Bijlage 2 MER Omgevingsvisie gemeente Waalwijk
Tekst van het document
5.5.4 Geluid
De gemeente Waalwijk streeft naar een afname van geluidsoverlast door het actief weren van autoverkeer en het toepassen van het STOMP-principe. Hoewel de logistieke sector minder prominent wordt, kunnen andere sectoren die geluid veroorzaken, zoals kennisintensieve industrie, worden toegestaan mits maatregelen worden getroffen. De geluidsambities verschillen per gebied: woonwijken moeten rustig blijven, terwijl in het centrum levendigheid gewenst is. Dit is vooral nog een ambitie. Er is weinig duidelijk nieuw beleid. Verder kan door de bevolkingsgroei meer geluidsoverlast ontstaan door activiteiten zoals winkels en autogebruik. Windturbines kennen voor de plaatsing al zeer strenge restricties, zodat de geluidhinder voor omwonenden zeer beperkt zal zijn.
46
5.5.5 Geur
Geurhinder, onvermijdelijk bij agrarische en stedelijke activiteiten, wordt zoveel mogelijk beperkt. De omslag naar natuurinclusieve landbouw en een kleinere veestapel vermindert de geuroverlast rond veehouderijen aanzienlijk. De gemeente hanteert een gebiedsgerichte beoordeling van geur op basis van beleving (hedonische waarde) en stimuleert het gebruik van de best beschikbare technieken om geurhinder verder te reduceren. Deze technieken zijn er alleen nog niet en het beleid is vaag. Omdat dit niet sterker terug komt in de omgevingsvisie kan dit niet positief beoordeelt worden.
5.5.6 Luchtkwaliteit
De omgevingsvisie beperkt de uitbreiding van de logistieke sector, wat leidt tot een afname van luchtvervuiling, met name stikstofoxiden. Gemeente Waalwijk richt zich op het versterken van minder vervuilende sectoren zoals kennisintensieve (maak)industrie en ambachten. Hoewel meer bebouwing en verkeer de luchtkwaliteit kunnen belasten, wordt dit gecompenseerd door het STOMP-principe, waarbij voetgangers en fietsers prioriteit krijgen en autogebruik actief ontmoedigd wordt. Daarentegen worden auto’s niet volledig geweerd dus kan er niet vanuit gegaan worden dat dit genoeg compenseert. Kwetsbare groepen, zoals kinderen en ouderen, worden beschermd door functies met hoge vervuiling niet in hun nabijheid toe te staan. Maatregelen zoals groene gevels en daken, fietsstimulering en bewustwording ondersteunen een betere luchtkwaliteit. Deelname aan het Schone Lucht Akkoord illustreert de ambitie om in 2030 een gezondheidswinst van 50% te realiseren, maar een ambitie zal geen resultaat zien zolang er niet grote maatregelen getroffen worden. Hierbij moet vooral in gedachten gehouden worden dat de luchtkwaliteit op dit moment ondermaats is.
5.5.7 Lichthinder
Met de groeiende bedrijvigheid en binnenstedelijke verdichting neemt ook de lichtemissie toe, wat lichthinder veroorzaakt, vooral in bebouwde en havengebieden. De omgevingsvisie sluit aan bij het provinciale actieplan ‘Donker waar het kan, licht waar het moet’, met het doel ernstige lichthinder vóór 2030 te verminderen. Openbare verlichting wordt doelgericht beperkt, waarbij veiligheid en het veiligheidsgevoel van inwoners centraal blijven staan. De gemeente volgt ook landelijke lichtregels om lichthinder zoveel mogelijk te beperken.
5.5.8 Omgevingsveiligheid
De grootste veiligheidsrisico’s in gemeente Waalwijk komen voort uit industrie in het havengebied, snelwegen en hogedrukleidingen. Met twee Sevesobedrijven in de haven wordt strenge veiligheidsregulering gehandhaafd. Nieuwe risicovolle functies worden niet toegestaan nabij kwetsbare gebouwen zoals scholen en woningen. Tegelijkertijd zoekt de gemeente een balans tussen economische ontwikkeling en veiligheid, met oog voor nieuwe risico’s die kunnen ontstaan door energietransitieprojecten, zoals lokale energieopslag. Dit integrale veiligheidsbeleid draagt bij aan een veilige leefomgeving voor alle inwoners.
5.5.9 Endotoxinen en zoönose
Hoewel niet expliciet genoemd in de visie, zal de afbouw van intensieve landbouw naar verwachting het risico op verspreiding van endotoxinen en zoönosen verminderen. Dit heeft een positief effect op de volksgezondheid en past binnen de bredere doelstellingen voor een duurzame en gezonde leefomgeving.
5.5.10 Beoordeling Criterium
Huidige situatie
Gezondheidsbevordering Sociale cohesie Sociale veiligheid Geluid
0 -
Autonome ontwikkelingen + 0 -
Omgevingsvisie + + + -
47
Geur 0 Luchtkwaliteit Lichthinder Omgevingsveiligheid Endotoxinen en zoönose 0 Tabel 7: beoordeling van thema samen zijn we gezond
+ + 0 0 0
0 0 +
5.6 Passend woonaanbod voor vitale kernen 5.6.1 Woningvoorraad
De gemeente Waalwijk zet in op een toekomstbestendige en diverse woningvoorraad die aansluit bij de veranderende samenstelling van de bevolking, met name de groei van een- en tweepersoonshuishoudens. Er wordt actief gebouwd aan voldoende betaalbare en passende woningen, waarbij nieuwbouwprojecten bestaan uit een evenwichtige mix van 30% sociale huur, 40% betaalbare koop- of huurwoningen en 30% duurdere woningen. Binnenstedelijke ontwikkeling krijgt prioriteit, waarbij herstructurering, optoppen en transformatie centraal staan en leefkwaliteit en vergroening voorop staan. Hierbij wordt ingezet op dak- en gevelgroen als aanvulling op grondgebonden groen, om zo de groene leefomgeving te versterken. Daarnaast wordt het gebruik van de bestaande woningvoorraad geoptimaliseerd door mogelijkheden als optoppen, woningdelen en splitsen te benutten. De gemeente Waalwijk werkt intensief samen met de provincie, de Stedelijke Regio Breda-Tilburg en woningcorporaties om woningbouw te versnellen en beter af te stemmen op regionale behoeften, waarbij monitoring een belangrijk instrument is. Speciale aandacht gaat uit naar de huisvesting van specifieke doelgroepen zoals ouderen, studenten en statushouders. Er wordt ingezet op levensloopbestendige woningen, vooral in de centra van kernen en nabij voorzieningen en openbaar vervoer, zodat senioren langer zelfstandig kunnen wonen.
Ook worden woonvormen gestimuleerd waarin jongeren en ouderen samenleven, wat niet alleen woningnood helpt verminderen maar ook sociale cohesie versterkt, bijvoorbeeld via gemeenschappelijke tuinen. De verduurzaming van de bestaande woningvoorraad gaat hand in hand met de realisatie van energieneutrale en natuurinclusieve nieuwbouw, waarbij betaalbaarheid, gemeenschappelijke ruimtes en groene openbare plekken centraal blijven staan. Voor toekomstige woonbehoeften ontwikkelt de gemeente Waalwijk een flexibel Volkshuisvestingsprogramma. In het landelijk gebied wordt zorgvuldig omgegaan met ruimtegebruik, waarbij verdere verstening en verrommeling worden voorkomen. Nieuwe woningontwikkeling wordt gekoppeld aan een fysieke tegenprestatie die bijdraagt aan de omgevingskwaliteit, zodat ook hier de leefomgeving duurzaam en aantrekkelijk blijft.
5.6.2 Beoordeling Criterium
Huidige situatie
Woningvoorraad
-
Autonome ontwikkelingen +
Omgevingsvisie ++
5.7 Goede bereikbaarheid 5.7.1 Bereikbaarheid
In de Omgevingsvisie gemeente Waalwijk wordt bereikbaarheid bevorderd door het integreren van diverse vervoerswijzen, met nadruk op wandelen, fietsen en openbaar vervoer. Het STOMP-principe wordt gehanteerd, waarbij deze drie modaliteiten gelijkwaardig worden gestimuleerd. Er wordt zorg
48
gedragen voor veilige en comfortabele fietspaden en wandelroutes, terwijl het openbaar vervoer robuust, betrouwbaar en betaalbaar wordt gemaakt. De realisatie van BRT- en HOV-lijnen, gecombineerd met mobiliteitshubs, zorgt voor een efficiënte overstap tussen verschillende vervoersmiddelen. Deze hubs worden strategisch gepositioneerd in de nabijheid van woningbouw en andere voorzieningen. Het doel is om een goed bereikbare en duurzame stedelijke omgeving te creëren, die de mobiliteit van alle inwoners vergroot. Dit is nodig, omdat de groei van inwoners ook voor groei van verkeer zal zorgen.
