Bijlage 1 Schotse Hooglanderstraat ong.(naast 14) Waspik Toelichting
Tekst van het document
Luchtkwaliteit
Wet milieubeheer
Toetsingskader
Luchtkwaliteit is geregeld in de Wet milieubeheer. Een specifiek onderdeel van deze wet is de algemene maatregel van bestuur 'Niet in betekenende mate bijdragen' (Besluit NIBM) en de ministeriële regeling NIBM (Regeling NIBM). Hierin is bepaald wanneer de mate van de bijdrage aan de luchtverontreiniging verwaarloosbaar klein is. In zo'n geval hoeft een project niet langer meer getoetst te worden, ongeacht of in de huidige situatie al sprake is van een overschrijding van grenswaarden. Een project kan als NIBM worden beschouwd als aannemelijk is, dat het project niet leidt tot een toename van de concentraties van NO2, PM10 van meer dan 3% van de grenswaarde. De NIBMregeling van 3% is gekoppeld aan de vaststelling van het NSL (Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit) omdat in dit programma hiervoor maatregelen tegenover staan die het tijdig behalen van de grenswaarden waarborgen.
Beoordeling en conclusie
Om het beoordelen van plannen voor overheden eenvoudiger te maken, is in de Regeling NIBM het percentage van 3% uitgewerkt in concrete getallen. De regeling geeft concrete getallen voor plannen die gaan over, bijvoorbeeld de bouw van woningen en/of kantoren. De grens voor woningbouw ligt bij 3% op 1.500 woningen. Als er twee ontsluitingswegen zijn, mag een grens van 3.000 woningen worden gehanteerd. 20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 22 van 38
Met het voorliggend plan wordt één nieuwe woning gerealiseerd. Hiermee wordt de ontwikkeling als NIBM beschouwd. Een toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit kan daardoor achterwege blijven. Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL)
Toetsingskader
Uit oogpunt van goede ruimtelijke ordening dient beoordeeld te worden of het aanvaardbaar is om het project op deze locatie te realiseren. Hierbij kan de blootstelling aan de ter plaatse bestaande luchtverontreiniging een rol spelen, ook als het project zelf 'niet in betekenende mate' bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Er is sprake van een significante blootstellingsduur onder andere bij een woning, school of sportterrein. Om inzicht te geven in de mate van blootstelling aan luchtverontreiniging wordt gebruik gemaakt van de, door het ministerie van Infrastructuur en Milieu, beschikbaar gestelde digitale monitoringstool (www.nsl-monitoring.nl). Met de jaarlijkse monitoring van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) wordt de ontwikkeling van de luchtkwaliteit gevolgd en wordt de uitvoering van de maatregelen en projecten (die zijn opgenomen in het NSL) bijgehouden. De Monitoringstool is het instrument waarmee de stand van zaken in de uitvoering van de projecten en maatregelen in het NSL wordt gevolgd, en de concentraties luchtverontreinigende stoffen worden berekend voor het achterliggende kalenderjaar en de toekomstige jaren die relevant zijn voor het NSL (2016). De kaart van de monitoring van het NSL biedt de mogelijkheid om de verschillende resultaten van de monitoring zichtbaar te maken.
Via de NSL-Monitoringstool zijn voorts de concentraties voor de jaren 2020 en 2030 afgelezen.
Beoordeling
In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn de jaargemiddelde concentraties NO2, PM10 en PM2,5 in de omgeving van het plangebied inzichtelijk gemaakt op basis van de gegevens uit de NSLmonitoringstool. In de volgende afbeelding zijn de concentraties NO2, PM10 en PM2,5 voor het peiljaar 2020 nabij het plangebied weergegeven. Deze concentraties zijn afkomstig uit de NSLmonitoringstool 2019.
Overzicht concentraties NO2, PM10 en PM2,5 peiljaar 2020 (NSL-monitoringstool 2019)
20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 23 van 38
Uit de voorgaande afbeelding blijkt dat in de omgeving van het plangebied de jaargemiddelde concentraties NO2, PM10 en PM2,5 respectievelijk maximaal 18 μg/m³, 18 μg/m³ en 11 μg/m³ bedraagt. De jaargemiddelde grenswaarden voor NO2, PM10 (beide 40 μg/m³) en PM2,5 (25 μg/m³) uit bijlage 2 van de Wet luchtkwaliteit worden niet overschreden. Het aantal overschrijdingsdagen van de 24 uurgemiddelde concentratie is maximaal 7, waardoor het maximum van 35 dagen eveneens niet wordt overschreden. De algemene trend is dat in de toekomst de emissies en de achtergrondconcentraties van deze stoffen gaan dalen. Overschrijdingen van de grenswaarden zijn dan ook niet te verwachten.
Conclusie
In het kader van een goede ruimtelijke ordening is ter plaatse van het plan de jaargemiddelde concentraties NO2, PM10 en PM2,5 bepaald. Deze waarden zijn veel lager dan de gestelde grenswaarden uit bijlage 2 van de Wet luchtkwaliteit. Vanwege de algemene trend dat de emissies en achtergrondconcentraties gaan dalen, worden er ook in de toekomst geen overschrijdingen verwacht. 4.5
Geurhinder
Toetsingskader
Bij ruimtelijke ontwikkelingen nabij agrarische bedrijven is het aspect geurhinder van belang. Er moet worden aangetoond dat het plan geen belemmering vormt voor agrarische bedrijven en dat ter plaatse van het plangebied sprake is van een goed woon- en leefklimaat. De Wet geurhinder veehouderij (Wgv) stelt normen aan de geurbelasting van veehouderijen op geurgevoelige objecten en stelt minimale afstanden vast van veehouderijen tot geurgevoelige objecten. Om te beoordelen of sprake is van een goed woon- en verblijfklimaat wordt bij een ruimtelijke ordeningstoets voor de omgekeerde werking de Wet ruimtelijke ordening toegepast. De maximaal toegestane geurbelasting van veehouderijen op geurgevoelige objecten is afhankelijk van de ligging (concentratiegebied of niet-concentratiegebieden en binnen of buiten de bebouwde kom). De emissie van geurstoffen uit een veehouderijbedrijf wordt uitgedrukt in geureenheden (OUE/s). De Wet geurhinder en veehouderijen biedt middels artikel 6 de mogelijkheid aan gemeenten om bij verordening, binnen gestelde marges, afwijkende normen vast te stellen.
