CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Aanvulling op Bijlage 4. Hogevaart 143 Sprang-Capelle Bijlagen bij toelichting

Raadsvergadering 13 november 2025, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Hogevaart 143, Sprang-Capelle21.085 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Hogevaart 143 Sprang-Capelle

bestemmingsplan Hogevaart 143 Sprang-Capelle

Inhoudsopgave

Bijlagen bij toelichting

3

Bijlage 1

Landschappelijk inpassingsplan

4

Bijlage 2

Kadastraal uittreksel

6

Bijlage 3

Vestiging kwalitatieve verplichting

9

Bijlage 4

Projectplan natuurrealisatie

16

Bijlage 5

Notitie invoergegevens AERIUS-berekeningen

36

Bijlage 6

AERIUS-berekening gebruiksfase

42

Bijlage 7

AERIUS-berekening aanlegfase

50

Bijlage 8

Ecologische QuickScan

58

Bijlage 9

Nader onderzoek marterachtigen

86

Bijlage 10

Bodemonderzoek

136

Bijlage 11

Aanvullend verkennend asbestonderzoek

180

Bijlage 12

Akoestisch onderzoek industrielawaai

212

Bijlage 13

Akoestisch onderzoek

367

Bijlage 14

Standaardverantwoording Groepsrisico

408

Bijlage 15

Notitie reacties vooroverleg

414

Bijlage 16

Certificaat Ruimte-voor-Ruimtetitel

429

Bijlage 17

Nota van beantwoording zienswijzen en staat van wijzigingen

431

2 astgesteld)

bestemmingsplan "Hogevaart 143 Sprang-Capelle" (v

bestemmingsplan Hogevaart 143 Sprang-Capelle

Bijlagen bij toelichting

bestemmingsplan "Hogevaart 143 Sprang-Capelle" (vastgesteld) 3

bestemmingsplan Hogevaart 143 Sprang-Capelle

Bijlage 1 Landschappelijk inpassingsplan

4 astgesteld)

bestemmingsplan "Hogevaart 143 Sprang-Capelle" (v

WINTERD

IJK

Instandhouding inpassing geregeld via voorwaardelijke verplichting in planregels

De inpassing van het initiatief aan de Winterdijk-Hogevaart te Sprang-Capelle is afgestemd op de kwaliteiten en kenmerken van het ter plaatse aanwezige landschap en op de Structuuvisie Waalwijk. Tevens wordt middels zelfrealisatie door initiatiefnemers invulling gegeven aan ontwikkeling van nieuwe natuur binnen de Natura-2000 begrenzing.

Woonperceel 460 m² verhogen ca. 1 m

A

2.

chterlig

gend la

ndscha

p

1.

Nieuwe woning

Geen fu nd dieper d eringen an 1 me ter

Glooiend talud overgang naar lager gelegen nat schraalland

Zichtlijn

naar a

2.

Halfverharding / grasbeton toegang tot perceel Werkpad en parkeren

Zichtlijn naar achterliggend landschap

3.

2.

Instandhouding inpassing geregeld via overeenkomst met het GOB

Zichtlijn naar achterliggend landschap

Lorem ipsum

HOGEVAART

1.

Aan te planten bomen Plantmateriaal 10-12 cm Knotwilgen

1.0 m 0.0 m

aantal 9

2.

Aan te planten bosschages Struweelhoogte: ca.100-300 cm, 1,5 m driehoeksverband Rode kornoelje, sleedoorn, sporkehout, en/of vergelijkbaar inheems

3.

Aan te leggen nat schraalgrasland Plat blaasjeskruid, rietorchis, ronde zegge, schildereprijs, armbloemige waterbies, bonte paardenstaart en/of vergelijkbaar inheems

Deze tekening betreft een indicatieve weergave van de beoogde ontwikkeling als gevolg van de bijbehorende planologische procedure, hieraan kunnen dan ook geen rechten worden ontleend.

A

LANDSCHAPPELIJK INPASSINGSPLAN

aantal ca. 72

|

WINTERDIJK-HOGEVAART SPRANG-CAPELLE

Opgesteld door: Datum: Schaal: Project:

TvH 16-08-2025 1:500 (A3) 16045.050

Huidige situatie De locatie is binnendijks gelegen in, tot voor kort een overwegend agrarische polder met kenmerkend slagenlandschap. Landbouwgrond, akkers en weiden ontstaan na winning van turf uit bovenlaag. De ondergrond maakt dit gebied uniek, het betreft overgangsgebied van zandgrond naar kleigrond, waar van nature veel kwel voor komt. In dit overgangsgebied met veengronden tussen de kernen Waspik en Waalwijk is dan ook de zogenaamde ‘Natte Natuurparel’ gelegen. Hierbij is de prioriteit om het landbouwgebied om te vormen tot natuur. Dit gebied heeft de status als Natuur Netwerk Brabant (NNB) en een gedeelte heeft ook een Europese status als Natura 2000-gebied Langstraat. Het plangebied kent beide statussen, met uitzondering op de noordoosthoek, waar de beoogde woning is voorzien, ter plaatse van de huidige in verval geraakte bebouwing. Ten noorden van het perceel staan enkele bloesemboompjes en langs de Winterdijk staan langs beide zijden inheemse landschapsbomen. Vanaf de Winterdijk en de Hogevaart zijn er waardevolle zichtlijnen naar het achterliggende landschap gelegen.

m² 3825

Beoogde situatie Gezien voorgaande wordt de huidige weide middels verschralingsbeheer en peilopzetten door het waterschap omgevormd naar een nat schraalland. Tevens worden diverse landschapselementen aangeplant ter versterking van het landschapsbeeld. Ook sluit dit aan op het beoogde beheertype. Er worden bosschages beoogd op de natuurlijke hoogtes in het veld met inheemse struweelvormers met het oog op het versterken van de biodiversiteit en deels voorkomen van inkijk vanaf straat op het achtergebied van de woning. De Winterdijk zal worden begeleid met knotwilgen om de laanstructuur te versterken. Doordat er struweelvormers en grasland worden toegepast, is sprake van meerdere vegetatielagen wat bijdraagt aan de ecologische invulling van het plangebied. De bestaande zichtlijnen naar het achterliggende landschap kunnen gehandhaafd blijven.

bestemmingsplan Hogevaart 143 Sprang-Capelle

Bijlage 2 Kadastraal uittreksel

6 astgesteld)

bestemmingsplan "Hogevaart 143 Sprang-Capelle" (v

BETREFT

Capelle O 726 UW REFERENTIE

Mark vBeek GELEVERD OP

PRODUCTIEORDERNUMMER

10-11-2023 - 09:15

S11165081147

VOLLEDIG GESIGNALEERD T/M

VOLLEDIG BIJGEWERKT T/M

09-11-2023 - 14:59

09-11-2023 - 14:59

BLAD

1 van 2

Eigendomsinformatie ALGEMEEN Kadastrale aanduiding Capelle O 726 Kadastrale objectidentificatie: 006090072670000

Locatie Hogevaart 143

5161 PM Sprang-Capelle BAG identificatie: 0867010000014518 Locatiegegevens zijn ontleend aan de Basisregistratie Adressen en Gebouwen

Kadastrale grootte 4.285 m² Grens en grootte Vastgesteld Coördinaten 129157 - 411296 Omschrijving Perceel grond - gebruik onbekend Koopsom € 100.000

Koopjaar 2020

Ontstaan uit Capelle O 46

Capelle O 47

AANTEKENINGEN Publiekrechtelijke beperking Besluit op basis van artikel 9.1 Wet Natuurbescherming Betrokken bestuursorgaan De Staat (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) Vermeld in stukken Hyp4 72869/136

Ingeschreven op 29-03-2018 om 09:00

Naamswijziging rechtspersoon Hyp4 65061/152

Ingeschreven op 22-10-2014 om 09:00

Naamswijziging rechtspersoon Hyp4 59220/14

Ingeschreven op 08-12-2010 om 12:40

Naamswijziging rechtspersoon Afkomstig uit stuk Hyp4 63001/99

Ingeschreven op 20-06-2013 om 14:40

Overige aantekening Kwalitatieve verplichting Afkomstig uit stuk Hyp4 86919/53

Ingeschreven op 19-07-2023 om 09:00

Stuk betreffende kwalitatieve verplichting

RECHTEN 1 Eigendom (recht van) Afkomstig uit stuk Hyp4 78253/8

Overdracht (eigendom en/of beperkt recht) Naam gerechtigde De heer Marinus Dirk Huibert van Beek

