Bijlage 1 Toelichting BP Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle 2022-06-29
Tekst van het document
|1
1.
Inleiding
2
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6
Aanleiding Plangebied Doel Geldende bestemmingsplannen Bij het plan behorende stukken Leeswijzer
2 2 3 3 6 6
2.
Bestaande situatie
7
3.
Beleidskader
11
3.1 3.2
Beleid gemeente Beleid regio, provincie, Rijk
11 16
4.
Planologische aspecten
25
4.1 4.2 4.3
Planbeschrijving Verkeer en parkeren Cultuurhistorie en archeologie
25 27 29
5.
Milieuplanologische aspecten
37
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9
Water Natuur Bedrijfshinder Wegverkeerslawaai Geur Luchtkwaliteit Bodemkwaliteit Externe veiligheid Technische infrastructuur
37 42 46 50 53 58 60 62 64
6.
Juridische aspecten
65
6.1 6.2 6.3 6.4
Inleiding Algemene toelichting verbeelding Algemene toelichting planregels Toelichting bestemmingen
65 65 65 65
7.
Uitvoerbaarheid
68
7.1 7.2
Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid
68 68
Bijlagen: 1. Archeologisch onderzoek 2. Onderbouwing wateraspect 3. Quickscan natuurwetgeving 4. Stikstofberekening 5. Akoestisch onderzoek wegverkeer 6. Verkennend bodemonderzoek 7. Standaardverantwoording groepsrisico 8. Nota van inspraak, vooroverleg en ambtelijke wijzigingen 9. Nota van zienswijzen
|2
1.
INLEIDING
1.1
Aanleiding
De aanleiding voor het opstellen van dit bestemmingsplan is het voornemen om het rundveebedrijf aan de Nieuwevaart 89 en 93 te Sprang-Capelle in de gemeente Waalwijk te saneren en ter compensatie vier woonkavels te realiseren (2 voormalige bedrijfswoningen en 2 nieuwe compensatiewoningen) in combinatie met de aanleg van nieuwe natuur. Voor het planvoornemen is in mei 2018 een principeverzoek ingediend bij de gemeente Waalwijk. Dit heeft geleid tot een principeakkoord van de gemeente. Voor het plangebied vigeert het bestemmingsplan “Buitengebied”, vastgesteld op 9 december 2010. Op grond van dit bestemmingsplan kennen alle gronden binnen het plangebied een agrarische bestemming, waarbij sommige percelen een bouwvlak kennen en/of de functieaanduiding 'bedrijfswoning'. De realisatie van vier woonkavels en nieuwe natuur is niet mogelijk binnen de kaders van het geldende bestemmingsplan. Middels onderhavig bestemmingsplan wordt de beoogde ontwikkeling juridisch-planologisch mogelijk gemaakt.
1.2
Plangebied
Het plangebied is gelegen in het buitengebied van de gemeente Waalwijk in de buurt Nieuwe-Vaart in het dorp Sprang-Capelle. De percelen zijn kadastraal bekend als gemeente Capelle, sectie O, nummers 509, 510, 528, 529, 533, 534, 671 (ged.), 672, 973 en 974. Het totale plangebied beslaat een oppervlakte van 66.616 m2. Het plangebied bestaat uit het huidige rundveebedrijf aan de Nieuwevaart 89 en 93 en de bijbehorende agrarische gronden (perceelnummers 528, 529, 533, 534, 973 en 974), de agrarische gronden grenzend aan de woning Eerste Wittedijk 6 (perceelnummers 671 (ged.) en 672) en de agrarische gronden op de hoek Eendennestweg-Nieuwevaart (perceelnummers 509 en 510).
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|3
Kadastrale kaart (plangebied rood omlijnd)
1.3
Doel
Het voorliggend bestemmingsplan biedt een juridisch-planologisch kader voor de herontwikkeling van de Nieuwevaart 89 en 93 en omgeving (e.o.) te Sprang-Capelle. Middels het bestemmingsplan wordt het mogelijk gemaakt om het rundveebedrijf te saneren en ter compensatie vier woonkavels te realiseren in combinatie met de aanleg van nieuwe natuur.
1.4
Geldende bestemmingsplannen
Ter plaatse van het plangebied vigeert het bestemmingsplan “Buitengebied” van de gemeente Waalwijk. De gemeenteraad heeft dit bestemmingsplan op 9 december 2010 vastgesteld. Daarnaast vigeren ter plaatse de bestemmingsplannen “Parapluherziening parkeren Waalwijk” (vastgesteld op 21 juni 2018) en de “Parapluherziening kamerbewoning Waalwijk” (vastgesteld op 31 oktober 2019). In het bestemmingsplan “Parapluherziening parkeren Waalwijk” zijn de gemeentelijke parkeernormen opgenomen. Het plan geldt voor de gehele gemeente. Op 24 september 2019 zijn de 'Beleidsregels huisvesting arbeidsmigranten, vergunninghoudende vluchtelingen en overige personen die geen huishouden vormen gemeente Waalwijk - 4e wijziging' vastgesteld. In deze beleidsregel is vastgelegd dat het niet wenselijk is om grootschalige huisvesting van arbeidsmigranten, vergunninghoudende vluchtelingen en overige personen die geen huishouden vormen in woongebieden te laten plaatsvinden. Dit heeft tot gevolg dat woningsplitsing en kamerverhuur niet zondermeer is toegestaan in de gemeenten Waalwijk. De “Parapluherziening kamerbewoning Waalwijk” geldt ook voor de gehele gemeente.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|4
Uitsnede vigerend bestemmingsplan “Buitengebied” (plangebied rood omlijnd)
Op basis van het bestemmingsplan “Buitengebied” kent het plangebied de onderstaande enkel- en dubbelbestemming en functie- en gebiedsaanduidingen: Enkelbestemming Agrarisch De voor ‘Agrarisch’ aangewezen gronden zijn bestemd voor agrarische doeleinden, in de vorm van agrarische bodemexploitatie met bijbehorende voorzieningen, reëel of volwaardig grondgebonden agrarische bedrijven met bijbehorende voorzieningen ter plaatse van de aanduiding ‘bouwvlak’, één bedrijfswoning ter plaatse van de aanduiding ‘bedrijfswoning’, beroepsmatige activiteiten in het hoofdwoongebouw, tuinen en erven, (onverharde) paden, wegen en parkeervoorzieningen, water en waterhuishoudkundige voorzieningen, extensief dagrecreatief medegebruik en het behoud, herstel en ontwikkeling van de landschaps-, natuur- en cultuurhistorische waarden in het algemeen en in het bijzonder voor beslotenheid, ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – beslotenheid’. Voor het bouwen van bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. per bouwvlak is bebouwing ten behoeve van niet meer dan één agrarisch bedrijf toegestaan; b. gebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak; c. de afstand van gebouwen tot de naar de weg gekeerde grens/grenzen van het bouwvlak bedraagt minimaal 5 m.
Indien de voorgevelrooilijn van de bedrijfswoning op een grotere afstand ligt van de naar de weg gekeerde grens/grenzen van het bouwvlak dienen gebouwen achter de voorgevelrooilijn van de bedrijfswoning gesitueerd te worden; d. de afstand van gebouwen tot de overige bouwvlakgrenzen bedraagt minimaal 3 m.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|5
Voor de maatvoering en situering van bouwwerken ten dienste van een agrarisch bedrijf, geldt het hierna volgende schema: Bedrijfsgebouwen Maximaal één bouwlaag Goothoogte Bouwhoogte Bebouwde oppervlakte teeltondersteunende kassen per bouwvlak bij niet glastuinbedrijven Afstand teeltondersteunende kassen tot (bedrijfs)woningen op naastgelegen percelen Dakhelling Bedrijfswoning Goothoogte Bouwhoogte Inhoud Dakhelling
Min. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Max. n.v.t 6m 13 m 1.000 m2
20 m
n.v.t.
n.v.t.