5.7.2 Verkeersveiligheid
De verkeersveiligheid in gemeente Waalwijk wordt gewaarborgd door een risicogestuurde benadering van infrastructuur en verkeersbeheer. De nadruk ligt op het creëren van een veilige verkeersruimte voor alle weggebruikers, waarbij risicogebieden worden geïdentificeerd en aangepakt. De inrichting van wegen en kruispunten wordt afgestemd op de specifieke behoeften van voetgangers, fietsers en automobilisten, met bijzondere aandacht voor kwetsbare groepen zoals ouderen en kinderen. In het centrum van Waalwijk wordt er ingezet op het verbeteren van de aantrekkelijkheid en veiligheid voor voetgangers door het creëren van een uitnodigende wandelomgeving. Het versterken van de verkeersveiligheid draagt niet alleen bij aan een hogere veiligheid, maar zorgt ook voor een leefbaardere en prettiger stad, waarin zowel verkeer als sociale interactie op een veilige manier mogelijk is. Doordat er functiemenging gepland staat ontstaan er knelpunten en dus verkeersdrukte. Dit kan voor onveilige situaties zorgen. Ook de groei van bevolking kan dit veroorzaken. Indien de infrastructuur ingericht wordt conform vastgelegde kaders en richtlijnen zal de toename van onveiligheid beperkt zijn of zelfs afnemen.
5.7.3 Vervoerswijze
De gemeente Waalwijk streeft naar verduurzaming van het vervoer door het gebruik van de auto te beperken en te investeren in duurzame vervoersalternatieven. In de gemeente worden aantrekkelijke en veilige fietsroutes aangelegd die het gebruik van de fiets stimuleren. Dit wordt ondersteund door het verbeteren van de infrastructuur voor voetgangers, zodat lopen ook een aantrekkelijke optie blijft. De focus ligt op het bevorderen van openbaar vervoer, met de aanleg van (snel)fietsroutes en betrouwbare verbindingen tussen verschillende vervoerssystemen. Daarnaast wordt het gebruik van deelauto’s en elektrische voertuigen gestimuleerd, waardoor de afhankelijkheid van traditionele autoverplaatsingen afneemt. De herinrichting van de openbare ruimte biedt daarnaast ruimte voor vergroening, klimaatadaptatie en sociale interactie, waarbij de ruimte die nu door auto's wordt gebruikt, efficiënt wordt benut voor duurzame en leefbare stedelijke ontwikkelingen. De realisatie van de GOL en een BRTverbinding tussen Breda, Oosterhout en Waalwijk richting 2050 versterkt de bereikbaarheid van de regio en ondersteunt de verduurzaming van de mobiliteit.
5.7.4 Beoordeling Criterium
Huidige situatie
Autonome ontwikkelingen Bereikbaarheid + Verkeersveiligheid 0 Vervoerswijze + Tabel 8: beoordeling van thema passend woonaanbod voor vitale kernen
Omgevingsvisie + 0 +
5.8 Brede voorzieningen voor alle leeftijden in alle kernen 5.8.1 Economische voorzieningen
Op economisch gebied richt Omgevingsvisie gemeente Waalwijk zich op het versterken en ontwikkelen van de centra door een strategische concentratie van voorzieningen. Dit zorgt voor een levendig
49
economisch klimaat, waarbij functies worden gecombineerd en aantrekkelijke verblijfsruimtes worden gecreëerd. De centra moeten niet alleen commercieel functioneel zijn, maar ook dienen als fijne plekken om te verblijven. Dit wordt bereikt door groene ruimtes, zitplekken, en speelmogelijkheden toe te voegen, zodat de gebieden aantrekkelijk worden voor bewoners, bezoekers en ondernemers. De visie benadrukt een mix van detailhandel, horeca, cultuur, werkplekken en ambachten, waarbij levendigheid wordt vergroot zonder afbreuk te doen aan de leefbaarheid van de stad. Waalwijkcentrum wordt gepositioneerd als het economische, culturele en sociale hart van de regio, met sterke nadruk op de ondersteuning van lokaal ondernemerschap. De dorpskarakters van Waspik en SprangCapelle blijven behouden en worden versterkt, waardoor deze kernen als aantrekkelijke en vitale plekken binnen de gemeente blijven bestaan. Ook wordt er gekeken naar de regionale werkgelegenheid door samenwerkingen met bedrijven en onderwijsinstellingen, zodat er meer stages en leermogelijkheden komen, wat de aansluiting op de arbeidsmarkt bevordert.
5.8.2 Maatschappelijke voorzieningen
In Omgevingsvisie Waalwijk ligt de focus op een evenwichtige verdeling van maatschappelijke voorzieningen over alle kernen. Dit betekent dat iedere inwoner, ongeacht de locatie, toegang heeft tot belangrijke voorzieningen die bijdragen aan het welzijn van de gemeenschap. Hierbij wordt sterk ingezet op het creëren van ontmoetingsplekken die sociale samenhang bevorderen, waarbij inwoners en lokale partners actief betrokken worden bij de inrichting van de openbare ruimte. Dit draagt bij aan een prettige en inclusieve leefomgeving. Er wordt eveneens geïnvesteerd in de versterking van de centra door het concentreren van voorzieningen, zoals gezondheidscentra, sportaccommodaties en culturele instellingen. Multifunctionele accommodaties, waarin diverse diensten zoals onderwijs, kinderopvang, en verenigingen samenkomen, krijgen een prominente rol. Dit zorgt voor een efficiënte en toegankelijke manier van voorziening bieden. Het belang van gezondheidszorg wordt onderstreept door de realisatie van wijkgerichte gezondheidscentra, waar huisartsen, tandartsen, apotheken en fysiotherapeuten samenwerken. Dit is een belangrijke stap in het aanpakken van het tekort aan zorgvoorzieningen, met name in wijken zoals Waalwijk Oost.
Ook worden voorzieningen voor jongeren en ouderen gepromoot, door samenwerkingen met sport- en cultuurverenigingen en door toegankelijkere voorzieningen voor ouderen en minder validen te realiseren.
5.8.3 Beoordeling Criterium
Huidige situatie
Autonome ontwikkelingen -
Omgevingsvisie
Maatschappelijke + + voorzieningen Economische 0 + + voorzieningen Tabel 9: beoordeling van thema brede voorzieningen voor alle leeftijden in alle kernen
5.9 Een economie die bijdraagt aan de gemeenschap 5.9.1 Werkgelegenheid
Omgevingsvisie gemeente Waalwijk richt zich op een economisch beleid dat niet alleen werkgelegenheid stimuleert, maar ook bijdraagt aan welzijn, duurzaamheid en sociale samenhang. Door gerichte investeringen in automatisering, robotisering en de circulaire economie wordt ingezet op hogere productiviteit en een bredere economische basis met ruimte voor hightech industrie en leisure.
50
Bedrijventerreinen vormen een belangrijk onderdeel van deze ontwikkeling. Efficiënt ruimtegebruik, verdichting en vergroening zorgen voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat en een betere leefomgeving. Tegelijkertijd wordt ruimte gereserveerd voor circulaire hubs, recyclinginitiatieven en hergebruikcentra, met aandacht voor ecologische waarden bij eventuele uitbreidingen. Een breder economisch profiel vermindert de afhankelijkheid van internationale arbeidskrachten. De focus ligt op de versterking van kennisintensieve maakindustrie en ambachten. Waar internationale werknemers noodzakelijk blijven, worden bedrijven betrokken bij hun integratie en welzijn. De aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt krijgt structurele aandacht. Door samenwerking tussen onderwijsinstellingen en het bedrijfsleven ontstaat een sterker netwerk voor talentontwikkeling, betere doorstroom en behoud van vakmensen binnen de regio.
