CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Ontwerp bestemmingsplan Schotse Hooglandersstraat ong (naast 19)

Raadsvergadering (A) 16 september 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Bestemmingsplan Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19)35.710 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

1

1.47

gebouw

elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;

1.48

geluidzoneringsplichtige inrichting

een inrichting waarbij als gevolg van de Wet geluidhinder rondom het terrein van vastiging in een bestemmingsplan een zone moet worden vastgesteld;

I Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 11

I

I I I I I 1 I I I I I

1.49

gevellijn

de op de verbeelding aangegeven lijn die niet door gebouwen mag worden overschreden, behoudens krachtens de regels toegelaten afwijkingen; 1.50

groothandel

het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of afleveren van goederen aan wederverkopers, dan wel aan instellingen of personen, ter aanwending in een andere bedrijfsactiviteit; 1.51

hoekperceel

het perceel dat aan twee of meer zijden is gelegen aan openbaar gebied; 1.52

hogere grenswaarde

een maximale waarde voor de geluidbelasting, die hoger is dan de voorkeursgrenswaarde en die in een concreet geval kan worden vastgesteld op grond van de Wet geluidhinder, c.q het Besluit grenswaarden binnen zones rond industrieterreinen, het Besluit grenswaarden binnen zones langs wegen en/of het Besluit geluidhinder spoorwegen;

1.53

hoofdgebouw

gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is; 1.54

hoofdmassa

het hoofd(woon)gebouw exclusief architectonisch ondergeschikte delen die door de uiterlijke verschijningsvorm onderscheiden kunnen worden van dit hoofd(woon)gebouw;

I I

1.55

hoofdwoongebouw

een gebouw, exclusief aangebouwde bijbehorende bouwwerken met een woonfunctie, dat door zijn ligging, constructie en/of afmeting onderdeel uitmaakt van een bedrijf en als belangrijkste woongebouw wordt aangemerkt, en dat bedoeld is voor (het huishouden ■van) een persoon, wiens huisvesting een functionele binding heeft met de bedrijfsactiviteiten die het desbetreffende bedrijf uitoefent; 1.56

horeca

het bedrijfematig verstrekken van dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse en/of het bedrijfsmatig logies verstrekken, één en ander al dan niet in combinatie met een vermaaksfunctie, met uitzondering van een erotisch getinte vermaaksfunctie. De volgende indeling in typen horeca wordt gehanteerd: a.

I

lichte horeca: 1. aan de detailhandelsfunctie verwante horeca zoals: automatiek, broodjeszaak, cafetaria, croissanterie, koffiebar, lunchroom, snackbar, tearoom, traiteur, bezorg- en/of afhaalservce. 2. overige lichte horeca zoals hotel, restaurant al dan niet met bezorg- en/of afhaalservce

Schotse Hooglandersstraat ong (naast 19), Waspik, ontwerp 12

I

I I I I I 1

b.

c.

(o.a. pizza, chinees, fastfood restaurants); middelzware horeca: bedrijven die normaal gesproken ook delen van de nacht geopend zijn en die daardoor aanzienlijke hinder voor omwonenden kunnen veroorzaken zoals: bar, bierhuis, biljartcentrum, café, coffeeshop, proeflokaal, shoarma/grillroom, zalenverhuur (zonder regulier gebruik ten behoeve ven feesten en muziek/dansevenementen); zware horeca: bedrijven die veor een goed functioneren ook 's-nachts geopend zijn en die tevens een groot aantal bezoekers aantrekken en daardoor grote hinder veor de omgeving met zich mee kunnen brengen zoals: discotheek, nachtclub, partycentrum. Regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek-Zdansevenementen;

1.57

huishouden

een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding weren;

I 1 I I

1.58

handel via internet waarbij onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a.

b.

c.

d.

I I I I I I

internethandel

internetkantoor: internethandel zonder fysieke bezoekmogelijkheid, zonder opslag- en verzendfunctie en waar alleen elektronische transacties tot stand komen. Dit type valt onder dienstverlening en is vergelijkbaar met een niet-publieksgerichte dienstverlening zoals een kantoor; internetbedrijf: internethandel zonder fysieke bezoekmogelijkheid en met opslag- en verzendfunctie. Dit type velt onder bedrijf; internetafhaalpunt: internethandel met fysieke bezoekmogelijkheid en zonder uitstalling ten verkoop. Dit type velt onder bedrijf; internetwinkel: internethandel met fysieke bezoekmogelijkheid en met uitstalling ten verkoop. Dit type velt onder detailhandel;

1.59

kamerverhuur

de verhuur van een deel van al dan niet zelfstandige woonruimte ten behoeve van (langdurige) bewoning door personen voor welke inschrijving in de Basisregistratie personen (BRP) noodzakelijk is en die geen duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren;

1.60

kas

agrarisch bedrijfegebouw waarvan de wanden en het dek voornamelijk bestaan uit glas of een ander lichtdoorlatend materiaal en dienend wor de productie van gewassen onder geconditioneerde klimaatomstandigheden waaronder mede begrepen een schuurkas of een permanente tunnel- of boogkas hoger dan 1,5 m;

1.61

kruisingsvlak

het gemeenschappelijk vlak, door de elkaar kruisende openbare wegen gevormd, bij het fictief doortrekken van de rijbaankanten;

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 13

I I

I I I I I I I I I I I

1.62

maatschappelijke voorzieningen

sociaal-medische, sociaal-culturele en levensbeschouwelijke voorzieningen, sportieve recreatie, voorzieningen ten behoeve ven de openbare dienstverlening en voorzieningen ten behoeve ven onderwijs. Onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen:

a.

publieksgerichte maatschappelijke veorziening: maatschappelijke voorziening met publieksaantrekkende werking, waaronder in ieder gevel een school, gemeentehuis; niet-publieksgerichte maatschappelijke voorziening: maatschappelijke voorzieningen zonder publieksaantrekkende werking, waaronder in ieder gevel een kleinschalig gezinsvervangend tehuis, niet zijnde kamerverhuur;

b.

1.63

mansa rdekap

dakwrm waarbij het onderste deel van het zadeldak of schilddak steiler is dan het bovenste deel waardoor een geknikte «Dim ontstaat; 1.64

niet-publieksgerichte voorziening

voorziening zonder publieksaantrekkende werking waarbij onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a. b.

niet-publieksgerichte dienstverlening: zie onder dienstverlening, type b; niet-publieksgerichte maatschappelijke voorziening: zie onder maatschappelijke voorziening, type b;

1.65

omschakeling

binnen een bouwvlak o\erstappen naar een ander soort bedrijf of andere bedrijfsvorm met dezelfde bestemming;

1.66

ondergronds bouwen

bouwen onder peil;

1.67

I I

woonruimte welke geen eigen toegang heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte, waarbij keuken, toilet, badkamer en douche als wezenlijke voorzieningen worden aangemerkt;

1.68

open opslag

het opslaan, of opgeslagen houden van voorwerpen, stoffen of producten en andere materialen op de onbebouwde gronden van (bedrijfs)percelen, daaronder mede begrepen de uitstalling ten verkoop, verhuur en dergelijke;

1.69

I

onzelfstandige woonruimte

openbaar toegankelijk gebied

Openbare weg, alsmede pleinen, parken, plantsoenen, openbaar vaarwater en ander openbaar gebied dat voor publiek algemeen toegankelijk is, met uitzondering van wegen uitsluitend bedoeld voor de ontsluiting van percelen door langzaam verkeer;

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 14

I

I I I I I I I I I I I

I I

1.70

openbare weg

alle voor het openbaar verkeer openstaande wegen of paden met inbegrip van de daarin liggende bruggen en duikers en de tot die wegen behorende paden en bermen of zijkanten;

