Bijlage 1a Bijlagen bij ruimtelijke onderbouwing Hollandsestr. 7 Ww
Tekst van het document
92,92 95,00 91,98 93,77 90,38
86,13 86,02 79,98 87,50 80,00
4,31 5,05 8,41 3,91 5,47
2,72 2,05 3,80 2,37 3,85
5,78 5,38 8,34 5,00 8,00
4,62 5,16 7,85 4,27 6,25
4,36 2,95 4,22 3,86 5,77
8,09 8,60 11,69 7,50 12,00
867,00 765,00 1156,11 775,00 113,00
341,00 418,00 553,40 316,00 47,00
149,00 160,00 172,97 140,00 20,00
41,00 43,00 116,10 33,00 7,00
10,00 9,00 22,86 8,00 2,00
10,00 10,00 18,03 8,00 2,00
44,00 44,00 108,31 36,00 8,00
16,00 13,00 25,37 13,00 3,00
14,00 16,00 25,28 12,00 3,00
39397 Grotestraa Grotestraa Holland Duvenvoor
6,88 6,73 6,73 6,55 6,55
2,32 3,44 3,44 3,75 3,75
1,02 0,68 0,68 0,80 0,80
83,13 97,31 98,02 93,50 93,50
85,71 98,47 98,88 93,50 93,50
75,51 97,60 98,23 93,50 93,50
7,53 1,75 1,29 5,00 5,00
5,36 1,02 0,75 5,00 5,00
8,16 1,87 1,38 5,00 5,00
9,34 0,94 0,69 1,50 1,50
8,93 0,50 0,37 1,50 1,50
16,33 0,53 0,39 1,50 1,50
276,00 106,64 108,72 30,62 30,62
96,00 55,16 56,06 17,53 17,53
37,00 10,81 11,01 3,74 3,74
25,00 1,92 1,43 1,64 1,64
6,00 0,57 0,43 0,94 0,94
4,00 0,21 0,15 0,20 0,20
31,00 1,03 0,77 0,49 0,49
10,00 0,28 0,21 0,28 0,28
8,00 0,06 0,04 0,06 0,06
Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: Kraaij Akoestisch Adviesbureau
13-2-2024 10:49:17
Bijlage I Modelgegevens Model: Groep:
eerste model, VL 2040 versie van Hollandsestraat - Waalwijk (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
ItemID
Naam
Omschr.
X
Y
Maaiveld
Hoogte A
Hoogte B
Hoogte C
Hoogte D
Hoogte E
Hoogte F
Gevel
215619 215620 215621 215622 215623
T 01 T 02 T 03 T 04 T 04a
Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (bg) Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (vd)
131802,93 131803,70 131804,43 131810,38 131810,08
411106,87 411099,48 411092,49 411087,96 411088,85
1,99 1,98 1,74 1,57 1,59
Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
1,50 1,50 1,50 1,50 --
4,50 4,50 4,50 -4,50
7,50 7,50 7,50 -7,50
------
------
------
Ja Ja Ja Ja Ja
215624 215625 215626 215627 215628
T 05 T 05a T 06 T 07 T 08
Toetspunt achtergevel nieuwbouw (bg) Toetspunt achtergevel nieuwbouw (VD) Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (bg)
131816,84 131814,68 131813,90 131813,17 131808,09
411092,05 411093,59 411100,90 411107,96 411112,35
1,70 1,74 1,95 2,00 2,00
Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
1,50 -1,50 1,50 1,50
-4,50 4,50 4,50 --
-7,50 7,50 7,50 --
------
------
------
Ja Ja Ja Ja Ja
215629 215635
T 08a T 08b
Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd)
131810,08 131804,71
411111,47 411111,00
2,00 1,99
Relatief Relatief
-1,50
4,50 4,50
7,50 7,50
---
---
---
Ja Ja
Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: Kraaij Akoestisch Adviesbureau
Hdef.
13-2-2024 10:49:17
Bijlage I Modelgegevens Model: Groep:
eerste model, VL 2040 versie van Hollandsestraat - Waalwijk (hoofdgroep) Lijst van Schermen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Naam
Omschr.
H-1
H-n
M-1
M-n
ISO_H
ISO M.
469 1227 2759 4881 6014
Type = geprojecteerd Type = geprojecteerd Type = geprojecteerd Type = geprojecteerd Type = geprojecteerd
6,00 6,00 6,00 1,50 6,00
6,00 6,00 6,00 1,50 6,00
1,55 1,66 1,66 6,55 1,64
1,64 1,66 1,47 6,00 1,66
6,00 6,00 6,00 1,50 6,00
------
Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: Kraaij Akoestisch Adviesbureau
Hdef.
Lengte
Cp
Zwevend
Refl.L 63
Refl.L 125
Refl.L 250
Refl.L 500
Refl.L 1k
Refl.L 2k
Refl.L 4k
Refl.L 8k
Refl.R 63
Refl.R 125
Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde
19,04 397,03 198,12 66,83 236,18
0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB
Nee Nee Nee Nee Nee
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
13-2-2024 10:49:17
Bijlage I Modelgegevens Model: Groep:
eerste model, VL 2040 versie van Hollandsestraat - Waalwijk (hoofdgroep) Lijst van Schermen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Naam
Refl.R 250
Refl.R 500
Refl.R 1k
Refl.R 2k
Refl.R 4k
Refl.R 8k
Adiffr 63
Adiffr 125
Adiffr 250
Adiffr 500
Adiffr 1k
Adiffr 2k
Adiffr 4k
Adiffr 8k
469 1227 2759 4881 6014
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: Kraaij Akoestisch Adviesbureau
13-2-2024 10:49:17
Bijlage I Modelgegevens Model: Groep:
eerste model, VL 2040 versie van Hollandsestraat - Waalwijk nieuwbouw Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
ItemID
Naam
Omschr.
Hoogte
Maaiveld
Hdef.
