Bijlage 2 Toelichting en regels BP Gedempte Haven Waalwijk
Tekst van het document
Hoofdstuk 6
51
waaraan veranderingen getoetst kunnen worden. Deze oriëntatiewaarde mag overschreden worden, mits goed beargumenteerd door het bevoegd gezag. Samen met de hoogte van groepsrisico moet andere kwalitatieve aspecten worden meegewogen in de beoordeling van het groepsrisico. Onder deze aspecten vallen zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid. Deze argumentatie is een onderdeel van de verantwoording van het groepsrisico. Onderdeel van deze verantwoording is overleg met (advies vragen aan) de regionale brandweer. Het plaatsgebonden risico (PR) is de kans, per jaar, op overlijden van een onbeschermd individu ten gevolge van ongevallen met gevaarlijke stoffen. De aanwezigheid van een persoon is fictief. Niet wordt beoordeeld hoe groot de kans op de aanwezigheid van een persoon feitelijk is. Het groepsrisico (GR) is een maat voor de kans per jaar dat een groep van bijvoorbeeld 10, 100 of 1000 personen het slachtoffer wordt van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het groepsrisico wordt ook beschouwd als een maat voor de maatschappelijke ontwrichting.
Deze beleidsvisie Externe Veiligheid 2017 biedt een toetsingskader voor gemeentelijke besluiten over omgevingsvergunningen en ruimtelijke plannen in relatie tot de productie, de opslag, het gebruik en het transport van gevaarlijke stoffen. Het creëren van afstand tussen risicobronnen en (beperkt) kwetsbare objecten is daarbij een belangrijk instrument. De aanwezigheid van risico’s vanwege bedrijven en transportroutes en de nabijheid van (grote groepen) burgers in gebouwen en verblijfsgebieden rondom die risicobronnen wordt in hoofdzaak bepaald door wat er in de ruimtelijke plannen is vastgelegd. Het plangebied ligt in het gebiedstype gemengd gebied. Onder een gemengd gebied wordt verstaan een gebied met een matige tot sterke functiemenging (direct naast woningen komen ook andere functies voor, zoals kleine bedrijven, horeca etc.). De acceptatie voor risico’s in dit gebied is vergelijkbaar met woonwijken. Voor een gemengd gebied geldt het volgende: Het vergroten van een PR 10-6 contour is niet toegestaan. Binnen dit gebied is de oriëntatiewaarde richtinggevend. Overschrijding van de oriëntatiewaarde is mogelijk, indien sprake is van zwaarwegende belangen. De realisatie van bijzonder kwetsbare objecten zijn toegestaan, mits gewichtige redenen en voldoende onderbouwd. Het oprichten van nieuwe risicovolle inrichtingen is niet toegestaan.
In het plan worden naast woningen ook horeca, kantoorruiten en een gezondheidscentrum gerealiseerd. Het gezondheidscentrum is een centrum waarin een huisarts, een tandarts, een fysiopraktijk e.d. zich kunnen vestigen. In het centrum is het niet toegestaan om daarin opvang van minder zelfredzame personen (kinderen en ouderen) te realiseren. Het gezondheidscentrum is vanwege het voorgenomen gebruik ervan niet als een bijzonder kwetsbaar object aan te merken. Geconcludeerd wordt dat het voorgenomen plan is aan te merken als een ontwikkeling met de realisatie van kwetsbare objecten. De realisatie van bijzonder kwetsbare objecten zijn in het bestemmingsplan uitgesloten. In het bestemmingsplan worden geen nieuwe risicovolle inrichtingen toegestaan en worden ook bestaande plaatsgebonden 10-6 contouren niet vergroot. Het plan is in lijn met de gemeentelijke beleidsvisie externe veiligheid.
Hoofdstuk 6
52
Doorwerking plangebied Er is door Stantec een onderzoek externe veiligheid uitgevoerd voor het plangebied. In deze toelichting worden de belangrijkste conclusies vermeld, voor het gehele onderzoek wordt verwezen naar de bijlagen. De meest van belang zijnde risicobronnen zijn de Rijksweg A59, de gasleiding VE-5801-WWS10-S en de inrichtingen Stahl Europe, Regionaal overslagcentrum Waalwijk (ROC Waalwijk) en DSM Neoresins. In figuur 6.5 is een uitsnede van de risicokaart weergegeven, waarop de risicobronnen zijn aangegeven, waarbij de globale ligging van het bouwplan Gedempte Haven in het paars indicatief is omrand.
Figuur 6.5: Risicokaart omgeving plangebied (Bron: rapport Stantec)
Gasleiding VE-5801-WWS-10-S Deze gasleiding is in het beheer bij Vermilion Oil & Gas Netherlands B.V. en het betreft een aardgasleiding (NEN 3650) met een werkdruk van 0,42 bar en een diameter van 10,75 inch. In de EV-signaleringskaart zijn voor deze leiding zowel de PR 10-6 contour, de 100% en de 1% letaliteitscontouren aangegeven. In opdracht van de gemeente Waalwijk is door de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant ter voorbereiding op de gemeentelijke beleidsvisie externe veiligheid een QRA uitgevoerd voor de gasleiding VE-5801-WWS-10-S (d.d. maart 2017). Uit die
Hoofdstuk 6
53
berekeningen blijkt dat het groepsrisico voor deze gasleiding 0,0011 x de oriëntatiewaarde bedraagt. De hoogte van het groepsrisico wordt hoofdzakelijk bepaald door de aanwezige populatie binnen de 100% letaliteitscontour. Het plangebied ligt hier net buiten, waardoor de invloed op de hoogte van het groepsrisico als niet significant wordt beschouwd. Het uitvoeren van een QRA voor deze leiding wordt dan ook niet nodig geacht. Evenwel wordt in de verantwoording van het groepsrisico wel aandacht besteed aan de aspecten zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid. Inrichtingen De inrichtingen Stahl Europe, ROC en DSM Neoresins zijn gelegen op het bedrijventerrein Haven op een afstand van respectievelijk circa 265 meter, 440 meter en 500 meter van het plangebied. Het invloedsgebied van deze inrichtingen is ruim over het plangebied gelegen. In 2015 is door Bilfinger een QRA voor de inrichting Stahl Europe uitgevoerd. Uit de QRA blijkt dat het groepsrisico niet hoger is dan de oriëntatiewaarde. Voor de inrichting DSM Neoresins is in het verleden een QRA uitgevoerd. Uit die QRA blijkt dat het groepsrisico ruimschoots lager is dan de oriëntatiewaarde. Voor de inrichting ROC Waalwijk is in het verleden een QRA uitgevoerd. Uit die QRA blijkt dat het groepsrisico ruimschoots lager is dan de oriëntatiewaarde.
Gelet op het voorgaande in relatie tot de omvang van de voorgenomen ontwikkeling, is het niet aannemelijk dat de ontwikkeling een significante bijdrage heeft op het groepsrisico voor de verschillende inrichtingen. Een QRA naar de hoogte en toename van het groepsrisico van deze inrichtingen wordt dan ook niet nodig geacht. Het plangebied is op ongeveer 30 meter vanuit het hart van de Rijksweg A59 gelegen, waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Daardoor speelt het aspect externe veiligheid een rol bij de bestemmingsplanprocedure. Uit de risicoberekeningen blijkt dat in zowel de autonome als in de toekomstige situatie de oriëntatiewaarde niet wordt overschreden. De hoogte van het groepsrisico langs de Rijksweg A59 neemt als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling toe 0,06 x de oriëntatiewaarde tot maximaal 0,552 x de oriëntatiewaarde. De maatgevende kilometer van het groepsrisico verschuift meer richting het plangebied, maar het hoogste groepsrisico blijft ter hoogte van het gemeentehuis. In de verantwoording van het groepsrisico wordt ook ingegaan op de aspecten zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid voor de mogelijke scenario’s. Het voorgenomen plan betreft geen functies die specifiek bedoeld zijn voor minder zelfredzame personen, waardoor bij een eventuele dreigende situatie alle aanwezigen over het algemeen zich op eigen kracht in veiligheid kunnen brengen.
