107 Bijlage 3o RO-180267 - 73193 DR HVO-NGE Deelgebied 2 Roosendaal - Geertruidenberg versie 3.0
Tekst van het document
Mangaten zijn volgens het WSCS-OCE niet verdacht tenzij er aanwijzingen zijn dat ze in gebruik zijn genomen als schuttersput. Het is aannemelijk dat de mangaten die zich bevinden in gebieden waar ook grondgevechten hebben plaatsgevonden, zijn gebruikt als schuttersput. De mangaten die zijn gebruikt als schuttersput zijn verdacht op mogelijk achtergebleven NGE. Aangezien er geen aanwijzingen zijn dat de mangaten in het analysegebied gebruikt zijn als schuttersput, is naar aanleiding van mangaten in dit HVO-NGE geen NGE-Risicogebied afgebakend. Omdat volgens het WSCS-OCE stellingen worden afgebakend op basis van luchtfoto’s, dient rekening te worden gehouden met de cartografische onnauwkeurigheid. 3.3.11 Naar aanleiding van mijnenvelden Volgens het WSCS-OCE is het gebied binnen de contouren van het mijnenveld verdacht, als op basis van de mijnenruimrapporten is gebleken dat niet alle mijnen zijn geruimd en feitelijke onderbouwing voor vermiste mijnen ontbreekt. Hierbij is echter nog geen rekening gehouden met de cartografische onnauwkeurigheid. De mijnenvelden zijn namelijk met de hand ingetekend op de geallieerde stafkaart, die vervolgens is ingepast in GIS. De onnauwkeurigheid bij de mijnenvelden is vastgesteld op 20 meter. 3.3.12 Naar aanleiding van de inzet van vernielingsmiddelen Het is bekend dat gedurende de oorlog vernielingsmiddelen zijn ingezet.
Volgens het WSCS-OCE is de locatie, waar de vernielingslading in werking is gesteld, verdacht en dient de afbakening verder situationeel te worden bepaald. In het geval van de vernieling van de bruggen kunnen mogelijk vernielingsmiddelen zijn achtergebleven in het water ter hoogte van de bruggen. In de praktijk is de kans op het aantreffen van NGE van niet gedetoneerde vernielingsmiddelen echter zeer klein. Het kan voorkomen dat niet alle aangebrachte vernielingsmiddelen hebben gewerkt. In deze gevallen zullen de vernielingsmiddelen bij het springen van de bruggen zijn weggeslingerd en mogelijk op de land- en/of waterbodem zijn achtergebleven. Omdat niet bekend is of bij het laten springen van de bruggen (restanten van) vernielingsmiddelen zijn achtergebleven, is het niet mogelijk een NGE-Risicogebied af te bakenen.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 20 van 183
3.3.13 Naar aanleiding van munitiedump Een dumplocatie van munitie en/of toebehoren kan voorkomen in de land- en op de waterbodem en is volgens het WSCS-OCE verdacht. Als uitgangspunt voor afbakening van het NGE-Risicogebied dient de locatie van de dump te worden genomen. Verder is de afbakening situationeel te bepalen. Het dumpen van munitie is slechts zelden gedocumenteerd. Wanneer in het geraadpleegde bronnenmateriaal melding wordt gemaakt van munitiedump en de dump kan worden herleid naar een exacte locatie, wordt een NGERisicogebied afgebakend. In enkele gevallen is echter gebleken dat locaties van munitiedump pas tijdens naoorlogse werkzaamheden werden ontdekt.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 21 van 183
4
OVERZICHT OORLOGSHANDELINGEN
Uit het geraadpleegde bronnenmateriaal zijn diverse oorlogshandelingen in en in de omgeving van het analysegebied naar voren gekomen. In dit hoofdstuk worden deze oorlogshandelingen gevat in een chronologische oorlogshandelingenlijst. Per oorlogshandeling staat beschreven welke bronnen beschikbaar zijn voor elke oorlogshandeling. Daarnaast wordt de datum van de eerstvolgende, beschikbare luchtfoto vermeld die na de desbetreffende oorlogshandeling is genomen. Ten slotte wordt per oorlogshandeling in de lijst vermeld of deze al dan niet relevant is voor het analysegebied (zie ook paragraaf 1.4). Aan de hand van de oorlogshandelingenlijst wordt bepaald welke oorlogshandelingen in hoofdstuk 5 t/m 8 worden geanalyseerd. De locaties waar de oorlogshandelingen hebben plaatsgevonden zijn ingetekend in GIS en zijn weergegeven in Tekening 03: Oorlogshandelingenkaart. Bronnenmateriaal Datum Omschrijving 1940-1941 Meerdere meldingen van het neerkomen van bommen in relevante gemeenten. 10 mei 1940 Tussen de Moerdijkbrug en station Lage Zwaluwe kwamen Duitse parachutisten neer. Een Duitse stormaanval leidde tot de terugtrekking van Nederlandse troepen te Station Lage Zwaluwe. Nederlands bombardement op Duitse verdedigingswerken te Lage Zwaluwe en de Moerdijkburgen. Herovering van de Nederlandse stelling bij Lochtenburg.
Meldingen van het neerkomen van een Junkers Ju 52, een Fokker C-V en een Fokker G-1 in respectievelijk Zevenberschen Hoek,
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven NIOD: toegang 077, inv 1328
Internationale archieven
Luchtfoto
Analyse Relevant? Nee, exacte locaties van neergekomen bommen niet vermeld.
Paragraaf
AME1 266-268 AME2 339 BUI3 14
NIMH, collectie 492, inv 12
Ja, luchtlanding nabij het analysegebied.
5.1
BRO1 39 BUI3 14
NIMH, collectie 409, inv 528019, 528020, 528021
Ja, aanval binnen het analysegebied.
5.1
BRO1 48-49 BRO3 69-70 MOL 1075
NIMH, collectie 492, inv 3, 4
Ja, bombardement vond plaats op doelwit binnen analysegebied.
6.1.1
BRO3 69-70
NIMH, collectie 409, inv 528021
Ja, aanval binnen het analysegebied.
5.1
SGLO T0330 SGLO T0025 SGLO T0070
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Nee, geen exacte locaties bekend.
Pagina 22 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving Hooge Zwaluwe en nabij Zevenbergen. Op de bouwgrond van Vermeulen, in het gehucht Pelikaan, werd een niet ontplofte granaat van luchtafweergeschut aangetroffen. 11 mei 1940 Franse troepen te Zevenbergschen Hoek werden onder vuur genomen door Stuka’s
12 mei 1940
13 mei 1940
11 mei 1941
9 maart 1942
De Duitse troepen bereikten in de avond van de 12e mei de lijn MadeOosterhout-Goirle-Hooge Mierde. Schermutseling tussen Duitse troepen en Nederlandse en Franse troepen te Standdaarbuiten. Meldingen van het neerkomen van een een Junkers Ju 88 en een Morane Saulnier MS 406 te Roosendaal. Melding van het neerkomen van een vliegtuig aan de Pootweg te Zevenbergschen Hoek. Bominslag te Zevenbergschen Hoek, op de Gelderse Polder tussen de Rijksweg en de
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
Internationale archieven
WBA: toegang 0451, inv 4115
AME1 275276, 297 AME2 348-349 BRO2 178 WEI2 z.p.
BRO3 277
WBA: toegang 0682, inv 2884, 3107, 4822, 5309
Luchtfoto
Analyse Relevant?
Paragraaf
Nee, naar aanleiding van een neergekomen granaat van luchtafweergeschut wordt geen NGE-Risicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.3. BuMu, RM7, inv 337
NIMH, collectie 409, inv 528017, 528019 NIMH, collectie 492, inv 3, 4 NIMH, collectie 492, inv 3, 4
Ja, bombardement vond plaats op doelwit binnen analysegebied.
6.1.2
Ja, bezetting van het analysegebied.
5.1
BRO4 142-144 HFH 4
Nee, geen meldingen binnen het analysegebied.
SGLO T0620 SGLO T0636
Nee, geen exacte locaties bekend.
WBA: toegang 0682, inv 4822
Nee, geen exacte locatie vermeld.
WBA: toegang 0682, inv 4822
Nee, geen woningen tussen de spoorweg en de Rijksweg op de Gelderse Polder binnen het analysegebied.