Oppervlak
Cp
Zwevend
Refl. 63
Refl. 125
Refl. 250
Refl. 500
Refl. 1k
Refl. 2k
Refl. 4k
Refl. 8k
215613 215614 215615 215616 215617
nieuw app aanbouw aanbouw berging berging
Nieuwbouw 5 appartementen aanbouw noord bij nieuwbouw aanbouw zuid bij nieuwbouw bijgebouw tbv nieuwbouw bijgebouw bij nieuwbouw bg zuidzijde
9,00 3,00 3,00 3,00 3,00
1,99 1,99 1,57 2,06 1,82
Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
224,53 5,41 4,67 19,00 39,66
0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB
False False False False False
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
215618 215632
galerij berging
galerij voor appartementen verdieping bijgebouw
0,20 3,00
4,60 2,07
Eigen waarde Relatief
30,95 6,46
0 dB 0 dB
False False
0,80 0,80
0,80 0,80
0,80 0,80
0,80 0,80
0,80 0,80
0,80 0,80
0,80 0,80
0,80 0,80
Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: Kraaij Akoestisch Adviesbureau
13-2-2024 10:49:17
Bijlage I Modelgegevens Rapport: Model:
Lijst van model eigenschappen eerste model, VL 2040
Model eigenschap Omschrijving Verantwoordelijke Rekenmethode
eerste model, VL 2040 Patricia #2|Wegverkeerslawaai|RMG-2012, wegverkeer|
Aangemaakt door Laatst ingezien door Model aangemaakt met
Patricia op 6-2-2024 Patricia op 13-2-2024 Geomilieu V2023.3
Dagperiode Avondperiode Nachtperiode Samengestelde periode Waarde Standaard maaiveldhoogte Rekenhoogte contouren Detailniveau toetspunt resultaten Detailniveau resultaten grids Rekenoptimalisatie aan Zoekafstand [m] Aandachtsgebied Max.refl.afstand Standaard bodemfactor Openingshoek Max.refl.diepte Geometrische uitbreiding Luchtdemping Luchtdemping [dB/km] Meteorologische correctie Waarde voor C0
07:00 - 19:00 19:00 - 23:00 23:00 - 07:00 Lden Gem(Dag, Avond + 5, Nacht + 10) 0 4 Groepsresultaten Groepsresultaten Ja 5000 5000 -1,00 2 1 Volledige 3D analyse Conform standaard 0,00; 0,00; 1,00; 2,00; 4,00; 10,00; 23,00; 58,00 Conform standaard 3,50
Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: Kraaij Akoestisch Adviesbureau
13-2-2024 10:50:21
Bijlage I Modelgegevens Commentaar import BBMA v2022, peiljaar 2040 12-02-2024 11:54: Importeren Geluidregister Wegen v2308
Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: Kraaij Akoestisch Adviesbureau
13-2-2024 10:50:21
Akoestisch onderzoek ontwikkeling Hollandsestraat 7 in Waalwijk
BIJLAGE II Rekenresultaten vanwege de Rijksweg A59
Bijlage II Rekenresultaten vanwege de rijksweg A59 Rapport: Model: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel eerste model, VL 2040 LAeq totaalresultaten voor toetspunten rijksweg A59 Ja
Naam Toetspunt
Omschrijving
X
Y
Hoogte
Lden
T 01_A T 01_B T 01_C T 02_A T 02_B
Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west)
131802,93 131802,93 131802,93 131803,70 131803,70
411106,87 411106,87 411106,87 411099,48 411099,48
1,50 4,50 7,50 1,50 4,50
39 42 44 39 42
T 02_C T 03_A T 03_B T 03_C T 04_A
Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (bg)
131803,70 131804,43 131804,43 131804,43 131810,38
411099,48 411092,49 411092,49 411092,49 411087,96
7,50 1,50 4,50 7,50 1,50
45 39 42 45 34
T 04a_B T 04a_C T 05_A T 05a_B T 05a_C
Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt achtergevel nieuwbouw (bg) Toetspunt achtergevel nieuwbouw (VD) Toetspunt achtergevel nieuwbouw (VD)
131810,08 131810,08 131816,84 131814,68 131814,68
411088,85 411088,85 411092,05 411093,59 411093,59
4,50 7,50 1,50 4,50 7,50
38 41 37 40 43
T 06_A T 06_B T 06_C T 07_A T 07_B
Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw
131813,90 131813,90 131813,90 131813,17 131813,17
411100,90 411100,90 411100,90 411107,96 411107,96
1,50 4,50 7,50 1,50 4,50
-41 44 -41
T 07_C T 08_A T 08a_B T 08a_C T 08b_A
Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (bg) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd)
131813,17 131808,09 131810,08 131810,08 131804,71
411107,96 411112,35 411111,47 411111,47 411111,00
7,50 1,50 4,50 7,50 1,50
45 40 43 47 40
T 08b_B T 08b_C
Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd)
131804,71 131804,71
411111,00 411111,00
4,50 7,50
43 48
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: Kraaij Akoestisch Adviesbureau
13-2-2024 12:53:41
Akoestisch onderzoek ontwikkeling Hollandsestraat 7 in Waalwijk
BIJLAGE III Rekenresultaten vanwege de 30 km/u wegen bij de planlocatie Hollandsestraat, Van Duvenvoordestraat en Grotestraat
Bijlage III Rekenresultaten vanwege de 30 km/u wegen bij de planlocatie Rapport: Model: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel eerste model, VL 2040 LAeq totaalresultaten voor toetspunten 30 km/u wegen Ja
Naam Toetspunt
Omschrijving
X
Y
Hoogte
Lden
T 01_A T 01_B T 01_C T 02_A T 02_B
Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west)
131802,93 131802,93 131802,93 131803,70 131803,70
411106,87 411106,87 411106,87 411099,48 411099,48
1,50 4,50 7,50 1,50 4,50
46 46 46 46 46
T 02_C T 03_A T 03_B T 03_C T 04_A
Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (bg)
131803,70 131804,43 131804,43 131804,43 131810,38
411099,48 411092,49 411092,49 411092,49 411087,96
7,50 1,50 4,50 7,50 1,50
46 46 46 46 42
T 04a_B T 04a_C T 05_A T 05a_B T 05a_C
Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt achtergevel nieuwbouw (bg) Toetspunt achtergevel nieuwbouw (VD) Toetspunt achtergevel nieuwbouw (VD)
131810,08 131810,08 131816,84 131814,68 131814,68
411088,85 411088,85 411092,05 411093,59 411093,59
4,50 7,50 1,50 4,50 7,50
43 43 36 36 37
T 06_A T 06_B T 06_C T 07_A T 07_B
Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw
131813,90 131813,90 131813,90 131813,17 131813,17
411100,90 411100,90 411100,90 411107,96 411107,96
1,50 4,50 7,50 1,50 4,50
-33 35 -29
T 07_C T 08_A T 08a_B T 08a_C T 08b_A
Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (bg) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd)
131813,17 131808,09 131810,08 131810,08 131804,71
411107,96 411112,35 411111,47 411111,47 411111,00
7,50 1,50 4,50 7,50 1,50
32 40 40 40 43
T 08b_B T 08b_C
Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd)
131804,71 131804,71
411111,00 411111,00
4,50 7,50
42 42
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: Kraaij Akoestisch Adviesbureau
13-2-2024 12:54:34
Akoestisch onderzoek ontwikkeling Hollandsestraat 7 in Waalwijk
BIJLAGE IV Rekenresultaten na cumulatie van geluid wegverkeerslawaai
Bijlage IV Rekenresultaten na cumulatie van geluid wegverkeerslawaai Rapport: Model: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel eerste model, VL 2040 LAeq totaalresultaten voor toetspunten wegen Nee
Naam Toetspunt
Omschrijving
X
Y
Hoogte
Lden
T 01_A T 01_B T 01_C T 02_A T 02_B
Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west)
131802,93 131802,93 131802,93 131803,70 131803,70
411106,87 411106,87 411106,87 411099,48 411099,48
1,50 4,50 7,50 1,50 4,50
51 52 52 51 52
T 02_C T 03_A T 03_B T 03_C T 04_A
Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt voorgevelzijde nieuwbouw (west) Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (bg)
131803,70 131804,43 131804,43 131804,43 131810,38
411099,48 411092,49 411092,49 411092,49 411087,96
7,50 1,50 4,50 7,50 1,50
52 51 52 52 47
T 04a_B T 04a_C T 05_A T 05a_B T 05a_C
Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel zuidzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt achtergevel nieuwbouw (bg) Toetspunt achtergevel nieuwbouw (VD) Toetspunt achtergevel nieuwbouw (VD)
131810,08 131810,08 131816,84 131814,68 131814,68
411088,85 411088,85 411092,05 411093,59 411093,59
4,50 7,50 1,50 4,50 7,50
49 49 43 45 47
T 06_A T 06_B T 06_C T 07_A T 07_B
Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt achtergevel nieuwbouw
131813,90 131813,90 131813,90 131813,17 131813,17
411100,90 411100,90 411100,90 411107,96 411107,96
1,50 4,50 7,50 1,50 4,50
-44 47 -44
T 07_C T 08_A T 08a_B T 08a_C T 08b_A
Toetspunt achtergevel nieuwbouw Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (bg) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd)
131813,17 131808,09 131810,08 131810,08 131804,71
411107,96 411112,35 411111,47 411111,47 411111,00
7,50 1,50 4,50 7,50 1,50
48 47 48 51 49
T 08b_B T 08b_C
Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd) Toetspunt zijgevel noordzijde nieuwbouw (vd)
131804,71 131804,71
411111,00 411111,00
4,50 7,50
50 52
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: Kraaij Akoestisch Adviesbureau
13-2-2024 13:01:32
Akoestisch onderzoek ontwikkeling Hollandsestraat 7 in Waalwijk
FIGUREN
Bijlage 1: Stroomschema standaard verantwoording
Heeft uw gemeente vragen? n.denhaan@omwb.nl p.verstraten@omwb.nl
Start Niet gekleurde zone
Waar?