Via de Zomerstoepsedijk en de Leefdaelhof is het plangebied in zuidelijke richting te ontvluchten, waardoor deze wegen als goede vluchtroutes van de Rijksweg A59 af zijn te beschouwen. De Veiligheidsregio Midden- en West Brabant is gevraagd een advies uit te brengen. Verantwoording groepsrisico Naast het groepsrisico dient ook een motivering naar de aspecten zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid voor de verschillende rampenscenario’s te worden opgesteld. Mogelijke rampenscenario’s Over de Rijksweg A59 worden zowel brandbare als toxische stoffen vervoerd. Hierna zijn de rampenscenario voor beide stoffen beschreven. Ook het maatgevende scenario voor de gasleiding VE- 5801-WWS-10-S, een fakkelbrand, is beschreven.
Hoofdstuk 6
54
Brandbaar scenario Het maatgevende scenario voor brandbare stoffen is een BLEVE (Boiling Liquid Expanding Vapour Explosion) van een tankwagen. Een BLEVE bestaat uit een vuurbal en een drukgolf. Slachtoffers vallen door de warmtestraling en de drukgolf, alsmede door rondvliegende brokstukken en glasscherven die zware schade kunnen aanbrengen aan personen en gebouwen. Een warme BLEVE treedt op bij een externe brand, een koude BLEVE treedt op wanneer de tankwagen bezwijkt door een mechanische oorzaak. Het optredende effect en het moment van exploderen is afhankelijk van de inhoud van de tankwagen. Toxisch scenario Voor toxische stoffen is een toxisch scenario maatgevend. Door een incident op de transportroute met een tankwagen met toxische stoffen scheurt de tankwand. Een groot deel van de toxische stoffen lekt in korte tijd uit. De toxische vloeistof vormt een plas. De toxische damp wordt meegevoerd door de wind. Bij toxische gassen komen als gevolg van een brand toxische dampen direct vrij. De toxische stoffen worden meegevoerd door de wind. Fakkelbrand Door een beschadiging van een gasleiding kan gas vrijkomen dat vervolgens ontsteekt en een fakkelbrand vormt. De richting van de fakkel is afhankelijk van het punt waar de brandbare gassen vrijkomen.
Zelfredzaamheid Zelfredzaamheid is het zichzelf kunnen onttrekken aan een dreigend gevaar, zonder daadwerkelijke hulp van hulpverleningsdiensten. De mogelijkheden voor zelfredzaamheid bestaan globaal uit schuilen en ontvluchten. In het voorgenomen plan worden woningen, horeca, bedrijfsverzamelgebouw en een gezondheidscentrum voorzien. Bij een gezondheidscentrum wordt gedacht aan een huisartsenpost, een fysiotherapeut enz. Hierin is het overnachten van minder zelfredzame personen, zoals kinderen en ouderen niet aan de orde. Eventuele aanwezigheid van kinderen en ouderen gaat samen met een zelfredzame persoon. Om deze reden worden in het plangebied geen functies gerealiseerd die specifiek bedoeld zijn voor minder zelfredzame personen. Dit betekent dat personen zich bij een eventuele dreigende situatie over het algemeen op eigen kracht goed in veiligheid kunnen brengen. BLEVE Bij het scenario van een koude BLEVE zal er geen tijd beschikbaar zijn voor zelfredding. Bij een warme BLEVE is er mogelijk beperkte vluchttijd. Gezien deze korte tijd zijn er geen mogelijkheden tot evacuatie. Daarom zullen de personen op eigen kracht het gebied moeten ontvluchten in geval van een incident. De maatregelen ter bevordering van de zelfredzaamheid zullen daarom in de planologische, organisatorische en bouwkundige sfeer moeten worden gezocht.
Wanneer een incident optreedt op de Rijksweg A59 is het beste advies om te schuilen totdat de BLEVE heeft plaatsgevonden. Daarna verdient het aanbeveling om te vluchten in verband met secundaire branden. Binnen ongeveer 150 meter zijn personen (ook in gebouwen) bij het maximale beschreven scenario onvoldoende beschermd tegen de gevolgen van een BLEVE. Voor personen binnen de 150 meter is vluchten dus de beste optie om te overleven bij een incident met brandbare stoffen op de Rijksweg A59. De Zomerstoepsedijk en de Leefdaelhof zijn wegen die haaks op de Rijksweg A59 zijn gelegen. Via deze wegen is het plangebied dan ook goed in zuidelijk richting te ontvluchten.
Hoofdstuk 6
55
Toxisch scenario Bij een toxische wolk kunnen mensen komen te overlijden als gevolg van blootstelling aan de toxische stof. Of mensen daadwerkelijk overlijden is afhankelijk van de dosis waaraan de persoon is blootgesteld, die bestaat uit de blootstellingsduur en de concentratie. Het beste advies bij het vrijkomen van een toxische wolk als gevolg van een incident op de Rijksweg A59 is te schuilen, mits ramen, deuren en ventilatie gesloten kunnen worden (safe-haven-principe). In het geval in de gevel ventilatievoorzieningen worden geplaatst ten behoeve van de toevoer van verse lucht, heeft het de aanbeveling deze voorzieningen afsluitbaar en/of zelfregelend uit te voeren. Is schuilen niet mogelijk, dan kan ervoor worden gekozen om te vluchten. Bij een toxische wolk dient gevlucht te worden haaks op de wolk. Zoals eerder aangegeven zijn de Zomerstoepsedijk en de Leefdaelhof in zuidelijke richting geschikte vluchtroutes omdat deze wegen haaks op de Rijksweg A59 zijn gelegen. Maatregelen die de zelfredzaamheid vergroten, zijn: De nieuwe bebouwing uitrusten met een drukbestendige gevel; Het glasoppervlak aan de zijde van de risicobron te beperken; Het gebruik van brandwerende materialen; Het borgen van bluswatervoorzieningen. Daarnaast is het van belang dat aanwezigen tijdig gewaarschuwd worden.
Dit kan door het in werking stellen van een Waarschuwing- en Alarmering Systeem als onderdeel van de algemene rampenbestrijding. Bovendien is alarmering via de telefonische dienst NL-Alert mogelijk. Fakkelbrand Aanwezige personen zijn na het ontstaan van een fakkelbrand op zichzelf en anderen aangewezen. Afhankelijk van de situatie en de inrichting van de omgeving kan het handelingsperspectief verschillen. Snel reageren is bevorderlijk, zoals: Voor personen buiten is het handelingsperspectief vluchten (uit het zicht van de brand, onder dekking van objecten zoals muren). Tussen de gasleiding VE-5801-WWS-10-S en de ontwikkellocatie is een geluidscherm van ongeveer 6 meter hoog langs de Rijksweg A59 (net ten noorden van de ontwikkellocatie) aanwezig. Als er schuilmogelijkheden zijn, is dekking zoeken of een schuilplaats binnengaan een goed handelingsperspectief. Voor personen binnen, dichtbij de bron (daar waar gebouwen ontbranden) is het handelingsperspectief ontruimen en vluchten. Voor personen binnen, op grotere afstand van de bron (daar waar gebouwen niet ontbranden) is het handelingsperspectief binnenblijven. Bestrijdbaarheid BLEVE Bestrijding van een dreigende BLEVE vereist een goede bereikbaarheid en veel bluswater bedoeld voor het koelen van de tankwagen. Bij voldoende koeling zal een BLEVE worden voorkomen.
