huurwoningen beter moet. Dat gaf hij ook in de eerste instantie al aan. In het kader van onderverhuur vraagt hij hoe wij ermee omgaan als er signalen zijn. Wij controleren sowieso op kamerverhuur. Ik wil niet zeggen dat nergens onderverhuur kan plaatsvinden, maar met kamerverhuur controleren we dat zeker. Ik heb al toegezegd periodiek bij de cycli informatie te gaan geven over de cijfers en dat we naar prestatie-indicatoren gaan kijken. Ook bij de controles van kamerverhuur checken we rookmelders, vluchtroutes en meer van dat soort zaken. Als het één huishouden is, is het niet in strijd met het bestemmingsplan. Arbeidsmigranten die zelf een woning willen kopen, mogen dat doen.
Als je het hebt over de spreiding, als er mensen zijn die zelf een woning kopen, zijn het onze inwoners. Daar kunnen we weinig aan doen. De heer Spierings geeft aan de problematiek op de agenda te hebben willen zetten. En dat we niet moeten weglopen voor bepaalde problemen; je moet ook durven eens anders te denken. Zo heb ik het ook opgenomen. Ik denk dat het goed is ook stil te staan bij statushouders en dat heeft uiteindelijk allemaal te maken met de totale beleveniswaarde die wij hebben als het gaat om de hulp aan verschillende doelgroepen. Mevrouw De Bruijn heeft het over het Taalhuis in samenwerking met de werkgevers. U heeft ook in het stuk zelf kunnen zien dat we in gesprek zijn met onder andere het Taalhuis Waalwijk, Contour/DeTwern en verschillende andere gemeentes. Ook met het ROC en sportaanbieders; al dat soort interne trajecten lopen we op dit moment. We beginnen volgend jaar met dit soort dingen ook in de klankbordgroep en we gaan op korte termijn kleinschalig aan de slag om dit soort taalactiviteiten wat meer uit te zetten, nu de coronatijd hopelijk wat meer mogelijkheden daartoe geeft. Dan over de onderhandse vragen van de SGP. Die heb ik iets voor vier uur naar de griffie gestuurd. Ik kan niet beoordelen wanneer ze naar u zijn gekomen. Ik had ze graag eerder beantwoord.
Ze zijn uitgezet binnen de organisatie en getracht is deze zo spoedig mogelijk te beantwoorden. U heeft gelukkig de antwoorden wel ontvangen. Ik had graag gezien dat u ze eerder had. Overigens heb ik geen aanleiding om aan te nemen dat ze eerder naar u toegezonden waren als wij ze eerder hadden. Zes uur is bij mij niet bekend. Ook heeft de SGP het in die onderhandse vragen nog gehad over het uitzetten van mensen als het arbeidscontract verloopt. Ik moet u zeggen dat wij ook landelijk aan de bel trekken, omdat er een algemene regelgeving voor moet komen. In een individueel contract tussen arbeid en huisvesting kan de gemeente namelijk niet altijd treden. Wij staan voor goede arbeidsvoorwaarden en hebben het liefst dat de contracten voor huisvesting en arbeid dusdanig zijn dat iemand die morgen zijn baan verliest niet twee uur naderhand op straat moet staan. Wij hebben daar met grootschalige uitzendbureaus wel afspraken over kunnen maken, dus die gaan daar menselijk mee om. Maar als je het echt goed wilt regelen, moet er een landelijke regeling zijn, want je treedt in huurcontracten. Dan nog mevrouw Pouw die het heeft over verhuurdersonderzoeken en de huurteams. We zijn met Tilburg in gesprek. Tilburg is op dit moment nog een pilot.
Ik verwacht dat we deze periode – en dan praat ik over februari/maart – daar informatie over krijgen en Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
55
die deel ik dan uiteraard spoedig met de raad. Als die pilot perspectief biedt, sluiten wij graag aan bij Tilburg. Dat zal een afweging zijn tussen allerlei verschillende factoren, maar daar kom ik zo spoedig mogelijk bij u op terug als Tilburg de pilot heeft afgesloten. Ik zeg u toe dat we voor maart in ieder geval nog een update doen, misschien wel een eindevaluatie. Dat waren de vragen die ik in willekeurige volgorde heb genoteerd. Ik hoop dat ik ze naar tevredenheid heb beantwoord. De heer Tiemstra: Wat betreft het huisvestingsprobleem zal ik meenemen wat we zojuist gewisseld hebben. Eén opmerking nog. Wethouder Daandels zegt dat hij om vier uur vanmiddag de antwoorden heeft gegeven. Dat is dan wel voldoende. Dat het wat later is doorgegeven door de griffie, is niet gek. Ik kan me voorstellen dat vlak voor de raadsvergadering de druk daar enorm hoog ligt, maar als je ’s middags om vier uur vragen beantwoordt, tien dagen nadat ze gesteld zijn, vind ik dat beschamend. Ik verwacht eigenlijk gewoon een excuus. Ik vind het niet normaal. Er wordt gedaan alsof dit normaal is en dit wens ik niet normaal te vinden. Daar zou ik toch nog graag een reactie op willen. Mevrouw IJpelaar: Allereerst wil ik de wethouder bedanken. Hij zei net dat hij hoopt dat zijn antwoorden naar tevredenheid zijn, maar dat is niet het geval.
