CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Toelichting

Raadsvergadering 9 maart 2023, gemeente WaalwijkBij agendapunt: (gewijzigde) vaststelling bestemmingsplan “Waspik Boven H. Theresiakerk, Carmelietenklooster en kloostertuin”25.378 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Verder is het verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen of te verstoren. GS kunnen hiervan ontheffing verlenen en bij verordening kunnen PS vrijstelling verlenen van dit verbod. De gronden voor verlening van ontheffing of vrijstelling zijn opgenomen in de Wnb en vloeien direct voort uit de Habitatrichtlijn. Ten slotte is een verbodsbepaling opgenomen voor overige soorten. Deze soorten zijn opgenomen in de bijlage onder de onderdelen A en B bij de Wnb. De provincie kan ontheffing verlenen van deze verboden. Verder kan bij

63/135

provinciale verordening vrijstelling worden verleend van de verboden. De noodzaak tot ontheffing of vrijstelling kan hierbij ook verband houden met handelingen in het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden. In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient onderzocht te worden of de Wet natuurbescherming (Wnb) en het beleid van de provincie ten aanzien van de bescherming van dier‐ en planensoorten en de bescherming van natuurgebieden de uitvoering van het plan niet in de weg staat. 4.10.2 Onderzoek Gebiedsbescherming In de nabijheid van het plangebied zijn stikstofgevoelige natuurgebieden gelegen. Het Natura 2000‐gebied 'Langstraat' is op een afstand van circa 450 meter ten noordoosten van het plangebied gelegen. Doormiddel van een Aerius‐berekening is onderzocht of het planvoornemen zorgt voor extra stikstofdepositie ter plaatse van dit beschermde natuurgebied. Sinds 1 juli 2021 is het niet langer noodzakelijk om de aanlegfase te onderzoeken. Daarvoor is met de inwerkingtreding van het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering (Bsn) generiek ontheffing verleend. De gebruiksfase is echter wel onderzocht. Ten behoeve van de realisatie van de nieuwe woningen en zorgeenheden is een Aeriusberekening uitgevoerd. De verkeersgeneratie zoals berekend in paragraaf 4.1.2 is daarin leidend.

De gehanteerde uitgangspunten alsmede de resultaten van die berekening zijn opgenomen in Bijlage 5 van deze toelichting. Uit een berekening met AERIUS Calculator (versie 20 januari 2022) voor de gebruiksfase blijkt dat er geen toename is van stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/jr. Op basis van de berekening zijn significante negatieve effecten op Natura 2000‐gebied in de gebruiksfase is uitgesloten. De beoogde herontwikkeling is derhalve uitvoerbaar in het kader van de Wet natuurbescherming.

Figuur 4.7: Ligging plangebied (rood omcirkeld) t.o.v. Natura 2000‐gebieden (Aerius calculator)

64/135

Soortenbescherming Het planvoornemen voorziet in de realisatie van 21 grondgebonden levensloopbestendige koopwoningen in de kloostertuin. Binnen de Heilige Theresiakerk en het Carmelietenklooster worden daarnaast 22 zorgeenheden en een beheerderswoning gerealiseerd (zie ook paragraaf 2.2). Ten behoeve van het planvoornemen is in januari 2022 een quickscan flora en fauna uitgevoerd ter plaatse van de kloostertuin. De resultaten kunnen als volgt worden samengevat. Voor het realiseren van de woningbouw in de kloostertuin zullen vooraf drie gebouwen worden gesloopt en worden bomen en struiken gerooid. Daar waar mogelijk worden bomen ingepast. Aangezien zich in de te slopen gebouwen en bomen en struiken, beschermde soorten kunnen bevinden is onderzoek uitgevoerd. Bij deze werkzaamheden is de opdrachtgever gebonden aan de Wet natuurbescherming. Omdat overtreding van de Wet natuurbescherming op voorhand niet uitgesloten kan worden is een ecologische quickscan op de planlocatie uitgevoerd. Het rapport, dat is opgenomen als Bijlage 6 bij deze toelichting, geeft een beschrijving van het plangebied en het uitgevoerde onderzoek. Daarnaast geeft het rapport inzicht in de mogelijke knelpunten in het kader van de natuurwetgeving en ‐beleid en de mogelijke effecten op beschermde flora en fauna en op beschermde natuurgebieden als gevolg van het project.

Ten aanzien van de Wet natuurbescherming kan op basis van het onderzoek het volgende worden geconcludeerd:  De ingreep heeft geen invloed op de gunstige staat van instandhouding van beschermde soorten. Een ontheffing Wet natuurbescherming is daarom niet noodzakelijk.  Voor alle beschermde, inheemse (ook de algemeen voorkomende) vogelsoorten geldt vanuit de Wet natuurbescherming een verbod op handelingen die nesten, vaste rust‐of verblijfsplaatsen of eieren beschadigen of verstoren. In de praktijk betekent dit dat verstorende werkzaamheden alleen buiten het broedseizoen uitgevoerd mogen worden (15 maart ‐ 15 juli). Van belang is of een broedgeval verstoord wordt, ongeacht de datum. Werkzaamheden binnen het broedseizoen zijn mogelijk indien is vastgesteld dat er met de werkzaamheden geen nesten van broedvogels worden verstoord.  In het kader van de zorgplicht dient men tijdens de uitvoering van werkzaamheden alert te zijn op aanwezige fauna en daarbij, indien noodzakelijk, mitigerende maatregelen te treffen.  Bij onvoorziene omstandigheden dient er direct contact opgenomen te worden met een ter zake deskundige. Op basis van het veldonderzoek en de analyse van de bestaande situatie kan het voorkomen van steenuilen niet worden uitgesloten. Er is dan ook een nader onderzoek naar steenuilen uitgevoerd.

