CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestr. 7 Ww

Raadsvergadering 22 mei 2025, gemeente WaalwijkBij agendapunt: PAB Hollandsestraat 7, Waalwijk11.965 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Waalwijk

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

1. Inleiding 1.1 Aanleiding Het plan bestaat om op de locatie Hollandsestraat 7 te Waalwijk 4 kangoeroewoningen en één reguliere woning te ontwikkelen. De planlocatie betreft het perceel kadastraal bekend gemeente Waalwijk, sectie D, nummer 1219. Het initiatief kan niet worden gerealiseerd op basis van de vigerende beheersverordening “Woonwijken (incl. kamerbewoning)”. De gemeente Waalwijk heeft echter aangegeven medewerking te willen verlenen aan het initiatief door middel van een afwijking van de beheersverordening. Voorliggend document vormt hiervoor de ruimtelijke onderbouwing. 1.2 Geldende beheersverordening De planlocatie ligt in de beheersverordening “Woonwijken (incl. kamerbewoning)”, zoals die op 21 september 2023 door de gemeenteraad van Waalwijk is vastgesteld. Volgens deze beheersverordening heeft de locatie de bestemming “Wonen”.

Uitsnede verbeelding geldende beheersverordening

De bouwregels van deze verordening bepalen in samenhang met de regels van het bestemmingsplan “Woonwijken” dat er plaatse enkel één vrijstaande woning is toegestaan. Omdat het onderhavige bouwplan voorziet in de realisatie van 5 woningen, is de vergunningsaanvraag in strijd met de beheersverordening. 1.3 Opzet van de onderbouwing Deze onderbouwing bestaat uit 5 hoofdstukken. Na het voorliggende eerste inleidende hoofdstuk, volgt een hoofdstuk waarin het project wordt beschreven. Hoofdstuk 3 bevat de beleidsmatige verantwoording van de ontwikkeling. Vervolgens gaat hoofdstuk 4 in op de verschillende

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

2

omgevingsaspecten die van invloed zijn op de uitvoerbaarheid van het bouwplan. Ten slotte gaat het laatste hoofdstuk in op de juridische, economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

3

2. Projectbeschrijving 2.1 Projectgebied De projectlocatie aan Hollandsestraat 7 te Waalwijk bevindt zich ten westen van het centrumgebied van Waalwijk. De locatie is aangeduid op onderstaande afbeelding.

De ligging van het plangebied

Ligging locatie

Aan de noordzijde van het perceel, op het adres Grotestraat 26-Hollandsestraat 7 staat de Hervormde Kerk van Besoyen en het daarbij behorende kerkelijke centrum. Ten zuiden van Hollandsestraat 7 bevindt zich een begraafplaats. Aan de overzijde van de projectlocatie staat aan de Hollandsestraat een aantal woningen. 2.2 Projectprofiel Op het perceel Hollandsestraat 7 staat in de bestaande situatie een vrijstaande woning. De bedoeling is om de bestaande woning af te breken en daarvoor in de plaats nieuwe woningen te realiseren. Dit betreft in tot 4 kangoeroewoningen en 1 reguliere woning. Het concept van de kangoeroewoningen bestaat uit een 4 wooneenheden, waarvan zich 2 eenheden op de begane grond bevinden en 2 eenheden op de verdieping. Het woonconcept kan de mogelijkheid beiden om op de begane grond ruimte te realiseren voor het huisvesten van ouderen, terwijl op de verdiepingen de kinderen van deze ouderen kunnen gaan wonen. Deze kinderen kunnen op deze manier zorg en ondersteuning bieden aan hun ouders, zodat zij zolang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen. De woningen op de begane grond en de verdieping zijn daarom met een gezamenlijke ingang en trappenhuis met elkaar verbonden.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

4

De nieuwe te bouwen woningen zullen verhuurd worden door de kerkelijke Hervormde Gemeente Besoyen die eigenaar is. Het zullen middenhuur appartementen/woningen worden met een huurprijs van € 879,66 tot en met € 1.157,95. Gezien de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de kerkelijke gemeente Besoyen kunnen de woningen eventueel ook aan woningzoekenden verhuurd worden die zich op dat moment nog geen middenhuur kunnen veroorloven. Het project heeft hiermee een maatschappelijk karakter, waarbij de woningen bij voorkeur verhuurd worden aan mensen die lid zijn van de kerkelijke gemeente. De situering van het bouwplan sluit aan op de rooilijnen van de bestaande bebouwing van het kerkelijk centrum aan de Hollandsestraat en de woningen aan de Van Duivenvoortsraat. Wat betreft de bouwvorm en bouwmassa van het nieuwbouwplan is aansluiting gezocht bij de verschijningsvorm van de woningen in de directe omgeving en de aanwezige woning op Hollandsestraat. Dit zijn voornamelijk woning die bestaan uit 2 bouwlagen met daar bovenop een zadeldak. Verder zal het perceel in de nieuwe situatie aan de achterzijde omgeven worden door een erfafscheiding, welke met het project wordt meegebouwd. De erfafscheiding voor alle woningen krijgt daarmee een eenduidig uitstraling. Door deze ontwerpprincipes te hanteren, is een bouwplan ontstaan dat zich stedenbouwkundig goed voegt in de omgeving.

Aan de voorzijde de woningen worden in totaal 7 parkeerplaatsen gemaakt. Aan de achterzijde van de kangoeroewoningen worden bergingen gebouwd. Bij het ontwerp van de buitenruimte is aandacht geweest voor de voorwaarden van de gemeente dat de huidige inrit niet mag worden verbreed en dat geen parkeerplaatsen in de openbare ruimte mogen worden gemaakt naast de boom. Hieronder zijn de impressies van het bouwplan weergegeven. Op de volgende bladzijde zijn afbeeldingen weergegeven van de gevels en de situering het beoogde plan.

Impressie

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

5

Terreininrichting en gevels

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

6

Situering

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

7

3. Beleidskader 3.1

Rijksbeleid

Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft het Rijk de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld als opvolger van de SVIR. In dit strategisch beleidsdocument schetst de overheid een duurzaam perspectief voor de leefomgeving. Nederland staat de komende jaren voor grote opgaven: de bouw van 1 miljoen nieuwe woningen, duurzame energie opwekken, klimaatverandering, en de overgang naar een circulaire economie vragen meer ruimte dan er beschikbaar is. Daarom moeten er keuzes worden gemaakt om Nederland ook voor toekomstige generaties veilig, gezond en welvarend te houden. De vier ambities uit de NOVI zijn verder uitgewerkt in 26 beleidskeuzes. In de toelichting van de NOVI zijn deze beleidskeuzes vertaald naar 21 Nationale belangen”: 1. Bevorderen van een duurzame ontwikkeling van Nederland als geheel en van alle onderdelen van de fysieke leefomgeving; 2. Realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit; 3. Waarborgen en versterken van grensoverschrijdende en internationale relaties; 4. Waarborgen en bevorderen van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving; 5. Zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften; 6. Waarborgen en realiseren van een veilig robuust en duurzaam mobiliteitssysteem; 7. In stand houden en ontwikkelen van de hoofdinfrastructuur voor mobiliteit; 8.

Waarborgen van een goede toegankelijkheid van de leefomgeving; 9. Zorg dragen voor nationale veiligheid en ruimte bieden voor militaire activiteiten; 10. Beperken van klimaatverandering; 11. Realiseren van een betrouwbare, betaalbare en veilige energievoorziening die in 2050 CO2-arm is en de daarbij benodigde infrastructuur; 12. Waarborgen van de hoofdinfrastructuur voor transport van stoffen via (buis)leidingen; 13. Realiseren van een toekomstbestendige circulaire economie; 14. Waarborgen van de waterveiligheid en de klimaatbestendigheid (inclusief vitale infrastructuur voor water en mobiliteit); 15. Waarborgen van een goede waterkwaliteit, duurzame drinkwatervoorziening en voldoendebeschikbaarheid van zoetwater; 16. Waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; 17. Realiseren en behouden van een kwalitatief hoogwaardige digitale connectiviteit; 18. Ontwikkelen van een duurzame voedsel- en agroproductie; 19. Behouden en versterken van cultureel erfgoed en landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten van (inter)nationaal belang; 20. Verbeteren en beschermen van natuur en biodiversiteit; 21. Ontwikkelen van een duurzame visserij. De voorliggende ontwikkeling levert een bijdrage aan de ontwikkeling van een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften in de gemeente Waalwijk.

