CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 bij vragen en antwoorden VVD Nederland naar een burgerbegroting

Raadsvergadering 12 september 2024, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Kaders Burgerbegroting Waalwijk17.908 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Nederland op weg naar de burgerbegroting Joop Hofman

Full version

Inhoudsopgave Routekaart naar een Burgerbegroting

1. Inleiding

3

2. Historie burgerbegroting

4

3. Burgerbegroting, wat is het?

.7

4. Doelen en motieven

11

5. Porto Alegre als voorbeeld

18

6. Burgerbegroting on-line

20

7. Vijfkritische succesfactoren

23

8. Resultaten

27

9. De beloftes van de burgerbegroting

31

10. Routekaart burgerbegroting voor Nederland

35

Literatuurlijst

2

1

Inleiding

Deze publicatie is de Full Version van de brochure ‘Nederland op weg naar de burgerbegroting’. Een uitgave. In het kader van de publicatiereeks burgerparticipatie, van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. De auteur is Joop Hofman. De brochure is een publieksversie van deze Full Version. In het voorwoord van de brochure zegt de Directeur-generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties, GertJan Buitendijk over ‘Nederland op weg naar de burgerbegroting’: “Op de derde dinsdag van september, wanneer de Rijksbegroting wordt gepresenteerd, staan alle kranten vol met bedragen en grafieken. De algemene beschouwingen en begrotingsdebatten zijn het hoogtepunt van het politieke jaar. Maar dichter bij huis kennen we geen Prinsjesdag. De behandeling van de begroting gebeurt achter de gesloten deuren van het gemeentehuis. Eén keer per jaar stelt de gemeente haar begroting vast. Dan worden keuzes gemaakt over de besteding van lokale budgetten; financiële keuzes die direct van invloed zijn op de leefomgeving van mensen. Maar hoeveel inwoners beleven dat moment als een feest van de democratie? Hoeveel van hen hebben weleens een begroting gezien? Trouwens, hoeveel ruimte is er eigenlijk binnen die begroting, over welke posten kunnen nog keuzes worden gemaakt? In deze publicatie kijken we dan ook naar het buitenland, want daar is de situatie soms radicaal anders.

In Brazilië, in dit opzicht koploper, en in veel Europese steden wordt gewerkt met een burgerbegroting. Dat gaat aanzienlijk verder dan een afgescheiden potje voor leuke dingen in de wijk of spelletjes op internet met fictieve bestedingsopties. Het gaat om de echte poet, waardoor de lokale politiek weer gaat leven. Nieuwe rolverdelingen tussen de gekozen volksvertegenwoordiging en de beraadslagingen van grote groepen bewoners kristalliseren zich daar uit. Dit kan Nederlandse gemeenten, waar deze ontwikkeling nog moet beginnen, inspireren. Juist in deze tijd van bezuinigingen valt er écht iets te beslissen. Bovendien willen veel gemeenten, soms noodgedwongen, de samenleving meer verantwoordelijkheid geven in het publieke domein. Deze publicatie biedt naast een inspirerend vergezicht ook een praktische routekaart voor gemeenten die de eerste stappen willen zetten op de weg van de burgerbegroting. Let wel, dit is geen blauwdruk of stappenplan maar geeft een aantal aspecten weer waarmee gemeenten rekening kunnen houden…. ….De komende jaren zal gemeentebegroting in Nederland naar verwachting steeds minder black-box zijn. Aan gemeenten de taak daarmee nu een begin te maken”

Veel leesplezier en vooral zin, zin en zin om er aan te beginnen

Joop Hofman Deventer

3

2

Historie Burgerbegroting

De stad Porto Alegre ontving op de Habitat II Conferentie in 1996 een prijs als ‘best practice in stedelijk management’. Dit was het moment dat de methode van participatief budgetteren zich openbaarde aan de hele wereld. Eveneens het moment dat vele honderden steden zich gingen beraden op de invoering ervan. De Amerikaanse professor Jamie Peck (Columbia University) is bezig met een wereldwijd onderzoek naar ontstaansmomenten van sociale ‘uitvindingen’ . Hij constateert dat het participatief budgetteren in het Braziliaanse Porto Alegre (dat alom als de eerste bewonersbudget wordt beschouwd), er tegelijk was met een budgetmodel uit Mexico en in Nederland met de Deventer Wijkaanpak. Allemaal zijn ze begonnen te experimenteren in 1989. Het verschil tussen de Braziliaanse aanpak en die uit Deventer is dat de eerste start bij het vanuit bewoners opstellen van de begroting voor een gemeente of district en daarna de begrootte bewonersprioriteiten omzet in beleid en uitvoeringsplannen. In Deventer staat het wijkbudget als ‘vrije’ post aan het eind van de gemeentebegroting. Bewoners kunnen het budget naar eigen inzicht inzetten voor de wijk. Het verschil heeft vooral te maken met de verschillende doelen die de steden nastreven. In Porto Alegre gaat het om herverdeling van publieke diensten, bestuurlijke legitimering en transparantie.

In Deventer gaat het om vergroten van bewonersverantwoordelijkheden, ideeontwikkeling en bewonerskeuzes.. Het model van participatief begroten is in vele honderden Braziliaanse steden en regio’s ingevoerd alsmede in andere Latijns-Amerikaanse steden in Peru, Argentinië, Uruguay of Ecuador. Ook India (Poona) en Europa rukken op. In Europa betreft het kleine, middelgrote en grote steden als Sevilla, Bonn of districten in Londen, Berlijn, Parijs en Rome. We spreken dan over gebieden tussen de 100.000 en 700.000 inwoners. Drie landen springen er uit: Spanje, Italië en Duitsland. In de tweede linie volgen Portugal, Frankrijk en Groot-Brittannië. Sinds 2008 zijn er ook modellen van participatief begroten gestart in Polen en Albanië. In Duitsland zijn de methoden voor participatief budgetteren in ruim 150 steden ver doorgevoerd. Keulen en Hamburg doen het en in diverse districten in Berlijn wordt er al jaren mee gewerkt. Het district Lichtenberg (250.000 inwoners) maakt al vanaf 2005 een groot deel van de jaarlijkse begroting op samen met duizenden inwoners. Jaarlijks is er de mogelijkheid in Berlijn-Lichtenberg om de begroting voor 30 miljoen euro, vanuit de wijken, in te richten. Met veel Stadtteilkonferenzen en internetforums worden er voorstellen gemaakt voor het komende begrotingsjaar.

Dit zijn zogenaamde ‘half-processen’ omdat ze het participatief budgetteren niet ziet als een besluitvormend proces, maar als een instrument dat extra en maatschappelijk gewogen argumenten aandraagt voor de gemeenteraad, zodat deze goede keuzes kan maken. De referentiestad voor deze benadering is Christchurch, Nieuw-Zeeland. Winnaar in 1993 van de internationale prijs voor het beste ‘good governance model’.

4

Uit De Stentor- 16 april 2011

Bewoners planten zelf bomen DEVENTER - Bewoners van de Klinkenbeltsweg in Deventer hebben zelf twee platanen geplant in hun straat. De bomen die er stonden hadden het begeven en de bewoners drongen bij de gemeente aan op vervanging. Volgens een gemeentewoordvoerder is aanplant veel te duur, ook omdat de bodem eerst geschikt moet worden gemaakt. De bewoners waren voor 250 euro klaar. En de eerste bladgroei is inmiddels te zien.

Reacties Geweldig zo'n burgerinitiatief. Op zich is het logisch dat het duurder is als de gemeente het moet regelen. De bureaucratie (een woord waar iedereen meteen boos van wordt) heeft zichzelf in de hand gewerkt, de schuld daarvan ligt heus niet alleen bij de gemeente maar vooral bij burgers die de regels misbruiken. Maar echt leuk dat de buurt dit wel oppakt, zou dan wel een leuk gebaar van de gemeente zijn om deze €250,= te vergoeden. Lijkt me dan voor iedereen een win-win situatie. Henk - 16-04-2011 | 13:02 Ja zo herkenbaar . De gemeente doet echt niks, alleen maar vergaderen. Niemand durft besluiten te nemen daar. De verantwoordelijke wethouder en de ambtenaren kunnen hun werk gewoonweg niet aan. Alles afschuiven. Goed dat de bewoners hetzelf hebben gedaan. Henk en Ingrid - 16-04-2011 | 11:19 Prachtig dat bewoners het zelf doen voor een fractie van de kosten die de gemeente kwijt zou zijn. De gemeente zou voor zo'n klein projectie rustig een euro of 2000 uittrekken en achteraf dan nog over die begroting heengaan. Steeds meer komen burgers er achter dat de gemeente een waardeloos niet-functionerend log apparaat is wat enkel een heleboel geld kost en vrijwel niets oplevert. Eigenlijk zouden de burgers het hele gemeentelijke apparaat af moeten breken en moeten vervangen voor iets handzamers en goedkopers.