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 23 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving spoorlijn, nabij de woning van Weduwe Damen 13 december Typhoons voerden een 1942 aanval uit op het station Lage Zwaluwe. 4 oktober 1943
14 oktober 1943 5 november 1943
25 november 1943 1944
22 februari 1944 21 mei 1944
24/25 mei 1944 25 juli 1944
Typhoons voerden een aanval uit en een trein die station Lage Zwaluwe passeert. Een Messerschmitt Bf 109 stortte neer te Roosendaal Twee Mustang P-51’s vallen een passagierstrein met verlofgangers aan bij het doorrijden van station Lage Zwaluwe. Messerschmitt Bf 109 stortte neer te Zevenbergen. Een kaart met daarop aangeven de tankgrachten in West-Brabant. Melding van een tankgracht tussen Moerdijk en Bergen op Zoom. Een Focke Wulf Fw 190 kwam neer te Oud en Nieuw Gastel. Een Avro Lancaster stortte neer te Kapelberg in Roosendaal. Een Handley Page Halifax stortte te Emilia Polder te Made en Drimmelen. Aanval met boordwapens op een personentrein
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
ZWA1 441 HUU 219
WBA: toegang 0682, inv 4822
HUU 251, 293
WBA: toegang 0682, inv 4822
Internationale archieven
SGLO T2980 HUU 252 ZWA2 113
WBA: toegang 0682, inv 4822
SGLO T3116
Luchtfoto
Analyse Relevant?
Paragraaf
Nee, naar aanleiding van beschietingen met boordwapens wordt geen NGE-Risicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.7. Nee, naar aanleiding van beschietingen met boordwapens wordt geen NGE-Risicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.7. Nee, geen exacte locaties bekend. Nee, naar aanleiding van beschietingen met boordwapens wordt geen NGE-Risicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.7. Nee, geen exacte locaties bekend.
BHIC: toegang 1148, inv 443
Ja, indicatie van locatie militaire stellingen.
NIMH, collectie 575, inv 402
Nee, geen exacte locatie vermeld.
SGLO T3459A
Nee, geen exacte locaties bekend.
SGLO T3692
Nee, geen exacte locaties bekend.
SGLO T3719
Nee, geen exacte locaties bekend. WBA: toegang 0682, inv 5314
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
8.1
Nee, naar aanleiding van beschietingen met boordwapens
Pagina 24 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving tussen Roosendaal en Lage Zwaluwe. 15 augustus Een personentrein werd 1944 tussen Made en Drimmelen en Hooge Zwaluwe beschoten. 26 augustus Personentrein werd nabij 1944 Lage Zwaluwe beschoten.
Literatuur
HUU 466
In Lage Zwaluwe werden drie personentreinen beschoten.
HUU 466
1 september 1944
Groepswagenladingentrein werd tussen Willemsdorp en Dordrecht bij Zwaluwe gebombardeerd. Een personentrein werd tussen Lage Zwaluwe en Breda driemaal beschoten.
HUU 467
Er stond een bomaanval gepland op het station Lage Zwaluwe, maar de aanval werd afgeblazen wegens slecht weer. In de Mark liggende schepen werden door Engelse jachtvliegtuigen beschoten zonder echter veel schade aan te richten. De Moerdijkbrug en het station Lage Zwaluwe werden gebombardeerd. Beschieting door Mosquitos van doelen in Nederland, waaronder qD.8445.
HUU 475 SGLO T4022
13 september 1944
16 september 1944
17 september 1944 5 oktober 1844
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Internationale archieven
HUU 464-465
28 augustus 1944
11 september 1944
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
WBA: toegang 0682, inv 4822
HUU 474
TNA: AIR 37/715, AIR 37/993 AIR 27/1157, AIR 27/1169
Analyse Relevant? wordt geen NGE-Risicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.7. Nee, naar aanleiding van beschietingen met boordwapens wordt geen NGE-Risicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.7. Nee, naar aanleiding van beschietingen met boordwapens wordt geen NGE-Risicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.7. Nee, naar aanleiding van beschietingen met boordwapens wordt geen NGE-Risicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.7. Nee, buiten het analysegebied.
Paragraaf
Nee, naar aanleiding van beschietingen met boordwapens wordt geen NGE-Risicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.7. Nee, de aanval was afgeblazen vanwege het slechte weer.
Nee, geen exacte locatie vermeld.
LAR 85
HFH 28
Luchtfoto
TNA: AIR 37/715, AIR 37/993 AIR 27/1157, AIR 27/1169
Ja, bombardement vond plaats nabij het analysegebied.
TNA: AIR 37/715
Nee, naar aanleiding van beschietingen met boordwapens wordt geen NGE-Risicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.7.
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
6.1.3
Pagina 25 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving 12 oktober In de nacht vielen acht 1944 bommen op de Langenberg zonder schade te veroorzaken. 21 oktober Meerdere aanvallen met 1944 Typhoons en Spitfires op spoorwegkruisingen, een spoordijk en een spoorbrug te Lage Zwaluwe en Zevenbergschen Hoek. 24 oktober Een bombardement in de 1944 Dorpstraat van Oud Gastel. 29/30 oktober In de nacht trekken in Oud 1944 Gastel de Duitse troepen terug vanuit Roosendaal. De brug bij het Gastelsveer werd vernield, Stoof werd met artillerie bestookt. 30 oktober Om zeven uur 's avonds 1944 bereikten de eerste Amerikanen de Mark pal ten zuiden van Standdaarbuiten. Hier was de brug nog intact. Net op het moment dat luitenantkolonel Kellehers mannen de brug wilden oprennen vloog hij de lucht in. Een bombardement op transportdoelen te qD.9348. Om 16.00 uur: bevrijding van Oud Gastel Om 17.00 uur: Oud Gastel beschoten door Duitse artillerie en tanks
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
Internationale archieven
LAR 90
TNA: AIR 37/715, AIR 37/993 AIR 27/1157, AIR 27/1169, AIR 27/1737
Luchtfoto
Analyse Relevant? Nee, geen exacte locatie vermeld.
Ja, bombardment binnen het analysegebied.
LAR 91
Nee, buiten het analysegebied.
LAR 95
Nee, geen exacte locatie vermeld.
BOL 41 DID1 242 DOO 19, 25-27 HFH 34
Nee, geen specifieke oorlogshandelingen besproken.
TNA: AIR 37/715, AIR 27/1726 LAR 96-97 HFH 35
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Paragraaf
6.1.4
Ja, bombardement binnen het analysegebied.
0
Ja, oorlogshandelingen nabij het analysegebied,
5.2.1
Pagina 26 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving vanuit Stampersgat, met als doel de kerktoren neer te halen. Aan de zuidkant van de gemeente stelde de Engelse artillerie zich op om Stampersgat onder vuur te nemen. 30/31 oktober Verschillende patrouilles 1944 verkende de omgeving van Oud Gastel, de omgeving tot de Mark was vrij van Duitsers. De Polar Bears kregen de opdracht naar Stampersgat door te trekken. 31 oktober Tussen 18.00 en 20.00 uur, 1944 vuurden de ruim twintig kanonnen van het 1e en 2e Poolse Artillerie Regiment Het munitie verbruik van het bedroeg in twee uur tijd het ongelofelijke aantal van 5.200 granaten. Onder andere Zevenbergschen Hoek werd onder vuur genomen. 1 november De hoofdaanval op het 1944 Duitse bruggenhoofd zou worden gedaan door de Amerikanen bij Standdaarbuiten. De Britten moesten deze aanval ondersteunen door links daarvan de Mark over te steken. De Polen moesten verder naar het oosten hun eigen
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
Internationale archieven
Luchtfoto
Analyse Relevant?
Paragraaf
LAR 99
Nee, buiten het analysegebied.
DOO 22
Ja, beschietingen nabij het analysegebied.
5.2.3
DID1 245
Ja, voorbereiding op strijd nabij analysegebied.
5.2.1
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 27 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving oversteek op touw zetten, zo kort mogelijk na de andere divisies. 2 november Start ‘Operation Rebound’: 1944 Timberwolves steken op drie plaatsen nabij Standdaarbuiten de Mark over. Voorafgaand was Standdaarbuiten beschoten met artillerie. Tot aan de Kreek kwamen de Amerikanen veel Mijnen en booby-traps tegen. Bombardementen op Klundert. 3 november Op 3 november was de 1944 Duitse linie langs de Mark doorbroken. De vijand trok langzaam terug in de richting van Moerdijk. Maar daarbij leverde hij felle achterhoedegevechten, ieder huis en ieder gebouw werd verdedigd. Made is door Poolse artillerie onder vuur genomen. De Sturmgeschützbrigade 244 werd naar het 744ste Regiment gestuurd dat zich rond Made had verzameld. Melding van het neerkomen van drie Spitfires te Klundert.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
Internationale archieven
Luchtfoto
Analyse Relevant?