De rapportage van dat onderzoek is opgenomen in Bijlage 7 bij deze toelichting. Uit het nader onderzoek naar uilen is gebleken dat in de te rooien boom een vaste nestplaats van een koppel steenuilen aanwezig is. Hierdoor moeten er mitigerende maatregelen getroffen worden. De uilenwerkgroep te Waspik stelt voor om nieuwe kasten te hangen aan de buitenzijde van de kloostermuur van het plangebied. Door de geplande werkzaamheden is er weliswaar sprake van een tijdelijke beperkte verstoring van foerageergebied voor uilen, maar dit heeft geen wezenlijk effect op de functionaliteit van de leefomgeving als geheel omdat er voldoende alternatieven in de directe omgeving overblijven. De voorgenomen plannen hebben daarom geen negatief effect op onderzochte steenuilen en hebben derhalve geen

65/135

overtreding van de Wet natuurbescherming tot gevolg. Een ontheffing van de Wet natuurbescherming voor uilen is niet nodig. In de regels van dit bestemmingsplan is vastgelegd dat de mitigerende maatrgelen moeten worden getroffen voordat werkzaamheden ten behoeve van de nieuwe functies zullen worden uitgevoerd. In de rapportage van het nader onderzoek worden ook enkele aanbevelingen op het gebied van natuurinclusief bouwen en advisering ten aanzien van het gebruik van inheems groen ten behoeve van de landschappelijk inpassing. Bij de uitwerking van het planvoornemen zal hier nadrukkelijk rekening mee worden gehouden. Er zal natuurinclusief gebouwd worden door de realisatie van nestkasten in de woningen en bij de inrichting van de openbare ruimte wordt rekening gehouden met het stimuleren van biodiversiteit. Daarnaast is ook een flora en fauna check uitgevoerd ter plaatse van de Theresiakerk. Het rapport van dat onderzoek is opgenomen in Bijlage 8 van deze toelichting. Aangezien de bestaande bebouwing slechts minimaal zal worden gewijzigd (de buitengevels blijven behouden en ook de gewelven zullen gehandhaafd blijven), zijn geen overtredingen te verwachten in het kader van de Wet natuurbescherming voor alle soortgroepen flora en fauna. Eventueel aanwezige soorten zullen niet worden verstoord aangezien alle biotopen behouden blijven.

Een nadere inventarisatie van soorten is daarom niet nodig. Op basis van het onderzoek is het voorkomen van de specifieke soort kerkuil uit te sluiten. Er zijn geen geschikte ingangen voor de uil aanwezig. In samenspraak met de uilenwerkgroep is overlegd om de kerkuilenkast, welke in het verleden uit een raam boven het schip van de kerk geplaatst was te herstellen. 4.10.3 Conclusie Het planvoornemen heeft geen negatieve effecten op nabij gelegen natuurgebieden. Ook is aangetoond dat het planvoornemen geen negatief effect heeft op de onderzochte steenuilen en dat er geen sprake is van overtreding van de Wet natuurbescherming. Dit wordt tevens verankerd in de regels van dit bestemmingsplan. De ingreep heeft geen invloed op de gunstige staat van instandhouding van overige beschermde soorten. Een ontheffing Wet natuurbescherming is voor de overige soorten daarom niet noodzakelijk.

4.11 Kabels en leidingen 4.11.1 Beleid en normstelling Voor planologisch relevante kabels en leidingen geldt in het algemeen een belemmeringenzone waarmee in de ontwikkeling van een plangebied rekening moet worden gehouden. 4.11.2 Onderzoek In het plangebied en in de directe nabijheid van het plangebied liggen geen hogedruk aardgasleidingen, rioolwatertransportleidingen, drinkwatertransportleidingen, of hoogspanningsleidingtracé. Planologische relevante kabels en leidingen vormen daarom geen belemmering voor de vaststelling van dit plan. 4.11.3 Conclusie Er zijn geen kabels en leidingen in of nabij het plangebied gelegen die planologische bescherming behoeven. Dit aspect vormt dan ook geen belemmering voor de planontwikkeling.

66/135

4.12 Externe veiligheid 4.12.1 Normstelling en beleid Bij ruimtelijke plannen dient ten aanzien van externe veiligheid naar verschillende aspecten te worden gekeken, namelijk:  bedrijven waar activiteiten plaatsvinden die gevolgen hebben voor de externe veiligheid;  vervoer van gevaarlijke stoffen over wegen, spoor, water of door buisleidingen. Voor zowel bedrijvigheid als vervoer van gevaarlijke stoffen zijn twee aspecten van belang, te weten het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Het PR is de kans per jaar dat een persoon dodelijk wordt getroffen door een ongeval, indien hij zich onafgebroken (dat wil zeggen 24 uur per dag gedurende het hele jaar) en onbeschermd op een bepaalde plaats zou bevinden. Het PR wordt weergegeven met risicocontouren rondom een inrichting dan wel infrastructuur. Het GR drukt de kans per jaar uit dat een groep van minimaal een bepaalde omvang overlijdt als direct gevolg van een ongeval waarbij gevaarlijke stoffen betrokken zijn. De norm voor het GR is een oriëntatiewaarde. het bevoegd gezag heeft een verantwoordingsplicht als het GR toeneemt en/of de oriëntatiewaarde overschrijdt. Risicovolle inrichtingen Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (hierna: Bevi) geeft een wettelijke grondslag aan het externe veiligheidsbeleid rondom risicovolle inrichtingen.

Het doel van het besluit is de risico's waaraan burgers in hun leefomgeving worden blootgesteld vanwege risicovolle inrichtingen tot een aanvaardbaar minimum te beperken. Op basis van het Bevi geldt voor het PR een grenswaarde voor kwetsbare objecten en een richtwaarde voor beperkt kwetsbare objecten. Beide liggen op een niveau van 10‐6 per jaar. Bij de vaststelling van een bestemmingsplan moet aan deze normen worden voldaan, ongeacht of het een bestaande of nieuwe situatie betreft. Het Bevi bevat geen grenswaarde voor het groepsrisico (GR). Wel geldt op basis van het Bevi een verantwoordingsplicht ten aanzien van het GR in het invloedsgebied rondom de inrichting. De in het externe veiligheidsbeleid gehanteerde norm voor het GR geldt daarbij als oriëntatiewaarde. Deze verantwoordingsplicht geldt zowel in bestaande als in nieuwe situaties. Vervoer van gevaarlijke stoffen Per 1 april 2015 is het Besluit externe veiligheid transportroutes (BEVT) en de regeling Basisnet in werking getreden. Het BEVT vormt de wet‐ en regelgeving, en de concrete uitwerking volgt in het Basisnet. Het Basisnet beoogt voor de lange termijn (2020, met uitloop naar 2040) duidelijkheid te bieden over het maximale aantal transporten van, en de bijbehorende maximale risico's die het transport van gevaarlijke stoffen mag veroorzaken.

Het Basisnet is onderverdeeld in drie onderdelen: Basisnet Spoor, Basisnet Weg en Basisnet Water. Het BEVT en het bijbehorende Basisnet maakt bij het PR onderscheid in bestaande en nieuwe situaties. Voor bestaande situaties geldt een grenswaarde voor het PR van 10‐5 per jaar ter plaatse van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten en een streefwaarde van 10‐6 per jaar. Voor nieuwe situaties geldt de 10‐6 waarde als grenswaarde voor kwetsbare objecten, en als richtwaarde bij beperkt kwetsbare objecten. In het Basisnet Weg en het Basisnet Water zijn veiligheidsafstanden (PR 10‐6 contour) opgenomen vanaf het midden van de transportroute.