Ingeschreven op 09-06-2020 om 11:13

BETREFT

Capelle O 726 UW REFERENTIE

Mark vBeek GELEVERD OP

PRODUCTIEORDERNUMMER

10-11-2023 - 09:15

S11165081147

VOLLEDIG GESIGNALEERD T/M

VOLLEDIG BIJGEWERKT T/M

09-11-2023 - 14:59

09-11-2023 - 14:59

BLAD

2 van 2

Adres Van Berckenrodelaan 7

5141 AR WAALWIJK Geboren 11-06-1980

te WAALWIJK

Persoonsgegevens zijn ontleend aan de Basisregistratie Personen

Burgerlijke staat Ongehuwd en geen geregistreerd partnerschap (ten tijde van verkrijging)

Voor een eensluidend uittreksel, de bewaarder van het kadaster en de openbare registers. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt ten aanzien van de kadastrale gegevens zich het recht voor als bedoeld in artikel 2 lid 1 juncto artikel 6 lid 3 van de Databankenwet. Heeft u nog vragen? Neem contact op met de klantenservice.

bestemmingsplan Hogevaart 143 Sprang-Capelle

Bijlage 3 Vestiging kwalitatieve verplichting

bestemmingsplan "Hogevaart 143 Sprang-Capelle" (vastgesteld) 9

De Bewaarder 19/07/2023 09:39:44 CEST

Verklaring: Het bijgevoegde stuk is ingeschreven ten kantore van de Dienst voor het Kadaster en de Openbare Registers op 19-07-2023 om 09:00 in register Onroerende Zaken Hyp4 in deel 86919 nummer 53. De bewaarder.

Pauline Wedemeijer - Dagelet 2023-07-18 17:25:41 CEST

1 240148AZ VESTIGING KWALITATIEVE VERPLICHTING Heden, achttien juli tweeduizend drieëntwintig, verschenen voor mij, mr. Pauline Wedemeijer-Dagelet, notaris te Oirschot: 1. mevrouw Arjenne van Zoeren, te dezen woonplaats kiezende ten kantore van mij, notaris, Oude Bestseweg 28, 5688 DM Oirschot, geboren te Nijkerk op twaalf juni negentienhonderd zevenenzeventig, te dezen handelend als schriftelijk gevolmachtigde van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Groen Ontwikkelfonds Brabant B.V., statutair gevestigd te 's Hertogenbosch, kantoorhoudende te 5216 TV 's-Hertogenbosch, Brabantlaan 1, ingeschreven in het handelsregister van de Kamers van Koophandel onder dossiernummer 60590785 (RSIN 853974214); hierna te noemen het “Fonds”; 2. de heer Marinus Dirk Huibert van Beek, geboren te Waalwijk op elf juni negentienhonderdtachtig, ongehuwd en niet geregistreerd als partner in de zin van het geregistreerd partnerschap, wonende te 5141 AR Waalwijk, van Berckenrodelaan 7; hierna te noemen “de Eigenaar”.

De comparanten, handelend als gemeld, verklaarden als volgt: Overwegende dat: het Fonds van de provincie Noord-Brabant, hierna te noemen: “de Provincie”, opdracht heeft gekregen om het Natuurnetwerk Noord-Brabant te realiseren; het Fonds voor de uitvoering van deze opdracht van de Provincie de beschikking heeft gekregen over middelen bestaande uit geld en grond; het Fonds deze middelen onder meer inzet door het verstrekken van subsidie aan derden voor verwerving, functiewijziging en inrichting van het Natuurnetwerk Noord-Brabant op grond van de Subsidieregeling realisatie Natuurnetwerk Noord-Brabant versie twaalf maart tweeduizend eenentwintig, hierna te noemen: “de Subsidieregeling”; De Eigenaar eigenaar is van het hierna nader omschreven registergoed, gelegen in de gemeente Sprang-Capelle, kadastraal bekend gemeente Capelle, sectie O nummer 726, hierna te noemen: “het Terrein”; Op het Terrein overeenkomstig drieduizend achthonderdvijfentwintig vierkante meter (3.825 m2) het natuurbeheertype N10.01 Nat schraalland is voorzien; De Provincie Noord-Brabant voornemens was om het Terrein te verwerven en zo nodig te onteigenen ten behoeve van het project bekend als Inpassingsplan Natuurgebied Westelijke Langstraat; De Provincie Noord-Brabant in het kader van het project de afgelopen jaren heeft onderhandeld met Eigenaar over verkoop van de door de provincie Noord-Brabant benodigde

eigendom van Eigenaar; Eigenaar een plan heeft opgesteld voor ontwikkeling en instandhouding van het genoemde natuurbeheertype op het Terrein, hierna te noemen: ‘het Projectplan’; Eigenaar en de provincie Noord-Brabant op basis daarvan overeenstemming hebben bereikt over de zelfrealisatie door Eigenaar; De ontwikkeling en instandhouding van het genoemde natuurbeheertype op het Terrein door Eigenaar plaatsvindt ter voorkoming van (gerechtelijke) onteigening ten behoeve van het project Inpassingsplan Natuurgebied Westelijke Langstraat; het Fonds bij beschikking van twintig januari tweeduizend drieëntwintig en

2 met kenmerk C2305812/5210522, hierna te noemen: “de Subsidieverleningsbeschikking”, op grond van de Subsidieregeling een subsidie heeft verleend voor een bedrag van eenhonderdvierenzestigduizend eenhonderdtweeëndertig euro en eenenvijftig eurocent (€ 164.132,51) voor de financiering van de ontwikkeling van het natuurbeheertype N10.01 Nat schraalland op het Terrein overeenkomstig het Projectplan; geborgd dient te worden dat de verplichtingen betreffende het gebruik van het Terrein voor respectievelijk door de ontwikkeling van het natuurbeheertype N10.01 Nat schraalland zoals vastgelegd in de Subsidieverleningsbeschikking ook bij de vervreemding (waaronder begrepen ingebruikgeving) van het Terrein in stand blijven; de Eigenaar als subsidieontvanger daarom verplicht is om ter uitvoering van de Subsidieverleningsbeschikking medewerking te verlenen aan het vastleggen van de verplichtingen betreffende het gebruik van het Terrein bij wege van kwalitatieve verplichtingen als bedoeld in artikel 6:252 van het Burgerlijk Wetboek ten behoeve van het Fonds en deze verplichtingen mede ten behoeve van de Provincie op zich te nemen bij wege van een derdenbeding als bedoeld in artikel 6:253 van het Burgerlijk Wetboek.

VESTIGING KWALITATIEVE VERPLICHTING Verklaren te zijn overeengekomen als volgt: Artikel 1 Definities Voor de betekenis van de gehanteerde begrippen wordt aangesloten bij de Subsidieregeling. Artikel 2 Onroerende zaak De Eigenaar is eigenaar van: een perceel grond met al hetgeen daartoe behoort, gelegen te 5161 PM Sprang-Capelle, Hogevaart 143, kadastraal bekend gemeente Capelle, sectie O nummer 726, groot vierduizend tweehonderd vijfentachtig vierkante meter (4.285 m2), zoals door de Eigenaar verkregen door de inschrijving op het kantoor van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers op negen juni tweeduizend twintig in register Hypotheken 4 deel 78253 nummer 8 van een afschrift van een akte van levering op diezelfde dag verleden voor mr. R.H.M. Vlemmix, destijds notaris te Waalwijk; zoals nader aangegeven op de aan deze akte gehechte kadastrale kaart, welke uitsluitend dient ter oriëntatie van partijen. Het Terrein is niet met enig beslag of hypotheekrecht zijn bezwaard.

Publiekrechtelijke beperking Recente Eigendomsinformatie van het Kadaster vermeldt met betrekking tot het Terrein geen publiekrechtelijke beperkingen vanuit de Landelijke Voorziening Wet Kenbaarheid Publiekrechtelijke Beperkingen en de Basisregistratie Kadaster, behoudens: Besluit op basis van artikel 9.1 Wet Natuurbescherming; betrokken bestuursorgaan: De Staat (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit); afkomstig uit stuk: Hyp4 63991/99; ingeschreven op: twintig juni tweeduizend dertien. Artikel 3 Gebruik 1. De Eigenaar gebruikt het Terrein voor een gedeelte ter grootte van drieduizend achthonderd vijfentwintig vierkante meter (3.825 m2) zoals volgt uit het Projectplan, voor de ontwikkeling en instandhouding van het natuurbeheertype N10.01 Nat schraalland overeenkomstig (de voorwaarden en verplichtingen uit) de Subsidieverleningsbeschikking en het daaraan ten grondslag liggende Projectplan.