Paragraaf
BUI3 143-144 DEL1 173 DID1 247-248 DID2 475-476 DID3 194 HFH 36 KLE 220-221
Ja, bevrijdingsgevechten nabij analysegebied.
DID2 478-479
Nee, buiten het analysegebied.
BOL 41
Ja, bevrijdingsgevechten nabij analysegebied.
BUI3 127
Nee, exacte doelen niet vermeld.
DID1 250
Nee, geen specifieke oorlogshandelingen vermeld.
SHO 335 SGLO T4624 SGLO T4625 SGLO T4629
Nee, exacte locatie niet vermeld.
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
5.2.1
5.2
Pagina 28 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving Britten trekken op richting Klundert. 3/4 november De Duitse troepen trokken 1944 zich terug op een nieuwe hoofdverdedigingslijn. 4 november Op 4 november begonnen 1944 de Regimenten 413 en 415 aan de opmars naar Klundert en Zevenbergen, terwijl het 414e intussen koers zette naar het Hollands Diep. Hoewel de Duitsers een tegenaanval opzetten, werd Zevenbergen vóór de avond veroverd. Te Zandberg wordt een grootschalig bombardement uitgevoerd op verdedigingswerken en ingegraven tanks. De Polen startten de aanval op Made.
5 november 1944
Een Spitfire stortte neer te Klundert. Zevenbergschen Hoek wordt getroffen door beschietingen. Te Zevenbergschen Hoek en Lage Zwaluwe verdedigen de Duitse troepen en Sturmgeschütze de toegang tot het Bruggenhoofd van Moerdijk.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur DID 1 248
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
Internationale archieven
Luchtfoto
Analyse Relevant? Nee, exacte locatie niet vermeld.
Paragraaf
BUI3 150
Nee, geen specifieke oorlogshandelingen vermeld.
BOL 41 DID1 251 DOO 51
Ja, bevrijdingsgevechten nabij analysegebied.
5.2.2
Ja, bombardement binnen het analysegebied.
5.2.2
BUI3 149-151 DID1 250-251 DID2 479-480 DOO 70-72 SGLO T4636A
Ja, bevrijdingsgevechten nabij analysegebied.
5.2.3
MET 46-47
Ja, beschieting van het analysegebied.
5.2.3
DID1 253-256 DID2 482-483 DOO 70-72
Ja, bevrijdingsgevechten nabij analysegebied.
5.2.3
TNA: AIR 37/716, AIR 37/994 AIR 27/1169, AIR 27/1559, AIR 27/1741
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Nee, exacte locatie niet vermeld.
Pagina 29 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving Met uitzondering van Roode Vaart werd Klundert bevrijd. Zevenbergen werd bevrijd.
6 november 1944
7-9 november 1944
22 december 1944 31 december 1944
1944-1945
De Duitsers trokken zich terug op de Moerdijk, de Polen veroverde het gebied tot aan de Maas. De Polen werden te Lage Zwaluwe en Zevenbergschen Hoek opgehouden door een betonversperringen op de weg. De versperring werd vernield met antitankgeschut. Melding van een ongeluk met een mijn te Zevenbergen. Het neerkomen en ontploffen van een V1 in de Zeggepolder, te Den Hout.
Meldingen van adressen waar vermoedelijk mijnengevaar aanwezig is. Melding van mijnen te Zevenbergen, kaartvierkant qD.8344, nabij het pompstation. Meldingen van achtergebleven NGE in de gemeente Zevenbergen. Melding van schade aan de Provinciale weg tussen
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven WBA: toegang 0476, inv 8797
Internationale archieven
Luchtfoto
Analyse Relevant? Nee, geen specifieke oorlogshandeling vermeld.
Paragraaf
DID1 253-256 DID2 482-483 DID3 197 DID2 486-487 BUI3 127
Nee, buiten het analysegebied.
Ja, bevrijdingsgevechten nabij analysegebied.
5.2.3
KLE 222
Ja, vernietiging van versperring met granaten.
5.2.3
Ja, ongeluk binnen het analysegebied.
5.3.1
BHIC, toegang 127, inv 307 VER, V0289
BHIC, toegang 127, inv 307
Nee, geen specifieke locatie bekend. Naar aanleiding van het neerkomen en ontploffen van een V1 wordt geen NGERisicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.9. Nee, geen bevestiging van aantreffen van mijnen. Daarnaast geen exacte locatie vermeld. Ja, mijnen binnen het analysegebied.
BHIC, toegang 127, inv 553
Ja, indicatie van munitie binnen het analysegebied.
BHIC, toegang 1392, inv 3640
Nee, oorzaak van de schade is niet vermeld.
BHIC, toegang 127, inv 307
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
5.3.1
5.3.1
Pagina 30 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving Roode Vaarten Zevenbergen. 1 januari 1945 Het neerkomen en ontploffen van een V1 in de Zeggepolder, te Den Hout.
15 januari 1945
3 februari 1945 11 februari 1945
19 februari 1945
25 februari 1945
26 februari 1945
Melding betreffende de aanwezigheid van mijnen aan de Pootweg 1 te Hooge Zwaluwe. Melding van het aantreffen van NGE te Zevenbergen. Het neerkomen en ontploffen van een V1 op een terrein tussen Noordschans en Roode Vaart te Klundert. Op 500 meter ten zuiden van de openbare weg "de Kreek" in de Oudlandsche polder te Standdaarbuiten komt een V1 terecht en ontploft niet. Melding van het neerkomen en ontploffen van een V1 te Zevenbergschen Hoek, perceel E.158, in de Bredase Polder. Het neerkomen en ontploffen van een V1 op 100 meter van de Rijksweg Breda-Moerdijk, te Zevenbergen.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
Internationale archieven
VER, V0315
RCA: toegang 2536, inv 772
MMOD
VER, V2341
Luchtfoto
Analyse Relevant?
Paragraaf
Nee, geen specifieke locatie bekend. Naar aanleiding van het neerkomen en ontploffen van een V1 wordt geen NGERisicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.9. Ja, melding van mijnen in het analysegebied.
5.3.1
Ja, het aantreffen van NGE in het analysegebied.
5.3.1
Nee, geen specifieke locatie bekend. Naar aanleiding van het neerkomen en ontploffen van een V1 wordt geen NGERisicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.9. Nee, geen specifieke locatie vermeld.
VER, V0926
WBA: toegang 0682, iv 4822
VER, V1149
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Nee, naar aanleiding van het neerkomen en ontploffen van een V1 wordt geen NGERisicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.9. Nee, geen specifieke locatie bekend. Naar aanleiding van het neerkomen en ontploffen van een V1 wordt geen NGERisicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.9.
Pagina 31 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving 2 maart 1945 Het neerkomen en ontploffen van een V1 in de Oudlandschepolder ter hoogte van de Tweede Kruisweg te Standdaarbuiten. 31 maart 1945 Melding van het aantreffen van NGE te Zevenbergen. 6 juni 1945 Schade aan woning aan Gastelsedijk Zuid 9 (gemeente Oud en Nieuw Gastel) door het laten springen van een mijn. 25 juni 1945 Melding betreffende achtergebleven landmijnen in Hooge Zwaluwe: aan de Zeedijk, Pootweg en Zwaluwseweg. 17 augustus Kaart met daarop locaties 1945 aangegeven waar munitie is aangetroffen te Zevenbergen
23 oktober 1945 24 oktober 1945 6 december 1945
Literatuur VER, V1225
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
MMOD
Luchtfoto
Analyse Relevant? Nee, geen specifieke locatie bekend. Naar aanleiding van het neerkomen en ontploffen van een V1 wordt geen NGERisicogebied afgebakend, zie paragraaf 3.3.9. Ja, het aantreffen van NGE in het analysegebied.
Paragraaf
5.3.3
WBA: toegang 0281, inv 3741
Nee, vindplaats van de mijn niet bekend.
RCA: toegang 2536, inv 772
Ja, melding van mijnen in het analysegebied.
5.3.1
MMOD
Ja, ruimlocaties aangegeven, echter geen vermelding van het type, hoeveelheid en de toestand van de aangetroffen munitie. Ja, mijnen in het analysegebied.
5.3.3
Melding van het aantreffen van antitankmijnen aan de Dikkendijk in Zevenbergen. Ruiming van mijnenveld 9 SW Zevenbergen: 21.
