Bijlage 2 Bijl. beleidsregel parkeernormen eindconcept
Tekst van het document
Theoretische capaciteit
Berekeningsaantal
Toelichting maatvoering opritten
Enkele oprit zonder garage of carport
1 parkeerplaats
1,0 parkeerplaats
oprit min. 5,0 meter diep en min 2,5 meter breed
Lange oprit zonder garage of carport
2 parkeerplaatsen
1,5 parkeerplaats
oprit min. 10,0 meter diep en min 2,5 meter breed
Dubbele oprit zonder garage of
2 parkeerplaatsen
2,0 parkeerplaatsen
oprit min. 5,0 meter diep en min. 5,0 meter breed
Garage zonder oprit (bij woning)
1 parkeerplaats
0 parkeerplaats
--
Garagebox (niet bij woning)
1 parkeerplaats
0 parkeerplaats
--
Garage met enkele oprit
2 parkeerplaatsen
1,0 parkeerplaatsen
oprit min. 5,0 meter diep min. 2,5 meter breed
carport
garage min. 6,0 meter diep en min 3,5 meter breed Garage met lange oprit
3 parkeerplaatsen
1,7 parkeerplaats
oprit min. 10,0 meter diep en min. 2,5 meter breed garage min. 6,0 meter diep en min 3,50 meter breed
Garage met dubbele oprit
3 parkeerplaatsen
2,0 parkeerplaats
oprit min. 5,0 meter diep en min. 5,0 meter breed garage min. 6,0 meter diep en min 3,5 meter breed
Tabel 15: Berekeningsaantallen parkeren eigen terrein bij woningen
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
41
Aanvulling op toelichting maatvoering opritten De tabel geeft globaal aan welke minimale maten gelden bij opritten. Deze aanvulling geeft meer verdieping op de vraag wanneer parkeerplaatsen binnen het plangebied, bijvoorbeeld in de vorm van een oprit, mogen worden meegerekend. Voor het ontwerp van opritten geldt immers dat deze vele verschijningsvormen kennen. Voor de volledigheid, indien niet aan deze afmetingen wordt voldaan, telt deze parkeerplaats niet mee in de parkeercapaciteit. In de volgende situaties is sprake van 1 volwaardige parkeerplaats: •
Een enkele oprit in de vrije ruimte van 2,5 meter bij 5 meter.
•
Een enkele oprit met één harde zijde (bijvoorbeeld een muur) van 2,9 meter bij 5 meter.
•
Een enkele oprit met één harde zijde (bijvoorbeeld een muur) én een toegangspad van 3,4 meter bij 5 meter. Hierbij wordt de breedte van het toegangspad aan de voorzijde niet meegenomen in de benodigde afmeting van de parkeerplaats. Toegangspaden naast een parkeerplaats kunnen wel worden meegenomen in de benodigde breedte van 3,4 meter.
•
Een enkele oprit met twee harde zijden (bijvoorbeeld een muur) van 3,3 meter bij 5 meter.
•
Een enkele oprit met twee harde zijden (bijvoorbeeld een muur) én een toegangspad van 3,8 meter bij 5 meter. Hierbij wordt enkel de breedte van het toegangspad aan de voorzijde niet meegenomen in de benodigde afmeting van de parkeerplaats. Toegangspaden naast een parkeerplaats mogen wel worden meegenomen in de benodigde breedte van 3,8 meter.
•
Een enkele oprit met twee harde zijden (bijvoorbeeld een muur) én twee toegangspaden van 4,3 meter bij 5 meter. Hierbij wordt enkel de breedte van het toegangspad aan de voorzijde niet meegenomen in de benodigde afmeting van de parkeerplaats. Toegangspaden naast een parkeerplaats kunnen wel worden meegenomen in de benodigde breedte van 4,3 meter.
In de volgende situaties is sprake van 2 volwaardige parkeerplaatsen: •
Een dubbele oprit met één harde zijde (bijvoorbeeld een muur) van 5,4 meter bij 5 meter.
•
Een dubbele oprit met één harde zijde (bijvoorbeeld een muur) én een toegangspad van 5,9 meter bij 5 meter. Hierbij wordt de breedte van het toegangspad aan de voorzijde niet meegenomen in de benodigde afmeting van de parkeerplaats. Toegangspaden naast een parkeerplaats kunnen wel worden meegenomen in de benodigde breedte van 5,9 meter.
•
Een dubbele oprit met twee harde zijden (bijvoorbeeld een muur) van 5,8 meter bij 5 meter.
•
Een dubbele oprit met twee harde zijden (bijvoorbeeld een muur) én een toegangspad van 6,3 meter bij 5 meter. Hierbij wordt de breedte van het toegangspad niet meegenomen in de benodigde afmeting van de parkeerplaats. Hierbij wordt enkel de breedte van het toegangspad aan de voorzijde niet meegenomen in de benodigde afmeting van de parkeerplaats. Toegangspaden naast een parkeerplaats kunnen wel worden meegenomen in de benodigde breedte van 6,3 meter. Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
42
In de navolgende afbeeldingen is visueel weergegeven aan welke afmetingen parkeerplaatsen moeten voldoen om mee te tellen in de parkeercapaciteit, conform de voorgaande tabel.
