Bijlage Ruimtelijke onderbouwing
Tekst van het document
pagina 3 van 5
Sector Risicobeheersing
Wanneer een ontwikkeling plaatsvindt buiten de genoemde opkomsttijd moeten er maatregelen worden getroffen. Door de Veiligheidsregio MWB is een Toolbox met instrumenten ontwikkeld, welke de gemeente kan gebruiken ter compensatie van de te lange opkomsttijden. Wij adviseren u de Toolbox te implementeren binnen uw gemeentelijke organisatie. Waarschuwings- en alarmeringsinstallatie Binnen de bebouwde kom is er veelal voldoende dekking van de WAS-installatie daarnaast is NL Alert operationeel voor vele mobiele telefoons. Bij ontwikkelingen buiten de bebouwde kom adviseren wij u na te gaan of de dekking voldoende is. In de bijlage is een overzicht opgenomen van de dekking van de WASinstallatie in uw gemeente. Adequate bluswatervoorziening Een adequate bluswatervoorziening is een bluswatervoorziening die: ! de mogelijkheid biedt om middels een verbinding met de bluswatervoorziening, binnen drie minuten na aankomst, een tankautospuit van bluswater te voorzien; ! na aansluiting direct en onafgebroken voldoende water uit de bluswatervoorziening kan leveren. De benodigde bluswatercapaciteit voor de adequate bluswatervoorziening is afhankelijk van de mogelijke scenario’s. In bijlage 4 is dit inzichtelijk gemaakt. Voor bijzondere Infrastructuur en bijzondere industriegebieden met BRZO inrichtingen is een maatwerkadvies noodzakelijk.
Bluswatervoorziening voor bovenmatige risico’s De benodigde bluswatercapaciteit voor de bovenmatige risico’s bedraagt 240 m3/h. Deze bluswatervoorziening moet op maximaal 2.500 m1 van de objecten aanwezig te zijn. Voorbeelden van deze bluswatervoorzieningen zijn, vijvers, waterlopen en bluswaterriolen. Deze bluswatervoorziening dient op regionaal niveau binnen 60 minuten ingezet te kunnen worden en open water dient dan ook in ruime mate voorradig te zijn Brandweer Midden West Brabant beschikt over drie watertransportsystemen WTS WTS WTS 200
opbouwtijd 15 min
pompdruk 5 bar
drukverlies 2 bar /100 m1
zuighoogte 3 m1
debiet 2000 l/min
WTS 1000
30 min
10 bar
3 m1
4000 l/min
WTS 2500
60 min
10 bar
2 bar /100 m1 75 mm slangen 0.7 bar /100 m1 150 mm slangen 2 bar /100 m1 75 mm slangen 0.16 bar /100 m1 150 mm slangen
3 m1
2000 l/min
Het dekkings- en spreidingsplan in Midden en West Brabant voor de WTS systemen zijn zodanig gepositioneerd in de regio zodat de opkomsttijden van de systemen WTS 200 en WTS 2500 in uw gemeente ook ingezet kunnen worden binnen de noodzakelijke opbouwtijd. Bereikbaarheid De planlocatie moet bereikbaar zijn voor voertuigen van hulpverleningsdiensten. De eisen ten aanzien van de bereikbaarheid zijn opgenomen in de brancherichtlijn handreiking bluswatervoorziening en bereikbaarheid. Als de wegen in het plangebied voldoen aan de CROW 165 zijn geen problemen met de bereikbaarheid te verwachten. Zelfredzaamheid (c) onderdeel van de verantwoording Groepsrisico In de verantwoording moet u aangeven hoe het is gesteld met de zelfredzaamheid van de aanwezigen in het plangebied. In onderstaande tabel is de zelfredzaamheid van aanwezigen voor een aantal standaard functies beoordeeld. Bij de beoordeling zijn de volgende aspecten mee genomen: ! Fysieke gesteldheid bewoners of aanwezigen: kunnen de personen zich tijdig voortbewegen en zelfstandig in veiligheid brengen? ! Zelfstandigheid bewoners of aanwezigen: kunnen de personen zelfstandig een gevaarinschatting maken en zich zelfstandig in veiligheid brengen? ! Alarmeringsmogelijkheden bewoners of aanwezigen: kunnen de personen tijdig worden gealarmeerd?
pagina 4 van 5
Sector Risicobeheersing
! !