MMOD
Ruiming van mijnenvelden 9 SE Terheijden: 3, 4, 5, 6 en 7. Melding van het aantreffen van NGE te Zevenbergen.
Mijnenruimrapporten EOD
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Internationale archieven
Mijnenruimrapporten EOD
MMOD
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
5.3.3
Nee, onbekend of mijnen erachter zijn gebleven in het gebied. Nee, onbekend of mijnen erachter zijn gebleven in het gebied. Ja, het aantreffen van NGE in het analysegebied.
5.3.3
Pagina 32 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving 7 december Ruiming van mijnenveld 9 1945 SE Terheijden: 29. 17 december 1945
Ruiming van mijnenveld 16 NW Roosendaal: 28.
Mijnenruimrapporten EOD
29 december 1945
Betreft een opgestelde lijst met daarop aangeven door oorlogsgeweld (oktober / november 1944) vernielde panden in Standdaarbuiten. Melding van oorlogsschade aan boerderijen aan de Zeggeweg, de Sluizeweg en aan boerderijen in Oud Drimmelen. Melding betreffende de ligging van een projectiel aan de Pootweg, Hooge Zwaluwe. Melding van een ruiming van een projectiel door particulieren in een bouwland aan de Pootweg, het projectiel is aan de Pootweg weggelegd. Melding van ruiming van granaten aan Duivenzand C15 te Oud en Nieuw Gastel. Melding betreffende de aanwezigheid van een handgranaat en een partij patronen aan het eind van de Groenendijk tegen de gemeentegrens Hooge en
WBA: toegang 0527, inv 26, 1727
Analyse Relevant? Nee, onbekend of mijnen erachter zijn gebleven in het gebied. Nee, onbekend of mijnen erachter zijn gebleven in het gebied. Ja, vernielde panden in het analysegebied.
RCA: toegang 2654, inv 1177
Nee, geen oorzaak van schade vermeld.
RCA: toegang 2536, inv 772 MMOD
Nee, geen exacte locatie vermeld.
RCA: toegang 2536, inv 772 MMOD
Nee, geen exacte vindplaats vermeld.
WBA: toegang 0281, inv 3741
Ja, betreft ruiming binnen het analysegebied.
RCA: toegang 2536, inv 772 MMOD
Nee, net buiten het analysegebied.
1946-1950
3 april 1946
8 april 1946
13 mei 1950
23 november 1950
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven Mijnenruimrapporten EOD
Internationale archieven
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Luchtfoto
Paragraaf
5.3.1
5.3.1
Pagina 33 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving Lage Zwaluwe – Zevenbergen. 1[?] juli 1954 Melding betreffende het aantreffen van een kist munitie bij het uitvoeren van baggerwerkzaamheden te Blauwsluis. 31 juli 1954 Melding van betreffende de aanwezigheid van een handgranaat op het terrein nabij het terrein van de heer de Bruijn, wonende aan de Pootweg D26 te Zevenbergschen Hoek. 10 december Melding betreffende de 1954 aanwezigheid van een granaat op het land van een boer in de Polder ‘De oude Moeren’. 1961 – 1966 Meerdere meldingen van ruimingen van NGE in de gemeente Standdaarbuiten. 1987-1990 Het aantreffen van meerdere mortiergranaten te Blauwe Sluis Onbekend Kaart met daarop een vermoedelijk mijnenveld te Standdaarbuiten. Onbekend Een kaart met daarop aangegeven de oorlogsschade als gevolg van oorlogshandelingen in oktober en november 1944 in de gemeente Zevenbergen. Onbekend Melding van het aantreffen van viert
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
Internationale archieven
Luchtfoto
Analyse Relevant?
RCA: toegang 2536, inv 772 MMOD
Nee, exacte vindplaats niet vermeld.
RCA: toegang 2536, inv 772 MMOD
Nee, exacte vindplaats niet vermeld.
RCA: toegang 2536, inv 772 MMOD
Nee, exacte vindplaats niet vermeld.
WBA: toegang 0527, inv 2757
Ja, ruimingen binnen het analysegebied.
WBA: toegang 0682, inv 6137
Nee, betreft melding binnen het analysegebied, maar heeft geen invloed op het projectgebied. Nee, betreft een vermoedelijk mijnenveld. Geen aanduiding van mijnen in het gebied. Ja, schade binnen het analysegebied.
MMOD
WBA: toegang 0682, inv 2939
RCA: toegang 2654, inv 956
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Paragraaf
5.3.1
5.3.1
Nee, geen exacte locatie bekend.
Pagina 34 van 183
Bronnenmateriaal Datum Omschrijving antitankmijnen, nabij de grens van gemeente Made en Drimmelen en gemeente Geertruidenberg. Onbekend Lijsten met in de oorlog verwoeste panden in Hooge Zwaluwe: de Pootweg 1, 2 en 3 zijn verwoest. Onbekend Lijsten met panden vernield door oorlogsgeweld in Hooge Zwaluwe na september 1944. Onbekend Melding van het aantreffen van een niet ontplofte granaat op een bouwland in de Willem Frederikpolder, Hooge Zwaluwe. Onbekend Onleesbare melding van het aantreffen van vermoedelijke granaten aan de Pootweg, Hooge Zwaluwe. Onbekend Melding van oorlogshandelingen tussen Noordhoek en de Polder Bloemendaal (gemeente Klundert): er vielen 5 doden en velen boerderijen raakte beschadigd.
Literatuur
Bronnenmateriaal Nederlandse archieven
Internationale archieven
Luchtfoto
Analyse Relevant?
Paragraaf
RCA: toegang 2536, inv 410
Ja, verwoeste panden in het analysegebied.
5.3.1
RCA: toegang 2536, inv 410
Ja, verschillende panden verwoest of zwaar beschadigd in het analysegebied.
5.3.1
RCA: toegang 2536, inv 772 MMOD
Nee, geen exacte locatie vermeld.
RCA: toegang 2536, inv 772 MMOD
Nee, onleesbaarheid maakt het onmogelijk conclusies te trekken.
WBA: toegang 0476, inv 8797
Nee, geen specifieke locaties vermeldt van de oorlogshandelingen.
Tabel 3: Chronologische oorlogshandelingenlijst.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 35 van 183
5
ANALYSE GRONDGEVECHTEN EN ARTILLERIEBESCHIETINGEN
Dit hoofdstuk bespreekt de grondgevechten en artilleriebeschietingen. Het analysegebied heeft overlap met het gevechtsterrein tijdens de Duitse inval in mei 1940 en de bevrijding in oktober en november 1944. De paragrafen 5.1 en 5.2 geven eerst een chronologisch overzicht op basis van de literatuur. In paragraaf 5.3 wordt de informatie uit andere bronnen (NIMH, archief, munitieruimingen, luchtfoto’s) geanalyseerd. Een conclusie en afbakening van NGE-Risicogebieden volgt in paragraaf 5.4. 5.1
GEVECHTEN NABIJ DE MOERDIJK , 10 EN 12 MEI 1940
De Moerdijkbruggen (spoorbrug en brug voor regulier verkeer) waren de sleutel naar het noorden van Nederland. Met de Duitse inval van Nederland op 10 mei 1940 richtte de Duitse 9 e Pantserdivisie zich op een oversteek over deze brug. Om dit bruggenhoofd in handen te krijgen werd een deel van het Duitse 1e Regiment Valschermjagers in het gebied tussen de Moerdijk en station Lage Zwaluwe uitgezet. Omdat er rekening was gehouden met een eventuele Duitse inval waren in dit gebied tevens Nederlandse troepen gevestigd. Het betrof hier het Nederlandse 6e Grensbataljon
Figuur 6: Situatie 10 mei 1940, 12.00 uur, in de omgeving van de Moerdijk. Met rood zijn Duitse troepenbewegingen aangegeven, met blauw zijn de Nederlandse troepenbewegingen aangeven. (Bron: NIMH, Collectie 492).
