Bijlage 1 Waalwijk - Kasteellaan Toelichting ontwerp
Tekst van het document
Waalwijk - Kasteellaan
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
Inhoudsopgave
Toelichting Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging en begrenzing plangebied 1.3 Vigerende bestemmingsplannen 1.4 Leeswijzer
5 5 5 7 7
Hoofdstuk 2 Planbeschrijving 2.1 Bestaande situatie 2.2 Toekomstige situatie
8 8 11
Hoofdstuk 3 Beleid 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Gemeentelijk beleid
13 13 15 17
Hoofdstuk 4 Planologische en milieuhygiënische aspecten 4.1 (Vormvrije) m.e.r.-beoordeling 4.2 Bodem 4.3 Geluid 4.4 Luchtkwaliteit 4.5 Externe veiligheid 4.6 Bedrijven en milieuzonering 4.7 Water 4.8 Flora en fauna 4.9 Archeologie 4.10 Verkeer en parkeren 4.11 Kabels en Leidingen
23 23 23 25 26 27 28 29 31 32 32 33
Hoofdstuk 5 Juridische aspecten 5.1 Het juridische plan 5.2 Opzet van de regels 5.3 Beschrijving van de bestemming
34 34 34 34
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Economische uitvoerbaarheid 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
36 36 36
2
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1
Inrichtingstekening
Bijlage 2
Bomen effect analyse
Bijlage 3
Aanmeldnotitie
Bijlage 4
Historisch bodemonderzoek
Bijlage 5
Verkennend bodem- en asbestonderzoek
Bijlage 6
Akoestisch onderzoek
Bijlage 7
Quickscan externe veiligheid
Bijlage 8
Verantwoording hoogte groepsrisico
Bijlage 9
Quickscan flora en fauna
Bijlage 10
Vervolgonderzoek (vleermuizen en gierzwaluwen)
Bijlage 11
Stikstofdepositieberekening
Bijlage 12
Parkeeronderzoek
Bijlage 13
Verslag digitaal vragenuurtje
Bijlage 14
Nota van inspraak en vooroverleg
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
3
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
Toelichting
4
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
De bebouwing op het perceel (voormalige locatie van basisschool Besoyen) op de hoek Kasteellaan Burgemeester Verwielstraat in Waalwijk staat al geruime tijd leeg. Er zijn plannen om ter plaatse twee appartementengebouwen te realiseren, één van vier bouwlagen aan de Kasteellaan en één van tien bouwlagen aan de Burgemeester Verwielstraat. Het vigerende bestemmingsplan 'Herontwikkeling Besoyen' laat wel de bouw van gestapelde woningen toe maar niet in de opzet die is gewenst. De gemeente Waalwijk is voornemens medewerking te verlenen aan deze ontwikkeling. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in een passende juridisch-planologische regeling voor de herontwikkeling van de voormalige schoollocatie naar woningbouw.
1.2
Ligging en begrenzing plangebied
Het plangebied ligt in het noordwesten van Waalwijk in de wijk Besoyen, een voormalig dorp dat tussen Waalwijk en Sprang in lag. Het plangebied wordt begrensd door: De R.K. begraafplaats aan de noordzijde; De Burgemeester Verwielstraat aan de oostzijde; De Kasteellaan aan de zuidzijde; Loondonk aan de westzijde. Het voormalige gebouw van de Rooms Katholieke basisschool Besoyen markeert de hoek van de Burgemeester Verwielstraat en de Kasteellaan. Het was een statig gebouw, niet bijzonder in architectuur, maar kenmerkt wel de geest van de tijd waarin het is gebouwd (zie ook foto's in paragraaf 2.1). De bomenlaan aan de Kasteellaan en het schoolgebouw vormen nu samen met het tegenovergelegen GGD-gebouw de poort tot de wijk Besoyen.
Figuur 1.1
Ligging van het plangebied in Waalwijk (bron: Zoom Earth)
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
5
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
Figuur 1.2
6
Begrenzing plangebied
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
1.3
Vigerende bestemmingsplannen
Voor het plangebied vigeert het bestemmingsplan 'Herontwikkeling Besoyen', zoals vastgesteld op 19 december 2013. Daarin is voor het plangebied van voorliggend bestemmingsplan nagenoeg geheel de bestemming 'Wonen' opgenomen, waarbinnen 67 gestapelde woningen zijn toegestaan. In figuur 1.3 is een uitsnede van de verbeelding van dit bestemmingsplan opgenomen, waarop de maximale bouwhoogtes zijn aangegeven, van 4 meter in het noordwesten tot 27,5 meter in het oosten van het plangebied. Op de begane grond is het gebruik als woonruimte uitgesloten.
Figuur 1.3
Uitsnede van de verbeelding van het bestemmingsplan 'Herontwikkeling Besoyen'
Voor de gehele gemeente is op 21 juni 2018 het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren bebouwde kommen' vastgesteld, die ook geldt voor het plangebied van voorliggende bestemmingsplan.
1.4
Leeswijzer
Voorliggend bestemmingsplan 'Waalwijk - Kasteellaan' bestaat uit drie onderdelen. Een verbeelding waarop de bestemming is aangegeven en regels waarin de bepalingen voor de op de verbeelding opgenomen bestemming zijn opgenomen. Het bestemmingsplan gaat vergezeld van een toelichting waarin de achtergronden van het bestemmingsplan zijn beschreven. De verbeelding vormt samen met de regels het juridische bindende deel van het bestemmingsplan. In de toelichting worden de keuzes, die in het bestemmingsplan zijn gemaakt, nader gemotiveerd en verantwoord. Na dit eerste inleidende hoofdstuk volgt in hoofdstuk 2 de planbeschrijving. De bestaande en toekomstige situatie worden beschreven. Het initiatief is vervolgens getoetst aan de relevante beleidsstukken op nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau in hoofdstuk 3. Hoofdstuk 4 bevat een toelichting op de relevante planologische en milieuhygiënische aspecten. In hoofdstuk 5 wordt de juridische regeling toegelicht. Hoofdstuk 6 heeft betrekking op de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid.
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
7
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
Hoofdstuk 2 2.1
Planbeschrijving
Bestaande situatie
Ruimtelijke structuur Besoyen is oorspronkelijk een dorp tussen Sprang en Waalwijk, en bestond, zoals vele andere dorpen uit die tijd, uit lintbebouwing. Waalwijk heeft nog steeds die herkenbare structuur. De hoofdwinkelstraat (Grotestraat) van Waalwijk is het oorspronkelijke lint tussen Waalwijk en Besoyen. Na 1922 werd het dorp Besoyen samen met Baardwijk bij Waalwijk gevoegd en is daarmee een wijk van Waalwijk geworden. Nadien zijn de polders ten zuiden van het oorspronkelijke lint bebouwd. Het Elisabeth Twee Steden Ziekenhuis, de Mariakerk en het parochiehuis vormen belangrijke elementen in de wijk. Naast deze kenmerkende gebouwen bestaat de rest van de wijk uit bebouwing in verschillende bebouwingstypologieën. De omgeving van het plangebied wordt hoofdzakelijk gekenmerkt door een zakelijke rationele woningbouw, waarin kenmerken van de tuindorp-ideologie terug te zien zijn. Aan de westzijde van het plangebied bevinden zich voornamelijk twee-onder-één-kapwoningen, alsmede enkele geschakelde woningen en een portiekflat. De woningen onderscheiden zich van elkaar aan de hand van de bouwperiode en het toegepaste materiaalgebruik. Kenmerkend is bovendien de aanwezigheid van verschillende begraafplaatsen, waarvan één direct grenzend aan het plangebied.
