Bijlage 2 Regels
Tekst van het document
BESTEMMINGSPLAN WENDELNESSEWEG-OOST 8, SPRANG-CAPELLE vastgesteld, 11 juni 2024
WendelnessewegOost 8, Sprang-Capelle
Inhoudsopgave Regels
3
Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Wijze van meten
5 5 14
Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Gemengd Artikel 4 Gemengd - Agrarisch
17 17 24
Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Artikel 6 Algemene aanduidingsregels Artikel 7 Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden
33 33 34 35
Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 8 Overgangsrecht Artikel 9 2 Slotregel
37 37 38
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
2 - 38
Regels
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
3 - 38
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
4 - 38
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
In deze regels wordt verstaan onder:
1.1
plan
het bestemmingsplan ''Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle' met identificatienummer NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01 van de gemeente Waalwijk;
1.2
bestemmingsplan
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen;
1.3
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden;
1.4
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft;
1.5
aaneengebouwde hoofdmassa
hoofdmassa welke deel uitmaakt van meer dan twee aaneengebouwde, grondgebonden, hoofdmassa's;
1.6
aangebouwd bijbehorend bouwwerk
bijbehorend bouwwerk dat met de hoofdmassa verbonden is;
1.7
aantoonbaar effectieve geluidwerende maatregelen
een geluidwerende maatregel bestaande uit geluidscherm ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding geluidwerend scherm' of (op basis van een herziening) van het Bijlage 6 Akoestisch onderzoek industrielawaai in noodzakelijk is.
1.8
achtererfgebied
erf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant en van daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het erf achter het hoofdgebouw te komen;
1.9
achterkant
gevel aan de achterzijde van een gebouw, tegenover de voorkant;
1.10
agrarisch bedrijf
inrichting die tot een, krachtens artikel 1.1, derde lid, Wet milieubeheer, aangewezen categorie behoort en die is gericht op het voortbrengen van producten door het telen van gewassen of door het houden van dieren, zijnde: een (vollegronds)teeltbedrijf, een veehouderij, een glastuinbouwbedrijf of een overig agrarisch bedrijf;
1.11
ambachtelijke bedrijvigheid
het bedrijfsmatig vervaardigen, bewerken of herstellen van goederen geheel of overwegend door middel van handwerk;
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
5 - 38
1.12 a. b.
bebouwing
één of meer gebouwen en/of; bouwwerken, geen gebouwen zijnde;
1.13
bebouwingsgebied
achtererfgebied alsmede de grond onder het hoofdgebouw, uitgezonderd de grond onder het oorspronkelijk hoofdgebouw; waarbij onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a. bebouwingsgebied hoofdmassa: gedeelte van het bebouwingsgebied waar de hoofdmassa mag komen; b. overig bebouwingsgebied: gedeelte van het bebouwingsgebied waar geen hoofdmassa mag komen;
1.14
bed & breakfast
een aan de woonfunctie ondergeschikte vorm van extensieve verblijfsrecreatie gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt. Onder een bed & breakfastvoorziening wordt niet verstaan overnachting, noodzakelijk in verband met het verrichtten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of permanente kamerverhuur. Degene die de bed & breakfast voorziening biedt, is tevens de gebruiker van de (bedrijfs)woning;
1.15
bedrijf
het bedrijfsmatig verrichten van werkzaamheden en/of diensten waaronder begrepen internetbedrijven en internetafhaalpunten;
1.16
bedrijfsmatige activiteiten (bij wonen)
uitoefening van een bedrijf en/of dienstverlening in of bij een woning waarbij de omvang in de activiteiten zodanig is, dat de activiteiten in een woning en de daarbij behorende bijbehorende bouwwerken met behoud van de woonfunctie kunnen worden uitgeoefend. Degene die de bedrijfsmatige activiteiten uitvoert, is tevens de gebruiker van de (bedrijfs)woning;
1.17
bedrijfswoning
een bij een bedrijf behorende woning waarbij de woonfunctie ondergeschikt is aan de bedrijfsactiviteit, slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, die een functionele binding heeft met de bedrijfsactiviteiten die het desbetreffende bedrijf uitoefent en mag uitoefenen;
1.18
beroepsmatige activiteiten (bij wonen)
het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende gebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend. Degene die de beroepsmatige activiteiten uitvoert, is tevens de gebruiker van de (bedrijfs)woning;
1.19
bestaand
bestaand zoals op moment van de inwerkingtreding van dit plan: a. legaal bestaat, in uitvoering is of in gebruik mag worden genomen krachtens een geldige omgevingsvergunning; b. aantoonbaar vanaf 1955 aanwezig is; Het kan dan bijvoorbeeld gaan om het bestaand aantal woningen, bestaand bouwwerk, bestaand gebruik, de bestaande situatie (gebruik en gebouwen) en de bestaande maatvoering van bouwwerken;
1.20
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak;
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
6 - 38
1.21
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming;
1.22
Bevi-bedrijven
bedrijven zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen, zoals dit geldt op het tijdstip van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan;
1.23
bijbehorend bouwwerk
uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak;
1.24
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk;
1.25
bouwgrens
een op de verbeelding aangegeven lijn, die de grens vormt van een bouwvlak;
1.26
bouwlaag
een horizontaal doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren en plafonds is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van ruimtes onder peil en zolder;
1.27
bouwperceel
een aaneengesloten stuk grond, waarop krachtens het plan een zelfstandige bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten;
1.28
bouwvlak
een op de verbeelding aangegeven vlak, waarmee de gronden zijn aangeduid waarop gebouwen en bouwwerken geen gebouw zijnde, zijn toegelaten;
1.29
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, welke hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond;
1.30
categorie A-, B-, C-bedrijf
bedrijf met activiteiten welke voorkomen in de staat van bedrijfsactiviteiten voor gebieden met functiemenging welke voldoen aan de volgende kenmerken: kleinschalige, meest ambachtelijke bedrijvigheid en/of dienstverlening; productie en/of laad- en loswerkzaamheden vinden alleen in de dagperiode plaats; de activiteiten (inclusief opslag) geschieden hoofdzakelijk inpandig; Onderscheid wordt gemaakt in de volgende categorieën: a. categorie A-bedrijf: bedrijf met activiteiten die zodanig weinig milieubelastend voor hun omgeving zijn, dat deze aanpandig aan woningen - in gebieden met functiemenging - kunnen worden uitgevoerd. De eisen uit het Bouwbesluit voor scheiding tussen wonen en bedrijven zijn daarbij toereikend. b. categorie B-bedrijf: bedrijf met activiteiten die in een gemengd gebied kunnen worden uitgeoefend, echter met een zodanige milieubelasting voor hun omgeving dat zij bouwkundig afgescheiden van woningen en andere gevoelige functies
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
7 - 38
c.