Ik zou dus eigenlijk aan de wethouder willen vragen of hij het goed vindt dat ik hem na het reces hierover benader, want met hetgeen hij hier antwoordt, ben ik het helemaal niet eens. Wethouder Daandels: Wat mevrouw IJpelaar betreft: ik heb getracht antwoord gegeven over rookmelders en vluchtroutes. Maar als u nog een keer in gesprek wilt met mij, juich ik dat toe, prima. Dan de heer Tiemstra. Ik wil ook de andere kant van het verhaal wel eens horen. Wij doen ons best. Ik weet dat onze organisatie alle zeilen bij zet om allerlei antwoorden te geven. Die moeten ook goed gefundeerd en onderbouwd zijn. Ik heb geen indicatie op voorhand dat daar bewust vertragingen in ontstaan. Wij beantwoorden het liefst naar alle tevredenheid en zo spoedig mogelijk. Ik heb gezegd wanneer ze naar u toe zijn gekomen. Ik zal even de andere kant informeren en navraag doen of het nog ergens verbeterd kan worden. Dat koppel ik nog wel een keer terug naar u. De voorzitter: Ik begrijp dat in ieder geval in het nieuwe vergadermodel duidelijke afspraken gemaakt moeten worden over richtlijnen, vragen en de beantwoording ervan, en de timing van die antwoorden. Laten we dat in het nieuwe jaar in het nieuwe vergadermodel integreren. Ik sluit de bespreking van dit onderwerp af en we gaan naar de besluitvorming over de onderwerpen die wij allemaal behandeld hebben.
De vergadering wordt geschorst tot dinsdagavond 21 december 2021, 19.30 uur De voorzitter: Ik heropen de vergadering. De vergadering wordt via een livestream uitgezonden. De heer Kuijten heeft zich afgemeld en mevrouw Pouw en de heer Spohr zijn wat later. De voorstemmer was reeds bepaald, dat was de heer Klapwijk. Vanavond is het vervolg van de raadsvergadering van afgelopen donderdagavond. Omdat het net voor Kerst is, stel ik voor dat we deze vergadering vanavond geheel afhandelen, maar er staan nog best wat zware onderwerpen op de agenda. Ik doe daarom een dringend beroep op u om een goed debat te hebben onderling, maar dit het liefst op hoofdlijnen en zonder herhaling van zetten. Ik zal daar, op uw eigen verzoek overigens, wat strenger in gaan optreden, met de bedoeling de onderwerpen wel goed te behandelen maar ook goed te kunnen afronden. Ik hoop dat u mij dat toestaat. Ik verwacht niet dat we heel vroeg gaan eindigen gezien de zware onderwerpen, maar we gaan met zijn allen ons best doen.
Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
56
11. Transitievisie warmte (vervolg) De voorzitter: Afgelopen donderdag hebben we de eerste termijn en de reactie van het college afgerond. Er is een aangepast amendement ingediend en die is nu nog wat aangepast en ligt ter tafel. Ik zou als eerst mevrouw Klerks het woord willen geven om dit amendement toe te lichten. Mevrouw Klerks: Dank u wel, voorzitter. Afgelopen donderdag kwamen we natuurlijk tot de conclusie dat het amendement dat we ter tafel hadden gelegd niet beoogde te bereiken wat wij wilden. Daarom zijn we de afgelopen dagen bezig geweest met het aanpassen ervan. Het aangepaste amendement staat inmiddels op het RIS en iedere fractievoorzitter heeft het gisteren ontvangen. Voor mij is dat voldoende toelichting. We hebben het debat afgelopen donderdag gehad en nu ligt er een amendement waarmee in ieder geval gewerkt kan worden; een amendement dat klopt. Tot zover.
AMENDEMENT E: Vervallen spoor D en sturing aan uitvoering Ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende amendement voor: constaterende dat: • om de doelen van transitie warmte (isoleren en aardgasvrij maken van woningen) voorgesteld wordt vier sporen uit te voeren, te weten sporen A tot en met D; • spoor D, Waalwijk kenniscentrum warmtetransitie, beoogt dat Waalwijk hét nationale kenniscentrum voor de warmtetransitie wordt maar dat dit spoor niet echt is uitgewerkt in de visie; overwegende dat: • lokale werkgelegenheid door de uitvoering van de warmtetransitie mogelijk automatisch ontstaat; • wanneer de installatiebedrijven in Waalwijk vooroplopen, het kenniscentrum automatisch ontstaat en dit daarom niet vanuit de gemeente geïnitieerd hoeft te worden; • bedrijven zelf opleidingsfaciliteiten kunnen opzetten, wat ook hoogstwaarschijnlijk zal gebeuren vanwege de krappe arbeidsmarkt; • daarnaast de overheid al projecten heeft lopen om studenten geïnteresseerd te maken voor de techniek; besluit: het dictum van het besluit als volgt te wijzigen: 1. De transitievisie warmte vast te stellen met uitzondering van de uitwerking van spoor D. 2. Het bedrag, dat extra beschikbaar wordt gesteld voor het uitvoeren van afspraken uit het Klimaatakkoord uit de decembercirculaire 2021 toe te voegen aan de reserve duurzaamheid. 3.