De omgeving van het plangebied, met de kenmerkende zakelijke en rationele woningbouw, is gelegen in de oksel van twee oude bebouwingslinten; de Grotestraat en Besoyenstraat. Deze historisch gegroeide bebouwingslinten vormen dan ook een contrast met de rationele verkaveling in de directe omgeving van het plangebied. Opvallend is de grote groene ruimte ten westen van het plangebied met de Julianafontein. De bebouwing rondom het Hertog Janpark bestaat uit gestapelde woningen in drie bouwlagen met kap ten noorden en oosten van het park, en de lage bebouwing van de huisartenpraktijk ten zuiden daarvan. Langs de Kasteellaan, aan de zuidzijde van het plangebied, is in vergelijking met de directe omgeving hogere bebouwing te vinden. Aan de noordzijde van deze weg zijn gestapelde woningen in drie bouwlagen met kap gesitueerd. Direct ten zuiden daarvan is het Elisabeth Twee Steden Ziekenhuis gevestigd, dat qua maat en schaal een opvallende verschijning is. Het GGD-gebouw op de hoek Kasteellaan / Burgemeester Verwielstraat vormt een duidelijk hoogteaccent direct tegenover het plangebied. Het plangebied betreft de voormalige locatie van basisschool Besoyen. De schoolgebouwen bestaan uit een hoofdgebouw en aangebouwde bijgebouwen. Het hoofdgebouw bestaat twee bouwlagen met kap en staat evenwijdig aan de perceelsgrens aan de Burgemeester Verwielstraat.
De bijgebouwen bestaan uit één bouwlaag. De basisschool is in de zomer van 2015 al verhuisd naar de nieuwe locatie aan de Van Duvenvoordestraat.
8
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
Basisschool in vroeger tijden (bron: sites.google.com)
Aanzicht vanaf het Hertog Janpark, april 2020
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
9
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
Functionele structuur Hoewel Besoyen geen echt tuindorp is, zijn wel enkele kenmerken van deze stedenbouwkundige stroming te herkennen. Dit komt terug in de diverse maatschappelijke functies van het gebied, in de vorm van parken, pleinen, scholen en kerken. De woningen werden hier vervolgens omheen gesitueerd. De aanwezige bebouwing in het plangebied had ook een maatschappelijke functie. De aanwezigheid van diverse maatschappelijke voorzieningen is kenmerkend voor de directe omgeving van het plangebied, waar tevens het Elisabeth Twee Steden Ziekenhuis, de Mariakerk en een begraafplaats zijn gesitueerd. In de loop der jaren is de functie van de directe omgeving van het gebied veranderd en heeft een herontwikkeling plaatsgevonden. De kerk is herontwikkeld tot woningen/appartementen. Aan de Van Duvenvoordestraat zijn een brede school en een woon-zorgcomplex gerealiseerd. Ondanks de aanwezigheid van de diverse maatschappelijke voorzieningen, wordt de omgeving van het plangebied toch hoofdzakelijk gekenmerkt door een woonfunctie. Groenstructuur In de directe omgeving van het plangebied is veel groen aanwezig. Ruimtelijk en functioneel gezien hebben deze echter weinig met elkaar van doen; soms is sprake van open groenvoorzieningen, in andere gevallen is er sprake van geheel omsloten ruimten met een minder openbaar karakter.
Te denken valt aan de begraafplaats ten noorden van het plangebied. Ten oosten van het plangebied, aan de overzijde van de Burgemeester Verwielstraat is over de volle breedte van het plangebied een grote groene ruimte aanwezig met de Julianafontein. Ten westen van het plangebied is een openbare groenvoorziening aan de Loondonk gesitueerd, bestaande uit een grasveld met bomen.
10
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
2.2
Toekomstige situatie
Figuur 2.1 Toekomstige situatie (bron: De Loods architecten en adviseurs, 11 mei 2021) Ontsluiting en parkeren Het plangebied wordt door drie wegen omsloten. Het perceel zal voor het autoverkeer worden ontsloten op de Loondonk (westzijde). Een ontsluiting voor autoverkeer op de Burgemeester Verwielstraat (oostzijde) is gelet op het doorgaande karakter van deze weg niet gewenst. Aan de zijde van de Kasteellaan (zuidzijde) is een brede groenstrook met bomen aanwezig die in stand wordt gehouden. De hoofdentree's tot de appartementengebouwen en de fietsenstallingen zijn wel gesitueerd aan de Burgemeester Verwielstraat en Kasteellaan. Voor fietsers en voetgangers is het perceel van alle kanten te betreden. Voor het grootste deel wordt op eigen terrein voorzien in de parkeerbehoefte. Op het noordelijk deel van het perceel worden 51 parkeerplaatsen aangelegd. Tussen de twee appartementengebouwen worden 24 parkeerplaatsen aangelegd, waarvan 23 reguliere en één mindervalide parkeerplaats. Tot slot worden aan de Loondonk nog 16 parkeerplaatsen aangelegd om aan de parkeernorm te kunnen voldoen. De positie van deze 16 parkeerplaatsen is opgenomen in figuur 2.1 en op de inrichtingstekening die als Bijlage 1 is opgenomen. In paragraaf 4.10 wordt nader ingegaan op de parkeerbehoefte.
Bebouwing Eerdere bouwplannen waren gericht op de bouw van twee bouwblokken aan de Loondonk en Burgemeester Verwielstraat, met haaks daarop een centraal bouwblok. En was voorzien in een bebouwingsaccent van acht bouwlagen aan de zijde van de Burgemeester Verwielstraat, gericht op het Hertog Janpark.
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
11
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan Het huidige bouwplan voorziet in de bouw van twee appartementengebouwen, één van vier bouwlagen aan de Kasteellaan en één van tien bouwlagen op de kop van het Hertog Janpark. Het bouwplan is minder massief en sluit goed aan bij de vele individuele bouwmassa's met maatschappelijke functies in de directe omgeving van het plangebied.
Het appartementengebouw van tien bouwlagen vormt samen met het gebouw van de GGD de 'nieuwe' poort tot de wijk Besoyen. Het appartementengebouw van vier bouwlagen aan de Kasteellaan vormt een goede overgang naar de bestaande gestapelde woningen aan de Kasteellaan in drie bouwlagen met een kap. Functioneel In het hoge appartementengebouw worden 3-kamerappartementen gerealiseerd. In het appartementengebouw van vier bouwlagen zijn naast reguliere woningen ook zorgwoningen togestaan. De zorgwoningen worden gerealiseerd als een woonkring. Een woonkring wordt gevormd door een groep zelfstandige woningen. Binnen de woonkring worden ook faciliteiten geboden die het mogelijk maken voor bewoners om (al dan niet onder begeleiding) gezamenlijke activiteiten te ondernemen. Daarvoor is op de begane grond een gemeenschappelijke verblijfsruimte aanwezig, waarbij ook een ruimte voor woonbegeleiding wordt gereserveerd. De zorgwoningen zijn bestemd voor mensen die dankzij de hulp van moderne geneesmiddelen wel zelfstandig kunnen wonen maar daar wel ondersteuning bij nodig hebben. Voor deze ondersteuning is op de eerste verdieping rekening gehouden met een verblijfsruimte (met keuken, slaapkamer, badkamer en toilet) voor een begeleider. Terreininrichting Het onbebouwde gedeelte in het noorden van het plangebied en tussen de appartementengebouwen wordt ingericht ten behoeve van parkeren.
De overige onbebouwde gronden aan de andere zijden van de twee gebouwen krijgen een groene uitstraling en geven voorbijgangers goed zicht op de nieuwe bebouwing (zie figuur 2.1 en de Inrichtingstekening in de bijlage). De hoofdentree tot het gebouw, dat is gericht op het Hertog Janpark, is aan de Burgemeester Verwielstraat gesitueerd. Verder wordt het terrein vanaf de Kasteellaan en Loondonk middels paden toegankelijk gemaakt voor de bewoners en bezoekers.
