CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Integraal Waterplan Waalwijk 2025-2027

Raadsvergadering 27 juni 2024, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Vaststellen Integraal Waterplan Waalwijk (IWW) 2025-202719.699 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Visuele inspectie met classificatie volgens NEN 3398. Registratie reinigers.

4e1: Bij risicoriolen* geen ingrijpmaatstaf voor waterdichtheid en stabiliteit.

Visuele inspectie met classificatie volgens NEN3399.

4e2: Bij niet risicoriolen geen zettingen op maaiveld door gebreken aan de riolering, geen blokkering doorvoer.

Meldingen, waarnemingen maaiveld.

4e3: Maximaal 2 instortingen per 100 km riool per jaar.

Registratie reinigers.

Visuele inspectie met classificatie volgens NEN3399. Afpersen als er twijfel is op de waterdichtheid.

*Risicoriolen zijn riolen onder hoofdwegen, bij winkels en bedrijven of die van belang zijn voor de afvoer van een gebied naar gemalen en overstorten. Ook riolen met een grote diameter die de afvoer van een groter gebied verzorgen of riolen die vlakbij belangrijke kabels of leidingen liggen behoren tot de risicoriolen.

Doel 5 Zorgen dat het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert 5a

Functionele eisen

Maatstaven

Meetmethoden

Adequate afvoer van overtollig grondwater (bij te hoge grondwaterstanden).

5a1: De ontwateringsdiepte is minimaal 70 cm beneden maaiveld.

Onderzoek grondwaterstanden eventueel in combinatie met grondwatermodel. Peilbuizenregistratie.

5a2: GHG< 50 cm-mv: bij groot onderhoud aan wegen of riolering treffen van grondwatermaatregelen. 5a3: GHG 50-70 cm-mv: bij groot onderhoud aan wegen of riolering onderzoek uitvoeren.

Peilbuizenregistratie.

5a4: GHG > 70 cm-mv: geen maatregelen. Peilbuizenregistratie. (beheer fase) 5a5: Geen klachten waarbij meerdere Peilbuizenregistratie. keren per jaar gedurende telkens een week of langer de grondwaterstand hoger is dan 70 cm onder maaiveld.

Bijlage 4:

Maatstaven bij het beoordelen van de toestand van de riolering

In onderstaande tabel is aangegeven wanneer een riool de ingrijpmaatstaf heeft bereikt. Om dit te monitoren worden er jaarlijks camera-inspecties uitgevoerd.

Waarneming toestand Code volgens

Ingrijpmaatstaf Omschrijving

conform NEN 3398 klasse

NEN 3399 (2015) Waterdichtheid 

BBF

Infiltratie

4

BBD A of C

Binnendringen van grond

4

BAJ-A

Verplaatsing in lengterichting

5 + nader onderzoek

BAJ-B

Verplaatsing in omtrek

5 + nader onderzoek

BAJ-C

Hoekverdraaiing

5 + nader onderzoek

BAI-A

Inhangend afdichtingsmateriaal ring

≥3 + nader onderzoek

BAI-Z

Ander afdichtingsmateriaal

5 + nader onderzoek

BAA

Deformatie

5 + nader onderzoek

BAB

Scheuren

4 + nader onderzoek

BAC

Breuk/instorting

2 + nader onderzoek

Stabiliteit

Afstroming 

BAG

Instekende inlaat

3 + nader onderzoek

BBA A of C

Wortels

3 + nader onderzoek

BBB

Aangroei (aangehechte afzetting)

4

BBC

Afzetting (bezonken)

4

BBE

Andere obstakels

4

Betekenis klasse-codes ingrijpmaatstaf: 1 = het desbetreffende aspect van de toestand is niet of in zeer geringe mate waargenomen 5 = het desbetreffende aspect van de toestand is waargenomen in maximale vorm Het oordeel wordt nooit vastgesteld op basis van alleen informatie uit de visuele inspectie (zie NEN 3398).

Bijlage 5:

Overzichtstekening gemeentelijk watersysteem

Overstorten Waalwijk Oranje overstorten hebben te maken met een theoretische ‘negatieve’ overstort. Hier kan oppervlaktewater het rioleringsstelsel instromen.