Pas dan kan er echt bezuinigd worden op onnodige ambtenarij en kan het geld echt ten goede komen van de burgers. Mark - 16-04-2011 | 11:08 Te duur?? Een regelrechte schande .... Men wil wel een nieuw stadskantoor voor ettelijke miljoenen in het centrum laten bouwen, die overigens het overgrote deel van de Deventernaren niet wil! DAT IS NOU TE DUUR !! Kwiebus - 16-04-2011 | 08:03 ik als medewerker van een hoveniersbedrijf weet er alles van ook wij keijgen die vragen wel eens van de mensen naar ja wij moeten ze ook door verwijzen naar de gemeente en die doet er vervolgens niets meee ik denk als je door deventer gaat kijken dan zul je verscheidende boompjes tegen komen die het niet zo goed doen boompje - 16-04-2011 | 07:

5

In Nederland kennen we geen voorbeelden van het model Porto Alegre of Christchurch. In Dordrecht is in 2009 wel iets vergelijkbaars gestart. Voor de wijk Stadspolders is met vele bewoners een buurtbegroting gemaakt. Wel zien we in 2010 en 2011 een vloedgolf van participatieprocessen ontstaan dat zich allemaal concentreert rond de bezuinigingsopgaven van lokale overheden. Tientallen gemeenten organiseren openbare gesprekken in dorpshuizen, brainstormbijeenkomsten (Midden Drenthe), websitediscussies (Barendrecht, Utrecht), burgerdenktanks (Hellendoorn, Losser), burgerenquêtes (Geldermalsen) en bezuinigingsoproepen (Eindhoven). Of dagen burgers uit tot het zelf voorbereiden van moeilijke begrotingskeuzes (Wageningen, Dordrecht). Het lijkt er daarmee op dat in Nederland de eerste participatieve begrotingscoalities tussen overheid en burgers zijn geslagen. Weliswaar rond het inrichten van de bezuinigingen, de volgende stap kan het inrichten van de begroting zijn. Dat vraagt om een visie, een organisatie, een methode, een samenwerkingscultuur en vooral gedreven burgers, politici en professionals om er met zijn allen wat van te maken. Van de aanpak in de drie steden, Porto Alegre, Christchurch en Deventer, geldt Porto Alegre als het wereldwijde moedermodel voor participatief begroten.

Dit boek richt zich op het methodisch vertalen en uitvoerbaar kunnen maken van participatief begroten in Nederland met Porto Alegre als referentie. De eerste vertaling is het woord participatief begroten of budgetteren of participatiebegroting in het Nederlandse begrip Burgerbegroting. In het kort - Het door burgers opstellen van delen van de gemeentebegroting gebeurd, sinds het in 1989 gestart is in het Braziliaanse Porto Alegre, in honderden steden in de wereld. Opvallend afwezig zijn Nederland en Belgie. - Sinds kort vinden er in Nederlandse gemeenten intensieve participatieprocessen plaats gericht op de bezuinigingsopgaven van gemeenten. - Voor het goed organiseren van participatief begroten is er een methode nodig, daar gaat dit boekje over. - De term participatief begroten is vervangen in Burgerbegroting.

6

3

Burgerbegroting, wat is het?

Een burgerbegroting is een besluitvormend proces waarin burgers delibereren en onderhandelen over het verdelen van publieke geldbronnen van de lokale overheid en/of maatschappelijke partijen. In een aantal grote steden is dit proces een wisselwerking tussen het stellen van begrotingsprioriteiten op wijkniveau en het opstellen van een gemeentebegroting. Op deze manier komen wijken dichter bij de besluitvorming van de gemeentebegroting. Wel met de kanttekening dat het budgetrecht bij de gekozen gemeenteraad ligt. Daarom kunnen burgers nooit formeel beslissen. In diverse steden worden wel samenwerkingsafspraken gemaakt waarbij burgers de prioriteiten kunnen stellen. In Belo Horizonte maken bewoners de begrotingsvoorstellen die via het stadsbestuur naar de raad gaan. In Keulen heeft de gemeenteraad besloten dat burgers 300 projecten kunnen kiezen, die uiteindelijk wel door de raad worden besloten. Procesvereisten Het burgerbegroting proces moet zo ingericht zijn dat het voldoet aan vijf criteria1: 1 De toewijzing en omvang van de budgetten moet bediscussieerd worden.

Een burgerbegroting is het dealen met het probleem van gelimiteerde bronnen, 2 Het bevoegd bestuur moet er zich mee verbinden, met name om te zorgen dat het overheidsapparaat zich voegt naar het proces, 3 Het moet een proces zijn van een aantal opeenvolgende - soms herhalende - bijeenkomsten om te komen tot budgetbeïnvloeding, 4 Tijdens de diverse handelingen in het proces moet er sprake zijn van openbare, publieke deliberatie, 5 Er moet sprake zijn van openbare maatschappelijke verantwoording ten aanzien van de resultaten.

Modellen Zoveel steden, zoveel modellen van burgerbegrotingen. Dwars door alle aanpakken heen kijkend zien we een patroon van drie hoofdmodellen die passen binnen de vijf criteria voor een burgerbegroting: - Model Porto Alegre, Brazilië: van onderop de stadsbegroting inrichten op basis van wijkprioriteiten en daarop volgend het maken van investeringsvoorstellen voor de wijken. In hoge mate bepaald door de burgers. Dit model kenmerkt zich vooral door de actieve manier waarop het individuele burgers voorbereidt, faciliteert en aanmoedigt mee te doen. Het heeft ook een bepalende rol bij de zwaartepunten en de inrichting van de begroting. Het passeert bewust de keten van bestaande overleggen en belangenorganisaties. De burgers stellen de prioriteiten op voor de inrichting van de begroting en daarna voor de uit te voeren diensten en initiatieven in hun wijk. De burgers worden ook aangesproken als ideeleveranciers voor wijkprojecten. - Model Christchurch, Nieuw-Zeeland: het door burgers beoordelen en bijstellen van een al ingerichte conceptbegroting met nieuwe voorstellen. Deze aanpak heeft vooral navolging gevonden in Duitsland. Het gaat om het beoordelen van een voorgestelde begroting, door bepaalde onderdelen te wijzigen (meer/minder) en door met alternatieve voorstellen en uitvoeringsideeën te komen.

Soms in een proces waarin burgers overleggen en onderhandelen met de gemeente en uiteindelijk zelf op de voorstellen scoren. In een deel van de gemeenten zijn er afspraken om de hoogst scorende voorstellen daadwerkelijk te willen financieren. In een ander en groter deel van de gemeenten (plm. 90 %2) 1

Sintomer/Herzberg/Röcke 2007

7

-

worden de voorstellen van de burgers geïnventariseerd en krijgen een vervolg volgens het principe ‘wij nemen het mee’. Daarop volgt een ambtelijke beoordeling en/of een advies aan de gemeenteraad. De eerste variant werkt al 7 jaar in Berlijn-Lichtenberg, de tweede variant zien we in Duitse steden als Berheim of Hilden. Een tussenvariant is dat de meest scorende burgervoorstellen worden voorzien van een financiële berekening en voorgelegd worden aan de gemeenteraad. In Keulen worden zo jaarlijks 300 burgervoorstellen in de begroting verwerkt. Burgers worden uitgenodigd mee te doen en hebben een rol die varieert van adviserend, beoordelend tot prioriteiten stellend ten aanzien van losse initiatieven. Model Deventer, Nederland. Het door burgers ontwikkelen en indienen van initiatieven en projecten die binnen een gelimiteerd vrijgemaakt budget gekozen kunnen worden. De keuze ligt bij de wijkbewoners en/of vertegenwoordigers van de wijk, zij bediscussiëren op wijkniveau de pro’s en contra’s en maken een rangorde. In Nederland werken meerdere gemeenten met deze aanpak in de vorm van wijkbudgetten.