12
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
Hoofdstuk 3
Beleid
3.1
Rijksbeleid
3.1.1
Nationale Omgevingsvisie
De Nationale Omgevingsvisie (NOVI), die op 11 september 2020 door de minister is vastgesteld, is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is hiermee geheel komen te vervallen. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. Denk aan periodes van droogte, afgewisseld met extreme regenval, de zeespiegelstijging, de overgang naar duurzame energie en de ruimte die nodig is voor windmolens en zonnepanelen. Of de bouw van 1 miljoen nieuwe woningen om het woningtekort op te lossen, de groei en het bereikbaar houden van steden en plekken voor distributiecentra. Denk ook aan het versterken van onze natuur en biodiversiteit, het behoud van ons landschap en de vitaliteit van onze landbouw. Dit zijn voorbeelden van grote, ingewikkelde opgaven. Deze opgaven kunnen niet meer apart van elkaar worden opgelost. Ze moeten in samenhang bekeken worden. Ze grijpen in elkaar en vragen meer ruimte dan beschikbaar is in Nederland. Niet alles kan, niet alles kan overal. Het Rijk geeft met de NOVI richting aan de vier prioriteiten en helpt keuzes maken waar dat moet. De vier prioriteiten betreffen: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2.
Duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio’s; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Het versterken van de omgevingskwaliteit staat in de NOVI centraal. Dat wil zeggen dat alle plannen met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid moeten worden gemaakt. De NOVI gebruikt bij het maken van keuzes drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies, 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal, en 3. Afwentelen wordt voorkomen. In de NOVI zijn geen specifieke voorwaarden opgenomen voor het plangebied. Zo lang er geen sprake is van een nationaal belang zal het Rijk de beoordeling en uitvoering van ontwikkelingen dus aan de provincies en gemeenten overlaten. De uitgangspunten, die voorheen in de SVIR stonden, zijn juridisch verankerd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). In het Barro is aangegeven welke gebieden, of projecten, van nationaal belang zijn en aanvullende toetsing behoeven. Om te bepalen of sprake is van strijdigheid met de belangen uit de NOVI dient daarom verder te worden getoetst aan het Barro. 3.1.2
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)
Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en de bijbehorende Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) vormen de juridische vertaling van de kaderstellende uitspraken die in de SVIR waren geformuleerd. Het Besluit en de Regeling bevatten regels ter bescherming van de nationale belangen. De regels van het Barro moeten in acht worden genomen bij het opstellen van provinciale ruimtelijke verordeningen en bestemmingsplannen, zodat ze doorwerken tot het niveau van de lokale besluitvorming. Onderdelen en/of artikelen in het Barro blijven ook naast de NOVI gelden. In het plangebied zijn geen nationale belangen in het geding.
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
13
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan 3.1.3
Ladder voor duurzame verstedelijking
Op 1 juli 2017 is de Nieuwe Ladder voor Duurzame Verstedelijking in werking getreden (artikel 3.1.6 lid 2 en 3 Bro). De nieuwe Ladder is ten opzichte van de voorgaande Ladder vereenvoudigd. De drie treden zijn komen te vervallen en er is een nieuwe bepaling toegevoegd. Om te bepalen of een planvoornemen Ladderplichtig is dient getoetst te worden of de voorziene ontwikkeling een nieuwe stedelijke ontwikkeling is. Onder een nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt verstaan: ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of ander stedelijke voorzieningen. Het planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van ten hoogste 75 woningen. Deze toename is groter dan de drempelwaarde van 12 woningen, waardoor de voorgenomen ontwikkeling moet worden gezien als een stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig is. Behoefte Onderzocht dient te worden of er daadwerkelijk behoefte is aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling. Om te bepalen of er een kwantitatieve behoefte is aan het planvoornemen is het "Perspectief op Wonen en Woningbouw Hart van Brabant" geraadpleegd. Hieruit blijkt dat er voor de korte termijn (2019-2028) behoefte is aan 13.945 woningen voor de regio Midden-Brabant. In de regionale programmering is voorzien dat de gemeente Waalwijk kan voorzien in 1.210 woningen.
De bouw van ten hoogste 75 woningen past binnen de benodigde capaciteit voor de regio Midden-Brabant en de gemeente Waalwijk.
Tabel pagina 15 uit Perspectief op Wonen In de periode 2019-2028 wordt in het woningbouwprogramma van de gemeente Waalwijk voorzien in 1.085 woningen. Onderhavige locatie is daarin opgenomen voor 67 woningen. Het programma biedt echter nog ruimte, waardoor de toevoeging van 8 extra woning en past binnen de woningbehoefte voor de gemeente Waalwijk. Conform het KWBO is in Waalwijk en daarbinnen in Centrum/Besoyen een aanvullende vraag waarneembaar naar appartementen met lift en naar huurwoningen tot de eerste aftoppingsgrens. 14
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan Het planvoornemen voorziet in bovengenoemde behoefte. Het plan gaat bovendien uit van een mix aan twee- en driekamerwoningen die voor de doelgroep senioren interessant is. Hiermee wordt een gevarieerde doelgroep aangesproken waarvan de gemiddelde huishoudensomvang en die bovendien steeds ouder wordt. Dit sluit aan bij de huidige demografische trends. Bestaand stedelijk gebied De locatie Kasteellaan betreft een herontwikkeling en bevindt zich nabij het centrum van Waalwijk in bestaand stedelijk gebied. In dit gebied is een aanvullende behoefte waar te nemen aan de in het planvoornemen omschreven voorgenomen herontwikkeling. In artikel 1.1.1 onder h van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip bestaand stedelijk gebied vastgelegd. Als bestaand stedelijk gebied wordt aangemerkt: bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur. 3.1.4
Conclusie
De beoogde herontwikkeling past binnen het rijksbeleid.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1
Omgevingsvisie Noord-Brabant
Vooruitlopend en anticiperend op de in werking treding van de nationale Omgevingswet in 2021 hebben Provinciale Staten op 14 december 2018 de Brabantse omgevingsvisie vastgesteld. Met deze omgevingsvisie geeft de provincie richting aan wat zij voor Brabant wil bereiken en biedt daarmee handvatten voor haar handelen in de praktijk. De Omgevingsvisie bevat de belangrijkste provinciale ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Conform de Omgevingswet staan de waarden veiligheid, gezondheid en duurzame omgevingskwaliteit centraal. De Brabantse Omgevingsvisie voegt daar ambities aan toe voor vier hoofdopgaven: de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. De visie geeft daarbij richting aan deze opgaven vanwege de ingrijpende veranderingen waarmee zij gepaard gaan. Daarnaast geeft de Omgevingsvisie ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. De visie zal komende jaren nader worden uitgewerkt in diverse programma’s. Inmiddels is er ook een omgevingsverordening vastgesteld, waarop nader wordt ingegaan in paragraaf 3.2.3. De omgevingsvisie bevat geen specifieke ambities voor het plangebied. 3.2.2
Structuurvisie ruimtelijke ordening
In 2010 is de Structuurvisie ruimtelijke ordening (Svro) vastgesteld door Provinciale Staten. De Svro bevat de hoofdlijnen van het provinciaal ruimtelijk beleid tot 2025, met een doorkijk naar 2040. De Svro is in 2014 partieel herzien, waarbij onder andere het gewijzigde beleid op het gebied van natuur (realisering van het natuurnetwerk) en veehouderij (transitie naar een zorgvuldige veehouderij) zijn verwerkt. De Svro 2014 is in werking getreden op 19 maart 2014. De visie is bindend voor het ruimtelijk handelen van de provincie Noord-Brabant en vormt de basis voor de wijze waarop de provincie de instrumenten inzet die de Wet ruimtelijke ordening biedt. Eén van deze instrumenten is de Interim omgevingsverordening, waarin de kaderstellende elementen uit de Svro zijn vertaald in concrete regels die van toepassing zijn op (gemeentelijke) bestemmingsplannen.