De kosten voor invulling incidenteel benodigde fte’s in 2022 te onttrekken uit de reserve duurzaamheid. 4. Een duurzaamheidsfonds in te stellen, waarvan de huidige reserve milieu als basis dient en vanaf 2021 de inkomsten van Eneco, Langstraat Energie en nader te bepalen toekomstige energie-opwek gerelateerde inkomsten in deze reserve worden gestort; 5. Vaststellen begrotingswijziging nummer 2022/005. 6. De sporen A, B en C (conform de planning uit H7) uit te werken 7. De uitwerking van en de financiering van de structurele uitvoeringskosten van de sporen A, B en C in een apart voorstel voorafgaand aan de begroting 2024 aan de raad voor te leggen.
Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
57
De voorzitter: Dank u wel. Het amendement wordt ondersteund door de fracties van Samen Waalwijk en de SGP. De heer Ottens: Het amendement is ingediend door de VVD en Samen Waalwijk. De voorzitter: Dus Samen Waalwijk, SGP en VVD. Ik vraag eerst de fracties te reageren op het amendement en ga daarna naar de reactie van het college. Mevrouw Schuijffel: Ik heb vandaag nog een vraag gesteld aan de VVD over het amendement, met name over punt 7 van het dictum. In punt 6 staat dat de sporen A, B en C worden uitgewerkt conform planning. Bij punt 7 staat: de uitwerking van en de financiering van de structurele uitvoeringskosten van spoor A, B en C. In mijn beleving staat nu in punt 7 dat de uitwerking ook in 2024 komt. Lezen wij dat goed? Mevrouw Klerks: Er is 2024 komen te staan naar aanleiding van het overleg met de ambtelijke organisatie. Het feit dat er 2024 staat, betekent dat ze het in april 2023 voor de kadernota af moeten hebben. Het zal dus begin 2023 bij ons aangeleverd worden. Als wij daar begroting 2023 in hadden gezet, hadden ze het namelijk al aankomende april moeten aanleveren en dat is onvoldoende tijd om het uit te werken.
Mevrouw Schuijffel: Maar waarom staat erin zowel punt 6 als in punt 7 dat het gaat over de uitwerking van spoor A, B en C? Mevrouw Klerks: Wat je ziet, is dat bijvoorbeeld de 11,25 fte in totaal wordt gevraagd voor de uitvoering van de verschillende sporen, maar dat eigenlijk alleen voor het aankomende jaar duidelijk is hoeveel fte’s we nodig hebben om aan de gang te gaan. Daarna wordt zomaar een aantal genoemd dat het wel ongeveer zal zijn. Voor dat “ongeveer” zouden we graag een uitwerking willen. Komend jaar kan er dan gestart worden. Dus alles dat nog vaag is in de visie kan eerst nog verder uitgewerkt worden, dat is wat bedoeld wordt. Dan kunnen we al wel aan de gang, maar worden de open eindjes nog even in elkaar gevlochten. Mevrouw Schuijffel: Maar waar het mij om gaat, is een bevestiging dat er geen vertraging ontstaat. Misschien kan ik die bevestiging ook van de portefeuillehouder krijgen. Mevrouw Klerks: Dat is in ieder geval niet onze intentie dus ik hoop dat de portefeuillehouder dat kan bevestigen. Beantwoording college Wethouder Odabasi: Voorzitter. Volgens mij wordt van mij alleen een reactie op het amendement verwacht. Het enige dat ik kan aangeven bij het amendement zoals het voorligt, is dat we een stukje ambitie laten vallen waar het gaat om spoor D, maar dat we wel gewoon kunnen doorgaan. Althans, de wens van de raad is dat we dat stukje laten vervallen.