dienen plaats te vinden. categorie C-bedrijf: bedrijf met activiteiten uit categorie B waarbij vanwege de relatief grotere verkeersaantrekkende werking een ontsluiting op een verzamelweg is aangewezen;
1.31
dak
iedere bovenbeëindiging van een gebouw;
1.32
dakkapel
opbouw op een schuin dak en/of op een deel van de gevel met een verticaal raamkozijn en voorzien van zijwanden en een dak;
1.33
daknok
hoogste punt van een schuin dak;
1.34
dakopbouw
een toevoeging aan het hoofdgebouw door het verhogen van de nok of bovenste dakrand van het dak die het silhouet van het oorspronkelijke dak verandert;
1.35
dakvoet
laagste punt van een schuin dak;
1.36
detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending (anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsmatige activiteit). Daaronder mede begrepen internetwinkels en mede begrepen bedrijvigheid, voor zover dat in verband staat met en essentieel onderdeel is van de verkoop van de goederen, zoals bijvoorbeeld onderhoud, reparatie en installatie, alsmede opslag van de te verkopen goederen;
1.37
detailhandel volumineus
detailhandel die vanwege de omvang van de gevoerde artikelen, of vanwege de gevoerde formule, een groot oppervlak nodig heeft, zoals de verkoop van meubels, woninginrichtingartikelen, bouwmarkten, tuincentra en handel in auto's en boten en die niet in winkelgebieden kunnen worden gevestigd;
1.38
dienstverlening
het verlenen van economisch - maatschappelijke diensten aan derden, onder dienstverlenende bedrijven of dienstverlenende instellingen zijn in ieder geval begrepen kapperszaken, schoonheidsinstituten, fotostudio's en naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijven en inrichtingen, evenwel met uitzondering van internethandel, een garagebedrijf en een seksinrichting; de bedrijfsmatige uitoefening van administratieve werkzaamheden zoals (internet)kantoren en werkzaamheden die verband houden met het doen functioneren van (semi)overheidsinstellingen, het bankwezen, en naar de aard daarmee gelijk te stellen instellingen; Onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a. publieksgerichte dienstverlening: dienstverlening met publieksaantrekkende werking, waaronder in ieder geval een kapperszaak, makelaarskantoor; b. niet-publieksgerichte dienstverlening: dienstverlening zonder publieksaantrekkende werking, waar onder in ieder geval een financieel administratiekantoor, internetkantoor;
1.39
eerste bouwlaag
de bouwlaag op de begane grond;
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
8 - 38
1.40
EPC
coëfficiënt die de energieprestatie van een nieuwbouw woning of utiliteitsgebouw aangeeft. Dit coëfficiënt wordt berekend op basis van de gebouweigenschappen, de gebouwgebonden installaties en een gestandaardiseerd bewoners/gebruikersgedrag op basis van NEN 7120;
1.41
erf
al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en, voor zover dit plan deze inrichting niet verbiedt;
1.42
erotisch getinte vermaaksfunctie
een vermaaksfunctie, welke is gericht op het doen plaatsvinden van voorstellingen en/of vertoningen van (porno)-erotische aard, waaronder begrepen een seksbioscoop, een seksclub en een seksautomatenhal;
1.43
extensieve dagrecreatiepunten
Voorzieningen of bedrijfsmatige activiteiten als ondergeschikte activiteit bij een agrarisch bedrijf. Hieronder vallen in ieder geval het inrichten van een (voormalige) bedrijfsruimte voor natuureducatie, proeven van streekproducten op de boerderij, boerengolf en zorgboerderij;
1.44
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;
1.45
geluidzoneringsplichtige inrichting
een inrichting waarbij als gevolg van de Wet geluidhinder rondom het terrein van vestiging in een bestemmingsplan een zone moet worden vastgesteld;
1.46
gevellijn
de op de verbeelding aangegeven lijn die niet door gebouwen mag worden overschreden, behoudens krachtens de regels toegelaten afwijkingen;
1.47
glastuinbouw
agrarisch bedrijf met een bedrijfsvoering die geheel of in overwegende mate in kassen plaatsvindt;
1.48
groepsrisico
cumulatieve kansen per jaar dat ten minste 10, 100 of 1.000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een inrichting en een ongewoon voorval binnen een inrichting waar een gevaarlijk stof of een gevaarlijk afvalstof betrokken is;
1.49
groothandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of afleveren van goederen aan wederverkopers, dan wel aan instellingen of personen, ter aanwending in een andere bedrijfsactiviteit;
1.50
hoofdgebouw
gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is;
1.51
hoofdmassa
het hoofd(woon)gebouw exclusief architectonisch ondergeschikte delen die door de uiterlijke verschijningsvorm onderscheiden kunnen worden van dit hoofd(woon)gebouw;
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
9 - 38
1.52
horeca
het bedrijfsmatig verstrekken van dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse en/of het bedrijfsmatig logies verstrekken, één en ander al dan niet in combinatie met een vermaaksfunctie, met uitzondering van een erotisch getinte vermaaksfunctie. De volgende indeling in typen horeca wordt gehanteerd: a. lichte horeca: 1. aan de detailhandelsfunctie verwante horeca zoals: automatiek, broodjeszaak, cafetaria, croissanterie, koffiebar, lunchroom, snackbar, tearoom, traiteur, bezorg- en/of afhaalservice. 2. overige lichte horeca zoals hotel, restaurant al dan niet met bezorg- en/of afhaalservice (o.a. pizza, chinees, fastfood restaurants); b. middelzware horeca: bedrijven die normaal gesproken ook delen van de nacht geopend zijn en die daardoor aanzienlijke hinder voor omwonenden kunnen veroorzaken zoals: bar, bierhuis, biljartcentrum, café, coffeeshop, proeflokaal, shoarma/grillroom, zalenverhuur (zonder regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek/dansevenementen); c. zware horeca: bedrijven die voor een goed functioneren ook 's-nachts geopend zijn en die tevens een groot aantal bezoekers aantrekken en daardoor grote hinder voor de omgeving met zich mee kunnen brengen zoals: discotheek, nachtclub, partycentrum. Regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek-/dansevenementen;
1.53
huishouden
een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren;
1.54
internethandel
handel via internet waarbij onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a. internetkantoor: internethandel zonder fysieke bezoekmogelijkheid, zonder opslag- en verzendfunctie en waar alleen elektronische transacties tot stand komen. Dit type valt onder dienstverlening en is vergelijkbaar met een niet-publieksgerichte dienstverlening zoals een kantoor; b. internetbedrijf: internethandel zonder fysieke bezoekmogelijkheid en met opslag- en verzendfunctie. Dit type valt onder bedrijf; c. internetafhaalpunt: internethandel met fysieke bezoekmogelijkheid en zonder uitstalling ten verkoop. Dit type valt onder bedrijf; d. internetwinkel: internethandel met fysieke bezoekmogelijkheid en met uitstalling ten verkoop. Dit type valt onder detailhandel;
1.55
kamerverhuur
de verhuur van een deel van al dan niet zelfstandige woonruimte ten behoeve van (langdurige) bewoning door personen voor welke inschrijving in de Basisregistratie personen (BRP) noodzakelijk is en die geen duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren;
1.56
kas
agrarisch bedrijfsgebouw waarvan de wanden en het dek voornamelijk bestaan uit glas of een ander lichtdoorlatend materiaal en dienend voor de productie van gewassen onder geconditioneerde klimaatomstandigheden waaronder mede begrepen een schuurkas of een permanente tunnel- of boogkas hoger dan 1,5 m;
1.57
maatschappelijke voorzieningen
sociaal-medische, sociaal-culturele en levensbeschouwelijke voorzieningen, sportieve recreatie, voorzieningen ten behoeve van de openbare dienstverlening en voorzieningen ten behoeve van onderwijs. Onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a. publieksgerichte maatschappelijke voorziening: maatschappelijke voorziening met publieksaantrekkende werking, waaronder in ieder geval een school,
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
10 - 38
b.