Beoordeling
In de voorliggende situatie is sprake van een planlocatie binnen de bebouwde kom buiten een concentratiegebied. Dit resulteert in de volgende grenswaarden: Algemeen geldende vaste afstand: 50 meter; Vaste afstand niet-intensieve veehouderijen: 100 meter; Geurbelasting ten gevolge van intensieve veehouderijen: 2 OUE/m³. Indien zich binnen een afstand van 100 meter geen veehouderij bevindt, kan worden geconcludeerd dat voldaan wordt aan de van toepassing zijnde vaste afstanden. De geurbelasting ten gevolge van intensieve veehouderijen moet in die situatie nog wel worden uitgevoerd. In de omgeving van het plangebied komen op basis van de gegevens van de website van de Provincie Noord-Brabant, Web-BVB (Bestand Veehouderij Bedrijven) meerdere veehouderijen voor. Deze bedrijven kunnen uitgesplitst worden in veehouderijen met dieren met een emissiefactor en veehouderijen waarvoor vaste afstanden gelden. De geurbelasting wordt bepaald op de dichtstbijzijnde buitenzijde van een geurgevoelig object, gerekend vanaf het geometrisch gemiddelde van de emissiepunten.
20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 24 van 38
Veehouderijen met dieren met een emissiefactor: Spoorstraat 1 Waspikse Weg 27 Parallelweg 5 Stadhoudersdijk 20a Vrouwkensvaartsestraat 16
213 OuE/s 780 OuE/s 1.780 OuE/s 48.264 OuE/s 10.050 OuE/s
465 meter 465 meter 675 meter 920 meter 950 meter
Veehouderijen met vaste afstanden: Schotse Hooglandersstraat 119 Parallelweg 9 Schotse Hooglandersstraat 82
875 meter 990 meter 985 meter
Alle omliggende veehouderijen bevinden zich op een afstand groter dan 100 meter. Hierbij is ervan uitgegaan dat de functieaanduidingen ‘intensieve veehouderij’ en ‘grondgebonden veehouderij’ voor het adres Schotse Hooglandersstraat 17 in planologische zin zijn verwijderd. Een bestemmingsplan dat hierin voorziet is inmiddels in procedure gebracht. Ten aanzien van de veehouderijen binnen een straal van 2 km rond het plangebied geldt dat de geurbelasting ten gevolge van deze veehouderijen niet meer mag bedragen dan 2 OUE/m3. Gelet op de geuremissie in combinatie met de afstand, mag worden aangenomen dat de veehouderij aan de Stadhoudersdijk 20a in Waspik hierin bepalend is. De ervaring leert dat bij een geuremissie van 48.264 OUE/s op een afstand van 920 meter voldaan kan worden aan een eis van 2 OUE/m3, de afstand is groot genoeg. Verder geldt voor alle veehouderijen dat tussen de veehouderij en het plangebied bestaande woningen zijn gesitueerd. Dit betekent dat geen van de veehouderijen aanvullend wordt beperkt in zijn mogelijkheden. Gelet op het aantal veehouderijen en de emissie van deze veehouderijen mag verder worden aangenomen dat ter plaatse van het plangebied sprake is van een acceptabel woonen leefklimaat voor het milieuaspect geur en veehouderij.
Conclusie
Voor het plangebied geldt dat aangenomen mag worden, dat voldaan wordt aan de eisen uit de Wet geurhinder en veehouderij. Verder wordt geconcludeerd dat de veehouderijen als gevolg van de plannen niet aanvullend worden beperkt in de bedrijfsvoering en dat ter plaatse van het plangebied sprake is van een acceptabel woon- en leefklimaat voor het milieuaspect geur en veehouderij. 4.6
Volksgezondheid i.r.t. geitenhouderij(en)
Toetsingskader
Veehouderijen, en in het bijzonder geitenhouderijen in de buurt van het plangebied kunnen van invloed zijn op de volksgezondheid en daarmee op een acceptabel woon- en leefklimaat. Van het plan zelf gaan geen negatieve effecten voor de volksgezondheid uit naar de omgeving, omdat het plan uitsluitend woningbouw mogelijk maakt. Uit het VGO2 rapport (Veehouderij en Gezondheid Omwonenden) van het RIVM (Rijksinstituut voor volksgezondheid en milieu) blijkt dat zich in een straal van circa 2 kilometer rond geitenbedrijven een verhoogd aantal gevallen van longontsteking voordoet. Onduidelijk is waardoor dit verhoogde risico precies wordt veroorzaakt. Een toetsingskader waarmee het verhoogd volksgezondheidsrisico ten aanzien van geitenhouderij wordt bepaald ontbreekt op dit moment. Hiervoor wordt een vervolgonderzoek uitgevoerd, waarvan 20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 25 van 38
de resultaten op korte termijn worden verwacht. Omdat maatregelen nog niet bekend zijn, is er nu uit voorzorg een bouwstop op de uitbreiding van geitenhouderijen.