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
15
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan De Svro gaat in op de ruimtelijke kwaliteiten van de provincie Noord-Brabant. Mens, markt en milieu zijn binnen de provincie in evenwicht. Daarom kiest de provincie in haar ruimtelijk beleid tot 2025 voor de verdere ontwikkeling van gevarieerde en aantrekkelijke woon-, werk- en leefmilieus en voor een kennisinnovatieve economie met als basis een klimaatbestendig en duurzaam Brabant. Het principe van behoud en ontwikkeling van het landschap is in de structuurvisie de 'rode' draad die de ruimtelijke ontwikkelingen stuurt. De provincie wil het contrastrijke Brabantse landschap herkenbaar houden en verder versterken. Daarom wordt ingezet op de ontwikkeling van robuuste landschappen, een beleefbaar landschap vanaf het hoofdwegennet en behoud en versterking van aanwezige landschapskwaliteiten. Binnen de stedelijke structuur worden twee ontwikkelingsperspectieven onderscheiden: Stedelijk concentratiegebied (stedelijke regio's): in het stedelijk concentratiegebied, inclusief de bijbehorende zoekgebieden voor verstedelijking, wordt de bovenlokale verstedelijkingsbehoefte opgevangen. Enerzijds om de steden voldoende draagvlak te geven voor hun functie als economische en culturele motor, anderzijds om het dichtslibben van het landelijk gebied tegen te gaan.
Overig stedelijk gebied (landelijke regio's): het overig stedelijk gebied, met de bijbehorende zoekgebieden voor verstedelijking, voorziet in de opvang van de lokale verstedelijkingsbehoefte. Grootschalige verstedelijking is ongewenst en voor woningbouw geldt het principe 'bouwen voor migratiesaldo-nul'. De ruimtelijke belangen en keuzes zijn in de Svro geordend in vier ruimtelijke structuren: de groenblauwe structuur, het landelijk gebied, de stedelijke structuur en de infrastructuur. Binnen deze structuren worden de belangrijkste maatschappelijke ontwikkelingen opgevangen. Samen vormen de structuren de provinciale ruimtelijke structuur. De structuren geven een hoofdkoers aan: een ruimtelijk ontwikkelingsperspectief voor een combinatie van functies. De structuren geven ook aan waar functies worden uitgesloten of welke randvoorwaarden de provincie aan functies stelt. Binnen de structuren is ruimte voor regionaal maatwerk. Toetsing plangebied In de Svro is het plangebied aangeduid als 'stedelijk concentratiegebied'. Het beter benutten van het bestaand stedelijk gebied door inbreiding, herstructurering en intensief en meervoudig ruimtegebruik is hierbij een belangrijk uitgangspunt. Het stedelijk concentratiegebied vangt per saldo het migratieoverschot op van de provincie Noord-Brabant. Regionale afstemming vindt plaats in de regionale agenda's voor wonen.
Zorgvuldig ruimtegebruik en de toepassing van de Ladder voor duurzame verstedelijking zijn voorwaarden bij het maken van regionale afspraken. De beoogde ontwikkeling betreft de herontwikkeling van een voormalige schoollocatie binnen het bestaand stedelijk gebied van Waalwijk. De vervangende nieuwbouw sluit aan bij de rest van de wijk, waardoor de karakteristiek van het plangebied en de omgeving in tact blijft. De voorgenomen ontwikkeling betreft daarmee een herstructureringsproject, waarbij sprake is van zorgvuldig ruimtegebruik. De ontwikkeling past daarmee binnen de beleidsuitgangspunten die gelden voor gebieden die in de Structuurvisie ruimtelijke ordening zijn aangewezen als 'stedelijk concentratiegebied'. 3.2.3
Interim omgevingsverordening Noord-Brabant
Provinciale Staten van Noord-Brabant hebben op 25 oktober 2019 de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant vastgesteld. De Interim omgevingsverordening is een eerste stap op weg naar de definitieve omgevingsverordening voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet in 2021. Hierin worden de bestaande verordeningen over de fysieke leefomgeving samengevoegd tot één Interim omgevingsverordening. De Interim omgevingsverordening is beleidsneutraal van karakter. Enkele inhoudelijke wijzigingen zijn echter wel aangebracht. Op hoofdlijnen gaat het om: een meer gebruikersvriendelijke opbouw met regels die per gebruikersgroep (burgers en bedrijven, gemeenten, waterschap) bij elkaar staan en minder losse bijlagen; aanpassingen waardoor de regels straks beter passen in het systeem van de omgevingswet; aanpassingen vanwege de vastgestelde omgevingsvisie, zoals de nieuwe manier van samenwerken en meer inzet op omgevingskwaliteit.
16
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan Zo wordt onderscheid gemaakt tussen rechtstreeks werkende regels voor burgers en bedrijven en instructieregels voor gemeenten. De instructieregels voor gemeenten hebben tot doel dat de gemeenteraad de, in de omgevingsverordening opgenomen, voorwaarden betrekt bij de vaststelling van een bestemmingsplan. Vooruitlopend op de Omgevingswet richten de instructieregels zich op een evenwichtige toedeling van functies (in plaats van het bestemmen van ontwikkelingen). Dit betekent dat de regels ook vanuit functies (van gebieden) zijn opgebouwd. Daarnaast richten de regels zich op een goede omgevingskwaliteit, inclusief een veilige en gezonde leefomgeving (in plaats van een goede ruimtelijke kwaliteit). De provincie wil de omgevingskwaliteit van Brabant bevorderen, in combinatie met een veilige en gezonde leefomgeving. Bij omgevingskwaliteit gaat het om de kwaliteit van een plek of gebied, die wordt bepaald door een goed samenspel van herkomstwaarde, belevingswaarde, gebruikswaarde en toekomstwaarde. Op de kaart bij de omgevingsverordening wordt onderscheid gemaakt in Stedelijk en Landelijk gebied. Het plangebied ligt in het 'Stedelijk gebied'. Voor het bouwen van woningen binnen het 'Stedelijk gebied' geldt als voorwaarde dat dit past binnen de regionale afspraken die over wonen zijn gemaakt.
Ook vanuit de ladder voor duurzame verstedelijking die in het Besluit ruimtelijke ordening (zie paragraaf 3.1.3) is opgenomen, gelden dienaangaande voorwaarden. Verder wordt gelet op de doelen als benoemd in de Brabantse omgevingsvisie aandacht gevraagd voor de opgaven vanuit energietransitie, klimaatadaptatie en een veilige, gezonde leefomgeving. De beoogde woningbouwontwikkeling past binnen de regionale afspraken die gemaakt zijn over woningbouw. De woningen worden uitteraard gasloos gebouwd en op de daken worden zonnepanelen aangebracht. Elke woning heeft een eigen buitenruimte en in de buitenruimte wordt zoveel mogelijk groen ingericht. Daarnaast is in de omgeving van het plangebied voldoende (groene) buitenruimte aanwezig, en is sprake van een gezonde leefomgeving. 3.2.4
Conclusie
De beoogde herontwikkeling past binnen het provinciale beleid.
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3.1
Strategische visie Waalwijk 2025 - Samen werken aan de toekomst
De gemeente Waalwijk heeft, met een bijdrage van de provincie Noord-Brabant, de strategische visie Waalwijk 2025 opgesteld. Het bevat de strategische hoofdlijnen voor besluitvorming, beleid en projecten tot 2025 en is een handelingskader voor de gemeente Waalwijk. In de visie staat de volgende missie centraal: De gemeente Waalwijk is een stedelijk knooppunt dat met zijn krachtige economische functie en karakteristieke kernen en omgeving een vitale schakel is in de regionale netwerken van De Langstraat en Midden-Brabant. De gemeente zet in op een bescheiden groei van de woningvoorraad gericht op de opvang van de eigen behoefte en vergroting van de verscheidenheid in het woningaanbod. Kwaliteit gaat boven kwantiteit. De herontwikkeling van de voormalige schoollocatie past binnen de strategische visie, door kwalitatieve verbetering van de bestaande woonomgeving. 3.3.2
Structuurvisie Waalwijk 2025 - Onderscheidend meer verleiden
Het doel van de Structuurvisie Waalwijk 2025 is een samenhangend ruimtelijk beleid op hoofdlijnen te formuleren dat de ambities weergeeft voor 2035 en een visie uitwerkt voor 2025. Met de structuurvisie is aangegeven op welke wijze Waalwijk een bijdrage levert aan de ambities van de regio als vitale schakel en wordt aangetoond hoe Waalwijk zich binnen de regio onderscheidt met haar lokale kwaliteiten.