Binnen de drie modellen kan er gekozen worden voor vijf oplopende varianten, startend met de variant die gericht is op het uitwisselen van informatie en steeds verder oplopend naar de variant met de naam burgerregie waarin bevoegdheden rond het budgetrecht zijn overgedragen aan de bevolking

2

Als voorbeeld geldt het onderzoek Burgershaushalte in Deutschland van Oliver Märker en Sophia Rieck in maart 2010. Van de 140 onderzochte voorbeelden waren er 11 met gekwalificeerde adviesbevoegdheden voor burgers.

8

Invloed burgers

Partijen

Onderwerp burgergesprekken

Deliberatie gericht op…

Definitie Budgetvoorstel

Model Porto Alegre

Model Christchurch

Model Deventer

XS Informeren De bevolking in brede zin S Consulteren Met belangengroepen en semiprofessionele partijen en soms is er een open platform voor individuele burgers aan toegevoegd M Uitwisseling Een mix van belangengroepen, voorhoede, en professionele groepen en individuele burgers

Kennisopname van Informatie Overheid de begroting overdracht De begrotingkeuzes Meningspeiling Overheid legt Bunschoten: Barendrecht: Leiden – begrotingskeuzes voorstellen voor. verzamelen opvattingen via bezuinigingsvoorstel in 2 rondes bewonersbudget: Vraagt partijen naar begrotingswijzer, enquête bespreken (en bijstellen) met inzichten en en campagnedag optellen samenleving burgers geven ideeën. opvattingen maar Midden Drenthe: College beslist maakt eigen Brede idee-brainstorm, beslissingen ambtelijke toets BegrotingsMeningen delen, Overheid overlegt met Eindhoven: Etten Leur: bezuinigingsvoorstel Hengelo- Buurtbonnen: onderwerpen meningsvorming partijen en burgers om bezuinigingswijzer, sociale College actief bespreken online burgers leveren ideeën en oplossingste komen tot media, suggesties ophalen (ideeën, reageren, ideeën, aan, gemeente en competenties oplossingen. Woerden: ideeën oproep puntenscore), gesprekken wijkraad beoordeelt benutten Overheid maakt eigen internet, sociale media, belangengroepen, open gesprek- (criteria) beslissingen interactie in/met ken bevolking. Voorstellen samenleving bijstellen.

Castricum: Dordrecht: bezuinigingsvoorstel Burgergesprek genodigden( College beoordelen via expertise), publiekdag, begrotingswijzer (waarderen, beter maken, nieuwe suggesties) L BurgerGericht op de Begrotingsindeling Diensten Burgers bepalen de Deventer: Groningen –Stemdag: prioritering individuele burgers en kwalificeren, indeling van budget- Plm. 22 werksessies met burgers komen met informele netwerken begrotingspriori- ten in de begroting. organisaties en bevolking. initiatieven en stemmen van burgers teiten stellen Overheid neemt Oproepen ideeën, op jaarlijkse stemdag beslissingen over prioriteiten stellen, effecten middels een benoemen en met budgetkadervoorstel eindvoorstellen komen XL Burgerregie Gericht op individuele Begroting Beslissen tav Bevoegdheden zijn Hoogeveen-Smederijen: burgers, netwerken uitvoeringsklaar begroting en gedelegeerd naar burgers komen met van burgers en een maken zorgen dat het uit burgers. Zij beslissen voorstellen, voeren organisatievorm van te voeren is campagne en gesprekken, burgers beoordelen de plannen

9

Al deze modellen hebben hun lokale waarde, maar daadwerkelijke invloed van burgers over het budget, op beslisniveau, is cruciaal voor het veranderingspotentieel van de burgerbegroting. Voorbeeld van een standaard processchema voor een burgerbegroting zoals door de Wereldbank geïntroduceerd in een aantal Oost-Europese landen.

In het kort - In een burgerbegroting-aanpak moeten burgers met elkaar het gesprek aangaan en daadwerkelijk kunnen schuiven met budgetten. - Er is sprake van drie duidelijk van elkaar onderscheiden modellen waarin burgers zeggenschap hebben over overheidsgeld: het model waarop burgers zelf de begroting inrichten (Porto Alegre), het model waarin burgers bestaande begrotingsopmaak beoordelen en bijstellen (Christchurch), het model waarin burgers binnen een gelimiteerd bedrag autonoom keuzes kunnen maken (Deventer). - Binnen de drie modellen kan er gekozen worden voor 5 varianten: variërend van licht (XS) naar zwaar (XL). In de lichtste variant bespreekt het stadsbestuur hun begroting met burgers, in de zwaarste variant is er een vorm van burgerregie en maken de burgers een uitgewerkt begrotingsvoorstel, voorzien van een gekwalificeerd advies aan het bestuur.

10

4

Doelen en motieven

Het doel van het werken met een burgerbegroting is het vergroten van de verantwoordelijkheid van burgers voor de besteding van de publieke middelen voor de publieke zaak. Politiek-filosofisch wordt een burgerbegroting gezien als een antwoord op: 1 het postmoderne discours van de zelfbeschikkende mens, 2 instrumentaliseren en bureaucratisering van overheid en instituties in de samenleving ten aanzien van het organiseren van lokale diensten, 3 zoektocht naar een nieuw democratisch ideaal, 4 de noodzaak om te bemoeien met politieke besluitvorming indien burgers zelf de lokale samenleving willen meemaken, 5 de corruptie, ‘old boys network’ en machtsconcentratie. Bedoeld om de exclusieve ambtelijke macht te doorbreken via een externe bocht. Opbrengsten Het werken met een burgerbegroting levert veel voordelen op. Er zijn vier naast elkaar bestaande opbrengsten te onderscheiden: - directe burgerparticipatie bij de overheidsbesluitvorming, - transformatie van inwoners naar actieve burgers, die bewust omgaan met hun democratische rechten, - transparantie in de organisatie en de financiën van de overheid om daarmee cliëntelisme, vriendendiensten en corruptie tegen te gaan, - merkbare verbetering in de kwaliteit van de dienstverlening en infrastructuur. Zo goed als alle burgerbegroting-voorbeelden zijn een cocktail van deze vier opbrengsten.

De gebruikte methoden kennen wel hoofdaccenten. In Zuid-Amerika is de methode zo opgezet dat het vooral gaat om transparantie in beleidskeuzes en een nieuwe verdeling van overheidsdiensten. Vooral bedoeld om de voorzieningen eerlijker over de stad te verdelen en de (geheime) gewoonteafspraken in het ‘old boys network’ met vaste afnemers en projectontwikkelaars te breken. De methoden in Afrika richten zich vooral op empowerment en gemeenschapsontwikkeling. Zo is in Ajarra-Benin, door slimme investeringen in lokale voorzieningen en coöperaties, het inkomen van de bevolking in 3 jaar tijd met 400% gestegen. Het zijn vooral NGO’s die vormen van een burgerbegroting hier uitvoeren. In West-Europa (m.n. Duitsland, Groot-Brittannië en Frankrijk) is het een instrument dat werkt aan de modernisering van de overheid en is het de praktisch vormgever voor het vernieuwen van de lokale democratie. De overwegingen om te komen tot een burgerbegroting en de daadwerkelijke resultaten van de burgerbegroting zijn niet alleen zeer divers, maar vooral heel veel. Blijkbaar doet een burgerbegroting ertoe want het roept nogal wat op bij burgers, bestuurders, overheidsuitvoerders en maatschappelijke instellingen. Deze brei van kleurrijke overwegingen is terug te brengen tot vier hoofdgebieden: management, leren, politiek, sociale veranderingen.