45 graden
Min. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Bijgebouwen bij bedrijfswoning Goothoogte Ingeval van een aangebouwd bijgebouw waarbij de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw hoger is dan 3,1 m Nokhoogte Oppervlakte per bedrijfswoning Afstand vrijstaand bijgebouw tot bedrijfswoning Afstand achter de voorgevelrooilijn van de bedrijfswoning Onoverdekt en onbebouwde ruimte achter de bedrijfswoning, in het verlengde van de zijgevels Dakhelling aangebouwd bijgebouw
Min. n.v.t. n.v.t.
Dakhelling vrijstaand bijgebouw
n.v.t.
n.v.t. n.v.t. 1m 3m 25 m2 n.v.t.
Max. 6m 10 m 600 m3 45 graden
Max. 3,1 m 0,25 m boven de hoogte van die eerste bouwlaag maar in geen geval hoger dan 4 m 5m 70 m2 40 m n.v.t. n.v.t. Gelijk zijn aan de dakhelling van het dakvlak van het hoofdgebouw waaraan wordt bijgebouwd Ten hoogste gelijk zijn aan de steilste dakhelling van het hoofdgebouw
Dubbelbestemming Delen van het plangebied kennen de dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie’. Dergelijke gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming, mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de te verwachten archeologische waarden van de gronden. Gebiedsaanduiding Haaks op het oost-westlint is sprake van historische bebouwing langs noord-zuid gelegen ontginningswegen in een veenlandschap. Daaronder begrepen de Nieuwevaart. De hoofdlijn is om in bebouwingsconcentraties de bestaande kwaliteit te behouden en nieuwe kwaliteiten te stimuleren. De bebouwingsconcentraties worden juridisch-planologisch beschermd middels de gebiedsaanduiding ‘bebouwingsconcentratie’.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|6
Strijdigheid De beoogde ontwikkeling van vier burgerwoningen (2 voormalige bedrijfswoning en 2 nieuwe compensatiewoningen) in combinatie met de aanleg van nieuwe natuur is strijdig met de vigerende bestemming(en) binnen het plangebied. Om de beoogde ontwikkeling mogelijk te maken, dient derhalve een nieuw bestemmingsplan opgesteld te worden.
1.5
Bij het plan behorende stukken
Het bestemmingsplan bestaat uit de volgende onderdelen: • Verbeelding: Op de verbeelding zijn de bestemmingen in het plangebied weergegeven. Deze bestemmingen zijn gerelateerd aan de in de regels opgenomen juridische regeling. • Regels: In de regels is het gebruik van de binnen het plangebied aangegeven gronden, opstallen en ander gebruik van de gronden juridisch geregeld. Per bestemming is aangegeven wat binnen die bestemming mogelijk en/of toegestaan is. • Toelichting: In de toelichting worden de aan het plan ten grondslag liggende gedachten en de uitkomsten van eventuele uitgevoerde onderzoeken opgenomen.
1.6
Leeswijzer
De toelichting is opgebouwd uit verschillende hoofdstukken. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de bestaande situatie van het plangebied. Een beschrijving van het relevante beleidskader op gemeentelijke, provinciaal en rijksniveau staat in hoofdstuk 3. In hoofdstuk 4 wordt het plan beschreven. Vervolgens komen in hoofdstuk 5 de milieuplanologische aspecten aan de orde. De juridische opzet van het plan staat in hoofdstuk 6. De economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid worden in hoofdstuk 7 beschreven.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|7
2.
BESTAANDE SITUATIE
Het plangebied is gelegen in het buitengebied van de gemeente Waalwijk, in de buurt Nieuwe-Vaart in het dorp Sprang-Capelle. Het plangebied bestaat uit het huidige rundveebedrijf aan de Nieuwevaart 89 en 93 en de bijbehorende agrarische gronden (perceelnummers 528, 529, 533, 534, 973 en 974), de agrarische gronden grenzend aan de woning Eerste Wittedijk 6 (perceelnummers 671 (ged.) en 672) en de agrarische gronden op de hoek Eendennestweg-Nieuwevaart (perceelnummers 509 en 510).
Bestaande situatie
Rundveebedrijf Nieuwevaart 89 en 93 Dit gedeelte van het plangebied is kadastraal bekend als gemeente Capelle, sectie O perceelnummers 528, 529, 533, 534, 973 en 974 en kent een totale oppervlakte van 48.096 m2. Op de locatie Nieuwevaart 93 en bijbehorende agrarische gronden exploiteert de initiatiefnemer een rundveehouderijbedrijf. In totaal is er circa 2.400 m2 aan agrarische bedrijfsgebouwen aanwezig, verdeeld over vier gebouwen. Daarnaast zijn er diverse agrarische aanhorigheden aanwezig, waaronder sleufsilo’s, voederopslag en dergelijke.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|8
Bedrijfswoningen en agrarische bedrijfsgebouwen
1 2 3 4 5 6
Open koeienstal Grote koeienstal Stro-opslag Loods van sandwichpanelen Bedrijfswoning Nieuwevaart 89 Bedrijfswoning Nieuwevaart 93
Ten behoeve van de rundveebedrijf zijn ter plaatse twee bedrijfswoningen aanwezig: Nieuwevaart 89 en Nieuwevaart 93. Beide woningen bestaan uit één bouwlaag met kap en kennen een goot- en bouwhoogte van respectievelijk 3 en 7 meter.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|9
Aanzicht bedrijfswoningen Nieuwevaart 89 en 93
Vooraanzicht agrarische bebouwing vanaf de Nieuwevaart (nr. 2 op afbeelding ‘agrarische bedrijfsgebouwen’)
Agrarische gronden grenzend aan de woning Eerste Wittedijk 6 Op de locatie Eerste Wittedijk 6 (perceelnummers 671) bevindt zich een vrijstaande woning met twee bijgebouwen van 125 m2 en 20 m2. De woning kent een woonoppervlakte van circa 140 m 2. Het perceel behorende bij de woning heeft een totale oppervlakte van 1.880 m2, waarvan 625 m2 (onderdeel van het plangebied) nog een agrarisch bestemming kent. Gescheiden door forse erfbeplanting en een watergang, grenst het perceel aan agrarisch gronden (perceelnummer 672).
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|10
Dit perceel kent een oppervlakte van 8.420 m2 en is in gebruik als akkerbouwgrond. Dit perceel is volledig onbebouwd en onverhard.
Aanzicht agrarische gronden vanaf de Eerste Wittedijk
Agrarische gronden hoek Eendennestweg-Nieuwevaart De agrarische gronden op de hoek Eendennestweg-Nieuwevaart (perceelnummers 509 en 510) kennen een oppervlakte van 10.100 m2. De gronden zijn in gebruik voor akkerbouw met langs de wegen Eendennestweg en Nieuwevaart een bomenrij. De percelen zijn volledig onbebouwd en onverhard.
Aanzicht agrarische gronden vanaf de hoek Eendennestweg-Nieuwevaart
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|11
3.
BELEIDSKADER
3.1
Beleid gemeente
Strategische visie Waalwijk 2025 – Samen werken aan de toekomst De gemeente Waalwijk heeft, met een bijdrage van de provincie Noord-Brabant, de strategische visie Waalwijk 2025 opgesteld. Het bevat de strategische hoofdlijnen voor besluitvorming, beleid en projecten tot 2025 en is het handelingskader voor de gemeente Waalwijk. In de visie staat de volgende missie centraal: “De gemeente Waalwijk is een stedelijk knooppunt dat met zijn krachtige economische functie en karakteristieke kernen en omgeving een vitale schakel is in de regionale netwerken van de Langstraat en Midden-Brabant”. De gemeente zet in op een bescheiden groei van de woningvoorraad gericht op de opvang van de eigen behoefte en vergroting van de verscheidenheid in het woningaanbod. Kwaliteit gaat boven kwantiteit. De realisatie van vier woonkavels (2 voormalige bedrijfswoningen en 2 nieuwe compensatiewoningen) leidt tot een beperkte kwantitatieve groei van de bestaande woningvoorraad. De herontwikkeling voorziet daarnaast in een kwaliteitsimpuls van het gebied door de sanering van het rundveebedrijf en de aanleg van nieuwe natuur. Structuurvisie Waalwijk 2025 – onderscheidend meer verleiden Op 4 februari 2016 is de Structuurvisie Waalwijk 2025 vastgesteld. Het doel van deze structuurvisie is een samenhangend beleid formuleren op hoofdlijnen dat de ambities weergeeft voor 2035 en een visie uitgewerkt voor 2025.