67/135

Tevens worden in het Basisnet de plasbrandaandachtsgebieden benoemd voor transportroutes. Het Basisnet vermeldt dat op een afstand van 200 m vanaf de rand van het tracé in principe geen beperkingen hoeven te worden gesteld aan het ruimtegebruik. Er geldt een oriënterende waarde voor het groepsrisico en onder voorwaarden een verantwoordingsplicht tot 200 m binnen de transportroute. 4.12.2 Onderzoek In de directe nabijheid van het plangebied zijn geen risicobronnen aanwezig. Ten noorden van het plangebied, op een afstand van ruim 350 meter, is een gasleiding gelegen. Deze gasleiding heeft een invloedsgebied van 70. Het plangebied is daarmee ruim buiten het invloedsgebied van deze leiding gelegen. Het is dan ook niet noodzakelijk om een berekening van het groepsrisico te maken of een (beknopte) verantwoording van het groepsrisico op te nemen. 4.12.3 Conclusie Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

68/135

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische toelichting

Algemeen

Het bestemmingsplan voldoet aan alle vereisten die zijn opgenomen in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Inherent hieraan is de toepassing van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP). De SVBP maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op dezelfde manier worden verbeeld. de SVBP is toegespitst op de regels die voorschrijven hoe bestemmingsplannen volgens de Wro en het Bro gemaakt moeten worden. De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zowel digitaal als analoog. De regels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld volgens deze standaarden, met inachtneming van de aanpassingen die voortvloeien uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Het bestemmingsplan regelt de gebruiks‐ en bebouwingsbepalingen van de gronden in het plangebied. De juridische regeling is vervat in een verbeelding en bijbehorende regels. Op de verbeelding zijn de verschillende bestemmingen vastgelegd, in de regels (per bestemming) de bouw‐ en gebruiksmogelijkheden. Het Bro bepaalt dat een bestemmingsplan vergezeld gaat van een toelichting. Deze toelichting heeft echter geen juridische status, maar is wel belangrijks als het gaat om de onderbouwing van hetgeen in het bestemmingsplan is geregeld.

5.2

Toelichting op de bestemmingen

5.2.1 Maatschappelijk De bestemming Maatschappelijk sluit aan op de regeling zoals opgenomen in de geldende beheersverordening. Wel is de regeling aangepast aan de huidige standaarden en zijn de zorgeenheden en de beheerderswoning specifiek mogelijk gemaakt. Met deze bestemming worden publieksgerichte maatschappelijke voorzieningen (zoals een kerk) specifiek mogelijk gemaakt. Onder maatschappelijke voorzieningen wordt verstaan: sociaal‐medische, sociaal‐culturele en levensbeschouwelijke voorzieningen, sportieve recreatie, voorzieningen ten behoeve van de openbare dienstverlening en voorzieningen ten behoeve van onderwijs. Op basis van vaste jurisprudentie zijn de zorgeenheden toegestaan binnen de maatschappelijke bestemming. De ontwikkeling in de kerk en het klooster kan namelijk gezamenlijk als sociaal‐medische voorzieningen worden beschouwd. Mensen met dementie met een zorgzwaartepakket 4 (beschermd wonen met intensieve begeleiding en uitgebreide verzorging) zijn de bewoners van de gebouwen. Daarbij heeft de instelling de beschikking over een centrale keuken en een gemeenschappelijke eet‐ en woonkamer. Bewoners hebben een zorgcontract met de instelling die in de gebouwen gehuisvest wordt. Een beheerderswoning is binnen de geldende regels niet direct toegestaan en is in deze regeling specifiek mogelijk gemaakt.

69/135

5.2.2

Wonen

De gronden zijn voorzien van de bestemming 'Wonen'. De wijze van bestemmen sluit aan op de systematiek zoals aangegeven in de Pilotregels van de gemeente Waalwijk. Om flexibiliteit in deze fase te waarborgen is ervoor gekozen de gronden binnen het plangebied te bestemmen als 'Wonen'. Het maximum aantal wooneenheden van 21 is vastgelegd door middel van een aanduiding. Daarnaast zijn bouwvlakken opgenomen waarmee de situering van de woningen enigszins is vastgelegd om de hofstructuur mogelijk te maken en het zicht op de cultuurhistorisch waardevolle objecten te waarborgen. De maximale goot‐ en bouwhoogte is vastgelegd door middel van bouwaanduidingen. Binnen de bestemming 'Wonen' zijn daarnaast ook beroepsmatige activiteiten en bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van dienstverlening, toegestaan. Ook de reguliere bijbehorende bouwwerken en voorzieningen zijn binnen de woonbestemming toegestaan: tuinen en erven, ontsluitingswegen, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, nutsvoorzieningen, water en waterhuishoudkundige voorzieningen en voorzieningen ten behoeve van duurzame energieopwekking. 5.2.3 Waarde ‐ Archeologie 4 Het plangebied is gelegen binnen een gebied met een lage archeologische verwachtingswaarde.

In de meest recente bestemmingsplannen binnen de gemeente Waalwijk zijn deze gebieden planologische vastgelegd door middel van de dubbelbestemming 'Waarde ‐ Archeologie 4'. Met die dubbelbestemming wordt een archeologisch onderzoek verplicht gesteld voor planvoornemens waarbij gronden met een oppervlakte van meer dan 5.000 m² en dieper dan 50 centimeter worden geroerd.

70/135

Hoofdstuk 6 6.1

Economische uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

Voor de uitvoerbaarheid van het plan is het van belang te weten of het economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de wijze van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie). 6.1.1

Financiële haalbaarheid

Het bestemmingsplan vormt het toetsingskader voor een particuliere ontwikkeling. Het project richt zich op een marktsegment waar momenteel vraag naar is. De kosten worden gedekt uit de opbrengst van de verhuur en verkoop van de zorgeenheden en de grondgebonden woningen. Hiermee kan het bestemmingsplan financieel haalbaar worden geacht. 6.1.2

Grondexploitatie

Doel van de in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) opgenomen grondexploitatieregeling is het bieden van mogelijkheden voor het kostenverhaal en het creëren van sturingsmogelijkheden. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de publiekrechtelijke weg via een exploitatieplan en de privaatrechtelijke weg in de vorm van overeenkomsten. In het geval van een exploitatieplan kan de gemeente eisen en regels stellen voor de desbetreffende gronden, (woning)bouwcategorieën en fasering. Bij de privaatrechtelijke weg worden dergelijke afspraken in een (anterieure) overeenkomst vastgelegd. De ontwikkeling die in dit bestemmingsplan centraal staat is als 'bouwplan' aangemerkt. Voor dit plan is een anterieure overeenkomst opgesteld, waarmee de kosten zijn verzekerd. Hierin zijn ook afspraken gemaakt ten aanzien van planschade. Eventuele planschade zal afgewenteld worden op de initiatiefnemer.