1.71

overig agrarisch bedrijf

agrarisch bedrijf dat niet binnen de begripsbepaling van veehouderij, vollegrondsteeltbedrijf of glastuinbouwbedrijf valt. Voorbeelden zijn productiegerichte paardenhouderijen, slakken-, vissen-, wormen- of insectenkwekerijen of bedrijven waar gewassen worden geteeld in gebouwen zoals champignon-, container- en witlofkwekerijen;

1.72

overkapping met een open constructie

Een bouwwerk, dat een wor mensen toegankelijke overdekte ruimte vormt, met maximaal twee wanden die al dan niet tot de constructie zelf behoren. In de zin van dit bestemmingsplan is dit begrip gelijk aan een gebouw;

1.73 •

•

paardenhouderij

productiegericht: een grondgebonden agrarisch bedrijf dat is gericht op het fokken van paarden, het bieden van leefruimte aan opgroeiende paarden en/of het voortbrengen van producten door middel van het houden van paarden, zoals een paardenmelkerij of een daarmee gelijk te stellen bedrijfsvorm, eventueel in combinatie met ondergeschikte trainingsfaciliteiten ten behoevs van de eigen gefokte paarden en de in- en verkoop van paarden; gebruiksgericht: een paardenhouderij die, naast het uitoefenen van productiegerichte paardenhouderijactiviteiten, mede is gericht op het bieden van stallingsruimte voor paarden, het trainen van paarden en het uitbrengen in de sport, alsmede verhuur ven diensten met behulp van paarden, niet zijnde manege-activiteiten zoals het geven, dan wel faciliteren van paardensportinstructie en het geven van gelegenheid tot het recreatief houden en/of berijden van paarden;

1.74

peil

hoogten vanaf het aansluitend afgewerkt terrein, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere verloop ven het terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarven, buiten beschouwing blijven; indien in, op of over het water wordt gebouwd: het Normaal Amsterdams Peil of een ander plaatselijk aan te houden waterpeil;

1.75

perceelsgrens

grens van het bouwperceel;

1.76

I I I I

plaatsgebonden risico

risico op een plaats buiten een inrichting, uitgedrukt als de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg ven een ongewoon voorvel binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof of een gevearlijke afvelstof betrokken is;

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 15

I I I I I I I I I I I

1.77

een beperkte verkoop van goederen die ter plaatse worden verveardigd/geproduceerd, bewerkt gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie;

een beperkte verkoop van goederen die functioneel rechtstreeks verband houden met de bedrijfsactiviteiten; een beperkte verkoop als niet zelfstandig onderdeel van krachtens de bestemming toegelaten groothandel; 1.78

1.79

I

seksinrichting

de veor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omveng alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, alsmede een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar;

1.80

stedelijke ontwikkeling

ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of haventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen;

a. b.

twee-aaneengebouwde hoofdmassa hoofdmassa welke deel uitmaakt van twee aaneengebouwde, grondgebonden hoofdmassa's; hoofdmassa waarbij één zijgevel in de zijdelingse perceelsgrens valt met uitzondering van aaneengebouwde hoofdmassa's;

1.82

I

prostitutie

het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding;

1.81

I

productiegebonden detailhandel

veehouderij

agrarisch bedrijf gericht op het fokken, mesten en houden ven runderen, varkens, schapen, geiten, pluimvee, tamme konijnen en pelsdieren. Onderscheid kan gemaakt worden in grondgebonden veehouderij en intensieve veehouderij;

a.

Grondgebonden veehouderij: veehouderij waarvan het veer en de mest veor het overgrote deel gewonnen respectievelijk aangewend worden op gronden die in gebruik zijn ven de veehouderij en die in de directe omgeving liggen ven de bedrijfelocatie , waarbij voldaan wordt aan één ven de volgende criteria: 1. De veebezetting bedraagt niet meer dan 3,56 gve/ha, berekend over de grond die vest in gebruik is, veor zover gelegen binnen 15 km ven de bedrijfslocatie. 2. Ten minste 56% ven de op het bedrijf geproduceerde mest, uitgedrukt in fosfaat, wordt aangewend op grond die vest in gebruik is, voorzover gelegen binnen 15 km ven de bedrijfslocatie. 3. Ten minste 71% ven het ruwvoer (gras en mais), uitgedrukt in fosfaat, wordt gewonnen op grond die vest in gebruik is, voorzover gelegen binnen 15 km ven de bedrijfslocatie.

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 16

I

I I I I I I I I I I I I I I I I I I I i I

Indien in de veehouderij dieren worden gehouden uitsluitend of in hoofdzaak ten behoeve van natuurbeheer; Intensieve veehouderij (niet-grondgebonden veehouderij): niet-grondgebonden veehouderijbedrijf waarin het houden van vee of pluimvee de hoofdzaak is; 4.

b.

1.83

verminderd zelfredzame

mensen die als gevolg van fysieke of psychische gesteldheid extra bescherming verdienen (kinderen, ouderen, zieken, psychisch kwetsbare personen);

1.84

verzamelweg

weg die gericht is op het verzamelen en verdelen van het verkeer in de wijken (inclusief het centrum) en bedrijventerreinen, sluit aan op de hoofdwegen, 30 of 50 km/ uur;

1.85

voorerfgebied

erf dat geen onderdeel is van het achtererfgebied;

1.86

voorkant van de hoofdmassa

de zijde van het boven peil gelegen gedeelte ven een gebouw (c.q. hoofdmassa) welke is gericht op het openbaar toegankelijk gebied en die bovendien het beloop ven de gevellijn volgt of, indien daarvan geen often dele sprake is en/of sprake is ven meerdere gevellijnen, wordt bepaald op basis ven de ruimtelijke uitstraling, waaronder de uiterlijke verschijningsvorm en de situering;

1.87

voorste grens van het bouwvlak

de grens van het bouwvlak die is gericht naar de weg en waarop de hoofdmassa is georiënteerd;

1.88

voorziening

Een voorziening bestaat uit een of meer van de volgende functies:

detailhandel; dienstverlening; horeca; maatschappelijke voorziening; 1.89

vrijstaand bijbehorend bouwwerk

bijbehorend bouwwerk dat vrijstaat van de hoofdmassa en aangebouwde aangebouwde bijbehorende bouwwerken en overige gebouwen;

1.90

vrijstaande hoofdmassa

hoofdmassa welke vrij van de zijdelingse perceelsgrenzen staat;

1.91

woning

een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting vanéén afeonderlijk huishouden

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 17

I

I I I I I I I I I I I I I I

1.92

zijkant (hoofdmassa)

ge\«l of gemeenschappelijke scheidsmuur van een gebouw (c.q. hoofdmassa), niet zijnde voorof achtergevel.

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 18

I I

I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1

afstand tot de bestemmingsgrens

de kortste afstand van enig punt van een bouwwerk tot de bestemmingsgrens.

2.2

afstand tot de (zijdelingse) perceelsgrens

de kortste afstand van enig punt van een bouwwerk tot de (zijdelingse) perceelsgrens (perceelsscheiding van het bouwperceel). 2.3

afstand tussen gebouwen op hetzelfde bouwperceel

de kortste afstand tussen de buitenwerkse gevelvlakken van de gebouwen In het geval dat geen sprake is van buitenwerkse gevelvlakken (en/of gemeenschappelijke scheidingsmuren): de kortste tussen de denkbeeldige lijnen vanuit de neerwaartse projectie van het dak, 1 m boven peil. 2.4

breedte bouwperceel

tussen de zijdelingse perceelsscheidingen van het bouwperceel in de naar de zijde van het openbaar toegankelijke gebied gekeerde bestemmingsgrens.

2.5 a b. c.