Met de geplande woningen wordt immers de woningvoorraad van de gemeente Waalwijk uitgebreid. Daarnaast blijkt uit paragraaf 3.3 dat de voorgenomen ontwikkeling aansluit op de uitgangspunten van de gemeentelijke woonvisie.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

8

Het bouwplan voorziet in de ontwikkeling van 5 nieuwe woningen. Een dergelijke ontwikkeling past binnen de ambitie van het Rijk om 1 miljoen extra woningen te bouwen. Het initiatief voldoet aan de 'Nationale Omgevingsvisie (NOVI)'. Ladder duurzame verstedelijking In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte wordt de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6) opgenomen. De ladder voor duurzame verstedelijking is ingericht voor een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten waardoor de ruimte in stedelijke gebieden optimaal benut wordt. Op 1 juli 2017 is de Nieuwe Ladder voor Duurzame Verstedelijking in werking getreden (artikel 3.1.6 lid 2 en 3 Bro). De nieuwe Ladder is ten opzichte van de voorgaande Ladder vereenvoudigd. De drie treden zijn komen te vervallen en er is een nieuwe bepaling toegevoegd. Om te bepalen of een planvoornemen Ladderplichtig is, moet getoetst worden of de voorziene ontwikkeling een nieuwe stedelijke ontwikkeling is.

Onder een nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt verstaan: “ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of ander stedelijke voorzieningen.” De ladder voor duurzame verstedelijking is alleen van toepassing wanneer sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Volgens artikel 1.1.1 lid 1, aanhef en onder i Bro is van een stedelijke ontwikkeling een ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Uit vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak blijkt dat de bouw van 5 woningen niet is te beschouwen als een stedelijke ontwikkeling in de zin van het Besluit ruimtelijke ordening. Zie daarvoor de overzichtsuitspraak van de Afdeling van 28 juni 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1724). In voorliggende situatie gaat het om slechts de bouw van 5 woningen. Gelet op de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State betreft dit geen stedelijke ontwikkeling. De ladder voor duurzame verstedelijking is daarom niet van toepassing. 3.2

Provinciaal beleid

Omgevingsvisie Op 14 december 2018 is, ter voorbereiding op de verwachte inwerkingtreding van de Omgevingswet, de Brabantse Omgevingsvisie vastgesteld. De Brabantse Omgevingsvisie is een samenhangende visie op de fysieke leefomgeving. De Omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Dat gaat om ambities op gebied van de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. De Omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. De Brabantse Omgevingsvisie vervangt in ieder geval 4 provinciale beleidsplannen. Dat zijn de beleidsplannen over milieu en water (PMWP), verkeer en vervoer (PVVP), ruimtelijke ordening (Structuurvisie RO) en natuur (BrUG). Dit gebeurt als gevolg van de Omgevingswet. Dat de bijbehorende thema’s en opgaven dus een plek krijgen in de Omgevingsvisie is duidelijk. Hierdoor wordt het mogelijk om integraal beleid te maken, waardoor maatschappelijke opgaven minder gehinderd worden door sectorale regels.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

9

Interim-omgevingsverordening Provincies zijn verplicht om een omgevingsverordening te hebben voordat de Omgevingswet in werking treedt. Met een Interim omgevingsverordening zet de provincie Noord-Brabant een 1e stap op weg naar de definitieve omgevingsverordening. De Interim omgevingsverordening bevat geen nieuwe regels, maar voegt bestaande regels uit 6 verordeningen samen. Op 25 oktober 2019 hebben Provinciale Staten van Brabant de Interim omgevingsverordening vastgesteld. Ten opzichte van de voorheen geldende Verordening ruimte is de interim-omgevingsverordening beleidsarm. Volgens artikel 3.42 van de Interim-omgevingsverordening ligt een bestemmingsplan dat voorziet in de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen binnen Stedelijk gebied en bevat dit bestemmingsplannen een onderbouwing dat: a. de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken, bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken; b. het een duurzame stedelijke ontwikkeling is. Het voorliggende plan voorziet 5 woningen te realiseren aan de Hollandsestraat 7 te Waalwijk. Deze locatie wordt door de provincie Noord-Brabant geclassificeerd als onderdeel van het stedelijk gebied. De voorliggende onderbouwing biedt een inzicht in de inbedding van het plan binnen regionale afspreken en de duurzaamheid van het initiatief. Hiermee voldoet het voorliggende plan aan de hiervoor benoemde eis.

3.3 Regionaal beleid De regiogemeenten Hart van Brabant en de provincie Noord-Brabant maken jaarlijks woningbouwafspraken. Van toepassing is het “Perspectief op Wonen en Woningbouw Hart van Brabant 2022”. Op 9 maart 2023 is de SRBT Woondeal getekend door rijk, provincie, de gemeenten in de stedelijke regio Breda – Tilburg en de woningcorporaties die in dit gebied werkzaam zijn. In de woondeal zijn afspraken opgenomen over de regionale woningbouwopgave, het versnellen de woningbouw, de betaalbaarheid van woningen en de kwalitatieve opgaven bijvoorbeeld voor een aantal bijzondere doelgroepen. Ook gaat de woondeal in op herstructurering, transformatie en verduurzaming. Tot slot staan er afspraken in over de samenwerking in de regio, monitoring van de afspraken, kritische succesfactoren en ondersteuning. De gemeenten in de stedelijke regio Breda – Tilburg hebben afgesproken om tot en met 2030 minimaal 39.000 woningen toe te voegen in de regio. Voor Waalwijk betekent dit dat de focus de komende jaren (2022 tot en met 2026) ligt op het toevoegen van minimaal 1.180 woningen aan de woningvoorraad. Betaalbaarheid is belangrijk bij het toevoegen van woningen. Daarom is er afgesproken dat er bij nieuwe plannen een verdeling aangehouden wordt van 30% sociale huur, 40% middeldure huur of betaalbare koop en 30% vrije sector.

De kwalitatieve opgaven in de regio worden de komende periode verder uitgewerkt, onder andere in de woonzorgvisies die in Hart van Brabant en de regio Breda opgesteld worden. Onderzocht dient te worden of er daadwerkelijk behoefte is aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling. Om te bepalen of er een kwantitatieve behoefte is aan het planvoornemen is het “Perspectief op Wonen en Woningbouw Hart van Brabant 2022” geraadpleegd. Hieruit blijkt dat er

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

10

voor de korte termijn (2021 t/m 2030) behoefte is aan 21.490 woningen voor de regio Midden-Brabant. De totale plancapaciteit in de regio Midden-Brabant bedraagt 22.824 woningen. Dat is meer dan de provinciale prognose, maar met 106% ten opzichte van de prognose ligt het lager dan de richtlijn van 130% voor de komende 10 jaar. Er is dus nog voldoende ruimte om plannen toe te voegen. In de regionale programmering is opgenomen dat de gemeente Waalwijk kan voorzien in 2.045 woningen. De beoogde ontwikkeling past binnen de benodigde capaciteit voor de regio Midden-Brabant en de gemeente Waalwijk. In de periode 2021 tot en met 2030 wordt in het woningbouwprogramma van de gemeente Waalwijk reeds voorzien in 1.048 woningen (harde plancapaciteit). De beoogde ontwikkeling past binnen de kwantitatieve woningbehoefte voor de gemeente Waalwijk. Het voorliggende bouwplan voorziet in de ontwikkeling van 5 woningen, waarmee een bijdrage wordt geleverd aan de realisatie van 2.045 woningen tot het jaar 2023. De beoogde ontwikkeling aan Hollandsestraat 7 past binnen de regionale afspraken over de woningbouwprogrammering. 3.4