Geen verantwoording
Grijze zone Invloedsgebied
Blauwe zone
Conserverend1
Standaard verantwoording2
Zone 30-200/750 m
Gele zone Zone tot 30 m
Aard van het plan? Niet gekleurde zone
Ontwikkeling of wijziging
Geen verantwoording
Grijze zone Invloedsgebied
Geldt een beperkte verantwoording op basis van het Bevt/Bevb én is sprake van zelfredzame personen?4
Ja
Standaard verantwoording2
Waar? Transportroute en/of buisleiding3
Blauwe zone Zone 30-200/750 m
Gele zone Zone tot 30 m
Van welke risicobron(nen) is de zone afkomstig?
Beviinrichting
Nee
Maatwerk Verantwoording5
1: Een conserverend plan laat juridisch-planologisch geen nieuwe ontwikkelingen toe. Een beheersverordening behoort hier ook toe. Een conserverend bestemmingsplan waarin wijzigingsgebieden of uit te werken bestemmingen (opnieuw) worden vastgelegd, wordt beschouwd als een ontwikkeling/wijziging. Een legalisatie wordt ook beschouwd als een ontwikkeling/wijziging. 2: Bij een standaard verantwoording kan ook altijd het standaardadvies van de Veiligheidsregio worden toegepast. 3: Onder transportroute wordt verstaan: wegen (incl. gemeentelijke wegen), spoorwegen en waterwegen 4: Indien beide vragen met ‘ja’ beantwoord kunnen worden, volg dan ‘ja’. Zo niet, volg dan ‘nee’. Wat de toepassingsvereisten zijn bij een beperkte verantwoording staat verwoord in artikel 8, lid 2 van het Bevt en artikel 12, lid 3 van het Bevb. De motivering in hoeverre de beperkte verantwoording kan worden toegepast, dient te worden opgenomen in het ruimtelijk plan. Personen zijn zondermeer niet zelfredzaam wanneer sprake is van ziekenhuizen, basisscholen, kinderdagverblijven, peuterspeelzalen, bejaardentehuizen, verpleeg- en verzorgingstehuizen en gevangenissen. 5: De OMWB kan een dergelijke verantwoording voor uw gemeente opstellen of daarbij ondersteunen.
Gemeente Waalwijk T.a.v. College van Burgemeester en Wethouders Postbus 10150 5140 GB WAALWIJK
Sector Risicobeheersing Taakveld RO&I Postbus 3208 5003 DE Tilburg Telefoon (088) 2250100 www.brandweermwb.nl
Datum Onze referentie
23 januari 2023 VRMWB2023-000493
Uw referentie Uw brief van
Harry Killaars / Jaap Oosterwegel 06-53625089 / 06-10073204 E-mail info@brandweermwb.nl Onderwerp Standaardadvies 2023
Behandeld door Doorkiesnummer
Geacht College, Een deel van uw gemeente is gelegen in invloedsgebieden van één of meerdere Brzo bedrijven of van een spoorlijn, autoweg of buisleiding. Uw gemeentelijk beleid externe veiligheid en de Besluiten externe veiligheid inrichtingen (Bevi), buisleidingen (Bevb) en transportroutes (Bevt) verplichten u het groepsrisico te verantwoorden van ieder ruimtelijk besluit dat u in een invloedsgebied neemt. De Omgevingsdienst Middenen West-Brabant heeft voor uw gemeente een standaard groepsrisicoverantwoording opgesteld. Het standaardadvies van de Veiligheidsregio is hierop afgestemd. Werkingssfeer advies Met deze brief voorzien wij u van een standaard advies 2023, voor ruimtelijke ontwikkelingen in de invloedsgebieden van een Bevi-inrichting en/of de infrastructuur. U kunt de informatie uit de bijlage gebruiken voor de verantwoording van het groepsrisico voor ruimtelijke ontwikkelingen met plangebieden die niet zijn gelegen binnen de nader genoemde afstanden van risicobronnen. In de bijlage kunt u zien wanneer u het standaard advies kunt gebruiken, toegespitst op uw gemeente.
Heeft u vragen over de bereikbaarheid en de juiste hoeveelheid bluswater bij een object of geheel plangebied of voor maatwerk adviezen dan dient u deze te richten aan info@brandweermwb.nl Omgevingswet Heeft u vragen bij onderwerpen uit de Omgevingswet, de keuzes bij het overnemen van de Bruidsschatregels of bij het opstellen van een Omgevingsplan dan adviseren wij u contact op te nemen met de bovengenoemde contactpersonen. Hoogachtend, Namens het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant, Afdelingshoofd Industriële Veiligheid,
De werking van deze bijlage is voorzien van een inhoudsopgave, u kunt in de digitale versie klikken op de gewenste onderwerpen.
Inhoudsopgave Zone indeling standaard verantwoording groepsrisico.............................................................................. 3 Waalwijk ........................................................................................................................................................... 3 Zeer kwetsbare gebouwen ............................................................................................................................... 4 Stroomschema standaard verantwoording ....................................................................................................... 5
pagina 2 van 5
Zone indeling standaard verantwoording groepsrisico Waalwijk
pagina 3 van 5
Zeer kwetsbare gebouwen
Waarom extra aandacht voor zeer kwetsbare gebouwen? Indien bij een van deze gebouwen brand of een incident op afstand plaatsvindt heeft dat direct gevolgen voor de hulpverleningscapaciteit. Niet zelfredzame personen hebben altijd hulp nodig om in veiligheid te worden gebracht. We hanteren voor het begrip zeer kwetsbare gebouwen op een gelijkwaardige wijze als in het Besluit Kwaliteit Leefomgeving Bijlage VI. E. Zeer kwetsbare gebouwen Een gebouw met een van de volgende gebruiksfuncties, alleen voor zover het gaat om die gebruiksfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan: a. een woonfunctie voor 24-uurszorg; b. een bijeenkomstfunctie: 1°. voor kinderopvang; of 2°. voor dagverblijf van personen met een lichamelijke of geestelijke beperking; c. een celfunctie als bedoeld in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving; d. een gezondheidszorgfunctie met bedgebied; of e. een onderwijsfunctie: 1°. voor basisschoolonderwijs; of 2°. voor onderwijs aan minderjarigen met een lichamelijke of geestelijke beperking.
pagina 4 van 5
Stroomschema standaard verantwoording
1.
2. 3. 4.
5.
Een conserverend plan laat juridisch-planologisch geen nieuwe ontwikkelingen toe. Een beheersverordening behoort hier ook toe. Een conserverend bestemmingsplan waarin wijzigingsgebieden of uit te werken bestemmingen (opnieuw) worden vastgelegd, wordt beschouwd als een ontwikkeling/wijziging. Een legalisatie wordt ook beschouwd als een ontwikkeling/wijziging. Bij een standaard verantwoording kan ook altijd het standaardadvies van de Veiligheidsregio worden toegepast. Onder transportroute wordt verstaan: wegen (incl. gemeentelijke wegen), spoorwegen en waterwegen en buisleidingen. Indien beide vragen met ‘ja’ beantwoord kunnen worden, volg dan ‘ja’. Zo niet, volg dan ‘nee’. Wat de toepassingsvereisten zijn bij een beperkte verantwoording staat verwoord in artikel 8, lid 2 van het Bevt en artikel 12, lid 3 van het Bevb. De motivering in hoeverre de beperkte verantwoording kan worden toegepast, dient te worden opgenomen in het ruimtelijk plan. Personen zijn zondermeer niet zelfredzaam wanneer sprake is van ziekenhuizen, basisscholen, kinderdagverblijven, peuterspeelzalen, bejaardentehuizen, verpleeg- en verzorgingstehuizen en gevangenissen. De OMWB kan een dergelijke verantwoording voor uw gemeente opstellen of daarbij ondersteunen. (afhankelijk van uw DVO).