2.6

breedte, diepte, oppervlakte van een bouwwerk

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het peil; in geval van een ondergronds bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelVakken (en/of het hart van gemeenschappelijke scheidingsmuren) 0,5 m onder peil; in geval dat geen sprake is \an buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van scheidingsmuren: tussen de denkbeeldige lijnen vanuit de neerwaartse projectie van het dak, op het peil.

breedte hoofdmassa

evenwijdig aan de gevellijn die (mede) bepalend is voor het vaststellen van de voorkant van de hoofdmassa en is gelegen tussen de twee zijkanten van de hoofdmassa. 2.7

bruto-vloeroppervlak van een gebouw

gemeten (op alle bouwlagen) op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingsconstructies of indien de binnenruimte van het gebouw grenst aan de binnenruimte van een ander gebouw: tot het hart van de desbetreffende scheidingsconstructies. 2.8

dakhelling

langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale Vak.

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 19

I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I

2.9 a.

b.

diepte hoofdmassa indien de vóórkant hoofdmassa (gedeeltelijk) is gelegen in de gevollijn: loodrecht tussen de achterkant van de hoofdmassa en de gevellijn die bepalend is voor het vaststellen van de voorkant van de hoofdmassa; indien de vóórkant hoofdmassa niet is gelegen in de gevellijn en ook niet gedeeltelijk: loodrecht tussen de achterkant van de hoofdmassa en het punt van de voorkant hoofdmassa welke het dichtst is gelegen bij de gevellijn die bepalend is voor het veststellen van de voorkant van de hoofdmassa.

2.10

a. b. c.

2.11

goothoogte van een bouwwerk

vanaf de horizontale snijlijn van gevelvlak en dakvdak tot aan het peil; bij een mansardekap wordt de goothoogte gemeten vanaf de snijlijn, niet zijnde de noklijn, van dakvlakken tot aan het peil; bij een dakopbouw wordt de daarbij behorende goothoogte buiten beschouwing gelaten.

hoogte bouwlaag

bovenkant \doer tot bovenkant vloer of ingeval van een gebouw met een plat dak van bovenkant vloer tot bovenkant dak.

2.12

(bouw)hoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een bouwwerk met uitzondering van kleine bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

2.13

inhoud van een bouwwerk

tussen de bovenzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van gemeenschappelijke scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.14

nokhoogte van een bouwwerk

vanaf de horizontale snijlijn van twee hellende dakvlakken tot aan het peil. 2.15

verticale diepte

vanaf onderkant vloer van het ondergronds bouwwerk tot aan het peil. 2.16

uitzonderingen

bij de toepassing van het bepaalde in dit artikel ten aanzien van het bouwen geldt de volgende uitzondering:

ondergeschikte bouwdelen zoals als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel-en kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken worden buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw- c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 1 m bedraagt. Dakopbouwen, dakkapellen en erkers worden als niet ondergeschikt aangemerkt.

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 20

I I I I I I I I I I I I I

Hoofdstuk 2 Artikel 3

3.1

Bestemmings regels

Gemengd

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

Wonen wonen in de hoofdmassa en de aangebouwde bijbehorende bouwwerken, waarbij per bouwperceel maximaal 1 (bedrijfs)woning is toegelaten, met dien verstande dat: 1. indien in de bestaande situatie sprake is van meer dan 1 woning op een bouwperceel, maximaal het bestaande aantal woningen is toegelaten; 2. de woning (deels) in de gevellijn is gelegen; 3. waar onder 1 tot 2 woning staat dit tevens geldt voor een bedrijfswoning; b. beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten bij een (bedrijfs)woning, op een maximum van 50 m2 bruto^oeroppendak van de hoofdmassa of bijbehorend bouwwerk per (bedrijfs)woning, met in achtneming van lid 3.5.3; met dien verstande dat bestaande kamerbewoning, bed & breakfast en bedrijf en beroep-aan-huis is toegestaan in de toegelaten aard en omvang: a.

Overige bijbehorende voorzieningen en bouwwerken met de bij a tot en met b behorende: c.

d. e. f.

gh. i.

parkeervoorzieningen, met dien vorstande dat voldaan wordt aan Artikel 10 Parkeerregelgevng; waarbij het bestaande gebruik in de bestaande omvang en functietype is toegelaten; bijbehorende bouwwerken; bouwwerken, geen gebouwen zijnde; tuinen, ervon en verhardingen; ontsluitingswegen en -paden ten behoeve van aangrenzende bestemmingen; nutsvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen;

3.2

Bouwregels

3.2.1

Algemene bouwregels

Voor het bouwen van bouwwerken gelden in zijn algemeenheid de volgende regels:

a.

het bouwperceel mag volledig worden bebouwd met in acht neming van de bouwregels in lid 3.2.

3.2.2

Hoofdmassa

Voor het bouwen van de hoofdmassa welke (deels) in de gevellijn is gelegen gelden de volgende regels:

a. b.

als hoofdmassa mogen uitsluitend vrijstaande hoofdmassa's ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand'; de hoofdmassa mag uitsluitend achter de gevellijn worden gebouwd waarbij de breedte van

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 21

I I

I I I I I I I

c.

d. e.

f.

g-

I I I I I I I I

h. i.

j-

k.

de voorkant van de hoofdmassa minimaal voor 50% in de gevellijn moet worden gebouwd welke gerelateerd is aan de voorkant van de hoofdmassa; de afstand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens van het bouwperceel dient bij een vrijstaande hoofdmassa ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - dorpslint' in totaal tot beide perceelsgrenzen minimaal 6 m, met een minimum van 1,5 m tot de afzonderlijke perceelsgrenzen te bedragen; het oppervlak van de hoofdmassa mag ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - dorpslint' voor een vrijstaande hoofdmassa niet meer bedragen dan maximaal 150 m2 de diepte van de hoofdmassa mag maximaal bedragen: 1. bij een vrijstaande hoofdmassa indien de goothoogte niet hoger is dan 4 m en voldaan wordt aan lid 3.2.2 onder c (afstand ven de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens): 22 m; 2.

indien de goothoogte hoger is dan 4 m of niet voldaan wordt aan lid 3.2.2 onder c bij een vrijstaande hoofdmassa: 12 m; de breedte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan maximaal de diepte van de hoofdmassa verminderd met 1 m; de goot- en bouwhoogte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan de hoogte zoals is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)”; het dak van de hoofdmassa is voorzien van een nok, waarbij geldt dat de kaphelling minimaal 30 en maximaal 65 graden mag bedragen; indien bij een renovatie van de bestaande hoofdmassa een EPC van 0 gerealiseerd wordt, mogen de maximale maten zoals genoemd in lid d tot en met i met 0,5 m worden overschreden. dakkapellen zijn toegestaan mits voldaan wordt aan het volgende: 1. de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; 2 de bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; 3. de zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak; 4. in afwijking ven lid 1 mag, indien de voorkant ven de dakkapel gelijk ligt met de gevel waarin de dakkapel gebouwd wordt, de breedte maximaal 30% bedragen ven de voorkant waarin de dakkapel gebouwd wordt; dakopbouwen zijn toegestaan mits: 1. veldaan wordt aan de maximaal voorgeschreven bouwhoogte; 2 de afstand van de voorkant ven de dakopbouw tot de voorkant ven de gevel waarin de dakopbouw gebouwd wordt minimaal 1 m bedraagt.