71/135

72/135

Hoofdstuk 7 7.1

Procedure

Omgevingsdialoog

Het plan voor het totaalconcept "De Omarming" is in nauwe samenwerking met inwoners van Waspik Boven tot stand gekomen. De ontwikkelcombinatie heeft de inwoners van Waspik Boven namelijk uitgedaagd om mee te denken in de planvorming. Dit proces heeft op twee manieren plaatsgevonden. Er is intensief samengewerkt met Taskforce Theresia en uit die samenwerking zijn op enig moment alle inwoners van het dorp actief benaderd bij de ontwikkeling. De Taskforce Theresia is een representatieve afvaardiging van de inwoners van Waspik Boven en bestaat uit 6 betrokken inwoners die zich het voortbestaan van de kerk en het klooster als gebouw hebben aangetrokken. Na de marktconsultatie van de parochie waarbij de ontwikkelcombinatie als meest geschikte partij naar voren is gekomen, is door de ontwikkelcombinatie direct de samenwerking met Taskforce Theresia opgestart. De samenwerkingsvorm bestaat uit het driewekelijks vergaderen over:  het samenbrengen van de wensen uit het dorp en de ontwikkelings(on)mogelijkheden die parallel hieraan uit de haalbaarheidsstudie naar voren komen;  vragen die in het dorp over de ontwikkeling leven, en;  de voortgang van het project. In de samenwerking met Taskforce Theresia is het idee ontstaan om een bredere groep inwoners bij de plannen te betrekken door actief bij ze ‘de boer op te gaan’ en om hun mening te vragen over de ontwikkeling op deze plek.

Dit heeft geleid tot het opzetten van een enquête voor de inwoners van Waspik Boven welke via de lokale media en hun social media kanalen onder de aandacht is gebracht. De enquête heeft mooie inzichten opgeleverd die als input voor en onderbouwing van het ontwikkelvoorstel is gebruikt. Met recht kan dan ook gesteld worden dat het plan in onderling overleg tot stand is gekomen. Op 21 en 22 december 2021 zijn digitale bijeenkomsten georganiseerd om de omwonenden. Tijdens die bijeenkomsten is het concept ontwerp‐plan aan de aanwezigen gepresenteerd en is men in de gelegenheid gesteld om vragen te stellen. Een verslag van de bijeenkomsten is opgenomen in Bijlage 9 bij deze toelichting.

7.2

Inspraak en vooroverleg

Het voorontwerp‐bestemmingsplan 'Waspik Boven H. Theresiakerk, Carmelietenklooster en kloostertuin' heeft in het kader van inspraak gedurende zes weken ter inzage gelegen in de periode van 10 maart tot en met 21 april. Een ieder is gedurende deze termijn in de gelegenheid gesteld een reactie op het voorontwerp–bestemmingsplan in te dienen. Gedurende de inzagetermijn is 1 inspraakreactie binnen gekomen. Deze inspraakreactie is in Bijlage 10 samengevat en voorzien van een reactie. De reactie heeft niet geleid tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

73/135

In dezelfde periode is het bestemmingsplan in het kader van het wettelijke vooroverleg voorgelegd aan de verschillende instanties. Deze reacties zijn verwerkt in de Nota beantwoording inspraak en vooroverleg. De gemeenteraad heeft de zienswijze beoordeeld en daarop een reactie gegeven. De zienswijze heeft niet geleid tot het afzien van de procedure tot herziening van het bestemmingsplan. Er zijn wel drie ambtshalve wijzigingen doorgevoerd. Deze staan eveneens beschreven in Bijlage 10 Nota beantwoording inspraak en vooroverleg.

7.3

Ontwerpbestemmingsplan

Het ontwerpbestemmingsplan zal vervolgens gedurende zes weken ter inzage worden gelegd.

7.4

Vaststelling

Het bestemmingsplan wordt vervolgens, al dan niet gewijzigd, vastgesteld. Het besluit tot vaststelling wordt gepubliceerd en het bestemmingsplan ligt zes weken ter inzage. Tijdens die periode bestaat de mogelijkheid beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in te dienen tegen het besluit en het plan.

74/135

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING

Bijlage 1 Bouwhistorisch onderzoek

Bouwhistorische verkenning met waardestelling

H. Theresiakerk en Carmelietenklooster

Carmelietenstraat 58 en 60 te Waspik gemeente Waalwijk

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Inhoudsopgave Objectgegevens

4

Voorwoord

5

Inleiding

6

Beschrijving

7

Redengevende omschrijving Historisch stedenbouwkundige context

10

Bouwhistorische beschrijving van de kerk Hoofdvorm en indeling Exte ri eu r Voorgevel (noordzijde) Zijgevels (west- en oostzijde) Achtergevel (koor en sacristieën, zuidzijde) Toren Interieur Kerk Sacristieën Toren Kapverdieping Bouwhistorische beschrijving van het klooster en tussen lid Hoofdvorm en indeling Exterieur Voorgevel (noordzijde) Linkerzijgevel (oostzijde) Achtergevel (zuidzijde) Interieur Klooster, begane grond Souterrain Eerste verdieping Tweede verdieping Zo I de rve rd ie ping Bouwhistorische beschrijving van de bewaarschool Hoofdvorm en indeling Exterieur Voorgevel (noordzijde) Achtergevel (zuidzijde) Rechterzijgevels (westzijde) Interieur

Bo uwhi sto ri sc h e ve rk e nnin g Ca rmeli e tenstr aa t 58 en 60 te W aspik

7

22 22 25 25 27 31 33 34 34

46 49

51 53 53

56 56 59 61 63 63

68 70

73 75

76 76 77 77 77

78 79

2

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Bouwhistorische beschrijving van de aangebouwde Vergaderruimte Hoofdvorm en indeling Interieur

79 79 80

Architectuurhistorische analyse van architect P. Donders

81

Waardering

82

Bouwhistorische waardestelling Waa rderi ngstekeni ng Aanbevelingen

86 88

Bronnenlijst

89

Bo uwhi sto ri sc h e ve rk e nnin g Ca rmeli e tenstr aa t 58 en 60 te W aspik

82

3

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Objectgegevens Adres Postcode Plaats Gemeente Kadastraa 1

: Carmelietenstraat 58 en 60 : 5165 AL : Waspik : Waalwijk : Waspik, sectie 0, nr 1033

Algemene gegevens Oorspronkelijke functie Hu id ige functie Bouwjaar Architect Status Bezoekdatum Redactie

: RK kerk en Carmelietenklooster : aan de eredienst onttrokken : 1925 : Phil. Donders : rijksmonument, complexnr 521831 : 1 februari 2019 : M. de Jong MA

Monumenten huis Brabant B.V. Markt 9 4931 BR Geertruidenberg www.monu menten huisbraba nt.n 1 T. 0162-511833 E. info@mon u mentenh u is bra bant.nl Monumentenhuis Brabant B.V. aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit het gebruik van de resultaten van dit onderzoek of de toepassing van de adviezen.