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
17
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan Om de juiste keuzes voor 2025 te maken, heeft de gemeente Waalwijk een aantal leidende principes geformuleerd: 1. Waarden ondergrond behouden en versterken. Bij behoud is het zaak bedreigingen te voorkomen door bescherming van waarden en het reserveren van ruimte. Voor versterking kiest de gemeente ervoor deze alleen bij belangrijke projecten actief (mee) te ontwikkelen en in andere gevallen kansen vanuit de samenleving te benutten. 2. Bereikbaarheid netwerk optimaliseren. In veel gevallen gaat de gemeente projecten op dit vlak actief (mee) ontwikkelen. Bij overige projecten om het netwerk te verbeteren, heeft de gemeente een voorkeur voor het benutten van kansen. 3. Vraaggericht functies versterken met kwaliteit. Bij bestaande ontwikkelingen maakt de gemeente Waalwijk het gekozen proces af maar wel (markt)vraaggericht. Als het gaat om nieuwe ontwikkelingen kiest de gemeente belangrijke (sleutel)projecten die ze actief (mee) ontwikkelt. Als thema loopt duurzaamheid als een 'ladder' door alle ambities heen en is daarom apart uitgewerkt in de structuurvisie. Aan deze 'duurzaamheidsladder' is ook een aantal specifieke onderwerpen gekoppeld: milieu, energie, erfgoed en sociaal. Duurzaamheid is voor de gemeente een algemeen leidend principe.
De gemeente beschouwt het als haar plicht om de ontwikkeling van de huidige generatie te bevorderen, maar daarbij de ontwikkeling van de generaties hierna niet te belemmeren door de impact van onze huidige activiteiten en keuzes. Daarbij heeft de gemeente onder andere de ambitie om op de lange termijn (2043) klimaatneutraal te zijn. Klimaatneutraliteit is een zeer ambitieuze doelstelling die pas op de heel lange termijn kan worden gerealiseerd, ook als een maximale inspanning wordt geleverd. Om toe te werken naar deze doelstelling, gebruikt de gemeente de 'trias energetica' (energievraag, duurzame bronnen en fossiele energiebronnen) als leidend principe. Het plangebied is op de visiekaart aangeduid als 'kleinstedelijk wonen'. De structurele veranderingen in de samenleving, met name de bevolkingssamenstelling maar ook klimaatveranderingen zorgen ervoor dat het nodig is de bestaande woongebieden onder de loep te nemen en waar nodig vraaggericht te herstructureren. Herstructureren betekent het aanpassen van de woningvoorraad en het openbare gebied van het bestaand stedelijk gebied. De gemeente hanteert daarbij de afbakening van het stedelijk gebied zoals dat is aangegeven in de provinciale omgevingsverordening.
Voor de woningvoorraad kan herstructurering betekenen aanpassing van bestaande (woon)gebouwen of inbreidingslocaties met als resultaat bijvoorbeeld: Meer kleinere woningen voor bijvoorbeeld ouderen en jongeren. Levensloopbestendige woningen. Woningen geschikt maken voor langere bewoning door ouderen valt hieronder. Focus op woonlasten via energiebesparende maatregelen. Realiseren van op maat gesneden woon-, zorg-, welzijns- en dienstverleningsarrangementen voor de groeiende groep zorgbehoevenden. Voor het openbare gebied kan herstructurering betekenen dat meer ruimte nodig is voor: Waterberging. Klimaatveranderingen zorgen ervoor dat extra waterberging in bestaand stedelijk gebied nodig is. Groen. Met daarbij aandacht voor de relatie tussen gezondheid en groen. Bevorderen biodiversiteit. Voorliggend bestemmingsplan maakt de bouw van duurzame, levensloopbestendige woningen mogelijk. De ruimte binnen het plangebied voor de aanleg van groen is beperkt, maar wordt in samenhang met de direct aangrenzende groene ruimte zorgvuldig ingericht. Parkeren dient zoveel mogelijk op eigen terrein te worden opgelost en is op eenvoudige wijze, deels halfverhard, ingepast. In paragraaf 2.2 is de toekomstige situatie al uitgebreider beschreven. De woningen worden energieneutraal ontwikkelend, waarmee energiebesparende maatregelen worden genomen.
Zo worden de woningen voorzien van zonnepanelen en gasloos ontwikkeld. Hiermee wordt een stap gezet in de ambitie om klimaatneutraal te worden.
18
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan 3.3.3
Woonvisie 2010 - 2019 - Over woonlasten en lusten
De gemeente Waalwijk heeft op 29 mei 2009 haar Woonvisie 2010 - 2019 'Over woonlasten en lusten' vastgesteld. In de woonvisie zijn drie thema's uitgewerkt: de inzet voor doelgroepen, de inzet per wijk en dorp en een vertaling naar een woningbouwprogramma. Die uitwerking rust op een meer algemene visie op het wonen in de gemeente Waalwijk: de visie op hoofdlijnen. Kernpunten in de visie op hoofdlijnen zijn: Behoud en versterking van het karakter van de gemeente Waalwijk (een levendig centrum, rustige groene wijken en kernen met een eigen karakter). Daarin past 'gerichte verdichting', altijd in combinatie met versterking van de omgevingskwaliteit. Soms is behoud van een uitgesproken groen en rustig karakter cruciaal. Groei is daarbij een middel om in woonbehoefte te voorzien en geen doel op zich. Voor iedereen een thuis bieden. Groepen die speciale aandacht vragen zijn: 1. Senioren en/of mensen met een zorgvraag: de juiste woningen en een passende woonomgeving (waarbij pluswijken een belangrijke rol spelen); 2. Lagere en middeninkomens, waarbij we werken met een verbrede doelgroep. In de sociale voorraad is het aantal woningen belangrijk, maar gaat het vooral om het verbeteren van de kwaliteit. Wijken en kernen met een eigen karakter: de woonwensen zijn divers en er zijn in de bestaande wijken kansen om alternatieven te bieden naast Landgoed Driessen.
In Waspik en Sprang-Capelle is het eigen karakter en de eigen woningbehoefte leidend. Programma voor het wonen: kwaliteit gaat boven kwantiteit. Centraal staan variatie en keuzevrijheid, gestaag bouwen voor keuzevrijheid, duurzaamheid en leefbare buurten in een prettige woonomgeving. Met de herontwikkeling van het perceel op de hoek van de Kasteellaan en Burgemeetser Verwielstraat wordt een positieve bijdrage geleverd aan een leefbare buurt en prettige woonomgeving. De nieuwe woningen zijn bereikbaar voor lagere inkomens en bovendien geschikt voor de huisvesting van senioren en huishoudens met een lager inkomen. In de nabijheid van de appartementen zijn voorzieningen aanwezig. De voorgenomen ontwikkeling is daarmee in overeenstemming met de Woonvisie. Concept Woonvisie 2020 In het vierde kwartaal van 2019 heeft de Concept Woonvisie 2020 ter inzage gelegen. Deze nieuwe woonvisie wordt naar verwachting na de zomer vastgesteld. De woonvisie richt zich primair op het wonen en de woonomgeving (gerelateerd aan de woning) in de gemeente Waalwijk. Drie hoofdthema’s vormen het hart van de Woonvisie 2020: Betaalbaarheid Wonen en zorg Leefbaarheid en duurzaamheid De ontwikkeling die met het voorliggende bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt, past ook binnen de kaders van de nieuwe woonvisie.