3 2. De Eigenaar dient bij het gebruik als bedoeld in lid 1 uitdrukkelijk rekening te houden met de effecten op het Terrein van de hydrologische maatregelen die in de omgeving van het Terrein zijn of nog zullen worden getroffen ten behoeve van de realisering van natuurdoelen voortvloeiende uit Natura2000 en de Kaderrichtlijn Water of het behoud en herstel van wijst dan wel daarvoor in de plaats tredend(e) (Europees) beleid en regelgeving. Artikel 4 Verplichtingen In verband met het voorgeschreven gebruik van het Terrein als bedoeld in artikel 3 (en voor zover aan de orde in afwijking van het Projectplan) verplicht de Eigenaar zich jegens het Fonds tot het volgende: 1. Van het Terrein zal geen ander gebruik worden gemaakt dan het gebruik als bedoeld in artikel 3. 2. De Eigenaar laat na om ter zake van het Terrein een kerende grondbewerking toe te passen. 3. De Eigenaar laat na om op het Terrein gebruik te maken van bestrijdingsmiddelen, kunstmest of drijfmest. 4. De Eigenaar laat datgene na dat de veiligstelling van ecosystemen met de daarbij behorende soorten in gevaar brengt of verstoort. 5. De Eigenaar laat ook overigens al datgene na dat het gebruik van het Terrein als bedoeld in artikel 3 belemmert, bemoeilijkt of verhindert. Artikel 5 Boetebeding 1.

Indien de Eigenaar één of meer van de bepalingen in deze akte niet nakomt, is de Eigenaar per geval zonder rechterlijke tussenkomst een direct opeisbare en niet voor matiging vatbare boete verschuldigd aan het Fonds: a. ingeval de niet-nakoming hersteld kan worden, van ten hoogste vijfhonderd euro (€ 500,00), vermenigvuldigd met het aantal hectares van het Terrein (afgerond op vier (4) decimalen), voor iedere week dat de Eigenaar, één of meer van de bepalingen in deze akte niet nakomt; b. ingeval de niet-nakoming niet hersteld kan worden, van ten hoogste eenhonderdvierenzestigduizend eenhonderdtweeëndertig euro en eenenvijftig eurocent (€ 164.132,51) gelijk aan het bedrag van de Subsidieverleningsbeschikking, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf de dag van betaling van het subsidiebedrag tot de betaling van het bedrag van de boete. Het bedrag van de verschuldigde wettelijke rente bedraagt ten hoogste vijftig procent (50%) van het bedrag van de boete. Bij het bepalen van het bedrag van de boete als bedoeld in dit lid houdt het Fonds rekening met de ernst van de niet-nakoming van de betreffende bepaling(en). 2.

Voordat het Fonds een beroep op het bepaalde in lid 1 toekomt dient het Fonds de Eigenaar in gebreke te stellen ter zake van de niet-nakoming van één of meer bepalingen in deze akte en de Eigenaar een redelijke termijn te geven om deze bepaling(en) alsnog na te komen. Deze termijn zal in ieder geval acht (8) weken bedragen. 3. Het bepaalde in dit artikel laat onverlet de (overige) rechten van het Fonds uit hoofde van niet-nakoming van de bepalingen in deze akte zoals het recht om schadevergoeding en betaling van kosten te vorderen, en de (verplichting tot) nakoming van de (overige) verplichtingen van de Eigenaar uit hoofde van deze akte en overigens de Subsidieverleningsbeschikking. Artikel 6 Evaluatie

4 1.

Op initiatief van de Eigenaar evalueren de Eigenaar en het Fonds telkens na verloop van een termijn van tien (10) jaar of en in hoeverre de uitvoering van het Projectplan in de afgelopen periode van tien (10) jaar heeft geleid tot de beoogde ontwikkeling en instandhouding van het natuurbeheertype N10.01 Nat schraalland op het Terrein. Indien de resultaten van de evaluatie hiertoe aanleiding geven kunnen de Eigenaar en het Fonds afspraken maken over de aanpassing van het gebruik van het Terrein en in dat verband de aanpassing van deze bepalingen. Bij voorstellen die de biodiversiteit en natuur(ontwikkeling) stimuleren en verbeteren is aanpassing van de kwalitatieve verplichting en bijbehorend projectplan bespreekbaar. 2. Het bepaalde in artikel 7 is op de aanpassingen als bedoeld in lid 1 van overeenkomstige toepassing. Aldus zal de Eigenaar op eerste verzoek van het Fonds medewerking verlenen aan het neerleggen van deze aanpassingen in een notariële akte en de inschrijving daarvan in de openbare registers. De kosten van deze akte en inschrijving daarvan zijn voor rekening van het Fonds.

Artikel 7 Kwalitatieve verplichting De Eigenaar en het Fonds zijn overeengekomen dat de verplichtingen uit de bepalingen in deze akte bij wege van een kwalitatieve verplichting als bedoeld in artikel 6:252 van het Burgerlijk Wetboek zullen overgaan op diegenen die het desbetreffende goed onder bijzondere titel zullen verkrijgen en dat mede gebonden zullen zijn degenen, die van de rechthebbende op het desbetreffende goed een recht tot gebruik van het goed zullen verkrijgen. Artikel 8 Derdenbeding 1. Het Fonds bedingt bij dezen van de Eigenaar dat de Eigenaar de verplichtingen uit de bepalingen in deze akte (mede) ten behoeve van de Provincie op zich neemt. Het Fonds thans vrijwillig de belangen van de Provincie waarnemende, aanvaardt bij dezen dit beding als bedoeld in artikel 6:253 van het Burgerlijk Wetboek ten behoeve van de Provincie. 2. Als gevolg van het aanvaarden door het Fonds van het beding als bedoeld in artikel 6:253 van het Burgerlijk Wetboek ten behoeve van de Provincie, kan deze rechtstreeks van de Eigenaar vorderen dat deze de verplichtingen uit de bepalingen in deze akte nakomt. Artikel 9 Kosten De kosten van deze akte en de inschrijving daarvan in de openbare registers zijn voor rekening van het Fonds. Artikel 10 Geschillen Alle geschillen in verband met of voortvloeiend uit deze akte zullen worden beslecht door de bevoegde burgerlijk rechter.

VOLMACHT Van voormelde volmacht van het Fonds blijkt uit een onderhandse akte van volmacht, welke is gehecht aan een akte op vier juni tweeduizend eenentwintig verleden voor mr. P. Wedemeijer-Dagelet, notaris te Oirschot. AANGEHECHTE STUKKEN Aan deze akte zijn de navolgende stukken gehecht: 1. Subsidieverleningsbeschikking; 2. Situatietekening; 3. Projectplan; 4. Kadastrale kaart. SLOTBEPALINGEN 1. Alle ontbindende voorwaarden die eventueel zijn overeengekomen in de overeenkomst of in nadere overeenkomsten die op de verlening van deze kwalitatieve verplichting betrekking hebben, zijn thans uitgewerkt. De

5 grondeigenaar kan zich met betrekking tot de verlening van deze kwalitatieve verplichting niet op een ontbindende voorwaarde beroepen. 2. Een afschrift van deze akte zal in de openbare registers gehouden door de Dienst voor het kadaster en de openbare registers worden ingeschreven. WOONPLAATS Partijen kiezen, ook voor de fiscale gevolgen, woonplaats op het kantoor van de bewaarder van deze akte. SLOT De comparanten zijn mij, notaris, bekend. Deze akte is verleden te Oirschot op de datum als in het hoofd van deze akte vermeld. Na zakelijke opgave van de inhoud van deze akte, het geven van een toelichting daarop en het wijzen van partijen op de gevolgen van deze akte, verklaren de comparanten, handelend als gemeld, van de inhoud van deze akte tijdig te hebben kennisgenomen middels een concept daarvan, met de inhoud van deze akte in te stemmen en op algehele voorlezing geen prijs te stellen. Vervolgens is deze akte na beperkte voorlezing onmiddellijk door de comparanten en mij, notaris, ondertekend, om zestien uur en vijftig minuten. (Volgt ondertekening) UITGEGEVEN VOOR AFSCHRIFT: (w.g.) mr. P. Wedemeijer- Dagelet Ondergetekende, mr. Pauline Wedemeijer-Dagelet, notaris te Oirschot, verklaart dat op het registergoed waarop de vervreemding in dit stuk betrekking heeft, geen aanwijzing of voorlopige aanwijzing van toepassing is in de zin van de Wet voorkeursrecht gemeenten.