3.2.3

Bijbehorende bouwwerken bij een (bedrijfs)woning

Voor het bouwen ven bijbehorende bouwwerken, niet zijnde hoofdmassa, gelden de volgende regels: a.

b.

c.

d.

bijbehorende bouwwerken, dienen achter de gevellijn en in het bebouwingsgebied te worden geplaatst; de totale diepte van de hoofdmassa met de daaraan aangebouwde bijbehorende bouwwerken, te meten vanaf de voorkant van de hoofdmassa, mag gezamenlijk maximaal 22 m bedragen; de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied hoofdmassa, waar geen hoofdmassa aanwezig is, bedraagt maximaal de volledige oppervlakte van het bebouwingsgebied hoofdmassa; de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het overig bebouwingsgebied bedraagt niet meer dan: 1. in geval van een bebouwingsgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van het bebouwingsgebied;

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 22

I

I I I I I I I I I I I I I I I

in geval \an een bebouwingsgebied groter dan 100 m en kleiner dan of gelijk aan 300 m2: 50 m2, \«rmeerderd met 20% van het deel van het bebouwingsgebied dat groter is dan 100 m; 3. in geval van een bebouwingsgebied groter dan 300 m2: 90 m2, vermeerderd met 10% van het deel van het bebouwingsgebied dat groter is dan 300 m2, tot een maximum van in totaal 200 m2; \erminderd met de oppervlakte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken zoals bedoeld onder lid h en vermeerderd met de oppervlakte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken zoals bedoeld in lid i; 2.

e.

in geval van een gestapelde hoofdmassa geldt in afwijking van lid d tot en met e dat de totale oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied per hoofdmassa maximaal 20% van het bebouwingsgebied mag bedragen met een maximum van 500 m2; f. in het bebouwingsgebied hoofdmassa geldt voor de hoogte en het dak het volgende: 1. de goot- en bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal de toegestane goothoogte van de hoofdmassa bedragen zoals bepaald in lid 3.2.2 onder g; 2. de dakhelling mag maximaal gelijk zijn aan de dakhelling van het dakvlak van de hoofdmassa waaraan wordt gebouwd; g- in het owsrige bebouwingsgebied geldt wor de hoogte en het dak het volgende: 1. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3,1 m bedragen of ingeval van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk waarbij de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw hoger is dan 3,1 m, maximaal 0,25 m boven de hoogte van die eerste bouwlaag maar in geen geval hoger dan 4 m; 2. de nokhoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 5 m bedragen; 3. in afwijking van sub 2 is ook een platte afdekking toegelaten, mits de denkbeeldige nok bij het doortrekken van de dakvlakken maximaal 5 m bedraagt; 4. de dakhelling van een aangebouwd bijbehorende bouwwerk mag maximaal gelijk zijn aan de dakhelling van het dakvlak aan de zijde van de hoofdmassa waaraan wordt bijgebouwd; 5.

de dakhelling van een vrijstaande bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste gelijk zijn aan de steilste dakhelling van de hoofdmassa; h. in afwijking van lid a en met inachtneming van lid 3.2.3 onder b, mogen bijbehorende bouwwerken buiten het bebouwingsgebied en/of vóór de gevellijn worden gebouwd aan de zijkant hoofdmassa waarbij: 1. grenzend aan zowel de vóórkant als zijkant van het bouwperceel geen sprake is van een bestemming Verkeer - Ontsluiting; 2. de afstand tot (het verlengde van) de gevallijn van de vaorkant hoofdmassa ten minste 1 m bedraagt; 3. de afstand tot het kruisingsvlak ten minste 5 m bedraagt; 4. valdaan wordt aan de maatvoering van het bepaalde onder c tot en met h; i. in afwijking van lid a en lid h, met inachtneming van lid 3.2.3 onder b, mogen aangebouwde bijbehorende bouwwerken vóór de gevallijn worden gebouwd aan de voorkant hoofdmassa en/of aan de zijkant hoofdmassa waarbij : 1. per geval maximaal één aangebouwd bijbehorend bouwwerk mag worden gebouwd; 2. de maximale breedte maximaal 3/5 deel per geval bedraagt met een maximum van 4 m, waarbij maximaal 1 m niet direct aan de hoofdmassa grenst; 3. in aanvulling op lid 1 en 2 per geval één ovarkapping met een open constructie mag worden gebouwd met een maximale breedte van 2 m; 4. de diepte maximaal 1 m is; 5.

de bouwhoogte maximaal 0, 25 m hoger is dan de hoogte van de eerste bouwlaag van de hoofdmassa, met een maximale bouwhoogte van 4 m. jdakkapellen zijn toegestaan mits voldaan wordt aan het volgende: 1. voorzien van een plat dak; Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 23

I I I I I I I I I I I I I I I I

2. 3. 4 5. 6.

3.2.4

gemeten vanaf de voet van de dakkapel niet hoger dan 1,75 m; de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; de bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; de zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak; maximaal één dakkapel per bijbehorend bouwwerk met een maximale breedte van 30% van de gevelbreedte van de zijde waarop de dakkapel is georiënteerd.

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c.

d.

op de gronden achter de gevellijn mag de hoogte maximaal 2,2 m bedragen; op de gronden vóór de gevellijn mag de hoogte maximaal 1 m bedragen; in afwijking ven lid b, met inachtneming van lid 3.2.4 onder b, mag op de gronden buiten het bebouwingsgebied of vóór de gevellijn aan de zijkant hoofdmassa de hoogte maximaal 2,2 m bedragen, mits: 1. grenzend aan zowel de voorkant als zijkant ven het bouwperceel geen sprake is van een bestemming Verkeer - Ontsluiting'; 2. de afstand tot (het verlengde van) de gevellijn ven de voorkant hoofdmassa ten minste 1 m bedraagt; 3. de afetand tot het kruisingsvlak ten minste 5 m bedraagt. in afwijking ven lid b mag op de gronden vóór de gevellijn de hoogte maximaal 6 m bedragen mits sprake is van een aanduiding 'verkooppunt motorbrandstoffen' of 'verkooppunt motorbrandstoffen met Ipg'.

3.2.5

Ondergronds bouwen

Voor ondergronds bouwen gelden de volgende regels: a. b.

c.

ondergronds bouwen is alleen toegestaan achter de gevellijnen; de oppervlakte ven ondergrondse gebouwen bedraagt maximaal het toegestane oppervlak voor hoofdmassa en bijbehorende bouwwerken op basis van lid 3.2.2 en 3.2.3; de verticale diepte ven het ondergrondse bouwwerk mag maximaal 3,5 m bedragen.

3.3

Nadere eisen

Het college van Waalwijk kan nadere eisen stellen aan bebouwing (plaats en afmetingen) ten behoede van:

a.

b.

Het college van Waalwijk kan nadere eisen stellen aan bebouwing (plaats en afmetingen) ten een verantwoorde stedenbouwkundige inpassing en ter waarborging van de stedenbouwkundige waarden van de omgeving; Het college van Waalwijk kan nadere eisen stellen aan bebouwing (plaats en afmetingen) ten behoeve van het bevorderen van de verkeers-, sociale en brandveiligheid.

3.4

Afwijken van de bouwregels

3.4.1

Algemene voorwaarden voor afwijken

In de hierna volgende artikelen wordt waar relevant verwezen naar één of meerdere van de volgende voorwaarden, waarbij door het beoogde bouwen: a.

b.

geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; geen onaanvaardbare situatie ontstaat met betrekking tot milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid;

Schotse Hooglandersstraat ong (naast 19), Waspik, ontwerp 24

I I

I I I I I I I I I

d. e. f.

3.4.2

a.

b.

c.

I I I I I I I

geen nadelige beïnvloeding ontstaat van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke verkeersituatie; voldaan wordt aan Artikel 10 Parkeerregelgeving; geen onevenredige afbreuk mag worden gedaan aan het karakter van de omgeving; ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - dorpslint' dient op percelen grenzend aan de bestemming 'Natuur1, bij ontwikkelingen aan de achterzijde sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke inpassing middels een erfinrichtingsplan (o.a. een beplantingsplan).

c.