1 Burgerbegroting en management De burgerbegroting als een vorm van stadsmanagement dat rechtstreeks aansluiting vindt bij de behoeften, maatschappelijke vraagstukken en ambities van burgers. Er is sprake van ‘joint management’ gericht op het organiseren van oplossingen, doordat keuzes voor het inzetten van financiën - of andere bronnen - gedeeld worden. Daarmee wordt niet alleen de

11

probleemoplossingcompetentie vergroot, maar wordt ook sneller een beroep gedaan op het sociaal en cultureel kapitaal van burgers en bedrijven. Andere, effectievere, leukere, goedkopere oplossingen komen sneller in beeld. De burgerbegroting leidt tot een betere financiële discipline bij de overheid (scherpere opdrachten), kostenreductie doordat er meer alternatieven worden onderzocht, hoger rendement doordat het aansluit bij plannen van andere partijen en daardoor extra financiering genereert. Het opzoeken van oplossingen uit de samenleving is één, het door de samenleving zelf uitvoeren van oplossingen is twee. Via de burgerbegroting is er meer vrijheid in de aanbesteding van projecten. Burgers kunnen namelijk zelf ook projectuitvoerder zijn. Dit past in het moderne plaatje van beleidsopvattingen over burgerregie, die het best zijn samen te vatten in “meer burger, minder overheid”. Bijna nergens in Nederland is er sprake van een aanmoedigend beleid om bewoners of coalities van bewoners, betaald projectuitvoerder te laten zijn. Wel is er sprake van bewonerszelfbeheer. In Breda en Emmen zijn er afspraken met bewoners over het zelf aanbesteden van projecten. Deventer kent het Project voor Alledaagse Kansen (PAK), een onderdeel van dit project is dat buurtbewoners allerlei vormen van lichte buurtzorg verlenen aan andere buurtbewoners.

In het voorjaar 2011 zijn er 32 PAK-medewerkers, die laagdrempelige zorg verlenen, ieder aan gemiddeld zeven zorgvragers in hun buurt. Ze krijgen hiervoor een vrijwilligersvergoeding. Een sterk staaltje van bewonersopdrachtgeverschap is het nieuwe zwembad in Denekamp. Bewoners wachten niet af, maar gaven aan zichzelf de opdracht. Zie het kader. Met een burgerbegroting doemt er ook een nieuwe kans op voor of buurtbeheer- of wijkdienstenbedrijven. Zij kunnen samen met bewoners passende projecten ontwikkelen en uitvoeren. Vaak beter aansluitend bij de situatie ter plekke en goedkoper. Het wijkdienstenbedrijf Werken aan de Wijk in Breda is een mooi voorbeeld. Zij leveren diensten in het kader van persoonlijke dienstverlening (vaak zorgtaken) en doen werkzaamheden in het kader van leefbaarheid en veiligheid (toezicht en onderhoudstaken). Werken aan de Wijk koppelt dat aan de re-integratieopgaven van wijkbewoners. Daarmee kunnen ook budgetten, die niet onder de burgerbegroting vallen (zoals de WWB, loonkostensubsidies), gebruikt worden om projecten uit te voeren.

Illustratief zijn de cijfers van Werken aan de Wijk over 2009: 125 wijkbewoners deden mee, 15 zijn voortijdig gestopt, 42 hebben hun certificaat gehaald, ruim 50 bewoners hebben aanvullende scholing gehad, 28 personen zijn uitgestroomd naar werk en 25 bewoners zijn in dienst van dit wijkdienstencentrum en verrichten diensten en/of zijn gedetacheerd.

2 Burgerbegroting en leren Een educatief proces van effectiever samenwerken, dat terugslaat op alle sleutelpartijen: het bestuur, de inwoners, dienstverleners, het overheidsapparaat, belangenorganisaties, bedrijven, enz. Het model van een burgerbegroting wordt zo gebruikt als drager (externe druk) voor de modernisering van de overheid. Het zorgt ervoor dat burgers op basis van een open debat invloed kunnen uitoefenen op publieke bronnen. Daarmee draagt het bij aan burgerschapsvorming. Door open samen te werken aan taaie maatschappelijke vraagstukken, ontstaat een klimaat waarbij de politieke cultuur van de deelnemers verbeterd. Het doet het vertrouwen van burgers in de overheid toenemen en andersom. Het slecht barrières in de relatie burger - overheid.

12

Wat scoort? Porto Alegre kent vanaf 1990, 12 tot 16 beleidsdomeinen die ingebracht worden voor de burgerbegroting. Twaalf daarvan zijn vaste waarden gebleken: huisvesting, sociale zorg, onderwijs, bestrating, economische ontwikkelingen, gezondheid, cultuur, sanitaire voorzieningen (m.n. riool), sport en vrije tijd, verlichting, vervoer en verkeer, milieu. Vanaf 2008 zijn ook de beleidsdomeinen jeugd en stedelijke bereikbaarheid burgerbegroting- onderwerpen. De eerste tien jaar waren het bijna altijd de domeinen bestrating, sanitaire voorzieningen en het woonbeleid die leidden tot de drie stedelijke beleidsprioriteiten. Vanaf 2002 blijft het woonbeleid (inmiddels huisvesting gedoopt) bovenaan staan, sanitaire voorzieningen daalt en de domeinen onderwijs en sociale zorg krijgen steeds meer prioriteit. Later komt ook het beleidsdomein gezondheid steeds meer naar voren en blijft het domein bestratingen net achter de kopgroep hangen. In Berlijn-Lichtenberg is geen sprake van scorelijsten op beleidsprioriteiten. Wel komen een aantal onderwerpen stelselmatig terug. Vanaf 2007 gaat het om wegenaanleg, om het versterken van programma’s voor senioren (ontmoeting, sport), voor jongeren (activiteiten) of voor kinderen (inclusief gezinsactiviteiten) en om investering in cultuur (Kulturhaus, kunstwandelroutes, breder cultuuraanbod).

Bij de buurtbegroting Dordrecht-Stadspolders is van het internetforum een woordenwolk gemaakt. De vijf meest voorkomende woorden zijn wijk, auto, parkeerplaatsen, groen, parkeren.

Wel moet de kanttekening geplaatst worden dat vooraf bepaald is dat de Burgerbegroting zich moest beperken tot buurtwerk, infrastructuur, veiligheid en omgeving.

3 Burgerbegroting en politiek Op politiek gebied zijn de opvattingen over de burgerbegroting sterk wisselend. De progressieve stromingen en de meer behoudende partijen zien allemaal hun voordeel in de burgerbegroting. Zes burgerbegroting-opvattingen: - een politiek om achtergestelde groepen meer macht toe te delen, - radicalisering van de democratie gericht op het tot stand brengen van een politieke cultuur waarin actief burgerschap centraal staat en waar geïnvesteerd wordt in het directe leefklimaat van burgers, - een lokaal antwoord op de globalisering van de macht,

13

-

een strategie om overheidsdiensten te laten concurreren met marktpartijen, een manier om de representatieve democratie te verbinden met de participatieve democratie, een werkwijze die de grenzen van de representatieve democratie oprekt door in te zetten op ‘besluitvoorvormende’ burgerinvloed in plaats van samenwerking of consultatie.

Transparantie, controleerbaarheid en geloofwaardigheid zijn begrippen die steeds terugkomen als reactie op bestuurlijk cliëntelisme, vriendjespolitiek en een autoritaire bestuursstijl. Maar ook zonder deze ongewenste bestuurlijke opstelling als aanleiding, kan een gemeente toch kiezen voor een burgerbegroting als model om overheidskeuzes te legitimeren. Verschillen in opvattingen en zelfs in uitkomsten kunnen leiden tot boeiende en inhoudelijke discussies tussen bestuurders en samenleving. De burgerbegroting illustreert de verdere ontwikkeling van een representatieve lokale democratie in de vorm van een gemeenteraad naar een participatieve democratie waarin burgers en gekozenen samen werken aan de stad, wijk, dorp of straat. Nieuwe lijnen tussen bestuurders en de lokale samenleving Het is een instrument voor het maken van begrotingsbeleid vanuit de bevolking. Het zorgt voor nieuwe samenwerkingsrelaties en nieuwe netwerken, vaak georganiseerd rond praktische, publieke vraagstukken en gebaseerd op lokaal partnership. De open samenwerkingsvorm zorgt ervoor dat het vertrouwen van de burger in de overheid toeneemt en resulteert in een permanente, goede burger/overheidrelatie. Democratie maken Een burgerbegroting verstevigt het politieke debat in de samenleving tussen burgers onderling of tussen de burgers en de politieke bestuurders.