(w.g.) mr. P. Wedemeijer- Dagelet Ondergetekende, mr. Pauline Wedemeijer-Dagelet, notaris te Oirschot, verklaart dat dit afschrift inhoudelijk een volledige en juiste weergave is van de inhoud van het stuk waarvan het een afschrift is.

bestemmingsplan Hogevaart 143 Sprang-Capelle

Bijlage 4 Projectplan natuurrealisatie

16 astgesteld)

bestemmingsplan "Hogevaart 143 Sprang-Capelle" (v

Projectplan Hogevaart 143 Natuurrealisatie M. van Beek Onderdeel van Natura2000-project Westelijke Langstraat

i.s.m. Datum Kenmerk Status

27-10-2022 720122.002 Definitief

1

Inhoud 1.

Gegevens aanvrager en inleiding .............................................................................................................. 3

1.1. 2.

3.

4.

Inleiding .................................................................................................................................. 3

Westelijke Langstraat .................................................................................................................................... 5

2.1.

Natuurgebied Westelijke Langstraat .................................................................................. 5

2.2.

Opgave Westelijke Langstraat ............................................................................................ 6

Huidige situatie en beleidsdoelen ............................................................................................................... 7

3.1.

Bestemmingsplan ................................................................................................................ 10

3.2.

Natuurdoelen ...................................................................................................................... 11

3.3.

Waterpeil en drooglegging ............................................................................................... 12

Toekomstige situatie natuurrealisatie ........................................................................................................ 13

4.1.

Maatregelen waterhuishouding ....................................................................................... 13

4.2.

Toekomstig waterpeil en drooglegging ........................................................................... 13

4.3.

Natuurdoel en in inrichting ................................................................................................. 15

4.4.

Beheer .................................................................................................................................. 18

5.

Planning........................................................................................................................................................ 18

6.

Financiën...................................................................................................................................................... 19

7.

Communicatie............................................................................................................................................. 19

8.

Risico’s .......................................................................................................................................................... 19

Ligging Projectgebied Afb.1 Deelgebieden Project Westelijke Langstraat (Waterschap Brabantse Delta) 2

1. Gegevens aanvrager en inleiding Naam Perceelnummer Adres project Woonadres Postcode, woonplaats Telefoonnummer E-mailadres

M.D.H. van Beek CPL02 O 726 Hogevaart 143 Van Berckenrodelaan 7 5141 AR WAALWIJK (06) 4801 5073 - M. van Beek, eigenaar / aanvrager (06) 1242 8908 - Dirk Beekmans, adviseur mark@beek.nl dirkbeekmans@verschelvandun.nl

1.1. Inleiding Aanvrager betreft dhr. van Beek eigenaar van perceel landbouwgrond met in verval geraakte bebouwing, voormalig pand gelegen aan de Hogevaart 143 te Sprang-Capelle. Eigenaar wenst locatie te herontwikkeling, ter plaatse van de huidige bebouwing een nieuwe woning te realiseren en het landbouwperceel, gezien de ligging binnen Natura2000 begrenzing om te vormen naar nieuwe natuur. Aangezien voorliggend perceel onderdeel uitmaakt van Natura2000 gebied en Provincie Noord-Brabant verantwoordelijk is voor de realisatie hiervan is een Provinciaal Inpassingsplan (PIP) vastgesteld in 2020. Op basis van voornoemd PIP kan overheid een onteigeningsprocedure ten behoeve van natuur opstarten. Hetgeen op perceel gelegen aan de Hogevaart 143, wat centraal staat in voorliggend projectplan, aan de orde is. Ter voorkoming van onteigening en invulling gevende aan de wens van alle betrokken partijen om in minnelijke sfeer tot een oplossing te komen gaat de heer Van Beek middels zelfrealisatie de gewenste natuurontwikkeling realiseren. Gezien de complexiteit, wens tot herontwikkeling van locatie, sloop en nieuwbouw en omvangrijke natuurverplichting is voorafgaand aan aanvraag op diverse momenten contact en overleg geweest met betrokken overheden en instanties. Voorliggend projectplan is opgesteld door Verschel & van Dun BV in overleg met de Werkeenheid Natuurnetwerk Brabant.

De financiële basis voor deze subsidieaanvraag vindt zijn oorsprong in laatst uitgevoerde taxatie, door Provincie Noord-Brabant. Taxatie van marktwaarde, zijnde de waardering op basis van Volledige Schadeloosstelling die de basis vormt voor de onderhandeling bij aankoop middels minnelijke verwerving, maar ook voor de (toen nog) mogelijke onteigeningsprocedure. Diezelfde marktwaarde is de basis voor de financiële afwikkeling van de afwaarderingssubsidie voor de zelfrealisatie bij het Groen Ontwikkelfonds Brabant (GOB) De natuurontwikkeling op dit perceel beslaat 0,3825 ha en is onderdeel van het Natura 2000 project Westelijke Langstraat, geheel gelegen binnen de begrenzing van het Natuurnetwerk Brabant (NNB). Met de in dit plan uitgewerkte natuurrealisatie door de eigenaar zelf zal de onteigeningsprocedure niet voortgezet hoeven worden. Op een deel van het perceel staat bebouwing, dit deel valt buiten het PIP en buiten het subsidievoorstel en dit projectplan. Voorliggende subsidieaanvraag en projectplan is van toepassing op het perceeldeel, huidige grasland gelegen binnen de NNB en natura2000- begrenzing.

3

Met het uitwerken van de herstelmaatregelen voor de Westelijke Langstraat is een maatregelpakket opgesteld waarmee de natuurdoelen van het gebied behouden en, waar nodig, hersteld worden. In een groot deel van het projectgebied moet hiervoor het waterpeil worden verhoogd en er zijn diverse andere maatregelen opgenomen. Dit project wordt in hoofdstuk 2 verder toegelicht.

Afb.2 Ligging perceel t.o.v. subsidiemogelijkheden (Groen Ontwikkelfonds Brabant)

Afb. 3 Uitsnede kadastrale kaart op luchtfoto (2020) met Natura2000 begrenzing (Kadaster & Provincie Noord-Brabant)

4

2. Westelijke Langstraat 2.1. Natuurgebied Westelijke Langstraat De Westelijke Langstraat is een bijzonder en waardevol natuurgebied in de gemeente Waalwijk, gelegen tussen Waspik en Waalwijk, met veel natuur-, landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Het gebied is een ontgonnen laagveenvlakte en een restant van een oud slagenlandschap met zeer lange en smalle graslanden en begrensd door elzenhagen. In de Westelijke Langstraat zijn sloten, trilvenen, schrale soortenrijke graslanden en zeggenmoerassen aanwezig. Rond het jaar 1900 was de Westelijke Langstraat vanwege de unieke ligging en ontstaansgeschiedenis op de grens van zand- en zeekleigronden, een van de rijkste natuurgebieden in Nederland. Door intensivering van de landbouw, vermesting en verdroging is de oorspronkelijke natuur sterk achteruitgegaan. Door de aanwezige bijzondere en waardevolle natuur is de Westelijke Langstraat op grond van de Habitatrichtlijn aangewezen als Natura 2000-gebied en wordt daarmee op Europees niveau beschermd. De in de Westelijke Langstraat te beschermen flora en fauna betreffen de habitattypen: kranswierwateren, blauwgraslanden, trilvenen, veenmosrietlanden en kalkmoerassen en diersoorten grote en kleine modderkruiper. Naast een Natura 2000-gebied, is de Westelijke Langstraat als rijks natuur opgenomen in het Natuurnetwerk Brabant (NNB).

Het NNB is een samenhangend netwerk van natuurgebieden en landbouwgebieden met natuurwaarden van (inter-)nationaal belang gericht op het behoud, herstel en duurzame ontwikkeling van de ecologische waarden en kenmerken van het gebied. De ecologische waarden en kenmerken zijn per gebied vastgelegd in een beheertypenkaart en in een ambitiekaart. Vanwege de hoge hydrologische waarde van het gebied is de Westelijke Langstraat tevens aangewezen als natte natuurparel.