gemeentehuis; niet-publieksgerichte maatschappelijke voorziening: maatschappelijke voorzieningen zonder publieksaantrekkende werking, waaronder in ieder geval een kleinschalig gezinsvervangend tehuis, niet zijnde kamerverhuur;
1.58
mansardekap
dakvorm waarbij het onderste deel van het zadeldak of schilddak steiler is dan het bovenste deel, waardoor een geknikte vorm ontstaat;
1.59
niet-publieksgerichte voorziening
voorziening zonder publieksaantrekkende werking waarbij onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a. niet-publieksgerichte dienstverlening: zie onder dienstverlening, type b; b. niet-publieksgerichte maatschappelijke voorziening: zie onder maatschappelijke voorziening, type b;
1.60
nieuwvestiging
de vestiging van een al dan niet bestaand agrarisch bedrijf op een locatie waar nog geen agrarisch of niet-agrarisch bouwvlak aanwezig is;
1.61
omschakeling
binnen een bouwvlak overstappen naar een ander soort bedrijf of andere bedrijfsvorm met dezelfde bestemming;
1.62
ondergronds bouwen
bouwen onder peil;
1.63
open opslag
het opslaan, of opgeslagen houden van voorwerpen, stoffen of producten en andere materialen op de onbebouwde gronden van (bedrijfs)percelen, daaronder mede begrepen de uitstalling ten verkoop, verhuur en dergelijke;
1.64
openbaar toegankelijk gebied
Openbare weg, alsmede pleinen, parken, plantsoenen, openbaar vaarwater en ander openbaar gebied dat voor publiek algemeen toegankelijk is, met uitzondering van wegen uitsluitend bedoeld voor de ontsluiting van percelen door langzaam verkeer;
1.65
openbare weg
alle voor het openbaar verkeer openstaande wegen of paden met inbegrip van de daarin liggende bruggen en duikers en de tot die wegen behorende paden en bermen of zijkanten;
1.66
overig gebouw voor bedrijf of voorziening
gebouw in gebruik voor een bedrijf en/of voorziening (dienstverlening, maatschappelijk, horeca, detailhandel) niet zijnde de hoofdmassa in de gevellijn of een bijbehorend bouwwerk;
1.67
overkapping met een open constructie
Een bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke overdekte ruimte vormt, met maximaal twee wanden die al dan niet tot de constructie zelf behoren. In de zin van dit bestemmingsplan is dit begrip gelijk aan een gebouw;
1.68
omschakeling
binnen een bouwvlak overstappen naar een ander soort bedrijf of andere bedrijfsvorm met dezelfde bestemming;
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
11 - 38
1.69 a.
b.
peil
hoogten vanaf het aansluitend afgewerkt terrein, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere verloop van het terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voetvan het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarvan, buiten beschouwing blijven; indien in, op of over het water wordt gebouwd: het Normaal Amsterdams Peil of een ander plaatselijk aan te houden waterpeil;
1.70
perceelsgrens
grens van het bouwperceel;
1.71
prostitutie
het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding;
1.72
seksinrichting
de voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, alsmede een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar;
1.73
(vollegronds)teeltbedrijf
agrarisch bedrijf in de land- en tuinbouwsector dat zich richt op het telen van gewassen met een bedrijfsvoering die geheel of in overwegende mate niet in gebouwen plaatsvindt;
1.74
voorerfgebied
erf dat geen onderdeel is van het achtererfgebied;
1.75
voorkant van de hoofdmassa
de zijde van het boven peil gelegen gedeelte van een gebouw (c.q. hoofdmassa) welke is gericht op het openbaar toegankelijk gebied en die bovendien het beloop van de gevellijn volgt of, indien daarvan geen of ten dele sprake is en/of sprake is van meerdere gevellijnen, wordt bepaald op basis van de ruimtelijke uitstraling, waaronder de uiterlijke verschijningsvorm en de situering;
1.76
voorste grens van het bouwvlak
de grens van het bouwvlak die is gericht naar de weg en waarop de hoofdmassa is georiënteerd;
1.77
voorziening
Een voorziening bestaat uit een of meer van de volgende functies: detailhandel; dienstverlening; horeca; maatschappelijke voorziening;
1.78
vrijstaand bijbehorend bouwwerk
bijbehorend bouwwerk dat vrijstaat van de hoofdmassa en aangebouwde aangebouwde bijbehorende bouwwerken en overige gebouwen;
1.79
vrijstaande hoofdmassa
hoofdmassa welke vrij van de zijdelingse perceelsgrenzen staat;
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
12 - 38
1.80
woning
een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting vanéén afzonderlijk huishouden;
1.81
zijerfgebied
gedeelte van een erf dat aan (het verlengde van) de zijkant van het hoofdgebouw is gelegen op minimaal 1 meter achter de voorgevelrooilijn en voor zover niet behorend tot het achtererfgebied;
1.82
zijkant (hoofdmassa)
gevel of gemeenschappelijke scheidsmuur van een gebouw (c.q. hoofdmassa), niet zijnde voor- of achtergevel.
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
13 - 38
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:
2.1
afstand tot de bestemmingsgrens
de kortste afstand van enig punt van een bouwwerk tot de bestemmingsgrens;
2.2
afstand tot de (zijdelingse) perceelsgrens
de kortste afstand van enig punt van een bouwwerk tot de (zijdelingse) perceelsgrens (perceelsscheiding van het bouwperceel);
2.3
afstand tussen gebouwen op hetzelfde bouwperceel
de kortste afstand tussen de buitenwerkse gevelvlakken van de gebouwen. In het geval dat geen sprake is van buitenwerkse gevelvlakken (en/of gemeenschappelijke scheidingsmuren): de kortste tussen de denkbeeldige lijnen vanuit de neerwaartse projectie van het dak, 1 m boven peil;
2.4
breedte bouwperceel
tussen de zijdelingse perceelsscheidingen van het bouwperceel in de naar de zijde van het openbaar toegankelijke gebied gekeerde bestemmingsgrens;
2.5 a. b. c.
breedte, diepte, oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het peil; in geval van een ondergronds bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken (en/of het hart van gemeenschappelijke scheidingsmuren) 0,5 m onder peil; in geval dat geen sprake is van buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van scheidingsmuren: tussen de denkbeeldige lijnen vanuit de neerwaartse projectie van het dak, op het peil;
2.6
breedte hoofdmassa
evenwijdig aan de gevellijn die (mede) bepalend is voor het vaststellen van de voorkant van de hoofdmassa en is gelegen tussen de twee zijkanten van de hoofdmassa;
2.7
bruto-vloeroppervlak van een gebouw
gemeten (op alle bouwlagen) op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingsconstructies of indien de binnenruimte van het gebouw grenst aan de binnenruimte van een ander gebouw: tot het hart van de desbetreffende scheidingsconstructies;
2.8
dakhelling
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak;
2.9 a. b.