Dat is ook de afweging geweest, zoals mevrouw Klerks heeft aangegeven. Wij kunnen dit zo uitvoeren. Ik vind het overigens wel jammer dat we spoor D laten vervallen, maar het is aan de raad om daar een besluit over te nemen. Mevrouw Schuijffel: Nog heel even een vraag expliciet aan de portefeuillehouder. Er treedt dus in het geheel geen vertraging op in de uitvoering van deze warmtevisie? Wethouder Odabasi: We kunnen met de incidentele middelen aan de slag gaan. Voor de structurele middelen voor 2024 komen we bij de raad. Op dat moment hebben we ook een uitgewerkt plan liggen waar de raad iets van kan vinden. Dat is de afspraak die we met elkaar maken. We kunnen dus volgend jaar zonder problemen door met de uitwerking van de visie zoals die nu voorligt. Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
58
De voorzitter: Dank u wel. Het woord is aan de heer Van Groos in tweede termijn. Tweede termijn De heer Van Groos: Voorzitter. Waar een schorsing van een paar dagen al niet goed voor is: de partijen hebben elkaar weten te vinden. Maar ondertussen zijn ze de ChristenUnie kwijtgeraakt, want het amendement van vorige week wilden we nog wel steunen. Daar stonden twee dingen niet in waar we nu wel weer tegenaan lopen. Ten eerste is dat het feit dat er personeel wordt aangesteld, zoals we lezen met een structureel karakter en dus niet voor één of twee jaar, terwijl de dekking incidenteel is. Dat mag volgens de nieuwe spelregels niet, die dekking moet gelijk structureel zijn. We snappen dat er op termijn onduidelijkheid is over het aantal personeelsleden, maar dat kan in de tweede instantie ook nog gebeuren. Het tweede is dat we afspraken hebben over het instellen van een reserve of een fonds. Waarmee wordt het gevoed? Is er een maximum? Wanneer kan eruit worden geput? Dat is nog niet rond, die voorwaarden zijn er nog niet en dat maakt het ons wel lastig ja te zeggen tegen het amendement. Dat is gelijk een stemverklaring. De heer Slaats: Dank u wel, voorzitter. Heel kort van onze kant omdat de fractie van GroenLinksaf de vorige keer nog een flinke bijdrage heeft geleverd. Wij vinden de ontwikkeling van het amendement heel goed.
Wij vinden het wel jammer dat spoor D uit de warmtetransitievisie wordt gehaald en daarom kunnen wij het amendement niet ondersteunen. Tegelijkertijd zien we wel dat er echt een goede ontwikkeling is gemaakt en dat wilden we graag benoemen. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie geen digitale handjes meer dus ik sluit de bespreking van dit onderwerp. 13. Aanwijzingsbesluit geen verklaring van bedenkingen Veerstraat 1 Waspik De voorzitter: Bij dit agendapunt is een pitchtijd van vijf minuten aangevraagd en het is een bespreekpunt voor LokaalBelang, Samen Waalwijk, CDA, SGP en ChristenUnie. Het woord is aan de heer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Ik vertel u vast niets nieuws als ik erop wijs dat de raad een kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende rol heeft en het college slechts een uitvoerende. Toch kan de fractie van de ChristenUnie zich niet aan de indruk onttrekken dat het college deze bestuursperiode de rollen van de gemeenteraad steeds verder ondermijnt. Dat bleek al bij eerdere raadsvoorstellen die zijn besproken. Tijdens de raadsvergadering van november hebben we erop gewezen dat dit ook het geval is ten aanzien van het sociaal domein. Dat geldt ook voor het ruimtelijk domein.
Keer op keer heeft de gemeenteraad, mede naar aanleiding van reacties uit de omgeving, gemeld eerder betrokken te willen worden bij ruimtelijke initiatieven en dus niet pas als het plan al volledig is uitgewerkt. Dan is er nauwelijks nog ruimte om kaders aan te geven, bijvoorbeeld ten aanzien van de hoogte. Keer op keer is ook de volksvertegenwoordigende rol in het geding. Want ook voor dit plan geldt weer dat omwonenden zich bij ons melden als het plan al op de raadsagenda staat. Nu kan het wel zo zijn dat het college gedwongen is in een dergelijke situatie de raad te vragen om geen verklaring van bedenkingen uit te brengen, maar alsnog geldt dat er een plan is uitgewerkt en de raad nu pas iets wordt gevraagd. Onze fractie is in dit geval niet tegen het omzetten naar een woonbestemming. Opnieuw beklagen omwonenden zich bij ons dat ze niet zijn geïnformeerd. Ik heb het al eerder gezegd. Het college beperkt de participatie tot de formele inspraak die wettelijk is voorgeschreven. Maar dat is lang niet genoeg en het is onbegrijpelijk dat het college hierin Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
59
niet wil bewegen. Het zegt open te staan voor suggesties van de gemeenteraad en die zijn meer dan eens gegeven, maar er verandert niets. Wanneer slaat deze raad eens met de vuist op tafel omdat het zo echt niet langer meer kan? Wij dienen daarom een motie omgevingsdialoog in. We vragen ons af of het straks ook zo gaat met het aspect duurzaamheid, een nieuw element in raadsvoorstellen. Door het college wordt hier geregeld met een te beperkte blik naar gekeken. Nu staat in het voorstel dat het meewerken aan het bouwen van woningen, een van de grootste maatschappelijke opgaven op dit moment, niets met duurzaamheid te maken heeft.