Hiervoor wordt (vanwege de snelheid die is geboden) gebruik gemaakt van primaire bluswatervoorzieningen (in het voertuig aanwezige water en brandkranen op het openbaar waterleidingnet). Noodzakelijk voor het voorkomen van een (dreigende) warme BLEVE is: Tijdige aankomst brandweer; Tijdige bereikbaarheid tankwagen; Tijdige beschikbaarheid bluswater;
Hoofdstuk 6
56
Inzet waterkanonnen voor tweezijdige koeling tankwagen.
Indien de warme BLEVE niet voorkomen kan worden, is het relevant dat er voldoende bluswatervoorzieningen zijn en dat het gebied tweezijdig toegankelijk is. Voor effectief optreden na het plaatsvinden van een warme of koude BLEVE is het relevant dat: Het gebied tweezijdig toegankelijk is; Een effectieve bluswatervoorziening; Er passende slagkracht is van de brandweer (in de omgeving). Toxisch scenario Bronbestrijding is bij een toxische vloeistof mogelijk door de vloeistof af te dekken. Hierdoor wordt de verdamping verminderd. Effectbestrijding is tevens mogelijk door de concentratie te verdunnen, bijvoorbeeld met behulp van een waterscherm. Dit is alleen mogelijk als de brandweer tijdig aanwezig is. Bij een toxisch incident is het belangrijk dat de bestrijding plaatsvindt vanaf bovenwinds gebied (daar waar de wind vandaan komt). Het is daarom belangrijk dat de bron tweezijdig bereikbaar is. Bij het ineens vrijkomen van de gehele inhoud van de tank, zal deze effectbestrijding lastig te realiseren zijn. De mogelijkheden voor slachtofferreductie worden bepaald op basis van de mogelijkheden om de vergiftiging te behandelen. Slachtofferreductie is ook mogelijk door snelle ontruiming/evacuatie. Het niet of korter blootstellen aan een toxische stof zal het aantal slachtoffers verminderen.
Fakkelbrand Mocht er zich een calamiteit voordoen, dan is het van belang dat de hulpdiensten snel ter plaatse zijn met de juiste hulpmiddelen en blusmiddelen. De werkzaamheden van de brandweer zullen met name gericht zijn op het voorkomen van uitbreiding van de brand. De leidingbeheerder dient de toevoer van het gas af te sluiten bij een incident, er zijn dus voor de hulpdiensten geen mogelijkheden tot effectieve bronbestrijding. Advies Veiligheidsregio Er is op 11 juli 2022 een adviesverzoek ingediend bij de Veiligheidsregio. Voor het bestemmingsplan kan gebruik worden gemaakt van het standaardadvies (met name aandacht voor ventilatie en vluchtrichting). Geadviseerd wordt in de bestemmingsplanregels op te nemen dat binnen de bestemming maatschappelijk de volgende subcategorieën zijn uitgesloten: aan bed gebonden zorg; overnachting door patiënten; zorgcentrum voor ouderen; kinderdagverblijf. Het advies is verwerkt in de regels van dit bestemmingsplan.
6.8
M.e.r.-plicht
Met dit bestemmingsplan worden maximaal 171 woningen, horeca een bedrijfsverzamelgebouw en een gezondheidscentrum in het plangebied mogelijk gemaakt. Dit kan leiden tot een m.e.r.(beoordelings)-plicht. Of een m.e.r.-procedure noodzakelijk is, hangt af van het feit of een activiteit is opgenomen in lijst C en D van het Besluit m.e.r. (artikel 7.2a Wet milieubeheer).
Hoofdstuk 6
57
De ontwikkeling is aan te merken als een stedelijk ontwikkelingsproject zoals opgenomen in het Besluit m.e.r. Met betrekking tot de ontwikkeling is in onderdeel D 11.2 van de bijlage van het Besluit m.e.r. het volgende opgenomen: “De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijke ontwikkeling (met inbegrip van de bouw van een winkelcentra of parkeerterreinen).” Het aantal woningen dat zal worden ontwikkeld ligt ver onder de drempelwaarde die is opgenomen in kolom 2. Er is sprake van een vormvrije m.e.r.-beoordelingsplicht. Dit betekent dat voordat het ontwerpbestemmingsplan in procedure gaat, het bevoegd gezag aan de hand van een aanmeldingsnotitie heeft beoordeeld of een milieueffectrapport moet worden opgesteld, e.e.a. conform paragraaf 7.6 Wet milieubeheer. Gelet op vorengaande en wanneer gekeken wordt naar de drempelwaarden uit onderdeel D van het Besluit m.e.r. kan worden geconcludeerd dat er, rekening houdend met: 1. de kenmerken van het project; 2. de plaats van het project; en 3. de kenmerken van het potentiële effect; sprake is van een wezenlijk ander schaalniveau en een activiteit die vele malen kleinschaliger is dan de drempelwaarden. Bij elk plan is sprake van invloed op het milieu, maar ingeval van dit plan is deze invloed niet zodanig groot dat normen worden overschreden.
De potentiële effecten van het plan zijn, in relatie tot de kenmerken en de plaats van het plangebied, dusdanig beperkt van aard en omvang dat er geen sprake is van nadelige milieugevolgen die het doorlopen van een m.e.r.-procedure noodzakelijk maken.
Hoofdstuk 6
58
7.
JURIDISCHE PLANBESCHRIJVING 7.1 Inleiding De in deze toelichting beschreven planuitgangspunten zijn juridisch-planologisch vertaald in het bestemmingsplan, dat bindend is voor overheid en burgers. Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding en regels en is voorzien van een toelichting. De regels en verbeelding vormen het juridisch bindende deel, terwijl de toelichting geen juridische binding heeft, maar moet worden beschouwd als handvat voor de uitleg en de onderbouwing van de opgenomen bestemmingen. De regels bevatten het juridische instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing, regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bouwwerken. De verbeelding heeft een rol voor toepassing van de regels, alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen.
7.2 Systematiek In deze paragraaf wordt de systematiek van de regels en de wijze waarop de regels gehanteerd dienen te worden, uiteengezet. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Omdat is gekozen voor een relatief flexibel bestemmingsplan, is bij het opstellen van de regels en verbeelding voor het woongebied maatwerk geleverd. Waar mogelijk is qua systematiek en inhoud aangesloten op het bestemmingsplan ‘Gemengd gebied’ en de in voorbereiding zijnde herziening daarvan. De regels van het plan bestaan uit vier hoofdstukken, waarin achtereenvolgens de inleidende regels, de bestemmingsregels, de algemene regels en de overgangs- en slotregels aan de orde komen. Hieronder wordt de systematiek, opbouw en indeling van de regels kort toegelicht. 7.2.1 Hoofdstuk 1: Inleidende regels Dit hoofdstuk bevat alle bepalingen die nodig zijn om de overige regels goed te kunnen hanteren: Begrippen In dit artikel zijn omschrijvingen gegeven van de in het bestemmingsplan gebruikte begrippen. Deze worden opgenomen om interpretatieverschillen te voorkomen. Begripsbepalingen zijn alleen nodig voor begrippen die gebruikt worden in de regels en die tot verwarring kunnen leiden of voor meerdere uitleg vatbaar zijn.