Voor alle overige ruimtelijke ontwikkelingen dient u het Bestuur van Veiligheidsregio MWB in de gelegenheid te stellen een maatwerkadvies uit te brengen. Indien de planlocatie buiten de bovengenoemde zones ligt dan is een BEVI-adviesaanvraag niet vereist (situatie tot inwerkingtreding van de Omgevingswet.
pagina 5 van 5
Rapport
verkennend bodemonderzoek Hollandsestraat 7 te Waalwijk
Projectnaam Projectnummer
Hollandsestraat 7 te Waalwijk B3394
Opdrachtgever Postadres
Van den Berg Ruimtelijke Ordening 't Rond 9 4285 DE Woudrichem heer J. van den Berg
Contactpersoon Status Versie
Definitief 2
Aantal pagina’s Datum
17 (exclusief bijlagen) 15 februari 2024
Samenstelling rapport en kwaliteitscontrole
dhr. M. Gloudemans
Paraaf
Bezoekadres Postcode en plaats Telefoon e-mail internet
Jekschotstraat 12 5465 PG Veghel 0413 287068 info@bodem-inzicht.nl www.bodem-inzicht.nl
Inhoudsopgave 1 INLEIDING ................................................................................................................................................................. 4
2
3
4
5
1.1
Algemeen ................................................................................................................................................................ 4
1.2
Aanleiding en doel van het onderzoek.................................................................................................................... 4
1.3
Partijdigheid ............................................................................................................................................................ 4
1.4
Opbouw van het rapport ........................................................................................................................................ 4
VOORONDERZOEK NEN5725 ..................................................................................................................................... 5 2.1
Beschrijving onderzoekslocatie ............................................................................................................................... 5
2.2
Voormalig en huidig gebruik van de locatie ............................................................................................................ 5
2.3
Toekomstig gebruik................................................................................................................................................. 6
2.4
Beschikbare onderzoeksgegevens .......................................................................................................................... 6
2.5
Bodem- en geohydrologische gegevens ................................................................................................................. 6
2.6
Terreinverkenning ................................................................................................................................................... 6
2.7
Conclusie vooronderzoek en hypothese ................................................................................................................. 6
2.8
Onderzoeksstrategie verdachte deellocaties .......................................................................................................... 7
2.9
Onderzoeksstrategie overig terrein ........................................................................................................................ 7
VERKENNEND BODEMONDERZOEK VERDACHTE LOCATIES ....................................................................................... 8 3.1
Veldwerkzaamheden .............................................................................................................................................. 8
3.2
Monsternemingspatroon ........................................................................................................................................ 8
3.3
Zintuiglijke waarnemingen en veldmetingen .......................................................................................................... 8
3.4
Analyse en monsterselectie .................................................................................................................................... 8
3.5
Geselecteerde grondmonsters en analysepakket ................................................................................................... 9
3.6
Toetsingskader ........................................................................................................................................................ 9
3.7
Analyseresultaten grondmonsters en interpretatie.............................................................................................. 10
VERKENNEND BODEMONDERZOEK OVERIGE ONVERDACHTE LOCATIE ................................................................... 11 4.1
Veldwerkzaamheden ............................................................................................................................................ 11
4.2
Monsternemingspatroon ...................................................................................................................................... 11
4.3
Zintuiglijke waarnemingen en veldmetingen ........................................................................................................ 11
4.4
Meetgegevens grondwater ................................................................................................................................... 12
4.5
Analyse en monsterselectie .................................................................................................................................. 12
4.6
Geselecteerde grondmonsters en analysepakket ................................................................................................. 12
4.7
Overzicht grondwatermonsters en analysepakket ............................................................................................... 12
4.8
Toetsingskader ...................................................................................................................................................... 12
4.9
Analyseresultaten grondmonsters en interpretatie.............................................................................................. 13
4.10
Analyseresultaten grondwatermonsters en interpretatie .................................................................................... 13
AANVULLEND VERKENNEND BODEMONDERZOEK .................................................................................................. 14 5.1
Aanleiding ............................................................................................................................................................. 14
5.2
Onderzoeksstrategie overig terrein ...................................................................................................................... 14
5.3
Veldwerkzaamheden ............................................................................................................................................ 14
5.4
Monsternemingspatroon ...................................................................................................................................... 14
5.5
Zintuiglijke waarnemingen en veldmetingen ........................................................................................................ 14
5.6
Analyse en monsterselectie .................................................................................................................................. 15
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
2
6
5.7
Geselecteerde grondmonsters en analysepakket ................................................................................................. 15
5.8
Analyseresultaten grondmonsters en interpretatie.............................................................................................. 15
CONCLUSIES EN ADVIES .......................................................................................................................................... 16
BIJLAGEN Bijlage 1: Topografische ligging onderzoekslocatie Bijlage 1a: foto’s onderzoekslocatie Bijlage 2: Situatietekening met boorpunten Bijlage 3: Boorprofielbeschrijvingen Bijlage 4: Getoetste tabellen grond en grondwater Bijlage 5: Analysecertificaten Bijlage 6: veldwerkrapportage
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
3
1
INLEIDING
1.1
Algemeen
In opdracht van Van den Berg Ruimtelijke Ordening te Woudrichem heeft Bodeminzicht een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op het perceel Hollandsestraat 7 te Waalwijk (gemeente Waalwijk). 1.2
Aanleiding en doel van het onderzoek
Aanleiding voor het verkennend bodemonderzoek wordt gevormd door de realisatie van woningen. Het doel van het verkennend bodemonderzoek conform NEN5740 is het bepalen van de bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie. 1.3
Partijdigheid
Bodeminzicht en partijen die een bijdrage hebben geleverd aan de totstandkoming van dit rapport hebben op geen enkele wijze een relatie met de opdrachtgever en zijn geen belanghebbenden bij de onderzochte locatie. Bodeminzicht garandeert hiermee derhalve dat een volledig onafhankelijk en onpartijdig onderzoek is uitgevoerd. 1.4
Opbouw van het rapport
In het voorliggende rapport komen de volgende aspecten aan de orde: Vooronderzoek NEN5725 (hoofdstuk 2) Bodemonderzoek bij verdachte locaties conform NEN5740 (hoofdstuk 3) Bodemonderzoek overig (on-)verdacht terrein conform NEN5740 (hoofdstuk 4) Conclusies en aanbevelingen (hoofdstuk 5)
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
4
2
VOORONDERZOEK NEN5725
De NEN 5725 (versie oktober 2017) beschrijft de werkwijze voor het uitvoeren van het vooronderzoek naar de (mogelijke) aanwezigheid van verontreinigingen in en de verwachte milieuhygiënische kwaliteit van de landbodem. Daarnaast dient het milieuhygiënisch vooronderzoek als basis voor de hypothese over veld- en laboratoriumonderzoek. Hierbij zijn de volgende bronnen geraadpleegd: A. opdrachtgever B. Het milieu-archief van de gemeente Waalwijk C. Kadastrale kaarten D. Topografische kaarten (topotijdreis) E. Grondwaterkaarten F. Omgevingsrapportage Brabant Noord G. Locatiebezoek H. Eigenaar/gebruiker onderzoekslocatie 2.1
Beschrijving onderzoekslocatie
adres onderzoekslocatie kadastrale gegevens eigendomssituatie oppervlakte ligging onderzoekslocatie huidige functie beschrijving bebouwing/inrichting beschrijving maaiveld, (half)verhardingslagen, funderingslagen omgeving
2.2
Hollandsestraat 7 te Waalwijk Gemeente Waalwijk sectie D nummer 1219 Eigendom van de hervormde gemeente van Besoyen 1.045 m² De locatie bevindt zich binnen de bebouwde kom in de wijk Besoijen en tussen de Protestantse kerk en de begraafplaats. Wonen met tuin De woning is opgetrokken uit bakstenen en voorzien van dakpannen. Het maaiveld is deels verhard met klinkers, overig terrein is onverhard en in gebruik als tuin. noord Gemeentecentrum oost Woningen zuid Openbare weg Van Duvenvoordestraat, begraafplaats west Openbare weg Hollandsestraat, woningen
Voormalig en huidig gebruik van de locatie
voormalig gebruik locatie algemeen
voormalige bebouwing (sloot-)dempingen
(historische) ophogingen/aangevoerde grond/depots ongewone voorvallen bodembedreigende activiteiten, opslagtanks en opslag bodembedreigende stoffen
De locatie is in gebruik geweest als landbouwgrond ten zuiden van en behorende bij de Protestante Kerk Besoyen. In 1962 wordt de woning opgericht en in gebruik genomen als pastorie. In 1989 wordt de berging aangebouwd.