Wie heeft het dan niet goed begrepen? MOTIE 1: Omgevingsdialoog De raad, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: • ook bij dit plan de omgeving klaagt dat het niet eerder is meegenomen bij dit bouwinitiatief; • fracties daarover net zo vaak klagen plus over het feit dat ze pas een raadsvoorstel krijgen als het plan helemaal is uitgewerkt en besluitrijp is; • een omgevingsdialoog niet een extra inspraakmogelijkheid is maar de start van een proces om tot een beter en meer gedragen plan te komen; overwegende dat: • participatie inhoudt het in een vroegtijdig stadium betrekken van belanghebbenden (inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden) bij het proces van de besluitvorming over een project of activiteit; • participatie (informeren + raadplegen) anders is dan inspraak, omdat inspraak onderdeel is van de juridisch vastgelegde procedure rondom omgevingsbesluitvorming; • bij inspraak een (bouw)plan, beleidsdocument of (stedenbouwkundige) visie vaak al is uitgewerkt en er niet veel ruimte meer is om rekening te houden met de reacties uit de omgeving; • een goede dialoog het draagvlak vergroot en de kans op zienswijzen en bezwaarprocedures verkleint; • de Omgevingswet meer verantwoordelijkheid bij de initiatiefnemer legt; • vergelijkbare gemeenten als Oosterhout, Uden en Venray en grotere steden als Tilburg en ’s-Hertogenbosch al werken met een
(verplichte) handleiding Omgevingsdialoog; • de gemeente Oosterhout na een evaluatie door een extern bureau recent de handleiding heeft verbeterd; • het college heeft gezegd open te staan voor suggesties ter verbetering van het participatieproces; draagt het college op: uiterlijk 16 maart 2022 op een vergelijkbare wijze als de gemeente Oosterhout te gaan werken met een handreiking Omgevingsdialoog [https://www.oosterhout.nl/inwoners/ wonen-leven/bouwen-en-verbouwen/omgevingsdialoog], en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Groos. U gebruikt stevige woorden maar ik laat het er even bij. De motie wordt mede-ingediend door de SGP, Samen Waalwijk en Lijst IJpelaar. Ze wordt niet ondersteund door andere fracties.
Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
60
De heer Klerx: Stevige woorden, dat betreurt ons. Ik wil me tot twee dingen beperken, los van de bijdrage van de heer Van Groos. Wij delen zijn visie niet, simpel gezegd omdat wij vertrouwen hebben in het college en de uitvoering, maar daar zullen wij in onze bijdrage later nog op terugkomen. Ik beperk me nu even tot het voorstel dat wordt ingediend. Voor ons is dit idee om het zo maar te noemen prima. Wij snappen dat de heer Van Groos met een suggestie komt, maar wat wij veel kwalijker vinden, is dat we hier in onze raadswerkgroep uitgebreid over hebben gesproken. Met ambtenaren, het college en raadsleden hebben we hierover van gedachten gewisseld en zijn we tot een voorstel gekomen. En nu worden we via een enorme U-bocht gepasseerd. We vinden dit onwijs jammer. We vinden het vooral ook jammer van de partijen die deze motie steunen, want die waren aanwezig bij de bespreking van het voorstel dat in de maak is. De mening wordt dus niet raadsbreed gedeeld en het zijn allemaal woorden en gebruiken die medeindieners van dit voorstel vaker gebruiken. Dat vinden wij onwijs jammer, dus we zullen hier geen steun aan verlenen. De heer Van Groos: Ik vind dat deze reactie een hoog de-pot-verwijt-de-ketel-dat- ‘iezwart-ziet-gehalte heeft. Ik zal u een paar voorbeelden geven.
In het auditcomité hebben we op een gegeven moment afgesproken dat aan de accountant een extra opdracht zou worden gegeven. Dat is afgesproken in het auditcomité met vertegenwoordigers van de coalitie erbij. Toen het op de raadsagenda stond, is die opdracht van tafel gegaan. De voorzitter: Mijnheer Van Groos, ik wil u vragen zich te beperken tot het onderwerp dat nu op tafel ligt. Dat is de omgevingsdialoog en de motie daaromtrent. De heer Van Groos: Een aantal partijen wordt verweten dat ze niet handelen conform de afspraken die gemaakt zijn in de werkgroep communicatie en daar maakt de heer Klerx zich boos over. Hij spreekt er ook grote woorden over uit en ik wijs er alleen maar op dat LokaalBelang dat ten aanzien van het auditcomité meer dan eens heeft gedaan en dat het in feite geldt voor alle afspraken die het college in zijn laars lapt. Dus ik vind dat de pot wel heel erg de ketel verwijt dat ‘ie zwart ziet. Mevrouw Klerks: Ik moet onderschrijven wat de heer Klerx zegt, namelijk dat we gewoon een werkgroep hebben waar alle raadsleden deel van konden uitmaken en waar dit perfect ingebracht had kunnen worden. Wat er in de motie staat, dat we de leidraad van de gemeente Oosterhout zouden kunnen hanteren, vind ik een hele goede toevoeging. Ik vind het onwijs jammer dat de heer Van Groos er niet voor kiest om dat gewoon in die werkgroep te doen, maar hier.