Vluchtmogelijkheden gebouw & omgeving: heeft het gebouw voldoende vluchtmogelijkheden? Is het gebouw geschikt om te schuilen? Zijn er voldoende mogelijkheden om het gebied te ontvluchten? Mogelijkheden tot gevaarinschatting van het toxisch scenario: laat het ongeval zich tijdig aankondigen en is de dreiging herkenbaar door het afgaan van de WAS installatie en/of NL Alert? En is de dreiging duidelijk herkenbaar? Afwegingscriteria
Scenario
Toxisch
Explosie
+ + + +
AlarmeringsZelfstandigmogelijkheden heid personen en personen aanwezigen + +/+ + + + + +/-
Vluchtmogelijkheden gebouw & omgeving + + + +/-
Gevaarinschattingsmogelijkhedenscenario +/+/+/+/-
-
-
+
+
+/-
+ + + +
+ + + +
+/+ + +/-
+/+/+/+/-
+/+/+/+/-
-
-
+
+/-
+/-
Gebouwtype
Fysieke gesteldheid personen
Woning Kantoor Detailhandel Bedrijf Bijzonder kwetsbaar3 Woning Kantoor Detailhandel Bedrijf Bijzonder kwetsbaar
De genoemde maatregel risicocommunicatie verbetert de zelfredzaamheid voor wat betreft de inschattingsmogelijkheden van gevaar. De genoemde maatregelen ventilatie en detaillering verbeteren de vluchtmogelijkheden/schuilmogelijkheden. Aandachtspunt zijn bedrijfsloodsen waar meerdere personen verblijven. De eisen voor de luchtdichtheid van loodsen zijn vrij laag, waardoor de luchtkwaliteit gedurende een toxisch scenario niet voor 4 uur is gegarandeerd. Hoogachtend, Namens het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant, Afdelingshoofd Risicobeheersing,
H. Sijbring
Bijlage 1 Opkomsttijden van de gemeente. Bijlage 2 Overzicht WAS installatie in de gemeente. Bijlage 3 Folder van standaard tot maatwerk Bijlage 4 Bluswater Bijlage 5 Risicoprofiel
3
Deze functie kan alleen voorkomen als bestaande functie. Wanneer het een nieuwe functie betreft, moet er een gedetailleerd advies worden aangevraagd.
pagina 5 van 5
Bijlage 1 Opkomsttijden Basisbrandweereenheid Gemeente: Waalwijk 05-01-2015
Bijlage 2 Aanwezigheid WAS installatie Gemeente: Waalwijk 05-01-2015
Categoriale inrichtingen Het Bevi maakt onderscheid tussen inrichtingen waarvoor een QRA (kwantitatieve risicoanalyse) opgesteld moet worden en inrichtingen waarvoor vaste afstanden gelden, de zogenaamde categoriale inrichtingen. Met de wijzigingen van het Bevi en de Revi zijn meer inrichtingen categoriaal geworden. Dit betekent dat er voor de bepaling van de 10-6 contour (het plaatsgebonden risico) geen QRA uitgevoerd hoeft te worden. Categoriale inrichtingen zijn aangewezen in artikel 4 van het Bevi. Daarnaast is er op grond van artikel 2 eerste lid onder h nog een mogelijkheid voor de Minister om categoriale inrichtingen aan te wijzen. Voor de PGS 15 opslagen is in artikel 3 van de Revi bepaald dat het niet verplicht is om de afstanden uit de tabel te gebruiken, er mag ook altijd worden gerekend. Uiteraard moet daarbij wel de nieuwe rekenmethodiek worden gebruikt. Voor alle andere categoriale inrichtingen geldt dat de vaste afstanden uit de Revi gebruikt moeten worden. 1. Inrichtingen waar meer dan 1.500 kg ammoniak in een insluitsysteem aanwezig is, niet zijnde een onderdeel van een koel- of vriesinstallatie met ammoniak.