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
43
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
44
Bijlage 9 Fietsparkeernormen Totstandkoming fietsparkeernormen Op basis van de parkeerkencijfers van het CROW (Leidraad fietsparkeren 2023), rekening houdend met de stedelijkheidsgraad per gebiedsprofiel ontstaan voor de gemeente Waalwijk fietsparkeernormen. Voor Waalwijk geldt dat we het fietsgebruik in de gemeente willen stimuleren. Voldoende fietsparkeerplaatsen vormen daarbij een belangrijke factor (randvoorwaarde). Rekening houdend met onze ambitie om het fietsgebruik te stimuleren en de verwachting dat dan ook meer mensen in de toekomst gebruik gaan maken van de fiets, hanteren we voor fietsparkeren niet de ondergrens van de bandbreedte, maar kiezen we gemeentebreed voor een parkeernorm in het gemiddelde van de bandbreedte. Daar waar van toepassing, staat wel vermeld voor welk gebiedsprofiel de betreffende norm van toepassing is. Het aandeel bezoekersparkeren maakt in principe geen onderdeel uit van de gemeentelijke parkeernormen voor fietsparkeren. Daar waar relevant vermeld benoemen de tabellen een aparte parkeernorm voor bezoekers. Hoofdgroep Wonen Voor fietsparkeren binnen de hoofdgroep Wonen wordt verwezen naar het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL). Onderstaande tabel geeft voor de functies uit de Leidraad Fietsparkeren 2023 daarom alleen de bezoekersparkeernorm voor appartementen en studentenhuizen. Functie
Bezoekers fietsparkeernorm
Eenheid
Opmerking
Appartement
0,5
per woning
Minimaal 2 plekken
Let op: deze fietsparkeernorm voor bezoekers betreft de ondergrens van de bandbreedte, dit vanwege de beperkte sturing op de functie wonen in relatie tot fietsparkeren, deze zit immers in de BBL.
Tabel 16: Fietsparkeernormen voor bezoekers hoofdgroep wonen
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
45
Hoofdgroep Kantoor Functie
Gebied
Fietsparkeernorm
Kantoor (personeel)
Centrum, Schil
2,4
Rest bebouwde kom
1,7
Buitengebied
1,0
Percentage bezoekers
Opmerking
n.v.t.
Hoe meer gespecialiseerde functies, hoe lager het fietsgebruik.
100 m2 bvo
Ook de cultuur van de branche heeft invloed.
5,5
Kantoor (bezoekers)
Eenheid
balie
n.v.t.
Fietsparkeernorm
Eenheid
2,8
100 m2 bvo
Percentage bezoekers 94%
3,0
100 m2 bvo
93%
0,3
100 m2 bvo
87%
100 m2 bvo
89%
Minimaal 6
Tabel 17: Fietsparkeernormen hoofdgroep kantoor
Hoofdgroep Detailhandel Functie Winkelcentrum Supermarkt Bouwmarkt Tuincentrum
Gebied Binnen de bebouwde kom Binnen de bebouwde kom Binnen de bebouwde kom
0,3
(totaal)
Opmerking
Vaak voldoende ruimte voor fietsparkeerplekken en eventueel uitbreidingen
Tabel 18: Fietsparkeernormen hoofdgroep detailhandel
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
46
Hoofdgroep Scholen Functie
Schoolgrootte
Basisschool (leerlingen)
Minder dan 250 leerlingen 250-500 leerlingen Meer dan 500 leerlingen
Basisschool (medewerkers) Middelbare school (leerlingen) Middelbare school (medewerkers)
Fietsparkeernorm
Eenheid
10,0
Percentage bezoekers n.v.t.
Opmerkingen Bij een groter verzorgingsgebied meer fietsen en ook auto's
Leslokaal
23,3 14,4 0,5 11,0
Centrum
0,8
Schil centrum
0,6
Rest bebouwde kom
0,5
10 leerlingen
n.v.t.
100 m2 bvo
n.v.t.
Grote aantallen
n.v.t. 100 m2 bvo
ROC (leerlingen)
11,0
100 m2 bvo
n.v.t.
Op ov locaties lager
ROC (leerlingen)
0,8
100 m2 bvo
n.v.t.
Eenheid
Percentage bezoekers 90%
Opmerking
80%
Bijvoorbeeld pannenkoekenhuis
Tabel 19: Fietsparkeernormen hoofdgroep scholen Hoofdgroep Horeca Functie
Fastfood restaurant1)
Restaurant (eenvoudig) Restaurant (luxe)
Gebied
Fietsparkeernorm
Centrum
22,0
Schil centrum
6,5
Rest bebouwde kom
3,5
Terras meetellen
100 m2 bvo
11,5
100 m2 bvo
2,5
100 m2 bvo
m2 terras meetellen als bvo 80%
m2 terras meetellen als bvo
Tabel 20: Fietsparkeernormen hoofdgroep horeca
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
47
Hoofdgroep Gezondheidszorg en maatschappelijke voorzieningen Functie
Locatie
Apotheek (bezoekers) Apotheek (medewerkers) Begraafplaats/ crematorium Gezondheidscentrum (bezoekers) Gezondheidscentrum (medewerkers) Religiegebouw
Fietsparkeernorm
Eenheid
Percentage bezoekers
Opmerking
7,0
locatie
n.v.t.
Kleine aantallen
4,5
locatie
n.v.t.
Kleine aantallen
5,5
100 zitplaatsen
67%
Kleine aantallen
2,0
100 m2
n.v.t.
0,5
100 m2
n.v.t.