Ik heb zelf naar aanleiding van de motie de handleiding van Oosterhout bekeken. Ik heb hem zelfs al gebruikt bij een omgevingsdialoog die vrienden van mij binnenkort moeten gaan voeren, dus het is een waardevolle toevoeging. De wijze waarop vind ik niet netjes en ik vind het ook niet oké om oude koeien uit de sloot te halen. We zijn nu hiermee bezig, laten we hierop focussen. Uw bijdrage kan volgende keer anders. De heer Klerx: Ik wil mevrouw Klerks ondersteunen in de suggestie dat die van Oosterhout inhoudelijk best wel zinnig is. We hopen dat het college daar bij de totstandkoming van de handreiking ook naar kijkt, zodat we het beste van twee werelden kunnen krijgen. De heer Ottens: We hebben in de afgelopen periode vaak gehoord dat het college bereid is te leren van gelopen participatietrajecten. Bij Akkerlaan 20, bij de Clemenskerk en onlangs nog bij de Mr. Van Cootstraat. Maar tot nog toe merken we er weinig van. De raad wordt nu weliswaar gevraagd geen bedenkingen in te dienen tegen de omzetting van de horecafunctie naar de woonfunctie, maar toch ligt er al een kant en klaar plan Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
61
waar de omgeving helemaal niets van weet, terwijl er op het stadhuis al veel over gesproken is. Anders lag dit plan er nu niet. Toen Samen Waalwijk omwonenden benaderde, bleken ze totaal niet op de hoogte. Ook de initiatiefnemer had niet de moeite genomen zijn buren te informeren. Dat geeft bij de omgeving geen enkele verwachting van een open omgevingsdialoog. Inmiddels hebben omwonenden zich georganiseerd en hebben zij hun zorgen richting de raad geuit. Alleen dat al is reden op dit moment nog geen verklaring van geen bedenkingen af te geven. Laat duidelijk zijn: ook Samen Waalwijk is niet tegen woningbouw op deze locatie. Sterker nog, we hebben zelfs begrip voor de initiatiefnemer en juichen woningbouw toe. Maar we zijn wel tegen deze handelswijze. Het lijkt onderhand te lijken op kwade opzet. Bovendien hebben we vorige week het bestemmingsplan Gemengd gebied vastgesteld. De keuze daarin is in de kernen juist conserverend te bouwen. Passend in de omgeving. Wij vragen ons af of deze bouwmassa wel past op deze prominente plek in Waalwijk. Kortom: wat Samen Waalwijk betreft moet er eerst een open omgevingsdialoog plaatsvinden, waarbij de omgeving ook een serieuze inbreng heeft. Zeker omdat de ruimtelijke kaders voor bebouwing en bouwmassa’s ook nog verder uitgewerkt moeten worden. Dat betekent niet dat alles overal maar kan.
Op deze locatie wordt een behoorlijke bouwmassa gerealiseerd en gelet op de op voorhand geuite zorgen van omwonenden kunnen we niet instemmen met het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen. Gelet op het proces tot nog toe moet een zichzelf serieus nemende raad het college juist opdracht geven zijn verantwoordelijkheid voor de omgevingsdialoog op te pakken als de initiatiefnemer daarin onvoldoende actie onderneemt. Daarom dienen wij een amendement in. Het zou kunnen worden beschouwd als een verbijzondering van de motie van de ChristenUnie, die we van harte ondersteunen. AMENDEMENT F: Omgevingsdialoog De raad, Gezien het voorstel van het college d.d. 19 oktober 2021; gehoord de beraadslaging, constaterende dat: • de eigenaar van de locatie Veerstraat 1 te Waspik een uitgewerkt plan heeft ingediend om deze locatie te onttrekken als Horecabestemming en in plaats daarvan 13 appartementen te ontwikkelen; • de omgeving nog op geen enkele wijze is betrokken bij het voornemen van deze initiatiefnemer; • de raad nu gevraagd wordt om geen verklaring van geen bedenkingen vast te stellen, zodat de vervolgprocedure, waaronder een omgevingsdialoog door de initiatiefnemer kan worden gestart; • omwonenden op voorhand hun zorgen hebben geuit over bouwhoogte, bouwmassa, schending van privacy en toename van de parkeeroverlast c.q.
verkeersveiligheid; • de raad geen kaders heeft vastgesteld waarin de verantwoordelijkheden van gemeente en initiatiefnemer voor het voeren van een actief participatietraject zijn vastgelegd; overwegende dat: • de raad voorafgaand aan de ontwikkeling van dit plan geen stedenbouwkundige kaders heeft meegegeven voor een dergelijk bebouwing in de kern Waspik, zowel ten aanzien van de locatie, de bouwmassa (hoogte en bebouwingsdichtheid) en de karakteristiek van de omgeving;
Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
62
• door het ontbreken van kaders voor een kwalitatief goede omgevingsdialoog, initiatiefnemers alle ruimte krijgen om dit naar eigen inzichten in te vullen; • het overlaten van de omgevingsdialoog aan particuliere initiatiefnemers tot nog toe niet succesvol is geweest en heeft geleid tot veel ongenoegens bij omwonenden/belanghebbenden (Akkerlaan, Mr. Van Coothstraat, Gedempte Haven); • omwonenden vooraf noch door de initiatiefnemer, noch door de gemeente op de hoogte zijn gesteld over dit initiatief en de portefeuillehouder tijdens een informatieavond over wonen in Waspik op een gerichte vraag naar initiatieven, dit bouwinitiatief niet heeft genoemd, ondanks het feit dat het college hierover al op 16 oktober 2021 een besluit over heeft genomen en dit niet past binnen de houding van een open overheid; • de gemeente wel degelijk een verantwoordelijkheid heeft in het voeren van een omgevingsdialoog van particuliere initiatiefnemers, wanneer initiatieven van invloed zijn op de ruimtelijke ontwikkelingen voor de omgeving, dan wel consequenties hebben voor de omgeving. besluit: het voorgestelde besluit als volgt te wijzigen: 1.