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.2 onder c vaor het toestaan van een kleinere afstand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens, mits: 1. in de bestaande situatie sprake is van een kleinere afstand tot de perceelsgrens dan is toegestaan, te meten vanaf de vaorkant en aanwezig ovar ovar minimaal 50% van de diepte van de hoofdmassa; 2. voldaan wordt aan de vaorwaarden van lid 3.4.1 onder a; Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.2 onder e sub 1 en 2 voor het toestaan van een grotere diepte van de hoofdmassa, mits: 1. maximaal 22 m diep; 2. voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.4.1 onder a tot en met d; Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.2 onder f voor het toestaan van een grotere breedte van de hoofdmassa, mits: 1. voldaan wordt aan lid 3.2.1 onder c (afstand tot zijdelingse perceelsgrens)' 2. vDldaan wordt aan de worwaarden van lid 3.4.1 onder a tot en met d;

3.4.3

a.

Hoofdmassa

Bijbehorende bouwwerken

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.3 onder d en e voor het toestaan van een grotere oppervlakte vaor bijbehorende bouwwerken, onder vaorwaarde van de sloop van bestaande bijbehorende bouwwerken, mits: 1. maximaal 50% van het overtollige te slopen oppervlak aan bestaande gebouwen wordt teruggebouwd en/of in stand wordt gelaten; 2. een totaal aan bijbehorende bouwwerken van maximaal 200 m2 in het bebouwingsgebied ovarblijft, exclusief hoofdmassa; 3. cultuurhistorisch waardevalle bebouwing behouden blijft; 4. valdaan wordt aan de vaorwaarden van lid 3.4.1 onder a tot en met d.

3.5

Specifieke gebruiksregels

3.5.1

Voorwaardelijke verplichting

Het in gebruik nemen van hoofdmassa ten behoeva van de woonfunctie conform het bepaalde in 3.1 is alleen toegestaan indien:

a.

b.

de inrichting van het plangebied binnen twee jaar na inwerkingtreding van het bestemmingsplan is gerealiseerd conform het inrichtingsplan zoals opgenomen in Landschappelijke inpassing en in stand wordt gehouden; de activiteiten ten aanzien van de intensieva veehouderij aan Schotse Hooglandersstraat 17 zijn beëindigd, en de milieuvergunning is ingetrokken.

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19). Waspik, ontwerp 25

I I I I I I I I

3.5.2

Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend het gebruik van: a.

b. c. d.

e.

f.

g

de hoofdmassa ten behoeve van beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten op meer dan 50 m2 van het bruto-vfoeroppervlak; vrijstaande bijbehorende bouwwerken ten behoeve van wonen; gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting; gronden voor woningen, bedrijven en voorzieningen zoals opgenomen onder 3.1 die niet voldoen aan Artikel 10 Parkeerregelgeving behoudens bedrijven en voorzieningen waarbij sprake is van een bestaande functie, mits de categorie of het type functie niet wijzigt en omvang ervan niet wordt vergroot. het in gebruik nemen van gebouwen voor de stalling van vee ten behoeve van een veehouderij, welke op 21 september 2013 niet legaal in gebruik waren of mochten worden genomen krachtens een vergunning, voor de stalling van vee; gebruik dat vergunning plichtig is krachtens het bepaalde in de Wet natuurbescherming, zoals dit luidt ten tijde van de vaststelling van dit bestemmingsplan, niet zijnde: 1. het bestaande gebruik overeenkomstig de Wet natuurbescherming; 2. het gebruik dat vergund is op basis van de Wet natuurbescherming; vestiging van, de uitbreiding van en toename van de bestaande bebouwingsopperv^a kte van mestbewerking.

3.5.3

I I I I I

I

Strijdig gebmik

Beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten bij een (bednjfs)mning

De uitoefening van een beroeps- of bedrijfsmatige activiteit bij een (bedrijfs)woning, zoals bedoeld in lid 3.1 onder b, is uitsluitend toegestaan op een maximum van 50 m2 brutovloeroppervlak per (bedrijfs)woning mits: a. b.

c. d.

e.

f.

g-

de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft waarbij minimaal 50% van de brutovloeroppervlakte van de hoofdmassa voor de woonfunctie behouden blijft, het gebruik de woonfunctie ondersteunt, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in het hoofdgebouw en/of bijbehorend bouwwerk uitvoert, tevens de bewoner van de woning is. de activiteiten plaatsvinden in de hoofdmassa en/of bijbehorende bouwwerken, niet zijnde een overkapping met een open constructie, en geen sprake is van open opslag; in geval van bedrijfsmatige activiteiten, de activteiten passen in de tabel in Toegelaten bedrijven, kolom 'beroep/bedrijf aan huis, 50 m2’ of indien zij niet voorkomen in Bijlage 2 naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn; het geen uitoefening van detailhandel betreft met uitzondering van beperkte detailhandel als niet-zelfstandige en ondergeschikte activiteit rechtstreeks voortvloeiend uit de beroeps- of bedrijfsmatige activiteit; het geen horeca, geluidzoneringsplichtige inrichtingen en inrichtingen zoals bedoeld in artikel 2, lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen milieubeheer (BEVI) betreft, geen nadelige beïnvloeding ontstaat van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke verkeerssituatie en wordt voldaan aan Artikel 10 Parkeerregelgeving.

3.6

Afwijken van de gebruiksregels

3.6.1

Algemene voorwaarden voor afwijken

In lid 3.6 wordt waar relevant \erwezen naar één of meerdere van de volgende voorwaarden, waarbij door het beoogde gebruik: a.

geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden \en aangrenzende gronden en bouwwerken;

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19). Waspik, ontwerp 26

I

I I I I I I I

b.

c.

d. e. f.

g

3.6.2

Beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.1 en in aanvulling op lid 3.5.3 voor beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten voor:

a. b.

I I I I I I I

geen onaanvaardbare situatie ontstaat met betrekking tot milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid; geen nadelige beïnvloeding ontstaat van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke \erkeerssituatie; vcldaan wordt aan Artikel 10 Parkeerregelgevng; geen onevenredige afbreuk mag worden gedaan aan het karakter van de omgeving; ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - dorpslint' dient op percelen grenzend aan de bestemming ’Natuur1, bij ontwikkelingen aan de achterzijde sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke inpassing middels een erfinrichtingsplan (o.a. een beplantingsplan); bij een combinatie van activiteiten: 1. de totale oppervlakte beperkt blijft tot de maximale maat van de activiteit welke de meeste ruimte in beslag mag nemen; 2. per toegestane activiteit de daarvoor toegestane maximale oppervlakte niet wordt overschreden.

maximaal 100 m2 brutovloeroppervlak per (bedrijfs)woning, de afwijking op basis van lid 3.6.2 onder a is mogelijk onder voorwaarde dat de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft, waarbij in ieder geval geldt dat: 1. minimaal 50% van de brutovloeroppervlakte van de hoofdmassa voor de woonfunctie behouden blijft; 2. degene die de activteiten in het hoofdgebouw en/of bijbehorend bouwwerk uitvoert, tevens de bewoner van de woning is. 3. de activteiten passen in de tabel in Bijlage 2, kolom 'beroep/bedrijf aan huis, 100 m2' of indien zij niet voorkomen in Bijlage 2, naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn; 4. het geen uitoefening van detailhandel betreft met uitzondering van beperkte detailhandel als niet-zelfstandige en ondergeschikte activiteit rechtstreeks voortvloeiend uit de beroeps- of bedrijfsmatige activiteit; 5. het geen horeca, geluidzoneringsplichtige inrichtingen en inrichtingen zoals bedoeld in artikel 2, lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen milieubeheer (BEVI) betreft; 6. voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.6.1.