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

4

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Voorwoord In februari 2019 heeft het Monumentenhuis Brabant in opdracht van Reliplan een bouwhistorische verkenning met waardestelling uitgevoerd in de rijksmonumentale H. Theresiakerk en het aangrenzende Carmelietenklooster aan de Carmelietenstraat 58 en 60 te Waspik. De kerk en het klooster vormen samen met een Lourdesgrot en Heilighartbeeld het rijksmon u mentaal complex Ca rmel ietenklooster. Door middel van een bouwhistorische verkenning met waardestelling wordt inzicht verkregen in de bouw- en cultuurhistorische waarden van de betreffende objecten. Een bouwhistorisch onderzoek waarbij de constructies, materialen en structuren worden bestudeerd vormt een goede basis om plannen tot herbestemming, verbouwing en restauratie te toetsen of te ondersteunen. Op 1 februari 2019 is door M. van de Looi een bezoek gebracht aan de kerk en het aangrenzende klooster, waarbij de bouwhistorische gegevens , voor zover zichtbaar, non destructief zijn onderzocht, gedocumenteerd en gefotografeerd. Daarbij dient te worden opgemerkt dat in de kerk de kelder en de begane grond van de later aangebouwde sacristie niet toegankelijk waren tijdens de opname. Het klooster wordt momenteel bewoond waardoor niet alle kamers konden worden onderzocht en de kapconstructie niet te bezichtigen was. Teven was de later aangebouwde bewaarschool niet toegankelijk tijdens de opname.

Van de niet te bezichtigen onderdelen is de buitenzijde wel beschreven. De gegevens zijn uitgewerkt en aangevuld met kadastraal onderzoek. Door het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven zijn plattegrondtekeningen van de kerk, de later aangebouwde sacristie en bewaarschool aangeleverd. Deze zijn gebruikt als onderlegger voor de waarderingskaarten. Tekeningen van het klooster, zoals deze is uitgevoerd , zijn niet meer in het archief aanwezig. Wel is er een plattegrond van het klooster aanwezig met daarop de niet gerealiseerde uitbreiding. Hierop staat ook de begane grond van het gebouwde klooster. Deze plattegrond is gebruikt voor de waarderingstekening van de begane grond van het klooster. Vanwege het ontbreken van plattegronden van de verdiepingen zijn van de verdiepingen van het klooster geen waarderingstekeningen aan het rapport toegevoegd. Met de veldwerkgegevens, kadastrale en archiefgegevens en de tekeningen is de nu voorliggende rapportage opgesteld. Uit de verzamelde gegevens is een conclusie over de monumentale en bouwhistorische waarden van het pand getrokken. Deze rapportage is opgesteld conform de Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek april 2009 en de Waarderingscriteria voor bouwkunst van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (2010). Geertruidenberg juli 2079

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

5

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Inleiding Om dit rapport voor de lezer toegankelijk te maken is het goed om te weten dat de beschrijving uitgaat van de huidige situatie. De gebouwen hebben enkele verbouwingen en aanpassingen ondergaan, die hun sporen hebben nagelaten. Tijdens de opname van de panden waren enkele ruimten niet toegankelijk, zoals de kelder onder de kerk, de eerste verdieping van de later aangebouwde sacristie, de toren, de bewaarschool naast de kerk, meerdere kamers in het klooster en de kapconstructie boven de zolder van het klooster. De gebouwen worden in dit rapport beschreven vanaf de Ca rmel ietenstraat bezien. De beschrijving wordt begonnen met de redengevende omschrijving van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) en de historisch stedenbouwkundige context, waarna een uitgebreide omschrijving van het exterieur en interieur van de kerk volgt en daarna een uitgebreide omschrijving van het exterieur en interieur van het klooster. Afsluitend volgt een bouwhistorische waardering. Tevens worden de bouwhistorische waarde met kleuren weergegeven in een waarderingsplattegrond. De bouwhistorische waardering is gebaseerd op de Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek uit 2009.

Het betreft de hoofdcategorieën: Algemene historische waarden Ensemble (samenhang) en stedenbouwkundige waarden Architectuurhistorische waarden Bouwhistorische waarden Waarden vanuit de gebruikshistorie (gerelateerd aan het object van onderzoek) Elk van deze deelwaarden wordt getoetst aan de hand van de criteria gaafheid (authenticiteit) en zeldzaam heid. De categorieën in de waarderingstekening zijn als volgt onderverdeelt: Hoge bouwhistorische waarde Positieve bouwhistorische waarde Indifferente bouwhistorische waarde

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

6

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Beschrijving Redengevende omschrijving De H. Theresiakerk, het Carmelietenklooster, de Lourdesgrot en het H. Hartbeeld zijn op 15 april 2002 als complex Carmelietenklooster ingeschreven in het register van rijksbeschermde monumenten. Het monumentnummer van het complex is 521831. Het monumentnummer van de H. Theresiakerk is 525768 en het monumentnummer van het Carmelietenklooster is 521832. De omschrijving van de RCE luidt: Co m plexomsch rijving: "Inleiding Complex van het voormalige CARMELIETENKLOOSTER H. Theresia van Liseux, in een mengeling van rationalistische en neogotische stijlvormen, in 1925-192 7 gerealiseerd als eerste aanzet van een nooit voltooid groter geheel, ontwerp van Phil. Donders. Het complex bestaat uit het kloostergebouw annex noviciaat (onderdeel IJ, de aanvankelijk rectorale openbare kloosterkerk met klokkentoren (onderdeel Il), de Lourdesgrot (onderdeel /Il} en het H. Hartbeeld (onderdeel IV). Omschrijving Het complex vormt een markant onderdeel van de kern Waspik-Boven , een kerkdorp dat rondom het complex is opgebouwd. Het geheel maakt deel uit van het dorpssilhouet en is typerend voor de ontwikkeling van een betrekkelijke jonge bedevaartsplaats voor de in de periode van ontstaan uiterst populaire heilige Theresia van Lisieux. Het is nog compleet bewaard gebleven met de onderdelen als H. Hartbeeld en Lourdesgrot.