Beoordeling
Binnen 2 kilometer van het plangebied zijn op basis van de Web-BVB enkele geitenhouderijen gelegen: Vrouwkensvaartsestraat 16, Waspik - de afstand van het plangebied tot aan de inrichting van de geitenhouderij bedraagt 950m Voshoornweg 5, Raamsdonk - de afstand van het plangebied tot aan de inrichting van de geitenhouderij bedraagt 1,5 km
Conclusie
De nieuwe ontwikkeling bevindt zich op ruime afstand van een geitenhouderij. Tussen de ontwikkeling en de geitenhouderij bevinden zich een groot aantal woningen waar personen verblijven die blootstaan aan de gezondheidsrisico’s. Dit betreffen woningen binnen de kern van Waspik, Waspik-Zuid en het tussenliggende bebouwingslint. Gezien de beperkte omvang van de ontwikkeling neemt het gezondheidsrisico, dat wordt veroorzaakt door geitenhouderijen, als gevolg van de ontwikkeling niet significant toe. Vanwege de locatie en het niet in de omgeving bevinden van veehouderijen die belastend kunnen zijn op de volksgezondheid, worden er in de toekomst geen overschrijdingen verwacht. 4.7
Externe veiligheid
Toetsingskader
Activiteiten met gevaarlijke stoffen leveren risico’s op voor de omgeving. Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) vormen op dit moment het wettelijk kader voor het omgaan met deze risico’s. Door het stellen van eisen aan afstanden tussen de activiteiten met gevaarlijke stoffen en (beperkt) kwetsbare objecten (woningen, kantoren, scholen, enz.) worden de eventuele gevolgen van deze risico’s zoveel mogelijk beperkt.
Beoordeling
Het initiatief voorziet in de realisatie van één woning waardoor het plan zelf geen risico’s voor de omgeving oplevert. Met het plan wordt een nieuwe woning en dus een nieuw kwetsbaar object mogelijk gemaakt. Daarom is met behulp van de risicokaart nagegaan of risicobronnen, in de omgeving van het plangebied, een risico vormen voor de voorgenomen ontwikkeling. In de navolgende figuur is een uitsnede weergegeven van de risicokaart.
20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 26 van 38
Uitsnede risicokaart, plangebied rood omcirkeld (december 2020)
Uit de risicokaart blijkt dat er enkele risicobronnen in de omgeving van het plangebied zijn gelegen:
Ruim anderhalve kilometer ten noorden van het plangebied ligt de snelweg A59, die onderdeel is van het Basisnet waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Ca. 450 meter ten noorden van het plangebied loopt een buisleiding tracé met een aardgasleiding met een diameter van 6 inches en een werkdruk van 40 bar. Aan de Parallelweg, ca. 950 meter ten noordwesten van het plangebied bevindt zich een manege met een bovengrondse propaantank met een inhoud van 3 m³.
Transportroute A59 Deze weg maakt deel uit van het Basisnet waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd en ligt op circa 1,7 kilometer van het plangebied. Het plangebied ligt niet binnen de 200 meter van een transportroute. Hierdoor is voor deze risicobron het bepalen van de hoogte en toename van het groepsrisico niet aan de orde. De stofcategorie met het grootste invloedsgebied, die over deze weg vervoerd wordt, is conform de gegevens van Rijkswaterstaat stofgroep LT2. Deze stofgroep heeft een invloedsgebied van 880 meter, zodat het invloedsgebied niet reikt tot aan het plangebied. Buisleidingentracé Het betreft hier een ondergrondse buisleiding voor het transport van aardgas. De leiding heeft een diameter van 6 inches en een werkdruk van 40 bar. Het plangebied valt buiten de PR10-6 contour van deze leiding. Het buisleidingentracé ligt op een afstand van 400 meter van het plangebied. Daarmee ligt het plangebied ook niet binnen het invloedsgebied van dit type leidingen (70 meter). Propaantank De bovengrondse propaantank met een inhoud van 3 m³, behorend bij het Hippisch Centrum Midden Brabant, is gelegen op een afstand van 950 meter tot het plangebied. Voor een tank met een inhoud minder dan 5 m³ geldt een maximale veiligheidsafstand van 25 meter. De tank vormt geen belemmering voor de veiligheid ter plaatse van het plangebied.
Conclusie 20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 27 van 38
Ter plaatse van het plangebied gelden geen belemmeringen wat betreft externe veiligheid. Een nader onderzoek is derhalve niet noodzakelijk. Wel dient het plan ter beoordeling te worden toegezonden aan de Veiligheidsregio. Eventueel nader advies wordt te zijner tijd in de toelichting verwerkt. 4.8
Water
Toetsingskader
Bij elke ruimtelijke ontwikkeling is het opstellen van een waterparagraaf verplicht, mede in relatie tot de watertoets. Hierna is het relevante waterschapsbeleid beschreven. Daarnaast wordt op beknopte wijze ingegaan op de (eventuele) invloeden welke de beoogde plannen op de aanwezige waterhuishouding heeft, en middels welke maatregelen/ voorzieningen deze invloeden kunnen worden geminimaliseerd. Waterschapsbeleid Brabantse Delta Het waterschap Brabantse Delta is verantwoordelijk voor het waterbeheer in de gemeente Waalwijk. Het gaat dan om het waterkwantiteits en - kwaliteitsbeheer, de waterkeringzorg, waterzuivering, het grondwaterbeheer, het waterbodembeheer en vaak ook het scheepvaartbeheer. Het waterschap heeft de grondslag van haar beleid opgenomen in het waterbeheersplan 2016-2021, wat is afgestemd op Europees, nationaal en provinciaal beleid. Het waterbeheerplan houdt rekening met de toekomst: klimaatadaptatie, innovaties, ruimtelijke ontwikkelingen, toekomstig medegebruik en het tegengaan van verdroging.