Overstorten Sprang-Capelle

Overstorten Waspik

Bijlage 6:

Eisen aan het watersysteem bij nieuwbouw en bestaande bouw

Deze beleidsrichtlijn is een bijlage van het Integraal Waterplan Waalwijk, vastgesteld door de raad. In deze beleidsrichtlijn staat omschreven hoe binnen de grenzen van de gemeente Waalwijk wordt omgegaan met het verwerken van hemelwater. Aanleiding voor het opstellen van deze beleidsrichtlijn is de toenemende verstedelijking en de klimaatverandering. Deze combinatie zorgt ervoor dat bestaande structuren voor afwatering niet meer voldoen. Gemeente, bewoners en bedrijven zullen elk een bijdrage moeten leveren om de kwaliteit van onze leefomgeving zo aangenaam mogelijk te houden. Uitgangspunt De belangrijkste wetgeving rondom hemelwater ligt vast in de Omgevingswet (2024). Volgens de Omgevingswet ligt een eerste verantwoordelijkheid voor hemelwater bij de perceeleigenaar. Deze is in beginsel verantwoordelijk voor verwerking van het regenwater dat op zijn terrein valt. In bijzondere situaties ligt de zorg voor de inzameling en verwerking van hemelwater bij de gemeente (‘Hemelwaterzorgplicht’). Het gaat dan om situaties waar niet redelijkerwijs kan worden gevergd van de eigenaar om het afvloeiend afvalwater in de bodem of het oppervlaktewater te brengen. In dat geval biedt de gemeente een voorziening aan waarop regenwater kan worden geloosd. Voor het openbaar gebied is de gemeente zelf de perceeleigenaar.

Afkoppelmogelijkheden In het Beleidsplan Afkoppelen hemelwater van 2012 is al onderzocht welke mogelijkheden voor afkoppelen het meest geschikt zijn. Dat is namelijk afhankelijk van een aantal gebiedsfactoren. Denk hierbij aan grondwaterstanden en de doorlatendheid van de bodem. In beginsel zijn er 4 systemen voor afkoppelen met een reeks varianten. Op basis van de inventarisatie uit de voorgaande paragraaf is in tabel 3 aangegeven welke afkoppelmogelijkheden de voorkeur verdienen.

Afkoppel-systeem

Kern

Opmerkingen

Waalwijk

Waalwijk

Sprang-

Waspik

Waspik

noordelijk

overig

Capelle

zuid

overig

++

++

van A59 Lozing op

++

++

++

oppervlaktewater Doorlatende verharding

Deel HWA naar RWZI

-

+

+

++

-

Eventueel met drainage

Oppervlakte-infiltratie

-

+

+

++

-

Ondergrondse infiltratie

--

-

-

+

-

Met drainage

Een punt van aandacht vormen de mogelijke extra beheerkosten voor de wegbeheerder. Deze zijn afhankelijk van de aard van de afkoppelmaatregel en afwijkende beheermaatregelen. Nieuwbouw 1. Wateradviseur (plantoetser Team ORV) is betrokken vóórdat bestemmingen zijn vastgelegd. 2. Perceeleigenaar is verantwoordelijk voor opvang en verwerking van hemelwater. a. 60 mm waterberging over het aangelegde verhard oppervlak (dakoppervlak én terreinverharding). b. Indien infiltratie aantoonbaar niet mogelijk is, bedraagt de afvoer naar openbaar water of gemeentelijk afwateringstelsel maximaal 2 l/s/ha. 3. Wateradviseur (plantoetser team ORV) adviseert over een veilige hoogte van het vloerpeil ten opzichte van de kruin van de weg, om schade door wateroverlast bij hevige neerslag te voorkomen. 4. Wateradviseur (plantoetser team ORV) dient goedkeuring te geven op het afwateringsplan van het te ontwikkelen perceel. Let op: in veel gevallen dient ook het waterschap te worden betrokken. Dit stappenplan geldt niet alleen voor uitbreidingslocaties, maar ook voor locaties waar bestaande bouw wordt gesloopt ten behoeve van de ontwikkeling van nieuwbouw. Bestaande bouw Spoor 1 (vergunning of melding) 1. Vergunningverlening voor water gerelateerde maatregelen loopt via het landelijke loket DSO (digitaal loket omgevingswet).. 2.

Afstemming met de Wateradviseur (plantoetser team ORV) borgt dat waterambities worden besproken en afgestemd. 3. Mogelijk kan de eigenaar gebruik maken van de stimuleringsregeling zoals beschreven onder spoor 2. Spoor 2 (zonder vergunning of melding) 1. Eigenaar meldt zich bij de gemeente voor de stimuleringsregeling afkoppelen. 2. Wateradviseur (plantoetser team ORV) adviseert over de mogelijkheden. Dit advies is heel belangrijk, omdat er per perceel andere aandachtspunten, kansen en risico’s zijn. Ervaringen elders wijzen bovendien uit dat dit adviesgesprek de drempel tot deelname aanzienlijk verlaagd. 3. Besluitvorming over subsidieverstrekking, vastleggen van uitgevoerde maatregelen en eventuele controlemogelijkheid.