Waardering Het complex heeft als klooster en vroeger bedevaartoord cultuurhistorische waarden als bijzondere uitdrukking van een culturele en geestelijke ontwikkeling; het heeft architectuurhistorische waarden voor de geschiedenis van de architectuur en de bouwtechniek; het is van belang wegens de bijzondere samenhang tussen het exterieur en onderdelen van het interieur; gaafheid/ herkenbaarheid: het object is van belang vanwege de hoogwaardige architectonische kwaliteit van de samenstellende onderdelen." Omschrijving kerk: "Inleiding Parochiekerk, voormalige rectorale kerk van de H. Theresia, deel van het complex van het voormalige CARMELIETENKLOOSTER H. Theresia van Liseux, in een mengeling van rationalistische en neogotische stijlvormen , in 1925192 7 gerealiseerd als eerste aanzet van een nooit voltooid groter geheel, naar ontwerp van Phil . Donders. Het complex bestaat verder uit het kloostergebouw annex noviciaat (IJ, de Lourdesgrot (111) en het H. Hartbeeld (IV). De recente aanbouwen links en rechts van het schip vallen buiten de bescherming. Omschrijving Eén beukige kruiskerk, opgetrokken uit deels gesinterde baksteen met gemetselde siermotieven en enige natuursteen, afgedekt met zadeldaken met verbeterde Holland se pannen . De kerk heeft een sc hip van drie vakken met s malle z ijbeuken, v oo r a fgeg aa n d oo r een s m a llere en lagere travee m et

Bo uwhi sto ri sc h e ve rk e nnin g Ca rmeli e tenstr aa t 58 en 60 te W aspik

7

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

îngang en zangkoor. Deze wordt geflankeerd door twee traptorens met gemetselde en bepleisterde spitsen. Het uitspringend transept heeft een travee aan weerszijden van de viering. Het koor bestaat uit een koortravee met smallere absis, bestaande uit een travee met driezijdige sluiting, omringd door een vlak afgedekte, tweelaagse omgang. De voorbouw heeft een entreeportaal met dubbele deur en bovenlicht met bakstenen traceringen en de tekst 'Hic domus dei est et porta coeli'. Erboven een driedelig spîtsboograam geflankeerd door twee beeldnissen. In de top het wapen der carmelieten. De gevel wordt bekroond door een kruis. De achthoekige traptorens hebben spleetvensters en in de bekroning onder de helm spitsboogramen. De zijgevels van het schip hebben smalle lisenen en tweedelige spitsboogramen. In de dakvlakken eenvoudige rechtafgedekte dakkapellen. De transeptgevels zijn eenvoudig en hebben een driedelig spitsboograam. De rechter transeptgevel is gepleisterd. De koorsluiting wordt deels aan het oog onttrokken door de iets later gebouwde omgang met beneden spitsboogramen en boven zesdelige roederamen. Aan de zijde van het klooster een staande tand die wijst op onuitgevoerde uitbreidingsplannen. In de absis gekoppelde spitsboogramen met glas-in-lood.

Tegen het linkertransept, aansluitend aan het klooster een vierkante toren met later gepleîsterde bovenbouw en overkragende klokkengeleding met gekoppelde spitsbogige galmgaten en een via gemetselde afdekkingen van vier- in achtkant overgaande leien spits. Het interieur is uitgevoerd in rode baksteen en grijze kalkzandsteen voor een deel der muurvlakken. De kerk is afgedekt met gepleisterde stenen kruîsribgewelven. In de viering een stergewelf, in het koor een samengesteld stergewelf. De gewelven zetten aan op decoratieve bakstenen uitmetselingen. Ondiepe nissen flankeren het schip. In het koor een driedelige opstand met siernissen en een decoratieve tegelvloer met siermotieven in rood, groen en zwart, In de kerkruimte een eenvoudiger vloer in grijs en rood. In het transept een Theresîa-altaar. In de Mariakapel een lambrîzering van baksteen en tegels, waarboven muurschilderingen. Eenvoudige neogotische meubels en gîpsen heîligenbeelden. In koor en transept respectîevelijk drîe en twee figuratieve glas-in-loodramen, onder meer gewijd aan de kerkpatrones Theresia. Geschilderde kruiswegstatîes. In de toren een deels betonnen, deels houten trappenhuîs. In de omgang beneden sacristie en bergruimten voorzien van betonnen paddestoelkolommen. Eiken parketvloer en dîverse credensen en bergkasten. Hîerboven het voormalîge kapittel en paterskoor met lambrizering en opklapbare koorbanken.

Waardering De kerk is van algemeen belang. Het kerkgebouw heeft als vroeger bedevaartsoord cultuurhistorische waarden als bijzondere uitdrukking van een culturele en geestelijke ontwikkeling; het heeft architectuurhistorische waarden voor de geschiedenis van de architectuur en de bouwtechniek; het is van belang wegens de bijzondere samenhang tussen het exterieur en onderdelen van het interieur; gaafheid/herkenbaarheid: het object is van belang vanwege de hoogwaardige architectonische kwaliteit van de samenstellende onderdelen."

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

8

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Omschrijving klooster "Inleiding Hoofdgebouw van het voormalige CARMELIETENKLOOSTER en noviciaat H. Theresia van Liseux, in een mengeling van rationalistische en neogotische stijlvormen, in 1925-1927 gerealiseerd als eerste aanzet van een nooit voltooid groter geheel, naar ontwerp van Phil. Donders. Het complex bestaat verder uit de aanvankelijk rectorale openbare kloosterkerk met klokkentoren (Il), de Lourdesgrot (/Il} en het H. Hartbeeld (IV). Omschrijving Rechthoekig voormalig noviciaatsgebouw van drie bouwlagen boven een souterrain, opgetrokken uit baksteen en door middel van een twee lagen tellend tussen/id met zadeldak en lichtkap verbonden met de parochiekerk. Het gebouw heeft een mansardedak met tuile-du-nordpannen gedekt, voorzien van een zijschild aan de zijde der kerk. Voor- en achtergevel zijn uiterst eenvoudig en worden door vier ondiepe, segmentvormig afgedekte nissen in traveeën geleed. Elke standaardtravee heeft twee smalle, per etage in hoogte afnemende rechthoekige ramen , met loden sierrand boven de hanekammen en sinds ca. 1995 voorzien van een kunststof indeling. Elk raam correspondeerde oorspronkelijk met een slaapkamer. Dezelfde ramen treffen we in het tussen/id aan. In de vrijliggende linker zijgevel een ondiepe segmentboognis met gewijzigde ramen voor het trappenhuis en een zijingang.