41,0
100 zitplaatsen
60%
Ziekenhuis 100 m2 bvo 0,4 n.v.t. (bezoekers) Ziekenhuis 100 m2 bvo 0,6 n.v.t. (medewerkers) Tabel 21: Fietsparkeernormen hoofdgroep gezondheidszorg en maatschappelijke voorzieningen
Fietsgebruik kan per geloofsgemeenschap verschillen Grote aantallen Grote aantallen
Hoofdgroep knooppunten/hubs Functie
Locatie
Fietsparkeernorm
Eenheid
Busstation
Centrum en schil
42,0
halterende buslijn
Rand bebouwde 0,9 kom Tabel 22: Fietsparkeernormen knooppunten/hubs
autoparkeerplaats
Carpoolplaats
Percentage bezoekers
Opmerking
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
48
Hoofdgroep sport, cultuur en ontspanning Functie
Locatie
Bibliotheek
Bioscoop
Fitness
Fietsparkeernorm
Eenheid
Percentage bezoekers
3,5
100 m2 bvo
97%
100 m2 bvo
94%
100 m2 bvo
90%
Centrum
8,0
Schil centrum
4,5
Rest bebouwde kom
1,5
Centrum
6,0
Schil centrum
3,9
Rest bebouwde kom
2,0
Museum
1,0
100 m2 bvo
95%
Sporthal1)
2,7
100 m bvo
96%
ha netto
Opmerking
Grote aantallen
Sportveld
67,5
Sportzaal1)
4,2
100 m bvo
94%
Stadion
9,5
100 zitplaatsen
99%
Stedelijk evenement
34,0
100 bezoekers
99%
100 zitplaatsen
87%
Grote aantallen
29,0
100 m2 bassin
97%
Grote aantallen
21,5
100 m2 bassin
99%
Grote aantallen
Theater
Zwembad (openlucht) Zwembad (overdekt)
Centrum
26,0
Schil centrum
22,0
Rest bebouwde kom
11,5
terrein
95%
Grote aantallen Grote aantallen
Opmerkingen: 1) Een sporthal is een locatie waar toernooien en (opeenvolgende) wedstrijden plaatsvinden, bij een sportzaal is dat niet het geval en gaat het bijvoorbeeld om een gymzaal zonder tribunes.
Tabel 23: Fietsparkeernormen hoofdgroep sport, cultuur en ontspanning
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
49
Bijlage 10 Kwaliteitseisen fietsenstalling Eisen voor toegankelijkheid •
De belangrijkste kwaliteitseisen voor een goed toegankelijke en bruikbare fietsenstalling zijn:
•
Vanuit de openbare ruimte zijn alle entrees naar de fietsenstalling zichtbaar (‘s avonds en ’s nachts verlicht) en herkenbaar.
•
De route in en vanuit de fietsenstalling naar de functies waarvoor de stalling bedoeld is, is logisch, snel en eenvoudig;
•
Vanuit de fietsenstalling moet men rechtstreeks (liefst binnendoor) kunnen lopen naar de bestemming;
•
Bij gebruik van meerdere doelgroepen (bewoners, personeel en bezoekers) moet de fietsenstalling afgescheiden worden per doelgroep. Personeel mag geen toegang hebben tot het woongedeelte, bewoners en bezoekers mogen geen toegang krijgen tot het personeelsgedeelte.
•
De fietsenstalling voor bewoners moet altijd afgesloten kunnen worden.
Fietsentrees •
Een gebruiker moet de fietsentree van de fietsenstalling automatisch kunnen openen met bij voorbeeld een of code;
•
De drukknop of chipkaartlezer bevindt zich op een geschikte hoogte en afstand van de entree zodat deze makkelijk gebruikt kan worden;
•
De fietsentree moet gescheiden zijn van het gemotoriseerd verkeer;
•
De fietsentree is goed en comfortabel te gebruiken voor alle fietsen, dus ook voor zware fietsen, bakfietsen, elektrische fietsen en fietsen met afwijkende maten (kratten, brede sturen, brede banden, lange fietsen, etc.);
•
De breedte van de fietsentree is minimaal 2m
•
Een fietsenstalling met meer dan 250 fietsparkeerplaatsen heeft 1 fietsentree van minimaal 2,5 meter of meerdere fietsentrees.
•
Er mogen maximaal 2 (automatische) deuren gepasseerd worden om met de fiets in de fietsenstalling te komen.
•
De afstand van de fietsentree van de fietsenstalling is maximaal 75m tot de hoofd-/neven- /personeelsingang van het gebouw in de schil van het centrum of rest bebouwde kom
•
De afstand van de fietsentree van de fietsenstalling is maximaal 150m tot de hoofd-/neven- /personeelsingang van het gebouw in het centrum.
•
De interne loopafstand van de fietsentree naar de fiets is maximaal 75m.
•
De interne loopafstand van de fiets naar de woning en/of stijgpunt (lift of trap) van de niet-grondgebonden woningen is maximaal 75m in de schil van het centrum of de rest bebouwde kom.
•
De interne loopafstand van de fiets naar de woning en/of stijgpunt (lift of trap) van de niet-grondgebonden woningen is maximaal 150m in het centrum.
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
50
Niveauverschil •
Een gelijkvloerse oplossing heeft de voorkeur;
•
Maximaal 1 niveau hoogteverschil (maximaal 3,5 meter) mag overbrugd worden vanaf de begane grond;
•
Het niveauverschil kan overbrugd worden door middel van:
•
o
een hellingbaan
o
een luie trap met fietsgoten
o
een lift met hellingbaan en/of trap
Er moet een aparte ruimte op maaiveld worden opgenomen voor afwijkende fietsmaten, niet-ondersteunde elektrische fietsen, fietsen met krat, bakfietsen, scooters en scootmobielen.