3.6.3

Bed & breakfast

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.1 en 3.5.3 voor de uitoefening van bed & breakfast voor:

a. b.

maximaal 100 m2 brutovloeroppervlak per (bedrijfs)woning in de hoofdmassa en aangebouwde bijbehorende bouwwerken; de afwijking op basis van lid 3.6.3 onder a is mogelijk onder voorwaarde dat de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft, waarbij in ieder geval geldt dat: 1. het bruto-^oeroppervfak ten behoeve van de woonfunctie minimaal 50% van het totale bruto^oeropperdak van de hoofdmassa bedraagt, ten behoeve van de bed & breakfast voorzieningen maximaal 3 slaapkamers voor maximaal 6 gebruikers toegestaan zijn en daarnaast minimaal 1 slaapkamer beschikbaar blijft voor de bewoner(s) van de woning; 2. permanente bewoning of huisvesting van tijdelijke werknemers is niet toegestaan; 3. degene die de activiteiten in het hoofdgebouw en/of de bijbehorende bouwwerken uitvoert, tevens de gebruiker van de woning is; 4, de voorziening door de bouwkundige opzet, indeling en maatvoering niet mag

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 27

I

5. 3.6.4

functioneren als een zelfstandige woning. Dit betekent in ieder geval dat een aparte kookgelegenheid niet is toegestaan; voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.6.1.

Wonen voor huisvesting van personen die geen huishouden vormen

Bij een omgevngsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.1 onder a voor het gebruik \an een woning voor huisvesting van personen die geen huishouden vormen, mits: a. b. c.

de activiteiten (deels) in de gevellijn uitgeoefend worden; voldaan wordt aan de worwaarden van lid 3.6.1; voldaan wordt aan de voorwaarden die zijn neergelegd in gemeentelijke 'Beleidsregels huisvesting arbeidsmigranten, vergunninghoudende vluchtelingen en overige personen die geen huishouden vormen gemeente Waalwijk’. Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de wijziging.

3.7

Wijzigingsbevoegdheid

3.7.1

Algemene voorwaarden voor wijzigen

In lid 3.7 wordt waar relevant verwezen naar één of meerdere van de volgende voorwaarden, waarbij door het beoogde gebruik: a.

b. c.

d. e. f.

g-

geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden ven aangrenzende gronden en bouwwerken; geen onaanvaardbare situatie ontstaat met betrekking tot milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid; geen nadelige beïnvloeding ontstaat van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke verkeerssituatie; voldaan wordt aan Artikel 10 Parkeerregelgeving geen onevenredige afbreuk mag worden gedaan aan het karakter ven de omgeving; ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - dorpslint' dient op percelen grenzend aan de bestemming 'Natuur1, bij ontwikkelingen aan de achterzijde sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke inpassing middels een erfinrichtingsplan (o.a. een beplantingsplan); bij een combinatie van activiteiten: 1. de totale oppervlakte beperkt blijft tot de maximale maat van de activiteit welke de meeste ruimte in beslag mag nemen; 2. per toegestane activiteit de daarvoor toegestane maximale oppervlakte niet wordt overschreden.

3.7.2

Gevellijn

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzingen ten behoeve van de wijziging van de aanduiding gevellijn, mits: a. b.

geen onevenredige aantasting ontstaat ven het straat- en bebouwingsbeeld; voldaan wordt aan de voorwaarden ven lid 3.7.1.

3.7.3

Bedrijven

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming 'Gemengd' te wijzigen en de aanduiding 'bedrijf toe te voegen ten behoeve van vestiging van een bedrijf, onder voorwaarde dat:

a.

het bedrijven betreft waarvan de activiteiten vallen onder categorie A en B, zoals genoemd in Bijlage 2, kolom 'zelfstandige bedrijven' alsmede bedrijven welke naar hun schaal, aard en

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 28

I I I I I I I

b.

c. d.

3.7.4

I 1

Niet-publieksgerichte voorziening

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming 'Gemengd' te wijzigen door:

a.

b.

I I

hinder op de omgeving daarmee vergelijkbaar zijn, mits het niet gaat om een geluidzoneringsplichtige inrichting, een inrichting zoals bedoeld in artikel 2, lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen milieubeheer (BEVI), of een internetbedrijf of internetafhaalpunt; vestiging van de voorziening niet leidt tot het ontstaan van zodanige relevante, structurele leegstandseffecten, dat dit tot een uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening onaanvaardbare situatie zal leiden; voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.7.1; indien het gebruik van deze gronden voor het type bedrijf gedurende minimaal drie jaar is gestaakt en duurzaam beëindigd is, de gronden niet meer als zodanig in gebruik mogen worden genomen ten behoeve van de desbetreffende activiteit.

de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - niet publieksgerichte voorziening' toe te voegen ten behoeve van vestiging van niet-publieksgerichte dienstverlening of een niet-publieksgerichte maatschappelijke voorziening, van maximaal 200 m2 per bouwperceel, mits: 1. vestiging van de voorziening niet leidt tot het ontstaan van zodanige relevante, structurele leegstandseffecten, dat dit tot een uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening onaanvaardbare situatie zal leiden; de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - niet publieksgerichte voorziening' toe te voegen ten behoeve van vestiging van niet-publieksgerichte dienstverlening of een niet-publieksgerichte maatschappelijke voorziening, van meer dan 200 m2 per bouwperceel, mits: 1. het een passende locatie betreft op basis van de volgende voorkeursvolgorde: Kern Waalwijk Sprang-Capelle Waspik Voorkeursgebied 1 Vestiging ter plaatse Vestiging ter plaatse Vestiging ter plaatse van Centrum van Raadhuisplein van de aanduiding Waalwijk en ter Sprang-Capelle en 'Overige zone plaatse van de ter plaatse van de Stedelijk lint' van de aanduiding 'Overige aanduiding 'Overige kern Waspik zone - Stedelijk lint' zone - Kernlint' ven van de kern Waalwijk de kern Sprang-Capelle

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 29

I

I I I I I I I I

2

Als aangetoond Als aangetoond Als aangetoond wordt dat geen wordt dat geen wordt dat geen geschikte ruimte in geschikte ruimte in geschikte ruimte in voorkeursgebied 1 voorkeursgebied 1 workeursgebied 1 van de kern Waalwijk van de kern \an de kem Waspik beschikbaar is, dan Sprang-Capelle beschikbaar is, dan is vestiging ter beschikbaar is, dan is \estiging ter plaatse van de is vestiging ter plaatse van de aanduiding 'Overige plaatse van de aanduiding 'Overige zone - Kernlint' aanduiding 'Overige zone - Kernlint', binnen de kern zone - dorpslint' in de 'Overige zone Waalwijk mogelijk, kem Sprang-Capelle dorpslint', en 'Overige mits de locatie goed mogelijk, mits de zone - landelijk lint' ontsloten is of kan locatie goed in de kem Waspik worden. ontsloten is of kan mogelijk, mits de worden. locatie goed ontsloten is of kan ________________ worden.___________ Onder 'geen geschikte ruimte' wordt verstaan het ontbreken van de financiële, juridische of feitelijke mogelijkheden om de beoogde ruimtelijke ontwikkeling binnen het voorkeursgebied te doen plaatsvinden. 2.

3.

I I I I I

4. 5.