Van standaard tot maatwerk
2. Inrichtingen waar meer dan 150m3 zeer licht ontvlambare of licht ontvlambare vloeistof in een bovengronds insluitsysteem aanwezig is. 3. Inrichtingen waar meer dan 13m3 propaan of meer dan 13m3 acetyleen in een insluitsysteem aanwezig is. 4. Inrichtingen waar een cyanidehoudend bad ten behoeve van het aanbrengen van metaallagen aanwezig is met een inhoud van meer dan 100 liter.
Let op! Betrek Brandweer Midden- en West-Brabant altijd bij • Nieuwe ontwikkelingen zoals LNG/CNG stations • Kegelligplaatsen bij vaarwegen en of havens
5. Inrichtingen waar een giftige of zeer giftige stof in een
Uitgave Brandweer Midden- en West-Brabant
insluitsysteem met een inhoud van meer dan 1.000 liter
PR contouren van verschillende categoriale
Postbus 3208
aanwezig is.
inrichtingen kunnen groter zijn dan 30 meter.
5003 DE Tilburg
6. Inrichtingen waar in enige opslagvoorziening een giftige of zeer giftige stof in gasflessen aanwezig is en
Houd hierbij rekening met de projectie van (beperkt) kwetsbare objecten.
waarbij de totale waterinhoud van de gasflessen met
oktober 2014 Aan deze uitgave kunnen geen rechten worden ontleend www.brandweermwb.nl
giftige of zeer giftige inhoud in die opslagvoorziening
Meer informatie
meer bedraagt dan 1.500 liter.
Kijk voor meer informatie over standaard adviezen
7. Inrichtingen waar aardgasdruk gereduceerd wordt of
Onze adviezen bij ruimtelijke plannen en externe veiligheid
en de standaard verantwoording groepsrisico op
aardgashoeveelheid gemeten wordt, voor zover de
www.verbeterprogrammagroepsrisico.nl en ga naar
gastoevoerleiding een grotere diameter heeft dan 20
regioteam Midden- en West-Brabant.
inch.
Voor telefonische informatie: 06 536 25 089.
Midden- en West-Brabant
Brandweer Midden- en West-Brabant adviseert gemeenten op het gebied van externe veiligheid rond ruimtelijke plannen. Deze uitgave laat zien in welke gevallen gemeenten een standaard advies kunnen verwachten en in welke gevallen zij mogen rekenen op een maatwerk advies. Daarbij besteden we in het bijzonder aandacht aan de vestiging van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten ten opzichte van risicobronnen.
De algemene regel is dat gemeenten een standaard advies ontvangen voor ruimtelijke plannen op bepaalde afstanden
weg, waterweg of buisleiding.
PR afstanden
aan de afstand tot de risicobron in relatie tot de functie van
Weliswaar kunnen binnen de functie groen willekeurig
De afstanden zijn van toepassing op het uitbrengen van een
het object.
speeltuinen worden aangelegd en kan binnen de functie sport
standaard advies of gedetailleerd advies. Alle afstandregels Wat zijn bijzonder kwetsbare objecten?
uit het Bevi/Revi blijven van toepassing. Dus kunnen diverse
Bijzonder kwetsbare objecten zijn: kinderdagverblijven,
objecten worden bestemd, mits wordt voldaan aan 10 -06 voor
buitenspeeltuinen, basisscholen, zorgcentra (zoals:
kwetsbare objecten en 10 -05 (met motivatie en zwaarwe-
ziekenhuizen, verpleeghuizen, hospices of tehuizen
gende redenen) voor beperkt kwetsbare objecten binnen de
voor verstandelijk of lichamelijke gehandicapten),
aangegeven afstanden.