Afb. 4 Overzichtskaart begrenzing Natura 2000 en NNB. De locatie van de projectgebied is met een zwarte cirkel aangegeven (Provincie Noord-Brabant) 5

2.2. Opgave Westelijke Langstraat Het natuurgebied heeft last van verdroging als gevolg van de vergaande ont- en afwateringsmaatregelen ten behoeve van de landbouwgronden in de directe omgeving. De omliggende landbouwgronden zijn goed ontwaterd, waardoor water relatief makkelijk uit het natuurgebied weg kan lopen en het natuurgebied verdroogt. Gevolg is dat een groot 'actief kussen' van veen ontbreekt. Aan een van de belangrijkste eisen van een veensysteem, namelijk een hoog stabiel waterpeil nabij het maaiveld, wordt op dit moment niet voldaan. Hierdoor dreigt dit unieke veenlandschap te verdwijnen. Vanuit de Natura2000 bescherming is gebleken dat er in het gehele gebied de Westelijke Langstraat maatregelen nodig zijn om de natuurwaarden te behouden. Met deze maatregelen worden ook de doelstellingen van de natte natuurparel gerealiseerd. Rijk, provincie, gemeenten, natuurorganisaties, waterschappen en overige partners nemen samen maatregelen om de natuur te herstellen en het de natuur robuuster te maken. De inspanningen richten zich op natuurherstel en –uitbreiding van de na te streven natuurwaarden. De maatregelen die in het gebied uitgevoerd moeten worden in kader van de Wet natuurbescherming en om de vastgestelde instandhoudingsdoelstellingen uit het N2000 beheerplan voor het gebied te kunnen realiseren, zijn benoemd in de vastgestelde PAS-gebiedsanalyse (2017).

Deze gebiedsanalyse maakt integraal onderdeel uit van het Natura 2000-beheerplan Langstraat. De maatregelen om de instandhoudingsdoelstellingen te kunnen realiseren bestaan voornamelijk uit peilveranderingen en afgraven. Voor de te nemen maatregelen in de Westelijke Langstraat is een Provinciaal Inpassingsplan (PIP) opgesteld. Het gehele PIP is te vinden op https://noord-brabant.terceraro.nl/MapViewer/Default.aspx?id=NLIMRO9930ipNatuurWLangstr-va01. Ter plaatse van het projectgebied ‘Hogevaart 143’ is afgraving niet aan de orde, de peilveranderingen die worden doorgevoerd in het hele plangebied van de Westelijke Langstraat zijn wel van toepassing op projectgebied. Ten behoeve van gestelde natura2000 doelen zijn geen overige inrichtingsmaatregelen binnen projectgebied benodigd. De vier partijen die het plan voor gehele N2000 gebied Westelijke Langstraat uitvoeren, Provincie Noord-Brabant, waterschap Brabantse Delta, Gemeente Waalwijk en Staatsbosbeheer hebben met de vaststelling van het plan van aanpak uitgesproken dat zij samen optrekken om de doelen te realiseren in overleg met de organisaties, de bewoners en de gebruikers in de Westelijke Langstraat. De zelfrealisatie door dhr. van Beek is hier een resultante van. Gezien de samenwerking in het gebied zal in een aantal gevallen de grondeigenaar ook zelf het beheer uitvoeren, zo ook in onderhavig projectgebied.

Op de toegevoegde overzichtskaart (afbeelding 4) is het plangebied ‘Westelijke Langstraat’ weergegeven. Op 6 maart 2020 is het PIP vastgesteld door Provinciale Staten (PS). Tegen de vaststelling van het PIP is bezwaar gemaakt. Op het moment van schrijven loopt de bezwaarprocedure nog. Omdat het bezwaar geen relatie heeft met dit plan kan de aanvraag voor een bijdrage van het GOB wel al worden aangevraagd. Overige relevante beleidsstukken zijn de reeds vastgestelde Milieueffect rapportage (MER) en het Peilenplan voor de Westelijke Langstraat. Meer informatie over het project is te vinden op https://www.brabantsedelta.nl/westelijkelangstraat

6

3. Huidige situatie en beleidsdoelen Het totale kadastrale perceel heeft een oppervlakte van 0,4285 ha. Het grootste gedeelte hiervan is gelegen binnen zowel de NNB als Natura2000 begrenzing. Deze ‘natuurbegrenzing’ is tevens overgenomen in het PIP en bepalend, deze vormt eveneens de te hanteren grens voor het projectgebied in onderhavig projectplan en subsidieaanvraag. De noordoost hoek in het perceel met een oppervlakte van 460 m2 is buiten Natura2000 begrenzing en projectgebied gelegen. Hier is, in verval geraakte bebouwing op aanwezig en beoogt men een nieuwe woning met tuin te realiseren. Afbeelding 5 geeft de ligging van het perceel en voornoemde begrenzingen weer. De oppervlakte van het perceel en het gedeelte binnen de natuurbegrenzing is als volgt: Kadastraal perceel

CPL02 O 726 Totaal

Oppervlakte perceel (in ha) 0,4285

Oppervlakte binnen Natura 2000 (in ha) 0,3825 0,3825

Afb 5. Uitsnede Natuurbeheerplan, perceel Capelle O 726 wit omkaderd (Provincie Brabant) Het perceel is in gebruik als grasland. Voorheen vond beweiding plaats, de laatste jaren is het 2-3 keer per jaar gemaaid en wordt maaisel afgevoerd. Het perceel wordt in principe jaarlijks bemest. Gedurende de periode van werkzaamheden door aannemer op achterliggende percelen in het kader van de natuurinrichting, is centraal op het perceel een pad, toegangsroute voor werktuigen naar het achterliggende land aangelegd. Nu de werkzaamheden zijn afgerond is de grasmat op voornoemd pad weer hersteld.

7

Op onderstaande foto’s is de huidige status van perceel weergegeven

Afb. 6 Perceel gezien vanaf Hoge Vaart (d.d.19-10-2022)

Afb. 7 Perceel vanaf zuidelijke perceelsgrens aan de Hogevaart (d.d. 7-7-2022)

8

Afb. 8 herstelde grasmat voormalig pad – gezien vanaf Hogevaart (d.d.19-10-2022)

Afb. 9 & 10 Detailfoto’s voor- en achterzijde huidige aanwezig bebouwing (d.d. 7-7-2022)

9

3.1. Bestemmingsplan De bestemming van de percelen is vastgelegd in het Provinciaal Inpassingsplan (PIP) (zie afbeelding 11). Het perceel valt onder de bestemming “Natuur” en heeft gebiedsaanduidingen “Aardkundig waardevol” en “Cultuurhistorisch vlak”. De plek waar de bebouwing staat valt buiten het PIP. Het gedeelte gelegen buiten de huidige NNB begrenzing, maar wel opgenomen in het PIP kent de aanduiding ‘Overige zone – in interim omgevingsverordening toe te voegen Natuur Netwerk Brabant’

Afb.11 Uitsnede Provinciaal Inpassingsplan Westelijke Langstraat (www.ruimtelijke plannen.nl) Voorafgaand aan vaststelling van het PIP was perceel bestemd met een bedrijfs- en agrarische bestemming. Pas recent is de bestemming Natuur hier opgelegd.

10

3.2. Natuurdoelen Voor dit perceel is in het Provinciaal inpassingsplan (PIP) het natuurbeheertype N10.01 Nat schraalland opgenomen, zie afbeelding 12. Ook de omliggende percelen hebben dit natuurdoeltype meegekregen. De vegetatie van nat schraalland is kruiden- en zeggenrijk en vormt overgangen naar rietland, heide of struweel. In de graslanden zijn vaak kleine verschillen in hoogte, in laagten blijft water langer blijft staan op overgangen naar iets drogere gronden kunnen heischrale graslanden en heiden voorkomen. Juist deze gradiënten maken het type zeer soortenrijk. Nat schraalland kan rijk zijn aan zegge (blonde zegge, blauwe zegge, geelgroene zegge, vlozegge, tweehuizige zegge), en orchideeën (brede orchis, rietorchis, gevlekte orchis, vleeskleurige orchis, moeraswespenorchis). Karakteristieke dagvlinders zijn zilveren maan en pimpernelblauwtje.

Afb. 12 Natuurdoeltypen voor de betreffende percelen (Bron: Natuurbeheerplan Provincie Noord-Brabant) Nat Schraalland betreft veelal oud boerengrasland, zo ook op in dit plan beschreven locatie. Het is land met verminderde productiviteit en slappe bodem dat ’s winters onder water kan staan. Door jaarlijks te hooien blijft het voedselarme karakter behouden. Zie afbeelding 13 ter impressie, sfeerbeeld van het gewenst natuurtype. Afb. 13 Nat Schraalland (natuurkennis.nl)

11

3.3. Waterpeil en drooglegging Het perceel maakt deel uit van peilgebied De Hoofd, GPG 00054. Onderdeel van het overkoepelend peilbesluit Oosterhout – Waalwijk. Datum inwerkingtreding 19 maart 2020. Het oorspronkelijke waterpeil , zowel winter als zomerpeil, is ingesteld -0,70 m NAP. De maaiveldhoogte van het perceel verschilt tussen de 0,60 m NAP (plaatselijk) en 0,20 m boven NAP. Dit is af te lezen op de hoogtekaart met dwarsdoorsnede, zie afbeelding 14. Dit resulteert in een huidige drooglegging ongeveer 1,30 m en 0,90 m.