Enkele voorbeeldberekeningen Situatie 1 Bij een bestaande woning wordt een aanbouw toegevoegd van 15 m2. Er is geen waterberging nodig, omdat dit minder is dan 20 m2.

Situatie 2 Bij een bestaande woning wordt een garage gebouwd van 15 m2 en een verhard oprit van 12m2. Hier is 60 mm berging nodig, omdat het totale nieuwe oppervlak meer dan 20 m2 is. Dat geldt ook als het schuurtje dat er eerst stond, wordt afgebroken. Het oppervlak van het schuurtje is niet relevant. De waterberging die moet worden gemaakt heeft een inhoud van: 27 m2 (15 en 12) * 60 mm = 1,62 m3 (1620 liter).

Situatie 3 Bij nieuwbouw (waar voorheen geen gebouw of verharding was) moet voor iedere vierkante meter verharding 60 liter waterberging worden gemaakt. Bijvoorbeeld: Dakoppervlak 100 m2 Oprit en terras: 50 m2 Benodigde waterberging: 150 m2 (100+50) * 60 mm

=

9 m3 (9000 liter).

Situatie 4 Ter plaatse van een bestaand gebouw of bestaand verhard terrein wordt een nieuw gebouw geplaatst. Hier is sprake van nieuwbouw en geldt plicht tot aanleg van 60 mm waterberging. Zie voorbeeldberekening van situatie 3.

Bijlage 7:

Kostendekkingsplan

Uitgangspunten kostendekkingsplan

13 maart 2024

Bron Voor enkele lastenonderdelen is gerekend met prijscompensatie (indexatie) (****)

2024

Bedragen zijn exclusief btw tenzij anders vermeld Bedragen voor werken zijn inclusief voorbereiding en uitvoeringsbegeleiding sleufherstel hoofdriool Bedragen voor werken zijn exclusief grondverwerving en vestiging zakelijk recht ingrijpende maatregelen voor kabels en leidingen intensieve bemaling stempeling of toepassing van damwanden invloeden vanuit de marktsituatie sleufherstel kolk- en huisaansluitingen Er is gerekend met een rentepercentage van 1,50% Er is gerekend met een inflatie op sommige exploïtatielasten van 5% /jaar De volgende financiële looptijden/afschrijvingstermijnen zijn gehanteerd: telemetrie 5 jaar mechanisch-elektrisch 15 jaar riolering, persleidingen, gemalen-bouwkundig, bergbezinkbassins, KRW-buffers, 40 jaar afkoppelvoorzieningen Alle nieuwe investeringen worden omgezet naar kapitaallasten met: een looptijd conform bovenstaand overzicht op basis van een annuïtaire lening tegen een rentepercentage als bovenstaand Het uitgavepatroon gaat uit van 40% in het jaar van beschikbaarstelling, 40% in het jaar daaropvolgend en 20% in het jaar daarop. De afschrijving volgt in het jaar volgend op de uitgave.

De rioleringsbuizen en putten worden vervangen na gemiddeld

70 jaar

De vervangingskosten riolering zijn bepaald op basis van kentallen voor meterprijzen Rente over de rioolvoorziening wordt niet aan de voorziening toegerekend.

Bronnen * ** ***

Nota van Uitgangspunten begroting 2024 Bijlage Afschrijvingstermijnen uit de Nota Waarderings- en Afschrijvingsbeleid 2023 Praktijkervaring: het gaat hier om vervanging/vernieuwing, niet om de financiële afschrijving

* * ** ** ** **

***

24.266

24.468

€ 223

€ 216 3,0%

3,0% € 5.455.301

€ 5.252.683 € 1.673.366

€ 1.526.257 € 675.976

€ 179.142 € 3.008.042

€ 3.008.042 € 400.000

€ 400.000 € 248.560

€ 248.560

€ 6.005.945

€ 5.362.001

kapitaallasten kapitaallasten exploitatiebestaand nieuw kosten btw nieuw beleid uitgaven totaal € 955.574 € 5.741 € 3.008.042 € 400.000 € 248.560 € 4.617.917

rioolheffing aantal gemiddeld stijging opbrengst aansluitingen tarief tarief totaal 24.064 € 210 3,0% € 5.057.241