1954 1972 1985 nee Waterloop de Loint bevond zich mogelijk op de onderzoekslocatie. De Loint is bekend als verontreinigde voormalige watergang, door lozing van industrieel- en bedrijfsafvalwater tot in de jaren ’60 van de 20e eeuw. Een actualisatieonderzoek (Oranjewoud, kenmerk 244625OND, 24-2-2012) vermeld drie mogelijke locaties op basis van archeologie van de ligging van de Loint binnen onderhavige onderzoekslocatie grofweg vòòr 1930. Na 1930 bevond de Loint zich ten zuiden van onderhavige onderzoekslocatie en ter plaatse van de Van Duvenvoordestraat. Buurtbewoners weten dit zich nog te herinneren. nee nee nee
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
5
2.3
Toekomstig gebruik
bestemming bodembedreigende activiteiten opslagtanks opslag bodembedreigende stoffen 2.4
Beschikbare onderzoeksgegevens
onderzoek op locatie onderzoek in directe omgeving onderzoek in ruimere omgeving
Molenstraat 1
Molenstraat 1
Plan Besoyen, Van Duyvenvoordestraat 13-15
2.5
De woonbestemming blijft ongewijzigd. Beoogd wordt de woning te slopen en nieuwe woningen op te richten. nee nee nee
Er zijn geen onderzoeken verricht. Er zijn geen onderzoeken verricht in de directe omgeving. Verder westelijk is op het adres Molenstraat 1/Grotestraat 14 (voormalige lederkledingfabriek) tussen 2013 en 2015 bodemonderzoek verricht. Er was sprake van een verontreiniging met PAK in de vaste bodem, veroorzaakt door bedrijfsactiviteiten. De verontreiniging is gesaneerd in 2015. Ter plaatse van het buitenterrein naast de basisschool op dit adres is in april 2011 verkennend bodemonderzoek verricht (Bakker Milieu, kenmerk BM/1754-11). 2.100 m² is onderzocht in het kader van ingebruikname als moestuin. De bovengrond blijkt licht verontreinigd met zware metalen en PAK. Ter plaatse van de voormalige waterloop de Loint is een humeuze slootbodem aangetroffen met op 1-1,6 m-mv plaatselijk lichte bijmenging van puin. Een analyses is niet verricht. Het grondwater is niet onderzocht. Er is een geringe beperking voor het gebruik als moestuin, geadviseerd wordt grondverbetering te overwegen. Ter plaatse van de basisschool is in 2013 verkennend bodemonderzoek (BK Bodem BV, kenmerk 125691) verricht in het kader van herontwikkeling en een bestemmingswijziging. 5.500 m² is onderzocht. In de zwak puinhoudende bovengrond en in de zintuiglijk schone bovengrond zijn licht verhoogde gehalten aan kwik, lood en/of PAK aangetoond.
In de sterk puin- en zwak slakhoudende ondergrond zijn sterk verhoogde gehalten PAK en matig tot licht verhoogde gehalten zink, koper, kwik en lood aangetoond. Ter plaatse van de gedempte sloot de Loint is op een diepte van 1,5-2,2 m-mv een sterke PAK verontreiniging aangetoond. Nader onderzoek wordt geadviseerd. In 2011 is door UDM Midden (kenmerk 11020168) een nader bodemonderzoek verricht. Uit voorgaande onderzoeken blijkt een sterk verhoogd gehalte PAK ter plaatse van de vermoedelijke voormalige watergang de Loint en ter plaatse van meetpunt 22. Beide locaties worden nader onderzocht. Ter plaatse van meetpunt 22 blijkt geen sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging, de verontreiniging betreft maximaal 12,5 m³ met gehalten PAK > I. Ter plaatse van de voormalige watergang blijkt sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging met gehalten zware metalen, minerale olie, PCB en PAK.
Bodem- en geohydrologische gegevens
deklaag eerste watervoerend pakket scheidende laag
Bodemopbouw fijn tot matig grof zand. Plaatselijk komt leem, klei en veen voor. matig tot zeer grove grindrijke zanden, met plaatselijk een kleilaag. kleihoudende afzettingen
Formatie van Boxtel
0-10 m-mv
Formatie van Sterksel/Beegden Formatie van Waalre
10-50 m-mv 50-120 mmv
hydrologie diepte freatisch grondwater stromingsrichting 2.6
1,5 m-mv Noord tot noordwestelijk
Terreinverkenning
Voorafgaand aan het eerste veldwerk is de onderzoekslocatie geïnspecteerd. Bij de rondgang zijn geen bijzonderheden geconstateerd. 2.7
Conclusie vooronderzoek en hypothese
Uit het verrichte vooronderzoek zijn voormalige bronnen vastgesteld die bodemverontreiniging tot gevolg kunnen hebben. Het betreft drie tracés waar waterloop De Loint mogelijk heeft gestroomd vòòr 1930. Deze drie locaties worden onderzocht rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
6
middels een raai (boringen op een rij). De overige locatie wordt als onverdachte locatie beschouwd (ONV-NL). Op basis van topografische kaarten is vastgesteld dat de locatie op de rand van oud-stedelijk gebied ligt. Volgens de eigenaar was tot de jaren zestig sprake van weiland. De bodem binnen de onderzoekslocatie wordt op basis van het vooronderzoek en de terreinverkenning niet als asbestverdacht beschouwd. Vanuit de directe omgeving wordt geen beïnvloeding verwacht op de bodemkwaliteit. 2.8
Onderzoeksstrategie verdachte deellocaties
deellocatie
boringen tot 0,5 m-onderzijde waterloop
Loint 1868 Loint 1899 Loint 1928
3 (raai) 3 (raai) 3 (raai)
2.9
analyses
1 1 1
standaardpakket grond standaardpakket grond standaardpakket grond
Onderzoeksstrategie overig terrein
(deel)-locatie
overig terrein
oppervlakte (m²) 1.045
strategie
boringen tot 0,5 m-mv
2,0 m-mv
peilbuis
analyses
ONV-NL
6
1
1
1 standaardpakket bovengrond 1* standaardpakket ondergrond 1 standaardpakket grondwater * de analyse voor ondergrond wordt vastgesteld middels het verrichte onderzoek van de tracés van de voormalige loop van de Loint.