Gemeentelijk beleid

Omgevingsvisie Met de ontwikkeling van de Omgevingsvisie bereidt de gemeente Waalwijk zich voor op de komst van de Omgevingswet. In 2025 wil de gemeente de Omgevingsvisie klaar hebben. De gemeente werkt daar in een aantal stappen naar toe. Omgevingsvisie 1.0 Begin 2021 is Omgevingsvisie 1.0 vastgesteld. Dit is een overzicht van bestaande en actuele beleidsdocumenten met betrekking tot de fysieke leefomgeving vanuit de invalshoeken strategisch, thematisch en gebiedsgericht. Omgevingsvisie 1.5 Ter voorbereiding op de Omgevingswet, wil de gemeente het onderwerp gezondheid meer bewust afwegen bij ruimtelijke ontwikkelingen. Als start heeft de gemeente hiervoor een beleidsbasis neergelegd in de vorm van de ‘Bouwsteen gezonde fysieke leefomgeving’. De ‘Bouwsteen gezonde fysieke leefomgeving’ is toegevoegd aan het overzicht van beleidsdocumenten waardoor nu gesproken wordt van een Omgevingsvisie 1.5. Deze visie is vastgesteld door de gemeenteraad op 12 november 2021. Omgevingsvisie 2.0 De volgende stap is de ontwikkeling van Omgevingsvisie 2.0. In 2023 gaat gemeente Waalwijk aan de slag met de ontwikkeling van deze totale Omgevingsvisie. De Omgevingsvisie 2.0 is op dit moment nog niet beschikbaar. Structuurvisie Waalwijk 2025 Op 4 februari 2016 heeft de raad van de gemeente Waalwijk de Structuurvisie Waalwijk 2025 vastgesteld.

Deze structuurvisie maakt onderdeel uit van het overzicht van bestaande en actuele Beleidsdocumenten.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

11

Uit de structuurvisie blijkt dat het de ambitie van de gemeente Waalwijk is een stedelijk knooppunt te zijn dat met zijn krachtige economische functie en karakteristieke kernen en omgeving een vitale schakel is in de regionale netwerken van Midden Brabant. De structuurvisie gaat in op de navolgende apecten: • Ondergrond: zorgen voor een veilig bodem- en watersysteem en behoud van de EHS. Beschermen van waarden en ruimte reserveren o.a.: gebiedsgericht grondwaterbeheer, behoud drinkwaterwinning zuiden kern Waalwijk, behoud en versterking landschapswaarden. • Netwerken: optimaliseren van bereikbaarheid over weg en water. Afstemming met het in ontwikkeling zijnde Mobiliteitsplan. • Wonen: speerpunt is vraaggericht herstructureren volgens de duurzaamheidsladder en thematisering van bestaande woongebieden. De structuurvisie is mede gebaseerd op de Woonvisie 2012-2019. Naast kleinstedelijk en dorps wonen zijn in de structuurvisie de oude bebouwingslinten specifiek benoemd voor 'gemengd wonen'. Deze beleidsnotitie vormt de uitwerking van het thema gemengd uit de structuurvisie. • Werken: de basis wordt gevormd door de Nota Wensbeelden Bedrijventerreinen. Specifiek voor de linten geeft de structuurvisie als speerpunt aan dat de oude bebouwingslinten vanuit de historische gemengde functie geschikt zijn als kweekkasfunctie voor kleinschalige bedrijven (aan huis).

De schaal, aard en omvang van een kleinschalig bedrijf (aan huis) dient wel steeds in de (woon)omgeving te passen. • Voorzieningen: speerpunt is het voorzieningenaanbod vraaggericht versterken op basis van de duurzaamheidsladder en thematisering. Voor de linten betekent dit een passend voorzieningenniveau om aan de lokale behoefte te kunnen voldoen. Met in ieder geval centrumontwikkeling van zowel Waalwijk, Sprang-Capelle als Waspik. De structuurvisie sluit verder aan bij de Detailhandelsvisie. • Duurzaamheid: de gemeente pakt dit begrip breed op en hieronder vallen de volgende thema's: o Duurzaamheid algemeen: zorgvuldig ruimtegebruik en behoud en versterking van ruimtelijke kwaliteit. Hieronder vallen ook de principes van de 'ladder voor duurzame verstedelijking' en de 'duurzaamheidsladder lokaal toepassen op voorzieningen', zie onder. o Energie: voor de linten is vooral het stimuleren van een afname in energiegebruik van belang. o Milieu: behouden en versterken van de milieukwaliteit. Waar mogelijk milieuproblemen aanpakken bij de bron. Zie volgende paragraaf. o Erfgoed: hergebruik wordt gestimuleerd door een flexibele functionele invulling van gebieden, objecten en gebouwen met voldoende behoud van de cultuurhistorische waarden.

o Sociaal: geschikt wonen aanbieden voor alle levensfasen al dan niet met een zorgbehoefte en aanpassingen in de woningvoorraad als gevolg van scheiden wonen - zorg. Gezondheid van het begin af aan expliciet meewegen bij ruimtelijke ontwikkelingen, met name als het gaat om geluid, luchtkwaliteit en groen. De gemeente Waalwijk wil het woningaanbod vergroten door middel van herstructurering. De gemeente Waalwijk definieert herstructurering als de aanpassing van bestaande bebouwing (woningen) of het toevoegen van bebouwing (woningen) op locaties gelegen binnen het al bestaand stedelijk gebied. Bij het laatste is er sprake van inbreiding.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

12

Zoals de structuurvisie stelt is “gerichte verdichting, oftewel inbreiding, is in ieder geval wenselijk in combinatie met versterking van de omgevingskwaliteit’’. Het voorliggende plan beoogt 5 woningen te realiseren binnen het bestaand stedelijk gebied en handelt daarmee in lijn met de gemeentelijke structuurvisie. Woonvisie 2020 Op 17 september 2020 heeft de gemeenteraad van Waalwijk de Woonvisie 2020 vastgesteld. De Woonvisie 2020 bevat drie hoofdthema’s met elk eigen doelstellingen. Eén en ander is hieronder samengevat. a. Betaalbaarheid: Van belang is dat iedereen kan wonen in een woning die qua woningtype en prijsklasse past bij zijn/haar huishouden en inkomen. b. Wonen en zorg: Voor alle inwoners is er een geschikte woning en woonomgeving, waar zorg geleverd kan worden en waar een sterke sociale structuur is. c. Leefbaarheid en duurzaamheid: Alle inwoners wonen in aantrekkelijke en toekomstbestendige woonmilieus De voorliggende ontwikkeling voorziet in de realisatie van 4 kangoeroewoningen en 1 reguliere woning binnen de bebouwde kom van Waalwijk. Met deze worden ouderen in staat gesteld om langer zelfstandig te blijven wonen. Dit woonconcept draagt bij aan de doelstelling om voor alle inwoners een geschikte woning en woonomgeving te beiden, waar zorg geleverd kan worden en waar een sterke sociale structuur is.