Enkele begrippen zijn opgenomen conform wettelijke standaarden, waaronder de SVBP2012.
Hoofdstuk 7
59
Wijze van meten Om op een eenduidige manier bijvoorbeeld afstanden, oppervlakten en inhoud van gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, te bepalen wordt in de wijze van meten uitleg gegeven over de toepassing van dergelijke regels in het plan. 7.2.2 Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels In dit hoofdstuk komen de verschillende bestemmingen aan de orde. Alle zelfstandige regelingen, die gevolgen hebben voor de bouw- of gebruiksmogelijkheden van de gronden, zijn als een bestemming vormgegeven. De volgorde van de bestemmingen is conform de SVBP op alfabetische volgorde, waarbij de hoofdbestemmingen voor de dubbelbestemmingen zijn geplaatst. Hoofd- en dubbelbestemmingen kunnen uit de volgende onderdelen bestaan. Bestemmingsomschrijving Een omschrijving van de doeleinden van de bestemming. Het gaat hierbij om de functies. De aard van de toegelaten fysieke elementen van de grond, zoals bouwwerken en werken, geen gebouwen zijnde, vloeit (rechtstreeks) voort uit de toegelaten functies. Bouwregels In de bouwregels worden voor alle gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de van toepassing zijnde bouwregels gesteld. Waar en met welke maatvoering mag worden gebouwd, wordt hier vastgelegd. Indien mogelijk wordt verwezen naar bouwvlakken en aanduidingen op de verbeelding.
Afwijken van de bouwregels Door het opnemen van een afwijkingsregeling bestaat de mogelijkheid om op ondergeschikte onderdelen af te wijken van de bij recht toegestane bouwregels. Specifieke gebruiksregels In dit onderdeel is een aanvulling op de in de bestemmingsomschrijving genoemde doeleinden opgenomen. Daarbij kan een specificering van het toegestane gebruik aan de orde zijn of een beschrijving van het gebruik dat in ieder geval als strijdig met de bestemming wordt aangemerkt. Afwijken van de gebruiksregels In deze regel is een afwijkingsmogelijkheid opgenomen voor ander gebruik dan genoemd onder de bestemmingsomschrijving en de specifieke gebruiksregels. Een afwijking van een gebruiksregel mag niet leiden tot een feitelijke wijziging van de bestemming. Dat wil zeggen, dat wel een vergunning kan worden verleend ten behoeve van functies, die inherent zijn aan de in de bestemmingsomschrijving opgenomen functies. Via een afwijking kunnen geen ‘nieuwe’ functies worden toegestaan. Met andere woorden: de afwijkingsregeling kan worden opgenomen voor kleinere, planologisch minder ingrijpende, onderwerpen.
Hoofdstuk 7
60
Wijzigingsbevoegdheid In deze bepaling wordt aan burgemeester en wethouders de bevoegdheid gegeven om regels te wijzigen zoals bijvoorbeeld het verwijderen van een specifieke aanduiding indien de bedrijfsactiviteit behorende bij deze aanduiding gedurende een half jaar is gewijzigd. De criteria, die bij toepassing van de wijzigingsbevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn daarbij aangegeven. 7.2.3 Hoofdstuk 3: Algemene regels Anti-dubbeltelregel Deze regel is opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. Deze bepaling is wettelijk verplicht. Algemene aanduidingsregels In de algemene aanduidingsregels zijn regels opgenomen voor de in het plangebied opgenomen gebiedsaanduidingen. Gebiedsaanduidingen zijn bestemmingsoverschrijdend en kunnen aanvullende regels stellen ten opzichte van de onderliggende bestemming(en). In het plan zijn twee gebiedsaanduidingen opgenomen: vrijwaringszone – weg in verband met de nabijgelegen snelweg A59 en geluidzone – industrie vanwege de ligging in een geluidgezoneerd industrieterrein.
Deze regels stellen beperkingen aan het bebouwen van de gronden en het oprichten van nieuwe geluidgevoelige objecten. Overige regels In dit artikel is een parkeerregeling opgenomen. Deze is overeenkomstig het bestemmingsplan ‘Parapluherziening parkeren Waalwijk’ en waarborgt dat bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen of bij een wijziging van het gebruik van gronden en/of bebouwing voldoende parkeerruimte beschikbaar is. 7.2.4 Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels Overgangsrecht In dit artikel is het voor alle bestemmingsplannen verplichte overgangsrecht voor bouwen en gebruik opgenomen. Bouwwerken welke op het moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaan (of waarvoor een omgevingsvergunning is aangevraagd) mogen blijven bestaan, ook al is er strijd met de bebouwingsregels. De overgangsbepaling houdt niet in dat het bestaand, illegaal opgerichte, bouwwerk legaal wordt, noch brengt het met zich mee dat voor een dergelijk bouwwerk alsnog een omgevingsvergunning kan worden verleend. Er kan dus in beginsel nog gewoon gehandhaafd worden. Het gebruik van de grond en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment van inwerkingtreding van het plan mag eveneens worden voortgezet. Slotregel Dit artikel geeft aan op welke manier de regels kunnen worden aangehaald.
Hoofdstuk 7
61
7.3 Bestemmingen In het bestemmingsplan zijn de volgende bestemmingen opgenomen. Gemengd Het bedrijfsverzamelgebouw aan de noordwestkant van het plangebied heeft de bestemming ‘Gemengd’ gekregen. Deze gronden zijn bestemd voor dienstverlening, pleinen en verblijfsgebied, paden en bijbehorende functies zoals parkeervoorzieningen, in- en uitritten, groen e.d. Er is een bouwvlak opgenomen die volledig mogen worden bebouwd. De maximale bouwhoogte is aangegeven op de verbeelding. Voor het bedrijfsverzamelgebouw is een specifieke bouwaanduiding opgenomen, hier mag de bestaande bouwhoogte met maximaal 8 meter worden verhoogd. Verder zijn er bouwregels voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde en voor ondergronds bouwen opgenomen. Horeca De voor ‘Horeca’ aangewezen gronden aan de zuidoostkant van het plangebied zijn bestemd voor lichte horeca op de begane grond, pleinen en verblijfsgebied en paden, alsmede voor bijbehorende functies, zoals parkeervoorzieningen, in- en uitritten en groen. Op de verdiepingen zijn woningen toegestaan. Hiervoor is de functieaanduiding ‘wonen’ op de verbeelding opgenomen. Er geldt een maximum aantal van 171 woningen binnen het plangebied, verdeeld over deze bestemming en de bestemming ‘Wonen’. Ter plaatse is een bouwvlak opgenomen, dat volledig mag worden bebouwd. De maximale bouwhoogte is op de verbeelding aangegeven.