Het station Lage Zwaluwe werd op 10 mei 1940 door de Duitse Valschermjagers veroverd op de Nederlandse troepen alhier. Hierna volgde een kort straatgevecht in Zevenbergschen Hoek waarin de Nederlandse troepen erin slaagde de Duitse Valschermjagers terug te dringen tot de lijn Lochtenburgstation Lage Zwaluwe-Blauwe Sluis. Omstreeks 16.40 uur stegen van het vliegveld Bergen bij Alkmaar 4 Fokker-tweedekkers op van het type C-10 op. De toestellen hadden als missie het ondersteunen van de grondtroepen rondom Moerdijk. Er werden 29 x 50 kg bommen afgeworpen op de Duitse
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 36 van 183
veldversterkingen nabij het station Lage Zwaluwe en de autoweg geworpen (dit bombardement is verder geëvalueerd in paragraaf 6.1.1). Slechts tegenover het gebombardeerde frontdeel lukte het om ongeveer 500 meter terrein te winnen en vast te houden. Daarna had de vijand zich hersteld en maakte het mitrailleurvuur elke terreinwinst onmogelijk. Het analysegebied tussen Station Lage Zwaluwe en Zevenbergschen Hoek werd hiermee een frontgebied (zie Figuur 7: Situatie 10 mei 1940, 24.00 uur, in de omgeving van de Moerdijk. Met rood zijn Duitse troepenbewegingen aangegeven, met blauw zijn de Nederlandse troepenbewegingen aangeven. (Bron: NIMH, Collectie 492). Rond 18.00 uur werd er door Nederlandse troepen aanvraag gedaan voor vuursteun vanaf de noordzijde van het Hollands Diep. Met 7 cm kanonnen en 15 cm kanonnen werd er vuur gegeven op aangevraagde locaties. Tussen 18.35 en 19.50 uur werden verscheidene concentraties afgegeven. In het begin werden doelen met uitstekende precisie getroffen, maar later kwamen de granaten achter eigen troepen terecht. Helaas werden hierdoor in het dorp Lage Zwaluwe vier burgers gedood en zes gewond.
Figuur 7: Situatie 10 mei 1940, 24.00 uur, in de omgeving van de Moerdijk. Met rood zijn Duitse troepenbewegingen aangegeven, met blauw zijn de Nederlandse troepenbewegingen aangeven. (Bron: NIMH, Collectie 492).
Op 11 mei 1940 arriveerde Franse troepen bij het front te Moerdijk. De Nederlandse troepen diende met behulp van deze Franse troepen, welke tevens over pantservoertuigen beschikten, de Moerdijk te veroveren. Voor een aanval ingezet kon worden werden de Franse en Nederlandse troepen echter onder vuur genomen door Duitse toestellen en werd de kom van de Zevenbergschen Hoek gebombardeerd. 21 woningen, een klooster, twee scholen en een patronaatsgebouw werden hierbij verwoest (dit bombardement is verder geëvalueerd in paragraaf 6.1.2). Na dit bombardement trokken de Nederlandse en Franse troepen zich terug op Oud en Nieuw Gastel. Op 12 Mei 1940 arriveerde de 9e Pantser Divisie in Zevenbergschen Hoek.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 37 van 183
5.2
GEVECHTEN MET DE BEVRIJDING, 1944
In september 1944 wisten de geallieerde eenheden een groot deel van België te veroveren. Ook Antwerpen werd op 4 september 1944 door de geallieerde soldaten bevrijd, maar in het Scheldegebied bleven Duitse eenheden hardnekkig weerstand bieden, waardoor de haven van Antwerpen niet als aanvoerhaven kon worden gebruikt. In oktober 1944 werd een geallieerd offensief georganiseerd om de Scheldemonding te veroveren. Ter ondersteuning van de strijd om de Schelde, gaat op 20 oktober 1944 operatie Pheasant van start. Deze operatie voorziet in de verovering van Midden- en West-Brabant. Tegelijk wil het geallieerde opperbevel trachten de bruggen over de Maas bij Keizersveer en Moerdijk te veroveren en het Duitse 15 de leger, dat in Brabant zit, in te sluiten. In onderstaande paragrafen per bron geanalyseerd waar oorlogshandelingen plaatsvonden binnen het analysegebied gedurende de uitvoering van operatie Pheasant.
Figuur 8: Overzichtskaart van de opmarsroutes van het 1e Britse Legerkorps in oktober en november 1944 (bron: KLE2, pag. 206).
5.2.1 Bevrijding van Oud Gastel en Standdaarbuiten, oktober en november 1944 In de nacht van 29 op 30 oktober 1944 trekken Duitse troepen zich terug van Roosendaal op Oud Gastel, Hier blazen de Duitse troepen een gat in de Gastelsedijk Zuid, waardoor een deel van de polder onder water komt te staan. Dit om de geallieerde opmars te vertragen. Dit weerhield de Britse artillerie er niet van om het naast Oud Gastel gelegen gehucht Stoof onder vuur te nemen. Op 30 oktober 1944 trok de Britse 49ste Divisie noordwaarts richting Oud Gastel. Dit werd door eenheden van het 2e Bataljon van het Gloucestershire Regiment om 16.00 uur bereikt. Het bevrijdde Oud Gastel werd echter om 17.00 uur onder
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 38 van 183
vuur genomen door Duitse artillerie en tanks, opgesteld te Stampersgat. Met de inzet van geschut en een opmars richting Stampersgat kon het Duitse geschut een zwijgen toegebracht worden (zie Figuur 9).
Figuur 9: Overzicht van de opmars van de 104th US Infantery Division ‘Timberwolves’ vanuit Oudenbosch naar Standdaarbuiten. (Bron: DID2, pag. 464).
Tegelijkertijd trokken eenheden van de Amerikaanse 104 e Infanterie Divisie naar via Oudenbosch naar Standdaarbuiten. Hier aangekomen wisten ze de Duitse verdediging rond de brug over de Mark te verrassen. Na een kort gevecht werden de Duitse troepen verjaagd. Nog voor de Amerikanen de burg over de Mark bereikte werd de brug echter opgeblazen (rond 19.30 uur). De resterende Duitse weerstand ten zuiden van de Mark overmeestert. Gedurende de nacht lagen de Timberwolves onder hevig artillerie- en mortiervuur, afkomstig vanaf Standdaarbuiten. Op 31 oktober 1944, 6.30 uur, werd het 415e Regiment over de Mark gestuurd om voet aan de grond te krijgen ten noorden van de Mark. Dichte mist maakte het voor de Amerikanen onmogelijk om gerichte vuursteun te geven met mortieren en artillerie. De Duitsers hadden echter scherp zicht op de overvarende Amerikanen en opende mitrailleur-, mortier- en artillerievuur. De Amerikanen werden langzaam ingesloten, enkel het openen van Amerikaans artillerievuur bood de Amerikanen een ontsnappingskans. De overlevende troepen wisten te ontkomen en twee dagen onder te duiken tot ze gered werden bij een tweede overtocht van de Mark op 2 november 1944.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 39 van 183
Figuur 10: De oversteek van de Mark die te Stampersgat, Standdaarbuiten en Oosterhout/Ter Aalst door respectievelijk de Polarbears, de Timberwolves en de 1e Poolse Pantserdivisie werd gerealiseerd (bron: DID2, pag. 476).
Op 2 november 1944 werd er op meerdere locaties een oversteek over de Mark gemaakt om de aandacht van de Duitse troepen te verdelen. Er werd door de Britten te Stampersgat, door de Amerikanen te Standdaarbuiten en door de Polen te Oosterhout/Ter Aalst een oversteek gemaakt. De Timberwolves wilde na de mislukking van twee dagen eerder geen risico’s meer lopen. De aanval werd voorafgegaan door een verwoestende inleidende beschieting. De literatuur vermeldt dat geen huis bleef gespaard en de fraaie kerk in het dorp veranderde in een trieste ruïne. De beschieting had wel effect gesorteerd. De Duitse bezetting telde veel gewonden en de oversteek die na de beschieting volgde werd een succes. Hoewel mortiervuur, vuurgevechten, mijnen en boobytraps nog enkele levens eisten was tegen de middag van 2 november de kom van Standdaarbuiten bevrijd.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 40 van 183
Figuur 11: Opmarsroute op 2 en 3 november 1944 van de 104th US Infantery Division ‘Timberwolves’ via Standdaarbuiten naar Noordhoek (bron: DID2, pag. 476).