5.9.2 Bedrijvigheid
De gemeente Waalwijk werkt aan een sterk en veelzijdig economisch profiel waarin duurzaamheid, innovatie en leefkwaliteit hand in hand gaan. Er wordt gericht geïnvesteerd in automatisering, robotisering en de circulaire economie om de productiviteit te verhogen en de lokale economie te verbreden. Hightech industrie en leisure vormen daarin belangrijke pijlers. Bedrijventerreinen worden efficiënt ingericht en waar mogelijk verdicht, met behoud van ruimtelijke kwaliteit en aandacht voor vergroening van de omgeving. Dit versterkt zowel het vestigingsklimaat voor bedrijven als de leefbaarheid voor omwonenden. Bij uitbreidingen van bedrijventerreinen wordt zorgvuldig gekeken naar ecologische waarde en landschappelijke inpassing. Huidige bedrijventerreinen in de kernen verkleuren naar wonen en andere functies ten behoeve van inwoners en lichte bedrijvigheid (vb. parkontwikkeling). Dit kan tijdens de transitieperiode zorgen voor impact. Om de economische veerkracht te vergroten, wordt ingezet op sectoren die minder afhankelijk zijn van internationale werknemers, zoals de kennisintensieve maakindustrie en ambachtelijke bedrijven. Tegelijkertijd worden afspraken gemaakt met bedrijven over financiële bijdragen en ondersteuning voor internationale werknemers, gericht op hun integratie en welzijn.
De transitie naar een circulaire economie krijgt ruim baan, onder andere door het reserveren van ruimte voor recyclinginitiatieven, hergebruikcentra en circulaire hubs. Dit gaat hand in hand met efficiënt ruimtegebruik op bestaande bedrijventerreinen..
5.9.3 Landbouw
De gemeente Waalwijk zet zich actief in voor een toekomstbestendige agrarische sector. De focus ligt op verduurzaming, waarbij agrariërs worden ondersteund in de overstap naar milieuvriendelijkere en klimaatbestendige bedrijfsvoering. Hierbij is speciale aandacht voor maatregelen die bijdragen aan klimaatadaptatie, zoals waterbeheer, en het verbeteren van de bodemkwaliteit om uitputting van landbouwgrond te voorkomen. Tegelijkertijd wordt ingezet op het versterken van ambachtelijke en kennisintensieve landbouwvormen. Door ruimte te bieden aan innovatieve technieken en hoogwaardige productieprocessen binnen de sector, wordt de agrarische economie in Waalwijk diverser en veerkrachtiger. Dit draagt ook bij aan het verkleinen van de afhankelijkheid van internationale arbeidskrachten. Ook de circulaire economie krijgt een prominente plek binnen de agrarische transitie. Er wordt ruimte gereserveerd voor initiatieven die gericht zijn op hergebruik, recycling en gesloten kringlopen binnen de landbouw. Dit bevordert efficiënt grondstoffengebruik en minimaliseert verspilling. Al met al wordt in de gemeente Waalwijk gewerkt aan een agrarische sector die economisch robuust is, ecologisch verantwoord en sociaal verbonden met de gemeenschap wat een positieve invloed zou zijn.
51
5.9.4 Beoordeling Criterium
Huidige situatie
Autonome Omgevingsvisie ontwikkelingen Werkgelegenheid + + Bedrijvigheid 0 0 + Landbouw 0 0 + Tabel 10: beoordeling van thema een economie die bijdraagt aan de gemeenschap
5.10 Beleefbare cultuur en erfgoed met plekken voor ontspanning en recreatie 5.10.1 Landschappelijke waarden
De Omgevingsvisie beschermt en versterkt de landschappelijke kwaliteit van Waalwijk als drager van identiteit, natuur en leefomgeving. Het gevarieerde landschap, gevormd door klei, veen en zand, vormt de basis voor een herkenbare en samenhangende inrichting van stad en buitengebied. Zichtlijnen, open ruimtes en natuurlijke structuren worden behouden en benut als richtinggevend kader bij ruimtelijke ontwikkelingen. Bij nieuwe plannen wordt ingezet op een zorgvuldige inpassing in het bestaande landschap. Dit draagt bij aan ruimtelijke kwaliteit, biodiversiteit en een prettig leefklimaat. Door landschappelijke waarden actief mee te nemen, blijft Waalwijk herkenbaar en aantrekkelijk voor huidige en toekomstige generaties. De komst van nieuwe woningen en de opwek van duurzame energie kunnen de landschappelijke waarden aantasten, maar de windturbines en zonneparken mogen enkel in de vastgestelde aangewezen plaatsingszones. Windturbines in windpark Buitenpolders en windpark Haven-Ecopark. Zonnevelden enkel aangrenzend aan bedrijventerreinen, eveneens in de vastgestelde aangewezen plaatsingszones.
5.10.2 Archeologische en cultuurhistorische waarden
De omgevingsvisie erkent archeologische en cultuurhistorische waarden als essentiële onderdelen van de identiteit van gemeente Waalwijk. Sporen uit het verleden, van oude nederzettingen tot historische verkavelingen en structuren, worden waar mogelijk behouden, zichtbaar gemaakt en betrokken bij gebiedsontwikkelingen. Bij ruimtelijke ingrepen wordt vroegtijdig rekening gehouden met bekende en verwachte archeologische waarden. Cultuurhistorische elementen, zoals de Halve Zolenlijn en historische dorpsgezichten, krijgen een actieve rol in de inrichting van de leefomgeving. Op deze manier wordt het verhaal van Waalwijk meegenomen in de toekomst van de gemeente.
5.10.3 Recreatie en toerisme
De omgevingsvisie zet in op een sterk en onderscheidend recreatief aanbod dat aansluit op de groeiende behoefte aan ontspanning en beleving. De gemeente versterkt de vrijetijdseconomie door in te zetten op aantrekkelijke verblijfsaccommodaties, een gevarieerd aanbod aan voorzieningen en betere verbindingen tussen kernen en recreatieve gebieden. De gemeente Waalwijk profiteert van de nabijheid van regionale trekpleisters zoals de Efteling en de Loonse en Drunense Duinen. Het recreatief aanbod wordt hierop afgestemd met aanvullende voorzieningen en routes die fietsers en wandelaars verbinden met natuur en stad. Recreatiegebieden zoals het Hoefsvengebied worden heringericht met een balans tussen natuurbehoud en ontspanning. Nieuwe kansen liggen ook in het landelijke gebied, zoals de Overdiepse Polder en de Baardwijkse Overlaat. Door deze gebieden beter bereikbaar te maken en recreatief te ontsluiten, ontstaat een
52
netwerk van plekken waar rust, beweging en natuur samenkomen. Zo draagt recreatie bij aan leefkwaliteit én economische ontwikkeling in heel Waalwijk.
5.10.4 Beoordeling Criterium
Huidige situatie
Autonome ontwikkelingen + -
Omgevingsvisie
Landschappelijke waarden + 0 Cultuurhistorische en + + archeologische waarden Recreatie en toerisme + + + Tabel 11: beoordeling van thema beleefbare cultuur en erfgoed voor ontspanning en recreatie
5.11 Samenvatting In de onderstaande tabel zijn alle effectenbeoordelingen onder elkaar gezet: Criterium
Huidige situatie
Omgevingsvisie
0 0 0 0 0
Autonome ontwikkeling + + + 0 +
Bodemkwaliteit Bodemdaling Waterveiligheid Kwaliteit van water Kwantiteit van water Wateroverlast Gebruik ondergrond Natura 2000- en NNNgebieden Gemeentelijke groenstructuren Biodiversiteit en ecologie Energiegebruik Energieopwekking Hitte Droogte Gezondheidsbevordering Sociale cohesie Sociale veiligheid Geluid Geur Luchtkwaliteit Lichthinder Omgevingsveiligheid Endotoxinen en zoönose Woningvoorraad Bereikbaarheid Verkeersveiligheid Vervoerswijze Maatschappelijke voorzieningen Economische voorzieningen Werkgelegenheid
0
+
+
0 + 0 0 0 0 +
+ + 0 0 + + 0 + + 0 0 0 + + + -
0 + + 0 + + + + 0 0 0 ++ + + + +
0
+
+
+
-
+
+ 0 + + + + -+
53
Bedrijvigheid 0 Landbouw 0 Landschappelijke waarden + Cultuurhistorische en + archeologische waarden Recreatie en toerisme + Tabel 12: effectenbeoordeling ontwerp
0 0 + -
+ + 0 +
+
+
De meest opvallende onderwerpen zijn de volgende: Water en bodem als basis De waterhuishouding wordt uitgebreid aangepakt. Dit is indirect ook de manier hoe bodemproblemen worden aangepakt, waardoor bepaalde onderwerpen onzeker zijn. Zo is de huidige situatie qua bodemdaling niet duidelijk. Er is wel een verwachting voor de aankomende 25 jaar, waaruit blijkt dat de bodemdaling vooral in het buitengebied zal plaatsvinden. Er worden geen specifieke maatregelen genomen, maar er wordt binnenstedelijk gebouwd dus zal bodemdaling geen invloed hebben op bebouwing. Verder zal er sprake zijn van natuur inclusieve landbouw waardoor het risico op inklinking wordt verlaagd. Ook het gebruik van de ondergrond is onbekend. Er zal veel gegraven worden maar hoeveel er in de grond zal liggen en wat voor risico’s dit met zich meebrengt weet men niet. Samen zijn we gezond Door de groeiende bevolking en economie wordt de gezondheid van de bevolking sterk beïnvloed. Er ontstaat meer geluid, meer geur en meer vervuiling. De omgevingsvisie noemt deze onderwerpen, maar geeft een beperkte hoeveelheid maatregelen om dit aan te pakken. Zeker omdat de huidige situatie al niet goed is, moet goed onderzocht worden hoe dit verder aangepakt kan worden en hoe haalbaar de doelen zijn die zijn gesteld.
