CConstaterende datwaadhoeke
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Herbestemmingsverkenning Locatie Oude Smidse

Gemeenteraad Waadhoeke 14 november 2024, gemeente waadhoekeBij agendapunt: Oude Smidse Franeker16.849 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

/RFDWLH2XGH6PLGVH

+HUEHVWHPPLQJVYHUNHQQLQJ

&RQFHSWUDSSRUWRQGHU]RHN2XGH6PLGVH

ZZZKHUEHVWHPPLQJQRRUGQO +HHUHQYHHQ6HSWHPEHU

8LWYRHUGHU .HQQLVFHQWUXP+HUEHVWHPPLQJ1RRUG *HGHPSWH0ROHQZLMN% %*+HHUHQYHHQ 

INLEIDING............................................................................................ 4

SAMENVATTING ................................................................................. 7

DE LOCATIE.......................................................................................... 8

UITVOERING ...................................................................................... 12

SCENARIO .......................................................................................... 19

FINANCIELE ANALYSE ...................................................................... 22

CONCLUSIES ...................................................................................... 26

ADVIES .............................................................................................. 26

1.

2.

3.

4.

5.

6.

7.

8.

Inhoud

3

INLEIDING

verdwijnen uit Franeker.

realiseren met behoud van de werf. Hiermee zou de werf uit 1828

zorgwoningen op de werflocatie. Het bleek niet haalbaar om dit te

ontwikkelaar. De ontwikkelaar heeft plannen ontwikkeld voor

Het werfterrein is in 2021 inclusief de werf verkocht aan een

Verkoop

naar deze plek. Gezien geluidsaspecten bleek dit niet mogelijk.

werkzaamheden zoals restauratie van de schepen terug te brengen

Welgelegen verkend of het mogelijk zou zijn om weer

en ŽƉƐůĂŐǀĂŶƐĐŚĞƉĞŶ͘/ŶϮϬϭϲŝƐĚŽŽƌ^ƚŝĐŚƚŝŶŐƌĂĂŝƐŵĂ͛ƐtĞƌĨ

werkzaamheden aan het Vliet beperkt tot kleinschalige reparaties

het bedrijventerrein te Franeker. Sindsdien werden de

Scheepswerf Draaisma. In de jaren 90 is het bedrijf verhuisd naar

In Franeker aan het Vliet bevindt zich de locatie van de voormalige

Locatie Scheepswerf Draaisma

1.

een tweede gebouw met dergelijke historische kwaliteiten is in 4

werfgebouw het allerhoogst scoort op het aspect (5) zeldzaamheid;

gaafheid en herkenbaarheid. Maar vanzelf spreekt dat het

architectuurhistorische waarden, (3) ensemblewaarden en (4)

onderdelen, te weten (1) cultuurhistorische waarden, (2)

aan dat de werf hoog tot zeer hoog scoort op de diverse

cultuurhistorische waardering opgesteld. Deze waardering toont

Erfgoedvereniging Heemschut heeft in april 2022 zelf een

Karakteristieke waarden

bouwtechnische toestand werd als zeer matig beschreven.

ingebouwde smederij en constructie wenselijk is. De

behoud van de laatste overgebleven werf met een fraaie

over de monumentale waarden. In dit advies werd gesteld dat

januari 2022 Steunpunt Monumentenzorg gevraagd advies te geven

Vrienden van de Stad Franeker. De gemeente heeft daarop in

onder andere Erfgoedvereniging Heemschut en de Vereniging

De plannen voor sloop van de werf hebben geleid tot verzet van

Weerstand tegen sloop

herbestemmingsmogelijkheden is Kenniscentrum Herbestemming Noord (KHN) ingeschakeld. De opdracht van de raad is om voor het pand een passende invulling te vinden met een sluitende exploitatie. De raad besluit uiteindelijk om tot uitvoering over te gaan of de ontwikkelaar gebruik te laten maken van het recht van eerste terugkoop op basis van de terugkoopclausule die is opgenomen in de aankoopovereenkomst tussen de gemeente en de ontwikkelaar. De ontwikkelaar kan dan op deze locatie plannen voor woningbouw gaan uitvoeren. Voor 1 januari 2025 moet hier

opdracht van de gemeente in 2016 uitgevoerde inventarisatie om

de karakteristieke panden en objecten in Franeker in beeld te

brengen te weinig punten toegekend heeft gekregen om een

beschermde status te krijgen in het bestemmingsplan. De

raadscommissie van voormalig Franekeradeel heeft de intentie

uitgesproken om panden en objecten met een score van 19 punten

of meer de status "karakteristiek" toe te kennen. Het pand van de

Oude Smidse kreeg tijdens de inventarisatie een score van 15

punten toegekend.

Waadhoeke gevraagd onderzoek te doen naar de herbestemmingsmogelijkheden van de voormalige scheepswerf Draaisma aan het Vliet in Franeker. Er dient een passende invulling

oktober 2022 door het college gevraagd is het pand als gemeente

aan te kopen en vervolgens onderzoek te doen naar de

mogelijkheid om een passende invulling met een sluitende

5

Aan Kenniscentrum Herbestemming Noord is door de gemeente

Uiteindelijk heeft dat ertoe geleid dat de gemeenteraad op 27

exploitatie te vinden. De raad heeft hier positief op besloten. In

Opdracht

Dit alles heeft geleid tot discussie binnen de gemeente Waadhoeke.

Actie gemeente Waadhoeke

afgerond. Voor het onderzoeken van de

status omdat het pand van Scheepswerf Draaisma tijdens een in

duidelijkheid over zijn.

december 2023 heeft de gemeente de aankoop van de werf

Franeker niet meer voorhanden. Het pand heeft geen beschermde

herbestemming te onderzoeken van het pand waar de voormalige smederij in gevestigd is.

Tijdens het onderzoek is er afstemming geweest met een

regiegroep bestaande uit vertegenwoordigers van de gemeente

x

x

x

x

Input belanghebbenden

Bouwhistorisch onderzoek (Bijlage 3)

Raming van kosten restauratie (Bijlage 2)

Bouwkundige opname (Bijlage 1)

Bij het opstellen van het advies is gebruik gemaakt van:

stad Franeker.

Waadhoeke, Bond Heemschut en de Vereniging Vrienden van de

Het doel van het onderzoek is om de mogelijkheden tot

Regiegroep

in plaats van scheepswerf Draaisma of scheepswerf Welgelegen.

6

In het rapport wordt hierna gesproken over de locatie Oude Smidse

Monumentenzorg Fryslân.

Kostenopzet saneringswerkzaamheden (Bijlage 5)

Vastgestelde uitgangspunten (Bijlage 4)

Inzet architect

Kennis en ervaring KHN

Werktitel

x

x

x

x

samenwerkingsverband tussen Stichting DBF en Steunpunt

Kenniscentrum Herbestemming Noord (KHN) is een

Kenniscentrum Herbestemming Noord

hierbij het karakteristieke pand zoveel mogelijk te behouden.

met een sluitende exploitatie gevonden te worden. Het doel is om

SAMENVATTING

Een herbestemming passend bij de wensen van de

-

-

Een herbestemming van het pand is mogelijk

-

Franeker een stuk historie

Bij realisatie van de geschetste herbestemming behoudt

omgeving is mogelijk

Het pand is cultuurhistorisch waardevol

-

Conclusies

karakteristieke pand zoveel mogelijk te behouden.

exploitatie gevonden te worden. Het doel is om hierbij het

Smidse. Er dient een passende invulling met een sluitende

Draaisma aan het Vliet in Franeker vanaf nu te noemen Oude

herbestemmingsmogelijkheden van de voormalige scheepswerf

Waadhoeke gevraagd onderzoek te doen naar de

Aan Kenniscentrum Herbestemming Noord is door de gemeente

Opdracht verstrekt

2.

en/of fondsen wordt het tekort verkleind

Indien er aanspraak gemaakt kan worden op subsidie(s)

werken

Het tekort is op basis van een exploitatie van 53 jaar weg te

top

Bij aanvang van het project is sprake van een onrendabele

omarmen, over te gaan tot uitvoering van het scenario.

KHN adviseert, indien de gemeenteraad besluit dit scenario te

dit scenario voor een positief exploitatieresultaat.

maatschappelijke doeleinden. Op basis van de berekeningen zorgt

horeca en een multifunctionele ruimte die inzetbaar is voor

verstrekte opdracht. Het betreft een scenario met woningen,

werkzaamheden is een scenario opgesteld dat voldoet aan de

7

Op basis van de tijdens het herbestemmingsonderzoek uitgevoerde

Advies

-

-

-

DE LOCATIE

binnenhaven.

Harinxmakanaal. Ten noordwesten van de locatie is een

schiereiland tussen de Zuiderkade, Vliet en het Van

aan het meest zuidoostelijke punt van het Vliet. In feite op een

De locatie ligt ten zuiden van het historisch centrum van Franeker,

Locatie

Enkelbestemming Bedrijventerrein.

4283. De bestemming is volgens het Bestemmingsplan

De percelen staan bekend als Franeker D 42 4281 en Franeker D

Kadastrale omschrijving percelen

1622 m2.