Daarom past het woonconcept binnen de gemeentelijke woonvisie. Als het gaat om nieuwe woningbouwontwikkelingen heeft inbreiding de voorkeur boven uitbreiding. De locatie aan Hollandsestraat 7, welke is gelegen in een omgeving met woningbouw en andere functies, leent zich ertoe om te worden bebouwd (‘verdicht’) met een nieuwe woningen. De voorliggende ontwikkeling sluit daarom aan op de uitgangspunten van de woonvisie. De nieuwe te bouwen woningen zullen verhuurd worden door de kerkelijke Hervormde Gemeente Besoyen die eigenaar is. Het zullen middenhuur appartementen worden (€ 879,66 tot en met € 1.157,95). Gezien de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de kerkelijke gemeente Besoyen kunnen de appartementen eventueel ook aan woningzoekenden verhuurd worden die zich op dat moment nog geen middenhuur kunnen veroorloven. Het project heeft hiermee een maatschappelijk karakter, waarbij de woningen bij voorkeur verhuurd worden aan mensen die lid zijn van de kerkelijke gemeente. De woningen met het kangoeroe principe zijn een combinatie van twee zelfstandige woningen onder één dak. Het heeft de voorkeur om deze woningen te verhuren aan gezinnen/mensen met een familieband waarbij er zorg (in de breedste zin van het woord) plaats kan vinden. Dit kan mantelzorg zijn maar ook sociaal toezicht op elkaar.

Aangezien de woningen bij voorkeur verhuurd worden aan mensen die lid zijn van de kerkelijke gemeente is het ook mogelijk dat de bewoners geen familieband hebben maar er wel sprake is van mantelzorg en/of sociaal toezicht. De geplande ontwikkeling aan Hollandsestraat 7 sluit goed aan op de uitgangspunten van de woonvisie. Groenbeleidsvisie De groenbeleidsvisie ‘Groen Leeft!’ is op 14 november 2019 vastgesteld door de gemeenteraad en bevat een langetermijnvisie voor het groen. Het vormt de basis voor al het andere beleid en regels

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

13

over het groen in de gemeente Waalwijk. De groenbeleidsvisie is een uitwerking van de groenstrategie. De groenstrategie is een vertaling van alle groene ambities uit de Strategische visie Waalwijk 2025, het Coalitieprogramma “Samen duurzaam vooruit!”, de Structuurvisie en de Duurzaamheidsvisie. In de Groenbeleidsvisie wordt gewerkt met een zogenaamde ‘groennorm’. Het doel van de groennorm is om het groen in alle projecten mee te laten wegen en zo het areaal en de kwaliteit van het groen in de gemeente te borgen en te vergroten. De groennorm prikkelt inwoners en bedrijfsleven om groen op hun eigen terrein te realiseren, te participeren in het openbaar groen en de biodiversiteit te vergroten om zo bij te dragen aan een gezonde, klimaat- en toekomstbestendige leefomgeving. De groennorm is uitgewerkt in de Richtlijn Groenbeleidsvisie (vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders 20 december 2022). Voor bestaande woongebieden komt deze er op neer dat er in de nieuwe situatie 10% meer openbaar groen aanwezig moet zijn dan voor de ontwikkeling. Als deze 10% extra grondgebonden openbaar groen in m2 niet behaald kan worden, bestaat de mogelijkheid om dit te compenseren door de kwaliteit van het groen te verhogen. In de nieuwe situatie mag echter niet minder grondgebonden openbaar groen aanwezig zijn dan in de oude situatie.

Indien door een ontwikkeling bestaand openbaar groen verloren gaat, dient dit dus één op één gecompenseerd te worden door de aanleg van nieuwe openbaar groen. Als gevolg van de beoogde ontwikkeling wordt geen verandering in het openbare gebied aangebracht. Daarmee is de richtlijn groenbeleidsvisie 2022 niet van toepassing op dit project. Bouwplannen worden namelijk in deze richtlijn als het volgende omschreven: ‘Bouwplannen waarvoor een omgevingsvergunning wordt aangevraagd om, in afwijking van de ruimtelijke regels, drie of meer woningen dan wel een of meerdere bedrijfspanden te bouwen’. Er verandert niets aan de ruimtelijke regels, de parkeerplaatsen en de bomen lijken op dezelfde locaties ingetekend. Daarmee is dit project uitgesloten en zal er alleen op de kavel zelf een andere indeling ontstaan.

Groene ruimte

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

14

In dit geval is alleen de groenbeleidsvisie 2019 is van toepassing. Dit betekent dat 10% van het projectgebied dient groen ingericht te zijn. Als het voor een blijvende meerwaarde in de leefomgeving zorgt mag het particuliere terrein ook worden meegerekend. In de bestaande situatie is geen sprake van openbaar groen. De omliggende gronden zijn thans in gebruik als privétuin. In de nieuwe situatie worden de gronden aan de voorzijde van de geplande woningen in gebruik genomen als gezamenlijk terrein met daarin tuin en parkeerplaatsen. Op deze manier ontstaat er een groene ruimte. Deze ruimte is weergegeven op de afbeelding op de voorgaande bladzijde. Het bedoelde gedeelte van het perceel beslaat meer dan 10% van de projectlocatie. Daarmee wordt voldaan aan de Groenbeleidsvisie. Integraal Waterplan Waalwijk Het gemeentelijke beleid ten aanzien van water is vastgelegd in het Integraal Waterplan Waalwijk (IWW) 2021-2024, dat de opvolger is van het Gemeentelijk Rioleringsplan 2016-2020. Het IWW omvat de beleidsvoornemens en maatregelen voor het Waalwijkse rioolstelsel. Omdat de interactie met het oppervlaktewater sterk is toegenomen, is het oppervlaktewater toegevoegd aan de scope van het beleidsplan. Conform de wetgeving stelt het IWW dat iedere perceeleigenaar in beginsel verantwoordelijk is voor de verwerking van het regenwater dat op zijn/haar perceel valt.

Bij nieuwbouw en aanbouw vraagt de gemeente om 60 mm (6 liter/m²) berging te maken over de (toekomstige) verharding in het plangebied. Anders dan het waterschap hanteert de gemeente derhalve geen ondergrens voor de toename van afwaterend oppervlak Bij alle nieuwbouw wordt alleen het huishoudelijk afvalwater aangesloten op de gemeentelijke riolering en afgevoerd naar de RWZI. Welstandsbeleid In de Welstandsnota 2016 zijn de welstandscriteria opgenomen. Deze welstandsnota heeft als doel een bijdrage te leveren aan het behoud en de versterking van de ruimtelijke kwaliteit van de gebouwde omgeving. Dit doet de gemeente door middel van transparante, objectieve en daarmee begrijpelijke criteria waar bouwplannen aan worden getoetst. Daarnaast geeft deze nota inzicht in de achtergronden van deze criteria en in de procedures die daarbij gevolgd worden. Hiermee wordt gestreefd naar welstandsbeleid dat bestuurlijk en maatschappelijk breed gedragen wordt en dat vooral gezien moet worden als een stimulans en inspiratiebron voor goede architectuur, nadrukkelijk niet een instrument om alles te verbieden. Op basis van gebiedskenmerken en waarden worden in de welstandsnota twee welstandsniveaus onderscheiden. Voor gebieden die bijzondere waarden hebben of een grotere bijdrage leveren aan de beleving van het ruimtelijke beeld geldt dat ze welstandsplichtig zijn.

Voor gebieden die weinig invloed hebben op de publieke beleving van het ruimtelijk beeld, wordt een welstandsvrij regime ingevoerd. Voor het grootste deel van de gemeente Waalwijk geldt dit welstandsvrije regime. Voor de projectlocatie aan Hollandsestraat 7 geldt een welstandsvrij regime. Derhalve behoeft het bouwplan niet getoetst te worden aan de welstandseisen.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

15

4. Omgevingsaspecten 4.1

Mer-beoordeling

Inleiding De centrale doelstelling van het instrument milieueffectrapportage is het milieubelang een volwaardige plaats te geven in de besluitvorming over activiteiten met mogelijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. De basis van de milieueffectrapportage wordt gevormd door de EU-richtlijn m.e.r. Deze richtlijn is in Nederland geïmplementeerd in de Wet milieubeheer en het Besluit m.e.r. In het Besluit m.e.r. bestaat een belangrijk onderscheid tussen bijlage C en bijlage D. Voor activiteiten die voldoen aan de diverse criteria uit bijlage C geldt een m.e.r.-plicht. In bijlage D staan de activiteiten benoemd waarvoor een m.e.r.-beoordelingsplicht geldt: er moet beoordeeld worden of sprake is van (mogelijke) belangrijke nadelige milieugevolgen. Als deze niet uitgesloten kunnen worden, geldt een m.e.r.-plicht. Kunnen deze belangrijke nadelige milieugevolgen wel uitgesloten worden, dan is een m.e.r. niet noodzakelijk. Uit het Besluit m.e.r. volgt dat een m.e.r.-beoordeling verplicht is voor de vaststelling van een bestemmingsplan voor de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met een oppervlakte van 100 ha of meer en/of een aaneengesloten gebied van 2.000 woningen of meer en/of een bedrijfsvloeroppervlak van 200.000 m² of meer (Besluit m.e.r., onderdeel D, categorie 11.2).