Passend woonaanbod voor vitale kernen Dit onderwerp is sterk uitgewerkt in de omgevingsvisie en een belangrijk onderwerp dat op dit moment nog niet goed genoeg is. Er is goed nagedacht over zowel de kwantitatieve als kwalitatieve woningvoorraad. Duurzaam en klimaatrobuust Dit thema is heel erg toekomstgericht. Er zijn sterke doelen voor energieopwekking en energieverbruik en de manier hoe deze doelen bereikt worden zijn duidelijk. Droogte wordt ook duidelijk aangepakt met maatregelingen gericht op de waterhuishouding. Hitte wordt genoemd, maar het is bekend dat meer bebouwing hittestress sterk verhoogt. Het is niet zeker of de maatregelen genoeg effect zullen hebben om dit probleem te mitigeren.
54
6. Synergiën en strijdigheden In een omgevingsvisie worden verschillende maatschappelijke opgaven en ambities met elkaar verbonden. Denk aan woningbouw, natuurontwikkeling, mobiliteit, economie, cultuur, klimaatadaptatie en de energietransitie. Deze onderwerpen grijpen ruimtelijk, ecologisch en sociaal op elkaar in. Soms versterken ze elkaar. Deze versterking noemen we synergiën. Een maatregel op het ene vlak kan dan positief doorwerken op een ander terrein. In andere gevallen ontstaan er juist spanningen of tegenstellingen, oftewel strijdigheden. Wat goed is voor het ene doel, kan nadelig uitpakken voor een ander. Het herkennen en afwegen van deze samenhang is cruciaal om tot een gedragen en toekomstbestendige ruimtelijke ontwikkeling te komen. In de onderstaande figuur zijn de synergiën en strijdigheden van de verschillende onderwerpen tegen elkaar uitgezet.
Figuur 11: synergiën en strijdigheden tussen de thema’s van de omgevingsvisie Omgevingsvisie gemeente Waalwijk zet sterk in op de transitie naar een circulaire economie en een verandering in de industriële structuur. Tegelijkertijd wordt de landbouw natuur-inclusief ingericht, met als doel het verbeteren van de kwaliteit van bodem en water. Deze maatregelen versterken elkaar: circulaire processen in de economie en landbouw dragen bij aan een gezonder milieu, met positieve effecten op klimaatadaptatie en biodiversiteit. Toch ontstaan er ook spanningen. De noodzakelijke schaalsprong in woningbouw en economische groei legt extra druk op het milieu. Daarom is het essentieel om strikt te sturen op het bouwen waar al verharding bestaat, zodat nieuwe verharding en aantasting van bodem en water zoveel mogelijk wordt voorkomen. Dit geldt ook voor het verduurzamen van woningen en het creëren van klimaatrobuuste woonomgevingen: kiezen voor locaties met bestaande infrastructuur minimaliseert negatieve effecten op de bodem- en waterkwaliteit. De ambitie om natuur beleefbaar te maken leidt tot meer recreatief gebruik, wat kan zorgen voor vervuiling en verstoring van kwetsbare ecosystemen. Daarom is het noodzakelijk om andere, minder verstoringsgevoelige buitengebieden beter toegankelijk te maken voor recreatie. Zo kan de druk op
55
gevoelige natuurgebieden worden verminderd, terwijl mensen toch kunnen genieten van groen en natuur. De groei van de economie, met name door een verschuiving naar circulaire en kennisintensieve bedrijvigheid, kan leiden tot minder vervuiling dan traditionele logistieke activiteiten. Toch vraagt de uitbreiding van bedrijventerreinen en logistieke functies om zorgvuldige ontsluiting en inrichting, waarbij negatieve milieueffecten worden beperkt en ruimte wordt gemaakt voor groen en duurzaamheid. Een hogere bevolkingsdichtheid zorgt ervoor dat voorzieningen zoals winkels dichterbij komen, wat de leefbaarheid en sociale cohesie bevordert. Tegelijkertijd kunnen activiteiten in deze gebieden, zoals winkels en andere voorzieningen, geluidshinder veroorzaken. Bovendien wordt de auto nog niet sterk geweerd, in de benodigde omgevingen wat leidt tot meer verkeersdrukte en een hogere milieubelasting dan gewenst is. Daarom verdient het actief ontmoedigen van autogebruik en het stimuleren van alternatieve vervoerswijzen, zoals fietsen en wandelen, extra aandacht. Verder is het principe “water en bodem sturend” een belangrijke leidraad in de omgevingsvisie. Door water en bodem centraal te stellen in ruimtelijke keuzes, kunnen robuuste oplossingen worden gevonden die natuur, groen en klimaatadaptatie versterken.
Tegelijkertijd kan deze aanpak in conflict komen met ruimteclaims van woningbouw, economie en cultuur, die vaak extra druk zetten op schaarse bodem- en waterreserves. Dit vraagt om een zorgvuldige afweging en een integrale benadering waarin zowel ecologische grenzen als maatschappelijke ambities worden gerespecteerd. Daarnaast krijgt het cultureel erfgoed een nieuwe rol binnen de leefomgeving. Door erfgoed te onderhouden en beleefbaar te maken, ontstaat een sterke verbinding tussen cultuur, natuur en ruimtelijke kwaliteit. Dit versterkt niet alleen de identiteit van gemeente Waalwijk, maar ook de betrokkenheid van bewoners en bezoekers bij hun omgeving. Binnen de woonaanpak wordt ingezet op verdichting, vooral in stedelijke gebieden. Dit leidt tot efficiënter ruimtegebruik en betere bereikbaarheid van voorzieningen, wat de leefbaarheid ten goede komt. Toch brengt verdichting ook nadelen met zich mee, zoals minder natuurlijke ventilatie, het vasthouden van hitte en bodemdaling door verdroging. Om deze effecten te verzachten, wordt ingezet op het toevoegen van groen in publieke ruimtes en natuurinclusief bouwen, maar dit blijft een uitdagende balans. Sociale cohesie en veiligheid profiteren van de combinatie van voorzieningen dichtbij en een diverse bevolkingssamenstelling. Het maakt lopen en fietsen aantrekkelijker, wat de gezondheid bevordert.