•
Bij gebruik van een hellingbaan is het belangrijk om te voorkomen dat mensen fietsend naar beneden gaan om ongelukken te voorkomen (Amsterdam).
•
Het hellingspercentage van een hellingbaan is bij voorkeur maximaal 3%.
•
Een luie trap met naastgelegen fietsgoten / smalle fietshelling heeft een hellingspercentage van maximaal 30% (17 graden). De ideale helling is 17,6% (10 graden, zie afbeelding).
•
De fietsgoten bedoeld om fietsen naar beneden te geleiden dienen bij voorkeur te worden voorzien van borstels.
•
Afmeting lift: minimaal 2,20 x1,40m (2 standaardfietsen en 2 personen).
Voetgangersentrees •
De fietsenstalling heeft minimaal 1 voetgangersentree / uitgang in de richting van de eindbestemming. Deze kan gecombineerd worden met de fietsentree.
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
51
Eisen voor inrichting en bruikbaarheid De belangrijkste kwaliteitseisen voor een goede inrichting en goed bruikbare fietsenstalling zijn: •
De fietsenstalling moet logisch en overzichtelijk zijn ingedeeld. Doodlopende paden en verborgen hoeken moeten voorkomen worden.
•
Obstakels mogen niet hoger zijn dan 0,5 m ten behoeve van de sociale veiligheid.
•
De fietsenstalling moet voorzien zijn van goede verlichting, bij voorkeur daglichttoetreding. Politiekeurmerk: Er is sprake van heldere, niet-verblindende en gelijkmatige verlichting over de hele oppervlakte van de ruimte met – gemeten op de vloer – een gemiddelde 3 horizontale verlichtingssterkte van minimaal 20 lux (Em), een gelijkmatigheid van minimaal 0,30 Uh en een kleurweergave van minimaal 70 (Ra).
•
Als de fietsenstalling openbaar toegankelijk is én meer dan 100 fietsparkeerplaatsen omvat, moet (camera)toezicht of bewaking aanwezig zijn.
•
Er moet rekening gehouden worden met de overgangsverlichting van buiten naar binnen in het kader van verblinding. Eventueel toepassen van schakelbare verlichting / bewegingssensoren is een optie.
•
Bij meer dan 100 woningen moet een aparte ruimte / clustering van fietsparkeerplaatsen worden toegepast.
•
Een clustering van fietsparkeerplaatsen moet door middel van minimaal markeringen worden begrensd.
•
De fietsparkeerplaatsen van bewoners moeten worden genummerd met de huisnummers van de woningen waartoe ze behoren.
•
De toegewezen fietsparkeerplaatsen van bewoners van 1 woning liggen bij elkaar.
•
Per woning dienen ten minste twee fietsparkeerplaatsen in een laag rek aanwezig zijn.
•
Minimaal 50% van de bezoekersfietsparkeerplaatsen moet in een laag fietsenrek aanwezig zijn.
•
De fietsenstalling moet voldoende fietsparkeermogelijkheden bieden voor fietsen die afwijken van de standaard maten:
•
minimaal 10% van de fietsparkeerplaatsen is geschikt voor bakfietsen, snor-, bromfietsen of andere fietsen met sterk afwijkende maten.
•
minimaal 25% van de fietsparkeerplaatsen is geschikt voor fietsen die niet in een standaard fietsenrek passen, zoals fietsen met brede kratjes of brede fietstassen.
•
Afwijkende fietsen mogen op een aparte fietsparkeerplaats geplaatst worden.
•
De stalling biedt oplaadmogelijkheden voor elektrische fietsen.
•
Stallingen waar elektrische fietsen mogen staan, moeten aan de geldende milieu-en bouwvoorschriften voldoen, waaronder eisen aan de veiligheid (brand), aan installaties (ventilatie van rookgassen) en aan de kwaliteit van de vloerafwerking (vloeistofdichtheid).
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
52
Maatvoering •
De maatvoering van de gangpaden zonder aangrenzende fietsparkeerplaatsen in de stalling moet voldoen aan: o
<100 fietsparkeerplaatsen: breedte minimaal 1,20 m;
o
>100 fietsparkeerplaatsen: breedte van minimaal 2,00 m.
•
De maatvoering van de gangpaden met aangrenzende fietsparkeerplaatsen op gelijk niveau zonder dubbellaags rekken is minimaal 2,10 m.
•
De maatvoering van de gangpaden met aangrenzende fietsparkeerplaatsen met aan beide zijden dubbellaags rekken is minimaal 3,00 m.
•
De hart-op-hart-afstand tussen 2 standaard fietsparkeerplaatsen is minimaal 0,65 m.
•
De hart-op-hart-afstand tussen 2 standaard fietsparkeerplaatsen bij een hoog/laag fietsparkeersysteem is minimaal 0,40 m voor zowel onder- als bovenlaag.
•
De hart-op-hart-afstand tussen 2 niet-standaard fietsparkeerplaatsen bij een hoog/laag fietsparkeersysteem is minimaal 0,55 m voor zowel onder- als bovenlaag.
•
De fietsvakken voor afwijkende maten (bakfietsen, snor-, bromfietsen of andere fietsen met sterk afwijkende maten) zijn minimaal 1,0 m x 2,0 m.
•
De minimale vrije hoogte op het laagste punt in een gebouwde fietsenstalling is 2,3 m.