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
7
3
VERKENNEND BODEMONDERZOEK VERDACHTE LOCATIES
3.1
Veldwerkzaamheden
verricht onder procescertificaat BRL SIKB 2000 conform protocol 2001 ja datum 17 januari 2024 veldmedewerker(s) M. Gloudemans, Bodeminzicht certificaat EC-SIK-20303 afwijkingen bijzonderheden • • • 3.2
In bijlage 2 is de plaats van de meetpunten in de situatietekening opgenomen. Voor de gedetailleerde boorprofielbeschrijvingen per boring wordt verwezen naar bijlage 3. In bijlage 6 zijn de veldwerkrapportages opgenomen Monsternemingspatroon
De boringen zijn geplaatst in de vermoedelijke gedempte waterlooptracés. De resultaten van het onderzoek kunnen daardoor als voldoende representatief worden beschouwd. 3.3
Zintuiglijke waarnemingen en veldmetingen
Tijdens het verrichten van veldwerk zijn bijmengingen aangetroffen in de bodem die kunnen duiden op bodemverontreiniging. In de bodem ter plaatse van de vermoede ligging van voormalige tracés zijn tot een diepte van maximaal 1,7 m-mv bijmengingen van baksteen waargenomen. tracé
traject soort waargenomen bijzonderheden (m -mv) Loint 1868 3a 0,00 - 0,50 Zand resten wortels 0,50 - 1,10 Zand resten baksteen 1,10 - 1,45 Zand resten baksteen 3b 2,00 0,00 - 1,00 Zand resten baksteen 1,00 - 1,80 Zand resten baksteen 3c 2,00 0,50 - 1,00 Zand resten baksteen 1,00 - 1,70 Zand zwak baksteenhoudend Loint 1899 5a 2,00 0,70 - 1,00 Zand resten baksteen 1,00 - 1,50 Zand resten wortels, resten baksteen 5b 2,00 0,00 - 0,50 Zand zwak wortelhoudend 0,50 - 1,00 Zand resten baksteen, resten wortels 1,00 - 1,60 Zand resten baksteen 5c 2,00 0,00 - 0,50 Zand zwak wortelhoudend 0,50 - 1,50 Zand sporen baksteen Loint 1928 8a 2,00 0,00 - 1,00 Zand resten wortels, sporen baksteen 8b 2,00 0,00 - 1,00 Zand resten wortels, sporen baksteen 8c 2,00 0,00 - 1,00 Zand resten wortels De beoordeling van de opgeboorde grond vormt geen aanleiding voor aanpassingen van de onderzoeksstrategie. 3.4
boring
diepte boring (m -mv) 2,00
Analyse en monsterselectie
De analyses van de grond- en grondwatermonsters geven informatie over de feitelijke aanwezigheid en concentraties van onderzochte stoffen of groepen stoffen. De chemische analyses zijn uitgevoerd volgens het door de door de Raad voor Accreditatie (RvA) geaccrediteerde laboratorium Al-West B.V. in Deventer. Het laboratorium werkt volgens de meest van toepassing zijnde normen van het Nederland Normalisatie Instituut (NNI).
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
8
3.5
Geselecteerde grondmonsters en analysepakket
Tracé
traject (m -mv)
Loint 1868
analysemonster OG1
Loint 1899
OG2
0,50 - 1,50
Loint 1928
OG3
1,00 - 1,50
1.
3.6
1,00 - 1,80
deelmonsters bijzonderheden
3a (1,10 - 1,45) resten-zwak baksteen 3b (1,30 - 1,80) 3c (1,00 - 1,50) 5a (1,00 - 1,50) sporen-resten baksteen 5b (1,00 - 1,50) 5c (0,50 - 1,00) 8a (1,00 - 1,40) sporen baksteen 8b (1,00 - 1,40) 8c (1,00 - 1,50)
analysepakket1
NEN 5740 Standaardpakket + Structuur en voorb. (AS3000) NEN 5740 Standaardpakket + Structuur en voorb. (AS3000) NEN 5740 Standaardpakket + Structuur en voorb. (AS3000)
Het NEN 5740 standaardpakket bodem bestaat uit de volgende parameters: droogrest, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), PCB’s, PAK, minerale olie.
Toetsingskader
De verontreinigingssituatie van de bodem kan worden beoordeeld door toetsing van de gemeten gehaltes in grond en grondwater aan de achtergrondwaardes grond en streefwaarden grondwater en de interventiewaarden grond en grondwater. De achtergrondwaarden geven het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. De interventiewaarden geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier en plant ernstig zijn of dreigen te worden verminderd. Om van een “geval van ernstige bodemverontreiniging” te spreken dient voor ten minste één stof de gemiddelde concentratie van minimaal 25 m³ grond of 100 m³ grondwater hoger te zijn dan de interventiewaarde. In onderhavig rapport worden de volgende termen gebruikt om de mate van verontreiniging aan te geven: • niet verontreinigd: de concentratie aan verontreiniging is lager dan of gelijk aan de achtergrondwaarde; • licht verontreinigd: de concentratie aan verontreiniging is hoger dan de achtergrondwaarde maar lager dan of gelijk aan de halve som van de achtergrond- en interventiewaarde; • matig verontreinigd: de concentratie aan verontreiniging is hoger dan de halve som van de achtergrond- en interventiewaarde maar lager dan of gelijk aan de interventiewaarde; • sterk verontreinigd: de concentratie aan verontreinigingen is hoger dan de interventiewaarde. Uit de NEN 5740 kan het volgende worden afgeleid.
Uitvoering van vervolgonderzoek is in de meeste gevallen alleen noodzakelijk wanneer de concentratie van een stof de halve som van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde overschrijdt. Deze waarde wordt ook in de Leidraad Bodembescherming gehanteerd als de concentratiegrens waarboven een nader onderzoek moet worden uitgevoerd. Bij overschrijding van de interventie-waarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de saneringsurgentie te bepalen. Toetsing analyseresultaten grond en grondwater De analyseresultaten van de grond zijn getoetst aan de achtergrond- (A) en interventiewaarden (I) uit de circulaire streef- en interventiewaarden bodemsanering [Staatscourant 2000-39]. In de toetsingstabel zijn zowel de achtergrondwaarden (A) als de interventiewaarden (I) voor microverontreinigingen opgenomen. De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van het (gemeten) lutum- en organisch stofgehalte van de bodem. De analyseresultaten van het grondwater zijn getoetst aan de streef- (S) en interventiewaarden (I). De gemeten waarden van de onderzochte (meng-)monsters met overschrijdingstabellen zijn in bijlage 4 weergegeven. In bijlage 5 zijn de analysecertificaten opgenomen.
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
9
3.7
Analyseresultaten grondmonsters en interpretatie Tracé
analysemonster
traject
bijzonderheden
overschrijding achtergrondwaarde
Loint 1868
OG1
1,00 - 1,80
resten-zwak baksteen
Loint 1899
OG2
0,50 - 1,50
Loint 1928
OG3
1,00 - 1,50
sporen-resten baksteen sporen baksteen
Koper (0,02) Kwik (0,01) Lood (0,16) Kobalt (0,01)
1Index
Koper (0,01) Kwik (0,01) Lood (0,42)
overschrijding tussenwaarde -
overschrijding interventiewaarde
-
-
-
-
-
(GSSD - AW) / (I - AW)
In mengmonster OG1, samengesteld uit baksteenhoudende ondergrond ter plaatse van het tracé uit 1868, zijn gehaltes aan koper, kwik en lood aangetoond boven de achtergrondwaarden. In mengmonster OG2, samengesteld uit baksteenhoudende ondergrond ter plaatse van het tracé uit 1899, is een gehalte aan kobalt aangetoond boven de achtergrondwaarde. In mengmonster OG3, samengesteld uit baksteenhoudende ondergrond ter plaatse van het tracé uit 1928, zijn gehaltes aan koper, kwik en lood aangetoond boven de achtergrondwaarden. De aangetoonde verhoogde gehaltes aan zware metalen in alle onderzochte mengmonsters zijn gerelateerd aan de waargenomen bijmenging van baksteen en mogelijk het gebruik van de voormalige waterlopen. De gemeten concentraties vormen geen aanleiding voor aanvullend onderzoek.