Om de juiste keuzes voor 2025 te maken zijn in de structuurvisie een aantal leidende principes geformuleerd: • Waarden ondergrond behouden en versterken. Bij behoud is het zaak bedreigingen te voorkomen door bescherming van waarden en het reserveren van ruimte. Voor versterking kiest de gemeente ervoor deze alleen bij belangrijke projecten actief (mee) te ontwikkelen en in andere gevallen kansen vanuit de samenleving te benutten. • Bereikbaarheid netwerk optimaliseren. In veel gevallen gaat de gemeente projecten op dit vlak actief (mee) ontwikkelen. Bij overige projecten om het netwerk te verbeteren heeft de gemeente een voorkeur voor het benutten van kansen. • Vraaggericht functies versterken met kwaliteit. Bij bestaande ontwikkelingen maakt de gemeente Waalwijk het gekozen proces af maar wel (markt)vraaggericht. Als het gaat om nieuwe ontwikkelingen kiest de gemeente belangrijke (sleutel)projecten die ze actief (mee) ontwikkelt. Als thema loopt duurzaamheid als een ‘ladder’ door alle ambities heen en is daarom apart uitgewerkt in de structuurvisie. Aan deze ‘duurzaamheidsladder’ zijn ook een aantal specifieke onderwerpen gekoppeld: milieu, energie, erfgoed en sociaal. Duurzaamheid is voor de gemeente een algemeen leidend principe.
De gemeente beschouwt het als haar plicht om de ontwikkeling van de huidige generatie te bevorderen, maar daarbij de ontwikkeling van de generaties hierna niet te belemmeren door de impact van onze huidige activiteiten en keuzes.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|12
Daarbij heeft de gemeente onder andere de ambitie om op de lange termijn (2043) klimaatneutraal te zijn. Klimaatneutraliteit is een zeer ambitieuze doelstelling die pas op de heel lange termijn kan worden gerealiseerd, ook als een maximale inspanning wordt geleverd. Om toe te werken naar deze doelstelling gebruikt de gemeente de ‘trias energetica’ (energievraag, duurzame bronnen en fossiele energiebronnen) als leidend principe.
Uitsnede structuurvisie Waalwijk (plangebied rood omlijnd)
Het plangebied is op de visiekaart aangeduid als ‘Agrarisch gebied op zandgronden’ en langs de Nieuwevaart als ‘Gemengd wonen in bebouwingslint’. Over de aanduiding ‘Agrarisch gebied op zandgronden’ wordt in de visie niets specifieks gezegd. Daarom wordt enkel ingegaan op de visie voor ‘Gemengd wonen in bebouwingslint’. De ambitie ten aanzien van de functie ‘Wonen’ luidt als volgt: “Diversiteit woonomgeving met kleinstedelijke en dorpse kernen afgestemd op de regionale en lokale behoefte”. Speerpunten daarbij zijn: • Bestaande woongebieden vraaggericht herstructureren volgens duurzaamheidsladder en thematisering; • Overige (nieuwe) woningbouwlocaties vraaggericht ontwikkelen volgens duurzaamheidsladder en thematisering; • Scheiden wonen en zorg. De structurele veranderingen in de samenleving, met name de bevolkingssamenstelling maar ook klimaatveranderingen zorgen ervoor dat het nodig is de bestaande woongebieden onder de loep te nemen en waar nodig vraaggericht te herstructureren. De komende jaren wordt voor Waalwijk nog een lichte groei voorspeld. Op termijn wijzen de demografische ontwikkelingen echter ook voor Waalwijk op krimp.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|13
Bij herstructurering ligt de nadruk op kwaliteit in plaats van kwantiteit met bijzondere aandacht voor speciale groepen. Kwaliteit van wonen is variatie, keuzevrijheid en een prettige woonomgeving. Vraaggericht wil zeggen dat sprake moet zijn van bouwen voor de échte vraag in de markt, welke blijkt uit (regionaal) onderzoek. Essentieel daarbij is de afstemming van kwalitatieve en kwantitatieve woningbouwprogramma’s in overleg met de regiogemeenten en de provincie NoordBrabant. Verdere kwalitatieve invulling binnen de gekozen thema’s stemt de gemeente zo goed mogelijk af met de verwachte behoefte in de samenleving en is verder uitgewerkt in de Woonvisie en het Regionaal Woonkader. Onderhavig planvoornemen voorziet in de sanering van een rundveebedrijf, waarna ter compensatie vier woonkavels gerealiseerd worden (2 voormalige bedrijfswoningen en 2 nieuwe compensatiewoningen) in combinatie met de aanleg van nieuwe natuur. Feitelijk worden er slechts twee nieuwe woningen toegevoegd aan de woningmarkt. De woonkavels zullen geschikt zijn voor vrijstaande woningen in het duurdere segment. Als gevolg van de bouw van deze woningen ontstaat doorstroming in de markt, waardoor mogelijk woonruimte vrijkomt voor starters op de koopmarkt. Daarnaast wordt door de sanering van het rundveebedrijf en de toevoeging van nieuwe natuur het woon- en leefklimaat ter plaatse verbeterd.
Gesteld kan worden dat de herstructurering van het plangebied in lijn is met de Structuurvisie Waalwijk. Erfgoedverordening Waalwijk 2016 De gemeenteraad van Waalwijk heeft op 15 december 2016 de Erfgoedverordening geactualiseerd. In de Erfgoedverordening staan voorschriften en regels met betrekking tot cultureel erfgoed, zowel voor monumenten, archeologie als het cultuurlandschap. Eveneens zijn de wettelijke taken van de gemeente met betrekking tot Rijksmonumenten in een erfgoedverordening nader uitgewerkt. De regels over het aanwijzen van gemeentelijke monumenten en archeologische verwachtingsgebieden, en weigeringsgronden voor het afgeven van een omgevingsvergunning zijn ook opgenomen in de Erfgoedverordening. In paragraaf 4.3 wordt nader ingegaan op het aspect cultuurhistorie. Woonvisie 2020 Gemeente Waalwijk Op 20 februari 2020 heeft de gemeenteraad van Waalwijk de Woonvisie 2020 vastgesteld. Drie hoofdthema’s vormen het hart van de Woonvisie: betaalbaarheid, wonen en zorg en leefbaarheid en duurzaamheid.
Eén en ander is hieronder samengevat: • Betaalbaarheid: van belang is dat iedereen kan wonen in een woning die qua woningtype en prijsklasse past bij zijn/haar huishouden en inkomen; • Wonen en zorg: voor alle inwoners is er een geschikte woning en woonomgeving, waar zorg geleverd kan worden en waar een sterkte sociale structuur is; • Leefbaarheid en duurzaamheid: alle inwoners wonen in aantrekkelijke en toekomstbestendige woonmilieus.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|14
Er is nog steeds sprake van een woningtekort, ook binnen de gemeente Waalwijk. Bij de invulling van het woonprogramma streeft de gemeente naar voldoende kwalitatief goede en betaalbare woningen voor alle bevolkingsgroepen. Er is vooral behoefte aan woningen voor starters. Om die reden wordt doorstroming gestimuleerd. Dat laatste kan door middeldure en dure woningen te bouwen. Onderhavig planvoornemen voorziet in de sanering van een rundveebedrijf, waarna ter compensatie vier woonkavels gerealiseerd worden (2 voormalige bedrijfswoningen en 2 nieuwe compensatiewoningen) in combinatie met de aanleg van nieuwe natuur. De woonkavels zullen allen geschikt zijn voor vrijstaande woningen in het duurdere segment. Als gevolg van de bouw van deze woningen ontstaat doorstroming in de markt, waardoor mogelijk woonruimte vrijkomt voor starters op de koopmarkt. Gesteld kan worden dat het planvoornemen in voldoende mate aansluit bij de uitgangspunten van de Woonvisie 2020. Groenstructuurplan 2017 In het Groenstructuurplan 2017 (vastgesteld d.d. 21 december 2017) heeft de gemeente Waalwijk de groene hoofdstructuur beschreven met de bijbehorende ambities om deze te versterken. De groene hoofdstructuur is het belangrijkste en meest waardevolle lokale gemeentelijk groen. Het zijn groenelementen die op dorps-, stads- of zelfs gemeentelijk niveau van belang zijn.