3.7.5

vestiging van de voorziening niet leidt tot het ontstaan van zodanige relevante, structurele leegstandseffecten, dat dit tot een uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening onaanvaardbare situatie zal leiden; ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - dorpslint' dient op percelen grenzend aan de bestemming 'Agrarisch' of 'Natuur1, bij ontwikkelingen aan de achterzijde sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke inpassing middels een erfinrichtingsplan (o.a. een beplantingsplan); voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.7.1; indien het gebruik van deze gronden voor het type voorziening gedurende minimaal één jaar is gestaakt en duurzaam beëindigd is, de gronden niet meer als zodanig in gebruik mogen worden genomen ten behoeve van de desbetreffende activiteit. Publieksgerichte voorziening

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming 'Gemengd' te wijzigen door:

a. b. c.

d. e.

f.

de aanduiding 'dienstverlening' toe te voegen ten behoeve van vestiging van publieksgerichte dienstverlening; de aanduiding 'maatschappelijk' toe te voegen ten behoeve van vestiging van een publiekgerichte maatschappelijke voorziening; de aanduiding 'horeca' toe te voegen ten behoeve van vestiging van lichte of middelzware horeca; de aanduiding 'detailhandel' toe te veegen ten behoeve van vestiging van detailhandel met uitzondering van een supermarkt of detailhandel volumineus; de aanduiding 'detailhandel volumineus' toe te voegen ten behoeve van vestiging van volumineuze detailhandel; wijziging zoals bedoeld onder a, b, c, d en e is toegestaan, onder voorwaarde dat: 1 het een passende locatie betreft op basis van de volgende voorkeursvolgorde: Kern Waalwijk Sprang-Capelle Waspik Voorkeursgebied

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 30

I I

I I I I I I I I

i I I I I I

Vestiging ter plaatse Vestiging ter plaatse Vestiging ter plaatse van Centrum van Raadhuisplein \an de aanduiding Waalwijk en ter Sprang-Capelle en 'Overige zone plaatse van de ter plaatse de Stedelijk lint' van de aanduiding 'Overige aanduiding 'Overige kern Waspik. zone - Stedelijk lint’ zone - Kernlint' van van de kern de kern Waalwijk._________ Sprang-Capelle. 2 Als aangetoond Als aangetoond Als aangetoond wordt dat geen wordt dat geen wordt dat geen geschikte ruimte in geschikte ruimte in geschikte ruimte in voorkeursgebied 1 workeursgebied 1 voorkeursgebied 1 van de kern Waalwijk van de kern van de kern Waspik beschikbaar is, dan Sprang-Capelle beschikbaar is, dan is vestiging ter beschikbaar is, dan is ■vestiging ter plaatse van de is vestiging ter plaatse van de aanduiding 'Overige plaatse van de aanduiding 'Overige zone - Kernlint' aanduiding 'Overige zone - Kernlint', binnen de kern zone - dorpslint' in de 'Overige zone Waalwijk mogelijk, kern Sprang-Capelle dorpslint', en 'Overige mits de locatie goed mogelijk, mits de zone - landelijk lint' ontsloten is of kan locatie goed in de kern Waspik worden. ontsloten is of kan mogelijk, mits de worden.

locatie goed ontsloten is of kan worden.___________ Onder 'geen geschikte ruimte' wordt verstaan het ontbreken van de financiële, juridische of feitelijke mogelijkheden om de beoogde ruimtelijke ontwikkeling binnen het voorkeursgebied te doen plaatsvinden. 1

2.

3.

4. 5.

vestiging van de voorziening niet leidt tot het ontstaan van zodanige relevante, structurele leegstandseffecten, dat dit tot een uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening onaanvaardbare situatie zal leiden; ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - dorpslint’ dient op percelen grenzend aan de bestemming 'Natuur', bij ontwikkelingen aan de achterzijde sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke inpassing middels een erfinrichtingsplan (o.a. een beplantingsplan); voldaan wordt aan de voorwaarden van lid 3.7.1; indien het gebruik van deze gronden voor het type voorziening gedurende minimaal drie jaar is gestaakt en duurzaam beëindigd is, de gronden niet meer als zodanig in gebruik mogen worden genomen ten behoeve van de desbetreffende activiteit.

I Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 31

I

I I I I

Artikel 4

4.1

Gemengd - Agrarisch

Bestemmingsomschrijving

De \oor 'Gemengd - Agrarisch’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: Wonen

I I I I I I I I I I I

a.

wonen in de hoofdmassa en de aangebouwde bijbehorende bouwwerken, waarbij per bouwperceel maximaal 1 (bedrijfs)woning is toegelaten, met dien verstande dat: 1. indien in de bestaande situatie sprake is \^n meer dan 1 woning op een bouwperceel, maximaal het bestaande aantal woningen is toegelaten; 2. de woning (deels) in de gevellijn is gelegen; 3. waar onder 1 tot en met 2 woning staat dit tevens geldt voor een bedrijfewoning; b. beroeps- of bedrijfsmatige activteiten bij een (bedrijfs)woning, op een maximum van 50 m2 brutovloeroppervlak van de hoofdmassa of bijbehorend bouwwerk per (bedrijfs)woning met in achtneming van lid 4.5.2; met dien verstande dat bestaande kamerbewoning, bed & breakfest en bedrijf en beroep-aan-huis zijn toegestaan in de toegelaten aard en omvang; (Agrarische) bedrijven c. d.

agrarische bodemexploitatie met bijbehorende voorzieningen; de uitoefening van een agrarisch bedrijf in de vorm van een (\ellegronds)teeltbedrijf, met dien verstande dat: 1. ter plaatse ven de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - overig agrarisch bedrijf tevens een overig agrarisch bedrijf is toegelaten, waarbij uitsluitend het bestaande type is toegestaan, zoals opgenomen in Aanvullende agrarische activiteiten - bestemming Gemengd -Agrarisch Aanvullende agrarische activiteiten - bestemming Gemengd -Agrarisch; 2. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - neventak intensieve veehouderij' tevens een neventak intensieve veehouderij is toegelaten, waarbij uitsluitend het bestaande type is toegestaan zoals is opgenomen in Bijlage 3 Aanvullende agrarische activiteiten - bestemming Gemengd -Agrarisch; 3. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - aanvullende bedrijfsactiviteit' in aanvulling op d sub 1 de (neven)activiteiten zijn toegestaan zoals opgenomen in Bijlage 3 Aanvullende agrarische activiteiten - bestemming Gemengd -Agrarisch; e. bedrijven met dien verstande dat: 1. de activiteiten vellen onder categorie A en B, zoals genoemd in Toegelaten bedrijven, kolom 'zelfstandige bedrijven' alsmede bedrijven welke naar hun schaal, aard en hinder op de omgeving daarmee vergelijkbaar zijn; 2.

ter plaatse ven de aanduiding 'overig zone - 3 in landelijk gebied' het bouwperceel ven een bedrijf maximaal 5.000 m2 mag bedragen, tenzij de bestaande opperMakte ven het bouwperceel groter is, dan wordt de bestaande oppervlakte geacht te zijn bestemd en daarmee toegelaten; Voorzieningen niet-publieksgerichte voorzieningen met dien verstande dat per bouwperceel tot maximaal 200 m2 bruto vloeroppervlak voor niet-publieksgerichte voorzieningen gebruikt mag worden; Algemene regels bedrijven en voorzieningen f.

g.