Het is geen waardevrij gesprek maar een debat dat daadwerkelijk tot inhoudelijke keuzes leidt. Het voedt gemeentebestuurders en versterkt de bestaande representatieve democratie door in te zetten op 'besluitvoorvormende' burgerinvloed. Samen verantwoordelijk Met een burgergroting wordt gewerkt aan het vergroten van de betrokkenheid van de lokale bevolking bij de voorzieningen in de stad of directe leefomgeving. En andersom, namelijk het vergoten van de betrokkenheid en bewustzijn bij burgers, bij het maken van keuzes binnen de begrotingsmogelijkheden, zeker in tijden van bezuinigingen.

De gemeenteraad heeft en houdt het budgetrecht en haar drie kerntaken: volksvertegenwoordigend, kaderstellend en controlerend. Budgetrecht De Raad heeft beslissingsrecht. Ze baseert die beslissing op geluiden uit de samenleving. Waarbij in geval van de burgerbegroting de samenleving niet alleen de behoefte aangeeft of het antwoord daarop. Maar ook hierover met elkaar in gesprek gaat en op zorgvuldige wijze de verschillende behoeftes en antwoorden afstemt en afweegt. Volksvertegenwoordigend Een burgerbegroting is een podium voor samenlevingscontacten tussen burger en raadsleden. De noemer waarop burgers en raad contact hebben is niet kiezer – gekozene, maar lokaal partnership.

14

Kaderstellend De raad kan zelf aangeven welke beleidsdomeinen en zelfs maatschappelijke vraagstukken ze onderdeel wil laten zijn van de burgerbegroting. De uitkomsten van de discussies, inclusief de door burgers gemaakte begrotingsvoorstellen, leiden tot een bredere legitimatie van het gemeentebeleid. Controlerend De raad kan met de burgerbegroting beoordelen of de realisatie van projecten en voorzieningen kosteneffectief is en toetst op politieke rechtvaardigheid (komt het gemeenschapsgeld op de juiste bestemming terecht?). En ze kan beoordelen of strategische keuzes en beleidsrichtingen wel of niet aanslaan.

Ruimte maken voor de Burgerbegroting Welke beleidsdomeinen onderdeel worden van de Burgerbegroting kan ingegeven worden door inhoudelijke overwegingen: “waar willen we de stem van de burger over horen”. Of door pragmatische overwegingen van daadwerkelijke financiële beïnvloedingsruimte: “waar kan de burger met zijn stem ook echt zaken veranderen”. In de praktijk van een Burgerbegroting gaat het om een relatief klein deel van de gemeentebegroting. In Porto Alegre gaat het om maximaal 20% en in Berlijn Lichtenberg om 6%. Dit is nog altijd € 32 miljoen. Het gaat om budgetten die stuurbaar zijn door de gemeente. In Dordrecht-Stadspolders is een checklist gemaakt bij het voorbereiden van de buurtbegroting. Opbouw buurtbegroting: Begrotingsposten worden per sector toegerekend naar wijkniveau. Dit gebeurd voor alle posten op basis van inwoneraantal, doelgroepgrootte of areaalgrote, tenzij: 1. de begrotingspost samenhangt met een wettelijke taak, 2. de begrotingspost een stedelijke of bovenwijkse structuur of voorziening betreft, 3. de begrotingspost een individuele voorziening betreft, 4. het aframen van het budget ten koste gaat van de veiligheid of volksgezondheid, 5. de begrotingspost niet zichtbare zaken betreft die voor de stad geregeld moeten worden, 6. het gaat om projecten die stedelijk worden afgewogen, 7.

er sprake zal zijn van grote noodzakelijke investeringen na beëindiging van het experiment  onacceptabel grote financiële risico’s, 8. het zaken betreft die voor bewoners niet relevant lijken maar voor de stad wel geregeld moeten zijn (bijv. beheersystemen, ICT), 9. er sprake is van kapitaalsvernietiging op de betreffende begrotingspost door het aframen van budget naar wijkniveau, 10. de begrotingspost gereserveerd is voor calamiteiten en/of een incidenteel karakter heeft

15

De gemeente Hoogeveen is in 2008 gestart met de voorbereiding van De Smederijen, een aanpak voor wijk- en dorpsgericht werken, waarbij burgers veel zeggenschap hebben gekregen over budgetbesteding. In de voorbereiding heeft een werkgroep van professionals en burgers de begroting van de gemeente doorlopen en alle 3200 posten beoordeeld op de mate van burgerinvloed. De posten kreeg de titel A) Adviesrecht, B) Budget bestedingsrecht of C) geen burgerinvloed. Terugkijkend op de exploitatiebegroting van 2006 leverde dat de volgende resultaten op: Adviesrecht Budget Adviesrecht of bestedingsrecht Budgetrecht buurt/wijkteams promotie 2.000 woonconsumentensubsidie 7.400 openbaar groen 1.500.000 Kinderboerderij 35.000 Buurtbeheer 12.500 231.000 Evenementen 68.000 4.200 Milieubeheer 80.000 4.000 Wijkwelzijnswerk 1.700.000 buurtwerk algemeen 23.000 Beheeractiviteiten 112.000 buurt beheeractiviteiten (sociaal) 30.000 onderhoud buurthuizen 9.500 Jeugdbeleid 231.000 beplanting sportterreinen 169.000 subsidies sportverenigingen, 234.000 terreinbeheer Speeltuinen 85.000 kunst/cultuureducatie 70.000 leerlingenvervoer dorp 32.000 emancipatie activiteiten 4.800 ontwikkelingssamenwerking 9.300 Straatnummerborden 12.000 onderhoud infrastructuur 1.246.000 openbare verlichting 251.000 Parkmanagement 127.000 meldpunt veiligheid, drugs 65.000 Rookmelders 50.000 carpool, fietstunnels 94.000

Verkeersmaatregelen 521.000 Parkeermaatregelen 484.000 bestuurlijke projecten verkeer 423.000 4.420.1000

1.975.600

1.522.000

4 Burgerbegroting en sociale veranderingen Een burgerbegroting zet in op het werken aan sociale ongelijkheid. De methode zorgt voor een sociaal eerlijkere verdeling van de schaarse middelen. Ze gaat op zoek naar oplossingen en laat het overheidsbeleid volgend zijn op de prioriteiten zoals gesteld door de burgers.

16

Het is een methode waarmee burgers rechtstreeks meedoen met het aandienen van oplossingen, het opstellen van beleidsrichtingen en meekiezen bij de besluitvorming. De ervaringen in alle landen geven aan dat een burgerbegroting niet alleen een methode is voor de selecte voorhoede maar ook mensen die minder snel meedoen in dit soort processen, doen nu meer mee (zie o0k hoofdstuk ‘Resultaten’). Er ontstaan nieuwe werkrelaties tussen lokale bestuurders, maatschappelijke instellingen, de overheid en ‘de’ samenleving rond het veelal praktisch organiseren van sociale vraagstukken in wijken. Denk aan scholen, kinderopvang, taallessen. Deze werkrelaties zorgen netwerken waardoor, naast het formele burgerbegroting-proces, nieuwe sociale en dienstverleningsnetwerken ontstaan. Een burgerbegroting is een aanslingeraar voor burgerbetrokkenheid en initiatiefkracht. Door zijn open karakter (iedereen wordt uitgenodigd mee te doen) vergroot het de mogelijkheden voor mensen die niet in formele structuren zitten hun stem te laten horen en mee richting te geven aan beleidskeuzes. In het kort - Het hoofddoel van een burgerbegroting is het vergroten van de verantwoordelijkheid en zeggenschap van burgers voor de besteding van de publieke middelen voor de publieke zaak.

- De vier belangrijkste maatschappelijke resultaten van een burgerbegroting-proces zijn: de gemeentebegroting die participatief is vormgegeven, het versterken van actief democratisch burgerschap, transparantie in de overheidsfinanciën en kwalitatief betere lokale dienstverlening. - Meer dan voorheen kunnen burgers signaleren, oplossen en zelf de projectuitvoering ter hand nemen. - De burgerbegroting geeft de raad een instrument in handen om de representatieve democratie te versterken met de dynamiek van de participatieve democratie. - De motieven tot het instellen van een burgerbegroting hebben te maken met stadsmanagement (oplossingsvermogen van alle partijen benutten, betere financiële discipline), met leren (burgerschapsvorming, relatievorming, vertrouwensband), politiek (herverdeling macht, meer ruimte voor marktpartijen, participatieve democratie vormgeven), sociale veranderingen (aansluiten sociale prioriteiten burgers, ontwikkelen nieuwe netwerken).