Het groenstructuurplan wordt gebruikt bij de toetsing op het gebied van groen bij ruimtelijke ontwikkelingen, herinrichtingsplannen en bestemmingsplanwijzigingen. Ook wordt het gebruik in de afweging voor kapaanvragen van gemeentelijke bomen en het beoordelen van aanvragen voor de aankoop van snippergroen.
Groenstructuurplan (plangebied rood omlijnd)
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|15
In de woonwijken van Waalwijk bevindt de groenstructuur zich vooral langs de belangrijkste verkeersassen. De tussenliggende wijken zijn in verschillende periodes aangelegd. Deze verschillen daarom niet alleen in bebouwingsstijl, maar ook in groenstructuur. Ieder wijk is daarom beoordeeld op zijn sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen. Op basis hiervan zijn de bestaande groene hoofdstructuren en de te ontwikkelen/te versterken groene hoofdstructuren in Waalwijk bepaald en aangegeven (zie bovenstaande afbeelding). Het plangebied grenst aan een bestaande groene hoofdstructuur. In het planvoornemen is rekening gehouden met deze hoofdstructuur. De bestaande groenhoofdstructuur wordt intact gehouden en door de aanleg van nieuwe natuur en landschap zelfs versterkt. Gesteld kan worden dat het planvoornemen in lijn is met het Groenstructuurplan. Groenbeleidsvisie ‘GroenLeeft’ De Groenbeleidsvisie (vastgesteld d.d. 24-09-2019) is gebaseerd op het coalitieprogramma 20182022, bestaande uit beleidsdocumenten met een relatie tot het groen, actuele groene wet- en regelgeving, Groene Agenda, input inwonerspanel groen (inwonerspanel november 2017) en expertise van ambtenaren en adviseurs. In de Groenbeleidsvisie worden de huidige waarden en identiteit van het groen in Waalwijk geborgd en tegelijk wordt invulling gegeven aan recente ontwikkelingen.
De Groenbeleidsvisie vormt een kader waarmee eenduidige keuzes gemaakt kunnen worden. Het is geen opzichzelfstaand document, maar een overkoepelend plan (paraplu) waaronder verschillende beleids- en beheerplannen op het gebied van groen een plek krijgen. De Groenbeleidsvisie gaat over al het groen wat in eigendom of beheer is van de gemeente. Dit betreft dus de bomen, struweel, bermen, sierplantsoen, oevers, etc. Dit groen bevindt zich zowel binnen als buiten de bebouwde kom en kan soms onderdeel zijn van de groene hoofdstructuur. Groennorm De ervaring leert dat het huidig groen onder druk staat en soms laat in het (ontwerp)proces wordt betrokken bij (her)ontwikkelingen. Met als gevolg dat de beschikbare ruimte al vergeven is en de meerwaarde die groen kan leveren niet optimaal benut wordt. Om het meeste uit de openbare ruimte te halen is het belangrijk dat groen een betere plek krijgt in het planvormingsproces. De groennorm die hieronder wordt beschreven is daarbij een handvat. Het doel van de groennorm is om het groen in alle projecten mee te laten wegen en zo het (areaal en kwaliteit van het) groen in de gemeente te borgen en vergroten. Bij nieuwe ontwikkelingen wordt het huidige, te behouden groen meegerekend in de volgens de groennorm hoeveelheid te realiseren groen. De groennorm is opgesteld voor nieuwbouwlocaties en voor reconstructies.
Voor nieuwbouwlocaties is daarin onderscheid gemaakt tussen verschillende type bebouwing, namelijk centrum, dorpen, Waalwijk woonwijken en bedrijventerreinen.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|16
Nieuwbouw Nieuwbouw betreft de situatie waarbij een ontwikkeling op een uitbreidingslocatie óf waarbij sprake is van een braakliggend terrein of sloop en nieuwbouw (inbreiding). Bij de woongebieden wordt onderscheidt gemaakt in de woonwijken van de kern Waalwijk en de woongebieden van de dorpen. Het plangebied valt onder het woongebied van de dorpen. Voor de leefbaarheid in dorpen is het van belang om het groen vroegtijdig mee te ontwerpen en vooral te richten op het toevoegen van kwalitatief groen. Het planvoornemen voegt kwalitatief groen toe. Onderhavig planvoornemen voorziet namelijk onder andere in de realisatie van nieuwe natuur en landschap in de vorm van: nieuw hoog- een laagveen bos met paddenpoel en kruiden- en faunarijk grasland (als stapsteen nabij Eendennest), nieuwe Elzensingels in kruiden- en faunarijk grasland en nieuwe houtwallen als brengezing van de bebouwingsconcentratie. Gesteld kan worden dat het planvoornemen in lijn is met de Groenbeleidsvisie. Conclusie Uit de bovenstaande toetsing blijkt dat het planvoornemen passend is binnen het gemeentelijk beleid.
3.2
Beleid regio, provincie, Rijk
3.2.1
Rijksbeleid
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is geheel opgenomen in deze nieuwe visie. De Nationale Omgevingsvisie biedt een duurzaam perspectief voor de leefomgeving. Hiermee kan het Rijk inspelen op de grote uitdagingen die voor hen liggen. Allerlei trends en ontwikkelingen hebben invloed op de leefomgeving. Veranderende en groeiende steden, de overgang naar een duurzame en circulaire economie en het aanpassen aan de gevolgen van de klimaatverandering vormen slechts een deel van de opgaven. Dit biedt kansen, maar vraagt wel om zorgvuldige keuzes. Want ruimte, zowel boven-, als ondergronds, is een schaars goed. Het combineren van al die opgaven vraagt een nieuwe manier van werken. Niet van bovenaf opgelegd, maar in goede samenwerking tussen overheden, bedrijven, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en burgers. De NOVI biedt een kader, geeft richting en maakt keuzes waar dat kan. Tegelijkertijd is er ruimte voor regionaal maatwerk en gebiedsgerichte uitwerking. Omdat de verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen ligt, kunnen inhoudelijke keuzes in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt.
Met de NOVI zet het Rijk een proces in gang waarmee keuzes voor de leefomgeving sneller en beter kunnen worden gemaakt.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|17
Door het nationale karakter van de NOVI en de kleine schaal van onderhavig plan, heeft het voornemen nauwelijks raakvlak met dit nationale kader. Met onderhavig planvoornemen zijn geen nationale belangen in het geding. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) borgt een aantal van de nationale ruimtelijke belangen die deel uitmaken van het geldende nationale ruimtelijke beleid. Het besluit is gericht op doorwerking van de nationale belangen in provinciaal beleid en gemeentelijke bestemmingsplannen. Dat betekent dat het Barro voor de opgenomen onderwerpen regels geeft over bestemmingen en het gebruik van gronden. Daarnaast kan zij aan de gemeente opdragen in de toelichting bij een bestemmingsplan bepaalde zaken uitdrukkelijk te motiveren. In het plangebied zijn geen nationale belangen in het geding. Het Barro heeft geen consequenties voor het planvoornemen. Ladder voor duurzame verstedelijking In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de verplichting opgenomen om in het geval van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in de toelichting een beschrijving op te nemen van nut en noodzaak van de nieuwe stedelijke ruimtevraag en de ruimtelijke inpassing. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de 'ladder voor duurzame verstedelijking' zoals beschreven in, het per 1 juli 2017 gewijzigde, artikel 3.1.6 Bro.