Na de bevrijding van de kom van Standdaarbuiten trok het 2e Bataljon langs de Kreekdijk op en nam posities in de vele woningen langs deze dijk in. De Duitse verdediging langs de Kreekdijk was inmiddels gealarmeerd, waarop vanuit de achterhoede een zestal Sturmgeschütze5 van de 244e Duitse Sturmgeschutz Brigade arriveerde. Onmiddellijk verzochten de voorste pelotons van het 2e Bataljon om vuursteun. Dankzij zeer geconcentreerd vuur uit alle beschikbare vuurmonden (Uncle Targets) van het 385e US Field Regiment (105 mm geschut) trok het gemechaniseerd geschut zich in Noordhoek terug. Noordhoek kon op 3 november 1944 tevens veroverd worden. 5.2.2 De bevrijding van Zevenbergen en Zandberg, november 1944 Op 4 november 1944 maakte de 104th US Infantery Division ‘Timberwolves’ vorderingen in de opmars richting het Hollands Diep. Dit ondanks de tegenstand die de Duitse 245e Infanterie Divisie, maar vooral de Sturmgeschützbrigade 244 bood. Het 415e Infanterie Regiment (Timberwolves) naderde Zevenbergen, maar voor het vallen van de nacht kon de kom nog niet bereikt worden. Wel werd deze dag het dorpje Zandberg bereikt. Hier was de tegenstand van Duitse troepen en gemachineerd geschut zo heftig dat luchtsteun dringend nodig was om de Duitse troepen uit dit gebied te verjagen.
Tot drie keer toe werd een aanval uitgevoerd door Squadrons van de Britse Royal Air Force (hierover meer in paragraaf 6.1.6). Hieropvolgend konden de Amerikaanse troepen het dorp in handen krijgen.
5 Een Duits gemechaniseerd geschut ingezet door de Wehrmacht tijdens de Tweede Wereldoorlog.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 41 van 183
Figuur 12: Opmarsroute op 4 en 5 november 1944 van de 104th US Infantery Division ‘Timberwolves’ naar Zandberg en Zevenbergen (bron: DID2, pag. 476).
Op 5 november bereikte een deel van de Timberwolves het einddoel: het Hollands Diep, het overige deel van de Divisie werd deze dag ingezet in de bevrijding van Zevenbergen. Zevenbergen werd veroverd door de inzet van infanteristen. Om drie uur 's middags was de aanval van start gegaan en vijf uur later was heel Zevenbergen in Amerikaanse handen. Zevenbergen had zwaar te lijden gehad van de aanhoudende geallieerde beschietingen en de vernielingen die de terugtrekkende Duitsers hadden aangericht. Zevenbergen was op 4 november ook nog vanuit de lucht aangevallen. In totaal kwamen hier 85 burgers om het leven. Na de bevrijding van Zevenbergen werd een deel van de 104 e Infanterie Divisie ingezet bij het front te Aachen (Duitsland), enkel het 414e Regiment bleef nog in Nederland om de 1 e Poolse Pantserdivisie te assisteren bij de bevrijding van Moerdijk door aanvallen uit de voeren bij Roode Vaart. 5.2.3 De bevrijding van Made, Hooge en Lage Zwaluwe en de Zevenbergschen Hoek, november 1944 Zoals vermeldt in paragraaf 5.2.1 werden er op 2 november 1944 op meerdere plaatsen in Noord-Brabant oversteken gemaakt over de rivier de Mark om de Duitse troepenmacht te verdelen door te kunnen stoten richting de bruggen over de Maas / Hollands Diep bij Moerdijk en Raamsdonksveer. Hiertoe staken eenheden van de 1e Poolse Pantserdivisie de Mark over te Oosterhout en Ter Aalst.
Dit was echter niet de eerste poging tot het oversteken van de Mark. Reeds op 31 oktober 1944 werd bij Nieuwe Veer een poging gewaagd om een oversteek te maken. Deze poging liep door felle Duitse tegenstand echter op niets uit. Artilleriesteun was nodig om de Duitse tegenaanval af te slaan en de terugtocht van de Poolse troepen te dekken. Hoe intens de Geallieerde artilleriesteun was, blijkt onder meer uit het munitieverbruik van het ondersteunende 2e Poolse Artillerie Regiment. Op het moment dat de
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 42 van 183
Duitse aanval haar hoogtepunt bereikte, 's avonds tussen 18.00 en 20.00 uur, vuurden de ruim twintig kanonnen van dit regiment onophoudelijk. Het munitie verbruik van het 1e en 2e Artillerie Regiment bedroeg in twee uur tijd 5.200 granaten. Het 68e Medium Regiment vuurde 's middags maar liefst zeventien 'Uncle Targets’ af, waarbij alle stukken geschut van de divisie het vuur opende op de afgesproken doelen. De doelen lagen in een gebied van slechts enkele kilometers groot, onder meer nabij Zevenbergschen Hoek en Langeweg. De terugtocht van de Poolse troepen nabij Nieuwe Veer kon hiermee met succes gedekt worden.
Figuur 13: Poging tot oversteek van de Mark bij Nieuwe Veer op 31 oktober – 1 november 1944 (bron: DID2, pag. 464 en 471).
De oversteek over de Mark nabij Ter Aalst en Oosterhout op 2 november 1944 had meer succes. Eenmaal overgestoken, werd Den hout al snel veroverd en werd de Poolse troepenmacht verdeeld om aanvallen op zowel Terheijden als Made in te kunnen zetten.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 43 van 183
Figuur 14: Opmarsroute op 2 en 5 november 1944 van de 1e Poolse Pantserdivisie via Ter Aalst / Oosterhout naar Made en vervolgens richting de Maas (bron: DID2, pag. 471).
Met de komst van de Polen aan de Zuidzijde van de Mark trokken de Duitse troepen zich terug van hun linie langs de Mark (zie blauwe stippellijn in Figuur 14) op de verdedigingslinie Moerdijk-HelkantStuivezand-Made-Geertruidenberg (zie blauwe doorgetrokken lijn langs de rivier de Mark in Figuur 14). Omdat de verdediging rondom Made versterkt was zou een directe aanval op Made veel slachtoffers eisen werden Made en omgeving op 3 november 1944 stevig onder artillerievuur genomen om de Duitse weerstand te breken. Op 4 november, 6.00 uur, ging de Poolse aanval op Made van start. Ondanks geleden verliezen door de inzet van Duits Sturmgeschütze wisten de Poolse troepen, ondersteund door toestellen van de RAF en eigen artillerie, de Duitsers tegen de middag uit Made te verjagen. De Duitse troepen trokken zich terug uit Made en vestigden ze zich op de nieuwe verdedigingslinie (de door Hooge Zwaluwe lopende doorgetrokken blauwe lijn in Figuur 14). Made raakte zwaar beschadigd, maar was bevrijd. Een deel van de Poolse troepen werd richting Geertruidenberg gestuurd om de Britten aldaar te assisteren in het in handen krijgen van de Brug over de Maas te Raamsdonk. De Overige Poolse troepen hadden als missie: het breken van de Duitse linie tussen de Zevenbergschen Hoek-Hooge Zwaluwe. Op 5 november ging de aanval van start. Uiteraard ontbrak de steun van de artillerie niet.
Ook de Britse Crocodiles van de Fife and Forfar Yeomanry regiment (onderdeel van de 51st (Highland) Infantry Division) werden bij deze aanval ingezet. De Duitsers hadden zich achter de spoorlijn ingegraven. Tevens werden de resterende Sturmgeschütze samen met antitankgeschut ingezet. Omdat het polderlandschap niet bepaald geschikt was voor de inzet van tanks, werd het voor de geallieerden een moeilijke operatie. Tegen het eind van de dag slaagde de Polen er echter toch in Hooge Zwaluwe te bevrijden.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 44 van 183
Figuur 15: Opmarsroute op 5 en 9 november 1944 van de 1e Poolse Pantserdivisie en de 104e Amerikaanse Infanterie Divisie richting de Maas (bron: DID2, pag. 489).
De Duitse trokken zich wederom terug en hadden nu slechts het gebied Roode Vaart-de Hooge ZeedijkZevenbergs Hoek/station Lage Zwaluwe-Blauwe Sluis-Lage Zwaluwe in handen (zie de blauwe stippellijn in Figuur 15). De Polen wisten dat de vijand zwak was en zette de aanval voort via Lage Zwaluwe en Zevenbergschen Hoek. De Zevenbergschen Hoek was gedurende de novemberdagen in 1944 stevig onder artillerievuur genomen. Door vele beschietingen raakten30 woningen verwoest, 47 woningen zwaar beschadigd en 112 woningen licht beschadigd. De Poolse opmars kwam tot een stilstand nabij het station Lage Zwaluwe, waar een betonversperring over de weg was aangelegd. Op 7 november werden meerdere stukken antitankgeschut ingezet om een totaal van 2500 granaten op de versperring af te vuren. Het duurde tot de ochtend van 9 november tot de Poolse opmars voortgezet kon worden. Het gros van de Duitse troepen was tegen de tijd echter al over de Moerdijkbrug noordwaarts gevlucht. De Moerdijkburg werd op 6 november 1944 gesprongen door de Duitse troepen. In de nacht van 8 op 9 november trokken de laatste Duitse troepen met behulp van boten het Moerdijkgebied uit, richting het noorden van Nederland. Tijdens de bevrijding de regio Made, Hooge en Lage Zwaluwe en Zevenbergschen Hoek gingen verschillende geallieerde tanks verloren en vonden man tegen man gevechten plaats.