Omdat de beoogde ontwikkeling bestaat uit de realisatie van 5 woningen (1 bestaande woning en 4 nieuwe woningen) met een omvang van 0,18 hectare grondoppervlak is op basis hiervan géén m.e.r.beoordeling nodig. Wanneer de drempelwaarden niet worden overschreden geldt in principe dat een zogenaamde vormvrije m.e.r.-beoordelingsplicht volstaat. Relatie tot het plangebied De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de afdeling) heeft meermaals geoordeeld (ECLI:NL:RVS:2020:100) dat het antwoord op de vraag of er sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject in de zin van het Besluit m.e.r., afhangt van de specifieke ontwikkeling. Aspecten als de aard en de omvang van de ontwikkeling zijn daarbij leidend. Naar het oordeel van de Afdeling kon de ontwikkeling van de twaalf vrijstaande woningen niet worden aangemerkt als een stedelijk ontwikkelingsproject als bedoeld in kolom 1 van categorie 11.2 van onderdeel D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. Uit de uitspraak van de Afdeling blijkt dat - indien er geen sprake is van een stedelijke ontwikkeling - er geen vormvrije m.e.r.-beoordeling hoeft te worden uitgevoerd. In voornoemde uitspraak ging het om de realisatie van 12 vrijstaande woningen, daarmee is de uitspraak van toepassing voor de realisatie van 5 woningen die zijn beoogd. 4.2

Geluid

Inleiding Kraaij Akoestisch Adviesbureau b.v. heeft een akoestisch onderzoek verricht in verband met de nieuwbouw van de 5 woningen aan Hollandsestraat 7. Het akoestisch onderzoek heeft tot doel de geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai te bepalen en deze te toetsen aan de normen uit de Wet geluidhinder. Tevens is getoetst of voldaan kan worden aan de eisen van het Bouwbesluit. De

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

16

resultaten van dit onderzoek zijn opgenomen in de rapportage d.d. 19 februari 2024 met nummer VL.2360.R01. Dit rapport is als bijlage bij deze onderbouwing gevoegd. Het akoestisch onderzoek heeft tot doel de geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai te bepalen en deze (vanwege de gezoneerde weg) te toetsen aan de normen uit de Wet geluidhinder. Daarnaast is het geluid vanwege wegverkeerslawaai kwalitatief beschouwd op de aanvaardbaarheid van het woonen leefklimaat oftewel op de aanwezigheid van een goede ruimtelijke ordening. Geluidsbelasting In onderhavige situatie is de planlocatie voor wat betreft wegverkeerslawaai alleen gelegen binnen de geluidzone van de rijksweg A59. Voor deze weg is de geluidbelasting berekend en getoetst aan de normen uit de Wet geluidhinder. De planlocatie bevindt zich niet binnen de zone van een industrieterrein of spoorlijn. Het plan bevindt zich direct aan de Hollandsestraat en in de omgeving van de Grotestraat en de Van Duvenvoordestraat. Deze wegen liggen in een gebied met een 30 km/ uur regime. Dergelijke wegen hebben geen zone op grond van de Wet geluidhinder en hoeven dus niet getoetst te worden aan de geluidnormen. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is de geluidbelasting van deze wegen inzichtelijk gemaakt om te kunnen beoordelen of er in voorliggende situatie sprake is van een aanvaardbaar akoestisch woon- en leefklimaat.

Uit de rekenresultaten blijkt dat de geluidbelasting vanwege de gezoneerde rijksweg A59 ten hoogste 48 dB bedraagt, waarmee de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet wordt overschreden. Omdat de geluidbelasting van deze weg bij de planlocatie voldoet aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB, is nader onderzoek naar maatregelen om de geluidbelasting vanwege deze weg te verlagen niet noodzakelijk, evenals een aanvraag hogere waarde. Voor de beoogde woningen is een cumulatieberekening uitgevoerd om het woon- en leefklimaat te beoordelen. De rekenresultaten bedragen 51 – 52 dB op de westelijke voorgevel, 47 – 52 dB op de noordelijke zijgevel, 47 – 49 dB op de zuidelijke zijgevel en nihil – 48 dB op de achtergevel. Daarmee dient het akoestisch woon- en leefklimaat bij de nieuwbouw als “overwegend goed tot redelijk” te worden beoordeeld. Met een geluidbelasting die nergens de 53 dB overschrijdt, zijn in onderhavige situatie alle gevelzijden zondermeer als geluidluw te beschouwen. Het woon- en leefklimaat wordt in onderhavige situatie vanuit akoestisch oogpunt dus aanvaardbaar geacht, waarmee sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Geluidwering De minimumeis voor de karakteristieke geluidwering van woningen is op grond van het Bouwbesluit 20 dB.

Daarnaast is in het Bouwbesluit bepaald dat de karakteristieke geluidwering van de gevel niet kleiner mag zijn dan het verschil tussen de vastgestelde hogere waarde en 33 dB in een verblijfsgebied en 35 dB in een verblijfsruimte. De geluidbelasting op de gevels waar mee gerekend moet worden is exclusief aftrek ingevolge art. 110g van de Wet geluidhinder. Dit betekent dat in onderhavige situatie, waarbij voor de nieuwbouw geen hogere waarde hoeft te worden vastgesteld, de karakteristieke geluidwering van de uitwendige gevelconstructie alleen dient te voldoen aan de minimumeis van GA,k = 20 dB. Met in achtneming van de hoogst berekende gecumuleerde geluidbelasting van 52 dB en de minimum vereiste geluidwering van 20 dB, zal de binnenwaarde in de nieuwe woonruimten niet meer dan 32 dB bedragen, waarmee het woon- en leefklimaat in de woonruimten vanuit akoestisch oogpunt goed is gewaarborgd. Een aanvullend (bouwakoestisch)

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

17

onderzoek naar de karakteristieke geluidwering van de uitwendige gevelconstructie wordt daarom in voorliggende situatie niet noodzakelijk geacht Conclusie Vanuit akoestisch oogpunt bestaat er geen belemmering voor het realiseren van voorgenomen nieuwbouwplan. 4.3 Luchtkwaliteit Hoofdstuk 5, titel 5.2 van de Wet milieubeheer (luchtkwaliteitseisen) is op 15 november 2007 in werking getreden. Het doel van dit hoofdstuk is het beschermen van mens en milieu tegen de negatieve effecten van luchtverontreiniging. Luchtkwaliteitseisen vormen onder andere geen belemmeringen voor ruimtelijke ontwikkelingen als een project “niet in betekenende mate bijdraagt (NIBM)” aan de luchtverontreiniging. In de algemene maatregel van bestuur ‘Niet in betekenende mate bijdragen’ (Besluit NIBM) en de ministeriële regeling NIBM (Regeling NIBM) zijn de uitvoeringsregels vastgelegd die betrekking hebben op het begrip NIBM. Een project draagt niet in betekenende mate bij indien aannemelijk is gemaakt dat de toename van de concentraties in de buitenlucht van zowel zwevende deeltjes (PM10) als stikstofdioxide niet de 3% grens overschrijdt. In de Regeling NIBM is een lijst met categorieën van gevallen (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) opgenomen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging.