Afb.14 Hoogtekaart met dwarsdoorsnede (bron: Algemeen Hoogtebestand Nederland (AHN))

12

4. Toekomstige situatie natuurrealisatie Het huidige grasland perceel zal worden omgevormd naar een natuurperceel binnen het grotere Natura2000 plan Westelijke Langstaat. De doelstelling en bijbehorend beheer sluit derhalve aan op de plannen zoals in het PIP zijn opgenomen. 4.1. Maatregelen waterhuishouding De voornaamste inrichtingswerkzaamheden zijn bepaald in het project Westelijke Langstraat en worden voor dit perceel uitgevoerd door het Waterschap Brabantse Delta. Deze maatregelen bestaan uit het aanpassen van de waterpeilen. Het gewenst natuurtype is te verkrijgen met verschalingsbeheer. Er hoeven in principe door de eigenaren geen aanvullende inrichtingsmaatregelen genomen te worden. Echter is eigenaar voornemens ter bevordering van biodiversiteit groenelementen aan te planten. De uitvoering van de instandhoudingsdoelstellingen N2000 zijn van start gegaan in februari 2021. De waterhuishouding in de Westelijke Langstraat zal worden aangepast volgens het vastgestelde Projectplan voor de waterwet. De uitgangspunten t.a.v. cultuurhistorische, aardkundige en landschappelijke waarden en recreatie zijn beschreven in het voorkeursalternatief uit de MER. 4.2.

Toekomstig waterpeil en drooglegging Na de uitvoering van de werkzaamheden voor de instandhoudingsdoelstellingen (najaar 2022) op omliggende percelen en verwijderen van aanwezige pad op perceel zelf zal door waterschap het peil steeds verder worden opgezet. Met name in de natte periode, de winter, wordt een hoger peil aangehouden. Het waterpeil zal met het nieuwe peil een zomer- en winterpeil krijgen van respectievelijk 0,60 en -0,40 m NAP conform Peilenplan Westelijke Langstraat (provincie Noord-Brabant). Kadastraal perceel

Peilgebied

Oorspronkelijk peil (m NAP)

Transitie peil (m NAP)

Toekomstig peil (m NAP)

CPL02 O 726

GPG 00054

-0,70

-0,40 tot -0,80

Winterpeil -0,40 Zomerpeil -0,60

Met het verhogen van de waterpeilen zal ook de drooglegging (het verschil tussen het maaiveld en het slootpeil) van de percelen minder worden. De grondwaterstanden en de toekomstige drooglegging van de percelen zijn in onderstaande tabel en afbeeldingen op de volgende pagina aangegeven. Kadastraal perceel

Toekomstig peil (m NAP)

Maaiveldhoogte (m NAP)

Drooglegging (m)

CPL02 O 726

Winterpeil -0,40 Zomerpeil -0,60

0,20 tot 0,60

Winter 0,60 – 1,0 Zomer 0,80 – 1,20

13

Winter

Zomer

Afb. 15 Berekende drooglegging bij voorkeursalternatief (Peilenplan PIP Westelijke Langstraat) De peilopzet zal geleidelijk plaatsvinden en het effect wordt door het waterschap gevolgd met monitoring zodat constant bijstelling mogelijk is. Geleidelijke peilopzet is noodzakelijk omdat de natuur zich zo op de veranderende omstandigheden kan aanpassen. De overgang van vigerende peilen naar voorgestelde/toekomstige peilen wordt de transitieperiode met transitiepeilen genoemd. De fasering en de planning van de uitvoering van de maatregelen in de Westelijke Langstraat is opgenomen in onderstaande afbeelding.

Afb. 16 Fasering maatregelen en transitieperiode peilbeheer (PIP Westelijke Langstraat) In het peilgebied GPG 00054, waar perceel in ligt, worden de peilen in fase 1 (2021-2022) aangepast. Dan wordt eerst het transitiepeil ingesteld, dit is een variabel peil dat in de zomer lager is dan in de winter. Vervolgens wordt door het waterschap jaarlijks per peilgebied afgewogen of de volgende stap kan worden doorgevoerd. Dit gaat door totdat de resterende maatregelen zijn gerealiseerd en de voorgestelde peilen zijn bereikt. Het totale maatregelpakket is uiterlijk in 2027 uitgevoerd.

14

4.3. Natuurdoel en in inrichting De inrichtingsmaatregelen voor de waterhuishouding en het uit te voeren vegetatiebeheer is erop gericht om de natuurdoelen zoals in het Provinciaal Inpassingsplan opgenomen zo veel mogelijk te realiseren. Het waterpeil zal in de winter met 30 cm worden verhoogd en in de zomer met 10 cm. Doordat het perceel van dhr. van Beek ten opzichte van de rest van het peilgebied relatief hoog lis gelegen is ook de drooglegging relatief groot. In het PIP is uitgegaan van natuurdoeltype N10.01 Nat schraalland, dit is zo ook opgenomen in het natuurbeheerplan van de Provincie Noord-Brabant. Uit literatuur (www.bij12.nl) blijkt dat de gewenste voorjaarsgrondwaterstand (GVG) tussen de 5 cm onder maaiveld tot 20 cm boven maaiveld dient te liggen voor een ideale ontwikkeling van het natuurdoeltype. Op het grootste deel van het naar natuur om te vormen deel van perceel CPL02 O 726 is de gemiddeld hoogste grondwaterstand aan de lage kant voor het ontwikkelen van N10.01 Nat Schraalland. Een hoge grondwaterstand in het voorjaar (GVG) zal dan ook van belang zijn. Gezien het jarenlange regulier agrarisch beheer met bemesting is de voedselrijkdom van het perceel matig tot hoog. De bodem is reeds verzadigd met voedingsstoffen. Het is onduidelijk hoe diep de verrijking in de bodem reikt.

Het natuurtype Nat Schraalland is een soortenrijk natuurtype dat hoge eisen stelt aan de standplaats, hoogwaardige natuurtype conform provinciaal natuurbeheerplan. De specifieke omstandigheden van het perceel voldoen niet geheel aan de eisen die het natuurdoeltype stelt. Echter gezien de ligging van het perceel in het grotere geheel, de ‘Westelijke Langstraat’ en te verwachten variatie binnen het gebied wat bijdraagt aan hogere biodiversiteit is door bevoegd gezag (Provincie) ervoor gekozen om één natuurdoeltype op het gehele gebied, inclusief voorliggend perceel aan te houden. Het projectgebied in voorliggende aanvraag maakt onderdeel uit van een groter plangebied met de doelstelling N10.01 Nat schraalland. Perceel is aan de rand gelegen van het natuurgebied en vormt deels een buffer tussen het achterliggende natuurgebied en de verharde weg Hogevaart waar meerdere bedrijven en woningen met erf en tuinen aan zijn gevestigd. In het project Westelijke Langstraat is besloten om op een aantal plekken op omliggende percelen de toplaag te verwijderen en het maaiveld te verlagen. Voor onderhavig perceel is besloten dat dit niet aan de orde is en er geen grootschalige inrichtingswerkzaamheden, zoals vergraven, uitgevoerd hoeven te worden.

Het peilopzet door waterschap ter plaatse van het perceel, gelegen aan een dijk met van nature glooiing en reliëf heeft, aldus de ecologen, voldoende basis voor de beoogde natuurontwikkeling. De eigenaar is voornemens ter bevordering van biodiversiteit en versterken van het landschapsbeeld enkele bosschages aan te planten op de in het veld natuurlijke hoogtes. Struweel bestaat uit inheemse soorten zoals els, rode kornoelje, sleedoorn en sporkehout. Tevens is op de Winterdijk en Hoge Vaart een rij knotwilgen voorzien om de laanstructuur te verbeteren. Met toevoeging van voornoemde groenstructuren ontstaan meerdere vegetatiestructuren en daarmee extra diversiteit aan planten en dieren. Voornoemde aanplant dient in basis als landschappelijke inpassing van de beoogde nieuwbouwwoning. Mocht de nieuwbouw niet mogelijk blijken te zijn zal de eigenaar afzien van het aanplanten van de bosschages en de rij knotwilgen. Het natuurdoel zal zonder deze elementen evengoed tot ontwikkeling kunnen komen.