Gelet op de op voorhand aangegeven zorgen van omwonenden de ruimtelijke ontwikkeling als gevolg van de herontwikkeling naar woningbouw van de locatie Veerstraat 1 in Waspik conform artikel 6.5, derde lid, Besluit omgevingsrecht niet aan te wijzen als categorie van gevallen waarvoor geen verklaring van geen bedenking is vereist. 2. De initiatiefnemer op te dragen eerst een omgevingsdialoog met omwonenden/ belanghebbenden te voeren, waarin ruimte is om het ingediende initiatief op basis van de ingebrachte zienswijzen indien nodig aan te passen. 3. Het college op te dragen toe te zien op een zorgvuldige omgevingsdialoog door de initiatiefnemer en zo nodig zelf hierin te regie te nemen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Ottens. Ook in uw betoog hoor ik stevige woorden. Ik wil u vragen om vanavond uit de beschuldigingen te blijven en in de scherpte van de vragen en het betoog te komen. Het amendement van Samen Waalwijk wordt medeingediend door de SGP. Het wordt gesteund door de ChristenUnie. Het woord is aan de heer Klerx. De heer Klerx: Volgens mij hebben we het over twee verschillende dingen en worden er door de indieners van dit amendement zaken aangenomen die niet kloppen. Het gaat namelijk helemaal niet om het feit dat er nu geen participatie zou worden gedaan en dat we daarin mensen onvoldoende vertrouwen of dat er dingen worden geïnsinueerd die niet zijn gedaan.
Dat is helemaal niet aan de orde, want de participatie staat op het punt van beginnen. Alleen wordt aan ons als raad gevraagd of wij kunnen aangeven dat we deze locatie niet nog eens hoeven terug te zien in de raad. Wij gaan het college erop vertrouwen dat zij de juiste afweging kunnen maken bij deze ontwikkeling en dat zij de participatie controleren waardoor het tempo versnelt. Er worden nu allerlei dingen bij gehaald die gewoon onjuist zijn. Als ze een signaal willen afgeven, mag dat blijkbaar op deze manier, maar wij steunen het absoluut niet. Dat zult u ook horen in onze bijdrage. Wij vinden het jammer dat er op deze manier enorm wordt bijgedragen aan polarisatie in de raad en de samenleving, want we zijn onjuiste dingen aan het doen en dat keuren wij af. De voorzitter: U komt dan in uw bijdrage terug op wat dan onjuist is, neem ik aan? De heer Klerx: Nee, ik heb geprobeerd uit te leggen wat dan onjuist was, namelijk dat wordt aangenomen dat het participatietraject al gestart had moeten worden. En dat is niet aan de orde. In de volgorde der dingen is participatie een volgende stap en vraagt het college ons aan de voorkant aan de raad om zijn toestemming te geven. Dat is wat er gebeurt en daarom is het onjuist. Notulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
63
De heer Ottens: Ik heb een aantal voorbeelden aangehaald, waarbij er veel klachten vanuit de omgeving zijn geweest over de wijze waarop geparticipeerd is. Ik heb niets meer dan dat gedaan. Ik heb de portefeuillehouder namens het college steeds weer horen zeggen dat die bereid is te leren. Nu zien we met de omgeving weer hetzelfde gebeuren. Weliswaar wordt er gevraagd of er een verklaring van geen bedenkingen afgegeven kan worden, maar de omgeving weet nog helemaal van niets, terwijl bij beide stukken een enorm uitgewerkt plan ligt. Wij vrezen -- dat is helemaal niet polariserend maar het zijn ervaringsgegevens -- dat de omgeving op deze manier weer met 5-0 achterstaat, vandaar dit amendement. De heer Klapwijk: Een vraagje aan de heer Ottens over het derde punt van het dictum. Als ik het goed begrijp is de rolverdeling toch dat de initiatiefnemer invulling geeft aan het participatietraject en dat het college daarop toetst? Hoe verhoudt dat zich dan tot het controleren daarop en tot de controlerende taak die wij als raad hebben? Kunt u daar iets over uitleggen? De heer Ottens: Dat klopt. Zoals in veel gemeenten wordt de initiatiefnemer gevraagd om de omgevingsdialoog te voeren.