Deze gevallen kunnen zonder toetsing aan de grenswaarden voor het aspect luchtkwaliteit uitgevoerd worden. Ook als het bevoegd gezag op een andere wijze aannemelijk kan maken dat het geplande project niet in betekenende mate bijdraagt, kan toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit achterwege blijven. Het gaat in dit geval om de bouw van slechts 5 woningen. Een dergelijke ontwikkeling wordt op grond van de Regeling NIBM aangemerkt als een geval dat niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Verder is nagegaan wat de luchtkwaliteit ter plaatse van de beoogde woningen is. Uit het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit blijkt dat op nabijgelegen rekenpunt aan de Grotestraat (17278006_15469045) sprake is van de volgende concentraties in 2021 en 2030: Stof Stikstofdioxide (NO2) Fijn stof (PM10) Fijn stof (PM2,5)

Eenheid μg/m³ μg/m³ μg/m³

Waarde 2021 16,4838 16,3036 9,0268

Waarde 2030 12.5264 14,45 7,6222

Grenswaarde 40 40 25

Uit bovenstaande tabel blijkt dat de grenswaarden voor NO2, PM10 en PM2.5 van respectievelijk 40, 40 en 25 μg/m3 ter plaatse van het meest nabijgelegen rekenpunt 20164480_231341 niet (zullen) worden overschreden in 2021 en 2030. Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor het onderhavige project.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

18

4.4

Externe veiligheid

Inleiding Het rijksbeleid voor externe veiligheid is gericht op het beperken en beheersen van risico's voor de omgeving vanwege het gebruik, de opslag en de productie van gevaarlijke stoffen (inrichting), het transport van gevaarlijke stoffen (openbare wegen, water- en spoorwegen, buisleidingen) en het gebruik van luchthavens. In het kader van een ruimtelijke ontwikkeling is het van belang om te inventariseren of voor bestaande risicobronnen voldoende afstand tot (geprojecteerde) kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten wordt aangehouden. De gemeente Waalwijk heeft de “Beleidsvisie Externe Veiligheid Gemeente Waalwijk 2017” opgesteld. Met de beleidsvisie externe veiligheid geeft de gemeente Waalwijk haar visie op de beheersing van veiligheidsrisico’s binnen de gemeentegrenzen. Door antwoord te geven op de vraag hoe veilig het in de gemeente moet zijn, wordt een ambitieniveau vastgelegd. Op basis van de visie wordt de beleidsvrijheid voor externe veiligheid ingevuld. Met de beleidsvisie worden de volgende doelstellingen nagestreefd. 1. Inzicht in de aanwezige risico’s op kaartmateriaal van de gemeente (GIS-applicatie) en de risicokaart (www.risicokaart.nl); 2. Invulling van de beleidsvrijheid; 3. Een gebiedsgerichte uitwerking van het beleid met oplossingen die passen bij de gebiedskenmerken; 4.

Een beschrijving van de aanpak en organisatie, waarmee de ambities worden gerealiseerd. Standaardadvies Door de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant is het standaardadvies 2023 opgesteld voor de verantwoording van het groepsrisico bij ruimtelijke ontwikkelingen Voorliggend bouwplan voldoet aan de voorwaarden voor de toepassing van dit standaardadvies. Het standaardadvies is als separate bijlage bij dit memo opgenomen. Het standaardadvies is bruikbaar voor de verantwoording van het groepsrisico voor ruimtelijke ontwikkelingen die voldoen aan de volgende criteria: • De ontwikkeling vindt plaats op een afstand van meer dan 200 meter van de inrichting Stahl, • De ontwikkeling bevindt zich niet in het invloedsgebied van een andere risicobron, • De ontwikkeling is klein en zorgt niet voor een significante verhoging van de dichtheid van personen. Standaard verantwoording Tevens is ten behoeve van de geplande ontwikkeling gebruik gemaakt van de meest actuele standaard verantwoording groepsrisico 2023 van Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant en is als bijlage bij deze onderbouwing gevoegd. Deze standaard verantwoording is een hulpmiddel voor het opstellen van de paragraaf “externe veiligheid” in ruimtelijke plannen, waarvan de gronden liggen binnen het invloedgebied van een risicobron.

Een risicobron is een bron waar opslag of vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt, zoals een Bevi-inrichting, buisleiding, spoor-, water- of autoweg.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

19

Voor de toepassingsmogelijkheden van de standaard verantwoording wordt verwezen naar het bij de standaardverantwoording horende stroomschema. In dit stroomschema wordt een relatie gelegd met de kaart ‘zone indeling standaard verantwoording groepsrisico’. Buisleidingen Uit de kaart met de zone indeling blijkt dat de locatie Hollandsestraat 7 niet ligt binnen het invloedsgebied van buisleidingen. Vervoer van gevaarlijke stoffen De locatie ligt buiten het invloedsgebied van Rijksweg A59. Bevi-inrichtingen Volgens de kaart ‘zone indeling standaard verantwoording groepsrisico’ ligt de betreffende locatie in de blauwe zone. Deze zone ligt tussen 30 en 200 meter van een transportroute, buisleiding of categoriale inrichting en/of tussen 30 en 750 meter van een niet-categoriale Bevi-inrichting. Deze blauwe zone is het gevolg van de bedrijfsactiviteiten De geplande woningen liggen binnen de invloedsgebieden van het Covestro ,aan de Sluisweg 10 te Waalwijk. Deze inrichting betreft de productie van coatings, kleurstoffen en proceschemicaliën. Voor de inrichting geldt een risicoafstand (PR 10-6) van maximaal 50 meter buiten de terreingrenzen. Het plangebied valt ruim buiten deze risicocontour. Het invloedsgebied van de inrichting reikt tot een afstand van 2.760 meter. Ook geldt een bepalende zone van 750 meter waarbinnen een maatwerkverantwoording moet worden opgesteld.

Hier valt onderhavige locatie binnen. In de Beleidsvisie Externe Veiligheid van de gemeente Waalwijk is aangegeven dat in de praktijk is de afstand van bevi-inrichtingen met een toxisch scenario tot woonkernen ruim 200 meter is. Daarbij wordt concreet voor Covestro aangegeven dat het aanhouden van een afstand van 750 meter onnodige belemmeringen opleggen aan de ontwikkeling van bijzonder kwetsbare objecten. Omdat de risico’s voor niet-zelfredzame personen het grootst zijn binnen het invloedsgebied van een brand en explosie is dit gebied aangehouden als afstandseis met daarnaast dus een maximale afstand van 200 meter vanwege toxische dampen. Verantwoording groepsrisico Gelet op het voorgaande is onderstaand conform het Bevi een verantwoording van het groepsrisico bepaalt. In 2015 is door Bilfinger een QRA voor de inrichting van Covestro. Uit deze QRA blijkt dat het groepsrisico niet hoger is dan de oriëntatiewaarde. Op de navolgende bladzijde is de fN-curve voor deze inrichting weergegeven. Gelet op deze QRA in relatie tot de omvang van de voorgenomen ontwikkeling, is het niet aannemelijk dat de ontwikkeling een significante bijdrage heeft op het groepsrisico voor de verschillende inrichtingen. Een QRA naar de hoogte en toename van het groepsrisico van deze inrichtingen wordt dan ook niet nodig geacht.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