De locatie bestaat uit 2 percelen met een totale oppervlakte van

3.

Perceel 4281

Perceel 4283

8

afgeschuinde hoek en een samengesteld lessenaardak.

aangebouwd. Het heeft een rechthoekige plattegrond met

/ŶĚĞŽŬƐĞůǀĂŶĚĞƚǁĞĞŐƌŽŽƚƐƚĞďŽƵǁŵĂƐƐĂ͛ƐŝƐĞĞŶŬĂŶƚŽŽƌƚũĞ

achtergevel liggen terug gerooid ten opzichte van de hoofdmassa.

rechthoekige plattegrond en een lessenaardak. Zowel de voor-, als

hoofdmassa staat een kortere éénlaagse aanbouw met

Beide westgevels staan in dezelfde lijn. Tegen de noordgevel van de

het oosten staat terug gerooid ten opzichte van de hoofdmassa.

staat een vergelijkbare kleinere bouwmassa. De lagere topgevel op

en uilenbord op het westen. Tegen de zuidgevel van de hoofdmassa

plattegrond met topgevel op het oosten en een zadeldak met schild

hoofdmassa bevindt zich in het midden en heeft een rechthoekige

één in de oksel van twee bouwdelen. Een grote éénlaagse

De Oude Smidse bestaat uit vier bouwdelen: drie naast elkaar en

9

bij de Oude Smidse hoorde.

hoofdmassa bevindt zich het afgesloten portaal van de woning die

zuidoosten is een afgesloten ruimte. Op het noordwesten van de

van binnen nagenoeg één grote ruimte. Het kantoor op het

De Oude Smidse bestaat uit vier verschillende bouwdelen maar is

m2.

De bebouwde oppervlakte van de gebouwen bedraagt circa 450

10

De oude smederij

heeft daarmee geen beschermde status.

bestemmingsplan niet als karakteristiek aangewezen. Het pand

Het pand heeft geen monumentale status en is in het

Beschermde status

11

object matig tot slecht. De constructieve conditie is redelijk deels matig.

uitgevoerd om de restauratiekosten in beeld te krijgen en een

bouwhistoricus heeft een bouwhistorische verkenning uitgevoerd

ΦϮ40.000,- incl. btw. De raming van kosten is gebaseerd op het herstellen van de gebreken van het casco. Er is geen voorziening opgenomen voor het inbouwpakket/isolerende voorzieningen/technische installaties e.d.

en de regiegroep is ook direct met de gemeente overlegd over

diverse zaken zoals bijvoorbeeld de planologische mogelijkheden.

De gemeente heeft zelf een onderzoek laten uitvoeren naar de

saneringskosten. Een door Kenniscentrum Herbestemming Noord

met de uitkomsten van de bouwhistorische verkenning.

gewenste functies verwerkt zijn en waarbij rekening is gehouden

ingeschakelde architect heeft diverse schetsen opgesteld waarin de

De geraamde kosten voor restauratie bedragen ongeveer

omgegaan moet worden. Naast overleggen met belanghebbenden

om uit te zoeken hoe met de monumentale waarden van het pand

Gezien het bouwjaar en de bouwwijze is het onderhoud van het

kennis van diverse belangengroepen. Een bouwkundige inspectie is

12

documenten zijn volledig opgenomen als bijlage.

onderzocht die komen kijken bij een herbestemmingsonderzoek. Er

is gebruik gemaakt van eigen kennis en ervaring maar ook van de

een rapport en een raming van kosten voor cascoherstel. Beide

Kenniscentrum Herbestemming Noord heeft alle aspecten

Door W.M. de Graaf Bouwinspecties is op 12 juli 2023 een

Bouwkundige inspectie

bouwkundige inspectie uitgevoerd. De uitkomsten zijn verwerkt in

UITVOERING

Inleiding

4.

hoofdmassa vervangen door gemetselde gevels, in kenmerkend naoorlogse traditionalistisch functionalistische stijl. De verstening van de houten scheepswerf ging verder in waarschijnlijk de vroege ũĂƌĞŶ͛ϲϬ͕ŝŶĚĞnjĞůĨĚĞƐƚŝũl, met de noordbeuk. Waarschijnlijk in 1970 werden de houten westgevel en de rest van de zuidgevel vervangen door een spouwmuur.

Na 1970 werd het laatste stukje houtskelet aan de noordzijde van de hoofdmassa vervangen door een gemetselde muur. Niet lang daarna volgde juist weer een houten aanbouwtje aan de westzijde

Aan het Vliet in Franeker waren al sinds de late zestiende eeuw

scheepsbouwactiviteiten. Een voorloper van de huidige werf was

rond 1770 opgericht. In 1828 en in 1848 is de scheepswerf

overgegaan op een andere eigenaar. Gezien de constructie van de

oudste bouwmassa zal de huidige scheepswerf haar oorsprong

hebben in deze fase (1828-1848).

In 1838 was er een eerste uitbreiding aan de zuidzijde. In 1894 werd

deze uitbreiding afgebroken en kwam er een grote uitbreiding aan

de zuidzijde.

13

van de noordbeuk. De werf groeide sinds de oprichting mee met de

aangebouwd en werden de houten noordoostgevels van de

smederij gemetselde buitengevels. In 1956 werd de kantine

scheepswerf volledige houtskeletbouw. In dat jaar kreeg de

aanbouw van 1894 verlengd richting het oosten. Tot 1913 was de

Samenvatting bouwhistorie

Samenvatting bouwhistorische verkenning

opgenomen als bijlage.

In 1906 werden zowel de hoofdmassa van 1828-1848 als de

gerealiseerd.

Door Reitse de Vries Bouwhistorie is in september 2023 een

bouwhistorische verkenning uitgevoerd. Het gehele rapport is

In 1901 werd ten noorden van de oude bouwmassa een uitbreiding

Bouwhistorische verkenning

eeuwse onderdelen van het casco, zoals de dekbalkgebinten, balklagen en de kapconstructies. Deze waarde geldt ook voor gaaf bewaarde geveldelen in kenmerkende laat-neoclassicistische en traditionalistisch, functionalistische stijl, zoals bijvoorbeeld de gevels van de smederij, de kantine en de oost- en noordgevels van

op een pragmatische wijze verbouwd. De historische gelaagdheid is

karakteristiek voor industrieel erfgoed, maar het zorgt voor een

complexe bouwgeschiedenis. De bouwfasen van 1828-1848, 1894,

1906, 1913, 1956, 1960-ϭϵϳϬĞŶǀĂŶĂĨĚĞũĂƌĞŶ͛ϳϬnjŝũŶĂůůĞŶŶŽŐŝŶ

meer of mindere mate bewaard gebleven.

Positieve waarde geldt voor de vernieuwde geveldelen uit 1970 aan de zuid- en westzijde.

De belangrijkste waarde van de scheepswerf Welgelegen aan het

Vliet in Franeker is de cultuurhistorische waarde. De scheepswerf is

westzijde van de noordbeuk. Deze waarde geldt ook voor betonnen vloeren, kalkzandsteen binnenmuren, alle stalen constructies en overige recente wijzigingen.

De scheepsbouw van de stad kent een lange traditie en de

scheepswerf van Draaisma is daar nog een kenmerkend en

zeldzaam voorbeeld van. De typologische waarde komt tot

bouwmassa en geveldelen.

14

noordzijde van de hoofdmassa en de houten aanbouw aan de

negentiende eeuw voor de stad Franeker en de provincie Friesland.

uitdrukking in het weerbarstige karakter van de historisch gelaagde

Indifferente waarde geldt voor de vernieuwde gevel aan de

technische ontwikkelingen, handel en nijverheid vanaf de

de manifestatie van de industriële revolutie, economische- en

interieurafwerking geldt alleen hoge waarde voor de smederij.

Samenvatting waardestelling

de hoofdmassa en de aanbouw aan de noordzijde. Wat betreft de

Als hoog waardevol geldt over het algemeen voor de negentiende-

veranderende bedrijfsvoering en eisen des tijds en het werd telkens

De regiegroep bestaande uit vertegenwoordigers van gemeente Waadhoeke, Bond Heemschut en Vrienden van de Stad Franeker is

Het wordt aanbevolen om de plannen te toetsen aan de uitkomsten

van deze rapportage.

Naast overleggen met de regiegroep waar de gemeente Waadhoeke onderdeel van uitmaakte zijn er ook diverse gesprekken tussen KHN en de gemeente Waadhoeke gevoerd. De gemeente heeft een aantal uitgangspunten geformuleerd die KHN heeft meegenomen in het onderzoek.

De gemeente Waadhoeke heeft een onderzoek uit laten voeren

door MORV Adviseurs naar de aanwezige bodemverontreiniging en

de kosten voor sanering. Op basis van het bodemonderzoek heeft

Fleve Advies & Realisatie een kostenraming opgesteld voor de

benodigde saneringskosten. Het betreft de saneringskosten

ŐĞƐĐŚĂƚƚĞŬŽƐƚĞŶďĞĚƌĂŐĞŶďŝũŶĂΦϰϬϬ͘ϬϬϬ͕- exclusief BTW.

opgestelde scenario. De kostenraming is als bijlage opgenomen. De

beschouwing gelaten

Mogelijkheden langs kade worden buiten

15

Gesprekken gemeente

Bodemonderzoek

x

heeft.

nog in het pand aanwezig zijn.