Tegelijkertijd kunnen hogere dichtheden ook leiden tot geluidsoverlast en lichthinder, wat vraagt om slimme ontwerpkeuzes en actief beheer. Kortom, Omgevingsvisie gemeente Waalwijk bevat veel synergiën tussen duurzaamheid, leefbaarheid en gezondheid. Tegelijkertijd zijn er duidelijke strijdigheden, vooral wanneer ruimtelijke ambities concurreren met ecologische grenzen. Het succes van de visie hangt af van het zorgvuldig balanceren van deze waarden en belangen, met nadruk op het benutten van kansen voor synergie en het oplossen van conflicten door slimme ruimtelijke keuzes en beleid. Dit zou in een actualisatie van de omgevingsvisie of bij het opstellen van programma’s meegenomen kunnen worden
56
7. Doelbereik 7.1 De doelen van de omgevingsvisie
De gemeente Waalwijk heeft per thema doelen gesteld welke zij met de omgevingsvisie wil bereiken. In de tabel hieronder wordt uitgelegd welke doelen dit zijn. Thema Een gelaagd landschap met een krachtig ecosysteem
Samen leven, samen bewegen
Subthema Water en bodem als basis
Doelen Ruimtelijke keuzes baseren op natuurlijke systemen
Klimaatadaptatie en natuur
Weerbaar tegen klimaatverandering
Groen en biodiversiteit
Meer groen en versterking biodiversiteit
Klimaatneutraliteit 2050
CO₂-uitstoot 49% omlaag (2030), klimaatneutraal in 2050
Duurzame mobiliteit
Fiets, OV en wandelen als prioriteit
Gezonde leefomgeving
Gezonde, veilige en toegankelijke wijken
Woonopgave
Voldoende woningen voor verschillende huishoudens
Verdichting en duurzaam bouwen
Slim ruimtegebruik en natuurinclusieve bouw
Toelichting / Acties Versterken sponswerking, infiltratie, afstemmen bouw op ondergrond, vervanging riool, efficiënt ondergrondgebruik, afkoppeling hemelwater, samenwerking met partners Beschermen natuurgebieden, vergroting groen- en wateroppervlak, vermindering hittestress, behoud bomen, ondersteuning duurzame landbouw Groennormen, ecologische verbindingen, bescherming Westelijke Langstraat, vergroening stimuleren via o.a. NK Tegelwippen Verduurzamen gebouwen, duurzame energie, restwarmte, netversterking, betrokkenheid inwoners, fossielvrije mobiliteit, lange termijnvisie Veilige routes, deelmobiliteit, ruimte terug voor groen en ontmoeting, mobiliteitshubs, BRT/HOV, woningbouw bij OV-knooppunten Betaalbare woningen, sporten ontmoetingsplekken, buurtvoorzieningen, laagdrempelige zorg, initiatieven zoals gemeenschappelijke tuinen Meer woningen voor een/tweepersoonshuishoudens, doorstroming bevorderen, aanbod gezinswoningen en betaalbaarheid borgen Herstructurering, optoppen, splitsen, transformatie,
57
Welvaart en welzijn samen verbreden
Toegang tot voorzieningen
Goede spreiding en bereikbaarheid van maatschappelijke/commerciële functies
Versterken van kernen
Levendige en karaktervolle centra
Duurzame economie
Circulaire en sociaal betrokken economie
Cultuur, erfgoed en toerisme
Behoud erfgoed en versterken toeristisch/cultureel profiel
vergroening, energieneutraal bouwen, samenwerking met regio/provincie Multifunctionele plekken, OV verbeteren, zorgcapaciteit uitbreiden, toegankelijk aanbod voor alle doelgroepen, verbinding cultuur, sport en onderwijs Functiemenging, verblijfskwaliteit, steun aan lokaal ondernemerschap, gelijkmatige verdeling voorzieningen, identiteit versterken Ruimte voor hightech/ambacht, duurzame bedrijventerreinen, circulaire hubs, betere bereikbaarheid werklocaties, sterke onderwijs-bedrijfsleven koppeling Herbestemming monumenten, zichtbaar maken geschiedenis (o.a. schoenindustrie), ontwikkelen recreatienetwerken met oog voor natuurbehoud
Tabel 13: De doelen van de omgevingsvisie
7.2 Beoordeling van de doelen 7.2.1 Introductie
Nu is de vraag: Hoe haalbaar zijn deze doelen? Per subthema wordt beoordeeld in welke mate het doel behaald kan worden.
7.2.2 Water en bodem als basis
In Omgevingsvisie gemeente Waalwijk vormen water en bodem het uitgangspunt voor ruimtelijke keuzes. Dat betekent dat bij nieuwe bouwlocaties en gebiedsinrichting goed wordt gekeken naar de eigenschappen van de bodem, de grondwaterstanden en het watersysteem. Het doel is om problemen zoals verzakkingen, wateroverlast en schade aan gebouwen te voorkomen. Deze benadering is verstandig, zeker met het oog op de toenemende gevolgen van klimaatverandering. Toch kunnen de ambities onder druk komen te staan. De gemeente wil namelijk ook flink gaan verdichten binnen de bestaande bebouwde omgeving, bijvoorbeeld door extra woningen toe te voegen via optoppen of het ombouwen van bestaande gebouwen. Wel is aangegeven dat hiervan afgeweken mag worden van de verdichting op al verharde ondergrond als de noodzaak hoog ligt. Dit zorgt voor meer verharding, waardoor regenwater moeilijker in de bodem kan zakken. Dat kan juist weer leiden tot meer waterproblemen in de stad.
58
Bovendien zijn de doelen rond water en bodem nog niet heel concreet of meetbaar geformuleerd. Het is goed dat deze onderwerpen standaard worden meegenomen in de besluitvorming, maar zonder duidelijke cijfers of richtlijnen is het risico dat ze in de praktijk minder zwaar meewegen, zeker als er druk is om snel te bouwen. De gemeente Waalwijk wil het liefst alleen binnen de bestaande bebouwde omgeving bouwen, maar maakt ook ruimte voor uitzonderingen bij hoge noodzaak. Het is belangrijk dat deze uitzonderingen niet te makkelijk worden toegestaan, anders komt de ambitie om rekening te houden met water en bodem in gevaar. Daarom is het belangrijk om goed te monitoren wat het beleid oplevert, en op tijd bij te sturen als doelen niet worden gehaald. Gezien de verwachte toename van extreme neerslag en droogte, is het niet zeker dat alle doelen worden bereikt. Dat lukt alleen als er meer duidelijkheid komt over wat precies wordt nagestreefd, en als water en bodem ook echt leidend blijven bij ruimtelijke keuzes. Oftewel, de basis ligt goed, maar om gemeente Waalwijk écht klimaatbestendig te maken, is meer concreet beleid en heldere uitvoering nodig.
7.2.2 Klimaatadaptatie en natuur
De gemeente Waalwijk wil zich beter voorbereiden op de gevolgen van klimaatverandering, zoals hitte, droogte en wateroverlast. Daarvoor worden belangrijke doelen gesteld, zoals het beschermen van kwetsbare natuurgebieden, het vergroten van het groen- en wateroppervlak, het tegengaan van hittestress, het behouden van bomen en het ondersteunen van duurzame landbouw. Deze ambities zijn goed gekozen en sluiten aan bij bredere doelen op het gebied van gezondheid, biodiversiteit en leefkwaliteit. Toch is het de vraag in hoeverre ze haalbaar zijn. Veel doelen zijn vrij algemeen geformuleerd, zonder duidelijke kwantitatieve doelstellingen of een tijdspad. Daardoor is het moeilijk te meten of er voldoende voortgang wordt geboekt. Het beschermen van natuurgebieden is bijvoorbeeld een belangrijk streven, zeker nu recreatiedruk toeneemt. Maar zolang er geen harde grenzen worden gesteld aan recreatief gebruik of bebouwing rondom natuur, blijft het risico op verstoring bestaan. Ook het vergroten van groen- en wateroppervlak in de bebouwde omgeving klinkt goed, maar staat vaak op gespannen voet met andere ruimtelijke claims, zoals woningbouw of infrastructuur. Als er bij verdichting niet écht wordt gestuurd op vergroening, blijven de effecten beperkt. Het behoud van bestaande bomen wordt als uitgangspunt genoemd, maar in de praktijk verdwijnen er bij herontwikkeling vaak toch bomen.
Dit vraagt om striktere bescherming en betere compensatie. De ondersteuning van duurzame landbouw is eveneens waardevol, maar staat of valt met structurele middelen en duidelijke afspraken met agrariërs. De doelen van de gemeente Waalwijk op het gebied van klimaatadaptatie zijn dus belangrijk en in principe haalbaar, maar ze missen vaak de benodigde scherpte en sturing. Zonder concrete keuzes, stevige monitoring en duidelijke prioriteiten bestaat het risico dat de uitvoering achterblijft bij de ambitie.
7.2.3 Groen en biodiversiteit
De gemeente Waalwijk wil natuur en biodiversiteit versterken, zowel in en rondom de stad als in het buitengebied. In woonwijken wordt extra groen toegevoegd om gezondheid, ontspanning en sociale interactie te bevorderen. Tegelijk wordt ingezet op het behoud en de versterking van natuurgebieden zoals de Westelijke Langstraat, de Loonse en Drunense Duinen en het Eendenest. Door ecologische verbindingszones aan te leggen, wordt de biodiversiteit vergroot. In het buitengebied ondersteunt de gemeente agrariërs bij de overstap naar duurzamere, natuurinclusieve landbouw. Ook inwoners worden
59
actief betrokken bij vergroening, bijvoorbeeld via campagnes, educatie en acties als het NK Tegelwippen. Deze doelen sluiten goed aan bij bestaand beleid en regionale samenwerkingen, zoals de Groenblauwe Gebiedsgerichte Aanpak. De uitgangspunten zijn dus in de basis haalbaar. Wel vergt het realiseren van robuuste verbindingen en duurzaam landgebruik een lange adem en samenwerking met veel partijen. Ook is het belangrijk dat vergroening in wijken niet onder druk komt te staan door andere ruimtelijke opgaven, zoals woningbouw en infrastructuur. Een aandachtspunt is de spanning tussen recreatie en natuurbescherming. De gemeente wil recreatie stimuleren, maar een toenemend aantal bezoekers kan leiden tot vervuiling en verstoring van kwetsbare natuurgebieden. Daarom is het essentieel dat alternatieve recreatiegebieden aantrekkelijker worden gemaakt en dat gevoelige natuurgebieden goed worden beschermd, bijvoorbeeld door zonering of duidelijke regels. Kortom, de doelen voor groen en biodiversiteit zijn realistisch en passen bij landelijke en provinciale ambities. Maar ze vragen wel om zorgvuldige afstemming met andere ruimtelijke belangen en blijvende aandacht voor het voorkomen van schade door recreatiedruk. Alleen dan is een groene, gezonde leefomgeving op lange termijn houdbaar.