20

fN-curve Covestro

Hieronder is ingegaan op de aspecten die verplicht onderdeel vormen van de verantwoording groepsrisico conform het Bevi: a. de aanwezige en de op grond van dat besluit te verwachten dichtheid van personen in het invloedsgebied; b. het groepsrisico op het tijdstip waarop dat besluit wordt vastgesteld en de bijdrage van de in dat besluit toegelaten veranderingen aan de hoogte van het groepsrisico, vergeleken met de oriëntatiewaarde; c. indien mogelijk, de maatregelen en vergunningsvoorschriften ter beperking van het groepsrisico die worden toegepast; Ten aanzien van de aspecten, zoals genoemd onder a, b en c wordt opgemerkt dat ten opzichte van de bestaande situatie de personendichtheid noch de hoogte van het groepsrisico niet of nauwelijks zal toenemen. In de bestaande situatie is op de locatie één woning aanwezig, terwijl in de nieuwe situatie in totaal woningen aanwezig zullen. In aantallen betekent dat het aantal op de locatie aanwezige personen op de locatie neemt van 2,4 personen naar 12 personen. Gelet op de reeds voor de betreffende inrichtingen opgestelde QRA voorgaande in relatie tot de omvang van de voorgenomen ontwikkeling, is het niet aannemelijk dat de ontwikkeling een significante bijdrage heeft op het groepsrisico voor de verschillende inrichtingen. d.

indien mogelijk, de maatregelen ter beperking van het groepsrisico die in het ruimtelijk besluit zijn opgenomen; De ontwikkeling voorziet in relatief extensieve invulling van de locatie. De personendichtheid neemt toe van 2,4 naar slechts 12 personen. Daarom zijn geen maatregelen nodig c.q. mogelijk om het groepsrisico te verlagen.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

21

e. de voorschriften ter beperking van het groepsrisico die het bevoegd gezag voornemens is te verbinden aan de omgevingsvergunning van de inrichting Gelet op het voorgaande is het niet nodig om voorschriften te verbinden aan de omgevingsvergunningen van de voor externe veiligheid relevante inrichtingen. f.

de voor- en nadelen van andere mogelijkheden voor ruimtelijke ontwikkelingen met een lager groepsrisico; Als gevolg van de beoogde ontwikkeling met in totaal 5 woningen neemt de personendichtheid en de groepsrisico niet of nauwelijks toe. Het verlagen van het groepsrisico is enkel mogelijk door minder woningen te ontwikkelen. Dit leidt tot een financieel niet uitvoerbaar plan.

g. de mogelijkheden en de voorgenomen maatregelen tot beperking van het groepsrisico in de nabije toekomst; Gezien de opzet van het bouwproject is het niet mogelijk om de personendichtheid verder te laten toenemen. Als gevolg daarvan zal de omvang van het project ook niet toenemen. h. de mogelijkheden van de voorbereiding op de bestrijding van en de beperking van de omvang van een ramp of zwaar ongeval; De locatie op Hollandsestraat 7 is vanaf de Hollandsestraat direct bereikbaar voor de hulpdiensten. Tevens is in de nabijheid voldoende bluswater aanwezig. i.

de mogelijkheden voor personen die zich bevinden in het invloedsgebied van de inrichting om zich in veiligheid te brengen indien zich een ramp of zwaar ongeval voordoet. In het voorgenomen bouwplan worden woningen. In het bouwplan worden geen functies gerealiseerd die specifiek bedoeld zijn voor verminderd zelfredzame personen. Dit betekent dat personen zich bij een eventuele dreigende situatie over het algemeen op eigen kracht goed in veiligheid kunnen brengen. De toekomstige bebouwing van het bouwplan hebben allen minimaal één uitgang op maaiveldniveau. Daarmee is de bebouwing eenvoudig te ontvluchten in westelijke richting, van de risicobronnen af.

Op basis van het voorgaande wordt geconcludeerd dat het aspect externe veiligheid geen belemmering vormt. 4.5 Bodem Bij het opstellen van bestemmingsplannen dient bepaald te worden of de aanwezige bodemkwaliteit past bij het huidige of toekomstige gebruik van die bodem en hoe deze optimaal op elkaar kunnen worden afgestemd. Bodeminzicht heeft in verband met de bouw van de beoogde woningen een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op het perceel Hollandsestraat 7. De resultaten van dit onderzoek zijn opgenomen in de rapportage van Bodeminzicht d.d. 15 februari 2024 met nummer B3394. Uit het bodemonderzoek ter plaatse van de voormalige tracés van de Loint blijkt dat verhoogde gehaltes aan zware metalen aangetoond. De aangetoonde concentraties vormen echter geen belemmering voor de realisatie van woningen op de locatie. Uit het bodemonderzoek voor de overige locatie is het volgende naar voren gekomen:

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

22

Bodemonderzoek verdachte gedempte waterlopen NEN5740 Zintuiglijke waarnemingen verkennend bodemonderzoek Tijdens het verrichten van veldwerk zijn bijmengingen aangetroffen in de bodem die kunnen duiden op bodemverontreini ging. In de bodem ter plaatse van de vermoede ligging van voormalige tracés zijn tot een diepte van maximaal 1,7 m-mv bijmengingen van baksteen waargenomen. Analyseresultaten (meng-)monsters • In mengmonster OG1, samengesteld uit baksteenhoudende ondergrond ter plaatse van het tracé uit 1868, zijn gehaltes aan koper, kwik en lood aangetoond boven de achtergrondwaarden. • In mengmonster OG2, samengesteld uit baksteenhoudende ondergrond ter plaatse van het tracé uit 1899, is een gehalte aan kobalt aangetoond boven de achtergrondwaarde. • In mengmonster OG3, samengesteld uit baksteenhoudende ondergrond ter plaatse van het tracé uit 1928, zijn gehaltes aan koper, kwik en lood aangetoond boven de achtergrondwaarden. De aangetoonde verhoogde gehaltes aan zware metalen in alle onderzochte mengmonsters zijn gerelateerd aan de waargenomen bijmenging van baksteen en mogelijk het gebruik van de voormalige waterlopen. De gemeten concentraties vormen geen aanleiding voor aanvullend onderzoek. Conclusie In de ondergrond ter plaatse van de voormalige tracés van de Loint zijn verhoogde gehaltes aan zware metalen aangetoond.

De aangetoonde concentraties vormen echter geen belemmering voor de realisatie van woningen op de locatie. Bodemonderzoek overige locatie NEN5740 •

Zintuiglijke waarnemingen verkennend bodemonderzoek In de bodem is plaatselijk een bijmenging van baksteen waargenomen in de boven- en ondergrond. De bijmenging is in het veld beoordeeld en wordt niet als asbestverdacht beschouwd.

•

Analyseresultaten mengmonster In mengmonster BG1, samengesteld uit resten baksteenhoudende bovengrond, zijn gehaltes aan zware metalen en PAK aangetoond boven de achtergrondwaarden. De aangetoonde verhoogde gehaltes zijn gerelateerd aan de waargenomen bijmenging en de ligging van de locatie tegen het oud-stedelijk gebied.

•

Aanvullend onderzoek bovengrond o In mengmonster BG2, samengesteld uit baksteenhoudende bovengrond, zijn gehaltes aan zware metalen en PAK aangetoond boven de achtergrondwaarden. o In mengmonster BG3, samengesteld uit visueel schone bovengrond, zijn gehaltes aan zware metalen aangetoond boven de achtergrondwaarden. o In mengmonster BG4, samengesteld uit baksteenhoudende bovengrond, zijn eveneens gehaltes aan zware metalen aangetoond boven de achtergrondwaarden.

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

23

De aangetoonde verhoogde gehaltes zijn gerelateerd aan de waargenomen bijmenging en de ligging van de locatie tegen het oud-stedelijk gebied. De aangetoonde concentraties vormen geen aanleiding voor aanvullend of nader bodemonderzoek. •

Analyseresultaten grondwater In het grondwater ter plaatse van peilbuis 1, centraal gesitueerd op de onderzoekslocatie, zijn geen gehaltes aan onderzochte stoffen gemeten boven de streefwaarden.