De entree bevindt zich in de meest re chtse travee van de voorgevel en bestaat uit een uitspringend spitsboogportaal afgedekt met een lessenaardak, doorsneden door een haakse steekkap die aansluit op de topgevel. Kwartronde trap met gebogen wangen en dubbele deur met briefpanelen en vierdelig getraceerd bovenlicht in baksteen. In de top het wapen der orde. Inwendig is het gebouw uiterst eenvoudig. De hal heeft een tegellambrizering in geel en zwart, rechts twee vrijstaande kolommen en een plafond uit de bouwtijd. In het tussen/id een verbindingsgang naar het trappenhuis in de toren van de kerk. Waardering Het gebouw is van algemeen belang. Het klooster heeft als klooster en vroeger bedevaartsoord cultuurhistorische waarden als bijzondere uitdrukking van een culturele en geestelijke ontwikkeling; het heeft architectuurhistorische waarden voor de geschiedenis van de architectuur en de bouwtechniek; het is van belang wegens de bijzondere samenhang tussen het exterieur en onderdelen van het interieur; gaafheid/ herkenbaarheid: het object is van belang vanwege de hoogwaardige architectonische kwaliteit van de samenstellende onderdelen. "

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

9

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Historisch stedenbouwkundige context Het dorp Waspik is onderdeel van de gemeente Waalwijk en is gelegen tussen Raamsdonk en Sprang-Capelle. Het huidige dorp vindt zijn oorsprong in de veendorpen Waspik (Waspik-Beneden) en Waspik-Zuid (Waspik-Boven). Ten oosten van Waspik-Zuid, aan de Carmelietenstraat, ligt het Carmelietenklooster met daartegen aangebouwd de driebeukige kerk. Beide objecten zijn in 7926/1927 gebouwd. Ontstaansgeschiedenis Waspik De oudste vermelding over Waspik staat in een akte over de schenking van goederen aan de Abdij van Sint-Truiden. De akte dateert uit 1257. In deze akte wordt ook gesproken over het onderhoud aan een kerkje. In 1421 werd een groot deel van Waspik, inclusief de kerk, bij de St. Elisabethvloed verwoest. Hierna volgden nog meerdere overstromingen waarvan de watersnoodramp begin 1953 de laatste was. Het dorp Waspik ondervond toen met enkele omliggende dorpen, zoals Raamsdonksveer en Capelle, behoorlijke schade als een van de meest landinwaarts gelegen gebieden die werden getroffen. De dorpen Groot- en Klein Waspik (later Waspik-Beneden) hadden in de zestiende eeuw al een schepenbank. In 1810 wordt het zelfstandige bestuur van Klein-Waspik opgeheven en wordt het dorp onderdeel van het bestuur van het dorp Waspik. Tot aan de samenvoeging met de gemeente Waalwijk en Sprang-Capelle in 1997 is Waspik een zelfstandige gemeente geweest.

Na belastinghervormingen in 1805 besluit het gemeentebestuur van Waspik tot het maken van een lijst met huisnummers en huiseigenaren. Het aantal huizen in 1809 komt op 308. In 1840 komt de telling op 372 huizen en 2500 inwoners en in 1900 op 3000 inwoners. De grootste inkomstenbron van de inwoners van Waspik was lange tijd de turfwinning of het vervoer daarvan. Eind achttiende eeuw ontstaan er kleine leerlooiers en schoenmakers die in de negentiende eeuw op grotere schaal in fabrieken en werkplaatsen worden voortgezet. De landbouw komt in dit gebied moeizaam opgang. Pas vanaf het midden van de negentiende eeuw, na verbetering van de waterstaatkundige toestand door het oprichten van diverse waterschappen, verbeteren de landbouwmogelijkheden. Parochie In 1610 moeten de Waspikse katholieken hun kerk afstaan voor de protestantse eredienst. Hierna kerkten katholieken uit Waspik in buurdorpen, zelfs in een schuilkerk (schuurkerk) dicht bij de grens met Raamsdonksveer en daarvoor in een schuilkerk in het toenmalige buurtschap Waspik-Boven. Nadat, na de Franse revolutie, de Bataafse republiek (1795-1806) werd uitgeroepen kregen de katholieken weer vrijheid van godsdienst. Echter bleef de van oorsprong katholieke kerk, ondanks herhaaldelijk verzoek van de katholieken, in gebruik voor de protestantse erediensten.

Pas in 1840 werd toestemming gegeven aan de Waspikse katholieken om een eigen kerkgebouw te realiseren waarna de Waterstaatkerk St. Bartholomeus in Waspik(-Beneden) werd gebouwd. Deze kerk heeft de rij ksmonu mentale status. In 1921 viert pastoor Huybers van de Bartholomeuskerk zijn zilveren priesterfeest. Hij vraagt als cadeau om parochiegeld in te zamelen voor de bouw van een nieuwe kerk in Wa sp ik-Boven. Hierna gingen de paters Carmelieten op zoek naar een geschikte locatie voor het bouwen van een Bo uwhi sto ri sc h e ve rk e nnin g Ca rmeli e tenstr aa t 58 en 60 te W aspik

10

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

kerk en klooster. Enkele inwoners van Waspik-Boven waren bereid hiervoor landbouwgrond af te staan. Op 30 september 1925 werd door de toenmalige bisschop van 's-Hertogenbosch het Rectoraat van de Heilige Theresia van Lisieux opgericht, waarbij de zielenzorg werd toevertrouwd aan de Paters van Ongeschoeide Carmelieten. Architect Philip Donders uit Geleen krijgt in 1925 opdracht om een kerk en klooster te ontwerpen. Het moest een rectoraatskerk worden die niet alle bevoegdheden van een parochiekerk zou krijgen. Op de bouwtekening uit 1926 tekent de architect links van het koor en tegen de toren een 'tijdelijke' sacristie. Hij lijkt hiermee vooruit te lopen op de plannen uit 1938 waarbij een grotere sacristie om het koor wordt gerealiseerd. Op een 3D-schets van de architect is zichtbaar dat het klooster in eerste instantie groter uitgevoerd zou worden dan de huidige uitvoering. Aannemer Mertens-Weterings uit Raamsdonksveer mag als laagste inschrijver de bouw gaan uitvoeren. Door de ligging van de akkers is het niet mogelijk om het altaar naar het oosten te keren en ook het klooster werd door beperkte financiële middelen kleiner dan gepland. Het interieur van de kerk was dan ook, om kosten te drukken, afkomstig uit een kerk in het Limburgse Eygelshoven. De paters nemen de kerk en het klooster op 2 juli 1927 in gebruik en starten dan met zielenzorg in het klooster.