Deze ontwikkelingen geven aanleiding tot de volgende accenten: het nationale Deltaprogramma voor waterveiligheid en de versterking van de dijken langs de Rijkswateren en de regionale rivieren; het optimaliseren van de zoetwatervoorziening met het oog op de toenemende droogte; inzet op bewustwording van watergebruikers zodat hun inzicht groeit over wat ze zelf aan waterbeheer kunnen bijdragen; helderheid over zowel beperkingen als mogelijkheden voor de gebruiksfuncties van het watersysteem; het verbeteren van de waterkwaliteit in een meer integrale, gebiedsgerichte uitvoeringsstrategie (combineren van verbeteren van de waterstanden, onderhouden van sloten en treffen van inrichtingsmaatregelen); afvalstoffen steeds meer inzetten als waardevolle grondstoffen zoals terugwinning van fosfaat en productie van bioplastic uit afvalwater; een duurzame energiewinning. Het waterschap heeft een eigen verordening; De Keur en de legger. De Keur bevat gebods- en verbodsbepalingen met betrekking tot ingrepen die consequenties hebben voor de waterhuishouding en het waterbeheer. De legger geeft aan waar de waterstaatswerken liggen, aan welke afmetingen en eisen die moeten voldoen en wie onderhoudsplichtig is. Veelal is voor deze ingrepen een watervergunning van het waterschap benodigd. De Keur is onder andere te raadplegen via de site van waterschap Brabantse Delta.
Bij een toename en afkoppelen van het verhard oppervlak geldt het uitgangspunt dat plannen zoveel mogelijk hydrologisch neutraal worden uitgevoerd. Vanwege dit principe wordt bij uitbreiding van verhard oppervlak voor de omgang met hemelwater uitgegaan van de voorkeursvolgorde infiltreren, bergen, afvoeren. De waterschappen maken bij het beoordelen van plannen met een toegenomen verhard oppervlak onderscheid tussen grote en kleine plannen.
Beoordeling
Met betrekking tot hydrologisch neutraal ontwikkelen hebben de drie Brabantse waterschappen, Aa en Maas, De Dommel en Brabantse Delta hun keuren geharmoniseerd, genaamd “Hydrologische uitgangspunten bij de Keurregels voor afvoeren van hemelwater, Brabants waterschappen”. De 20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 28 van 38
waterschappen maken bij het beoordelen van plannen met een toegenomen verhard oppervlak onderscheid tussen grote en kleine plannen. De grenswaarden waaraan getoetst wordt zijn; minder dan 2.000 m², tussen de 2.000 m² en 10.000 m² en meer dan 10.000 m². Behandeling regenwater (RWA) Op basis van de Algemene Regel van het waterschap Brabantse Delta is er geen verplichting tot aanleg van een retentievoorziening, dit vanwege de relatief geringe toename van het verhard oppervlak, die niet groter is dan de grenswaarde (2.000 m²). Op basis van gemeentelijke beleid dient er bij nieuwbouw 60 mm (6l/m2) berging op eigen terrein te worden gerealiseerd voor de toename van de extra verharding. Voor het regenwater bestaat binnen het plangebied de mogelijkheid om direct te worden geïnfiltreerd. Berging en infiltratie op eigen terrein is mogelijk in de vorm van een wadi, vegetatiedaken, IT-riolering, waterpassende verharding of infiltratiekratten. Bij de uitwerking van het initiatief wordt de keuze van de berging en infiltratie nader uitgewerkt en bepaald. Er worden geen aanvullende voorzieningen in het kader van berging of infiltratie van regenwater geëist. Ten aanzien van het materiaalgebruik dienen geen uitlogende bouwmaterialen zoals lood, koper, zink, zachte PVC en geïmpregneerde materialen te worden toegepast.
Deze stoffen kunnen zich ophopen in het water(bodem)systeem en hebben hierdoor een zeer nadelige invloed op de water(bodem)kwaliteit en ecologie. Toe te passen duurzame materialen:
Hellende daken: dakpannen van beton of keramisch materiaal. Platte daken: beton of bekleed met EPDM rubber; APP en/of SBS gemodificeerd bitumen. Dakgoten en afvoerpijpen: PVC/PP/PE/ staal, aluminium of zink, alle gecoat. Ontsluitingspaden, wegen, terrassen: voorzien van niet uitloogbare materialen zoals beton of keramische producten.
Behandeling vuilwater (DWA) In het plangebied wordt één nieuwe woning gerealiseerd. Op basis van de Leidraad Riolering is de productie van vuilwater berekend. Uitgaande van een gemiddelde woningbezetting van 2,5 bewoners en een gemiddelde vuilwaterproductie van 120 liter per persoon per dag, dient er vanuit het plangebied dagelijks 0,30 m³ vuilwater te worden afgevoerd naar het rioolstelsel. Het vuilwater vanuit het plangebied wordt aangesloten op het gemeentelijk rioolstelsel. De verdere uitwerking hiervan dient in samenspraak met de gemeente Waalwijk te worden uitgevoerd.
Conclusie
Hiervoor zijn de effecten van de planontwikkeling op de waterhuishouding ter plaatse van het plangebied inzichtelijk gemaakt. Het plan voorziet in de realisatie van één nieuwe woning. Het plan leidt tot een geringe toename van het verhard oppervlak, maar heeft geen negatieve effecten op de waterhuishouding ter plaatse doordat gelet wordt op de waterhuishouding bij de ontwikkeling. Het hemelwater wordt gescheiden van het vuilwater en geborgen of geïnfiltreerd binnen het plangebied. Bij de uitwerking van het initiatief wordt de keuze van de berging en infiltratie nader uitgewerkt en bepaald, een en ander in overeenstemming met de eisen die voortvloeien uit gemeentelijk beleid.. In het kader van het wettelijk vooroverleg is dit bestemmingsplan inclusief waterparagraaf ter beoordeling aan het waterschap voorgelegd. Dit heeft geleid tot een positief wateradvies (zie ook hierna in paragraaf 6.2). Het aspect water vormt geen belemmering voor de ontwikkeling.