diepte hoofdmassa indien de voorkant hoofdmassa (gedeeltelijk) is gelegen in de gevellijn: loodrecht tussen de achterkant van de hoofdmassa en de gevellijn die bepalend is voor het vaststellen van de voorkant van de hoofdmassa; indien de voorkant hoofdmassa niet is gelegen in de gevellijn en ook niet gedeeltelijk: loodrecht tussen de achterkant van de hoofdmassa en het punt van de voorkant hoofdmassa welke het dichtst is gelegen bij de gevellijn die bepalend is voor het vaststellen van de voorkant van de hoofdmassa;
2.10 a. b.
goothoogte van een bouwwerk
vanaf de horizontale snijlijn van gevelvlak en dakvlak tot aan het peil; bij een mansardekap wordt de goothoogte gemeten vanaf de snijlijn, niet zijnde de noklijn, van dakvlakken tot aan
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
14 - 38
c.
het peil; bij een dakopbouw wordt de daarbij behorende goothoogte buiten beschouwing gelaten;
2.11
hoogte bouwlaag
bovenkant vloer tot bovenkant vloer of ingeval van een gebouw met een plat dak van bovenkant vloer tot bovenkant dak;
2.12
(bouw)hoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een bouwwerk met uitzondering van kleine bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen;
2.13
inhoud van een bouwwerk
tussen de bovenzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van gemeenschappelijke scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen;
2.14
nokhoogte van een bouwwerk
vanaf de horizontale snijlijn van twee hellende dakvlakken tot aan het peil;
2.15
verticale diepte
vanaf onderkant vloer van het ondergronds bouwwerk tot aan het peil;
2.16
uitzonderingen
bij de toepassing van het bepaalde in dit artikel ten aanzien van het bouwen geldt de volgende uitzondering: ondergeschikte bouwdelen zoals als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken worden buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw- c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 1 m bedraagt. Dakopbouwen, dakkapellen en erkers worden als niet ondergeschikt aangemerkt.
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
15 - 38
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
16 - 38
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Gemengd
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn bestemd voor: Wonen a. wonen in de hoofdmassa en de aangebouwde bijbehorende bouwwerken, waarbij per bestaand bouwperceel maximaal 1 (bedrijfs)woning is toegelaten, met dien verstande dat: 1. indien in de bestaande situatie sprake is van meer dan 1 woning op een bouwperceel, maximaal het bestaande aantal woningen is toegelaten; 2. de woning (deels) in de gevellijn is gelegen; b. beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten bij een (bedrijfs)woning, op een maximum van 50 m2 brutovloeroppervlak van de hoofdmassa of bijbehorend bouwwerk per (bedrijfs)woning, met in achtneming van lid 3.5.2; Overige bijbehorende voorzieningen en bouwwerken met de bij a en b behorende: c. parkeervoorzieningen, met dien verstande dat voldaan wordt aan Artikel 7 Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden, waarbij het bestaande gebruik in de bestaande omvang en functietype is toegelaten; d. bijbehorende bouwwerken e. bouwwerken, geen gebouwen zijnde f. tuinen, erven en verhardingen g. ontsluitingswegen en -paden ten behoeve van aangrenzende bestemmingen; h. nutsvoorzieningen i. water en waterhuishoudkundige voorzieningen
3.2
Bouwregels
3.2.1 Algemene bouwregels Voor het bouwen van bouwwerken gelden in zijn algemeenheid de volgende regels: a. het bouwperceel mag volledig worden bebouwd met in acht neming van de bouwregels in 3.2, tenzij op de verbeelding sprake is van een aanduiding 'maximum bebouwingspercentage', in welk geval het aangegeven bebouwingspercentage van toepassing is; b. ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' gelden in afwijking van het bepaalde in 3.2 onder a, de op de verbeelding aan dat bouwvlak gekoppelde bouwregels. 3.2.2 Hoofdmassa Voor het bouwen van de hoofdmassa welke (deels) in de gevellijn is gelegen gelden de volgende regels: a. als hoofdmassa mogen uitsluitend de volgende typen worden gebouwd: vrijstaande hoofdmassa's ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand'; b. de hoofdmassa mag uitsluitend achter de gevellijn worden gebouwd waarbij: de breedte van de voorkant van de hoofdmassa minimaal voor 50% in de gevellijn moet worden gebouwd welke gerelateerd is aan de voorkant van de hoofdmassa; c. de afstand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens van het bouwperceel dient minimaal te zijn: bij een vrijstaande hoofdmassa ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - landelijk lint' in totaal tot beide perceelsgrenzen minimaal 6 m, met een minimum van 1,5 m tot de afzonderlijke perceelsgrenzen; d.
het oppervlak van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan: ter plaatse van de aanduiding 'overige zone landelijk lint' voor voor een vrijstaande hoofdmassa maximaal 150m2; e. de diepte van de hoofdmassa mag maximaal bedragen: 1. bij een vrijstaande hoofdmassa indien de goothoogte niet hoger is dan 4 m en voldaan wordt aan 3.2 onder c (afstand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens): 22 m; 2. indien de goothoogte hoger is dan 4 m of niet voldaan wordt aan 3.2.2 onder c sub 1 bij een vrijstaande
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
17 - 38
f. g. h. i. j.
k.
hoofdmassa: 12 m; de breedte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan: maximaal de toegestane maat van de diepte van de hoofdmassa verminderd met 1 m; de goothoogte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan 4 meter; de bouwhoogte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan 9 meter; het dak van de hoofdmassa is voorzien van een nok, waarbij geldt dat: de kaphelling minimaal 30 en maximaal 65 graden mag bedragen; dakkapellen zijn toegestaan mits voldaan wordt aan het volgende: 1. de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; 2. de bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; 3. de zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak; 4. in afwijking van lid 2 mag, indien de voorkant van de dakkapel gelijk ligt met de gevel waarin de dakkapel gebouwd wordt, de breedte maximaal 30% bedragen van de voorkant waarin de dakkapel gebouwd wordt; dakopbouwen zijn toegestaan mits: 1. voldaan wordt aan de maximaal voorgeschreven bouwhoogte; 2. de afstand van de voorkant van de dakopbouw tot de voorkant van de gevel waarin de dakopbouw gebouwd wordt minimaal 1 m bedraagt..