Cultuurhistorische waarde zoveel mogelijk behouden

herbestemmingsscenario vastgesteld waar KHN verder aan gewerkt

verschillende oude machines, gereedschappen en materialen die

x

vond afstemming plaats. Met de regiegroep is een

dendrochronologisch onderzoek en een onderzoek naar de

gebaseerd op het door Kenniscentrum Herbestemming Noord

overleggen. Tijdens de overleggen is de voortgang besproken en

Verder wordt nader onderzoek aanbevolen in de vorm van een

meerdere malen bijeengeweest om over het onderzoek te

Gesprekken regiegroep

Samenvatting aanbeveling

Werkgroep Vliet Mariken van Nimwegen Friese Poort

-

Wonen is een functie die de gemeente als passend ziet.

In eerste instantie niet voor het gehele pand

Lichte horeca is een optie

Familie Draaisma

-

ideeën.

partijen gemeld bij Kenniscentrum Herbestemming Noord met

belang leken. Ook hebben zich tijdens de onderzoeksperiode

Herbestemming Noord zelf contact gezocht met partijen die van

16

Deze input is meegenomen in het onderzoek.

Er is met diverse partijen gesproken. Er is door Kenniscentrum

Tijdens de contacten is gesproken over het onderzoek dat KHN

Stichting Gerben van der Kooi

-

uitvoert en ideeën voor de Oude Smidse van de belanghebbenden.

Er moet duidelijkheid zijn over de saneringskosten

Ate Bouma Zetzema vloot

Werkgroep Noorderschippers

-

als ontmoetingsplek voor de buurt

-

De vereniging tot Behoud van het Historisch Bedrijfsvaartuig

-

Gemeente ziet voor locatie Oude Smidse een rol

De parkeermogelijkheden zijn beperkt

Vrienden van de Stad Franeker

-

De smederij wordt ingepast in de nieuwe bestemming

Bond Heemschut

-

De smederij wordt niet weer werkend

Gesprekken belanghebbenden

x

x

x

x

x

x

x

niet mogelijk.

Dit blijkt vanwege de geluidsoverlast die dit veroorzaakt

is gedaan naar het opnieuw starten van een werkende werf.

zien. Gebleken is echter dat er in het verleden al onderzoek

Een aantal partijen zou de smederij graag weer werkend

De locatie leent zich voor ligplaatsen.

De inventaris van de smederij is bijzonder en zou behouden

-

-

moeten blijven. Stichting Gerben van der Kooi wil een rol

Er is behoefte aan goede horeca in Franeker.

-

Mogelijke nieuwe functies passend bij de Oude Smidse

-

mogelijkheden die de locatie biedt.

de uitkomsten van de bouwhistorische verkenning en ruimtelijke

17

verkrijgen van inzicht in de mogelijkheden rekening houdend met

voor herontwikkeling van de locatie. Deze zijn gebruikt voor het

Buro van Plan heeft meerdere vlekkenplannen opgesteld met opties

Opstellen schetsen door architect

worden met speelgelegenheid voor buurt en bezoekers.

Het terrein bij de Oude Smidse kan parkachtig ingericht

stijl en sfeer.

-

kunnen worden

Bij een nieuwe bestemming wordt gewezen op behoud van

Voor de buurt zou een multifunctionele ruimte gerealiseerd

een schip aan de kade.

Logies is een mogelijke functie. Mogelijk in het pand of in

-

-

-

De locatie leent zich voor wonen.

De smederij is uniek en moet behouden blijven

gesproken is van grote waarde bevonden.

Behoud van de smederij wordt door alle partijen waar mee

-

aanvullen.

spelen bij inventariseren gereedschap en het eventueel

-

-

De Oude Smidse algemeen

Punten die naar voren kwamen

exploitatie.

Een horecamakelaar heeft de locatie bezocht en gekeken naar de

De bereikbaarheid is op dit moment onvoldoende

De beperkte parkeergelegenheid beperkt de mogelijkheden

-

-

realistisch

ĞŶŽŵnjĞƚǀĂŶƌŽŶĚĚĞΦϮϱϬ͘ϬϬϬ͕- wordt geschat als

is vervolgens doorgerekend rekening houdend met de opdracht om

Daaruit is één voorkeursscenario naar voren gekomen. Dit scenario

opgesteld. Die zijn besproken met de gemeente en de regiegroep.

Op basis van alle ŝŶĨŽƌŵĂƚŝĞŚĞĞĨƚ<,EĞĞŶĂĂŶƚĂůƐĐĞŶĂƌŝŽ͛Ɛ

Opstellen scenario͛Ɛ

-

Het uiteindelijke succes van horeca is sterk afhankelijk van

-

de exploitant

De horecamarkt is erg onzeker

-

voor horeca

De locatie is positief

-

mogelijkheden voor horeca. De volgende feedback is gegeven:

te komen tot een herbestemming die leidt tot een positieve

Gesprek horecamakelaar

18

-

KHN een realistisch scenario lijkt.

richtte zich op het werfgebouw.

sloop niet onlogisch zijn maar ook hier heeft de bouwhistorie de

uiterlijk van de Oude Smidse aan de buitenzijde onaangetast.

aan de volgende voorwaarden:

gedeeld. Uiteindelijk heeft dit geleid tot een scenario dat voldoet

19

De kade is bewust eerst buiten beschouwing gelaten. Dit onderzoek

Vanwege de slechte onderhoudsstaat van het noordelijk deel zou

DĞƚĚĞŐĞŵĞĞŶƚĞĞŶĚĞƌĞŐŝĞŐƌŽĞƉnjŝũŶŵĞĞƌĚĞƌĞƐĐĞŶĂƌŝŽ͛Ɛ

bijvoorbeeld aanlegplekken mogelijk geschikt voor slaapschepen.

vanwege de bouwhistorie de gehele bouwmassa te behouden.

doorslag gegeven om het te behouden. Ook blijft hiermee het

Ook is gekeken naar de kansen die de kade mogelijk biedt voor

Toeristisch activiteitencentrum

Multifunctioneel centrum

Werkplaats

de smederij te behouden. Ook is er uiteindelijk voor gekozen om

erg karakteristiek is. Er is om die reden in elk scenario gekozen om

-

Horeca

-

van belanghebbenden en dat op basis van de kennis en ervaring van

ƌnjŝũŶŵĞĞƌĚĞƌĞƐĐĞŶĂƌŝŽ͛ƐŐĞƉĂƐƐĞĞƌĚ͘Gebleken is dat de smederij

Logies

-

gemeente geformuleerde uitgangspunten, de wensen en ideeën

Museum

-

Kantoren

Wonen

uitgewerkt dat rekening houdt met de bouwhistorie, de door de

-

in combinatie met elkaar:

-

SCENARIO

Op basis van alle verkregen informatie is er één scenario verder

5.

Wat de functies betreft zijn er meerdere opties bekeken al dan niet

Woonfunctie

Ontmoetingsplek op terrein

Ruimte voor parkeren

Mogelijke ontwikkelingen aan de kade worden buiten

-

-

-

-

beschouwing gelaten

Functie voor de buurt

kantine

Behoud hoofdmassa, zuidelijke deel, noordelijke deel en

weer werkend

Behoud smederij inclusief interieur. Smederij wordt niet

-

-

-

20

Wordt groter ingevoegd

-

21

FINANCIELE ANALYSE

Φϰ00.000,Φ 240.000,-

Saneringskosten

Restauratiekosten

Totaal

Φ1.975.000,-

Verbouw/herbestemmingskosten/verduurzaming Φ 960.000,-

Φ 375.000,-

Aankoopkosten

restauratie en verbouw/herbestemming.

Φ1.975.000,-. Dit bedrag bestaat uit kosten voor aankoop, sanering,

De investeringskosten voor het scenario bedragen in totaal

Investering

dekkingsmogelijkheden en de exploitatie.

scenario. Er is gekeken naar de investeringskosten, de

Na het vaststellen van het wens scenario is er gerekend aan het

Inleiding

6.

opgesteld op 4 juni 2024.

De saneringskosten zijn gebaseerd op de kostenraming

raming opgesteld door KHN d.d. 13 februari 2024.

richtlijn meegegeven aan KHN.

De gemeente Waadhoeke heeft een rentepercentage van 3% als

Lening

vanuit de gemeente Waadhoeke en subsidies.

Ter dekking van de investeringen ziet KHN twee opties. Gelden

22

De verbouw/herbestemmingskosten zijn gebaseerd op een

bouwkundige inspectie uitgevoerd op 12 juli 2023.

De kosten voor restauratie zijn gebaseerd op een

Waadhoeke betaald heeft.