willekeurig een openluchtzwembad worden gerealiseerd. Dit
Zone binnen 200 m1 van categoriale Bevi inrichting
is immers moeilijk of niet te monitoren. Maar ook onder maat-
Standaardisering
schappelijke doeleinden vallen zowel zeer kwetsbare personen
3
Categoriale inrichtingen
als minder kwetsbare personen. Door in de planregels expliciet Gedetailleerd advies
Standaard advies
4. Een gedetailleerd maatwerk advies wordt opgesteld voor
van Bevi inrichtingen en de transportroutes van gevaarlijke
plannen binnen 200 m1 van een categoriale Bevi inrichting.
stoffen over weg, water en spoor en door buisleidingen. Veel
In deze plannen worden in de regel alle nieuwe bijzonder
gemeenten hebben in hun Beleidsvisie Externe Veiligheid
kwetsbare objecten geweerd.
bijzonder kwetsbare objecten uit te sluiten is de zelfredzaamheid sterk te verbeteren.
kampeerterreinen, evenemententerreinen of
De Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant geeft het advies Grensinrichting
200 m
gebouwen met veel bezoekers en de vitale
Zone-indeling
infrastructuur.
De zone-indeling zoals gebruikt bij de bepaling van standaard
In de zone binnen 200 m1 van een categoriale Bevi inrichting,
beschermen. Niet alleen door in een eventueel effectgebied
advies of maatwerk advies, geeft vooraf duidelijkheid over
spoorlijn, autoweg, waterweg of buisleiding worden bijzonder
vlucht- of schuilmogelijkheden te bieden, maar ook door te
om kwetsbare personen via ruimtelijke besluiten beter te
In afwijking van kwetsbare objecten, te beoordelen op
wat gemeenten van het advies van de Veiligheidsregio Mid-
kwetsbare objecten ontmoedigd. Er kunnen zwaarwegende
voorkomen dat bij het vrijkomen van toxische stoffen kleine
vastgelegd hoe zij omgaan met locaties voor kwetsbare ob-
1
5. Voor plannen buiten 30 m en tot een afstand van 200 m
de buitengevels, gelden extra afstanden bij objecten of
den- en West-Brabant kunnen verwachten. Verder biedt de
overwegingen zijn om toch nieuwe bijzonder kwetsbare
kinderen en zieke en oudere personen slachtoffer kunnen
jecten en beperkt kwetsbare objecten evenals voor risicovolle
van een spoorlijn, autoweg, waterweg of buisleiding ont-
bij gebieden in de openlucht waar bijzonder kwetsbare
zone-indeling duidelijkheid over de gewenste plaatsing van
objecten te realiseren. Daarbij dient bijzondere aandacht
worden. Van het advies van de Veiligheidsregio kan worden
activiteiten ten opzichte van risicobronnen. Deze visies vormen
moedigen we de komst van nieuwe bijzonder kwetsbare
personen aanwezig zijn. De afstand wordt dan bepaald
bijzonder kwetsbare objecten, waardoor er minder niet-zelf-
gegeven te worden aan de zelfredzaamheid van burgers en
afgeweken. Dit moet dan nadrukkelijk in de verantwoording
doorgaans een verbetering van de veiligheid, waardoor Brand-
objecten. Indien in ruimtelijke besluiten nieuwe bijzonder
door:
redzame burgers aanwezig zullen zijn in de directe nabijheid
aan de afstand tot de risicobron in relatie tot de functie van
van het groepsrisico worden gemotiveerd.
weer Midden- en West-Brabant de mogelijkheid heeft om het
kwetsbare objecten toch in deze zone worden bestemd,
• de grens van het gebied dat bestemd is voor het
van risicobronnen.
het object.
gebruik van standaard adviezen uit te breiden. Met deze stan-
wordt een gedetailleerd advies opgesteld. In alle andere
verblijf van zieken, ouderen, gehandicapten of
gevallen is er sprake van een standaard advies.