3.2.3 Bijbehorende bouwwerken bij een (bedrijfs)woning Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken, niet zijnde hoofdmassa, gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken, dienen achter de gevellijn en in het bebouwingsgebied te worden geplaatst; b. de totale diepte van de hoofdmassa met de daaraan aangebouwde bijbehorende bouwwerken, te meten vanaf de voorkant van de hoofdmassa, mag gezamenlijk maximaal 22 m bedragen; c. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied hoofdmassa, waar geen hoofdmassa aanwezig is maar binnen de regels van 3.2.2 mag worden opgericht, bedraagt inclusief de hoofdmassa maximaal de oppervlakte als bedoeld in 3.2.2 onder d; d. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het overig bebouwingsgebied en zijerfgebied bedraagt niet meer dan: 1. in geval van een bebouwingsgebied en zijerfgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van het bebouwingsgebied en zijerfgebied; 2. in geval van een bebouwingsgebied en zijerfgebied groter dan 100 m2 en kleiner dan of gelijk aan 300 m2: 50 m2, vermeerderd met 20% van het deel van het bebouwingsgebied en zijerfgebied dat groter is dan 100 m2; 3. in geval van een bebouwingsgebied en zijerfgebied groter dan 300 m2: 90 m2, vermeerderd met 10% van het deel van het bebouwingsgebied en zijerfgebied dat groter is dan 300 m2, tot een maximum van in totaal 200 m2; 4.
in afwijking van sub 1 tot en met 3, de maximale oppervlakte, zoals aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum oppervlakte bijbehorende bouwwerken'; verminderd met de oppervlakte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken zoals bedoeld onder lid g en vermeerderd met de oppervlakte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken zoals bedoeld in lid h; e. in het bebouwingsgebied hoofdmassa geldt voor de hoogte en het dak het volgende: 1. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal de toegestane goothoogte van de hoofdmassa bedragen zoals bepaald in 3.2.2 onder g; 2. de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal de toegestane bouwhoogte van de hoofdmassa bedragen zoals bepaald in 3.2.2; 3. de dakhelling mag maximaal gelijk zijn aan de dakhelling van het dakvlak van de hoofdmassa waaraan wordt gebouwd; f. in het overige bebouwingsgebied geldt voor de hoogte en het dak het volgende: 1. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3,1 m bedragen of ingeval van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk waarbij de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw hoger is dan 3,1 m, maximaal 0,25 m boven de hoogte van die eerste bouwlaag maar in geen geval hoger dan 4 m; 2. de nokhoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 5 m bedragen; 3.
in afwijking van sub 2 is ook een platte afdekking toegelaten, mits de denkbeeldige nok bij het doortrekken van de dakvlakken maximaal 5 m bedraagt;
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
18 - 38
4.
g.
h.
i.
de dakhelling van een aangebouwd bijbehorende bouwwerk mag maximaal gelijk zijn aan de dakhelling van het dakvlak aan de zijde van de hoofdmassa waaraan wordt bijgebouwd; 5. de dakhelling van een vrijstaande bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste gelijk zijn aan de steilste dakhelling van de hoofdmassa; in afwijking van lid a en met inachtneming van lid 3.2.3 onder b, mogen bijbehorende bouwwerken buiten het bebouwingsgebied en/of vóór de gevellijn worden gebouwd aan de zijkant hoofdmassa waarbij: 1. grenzend aan zowel de voorkant als zijkant van het bouwperceel geen sprake is van een bestemming Verkeer - Ontsluiting; 2. de afstand tot (het verlengde van) de gevellijn van de voorkant hoofdmassa ten minste 1 m bedraagt; 3. de afstand tot het kruisingsvlak ten minste 5 m bedraagt; 4. voldaan wordt aan de maatvoering van het bepaalde onder b tot en met f; in afwijking van lid a en lid i, met inachtneming van lid 3.2.3 onder b, mogen aangebouwde bijbehorende bouwwerken vóór de gevellijn worden gebouwd aan de voorkant hoofdmassa en/of aan de zijkant hoofdmassa waarbij: 1. per gevel maximaal één aangebouwd bijbehorend bouwwerk mag worden gebouwd; 2. de maximale breedte maximaal 3/5 deel per gevel bedraagt met een maximum van 4 m, waarbij maximaal 1 m niet direct aan de hoofdmassa grenst; 3.
in aanvulling op lid 1 en 2 per gevel één overkapping met een open constructie mag worden gebouwd met een maximale breedte van 2 m; 4. de diepte maximaal 1 m is; 5. de bouwhoogte maximaal 0, 25 m hoger is dan de hoogte van de eerste bouwlaag van de hoofdmassa, met een maximale bouwhoogte van 4 m. dakkapellen zijn toegestaan mits voldaan wordt aan het volgende: 1. voorzien van een plat dak; 2. gemeten vanaf de voet van de dakkapel niet hoger dan 1,75 m; 3. de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; 4. de bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; 5. de zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak; 6. maximaal één dakkapel per bijbehorend bouwwerk met een maximale breedte van 30% van de gevelbreedte van de zijde waarop de dakkapel is georiënteerd.
3.2.4 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. op de gronden achter de gevellijn mag de hoogte maximaal 2,2 m bedragen; b. op de gronden vóór de gevellijn mag de hoogte maximaal 1 m bedragen; c. in afwijking van lid b, met inachtneming van 3.2.4 onder b, mag op de gronden buiten het bebouwingsgebied of vóór de gevellijn aan de zijkant hoofdmassa de hoogte maximaal 2,2 m bedragen, mits: 1. grenzend aan zowel de voorkant als zijkant van het bouwperceel geen sprake is van een bestemming 'Verkeer - Ontsluiting'; 2. de afstand tot (het verlengde van) de gevellijn van de voorkant hoofdmassa ten minste 1 m bedraagt; 3. de afstand tot het kruisingsvlak ten minste 5 m bedraagt. 3.2.5 Ondergronds bouwen Voor ondergronds bouwen gelden de volgende regels: a. ondergronds bouwen is alleen toegestaan achter de gevellijnen; b. de oppervlakte van ondergrondse gebouwen bedraagt maximaal het toegestane oppervlak voor hoofdmassa en bijbehorende bouwwerken op basis van lid 3.2.2 en 3.2.3; c. de verticale diepte van het ondergrondse bouwwerk mag maximaal 3,5 m bedragen.
3.3
Nadere eisen
Het college van Waalwijk kan nadere eisen stellen aan bebouwing (plaats en afmetingen) ten behoeve van: a. een verantwoorde stedenbouwkundige inpassing en ter waarborging van de stedenbouwkundige waarden van de omgeving; b. het voorkomen van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
19 - 38
c.
3.4
bouwwerken, onder andere met het oog op de bezonning, lichtuitstraling en de privacy; het bevorderen van de verkeers-, sociale en brandveiligheid.
Afwijken van de bouwregels
3.4.1 Algemene voorwaarden voor afwijken In de hierna volgende artikelen wordt waar relevant verwezen naar één of meerdere van de volgende voorwaarden, waarbij door het beoogde bouwen: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. geen onaanvaardbare situatie ontstaat met betrekking tot milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid; c. geen nadelige beïnvloeding ontstaat van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke verkeersituatie; d. voldaan wordt aan Artikel 7 Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden; e. geen onevenredige afbreuk mag worden gedaan aan het karakter van de omgeving; f. ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - landelijk lint' dient op percelen grenzend aan de bestemming 'Agrarisch' of 'Natuur', bij ontwikkelingen in het achtererfgebied sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke inpassing middels een erfinrichtingsplan (o.a. een beplantingsplan). 3.4.2 Hoofdmassa a. Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.2 onder c voor het toestaan van een kleinere afstand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens, mits: 1.