Je ziet echter in andere gemeenten ook steeds meer de discussie ontstaan, ook binnen een gemeentebestuur en gemeenteraden, over de vraag of wij onze verantwoordelijkheid hierin helemaal los moeten laten, of dat we toch de regie naar ons moeten toetrekken als er iets niet goed gaat. Dat laatste wil niet zeggen dat je de verantwoordelijkheid volledig overneemt, maar dat je de initiatiefnemer en de omgeving helpt bij het voeren van een goede omgevingsdialoog. Vandaar het derde punt in het dictum. De heer Klapwijk: Ik probeer het nog even scherp te krijgen. Zoals net eerder geconstateerd loopt het traject nog en spreken we in de volgende periode ook nog over de participatieverordening. U heeft een terecht punt: we willen allemaal dat die participatie linksom of rechtsom op een goede manier plaatsvindt. Zou het niet mooier zijn om dit punt daarin mee te nemen, en het niet hapsnap hierin mee te nemen? Wat vindt u daarvan? De heer Ottens: Ik wil daar best wel even over nadenken als u mij dat toestaat. Maar gelet op de eerdere trajecten vind ik wel dat je als gemeente, als je wilt meewerken aan dergelijke initiatieven, niet de verantwoordelijkheid geheel bij de initiatiefnemer kunt laten. We hebben in de afgelopen periode gemerkt dat ontwikkelingen, weliswaar door particulieren, ook ruimtelijke consequenties hebben.
Volgens mij blijf je daar als gemeente uiteindelijk ook verantwoordelijk voor. Niet alleen in toetsende zin, maar ook als het gaat om het serieus nemen van de participatie. De heer Van Groos: Ik wil reageren op de uitlating van de heer Klerx dat het participatietraject nu begint. Daarmee maakt hij dezelfde fout als het college, want die beperkt het participatietraject enkel tot de formele inspraak die in de wet geregeld is. Ik had echter gedacht dat de fractievoorzitter van de grootste partij, die pretendeert veel contact te hebben met de inwoners, meer begrip zou hebben voor het feit dat inwoners al meerdere keren hebben aangegeven eerder betrokken en geïnformeerd te willen worden als ruimtelijke ontwikkelingen zich aandienen. Dat willen ze het liefst zelfs nog voordat de plannen daarvoor op de tekentafel liggen. Daarvoor ligt dit amendement en de motie vanavond op tafel. Zij zitten niet te wachten op het indienen van zienswijzen en een gang naar de rechter, wat ook een onderdeel is van het participatietraject of het inspraaktraject. Onze inwoners vragen anno 2021 om andere zaken. De heer Klerx: Wij verschillen echt van mening met de heer Van Groos, want wij vinden het onwijs belangrijk dat onze inwoners worden betrokken bij de ruimtelijke ontwikkeNotulen raadsvergadering 16 en 21 december 2021
64
ling. We hebben dan ook bij vele vergaderingen besproken hoe we dat op de beste manier kunnen doen in de omgevingsdialoog. We stellen echter nu de procesmatig vraag of we het tempo wat kunnen versnellen en alsnog participatie en inspraak op deze plannen mogelijk maken en de toetsing bij het college laten. Daar gaat het vanavond over. Als onze inwoners willen meedenken, staat er inderdaad een idee op papier en kunnen we vanaf nu daarover in gesprek. Dat doen we al volop en we horen veel positieve reacties. Wij denken dat deze ontwikkeling een mooie aanwinst is voor Waalwijk. Daar zullen we later op terugkomen. Er zullen ongetwijfeld nog kanttekeningen zijn en daar moeten we dan rekening mee houden, maar daarvoor is er het inspraak- en participatietraject. De heer Van Baardwijk: Voorzitter. Ik ben het helemaal eens met de heer Klerx, maar ik wil toch mijn bijdrage kort en bondig naar voren brengen. De fractie van LokaalBelang vindt het bouwen van dertien appartementen op de locatie Veerstraat 1 in Waspik een heel goede zaak. Aan gelijkvloers wonen en woningen voor starters, ouderen met een middeninkomen en een diabetescentrum zou in Waspik zeker behoefte zijn. LokaalBelang vindt het een mooi plan, dat ook de doorstroming zal bevorderen. Wat ons betreft zal het tot tevredenheid van de Waspikse inwoners op korte termijn gerealiseerd worden.
We hebben meerdere Waspikkers gesproken die dat een prachtig plan vinden en erop zitten te wachten daar eventueel te gaan wonen. Wij geven het college dan ook alle vertrouwen om deze ontwikkeling via deze versnelde procedure goed en voortvarend aan te pakken. Het zal duidelijk zijn dat wij tegen het amendement en de motie zijn, daar is de heer Klerx duidelijk op ingegaan. Dank u wel. De heer Tiemstra: Voorzitter. Het is vandaag de kortste dag van het kalenderjaar en u heeft ons opgeroepen kort en bondig te zijn, dus dat zal ik ook zijn. Bij dit voorstel kunnen wij geen verklaring van geen bedenkingen afgeven, laat staan voor de plannen van Veerstraat 1 te Waspik zelf. Wat we verder rondom dit voorstel naar voren willen brengen, hebt u verwoord gehoord in de bijdrage van de ChristenUnie en Samen Waalwijk via respectievelijk een motie en een amendement, mede door de SGP ingediend. Waar nodig en gewenst, mengen wij ons rond dit onderwerp later nog in het debat. De heer Klapwijk: Voorzitter. Van mij hetzelfde verhaal, maar met een iets andere toonzetting. De fractie van het CDA zal niet instemmen met deze verklaring van geen bedenkingen. Die bedenkingen zijn er namelijk wel, tot op zekere hoogte bij onze fractie, maar vooral bij de inwoners van Waspik.