20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 29 van 38
4.9
Flora en fauna
Toetsingskader
De natuurwet- en regelgeving kent twee sporen, namelijk een soortgericht spoor en een gebiedsgericht spoor. De bescherming van deze twee sporen is geregeld in de Wet natuurbescherming. Ruimtelijke plannen, zoals bestemmingsplannen, dienen te worden beoordeeld op de uitvoerbaarheid in relatie tot actuele natuurwetgeving. Er mogen geen ontwikkelingen plaatsvinden die op onoverkomelijke bezwaren stuiten doordat deze effecten hebben op beschermde natuurgebieden en/of flora en fauna. In dit kader is inzicht gewenst in de aanwezige natuurwaarden en de mogelijk daarmee samenhangende consequenties vanuit de natuurwetgeving.
Beoordeling
Bureau van Nierop heeft een quickscan flora en fauna uitgevoerd. De rapportage van dit onderzoek is als bijlage aan deze toelichting toegevoegd. De belangrijkste conclusies worden hierna weergegeven. Gebiedsbescherming incl. stikstofdepositie De onderzoekslocatie zelf heeft geen status in het kader van de Natuurbeschermingswet 1998 (Natura 2000, Ramsar-conventie, Vogel- of Habitatrichtlijn en Beschermd Natuurmonument). Het dichtstbijzijnde Natura 2000 gebied is gelegen op ongeveer één kilometer afstand en betreft het gebied de Langstraat. Gezien de afstand van de onderzoekslocatie ten opzichte van het Natura 2000 gebied en de lokale aard van de geplande maatregelen kan er vanuit worden gegaan dat deze geen directe invloed hebben op het Natura 2000 gebied. Bij ontwikkelingen nabij Natura 2000 gebieden dient er echter ook gekeken te worden naar externe effecten. Met behulp van de Aerius Calculator is er berekend wat de stikstofdepositie van de beoogde toekomstige situatie is. Hierbij is uitgegaan van de standaard emissie voor de bouw van twee vrijstaande woningen. In de praktijk worden nieuwe woningen tegenwoordig vaak emissiearm gebouwd, daarnaast wordt er bij dit project slechts één huis gerealiseerd, waardoor de gehanteerde waarden als een overschatting kunnen worden gezien. Aanvullend is uitgegaan van een toekomstige situatie met daarin 15 verkeersbewegingen per etmaal.
In werkelijkheid ligt het aantal verkeersbewegingen per etmaal in de toekomstige situatie waarschijnlijk lager, waardoor ook deze waarde als een overschatting kan worden gezien. Het resultaat uit de berekening is dat er zelfs met de beschreven overschatting geen sprake is van een overschrijding van de depositiewaarde van het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied 1. De onderzoekslocatie ligt niet binnen de begrenzing van het Natuur Netwerk Brabant (NNB). Een aantal gebieden in de directe omgeving (± 100 meter) vallen wel binnen deze begrenzing (…). Daarnaast beoogt de gemeente Waalwijk een ecologische verbindingszone te realiseren achter en naast de woning dat het polderlandschap en het natuurgebied ten zuiden en noorden van het perceel met elkaar verbindt. Gezien de afstand met de huidige NNB gebieden en de zeer lokale invloed van de maatregelen kan worden gesteld dat de voorgenomen ontwikkelingen geen invloed hebben op het functioneren van het NNB, omdat de wezenlijke kenmerken niet worden aangetast of veranderd. Soortenbescherming De onderzoekslocatie betreft een voormalig weiland. De geplande maatregelen bestaan uit het realiseren van een vrijstaande nieuwbouwwoning. Het huidig weiland biedt geen essentieel leefgebied voor beschermde flora, vogel-, zoogdier-, amfibie-, reptiel-, vlinder- en libelsoorten door het ontbreken van groenelementen, water en/of opgaande vegetatie.
De geplande maatregelen hebben dan ook geen gevolgen voor flora en fauna. 1
Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is gelegen op een afstand van circa 1 kilometer van het plangebied. Daardoor is een nadere motivering van de in de Aerius Calculator ingebouwde afkapgrens van de berekende depositiewaarde van 5 kilometer zoals deze blijkt uit de (tussen)uitspraak van de Raad van State inzake Via15 niet van toepassing. 20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 30 van 38
Conclusie
De aanwezige flora en fauna vormen geen belemmering voor de beoogde planontwikkeling, mits er bij de uitvoering van verstorende werkzaamheden rekening wordt gehouden met mogelijk in en direct rondom het plangebied broedende vogels en ter plaatse in het wild voorkomende planten en dieren. 4.10 Verkeer en parkeren
Toetsingskader
In de ‘Nota Parkeernormen Waalwijk 2015’ heeft de gemeente Waalwijk per gebied en functie parkeernormen vastgelegd. Met het toepassen van deze nota als toetsingskader bij ruimtelijke ontwikkelingen wordt voorkomen dat bestaande functies overlast ervaren van een nieuwe ontwikkeling. Anderzijds wordt hiermee de bereikbaarheid van de nieuwe functies gewaarborgd. De gemeente Waalwijk maakt in de parkeernota, afhankelijk van de verschillende stedelijkheidszones binnen de gemeente, onderscheid in verschillende deelgebieden. Het plangebied is gelegen in het deelgebied ‘bebouwde kom Sprang-Capelle, wijk Driessen en Waspik’. Door de lagere stedelijkheidsgraad in dit gebied ligt het gebruik van de auto hier hoger dan in andere delen van de gemeente.