De aankoopkosten zijn de kosten die de gemeente

Dekking

-

-

-

-

de gemeente de BTW (deels) kan terugvorderen. Dit is afhankelijk van een aantal factoren die in een later stadium uitgezocht moeten worden. Nu wordt gerekend met een totale btw-teruggave over de saneringskosten, de investeringen in de horeca en de investeringen in de maatschappelijke functie. Indien er meer BTW teruggevorderd kan worden, zal dit zorgen voor een positievere exploitatie.

aangegeven dat er mogelijk subsidies te verkrijgen zijn ter

(gedeeltelijke) dekking van de investeringen. Mogelijk zijn er

inderdaad subsidies verkrijgbaar ter dekking van de investeringen.

Aangezien het onzeker is of deze daadwerkelijk verkregen kunnen

worden zijn deze buiten beschouwing gelaten wat betekent dat de

gemeente het gehele bedrag dekt. Indien er wel subsidies

van dekking zoals hiervoor beschreven.

functie die het pand definitief krijgt na eventuele herbestemming

De inkomsten van het scenario komen voort uit huuropbrengsten. KHN kan vooraf een redelijke inschatting geven van de mogelijke

het pand in de toekomst een monumentale status krijgt biedt dit

ook mogelijkheden voor subsidies.

en een maatschappelijke functie ligt dit anders. Gesprekken met 23

opbrengsten van de woningen. Voor wat betreft de horecafunctie

Inkomsten

Leader, Iepen Mienskip fûns en/of Waddenfonds zijn opties. Indien

zijn er mogelijkheden om subsidie aan te vragen voor een eigenaar.

gebruik gemaakt is van de geraamde investeringskosten en de wijze

KHN heeft gekeken naar de exploitatie van het scenario waarbij

KHN heeft contact gehad met Streekwurk. Afhankelijk van de

exploitatie. Exploitatie

Een bijzondere component is de BTW. Er wordt vanuit gegaan dat

Bond Heemschut en Vrienden van de Stad Franeker hebben

verkregen kunnen worden zal dit zorgen voor een gezondere

BTW

Subsidies

exploitatielasten. Voor groot onderhoud is een jaarlijkse reservering ǀĂŶΦϭϬ͘ϬϬϬ͕- opgenomen.

ǀŽŽƌĚĞďƵƵƌƚŐĞďƌƵŝŬƚŬĂŶǁŽƌĚĞŶǁŽƌĚƚŐĞƐĐŚĂƚŽƉΦϯϮ͘ϱϬϬ͕-.

De huuropbrengst voor de woonfunctie wordt ingeschat op

Indien er gekeken wordt naar de vastgoedexploitatie is er een

de lening is gesteld op 30 jaar. De leningsvorm is lineair.

aflossingsverplichting gedurende 30 jaar van de lineaire lening.

liquiditeitstekort. Dit heeft voornamelijk te maken met de

Haalbaarheid op basis van exploitatie

De financieringslasten zijn gebaseerd op 3% rente. De looptijd van

Financieringslasten

24

Aan KHN is gevraagd om naast een passende invulling een positieve

ĞdžƉůŽŝƚĂƚŝĞůĂƐƚĞŶǁŽƌĚĞŶŝŶŐĞƐĐŚĂƚŽƉĞĞŶďĞĚƌĂŐǀĂŶΦ10.500,-.

exploitatie te vinden voor de locatie.

Financiële haalbaarheid

en 2,5% voor de opbrengsten.

Er is een indexatiepercentage openomen van 2,1% voor de kosten

belastingen en heffingen, onderhoud, beheerkosten. De

De exploitatielasten voor het scenario bestaan uit kosten voor

Exploitatielasten

ǀĂŶΦϰϱ͘ϳϱϬ͕-. Indexatie

Regulier onderhoud wordt gedekt vanuit de jaarlijkse

maatschappelijke ruimte die zowel door voor horeca als ruimte

Φϭϯ͘ϮϱϬ͕- per jaar. Dit zorgt voor een totale huuropbrengst per jaar

Groot onderhoud

een horecamakelaar leveren op dat de huur voor horeca en de

1 3 5 7 9 1113151719212325272931333537394143454749

wordt het opgelopen tekort ingelopen. In jaar 53 is het tekort

groot aandeel hierin is de kosten voor de lening. Na die 30 jaar

Gedurende de eerste 30 jaar is er een exploitatietekort op. Een

Positieve exploitatie

(150.000)

(100.000)

(50.000)

-

50.000

100.000

150.000

Exploitatie Oude Smidse

haalbaar is.

worden door de eigenaar. Het tekort is cumulatief bijna

jaar wordt opgelost.

25

Er is sprake van een liquiditeitstekort dat na een exploitatie van 53

Conclusie

200.000 (200.000) 1 4 7 10 13 16 19 22 25 28 31 34 37 40 43 46 49 52 (400.000) (600.000) (800.000) (1.000.000) (1.200.000) (1.400.000) (1.600.000) (1.800.000) (2.000.000)

Exploitatietekort cumulatief

van de exploitatie het dus 53 jaar duurt voordat het plan financieel

Tot en met jaar 30 is er een liquiditeitstekort. Dit moet gedekt

Φϭ͘735.000,-.

geheel weggewerkt. Geconcludeerd kan dan worden dat op basis

Liquiditeiten

7.

horeca en een multifunctionele ruimte die inzetbaar is voor

omgeving is mogelijk

-

-

-

-

verstrekte opdracht. Het betreft een scenario met woningen,

Een herbestemming passend bij de wensen van de

-

omarmen, over te gaan tot uitvoering van het scenario.

top

het tekort verkleind

Indien er aanspraak gemaakt kan worden op subsidie wordt

werken

Het tekort is op basis van een exploitatie van 53 jaar weg te

KHN adviseert, indien de gemeenteraad besluit dit scenario te

26

dit scenario voor een positief exploitatieresultaat.

Franeker een stuk historie

Bij aanvang van het project is sprake van een onrendabele

maatschappelijke doeleinden. Op basis van de berekeningen zorgt

Bij realisatie van de geschetste herbestemming behoudt

werkzaamheden is een scenario opgesteld dat voldoet aan de

Een herbestemming van het pand is mogelijk

-

Op basis van de tijdens het herbestemmingsonderzoek uitgevoerde

ADVIES

Het pand is cultuurhistorisch waardevol

8.

-

CONCLUSIES

behoud Oude Smidse

buurtfunctie / lichte horeca

verblijven (wonen en/of logies)

7.400 10.050 4.750

de Oude Smidse

ontvangstruimte

6.600

sanitair

multifunctionele ruimte

garderobe

berging / techniek

wonen

7.450

multifunctionele ruimte

sanitair

FNK00D 02129G0000

86

88FNK00D 02128G0000

FNK00D 02127G0000

90

FNK00D 02126G0000

FNK00D 02125G0000

94 FNK00D 02548G0000

FNK00D 03792G0000

6 11

10 januari 2024

w w w .b ur o v a npla n.nl

(050)8512705 | info@burovanplan.nl

Hoofdstraat 8 | 9315 PB Roderwolde

-

1:100, 1:1000

gewijzigd

datum

vlekkenplan herbestemming

haalbaarheidsstudie

Vliet - Franeker

herbestemming 'de Oude Smidse'

schaal

onderwerp

fase

locatie

project

FNK00D 04061G0000

0 12

8 11 FNK00D 04060G0000

FNK00D 03762G0000

FNK00D 04150G0000

SO.01

tekeningcode

DBF-VLIE

werkcode

FNK00D 04261G0000

speelplek / ontmoetingsplek

FNK00D 04121G0000

145

97

FNK00D 02668G0000

FNK00D 03504G0000

FNK00D 04262G0000

141 143

127

99

FNK00D 02673G0000

bijeenkomstfunctie / flexwerkplekken / atelier

98 FNK00D 02757G0000

FNK00D 02756G0000

96

FNK00D 02131G0000

82

84FNK00D 02130G0000

FNK00D 02134G0000

92

70FNK00D 02259G0000

76-8FNK00D 01140G0000 FNK00D 01141G0000 0

FNK00D 02133G0000

FNK00D 02137G0000

21

72

FNK00D 03037G0000

FNK00D 02132G0000

FNK00D 02135G0000

19

FNK00D 02219G0000

68

FNK00D 04124G0000

FNK00D 01757G0000

64 FNK00D 03718G0000

66

Vlie

FNK00D 02277G0000

t

FNK00D 04198G0000

FNK00D 02278G0000

FNK00D 02258G0000

16

FNK00D 01139G0000

16A

FNK00D 02136G0000

20

18

17

FNK00D 02138G0000

22

FNK00D 02992G0000

7.425 4.955 14.750

VLEKKENPLAN HERBESTEMMING 'De Oude Smidse'

15.207

Vlie t

zuidwestgevel

zuidoostgevel

Welgelegen

10 januari 2024

w w w .b ur o v a npla n.nl

(050)8512705 | info@burovanplan.nl

Hoofdstraat 8 | 9315 PB Roderwolde

-

1:100

gewijzigd

datum

gevelaanzichten schaal

onderwerp

haalbaarheidsstudie

Vliet - Franeker locatie fase

herbestemming 'de Oude Smidse' project

werkcode

SO.02

tekeningcode

DBF-VLIE

BOUWHISTORISCHE VERKENNING SEPTEMBER 2023

Bouwhistorische Verkenning 6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