Nieuwe ontwikkelingen dienen getoetst te worden aan de Ladder voor duurzame verstedelijking mits er sprake is van een ‘stedelijke ontwikkeling’. Het begrip ‘stedelijke ontwikkeling' is in artikel 1.1.1, lid 1, sub i van de Bro gedefinieerd als: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'. De in de toelichting van een ruimtelijk plan vereiste onderbouwing van de nieuwe stedelijke ontwikkeling bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het plan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Toetsing plangebied Een aantal aspecten zijn van belang om te bepalen of en hoe de ladder moet worden toegepast, waaronder de vraag of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling en of de stedelijke ontwikkeling ‘nieuw’ is. Voor woningbouwlocaties geldt volgens de overzichtsuitspraak dat ‘in beginsel’ sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling als er meer dan 11 woningen gerealiseerd worden. Het planvoornemen betreft het saneren van een rundveebedrijf, waarna ter compensatie vier woonkavels gerealiseerd worden (2 voormalige bedrijfswoningen en 2 nieuwe compensatiewoningen) in combinatie met de aanleg van nieuwe natuur.
Het planvoornemen voorziet daarmee in de feitelijke toevoeging van slechts twee woningen. De ladder voor duurzame verstedelijking is daarmee niet van toepassing op het planvoornemen. Wel wordt in het kader van een goede ruimtelijke ordening aandacht besteed aan de behoefte aan de te bouwen woningen.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|18
Kwantitatieve behoefte Onderzocht dient te worden of er daadwerkelijk behoefte is aan de voorgenomen ontwikkeling. Bij het bepalen van de kwantitatieve behoefte is het “Perspectief op Wonen en Woningbouw Hart van Brabant” geraadpleegd. Hieruit blijkt dat op korte termijn (2019-2028) behoefte is aan 13.945 woningen voor de regio Midden-Brabant. In de regionale programmering is aangegeven dat de gemeente Waalwijk kan voorzien in maximaal 1.210 woningen.
Regionale woningvoorraad Regio Hart van Brabant per gemeente (2019 t/m 2028)
In de periode 2019-2028 wordt in het woningbouwprogramma van de gemeente Waalwijk voorzien in 1.085 woningen. Onderhavig locatie is daarin nog niet opgenomen. Het programma biedt nog ruimte voor 125 woningen. Gesteld kan worden dat de toevoeging van twee nieuwe woningen past binnen de woningbehoefte van de gemeente Waalwijk. Kwalitatieve behoefte Het planvoornemen voorziet in de sanering van een rundveebedrijf. Van de circa 2.400 m2 aan agrarische opstallen, wordt circa 2.200 m2 gesloopt. Van de 2.400 m2 blijft 200 m2 behouden als bijgebouw bij de woning Nieuwevaart 89. Daarnaast worden de diverse agrarische aanhorigheden behorende bij de rundveehouderij gesloopt. Daar tegenover staat dat twee nieuwe burgerwoningen (compensatiewoningen) worden toegevoegd, twee bedrijfswoningen worden omgezet naar burgerwoningen en nieuwe natuur wordt aangelegd. Door het saneren van het agrarisch bedrijf verbeterd het woon- en leefklimaat ter plaatse. Daarnaast is met de sloop van agrarische bebouwing en de aanleg van nieuwe natuur sprake van een fysieke verbetering van de (landschappelijke) kwaliteit ter plaatse. Gesteld kan worden dat het planvoornemen de aanwezige ruimte beter benut. Zodoende zal het planvoornemen op kwalitatief gebied van toegevoegde waarde zijn voor de nabije omgeving.
Op basis van het bovenstaande kan gesteld worden dat er zowel een kwalitatieve als kwantitatieve behoefte aan het planvoornemen is.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|19
Conclusie Het nationale ruimtelijke beleid geeft geen belemmeringen voor het planvoornemen. 3.2.2
Provinciaal beleid
Omgevingsvisie Noord-Brabant De nieuwe Omgevingswet bundelt de wetten en regels voor ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur, cultuur, erfgoed en water. En regelt zo het beheer en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Vooruitlopend hierop heeft de provincie alvast een provinciale Omgevingsvisie gemaakt. Volgens de laatste informatie treedt de nieuwe Omgevingswet in 2022 in werking. In december 2018 is de Brabantse Omgevingsvisie vastgesteld. Deze Omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. De Omgevingsvisie geeft antwoord op de vraag hoe de Brabantse leefomgeving er in 2050 uit zou moeten zien en waar Noord-Brabant in 2030 tenminste moet staan om die lange termijndoelen te halen. De Omgevingsvisie geeft ook aan op welke manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. De visie bestaat uit een basisopgave en vier hoofdopgaven voor de middellange en lange termijn. De basisopgave is werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. De vier hoofdopgaven komen voort uit de basisopgaven. Het gaat om de volgende hoofdopgaven: • Werken aan de Brabantse energietransitie; • Werken aan een klimaatproof Brabant; • Werken aan de slimme netwerkstad; • Werken aan een concurrerende, duurzame economie.
Om de doelen voortkomend uit de hoofdopgaven te bereiken zet de provincie Noord-Brabant in op een samenhangende ruimtelijke koers. De beleidsmatige uitganspunten van de Omgevingsvisie zijn, voor de aspecten waarop het provinciaal belang in geding is, uitgewerkt in de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant. Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant De Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant is de vervanger van verschillende provinciale verordeningen, waaronder ook de Verordening ruimte. De Omgevingsverordening is op 25 oktober 2019 vastgesteld als eerste stap voordat de Omgevingswet in werking treedt. De Interim Omgevingsverordening bestaat uit de samenvoeging van bestaande regels uit verschillende verordeningen. De verordening is één van de uitvoeringsinstrumenten van de provincie om haar doelen te realiseren. In de Omgevingsverordening vertaalt de provincie kaderstellende elementen uit het provinciaal beleid in regels die van toepassing zijn op (gemeentelijke) bestemmingsplannen. Het plangebied valt volgens de Interim Omgevingsverordening binnen de onderstaande gebieden. Vervolgens zijn de voor het plangebied eventueel relevante gebieden nader uitgewerkt: • Attentiezone stiltegebied (Rechtstreeks werkende regels: milieubeschermingsgebieden, natuur en wegen); • Diep grondwaterlichaam (Rechtstreeks werkende regels: milieubeschermingsgebieden, natuur en wegen);
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|20
• • • • • • • • • • • • • • •
Geen attentiezone waterhuishouding (Rechtstreeks werkende regels: milieubeschermingsgebieden, natuur en wegen); Bescherming Natura 2000 (Rechtstreeks werkende regels: landbouw); Landelijk gebied (Rechtstreeks werkende regels: landbouw); Verbod uitbreiding veehouderij (Rechtstreeks werkende regels: landbouw); Landelijke kern (Instructieregels gemeenten: stedelijke ontwikkeling en erfgoed); Stedelijk gebied (Instructieregels gemeenten: stedelijke ontwikkeling en erfgoed); Cultuurhistorisch waardevol gebied (Instructieregels gemeenten: stedelijke ontwikkeling en erfgoed); Attentiezone stiltegebied (instructieregels gemeenten: natuur en stiltegebied) Gemengd landelijk gebied (instructieregels gemeenten: basiskaart Landelijk gebied) Landelijk gebied (instructieregels gemeente: basiskaart Landelijk gebied) Beperkingen veehouderij (instructieregels gemeenten: specifieke gebieden voor agrarische ontwikkelingen) Aangewezen gebied voor peilbesluit (instructieregels voor waterschappen: watersystemen, -veiligheid en –berging); Norm wateroverlast buiten Stedelijk gebied (Instructieregels voor waterschappen: watersystemen, -veiligheid en –berging); Norm wateroverlast Stedelijk gebied (Instructieregels voor waterschappen: watersystemen, -veiligheid en –berging); Normen wateroverlast (Instructieregels voor waterschappen: watersystemen, -veiligheid en –berging).