15

Ten behoeve van de toegankelijkheid van het perceel, achterom naar nieuwe woning en voor het uitvoeren van het onderhoud en het tijdelijk opslaan van maaisel wordt een smalle stook halfopen grasbeton verharding aangebracht. De inrit is gesitueerd ter plaatse van de ingang van het voorheen aanwezige toegangspad wat in gebruik was t.b.v. de inrichtingswerkzaamheden op omliggende percelen. Mogelijk zullen afspraken gemaakt worden met de eigenaar/beheerder van aangrenzende percelen om ook deze percelen via deze inrit te onderhouden. Echter heeft betreffende eigenaar via eigen land rechtstreeks toegang tot zijn percelen vanaf de verharde weg Hoge Vaart. Dergelijke afspraken zijn derhalve niet noodzakelijk. In beginsel zal initiatiefnemer op eigen perceel zelf het beheer en onderhoud uitvoeren. Het inrichtingsplan, in de vorm van een situatieschets, is weergegeven op volgende pagina (afbeelding 17). Voor het project zal het waterschap, trekker van de totale planontwikkeling ‘Westelijke Langstraat’ ook op onderhavig perceel mede de ontwikkeling van de natuurontwikkeling monitoren en evalueren. Zo nodig zullen in overleg tussen waterschap en eigenaar aanvullende aanpassingen worden gedaan als de natuurontwikkeling niet of onvoldoende de gewenste trend laat zien.

16

Afb. 17 Situatieschets Beoogde inrichting (van Dun Ontwerp 17 & Advies)

4.4. Beheer Het beheer van de vegetatie, het grasland perceel is gericht op het ontwikkelen van een nat schraalland. Ten behoeve hiervan zal twee keer per jaar worden gemaaid en het maaisel wordt afgevoerd. Er wordt geen mest aangebracht, wel is nabeweiding met vee mogelijk. In Nederland hebben veel natte schraallanden maaibeheer nodig voor de instandhouding van een korte, open vegetatie en afvoer van nutriënten. Maaien en afvoer van maaisel in de (na-) zomer is dan het beste. Maaimaterieel en methoden wordt aangepast aan de draagkracht van de bodem. Natte schraallanden hebben vaak een kwetsbare bodem en vergen daarom speciaal materieel. Ten behoeve van fauna en zaadzetting van plantensoorten is het jaarlijks uitsparen van stroken die niet gemaaid worden wenselijk. Hiervan profiteren bijvoorbeeld vlindersoorten als argusvlinder en zilveren maan. Het moment van maaien wordt afgestemd op de broedperioden van weidevogels, dus na 15 juni, en zo nodig op de stevigheid van de grond bij natte omstandigheden. De tweede maaibeurt is in augustus/september. In de loop van de jaren zal de groeikracht van de vegetatie minder worden. Zo mogelijk zal het aantal maaibeurten worden teruggebracht naar één keer per jaar in de zomer. Indien teveel houtopslag van struweel wordt gevormd, kan een deel van deze vegetatie worden gemaaid.

Het beheer zal worden uitgevoerd door en/of in opdracht van de eigenaar. Naastgelegen gevestigde loonwerker heeft in verleden ook beheer uitgevoerd, deze is bedreven en ervaren in ecologisch beheer. Tevens beschikken ze over benodigde kennis en geschikt materiaal zoals rupsmaaiers.

5. Planning De inrichting voor dit perceel, zijnde het opzetten van de waterpeilen is integraal meegenomen in de inrichting voor het gehele plangebied ‘Westelijke Langstraat’ Dit werk is medio 2022 uitgevoerd, zo blijkt uit de planning van het project Westelijke Langstraat. 9 juli jongstleden organiseerde de betrokken overheden en uitvoerders reeds de open dag met als dagopening de symbolische oplevering. Kortom alle grootschalige inrichtingswerkzaamheden in het gebied zijn op moment van schrijven reeds afgerond. Het verdere verschralingsbeheer door eigenaar om de natuurdoelen te realiseren zal direct na het afronden van de subsidieprocedure in gang worden gezet. Met het aanpassen van de waterpeilen vanaf eind 2022 is de verwachting van de vernatting dat de effecten nadien geleidelijk merkbaar worden aan de vegetatieontwikkeling op het perceel in projectgebied. Verdere ontwikkeling van vegetatie in een nat schaalland zal geleidelijk aan plaatsvinden met verder opkomen van waterpeilen en beëindigen van voorheen gebruikelijke reguliere agrarische gebruik. Gerekend wordt op een periode van meerdere jaren om de noodzakelijke verarming ten behoeve van een optimale graslandontwikkeling te realiseren. In najaar 2022 is voorliggende projectplan en subsidie aanvraag ingediend bij het GOB. De gangbare beslistermijn hierop, van het GOB is ca. een half jaar.

Naar verwachting zal pas medio 2023 een beschikking volgen waarna in de maanden daarna de KV gevestigd kan worden via notaris. Bij vestiging KV volgt uitbetaling van het subsidiebedrag en start eigenaar met beschreven werkzaamheden.

18

6. Financiën De vergoeding voor de waardevermindering van het perceel is gebaseerd op de uitgevoerde taxatie van 15 januari 2022. De getaxeerde waarden zijn bepaald op basis van de marktwaarde van het perceel. Het perceel ligt binnen het Rijksnatuurnetwerk en is aangeduid als ‘nog te realiseren’ natuur. Voor de subsidie van de functieverandering wordt een bijdrage van het Groen Ontwikkelfonds van maximaal 85% aangevraagd. Gezien de ligging binnen het zogenaamd ‘complex PAS-gebied’ Westelijke Langstraat is aanvraag van inrichtingssubsidie bij het GOB niet mogelijk. Derhalve wordt alleen de vergoeding voor functiewijziging naar natuur (afwaardering) bij het Groen Ontwikkelfonds aangevraagd. Zoals reeds beschreven worden de benodigde inrichtingsmaatregelen in het kader van de zelfrealisatie door Waterschap Brabantse Delta (en partners) in het gehele projectgebed Westelijke Langstraat uitgevoerd. Eerder is besloten dat geen overige inrichting binnen projectgebied benodigd is, derhalve is ook geen aanleiding een inrichtingssubsidie aan te vragen. Kadastraal perceel

Opper-vlakte RNNB (ha)

Natuurbeheertype

Taxatie-waarde

Subsidiebijdrage

Bedrag subsidie

CPL02 O 726

0,3825

N.02 Nat schraalland

€ 189.131

85%

€ 160.761

Totaal

0,3825

€ 160.761

7. Communicatie Vanuit het project Westelijke Langstraat wordt er aandacht besteed aan de communicatie. Vanuit dit individuele plan is geen aanvullende communicatie voorzien.

8. Risico’s De realisatie van de benodigde maatregelen zoals peilopzetten wordt uitgevoerd door het waterschap als onderdeel van het project Westelijke Langstraat. Dit is reeds in uitvoering. Bij de evaluatie door het waterschap zal de ontwikkeling mede op onderhavig perceel worden gevolgd. Zo nodig kan vanuit de natura2000 doelstellingen geconstateerd worden of er aanvullende maatregelen nodig zijn. Eventueel benodigde maatregelen zullen vanuit waterschap of provincie worden genomen. De ontwikkeling van natuurwaarden kan negatief worden beïnvloed door externe factoren die niet zijn voorzien. Hierbij valt te denken aan: verontreiniging van grond en grondwater of gebrek, dan wel overvloed aan water of verontreinigingen vanuit de lucht. In zoverre wetgeving hierin voorziet zijn deze risico’s ten opzichte van voorliggend plan niet te verkleinen.

19

bestemmingsplan Hogevaart 143 Sprang-Capelle

Bijlage 5 Notitie invoergegevens AERIUS-berekeningen

36 astgesteld)

bestemmingsplan "Hogevaart 143 Sprang-Capelle" (v

Notitie:

Invoergegevens AERIUS-berekening stikstofdepositie op Natura 2000Gebieden Locatie: Hogevaart 143, 5161 PM Sprang-Capelle

Gilze,

7-8-2025

Kenmerk:

BK/22134.005

Om te bepalen of de ontwikkeling aan de Hogevaart 143 te PM Sprang-Capelle (negatieve) gevolgen heeft op Natura 2000-gebieden, dient er bepaald te worden of er sprake is van stikstofdepositie op deze gebieden. Als de uitkomst is dat er geen sprake is van stikstofdepositie, dus kleiner of gelijk aan 0,00 mol/ ha/jaar, dan is er geen vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming nodig. Als rekenjaar voor de AERIUS berekeningen is het rekenjaar 2025 gehanteerd, het jaar dat de woning naar verwachting gerealiseerd zal worden en mogelijk al in gebruik wordt genomen. Toelichting invoergegevens verkeersbewegingen De verkeersbewegingen zijn in het rekenmodel per woonkavel gemodelleerd door middel van een lijnbron over de ontsluitingsroutes (buitenwegen). De ontsluitingsroutes zijn ingevoerd tot het moment dat deze zijn opgenomen in het ‘heersende verkeersbeeld’. De wegen in de directe omgeving van het bedrijf worden veelvuldig gebruikt door bewoners en bezoekers van de woningen en vrachtverkeer voor de omliggende bedrijven. Dit resulteert in enkele honderden vrachtwagens die per etmaal gebruik maken van de weg en enkele duizenden auto’s. Voor het realiseren van de woning is het aantal voertuigen berekend. De verdeling van rijrichting bedraagt naar verwachting 70% in noordelijkoostelijke en 30% in zuidelijke richting.