minderjarigen, indien het desbetreffende object
1
1
Zone binnen 750 m1 van niet categoriale Bevi inrichting
Zone binnen 30 m en 200 m van transport
een ziekenhuis, bejaardenhuis, verpleeghuis, school,
Standaardisering
Standaardisering
plannen binnen 30 m1 van een spoorlijn, autoweg, water-
gebouw of een gedeelte van een gebouw is dat
1
4
en aan maatwerk adviezen voor ruimtelijke plannen waarbij
weg of buisleiding. In deze plannen worden in de regel alle
bestemd is voor dagopvang van minderjarigen,
Bij bestemmingsplannen die een Bevi inrichting mogelijk maken, wordt altijd een gedetailleerd advies opgesteld.
het om bijzonder kwetsbare objecten gaat.
nieuwe bijzonder kwetsbare objecten geweerd.
of wanneer het om een openluchtzwembad of
2
BRZO & niet categoriale inrichtingen
daardisering komt meer tijd vrij voor adviezen over plannen en ontwikkelingen, waarvan de effecten zeer ernstig kunnen zijn.
6. Een gedetailleerd maatwerk advies wordt opgesteld voor
Denk hierbij aan adviezen bij vestiging van risicovolle bedrijven
7. Bestemmingsplannen met Bevi inrichtingen worden voorzien van een gedetailleerd maatwerk advies.
Wanneer standaard en wanneer maatwerk? 1. Een standaard advies wordt opgesteld voor plannen buiten 750 m1 van een niet-categoriale Bevi inrichting.
speeltuin gaat;
Gedetailleerd advies
Gemeenten krijgen jaarlijks hun standaard advies, waarbij de
Standaard advies
2. Een gedetailleerd maatwerk advies wordt opgesteld voor
de genoemde afstand ligt en er nog ontwikkelruimte voor
recreatieterrein is dat bestemd is voor het verblijf
plannen binnen 750 m1 van een niet-categoriale Bevi
bijzonder kwetsbare objecten in het bestemmingsplan zit.
van personen gedurende meerdere aaneengesloten
Bijzonder kwetsbare objecten worden ontmoedigd. Er
dagen.
kunnen zwaarwegende overwegingen zijn om toch deze
3. Een standaard advies wordt opgesteld voor plannen buiten 200 m1 van een categoriale Bevi inrichting, spoorlijn, auto-
9. Een standaard advies wordt opgesteld voor kleine bestem-
Grensinrichting
2. Aanwezigheid van de WAS-installatie Deze onderwerpen worden op een plattegrond van de geStandaard advies
meente gepresenteerd. Knelpunten op het gebied van bluswa-
30 m
750 m
ter worden generiek in het standaard advies benoemd. Bij detailniveau beoordeeld.
200 m
Grensinrichting
1
Het gedetailleerde of maatwerk advies Consoliderende bestemmingsplannen
In deze gevallen wordt geadviseerd de specialisten van de
mingsplannen, niet zijnde ruimtelijke plannen voor bijzonder
objecten binnen 750 m te realiseren, maar dat moet dan
De in deze uitgave genoemde zones behoeven nadrukkelijk
Veiligheidsregio Midden- en West- Brabant direct te betrek-
kwetsbare objecten. Overige bestemmingsplannen worden
goed worden afgewogen. Daarbij dient bijzondere aandacht
aandacht bij bestaande bestemmingsplannen en moeten in de
ken in het vooroverleg. Maak via ev@brandweermwb.nl een
voorzien van een standaard advies.
gegeven te worden aan de zelfredzaamheid van burgers en
planregels worden verwoord.
afspraak.