Stedelijke ontwikkeling en erfgoed Cultuurhistorische waarden (artikel 3.29) Een bestemmingsplan van toepassing op Cultuurhistorisch waardevol gebied is mede gericht op het behoud, herstel of de duurzame ontwikkeling van de cultuurhistorische waarden en kenmerken zoals beschreven in de Cultuurhistorische waardenkaart en stelt regels ter bescherming van de cultuurhistorische waarden en kenmerken van de onderscheiden gebieden. In paragraaf 4.3 wordt het aspect cultuurhistorie nader onderbouwd. Stedelijke gebied (artikel 3.42) Voor het onderwerp duurzame stedelijke ontwikkeling zijn instructieregels voor gemeenten opgenomen. Hierin is opgenomen dat een bestemmingsplan dat voorziet in de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen binnen Stedelijk gebied een onderbouwing bevat dat de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken en het een duurzame stedelijke ontwikkeling is.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|21
Uitsnede kaart 3 IOV: Stedelijke ontwikkeling en erfgoed (plangebied rood omlijnd)
Het plangebied behoort tot de regio Midden-Brabant. Binnen deze regio wordt voornamelijk gestuurd op woningbouw binnen bestaand stedelijk gebied en bestaand (leegstaand of leegkomend) vastgoed. Het planvoornemen sluit hier bij aan. Daarnaast moet onderbouwd worden dat het een duurzame stedelijke ontwikkeling is. Dit is nader onderbouwd in de paragraaf 3.2.1 ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’. Natuur en stiltegebieden Attentiezone stiltegebied (artikel 2.47) Het bevoegd gezag houdt in het Stiltegebied en de Attentiezone stiltegebied rekening met de grenswaarden, genoemd in Artikel 2.40 Streefwaarde Stiltegebied, Artikel 2.41 Grenswaarde milieubelastende activiteit Stiltegebied en Artikel 2.42 Grenswaarde externe werking stiltegebied bij toepassing van de algemene plaatselijke verordening, verlenen van de omgevingsvergunning milieu, toepassen van maatwerkvoorschriften en de ontheffing in het kader van Wet luchtvaart.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|22
Het planvoornemen maakt geen ontwikkelingen mogelijk die de gestelde streefwaarden en/of grenswaarden overschrijdt.
Uitsnede kaart 4 IOV: Natuur en stiltegebieden (plangebied rood omlijnd)
Landelijk gebied Landelijk gebied (artikel 3.68) Uitgangspunt van beleid is dat woningen in beginsel thuishoren binnen stedelijk gebied waar ook de voorzieningen aanwezig zijn, zoals winkels, theaters, sportfaciliteiten, medische faciliteiten, zorgvoorzieningen. Het Landelijk gebied voorziet in aanvulling daarop ook in een woonbehoefte. In het landelijk gebied zijn alleen bestaande burgerwoningen en bedrijfswoningen toegestaan. Ter plaatse van het landelijke gebied voorziet het planvoornemen niet in de toevoeging van nieuwe (burger- of bedrijfs-)woningen. Binnen de agrarische gronden, grenzend aan de woning Eerste Wittedijk 6, wordt binnen de nieuwe bestemming ‘Natuur’ enkel het medegebruik wonen ten behoeve van de aangrenzende woonbestemming toegestaan. Dit is geborgen in de regels en verbeelding door de functieaanduiding ‘specifieke vorm van natuur – medegebruik wonen’. Binnen de bestemming ‘Natuur’ mogen geen bouwwerken worden gebouwd. De vier woonkavels (2 voormalige bedrijfswoningen en 2 compensatiewoningen) worden gerealiseerd buiten het Landelijk gebied. Het planvoornemen is derhalve niet in strijd met het gestelde in artikel 3.68.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|23
Landelijk gebied – Gemengd landelijk gebied
Uitsnede kaart 6 IOV: Basiskaart Landelijk gebied (plangebied rood omlijnd)
Overige gebieden De overige instructieregels en/of rechtstreeks werkende regels behorende bij de gebieden waar het plangebied onder valt zijn niet direct van toepassing op het plangebied en/of voornemen. Naast de bovengenoemde artikelen dient het ruimtelijke plan te voldoen aan de basis principes voor een evenwichtige toedeling van functies. Ofwel, het gestelde in artikel 3.5 t/m 3.8 van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant. Voor een goede omgevingskwaliteit en een veilige, gezonde leefomgeving wordt rekening gehouden met: a) zorgvuldig ruimtegebruik; b) de waarden in een gebied met toepassing van de lagenbenadering; c) meerwaardecreatie. Zorgvuldig ruimtegebruik (artikel 3.6) Conform artikel 3.6 houdt zorgvuldig ruimtegebruik in dat de toedeling van functies in beginsel plaatsvindt binnen bestaand ruimtebeslag voor bebouwing. Het planvoornemen voorziet in de sanering van een rundveebedrijf. Van de circa 2.400 m2 aan agrarische opstallen, wordt circa 2.200 m2 gesloopt. Daarnaast worden de diverse agrarische aanhorigheden behorende bij de rundveehouderij gesloopt. Daar tegenover staat dat de twee bedrijfswoningen worden omgezet naar burgerwoningen en twee nieuwe burgerwoningen (compensatiewoningen) worden toegevoegd. Iedere woning kent een bouwvlak van 120 m2, welke volledig bebouwd mogen worden.
Bij de twee voormalige bedrijfswoningen Nieuwevaart 89 en 93 mag maximaal 50% van het overtollige te slopen oppervlak aan bestaande gebouwen worden teruggebouwd en/of in stand worden gelaten tot een totaal aan bijgebouwen van maximaal 200 m 2 buiten het bouwvlak. Bij de twee compensatiewoningen is buiten het bouwvlak 70 m2 aan bijgebouwen per bouwperceel toegestaan.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|24
Van de 2.400 m2 aan agrarische opstallen blijft 200 m2 behouden als bijgebouw bij de woning Nieuwevaart 89. Bij de sloop-nieuwbouw van de woning Nieuwevaart 93 wordt een nieuw bijgebouw van 200 m2 gerealiseerd (teruggebouwd). Per saldo is derhalve sprake van een afname van 1.380 m2 aan bebouwing (2.400 m2 – (120 m2 x 4 bouwvlakken) – (200 m2 x 2 voormalige bedrijfswoningen) – (70 m2 x 2 compensatiewoningen)). Gesteld kan worden dat er juist sprake is van een afname van het ruimtebeslag. Hiermee wordt voldaan aan de zorgplicht voor de ruimtelijke kwaliteit zoals beschreven in artikel 3.6 van de Interim Omgevingsverordening. Toepassing van de lagenbenadering (artikel 3.7) De toepassing van de lagenbenadering omvat het effect van de ontwikkeling op de lagen in onderlinge wisselwerking met elkaar en het actief benutten van de factor tijd. De lagenbenadering omvat de effecten op: • De ondergrond, zoals de bodem, het grondwater en archeologische waarden; • De netwerklaag, zoals infrastructuur, natuurnetwerk, energienetwerk, waterwegen waaronder een goede, multimodale afwikkeling van het personen- en goederenvervoer; • De bovenste laag, zoals cultuurhistorische en landschappelijke waarden, de omvang van de functie en de bebouwing, de effecten op bestaande en toekomstige functies, de effecten op volksgezondheid, veiligheid en milieu.
Door actief de factor tijd te benutten wordt rekening gehouden met de herkomstwaarde, vanuit het verleden, de (on)omkeerbaarheid van optredende effecten en de toekomstwaarde gelet op duurzaamheid en toekomstbestendigheid. De toetsing van de gevolgen van het initiatief op de bovengenoemde aspecten is uitgebreid uiteengezet in deze toelichting. Meerwaardecreatie (artikel 3.8) Meerwaardecreatie omvat een evenwichtige benadering van de economische, ecologische en sociale aspecten die in een gebied en bij een ontwikkeling zijn betrokken, waaronder: • De mogelijkheid om opgaven en ontwikkelingen te combineren waardoor er meerwaarde ontstaat; • De bijdrage van een ontwikkeling aan andere opgaven en belangen dan die rechtstreeks met de ontwikkeling gemoeid zijn. In de beoogde situatie wordt invulling gegeven aan de meerwaardecreatie door middel van het saneren van het rundveebedrijf en het toevoegen van nieuwe natuur aan het gebied. Er is sprake van een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit ter plaatse. Conclusie Het planvoornemen past binnen het provinciaal beleid.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|25
4.