Verder zijn er bouwregels voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde en voor ondergronds bouwen opgenomen. Maatschappelijk Deze bestemming is opgenomen ter plaatse van het beoogde gezondheidscentrum, in de te handhaven bebouwing aan de zuidwestkant van het plangebied. Deze gronden zijn primair bestemd voor een gezondheidscentrum (nadere definitie hiervan is opgenomen in de begrippen). Verder zijn ook binnen deze bestemming pleinen en verblijfsgebieden, paden, parkeervoorzieningen, in- en uitritten, groen e.d. toegestaan. Ter plaatse is een bouwvlak opgenomen, dat volledig mag worden bebouwd. De bouwhoogte is maximaal de bestaande bouwhoogte. Verder zijn er bouwregels voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde en voor ondergronds bouwen opgenomen. Verkeer - Verblijfsgebied Het openbaar gebied rondom de beoogde gebouwen is geheel bestemd als ‘Verkeer – Verblijfsgebied’. Deze gronden blijven c.q. worden openbaar gebied met toegangswegen tot het te ontwikkelen gebied richting de omliggende wegen, verblijfsgebieden, parkeervoorzieningen, groen, water, etc. Er is bewust gekozen voor een flexibele bestemming, die het mogelijk maakt de inrichting van het openbaar gebied nader uit te werken en in de toekomst bijvoorbeeld extra groen of water toe te voegen. Binnen de bestemming zijn de volgende functies toegestaan: woonstraten en pleinen; voet- en rijwielpaden;
Hoofdstuk 7
62
parkeervoorzieningen, waarbij uitsluitend ter plaatse van de aanduiding ‘parkeergarage’ een parkeergarage met bijbehorende in-/uitritten is toegestaan; groenvoorzieningen, met dien verstande dat minimaal 10% van de oppervlakte van het bestemmingsvlak uit groenvoorzieningen moet bestaan en minimaal 5% uit restgroen (groen in combinatie met andere functies), een en ander conform de Groenbeleidsvisie; speelvoorzieningen; terrassen ten dienste van de aangrenzende Horecabestemming, aansluitend op de betreffende bestemming; ondergeschikte en bijbehorende voorzieningen.
Binnen de bestemming zijn uitsluitend gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen toegestaan, alsmede bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die binnen de bestemming passen. De parkeergarage is specifiek aangeduid en uitsluitend binnen deze aanduiding (‘parkeergarage’) toegestaan. De ontsluiting van de parkeergarage mag uitsluitend via het Taxandriahof plaatsvinden. Door middel van toepassing van een afwijkingsbevoegdheid kan een in-/uitrit aan de west- en/of de noordzijde binnen twee specifiek aangegeven zones onder voorwaarden worden toegestaan. Daarnaast is een specifieke regeling opgenomen voor de realisatie van een paviljoen ter plaatse van de specifiek aangegeven zone, alsmede voor de bestaande spanten aan de westkant van het plangebied. Wonen De beoogde woonblokken hebben allen de bestemming ‘Wonen’ gekregen. Deze gronden zijn primair bestemd voor wonen in gestapelde woningen, eventueel met beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten aan huis. Binnen deze bestemming, in combinatie met de bestemming ‘Horeca’, zijn in totaal maximaal 171 woningen toegestaan. Er is geen maximum aantal per gebouw voorgeschreven. Daarnaast zijn onder meer groen- en parkeervoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen, speelvoorzieningen, etc. toegestaan. De parkeergarage is specifiek aangeduid. De ontsluiting van de parkeergarage mag uitsluitend via het Taxandriahof plaatsvinden.
Door middel van toepassing van een afwijkingsbevoegdheid kan een in-/uitrit aan de west- en/of de noordzijde binnen twee specifiek aangegeven zones onder voorwaarden worden toegestaan. Voor de verschillende bestaande en nieuwe gebouwen in het plangebied zijn bouwvlakken op de verbeelding opgenomen. Gebouwen moeten binnen deze bouwvlakken worden gebouwd. Daarnaast is de maximale bouwhoogte in principe op de verbeelding aangegeven. Voor sommige bestaande gebouwen wordt de bestaande bouwhoogte gehandhaafd. Verder zijn algemene regels ten aanzien van het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde opgenomen, die in het gehele woongebied gelden. Een specifieke regeling is opgenomen voor de spanten van de bestaande bebouwing, die worden gehandhaafd als element in de openbare ruimte. Verder is een regeling opgenomen voor ondergronds bouwen. Daarin is ook de aanleg van een parkeergarage geregeld.
Hoofdstuk 7
63
8.
ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID Kostenverhaal Uitgangspunt voor de beoogde ontwikkelingen is dat deze voor de gemeente budgetneutraal worden ontwikkeld. Op grond van artikel 6.12 lid 1 Wet ruimtelijke ordening (Wro) in samenhang met artikel 6.12 lid 4 Wro is de gemeenteraad van Waalwijk verplicht om de kosten te verhalen en een exploitatieplan vast te stellen gelijktijdig met het besluit (het bestemmingsplan) waarop het exploitatieplan betrekking heeft. Niet in alle gevallen is de gemeenteraad verplicht een exploitatieplan vast te stellen. Op grond van artikel 6.12 lid 2 kan de gemeenteraad van de gemeente Waalwijk besluiten geen exploitatieplan vast te stellen als aan de cumulatieve bepalingen van artikel 6.12, lid 2 sub a, b en c is voldaan. Met onderhavig bestemmingsplan wordt een bouwplan in de zin van artikel 6.2.1 Bro mogelijk gemaakt. Echter is met de ontwikkelende eigenaar van de gronden die binnen het plangebied gelegen zijn, een anterieure overeenkomst gesloten zoals is bepaald in artikel 6.24 Wro, voordat het bestemmingsplan is vastgesteld. Ook zijn er geen redenen om nadere eisen te stellen dan wel het plan te faseren, zodat de verplichting tot het vaststellen van een exploitatieplan niet geldt. In de anterieure overeenkomst is het verhaal van kosten op afdoende wijze vastgelegd.
Financiële haalbaarheid Gebleken is dat de ontwikkelaar over voldoende middelen beschikt om het plan te kunnen realiseren. Wanneer de kosten en opbrengsten naast elkaar worden gelegd is er sprake van een positief saldo. Verder is gebleken dat er geen onvoorziene hoge kosten zijn te verwachten. Ook is er geen sprake van onzekere financiële bijdragen van anderen. De financieel-economische haalbaarheid is hiermee in voldoende mate aangetoond.
Hoofdstuk 8
64
9.
OVERLEG EN INSPRAAK
De procedures voor vaststelling van een bestemmingsplan zijn door de wetgever geregeld. Aangegeven is dat tussen gemeente en verschillende instanties waar nodig overleg over het plan moet worden gevoerd alvorens een ontwerpbestemmingsplanplan ter visie gelegd kan worden. Daarnaast is er de gelegenheid om in het voortraject belanghebbenden te laten inspreken conform de gemeentelijke verordening. Pas daarna wordt de wettelijke procedure met betrekking tot vaststelling van het bestemmingsplan opgestart (artikel 3.8 Wro).
9.1
Inspraak
De Wro bevat geen procedurevoorschriften met betrekking tot de inspraak, en is in Wro zelf niet verplicht gesteld. Dat neemt niet weg dat het de gemeente vrij staat toch inspraak te verlenen bijvoorbeeld op grond van de gemeentelijke inspraakverordening. In relatie daarmee bepaalt artikel 150 van de Gemeentewet onder meer dat in een gemeentelijke inspraakverordening moet worden geregeld op welke wijze bovenbedoelde personen en rechtspersonen hun mening kenbaar kunnen maken. De direct omwonenden (en andere belangstellenden) zijn middels diverse bijeenkomsten vanaf september 2020 t/m september 2021 nader geïnformeerd. Een verslag van de gehouden omgevingsdialoog is opgenomen in de bijlagen. Er is een voorontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd, waarop een ieder gedurende 6 weken een inspraak reactie heeft kunnen indienen. Er heeft een informatieavond plaatsgevonden op 12 juli 2022. Er is een inspraakreactie ontvangen van de bewoners van het Leefdaelhof. In de Nota inspraak en overleg is de reactie opgenomen. De Nota en inspraak en overleg is als bijlage bij het bestemmingsplan gevoegd.