Herstructurering, woningen voor starters en levensloopgeschikte woningen voor senioren hebben ook daarin de aandacht. Met de bouw van appartementen in de sociale huur met een lift wordt ingespeeld op de geactualiseerde visie en woningbehoefte. 3.3.4
Groenstructuurplan 2017
In het Groenstructuurplan 2017 (vastgesteld d.d. 21 december 2017) heeft de gemeente Waalwijk de groene hoofdstructuur beschreven met de bijbehorende ambities om deze te versterken. De groene hoofdstructuur is het belangrijkste en meeste waardevolle lokale gemeentelijke groen. Het zijn groenelementen die op dorps-, stads- of zelfs gemeentelijk niveau van belang zijn. Het groenstructuurplan wordt gebruikt bij de toetsing op het gebied van groen bij ruimtelijke ontwikkelingen, herinrichtingsplannen en bestemmingsplanwijzigingen. Ook wordt het gebruikt in de afweging voor kapaanvragen van gemeentelijke bomen en het beoordelen van aanvragen voor de aankoop van snippergroen.
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
19
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan In de woonwijken van Waalwijk bevindt de groenstructuur zich vooral langs de belangrijkste verkeersassen. De tussenliggende wijken zijn in verschillende periodes aangelegd. Deze verschillen daarom niet alleen in bebouwingsstijl, maar ook in groenstructuur. Ieder wijk is daarom beoordeeld op zijn sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen. Op basis hiervan zijn de bestaande groene hoofdstructuren en de te ontwikkelen/te versterken groene hoofdstructuren in Waalwijk bepaald en aangegeven. Het plangebied grenst aan een bestaande groene hoofdstructuur, de Kasteellaan. In het planvoornemen is rekening gehouden met deze hoofdstructuur, de bestaande groenhoofdstructuur wordt intact gehouden. 3.3.5
Groenbeleidsvisie - Groen Leeft!
De groenbeleidsvisie 'Groen Leeft!' is in december 2019 door de raad vastgesteld. De groenbeleidsvisie 'Groen Leeft!' vormt een duidelijke visie en kaders voor het openbaar groen. Het vormt de basis voor alle andere beleids- en beheervisies op het gebied van groen. De groenbeleidsvisie is een uitwerking van de groenstrategie. De groenstrategie is een vertaling van alle groene ambities uit de Strategische visie Waalwijk 2025, het Coalitieprogramma "Samen duurzaam vooruit!", de Structuurvisie en de Duurzaamheidsvisie. In de Groenbeleidsvisie wordt gewerkt met een zogenaamde 'groennorm'. Het doel van de groennorm is om het groen in alle projecten mee te laten wegen en zo het (areaal en kwaliteit van het) groen in de gemeente te borgen en vergroten. Met de groennorm wordt invulling gegeven aan het vergroten van het areaal groen voor biodiversiteit en toekomstbestendigheid en de ontwikkeling van kwalitatief groen voor de beleving. De groennorm prikkelt inwoners en bedrijfsleven om groen op hun eigen terrein te realiseren en/of te participeren in het openbaar groen. De groennorm wordt verwerkt in de afdelingsrichtlijnen van Team Ontwerp Openbare Ruimte (TOOR), zodat groen gelijkwaardig aan en gelijktijdig met de randvoorwaarden voor infrastructuur, parkeren, kabels & leidingen etc. wordt meegewogen in projecten.
Daarbij gelden de volgende uitgangspunten: Voorop staat dat in ieder project voldoende kwalitatief groen wordt gerealiseerd en dat de groennorm in principe binnen de ontwikkeling (nieuwbouw of reconstructie) wordt behaald. In het geval dit niet mogelijk is, zal maatwerk worden geleverd door te zoeken naar compensatie van groen in de directe omgeving. Bij nieuwe ontwikkelingen wordt het huidige, te behouden groen meegerekend in de volgens de groennorm hoeveelheid te realiseren groen. Groen is onlosmakelijk verbonden met klimaat. De groennorm draagt bij aan het tegengaan van negatieve effecten als hittestress en wateroverlast. Veel oplossingen hebben namelijk een groen karakter en kunnen in dat geval dus een plek krijgen binnen de groennorm, bijvoorbeeld natuurvriendelijke oevers en groene wadi's (geen wateroppervlakten). In de bestaande groene hoofdstructuur en op locaties waar deze hoofdstructuur nog moet worden ontwikkeld (zie Groenstructuurplan) wordt geen bebouwing gerealiseerd. In andere huidige groene gebieden kan wel een ontwikkeling plaatsvinden. In dat geval kan de gemeente een afwijkende, ruimere groennorm voorschrijven om het groene karakter van het gebied te behouden en/of kwalitatief vergelijkbaar groen terug te brengen.
Voor wat betreft nieuwbouw in het gebied `Woonwijken Waalwijk` stelt deze visie het volgende: Kwantiteit: minimaal 10% van het totale ontwerp wordt als grondgebonden openbaar groen ingericht met het gebruik van kwaliteitselementen en oog op de diversiteit. Daarnaast bestaat extra 5% uit combinatie van groen met andere functies, zoals parkeren, natuurlijk spelen en wateropvang. Kwaliteitselementen voorbeelden: parken, vogelbosjes, natuurvriendelijke oevers, bomen(lanen). De kwaliteitselementen worden ook gericht op samenhang met biodiversiteit, toekomstbestendigheid, beleving en zo mogelijk participatie. Voor de uitwerking van de kwaliteitselementen kunnen de gidssoorten als richtlijn worden gebruikt. Groen wat binnen het totale ontwerp van een semi-openbare of particuliere ruimte wordt gerealiseerd en met een blijvende meerwaarde voor de leefomgeving, kan hiervoor worden meegerekend. Particulier groen stimuleren.
20
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan Het plangebied betreft een perceel dat niet in eigendom is bij de gemeente. Zoals al in paragraaf 3.3.4 is aangeven, blijft de groene hoofdstructuur in het aangrenzende openbare gebied behouden. In de groenbeleidsvisie is als norm opgenomen dat de oppervlakte groen bij nieuwbouw toeneemt of in ieder geval niet mag afnemen. Minimaal 10% van het totale ontwerp wordt als grondgebonden openbaar groen ingericht met het gebruik van kwaliteitselementen en oog op de diversiteit. Daarnaast bestaat extra 5% uit combinatie van groen met andere functies, zoals parkeren en natuurlijk spelen. Aan deze eisen wordt met de beoogde herontwikkeling voldaan. Van het plangebied (oppervlakte 4.199 m²) wordt 1.082 m² (bijna 26%) ingericht als groen. Parkeerplaatsen worden gedeeltelijk voorzien van halfverharding. 3.3.6
Bomenbeleid - Bomen laten Waalwijk leven!