I

bedrijven en voorzieningen zoals bedoeld in lid 4.1 onder d, e en f zijn toegelaten, met dien verstande dat: 1. de activiteiten (deels) worden uitgeoefend in een gebouw dat (deels) is gelegen in de

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 32

I I

I I I I I I I I I I I I 1 I I I I 1 I

gevellijn, waarbij onder gebouw in de gevellijn tevens een bedrijfswoning wordt verstaan; de activiteiten op de begane grondlaag uitgeoefend worden, waarbij bijbehorende kantoren ook zijn toegestaan op de verdiepingen; 3. een geluidzoneringsplichtige inrichting of een inrichting zoals bedoeld in artikel 2, lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen milieubeheer (BEVI) is niet toegelaten; 4. indien het gebruik ven de gronden ter plaatse ven de aanduiding 'specifieke verm ven bedrijf - aanvullende bedrijfsactiviteit' zoals bedoeld in lid 4.1 onder d ten behoeve ven de activiteit gedurende minimaal driejaar is gestaakt en duurzaam beëindigd is, de gronden niet meer als zodanig in gebruik mogen worden genomen ten behoeve ven de desbetreffende activiteit; h. ondergeschikte en niet zelfstandige functies op niet meer dan 10% ven het totale brutovloeroppervlak ven het bedrijf en/of de voorziening, exclusief de bedrijfswoning en bijbehorende bouwwerken, tot een maximum ven 100 m2 veor (een combinatie ven) de volgende functies: 1. aan d, e en f ondergeschikte en niet-zelfstandige detailhandel veor zover het betreft een beperkte verkoop ven goederen die functioneel rechtstreeks verband houden met het bedrijf en/of de voorziening, waarbij verkoop ven streekgebonden producten bij een agrarisch bedrijf tot maximaal 35 m2 altijd is toegestaan; 2.

en aan d, e en f ondergeschikte en niet -zelfstandige internethandel; 3. aan d, e en f ondergeschikte, niet-zelfstandige, aan de detailhandelsfunctie of extensieve dagrecreatie verwante, lichte horeca; 4. extensieve dagrecreatiepunten; 5. aan lid d, e en f ondergeschikte, niet-zelfstandige, aan de detailhandelsfunctie of extensieve dagrecreatie verwante, lichte horeca; met de bijbehorende:

2.

i.

parkeervoorzieningen, met dien verstande dat voldaan wordt aan Artikel 10 Parkeerregelgevng, waarbij het bestaande gebruik in de bestaande omvang en functietype is toegelaten: bijbehorende bouwwerken; jk. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; l. tuinen, erven en verhardingen; m. ontsluitingswegen en -paden ten behoeve van aangrenzende bestemmingen; n. nutsvoorzieningen; o. water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

4.2

Bouwregels

4.2.1

Algemene bouwregels

Voor het bouwen van bouwwerken gelden in zijn algemeenheid de volgende regels: a. b.

voor zover bestaande bouwwerken afwijken van de regels in lid 4.2.2 tot en met 4.2.6 wordt de bestaande plaats en bestaande contour van de afwijking geacht te zijn bestemd. de oppervlakte van de gebouwen en de bouwwerken, geen gebouwen zijnde behorend bij een vohouderij, met uitzondering van de bestaande bedrijfswoning(en) en de bijbehorende bouwwerken bij een bedrijfswoning, mag ten hoogste de omvang hebben van de gebouwen die: 1. op 21 September 2013 legaal aanwezig of in uitwering waren; of 2. de oppervlakte van de gebouwen en de bouwwerken, geen gebouwen zijnde behorend bij een veehouderij, met uitzondering van de bestaande bedrijfswoning(en) en de bijbehorende bouwwerken bij een bedrijfewoning, mag ten hoogste de omvang hebben van de gebouwen die: 3. zijn gebaseerd op een vóór 21 september 2013 ingediende volledige en ontvankelijke

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 33

I 1 I I I 1 I I I I I 1 I 1 I

I I I

c.

aanvraag voor omgevingsvergunning, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder a, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, die in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan; binnen gebouwen ten behoeve van een veehouderij ten hoogste één bouwlaag gebruikt mag worden voor het houden van dieren, met uitzondering van volière- en scharrelstallen voor legkippen waar ten hoogste twee bouwlagen gebruikt mogen worden.

4.2.2

Hoofdmassa in de gevellijn

Voor het bouwen van de hoofdmassa welke (deels) in de gevellijn is gelegen gelden de volgende regels: a.

als hoofdmassa mogen uitsluitend de volgende typen worden gebouwd: 1. vrijstaande hoofdmassa's ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand'; 2. twee-aaneengebouwde en/of vrijstaande hoofdmassa's ter plaatse van de aanduiding 'twee-aaneen'; b. de hoofdmassa mag uitsluitend achter de gevellijn worden gebouwd waarbij: 1. de breedte van de voorkant van de hoofdmassa minimaal voor 50% in de gevellijn moet worden gebouwd welke gerelateerd is aan de voorkant van de hoofdmassa; 2. indien in de bestaande situatie niet voldaan wordt aan sub 1: het bestaande percentage; c. de afetand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens van het bouwperceel dient minimaal te zijn: 1 bij een vrijstaande hoofdmassa ter plaatse van de aanduiding 'ovarige zone - dorpslint' en de aanduiding 'overige zone - landelijk lint' in totaal tot beide perceelsgrenzen minimaal 6 m, met een minimum van 1,5 m tot de afzonderlijke perceelsgrenzen; 2. bij een twee-aaneengebouwde hoofdmassa aan één zijde minimaal 3 m; 3. indien in de bestaande situatie niet voldaan wordt aan sub 1, 2 en 3: de bestaande afstand tot de betreffende zijdelingse perceelsgrens voor wat betreft de bestaande diepte van de hoofdmassa; d. het oppervlak van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan: 1.

ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - dorpslint' voor (twee) aaneengebouwde hoofdmassa's maximaal 120 m2 per hoofdmassa en voor een vrijstaande hoofdmassa maximaal 150 m2; 2. indien in de bestaande situatie niet wordt voldaan aan sub 1: de bestaande oppervlakte, e. de diepte van de hoofdmassa mag maximaal bedragen: 1. bij een vrijstaande, twee-aaneengebouwde en aaneengebouwde hoofdmassa indien de goothoogte niet hoger is dan 4 m en voldaan wordt aan lid 4.2.2 onder c (afstand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens): 22 m; 2. indien de goothoogte hoger is dan 4 m of niet voldaan wordt aan lid 4.2.2 onder c sub 1 tot en met 3 bij een vrijstaande, twee-aaneengebouwde en aaneengebouwde hoofdmassa: 12 m; 3. indien in de bestaande situatie niet wordt voldaan aan sub 1 en 2: de bestaande diepte; f. de breedte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan: 1. in het gevol van de aanduiding 'ovorige zone - stedelijk lint’ en 'overige zone - kemlint' de bestaande breedte; 2. in overige gevallen bedraagt de breedte bij een vrijstaande of twee-aaneengebouwde hoofdmassa maximaal de maat van de bestaande diepte van de hoofdmassa, verminderd met 1 m met inachtneming von lid 4.2.2 onder c; 3.

indien in de bestaande situatie de bestaande breedte groter of gelijk is aan de diepte zoals bedoeld in sub 2: de bestaande verhouding in breedte en diepte van de hoofdmassa; de goothoogte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan: g 1. de goothoogte van de voorkant hoofdmassa in de bestaande situatie vermeerderd met 1

Schotse Hooglandersstraat ong. (naast 19), Waspik, ontwerp 34

I I I I I I 1 1 i I

h.

i.

j-

k.

m, met dien verstande dat de goothoogte ten minste 4 m mag bedragen; de bouwhoogte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan: 1. de bouwhoogte in de bestaande situatie vermeerderd met 1 m, met dien verstande dat de bouwhoogte ten minste 4 m mag bedragen; 2. indien in de bestaande situatie de bouwhoogte gelijk is aan de goothoogte: de bouwhoogte in de bestaande situatie vermeerderd met 4 m tot een maximum van 11 m; het dak van de hoofdmassa is voorzien van een nok, waarbij geldt dat: 1. de kaphelling minimaal 30 en maximaal 65 graden mag bedragen;; 2. indien in de bestaande situatie geen nok aanwezig is: ook de bestaande dakvorm is toegestaan; 3. indien in de bestaande situatie niet voldaan wordt aan sub 1: de bestaande dakhelling voor het dakvlak dat afwijkt is toegestaan. indien bij een renovatie van de bestaande hoofdmassa een EPC van 0 gerealiseerd wordt, mogen de maximale maten zoals genoemd in lid c tot en met h met 0,5 m worden overschreden. dakkapellen zijn toegestaan, mits voldaan wordt aan het volgende: 1. de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; 2. de bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; 3. de zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak; 4.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10423091/1