PLANOLOGISCHE ASPECTEN
4.1
Planbeschrijving
Het planvoornemen betreft het saneren van het rundveebedrijf aan de Nieuwevaart 89 en 93 te Sprang-Capelle, waarna ter compensatie vier woonkavels worden gerealiseerd (2 voormalige bedrijfswoningen en 2 compensatiewoningen) en nieuwe natuur wordt aangelegd. Van de circa 2.400 m2 aan agrarische opstallen, wordt circa 2.200 m 2 gesloopt.
Nieuwevaart
Eendennestweg
Eerste Wittedijk
Inrichtingsvoorstel toekomstige situatie
Wonen De twee bedrijfswoningen Nieuwevaart 89 en 93 worden omgezet van bedrijfswoning naar reguliere burgerwoning. Waarbij voor de woning Nieuwevaart 93 sprake is van sloop-nieuwbouw (vervangende nieuwbouw). Naast het omzetten van de twee bedrijfswoningen naar burgerwoningen, worden twee compensatiewoningen gerealiseerd naast Nieuwevaart 93 (C. in bovenstaande afbeelding) en langs de Eerste Wittedijk (D. in bovenstaande afbeelding). Door de realisatie van de twee compensatiewoningen ontstaat er een aaneengesloten woonbebouwing. Hiermee wordt de omgeving steeds meer een omgeving waar sprake is van een overwegend woonof verblijfsfunctie. De woningen krijgen allen de bestemming ‘Wonen – AG’ conform het vigerende bestemmingsplan, met ter plaatse van de twee compensatiewoningen de functieaanduiding ‘specifieke vorm van wonen – compensatiewoning’.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|26
Voor het bouwen van woningen geldt dat de inhoud van een hoofdgebouw niet meer mag bedragen dan 600 m3 en de goot- en bouwhoogte niet meer dan ter plaatse van de aanduidingen ‘maximum goothoogte’ en ‘maximum bouwhoogte’ is aangegeven. Voor de twee voormalige bedrijfswoningen Nieuwevaart 89 en 93 betreft dit een maximum goot- en bouwhoogte van respectievelijk 6 en 10 meter (conform de vigerende bouwregels voor agrarische bedrijfswoningen). Voor de compensatiewoningen betreft het een maximum goot- en bouwhoogte van respectievelijk 3 en 6 meter. Daarnaast geldt dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - dove gevel', dat de voorgevel van het hoofdgebouw als dove gevel dient te worden uitgevoerd om een aanvaardbaar geluidsklimaat te kunnen garanderen. Bijgebouwen mogen zowel binnen als buiten het bouwvlak worden opgericht. Voor bijgebouwen binnen het bouwvlak geldt dat de maximum contour van het bouwvlak niet mag worden overschreden. Buiten het bouwvlak mag de totale oppervlakte van bijgebouwen per bouwperceel maximaal 70 m2 bedragen met een maximum goot- en bouwhoogte van respectievelijk 3,1 meter en 5 meter. Het voorstaande geldt niet voor de twee voormalige bedrijfswoningen Nieuwevaart 89 en 93.
Voor deze percelen geldt dat maximaal 50% van het overtollige te slopen oppervlak aan bestaande (agrarische) gebouwen mag worden teruggebouwd en/of in stand worden gelaten tot een totaal aan bijgebouwen van maximaal 200 m2 met een maximum goot- en bouwhoogte van respectievelijk 4 en 7 meter. Voor de woning Nieuwevaart 89 betekent dit dat 200 m2 van de agrarische opstallen behouden blijft als bijgebouw bij de woning. Bij de sloop-nieuwbouw van de woning Nieuwevaart 93 wordt een nieuw bijgebouw van 200 m2 gerealiseerd (teruggebouwd). Dit wordt juridischplanologisch gewaarborgd middels de bouwaanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – maximaal 200 m2 bijgebouwen’. Het bouwen van het bijgebouw zal plaatsvinden op korte afstand van het bestaande bijgebouw op nummer 89, zodat ruimtelijk gezien de minste inbreuk wordt gedaan in het landschap (zie onderstaande afbeelding). Bestaande bijgebouw nr. 89
Beoogd bijgebouw nr. 93
Bijgebouwen bij de voormalige bedrijfswoningen Nieuwevaart 89 en 93
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|27
Natuur en landschap Naast de sanering van het rundveebedrijf en het realiseren van vier woonkavels ter compensatie, wordt nieuwe natuur aangelegd. In de omgeving van het plangebied bevinden zich reeds de onderstaande natuur en landschap(selementen). De nummers corresponderen met de nummers in het ‘inrichtingsvoorstel’ op pagina 26. I. Natuur- en Stiltegebied het Eendennest; II. Laanbeplanting langs Eendennest; III. (laan)beplanting langs Nieuwevaart; IV. Forse erfbeplanting rondom bestaande (woon)kavels; V. Laanbeplanting langs Eerste Wittedijk; VI. Hoog- en laagveen bos; VII. Elzensingel; VIII. Elzensingel in kruiden- en faunarijk grasland. Deze natuur en landschap(selementen) worden aangevuld/versterkt door middel van de aanleg van een nieuw hoog- en laagveenbos met paddenpoel en kruiden- en faunarijk grasland op de hoek Eedennestweg-Nieuwevaart (1). Dit hoog- en laagveenbos dient als natuur ‘stapsteen’ nabij het natuur- en stiltegebied het Eendennest (I) en de Ecologische verbindingszone. In aansluiting op het cultuurhistorische slagenlandschap met houtwallen en elzensingels (gebaseerd op de historisch situatie rond 1940), worden nabij de woning Eerste Wittedijk 6 (2) nieuwe Elzensingels in kruiden- en faunarijk grasland aangelegd.
Aanvullend hierop wordt binnen de natuurbestemming het medegebruik voor de functie wonen, ten behoeve van de aangrenzende woonbestemming, toegestaan. Het perceel behorende bij de woning Eerste Wittedijk 6 heeft een totale oppervlakte van circa 1.880 m2 (perceelnummer 671), waarvan 625 m2 nog een agrarisch bestemming kent. Deze 625 m2 krijgt de bestemming ‘Natuur’, waarbinnen medegebruik voor wonen is toegestaan. Het overige deel van perceelnummer 671 is geen onderdeel van onderhavig bestemmingsplan. Verder worden als begrenzing van de bebouwingsconcentratie nieuwe houtwallen aangeplant bij de compensatiewoning langs de Eerste Wittedijk (3). De breedte van de houtwal zal circa 10 meter bedragen aan de westzijde van de woning en circa 20 meter aan de oostzijde van de woning. De houtwallen bestaan uit inheemse struik- en boomvormende beplanting, zoals hazelaar, meidoorn, hondsroos, sleedoorn, ruwe berk, wilde lijsterbes, vuilboom, eik, beuk, gewone esdoorn, zwarte els, noot, kastanje of berk. Achter de oostelijke houtwal blijft het open agrarische gebied behouden (4) als contrast van de besloten bebouwingsconcentratie.
4.2
Verkeer en parkeren
Verkeer De vier woonkavels worden ontsloten via de Eerste Wittedijk en de Nieuwevaart. De Nieuwevaart betreft de gebiedsontsluitingsweg van de buurt Nieuwe–Vaart. De Nieuwevaart loopt over in de Wendelnesseweg-West, welke via de Hoofdstraat en de Veerweg in verbinding staat met de A59 (Maasroute).