Gelet op de verkeersintensiteit van de weg waaraan het perceel is gelegen is het aannemelijk dat deze bewegingen bij de kruising in oostelijke richting (Winterdijk) zijn opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Om deze reden is er een lijnbron van circa 200 meter opgenomen in de AERIUS-berekening. In de berekening van de vervoersbewegingen zijn alle tractoren en/of vrachtwagens als zware motorvoertuigen geclassificeerd. Het is immers op voorhand niet bekend of een ‘kleine’ of ‘grote’ vrachtwagen de planlocatie bezoekt. Ook is niet expliciet benoemd of tractoren middelzware of zware motorvoertuigen zijn. Om een worst-case-situatie te hanteren zijn al deze vervoersbewegingen als zware motorvoertuigen in de berekening opgenomen. Aanlegfase Om te bepalen of de nieuw te realiseren woning mogelijke negatieve gevolgen heeft voor omliggende Natura 2000-gebieden is middels een AERIUS-berekening bepaald of er sprake is van een toename van stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden. De bouw van de woning genereert een toename in verkeersbewegingen, onder andere door bouwbedrijven en de aanvoer van bouwmaterialen. De aanlegfase heeft betrekking op het slopen van bestaande bebouwing, het bouwrijp maken van de grond ter plaatse en de nieuwbouw van de woning in combinatie met de verkeersaantrekkende werking van bouwverkeer.

De totale emissie van de aanleg-/bouwfase is opgebouwd uit twee te onderscheiden onderdelen: 1. Verkeersbewegingen van al het personeel en bouwbenodigdheden; 2. Inzet mobiele werktuigen/materieel met een relevante bijdrage. Pagina 1 van 5

Verkeersbewegingen Bron 1: Emissiepunt: Materiaal: Aantal bewegingen:

Wegverkeer noordoostelijke richting Lijnbron wegverkeer noordoostelijk Lichte en zware motorvoertuigen 700 lichte voertuigbewegingen per jaar 70 zware vervoersbewegingen

Bron 2: Emissiepunt: Materiaal: Aantal bewegingen:

Wegverkeer zuidelijke richting Lijnbron wegverkeer zuidelijk Lichte en zware motorvoertuigen 300 lichte voertuigbewegingen per jaar 30 zware vervoersbewegingen

Bij de verkeersbewegingen zijn de volgende invoergegevens gehanteerd: - Lichtverkeer: 1000 vervoersbewegingen - Zwaar verkeer: 100 vervoersbewegingen In realiteit zal het aandeel zwaar vrachtverkeer veel lager uitvallen (er zal niet dagelijks zwaar verkeer van en naar de locatie komen ten behoeve van de bouw van de woning). De verkeersbewegingen zijn in het rekenmodel gemodelleerd door middel van lijnbronnen op de verschillende wegvakken. Het betreft buitenwegen. De stikstofdepositie van bovengenoemde bronnen wordt berekend op jaarbasis. In het rekenmodel worden de bronnen die per etmaal worden ingevoerd vermenigvuldigd met 365 om deze depositie te berekenen. Dit betekent dat het mogelijk is dat er dagen meerdere vervoersbewegingen zijn en andere dagen weer minder. Bovenstaande aantallen zijn dan ook gemiddelden tijdens de bouwfase.

Inzet mobiele werktuigen/materieel met een relevante bijdrage Bron 3 Emissiepunt:

Mobiele bronnen Mobiele bronnen binnen de inrichting

Bij de sloop van de bestaande bebouwing en de bouw van de woning zal sprake zijn van het gebruik van mobiele werktuigen ter ondersteuning van de bouwwerkzaamheden. De mobiele werktuigen zijn ingevoerd als vlakbron op de bouwplaats: de locatie van de nieuw te realiseren woning en omliggend terrein. De mobiele werktuigen zijn geselecteerd uit de subcategorie ‘bouw en industrie’. Via de eigen specificatie zijn de draaiuren zoals hieronder beschreven ingevuld. De emissies van de mobiele werktuigen worden met deze gegevens automatisch berekend. Er is uitgegaan van mobiele werktuigen met het bouwjaar vanaf 2018. De werkelijke mobiele werktuigen die zullen worden ingezet zullen naar waarschijnlijkheid van een recenter bouwjaar zijn. Voor de inzet van de mobiele werktuigen/materieel zijn de volgende invoergegevens gehanteerd: 1. Graafmachine Er is vanuit gegaan dat één graafmachine circa 24 draaiuren bezig is voor de sloop van de bestaande bebouwing en het grondwerk van de nieuw te realiseren woning. De graafmachine wordt ingezet voor het ontgraven van de fundering, kelder, kabels, leidingen etc. De graafmachine zorgt er dus voor dat de bouwlocatie bouwrijp gemaakt wordt. De graafmachine zal 8 draaiuren op diesel draaien en 16 uur elektrisch. Bij het gebruik van elektrisch materieel is er geen sprake van emissie waardoor deze niet meegenomen zijn in de berekening.

Voor het opladen van de accu’s wordt geen aggregaat gebruikt, deze worden elders opgeladen.

2 van 5

Graafmachine: Vermogen: Bouwjaar: Draaiuren: Gemiddelde belasting: Brandstofverbruik: AdBlue-verbruik:

160 kW 2018 8 uur 65 % (conform TNO-rapport TNO 2021 R12305) 221 ltr/jaar (27,60 ltr/u volgens tabel TNO-onderzoek TNO 2021 R12305 AUB) 13 ltr/jaar (In invoerinstructie is opgenomen dat AdBlue-verbruik 6% van het brandstofverbruik bedraagt voor Stage IV en V)

2. Betonpomp Het beton wordt via een betonpomp gestort in de bekisting. Ook deze betonpomp draagt bij aan de emissie van stikstof. Tijdens het verpompen van het beton wordt de motor gebruikt. Voor het verpompen van beton is circa 8 uur een betonpomp operationeel. Met gebruik van de betonstorter wordt de fundering, de vloer op de begane grond en de vloer op de eerste etage aangebracht. Betonpomp: Stageklasse: Vermogen: Bouwjaar: Draaiuren: Gemiddelde belasting: Brandstofverbruik: AdBlue-verbruik:

STAGE IV, vermogen 75-560 kW 200 kW 2018 8 uur 35 % (conform TNO-rapport TNO 2021 R12305) 152 ltr/jaar (19,06 ltr/u volgens tabel TNO-onderzoek TNO 2021 R12305 AUB) 9 ltr/jaar (In invoerinstructie is opgenomen dat AdBlue-verbruik 6% van het brandstofverbruik bedraagt voor Stage IV en V)

3. Mobiele bouwkraan De hijskraan is ondersteunend bij het plaatsen van zware materialen zoals ramen, deuren, betonpanelen, etc. Er is van uitgegaan dat deze bouwkraan circa 16 draaiuren in gebruik zal zijn. Hiervoor wordt een elektrische hijskraan gebruikt. Bij het gebruik van elektrisch materieel is er geen sprake van emissie waardoor deze niet meegenomen zijn in de berekening. Voor het opladen van de accu’s wordt geen aggregaat gebruikt, deze worden elders opgeladen. 4. Verreiker De verreiker is ondersteunend bij het verplaatsen van zware materialen. Tevens kan een verreiker met een manbak dienen als hoogwerker. Er is van uitgegaan dat deze verreiker circa 10 draaiuren in gebruik zal zijn. Verreiker Stageklasse: Vermogen: Draaiuren: Gemiddelde belasting: Brandstofverbruik: AdBlue-verbruik:

STAGE IV, vermogen 75-560 kW 80 kW 10 uur (zie bovenstaande) 65 % (conform TNO-rapport TNO 2021 R12305) 141 ltr/jaar (14,06 ltr/u, tabel TNO-onderzoek TNO 2021 R12305 AUB) 8 ltr/jaar (In invoerinstructie is opgenomen dat AdBlue-verbruik 6% van het brandstofverbruik bedraagt voor Stage IV en V)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16137374/1