17

5

Porto Alegre als voorbeeld

Orcamento Participativo is de naam van het model voor de burgerbegroting in Porto Alegre. Vanaf 1989 wordt er met een participatieve begroting gewerkt. Met 30000 deelnemende burgers per jaar kun je spreken van een groot succes. Doordat Porto Alegre 1,4 miljoen inwoners kent is directe democratie wel erg moeilijk. Men heeft een vorm van getrapte directe democratie bedacht, om de stadsbegroting te kunnen inrichten. Het is vooral de burgemeester en zijn staf die deze methode propageren. Zij zetten het als belangrijk instrument in als antwoord op het enorme geldgat dat er was om de meest minimale dienstverlening eerlijk over de stad te verdelen. De methode loopt het hele jaar door en kenmerkt zich door veel bewonersmobilisatie, wijkdiscussies en financiële planningsvoorstellen. Om een en ander te stroomlijnen is de stad in 16 districten verdeeld en zijn er ook zes onderwerpen die als stadsbreed thema worden gebudgetteerd. Het begint in maart met de voorbereidingsbijeenkomsten in straten en buurten. Bewoners geven aan welke initiatieven en projecten ze nodig achten. Vervolgens worden uit een stedelijke voorselectie, begrotingsprioriteiten gesteld in wijken. Deze worden verwerkt tot een stedelijke begroting. Ondertussen worden in de buurten van de stad allerlei investeringsvoorstellen gemaakt die in lijn liggen met de eerder gekozen begrotingsprioriteiten van het district.

De RBB, de Raad voor Participatieve Begroting (46 bewoners uit de districten) stelt een stedelijk begrotingskader voor en stelt investeringsplannen op. Deze worden weer in de wijken, buurten en straten besproken en bijgesteld. In september stelt de gemeenteraad het begrotingskader vast en in november stelt de Raad voor Participatieve Begroting de begroting voor het komend jaar vast. Alle stappen in de methoden zijn veel diverser dan hier geschetst en zeer planmatig op elkaar afgestemd. De discussies zijn breed maar worden steeds naar een eindpunt gebracht omdat het geld uiteindelijk wel verdeeld moet worden. En het proces kent veel verdelingscriteria en bijbehorende werkvormen gebaseerd op wijkprioriteiten, kwaliteit van bestaande diensten en inwoneraantal. Het hele proces wordt geleid vanuit 2 organisaties: GAPLAN is het planningsorgaan voor stadsontwikkeling en de CRC richt zich op het versterken van de relaties met burgers. Daarnaast zijn er nog districtscentra met medewerkers die als wijkmanagers de participatie in wijken stimuleren. In werkelijkheid gaat het om ‘slechts’ 18-20% van de gemeentebegroting. In diezelfde werkelijkheid heeft dit geleid tot een verschuiving van investeringen van de rijkere wijken naar de armere wijken. Er is meer gerealiseerd in basale diensten (wegen, waterleiding, scholen, crèches). En met 80% bewonerstevredenheid scoort de aanpak erg hoog.

20% participatieve begrotingsruimte zou voor de koplopende participatieve Nederlandse gemeenten het volgende betekenen: Dordrecht ongeveer 75 miljoen, Deventer ongeveer 50 miljoen en Hoogeveen met 55.000 inwoners ongeveer 30 miljoen. Twee stappen er uit gelicht Het model Porto Alegre krijgt de aandacht en applaus door haar brede en intensieve overleg met de burgers. Minstens zo ingenieus is het vertaalsysteem waarmee de omslag gemaakt wordt van wijkprioriteiten naar begrotingsindeling. Dat gaat in twee fasen: een begrotingskader en een investeringsplan. Het opstellen van het begrotingskader is de eerste stap. Deze geeft de verdeling van het budget over de beleidsdomeinen aan. Het voorstel voor het begrotingskader valt terug op drie criteria: de begrotingsprioriteiten van de wijken, richtlijnen voor dienstverlening op basis van de prioriteiten vanuit zes stedelijke thema’s en de investeringen waartoe besloten werd in het kader van de

18

langetermijnplanning; het uitgangspunt om een bepaald minimum niveau aan basisdiensten te willen leveren aan de bevolking. Het eerste criterium komt tot stand via een rekenmodel: de begrotingsprioriteiten per wijk hebben scores ontvangen van 4 tot en met 1. Die worden voor alle wijken opgeteld en dat leidt ertoe dat de drie hoogst scorende prioriteiten als de belangrijkste stedelijke prioriteiten voor de stad worden beschouwd. Ongeveer 80% van het budget wordt voor deze prioriteiten gereserveerd. De RBB bespreekt het begrotingskader, kan het wijzigen en bepaalt het. Daarna gaat het naar de gemeenteraad (grondwettelijk verplicht) voor een eindbesluit. Het tweede financiële plan dat gemaakt wordt is het investeringsplan. Deze deelt het geld per beleidsterrein, per wijk toe en benoemt de projecten die in de wijken uitgevoerd kunnen worden. Het begrotingskader geldt als verdeelkader. In het plan worden de voorstellen, zoals die op de voorkeurslijsten per wijk staan, opgenomen en voorzien van uitvoeringsvoorwaarden op gebied van regelgeving en van technische en financiële aard. Voor de verdeling van het budget over de wijken is er een tweede rekenmodel ontwikkeld, waarin het inwoneraantal, de aanwezigheid van de bestaande diensten/voorzieningen en de begrotingsprioriteiten per wijk worden gewogen.

De wegingsfactor bij inwoneraantal is 2, de aanwezigheid van diensten geld als 3 en de begrotingsprioriteit per wijk krijgt 5 punten. Het inwoneraantal krijgt een cijfer van 1 t/m 4. De minst bevolkte wijken krijgen 1 en de dichtstbevolkte wijken een 4. Voor de dienstverlening geldt dat het ontbreken van diensten en infrastructuur wordt beoordeeld, ook van 1 t/m 4. De begrotingsprioriteiten worden in volgorde van 4 aflopend naar 1 gezet. Met dit rekenmodel wordt de budgetverdeling van de stedelijke prioriteiten per wijk verdeeld op basis van inwonertal, bestaande dienstenkwaliteit en wijkprioriteiten. Een voorbeeld Stedelijke prioriteit: educatie – 4 miljoen Wijk

wijk noord wijk oost wijk zuid wijk west wijk centrum

prioriteit wijk diensten/voorzieningen inwoneraantal totaal punt zwaarte totaal punt zwaarte totaal punt zwaarte totaal

1 4 2 1 1

5 5 5 5 5

5 20 10 5 5

1 3 2 2 1

3 3 3 3 3

3 9 6 6 3

4 2 3 1 4

2 2 2 2 2

8 4 6 2 8

16 33 22 13 16 100

%

budget x100.000

16 33 22 13 16 100

6,4 13,2 8,8 5,2 6,4 4 milj.

Het ontwerp investeringsplan wordt vervolgens besproken in buurten en straten. Daar kunnen wijzigingen worden aangebracht, slimme nieuwe oplossingen bedacht en worden er regelmatig nieuwe financieringsbronnen gevonden. Bijvoorbeeld door projecten door wijkbewoners of wijkorganisaties/bedrijven uit te laten voeren.

19

6

Burgerbegroting on line (mmv Arnout Ponsioen)

De ontwikkeling van sociale media illustreren en versterken de snelle groei van de huidige netwerksamenleving. Er is sprake van een snel groeiende dynamiek waar vrijwillige co-creatie het uitgangspunt is (democratisering van de content, iedereen kan aanvullen en corrigeren, enz.). In practische zin moet een burgerbegroting ingezet worden op het benutten van de online mogelijkheden, daardoor krijg het ook aansluiting bij een groeiende cultuur van vrijwillige en meer organische samenwerking. Dat biedt goede perspectieven voor meer participatie. In de West-Europese landen en Australië/Nieuw-Zeeland zien we dat online trajecten volop worden ingezet. In sommige steden wordt de burgerbegroting hoofdzakelijk gevoerd via internet.. Ook in Nederland zien we, met internettools als de begrotingswijzer (www.begrotingswijzer.nl), een internetdominantie in de manier van budgetbespreking met de bevolking. Vijf verschijningsvormen Online zijn er 5 verschijningsvormen die óf bijdragen aan het proces van een burgerbegroting óf het proces van een burgerbegroting grotendeels invullen. In mate van oplopende interactie zijn dat: 1. transparantie geven in de begroting De Engelse site www.wheredoesmymoneygo.org is een goed voorbeeld hoe je heel grafisch op internet, met uitklapvensters, kunt aangeven waar de overheid zijn belastinggeld aan uitgeeft.