In december 2020 is ook het gemeentelijke bomenbeleid vastgesteld. Dit beleid bevat handvatten en uitgangspunten hoe we ons bomenbestand beter kunnen beschermen, behouden en uitbreiden, met als doel een toekomstbestendig bomenbestand waarbij bomen op een juiste manier en plek worden toegepast zodat ze optimaal hun waarde bijdragen aan de leefomgeving. In de groenbeleidsvisie 'Groen Leeft!' is opgenomen dat in 2030 een toename van 10% groen gerealiseerd moet zijn. Voor bomen betekent dit een toename in de waarde die bomen leveren. In het bomenbeleid ligt dan ook de nadruk op het handhaven van bestaande bomen en bevat uitgangspunten voor het toepassen van nieuwe bomen. Langs de Kasteellaan staan binnen het plangebied zes platanen. Voor deze bomen is een bomen effect analyse uitgevoerd (zie Bijlage 2). Hieruit blijkt dat de platanen een goede conditie hebben en de huidige groeiplaatsen goed zijn. Door de aanpassing van de bouwmogelijkheden binnen het plangebied (zie par. 1.3 en 2.2) kunnen drie platanen worden behouden. Voor deze bomen zal nogmaals worden beoordeeld of de nieuwbouw niet leidt tot aantasting van de bomen en groeiplaatsen. Elders op het perceel worden negen bomen gekapt. Binnen het plangebied worden 12 nieuwe bomen geplant, waarmee het aantal te kappen bomen wordt gecompenseerd. 3.3.7
Integraal Waterplan Waalwijk 2021-2024
Het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) vraagt dat gemeentes een plan tegen de wateroverlastproblematiek opstellen. Hiervoor is het Integraal Waterplan Waalwijk (IWW) vastgesteld dat het kader vormt voor alle watergerelateerde werkzaamheden binnen de gemeente. In het IWW is onder meer gekeken naar: Klimaatverandering (toename neerslag, hitte, droogte); Toenemende verharding; Veranderende wet en –regelgeving; Toename van de betrokkenheid van burgers en bedrijven. De werkzaamheden die hieruit volgen, zijn beschreven in het IWW. Een groot deel van de werkzaamheden heeft betrekking op de riolering, maar in toenemende mate moet ook rekening gehouden worden met ruimtelijke ordening, groen en wegen. Burgers en bedrijven worden gemotiveerd om bewuster om te gaan met hemelwater. Bij bestaande bouw ligt de norm lager dan bij nieuwbouw, aanbouw en uitbreiding van verharding. Bij nieuwbouw geldt een minimum bergingseis van 60 mm per m² verharding. In paragraaf 4.7 wordt ingegaan op de bergingseis in relatie tot de beoogde ontwikkeling binnen het plangebied. 3.3.8
Nota Parkeernormen Waalwijk 2015
Het college heeft in op 6 oktober 2015 de Nota Parkeernormen Waalwijk 2015 vastgesteld. Na intrekking van de oude Nota Parkeernormen Waalwijk uit 2010, is de nieuwe parkeernormennota met ingang vanaf 9 december 2015 in werking getreden.
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
21
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan Het doel van de Nota parkeernormen Waalwijk 2015 is om voor de gemeente Waalwijk per gebied en per functie de parkeernormen vast te leggen die de komende jaren bruikbaar zijn. In de nota stelt de gemeente dat bij het opstellen van een bestemmingsplan in de regels wordt verankerd dat voldaan moet worden aan de parkeernormen van de gemeente. De juridische borging vindt plaats door in de regels een artikel toe te voegen met een parkeerregeling. Omdat een aantal bestemmingsplannen al is vastgesteld voorafgaand aan de nota van de gemeente, zijn niet alle bestemmingsplannen in de gemeente Waalwijk voorzien van een parkeerregeling. Omdat na 1 juli 2018 een bestemmingsplan niet kan terugvallen op de bepalingen uit de bouwverordening, is op 21 juni 2018 het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren bebouwde kommen' vastgesteld. In de Nota parkeernormen Waalwijk 2015 zijn de parkeernormen en wijze van toepassing beschreven. Met het hanteren van deze normen worden de volgende effecten beoogd: waarborgen van de bereikbaarheid; mogelijk maken van economische ontwikkelingen; leefbaarheid op het gebied van parkeren binnen de gemeente te waarborgen. De parkeernormen in de Nota parkeernormen Waalwijk 2015 hebben betrekking op nieuw-/verbouwplannen en functie- of gebruikswijzigingen.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalwijk beoordeelt of een omgevingsvergunning kan worden verleend. Hiervoor toetst het college de aanvraag voor een omgevingsvergunning onder meer aan het bestemmingsplan. Omdat in Nederland geen landelijke parkeernormen zijn voorgeschreven, is de gemeente Waalwijk vrij om haar eigen parkeernormen te bepalen. Deze parkeernormen zijn onder andere afhankelijk van de stedelijkheidsgraad en specifieke kenmerken van deelgebieden, bijvoorbeeld de kwaliteit van andere vervoerwijzen. Voor de gemeente Waalwijk gelden op basis van de gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek verschillende stedelijkheidsgraden. Bij het bepalen van de parkeernormen is met deze verschillende stedelijkheidsgraden rekening gehouden. Daarnaast zijn de parkeernormen, zoals in de Nota parkeernormen Waalwijk 2015 vermeld, op de volgende bronnen gebaseerd: CROW publicatie 317 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie'; parkeernormennota’s van andere gemeenten; ervaringscijfers van de afgelopen jaren. Op basis van de karakteristieken en stedelijkheidsgraden van de deelgebieden is bij bandbreedtes in de parkeerkencijfers gekozen voor een iets hogere parkeernorm dan het gemiddelde van de bandbreedte. Hierbij is rekening gehouden met de in het verleden opgedane ervaringen met het toepassen van parkeernormen.
Ook maken de parkeerkencijfers onderscheid in verschillende functies. De voorkomende functies zijn: wonen; winkelen; werken; recreatie; sport, cultuur en ontspanning; gezondheidszorg en (sociale) voorzieningen; onderwijs. Op basis van het bovenstaande heeft de gemeente Waalwijk haar parkeernormen bepaald in de Nota parkeernormen Waalwijk 2015. De regels uit het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren bebouwde kommen' zijn eveneens opgenomen in voorlliggend bestemmingsplan. In paragraaf 4.10 wordt het beoogde bouwplan getoetst aan de gemeentelijke parkeernormen voor de functie wonen. 3.3.9
Conclusie
Uit de bovenstaande toetsing blijkt dat het planvoornemen past binnen het gemeentelijk beleid en de gemeentelijke duurzaamheidsambities.
22
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
Hoofdstuk 4
Planologische en milieuhygiënische aspecten
Op grond van het bepaalde in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is het bij het opstellen van een bestemmingsplan verplicht om inzicht te bieden in de relevante omgevingsaspecten. In dit hoofdstuk is een verantwoording voor deze aspecten opgenomen.
4.1
(Vormvrije) m.e.r.-beoordeling
4.1.1
Algemeen
De milieueffectrapportage-procedure (m.e.r.) is bedoeld om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in de plan- en besluitvorming in te brengen. Een m.e.r. is altijd gekoppeld aan een plan of besluit, bijvoorbeeld aan een bestemmingsplan. De wettelijke eisen ten aanzien van m.e.r. zijn vastgelegd in de Wet milieubeheer en in het Besluit m.e.r. In de Wet Milieubeheer en in het Besluit m.e.r. wordt een onderscheid gemaakt tussen activiteiten die m.e.r.-plichtig zijn (de zogenaamde bijlage C-activiteiten) en activiteiten die m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn (de zogenaamde bijlage D-activiteiten). De voorgenomen woningbouwontwikkeling valt onder categorie D 11.2 “de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen”. Voor deze categorie D 11.2 activiteit uit de bijlage bij het Besluit m.e.r. geldt een ondergrens voor een m.e.r.-beoordelingsplicht. De activiteit die met de wijziging van het bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt, blijft ruim onder deze drempelwaarden: de oppervlakte van de voorgenomen activiteit bedraagt minder dan 100 hectare; het plan is een aaneengesloten gebied en bevat minder dan 2.000 woningen; het plan bevat geen bedrijfsvloeroppervlakte. 4.1.2
Onderzoek en conclusie
De in dit plan opgenomen activiteit staat vermeld in lijst D van de bijlage Besluit m.e.r., waarvoor een m.e.r.-beoordeling dient plaats te vinden. Gezien de kenmerken, omvang en ligging van het project (zie ook hoofdstukken 1 en 2) en effecten volgens de criteria van bijlage III bij de EU-richtlijn, is de conclusie dat er geen sprake is van aanzienlijke nadelige milieugevolgen. Daarom hoeft er geen milieueffectrapport (MER) te worden opgesteld. Er is een aanmeldingsnotitie worden opgesteld (zie Bijlage 3) waarin het voorgaande is onderbouwd. Op basis van deze aanmeldingsnotitie heeft het bevoegd gezag op 25 mei 2021 besloten dat er geen m.e.r.-procedure hoeft te worden doorlopen en er geen MER hoeft te worden opgesteld.