1

6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Colofon

Bouwhistorisch- en archiefonderzoek: Reitse de Vries Bouwhistorie Friese Veldweg 17 8398 ET Blesdijke T 06 48792898 info@reitsedevries.nl reitsedevries.nl

Opdrachtgever: Stichting DBF Gedempte Molenwijk 22B 8442 BG Heerenveen

Betreft: Bouwhistorische verkenning 6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶ Vliet 145 8801 VV Franeker

colofon

Bouwhistorische Verkenning 6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

2

Colofon

6 6

1. Samenvatting

Samenvatting bouwhistorie

Samenvatting waardestelling

Samenvatting aanbeveling

1.1

1.2

1.3

11

Situering

Bouwmassa

Structuur

3.1

3.2

3.3

13

Zestiende- en zeventiende eeuw

Achttiende eeuw

Negentiende eeuw

Twintigste eeuw

Nieuwe bloeiperiode

4.1

4.2

4.3

4.4

4.5

16

15

13

13

13

4. Cultuurhistorische achtergrond

12

11

11

8

7

3. Situering, bouwmassa en structuur

2. Stedenbouwkundige context

5

Objectgegevens

7

4

Inleiding

Inhoud

Kantine

5.4

6.5

6.4

6.3

6.2

6.1

Kantine

Noordbeuk

Smederij Constructie Interieurafwerking

Zuidbeuk Draagconstructie Kapconstructie Interieurafwerking

Hoofdbeuk Draagconstructie Kapconstructie Interieurafwerking

6. Bouwhistorie interieur

Bouwmassa noord Bouwhistorie bouwmassa Beschrijving exterieur

Bouwmassa zuid Bouwhistorie bouwmassa Exterieur smederij Exterieur west- en zuidgevel

5.3

5.2

42

41

39 39 39

36 36 36 38

31 31 33 34

31

29

28 28 28

24 24 26 27

18 18 19 20 20

5.1

Hoofdmassa Oorspronkelijke bouwmassa Gewijzigde bouwmassa Bouwhistorie exterieur Beschrijving exterieur

18

5. Bouwhistorie exterieur

Bouwhistorische Verkenning 6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Waardestellingsplattegrond

Interieurafwerking Hoofdbeuk Zuidbeuk Smederij Kantine Noordbeuk

Constructie

Exterieur Gevels Gevelopeningen Daken

Bouwmassa

Algemeen Nationaal belang Regionaal belang

Uitgangspunten

Bronnen

8.1

47

46

45 45 45 45 45 45

45

44 44 45 45

44

43 44 44

43

43

48

Algemeen 47 Dendrochronologisch onderzoek 47 Onderzoek machines, gereedschappen 47 en materialen Uitvoering werkzaamheden 47

8. Aanbeveling

7.7

7.6

7.5

7.4

7.3

7.2

7.1

7. Waardestelling

3

Inhoud

Voordat daadwerkelijk op de bouwhistorie van het pand wordt ingegaan volgen eerst een samenvatting van dit rapport en de landschappelijke context van het gebied waarin het onderzochte pand zich bevindt. De bouwhistorische beschrijving wordt als volgt behandeld: allereerst wordt de situering beschreven en daarna de bouwmassa/structuur van het pand. Zo wordt een goed overzicht verkregen van de plaats van het object en van de verschillende bouwdelen. Vervolgens wordt per bouwdeel het exterieur, de constructie en het interieur beschreven.

R. de Vries, MA September 2023

De NOHXUHQIRWR¶VLQKHWUDSSRUW]LMQJHPDDNW door Reitse de Vries, op 11 september 2023, tenzij anders vermeld.

4

In het beperkte kader van de opdracht zijn er nog geen geveltekeningen gemaakt van de bestaande situatie.

Een van de belangrijkste doelen van bouwhistorisch onderzoek is het vastleggen van de bouw- en verbouwgeschiedenis. Aan de hand van gevelaanzichten, de constructie, de indeling, de interieurafwerking, DUFKLHIRQGHU]RHNHQRXGHNDDUWHQWHNHQLQJHQHQIRWR¶VZRUGWJHWUDFKWGH bouwgeschiedenis zo nauwkeurig mogelijk te reconstrueren. Hiermee wordt een overzicht gemaakt van de monumentale waarden van het onderzochte object. De uitkomsten van het onderzoek zullen gebruikt worden bij de planontwikkeling. Bovendien zal dit onderzoek de kennis over de bouw- en ontwikkelingsgeschiedenis van scheepswerven in de provincie Friesland vergroten.

Bij het onderzoek is gebruik gemaakt van: - $UFKLHIRQGHU]RHNIRWR¶VHQWHNHQLQJHQ0DUN<SPDHQ+DQQD Maaike Westra - Collectie Fries Scheepvaartmuseum - Archief Kadaster - Archief Leeuwarder Courant - Tresoar - Expertise Steunpunt Monumentenzorg Fryslân - Expertise Bond Heemschut

Bij de waardestelling wordt het object gewaardeerd op de eventuele historische waarden. Hoge monumentwaarden, positieve monumentwaarden en indifferente waarden van alle bouwonderdelen zullen worden aangegeven. Ook zullen architectuurhistorische, bouwhistorische en eventuele gebruikshistorische waarden getoetst worden op gaafheid en zeldzaamheid. Ten slotte worden er aanbevelingen gedaan voor nader onderzoek en er worden enkele algemene adviezen gegeven. En er worden verwachtingen uitgesproken over eventueel aanwezige oude interieuronderdelen die niet zichtbaar waren, maar tijdens de verbouw aan het licht kunnen komen.

Inleiding

De bouwgeschiedenis van de huidige scheepswerf aan het Vliet in Franeker gaat terug tot in het tweede kwart van de negentiende eeuw. De werf µ:HOJHOHJHQ¶is ruim 150 jaar in handen geweest van de firma Draaisma. Onlangs werd het werfterrein verkocht aan een ontwikkelaar. Het plan was om de oude scheepswerf te slopen. Er was onder de bevolking en erfgoedverenigingen veel weerstand tegen dit plan. In oktober 2022 heeft de gemeente Waadhoeke het gebouw en het terrein terug gekocht. De gemeente geeft zichzelf twee jaar de tijd om te onderzoeken of er een passende nieuwe invulling voor het oude gebouw en het terrein kan worden bedacht.

Inleiding

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Gemeente Franeker, Sectie D, Nr. 560

Gemeente Franeker, Sectie D, Nr. 620

Gemeente Franeker, Sectie D3, Nr. 628

Gemeente Franeker, Sectie D, 3e blad, Nr. 1449

Gemeente Franeker, Sectie D, 3e blad, Nr. 1463

Gemeente Franeker, Sectie D, 3e blad, Nr. 1502

Gemeente Franeker, Sectie D, 3e blad, Nr. 1530

Gemeente Franeker, Sectie D, 3e blad, Nr. 1577

Gemeente Franeker, Sectie D, 3e blad, Nr. 1701

Gemeente Franeker, Sectie D, 3e blad, Nr. 1717

Gemeente Franeker, Sectie D, 3e blad, Nr. 1819

Gemeente Franeker, Sectie D, 3e blad, Nr. 1920

Kadastrale Gemeente Franeker, Sectie D, Perceel 4261

1811-1832:

1838:

1887:

1888:

1890:

1894:

1896:

1901:

1906:

1908:

1910:

1913-1950:

2022:

Historische kadastrale gegevens:

Vliet 145 8801 VV Franeker Gemeente Waadhoeke Provincie Friesland

Adres:

Objectgegevens

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Bron: bagviewer.

Kaarten:

5

1. Samenvatting

Aan het Vliet in Franeker waren al sinds de late zestiende eeuw scheepsbouwactiviteiten. Een voorloper van de huidige werf was rond 1770 opgericht. In 1828 en in 1848 is de scheepswerf overgegaan op een andere eigenaar. Gezien de constructie van de oudste bouwmassa zal de huidige scheepswerf haar oorsprong hebben in deze fase (1828-1848). In 1838 was er een eerste uitbreiding aan de zuidzijde. In 1894 werd deze uitbreiding afgebroken en kwam er een grote uitbreiding aan de zuidzijde. In 1901 werd ten noorden van de oude bouwmassa een uitbreiding gerealiseerd. In 1906 werden zowel de hoofdmassa van 1828-1848 als de aanbouw van 1894 verlengd richting het oosten. Tot 1913 was de scheepswerf volledige houtskeletbouw. In dat jaar kreeg de smederij gemetselde buitengevels. In 1956 werd de kantine aangebouwd en werden de houten noordoostgevels van de hoofdmassa vervangen door gemetselde gevels, in kenmerkend naoorlogse traditionalistisch functionalistische stijl. De verstening van de houten scheepswerf ging verder in waarschijnlijk de YURHJHMDUHQ¶, in dezelfde stijl, met de noordbeuk. Waarschijnlijk in 1970 werden de houten westgevel en de rest van de zuidgevel vervangen door een spouwmuur. Na 1970 werd het laatste stukje houtskelet aan de noordzijde van de hoofdmassa vervangen door een gemetselde muur.