9.2
Overleg
Het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.1) geeft aan dat burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg voeren met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. De instanties die in kennis gesteld moeten worden van dit bestemmingsplan zijn geïnformeerd. Er is een vooroverlegreactie ontvangen van het Waterschap Brabantse Delta en van Rijkswaterstaat. Naar aanleiding van deze vooroverlegreacties is de toelichting aangevuld met een paragraaf over de compartimenteringskering en het gebruik van milieuvriendelijke bouwmaterialen. De Nota en inspraak en overleg is als bijlage bij het bestemmingsplan gevoegd.
Hoofdstuk 9
65
9.3
Vaststellingsprocedure
De vaststellingsprocedure van het bestemmingsplan zal plaatsvinden volgens de artikelen 3.7 t/m 3.9 van de Wet ruimtelijke ordening. Het bestemmingsplan wordt in dit kader ter visie gelegd gedurende een periode van zes weken. Gedurende deze periode kan een ieder zijn zienswijzen tegen het plan kenbaar maken. Het plan zal daarna, al dan niet gewijzigd, ter vaststelling worden aangeboden aan de gemeenteraad.
9.4
Beroep
Na vaststelling wordt het bestemmingsplan voor de tweede maal zes weken ter visie gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden tegen het vaststellingsbesluit beroep instellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Indien geen beroep wordt ingesteld, is het plan na deze beroepstermijn onherroepelijk en treedt het plan in werking.
Hoofdstuk 9
66
SEPARATE BIJLAGEN Bijlage 1: Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Bijlage 2: Bodemonderzoeken Bijlage 3: Cultuurhistorische verkenning Bijlage 4: Externe veiligheid Bijlage 5: Flora en fauna Bijlage 6: Ladderonderbouwing Bijlage 7: Luchtkwaliteit onderzoek Bijlage 8: Omgevingsdialoog Bijlage 9: Stikstofonderzoek Bijlage 10: Verkeer/mobiliteit en Parkeren Bijlage 11: Waterparagraaf Bijlage 12: Archeologie Bijlage 13: Bedrijven en milieuzonering Bijlage 14: Aanmeldingsnotitie m.e.r. Bijlage 15: Toelichting voorstel Hoogbouw Bijlage 16: Parkeergarage Bijlage 17: Ruimtelijke kwaliteit Bijlage 18: Akoestisch onderzoek Taxandriahof Bijlage 19: Beeldkwaliteitsplan Bijlage 20: Nota van inspraak en vooroverleg Bijlage 21: Nota van zienswijzen
Hoofdstuk 9
67
Regels
Gedempte Haven Waalwijk
Inhoudsopgave
Regels
3
Hoofdstuk 1
Inleidende regels
4
Artikel 1 Artikel 2
Begrippen Wijze van meten
4 13
Hoofdstuk 2
Bestemmingsregels
15
Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10
Gemengd Horeca Maatschappelijk Verkeer - Verblijfsgebied Wonen Waarde - Archeologie 2 Waarde - Archeologie 4 Waterstaat - Waterkering
15 17 20 22 26 32 34 36
Hoofdstuk 3
Algemene regels
38
Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13
Anti-dubbeltelregel Algemene aanduidingsregels Overige regels
38 39 41
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
42
Artikel 14 Artikel 15
Overgangsrecht Slotregel
42 43
2
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
Regels
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
In deze regels wordt verstaan onder: 1.1
plan
het bestemmingsplan 'Gedempte Haven Waalwijk' met identificatienummer NL.IMRO.0867.BPWWGedempthaven-VA01 van de gemeente Waalwijk; 1.2
bestemmingsplan
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.3
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5
ambachtelijke bedrijvigheid
het bedrijfsmatig vervaardigen, bewerken of herstellen van goederen geheel of overwegend door middel van handwerk; 1.6
bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.7
bed & breakfast
een aan de woonfunctie ondergeschikte vorm van extensieve verblijfsrecreatie gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt. Onder een bed & breakfastvoorziening wordt niet verstaan overnachting, noodzakelijk in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of permanente kamerverhuur. Degene die de bed & breakfast voorziening biedt, is tevens de gebruiker van de (bedrijfs)woning; 1.8
bedrijf
het bedrijfsmatig verrichten van werkzaamheden en/of diensten waaronder begrepen internetbedrijven en internetafhaalpunten;
4
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
1.9
bedrijfsmatige activiteiten (bij wonen)
uitoefening van een bedrijf en/of dienstverlening in of bij een woning waarbij de omvang in de activiteiten zodanig is, dat de activiteiten in een woning en de daarbij behorende bijbehorende bouwwerken met behoud van de woonfunctie kunnen worden uitgeoefend. Degene die de bedrijfsmatige activiteiten uitvoert, is tevens de gebruiker van de (bedrijfs)woning; 1.10
bergbezinkvoorziening
ondergrondse ruimte waarin tijdens zware regenval afvalwater tijdelijk wordt opgeslagen; 1.11
beroepsmatige activiteiten (bij wonen)
het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende gebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend. Degene die de beroepsmatige activiteiten uitvoert, is tevens de gebruiker van de (bedrijfs)woning; 1.12
bestaand
bestaand zoals op moment van de inwerkingtreding van dit plan: a. legaal bestaat, in uitvoering is of in gebruik mag worden genomen krachtens een geldige omgevingsvergunning; b. aantoonbaar vanaf 1955 aanwezig is; 1.13
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak; 1.14
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.15
Bevi-bedrijven
bedrijven zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen, zoals dit geldt op het tijdstip van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan; 1.16
bijbehorend bouwwerk
uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak; 1.17
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk; 1.18
bouwgrens
een op de verbeelding aangegeven lijn, die de grens vormt van een bouwvlak;
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
5
1.19
bouwlaag
een horizontaal doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren en plafonds is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van ruimtes onder peil en zolder; 1.20
bouwperceel
een aaneengesloten stuk grond, waarop krachtens het plan een zelfstandige bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.21
bouwvlak
een op de verbeelding aangegeven vlak, waarmee de gronden zijn aangeduid waarop gebouwen en bouwwerken geen gebouw zijnde, zijn toegelaten; 1.22
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, welke hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.23
buitenterras
een opstelling van tafels en stoelen op de openbare weg zonder bijkomende bouwwerken die de open structuur verstoren; permanent gebouwde voorziening zoals een winterras worden nadrukkelijk niet onder een buitenterras begrepen; 1.24
dak
iedere bovenbeëindiging van een gebouw; 1.25
dakkapel
opbouw op een schuin dak en/of op een deel van de gevel met een verticaal raamkozijn en voorzien van zijwanden en een dak; 1.26
dakopbouw
een toevoeging aan het hoofdgebouw door het verhogen van de nok of bovenste dakrand van het dak die het silhouet van het oorspronkelijke dak verandert; 1.27
dakvoet
laagste punt van een schuin dak;
6
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
1.28
detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending (anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsmatige activiteit). Daaronder mede begrepen internetwinkels en mede begrepen bedrijvigheid, voor zover dat in verband staat met en essentieel onderdeel is van de verkoop van de goederen, zoals bijvoorbeeld onderhoud, reparatie en installatie, alsmede opslag van de te verkopen goederen. Een en ander met uitzondering van een supermarkt en volumineuze detailhandel; 1.29
detailhandel volumineus
detailhandel die vanwege de omvang van de gevoerde artikelen, of vanwege de gevoerde formule, een groot oppervlak nodig heeft, zoals de verkoop van meubels, woninginrichtingartikelen, bouwmarkten, tuincentra en handel in auto's en boten en die niet in winkelgebieden kunnen worden gevestigd; 1.30
dienstverlening