Minder grafisch maar nog preciezer is de site www.recovery.org, waar de Amerikaanse overheid aangeeft waar haar geld naar toe gaat. Steeds verder inzoomend staat het tot op projectdetail aangegeven. Inclusief de mogelijkheid om reacties te plaatsen. 2. het voorleggen van keuzevarianten De meest voor de hand liggende internettoepassing is het spelen met keuzemogelijkheden. In Colorado (VS) kent men de www.backseatbudgeter.com. Een programma om keuzes aan te geven in uitgaven en in de wijze waarop de overheid inkomsten kan genereren. In Eindhoven is ter voorbereiding op de gemeentebegroting ook gewerkt met keuzevarianten. Middels schuifbalkjes konden voorkeuren aangegeven worden. In drie weken tijd leverde dat 1908 unieke bezoekers op, die samen 508 ideeën aanleverden. 3. oproepen tot begrotingsideeën Het voorbeeld van Eindhoven is al een combinatie van keuzebepaling en ideeën aanleveren. Van Etten-Leur (Praat mee met Etten-Leur http://ombuigingen.etten-leur.nl/) tot Slochteren (http://www.begrotingswijzer.nl/Begrotingswijzers/Slochteren), wordt er via internet opgeroepen ideeën aan te leveren. In Slochteren worden ze geïnventariseerd, in Etten-Leur kunnen andere inwoners er weer op reageren. 4. stimuleren van actief burgerschap Het aanleveren van begrotingsideeën is al een vorm van actief burgerschap.

www.webindewijk.nl en www.breda-morgen.nl zijn twee Nederlandse voorbeelden waarin burgers worden aangesproken en aangespoord. En andersom, waarin de overheid ook de link legt met de signalen van de burger. 5. een getrapte dialoog organiseren De Braziliaanse stad Belo Horizonte heeft haar burgerbegroting op twee sporen georganiseerd: een offline proces dat vanuit de wijken wordt vormgegeven en een strikt online proces dat zich richt op alle werkzaamheden en projecten voor de stad (http://opdigital.pbh.gov.br). Op internet wordt gedebatteerd en trapsgewijs de keuzes voorbereid. 10% van de inwoners van Belo Horizonte doen er aan mee; 172.000 inwoners hebben 503.266 stemmen uitgebracht.

20

Ook in Berlijn-Lichtenberg (http://www.buergerhaushalt-lichtenberg.de) wordt de website gebruikt om ideeën aan te leveren, op elkaar te reageren en te beoordelen. Voor dat laatste krijgen de aangemelde bezoekers een beperkt aantal punten die ze kunnen verdelen over de voorstellen

Eindhoven, en internet forum bezuinigingen De gemeente Eindhoven heeft 3 weken lang een brede online campagne gevoerd. Een internet forum stond centraal in de aanpak. Op de website konden mensen ideeën indienen waarop de gemeente volgens hen zou kunnen bezuinigen. Het College van B en W neemt de bijdragen door en bekijkt welke geschikt zijn om mee te nemen. De Eindhovense aanpak is een arrangement waarin sociale mediacampagne (Twitter, Hyves, Facebook) een rol speelt, er waren tv-spotjes, nieuwsbrieven en de online tool bezuinigingswijzer is ingezet. Via de bezuinigingswijzer konden mensen aangeven op welke posten ze meer en op welke posten ze minder geld uit wilden geven. Ze konden zo een persoonlijke tegenbegroting maken. Het forum ging verder dan een ideeënbus of vraagbaak. Er was sprake van veel interactie. Beleidsmedewerkers en wethouders deden volop mee. De wethouders hebben gezamenlijk 144 keer gereageerd. Eindhoven heeft de bezuinigingsoperatie ingedeeld in negen gemeentelijke terreinen: bedrijfsvoering en organisatie, burger en bestuur, economische ontwikkeling, inkomen, kunst, cultuur en sport, onderwijs en jeugd, openbare orde en veiligheid, ruimtelijk, zorg en welzijn. De deelnemers wilden veel bezuinigen op ‘kunst, cultuur en sport’ en op ‘bedrijfsvoering en organisatie’.

Daarentegen moest op de terreinen ‘veiligheid’ en ‘onderwijs’ juist meer geld uitgegeven worden. In 2½ week hebben 1908 unieke Eindhovenaren de site bezocht. Samen hebben ze 508 ideeën aangeleverd waar weer 244 tegenreacties op kwamen. De online burgerbegroting kent vier toepassingen met belangrijke meerwaarde: 1. Informeren Je kunt 24/7 informatie geven en ophalen over het proces en over de inhoud. Mede door multimediale toepassingen kunnen ideeën toegelicht of ingebracht worden met foto’s, presentaties of filmpjes. Daarnaast kan het complexe informatie stap voor stap visualiseren. Bijvoorbeeld bij de uitleg van een begrotingsindeling. Ze kan ook plannen en projecten visualiseren en op stadsplattegronden aangeven. 2. Interactie Introduceren en peilen van voorstellen, beoordelen of wegstemmen van voorstellen, internetdiscussies of georganiseerde webdebatten met bestuurders. Sociale media als Twitter en Facebook zijn laagdrempelige instrumenten voor interactie. 3. Promotie Online toepassingen hebben een groot bereik, kunnen zich verbinden met andere websites en tools en worden daardoor zelfgenererende promotiemachines. Je kunt dat stimuleren door het aanbieden van gadgets, banners, enz. Het bereikt vaak andere mensen dan de traditionele vergaderaar. Een onderzoek naar de aanpak in Belo Horizonte maakte duidelijk dat het participatieniveau met de factor zeven is vergroot. 4.

Rekenmachine De techniek maakt met één klik op de muisknop complexe berekeningen op basis van de input van deelnemers, het snel financieel doorrekenen van plannen of het omvormen van de uitkomsten naar een concreet begrotingsresultaat (zie de begrotingsformules van Porto Alegre). Een goede burgerbegroting zal altijd een combinatie van online met offline zijn. De vraag is naar welke kant de balans uitslaat. Het is mogelijk om een - weliswaar beperkte - vorm van een

21

burgerbegroting zo goed als volledig online te laten zijn. De stad Keulen is hier een mooi voorbeeld van. Haar burgerbegroting beperkt zich tot drie beleidsdomeinen: straten, wegen, groen en sport. Binnen een budget van € 311.000.000 is in 2009 voor € 8.200.000 aan burgervoorstellen verwerkt. Dit proces is bijna volledig door internet gedragen. Ideeontwikkeling, pro/contradiscussies en de ideeën ranking gebeurt online. Het stadsbestuur had vooraf toegezegd om de 100 best scorende ideeën per beleidsdomein te willen uitvoeren. Op deze wijze zijn in een maand tijd 4973 voorstellen opgeroepen, waarvan 300 uitgevoerd worden. Het meeste effect heeft een burgerbegroting als het proces offline en online is. De burgerbegrotingorganisatie moet vooraf een keuze maken in welke mate ze het online deel drager willen laten zijn van het proces en in welke mate ondersteunend. Zie ook hoofdstuk ‘Routekaart burgerbegroting voor Nederland’ Randvoorwaarden voor een online burgerbegrotingproces 1 Combineren van online met offline Offline kun je echt andere dingen doen dan in online omgevingen: diepte versus breedte opzoeken (voorbeeld: www.deamstelverandert.nl). Online betekent vaak meer mensen, meer ideeën, meer discussies.