De Duitse verdedigers waren niet meer aanwezig, deze waren na hevige strijd naar de noordzijde van de Maas teruggetrokken.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 45 van 183
5.3
ANALYSE OVERIG BRONNENMATERIAAL
Op basis van de literatuur kan worden geconcludeerd dat de zwaarste gevechten en artilleriebeschietingen in het analysegebied plaats vonden tijdens de geallieerde opmars november 1944. Onder andere tussen Standdaarbuiten en Zevenbergen en in de omgeving van Moerdijkregio vonden gevechten plaats tussen infanterie. In een groot deel van het analysegebied hebben artilleriebeschietingen plaats gevonden. Het front is in 1944 globaal van zuid naar noordoost en van zuid naar west over het analysegebied geschoven. Met de Duitse inval in 1940 vonden grondgevechten en artilleriebeschietingen (de bombardementen die plaatsvonden worden behandeld in paragraaf 6.1.1 en 6.1.2) plaats in van het analysegebied. Verschillende andere bronnen bevestigen dit beeld uit de literatuur. In onderstaande paragrafen worden de bevinden uit de bronnen weergegeven en gestaafd met enkele voorbeelden. 5.3.1 Gemeente- en provinciaal archief In de gemeente- en provinciale archieven (zie bijlage 3) is informatie terug te vinden over achtergebleven munitie, gevechtshandelingen en schademeldingen. Per onderwerp worden in deze paragraaf enkele voorbeelden getoond. • Achtergebleven munitie Uit de geraadpleegde archieven blijkt dat in het analysegebied NGE zijn achtergebleven. De meldingen zijn echter summier. Zo ontbreekt vaak een precieze locatieomschrijving.
Ook het aantal, type en toestand van de gemelde dan wel geruimde NGE wordt niet opgegeven. Datum 1944-1945
Omschrijving Meldingen van achtergebleven munitie in het zuidoosten van de gemeente Klundert en in de gemeente Zevenbergen
Verschillende meldingen in 1945 en 1946
Aangifte van mijnen en explosieve voorwerpen in aan de Pootweg te Hooge en Lage Zwaluwe en te Zevenbergen
13 mei 1950
Melding van aantreffen van meerdere granaten aan de aan de Kralen 2, te Oud Gastel. 1961-1966 Opgave van achtergebleven munitie en mijnen op verschillende locaties binnen het analysegebied te Standdaarbuiten. Tabel 4: Overzicht van meldingen m.b.t. achtergebleven NGE.
Bronverwijzing BHIV: Toegang 127, inv. 307 en 553 RCA: Toegang 2536, inv. 55, BHIC, toegang 127, inv 307 WBA: Toegang 0281, inv. 3741 WBA: Toegang 0527, inv. 2757
• Schademeldingen Als gevolg van de gevechten en artilleriebeschietingen zijn verschillende gebouwen in de voormalige gemeenten waar het analysegebied door loopt beschadigd. Echter, omdat het analysegebied tijdens de oorlog buiten bebouwde kernen lag, zijn er maar weinig concrete melding aangetroffen. Dit betekent niet dat buiten de bebouwing geen bommen of granaten zijn neergekomen. De registratie van schade was in de eerste plaats bedoeld om een vergoeding te verkrijgen waarmee de geleden schade kon worden hersteld. In buitengebied, zoals een groot deel van het analysegebied, is bijgevolg veel minder schade geregistreerd. Onderstaande tabel geeft een overzicht van relevante meldingen.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 46 van 183
Datum 27 mei 1940 29 december 1945 1944-1945
Omschrijving Melding van schade in de gemeente Zevenbergen ten gevolge van oorlogshandelingen in de meidagen van 1940. Naoorlogs overzicht van panden in de gemeente Standdaarbuiten die onteigend zijn vanwege (nagenoeg) volledige verwoesting. Onder andere woningen aan de Vlietweg, Buitendijk, Oude Kerkstraat en Kreekdijk werden verwoest in 1944. Een kaart met daarop de schade te Zevenbergschen Hoek als gevolg van de oorlogshandelingen in oktober en november 1944:
Bronverwijzing WBA: Toegang 0682, inv. 2883 WBA: Toegang 0527, inv. 26 en 1727 WBA: Toegang 0682, inv. 2939
1944-1946
Melding van schade door oorlogshandelingen in 1944 aan verschillende panden in de gemeente Made en Drimmelen. Onder andere aan de Zeggeweg, Sluizeweg en verschillende woningen in Oud-Drimmelen Naoorlogs overzicht van schade in de gemeente Hooge en Lage Zwaluwe. Verschillende woningen en boerderijen aan de Pootweg, Zeedijk, Korteweg en de Horenhilsedijk zijn verwoest door oorlogshandelingen in oorlogsgeweld in 1944. Provinciale schadekaart met overzicht van verwoeste en beschadigde gebouwen per gemeente: ▪ Oud en Nieuw Gastel: o 50 woningen, verwoest o 100 woningen, 25 boerderijen en een kerk zwaar beschadigd ▪ Standdaarbuiten: o 100 woningen, 25 boerderijen en 25 andere gebouwen verwoest o 75 woningen, 50 boerderijen 25 andere gebouwen en twee kerken zwaar beschadigd ▪ Klundert: o 225 woningen, 25 andere gebouwen en twee kerken verwoest o 50 woningen en twee kerken zwaar beschadigd ▪ Zevenbergen: o 150 woningen, 25 boerderijen en 25 andere gebouwen verwoest o 75 woningen en drie kerken zwaar beschadigd ▪ Hooge en Lage Zwaluwe:
RCA: Toegang 2348, inv. 956
1944-1948
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
RCA: Toegang 2536, inv. 55 BHIC: Toegang 127, inv. 34
Pagina 47 van 183
Datum
Omschrijving o 100 woningen, 25 boerderijen, 25 andere gebouwen verwoest en twee kerken o 75 woningen, 50 boerderijen en een kerk zwaar beschadigd ▪ Made en Drimmelen: o 50 woningen en 25 boerderijen verwoest o 125 woningen, 25 boerderijen en een kerk zwaar beschadigd Tabel 5: Overzicht van gemelde schade.
Bronverwijzing
• Meldingen over gevechtshandelingen Tot slot is in het geraadpleegde archiefmateriaal ook informatie terug te vinden over gevechtshandelingen en het verloop van de bevrijding. De informatie is beknopt weergegeven in onderstaande tabel. Datum November 1944
Omschrijving Melding van oorlogshandelingen tussen Noordhoek en de Polder Bloemendaal. Hierbij kwamen 5 mensen om het leven. Verder werden er meerdere woningen en boerderijen verwoest en in brand geschoten door artilleriebeschietingen aldaar. 1986-1990 Melding van buurtbewoners dat er nabij Blauwe Sluis Duitse mortierstellingen stonden die met het naderen van de Poolse Pantserdivisie achtergelaten zijn, inclusief munitie. Dit is net buiten het analysegebied maar geeft een indicatie van oorlogshandelingen in de omgeving. Naoorlogs Veel meldingen van burgers die na de oorlog de bevrijding omschreven zoals zij het mee maakte, zonder hierbij concrete locaties te noemen. Deze meldingen zijn in de bijlage niet overgenomen omdat ze geen concrete informatie voor het analysegebied verschaffen. Tabel 6: Overzicht van meldingen m.b.t. gevechtshandelingen.
Bronverwijzing WBA: Toegang 0476, inv. 8797
WBA: Toegang 0682, inv. 6137
-
5.3.2 NIMH Voor de gevechten in mei 1940 is de collectie 409 en 492 geraadpleegd (zie bijlage 3). Collectie 402 bevat onder meer verslagen van het 6e Grensbataljon dat te Zevenbergschen Hoek lag. Collectie 492, ook bekend als “de groene serie”, betreft een meerdelig boekwerk dat uitvoerig de gevechtshandelingen in mei 1940 beschrijft. De verslagen in deze collecties bevestigen dat het gebied bevochten is en dat Duitse stellingen beschoten zijn met Nederlandse artillerie. Er wordt vermeld dat de artillerie niet altijd doel trof en ook de Nederlandse stellingen en het achterland daarvan raakte. Een kaart in deze collectie geeft een goed beeld van de overlap tussen de Moerdijkstelling en het analyse- en projectgebied.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 48 van 183
Figuur 16: Detail van de gevechten bij Zevenbergschen Hoek. (Bron: NIMH, collectie 492).