a. het verlenen van economisch - maatschappelijke diensten aan derden, onder dienstverlenende bedrijven of dienstverlenende instellingen zijn in ieder geval begrepen kapperszaken, schoonheidsinstituten, fotostudio's en naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijven en inrichtingen, evenwel met uitzondering van internethandel, een garagebedrijf en een seksinrichting; b. de bedrijfsmatige uitoefening van administratieve werkzaamheden zoals (internet)kantoren en werkzaamheden die verband houden met het doen functioneren van (semi)overheidsinstellingen, het bankwezen, en naar de aard daarmee gelijk te stellen instellingen; Onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: 1. publieksgerichte dienstverlening: dienstverlening met publieksaantrekkende werking, waaronder in ieder geval een kapperszaak, makelaarskantoor; 2. niet-publieksgerichte dienstverlening: dienstverlening zonder publieksaantrekkende werking, waar onder in ieder geval een financieel administratiekantoor, internetkantoor; 1.31
dove gevel
a. een bouwkundige constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn en met een in NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidsbelasting van die constructie en 33 dB onderscheidenlijk 35 dB(A); alsmede b. een bouwkundige constructie waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte; 1.32
eerste bouwlaag
de bouwlaag op de begane grond; 1.33
erf
al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en, voor zover dit plan deze inrichting niet verbiedt;
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
7
1.34
erotisch getinte vermaaksfunctie
een vermaaksfunctie, welke is gericht op het doen plaatsvinden van voorstellingen en/of vertoningen van (porno)-erotische aard, waaronder begrepen een seksbioscoop, een seksclub en een seksautomatenhal; 1.35
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.36
geluidgevoelig object
een woning, alsmede een ander geluidsgevoelige gebouw, zoals bedoeld in artikel 1.2 van het Besluit geluidhinder; 1.37
geluidgevoelige ruimte
ruimte binnen een woning voor zover die kennelijk als slaap-, woon-, of eetkamer wordt gebruikt of voor een zodanig gebruik is bestemd, alsmede een keuken van ten minste 11 m²; 1.38
geluidluwe buitenruimte
een buitenruimte, waarop de geluidbelasting van het wegverkeer en industrielawaai niet meer bedraagt dan de geluidbelasting op de geluidluwe gevel van het desbetreffende geluidgevoelig object, vermeerderd met 5 dB; 1.39
geluidluwe gevel
gevel, waarop de geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeer en industrielawaai voldoet aan de voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder; 1.40
geluidzoneringsplichtige inrichting
een inrichting waarbij als gevolg van de Wet geluidhinder rondom het terrein van vestiging in een bestemmingsplan een zone moet worden vastgesteld; 1.41
gestapelde hoofdmassa
hoofdmassa waarbij sprake is van twee of meer zelfstandig functionerende eenheden geheel of gedeeltelijk boven elkaar; 1.42
gestapelde woningen
woningen waarbij sprake is van twee of meer woningen geheel of gedeeltelijk boven elkaar;
8
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
1.43
gezondheidscentrum
een gebouw, waarin meerdere medische en/of paramedische voorzieningen gevestigd zijn, zoals (huis)artsen, fysiotherapeuten, verloskundigen, apothekers, eerstelijnspsychologen, diëtisten, maatschappelijk werkenden, e.d., met uitzondering van geluidsgevoelige gebouwen, zoals bedoeld in artikel 1.2 van het Besluit geluidhinder en met uitzondering van: aan bed gebonden zorg; overnachting door patiënten; zorgcentrum voor ouderen; kinderdagverblijf; 1.44
hoofdgebouw
gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is; 1.45
hoofdmassa
het hoofd(woon)gebouw exclusief architectonisch ondergeschikte delen die door de uiterlijke verschijningsvorm onderscheiden kunnen worden van dit hoofd(woon)gebouw; 1.46
horeca
het bedrijfsmatig verstrekken van dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse en/of het bedrijfsmatig logies verstrekken, één en ander al dan niet in combinatie met een vermaaksfunctie, met uitzondering van een erotisch getinte vermaaksfunctie. De volgende indeling in typen horeca wordt gehanteerd: lichte horeca: aan de detailhandelsfunctie verwante horeca zoals: automatiek, broodjeszaak, cafetaria, croissanterie, koffiebar, lunchroom, snackbar, tearoom, traiteur, bezorg- en/of afhaalservice; overige lichte horeca zoals hotel, restaurant al dan niet met bezorg- en/of afhaalservice (o.a. pizza, chinees, fastfood restaurants); middelzware horeca: bedrijven die normaal gesproken ook delen van de nacht geopend zijn en die daardoor aanzienlijke hinder voor omwonenden kunnen veroorzaken zoals: bar, bierhuis, biljartcentrum, café, coffeeshop, proeflokaal, shoarma/grillroom, zalenverhuur (zonder regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek/dansevenementen); zware horeca: bedrijven die voor een goed functioneren ook 's-nachts geopend zijn en die tevens een groot aantal bezoekers aantrekken en daardoor grote hinder voor de omgeving met zich mee kunnen brengen zoals: discotheek, nachtclub, partycentrum. Regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek-/dansevenementen; 1.47
huishouden
een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren;
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
9
1.48
internethandel
handel via internet waarbij onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a. internetkantoor: internethandel zonder fysieke bezoekmogelijkheid, zonder opslag- en verzendfunctie en waar alleen elektronische transacties tot stand komen. Dit type valt onder dienstverlening en is vergelijkbaar met een niet-publieksgerichte dienstverlening zoals een kantoor; b. internetbedrijf: internethandel zonder fysieke bezoekmogelijkheid en met opslag- en verzendfunctie. Dit type valt onder bedrijf; c. internetafhaalpunt: internethandel met fysieke bezoekmogelijkheid en zonder uitstalling ten verkoop. Dit type valt onder bedrijf; d. internetwinkel: internethandel met fysieke bezoekmogelijkheid en met uitstalling ten verkoop. Dit type valt onder detailhandel; 1.49
kamerverhuur
de verhuur van een deel van al dan niet zelfstandige woonruimte ten behoeve van (langdurige) bewoning door personen voor welke inschrijving in de Basisregistratie personen (BRP) noodzakelijk is en die geen duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren; 1.50
kruisingsvlak
het gemeenschappelijk vlak, door de elkaar kruisende openbare wegen gevormd, bij het fictief doortrekken van de rijbaankanten; 1.51
kwetsbare objecten
a. woningen, woonschepen en woonwagens, niet zijnde woningen, woonschepen en woonwagens van derden met een dichtheid van maximaal 2 woningen, woonschepen en woonwagen per hectare of bedrijswoningen van derden; b. gebouwen bestemd voor het verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten, te weten: c. ziekenhuizen, bejaardenhuizen en verpleeghuizen; d. scholen; e. gebouwen of gedeelten daarvan, bestemd voor dagopvang van minderjarigen; f. kantoorgebouwen waaronder begrepen bedrijfskantoren en hotels met een brutovloeroppervlak van meer dan 1.500 m² per object; g. complexen waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd en waarvan het gezamenlijk brutovloeropperlvak meer dan 1.000 m2 bedraagt, en winkels met een brutovloeroppervlak van meer dan 2.000 m² per winkel voor zover in die complexen of in die winkels een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd; h. andere objecten, zoals (delen van) gebouwen, waar 50 of meer personen aanwezig zijn èn waarbij de personendichtheid groter is dan 1 persoon per 100 m² èn waarbij deze personen 40 uur per week of meer aanwezig zijn; i. kampeer- en andere recreatieterreinen bestemd voor het verblijf van meer dan 50 personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen. Objecten die onderdeel uitmaken van een Bevi-inrichting maken hiervan geen onderdeel uit. 1.52
nutsvoorzieningen
voorzieningen ten behoeve van op het openbare net aangesloten nutsvoorzieningen, het telecommunicatieverkeer.