in de bestaande situatie sprake is van een kleinere afstand tot de perceelsgrens dan is toegestaan, te meten vanaf de voorkant en aanwezig over minimaal 50% van de diepte van de hoofdmassa; 2. voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.4.1 onder a; b. Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.2 onder e sub 2 voor het toestaan van een grotere diepte van de hoofdmassa, mits: 1. maximaal 22 m diep; 2. voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.4.1 onder a tot en met d; c. Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.2 onder f voor het toestaan van een grotere breedte van de hoofdmassa, mits: 1. voldaan wordt aan lid 3.2.2 onder c (afstand tot zijdelingse perceelsgrens); 2. voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.4.1 onder a tot en met d; d. Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.2 onder h voor het toestaan van een hogere bouwhoogte van de hoofdmassa, mits: 1. maximaal 11 m hoog; 2. voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.4.1 onder a en b. 3.4.3 Bijbehorende bouwwerken Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.3 onder c en d voor het toestaan van een grotere oppervlakte voor bijbehorende bouwwerken, onder voorwaarde van de sloop van bestaande bijbehorende bouwwerken, mits: a.
maximaal 50% van het overtollige te slopen oppervlak aan bestaande gebouwen wordt teruggebouwd en/of in stand wordt gelaten; b. een totaal aan bijbehorende bouwwerken van maximaal 200 m² in het bebouwingsgebied overblijft, exclusief hoofdmassa; c. voldaan wordt aan de voorwaarden van 3.4.1 onder a tot en met d.
3.5
Specifieke gebruiksregels
3.5.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend het gebruik van: a. de hoofdmassa ten behoeve van beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten op meer dan 50 m² van het bruto-vloeroppervlak; b. vrijstaande bijbehorende bouwwerken ten behoeve van wonen;
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
20 - 38
c. d.
e.
f.
g.
gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting; gronden voor woningen, bedrijven en voorzieningen zoals opgenomen onder 3.1 die niet voldoen aan Artikel 7 Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden, behoudens bedrijven en voorzieningen waarbij sprake is van een bestaande functie, mits de categorie of het type functie niet wijzigt en omvang ervan niet wordt vergroot. het in gebruik nemen van gebouwen voor de stalling van vee ten behoeve van een veehouderij, welke op 21 september 2013 niet legaal in gebruik waren of mochten worden genomen krachtens een vergunning, voor de stalling van vee; gebruik dat vergunning plichtig is krachtens het bepaalde in artikel 19d Natuurbeschermingswet 1998, zoals dit luidt ten tijde van de vaststelling van dit bestemmingsplan, niet zijnde: 1. het bestaande gebruik overeenkomstig de Natuurbeschermingswet 1998; 2. het gebruik dat vergund is op basis van artikel 19d van de Natuurbeschermingswet 1998; vestiging van, de uitbreiding van en toename van de bestaande bebouwingsoppervlakte van mestbewerking.
3.5.2 Beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten bij een (bedrijfs)woning De uitoefening van een beroeps- of bedrijfsmatige activiteit bij een (bedrijfs)woning, zoals bedoeld in lid 3.1 onder b, is uitsluitend toegestaan op een maximum van 50 m2 brutovloeroppervlak per (bedrijfs)woning mits: a. de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft waarbij minimaal 50% van de brutovloeroppervlakte van de hoofdmassa voor de woonfunctie behouden blijft, b. het gebruik de woonfunctie ondersteunt, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in het hoofdgebouw en/of bijbehorend bouwwerk uitvoert, tevens de bewoner van de woning is. c. de activiteiten plaatsvinden in de hoofdmassa en/of bijbehorende bouwwerken, niet zijnde een overkapping met een open constructie, en geen sprake is van open opslag; d. in geval van bedrijfsmatige activiteiten, de activiteiten passen in de tabel in Bijlage 1, kolom 'beroep/bedrijf aan huis, 50 m2' of indien zij niet voorkomen in Bijlage 1, naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn; e. het geen uitoefening van detailhandel betreft met uitzondering van beperkte detailhandel als niet-zelfstandige en ondergeschikte activiteit rechtstreeks voortvloeiend uit de beroeps- of bedrijfsmatige activiteit; f.
het geen horeca, geluidzoneringsplichtige inrichtingen en inrichtingen zoals bedoeld in artikel 2, lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen milieubeheer (BEVI) betreft. g. geen nadelige beïnvloeding ontstaat van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke verkeerssituatie en wordt voldaan aan Artikel 7 Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden.
3.6
Afwijken van de gebruiksregels
3.6.1 Algemene voorwaarden voor afwijken In lid 3.6 wordt waar relevant verwezen naar één of meerdere van de volgende voorwaarden, waarbij door het beoogde gebruik: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. geen onaanvaardbare situatie ontstaat met betrekking tot milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid; c. geen nadelige beïnvloeding ontstaat van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke verkeerssituatie; d. voldaan wordt aan artikel Artikel 7 Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden; e. geen onevenredige afbreuk mag worden gedaan aan het karakter van de omgeving; f. ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - landelijk lint' dient op percelen grenzend aan de bestemming 'Agrarisch' of 'Natuur', bij ontwikkelingen in het achtererfgebied sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke inpassing middels een erfinrichtingsplan (o.a. een beplantingsplan); g. bij een combinatie van activiteiten: 1. de totale oppervlakte beperkt blijft tot de maximale maat van de activiteit welke de meeste ruimte in beslag mag nemen; 2. per toegestane activiteit de daarvoor toegestane maximale oppervlakte niet wordt overschreden.
3.6.2 Beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.1 en in aanvulling op lid 3.5.2 voor beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten voor:
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
21 - 38
a. b.
maximaal 100 m2 brutovloeroppervlak per (bedrijfs)woning; de afwijking op basis van lid 3.6.2 onder a is mogelijk onder voorwaarde dat de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft, waarbij in ieder geval geldt dat: 1. minimaal 50% van de brutovloeroppervlakte van de hoofdmassa voor de woonfunctie behouden blijft; 2. degene die de activiteiten in het hoofdgebouw en/of bijbehorend bouwwerk uitvoert, tevens de bewoner van de woning is. 3. de activiteiten passen in de tabel in Bijlage 1, kolom 'beroep/bedrijf aan huis, 100 m2' of indien zij niet voorkomen in Bijlage 1, naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn; 4. het geen uitoefening van detailhandel betreft met uitzondering van beperkte detailhandel als niet-zelfstandige en ondergeschikte activiteit rechtstreeks voortvloeiend uit de beroeps- of bedrijfsmatige activiteit; 5. het geen horeca, geluidzoneringsplichtige inrichtingen en inrichtingen zoals bedoeld in artikel 2, lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen milieubeheer (BEVI) betreft; 6. voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.6.1.