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
10
4
VERKENNEND BODEMONDERZOEK OVERIGE ONVERDACHTE LOCATIE
4.1
Veldwerkzaamheden
verricht onder procescertificaat BRL SIKB 2000 conform protocol 2001 ja datum 10 en 17 januari 2024 veldmedewerker(s) M. Gloudemans, Bodeminzicht certificaat EC-SIK-20303 afwijkingen bijzonderheden conform protocol 2002 ja datum 17 januari 2024 veldmedewerker(s) M. Gloudemans, Bodeminzicht certificaat EC-SIK-20303 afwijkingen bijzonderheden • In bijlage 2 is de plaats van de meetpunten in de situatietekening opgenomen. • Voor de gedetailleerde boorprofielbeschrijvingen per boring wordt verwezen naar bijlage 3. • In bijlage 6 zijn de veldwerkrapportages opgenomen 4.2
Monsternemingspatroon
De situering van meetpunten is aselect gekozen met voldoende spreiding. De spreiding van meetpunten is niet ernstig belemmerd door aanwezigheid van obstakels. Het terrein was volledig toegankelijk. De peilbuis is centraal op het perceel geplaatst. Inpandig zijn geen boringen verricht, maar in plaats daarvan is gekozen voor situering net buiten de bebouwing. De resultaten van grond en grondwater kunnen als voldoende representatief worden beschouwd. 4.3
Zintuiglijke waarnemingen en veldmetingen
In de bodem is plaatselijk een bijmenging van baksteen waargenomen in de boven- en ondergrond. De bijmenging is in het veld beoordeeld en wordt niet als asbestverdacht beschouwd. boring diepte boring traject soort waargenomen bijzonderheden (m -mv) (m -mv) 1 2,50 0,00 - 0,70 Zand spikkels baksteen 1,80 - 2,50 Zand laagjes leem 2 0,50 0,00 - 0,50 Zand zwak wortelhoudend, resten baksteen 3a 2,00 0,00 - 0,50 Zand resten wortels 0,50 - 1,10 Zand resten baksteen 1,10 - 1,45 Zand resten baksteen 3b 2,00 0,00 - 1,00 Zand resten baksteen 1,00 - 1,80 Zand resten baksteen 3c 2,00 0,50 - 1,00 Zand resten baksteen 1,00 - 1,70 Zand zwak baksteenhoudend 4 0,50 0,00 - 0,50 Zand zwak wortelhoudend, resten baksteen 5a 2,00 0,70 - 1,00 Zand resten baksteen 1,00 - 1,50 Zand resten wortels, resten baksteen 5b 2,00 0,00 - 0,50 Zand zwak wortelhoudend 0,50 - 1,00 Zand resten baksteen, resten wortels 1,00 - 1,60 Zand resten baksteen 5c 2,00 0,00 - 0,50 Zand zwak wortelhoudend 0,50 - 1,50 Zand sporen baksteen 6 0,50 0,00 - 0,50 Zand sporen baksteen 7 0,50 0,00 - 0,50 Zand sporen baksteen 8a 2,00 0,00 - 1,00 Zand resten wortels, sporen baksteen 8b 2,00 0,00 - 1,00 Zand resten wortels, sporen baksteen 8c 2,00 0,00 - 1,00 Zand resten wortels
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
11
4.4
Meetgegevens grondwater
peilbuisnummer
filterdiepte grondwaterstand zuurgraad EC troebelheid belucht monster (m-mv) (m-mv) (pH) (µS/cm) (NTU) 1 1,50 - 2,50 1,07 6,7 612 36,6 Nee De gemeten waardes worden niet als afwijkend beschouwd voor de regio en geven geen indicatie voor de aanwezigheid van verontreinigingen in het grondwater. Tijdens de monsterneming van het grondwater zijn zintuiglijk geen bijzonderheden waargenomen die zouden kunnen duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Opgemerkt wordt dat de troebelheid in het grondwater ter plaatse van peilbuis 1 hoger is dan de waarde die voor grondwater als normaal wordt geacht (< 10 NTU). Een verhoogde troebelheid kan in sommige gevallen leiden tot een overschatting van de concentratie van matig/slecht oplosbare organische parameters. 4.5
Analyse en monsterselectie
De analyses van de grond- en grondwatermonsters geven informatie over de feitelijke aanwezigheid en concentraties van onderzochte stoffen of groepen stoffen. De chemische analyses zijn uitgevoerd volgens het door de door de Raad voor Accreditatie (RvA) geaccrediteerde laboratorium Al-West B.V. in Deventer. Het laboratorium werkt volgens de meest van toepassing zijnde normen van het Nederland Normalisatie Instituut (NNI). 4.6
Geselecteerde grondmonsters en analysepakket
analyse- traject deelmonsters bijzonderheden analysepakket1 monster (m -mv) BG1 0,00 - 0,50 2 (0,00 - 0,50) resten baksteen AS3000 NEN 5740 standaardpakket + 3b (0,00 - 0,50) Struct.+voorb.1 4 (0,00 - 0,50) 6 (0,00 - 0,50) 7 (0,00 - 0,50) 8a (0,00 - 0,50) Voor de ondergrond wordt verwezen naar de het onderzoek van de voormalige waterlopen in hoofdstuk 3. 1.
4.7
Het NEN 5740 standaardpakket bodem bestaat uit de volgende parameters: droogrest, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), PCB’s, PAK, minerale olie.
Overzicht grondwatermonsters en analysepakket analysemonster 1-1-1 2.
4.8
filterdiepte (m-mv) 1,50 - 2,50
bijzonderheden Troebelheid > 10 NTU
analysepakket2 standaardpakket grondwater
Het standaardpakket grondwater bestaat uit de volgende parameters: metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromatische koolwaterstoffen, vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen, minerale olie.
Toetsingskader
De verontreinigingssituatie van de bodem kan worden beoordeeld door toetsing van de gemeten gehaltes in grond en grondwater aan de achtergrondwaardes grond en streefwaarden grondwater en de interventiewaarden grond en grondwater. De achtergrondwaarden geven het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. De interventiewaarden geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier en plant ernstig zijn of dreigen te worden verminderd. Om van een “geval van ernstige bodemverontreiniging” te spreken dient voor ten minste één stof de gemiddelde concentratie van minimaal 25 m³ grond of 100 m³ grondwater hoger te zijn dan de interventiewaarde. In onderhavig rapport worden de volgende termen gebruikt om de mate van verontreiniging aan te geven: • niet verontreinigd: de concentratie aan verontreiniging is lager dan of gelijk aan de achtergrondwaarde; • licht verontreinigd: de concentratie aan verontreiniging is hoger dan de achtergrondwaarde maar lager dan of gelijk aan de halve som van de achtergrond- en interventiewaarde; • matig verontreinigd: de concentratie aan verontreiniging is hoger dan de halve som van de achtergrond- en interventiewaarde maar lager dan of gelijk aan de interventiewaarde; • sterk verontreinigd: de concentratie aan verontreinigingen is hoger dan de interventiewaarde. Uit de NEN 5740 kan het volgende worden afgeleid.
Uitvoering van vervolgonderzoek is in de meeste gevallen alleen noodzakelijk wanneer de concentratie van een stof de halve som van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde overschrijdt. Deze waarde wordt ook in de Leidraad Bodembescherming gehanteerd als de concentratiegrens waarboven een nader onderzoek moet worden uitgevoerd. Bij overschrijding van de interventie-waarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de saneringsurgentie te bepalen.
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
12
Toetsing analyseresultaten grond en grondwater De analyseresultaten van de grond zijn getoetst aan de achtergrond- (A) en interventiewaarden (I) uit de circulaire streef- en interventiewaarden bodemsanering [Staatscourant 2000-39]. In de toetsingstabel zijn zowel de achtergrondwaarden (A) als de interventiewaarden (I) voor microverontreinigingen opgenomen. De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van het (gemeten) lutum- en organisch stofgehalte van de bodem. De analyseresultaten van het grondwater zijn getoetst aan de streef- (S) en interventiewaarden (I). De gemeten waarden van de onderzochte (meng-)monsters met overschrijdingstabellen zijn in bijlage 4 weergegeven. In bijlage 5 zijn de analysecertificaten opgenomen. 4.9
Analyseresultaten grondmonsters en interpretatie
analysemonster BG1
1Index
traject
bijzonderheden
overschrijding overschrijding overschrijding achtergrondwaarde tussenwaarde interventiewaarde 0,00 - 0,50 resten baksteen Koper (0,08) Zink (0,03) Kwik (0,01) Lood (0,44) PAK 10 VROM (0,01) (GSSD - AW) / (I - AW)
In mengmonster BG1, samengesteld uit resten baksteenhoudende bovengrond, zijn gehaltes aan zware metalen en PAK aangetoond boven de achtergrondwaarden. De aangetoonde verhoogde gehaltes zijn gerelateerd aan de waargenomen bijmenging en de ligging van de locatie tegen het oud-stedelijk gebied. 4.10
Analyseresultaten grondwatermonsters en interpretatie
analysemonster 1-1-1 1Index
traject
bijzonderheden overschrijding overschrijding overschrijding streefwaarde tussenwaarde interventiewaarde 1,50 - 2,50 (GSSD - AW) / (I - AW)
In het grondwater ter plaatse van peilbuis 1, centraal gesitueerd op de onderzoekslocatie, zijn geen gehaltes aan onderzochte stoffen gemeten boven de streefwaarden.