4.2
Bodem
4.2.1
Algemeen
Het landelijk beleid met betrekking tot de bodemkwaliteit gaat uit van het principe dat de bodem geschikt dient te zijn voor de beoogde functie: de bodemkwaliteit mag geen onaanvaardbaar risico opleveren voor de gebruikers van de bodem. Voor elke functiewijziging dient onderzoek te worden verricht naar de bodem- en grondwaterkwaliteit, waarbij moet worden aangetoond dat de bodem geschikt is voor het voorgenomen gebruik. 4.2.2
Onderzoek en conclusie
Door Verhoeven Milieutechniek is in april 2020 een historisch bodemonderzoek uitgevoerd (zie Bijlage 4).
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
23
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan Uit het historisch onderzoek blijkt dat naar verwachting circa 8 gedempte sloten binnen het plangebied aanwezig zijn. Er zijn geen boomgaarden aanwezig (geweest). Derhalve is de (voormalige) teeltlaag op de locatie niet verdacht op het voorkomen van OCB. Het is reeds bekend dat binnen de gemeente Waalwijk ophogingen hebben plaatsgevonden met havenslib. Mede hierdoor is er een sterke heterogeniteit aanwezig met betrekking tot het voorkomen van de parameter chroom in de bodem. Derhalve dient dit aanvullend te worden onderzocht. Aangezien de momenteel nog aanwezige bebouwing gesloopt gaat worden en daarnaast naar verwachting onder de aanwezige tegelverharding puinbijmengingen aanwezig zijn, is de gehele onderzoekslocatie verdacht op het voorkomen van een asbestverontreiniging. Op basis van de bovengenoemde resultaten van het historisch onderzoek wordt een verkennend bodemonderzoek aanbevolen volgens de verdachte heterogene strategie, waarbij de grond aanvullend moet worden geanalyseerd op chroom en PFAS. Daarnaast moeten de gedempte sloten binnen het plangebied aanvullend worden onderzocht. In juni 2020 is door Verhoeven Milieutechniek een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (zie Bijlage 5).
Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de gestelde hypothese verworpen, aangezien maximaal licht verhoogde gehalten zijn aangetoond in de onderzochte grond- en grondwatermonsters. Ter plaatse van de gedempte sloten is zowel zintuiglijk als analytisch geen bodemverontreiniging aangetroffen. Geconcludeerd kan worden dat de demping van de sloten niet heeft geleid tot een bodemverontreiniging. De aangetoonde verhoogde gehalten betreffen overschrijdingen van de achtergrond- en/of streefwaarden. Aangezien de kritische waarden niet worden overschreden, zijn geen vervolgstappen noodzakelijk in het kader van de Wet bodembescherming. Bij eventuele afvoer van grond naar een erkend verwerker is met het verkennend bodemonderzoek aangetoond dat voor PFAS de aangetoonde gehalten voldoen aan de functieklasse “wonen/industrie” bij toepassing boven grondwaterniveau en op de landbodem, buiten grondwaterbeschermingsgebieden. Geadviseerd wordt na afloop van de sloop nog een aanvullend grondonderzoek en een aanvullend verkennend onderzoek naar asbest uit te voeren ter plaatse van de huidige (te slopen) bebouwing.
Een aanvullend onderzoek naar de ondergrond en het grondwater is ons inziens niet noodzakelijk, aangezien de kwaliteit van de ondergrond en het aanwezige grondwater in het verkennend onderzoek reeds afdoende is vastgelegd en het slopen van de bebouwing naar verwachting geen invloed zal hebben op de ondergrond- en grondwaterkwaliteit. Voor wat betreft asbest in de bodem is de hypothese gesteld van een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van een asbestverontreiniging. Op basis van de resultaten wordt de gestelde verdachte hypothese verworpen, aangezien zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetroffen. Over de contactzone kan echter nog geen definitieve uitspraak worden gedaan, omdat geen efficiënte maaiveldinspectie is uitgevoerd in verband met de aanwezige verhardingen. Ook dit dient te worden onderzocht na afloop van de sloop en verwijderen van de verharding. In de regels is een voorwaardelijke verplichting opgenomen die het aanvullende grond- en asbestonderzoek na de sloop verplicht stelt voordat de omgevingsvergunning voor het bouwen kan worden verleend.
24
bestemmingsplan "Waalwijk - Kasteellaan" (ontwerp)
bestemmingsplan Waalwijk - Kasteellaan
4.3
Geluid
4.3.1
Algemeen
Geluidhinder kan ontstaan als gevolg van verschillende activiteiten. De Wet geluidhinder vormt het wettelijk kader voor wegverkeerslawaai, spoorweglawaai en geluid afkomstig van geluidgezoneerde bedrijventerreinen. Voor het plangebied is het aspect wegverkeerslawaai relevant. Op grond van de Wet geluidhinder hebben alle wegen, met uitzondering van 30 km/h-wegen en wegen die deel uitmaken van een woonerf, een onderzoekszone. Indien binnen de onderzoekszone van een weg nieuwe geluidgevoelige objecten (zoals woningen of scholen) worden gerealiseerd, is een akoestisch onderzoek noodzakelijk. Wegen met een snelheidsregime van 30 km/h vallen buiten het regime van de Wet geluidhinder. Als geluidgevoelige objecten op korte afstand van een 30 km/h-weg worden gerealiseerd, kan het echter -met name bij drukkere wegen- uit oogpunt van een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk zijn om de akoestische situatie in beeld te brengen. 4.3.2
Onderzoek en conclusie
In april 2020 is door Het Geluidburo een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting op basis van de maximale planologische mogelijkheden die het voorliggende bestemmingsplan biedt (zie Bijlage 6). Het plangebied is gelegen in de geluidzone van de Burgemeester Verwielstraat. In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn tevens de nabijgelegen 30 km/uur wegen (Kasteellaan en Burgemeester Moonenlaan) in het onderzoek betrokken. Uit het onderzoek kan het volgende worden geconcludeerd: De geluidbelasting vanwege het wegverkeer op de Burgemeester Verwielstraat ligt boven de voorkeursgrenswaarde maar onder de maximale ontheffingswaarde. De hoogst bepaalde geluidbelasting is 52 dB inclusief aftrek op de gevel van het appartementengebouw aan de Burgemeester Verwielstraat. De geluidbelasting op het vierlaags appartementengebouw aan de Kasteellaan als gevolge van het wegverkeer op de Burgemeester Verwielstraat ligt onder de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Vanwege het wegverkeer op de 30 km/uur wegen wordt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet overschreden. Geluidreducerende bron- of overdrachtmaatregelen zijn in deze situatie niet wenselijk of kosteneffectief. Er wordt een verzoek hogere grenswaarde bij het college gedaan. Indien een hogere waarde wordt vastgesteld, kan de gemeente aan deze ontheffing aanvullende voorwaarden stellen.
Dit kan betekenen dat het bouwplan dient te beschikken over ten minste één geluidluwe gevel. Niet alle geluidbelaste woningen hebben een geluidluwe gevel. Om een goed woon- en leefklimaat te waarborgen, worden maatregelen getroffen om te voldoen aan de eisen voor nieuwbouw van het Bouwbesluit. De plafonds van de balkons van de negen eenzijdig georiënteerde appartementen aan de Burgemeester Verwielstraat worden hiervoor voorzien van een zeer goed absorberend materiaal. Het geluidniveau op deze balkons komt hiermee onder de 53 dB en voldoet daarmee ook aan het hogere waardebeleid van de gemeente Waalwijk. Nadat het akoestisch onderzoek is verricht, is het bouwvlak voor het vierlaags appartementengebouw aan de Kasteellaan aangepast. Aan de noordzijde is het bouwvlak 1 meter verruimd en aan de oostzijde 0,8 meter versmald. Deze aanpassingen leiden niet tot een hogere geluidbelasting op de gevels en zijn niet van invloed op de conclusies uit het akoestisch onderzoek.