Uitsnede bijlage 1 Nota Parkeernormen Waalwijk 2015
Beoordeling en conclusie
De planontwikkeling voorziet in de realisatie van een vrijstaande woning in de bebouwde kom van Waspik. Op basis van de Nota parkeernormen geldt hier een parkeernorm van 2,0 parkeerplaatsen per woning. Deze parkeereis wordt op eigen terrein opgevangen. De ontwikkeling van één woning resulteert in een zeer geringe toename van de verkeersgeneratie in relatie tot de capaciteit van de omliggende wegen. Belemmeringen met betrekking tot verkeer en parkeren zijn dan ook niet aanwezig. 4.11 Archeologie en cultuurhistorie 20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 31 van 38
Cultuurhistorie
Toetsingskader
In het kader van ruimtelijke ontwikkelingen dient rekening gehouden te worden met de aanwezige archeologische en cultuurhistorische waarden. De gemeente, waarbinnen de betreffende ontwikkeling plaatsvindt, is hierbij het bevoegd gezag. Op de Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) van de provincie Noord-Brabant staat aangegeven welke archeologische en cultuurhistorische waarden (in potentie) aanwezig zijn. Het provinciaal cultuurhistorisch belang bestaat uit 5 kaartlagen: regio’s, cultuurhistorische landschappen, cultuurhistorische vlakken, archeologische landschappen en complexen van cultuurhistorisch belang. Het gaat hierbij om erfgoed dat van belang is voor de regionale identiteit en om de meest waardevolle gebieden en ensembles.
Uitsnede Cultuurhistorische Waardenkaart ter plaatse van het plangebied
Beoordeling
Uit de Cultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Noord-Brabant blijkt dat het plangebied is gelegen binnen het cultuurhistorische landschap de Langstraat. Daarnaast is de Schotse Hooglandersstraat aangeduid als lijn van hoge waarde. De Langstraat ligt op de overgang van zand, veen en klei. Vroeger bestond vrijwel het hele gebied uit veen. De veengebieden van de Langstraat zijn in de late middeleeuwen ontgonnen. De veenontginningen van de Langstraat worden gekenmerkt door de typische strokenpercelering met elzensingels, dijken en kades, waarbij de lange smalle percelen en het dichte slotenpatroon nagenoeg haaks op de ontginningsbasis staan. Dragende structuren in het landschap, zoals wegen, dijken en langgerekte historische bewoningsassen zijn met name oostwest georiënteerd. Daartussen liggen smalle strookvormige percelen en vaarten met een noord-zuid richting. De relatie tussen de oorspronkelijk bebouwingstructuren (linten), het afwisselend open en besloten landschap en het water is in de Langstraat nog goed beleefbaar. Het tracé van het Halvezolenlijntje, de oude spoorlijn van Lage Zwaluwe naar ’s-Hertogenbosch, loopt eveneens van oost naar west en is een kenmerkend cultuurhistorische structuur. Het tracé ligt circa 420 meter ten noorden van het plangebied en wordt inmiddels gebruikt als fietspad.
Uitgangspunt in het beleid is het behoud en versterking van de samenhang van de dragende structuren in de Langstraat. Een belangrijk kenmerk zijn de langgerekte bebouwingslinten. Met de voorgestane ontwikkeling wordt één woning toegevoegd aan de Schotse Hooglandersstraat. Hiermee 20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 32 van 38
wordt de functie van het lint versterkt en blijft deze als structuur herkenbaar in het landschap. Het aspect cultuurhistorie vormt geen belemmering voor de planvorming. Archeologie
Toetsingskader
Op basis van de gemeentelijke archeologische beleidskaart is aan het plangebied in het geldende bestemmingsplan ‘Agrarisch Gebied’ de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2’ toegekend. Ontwikkelingen waarbij de bodem wordt geroerd over een bepaalde oppervlakte en beneden een bepaalde verstoringsdiepte, zijn niet toegestaan zonder dat vooraf een onderzoek heeft plaatsgevonden naar de mogelijk in de bodem aanwezig archeologische waarden. Voor het plangebied geldt dit bij een grondverzet met een oppervlakte groter dan 100m² en dieper dan 30 centimeter.
Beoordeling
Transect B.V. heeft een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in het plangebied. Het onderzoek is uitgevoerd in de vorm van een bureauonderzoek (BO) en een Inventariserend Veldonderzoek (IVO-O), verkennende fase. De rapportage van dit onderzoek is als bijlage aan dit bestemmingsplan toegevoegd. Hieronder zijn de conclusie en het advies conform deze rapportage opgenomen:
De opdrachtgever heeft het voornemen om centraal in het plangebied een vrijstaande woning te bouwen. Hiertoe moet in eerste instantie een wijziging van het bestemmingsplan worden doorgevoerd. Er wordt voorgesteld om de strook met een hoge verwachting, zoals deze in bijlage 7 (van de rapportage) is aangeduid, op te nemen in het bestemmingsplan. Hiervoor kunnen de geldende planregels worden gebruikt. In het zuiden van het plangebied geldt een lage archeologische verwachting en daarom is voor dit deel van het plangebied geen nader archeologisch onderzoek nodig. Als in de toekomst in de advieszone in het noorden van het plangebied graafwerkzaamheden plaats zullen vinden, die de kaders van het bestemmingsplan overschrijden, adviseren wij om aanvullend inventariserend veldonderzoek uit te voeren. De vorm hiervan hangt af van de aard en omvang van de uit te voeren bodemingrepen. Er kan hier bijvoorbeeld gedacht worden aan een archeologische begeleiding. De werkwijze van het onderzoek dient vastgelegd te worden in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE).
Wanneer er onverhoopt tijdens de graafwerkzaamheden in de zone met een lage verwachting toch resten gevonden worden, waarvan redelijkerwijs vermoed kan worden dat deze van archeologische waarde zijn, geldt een verplichte meldingsplicht (conform de Erfgoedwet 2016, artikel 5.10), Deze melding kan dan bij de gemeente als bevoegde overheid plaatsvinden. Bovenstaande vormt een advies. Op grond van de resultaten van het rapport en het advies zal het bevoegd gezag (de gemeente Waalwijk) een selectiebesluit nemen over de daadwerkelijke omgang met eventueel aanwezige archeologische waarden binnen het plangebied. Deze rapportage is beoordeeld en werd in orde bevonden. Er is akkoord gegeven op de conclusie en het advies.