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
13
5
AANVULLEND VERKENNEND BODEMONDERZOEK
5.1
Aanleiding
De onderzoeksresultaten van het bodemonderzoek zoals beschreven in hoofdstuk 4 komen niet overeen met de hypothese onverdacht. Op basis van de waargenomen bijmenging van baksteen en de analytisch aangetoonde verhoogde gehaltes aan zware metalen en PAK, moet de strategie worden aangepast. De onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HE) is hierbij het meest van voor de hand liggend. Alleen de bovengrond wordt opnieuw onderzocht. 5.2
Onderzoeksstrategie overig terrein
(deel)-locatie
overig terrein
oppervlakte (m²) 1.045
strategie
boringen tot 0,5 m-mv
2,0 m-mv
peilbuis
analyses
VED-HENL
7
1*
1*
3
standaardpakket bovengrond
* alleen de bovengrond wordt opnieuw bemonsterd, het verrichten van diepe boringen en het plaatsen van peilbuizen wordt niet zinvol geacht. 5.3
Veldwerkzaamheden
verricht onder procescertificaat BRL SIKB 2000 conform protocol 2001 ja datum 1 februari 2024 veldmedewerker(s) M. Gloudemans, Bodeminzicht certificaat EC-SIK-20303 afwijkingen bijzonderheden • • • 5.4
In bijlage 2 is de plaats van de meetpunten in de situatietekening opgenomen. Voor de gedetailleerde boorprofielbeschrijvingen per boring wordt verwezen naar bijlage 3. In bijlage 6 zijn de veldwerkrapportages opgenomen Monsternemingspatroon
De situering van meetpunten is aselect gekozen met voldoende spreiding. De spreiding van meetpunten is niet ernstig belemmerd door aanwezigheid van obstakels. Het terrein was volledig toegankelijk. De resultaten van grond en grondwater kunnen als voldoende representatief worden beschouwd. 5.5
Zintuiglijke waarnemingen en veldmetingen
In de bodem is plaatselijk een bijmenging van baksteen waargenomen in de boven- en ondergrond. De bijmenging is in het veld beoordeeld en wordt niet als asbestverdacht beschouwd. boring diepte boring traject soort waargenomen bijzonderheden (m -mv) (m -mv) 101 0,50 0,00 - 0,50 Zand zwak wortelhoudend, sporen baksteen 102 0,50 0,00 - 0,50 Zand zwak baksteenhoudend 103 0,50 0,00 - 0,50 Zand zwak wortelhoudend, sporen baksteen 104 0,50 0,00 - 0,50 Zand zwak wortelhoudend, resten baksteen 106 0,50 0,00 - 0,50 Zand sporen baksteen 107 0,50 0,00 - 0,50 Zand sporen baksteen 108 0,50 0,00 - 0,50 Zand zwak wortelhoudend 109 0,50 0,00 - 0,50 Zand sporen baksteen
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
14
5.6
Analyse en monsterselectie
De analyses van de grond- en grondwatermonsters geven informatie over de feitelijke aanwezigheid en concentraties van onderzochte stoffen of groepen stoffen. De chemische analyses zijn uitgevoerd volgens het door de door de Raad voor Accreditatie (RvA) geaccrediteerde laboratorium Al-West B.V. in Deventer. Het laboratorium werkt volgens de meest van toepassing zijnde normen van het Nederland Normalisatie Instituut (NNI). 5.7
Geselecteerde grondmonsters en analysepakket
analyse- traject deelmonsters monster (m -mv) BG2 0,00 - 0,50 101 (0,00 - 0,50) 102 (0,00 - 0,50) 103 (0,00 - 0,50) 104 (0,00 - 0,50) BG3 0,00 - 0,50 105 (0,00 - 0,50) 108 (0,00 - 0,50) BG4 0,00 - 0,50 106 (0,00 - 0,50) 107 (0,00 - 0,50) 109 (0,00 - 0,50) 3.
5.8
analysepakket1
resten tot zwak baksteen
AS3000 NEN 5740 standaardpakket + Struct.+voorb.1
-
AS3000 NEN 5740 standaardpakket + Struct.+voorb.1 AS3000 NEN 5740 standaardpakket + Struct.+voorb.1
Sporen baksteen
Het NEN 5740 standaardpakket bodem bestaat uit de volgende parameters: droogrest, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), PCB’s, PAK, minerale olie.
Analyseresultaten grondmonsters en interpretatie
analysemonster BG2
BG3 BG4
1Index
bijzonderheden
traject
bijzonderheden
overschrijding overschrijding overschrijding achtergrondwaarde tussenwaarde interventiewaarde 0,00 - 0,50 resten tot zwak baksteen Koper (0,09) Zink (0,05) Kwik (0,01) Lood (0,27) PAK 10 VROM (0,02) 0,00 - 0,50 Kwik (-) Lood (0,19) 0,00 - 0,50 Sporen baksteen Koper (0,03) Kwik (0,01) Lood (0,3) (GSSD - AW) / (I - AW)
In mengmonster BG2, samengesteld uit baksteenhoudende bovengrond, zijn gehaltes aan zware metalen en PAK aangetoond boven de achtergrondwaarden. In mengmonster BG3, samengesteld uit visueel schone bovengrond, zijn gehaltes aan zware metalen aangetoond boven de achtergrondwaarden. In mengmonster BG4, samengesteld uit baksteenhoudende bovengrond, zijn eveneens gehaltes aan zware metalen aangetoond boven de achtergrondwaarden. De aangetoonde verhoogde gehaltes zijn gerelateerd aan de waargenomen bijmenging en de ligging van de locatie tegen het oud-stedelijk gebied. De aangetoonde concentraties vormen geen aanleiding voor aanvullend of nader bodemonderzoek.
rapport B3394 Hollandsestraat 7 te Waalwijk
15
6
CONCLUSIES EN ADVIES
In opdracht van Van den Berg Ruimtelijke Ordening te Woudrichem heeft Bodeminzicht een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op het perceel Hollandsestraat 7 te Waalwijk (gemeente Waalwijk). Aanleiding voor het verkennend bodemonderzoek wordt gevormd door bouw van woningen. Vooronderzoek NEN5725 Uit het verrichte vooronderzoek zijn (voormalige) potentiële bronnen vastgesteld die bodemverontreiniging tot gevolg kunnen hebben. Het betreft drie tracés waar waterloop De Loint mogelijk heeft gestroomd vòòr 1930. Deze drie tracés worden onderzocht middels een raai (boringen op een rij). Wanneer bodemvreemde lagen of materialen worden aangetroffen worden monsters ingezet voor analyse. De overige locatie is als onverdachte locatie beschouwd (ONV-NL). De bodem binnen de onderzoekslocatie wordt op basis van het vooronderzoek en de terreinverkenning niet als asbestverdacht beschouwd. Vanuit de directe omgeving wordt geen beïnvloeding verwacht op de bodemkwaliteit. In de regio worden gehalten aan zware metalen in het grondwater aangetoond. Deze kunnen als regionaal verhoogd worden beschouwd. Bodemonderzoek verdachte gedempte waterlopen NEN5740 Zintuiglijke waarnemingen verkennend bodemonderzoek Tijdens het verrichten van veldwerk zijn bijmengingen aangetroffen in de bodem die kunnen duiden op bodemverontreiniging.