•
De minimale vrije hoogte op het laagste punt in een gebouwde fietsenstalling met een dubbellaags fiets rekken is 2,9m.
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
53
Bijlage 11 Rekenvoorbeelden Rolverdeling Achter ieder bouwplan dat in Waalwijk plaatsvindt staat een initiatiefnemer. Dit kan een lokale ondernemer zijn die zijn winkelpand wil uitbreiden of een projectontwikkelaar die een omvangrijk appartementencomplex wil ontwikkelen. Daarom gelden voor ieder bouwplan in de basis dezelfde uitgangspunten. De verantwoordelijkheid om het auto- en fietsparkeren op een goede, toekomstbestendige manier op te lossen, ligt primair bij de initiatiefnemer. De gemeente Waalwijk heeft een toetsende rol en beoordeelt of de gekozen mobiliteits- en parkeeroplossingen in lijn liggen met de doelstellingen van Waalwijk. De initiatiefnemer levert alle relevante gegevens van de ruimtelijke ontwikkeling aan bij de gemeente Waalwijk:
•
het ruimtelijk programma (o.a. het aantal woningen, de oppervlakten van geplande functies),
•
de parkeerbalans,
•
mogelijke overeenkomsten met (private) partijen die gesloten zijn voor het oplossen van de parkeereis.
Deze gegevens zijn nodig om te kunnen toetsen of de initiatiefnemer voor het parkeren van auto’s en fietsen voldoende ruimte heeft aangebracht. De aard en omvang van een ruimtelijke activiteit is van invloed op de werking en complexiteit van parkeernormen. De parkeerbalans voor een kleinschalig bouwplan zoals een woningsplitsing is relatief compact en overzichtelijk. De gemeente Waalwijk adviseert initiatiefnemers van meer grootschalige bouwplannen en gebiedsontwikkelingen om een deskundige in te schakelen die zorgt voor een correcte toepassing van de parkeernormen en rekenregels zoals opgenomen in deze beleidsregel. Toelichting rekenvoorbeelden Dit hoofdstuk werkt twee rekenvoorbeelden uit waarin de beleidsregels uit hoofdstuk 2 worden toegepast. Het eerste rekenvoorbeeld richt zich op een kleinschalig en relatief eenvoudig bouwplan. In het tweede rekenvoorbeeld komen alle stappen aan bod die in een bouwplan van toepassing kunnen zijn op het bepalen van de auto- en fietsparkeereis.
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
54
Rekenvoorbeeld 1 Bepalen parkeereis auto en fiets kleine ruimtelijke ontwikkeling De relevante gegevens De ruimtelijke ontwikkeling in dit rekenvoorbeeld wordt gerealiseerd in het gebied ‘Centrum Schil’, voor de bouw van deze ontwikkeling sloopt de initiatiefnemer zes twee-onder-een-kap woningen zonder privé-parkeergelegenheid. In de ruimtelijke ontwikkeling worden de volgende functies gerealiseerd.: •
10 appartementen, oppervlakte variërend tussen 120 en 160 m2
•
10 sociale huur appartementen, oppervlakte van 60 m2
Stap 1: de normatieve auto- en fietsparkeervraag berekenen In de onderstaande tabel is de normatieve auto- en fietsparkeervraag berekend van het programma van deze ruimtelijke ontwikkeling. Daarin is de auto- en fietsparkeervraag van bewoners en bezoekers van bewoners gesplitst en apart berekend. Functie
Aantal/omvang
parkeernorm
Normatieve parkeervraag
Koop, appartement, > 100 m2 bvo
10
1,4 per woning
14,0 parkeerplaatsen
Huur, appartement, sociale huur,
10
0,6 per woning
6,0 parkeerplaatsen
20
0,1 per woning
2,0 parkeerplaatsen
Autoparkeren
< 75 m2 bvo Bezoekers van bewoners Totaal
22,0 parkeerplaatsen
Fietsparkeren Appartement
20
Conform BBL
--
Bezoekers van bewoners
20
0,5 per woning
10,0 fietsparkeerplaatsen
Totaal Tabel 24: Normatieve parkeervraag op basis van parkeernormen
10,0 fietsparkeerplaatsen (excl. bewoners fietsparkeren conform BBL)
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
55
Stap 2: bepaling van maatgevende auto- en fietsparkeervraag vanwege dubbelgebruik In de ruimtelijke ontwikkeling worden enkel woonfuncties gerealiseerd, daarmee is dubbelgebruik niet van toepassing. Stap 3: salderen Zoals beschreven verdwijnen als gevolg van de ruimtelijke ontwikkeling zes twee-onder-een-kap woningen. Deze woningen zijn bewoond in de huidige situatie. Dit betekent dat de salderingsregeling van toepassing is. De te slopen zes twee-onder-een-kap woningen beschikken niet over parkeergelegenheid binnen het plangebied. Conform de huidige parkeernormen is de parkeervraag voor deze zes twee-onder-een-kapwoningen 9,6 parkeerplaatsen (6 x 1,5 pp per woning plus 6 x 0,1 pp per woning voor bezoekers = 9,6 parkeerplaatsen). Aangezien deze parkeervraag in de huidige situatie volledig afgewenteld wordt op openbaar gebied mag deze van de parkeervraag op het maatgevende moment afgetrokken worden. Het betreft in zowel de oude als de nieuwe situatie een vergelijkbare functie (wonen), waardoor het maatgevend moment niet relevant is. Daarmee resteert een parkeervraag van 22,0 – 9,6 = 12,4 parkeerplaatsen. Deze stap is niet relevant voor de fietsparkeereis. Stap 4: reductie deelauto De initiatiefnemer kiest ervoor geen gebruik te maken voor de mogelijkheden om een deelauto toe te passen, daarmee vervalt de mogelijkheid voor reductie van de parkeervraag.