7.2.4 Klimaatneutraliteit 2050
De gemeente Waalwijk heeft als doel om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Dat betekent dat er geen netto uitstoot van CO₂ meer mag zijn en dat alle energie duurzaam moet worden opgewekt. Er is al een flinke stap gezet: in 2017 was de CO₂-uitstoot even hoog als in 1990, namelijk 677 kiloton. Sindsdien is de uitstoot gedaald naar 473 kiloton in 2023, een afname van ongeveer 30%. Dat is een duidelijke verbetering. Om het tussendoel van 49% reductie in 2030 te halen, moet er nog eens 19% extra worden bespaard. Als de huidige daling doorzet, lijkt dat haalbaar. De gemeente wil deze doelen bereiken door onder andere autogebruik te verminderen, woningen energiezuiniger te maken en deze van het aardgas af te halen. Tot nu toe zijn vooral de relatief makkelijke maatregelen genomen, zoals isolatie en het plaatsen van zonnepanelen. Deze zorgen al voor effect, maar lossen de grote problemen nog niet op. Er zijn nog geen goede oplossingen voor zwaardere opgaven zoals netcongestie, grootschalige warmtenetten of energieopslag. Voor het doel in 2050 (volledig klimaatneutraal) zijn de uitdagingen nog groter. Dan moet alle energie duurzaam zijn en moet ook de industrie zijn omgeschakeld. Hiervoor is veel technologische innovatie nodig, net als betere afstemming tussen energiegebruik en -opwek.
Op dit moment kunnen zonnepanelen bijvoorbeeld niet optimaal worden benut, omdat het elektriciteitsnet overbelast is. Daarom is het belangrijk om te beseffen dat het 2030-doel waarschijnlijk haalbaar is als de inzet wordt voortgezet of versterkt. Het 2050-doel is echter minder zeker. Het tempo van innovatie, investeringen in infrastructuur en landelijke regelgeving (bijvoorbeeld rond stikstof in de bouw) zijn bepalend voor het succes. Zonder die landelijke steun zullen sommige maatregelen op lokaal niveau moeilijk uitvoerbaar zijn. Kortom, de gemeente Waalwijk is goed op weg, maar om echt klimaatneutraal te worden in 2050, is er nog veel werk te doen. De ambities zijn hoog, en dat is terecht, maar ze vragen om meer dan alleen lokale inzet: samenwerking, innovatie en landelijke ondersteuning zijn cruciaal.
7.2.5 Duurzame mobiliteit
De gemeente Waalwijk formuleert in haar omgevingsvisie ambitieuze doelen op het gebied van duurzame mobiliteit. Centraal staan: het verbeteren van verkeersveiligheid, het stimuleren van wandelen, fietsen en openbaar vervoer (STOMP), het faciliteren van deelmobiliteit, het terugdringen van de ruimte voor de auto ten gunste van groen en ontmoeting, het realiseren van mobiliteitshubs, de ontwikkeling van een BRT/HOV-netwerk en woningbouw nabij OV-knooppunten.
60
Veel van deze doelen zijn in beginsel haalbaar, maar de praktijk zal een kritische uitvoering vereisen. De aanleg van veilige, toegankelijke wandel- en fietsroutes kan relatief snel worden gerealiseerd, maar vraagt om structurele investeringen en een consequente inrichting van de openbare ruimte. De ambitie om het centrum aantrekkelijker te maken voor voetgangers is kansrijk, mits autoluwe maatregelen daadwerkelijk worden doorgevoerd en er duidelijke keuzes worden gemaakt in de ruimtelijke inrichting. Deelmobiliteit heeft potentieel, maar is sterk afhankelijk van gebruiksgemak, betaalbaarheid en beschikbaarheid. Zonder actieve regie en goede koppeling aan mobiliteitshubs bestaat het risico dat deelauto’s blijven steken in een nichemarkt. Daarnaast blijft het terugdringen van de ruimte voor de auto een politiek gevoelig onderwerp. Zonder stevig parkeerbeleid en gedragsverandering bij bewoners zal het lastig zijn om structureel ruimte vrij te maken voor vergroening, klimaatadaptatie en ontmoeting. Een concreet knelpunt zit in de OV-structuur. De geplande BRT-lijn tussen Breda, Oosterhout en Waalwijk is positief voor de bereikbaarheid van het centrum van Waalwijk, maar laat Waspik en SprangCapelle volledig buiten beschouwing. Dit ondermijnt de ambitie van een inclusieve mobiliteitstransitie.
Zolang deze dorpen niet goed worden aangesloten op hoogwaardig ov, blijft de auto voor veel inwoners de enige realistische optie. Hierdoor ontstaan binnen de gemeente verschillen in toegankelijkheid, duurzaamheid en ruimtelijke ontwikkeling. Extra inspanning is nodig om deze kernen ook toegankelijk te maken met behulp van openbaar vervoer. Ook het bouwen van woningen bij OV-knooppunten biedt kansen, maar vraagt om duidelijke keuzes: waar komt bebouwing, hoeveel parkeerplaatsen zijn toegestaan en zijn er genoeg voorzieningen in de buurt? Als die samenhang ontbreekt, is de kans groot dat mensen toch vooral de auto blijven gebruiken.
7.2.6 Gezonde leefomgeving
De gemeente Waalwijk streeft naar een gezonde leefomgeving door gezondheidsbevordering, onder andere via het STOMP-principe (roken ontmoedigen op plekken waar kinderen komen) en het toevoegen van meer groen, zoals wandelroutes en parken. Hoewel de gemeente inwoners kan stimuleren om meer te bewegen, is een gezonde leefstijl breder en hangt ook sterk af van persoonlijke keuzes. De gemeente kan daarom niet garanderen dat mensen daadwerkelijk gezonder gaan leven. Dit is een uitdaging, temeer omdat het aantal mensen met overgewicht in Nederland de afgelopen jaren is gestegen, wat gezondheidsproblemen vergroot. Daarnaast kampt Waalwijk met een groeiende druk op de zorg. Er is een tekort aan zorgmedewerkers en de voorzieningen voor ouderen, zoals verpleeghuizen en alternatieve woonvormen, zijn onvoldoende om aan de toekomstige vraag te voldoen. De vergrijzing en de wens van veel senioren om zo lang mogelijk zelfstandig te blijven wonen, vergroten deze druk. Ook de toegankelijkheid van huisartsen en andere zorgverleners staat onder druk. De huidige zorgstructuur lijkt onvoldoende voorbereid, wat risico’s geeft voor de kwaliteit en beschikbaarheid van zorg in de toekomst. Deze uitdagingen maken het lastig om de gestelde doelen te behalen.
Zonder sterke regie en een gerichte, samenhangende aanpak is het moeilijk om gezondheidsbevordering en zorgvoorzieningen op het benodigde niveau te krijgen. De ambities zijn haalbaar, maar vragen om extra aandacht en actie van de gemeente.
7.2.7 Woonopgave
De gemeente Waalwijk staat voor een flinke woonopgave: genoeg nieuwe woningen moeten worden gerealiseerd voor het verwachte inwonersaantal van ruim 55000 in 2040. Dit wordt gedaan door een combinatie van verdichting binnen bestaand stedelijk gebied en uitbreiding aan de randen van de kernen. Deze opgave is noodzakelijk om te voorzien in de groeiende en veranderende vraag naar woningen, onder andere door de toename van één- en tweepersoonshuishoudens, de vergrijzing, en de komst van internationale medewerkers, studenten en statushouders.