Conclusie
Het aspect archeologie is voldoende onderzocht in het kader van de planologische procedure. De archeologische dubbelbestemming ‘Waarde-Archeologie 2’ blijft in dit bestemmingsplan gehandhaafd en wordt op de verbeelding overgenomen. Hierdoor blijft de verplichting tot het uitvoeren van het vervolgonderzoek in het kader van de aanvraag voor een omgevingsvergunning geborgd. Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor dit initiatief.
20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 33 van 38
4.12 Duurzaamheid Zorg voor het milieu is voor iedereen belangrijk. Duurzame ontwikkeling en in het bijzonder duurzaam bouwen is voor de gemeente Waalwijk een algemeen leidend principe. Speerpunten van het duurzaamheidsbeleid zijn onder andere zorgvuldig ruimtegebruik, het behouden en versterken van de ruimtelijke kwaliteit en een klimaat neutrale gemeente in 2043. Er zijn veel goede redenen om duurzaam te bouwen en te herbouwen. En er is al veel mogelijk op dit gebied. De ontwikkeling van duurzame technieken en producten is continu in beweging. Duurzaam bouwen richt zich vooral op het toepassen van verantwoorde materialen en technieken, zuinig omgaan met energie, water en ruimte en het creëren van een gezond binnenklimaat. Het uitgangspunt bij duurzaam bouwen is zó bouwen dat de nadelige effecten op het milieu en de gezondheid zo klein mogelijk zijn. Het plan betreft de realisatie van één vrijstaande woning in het bebouwingslint in Waspik. Daarbij wordt zoveel mogelijk toepassing gegeven aan het principe van zorgvuldig ruimtegebruik en met de bouw draagt de ontwikkeling bij aan de ruimtelijke en functionele opwaardering van het lint. Conform de Wet voortgang energietransitie (Wet Vet) wordt de woning volledig gasloos en wordt deze conform en mogelijk hoger dan de toepasselijke BENG-normen gerealiseerd. 4.13 Kabels en leidingen
Toetsingskader
Kabels, leidingen en straalpaden dienen te worden beschermd tegen ingrepen die de werking ervan kunnen bedreigen. Aan de andere kant dient de omgeving te worden beschermd tegen het gevaar dat van bestaande en toekomstige leidingen, kabels en hoogspanningslijnen kan uitgaan.
Beoordeling en conclusie
Binnen het plangebied of in de directe omgeving ervan bevinden zich geen planologisch relevante kabels, leidingen of straalpaden. 4.14 M.e.r.-beoordelingsplicht
Toetsingskader
Op 7 juli 2017 is het gewijzigde Besluit m.e.r. in werking getreden. De vormvrije mer-beoordeling voor activiteiten beneden de grenswaarde is vervangen door de mer-beoordelingsplicht. De merbeoordelingsplicht is van toepassing indien: 1. de activiteit onder één van de categorieën van activiteiten in kolom 1 valt (ongeacht de omvang van die activiteit) én 2. sprake is van een aangewezen besluit in kolom 4, waaronder het bestemmingsplan.
Beoordeling
De realisatie van woningen valt onder een stedelijk ontwikkelingsproject zoals genoemd in categorie D 11.2 van het Besluit m.e.r. en er is sprake van een besluit zoals genoemd in kolom 4. De drempelwaarde uit onderdeel D 11.2 voor woningen ligt op 2.000 woningen of meer. Voorliggende herziening voorziet in de realisatie van één woning. Gelet op de kenmerken van het project (zoals het karakter in vergelijking met de drempelwaarden uit het Besluit m.e.r.), de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten zullen geen belangrijke negatieve milieugevolgen optreden. Dit blijkt ook uit de beoordeling van de verschillende milieuaspecten zoals deze in de voorgaande paragrafen zijn opgenomen. 20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 34 van 38
Conclusie
Het plan heeft geen significant negatieve gevolgen voor het woon- en leefmilieu in de omgeving. Er worden ook geen significant negatieve effecten verwacht vanwege de ligging van het plangebied ten opzichte van gevoelige gebieden. Derhalve kan worden geconcludeerd dat er geen sprake is van een mer-plicht.
20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 35 van 38
5 Juridische planbeschrijving 5.1
Inleiding
Een bestemmingsplan bestaat uit regels, een verbeelding, vergezeld met een toelichting. De regels en de verbeelding vormen het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan. De verbeelding heeft de rol van visualisering van de bestemmingen. De regels regelen hoe de betreffende gronden mogen worden gebruikt en bebouwd. De bestemmingen zijn zo opgenomen dat voldoende rechtszekerheid bestaat voor omwonenden en andere gebruikers van het gebied en de omliggende gebieden. In de toelichting is gemotiveerd waarom sprake is van een goede ruimtelijke ordening. In het kader van de landelijke uniformering en standaardisering voldoet het plan aan de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP2012). Voor de plansystematiek is aansluiting gezocht bij de standaard systematiek van de gemeente Waalwijk en de vigerende regels van het bestemmingsplan “Agrarisch Gebied”.