Maakt het plan een
Ligt het plan binnen 750 m van
Ligt het plan binnen 200 m van
Ligt het plan binnen 30 m van een
Bevi inrichting mogelijk?
een BRZO of niet categoriale
een categoriale Bevi inrichting?
spoorlijn, autoweg, waterweg of
NEE
1. Opkomsttijd van de brandweer
Gedetailleerd advies indien nieuwe bijzonder kwetsbare objecten mogelijk zijn, anders standaard advies
het verlenen van een bouwvergunning wordt er specifiek op
object een sportterrein of een kampeer- of ander
bijzonder kwetsbare objecten geweerd.
volgende aspecten vooraf worden gemeld: Gedetailleerd advies
verblijf van personen, indien het desbetreffende
onder het standaard advies, tenzij het plangebied binnen
inrichting. In deze plannen worden in de regel alle nieuwe
Transport (spoor, autoweg, vaarweg en buisleiding)
• de grens van het gebied dat bestemd is voor het
8. Conserverende bestemmingsplannen vallen in principe
Het standaard advies
1
Bevi inrichting?
NEE
NEE
Ligt het plan buiten 30 m en binnen 200 m van een
NEE
buisleiding?
spoorlijn, autoweg, waterweg of
NEE
buisleiding?
STANDAARD ADVIES JA
JA
JA
JA
JA Maakt het plan bijzonder kwetsbare objecten mogelijk?
JA
NEE
MAATWERK ADVIES
Bijlage 4 Bluswater
Risicoprofiel Waalwijk
Bijlage 6 Archeologisch bureau- en inventariserend veldonderzoek
Laagland Archeologie Rapport 630
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase
Veerstraat 1, Waspik, gemeente Waalwijk (NB).
mei 2021 Versie 1.1 (concept)
In opdracht van: Teus ' Advies
7 Colofon Laagland Archeologie Rapport 630
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Veerstraat 1 te Waspik, gemeente Waalwijk (NB) Auteur: Jeroen Wijnen
In opdracht van: Teus ' Advies
Foto’s en tekeningen: Laagland Archeologie
Status rapport: concept
Controle: J. de Gruil Autorisatie: authorisatie
ISSN 2468-4759 Laagland Archeologie BV Virulyweg 21F-G 7602 RG Almelo
E-mail: info@laaglandarcheologie.nl KvK-Nummer: 60294418
© Laagland Archeologie BV, Almelo, mei 2021
Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Laagland Archeologie BV aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek.
v2.4
Samenvatting Laagland Archeologie heeft in maart-april 2021 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd aan de Veerstraat 1 te Waspik. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de sloop van de bestaande bebouwing en de nieuwbouw van een appartementengebouw. Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocollen SIKB KNA 4002 en 4003. Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd. Op basis van het bureauonderzoek heeft het plangebied een matige archeologische verwachting voor archeologische resten vanaf het Laat-Paleolithicum tot LaatNeolithicum/Vroege Bronstijd. De archeologische verwachting geldt omdat voor de dekzandondergrond niet duidelijk is binnen welke landschapseenheid het plangebied gelegen was voordat het overgroeid werd met het Hollandveen. Vanaf de Bronstijd tot Volle Middeleeuwen heeft het plangebied en zijn directe omgeving een lage verwachting omdat het in een veengebied lag. Vanaf de Volle Middeleeuwen werd het plangebied mogelijk in gebruik genomen. Nadat het oorspronkelijke Waspik was weggevaagd door de St.
Elizabethvloed, werd de nieuwe kern van Waspik verplaatst en maakt het plangebied er deel van uit. Om die reden is er een matige archeologische verwachting vanaf de Volle Middeleeuwen en een hoge archeologische verwachting vanaf de Late Middeleeuwen. Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zonodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen. Op basis van het uitgevoerde booronderzoek is de kans groot dat het plangebied archeologische sporen bevat. In de tuin zijn cultuur- en ophooglagen aangetroffen met een hoge archeologische verwachting voor de periode Late Middeleeuwen tot Nieuwe tijd vanaf ca. 70 cm -mv (0,04 m +NAP). Ter hoogte van de huidige bebouwing bestaat tenminste de bovenste 110 à 120 cm (1,33 à 1,40 m +NAP) uit subrecente ophogingslagen. Onder de subrecente ophogingslagen zijn mogelijke cultuurlagen aanwezig. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt nader archeologisch onderzoek geadviseerd conform protocol 4003 IVO (landbodems).