3.6.3 Bed & breakfast Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.1 en 3.5.2 voor de uitoefening van bed & breakfast voor: a. maximaal 100 m2 brutovloeroppervlak per (bedrijfs)woning in de hoofdmassa en aangebouwde bijbehorende bouwwerken; b. de afwijking op basis van lid 3.6.3 onder a is mogelijk onder voorwaarde dat de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft, waarbij in ieder geval geldt dat: 1. het bruto-vloeroppervlak ten behoeve van de woonfunctie minimaal 50% van het totale brutovloeroppervlak van de hoofdmassa bedraagt, ten behoeve van de bed & breakfast voorzieningen maximaal 3 slaapkamers voor maximaal 6 gebruikers toegestaan zijn en daarnaast minimaal 1 slaapkamer beschikbaar blijft voor de bewoner(s) van de woning; 2. de maximale gebruiksduur voor gebruikers van de bed & breakfast voorziening is één week; 3. permanente bewoning of huisvesting van tijdelijke werknemers is niet toegestaan; 4. degene die de activiteiten in het hoofdgebouw en/of de bijbehorende bouwwerken uitvoert, tevens de gebruiker van de woning is; 5. de voorziening door de bouwkundige opzet, indeling en maatvoering niet mag functioneren als een zelfstandige woning. Dit betekent in ieder geval dat een aparte kookgelegenheid niet is toegestaan; 6. voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.6.1.
3.6.4 Wonen voor huisvesting van personen die geen huishouden vormen Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.1 onder a voor het gebruik van een woning voor huisvesting van personen die geen huishouden vormen, mits: a. voldaan wordt aan de voorwaarden die zijn neergelegd in gemeentelijke 'Beleidsregels huisvesting arbeidsmigranten, vergunninghoudende vluchtelingen en overige personen die geen huishouden vormen gemeente Waalwijk'. Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de wijziging.
3.7
Wijzigingsbevoegdheid
3.7.1 Algemene voorwaarden voor wijzigen In lid 3.7 wordt waar relevant verwezen naar één of meerdere van de volgende voorwaarden, waarbij door het beoogde gebruik: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. geen onaanvaardbare situatie ontstaat met betrekking tot milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid; c. geen nadelige beïnvloeding ontstaat van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke verkeerssituatie; d. voldaan wordt aan Artikel 7 Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden; e. geen onevenredige afbreuk mag worden gedaan aan het karakter van de omgeving; f. ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - landelijk lint' dient op percelen grenzend aan de bestemming 'Agrarisch' of 'Natuur', bij ontwikkelingen in het achtererfgebied sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
22 - 38
g.
inpassing middels een erfinrichtingsplan (o.a. een beplantingsplan); bij een combinatie van activiteiten: 1. de totale oppervlakte beperkt blijft tot de maximale maat van de activiteit welke de meeste ruimte in beslag mag nemen; 2. per toegestane activiteit de daarvoor toegestane maximale oppervlakte niet wordt overschreden.
3.7.2 Gevellijn Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzingen ten behoeve van de wijziging van de aanduiding gevellijn, mits: a. geen onevenredige aantasting ontstaat van het straat- en bebouwingsbeeld; b. voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.7.1.
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
23 - 38
Artikel 4 4.1
Gemengd - Agrarisch
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Gemengd - Agrarisch' aangewezen gronden zijn bestemd voor: Wonen a. wonen in de hoofdmassa en de aangebouwde bijbehorende bouwwerken, waarbij maximaal 1 (bedrijfs)woning is toegelaten behorende bij het aangrenzende (achterliggende) glastuinbouwbedrijf, met dien verstande dat: 1. de woning (deels) in de gevellijn is gelegen; 2. waar onder 1 tot en met 2 woning staat dit tevens geldt voor een bedrijfswoning; b. beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten bij een (bedrijfs)woning, op een maximum van 50 m2 brutovloeroppervlak van de hoofdmassa of bijbehorend bouwwerk per (bedrijfs)woning met in achtneming van lid 4.5.2; met dien verstande dat bestaande kamerbewoning, bed & breakfast en bedrijf en beroep-aan-huis zijn toegestaan in de toegelaten aard en omvang; (Agrarische) bedrijven c. agrarische bodemexploitatie met bijbehorende voorzieningen; d. de uitoefening van een agrarisch bedrijf in de vorm van een (vollegronds)teeltbedrijf. met dien verstande dat: er sprake is van één bedrijf op de gronden binnen dit plangebied tezamen met de aangrenzende (achterliggende) gronden buiten het plangebied. Algemene regels bedrijven en voorzieningen e. bedrijven en voorzieningen zoals bedoeld in lid 4.1 oder d dat: 1.
de activiteiten (deels) worden uitgeoefend in een gebouw dat (deels) is gelegen in de gevellijn, waarbij onder gebouw in de gevellijn tevens een bedrijfswoning wordt verstaan; 2. de activiteiten op de begane grondlaag uitgeoefend worden, waarbij bijbehorende kantoren ook zijn toegestaan op de verdiepingen; 3. een geluidzoneringsplichtige inrichting of een inrichting zoals bedoeld in artikel 2, lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen milieubeheer (BEVI) is niet toegelaten; f. ondergeschikte en niet zelfstandige functies op niet meer dan 10% van het totale brutovloeroppervlak van het bedrijf en/of de voorziening, exclusief de bedrijfswoning en bijbehorende bouwwerken, tot een maximum van 100 m2 voor (een combinatie van) de volgende functies: 1. aan d ondergeschikte en niet-zelfstandige detailhandel voor zover het betreft een beperkte verkoop van goederen die functioneel rechtstreeks verband houden met het bedrijf en/of de voorziening, waarbij verkoop van streekgebonden producten bij een agrarisch bedrijf tot maximaal 35 m2 altijd is toegestaan; 2. en aan d ondergeschikte en niet -zelfstandige internethandel; met de bijbehorende: g. parkeervoorzieningen, met dien verstande dat voldaan wordt aan Artikel 7 Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden, waarbij het bestaande gebruik in de bestaande omvang en functietype is toegelaten: h. bijbehorende bouwwerken; i.
bouwwerken, geen gebouwen zijnde; j. tuinen, erven en verhardingen; k. ontsluitingswegen en -paden ten behoeve van aangrenzende bestemmingen; l. nutsvoorzieningen; m. water en waterhuishoudkundige voorzieningen.
4.2
Bouwregels
4.2.1 Hoofdmassa in de gevellijn Voor het bouwen van de hoofdmassa welke (deels) in de gevellijn is gelegen gelden de volgende regels: a. als hoofdmassa mogen uitsluitend de volgende typen worden gebouwd: vrijstaande hoofdmassa's ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand';
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
24 - 38
b.
c.
d. e.
f. g. h. i. j.
k.
de hoofdmassa mag uitsluitend achter de gevellijn worden gebouwd waarbij: de breedte van de voorkant van de hoofdmassa minimaal voor 50% in de gevellijn moet worden gebouwd welke gerelateerd is aan de voorkant van de hoofdmassa; de afstand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens van het bouwperceel dient minimaal te zijn: bij een vrijstaande hoofdmassa ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - landelijk lint' in totaal tot beide perceelsgrenzen minimaal 6 m, met een minimum van 1,5 m tot de afzonderlijke perceelsgrenzen; het oppervlak van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan: ter plaatse van de aanduiding 'overige zone landelijk lint' voor een vrijstaande hoofdmassa maximaal 150m2; de diepte van de hoofdmassa mag maximaal bedragen: 1. bij een vrijstaande hoofdmassa indien de goothoogte niet hoger is dan 4 m en voldaan wordt aan 4.2.1 onder c (afstand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens): 22 m; 2.