Niet lang daarna volgde juist weer een houten aanbouwtje aan de westzijde van de noordbeuk. De werf groeide sinds de oprichting mee met de veranderende bedrijfsvoering en eisen des tijds en het werd telkens op een pragmatische wijze verbouwd. De historische gelaagdheid is karakteristiek voor industrieel erfgoed, maar het zorgt voor een complexe bouwgeschiedenis. De bouwfasen van 1828-1848, 1894, 1906, 1913, 1956, 1960-1970 en vanaf de MDUHQ¶]LMQDOOHQQRJLQPHHURIPLQGHUHPDWHEHZDDUGJHEOHYHQ

1.1 Samenvatting bouwhistorie

1. Samenvatting

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Schematische weergave van de verschillende bouwfasen.

6

1. Samenvatting

Het wordt aanbevolen om de plannen te toetsen aan de uitkomsten van deze rapportage. Verder wordt nader onderzoek aanbevolen in de vorm van een dendrochronologisch onderzoek en een onderzoek naar de verschillende oude machines, gereedschappen en materialen die nog in het pand aanwezig zijn.

1.3 Samenvatting aanbeveling

De belangrijkste waarde van de scheepswerf Welgelegen aan het Vliet in Franeker is de cultuurhistorische waarde. De scheepswerf is de manifestatie van de industriële revolutie, economische- en technische ontwikkelingen, handel en nijverheid vanaf de negentiende eeuw voor de stad Franeker en de provincie Friesland. De scheepsbouw van de stad kent een lange traditie en de scheepswerf van Draaisma is daar nog een kenmerkend en zeldzaam voorbeeld van. De typologische waarde komt tot uitdrukking in het weerbarstige karakter van de historisch gelaagde bouwmassa en geveldelen. Hoge monumentwaarde geldt over het algemeen voor de negentiendeeeuwse onderdelen van het casco, zoals de dekbalkgebinten, balklagen en de kapconstructies. Deze waarde geldt ook voor gaaf bewaarde geveldelen in kenmerkende laat-neoclassicistische en traditionalistisch, functionalistische stijl, zoals bijvoorbeeld de gevels van de smederij, de kantine en de oost- en noordgevels van de hoofdmassa en de aanbouw aan de noordzijde. Wat betreft de interieurafwerking geldt alleen hoge monumentwaarde voor de smederij. Positieve monumentwaarde geldt voor de vernieuwde geveldelen uit 1970 aan de zuid- en westzijde. Indifferente monumentwaarde geldt voor de vernieuwde gevel aan de noordzijde van de hoofdmassa en de houten aanbouw aan de westzijde van de noordbeuk.

Deze waarde geldt ook voor betonnen vloeren, kalkzandsteen binnenmuren, alle stalen constructies en overige recente wijzigingen.

1.2 Samenvatting waardestelling

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Luchtfoto scheepswerf, 1980. Bron: Fries Scheepvaartmuseum, FSM-2010-133.

Luchtfoto scheepswerf, 1913-1950.

7

1. Samenvatting

Aan het einde van de zestiende eeuw werd rond de stad een versterking aangelegd met singel, stadspoorten en twee bolwerken. Kort na 1850 werd begonnen met de ontmanteling van de stadspoorten en wallen.

Stadsplattegrond Franeker door Jacob van Deventer, 1558-1575. Bron: Fries Museum, PTA095-001.

Franeker is ontstaan rond het begin van de jaartelling. De oudste bebouwing concentreert zich bij de Breedeplaats (het marktplein) en de kerk. Al in de dertiende eeuw kreeg Franeker een vrijwel cirkelvormige omwalling met gracht. In 1417 werden de eerste stadsrechten opgetekend. In de late middeleeuwen werd de stad westwaarts uitgebreid. Drie evenwijdig lopende grachten (het tracé van de huidige Noord, Voorstraat en Schilbanken) bepaalden de structuur van deze uitleg.

2. Stedenbouwkundige context

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Stadsplattegrond Franeker door Joan Blaeu, 1649. Bron: Fries Museum, PTA095-020. Omgedraaid weergegeven voor de juiste oriëntatie.

8

Het Vliet ten zuidwesten van de stad, buiten de oude stadswallen en grachten, was al in de zestiende eeuw bebouwd. Ook op de locatie van de huidige scheepswerf kan toen al bebouwing hebben gestaan. Het Vliet was sinds het ontstaan van de stad een drukbevaren scheepvaartroute richting het zuiden. De helling lag ten westen van de werf aan het Vliet. Aan het eind van de negentiende eeuw werd ten zuiden van de stad een kanaal gegraven. Hiermee werd de scheepswerf ook aan de achterzijde bereikbaar. Dit bood mogelijkheden voor aanpassing, uitbreiding en modernisering van de werf. Aan de oostzijde van de werf werd een grote insteekhaven uitgegraven voor een lange dwarswagenhelling.

2. Stedenbouwkundige context

Kadastrale kaart 1811-1832: verzamelplan Franeker, Friesland (MIN02029VK1). Bron: RCE.

Atlas van Schotanus, 1718. Locatie scheepswerf met rode cirkel. Bron: frieslandopdekaart.nl

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

9

Vlak na de Tweede Wereldoorlog werd ten zuiden van de werf een landtong opgeworpen voor de scheepswerf van Bodewes, waardoor het Vliet in feite een binnengracht werd. Met de voltooiing van het Van Harinxmakanaal werd de stad en de werf nog beter bereikbaar voor grotere schepen.

Gezicht op het Vliet van Franeker, vanuit het zuiden, Klaas Johannes Sannes, 1773. Bron: Fries Museum, PTA097-012. Het gebouw uiterst rechts is mogelijk de voorloper van de huidige scheepswerf.

2. Stedenbouwkundige context

Chromotopografische kaart, 1932. Bron: frieslandopdekaart.nl

Verzamelkaart kadastrale gemeente Franeker, 1887. Bron: Tresoar, 016675.

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Luchtfoto, 1956. Bron: G. van der Heide

Chromotopografische kaart, 1932. Bron: frieslandopdekaart.nl

10

2. Stedenbouwkundige context

Dronebeeld vanuit het oosten, 2023.

Kadastrale kaart 2023. Bron: perceelloep.nl

De scheepswerf ligt ten zuiden van de stad Franeker, aan het meest zuidoostelijke punt van het Vliet. In feite op een schiereiland tussen de Zuiderkade, Vliet en het Van Harinxmakanaal. Ten noordwesten van de werf is een binnenhaven.

11

De scheepswerf bestaat uit vier bouwdelen: drie naast elkaar en één in de oksel van twee bouwdelen. Een grote eenlaagse hoofdmassa bevindt zich in het midden en heeft een rechthoekige plattegrond met topgevel op het oosten en een zadeldak met schild en uilenbord op het westen. Tegen de zuidgevel van de hoofdmassa staat een vergelijkbare kleinere bouwmassa. De lagere topgevel op het oosten staat terug gerooid ten opzichte van de hoofdmassa. Beide westgevels staan in dezelfde lijn. Tegen de noordgevel van de hoofdmassa staat een kortere eenlaagse aanbouw met rechthoekige plattegrond en een lessenaardak. Zowel de voor-, als achtergevel liggen terug gerooid ten opzichte van de hoofdmassa. In de oksel van de WZHHJURRWVWHERXZPDVVD¶VLVHHQNDQWRRUWMH aangebouwd. Het heeft een rechthoekige plattegrond met afgeschuinde hoek en een samengesteld lessenaardak.

Voor een duidelijk overzicht worden eerst de situering en de huidige bouwmassa / structuur beschreven. Vervolgens worden het exterieur, de constructie en het interieur besproken. Bij de beschrijving is gekozen om een en ander aan te geven met windrichtingen. Afzonderlijke onderdelen worden beschreven van links naar rechts. Wanneer bij de vermelding van bijvoorbeeld deuren of kozijnen niet gesproken wordt over profileringen of andere historische details, mag aangenomen worden dat het om recente invullingen gaat. Met recent wordt de periode van de afgelopen 50 jaar bedoeld.

3.1 Situering

3.2 Bouwmassa

3. Situering, bouwmassa en structuur

3. Situering, bouwmassa en structuur

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Plattegrond bestaande situatie, 2023. Bron: Mark Ypma en Hanna Maaike Westra.

Hoewel de scheepswerf uit vier verschillende bouwdelen bestaat, is het van binnen nagenoeg één grote ruimte. Toen de aanbouwen aan de noord- en zuidzijde werden gerealiseerd zullen de zijgevels van de hoofdmassa zijn verwijderd voor de aansluiting. De structuur van de afzonderlijke bouwdelen is nog wel zichtbaar aan enkele muurdelen en (afgezaagde) stijlen van de gebinten. Het kantoor op het zuidoosten is een afgesloten ruimte. Op het noordwesten van de hoofdmassa bevindt zich het afgesloten portaal van de woning die bij de scheepswerf hoorde.

3.3 Structuur

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Plattegrond van het complex, 1941. Bron: Fries Scheepvaartmuseum, FSM-2010-135.