Deze stap is niet relevant voor de fietsparkeereis. Stap 5: vrijstelling parkeereis De afgeronde autoparkeereis betreft geen transformatieontwikkeling in het centrum. Van vrijstelling van de parkeereis is derhalve geen sprake. Deze stap is niet relevant voor de fietsparkeereis.
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
56
Stap 6: voorzien in de auto- en fietsparkeereis De autoparkeereis van 12,4 parkeerplaatsen wordt rekenkundig afgerond op 12 autoparkeerplaatsen en fietsparkeereis van 10 fietsparkeerplaatsen (excl. bewoners fietsparkeren conform BBL), behorende bij deze ruimtelijke ontwikkeling wordt door de initiatiefnemer volledig binnen het plangebied gefaciliteerd. Daarbij moet beoordeeld worden of deze voldoen aan de juiste maatvoering, loopafstanden en kwaliteitseisen.
Rekenvoorbeeld 2 Bepalen parkeereis auto en fiets met salderen en deelauto De relevante gegevens De ruimtelijke ontwikkeling in dit rekenvoorbeeld wordt gerealiseerd in Waspik (rest bebouwde kom kernen). In de ruimtelijke ontwikkeling worden de volgende functies gerealiseerd. • • • •
20 woningen: appartement koop, oppervlakte 120 m2 30 woningen: huur appartement vrije sector, oppervlakte 85 m2 1.000 m2 fullservice supermarkt 1.500 m2 kantoor zonder baliefunctie (geen bezoekers)
Naast de toe te voegen nieuwe functies verdwijnt een bestaande functie: dit is een restaurant met een oppervlakte van 200 m² bvo. Stap 1: de normatieve auto- en fietsparkeervraag berekenen In de volgende tabel is de normatieve auto- en fietsparkeervraag berekend van het programma dat in dit bouwplan wordt gerealiseerd. In de tabel is bij het autoparkeren de parkeervraag van bewoners en bezoekers van bewoners gesplitst en apart berekend. Voor fietsparkeren geldt dat de parkeernorm voor een supermarkt uit 93% bezoekers bestaat en uit 7% vaste gebruikers. Deze percentages zijn afgerond toegepast op de fietsparkeernorm van 3,0.
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
57
Functie
Aantal/omvang
Autoparkeernorm
Normatieve parkeervraag
Koop, appartement, > 100 m2 bvo
20
1,8 per woning
36,0 parkeerplaatsen
Huur, appartement, 75-100 m2
30
1,0 per woning
30,0 parkeerplaatsen
Bezoekers van bewoners
50
0,2 per woning
10,0 parkeerplaatsen
Full servicesupermarkt
1.000
5,9 per 100 m2 bvo
59,0 parkeerplaatsen
Kantoor zonder baliefunctie
1.500
2,6 per 100 m2 bvo
39,0 parkeerplaatsen
Autoparkeren
bvo
Totaal
174,0 parkeerplaatsen
Fietsparkeren Appartement
50
Conform BBL
--
Bezoekers van bewoners
50
0,5 per woning
25,0 fietsparkeerplaatsen
Supermarkt personeel
1.000
0,2 per 100 m2 bvo (7%)
2,0 fietsparkeerplaatsen
Supermarkt bezoekers
1.000
2,8 per 100m2 bvo (93%)
28,0 fietsparkeerplaatsen
Kantoor (personeel)
1.500
1,7 per 100 m2 bvo
25,5 fietsparkeerplaatsen
Totaal Tabel 25: Normatieve parkeervraag voorbeeld 2 op basis van parkeernormen
80,5 fietsparkeerplaatsen
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
58
Stap 2: bepaling van maatgevende auto- en fietsparkeervraag In de ruimtelijke ontwikkeling worden diverse functies gerealiseerd. In de onderstaande tabel zijn aanwezigheidspercentages toegepast op de normatieve auto- en fietsparkeervraag. Op basis hiervan wordt vastgesteld dat de vrijdagmiddag het maatgevende dagdeel is voor de auto, op dit moment zijn 122,8 parkeerplaatsen voor de auto benodigd. Voor de fiets is het maatgevende moment de werkdagmiddag, dat moment vraagt om 56,0 parkeerplaatsen voor de fiets. Functie
Normatieve parkeer
werkdag
werkdag
werkdag
werkdag
koop
vrijdag
vrijdag
zaterdag
zaterdag
zondag
middag
avond
middag
avond
middag
middag
avond
nacht
avond1
60%
60%
90%
100%
80%
70%
70%
75%
80%
75%
Woningen bezoekers
40%
50%
75%
0%
70%
60%
100%
100%
100%
90%
Supermarkt
50%
60%
40%
0%
80%
80%
80%
100%
40%
60%
kantoor/bedrijven
100%
100%
5%
0%
5%
60%
0%
0%
0%
0%
ochtend
vraag Woningen bewoners
Autoparkeren Bewoners parkeervraag
66,0
39,6
39,6
59,4
66,0
52,8
46,2
46,2
49,5
52,8
49,5
Bezoekers parkeervraag
10,0
4,0
5,0
7,5
0,0
7,0
6,0
10,0
10,0
10,0
9,0
Supermarkt
59,0
29,5
35,4
23,6
0,0
47,2
47,2
47,2
59,0
23,6
35,4
Kantoor/bedrijven
39,0
39,0
39,0
2,0
0,0
2,0
23,4
0,0
0,0
0,0
0,0
103,4
118,5
86,4
93,9