Offline is meer directe uitwisseling en discussie; 2 combineer verschillende ‘zwaarten’ van online participatievormen: kortdurend (waarderingen geven of stemmen op alternatieven, enz.) maar ook langerdurende participatiemogelijkheden (plaatsen van inhoudelijke reacties, deelnemen aan chatsessies, of het inzenden van videofilmpjes, etc.). Daarmee wordt tegemoet gekomen aan de verschillende informatiebehoeften van gebruikers. Bezoekers die er maar weinig tijd voor hebben kunnen duimpjes geven of stemmen, mensen met veel tijd kunnen inhoudelijke reacties geven, enz.; 3 de website zo open mogelijk en shareable maken. Hoe beter de mogelijkheden tot het leggen van online verbindingen (content van de eigen site naar die van andere en vice versa), hoe laagdrempeliger, en hoe sterker het kan worden verbonden in het al bestaande online netwerk van sites en personen. Dat is echt de crux. Als het een los eilandje blijft zonder flexibele online links met andere(n) sites, daalt de kans op succes. 4 de online omgeving is een ideale plaats om als bestuurder op een zichtbare manier actief commitment aan te gaan met het proces en te mengen in de discussie die ontstaat. Zoals reageren op de binnengekomen ideeën en reacties. Dat is niet alleen een kans (zien laten dat de bijdragen van inwoners gewaardeerd en erkent worden), maar ook een plicht.

Want als het commitment niet zichtbaar is, blijft de online burgerbegroting mogelijk steken in een veredelde consultatie waarvan de ideeën worden ‘meegenomen’ In het kort - Een tweesporen-aanpak van online en offline zorgt ervoor dat in een proces van een burgerbegroting er aanmerkelijk meer mensen meedoen dan alleen in een offline aanpak. - Online is er sprake van vijf verschijningsvormen van burgerbegroting-onderdelen: transparantie geven in de begroting, het voorleggen van keuzevarianten, oproepen tot begrotingsideeën, stimuleren van actief burgerschap, een getrapte dialoog organiseren. - Een online-omgeving kent vier toepassingen die een toegevoegde waarde hebben: informeren (24/7, multimedia, processen visualiseren), interactie (peilingen, beoordelingen, debat), promotie (groot bereik, genereert nieuwe communicatiedragers), rekenmachine (planberekeningen, begrotingssommen). - Een online-proces moet voldoen aan vier randvoorwaarden: combinatie van online- en offline-proces, verschillende ‘zwaarten’ aan online-participatie aanbieden, de site open maken en delen met andere online verbindingen, zichtbare deelname van bestuurders op de site.

22

7

Vijf kritische succesfactoren

De burgerbegroting is een ‘new kid in town’. In de al vele jaren ingesleten, centralistische processen van begrotingen opbouwen is er nu een aanpak die zegt dat het ook pluraal kan. Samen met een potpourri aan mensen en groepen die in de samenleving van alle dag leven. Dit ‘nieuwe’ maakt dat meer dan negen van de tien al beproefde burgerbegroting-aanpakken onderzocht, geëvalueerd en gemonitord zijn. Al deze onderzoeken maken duidelijk dat de kritische succesvoorwaarden voor een burgerbegroting zijn terug te brengen tot vijf: een actieve en bijna uitdagende opstelling van de overheid, inzet, betrokkenheid en deskundigheid van burgers, voldoende beïnvloedbaar budget, een meedoerol van alle partijen in alle stadia van het proces, een aansprekend en helder uitgelijnd methodisch proces.

1

De overheid als inspirator, vaandeldrager en rots in de branding

Rol: De gemeente is de procesmanager. Ze ontwerpt met alle betrokkenen het proces voor een burgerbegroting en zorgt ervoor dat alle partijen zich verbinden aan het proces. Ze voorziet alle partijen, maar zeker de burger, van voldoende en heldere informatie over het proces en de budgetten. Ze zorgt ervoor dat er voldoende participatieondersteuning is voor burgers om mee te doen. Variërend van toolkits tot medewerkers. De gemeente zorgt voor een goede instructie en training voor zowel burgers die meedoen, overheidsmedewerkers, maatschappelijke partijen, belangenorganisaties, raadsleden. Het gemeentebestuur neemt besluiten over de omvang van het budget en het begrotingskader wat is opgesteld. Verder is ze actief aanwezig op de bijeenkomsten om de diverse voorstellen en prioriteiten op waarde te kunnen bepalen. En ze beoordeelt of de aanpak voor een burgerbegroting een toevoeging is op lokale representatieve democratie. Het vraagt betrokkenheid van bestuurders en een actieve, lijfelijke deelname aan alle stappen van het proces. Het gaat om meer dan commitment, het gaat om het op alle fronten actief uitdragen van een burgerbegroting als vernieuwer van de lokale democratie. En de bereidheid durven tonen om over de gewoonteregels voor besluitvorming heen te stappen.

Het bestuur moet klappen durven opvangen en de burgerbegroting beschermen tegen weerstanden en soms aanvallen uit wettelijke, formele en formalistische hoeken. Ook van managers in overheidsdienst wordt betrokkenheid gevraagd: aanmoedigend, responsief, regelruimte gevend, kennis van de kleine lokale werkelijkheden, de voortgang erin kunnen houden.

2

Burgers en bedrijven als meebouwers

Rol: De burger geeft zijn wensen, vragen en ambities aan en gaat daarover in gesprek met andere burgers en maatschappelijke partijen. Hij moet afwegingen maken, oplossingen zoeken, prioriteiten durven stellen. En de bereidheid hebben er samen uit te willen komen. Daartoe moet het burgerbegroting-proces laagdrempelig en uitnodigend zijn. Maar hoe laagdrempelig ook, het proces gaat over belangrijke en complexe onderwerpen, daarom moeten burgers en bedrijven ook in staat gesteld worden om goed voorbereid mee te doen. Voldoende informatie, goede communicatie en training hoort daar bij. Een mooi voorbeeld is de zogenaamde

23

Toekomstwerkplaatsen voor jongeren: een meerdaagse training voor jongeren om deel te nemen aan de burgerbegroting in Berlijn-Lichtenberg. De beste leerschool voor burgers is ‘doen’. En daarna stilstaan bij het doen. Burgerinitiatief leidt tot energieneutraal zwemcomplex Een burgerinitiatief in de provincie Overijssel leidt tot het eerste energieneutrale zwem-, zorg- en sportcentrum in Nederland. Middels het gebruik van bodemwarmte en zonne-energie wordt een reductie van bijna 1 miljoen kg CO2-uitstoot bereikt. Niet alleen krijgt de gemeente de beschikking over een compleet nieuw sportcentrum met een 50-meter wedstrijdbad maar tegelijkertijd kan een groot aantal huishoudens van energie worden voorzien. Het burgerinitiatief is ontstaan uit ongerustheid over de renovatieplannen van het huidige zwembadcomplex in Denekamp. Met het uitvoeren van die plannen zou niet worden ingespeeld op de behoefte aan meer zwemwater voor zorg, recreatie en (top)sport in de regio. Door een sterke isolatie, hergebruik van warmte, het gebruik van bodemwarmte en zonne-energie kan het energieneutrale complex worden gerealiseerd. Een biomassa centrale vangt de pieken in het energieverbruik op en kan op hetzelfde moment een groot aantal huishoudens en instellingen in de gemeente Dinkelland van duurzame energie voorzien.

Kay Pierik, voorzitter van de werkgroep: ‘Er ligt een uniek plan dat nooit eerder is uitgevoerd toegesneden op de toenemende zorgbehoefte, met topsportfaciliteiten, energieneutraal en met lagere kosten voor de gemeenschap. Zo zie je dat bezuinigen en innoveren hand in hand kunnen gaan.’ Integratie zorg en sport? In het nieuwe multifunctionele zwem-,zorg- en sportcentrum staat de integratie van zorg en (top)sport voorop. Er is ruimte voor revalidatie, therapeutische activiteiten zoals fysiotherapie voor mensen met een beperking, ouderen, ADHD- kinderen en mensen met rug- , reuma- of hartklachten. Een speciale doelgroep zijn de ouderen. Voorzitter Pierik: ‘Door de toenemende vergrijzing ontstaat er in ons land een toenemende behoefte aan warm water faciliteiten. De aanwezigheid van zorgbaden is voor ouderen belangrijk om te kunnen bewegen, zorg of therapie te kunnen ontvangen.’ Daarnaast wordt er met dit complex voldaan aan de behoefte van topsport zwemfaciliteiten in Oost-Nederland. De topzwemtalenten uit de (EU)regio van onder andere eredivisie topclub De Dinkel zijn nu aangewezen op faciliteiten in andere delen van het land. Lage kosten en besparing van gemeenschapsgeld? De nieuwbouw van het complex wordt gerealiseerd volgens het concept ‘gewoon zwemmen’ van de Koninklijke Nederlandse Zwem Bond (KNZB).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14446902/1