Gelet op de te verwachten prospectiekenmerken en prospecteerbaarheid van een eventuele vindplaats wordt geadviseerd dit vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een proefsleuvenonderzoek conform de KNA Leidraad Inventariserend Veldonderzoek Deel: Proefsleuvenonderzoek (IVO-P). De implementatie van dit advies is in handen van de gemeente Waalwijk, hierin vertegenwoordigd door de archeologisch adviseur van de gemeente, de heer R.J.M. van Genabeek.
Samenvatting ___________________________________________________ 3 1 Inleiding ____________________________________________________ 5 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 1.7
Aanleiding onderzoek______________________________________________ 5 Afbakening plan- en onderzoeksgebied ________________________________ 5 Administratieve gegevens __________________________________________ 6 Huidige situatie en toekomstig gebruik ________________________________ 8 Geplande verstoring ______________________________________________ 9 Gemeentelijk beleid ______________________________________________ 10 Onderzoeksdoel _________________________________________________ 10
2 Inventarisatie ________________________________________________ 11 2.1 2.2 2.3
Inleiding_______________________________________________________ 11 Landschappelijke ontwikkeling _____________________________________ 11 Archeologie ____________________________________________________ 15
2.3.1 2.3.2 2.3.3 2.3.4 2.3.5 2.4
Bekende archeologische waarden _________________________________ 15 Waarnemingen _______________________________________________ 15 AMK-terreinen ________________________________________________ 16 Gemeentelijke verwachtingskaart _________________________________ 16 Eerder archeologisch onderzoek __________________________________ 16
Historie _______________________________________________________ 17
3 Conclusie en verwachtingsmodel _________________________________ 21 3.1 3.2 3.3
Conclusie ______________________________________________________ 21 Verwachtingsmodel ______________________________________________ 21 Advies ________________________________________________________ 23
4 Veldonderzoek _______________________________________________ 24 4.1 4.2 4.3
Beschrijving onderzoeksmethodiek __________________________________ 24 Resultaten: lithologie, lithogenese en bodemontwikkeling ________________ 24 Resultaten: archeologie ___________________________________________ 25
5 Conclusie en verwachting ______________________________________ 26 6 Selectieadvies _______________________________________________ 27 literatuur _____________________________________________________ 28 BIJLAGE 1 AMZ-cyclus __________________________________________ 30 BIJLAGE 2 Archeologische perioden________________________________ 31 BIJLAGE 3 Niet-toegankelijke delen voor veldonderzoek _______________ 32 BIJLAGE 4 Boring DINO-loket ____________________________________ 33 BIJLAGE 5 Geomorfologische kaart ________________________________ 34 BIJLAGE 6 Actueel Hoogtebestand Nederland ________________________ 35 BIJLAGE 7 Gemeentelijke archeologische verwachtingskaart ____________ 36 BIJLAGE 8 Bodemkaart _________________________________________ 38 BIJLAGE 9 Waarnemingen, AMK-terreinen en onderzoeksmeldingen ______ 39 BIJLAGE 10 Boorpuntenkaart veldonderzoek ________________________ 40 BIJLAGE 11 Boorstaten veldonderzoek _____________________________ 41
HOOFDSTUK
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Veerstraat 1 te Waspik, gemeente Waalwijk, Noord-Brabant
1I
NLEIDING
1.1 AANLEIDING ONDERZOEK De aanleiding voor het onderzoek vormt de geplande bouw van een appartementengebouw aan de Veerstraat 1 te Waspik, gemeente Waalwijk (NB). Hiertoe is een bestemmingsplanwijziging vereist. De gemeente Waalwijk heeft een eigen archeologiebeleid. Op basis van het bestemmingsplan dient archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden om aan te tonen dat eventueel aanwezige archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad door de geplande bouwactiviteiten. De opdrachtgever beoogt met het onderzoek de gemeentelijke paraaf te krijgen voor het onderdeel archeologie. Aanvullende wensen zijn niet kenbaar gemaakt.