Totaal 174,0 112,1 119,0 92,5 66,0 109,0 122,8 tabel 26: Bepaling maatgevende parkeervraag auto rekenvoorbeeld 2, op basis van aanwezigheidspercentages
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
59
Functie
Normatieve parkeer
werkdag
werkdag
werkdag
werkdag
koop
vrijdag
vrijdag
zaterdag
zaterdag
zondag
middag
avond
nacht
avond1
middag
avond
middag
avond
middag
60%
60%
90%
100%
80%
70%
70%
75%
80%
75%
ochtend
vraag Woningen bewoners Woningen bezoekers
-
40%
50%
75%
0%
70%
60%
100%
100%
100%
90%
Supermarkt
-
50%
60%
40%
0%
80%
80%
80%
100%
40%
60%
kantoor/bedrijven
-
100%
100%
5%
0%
5%
60%
0%
0%
0%
0%
25,0
10,0
12,5
18,8
0,0
17,5
15,0
25,0
25,0
25,0
22,5
Supermarkt personeel
2,0
1,0
1,2
0,8
0,0
1,6
1,6
1,6
2,0
0,8
1,2
Supermarkt bezoekers
28,0
14,0
16,8
11,2
0,0
22,4
22,4
22,4
28,0
11,2
16,8
Kantoor/bedrijven
25,5
25,5
25,5
1,3
0,0
1,3
15,3
0,0
0,0
0,0
0,0
49,0
55,0
37,0
40,5
Fietsparkeren Bezoekers bewoners parkeervraag
Totaal 80,5 50,5 56,0 32,0 0,0 42,8 54,3 Tabel 27: Bepaling maatgevende parkeervraag fiets rekenvoorbeeld 2, op basis van aanwezigheidspercentages Stap 3: salderen
Zoals beschreven verdwijnt als gevolg van de ruimtelijke ontwikkeling een bestaand restaurant. Dit betekent dat de salderingsregeling van toepassing is. Onderstaand is de salderingsregeling uitgewerkt. 1. Vaststelling van het aantal parkeerplaatsen binnen het plangebied Bij het restaurant zijn twee parkeerplaatsen binnen het plangebied gelegen. Deze parkeerplaatsen mogen alleen gesaldeerd onder de voorwaarde dat ze binnen de ruimtelijke ontwikkeling in stand worden gelaten. Daar kiest de initiatiefnemer niet voor. 2. Vaststelling van het aantal openbare parkeerplaatsen Het laatst vergunde gebruik is niet langer dan vijf jaar geleden. Dit betekent dat het salderen van openbare parkeerplaatsen van toepassing is. In dit geval wordt het aantal parkeerplaatsen dat toebehoort tot het restaurant bepaald op basis van de vigerende autoparkeernormen. In het gebied rest bebouwde kom kernen bedraagt de parkeernorm voor een restaurant 7,0 parkeerplaatsen per 100 m² bvo. De oppervlakte van het restaurant bedraagt 200 Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
60
m² bvo. Het aantal openbare parkeerplaatsen dat kan worden gesaldeerd bedraagt daarmee maximaal 14,0 (= 200/100 * 7,0) parkeerplaatsen. Dit is een normatieve parkeervraag die omgerekend dient te worden naar een parkeervraag per dagdeel (zie Bijlage 4). De parkeervraag van het restaurant van 14,0 parkeerplaatsen wordt in de huidige situatie volledig afgewenteld op openbaar gebied. Daarom mag deze van de parkeervraag op het maatgevende moment afgetrokken worden. Op het maatgevende moment, de vrijdagmiddag, geldt voor een restaurant een parkeervraag van 8,4 pp (14,0 * 0,6). Daarmee resteert een parkeervraag van 122,8 – 8,4 = 114,4 parkeerplaatsen. Functie
Normatieve parkeer
werkdag
werkdag
werkdag
werkdag
koop
vrijdag
vrijdag
zaterdag
zaterdag
zondag
middag
avond
middag
avond
middag
middag
avond
nacht
avond1
30%
40%
80%
0%
80%
60%
90%
70%
100%
40%
4,2
5,6
11,2
0,0
11,2
8,4
12,6
9,8
14,0
5,6
11,2
8,4
12,6
9,8
14,0
5,6
ochtend
vraag Restaurant Autoparkeren Restaurant
14,0
Totaal 14,0 4,2 5,6 11,2 0,0 Tabel 28: Bepaling saldering auto rekenvoorbeeld 2 op het maatgevende moment Stap 4: reductie deelauto
De inzet van deelauto’s kan alleen leiden tot een reductie van de parkeervraag van bewoners en werknemers (maximaal 20%), mits er een onderbouwd mobiliteitsbeheersplan wordt aangeleverd. Dit betekent dat van die parkeervraag (46,2 * 0,20 =) 9,24 parkeerplaatsen theoretisch gezien kunnen worden ingevuld met deelauto’s. Op basis hiervan kiest de initiatiefnemer voor het inzetten van twee deelauto’s voor bewoners. Dit heeft gevolgen voor acht parkeerplaatsen. Met het toepassen van twee deelauto’s ontstaat een nieuwe parkeereis van 40,2 autoparkeerplaatsen (46,2 – 8 reguliere parkeerplaatsen + 2 parkeerplaatsen voor deelauto’s = 40,2). Stap 5: vrijstelling parkeereis De afgeronde autoparkeereis betreft geen transformatieontwikkeling in het centrum. Van vrijstelling van de parkeereis is derhalve geen sprake. Stap 6: voorzien in de auto- en fietsparkeereis De autoparkeereis van 40,2 parkeerplaatsen wordt rekenkundig afgerond op 40 autoparkeerplaatsen en fietsparkeereis van 56 fietsparkeerplaatsen (excl. bewoners fietsparkeren conform BBL), behorende bij deze ontwikkeling wordt door de initiatiefnemer volledig binnen het plangebied gefaciliteerd. Daarbij moet beoordeeld worden of deze voldoen aan de juiste maatvoering, loopafstanden en kwaliteitseisen. Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