10
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
1.53
ondergronds bouwen
bouwen onder peil; 1.54
open opslag
het opslaan, of opgeslagen houden van voorwerpen, stoffen of producten en andere materialen op de onbebouwde gronden van (bedrijfs)percelen, daaronder mede begrepen de uitstalling ten verkoop, verhuur en dergelijke; 1.55
openbaar toegankelijk gebied
Openbare weg, alsmede pleinen, parken, plantsoenen, openbaar vaarwater en ander openbaar gebied dat voor publiek algemeen toegankelijk is, met uitzondering van wegen uitsluitend bedoeld voor de ontsluiting van percelen door langzaam verkeer; 1.56
openbare weg
alle voor het openbaar verkeer openstaande wegen of paden met inbegrip van de daarin liggende bruggen en duikers en de tot die wegen behorende paden en bermen of zijkanten; 1.57
overkapping met een open constructie
Een bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke overdekte ruimte vormt, met maximaal twee wanden die al dan niet tot de constructie zelf behoren. In de zin van dit bestemmingsplan is dit begrip gelijk aan een gebouw; 1.58
onzelfstandige woonruimte
woonruimte welke geen eigen toegang heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte, waarbij keuken, toilet, badkamer en douche als wezenlijke voorzieningen worden aangemerkt; 1.59
peil
hoogten vanaf het aansluitend afgewerkt terrein, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere verloop van het terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarvan, buiten beschouwing blijven; indien in, op of over het water wordt gebouwd: het Normaal Amsterdams Peil of een ander plaatselijk aan te houden waterpeil; 1.60
perceelsgrens
grens van het bouwperceel; 1.61
productiegebonden detailhandel
a. een beperkte verkoop van goederen die ter plaatse worden vervaardigd/geproduceerd, bewerkt, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie; b. een beperkte verkoop van goederen die functioneel rechtstreeks verband houden met de bedrijfsactiviteiten;
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
11
c. een beperkte verkoop als niet zelfstandig onderdeel van krachtens de bestemming toegelaten groothandel; 1.62
prostitutie
het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; 1.63
seksinrichting
de voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, alsmede een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar; 1.64
veiligheidszone - Bevi
de PR 10-6-contour van de betreffende Bevi-inrichting voor zover deze is gelegen buiten de eigen perceelsgrens van de betreffende Bevi-inrichting; 1.65
verminderd zelfredzame
mensen die als gevolg van fysieke of psychische gesteldheid extra bescherming verdienen (kinderen, ouderen, zieken, psychisch kwetsbare personen); 1.66
voorkeursgrenswaarde
de waarde, zoals bedoeld in artikel 82 van de Wet geluidhinder; 1.67
voorste grens van het bouwvlak
de grens van het bouwvlak die is gericht naar de weg en waarop de hoofdmassa is georiënteerd; 1.68
woning
een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden; 1.69
zijkant van een gebouw
gevel of gemeenschappelijke scheidsmuur van een gebouw (c.q. hoofdmassa), niet zijnde voor- of achtergevel.
12
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
afstand tot de bestemmingsgrens
de kortste afstand van enig punt van een bouwwerk tot de bestemmingsgrens; 2.2
afstand tot de (zijdelingse) perceelsgrens
de kortste afstand van enig punt van een bouwwerk tot de (zijdelingse) perceelsgrens (perceelsscheiding van het bouwperceel); 2.3
breedte bouwperceel
tussen de zijdelingse perceelsscheidingen van het bouwperceel in de naar de zijde van het openbaar toegankelijke gebied gekeerde bestemmingsgrens; 2.4
breedte, diepte, oppervlakte van een bouwwerk
a. tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het peil; b. in geval van een ondergronds bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken (en/of het hart van gemeenschappelijke scheidingsmuren) 0,5 m onder peil; c. in geval dat geen sprake is van buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van scheidingsmuren: tussen de denkbeeldige lijnen vanuit de neerwaartse projectie van het dak, op het peil; 2.5
bruto-vloeroppervlak van een gebouw
gemeten (op alle bouwlagen) op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingsconstructies of indien de binnenruimte van het gebouw grenst aan de binnenruimte van een ander gebouw: tot het hart van de desbetreffende scheidingsconstructies; 2.6
goothoogte van een bouwwerk
a. vanaf de horizontale snijlijn van gevelvlak en dakvlak tot aan het peil; b. bij een mansardekap wordt de goothoogte gemeten vanaf de snijlijn, niet zijnde de noklijn, van dakvlakken tot aan het peil; c. bij een dakopbouw wordt de daarbij behorende goothoogte buiten beschouwing gelaten; 2.7
(bouw)hoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een bouwwerk met uitzondering van kleine bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.8
inhoud van een bouwwerk
tussen de bovenzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van gemeenschappelijke scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen;
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
13
2.9
verticale diepte
vanaf onderkant vloer van het ondergronds bouwwerk tot aan het peil; 2.10
uitzonderingen
bij de toepassing van het bepaalde in dit artikel ten aanzien van het bouwen geldt de volgende uitzondering: a. ondergeschikte bouwdelen zoals als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken worden buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw- c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 1 m bedraagt. Dakopbouwen, dakkapellen en erkers worden als niet ondergeschikt aangemerkt.
14
Bestemmingsplan "Gedempte Haven Waalwijk" (vastgesteld)
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Gemengd
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. dienstverlening, met dien verstande dat uitsluitend niet-publieksgerichte dienstverlening is toegestaan; b. pleinen en verblijfsgebied; c. voet- en rijwielpaden; met de bijbehorende: d. parkeervoorzieningen, met dien verstande dat voldaan wordt aan artikel 13.1 Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden; e. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; f. tuinen, erven en verhardingen; g. in- en uitritten; h. ontsluitingswegen en -paden ten behoeve van aangrenzende bestemmingen; i. nutsvoorzieningen; j. groenvoorzieningen; k. water en waterhuishoudkundige voorzieningen. 3.2
Bouwregels
3.2.1
Algemeen
Voor het bouwen van bouwwerken gelden in zijn algemeenheid de volgende regels: a. voor zover bestaande bouwwerken afwijken van de regels in lid 3.2.2 tot en met 3.2.3 wordt de bestaande plaats en bestaande contour van de afwijking geacht te zijn bestemd. 3.2.2