61
Volgens een globale ruimtelijke analyse van KuiperCompagnons is deze woningbouwopgave fysiek haalbaar. Wel is het van cruciaal belang dat er op nationaal niveau een werkbare oplossing komt voor het stikstofprobleem, dat momenteel veel bouwprojecten belemmert. Zonder zo’n oplossing komt een deel van de geplande woningbouw, vooral buiten de bestaande kernen, onder druk te staan. De gemeente streeft naar voldoende betaalbare en passende woningen voor verschillende doelgroepen. Bij nieuwbouw wordt daarom de verdeling gehanteerd van 30% sociale huur, 40% betaalbare koop of huur en 30% duurdere woningen. Dit moet zorgen voor meer doorstroming op de woningmarkt en een evenwichtige mix van bewoners. Ook komt er extra aandacht voor levensloopbestendige woningen voor senioren, bij voorkeur nabij voorzieningen en openbaar vervoer. Voor specifieke doelgroepen zoals statushouders, jongeren, internationale medewerkers, studenten, woonwagenbewoners en sociaal urgenten wordt gericht gewerkt aan voldoende huisvesting. Het aantal woonwagenstandplaatsen wordt uitgebreid. Daarnaast stimuleert de gemeente nieuwe woonvormen, zoals collectieve woonprojecten waarin jong en oud samenleven, wat ook de sociale samenhang kan versterken. Naast uitbreidingslocaties wordt binnen de bestaande stad gekeken naar mogelijkheden voor transformatie, woningdelen, optoppen en innovatieve woonvormen.
Hierbij wordt ook oog gehouden voor leefkwaliteit en vergroening, maar deze zijn ondergeschikt aan de primaire opgave: voldoende woningen realiseren voor een brede doelgroep. De gemeente werkt hiervoor nauw samen met woningcorporaties, de provincie en de Stedelijke Regio Breda-Tilburg, zodat plannen regionaal worden afgestemd en versnelling mogelijk is. Daarnaast wordt gewerkt aan een Volkshuisvestingsprogramma om de voortgang te bewaken en flexibel in te kunnen spelen op toekomstige ontwikkelingen. Kortom, Waalwijk heeft een duidelijke koers gezet om het woningtekort aan te pakken. De doelen zijn haalbaar, mits de gemeente wordt ondersteund door effectief nationaal beleid (zoals stikstofregelingen) en er voldoende bestuurlijke samenwerking is. De focus ligt op het bouwen van genoeg woningen voor wie ze nodig heeft, zowel nu én in de toekomst.
7.2.8 Verdichting en duurzaam wonen
De gemeente Waalwijk zet in op verdichting en duurzaam wonen als belangrijke pijlers van een toekomstbestendige woonontwikkeling. Verdichting betekent dat er vooral wordt gebouwd op al bebouwde of reeds verharde grond, bijvoorbeeld door transformatie van bestaande gebouwen, optoppen, splitsen of invullen van restlocaties. Dit voorkomt verdere aantasting van het open landschap en draagt bij aan efficiënter ruimtegebruik. Duurzaam wonen richt zich daarnaast op het realiseren van energiezuinige, natuurinclusieve woningen met oog voor de leefomgeving. Denk aan groene daken, gevelgroen, en de integratie van collectieve voorzieningen of gemeenschappelijke tuinen. Zo wordt niet alleen de woning duurzaam, maar ook de wijk als geheel. Deze aanpak biedt meerdere voordelen: het draagt bij aan de klimaatdoelstellingen, behoudt open ruimte en versterkt de leefkwaliteit. Bovendien maakt het voorzieningen beter bereikbaar, stimuleert het lopen en fietsen, en voorkomt het verdere verstening van het buitengebied. Tegelijkertijd is de haalbaarheid van verdichting niet onbeperkt. De fysieke ruimte binnen de bebouwde kom is schaars, zeker als er ook ruimte nodig is voor groen, wateropvang en infrastructuur. Verdichting kan bovendien leiden tot spanningen op het gebied van leefkwaliteit, parkeerdruk en sociale draagkracht, vooral bij hogere bouwdichtheden.
De gemeente erkent dat in sommige gevallen een uitzondering op het verdichtingsprincipe nodig kan zijn, bijvoorbeeld wanneer de woningnood hoog is en binnenstedelijke oplossingen tekortschieten. In dat geval kan uitbreiding buiten de bestaande bebouwing worden overwogen. Het is echter van belang dat deze uitzonderingsroute niet te gemakkelijk wordt gebruikt, om sluipende verstedelijking van het
62
buitengebied te voorkomen. Een strikte toets op noodzaak, ruimtelijke kwaliteit en maatschappelijke meerwaarde is hierbij essentieel.
7.2.9 Toegang tot voorzieningen
De gemeente Waalwijk streeft ernaar om multifunctionele plekken te creëren waar onderwijs, sport, cultuur en zorg samenkomen. Dit moet zorgen voor een toegankelijk en divers aanbod voor alle inwoners, van jong tot oud. Ook wil de gemeente het openbaar vervoer verbeteren, zodat mensen makkelijk kunnen reizen binnen Waalwijk en naar omliggende steden. Dit is belangrijk om jongeren te behouden en de bereikbaarheid van voorzieningen te vergroten. Daarnaast is het uitbreiden van de zorgcapaciteit een belangrijke doelstelling, met name het realiseren van wijkgerichte gezondheidscentra waar huisartsen, apotheken en andere zorgverleners samenwerken. Hoewel deze doelen ambitieus en maatschappelijk waardevol zijn, is de haalbaarheid onzeker. Vooral de uitbreiding van zorgcapaciteit stuit op landelijke en regionale tekorten aan zorgpersoneel, wat het moeilijk maakt om wijkgerichte zorgcentra volledig in te richten zoals gewenst. Ook het verbeteren van het openbaar vervoer vergt intensieve samenwerking met provincies en vervoersbedrijven, en is niet volledig in handen van de gemeente. Dit maakt het een kwetsbaar onderdeel van het plan. Het toegankelijk houden van voorzieningen voor alle doelgroepen is een goede ambitie, maar vraagt continue aandacht en inzet. Multifunctionele plekken kunnen hiervoor een oplossing bieden, mits ze goed worden ingericht en onderhouden.
De verbinding tussen cultuur, sport en onderwijs kan bijdragen aan sociale samenhang en een levendige leefomgeving, maar vraagt eveneens om actieve betrokkenheid van inwoners en organisaties.
7.2.10 Versterken van kernen
De gemeente Waalwijk wil de kernen versterken door functies te mengen en zo levendige, aantrekkelijke centra te creëren. Dit betekent dat wonen, werken, winkelen, cultuur en horeca gecombineerd worden om een fijne verblijfskwaliteit te bieden. Daarbij is het belangrijk om de identiteit van elke kern (Waalwijk, Waspik en Sprang-Capelle) te behouden en te versterken, zodat inwoners zich verbonden blijven voelen met hun woonomgeving. Lokaal ondernemerschap krijgt extra steun om de economie en het aanbod in de kernen te stimuleren. Ook zet de gemeente in op een gelijkmatige verdeling van voorzieningen, zodat alle inwoners in de verschillende kernen gemakkelijk toegang hebben tot belangrijke diensten en winkels. Hoewel deze doelen positief zijn en kunnen bijdragen aan levendige en sociale kernen, zijn er ook uitdagingen. Functiemenging vraagt om goede afstemming tussen verschillende belangen en om een slimme ruimtelijke inrichting, wat niet altijd eenvoudig is. Het versterken van de identiteit van kernen kan botsen met de druk om meer woningen en voorzieningen te bouwen. Daarnaast is het ondersteunen van lokaal ondernemerschap soms lastig door economische schommelingen en concurrentie van grotere winkelcentra en online winkels.