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|28
Door het saneren van het rundveebedrijf zullen de verkeersbewegingen met zware vervoersmiddelen verdwijnen. Hier tegenover staat dat de verkeersgeneratie ten aanzien van personen en goederen met lichte motorvoertuigen door de realisatie van twee compensatiewoningen zal toenemen. Voor het bepalen van de verkeersaantrekkende werking, wordt aangesloten bij de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestending parkeren ; van parkeerkencijfers naar parkeernormen’. Gezien de ligging van het plangebied in een bebouwingconcentratie in het buitengebied van de gemeente Waalwijk wordt uitgegaan van de gemiddelde cijfers voor ‘Buitengebied, matig stedelijk’. Voor het agrarisch bedrijf is een inschatting gemaakt op basis van ervaringscijfers. De verkeersgeneratie ten aanzien van de (bedrijfs)woningen Nieuwevaart 89 en 93 worden buiten beschouwing gelaten, aangezien dit bestaande woningen betreffen. De huidige en nieuwe verkeersgeneratie ten aanzien van deze woningen blijft ongewijzigd. In onderstaande tabel is de bestaande en toekomstige verkeersgeneratie schematisch weergegeven: Bestaande situatie Functie Agrarisch bedrijf Toekomstige situatie Functie Koop, huis, vrijstaand
Norm 10 mvt/etmaal per bedrijf
Eenheid 1 bedrijf
Verkeersgeneratie 10 mvt x 1 bedrijf = 10 mvt/etmaal
Norm 8,2 mvt/etmaal per woning
Eenheid 2 woningen
Verkeersgeneratie 8,2 mvt x 2 woningen = 16,4 mvt/etmaal 6,4 mvt/etmaal
Toename
Het aantal verkeersbewegingen zal met slechts 6,4 motorvoertuigen per etmaal toenemen. De ontwikkeling betreft slechts een beperkte toename aan autoverkeer en de omliggende straten hebben voldoende capaciteit om deze (minimale) toename op te vangen. Op basis van deze gegevens kan gesteld worden dat de bestaande infrastructuur in en rond het plangebied voor de beoogde ontwikkeling niet hoeft te worden aangepast. Voor de ontsluiting op perceelniveau zal voor de voor de (bedrijfs)woning Nieuwevaart 89 de bestaande inrit gehandhaafd blijven. Voor de sloop en nieuwbouw van de (bedrijfs)woning Nieuwevaart 93 wordt een nieuwe inrit aangelegd op de plaats waar momenteel de woning staat, direct naast de inrit van Nieuwevaart 89. Voor de extra woning aan de Nieuwevaart kan gebruik gemaakt worden van de bestaande inrit die nu toegang geeft tot het volledige agrarisch bedrijf. Voor de compensatiewoning langs de Eerste Wittedijk wordt een nieuwe inrit aangelegd over de waterloop. De nieuwe inritten krijgen een breedte van maximaal 4 meter. Via het Omgevingsloket zal een vergunning aangevraagd worden van de aanleg van de nieuwe inritten
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|29
Parkeren Ter waarborging van een voldoende aanwezigheid van parkeervoorzieningen bij nieuwbouw projecten is door de gemeente de Nota Parkeernormen opgesteld. In de betreffende nota is per woningtype een parkeernorm opgenomen. Dit beleidsdocument voorziet in een toepasbare parkeernormensystematiek geldend voor de gehele gemeente Waalwijk. De in deze parkeernormennota opgenomen parkeernormen zijn leidend voor de bepaling van de parkeernorm bij ruimtelijke ontwikkelingen. Het planvoornemen valt binnen het gebied dat is getypeerd als ‘Sprang-Capelle, Driessen, Waspik, bebouwde kom’. De parkeerbehoefte ten aanzien van de (bedrijfs)woning Nieuwevaart 89 wordt buiten beschouwing gelaten, omdat de woning zelf niet wijzigt (bedrijfswoning wordt alleen een burgerwoning). De (bedrijfs)woning Nieuwevaart 93 wordt gesloopt en herbouwd op een iets andere locatie, derhalve dient uitgegaan te worden van een nieuwe situatie welke dient te voldoen aan de gemeentelijk parkeernota. Daarnaast worden twee nieuwe compensatiewoningen gerealiseerd. Voor deze drie woningen dient rekening gehouden te worden met de aanleg van voldoende parkeerplaatsen. Aangesloten wordt bij de functie wonen ‘koop, vrijstaand’ van de Nota Parkeernormen. Voor deze functie geldt een parkeernorm van 2,0 parkeerplaats per woning. Bij de drie woningen is voldoende ruimte aanwezig om te voorzien in de benodigde parkeerbehoefte.
Parkeren wordt volledig op eigen terrein afgewikkeld. In artikel 9 van de regels is geborgd dat er voldoende parkeerplaatsen worden gerealiseerd.
4.3
Cultuurhistorie en archeologie
Cultuurhistorie Wettelijke toetsingskader Onder de noemer Modernisering Monumentenzorg (MoMo) heeft het Rijk in 2009 een aanzet gegeven voor een goede afweging van het belang van de cultuurhistorie in de ruimtelijke ordening. Gepleit wordt voor een verantwoorde verankering van de integrale cultuurhistorie in structuurvisies, bestemmingsplannen en milieueffectrapportages. Het voornaamste doel hiervan is om het cultuurhistorische karakter van Nederland op gebiedsniveau te behouden en te versterken. Op 5 juli 2011 is een wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gepubliceerd. Vanaf 1 januari 2012 moet ieder nieuw ruimtelijk plan een analyse van cultuurhistorische waarden bevatten. In aansluiting op de vaststelling van de Wet tot wijziging van de Monumentenwet 1988 en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in mei 2011 zijn op 17 juni 2011 het Bro, het Besluit omgevingsrecht (Bor) en het Besluit archeologische monumentenzorg (Bamz) aangepast. Door een wijziging van het Bro moeten cultuurhistorische waarden voortaan vooraf in het proces van ruimtelijke ordening worden meegenomen, voornamelijk bij de voorbereiding en vaststelling van ruimtelijke plannen.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|30
Het Bro bevat eisen waaraan de voorbereiding van een ruimtelijke plan moet voldoen. Zo wordt er onder meer een beschrijving verlangd van de manier waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten wordt omgegaan. De wetgever wil hiermee bereiken dat aandacht voor cultuurhistorische waarden voortaan in het planproces naar voren wordt gehaald. In de toelichting van een ruimtelijk plan dient een beschrijving te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. De opsteller en vaststeller van het plan is daarmee dus verplicht om breder te kijken dan alleen naar het facet archeologie. Ook de facetten historische (steden)bouwkunde en historische geografie dienen te worden meegenomen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. De Erfgoedwet, van kracht sinds 1 juli 2016, bundelt wet- en regelgeving op het gebied van behoud en beheer van het cultureel erfgoed in Nederland in één nieuwe wet. Een groot deel van de bestaande wet- en regelgeving (Monumentenwet, Wet ruimtelijke ordening) is overgenomen in de Erfgoedwet, bijvoorbeeld de aanwijzing van rijksmonumenten, wie welke verantwoordelijkheden heeft en hoe het toezicht daarop wordt uitgeoefend.
Voor het eerst is er nu één integrale wet die betrekking heeft op onze museale objecten, musea, monumenten en archeologie op het land en onder water. Voorheen was het behoud en beheer van ons erfgoed geregeld in zes verschillende wetten met elk hun eigen procedures en beschermingsmaatregelen. Het uitgangspunt is dat de beschermingsniveaus zoals die in de eerdere wetten en regelingen golden, worden gehandhaafd. Daarnaast worden aan de Erfgoedwet een aantal nieuwe bepalingen toegevoegd. Samen met de Omgevingswet die naar verwachting in 2022 wordt ingevoerd, wordt een integrale bescherming van ons cultureel erfgoed mogelijk.
NL.IMRO.0867.BPNieuwevaart8993-VA01
Bestemmingsplan Nieuwevaart 89-93 e.o. Sprang-Capelle
|31
Beleid provincie Noord-Brabant In de provincie Noord-Brabant dienen in het kader van het behoud van waardevolle cultuurhistorische elementen en archeologische vindplaatsen, ruimtelijke plannen te worden getoetst aan de provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW). Hierop staan de bepalende cultuurhistorische elementen aangegeven.