In 1934 werd het klooster tevens noviciaat. Jonge mannen die het kleinseminarie van Geleen hadden doorlopen konden in het Carmelietenklooster een jaar lang kennis maken met het kloosterleven 1• Voordat de kerk officieel ingezegend kan worden vindt er een 'wonder' plaats. Een vrouw wordt na 9 dagen gebed in de Theresiakerk genezen van een verlamming aan haar rechterzijde. Na deze gebeurtenis wordt de Theresiakerk een bedevaartsplaats en vinden er tot in de jaren '50 van de twintigste eeuw jaarlijks bedevaarten plaats. Kort na de bouw van de kerk, in 1933 , was het al noodzakelijk de nodige restauratiewerkzaamheden aan de toren uit te voeren, omdat de muren water doorlieten. De toren wordt dan voorzien van een cementlaag. In de 1968 is de toren nogmaals grondig gerestaureerd. Wellicht dat toen het stucwerk van de toren en de rechterzijgevel van het transept witgeschilderd zijn. Deze stuclaag is begin eenentwintigste eeuw verwijderd en het vrijgekomen metselwerk is toen gereinigd. In 1938 wordt de kerk flink uitgebreid. In januari 1938 wordt het priesterkoor uitgebreid door het aanbouwen van een sacristie van twee bouwlagen achter het koor en een aan bouw, bijsacristie, aan de rechterzijde van het koor. Tevens werd er verwarming aangelegd. Waarna in mei 1938 aan de rechterzijde van de nieuwe sacristie een bewaarschool met 2 lokalen wordt gerealiseerd.

De eerste kleuterschool van Waspik was een feit. In februari 1938 zijn er ook plannen om het klooster te vergroten , echter is dit nooit uitgevoerd. In de Tweede Wereldoorlog heeft de kelder van de kerk gediend als schuilplaats . Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog liep het gebouw op enkele plaatsen schade op. De bewaarschool uit 1938 wordt in 1965 verbouwd tot gemeenschapshuis. In 1997 wordt de kerk overgedragen aan de R.K.-parochie H. Theresia. Het klooster komt eind jaren '80 van de twintigste eeuw leeg te staan als de paters vertrekken. De zusters van Glorieux nemen daarna tot 2001 het klooster in gebruik. Hierna neemt een centrum voor spirituele ontwikkeling

1

H e e m k u n d e k r i n g O p 't g o e d e s p o o r. 1 n : ' T h ui s in Was p ik' , b I z 2 7 9 - 2 8 1

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

11

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

'Lumina' zijn intrek in het klooster. Momenteel wordt het klooster bewoond. Op 30 september 2012 vindt de laatste mis in de kerk plaatst waarna de kerk aan de eredienst is onttrokken. De kerk is terug liggend aan een klein voorplein geplaatst. De lengte-as van het gebouw is noord-zuid gericht, waarbij het priesterkoor richting het zuiden is georiënteerd. Dit is afwijkend van klassieke oriëntatie naar het oosten. De reden hiervan is, zoals eerder aangegeven, de ligging van de akkers. Aan de oostzijde, in de oksel van de sacristie en het priesterkoor bevindt zich de toren. Aan de westzijde van de kerk grenst de voormalige bewaarschool aan het koor en de sacristie van de kerk. Deze is nu in gebruik als gemeenschapshuis. Tegen de oostzijde van de kerk, ter hoogte van het transept, is het klooster gebouwd met de nokas evenwijdig aan de straat. Aan de voor- (noordzijde), 1inker- (oostzijde) en achterzijde (zuidzijde) van het klooster is een riante tuin gesitueerd.

J'

Onbebouwde akkergronden op Kadastrale Minuutplan 7811 - 1832. Bron: cultureelerfgoed.nl

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

12

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Op de militaire kaart uit 1939 staat de kerk in Waspik-Boven aangegeven. Bron: topotijdreis.n/

Luchtfoto met ten noorden Waspik en ten zuiden Waspik-Zuid (Waspik-Boven). De H. Theresia - kerk en het Carmefietenkfooster zijn omcirkeld. Bron: Google Earth

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

13

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Luchtfoto met centraal de kerk, links het verbouwde gemeenschapshuis en rechts het klooster. Bron: Google Earth

Bouw van de kerk in 1926 Bron: Heemkundekring Op ' t Goede Spoor

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

Het koor aan de achterzijde van de kerk met rechts de to r en en het klooste r, datering verm o edelijk rond 1938. Bron: Heemkundekring Op 't Goede Spoor

14

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

De kerk en het klooster tijdens de afrondende fase van de bouw in 1927. Rechts, voor de kerk, de ' bouwketen' Bron: Heemkundekring Op 't Goede Spoor

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

15

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Interieur van de kerk kort na de bouw in 1928. Hierop zijn het hoofdaltaar, vier zijaltaren en de preekstoel met klankbord zichtbaar. Bron: Heemkundekring Op 't Goede Spoor

De ingang van de kerk met het zangkoor erboven. Datering 1928. Bron: Heemkundekring Op ' t Goede Spoor

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

16

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

--

-

_..--..,__ __, Aangebouwde sacristie aan achterzijde van de kerk met rechts het klooster. Datering vermoedelijk 1939. Bron: Heemkundekring Op 't Goede Spoor

Plattegrond kerk 1925

Plattegrond van het klooster (rood omlijnd) met links de niet gerealiseerde uitbreiding Bron: Erfgoedcentrum Nederlands Klooster/even

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

17

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Voorgevel kerk 1926 Achtergevel kerk 1926 Bron: Erfgoedcentrum Nederlands Klooster/even

Rechterzijgevel kerk 1926 Bron: Erfgoedcentrum Nederlands Klooster/even

3D-impessie klooster en kerk 1926. Hierop is het oorspronkelijke idee van een groter klooster zichtbaa r Bron : Erfgoedcentrum Nederlands Klooster/even

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

18

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Plattegrond aanbouwen bewaarschool in 1 938. De uitbreiding van de kerk, hier zichtbaar, is dan al gerealiseerd Bron: Erfgoedcentrum Nederlands Klooster/even

Voorgevel bewaarschool Bron: Erfgoedcentrum Nederlands Klooster/even

Rechterzijgevef bewaarschool Bron: Erfgoedcentrum Nederlands Klooster/even

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

19

6i('

on u m enten h u i s B ra ba n t b.v.

Achtergevel bewaarschool Bron: Erfgoedcentrum Nederlands Klooster/even

Niet uitgevoerde uitbreiding klooster in 1938 Bron: Erfgoedcentrum Nederlands Klooster/even

D D 'D

D

Gewijzigde voorgevel bewaarschool, verbouwing tot gemeenschapshuis 1965 Bron: Erfgoedcentrum Nederlands Klooster/even

OJJ. UD GEWIJ'ZIGOE

WESTGEVEL

Gewijz igde z ijgevel bewaarschool 796 5 Bro n: Erfgoedce ntrum N eder lands Kloo ster /ev e n

Bouwhistori sc he verkenning Ca rmelietenstraat 58 en 60 te Waspik

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12345305/1