61
Bijlage 12 Halen en brengen scholen Inleiding Het met de auto brengen en halen van kinderen genereert een vraag naar parkeerruimte bij scholen, kinderdagverblijven en buitenschoolse opvang. Deze parkeervraag doet zich voor op vaste momenten van de dag. De auto’s blijven slechts korte tijd bij de locatie staan, waardoor deze niet altijd even zorgvuldig worden geparkeerd. In sommige gevallen is dit aanleiding voor klachten van omwonenden. Deze klachten zijn dikwijls te voorkomen door goede communicatie tussen de school, de ouders, de gemeente en de omwonenden. Extra maatregelen zijn immers kostbaar, vaak moeilijk te realiseren en bijkomende regelgeving is moeilijk te handhaven. Daarom is het maar de vraag of met de aanleg van parkeervoorzieningen het probleem verholpen wordt. Rekenmethode Voor gemeenten die toch iets aan de kortstondig optredende problemen van het brengen en halen van kinderen met de auto willen doen, is een rekentool ontwikkeld. Hieronder staat de formule van het CROW1 beschreven om het benodigde aantal parkeervoorzieningen bij basisscholen en kinderdagverblijven te berekenen. Formule CROW: Aantal kinderen x % kinderen met de auto x Reductiefactor parkeerduur uit tabel 29 x reductiefactor aantal kinderen per auto uit tabel 30 Het percentage kinderen dat wordt gebracht en gehaald met de auto ligt tussen de 1% en 60%. Dit is onder meer afhankelijk van:
Stedelijkheidsgraad
Gebiedsprofiel
De gemiddelde afstand naar school
Gemiddeld ligt het percentage op:
Groep 1 t/m 3: 30 – 60%
Groep 4 t/m 8: 5 – 40%
Kinderdagverblijf: 50 – 80%
Bij gescheiden aanvangs- en eindtijd van de groepen 1 t/m 3 en 4 t/m 8 mag het aantal parkeerplaatsen met maximaal 40% worden gereduceerd.
1
Deze formule komt uit niet uit publicatie 744, maar uit een eerdere uitgave van parkeerkencijfers van het CROW Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
62
Groep
Parkeerduur
Reductiefactor
1 t/m 3
Gemiddeld 10 minuten in periode van 20
0,5
minuten 4 t/m 8
Gemiddeld 2,5 minuten in periode van 10
0,25
minuten kinderdagverblijf
Gemiddeld 15 minuten in periode van 60
0,25
minuten tabel 29: Reductiefactor parkeerduur
Groep
Reductiefactor
1 t/m 3
0,75
4 t/m 8
0,85
kinderdagverblijf
0,75
tabel 30: Reductiefactor aantal kinderen per auto
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
63
Rekenvoorbeeld Hier volgt een voorbeeld voor de bepaling van het aantal parkeerplaatsen voor een school met 160 leerlingen. 60 Leerlingen zitten in de groepen 1 t/m 3. Hiervan wordt 30% met de auto gebracht en gehaald. De overige 100 leerlingen zitten in de groepen 4 t/m 8. Hiervan wordt 10% gehaald en gebracht. Ingevuld in de genoemde formule van het CROW levert dit de volgende parkeervraag op:
Groep 1 t/m 3: 60 leerlingen x 0,3 (30% met de auto) x 0,5 (reductiefactor parkeerduur) x 0,75 (reductiefactor aantal kinderen per auto) = 6,75 Groep 4 t/m 8: 100 leerlingen x 0,10 (10% met de auto) x 0,25 (reductiefactor parkeerduur) x 0,85(reductiefactor aantal kinderen per auto) = 2,125 6,75 + 2,125 = 8,875 tabel 31: Rekenvoorbeeld school In totaal zijn er afgrond negen parkeerplaatsen nodig. Locatiekeuze Wanneer de gemeente besluit om voor deze parkeervraag voorzieningen aan te leggen, moet de locatie van deze parkeerplaatsen zorgvuldig worden gekozen. De plaatsen moeten zoveel mogelijk langs de doorgaande route liggen en een minimale loopafstand naar de school hebben. Er kan eventueel een speciale ingang komen. Parkeerplaatsen die te ver van de school of van de ingang liggen, zullen niet worden gebruikt. Hiernaast moet erop worden toegezien dat het personeel deze parkeerplaatsen niet gebruikt. Voor een school met een regionale functie moet bij de dimensionering van de parkeervakken rekening worden gehouden met het feit dat ook personenbusjes gebruik maken van de parkeervoorziening.
Bijlagen Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025
64