7.2.11 Duurzame economie
De gemeente Waalwijk wil haar economie toekomstbestendiger maken: niet alleen gericht op groei, maar ook op duurzaamheid, welzijn en lokale werkgelegenheid. Er liggen heldere ambities: ruimte creëren voor hightech en ambacht, bedrijventerreinen efficiënter en groener inrichten, circulaire hubs mogelijk maken, de bereikbaarheid van werklocaties verbeteren en jongeren behouden via betere samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven. Die doelen sluiten goed aan bij de grote transities van deze tijd, maar de haalbaarheid ervan hangt sterk af van concrete keuzes en de bereidheid om bestaande patronen te doorbreken. De wens om meer ruimte te bieden aan innovatieve en kennisintensieve bedrijven is logisch, zeker in een regio die nu sterk leunt op logistiek en arbeidsintensieve sectoren. Toch vraagt dit om meer dan intenties: zonder een duidelijke strategie voor actieve acquisitie, ondersteuning van start-ups en
63
samenwerking met onderwijs- en kennisinstellingen, is het risico groot dat deze bedrijven elders neerstrijken. Tegelijkertijd blijft de vraag naar ruimte voor traditionele bedrijvigheid onverminderd groot. Dit botst met de ambitie om bedrijventerreinen te verdichten, vergroenen en circulair in te richten. Zolang uitbreiding makkelijker en goedkoper is dan herstructurering, dreigen duurzame ambities het af te leggen tegen economische druk. Ook de circulaire hubs (plekken voor hergebruik, recycling en lokale kringlopen) die Waalwijk wil realiseren bieden veel potentie, maar vergen actieve sturing. Ruimte reserveren alleen is niet genoeg. Het succes hangt af van samenwerking tussen bedrijven, slimme inpassing en een economie die ook daadwerkelijk op circulariteit is ingericht. Zonder goede randvoorwaarden dreigt dit doel op papier te blijven staan. Dat geldt ook voor de bereikbaarheid van werklocaties. Die is nu vooral afgestemd op autoverkeer. De ambitie om dat te verbreden richting fiets, openbaar vervoer en slimme logistiek is terecht, maar vraagt serieuze investeringen én samenwerking met andere overheden. Zonder die inzet blijven werknemers en goederenstromen vooral afhankelijk van de auto en blijven mobiliteitsproblemen en milieudruk bestaan. Tot slot is de koppeling tussen onderwijs en bedrijfsleven essentieel om jongeren te behouden en lokaal talent te benutten.
De intentie is goed, maar ook hier geldt: zonder concrete programma’s, meer stageplaatsen en structureel overleg blijft het bij goede bedoelingen. Jongeren trekken dan alsnog weg en bedrijven blijven kampen met personeelstekorten. Kortom, Waalwijk kiest inhoudelijk de juiste richting, maar de uitvoering vraagt om durf, regie en prioriteit. Zonder duidelijke keuzes en samenwerking komt een duurzame economie moeizaam van de grond.
7.2.12 Cultuur, erfgoed en toerisme
De ambities van Waalwijk op het gebied van cultuur, erfgoed en toerisme zijn duidelijk en passen goed bij het versterken van de lokale identiteit en economie. Toch is het niet vanzelfsprekend dat deze doelen ook echt gehaald worden, en zijn er een aantal punten waar goed naar gekeken moet worden. Het herbestemmen van monumenten zoals kerken en oude fabriekspanden is een slimme manier om het erfgoed te behouden en een nieuwe functie te geven. In de praktijk blijkt dit echter vaak moeilijker dan verwacht. De kosten zijn hoog en het is soms lastig om eigenaren en gebruikers mee te krijgen in de plannen. Zonder goede financiële steun en duidelijke afspraken bestaat de kans dat deze panden leeg blijven staan of langzaam achteruitgaan, waardoor het erfgoed verloren gaat in plaats van beter wordt. Ook het zichtbaar maken van Waalwijks geschiedenis, vooral van de schoenindustrie, klinkt goed, maar het is lastig om dit ook echt aantrekkelijk te maken voor bezoekers. Het Schoenenkwartier en het leerverleden moeten niet alleen verteld worden, maar ook echt beleefd kunnen worden. Dat vraagt om meer dan alleen een museum of tentoonstelling; het vraagt om leuke activiteiten, goede promotie en samenwerking met winkels, horeca en evenementen. Zonder die samenhang blijft het lastig om genoeg bezoekers te trekken en om er echt iets van te maken.
Wat betreft het ontwikkelen van recreatienetwerken en nieuwe wandel- en fietsroutes is het doel om natuur en recreatie in balans te houden zeker belangrijk. Maar het blijft lastig om dat ook echt goed te doen. Nieuwe recreatiemogelijkheden kunnen juist zorgen voor meer druk op kwetsbare natuurgebieden, zeker als er niet goed wordt gecontroleerd. Waalwijk zal streng moeten zijn en goed moeten samenwerken met natuurorganisaties om te voorkomen dat recreatie ten koste gaat van de natuur. Zonder duidelijke regels en handhaving kan die balans snel verdwijnen. Verder is het verbinden van culturele instellingen, onderwijs en verenigingen een goed doel om de sociale samenhang te versterken. Maar dat lukt niet vanzelf. Het vraagt om goede investeringen en beleid om ook mensen die extra steun nodig hebben echt te bereiken. Multifunctionele voorzieningen kunnen hierbij helpen, maar alleen als ze goed beheerd worden en echt aansluiten bij wat mensen nodig hebben.
64
7.3 Conclusie
In het onderstaande figuur is vormgegeven in hoeverre de doelen worden verwacht behaald te worden. Binnen die verwachting is er ook sprake van een onzekerheidsfactor. Daarom zijn er twee lijnen in het figuur te zien: het minimale doelbereik en het maximale doelbereik. Het doelbereik is weergeven op een procentuele schaal verdeeld in 10 punten. Hoe verder van het middelpunt, hoe groter de kans dat het doel behaald zal worden.
Figuur 12: Visuele weergave van het doelbereik
65
8. Passende beoordeling 8.1 Aanleiding en doel passende beoordeling
Onderdeel van een plan-MER is een Passende beoordeling voor het onderdeel Natura 2000. Een MER beschrijft de verwachte effecten op het milieu, waaronder specifiek het aspect natuur, en beschrijft een autonome ontwikkeling van de huidige staat van de leefomgeving. Er worden een paar alternatieve scenario’s uitgewerkt en beoordeeld, op grond waarvan een voorkeursalternatief naar voren komt. Doel van de ecologische toetsing is om het natuuraspect van de omgevingsvisie van de verschillende scenario’s te beoordelen als onderdeel van het MER, en ten slotte het hieruit voortgekomen voorkeursalternatief te beoordelen, met specifieke aandacht voor de relevante N2000-gebieden. De beoordeling van het ecologische aspect is passend bij het detailniveau van de omgevingsvisie. Gezien het karakter van de ambities en de uitwerkingen in de omgevingsvisie is dit een toetsing op hoofdlijnen. Onderdeel van de ecologische toetsing is de passende beoordeling. Het doel van de Passende beoordeling is dat deze voldoende aannemelijk maakt dat er voor de verdere uitwerking van de omgevingsvisie naar planuitvoering geen onoverkomelijke belemmeringen zijn op vergunbaarheid van volgens de visie voorgestane ontwikkelingen. De volledige ecologische toetsing kan gelezen worden in bijlage 5. De Passende Beoordeling brengt in beeld: 1.
De risico’s op significante gevolgen op de natuurlijke kenmerken van relevante Natura 2000gebieden als gevolg van de voorgestane ruimtelijke ontwikkelingen; 2. Het beschrijven van bronmaatregelen, mitigerende maatregelen of anderszins kaderstellende randvoorwaarden om significante gevolgen te kunnen voorkomen, en uitvoerbaarheid en vergunbaarheid van de voorgestane ruimtelijke ontwikkeling te borgen; 3. Het zo mogelijk benoemen van kansen op positieve effecten voor de Natura 2000-gebieden.
8.2 Natura 2000 gebieden in Waalwijk
Binnen de gemeente Waalwijk liggen twee Natura 2000-gebieden. Het Habitatrichtlijngebied Langstraat bevindt zich volledig binnen de gemeente. Het Habitatrichtlijngebied Loonse en Drunensche Duinen & Leemkuilen bevindt zich aan de zuidoostelijke grens van de gemeente en valt slechts voor een beperkt oppervlak binnen de gemeentegrenzen. In de omgeving van de gemeente (<25 km, de rekenafstand van AERIUS Calculator) bevinden zich nog tien Natura 2000-gebieden. Tabel 14 geeft een overzicht van deze gebieden. De onderstaande kaart laat zien waar deze gelegen zijn. Tabel 14 Overzicht van Natura 2000-gebieden binnen een straal van 25 kilometer van de gemeente Waalwijk. Ook is aangegeven of het gebied een Habitatrichtlijn (HRL) en/of Vogelrichtlijn (VRL) gebied is. Natura 2000-gebied Richtlijnen Afstand (km) Langstraat HRL 0 Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen HRL 0 Biesbosch HRL + VRL 1,9 Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem HRL 2,7 Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek HRL 4,7 Rijntakken HRL + VRL 13,9 Kampina & Oisterwijkse Vennen HRL + VRL 14,3 Ulvenhoutse Bos HRL 14,8 Regte Heide & Riels Laag HRL 15,3 Hollands Diep HRL + VRL 18,3 Donkse Laagten VRL 19,9 Oudeland van Strijen VRL 24,6