De resultaten van het onderzoek naar de bodemkwaliteit van de bovengrond stemmen overeen met de gestelde hypothese verdacht. De onderzoeksresultaten vormen geen belemmering voor de beoogde nieuwbouw van woningen. Uit overleg met de gemeente is gebleken dat het noodzakelijk is om na de sloop van de bestaande bebouwing noodzakelijk een actualiserend bodemonderzoek uit te voeren op de locatie. Daarbij zullen chloor en arseen meegenomen worden in het analysepakket. 4.6 Water TB Infra heeft een analyse gemaakt van de waterhuishoudkundige situatie. De resultaten van deze analyse zijn opgenomen in de notitie van TB Infra d.d. 12 maart 2024 met nummer 24TB115-WA01. Deze notitie is als bijlage bij deze onderbouwing gevoegd. Door de herinrichting van het terrein zal in de nieuwe situatie 662,34 m2 zijn verhard. De huidige regels van de gemeente Waalwijk vereisen dat bij nieuwbouw een bergingseis geldt van 60 mm voor al het verhard oppervlak dat opnieuw wordt aangelegd. Met een totaal verhard oppervlak van 662,34 m2 is er sprake van een wateropgave van 39,74 m3. In haar notitie geeft TB Infra aanwijzingen en adviezen over de wijze waarop de voorziening ten behoeve van de waterberging dient te worden gerealiseerd. Deze voorziening is beoogd tussen de Hollandsestraat 5, de bergingen de nieuwbouw en de westelijke perceelsgrens.

Op basis van de door TB Infra gegeven adviezen zal de benodigde waterberging nader worden uitgewerkt en worden gerealiseerd. De gemeente stemt in met de voorgestelde waterberging in dit project, mits de berging dus op het eigen perceel gerealiseerd wordt. De woningen en het omliggende blijven eigendom van de kerkelijke gemeente. Daarom is het geen probleem om de waterberging onder de gezamenlijke parkeerplaatsen te realiseren. Wat betreft vuilwater zal elke woning een aparte rioolaansluiting krijgen. Bij het realiseren van deze aansluitingen zal nadrukkelijk aandacht zijn voor de aanwezige bomen op het perceel. Verder zal voor de nieuwe rioolaansluitingen een vergunningen worden aangevraagd bij de gemeente. Het Waterschap Brabantse Delta heeft bij brief van 25 april 2024 een positief advies uitgebracht over de voorgenomen ontwikkeling op Hollandsestraat 7 te Waalwijk. 4.7

Natuur

Inleiding Bij een ruimtelijke ontwikkeling dient bezien te worden wat het effect daarvan is op de natuurwaarden op en in omgeving van de betreffende locatie. In dat verband dient bezien te worden of op grond van

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

24

de Flora en faunawet beschermde planten- en diersoorten worden verstoord door de voorgenomen ingreep. Tevens moet worden beoordeeld of de voorgenomen ingreep invloed kan hebben op gebieden die volgens overige natuur- wetgeving zijn beschermd, of deel uitmaken van het Natuur Netwerk Brabant en/of van Natura 2000-gebieden. Quickscan Wet natuurbescherming Blom Ecologie heeft een quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd op de locatie van de nieuw te bouwen woning op het perceel aan Hollandsestraat 7 te Waalwijk. De resultaten van deze quick scan zijn opgenomen in de rapportage van Blom d.d. 8 februari 2024 met nummer 2023-102, revisie 8 juli 2024. Dit rapport is als bijlage bij de toelichting gevoegd. De quick scan concludeert dat de sloop van de bestaande woning ten behoeve van de realisatie van 4 appartementen en 1 woning aan de Hollandsestraat 7 te Waalwijk is uitvoerbaar in het kader van de Omgevingswet onderdeel natuur De beoogde ruimtelijke ingreep leidt niet tot overtreding van verbodsbepalingen omtrent gebiedsbescherming en houtopstanden. Er dienen enkele algemene maatregelen worden getroffen ten aanzien van de algemene zorgplicht, foeragerende vleermuizen en algemene broedvogels. Voorafgaand aan de werkzaamheden dient met aanvullend onderzoek te worden vastgesteld of de te slopen woning een relevante functie heeft voor huismus en vleermuis (soortenbescherming).

Indien er sprake is van overtreding van verbodsbepalingen kan bevoegd gezag onder voorwaarden een omgevingsvergunning flora- en fauna-activiteit verlenen. De voorwaarden betreffen: er is geen andere bevredigende oplossing, er is sprake van een wettelijk belang (vleermuizen: er is sprake van een reden van sociale of economische aard, huismus: er zijn belangen vanuit volksgezondheid en/of openbare veiligheid - aan te voeren) en er wordt geen afbreuk gedaan aan de gunstige staat van instandhouding van de soort (een robuust en ruim maatregelenpakket van tijdelijke en permanente voorzieningen wordt hiertoe voorgesteld en uitgevoerd). Wegens het voorgaande onderzoek is er geen reden om aan te nemen dat eventueel benodigde omgevingsvergunning flora- en faunaactiviteit, mits de juiste maatregelen worden getroffen, er sprake is van een gedegen alternatievenafweging en een wettelijk belang kan worden aangevoerd, niet verkregen zouden kunnen worden. Om negatieve effecten omtrent gebiedsbescherming uit te sluiten, dient vooraf een stikstofonderzoek door middel van de AERIUS Calculator uitgevoerd te worden. Blom Ecologie adviseert om de volgende vervolgstappen uit te voeren • Voor de beoogde ruimtelijke ingreep dient aanvullend onderzoek naar huismus uitgevoerd te worden.

Een aanvullend onderzoek naar huismus wordt uitgevoerd middels twee gerichte veldbezoeken in de periode 1 april t/m 15 mei, conform het Kennisdocument Huismus (BIJ12, 2023). • Voor de beoogde ruimtelijke ingreep dient aanvullend onderzoek naar vleermuizen uitgevoerd te worden. Een aanvullend onderzoek naar vleermuizen wordt uitgevoerd middels minimaal vijf gerichte veldbezoeken in de periode 15 april t/m 30 september, conform het meest actuele Vleermuisprotocol (NGB). Hiervan dienen drie rondes in het voorjaar en twee rondes in het najaar plaats te vinden. De potentie van de planlocatie voor verschillende typen verblijfplaatsen en vleermuissoorten wordt in tabel 3.1 en 3.2 uiteengezet. Er is geen sprake van aantasting van een mogelijk essentieel foerageergebied of essentiële vliegroute. • Voor de beoogde ruimtelijke ingreep dient rekenkundig inzichtelijk te worden gemaakt of er sprake is van een verhoging van stikstofdepositie binnen stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden

Ruimtelijke onderbouwing Hollandsestraat 7 te Waalwijk

December 2024

25

van Natura 2000-gebieden. Dit kan door een stikstofonderzoek uit te voeren middels de AERIUS Calculator. Aanvullend onderzoek Op basis van de quickscan Natuur kon de aanwezigheid van nestlocaties van jaarrond beschermde vogels (huismus) en vleermuisverblijfplaatsen niet uitgesloten worden. Om vast te stellen of het plangebied daadwerkelijk een functie heeft voor vorengenoemde soorten is door Blom Ecologie aanvullend onderzoek uitgevoerd. De resultaten daarvan zijn opgenomen in de rapportage van Blom Ecologie d.d. 14 november 2024. Uit dit aanvullende onderzoek blijkt het volgende: • In april 2024 is onderzoek uitgevoerd naar de aanwezigheid van de huismus in het plangebied aan de Hollandsestraat 7 te Waalwijk. Het onderzoek is uitgevoerd conform de bepalingen in het Kennisdocument huismus (BIJ12, 2023). Hierbij is één huismusnest aangetroffen binnen het plangebied. Dit nest wordt bij de beoogde ingreep weggenomen. De beoogde ingreep leidt tot een schadelijke handeling als bedoeld onder Bal artikel 11.37 lid b (wegnemen 1 nest). Er dient ten aanzien van huismus een omgevingsvergunning flora- en fauna activiteit voorhanden te zijn alvorens de woning met het huismusnest gesloopt kan worden. • In de periode mei-september 2024 is onderzoek uitgevoerd naar de aanwezigheid van vleermuizen in het plangebied aan de Hollandsestraat 7 te Waalwijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15317337/1