12

3. Situering, bouwmassa en structuur

Leeuwarder Courant 25-04-1828

Leeuwarder Courant 22-01-1828

Na enige malen van eigenaar te zijn veranderd, kwam de werf begin negentiende eeuw in eigendom van Ype Leeuwkes. Hij zette er zijn zonen Pieter, Dirk en Paulus aan het werk en al snel werd een aantal knechten aangenomen om het werk te kunnen uitvoeren. Er werd kennelijk vakwerk geleverd, want ze bouwden onder andere trekschuiten die in die tijd tot de top van de scheepsbouw behoorden.

4.3 Negentiende eeuw

De eerste vermeldingen van scheepsbouw aan het Oostvliet dateren van rond 1770. Jacob Claases en Freerk Baukes vestigen zich op de huidige ORFDWLHDOVµVFKHHSVWLPPHUOLHGHQLQ&RPSDJQLH¶

4.2 Achttiende eeuw

Aan het einde van de zestiende eeuw vinden de eerste scheepsbouwactiviteiten plaats langs het Vliet, met name voor de lokale en regionale markt. Later worden rond de stad meerdere scheepswerven opgericht.

4.1 Zestiende- en zeventiende eeuw

4. Cultuurhistorische achtergrond

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Leeuwarder Courant 10-12-1847

13

Wanneer we ons beperken tot Franeker en omgeving zien we dat er zo'n 300 schepen rondvoeren. Opvallend is dat de meeste en de grootste schepen geregistreerd stonden in de stad Franeker. De stad was toen al het centrum van de binnenvaart in dit deel van Friesland. Franeker was dan ook zeer gunstig gelegen aan de trekvaarten naar Leeuwarden en Harlingen en de vaarten naar Barradeel, het Bildt, Sneek en Bolsward. Vervoerd werden vooral 'veldproducten', waarbij graan wel het belangrijkst was. Dat was al eeuwen de belangrijkste handelswaar en dat zou nog lang zou blijven. Ype Leeuwkes overleed in 1828. De ruime scheepstimmerwerf, helling, grond, erf, wagenhuis en stalling werden te koop aangeboden. Hierop was een bod gedaan van f. 1.080. Later blijkt dat P.Y. Schuitmaker mede-eigenaar was geworden. Mogelijk was hij de oprichter van de huidige werf. In 1847 bood hij de scheepswerf te koop aan. In 1848 werd Douwe Jans van der Zee de nieuwe eigenaar. De oudste dochter van Van der Zee - Jetske - trouwde met scheepstimmerknecht Klaas Johannes Draaisma en dat was feitelijk het begin van de geschiedenis van de Draaisma's op deze plek. Klaas werkte al op de werf en bleef dat doen. Er werden vooral (houten) praamschepen en snikken gebouwd.

4. Cultuurhistorische achtergrond

Klaas overleed in 1874 en de leiding van de werf kwam in handen van zijn oudste zoon Johannes Klazes. Deze kocht de werf voor de prijs van f.

Leeuwarder Courant 13-11-1870

Leeuwarder Courant 07-06-1867

Leeuwarder Courant 08-02-1867

De werf stond op 8 februari 1867 opnieuw te koop. Uit een advertentie van 7 juni 1867 blijkt dat Klaas Draaisma mede-eigenaar was samen met D. Schuitmaker. Een advertentie uit 1870 laat zien dat Klaas Draaisma toen alleen eigenaar was.

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Leeuwarder Courant 21-01-1901

14

Begin jaren 1890 werd het Nieuwe Kanaal aangelegd, een deels nieuwe en deels verbeterde vaarverbinding van Leeuwarden via Franeker naar Harlingen. Het Nieuwe Kanaal bereikte in 1893 Franeker, liep aan de zuidkant om de toenmalige stad heen en sloot ten westen van Franeker weer aan op de (eveneens verbeterde) vaarweg naar Harlingen. Daardoor verloor het Vliet een deel van de oorspronkelijke functie, maar de werf kreeg in feite een betere ligging aan die nieuwe vaarweg van Leeuwarden naar Harlingen, die door veel grotere schepen gebruikt kon worden. Johannes wilde wel mee met de nieuwe tijd en met vooruitziende blik had hij al van tevoren bouwland gekocht, grenzend aan de werf en achter de huizen aan het Oostvliet. De nieuwe situering bood interessante mogelijkheden voor aanpassing, uitbreiding en modernisering van de werf, hetgeen ook gebeurde. Er werden nieuwe hellingen gebouwd zodat aan meer schepen tegelijk gewerkt kon worden. Minder vooruitziend was Johannes als het ging om een andere noviteit, die de industriële revolutie met zich meebracht op scheepsbouwgebied: de bouw van ijzeren schepen. Johannes moest daar niet veel van weten, maar zijn zoon (Klaas Johannes) had dat beter door.

Hij had de kennis van de ijzeren scheepsbouw op een werf in Groningen opgedaan en in 1897 werd de eerste ijzeren tjalk gebouwd voor een Franeker schipper, die het schip toepasselijk 'De Eersteling' noemde. Draaisma was daarmee één van de eerste Friese ijzerbouwers.

Leeuwarder Courant 11-03-1887

4.000,-. Johannes Klazes ging voortvarend aan de slag met vernieuwingen, onder andere met betrekking tot de bedrijfsvoering. Hij bouwde niet alleen in opdracht maar ook op risico; hij bood zijn schepen te koop aan via de krant. Het gamma werd uitgebreid met skûtsjes en meer gespecialiseerde varianten op de praam en de snik. In 1890 werd er een insteekhaven gegraven op het zuidelijke stuk van het werfterrein, loodrecht op het Vliet waar een helling kwam voor onderhoud en reparatie van schepen. Het bleef een duidelijk familiebedrijf; naast alle zonen werden ook neven in het bedrijf opgenomen.

4. Cultuurhistorische achtergrond

Leeuwarder Courant 22-07-1904.

In 1901 kon Klaas de werf van zijn vader overnemen en verdere uitbreiding stond op het programma. Er kwam een dwarshelling bij, bedoeld voor binnenschepen van 80 tot 100 ton. Zes tjalken konden tegelijk 'op de helling' worden gezet. Voor de aandrijving van de lieren voor het omhoogtrekken van de schepen werd een verbrandingsmotor aangeschaft en uiteindelijk een elektromotor. Vóór die tijd gebeurde dat met de hand. Er werd een werkplaats gebouwd, ook al met een verbrandingsmotor om de machines aan te drijven. Door de omschakeling op de ijzerbouw en de verdere uitbreiding werd het steeds drukker op de werfhelling en was steeds meer personeel nodig. Met de andere werven bood Draaisma in Franeker heel wat werkgelegenheid.

4.4 Twintigste eeuw

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Scheepswerf vanuit het zuiden, Poststempel : 25-05-1908. Bron: Tresoar, L362.

Leeuwarder Courant 09-05-1910.

15

4. Cultuurhistorische achtergrond

De nieuwbouw van schepen kwam intussen bijna stil te liggen - in 1933 werd op de werf het laatste ijzeren skûtsje gebouwd, overigens ook het laatste skûtsje van heel Friesland!30 De werkzaamheden beperkten zich verder tot onderhoud en reparatie. Nog in de jaren 1930 werd een reparatiewerkplaats voor scheepsmotoren en een machinefabriek ingericht met draaibank, freesmachine en zaagmachines. Zo konden de activiteiten worden uitgebreid met aanpalend werk als plaat- en smeedwerk en ijzerconstructies. Al snel volgde echter de malaise van de oorlogsjaren. Er ontstond gebrek aan alles en nu lag ál het werk stil.

De beurskrach, die een bruusk einde maakte aan de 'roerige jaren twintig' raakte vanaf begin jaren 1930 ook ons land. De crisisjaren begonnen voor de werf trouwens dubbelslecht. In 1931 overleed Klaas, de man die de werf zo kundig tot bloei had gebracht. Zijn weduwe nam de werf over. De dagelijkse leiding ging gelukkig naar de volgende generatie, naar hun zoon die - hoe kan het ook anders - wederom Johannes heette, op dat moment pas 17 jaar oud.

De jaren 1920 lieten in ons land een tijd van kortstondige, maar ongekende technische en economische groei en bloei zien. Klaas had oog voor de nieuwe vormen van bedrijfsvoering en marketing. Er werden uiteenlopende scheepstypes gebouwd voor diverse marktsegmenten: de typisch Friese skûtsjes en snikken, maar ook de grotere tjalken, aken, klippers en klipperaken (ook als motorschip). Daarnaast sleepboten, vletten, schouwen en voor de landbouw melkboten en pramen. De pramen werden gebouwd in soorten en maten, van vijf tot 22 ton met nog zeven keuzes daar tussenin. Ze werden ook gebouwd voor eigen rekening en risico, waarbij ze later verkocht konden worden. Klaas leverde ook op krediet aan klanten en zorgde daarbij voor een overeenkomst voor rente en aflossing. De werf zat voldoende ruim bij kas en dat leverde opnieuw meer werk op. Verder werd Klaas met zijn werf ook lid van de Friesche Scheepbouwers Vereniging, al met al was hij een druk zakenman. Behalve nieuwbouw bleven reparatie en onderhoud van belang. In de jaren 1920 verbleven jaarlijks zo'n honderd schepen met dat doel op de helling.