Algemene toelichting regels: De juridische regeling bestaat uit vier hoofdstukken, te weten: Hoofdstuk 1 (inleidende regels), met daarin een aantal regels die van belang zijn voor de toepassing en interpretatie van de regels in de overige hoofdstukken en de wijze van meten; Hoofdstuk 2 (bestemmingsregels), met daarin per bestemming onder meer bestemmingsregels, bouwregels en afwijkingsmogelijkheden; Hoofdstuk 3 (algemene regels), met daarin algemene afwijkings-, bouw-, gebruiks-, aanduidings-, afwijkings- en wijzigingsregels; Hoofdstuk 4 (overgangs- en slotregels), met daarin de overgangsregels en de slotregel. Algemene toelichting verbeelding: Op de verbeelding wordt met lijnen, coderingen en arceringen aan gronden een bepaalde bestemming toegekend. Binnen een bestemmingsvlak zijn op de verbeelding met aanduidingen nadere regels aangegeven. De verbeelding is volgens IMRO 2012 (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) getekend. Dit is een eenduidige en technische methode voor het tekenen van kaarten. Hiermee kan ruimtelijke informatie eenvoudig digitaal uitgewisseld worden met andere overheden en samenwerkingspartners. Tevens maakt deze methode het mogelijk om het plan via internet te raadplegen. 5.2
Bestemmingsregels
In dit bestemmingsplan komen de volgende bestemmingen voor: Gemengd: Het plangebied, waar de nieuwe woning wordt gerealiseerd, is in de huidige situatie bestemd als ‘Agrarisch’, Hierbinnen is geen bebouwing toegestaan. Ook het gebruik als woonbestemming is niet toegelaten. Op basis van dit bestemmingsplan wordt de bestemming gewijzigd in de bestemming ‘Gemengd’. Om de ruimtelijke en functionele kwaliteiten van het bebouwingslint te beschermen en te bevorderen, gelden binnen de bestemming Gemengd specifieke regels met betrekking tot positionering en omvang van bouwmassa’s . Hoofdbebouwing dient te zijn gelegen in lijn met de in de verbeelding aangegeven gevellijn. Ter plaatse van de aanduiding ’vrijstaand’ dient de hoofdmassa te bestaan uit vrijstaande hoofdbebouwing. Het toevoegen van nieuwe woningen is op basis van dit bestemmingsplan niet mogelijk.
20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 36 van 38
Waarde - Archeologie 2: In het bestemmingsplan is, ter bescherming van de archeologische waarden, een dubbelbestemming opgenomen. De met 'Waarde - Archeologie 2' bestemde gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de gebieden met te verwachten archeologische waarden. Binnen deze dubbelbestemming geldt dat er bij bodemingrepen groter dan 100 m2 en dieper dan 30 cm-mv archeologisch onderzoek wordt vereist. 5.3
Algemene regels
In hoofdstuk 3 van de regels behorende bij het bestemmingsplan zijn algemene regels opgenomen, zoals algemene aanduidingsregels ten behoeve van de bescherming en bevordering van de ruimtelijke en functionele kwaliteiten van het dorpslint (‘overige zone – dorpslint’). Daarnaast geldt een aanduiding ‘overige zone – kernen in landelijk gebied’, waarmee een maximale omvang wordt vastgesteld voor bouwpercelen van (niet-agrarische) bedrijven.
20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 37 van 38
6 Uitvoerbaarheid 6.1
Economische uitvoerbaarheid
De gronden worden eigendom van de initiatiefnemer. Alle voorbereidings- en uitvoeringskosten komen voor rekening van de initiatiefnemer. Tussen de gemeente Waalwijk en de initiatiefnemer is een anterieure overeenkomst gesloten. Het plan is voor de gemeente Waalwijk derhalve een kostenneutrale ontwikkeling. De economische uitvoerbaarheid is hiermee gewaarborgd. 6.2
Maatschappelijk haalbaarheid
Voorbereiding / participatie Vóór de start van de formele procedure heeft initiatiefnemer medio maart 2021 de direct omwonenden geïnformeerd over de planvorming en hen verzocht opmerkingen naar aanleiding daarvan aan hem kenbaar te maken. De omwonenden zijn derhalve gekend in het initiatief en hebben gelegenheid gehad te reageren op het plan. Een verslaglegging van deze participatie is als bijlage bij deze toelichting gevoegd. Voorontwerp en vooroverleg Het voorontwerp-bestemmingsplan ‘Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik’ met bijbehorende documenten heeft met ingang van 10 juni 2021 gedurende 6 weken voor een ieder ter inzage gelegen bij de receptie van het stadhuis van Waalwijk. Ook is het voorontwerpbestemmingsplan gepubliceerd en beschikbaar gesteld op www.ruimtelijkeplannen.nl. . Gedurende deze inspraaktermijn zijn er geen inspraakreacties ingediend op het plan. Het voorontwerp-bestemmingsplan is in het kader van het wettelijk vooroverleg toegestuurd aan de Provincie Noord-Brabant en Waterschap Brabantse Delta. De provincie heeft kenbaar gemaakt dat het plan in overeenstemming is met de provinciale belangen. Het waterschap heeft een positief wateradvies afgegeven. De vooroverlegreacties zijn als bijlage bij deze toelichting gevoegd. Zienswijzenprocedure Het ontwerpbestemmingsplan ‘Schotse Hooglandersstraat (ong.
naast 14) te Waspik’ heeft met bijbehorende documenten en zakelijke weergave van de anterieure overeenkomst met ingang van 9 december 2021 gedurende 6 weken voor een ieder ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn zijn er geen zienswijzen ingediend op het plan.
20180550-01 | Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik Toelichting bestemmingsplan
| 38 van 38
Bijlage 1 Verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740, Terra Milieu, d.d. 17-11-2020
Bijlage 2 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 14) te Waspik, Agel Adviseurs, d.d. 3 december 2020
Bijlage 3 Quickscan flora en fauna, Schotse Hooglandersstraat, Waspik, Bureau van Nierop, d.d. 17-122020
Bijlage 4 Ecologisch advies Schotse Hooglandersstraat, Waspik, Bureau van Nierop, d.d. 05-07-2019
Bijlage 5 Archeologisch bureauonderzoek (BO) en inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase, Transect rapport 3409
Bijlage 6
Verslaglegging participatie
Bijlage 7
Vooroverlegreacties
samen onze omgeving creëren