5.3.3 Munitieruimingen (EOD en MMOD) Uit de munitieruimrapporten van de EOD blijkt dat sinds 1971 munitie is geruimd in het analysegebied (zie bijlage 5). In Figuur 17 zijn de munitieruimingen weergegeven, die aan de gevechten en artilleriebeschietingen kunnen worden gekoppeld. Uit de munitieruimingen komt naar voren dat NGE zijn geruimd van KKM, hand- en geweergranaten en geschutmunitie (geallieerd en Duits). Van geschutmunitie zijn er geallieerde kalibers gevonden van 2 inch, 3,7 inch, 5,5 inch, 20 mm6, 37 mm, 57 mm, 60 mm, 75 mm, 76 mm, 80mm, 81 mm, 88 mm, 90 mm, 105 mm, 155mm, 17 ponder en 25 ponder. Daarnaast is Duitse geschutmunitie aangetroffen van 5 cm, 7 cm, 7,5 cm, 8 cm (mortier), 9 cm, 10,5 cm en 12,7 cm7. Qua subsoort geschutmunitie betreft het voornamelijk brisantgranaten, tevens zijn pantser- en rookgranaten aangetroffen. De geruimde NGE komen overeen met de munitie die gebruikt is tijdens de grondgevechten en artilleriebeschietingen in de periode oktober en november 1944.
6 Omdat vermoed wordt dat het munitie van de boordkanonnen van een vliegtuig betreft, wordt dit kaliber niet meegenomen in de afbakening van eventuele NGE-Risicogebieden
naar aanleiding van beschietingen met artillerie. 7 Omdat er slechts melding is van het aantreffen van één 12,7 cm granaat binnen het analysegebied van Deelgebied 2 wordt dit kaliber niet meegenomen in de afbakening van
eventuele NGE-Risicogebieden naar aanleiding van beschietingen met artillerie.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 49 van 183
Figuur 17: Overzicht munitieruimingen van de EOD. (Bron: EOD).
Tot slot blijkt ook uit het MMOD-archief dat in het analysegebied mogelijk NGE zijn achtergebleven. Zo is er op 17 augustus 1945 een kaart opgesteld voor de gemeente Zevenbergen met daarop aangegeven blindgangers in de gemeente. Het betreft binnen het analysegebied enkel granaten. Het type, de hoeveelheid en de toestand van de aangetroffen granaten is niet verder gespecificeerd. Uitsneden van de bovengenoemde kaart zijn hieronder gegeven.
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 50 van 183
Figuur 18: Uitsnede van een kaart met aangetroffen munitie in de gemeente Zevenbergen (Bron: SIB)
Figuur 19: Uitsnede van een kaart met aangetroffen munitie in de gemeente Zevenbergen (Bron: SIB)
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 51 van 183
In de gebieden zichtbaar op de kaart hebben meerdere artilleriebeschietingen plaatsgevonden en zijn door Poolse troepen in november 1944 aanvallen uitgevoerd op de Duitse stellingen achter de spoordijk. Verder zijn er in het MMOD meerdere munitieruimverzoeken aangetroffen binnen de gemeente Zevenbergen. Omdat er voor de gemeente Zevenbergen geen omnummeringslijsten beschikbaar zijn kunnen de exacte locaties van deze ruimverzoeken niet exact achterhaald worden. Voor Hooge en Lage Zwaluwe bevat het MMOD-archief een lijst met een overzicht van aangetroffen munitie. Echter, betreft het hier dezelfde lijst als is opgenomen in het RCA: toegang 2536, inventaris 772. 5.3.4 Luchtfoto’s Bij verschillende luchtfoto-instanties zijn verschillende luchtfoto’s besteld van diverse data (zie bijlage 8). Op de foto’s zijn sporen te zien van de strijd die zich heeft afgespeeld. In deze paragraaf worden een aantal voorbeelden getoond aan de hand van uitsneden van luchtfoto’s. Figuur 20 geeft bij wijze van overzicht aan op welk deel van het analysegebied de uitsneden betrekking hebben. De onderschriften bij de uitsneden verduidelijken de datum en wat op de foto is te zien.
Figuur 20: Overzicht van uitsneden. (Bron: Topotijdreis).
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 52 van 183
Figuur 21: Uitsnede 1: Artilleriekraters (rood) op een luchtfoto d.d. 31 december 1944. (Bron: NCAP).
Figuur 22: Uitsnede 2: Artilleriekraters (tientallen als zwarte stippen zichtbaar in het landschap) op een luchtfoto d.d. 4 november 1944. (Bron: NCAP).
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 53 van 183
Figuur 23: Uitsnede 3: Artilleriekraters (tientallen als zwarte/grijze stippen zichtbaar in het landschap) op een luchtfoto d.d. 6 november 1944. (Bron: NCAP).
Figuur 24: Uitsnede 4: Artilleriekraters (rood) op een luchtfoto d.d. 29 december 1944. (Bron: WAGEUR).
002.678.00 0645889 73193/RO-180267 versie 3.0
DR HVO-NGE Hoogspanningsverbinding Zuid-West 380 Oost, Deelgebied 2
Pagina 54 van 183
5.4
CONCLUSIE EN AFBAKENING NGE -RISICOGEBIEDEN
Uit de analyse van de bronnen blijkt dat op 10 mei 1940 een artilleriebeschieting heeft plaatsgevonden in het Moerdijkgebied, waar Duitse Valschermjagers verdedigd zaten opgesteld. Met de bevrijding in oktober 1944 lag zowat het hele analysegebied tussen Roosendaal en Geertruidenberg in het opmarsgebied van de Canadese en Britse troepen. Dit betekent concreet dat in nagenoeg het gehele analysegebied granaten zijn neergekomen als gevolg van artilleriebeschietingen. In het gebied tussen Standdaarbuiten en Zandberg en tussen Zevenbergschen Hoek en het gebied ten noorden van Made hebben ook grondgevechten plaatsgevonden tussen infanterie, met de steun van tanks en pantserwagens. Als gevolg van de gevechten en beschietingen kunnen mogelijk NGE zijn achtergebleven in het analysegebied. Om die reden worden er NGE-Risicogebieden afgebakend. In de twee onderstaande paragrafen wordt verduidelijkt hoe deze gebieden worden afgebakend. 5.4.1 Afbakening NGE-Risicogebied artilleriebeschietingen Uit het geraadpleegde bronnenmateriaal is gebleken dat de omgeving van Zevenbergschen Hoek in mei 1940 is beschoten door Nederlandse artillerie. Verder vormde artillerie (mortieren, tanks en kanonnen) een belangrijke ondersteuning voor de geallieerde infanterie tijdens de opmars in oktober en november 1944.
Vaak werd eerst een artilleriebarrage uitgevoerd alvorens de infanterie tot de aanval over ging. Tevens werden tactische doelen, zoals kruispunten en verbindingswegen beschoten om de Duitse aanvoerlijnen te ontregelen. Aan Duitse zijde werden mortieren en antitankgeschut (al dan niet gemechaniseerd) ingezet tegen de oprukkende geallieerden. Dit heeft tot gevolg dat praktisch overal in het analysegebied geschutmunitie kan zijn achtergebleven. De enig uitzondering is het gebied ten oosten van Geertruidenberg (tot aan de Sluizeweg). Bekend is dat enkele Poolse eenheden op 4 november 1944, na de bevrijding van Made, richting Geertruidenberg zijn afgebogen. Hun opmarsroute lag ten zuiden het analysegebied (zie paragraaf 5.2.3 en Figuur 14). Omdat er geen meldingen zijn van grondgevechten of beschietingen in dit gebied, en omdat geen kraters waargenomen worden in dit gebied, wordt er ter plaatse van het gebied Sluizeweg, te Made – Geertruidenberg geen NGE Risicogebied afgebakend. In de overige delen van het analysegebied wordt de kans op aanwezigheid van NGE wel hoog geacht. De munitieruimingen van de EOD bevestigen dit beeld (zie ook Figuur 17). Derhalve wordt een NGERisicogebied afgebakend. Het WSCS-OCE stelt dat een risicogebied naar aanleiding van artilleriebeschietingen situationeel dient te worden afgebakend, zie paragraaf 3.3.2.