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

16

Na de Tweede Wereldoorlog krabbelde de economie langzaam weer op, tot rond 1950 toen het vooroorlogse welvaartspeil weer was bereikt. In de jaren 1950 en 1960 vond in ons land weer een nieuwe economische bloeiperiode plaats, waar ook de scheepsbouw van profiteerde. Ook Friesland profiteerde mee, maar waar de nieuwe economische ontwikkelingen elders in Nederland vaak tot sterke mechanisering en schaalvergroting in de scheepsbouw leidden, maakte de scheepsbouw in Friesland, enkele uitzonderingen daargelaten, juist geen sterke industrieel georiënteerde schaalvergroting mee. In Friesland bleef de scheepsbouw, meer dan elders, een ambacht, niet zelden blijvend uitgeoefend in familieverband. Van de economische groei profiteerde het bedrijf volop. Er bestond een sterke inhaalvraag naar achterstallig onderhoud en reparatie, modernisering en nieuwbouw van schepen voor de beroepsvaart. Veel schepen werden verlengd om daardoor het laadvermogen te vergroten. Daarbij kwam dat met de toenemende welvaart de werf kon inspelen op de groei van de

4.5 Nieuwe bloeiperiode

Luchtfoto met werf en helling. Ongedateerd.

4. Cultuurhistorische achtergrond

1 Erfgoedvereniging Heemschut, Cultuurhistorische waardering werfgebouw Draaisma te Franeker, april 2022

Leeuwarder Courant 30-12-1953

pleziervaart. Een nieuwe afdeling voor jachtbouw, reparatie en stalling werd ingericht. In 1972 werd het bedrijf omgezet in een vennootschap onder firma (v.o.f.); Johannes en zijn beide zonen Klaas en Jetze traden toe als firmanten. Na het overlijden van Johannes in 1984 zetten de beide broers de vennootschap voort. Klaas en Jetze waren zich ervan bewust dat verandering nodig was; ze specialiseerden zich in onderhoud, reparatie en nieuwbouw van kleinere jachten en bedrijfsvaartuigen, maar ook van gespecialiseerde vaartuigen voor de overheid (meet- en inspectievaartuigen). In 1985 werd er een grote loods gebouwd voor een overdekte winterberging voor pleziervaartuigen. Het bedrijf bleef tot 2001 aan het Vliet gevestigd, vlakbij de binnenstad van Franeker. Uiteindelijk bleek de locatie aan het Vliet niet voldoende geschikt voor een rendabele bedrijfsvoering, ook al vanwege de strenger wordende milieuwetgeving. Het bedrijf werd opgedeeld en verhuisde in 2001 naar een locatie op het Industrieterrein West langs het Van Harinxmakanaal, waar de werf onder de naam 'Shipdock Draaisma' nog altijd opereert. Klaas en Jetze Draaisma trokken zich uit het actieve bedrijfsleven terug, maar de naam Draaisma bleef bestaan.1

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Luchtfoto met werf en helling. Ongedateerd.

Leeuwarder Courant 05-02-1955

Leeuwarder Courant 08-11-1957

17

4. Cultuurhistorische achtergrond

Oorspronkelijke bouwmassa Hoewel er in de zestiende en zeventiende eeuw waarschijnlijk al bebouwing op de huidige locatie stond en er afbeelding uit 1773 bestaat, gaat de bouwgeschiedenis van het oudste bouwdeel niet verder terug dan het tweede kwart van de negentiende eeuw. Het oudste deel van de hoofdmassa is de constructie, welke sterk negentiende-eeuws aandoet. Het eerste ijkpunt in de bouwgeschiedenis van de hoofdmassa is de kadastrale minuut van 1811-1832. Op de plek staat één gebouw met rechthoekige plattegrond. Aangezien de scheepswerf in 1828 werd verkocht, lijkt het gezien de constructie en de eigendomsgeschiedenis aannemelijk dat de werf niet lang daarna is herbouwd. Op deze kaart kan echter ook nog de achttiende-eeuwse werf zijn weergegeven. Herbouw moet dan plaats hebben gevonden vlak na de volgende eigendomsoverdracht in 1848. Aan de buitenzijde van de hoofdmassa dateert niets meer uit de negentiende-eeuwse bouwtijd. Zelfs de hoofdvorm is niet meer oorspronkelijk. De oorspronkelijke plattegrond was korter en waarschijnlijk had het een schilddak, dus zowel met dakschilden aan de west- als oostzijde. Uit de verkoopadvertentie van 8 februari 1867 blijkt dat de hoofdmassa een afmeting had van 20,86 bij 8,34 meter. De huidige breedte komt nagenoeg overeen, maar de huidige lengte bedraagt bijna 27 meter. De hoofdmassa blijkt aan de oostzijde dus met 7 meter verlengd.

Dit is overigens aan de binnenzijde ook te zien, maar daarover later meer.

5.1 Hoofdmassa

5. Bouwhistorie exterieur

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Oudst bekende kadastrale hulpkaart, ongedateerd, maar vóór 1828. Bron: Kadaster.

18

Kadastrale kaart 1811-1832: minuutplan Franeker, Friesland, sectie D, blad 03 (MIN02029D03)

5. Bouwhistorie exterieur

Hulpkaart,1906. Bron: Kadaster.

Netteplan 1887: Franeker D3 . Bron: Tresoar.

Gewijzigde bouwmassa Dat de oorspronkelijke bouwmassa is verlengd, is goed te zien op een hulpkaart uit 1906. De lijn van de oorspronkelijke achtergevel is nog zichtbaar binnen de nieuwe contour. Het feit dat het kadaster in 1906 een tekening liet maken is een sterke aanleiding om te denken dat kort hiervoor een verbouwing heeft plaats gevonden. Op de oudst bekende foto (van de ansichtkaart met poststempel uit 1908) is de verlenging duidelijk aan het lichtere pannendak te zien. Het betreft hier dus de oudste bouwmassa én een verbouwing in 1906, maar het exterieur is nóg jonger.

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Hulpkaart,1960. Bron: Kadaster.

Bron: G. van der Heide, Identificatienummer: A-08-02-01171. Datering waarschijnlijk 19061908. De verlenging van de hoofdmassa is te zien aan de lichtere kleur dak.

19

5. Bouwhistorie exterieur

Beschrijving exterieur De topgevel aan de oostzijde was sinds de aanleg van het Nieuwe Kanaal de voorgevel. In 1956 werden het houtskelet en de gevelbekleding vervangen door gemetselde muren in een voor de bouwtijd kenmerkende functionalistisch / traditionalistische bouwstijl. Dit geldt ook voor het voorste

Oude foto oostgevel, 1906-1956. Bron: G. van der Heide, Identificatienummer: A-08-02-01177.

Bouwhistorie exterieur Hoe het oorspronkelijke exterieur eruit heeft gezien, is niet bekend. Aan de noordzijde van de schuur zijn de oorspronkelijke gebintstijlen bewaard gebleven. Hierin zijn op twee gelijke hoogtes inkepingen aangebracht die wijzen op horizontaal regelwerk. Dit duidt op houtskeletbouw. De oorspronkelijke buitengevels waren dus waarschijnlijk van houten planken. Van de kopse gevel aan de oostzijde is een oude foto bewaard gebleven van na de verlenging van 1906. De topgevel was geheel van hout. Tegenwoordig zijn de buitengevels gemetseld. Op basis van een kadastrale hulpkaart lijkt dit vóór 1960 (waarschijnlijk in1956) gebeurd (zie de rode lijn). Het stukje zijgevel op het noordwesten bleef destijds nog wel van hout.

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

Oostgevel hoofdmassa.

20

stuk van de noordelijke zijgevel. Van deze verbouwing is een (gewijzigde) tekening bewaard gebleven (zie volgende pagina). Het metselwerk bestaat uit steens metselwerk in kruisverband met een 10lagenmaat van 65 cm (strek: 20 ½ - 21 cm; kop: 9 ½ - 10 cm; dikte: 5 - 5 ½ cm). De dikke cementvoeg lijkt nog uit de bouwtijd. Sinds 1956 is de gevel ongewijzigd. Op de begane grond zitten twee grote houten schuifdeuren en een verticaal houten strokenvenster met betondorpel. In de geveltop zitten drie houten kozijnen met recht ingesnoerde hoekprofilering, raamhout met een kleine roedenverdeling en grote, geglazuurde raamdorpelstenen. De punt van de gevel is voorzien van rabatdelen en het oude reclamebord is herplaatst. De dakrand is destijds gemaakt van asbest. Het meest oostelijke deel van de noordelijke zijgevel is vergelijkbaar met de kopse gevel aan de oostzijde. Vermoedelijk niet lang na 1956 is tegen de noordgevel een húske aangebouwd. Op het dak liggen oude, natuurrode, rechts dekkende Oudhollandse pannen.

5. Bouwhistorie exterieur

Verbouwingstekening 1955 / aangepast in 1956. Bron: Bouwdossier Gemeente Waadhoeke.

%RXZKLVWRULVFKH9HUNHQQLQJ6FKHHSVZHUIµ:HOJHOHJHQ¶9OLHW)UDQHNHU

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=waadhoeke&id=a8485e8b-e275-4489-9ac9-455b1528f6ec