indien de goothoogte hoger is dan 4 m of niet voldaan wordt aan 4.2.1 onder c sub 1 bij een vrijstaande hoofdmassa: 12 m; de breedte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan: maximaal de toegestane maat van de diepte van de hoofdmassa verminderd met 1 m; de goothoogte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan 4 meter; de bouwhoogte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan 9 meter; het dak van de hoofdmassa is voorzien van een nok, waarbij geldt dat: de kaphelling minimaal 30 en maximaal 65 graden mag bedragen; dakkapellen zijn toegestaan mits voldaan wordt aan het volgende: 1. de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; 2. de bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; 3. de zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak; 4. in afwijking van lid 2 mag, indien de voorkant van de dakkapel gelijk ligt met de gevel waarin de dakkapel gebouwd wordt, de breedte maximaal 30% bedragen van de voorkant waarin de dakkapel gebouwd wordt; dakopbouwen zijn toegestaan mits: 1. voldaan wordt aan de maximaal voorgeschreven bouwhoogte; 2. de afstand van de voorkant van de dakopbouw tot de voorkant van de gevel waarin de dakopbouw gebouwd wordt minimaal 1 m bedraagt..
4.2.2 Bijbehorende bouwwerken bij een (bedrijfs)woning Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken, niet zijnde hoofdmassa, gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken, dienen achter de gevellijn en in het bebouwingsgebied te worden geplaatst; b. de totale diepte van de hoofdmassa met de daaraan aangebouwde bijbehorende bouwwerken, te meten vanaf de voorkant van de hoofdmassa, mag gezamenlijk maximaal 22 m bedragen; c. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied hoofdmassa, waar geen hoofdmassa aanwezig is maar binnen de regels van 4.2.1 mag worden opgericht, bedraagt inclusief de hoofdmassa maximaal de oppervlakte als bedoeld in 4.2.1 onder d; d. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het overig bebouwingsgebied en zijerfgebied bedraagt niet meer dan: 1. in geval van een bebouwingsgebied en zijerfgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van het bebouwingsgebied en zijerfgebied; 2. in geval van een bebouwingsgebied en zijerfgebied groter dan 100 m2 en kleiner dan of gelijk aan 300 m2: 50 m2, vermeerderd met 20% van het deel van het bebouwingsgebied en zijerfgebied dat groter is dan 100 m2; 3.
in geval van een bebouwingsgebied en zijerfgebied groter dan 300 m2: 90 m2, vermeerderd met 10% van het deel van het bebouwingsgebied en zijerfgebied dat groter is dan 300 m2, tot een maximum van in totaal 200 m2; verminderd met de oppervlakte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken zoals bedoeld onder lid g en vermeerderd met de oppervlakte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken zoals bedoeld in lid h; e. in het bebouwingsgebied hoofdmassa geldt voor de hoogte en het dak het volgende: 1. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal de toegestane goothoogte van de hoofdmassa bedragen zoals bepaald in 4.2.1 onder g; 2. de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal de toegestane bouwhoogte van de
(vastgesteld) Wendelnesseweg-Oost 8, Sprang-Capelle NL.IMRO.0867.BPSCWendelnwoost8-VA01
25 - 38
hoofdmassa bedragen zoals bepaald in 4.2.1; de dakhelling mag maximaal gelijk zijn aan de dakhelling van het dakvlak van de hoofdmassa waaraan wordt gebouwd; in het overige bebouwingsgebied geldt voor de hoogte en het dak het volgende: 1. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3,1 m bedragen of ingeval van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk waarbij de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw hoger is dan 3,1 m, maximaal 0,25 m boven de hoogte van die eerste bouwlaag maar in geen geval hoger dan 4 m; 2. de nokhoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 5 m bedragen; 3. in afwijking van sub 2 is ook een platte afdekking toegelaten, mits de denkbeeldige nok bij het doortrekken van de dakvlakken maximaal 5 m bedraagt; 4. de dakhelling van een aangebouwd bijbehorende bouwwerk mag maximaal gelijk zijn aan de dakhelling van het dakvlak aan de zijde van de hoofdmassa waaraan wordt bijgebouwd; 5. de dakhelling van een vrijstaande bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste gelijk zijn aan de steilste dakhelling van de hoofdmassa; in afwijking van lid a en met inachtneming van lid 4.2.2 onder b, mogen bijbehorende bouwwerken buiten het bebouwingsgebied en/of vóór de gevellijn worden gebouwd aan de zijkant hoofdmassa waarbij: 1. grenzend aan zowel de voorkant als zijkant van het bouwperceel geen sprake is van een bestemming Verkeer - Ontsluiting; 2.
de afstand tot (het verlengde van) de gevellijn van de voorkant hoofdmassa ten minste 1 m bedraagt; 3. de afstand tot het kruisingsvlak ten minste 5 m bedraagt; 4. voldaan wordt aan de maatvoering van het bepaalde onder b tot en met f; in afwijking van lid a en lid i, met inachtneming van lid 4.2.2 onder b, mogen aangebouwde bijbehorende bouwwerken vóór de gevellijn worden gebouwd aan de voorkant hoofdmassa en/of aan de zijkant hoofdmassa waarbij: 1. per gevel maximaal één aangebouwd bijbehorend bouwwerk mag worden gebouwd; 2. de maximale breedte maximaal 3/5 deel per gevel bedraagt met een maximum van 4 m, waarbij maximaal 1 m niet direct aan de hoofdmassa grenst; 3. in aanvulling op lid 1 en 2 per gevel één overkapping met een open constructie mag worden gebouwd met een maximale breedte van 2 m; 4. de diepte maximaal 1 m is; 5. de bouwhoogte maximaal 0, 25 m hoger is dan de hoogte van de eerste bouwlaag van de hoofdmassa, met een maximale bouwhoogte van 4 m. dakkapellen zijn toegestaan mits voldaan wordt aan het volgende: 1. voorzien van een plat dak; 2. gemeten vanaf de voet van de dakkapel niet hoger dan 1,75 m; 3. de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; 4. de bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; 5. de zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak; 6.
maximaal één dakkapel per bijbehorend bouwwerk met een maximale breedte van 30% van de gevelbreedte van de zijde waarop de dakkapel is georiënteerd. 3.
f.
g.
h.
i.
4.2.3 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. op de gronden achter de gevellijn mag de hoogte maximaal 2,2 m bedragen; b. op de gronden vóór de gevellijn mag de hoogte maximaal 1 m bedragen; c. in afwijking van lid b, met inachtneming van 4.2.3 onder b, mag op de gronden buiten het bebouwingsgebied of vóór de gevellijn aan de zijkant hoofdmassa de hoogte maximaal 2,2 m bedragen, mits: 1. grenzend aan zowel de voorkant als zijkant van het bouwperceel geen sprake is van een bestemming 'Verkeer - Ontsluiting'; 2. in afwijking van lid b, met inachtneming van lid 4.2.1 onder b, mag op de gronden buiten het bebouwingsgebied en/of vóór de gevellijn aan de zijkant hoofdmassa de hoogte maximaal 2,2 m bedragen mits: 3. de afstand tot het kruisingsvlak ten minste 5 m bedraagt. d. een geluidmuur is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - geluidwerend scherm'