2027

LASTEN

Gemeente Waalwijk IWW Waalwijk 13 maart 2024

BATEN

2026

2025

JAAR

Opdrachtgever Project Datum

-€ 550.644

-€ 109.317

€ 3.747.159

€ 4.297.803

bijdrage aan stand per rioolvoorziening 31 december € 439.323 € 4.407.120

Rioolvoorziening

Bijlage 8:

Reactie waterschap

Reactie op Integraal Waterplan Waalwijk 2025-2027 Beste Jean-Philippe, Ik heb het Integraal Waterplan Waalwijk 2025-2027 doorgenomen. Ik zag dat de eerder gemaakte opmerkingen van mijn collega’s zijn verwerkt. Het is een mooi en ambitieus plan, waarin de wateropgaven waar we gezamenlijk voor staan, goed in beeld worden gebracht. Duidelijk is dat een nauwe samenwerking nodig is tussen de gemeente, het waterschap en de andere partijen, maar ook dat van bewoners iets wordt gevraagd. Ik ben blij met de aandacht voor afkoppelen en de bijbehorende stimuleringsregeling. Ook de ambitie om bij reconstructie en inbreiding ruimte voor hemelwateropvang en -infiltratie (minimaal 20 mm) te realiseren ondersteun ik van harte. Een aandachtspunt is hierbij is, dat we ons realiseren dat het beleid van de gemeente Waalwijk en dat van het waterschap hier niet hetzelfde is. De gemeente heeft bij reconstructie en inbreiding een hogere retentie-eis dan het waterschap nu (nog) heeft. Het is daarom belangrijk om initiatiefnemers of ontwikkelaars hierover goed te informeren en te zorgen dat zowel waterschap en gemeente vroeg aan tafel zitten bij de uitwerking van plannen. We moeten naar elkaars beleid verwijzen en elkaar op de hoogte houden om misverstanden bij derden te voorkomen. In bijgevoegd document heb ik nog wat tekstuele opmerkingen opgenomen en een enkele opmerking.

Ik ben overigens gewend dat aan een GRP (in dit geval Waterplan) een overzicht met alle overstorten wordt toegevoegd. Dit zag ik niet in de bijlagen. Met vriendelijke groet, Karin Moll Senior gebiedsadviseur Waterbeleid & Plannen

Bouvignelaan 5 | 4836 AA Breda | Postbus 5520 | 4801 DZ Breda

Noot: de opmerkingen en het overzicht van alle overstorten zijn verwerkt in deze versie.

Bijlage 9: Taak

Motivatie verrekeningen Percentage

Motivatie

verrekening Straatreiniging

50%

Een deel van het straatvuil komt zonder straatreiniging terecht in de riolering en moet dan tijdens de rioolreiniging worden verwijderd.

Stortkosten

50%

veegvuil

Gerelateerd aan de vorige post. Een deel van het veegvuil zou zonder straatreiniging via de kolken in de riolering terecht komen en vervolgens met de rioolreiniging vrijkomen en moeten worden gestort.

Onderhoud

33%

wegen

Wegen hebben meerdere functies. Eén functie is zorgen voor afwatering van de openbare ruimte. Om deze functie in stand te houden worden kosten gemaakt. Denk hierbij aan herstraten van verzakkingen en molgoten. Daarom wordt een derde van onderhoud wegen verrekend met riolering.

Onderhoud

25%

waterlopen

De gemeente heeft onder andere de zorgplicht voor verwerking van hemelwater. Het onderhoud van waterlopen draagt bij aan dit doel. Daarom wordt een deel van de kosten voor het onderhoud van de waterlopen verrekend met riolering.

Stedelijke

25%

waterlopen

De gemeente heeft onder andere de zorgplicht voor verwerking van hemelwater. Het onderhoud van stedelijke waterlopen draagt bij aan dit doel. Daarom wordt een deel van de kosten voor het onderhoud van de waterlopen verrekend met riolering.

Baggerwerk

25%

De gemeente heeft onder andere de zorgplicht voor verwerking van hemelwater. Baggerwerk draagt bij aan dit doel. Daarom wordt een deel van de baggerkosten verrekend met riolering.

Uitvoering

100%

milieubeleid

Door uitvoering van het milieubeleid blijft onze leefomgeving schoon. De uren inzet die hiervoor nodig zijn worden volledig verrekend met riolering.

Overhead

25%

Riolering heeft een aandeel van een kwart ten opzichte van de totale begroting van de afdelingen TOOR en TORV. Naar rato wordt de overhead verrekend met riolering.

Publiekszaken

15%

Naar rato van de totale gemeentelijke begroting, worden de kosten publiekszaken verrekend met riolering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14179817/1