1.2 AFBAKENING PLAN- EN ONDERZOEKSGEBIED Het plangebied betreft de Veerstraat 1 in Waspik, gemeente Waalwijk (NB), zie onderstaande afbeelding.
5
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Veerstraat 1 te Waspik, gemeente Waalwijk, Noord-Brabant
Afbeelding 1. Ligging van het plan- en onderzoeksgebied. Het plangebied heeft een omvang van ca. 446 m2. Voor een beter begrip van de bodemkundige omstandigheden en de archeologie van de planlocatie is een groter gebied bestudeerd. Een zone van 250 m rondom het plangebied wordt voldoende geacht om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen. Deze zone wordt aangeduid als ‘onderzoeksgebied’.
1.3 ADMINISTRATIEVE GEGEVENS ADMINISTRATIEVE GEGEVENS
1
Provincie
Noord-Brabant
Gemeente
Waalwijk
Plaats
Waspik
Beheerder/eigenaar grond
Dhr. C. Smits
Toponiem
Veerstraat 1
Kadastrale perceelnummer(s)1
WPK01 - G – 1369
Laagland Archeologie projectnummer
WAVE211
Datum conceptrapportage
04-05-2021
kadastralekaart.com 6
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Veerstraat 1 te Waspik, gemeente Waalwijk, Noord-Brabant
Datum definitief rapport XY-coördinaten
NW: 124402/411234 NO: 124440/411234 ZO: 124441/411217 ZW: 124403/411218
Kaartblad
44G
Oppervlakte/lengte Plangebied Datering
ca. 446 m2
Complextype
Bewoning (incl. verdediging)
Onderzoeksmeldingsnr
5005073100
AMK-terrein
n.v.t.
Vondstmeldingsnr.
n.v.t.
Type onderzoek Datum begin veldonderzoek
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek verkennende fase 20-4-2021
Datum eind veldonderzoek
20-4-2021
Opdrachtgever
Teus ' Advies
Goedkeuring bevoegde overheid Bevoegde overheid
nog niet beoordeeld
Adviseur namens bevoegde overheid Beheer documentatie
R.J.M. van Genabeek
2
Uitvoerder
Projectleider/opsteller onderzoek
Late Middeleeuwen-Nieuwe tijd
gemeente Waalwijk
Provinciaal Depot Bodemvondsten Noord-Brabant E-depot voor de Nederlandse archeologie Archief Laagland archeologie BV Laagland Archeologie BV Virulyweg 21F-G 7602 RG Almelo 06 40 61 85 50 Jeroen Wijnen jeroen.wijnen@laaglandarcheologie.nl
Tabel 1. Objectgegevens.
2
www.imergis.nl/htm/opentopo800.htm 7
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Veerstraat 1 te Waspik, gemeente Waalwijk, Noord-Brabant
1.4 HUIDIGE SITUATIE EN TOEKOMSTIG GEBRUIK Het plangebied is momenteel in gebruik als café en woonhuis. Het huidige pand is in 1935/36 gebouwd. Afgezien van waarschijnlijk een kelder van 2,5 x 6,5 m van een aandiepte van ca. 2 m diepte. Voor zover bekend zijn er geen andere kelders of andere ondergrondse kunstwerken en er zijn er geen historisch waardevolle bouwwerken in het plangebied aanwezig.3 Er wordt een appartementengebouw gerealiseerd met 13 appartementen, verdeeld over 3 verdiepingen. Het gebouw wordt deels onderkelderd ten behoeve van de bij appartementen behorende bergingen. De milieutechnische condities, huidige en eventuele nieuwe waterpeil en of en zo ja wie de toekomstige gebruiker(s) worden zijn in dit stadium evenmin bekend. Onderstaande afbeeldingen tonen de huidige en de gewenste nieuwe situatie.
Afbeelding 2. Huidige situatie.
3
bron: gemeentelijke monumentenlijst; salha.nl 8